04. Kadernota 2024-2027.pdf
Tekst van het document
Kadernota 2024-2027
Gemeente Woudenberg
Kadernota 2024-2027
1
Inhoud Pagina Hoofdstukken: 1.
Inleiding
3
2.
Beleidsontwikkelingen
7
3.
Stand van zaken bezuinigingen Tweede Herstelplan en bezuinigingsdialoog
23
4.
Monitor Plan van Aanpak Financiële Scan provincie Utrecht
28
5.
Financiële positie (reserves/weerstandsvermogen)
34
6.
Onderzoek differentiatie tarieven rioolheffing en afvalstoffenheffing
44
Kadernota 2024-2027
2
Hoofdstuk 1. Inleiding 1.1. Algemeen Jaarlijks stelt de gemeenteraad voor de zomer de kadernota voor het daaropvolgende jaar vast. In de kadernota worden de ambities van het gemeentebestuur en nieuwe ontwikkelingen vertaald naar een (financieel) meerjarenperspectief. Leidend daarbij is onder andere het Coalitieakkoord 2022-2026 en het Collegewerkprogramma. Deze Kadernota is vooral financieel gericht. Zij geeft de uitgangspunten weer die de basis vormen voor de op te stellen concept begroting die in september aan de gemeenteraad wordt aangeboden. De Kadernota is dus ook een compacter stuk dan de begroting, die uitgebreidere beleidsteksten kent.
1.2. Bestuurlijk financieel kader De financiën van gemeenten, ook van Woudenberg, staan onder druk. Zo laat de Woudenbergse meerjarenbegroting 2023-2026 voor 2026 een tekort zien van € 800.000. Die wordt gedekt door een uitname uit de algemene reserve. 2026 (en verder) wordt door de gemeentelijke overheden en de VNG ‘het financiële ravijn’ genoemd. Inmiddels heeft het kabinet voor zowel 2026 als 2027 extra middelen toegezegd om dit ravijn in 2026 enigszins te dempen. Dit is echter bij lange na niet voldoende om de financiële problemen op te lossen. Na 2026 lopen de tekorten verder op vanwege de zogenaamde ‘opschalingskorting’. Deze opschalingskorting is ingevoerd met de gedachte dat dit gemeenten zou dwingen om samen te werken. Deze samenwerking of zelfs fusies zou tot grote schaalvoordelen leiden. De verdergaande schaalvergroting heeft niet op grote schaal plaatsgevonden. Het Rijk heeft een aantal jaren de opschalingskorting bevroren, nu is zij weer in beeld en dat leidt tot een lagere Algemene Uitkering. Daarnaast is de Algemene Uitkering van nieuwe indicatoren voorzien. Deze zogenoemde ‘herijking van het gemeentefonds’ pakt voor de gemeente Woudenberg zeer nadelig uit (maximaal € 115 per inwoner). In eerste instantie is er slechts een deel van de herverdeling doorgevoerd (oplopend tot € 37,50 per inwoner in 2025). De definitieve herijking hangt nog boven de markt.
Verder komt het Rijk dit jaar ook met een voorstel hoe af te stappen van het ‘trap op-trap af’ principe, waarbij de grootte van de Algemene Uitkering voor gemeenten afhankelijk is van de uitgaven van het Rijk. De gedachte is dat dit voor meer rust zou zorgen in de financiële verhoudingen met de gemeenten. Bovenstaande veranderingen zorgen op zichzelf al voor een verschuiving van het meerjarenperspectief op de financiële bijdrage van het Rijk. Hiernaast zijn vanaf 2026 een deel van de financieringen niet meer structureel. Volgens de VNG is er vanaf 2026 structureel € 3 miljard minder beschikbaar voor de gemeenten om haar taken uit te voeren1. Ook de compensatie voor de autonome groei van zorgtaken ziet zij als onvoldoende. De VNG zet verschillende stappen om hierover met het Rijk in overleg te treden. Ook is deze discussie onderdeel van de jaarvergadering van de VNG in juni. De hiervoor beschreven ontwikkelingen zijn landelijk en raken aldus alle gemeenten in meer of mindere mate. Omgaan met financiële onzekerheid is voor gemeenten van alle tijden, maar de omvang nu is uitzonderlijk. Hoe gemeenten met deze onzekerheid omgaan, is verschillend.
Zo gaat een aantal gemeenten binnen de provincie Utrecht op zoek naar nieuwe bezuinigingen terwijl een aantal andere gemeenten geen maatregelen neemt in afwachting van de discussie van de VNG met de fondsbeheerders (de ministeries van Financiën en Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties). Het college wil zich voorbereiden op de magere jaren die na 2026 volgen en onderscheidt daarbij de volgende vier scenario’s: 1.
1
Gelet op de brede problematiek bij alle gemeenten besluit het Rijk om vanaf 2026 en 2027 gemeenten toch te voorzien van voldoende middelen voor de uitvoering van hun taken en de herijking van het gemeentefonds wordt niet verder ingevoerd dan de huidige € 37,50 per inwoner. Het structurele effect voor Woudenberg is € 0;
Zie voor meer inhoud, de ledenbrief van de VNG over de voorjaarsnota: https://vng.nl/brieven/voorjaarsnota-2023
Kadernota 2024-2027
3
2.
Gelet op de brede problematiek bij alle gemeenten besluit het Rijk om vanaf 2026 en 2027 gemeenten toch te voorzien van voldoende middelen voor de uitvoering van hun taken, maar de herijking van het gemeentefonds wordt verder ingevoerd. Het nadeel voor Woudenberg loopt dan op van de huidige € 37,50 per inwoner tot € 115 per inwoner. Het structurele effect voor Woudenberg is een tekort van ongeveer € 1 miljoen;
3.
Het Rijk komt niet met aanvullende middelen voor de periode vanaf 2026 en 2027 en de herijking van het gemeentefonds wordt niet verder ingevoerd dan de huidige € 37,50 per inwoner. Het structurele effect voor Woudenberg wordt geschat op een tekort van € 1 miljoen;
4.
Het Rijk komt niet met aanvullende middelen voor de periode vanaf 2026 en 2027 en de herijking van het gemeentefonds wordt verder ingevoerd. Het nadeel voor Woudenberg loopt dan op van de huidige € 37,50 per inwoner tot € 115 per inwoner. Het structurele effect voor Woudenberg wordt geschat op een tekort van € 2 miljoen.
In de scenario’s 2 tot en met 4 zal vanaf 2026 sprake zijn van aanzienlijke tekorten op onze meerjarenbegroting. Dit betekent dat we vooralsnog terughoudend blijven in het aangaan van structurele verplichtingen en ons gaan voorbereiden op mogelijke maatregelen voor de periode vanaf 2026. Parallel aan het dashboard over onze financieel gezondheid wordt gewerkt aan een analyse van de redenen waarom Woudenberg zo’n enorme nadeelgemeente is. Daarnaast is bij het onderzoek naar onze financiële gezondheid in beeld gekomen dat de wijze waarop wij omgaan met bijstelling van de OZB-tarieven bij stijgende WOZwaardes nadelig uitpakt voor onze begroting. Deze analyses zijn vervolgens input voor de te nemen maatregelen. Het college kiest er in deze Kadernota voor om nog geen maatregelen voor de jaren 2026 en 2027 te presenteren. Gelijktijdig ligt de jaarrekening 2022 voor en qua resultaatbestemming stelt het college voor om een deel van het overschot te bestemmen voor de Algemene Reserve. Deze € 2 miljoen zorgt voor een compensatie van de laatste twee jaar in deze Kadernota. Als het beeld echter niet wijzigt, zullen nieuwe bezuinigingen nodig zijn. De start van deze gesprekken vindt u wel als bijlage bij deze Kadernota: het onderzoek naar een financieel gezonde gemeente. De raad heeft met het college afgesproken dat dit onderzoek zou plaatsvinden.
De uitkomsten van dit onderzoek geven weer wat nodig is om te komen tot een financieel gezond Woudenberg. Het geeft ons uitgangspunten om toekomstige begrotingen, investeringen en reserveringen op te baseren. De gemeente zal via de wegen die voor haar open staan; via Provincie Utrecht, K80 en VNG blijven appelleren aan een duurzame financiering voor de lagere overheden, onze eigen gemeente in het bijzonder. Doordat het Rijk werkt met incidentele financieringen, bijvoorbeeld op het gebied van duurzaamheid, is de onzekerheid groot en kan op een aantal vlakken moeilijk een meerjarige inzet worden gestart. Immers, we weten niet of in de toekomst ook deze middelen nog beschikbaar zijn. De afgelopen jaren heeft het Rijk meermaals op het laatste moment de bijdragen aan de gemeenten verhoogd. We kunnen hier echter niet op rekenen. Het risico is immers dat we dan te laat zijn met maatregelen. Wij zullen daarover in de tweede helft van 2023 en in 2024 met de raad in gesprek gaan.
