CConstaterende datWoudenberg
Koppel je AI →
Document · PDF

04. Beleidsbegroting Gemeente Woudenberg 2023-2026.pdf

Raadscommissie 4 oktober 2022, gemeente WoudenbergBij agendapunt: 9: Beleidsbegroting 2023 -202633.432 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Nederland € 418 € 1.671 € 4.903

Woudenberg € 547 € 1.644 € 4.630

Lijkbezorgingsrechten

2022

2023

2024

2025

2026

Gra frechten (verl enen gra frecht) Overi ge (begra ven/gra fdekki ng/etc)

5% 2%

5% 2,4%

-

-

-

PA - 8 -

Recapitulatie voorstellen college In het onderstaande overzicht zijn de voorstellen van het college met betrekking tot de stijging van de lokale heffingen weergegeven: Lokale heffingen

2023

Tarief OZB woningen

+2,4%

Tarief OZB niet-woningen

+2,4%

Tarief afvalstoffenheffing (huishouden)

+0%

Tarief rioolheffing

+2,4%

Tarief toeristenbelasting (per overnachting)

+2,4%

Tarief hondenbelasting (per hond)

+2,4%

Kwijtscheldingsbeleid Voor inwoners van Woudenberg met de laagste inkomens bestaat de mogelijkheid om voor kwijtschelding in aanmerking te komen. Gehele of gedeeltelijke kwijtschelding is mogelijk voor de afvalstoffenheffing, het rioolrecht en hondenbelasting.

Opleggen belastingaanslagen In 2023 worden de belastingaanslagen (samen met de beschikkingen, WOZ tijdvak 2023) eind februari verzonden. De belastingaanslag dient in maximaal vier termijnen uiterlijk voor 1 juli betaald te zijn. Er kan gekozen worden voor automatische incasso, het belastingbedrag wordt dan in negen maanden geïnd. Betaaltermijnen belastingaanslagen 2023 1e betaaltermijn 2e betaaltermijn 3e betaaltermijn 4e betaaltermijn 5e betaaltermijn 6e betaaltermijn 7e betaaltermijn 8e betaaltermijn 9e betaaltermijn 10e betaaltermijn

Automatische incasso Maart 2023 April 2023 Mei 2023 Juni 2023 Juli 2023 Augustus 2023 September 2023 Oktober 2023 November 2023 December 2023

Niet automatische incasso Maart 2023 April 2023 Mei 2023 Juni 2023

PA 9

B. Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing Inleiding Het weerstandsvermogen is het vermogen om onverwachte, substantiële kosten op te vangen, zonder dat de uitvoering van de taken en de bedrijfsvoering in gevaar komt. Het geeft de robuustheid van de financiële positie aan. Om vast te kunnen stellen of het weerstandsvermogen voldoende is, inventariseren wij de belangrijkste risico’s. De risico’s zetten we af tegen de middelen en mogelijkheden om de risico’s op te vangen. Beleidskaders Het algemene beeld ten aanzien van het weerstandsvermogen is vastgelegd in de bijlage Notitie reservepositie en weerstandsvermogen 2022 in de Kaderbrief 2023-2026. Beleidswijzigingen op dit gebied worden indien van toepassing aan u voorgelegd door middel van een raadsvoorstel. Het beleid van onze gemeente voor het weerstandsvermogen is vastgelegd in de volgende nota’s: Beleidsstuk

Jaar vaststelling

Planperiode

2006 2020 2020

N.v.t. N.v.t. N.v.t.

Notitie risicomanagement Notitie stille reserves 2020 Notitie herschikking reserves

Ontwikkelingen Op het gebied van het weerstandsvermogen en risicobeheersing zijn er geen bijzondere externe ontwikkelingen te melden. Risicoprofiel Hier presenteren wij de belangrijkste risico’s. De prioritering van de risico’s vindt plaats aan de hand van de volgende schaalindeling van de kans: Schalen voor de inschatting van de kans dat het risico zich in volle omvang voordoet - Groot (= 60%) waarschijnlijk, de kans dat de gebeurtenis zich voordoet is groot; - Gemiddeld (= 40%) mogelijk, de kans dat de gebeurtenis zich voordoet is gemiddeld; - Klein (= 20%) de kans dat de gebeurtenis zich voordoet is klein. In de volgende tabel presenteren wij de inschatting van de belangrijkste structurele risico’s op kortere en langere termijn: De incidentele risico’s en de risico’s voor de grondexploitatie presenteren wij afzonderlijk.

PA 10

Toelichting structurele risico’s Programmarisico’s Programma 1 - Samenleving Leerlingenvervoer Onderwijshuisvesting Sociaal domein uitgaven Totaal programma 1 - Samenleving Programma 2 - Leefomgeving Volksgezondheid/groen Totaal programma 2 - Leefomgeving Programma 5 - Bestuur en dienstverlening Gemeenschappelijke regelingen Salarissen en sociale lasten a.g.v. hoger inwonertal Totaal programma 5 - Bestuur en dienstverlening Algemene dekkingsmiddelen Algemene uitkering Herijking gemeentefonds (€ 115,00 - € 37,50 p/inw.) Totaal Algemene dekkingsmiddelen Overige kleinere risico’s Totaal structurele risico's