Kadernota 2024-2027
4
1.3. Financiële stand van zaken 2024-2027 De meerjarenbegroting 2024-2027 wordt u voor de raadsvergadering van 26 oktober 2023 aangeboden. De onderliggende kadernota heeft ten doel de financiële kaders voor deze begroting te schetsen en u te vragen zich over de hoofdlijnen uit te spreken. De voorstellen in deze nota resulteren in het volgende eindbeeld: Begrotingsresultaten (x € 1.000) Vaststelling begroting 2023-2026 (raad okt 2022)
2024
2025
2026
2027
Totaal
348
366
58
58
830
Toekomstbestendige griffie (raadsbesluit 2 febr 2023)
-98
-98
-98
-98
-392
Begrotingsresultaten (incl. tussentijdse raadsbesluiten)
250
268
-40
-40
438
Tussentijdse aanpassingen n.a.v. raadsbesluiten:
Aanpassingen n.a.v. de Kadernota 2024-2027: Voorstel beleidsontwikkelingen (hfd 3)
158
-46
310
-336
86
Voorstel wijzigingen bezuinigingen (hfd 4)
0
0
0
0
0
Voorstel wijzigingen reserves (hfd 6)
0
0
0
0
0
408
222
270
-376
524
Verwachte begrotingsresultaten concept kadernota
+ = begrotingsoverschot - = begrotingstekort
Rekening houdend met de voorgestelde beleidsontwikkelingen zoals in deze kadernota opgenomen, voorziet Woudenberg voor de jaren 2024 t/m 2026 in een overschot en voor 2027 in een tekort van € 376.000. Bij deze cijfers is vanaf 2024 financieel geen rekening gehouden met doorlopende opvang van Oekraïners. In bovenvermeld overzicht is voor alle begrotingsjaren reeds een toevoeging of onttrekking aan de algemene reserve verwerkt. Vooralsnog zijn we genoodzaakt om met ingang van 2027 te stoppen met de versterking van onze reservepositie (het sparen voor het tekort van 2026 doen we al in 2023). Zouden we de mutaties van toevoeging en onttrekking algemene reserve eruit halen dan zien de begrotingsresultaten 2024-2027 er als volgt uit: Begrotingsresultaten (x € 1.000) Verwachte begrotingsresultaten concept kadernota
2024
2025
408
222
460
470
2026
2027
Totaal
270
-376
524
-800
-800
-1.600
-530
-1.176
-146
Reeds verwerkte toevoegingen/ onttrekkingen algemene reserve: - Toevoeging algemene reserve - Onttrekking algemene reserve Begrotingsresultaten excl. toev /onttrekking algemene reserve
868
692
930
+ = begrotingsoverschot - = begrotingstekort
In hoofdstuk twee worden de beleidsontwikkelingen zowel inhoudelijk als financieel nader toegelicht. Daarbij is er een aantal beleidsontwikkelingen met een grotere omvang. Zo is in programma 1 – naast diverse kleinere ontwikkelingen – een bedrag van € 276.000 aan hogere uitgaven opgenomen ter dekking van de hogere zorgkosten Jeugdzorg, Wmo en Coöperatie de Kleine Schans (zie aparte bijlage bij deze kadernota). Een andere grote ontwikkeling – welke door alle programma’s heen gaat – is de kostenstijging als gevolg van loon- en prijsontwikkelingen. Deze zien we terug in de gemeentelijke organisatie (Cao 2023 en 2024), bij onze verbonden partijen en in diverse aanbestedingen. We verwachten dat deze ontwikkeling slechts ten dele door het Rijk wordt gecompenseerd. In het hoofdstuk drie wordt nader ingegaan op de stand van zaken bezuinigingen Tweede Herstelplan en bezuinigingsdialoog. In hoofdstuk 4 wordt de voortgang Plan van Aanpak financiële scan provincie Utrecht toegelicht. Met de raad is afgesproken dat twee keer per jaar (bij de kadernota en de begroting) een monitoring plaatsvindt. In hoofdstuk vijf volgt een overzicht van de financiële positie van de gemeente, waarbij de reserves, de voorzieningen, het weerstandsvermogen en de weerstandscapaciteit aan bod komen. In hoofdstuk zes worden Kadernota 2024-2027
5
de resultaten van een onderzoek naar de differentiatie naar de tarieven rioolheffing en afvalstoffenheffing aan u voorgelegd. Bij de vaststelling van de begroting 2023-2026 heeft het college toegezegd bij de kadernota 2024 met een notitie financiële gezondheid gemeente Woudenberg te komen. Deze notitie is als aparte bijlage bij de kadernota gevoegd. In afwijking van voorgaande jaren is besloten de Meerjaren Prognose Grondexploitaties niet meer als hoofdstuk in de Kadernota op te nemen. Dezelfde Meerjaren Prognose Grondexploitaties, welke normaal gesproken wordt opgenomen in de kadernota, is reeds verwerkt in de jaarrekening 2022 bij paragraaf Grondbeleid, welke in dezelfde raadsvergadering is geagendeerd als de Kadernota 2024-2027. De Meerjaren Prognose Grondexploitaties is een verplicht onderdeel in de jaarrekening maar geen verplicht onderdeel in de Kadernota.
Kadernota 2024-2027
6
Hoofdstuk 2. Beleidsontwikkelingen In dit hoofdstuk worden zowel inhoudelijk als financieel de beleidsontwikkelingen toegelicht.
Programma 1. Samenleving Visie Inwoners doen naar vermogen mee en zien om naar elkaar. Samen met inwoners en maatschappelijke organisaties komt de gemeente tot collectieve en individuele oplossingen voor het activeren van inwoners en het bieden van ondersteuning en zorg. Waarbij het vertrouwen in de mogelijkheden van de inwoners centraal staat. Ontwikkelingen Zorgkosten Wmo en Jeugdzorg Ter dekking van de zorgkosten Wmo en Jeugdzorg (inclusief Coöperatie de Kleine Schans) is in deze kadernota een bedrag van € 276.000 aan hogere uitgaven opgenomen. De zorgkosten jeugdzorg en Wmo welke in de jaarrekening 2022 zijn opgenomen, zijn doorgerekend met een indexering voor lonen en prijzen. Deze bijstelling is aanzienlijk lager dan de bijstelling die in de kadernota 2023-2026 nog nodig was, te weten € 688.138. En ook lager dan de € 606.419 die vorig jaar in de kostenontwikkeling sociaal domein voor 2024 was berekend. Dit is met name het resultaat van het feit dat het zorggebruik in 2022 een lichte daling liet zien en daarmee de doorrekening naar 2024 lager is dan eerder was geprognosticeerd. Het bedrag van € 276.000 is voornamelijk het gevolg van het feit dat de uitvoeringssubsidie aan Coöperatie De Kleine Schans in 2024 aanzienlijk hoger is dan die van 2023. Deze stijging wordt enerzijds veroorzaakt door jaarlijkse loon- en prijsstijgingen.
Anderzijds is de stijging het gevolg van een toevoeging van in totaal 3,2 fte aan de formatie van de coöperatie. Deze toevoeging is bedoeld om meer ambulante begeleiding jeugd en Wmo door leden van het sociaal team te laten uitvoeren, in plaats van door een tweedelijnszorgaanbieder. Doordat eigen begeleiding door het sociaal team goedkoper is, is een minder sterke stijging van de kosten voor de regionaal ingekochte zorg opgenomen. Daarnaast kan eigen begeleiding effectiever en efficiënter doordat deze dicht bij huis plaats vindt en wordt uitgevoerd door professionals die bekend zijn met de voorzieningen en mogelijkheden van Woudenberg. Zo worden er lokale, passende oplossingen gevonden en wordt actief gebruik gemaakt van het lokale sociale netwerk. Ook hoeven inwoners met een hulpvraag maar op één plek hun verhaal te doen, in plaats van eerst bij de Kleine Schans en daarna nog een keer bij de tweedelijnszorgaanbieder. We hebben deze toevoeging sinds 2021 uit incidentele middelen gedekt en zien het positieve effect ervan in de cijfers terug. Daarom willen we de inzet structureel maken. Deze beweging is in gang gezet in het licht van de nieuwe inkoop 2023 specialistische jeugdhulp en Wmo. De VNG en het Rijk hebben half april 2023 na lang onderhandelen een financieel principeakkoord bereikt voor de hervormingsagenda jeugd.
De komende tijd wordt gewerkt aan de afronding van het inhoudelijke deel van het akkoord. Om het akkoord definitief te maken is er nog instemming nodig van de leden bij de algemene ledenvergadering van de VNG in juni. En moeten er voldoende structurele middelen voor gemeenten vanaf 2026 beschikbaar komen. De precieze financiële effecten van het principeakkoord voor de gemeente Woudenberg zijn nu nog niet inzichtelijk. De verwachting is dat we deze in de begroting 2024-2027 kunnen verwerken. Taakgerichte inkoop specialistische jeugdhulp Momenteel zijn we in de gunningsfase van de taakgerichte inkoop van specialistische jeugdhulp. Hieronder vallen onder meer ambulante begeleiding en (dag)behandeling en jeugdhulp met verblijf. Deze nieuwe manier van taakgericht inkopen met één contract per perceel kan gevolgen hebben voor het benodigde budget op deze onderdelen. De precieze gevolgen zijn op dit moment echter nog niet in te schatten. Als alles volgens planning verloopt, vindt de gunning begin juni 2023 plaats. Voor de begroting zal er dan meer duidelijkheid zijn over de budgettaire gevolgen. Preventie en ontmoeting De basisgedachte achter positieve gezondheid is dat mensen beter is staat zijn om met de fysieke, emotionele en sociale uitdagingen van het leven om te gaan als elementen zoals meedoen, mentaal welbevinden en Kadernota 2024-2027
7
zingeving in balans zijn. Vanuit deze gedachte werken we aan het verbreden van het aanbod voor ontmoeting en talentontwikkeling voor verschillende doelgroepen. Zoals bijvoorbeeld het project ’t Woudje, bedoeld voor jongeren tussen de 15 en 17 jaar, ontmoetingsplekken voor mensen met een extra kwetsbaarheid en meer aandacht voor eenzaamheid bij ouderen. Daarnaast wordt het beleid op het gebied van mantelzorg herijkt en worden stappen gezet om het (sport) verenigingsleven inclusiever te maken. In 2024 willen we de activiteiten en ontmoetingsplekken uitbreiden, verbinden en borgen. Hierbij betrekken we ook de uitkomsten van de businesscase van het Cultuurhuis. Sport Brede SPUK Vanaf 2024 tot en met 2026 worden verschillende regelingen op gebied van sport en bewegen, welzijn, sociale basis, leefomgeving en gezondheid samengevoegd in een brede specifieke uitkering van het Rijk, de zogeheten brede SPUK. De budgetten binnen de Brede SPUK zijn deels vervanging van bestaande specifieke uitkeringen (SPUK’s), zoals het voor sport- en leefstijlakkoord, de brede regeling combinatiefuncties en Kansrijke Start. Het totaalbedrag van deze brede SPUK is voor de jaren 2024-2026 als inkomsten en uitgaven in de kadernota opgenomen. Voor de besteding van de middelen wordt momenteel een integraal plan gemaakt, samen met verenigingen en maatschappelijke organisaties.
Dit plan wordt opgeleverd in oktober 2023. Sport Sporten en bewegen speelt een belangrijke rol in een gezond en actief leven. Dit is ook terug te zien in het Integraal Zorgakkoord dat het Rijk met een groot aantal partijen in de zorg heeft afgesloten. Twee pijlers in dit akkoord zijn de inzet op het terugdringen van overgewicht en obesitas bij kinderen en volwassenen. In 2024 krijgen we als regio de zogeheten IZA-middelen die we hier onder meer voor gaan inzetten. Daarnaast wordt in Woudenberg in 2023 het integrale sport- en leefstijlakkoord herijkt. Het doel is dat alle inwoners kunnen sporten, ongeacht geaardheid, geloof of beperking. Inclusiviteit en valpreventie zijn andere belangrijke onderdelen van dit akkoord. De uitwerking van het integrale sport- en leefstijlakkoord volgt vervolgens in 2024. Sport (indexering) De gemeentelijke bijdrage 2024 aan beide beheersstichtingen wordt in totaal structureel verhoogd met € 17.500 (indexering 2023 en 2024) conform de gebruikers – en erfpachtovereenkomst. De indexering valt hoger uit dan begroot als gevolg van de zeer hoge inflatie 2022 welke doorwerkt in de CPI-prijsindexcijfer 2022 die gebruikt wordt voor de berekening van de indexering.
Huur Sportzalen gymnastiekonderwijs scholen (indexering) De gemeentelijke bijdrage 2024 aan De Camp wordt structureel verhoogd met € 12.000 (indexering 2023 en 2024) conform de erfpachtovereenkomst. De indexering valt hoger uit dan begroot als gevolg van de zeer hoge inflatie 2022 welke doorwerkt in de CPI-prijsindexcijfer 2022 die gebruikt wordt voor de berekening van de indexering. Schoolvervoer Er is landelijke onrust in de vervoersbranche vanwege het chauffeurstekort. Dit voelen we ook in onze regio en hierover zijn we voortdurend constructief in gesprek met onze vervoerders. De huidige contracten leerlingenvervoer lopen deze zomer af. De gemeente is verantwoordelijk dat leerlingen, die dat nodig hebben, in de toekomst verzekerd zijn van veilig, duurzaam en betrouwbaar vervoer van en naar school. De huidige contracten leerlingenvervoer worden met een jaar verlengd zodat we voldoende tijd hebben voor een zorgvuldige nieuwe aanbesteding. De verwachting is dat op basis van de realisatie 2022 en de verhoging van 13,7% van de tarieven de kosten € 17.500 hoger uitkomen dan begroot. GGD De GGD Regio Utrecht geeft in haar kaderbrief 2024 aan dat de basistaken onder druk staan. Op basis van uitgangspunten in de kaderbrief 2024, de zienswijzen op de kaderbrief en de uitkomsten van de bestuur conferentie van 5 april 2023 zijn drie urgente onderdelen aangemerkt.
Dit zijn arbeidsvoorwaarden, informatievoorziening /informatietechnologie en jeugdgezondheidszorg. Dit betekent dat de gemeentelijke bijdrage van Woudenberg met minimaal € 30.000 structureel zal stijgen. Om de basistaken op orde te houden en aan de huidige en toekomstige eisen te blijven voldoen zal dit hogere bedrag noodzakelijk zijn.
Kadernota 2024-2027
8
RWA De meerjarenbegroting van het RWA (Regionaal Sociaal Werkvoorzieningsschap Amersfoort en omgeving) laat zien dat de gemeentelijke bijdrage voor de jaren 2024-2027 naar beneden kan worden bijgesteld. Dit is een gevolg van een hoger dan verwachte uitstroom van sociale werkplaats medewerkers waardoor de kosten dalen. Daarom wordt de bijdrage in de kadernota aangepast van € 30.000 naar € 16.000 per jaar. Armoede De toename in energiekosten en gestegen inflatie zet de bestaanszekerheid onder druk. Hierdoor ontstaat ook het risico dat armoede onder kinderen groter wordt. Daarnaast heeft de kinderopvangtoeslagenaffaire aangetoond hoe de overheid door wantrouwen in de burgers, complexiteit en het harde sanctioneren de burgers kan tegenwerken in plaats van ondersteunen. In 2023 wordt het minimabeleid van de gemeente geëvalueerd om tot verbetervoorstellen te komen uitgaande van het vertrouwen in de burger, het vereenvoudigen van het systeem en het bevorderen van de toegankelijkheid. Een ander belangrijk uitganspunt is dat de regelingen voor kinderen ook daadwerkelijk bij de kinderen terecht komen. De uitvoering van de verbetervoorstellen zal in 2024 plaats vinden met mogelijk verschuivingen in de budgetten.
Wonen en Zorg Voor mensen met een extra kwetsbaarheid en mensen die meer moeite hebben met het zelfstandig opbouwen en/of onderhouden van hun bestaan, is het in deze tijd extra lastig om een passende woonruimte te vinden. Denk hierbij bijvoorbeeld aan jongeren en volwassenen die uitstromen uit zorginstellingen incl. verblijf en ook aan ouderen die langer zelfstandig thuis wonen. In 2023 wordt gewerkt aan een Woon- en zorgvisie. In deze visie wordt samen met inwoners en betrokken partijen zoals de woningcorporatie en zorgaanbieders de basis gelegd voor de verbetering van zelfstandige huisvesting en daarbij de benodigde lokale voorzieningen, zorg en ondersteuning. In 2024 start de uitwerking van deze visie. Inburgering Via de algemene uitkering (septembercirculaire 2022) is voor het jaar 2024 extra geld ontvangen voor inburgering. Het extra geld ad. € 26.029 is ook als uitgavenpost ingeboekt. Deze gelden zijn verstrekt vanwege de verhoging van het aantal statushouders die vermoedelijk in 2024 gevestigd gaan worden. Overige (kleine) posten De overige kleine verschillen in programma 1 ten opzichte van de begroting 2023-2026 bedragen € 11.618 vanaf 2024. Dit betreft: • Indexering 2024 jaarlijkse toevoeging voorziening sportpark De Grift • Kosten poortwachter dyslexie Financiële wijzigingen in programma 1 Programma 1.