Begroting 2023

Risico %

Omvang risico

Kans

Bedrag risico

540.000 149.000 9.600.000 10.289.000

10,00% 100% 10,00%

54.000 149.000 960.000 1.163.000

60% 60% 60%

32.400 89.400 576.000 697.800

P.m. 0

-

50.000 50.000

60%

30.000 30.000

2.500.000 440.000 2.940.000

5,00% 100,00%

125.000 440.000 565.000

60% 60%

75.000 264.000 339.000

21.210.000 1.085.000 22.295.000

2,50% 100,00%

530.250 1.085.000 1.615.250 150.000 3.543.250

40% 50%

212.100 542.500 754.600 30.000 1.851.400

35.524.000

20%

Programma 1 - Samenleving - Leerlingenvervoer Wij zijn wettelijk verplicht om een adequaat systeem van leerlingenvervoer aan te bieden. De kosten van het vervoer zijn sterk afhankelijk van het aantal leerlingen, het aantal ritten en de bestemming van de ritten. Doordat het een open-einde regeling betreft, moet als risico rekening worden gehouden met een bedrag van € 54.000 (= +/- 10 % van het huidige budget) met een kans hierop van 60%. Het uiteindelijke risicobedrag komt daarmee op € 32.400. - Onderwijshuisvesting In 2020 hebt u het Integraal Huisvestingsplan Onderwijshuisvesting gemeente Woudenberg (IHP) vastgesteld. Bij de vaststelling van het IHP hebt u structureel € 47.000 beschikbaar gesteld voor de uitbreiding van De Olijfboom en De Wartburg. Bij de vaststelling van het IHP hebt u besloten het financieel risico op te nemen dat onze gemeente loopt bij mogelijke beslissing van het Rijk om renovatie die de levensduur van een schoolgebouw verlengt onder de verantwoordelijk van de gemeente te laten vallen. Indien wij verantwoordelijk worden voor renovatie van scholen zullen in de toekomst de structurele lasten voor de gemeente stijgen met € 149.000. De kans hierop ramen we op 60%. Het risicobedrag komt daarmee op € 89.400.

PA 11

- Sociaal domein De taken en verantwoordelijkheden voor de Jeugdzorg en Wmo (de onderdelen dagactiviteiten en begeleiding) liggen voor een groot deel bij gemeenten. Net als bij leerlingenvervoer, betreft dit ook een open-einde regeling. Voor het sociaal domein houden wij als risico rekening met 10% van de totale uitgaven, uitgaande van recente cijfers. 10% van het totale budget van € 8.500.000 is € 1.275.000. De kans hierop ramen we op 60%. Het risicobedrag komt daarmee op € 576.000. Programma 2 - Leefomgeving - Volksgezondheid/groen Wij kunnen geconfronteerd worden met ziekten en plagen zoals MKZ, teken en de eikenprocessierups. Voor preventie, toezicht en bestrijding hiervan is een beperkt budget beschikbaar. De kosten voor het bestrijden variëren, afhankelijk van de mate van overlast en de methode van bestrijding. Wij gaan uit van een financieel risico van € 50.000. Vanwege de klimaatverandering is de kans bijgesteld naar 60% met een risicobedrag van € 30.000. Programma 5 - Bestuur en dienstverlening - Gemeenschappelijke regelingen Het deelnemen aan gemeenschappelijke regelingen betekent het gedeeltelijk inleveren van autonomie op bepaalde beleidsterreinen. Besluiten binnen de gemeenschappelijke regeling met financiële gevolgen zijn bindend voor alle deelnemende gemeenten.

Wij kunnen besluiten met betrekking tot nieuw beleid niet zelfstandig beïnvloeden, met als gevolg dat de financiële consequenties een voldongen feit zijn. Als risico nemen we 5% op van de totale bijdrage van € 2.500.000 is € 125.000. De kans hierop ramen we op 60%. Het risicobedrag komt daarmee op € 75.000. De ervaring van de afgelopen 3 jaar leert dat het risicobedrag reëel is. - Salarissen en sociale lasten als gevolg van hoger inwonertal In 2022 heeft Woudenberg de grens van 14.000 inwoners bereikt. Blijft dit gedurende twee jaar op 1 januari zo, dan heeft dit gevolgen voor het loongebouw van onze organisatie, waarbij het tijdstip en de omvang vooralsnog onduidelijk zijn. Het risico schatten wij in op € 440.000 met een risico van 100% en een kans van 60%. Het risicobedrag is € 264.000. Algemene dekkingsmiddelen - Algemene uitkering; De algemene uitkering vormt een belangrijke risicofactor. De hoogte van de algemene uitkering is afhankelijk van heel veel factoren. Uitgaande van een marge van 2,5% van de geraamde algemene uitkering bedraagt het inkomstenrisico € 530.250. Hiervan nemen we 40% is € 212.100 mee als risicobedrag. - Herijking Gemeentefonds; Met ingang van 1 januari 2023 is er sprake van een nieuwe verdeling van de algemene uitkering. Deze is verwerkt in de meicirculaire 2022.

Gegeven de ontvangen adviezen van de ROB en de VNG en de reacties van gemeenten hebben de fondsbeheerders besloten het ingroeipad – het pad waarmee gemeenten naar de nieuwe verdeling ingroeien – te beperken tot 3 jaar. Het maximale effect is -/+ € 7,50 per inwoner in 2023 en -/+ € 15 per inwoner in 2024 en 2025. Daarmee komt het maximale effect op -/+ € 37,50 per inwoner in 2025. De voorlopige herijking gemeentefonds voor Woudenberg betekent een nadeel van € 7,50 per inwoner in 2023 oplopend naar € 37,50 per inwoner vanaf 2025 welke via de meicirculaire 2022 is verwerkt in de cijfers van de begroting 2023-2026. In eerdere publicaties van het rijk was aangegeven dat Woudenberg een nadeelgemeente zou zijn van € 115 per inwoner. Het nadeel van € 115 per inwoner voor Woudenberg is niet van tafel en blijft nog steeds in beeld. Het nieuwe model per 1 januari 2023 is geen eindstation en zal continue onderhoud vragen. Een expertgroep gaat aan de slag met verschillende onderzoeken over het verdeelmodel. De evaluatie van de nieuwe verdeling van het gemeentefonds moet begin 2025 zijn afgerond. Na evaluatie komt er besluitvorming over de verdere implementatie van het nieuwe verdeelmodel.