Samenleving Binnen dit programma zijn de volgende verschuivingen in de budgetten: Budgetten programma 1 (Samenleving) Sport (indexering) Sport Brede SPUK (specifieke rijksuitkering) Uitgaven Sport Brede SPUK Huur sportzalen gym onderwijs scholen (indexering) Schoolvervoer Gezondheidszorg kosten GGD Sociaal domein RWA Inburgering Overige (kleine) posten
2024 -17.500 200.250 -200.250 -12.000 -17.500 -30.000 -276.311 14.000 -26.029 -11.618 -376.958
2025 -17.500 200.251 -200.251 -12.000 -17.500 -30.000 -276.311 14.000 -11.618 -350.929
2026 -17.500 158.833 -158.833 -12.000 -17.500 -30.000 -276.311 14.000 -11.618 -350.929
2027 -17.500 -12.000 -17.500 -30.000 -276.311 14.000 -11.618 -350.929
- = nadelig + = voordelig
Kadernota 2024-2027
9
Programma 2. Leefomgeving Visie Inwoners en ondernemers voelen zich thuis en participeren in een veilige leefomgeving. Een ruimte waar een ieder vrij in kan bewegen, die ook beleefd en gevoeld wordt als gemeenschappelijk, als openbaar, als van ons allen. Ontwikkelingen Onderhoud wegen In april/mei 2022 heeft een inventarisatie en visuele onderhoudsinspectie van de wegen in de gemeente Woudenberg plaatsgevonden. De inventarisatie is bedoeld om de areaalgegevens en vaste gegevens te actualiseren. Met de onderhoudsinspectie wordt de actuele onderhoudstoestand van de wegen in beeld gebracht. De inventarisatie en inspectie vormen de basis voor het opstellen van een onderhoudsplanning. Deze planning is opgesteld voor de periode van vijf jaar (2023-2027) en bestaat uit te nemen onderhoudsmaatregelen op diverse wegen en de bijbehorende kosten van deze maatregelen. Het benodigde budget voor de eerste 5 jaren is bepaald via de onderhoudsplanning en voor de periode daarna op basis van eenheidsprijzen en onderhoudscycli. Op basis van de meerjaren onderhoudsplanning is de begroting voor de periode 2023-2027 als volgt: Asfaltverhardingen Elementenverhardingen Cementbeton Klein onderhoud Totaal Gemiddeld
2023 € 299.923 € 388.085 €0 € 87.167 € 775.175
2024 € 435.068 € 84.360 €0 € 87.167 € 606.595
2025 € 161.453 € 178.755 € 4.964 € 87.167 € 432.339 € 489.129
2026 € 361.132 € 51.706 € 2.254 € 87.167 € 502.259
2027 € 37.999 € 4.111 €0 € 87.167 € 129.277
Er is voor het uitvoeren van groot- en klein onderhoud jaarlijks € 491.367 beschikbaar in de begroting 20232026. Over 5 jaar gezien is het jaarlijks beschikbare budget van € 491.367 in de begroting voldoende, echter in het wegbeheersplan (2023-2027) wordt geadviseerd in de jaren 2023 en 2024 achterstallig onderhoud weg te werken waardoor meer tijdelijk budget nodig is dan de beschikbare € 491.367. Voorgesteld wordt de reserve wegen in te zetten voor de fluctuaties in de benodigde budgetten voor de jaren 2023-2027. In de reserve wegen is per 1 jan 2023 € 682.852 beschikbaar waarvan € 189.000 beschikbaar moet blijven voor project VERDER. Het volgend overzicht laat zien dat in de reserve wegen voldoende ruimte zit om de fluctuaties in de benodigde budgetten op te vangen, namelijk: 2023
2024
2025
2026
2027
Kosten onderhoud vlgns wegbeheersplan 2023-2027
-775.175
-606.595
-432.339
-502.259
-129.277
Onderhoudsbudget
491.367
491.367
491.367
491.367
491.367
Ten laste of ten gunste van de reserve wegen
-283.808
-115.228
59.028
-10.892
362.090
682.852
399.044
283.816
342.844
331.952
682.852
399.044
283.816
342.844
331.952
Onderhoud
Reserve wegen Stand reserve per 1 jan Gereserveerd voor VERDER * Beschikbaar Mutaties: Toevoegingen
0
0
59.028
0
362.090
Onttrekkingen
-283.808
-115.228
0
-10.892
0
Stand reserve per 31 dec
399.044
283.816
342.844
331.952
694.042
* Voor VERDER dient eenmalig gereserveerd te blijven in de reserve
189.000
Kadernota 2024-2027
10
Op basis van de kosten van de te nemen onderhoudsmaatregelen aan de hand van de recente inspectiecijfers wordt geadviseerd voor de komende vijf onderhoudsjaren een jaarlijks onderhoudsbudget van € 491.367 te reserveren voor groot- en klein onderhoud en de reserve wegen in te zetten voor de fluctuaties in de benodigde budgetten over de jaren 2023-2027. Groot onderhoud buitenwegen Bij het uitvoeren van groot onderhoud aan de buitenwegen wordt geadviseerd om te investeren in een duurzame verbeteringsmaatregel. Langs een aantal wegen in het buitengebied wordt geadviseerd zover daar nog geen sprake is om de onverharde bermen langs asfaltverhardingen te voorzien van een constructie van bermbeton of grasbetonblokken. Hierdoor ontstaan minder schades van gaten en kuilen door verkeer dat in de bermen rijdt en door opsluiting van het asfaltrijdek worden er minder randschades aan het asfalt veroorzaakt door met name zwaar (landbouw)verkeer. Belangrijk hierbij dat de verkeersveiligheid voor weggebruikers op de buitenwegen wordt verbeterd. De eenmalige investeringsuitgave die hiermee gemoeid is circa. € 500.000 af te schrijven over een periode van 40 jaar. De investering kan men gefaseerd uitvoeren door de komende vijf jaar telkens een weg in het buitengebied uit te voeren en dit integraal op te pakken met het uitvoeren van onderhoud aan het asfaltrijdek.
Het betreft de bermen langs de buitenwegen Haarweg, Lambalgseweg, Strubbelenburg, Lambalgseweg, Voskuilerdijk en De Meent waarbij de investeringen als volgt gepland worden:
Investering bermverharding 2023-2027
Planjaar
Haarweg
Weg in buitengebied
€ 100.000
2023
Strubbelenburg
€ 70.000
2023
Lambalgseweg Voskuilerdijk
€ 100.000 € 155.000
2026 2025
De Meent
€ 75.000
2024
Totaal
€ 500.000
De financiële consequenties van de eenmalige investeringsuitgave van € 500.000 zijn als volgt: Groot onderhoud buitenwegen
Investering
kap lasten
kap lasten
kap lasten
kap lasten
kap lasten
2023
2024
2025
2026
2027
Haarweg (jaar 2023)
100.000
2.500
2.500
2.500
2.500
2.500
Strubbelenburg (jaar 2023)
70.000
1.750
1.750
1.750
1.750
1.750
De Meent (jaar 2024)
75.000
1.875
1.875
1.875
1.875
Voskuilerdijk (jaar 2025)
155.000
3.875
3.875
3.875
Lambalgseweg (jaar 2026)
100.000
2.500
2.500
Totaal
500.000
12.500
12.500
4.250
6.125
10.000
Bovengenoemde investering wordt in 40 jaar afgeschreven. De extra kapitaallasten als gevolg van deze investering lopen op van € 4.250 in 2023 naar € 12.500 in 2027. Openbaar groen Voor het onderhoud openbaar groen worden medewerkers ingehuurd via Groenladder BV en Amfors Werksupport. Voor 2023 stijgen de loonkosten met 10 %, daarnaast wordt en voor 2024 rekening gehouden met een stijging van 5 %. De post inhuur derden stijgt hiermee met structureel € 37.500. Begrafenisrechten In de begroting 2023-2026 is de opbrengst begrafenisrechten structureel met € 25.000 naar beneden bijgesteld. Op basis van het ervaringscijfer 2022, de tariefstijging 2023 (5 %) en de nog te bepalen tariefstijging 2024 wordt voorgesteld de opbrengst begrafenisrechten vanaf 2024 structureel te verhogen met € 10.000.
Kadernota 2024-2027
11
Riolering en water In 2024 wordt het Waterplan (GRP) weer geactualiseerd. Met de invoering van de omgevingswet vervalt de verplichting tot een GRP. Het Waterplan zal echter wel periodiek geactualiseerd worden, mede om de financiële dekking van de rioolheffing te onderbouwen. Wijzigingen van activiteiten, kosten, tarieven, etc. zullen in het nieuwe Waterplan doorberekend worden. Het klimaatadaptief inrichten van de wijk Laanzicht Oost, en daarmee het verminderen van de kans op wateroverlast zal de komende jaren voortgezet worden. Tot en met 2027 zal er jaarlijks een gedeelte van de wijk Laanzicht heringericht worden. Bij de herinrichting van de wijk Laanzicht Oost zal tevens aandacht besteedt worden aan het verminderen van het gebruik van fossiele brandstoffen tijdens de werkzaamheden. Onderzocht wordt om een laadvoorziening in de wijk beschikbaar te stellen, zodat de aannemers tijdens de herinrichting werkzaamheden het elektrisch materieel nabij het werk kan laden. Overige (kleine) posten De overige kleine verschillen in programma 2 ten opzichte van de begroting 2023-2026 bedragen € 14.700 vanaf 2024. Dit betreffen: • Onderhoud machines • Indexering IBOR Extern bestek • Abonnement VIA software (snelheids dataverkeer) • Wandelpaden
Financiële wijzigingen in programma 2 Programma 2. Leefomgeving Binnen dit programma zijn de volgende verschuivingen in de budgetten: Budgetten programma 2 (Leefomgeving) Groot onderhoud buitenwegen Openbaar groen Begrafenisrechten Overige (kleine) posten
2024 -6.125 -37.500 10.000 -14.700 -48.325
2025 -10.000 -37.500 10.000 -14.700 -52.200
2026 -12.500 -37.500 10.000 -14.700 -54.700
2027 -12.500 -37.500 10.000 -14.700 -54.700
- = nadelig + = voordelig
Kadernota 2024-2027
12
Programma 3. Veiligheid Visie Woudenberg is een gemeente waarin inwoners zich veilig voelen, weerbaar zijn, omzien naar elkaar en waar respect de basisnorm is. En waarin overlast en (ondermijnende) criminaliteit een uitzondering zijn en worden integraal aangepakt. Ontwikkelingen Bestuursagenda 2024-2027 Veiligheidsregio Utrecht De afgelopen jaren heeft de Veiligheidsregio Utrecht in samenwerking met andere (veiligheids-)partners gewerkt aan onderwerpen en crises die we niet van te voren hadden kunnen voorspellen. Een dichtgetimmerd plan maken voor de komende vier jaar lijkt daarom niet realistisch, en daarom gaan we uit van een koers. Uit de thema’s van de ontwikkelkoers volgen bestuurlijke mijlpalen en keuzemomenten. Deze thema’s en mijlpalen vormen de bestuursagenda voor de beleidsperiode 2024-2027. In de ontwerp-Bestuursagenda Veiligheidsregio Utrecht 2024-2027 staan vier gekozen thema’s: Toekomstbestendige brandweerzorg, Veilige en gezonde leefomgeving, Versterking crisisbeheersing en Great place to work. Integraal Veiligheidsplan basisteam Zeist, Bunnik, Leusden en Woudenberg 2024-2027 Als gemeenten Zeist, Bunnik, Leusden en Woudenberg slaan we de handen ineen met Openbaar Ministerie en politie en met de inwoner als partner. Voor een leefbare en veilige samenleving. Een veilige samenleving is veelomvattend.
Het gaat van minder huiselijk geweld tot aan minder inbraken en tegengaan van cybercrime. De komende vier jaar richten wij ons op de volgende vier speerpunten: • Georganiseerde ondermijnende (drugs) criminaliteit inclusief mensenhandel • Digitale veiligheid en cybercriminaliteit • Maatschappelijke onrust en maatschappelijke verbinding • Zorg en veiligheid Daarnaast is er één Woudenbergs speerpunt namelijk, de meldingsbereidheid onder inwoners vergroten. Stijging bijdrage Veiligheidsregio Utrecht In de ontwerpbegroting 2024 is rekening gehouden met een stijging van de rijksbijdrage vanwege loon- en prijsstijgingen. Dit voordeel is verwerkt in de begroting 2024 van de VRU. De bijdrage aan de Veiligheidsregio Utrecht is voor 2024 en verder begroot op € 829.000. In de begroting 2023-2026 was rekening gehouden met een bijdrage van € 730.000. De stijging ad. € 99.000 wordt veroorzaakt door de aanpassing van de ijkscores, loon- en prijsstijgingen. De hogere bijdrage van de gemeente Woudenberg voor de komende jaren is als volgt: Bijdrage VRU gemeente Woudenberg Geraamde bijdrage VRU vlgns begroting 2023-2026 gemeente Aanpassing bijdrage VRU a.g.v. ontwerpbegroting 2024 VRU Verhoging gemeentelijke bijdrage Woudenberg
2024 730.000 829.000 -99.000
2025 730.000 829.000 -99.000
2026 730.000 829.000 -99.000
2027 730.000 829.000 -99.000
Overige (kleine) posten De overige kleine verschillen in programma 3 ten opzichte van de begroting 2023-2026 bedragen € 1.410 vanaf 2024. Dit betreft: Gemeentelijke bijdrage uitvoering integraal Veiligheidsplan.
Kadernota 2024-2027
13
Financiële wijzigingen in programma 3 Programma 3. Veiligheid Binnen dit programma zijn de volgende verschuivingen in de budgetten: Budgetten programma 3 (Veiligheid) Bijdrage aan de VRU Overige (kleine) posten
2024 -99.000 -1.410 -100.410
2025 -99.000 -1.410 -100.410
2026 -99.000 -1.410 -100.410
2027 -99.000 -1.410 -100.410
- = nadelig + = voordelig
Kadernota 2024-2027
14
Programma 4. Ruimte, wonen en ondernemen Visie Een vitaal Woudenberg met ruimte voor wonen, werken en samenleven. Ontwikkelingen Duurzaamheid Duurzaamheid en dan in het bijzonder de transitie van elektra en warmte, maar ook de andere transities die nodig zijn om als Nederland en Woudenberg invulling te geven aan het klimaatakkoord zullen de komende jaren veel inspanning en geld kosten. Hoeveel is op dit moment nog niet goed in te schatten, want voor een belangrijk deel van deze transitie zijn wij afhankelijk van nieuwe technieken. Duidelijk is wel dat wij ons daar als gemeente goed op moeten voorbereiden. Deze voorbereiding bestaat uit drie hoofdlijnen: gedragsverandering en besparen door aanmoedigen van isolatie en acties waarmee individuen maatregelen kunnen nemen en waar wij ondersteuning in bieden door bv subsidie aan te vragen bij de provincie. de voorbereiding op technische aanpassingen van de samenleving waarschijnlijk vooral in de openbare ruimte. Op dit moment wordt het geheel bekostigd uit incidentele gelden vanuit het rijk, lastig om daarmee voor de lange termijn inhoudelijk en op personeel gebied beleid te maken De afgelopen jaren ontvingen wij regelmatige incidentele middelen, die breed in te zetten waren en die ter zekerstelling opgenomen werden in de reserve duurzaamheid.
De nieuwste rijksmiddelen worden meer geoormerkt en vooral beschikbaar gesteld voor personeel, dus vooral voor het opzetten van breder duurzaamheidsaanpak en inrichten van de organisatiegraad die nodig is om de duurzaamheid te ondersteunen. In het verleden kregen wij ook middelen voor uitvoering, verwachting is dat in de toekomst wel weer zal komen, want met name de aanpassing van de ondergrondse infrastructuur zal naar verwachting een grote kostenpost zijn. Planmiddelen vanaf 2024 zijn aangekondigd maar concreetheid vanuit het ministerie is er nog niet. Het is daarom van belang om bij kadernota en begroting rekening te houden met de lange termijn van de werkzaamheden op gebied van duurzaamheid. Hierbij aandacht te houden voor het communicatieve- en het gedragsverandering en de ondersteuning van isolerende maatregelen voor woningen van inwoners en meer in te zetten op de fysieke aanpassingen, warmte en elektriciteitsnet. De gelden in de huidige reserve duurzaamheid worden gebruikt om een aantal vaste posten (digitaal energieloket en RAP) tot en met 2026 uit deze reserve te bekostigen. Vanaf 2027 zullen deze kosten dus uit de regulier begroting dienen te komen, en dus ten laste komen van de algemene middelen. Via de besluitvorming van de jaarrekening 2022 wordt voorgesteld € 200.000 van het positieve jaarresultaat toe te voegen aan de reserve duurzaamheid.