PA 12

Het verschil tussen € 115 per inwoner en de reeds in de cijfers verwerkte € 37,50 per inwoner is als risico opgenomen bij de programmarisico’s. De omvang van de risico is € 1.085.000 met een kans van 50%. Het risicobedrag bedraagt € 542.500. Overige kleinere risico’s Het gaat hierbij om diverse risico’s met een beperkte financiële impact (bedragen < € 25.000). Voorbeelden hiervan zijn risico’s in verband met garantstellingen, juridische procedures, rente en vandalisme. De incidentele programmarisico’s geven het volgende beeld te zien: Programmarisico’s - incidenteel

Programma 5 - Bestuur en dienstverlening Voorziening Wethouderspensioenen Totaal programma 5 - Bestuur en dienstverlening Corona Totaal structurele risico's

Begroting 2023

Risico %

Omvang risico

Kans

Bedrag risico

1.479.000 1.479.000

10,00%

147.900 147.900

60%

88.740 88.740

300.000

100,00%

300.000

40%

120.000

1.779.000

447.900

208.740

PA 13

De risico’s op het gebied van de grondexploitaties zien er als volgt uit: Grondexploitatierisico’s

Risico

Nog te realiseren winst

Voorziening

Omvang risico

Kans

Concreet risico

Bouwgronden in exploitatie 1. Amalialaan (11e herziening)

0

0

0

0

0,00%

0

2. Het Groene Woud (14e herziening)

0

-4.746

4.746

0

40,00%

0

182.752

-849.651

849.651

182.752

40,00%

73.101

4. Hoevelaar fase 1 (6 herziening)

66.140

854.886

0

0

40,00%

0

5. Spoorzone locatie A2 (4e herziening)

101.402

-9.855

9.855

101.402

40,00%

40.561

6. Spoorzone locatie B (8e herziening)

0

0

0

0

40,00%

0

1.600.000

20,00%

320.000

e

3. Nijverheidsweg (4 herziening) e

Bouwgronden niet in exploitatie Overige gronden (perceel Laagerfseweg) Totaal incidentele grondexploitatierisico's

350.294

-9.366

864.252

1.884.154

433.662

Toelichting risico’s grondexploitaties 1. Het risico kan worden opgevangen binnen de grondexploitatie. 2. Het te verwachten resultaat is negatief. Hiervoor hebben wij, conform de voorschriften, een voorziening gevormd. Risico’s die zich voordoen komen ten laste van de reserve Grondbedrijf. 3. Het te verwachten resultaat is negatief. Hiervoor hebben wij, conform de voorschriften, een voorziening gevormd. Risico’s die zich voordoen komen ten laste van de reserve Grondbedrijf. 4. Het risico kan worden opgevangen binnen de grondexploitatie. 5. Het te verwachten resultaat is negatief. Hiervoor hebben wij, conform de voorschriften, een voorziening gevormd. Risico’s die zich voordoen komen ten laste van de reserve Grondbedrijf. 6. Het risico kan worden opgevangen binnen de grondexploitatie.

PA 14

De risico’s die zich voordoen binnen de grondexploitaties worden, indien mogelijk, binnen het exploitatieresultaat opgevangen. Dit gaat ten koste van de eindwaarde van het project, waardoor er minder winst overblijft. Dit heeft gevolgen voor de toevoeging aan de reserve Grondbedrijf. Komt de exploitatie negatief uit dan komt dit resultaat ten laste van de reserve Grondbedrijf. Dit laatste is het geval de Nijverheidsweg en Spoorzone A2. Bij het bepalen van het weerstandsvermogen wordt hier rekening mee gehouden. Het risico bedrag dat overblijft is € 113.662 en kan opgevangen worden binnen de algemene reserve grondbedrijf. Overige gronden Het college van burgemeester en wethouders heeft besloten het perceel Laagerfseweg voorlopig niet te verkopen. Voor dit perceel is een risicobedrag berekend van € 320.000 en meegenomen in de totale risico’s grondexploitaties. In totaliteit zijn de risico’s: Programmarisico’s - structureel Programmarisico’s - incidenteel Risico’s grondexploitaties Totaal

€ € € €

1.851.400 208.740 433.992 2.494.132

Weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit bestaat uit de middelen en mogelijkheden waarover wij beschikken om niet-geraamde kosten die onverwachts en substantieel zijn (bijvoorbeeld in geval van een calamiteit) te dekken. De weerstandscapaciteit verdelen we in incidenteel en structureel. Incidentele weerstandscapaciteit Onderdelen van de incidentele weerstandscapaciteit zijn: 1. Algemene reserves - vrij aanwendbare deel; 2. Bestemmingsreserves - bestemming nog te wijzigen; 3. Stille reserves; 4. Post onvoorziene uitgaven; 5. Incidentele beleidsruimte. Structurele weerstandscapaciteit De structurele weerstandscapaciteit is opgebouwd uit de: 6. Onbenutte belastingcapaciteit; 7. Vrije begrotingsruimte

De weerstandscapaciteit 2023 ziet er als volgt uit: Onderdeel

I / S

1. Algemene reserve - vrij aanwendbaar deel (1/1/'23)

I

2. Algemene reserve Grondbedrijf (1/1/'23) 3. Stille reserves 4. Onvoorziene uitgaven 5. Incidentele beleidsruimte 6. Onbenutte belastingcapaciteit 7. Vrije begrotingsruimte Totaal weerstandscapaciteit 2023

I I I I S S

Begroting 2023 3.694.055 911.131 0 0 0 1.193.000 282.500 6.080.686

PA 15

Toelichting: 1. De algemene reserve dient als buffer voor het opvangen van risico’s en verplichtingen waar geen voorzieningen voor zijn gevormd en ter dekking van onverwachte tekorten op de jaarrekening. Het saldo van de algemene reserve bedraagt per 1 januari 2023 € 3.694.000. In de periode 2023 tot en met 2026 wordt via de exploitatie in totaal € 1.460.000 toegevoegd aan de algemene reserve om de reserve positie te verbeteren. Het meerjarig verloop van de reserve is uitgebreid toegelicht in de Notitie reservepositie en weerstandsvermogen 2022. 2. De algemene reserve grondbedrijf dient ter dekking van alle risico’s grondexploitaties en wordt deels beschikbaar gehouden voor toekomstige ontwikkelingen in WoudenbergOost. De algemene reserve Grondbedrijf bestaat daarom ook uit 2 delen. Namelijk een vrij aanwendbaar deel een niet vrij aanwendbaar deel. Het niet vrij aanwendbaar deel van deze reserve wordt beschikbaar gehouden voor toekomstige ontwikkelingen in Woudenberg-Oost. Het vrij aanwendbaar deel van de algemene reserve grondbedrijf bedraagt per 1 januari 2023 € 911.131 en wordt meegenomen in het weerstandscapaciteit 2023. 3. In oktober 2020 hebt u de Notitie stille reserves vastgesteld. Bij stille reserves gaat het om bezittingen die een overwaarde (verkoopwaarde > boekwaarde) hebben en wij direct kunnen verkopen.

In deze notitie is aangegeven dat wij geen bezittingen hebben die aan deze voorwaarden voldoen. 4. Wij houden in deze begroting geen rekening met een budget voor onvoorziene uitgaven. 5. Door onze begrotingspositie is er geen sprake van incidentele beleidsruimte. 6. De onbenutte belastingcapaciteit bestaat uit de mogelijkheden die wij als gemeente nog hebben om binnen de wettelijke grenzen onze belastingopbrengsten te verhogen. De totale onbenutte belastingcapaciteit bedraagt: Ad a. Onroerende zaakbelastingen Voor het berekenen van de maximale belastingtarieven wordt gebruik gemaakt van de normen voor het artikel 12-beleid. Dit betekent dat indien onze gemeente Woudenberg niet meer in staat zou zijn om de structureel zich manifesterende risico’s binnen de exploitatie op te vangen wij door het Rijk gewezen worden op de mogelijkheid om de OZB-tarieven te verhogen om zodoende meer structurele opbrengsten te realiseren.

Belasting c.q. recht a. Onroerende zaakbelastingen b. Rioolheffing c. Leges Totaal onbenutte belastingcapaciteit

Begroting 2023 1.193.000 N.v.t. P.m. 1.193.000

Ad b. Brede rioolheffing Bij de rioolheffing is het uitgangspunt volledige kostendekkendheid. Er is geen sprake van onbenutte belastingcapaciteit. Eventuele resultaten worden verrekend met de voorziening vervanging riolering Ad. c. Leges Bij de heffing van leges is het uitgangspunt volledige kostendekkendheid. Hierbij is van belang of het totale bedrag aan legesinkomsten de aan de specifieke dienstverlening toegerekende lasten al dan niet volledig dekken. Wij kunnen deze kosten niet volledig per product in beeld brengen, hiervoor is een verfijning van de kostentoerekening

PA 16

noodzakelijk. Gelet op de grote administratieve last die dit met zich meebrengt kiezen wij hier vooralsnog niet voor. De onbenutte capaciteit ramen wij daarom vooralsnog pro memorie. 7. Vrije begrotingsruimte De vrije begrotingsruimte bestaat uit: a. het te verwachten begrotingsresultaat. Gezien de huidige financiële positie wordt dit niet meegenomen als eventuele dekking voor de risico’s. b. de toevoeging aan de algemene reserve. In de komende vier jaar (2023-2026) voegen we gemiddeld € 282.500 toe aan de algemene reserve om de reservepositie te verbeteren. Deze toevoeging nemen we daarom mee bij de vrije begrotingsruimte.

Vrije begrotingsruimte a. Saldo begrotingsjaar b. Toevoeging aan algemene reserve Totaal vrije begrotingsruimte

Begroting 2023 n.v.t. 282.500 282.500

Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen zet de beschikbare weerstandscapaciteit af tegen de benodigde weerstandscapaciteit oftewel de totale af te dekken risico’s. Het weerstandsvermogen wordt uitgedrukt in de weerstandsratio. Een weerstandsratio van 1 of groter geeft aan dat de beschikbare weerstandscapaciteit toereikend is. Ratio weerstandsvermogen =

beschikbare weerstandcapaciteit benodigde weerstandscapaciteit

=

6.080.686

=

2,44

2.494.132

Op basis van de berekeningen is onze weerstandsratio 2,44. Ons weerstandsvermogen is dus voldoende. Dit betekent dat de beschikbare weerstandscapaciteit toereikend is om de gekwantificeerde risico’s per 31 december 2023 af te dekken. Zouden we de onbenutte belastingcapaciteit niet mee rekenen in het weerstandscapaciteit dan komt ons weerstandsratio uit op 1,96.