Met deze aanvulling in de reserve duurzaamheid is het mogelijk noodzakelijke acties op gebied van bewustwording, voorlichting en overige uit te voeren waarvoor binnen de nieuwe rijksmiddelen vrijwel geen budget is opgenomen. Daarmee blijft het mogelijk om de incidentiele uitvoeringskosten op alle pijlers van de duurzaamheid doch speciaal geënt op bewustwording en gedrag op lange termijn te bekostigen. In de loop van 2023 komt met het uitvoeringsprogramma duurzaamheid en warmte transitief meer inzicht in de aanpak en de kosten die daarbij horen. Verwachting ten aanzien kosten personeel duurzaamheid Wij schatten in dat de komende jaren de volgende personeelsbehoefte is voor het onderdeel duurzaamheid: Huidige formatie van 0,75 fte duurzaamheidscoördinatie, om zicht te hebben al alle incidentele middelen, subsidie (provinciale) aanvragen en ontwikkelingen op gebied van duurzaamheid. Formatie om invulling en uitvoering te kunnen geven aan de noodzakelijke besparingen en gedragsveranderingen van onze inwoners en eigen organisatie, dan zal 0,5 fte zijn voor uitvoering van de communicatiestrategie.
Kadernota 2024-2027
15
-
De verwachting is dat de aandacht de komende jaren zal verschuiven van de proceskant naar de technische beleidskant, waarbij een meer civieltechnische beleidsmedewerker elektra en warmtesystemen 0,75 fte nodig zal zijn.
Daarnaast zal op onderdelen specialistische inhuur nodig zijn, welke door bovenstaande functioneren aangestuurd worden. In hoeverre dit op lange termijn voldoende is zal o.a. moeten blijken uit de resultaten van de focusbuurten. De financiering zal moeten komen uit de rijksmiddelen. Er dient echter rekening mee gehouden te worden dat deze na 2027 of 2030 via de reguliere middelen gefinancierd moeten worden. Voorkeur heeft om zoveel mogelijk eigen mensen in te zetten en zo de lokale kennis te borgen. Gelijktijdig zal op dit werkveld specialistische kennis nodig zijn. Door een goede mix goed omgaan met schaarse middelen. In de loop der jaren zal steeds meer duidelijk worden welke structurele aanpak en dus ook uitgaven nodig zijn en zal de begroting dus meer op maat gemaakt kunnen worden. Wonen en Economische zaken De woonvisie die in 2023 zal worden vastgesteld zal de basis vormen voor het beleid, bij de vaststelling zal bezien worden of extra geld nodig is en dan kan dat meegenomen worden bij de behandeling van de begroting. Het proces rond het provinciale programma wonen en werken om te komen tot voldoende ruimte die in de toekomst kan zorgen voor het behouden van een Vitaal Woudenberg, vraagt in eerste instantie vooral ambtelijke en bestuurlijke inspanning.
Pakket routes en paden Via het pakket routes en paden wordt samen met diverse andere gemeenten en de provincie voorzien in de instandhouding van diverse paden en routes op de Heuvelrug. De uitvoering vindt plaats via Nationaal Park Utrechtse Heuvelrug, op basis van een langjarige afspraak. Het is van belang dat routes en paden ook veilig zijn en dat houdt in dat regelmatig een boomveiligheidscontrole gedaan wordt. De afgelopen jaren was daarvoor binnen het pakket nog financiële ruimte. De verwachting is dat deze ruimte (door stijgende kosten) komende jaren niet meer te vinden is. Wij moeten ons dan ook voorbereiden op stijgende kosten. Deze worden voor Woudenberg op dit moment geschat op ca. € 2.000 per jaar vanaf 2025. Het kan zijn dat het feitelijke bedrag nog anders wordt door toepassing van een verdeelsleutel ook bestaat de mogelijkheid dat de kosten op termijn onderdeel worden van de kosten van een wandelnetwerk. Feit is wel dat kosten voor boomveiligheid gemaakt zullen moeten worden. Vitaal buitengebied De druk op het landelijk gebied is groot. Gelijktijdig is nog onduidelijk wat de opgaven precies gaan betekenen voor ons buitengebied en welke rol wij als lokale overheid hierin krijgen. Binnen de begroting is een post Vitaal Buitengebied van € 6.000 beschikbaar bedoeld voor het subsidiëren van uitvoering van plannen en bijdragen aan samenwerkingen.
Wij verwachten echter dat de komende jaren ook lokaal procesgeld nodig is, bijvoorbeeld om een lokale verkenning (gesprekken) uit te voeren om beter inzicht te krijgen in de kansen, wensen en mogelijkheden van de agrarische bedrijven en een verkenning van de impact van de transitie op het buitengebied. Vooruitlopend op duidelijkheid over de kaders van rijk en provincie en bijbehorende budgetten, stellen wij voor het jaarlijks in de begroting opgenomen budget van € 40.000 voor de aanvulling van de reserve Omgevingsplan/Omgevingsvisie hiervoor te benutten. Deze reserve, bedoeld voor de voorbereiding en opstelling van een Omgevingsvisie en het Omgevingsplan (Buitengebied en Bebouwde Kom, staat nu op de afgesproken maximale hoogte van € 80.000. De beschreven verkenningen naar de toekomst van het Vitale buitengebied vormen input voor een Omgevingsvisie en Omgevingsplannen plan en op deze wijze is geen extra budget nodig. Wet kwaliteitsborging bouw Op 1 januari 2024 treedt de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) in werking. De Omgevingswet en de Wkb vormen samen een ingrijpende verandering in de wijze waarop vergunningen worden verleend en toezicht wordt gehouden. Naast een stelselwijziging worden ook aanpassingen doorgevoerd in het Burgerlijk Wetboek om de positie van de bouwconsument te versterken.
Via de algemene uitkering (septembercirculaire 2022) is voor de komende jaren extra geld ontvangen voor Wet kwaliteitsborging bouw. Het extra geld ad. € 11.897 is ook als uitgavenpost ingeboekt. Kadernota 2024-2027
16
Afval (AVU) Op basis van de ontwerpbegroting AVU 2024 zullen de kosten verwerking afval met € 30.000 stijgen. De kosten inzameling afval 2024 (via ROVA) zijn op dit moment nog niet bekend. Bij de begroting 2024 zal, op basis van de nieuwe kosten voor verwerking en inzameling afval, een voorstel worden gedaan voor de tarieven afvalstoffenheffing 2024. RUD De programmabegroting van de RUD laat zien dat de totale bijdrage van Woudenberg aan de RUD in 2024 stijgt naar € 449.000. In de begroting 2023-2026 van Woudenberg is voor begrotingsjaar 2024 rekening gehouden met een totale bijdrage van € 388.000. Aan de raad wordt gevraagd de totale bijdrage te verhogen met € 61.000. Overige (kleine) posten De overige kleine verschillen in programma 4 ten opzichte van de begroting 2023-2026 bedragen € 2.000 vanaf 2025. Dit betreft: Pakket routes en paden.
Financiële wijzigingen in programma 4 Programma 4. Ruimte, wonen en ondernemen Binnen dit programma zijn de volgende verschuivingen in de budgetten: Budgetten programma 4 (Ruimte, wonen en ondernemen) Wet kwaliteitsborging bouw Bijdrage RUD Overige (kleine) posten
2024 -11.897 -61.000 -72.897
2025 -11.897 -61.000 -2.000 -74.897
2026 -11.807 -61.000 -2.000 -74.807
2027 -11.807 -61.000 -2.000 -74.807
- = nadelig + = voordelig
Kadernota 2024-2027
17
Programma 5. Dienstverlening Visie Inwoners, ondernemers en organisaties ervaren de gemeente Woudenberg als dienstverlener en partner. Ontwikkelingen ICT Het onderhoud en het beheer van grote applicaties wordt complexer. Veel applicaties worden aan elkaar gekoppeld. Ook de eisen met betrekking tot het veilig houden van de data worden ieder jaar strenger. Hier staat tegenover dat applicatiebeheer binnen de gemeente Woudenberg altijd parttime en bij 1 of 2 medewerkers is belegd. Updates tijdig inplannen, uitrollen en testen en voldoen aan de strenge informatieveiligheidseisen wordt ieder jaar uitdagender. Het is daarom noodzakelijk om de vier grootste applicaties naar de Cloud te migreren. Dit neemt naast eenmalige kosten ook een verhoging van jaarlijkse kosten met zich mee. Deze migratie vindt gefaseerd plaats de aankomende jaren. De digitale werkplek ziet er volledig anders uit dan 3 jaar geleden. Medewerkers moeten flexibel kunnen werken en gebruiken hiervoor laptops. Deze laptops worden beheerd en beveiligd via licenties. Ook leveranciers gaan steeds vaker werken via licenties die gekoppeld zijn aan een gebruiker in plaats van een organisatie. De gemiddelde kosten per werkplek stijgen jaarlijks. Daarnaast is het aantal medewerkers dat (parttime) in dienst is (mede door externe inhuur) de afgelopen jaren gestegen.