PA 17

Verplichte uniforme kengetallen (stelselwijziging BBV) In de artikel 9 en 26 van het Besluit Begroting en Verantwoording is bepaald dat wij in deze paragraaf enkele verplichte kengetallen op dienen te nemen. Dit past in het streven naar meer transparantie. Hiermee kunt u gemakkelijker inzicht krijgen in de financiële positie en baten en de lasten van de gemeente. De kengetallen vormen een verbinding tussen de verschillende aspecten die u in uw beoordeling van de financiële positie kunt betrekken. Zij leveren daarmee ook een bijdrage aan uw kaderstellende en controlerende rol. De kengetallen van onze gemeente zien er als volgt uit: Begroting jaar t Kengetallen Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsrisico Structurele exploitatieruimte Grondexploitatie Belastingcapaciteit

2021 22,41% 22,86% 26,42% 8,61% 0,34% 114,92%

2022 9,67% 9,67% 35,74% 1,67% 32,77% 109,74%

Verloop van de kengetallen 2023 2024 7,96% 2,86% 7,96% 2,86% 35,83% 44,80% 3,63% 1,12% 5,11% 5,47% 107,15% 104,80%

2025 -2,36% -2,36% 50,19% 2,48% 5,61% 103,61%

2026 -6,94% -6,94% 54,84% -5,89% 5,95% 102,42%

Netto schuldquote De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft dus een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Hoe hoger het percentage, des te meer externe financiering de gemeente heeft aangetrokken om de activiteiten te financieren. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Door aan andere partijen een lening te verstrekken is er sprake doorlenen. De netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen geeft inzicht in hoeverre hiervan sprake is. In onze gemeente speelt dit niet. Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio zet het eigen vermogen af tegen het totaal vermogen. Dit geeft inzicht in de mate waarin wij in staat is om op de lange termijn aan onze financiële verplichtingen te voldoen. Hoe lager de solvabiliteit, des te minder eigen vermogen wij hebben om eventuele tegenvallers op te vangen of om te investeren. Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe groter de weerbaarheid van de gemeente. De mate van weerbaarheid geeft in combinatie met de andere kengetallen een indicatie over de financiële positie van een gemeente. Structurele exploitatieruimte Deze indicator geeft aan of de begroting structureel en reëel in evenwicht is. Het gaat hierbij om het onderscheid tussen structurele en incidentele inkomsten en uitgaven.

De structurele exploitatieruimte laat zien in hoeverre we structureel middelen beschikbaar hebben voor (noodzakelijke) beleidsinitiatieven.

PA 18

Grondexploitatie Het kengetal Grondexploitatie geeft aan hoe groot onze grondpositie (de waarde van de grond) is ten opzichte van de totale (geraamde) baten. De grondexploitatie kan een forse impact hebben op onze financiële positie. Als we een lening hebben afgesloten om grond te kopen voor een (toekomstig) woningbouwproject hebben wij een schuld. Het is belangrijk om te weten of deze schuld kan worden afgelost wanneer het project wordt uitgevoerd. Belastingcapaciteit Dit kengetal geeft inzicht in de hoogte van de woonlasten ten opzichte van het landelijk gemiddelde. Een percentage groter dan 100 betekent dat de woonlasten in onze gemeente hoger zijn dat gemiddeld in Nederland. Wanneer het kengetal lager is dan 100%, zijn de woonlasten in onze gemeente lager dan gemiddeld in andere gemeenten.

PA - 19 -

C. Paragraaf onderhoud kapitaalgoederen Inleiding De paragraaf onderhoud kapitaalgoederen is, op grond van de artikelen 9 en 12 van het BBV (Besluit Begroting en Verantwoording), een verplicht onderdeel van de begroting. De kapitaalgoederen welke deze paragraaf minimaal moet bevatten zijn gebouwen, groen, riolering en water en wegen. Daarnaast dient de paragraaf inzicht te verschaffen in het beleidskader en de financiële vertaling hiervan voor de komende jaren. Aangezien de kosten van deze kapitaalgoederen binnen diverse programma’s verantwoord worden, is deze paragraaf vooral bedoeld om de meerjarige kosten van kapitaalgoederen op transparante wijze in beeld te brengen, zodat eventuele financiële risico’s zichtbaar worden. Daarbij kunt u als raad keuzes maken op basis van bijvoorbeeld onderhoudsplannen waarin de onderhoudsniveaus en daarbij behorende kosten worden vastgesteld. Naast deze verplichting vinden wij het belangrijk om u goed te informeren over de kapitaalgoederen. Kapitaalgoederen vragen vaak hoge investeringen en met het beheer en onderhoud van bijvoorbeeld onze wegen, de openbare verlichting, de riolering en het water, het openbaar groen en onze gemeentelijke gebouwen is inzet van onze middelen (personeel en financiën) gemoeid. De kapitaalgoederen zijn daarnaast van groot belang voor het zo optimaal mogelijk functioneren van onze gemeente.

Onder meer op het gebied van de leefbaarheid, veiligheid, verkeer en vervoer en recreatie. Onderhoud en beheer is bovendien noodzakelijk om kapitaalvernietiging te voorkomen. Doelstelling van deze paragraaf is u op hoofdlijnen te informeren over ons beleid rondom de kapitaalgoederen, het in 2023 geplande onderhoud en de financiële consequenties hiervan. Beleid Het beleid van onze gemeente is opgenomen in verschillende beleidsnota’s: Beleidsstuk of beheerplan Wegenbeleidsplan ten behoeve van wegen in het buitengebied Hondenbeleidsplan Verkeersveiligheidsplan Bomenbeleidsplan Gladheidsbestrijdingsplan Parkeerbeleidsplan Beleidsvisie gemeentelijke begraafplaats Woudenberg Landschapsontwikkelingsplan, inclusief bijstelling Nota Integraal Beheer Openbare Ruimte (IBOR) Meerjarenonderhoudsplanning gemeentelijke gebouwen Nota maatschappelijk vastgoed beleid Gebruikersovereenkomst met Stichting Beheer Sportpark De Grift

Jaar vaststelling 1995 2004 2005 2006 2006 2006 2007 2009 2014 2015 2015 2016

Planperiode

2015-2039

PA - 20 -

Beleidsstuk of beheerplan Speelruimtebeleidsplan (Actieplan spelen ‘Samenspel’) Bomenverordening Visuele inspecties en onderhoudsplanning civiele kunstwerken Wegenbeheerplan Waterplan en Basis Waterketen Plan BWKP Groenbeleidsplan Integraal Huisvestingsplan Onderwijsgebouwen

Jaar vaststelling

Planperiode

2016 2017 2022 2019 2019 2020 2020

2022-2026 2019-2023 2020-2024 2020-2035

Onderhoud Om de kwaliteit van de kapitaalgoederen te kunnen garanderen is onderhoud noodzakelijk. Het onderhoud is gesplitst in regulier en groot onderhoud. Regulier onderhoud is onderhoud aan kapitaalgoederen op periodieke basis. Periodiek betekent voor bouwkundige zaken één maal per jaar of minder vaak. Voor installatietechniek en groen betekent dit bijvoorbeeld één maal per week, maand of meerdere malen (een paar keer) per jaar. Het gaat dan om de instandhouding van de huidige situatie. Groot onderhoud gaat meer over verbetering en levensduurverlenging. In dat geval beperken de activiteiten zich niet tot instandhoudingswerkzaamheden, maar hebben ze eveneens betrekking op het terugbrengen van onderhoudskosten en verlenging van de levensduur van het object. Het gaat dan bijvoorbeeld om het na vele jaren cyclisch vervangen van kozijnen, vernieuwing sanitaire voorzieningen, elektrische bedrading, dakbedekking en dergelijke. Financiën Voor de dekking van de kosten van groot onderhoud zijn een aantal reserves gevormd. Afhankelijk van de geplande groot onderhoudswerkzaamheden wordt jaarlijks een bedrag vanuit de reserve gebruikt om de kosten van het groot onderhoud te dekken. De kosten van klein onderhoud komen ten laste van de reguliere exploitatie. Op het gebied van riolering is een voorziening gevormd. Deze voorziening wordt gevoed door de ontvangen rioolheffingen.

Voor het sportpark is de voorziening Renovatie sportpark de Grift gevormd.

PA - 21 -

Totaaloverzicht financiële ontwikkelingen binnen de exploitatie: Exploitatie - Onderdeel Rekening 2021 Civiele kunstwerken Gebouwen Openbaar groen Openbare verlichting Riolering en water Speelvoorzieningen Sportparken Wegen Totaal exploitatie onderhoud kapitaalgoederen

-10.072 -496.808 -878.027 -152.465 273.110 -68.778 -242.537 -577.446

Begroting 2022 -17.155 -496.704 -935.832 -172.901 258.497 -100.684 -214.756 -776.480

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

-17.613 -17.613 -17.613 -17.613 -660.383 -655.035 -654.424 -542.987 -993.632 -1.032.832 -1.031.369 -1.031.369 -225.401 -224.901 -224.901 -227.401 292.839 267.772 267.111 265.951 -103.034 -104.524 -108.158 -112.158 -221.601 -221.601 -221.601 -221.601 -808.716 -813.416 -817.816 -820.816

-2.153.023 -2.456.016 -2.737.541 -2.802.150 -2.808.772 -2.707.995

De ontwikkelingen binnen de reserves en voorzieningen er als volgt uit: Reserves en voorzieningen Rekening Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting (Stand per 1 januari) 2021 2022 2023 2024 2025 2026 Reserves Civiele kunstwerken 189.803 121.026 152.586 184.146 215.706 247.266 Gebouwen 507.720 514.258 564.258 614.258 664.258 714.258 - Afschrijvingslasten cultuurhuis 1.864.107 510.131 370.379 238.127 113.375 0 - Huisvesting basisonderwijs 739.085 820.540 722.785 632.032 542.066 452.200 - Onderhoud basisonderwijs 170.891 0 0 0 0 0 IBOR 54.829 72.109 107.109 142.109 177.109 212.109 Speelvoorzieningen 213.015 199.231 188.823 178.415 168.006 157.598 Wegen 503.610 523.975 463.975 463.975 463.975 463.975 Totaal reserves 4.243.061 2.761.271 2.569.915 2.453.062 2.344.496 2.247.406 Voorzieningen Egalisatie riolering Renovatie sportpark De Grift Totaal voorzieningen Totaal

5.451.256 257.549 5.708.805 9.951.865

5.969.018 251.362 6.220.380 8.981.650

6.347.458 244.678 6.592.136 9.162.051

6.556.778 237.993 6.794.771 9.247.833

6.914.583 248.200 7.162.783 9.507.279

7.279.527 258.407 7.537.934 9.785.339

PA - 22 -

Bij de verschillende onderdelen gaan wij nader in op de financiële ontwikkelingen binnen de reserves en voorzieningen. De reserve IBOR voor investeringen en egalisatie van budgetten voor het beheer van de openbare ruimte is niet toe te wijzen aan één specifiek onderdeel van kapitaalgoederen. Integraal beheer openbare ruimte (IBOR) In de nota IBOR hebt u vastgesteld dat het huidige onderhoudsniveau van beeldkwaliteit B/C (sober en doelmatig) alleen duurzaam in stand is te houden door naast jaarlijks integraal cyclisch onderhoud aandacht te besteden aan planmatig onderhoud voor de renovatie en omvorming van ‘versleten en niet passende’ voorzieningen. Dit houdt in dat bij een gelijkblijvend regulier onderhoudsbudget in de begroting ook investeringen worden gedaan op het gebied van renovaties.