Voor een gebruikerslicentie maakt het geen verschil of een medewerker 1 of 5 dagen in de week werkt. Het beheer van de digitale werkplek wordt ook steeds complexer. De inrichting en aanpassing vereist andere en ook meer kwaliteiten. Daar is extra capaciteit voor nodig. Er worden steeds strengere eisen gesteld met betrekking tot informatieveiligheid. Ook de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO) stelt steeds meer eisen waaraan de gemeente moet voldoen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan penetratietesten, monitoring en response. Binnen de gemeente is deze capaciteit en expertise niet altijd voorhanden. Dit betekent dat hier personeel voor ingehuurd moet worden. Gezien de huidige economische situatie en het daarmee gepaard gaande indexatiecijfer rekenen veel leveranciers dit door aan de klant. Dit zit zowel in onderhoud van de applicatie, licentiekosten als het inhuren van derden. In sommige gevallen is dit contractueel ook zo vastgelegd. In andere gevallen vindt er overleg en onderhandeling plaats. Het resultaat hiervan is dat de standaard indexatie die meegenomen is van 3,5% niet voldoende is. Voor dit jaar komt daar circa 5% extra bij. De verwachting is dat dit de aankomende jaren ook boven de 3,5% zal blijven.
De volgende aanvullende budgetten worden voorgesteld: ICT Grote applicaties naar de Cloud Kosten digitale werkplek Informatieveiligheid (penetratietesten, monitoring) Extra indexering software, licentiekosten en diensten derden 2023 Indexering software, licentiekosten en diensten derden 2024 Verhoging ICT
2024 -18.000 -20.000 -15.000 -25.000 -15.000 -93.000
2025 -36.000 -20.000 -15.000 -25.000 -15.000 -111.000
2026 -54.000 -20.000 -15.000 -25.000 -15.000 -129.000
2027 -72.000 -20.000 -15.000 -25.000 -15.000 -147.000
Archiefkosten (e-Depotvoorziening) Het statisch archief van de gemeente Woudenberg is opgeslagen bij het streekarchief “Archief Eemland”. Overheden gaan steeds meer digitaal werken en archiefbewaarplaatsen moeten voorbereid zijn om dergelijke digital born archiefstukken duurzaam en veilig op te slaan. Daarvoor heeft de Gemeente Amersfoort een eDepotvoorziening aangeschaft. Deze digitale archiefbewaarplaats wordt gebruikt voor de permanent te bewaren archieven van Amersfoort, regiogemeenten en particuliere archieven. Dit betreft digitaal en gedigitaliseerd archief uit verschillende bronapplicaties zoals bijvoorbeeld bouwvergunningen, fotomateriaal, en bestemmingsplannen. Voor het aansluiten op dit e-Depot wordt naast de reguliere dienstverlening structureel € 17.000 aan extra kosten in rekening gebracht.
Kadernota 2024-2027
18
Cao personeel (aanpassing 2023) Recent is de Cao gemeenten 2023 afgesloten. Deze Cao loopt van 2 januari 2023 tot en met 1 januari 2024. Dit akkoord leidt er toe dat in 2023 de gemeentelijke uitgaven aan arbeidsvoorwaarden toenemen Voor de salarisverhoging is een bedrag van € 220.540 begroot, voor het extra verlof € 50.000. De salariskosten 2023 stijgen als gevolg van de nieuwe Cao met € 490.000. De nieuwe Cao werkt ook door voor de jaren 2024 en verder. Het verschil ad € 219.460 is verwerkt in deze kadernota 2024-2027. Cao personeel (raming 2024) De huidige Cao loopt tot en met 1 januari 2024. Voor 2024 wordt rekening gehouden met een loonstijging van 5,2 %. Dit percentage loonvoet sector overheid 2024 wordt ingeschat op basis van de raming Centraal Planbureau maart 2023. Het extra bedrag dat we aan salariskosten ramen bedraagt € 342.680. Kosten regio Amersfoort De kosten regio Amersfoort zijn flink gestegen als gevolg van een aantal grote opgaven waaraan nu en de komende jaren gewerkt zal worden. De regio Amersfoort vraagt de deelnemende gemeenten garant te staan voor de hogere kosten. Indien de deelnemende gemeenten niet garant staan zal met een aantal dossiers gestopt moeten worden. De kosten zullen voor Woudenberg structureel stijgen met € 31.500.
Verwerking stelpost terugdraaien bezuinigingen In de begroting is een stelpost opgenomen van € 150.000 voor het terugdraaien van de bezuinigingen. De raad heeft in februari 2023 definitief aangegeven welke bezuinigingen terug gedraaid kunnen worden. Het gaat om een structureel bedrag van € 135.291. Het verschil tussen de stelpost en het definitieve bedrag, namelijk € 14.709 wordt als voordeel verwerkt in deze kadernota. Ontwikkelingen Burgerzaken Het vakgebied burgerzaken is al een tijdje aan het veranderen door de digitalisering, continu wijzigende weten regelgeving en de andere verhouding tussen overheid en burgers. Voorlopig zetten de veranderingen nog door. Gemeenten worden uitgedaagd om hun dienstverlening anders in te richten en de menselijke factor naar een hoger niveau te tillen. Uit een onderzoek van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, waarin gesprekken zijn gehouden met gemeenten, blijkt dat de komende jaren drie onderwerpen aandacht vragen van de afdeling Burgerzaken: •
•
•
Digitalisering: Een deel van de processen rondom burgerzaken is al gedigitaliseerd, zoals het doorgeven van vermissing van identificatiedocumenten en het doorgeven van verhuizingen. Burgers zijn hierdoor gewend dat zaken makkelijk en snel kunnen en verwachten dat andere diensten ook op deze manier versimpeld zullen worden. Er gaan dus nog veel meer processen gedigitaliseerd worden. Zo wordt het onder andere mogelijk gemaakt om verlengingen van rijbewijzen digitaal aan te vragen. Samenwerken binnen de gemeente en met andere gemeenten en instanties: Samenwerken maakt het mogelijk om kennis te delen en complexe vraagstukken beter op te lossen. Ook zal het daarbij goed zijn eenduidige software te gebruiken om gezamenlijke processen te vergemakkelijken en de mogelijkheid te creëren tot centrale aanvraag- en uitgiftepunten. Regie over gegevens: Burgers zullen steeds meer de regie nemen over wie hun gegevens mogen inzien.
In 2014 werd de geldigheidsduur van reisdocumenten voor volwassenen verlengd van 5 naar 10 jaar. Na de huidige reisdocumentendip van 2019 tot en met 2023, gaan we vanaf 2024 de effecten merken van de nieuwe cyclus die is ontstaan door invoering van de langere geldigheidsduur. Deze piek duurt naar verwachting tot 2029. Klanttevredenheidsonderzoek In 2024 wordt een klanttevredenheidsonderzoek uitgevoerd. Dit om inzicht te krijgen in hoe tevreden de inwoners zijn over de dienstverlening van de gemeente. Wat gaat goed en wat kan beter? Daarnaast wordt gemeten wat de behoeften zijn van de inwoners en wordt onderzocht hoe de kwaliteit van de dienstverlening kan worden verbeterd.