Civiele kunstwerken Beleid Civiele kunstwerken zijn bruggen, viaducten, tunnels, e.d. Ons gemeentelijk beleid op het gebied van civiele kunstwerken is vastgelegd in de nota Visuele inspecties en onderhoudsplanning civiele kunstwerken uit 2019. Het plan geldt voor de periode van vijf jaar (2019-2023). In 2020 is de brug bij de Schans vervangen. In 2021 wordt de brug aan de Van Steenbergenlaan vervangen. Voor 2023 staan geen vervangingen of groot onderhoud op de planning. Financiële ontwikkelingen Voor de onderbouwing van de gemeentelijke begroting hebben wij een nieuw inspectieplan opgesteld van de civiele kunstwerken voor de periode van vijf jaar (2022-2026). Op basis hiervan hebben wij een doorrekening gemaakt van het regulier onderhoud, groot onderhoud, de inspectie om de vijf jaar en de vervangingsinvesteringen voor de periode 2022-2033. Hieruit blijkt dat alle verwachte kosten voor de periode 2022-2033 bekostigd kunnen worden uit het reguliere budget van jaarlijks € 16.000, de jaarlijkse toevoeging aan de reserve kunstwerken van € 32.000 en de huidige stand van de reserve Kunstwerken. Jaarlijks fluctueren de onderhoudskosten van de civiele kunstwerken. In de jaren dat het onderhoud het onderhoudsbudget overschrijdt, vullen wij het budget aan door te beschikken over de reserve Kunstwerken.

In de jaren dat het onderhoud minder is voegen wij het restantbudget toe aan de reserve. Hierna presenteren wij de financiële informatie over de budgetten betreffende de civiele kunstwerken binnen de exploitatie, de investeringen en de reserve Kunstwerken. De beschikbare budgetten binnen de exploitatie zien er als volgt uit: Kunstwerken Rekening Begroting Begroting 2021 2022 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Lasten Diverse kosten onderhoud

9.295

16.440

16.440

16.440

16.440

16.440

Kapitaallasten

777

715

1.173

1.173

1.173

1.173

Totaal lasten

10.072

17.155

17.613

17.613

17.613

17.613

Saldo Civiele kunstwerken

-10.072

-17.155

-17.613

-17.613

-17.613

-17.613

PA - 23 -

Reserve Kunstwerken

Rekening 2021

Begroting 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Saldo per 1 januari

189.803

121.026

152.586

184.146

215.706

247.266

- toevoegingen

32.000

32.000

32.000

32.000

32.000

32.000

- onttrekkingen

-100.777

-440

-440

-440

-440

-440

Saldo per 31 december

121.026

152.586

184.146

215.706

247.266

278.826

Gebouwen Beleid Beleidsnota’s Ons beleid betreffende de gemeentelijke gebouwen hebt u vastgesteld in de volgende nota’s: Beleidsstuk of beheerplan Jaar vaststelling Meerjarenonderhoudsplanning gemeentelijke gebouwen Nota maatschappelijk vastgoed beleid Integraal Huisvestingsplan Onderwijsgebouwen

2015 2015 2020

Planperiode 2015-2039 2020-2035

Hoofdlijnen In 2015 hebt u een geactualiseerde meerjarenonderhoudsplanning vastgesteld voor onze gemeentelijke gebouwen. Deze planning geeft inzicht in de te verwachten kosten voor groot onderhoud voor de komende 25 jaar. Het gaat daarbij om de gemeentelijke gebouwen: gemeentehuis, cultuurhuis, gemeentewerf, uitvaartcentrum en brandweerkazerne. Voor De Schans, gedeeltelijk ons eigendom, wordt via de Vereniging van Eigenaren De Schans gereserveerd voor groot onderhoud aan het gebouw. Dit loopt niet via de reserve onderhoud gebouwen van onze gemeente. Het onderwijs heeft een aparte status binnen het geheel, de juridisch eigendom berust bij de schoolverenigingen, de economisch eigendom berust bij onze gemeente. Wij zijn verantwoordelijk voor het bekostigen van nieuwbouw, tijdelijke en permanente uitbreiding en eerste inrichting onderwijsleerpakketten en meubilair. De daarbij behorende middelen zijn via het Gemeentefonds eveneens naar de gemeente gedecentraliseerd. De wettelijke grondslag van de taken van de gemeente ten aanzien van onderwijshuisvesting liggen vast in de Wet op het primair onderwijs. In 2019 hebben wij in samenwerking met de schoolbesturen een Integraal Huisvestingsplan (IHP) opgesteld. Met dit plan hopen wij beter in te kunnen spelen op toekomstige maatschappelijk en onderwijskundige ontwikkelingen.

Wij streven naar een beter inzicht in de (toekomstige) behoeften en mogelijkheden op het gebied van de onderwijshuisvesting in relatie tot andere beleidsterreinen en vastgoed. Dit moet leiden tot een betere beheersbaarheid van de investeringen op onderwijshuisvesting.