Kadernota 2024-2027
19
Participatiebeleid De gemeente Woudenberg heeft de wens om beter en innovatiever om te gaan met participatie. De kennis en kracht in de Woudenbergse samenleving is groot en als gemeente staan wij naast onze inwoners om samen te kijken wat goed is voor het dorp. Met nieuwe methoden en meer (digitale) communicatiemogelijkheden kunnen er grote slagen gemaakt worden in de effectiviteit van participatie. In 2023 wordt gewerkt aan een nieuw participatiebeleid. De uitwerking hiervan zal voortvloeien in 2024. Belastingsamenwerking Gelijktijdig met de behandeling van deze kadernota ligt een raadsvoorstel voor inzake het overdragen van de werkzaamheden op het gebied van belastingen naar de gemeenschappelijke regeling GBLT. Een voorstel van gelijke strekking ligt ook voor bij de gemeenteraad van Veenendaal en Renswoude. Indien de drie gemeenteraden allen instemmen met de voorgenomen besluiten van de betreffende colleges tot toetreding van deze gemeenschappelijke regeling, zal de tweede helft van 2023 en heel 2024 in het teken staan van deze overdracht. Hiertoe wordt een werkgroep gevormd waarvan namens Woudenberg ook een afvaardiging aanwezig zal zijn. De financiële consequenties hiervan zijn als volgt: Belastingsamenwerking
2024
Vervallen uitvoerings kos ten belas tings amenwerking Veenendaal (vanaf 2025) Uitvoeringkos ten belas tingen via GBLT (vanaf 2025) Loonkos ten functie regiefunctionaris (vanaf 2025) Verlaging kosten belastingsamenwerking
0 0 0 0
2025
2026
2027
259.729 -212.857 -31.926 14.946
259.729 -212.857 -31.926 14.946
259.729 -212.857 -31.926 14.946
Overige (kleine) posten De overige kleine verschillen in programma 5 ten opzichte van de begroting 2023-2026 bedragen € 9.850 vanaf 2024. Dit betreffen: • Indexering IBMN • Werkkostenregeling
Financiële wijzigingen in programma 5 Programma 5. Dienstverlening Binnen dit programma zijn de volgende verschuivingen in de budgetten: Budgetten programma 5 (Dienstverlening) ICT Archiefkosten Cao personeel (aanpassing 2023) Cao personeel (raming 2024) Regio Amersfoort Verwerking stelpost terugdraaien bezuinigingen Belastingsamenwerking Overige (kleine) posten
2024 -93.000 -17.000 -219.460 -342.680 -31.500 14.709 0 -9.850 -698.781
2025 -111.000 -17.000 -219.460 -342.680 -31.500 14.709 14.946 -9.850 -701.835
2026 -129.000 -17.000 -219.460 -342.680 -31.500 14.709 14.946 -9.850 -719.835
2027 -147.000 -17.000 -219.460 -342.680 -31.500 14.709 14.946 -9.850 -737.835
- = nadelig + = voordelig
Kadernota 2024-2027
20
Algemene dekkingsmiddelen Algemene uitkering De berekening van de algemene uitkering is gebaseerd op de septembercirculaire 2022 en decembercirculaire 2022 en een inschatting van de meicirculaire 2023. De hogere inschatting van de algemene uitkering is als volgt: Algemene uitkering Hogere algemene uitkering septembercirculaire 2022 (algemeen) Hogere algemene uitkering septembercirculaire 2022 (Wkb) Hogere algemene uitkering septembercirculaire 2022 (inburgering) Hogere algemene uitkering inschatting meicirculaire 2023
2024 -57.606 11.887 26.029 1.398.000 1.378.310
2025 -219.695 11.887 0 1.365.000 1.157.192
2026 226.572 11.887 0 1.295.000 1.533.459
2027 226.572 11.887 0 667.000 905.459
- = nadelig + = voordelig
In deze kadernota is een inschatting van de meicirculaire 2023 verwerkt in de verwachte begrotingsresultaten omdat anders het financiële beeld onevenredig zwaar belast wordt terwijl de praktijk van de afgelopen jaren leert dat compensatie reëel is. De inschatting van de meicirculaire 2023 brengt daarmee ook risico’s met zich mee omdat het een inschatting betreft. Dit risico is verwerkt bij de programmarisico’s in hoofdstuk 5 (onderdeel Weerstandsvermogen) van deze kadernota. Algemene uitkering (septembercirculaire 2022) In de septembercirculaire 2022 is er sprake van een lichte opwaartse bijstelling van het nominale (t.b.v. loonen prijsstijgingen) van het accres. De jaren 2026 en 2027 vallen voor Woudenberg positief uit. De jaren 2024 en 2025 niet. Voor alle jaren is in onze berekening een correctie in de WOZ waarden verwerkt. Algemene uitkering inschatting meicirculaire 2023 De verwachting is dat het gemeentefonds in de meicirculaire 2023 meer duidelijkheid zal geven aan gemeenten over compensatie 2022 en volgende jaren vanwege de hoge loon- en prijsstijgingen. Onze externe ondersteuner bij de berekening van de algemene uitkering heeft aangegeven op welke manier gemeenten een inschatting kunnen maken van de mogelijke opbrengsten uit de algemene uitkering die zij kunnen verwachten bij de meicirculaire 2023. Op basis van hun advies is een inschatting gemaakt.
De ingeschatte opbrengsten liggen tussen de € 667.000 en de € 1.398.000. Bij de ingeschatte opbrengsten hebben we geen rekening gehouden met de stijging van het aantal inwoners. Belastingen We stellen voor de belastingen 2024 te laten stijgen met 3,1 % wegens inflatiecorrectie. Het percentage van 3,1 is een inschatting op basis van de raming Centraal Planbureau maart 2023 (inflatie, nationale consumenten-prijsindex cpi 2023). De hogere opbrengsten ad. € 117.000 is als volgt opgebouwd: Belastingen OZB Hondenbelasting Toeristenbelasting Hogere opbrengsten belastingen
2024 104.000 2.000 11.000 117.000
2025 104.000 2.000 11.000 117.000
2026 104.000 2.000 11.000 117.000
2027 104.000 2.000 11.000 117.000
Rente geldleningen Door de stijgende rente zal de rente op geldleningen de komende jaren waarschijnlijk nadeliger uitvallen. We houden rekening met een structureel nadeel van € 40.000.
Kadernota 2024-2027
21
Financiële wijzigingen in algemene dekkingsmiddelen Algemene dekkingsmiddelen Binnen dit onderdeel zijn de volgende verschuivingen in de inkomsten: Algemene dekkingsmiddelen Algemene uitkering Belastingen Rente geldleningen
2024 1.378.310 117.000 -40.000 1.455.310
2025 1.157.192 117.000 -40.000 1.234.192
2026 1.533.459 117.000 -40.000 1.610.459
2027 905.459 117.000 -40.000 982.459
- = nadelig + = voordelig
Recapitulatie aanpassing budgetten als gevolg van beleidsontwikkelingen op de vijf programma’s en de algemene dekkingsmiddelen: In de onderstaande tabel zijn de financiële consequenties in totalen per programma weergegeven. Budgetwijzigingen per programma 1. Samenleving 2. Leefomgeving 3. Veiligheid 4. Ruimte, wonen en ondernemen 5. Dienstverlening Totaal aanpassing budgetten Algemene dekkingsmiddelen Totaal beleidsontwikkelingen hoofdstuk 3
2024 -376.958 -48.325 -100.410 -72.897 -698.781 -1.297.371 1.455.310 157.939
2025 -350.929 -52.200 -100.410 -74.897 -701.835 -1.280.271 1.234.192 -46.079
2026 -350.929 -54.700 -100.410 -74.807 -719.835 -1.300.681 1.610.459 309.778
2027 -350.929 -54.700 -100.410 -74.807 -737.835 -1.318.681 982.459 -336.222
- = nadelig + = voordelig
Kadernota 2024-2027
22
Hoofdstuk 3. Stand van zaken bezuinigingen Tweede Herstelplan en bezuinigingsdialoog Inleiding Met de raad is afgesproken dat twee keer per jaar een update wordt gegeven van de bezuinigingsdialoog programma 1 Samenleving 2020-2021 en de bezuinigingen Tweede Herstelplan 2022. De update (monitor) vindt plaats bij de kadernota en de begroting. De laatste monitor was bij de begroting 2023-2026 met als peildatum augustus 2022. In de begroting 2023-2026 is structureel een stelpost van € 150.000 opgenomen inzake het terugdraaien van bezuinigingen. De raad heeft in februari 2023 een besluit genomen welke bezuinigingen teruggedraaid kunnen worden. Deze zijn verwerkt in deze monitor. De monitor die nu gepresenteerd wordt heeft als peildatum 15 april 2023. Besparingsopgave bezuinigingsdialoog programma 1 Samenleving 2020-2021 De monitor laat zien in hoeverre we de besparingsopgave voor 2022 en verder verwachten te realiseren. Met peildatum 15 april 2023 is recentelijk een overzicht van de stand van zaken gegeven. In dit overzicht zijn de bezuinigingen, die recent door de raad zijn teruggedraaid, verwerkt. Deze hebben in het overzicht een paarse kleur (status 6) gekregen. De kern van voorstel over jeugdzorg en onderwijs (voorstel 60) is dat er jeugdhulp in de school geboden wordt zonder dat hier een verwijzing voor nodig is.