PA - 24 -

Duurzaamheid: Bij het raadsbesluit ‘Aanvraag investeringskrediet verduurzaming en modernisering gemeentehuis’ hebt u middels een motie ons college wordt verzocht scenario’s te schetsen voor het verdergaand verduurzamen van het gemeentehuis naar label B en label A. Door alle ontwikkelingen op het gebied van duurzaamheid en de wens om inzicht te krijgen in het energieneutraal maken van de gemeentelijke gebouwen hebben wij een onderzoek uit laten voeren naar de noodzakelijke duurzaamheidsinvesteringen om de volgende gemeentelijke gebouwen energieneutraal te maken of te verbeteren naar label A: - Brandweerkazerne; - Cultuurhuis; - Gemeentehuis; - Gemeentewerf; - Uitvaartcentrum. De LED verlichting in de vijf gebouwen is in 2021 vervangen. Basisgegevens Gebouwen in ons eigendom die gebruikt worden door anderen zijn: - Cultuurhuis: Openbare bibliotheek, VVV, Stichting Kunst en Cultuur, Stichting Oud Woudenberg en Coöperatie De Kleine Schans; - Brandweerkazerne: Veiligheidsregio Utrecht (VRU); - Voormalig Jongerencentrum: Peuterspeelzaal ‘Eigenwijs’; - Uitvaartcentrum Henschoten: Dagelijks beheer door twee uitvaartondernemers met ondersteuning vanuit onze gemeente. - De Schans S.W.O., GGD, Reinaerde, Charim, Beweging 3.0., Rondom BV. In het buitengebied is 1 woonboerderij tegelijkertijd met grondaankopen in bezit van de gemeente gekomen.

Deze is, zolang er geen concrete plannen voor de aangekochte gronden zijn, op tijdelijke basis verhuurd. Onderhoud 2023 Het onderhoud verrichten wij volgens de vastgestelde Meerjarenonderhoudsplanning. De belangrijkste geplande onderhoudswerkzaamheden in 2023 betreffen: a. Onderhoud dak Cultuurhuis. b. Onderhoud en schilderwerk buitenzijde gemeentehuis. De scholen zijn sinds 2015 verantwoordelijk voor het (groot) onderhoud, terwijl de kosten van vernieuwing/renovatie van schoolgebouwen bij onze gemeente liggen. Financiële ontwikkelingen De meerjarenonderhoudsplanning geeft aan dat over de periode 2015-2039 in totaal € 1.693.000 nodig is om het groot onderhoud te bekostigen. Het groot onderhoud wordt bekostigd uit de reserve Onderhoud gebouwen. Jaarlijks worden ten laste van de begroting toevoegingen gedaan naar de reserve. De kosten van onderhoud van gemeentelijke gebouwen komen ten laste van de exploitatie, waarna dekking plaatsvindt uit de reserve. De kosten van de bouw van de brandweerkazerne, en de aankoop en verbouwing van het Cultuurhuis zijn geactiveerd en worden over meerdere jaren afgeschreven. De afschrijvingskosten van het Cultuurhuis worden gedekt uit een reserve. Kosten van nieuw-, aan- en bijbouw van het onderwijs worden geactiveerd, dekking van de kapitaallasten vindt plaats uit de reserve Huisvesting onderwijs.

PA - 25 -

Hierna presenteren wij de financiële informatie over de budgetten betreffende de gemeentelijke gebouwen binnen de exploitatie, de investeringen en de reserve Gebouwen. De exploitatie geeft met betrekking tot gebouwen het volgende beeld te zien: Exploitatie - Onderdeel

Rekening 2021

Begroting 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Baten Huren en vergoeding gebruik

448.580

369.190

431.230

432.029

432.841

432.841

Overige opbrengsten

18.260

6.000

2.000

2.000

2.000

2.000

Totaal baten

466.840

375.190

433.230

434.029

434.841

434.841

Lonen en inhuur

108.076

134.200

140.150

140.150

140.150

140.150

Belastingen, heffingen en verzekeringen

64.313

63.447

68.147

68.147

68.147

68.147

Energiekosten en waterverbruik

97.136

80.153

260.961

260.961

260.961

260.961

dagelijks onderhoud

119.627

70.604

106.789

106.883

106.979

106.979

Groot Onderhoud

46.119

37.000

20.000

20.000

20.000

20.000

Beheer Huur en servicekosten

172.366

73.750

93.406

93.509

93.614

93.614

Kapitaallasten

351.241

412.741

404.160

399.415

399.415

287.977

Overige kosten

4.771

0

0

0

0

0

Totaal lasten

963.648

871.895

1.093.613

1.089.065

1.089.265

977.827

Saldo gebouwen

-496.808

-496.704

-660.383

-655.035

-654.424

-542.987

Lasten

PA - 26 -

Met betrekking tot het beheer en onderhoud van onze gemeentelijke gebouwen hebben wij de volgende vier reserves: Reserves met betrekking tot gebouwen

Rekening 2021

Begroting 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

507.720

514.258

564.258

614.258

664.258

714.258

- toevoegingen

60.424

50.000

50.000

50.000

50.000

50.000

- onttrekkingen onderhoud gebouwen

53.886

0

0

0

0

0

Saldo per 31 december reserve Gebouwen

514.258

564.258

614.258

664.258

714.258

764.258

1.864.107

510.131

370.379

238.127

113.375

0

0

0

0

0

0

0

- onttrekkingen - dekking afschrijvingslasten

1.353.976

139.752

132.252

124.752

113.376

0

Saldo per 31 december reserve Cultuurhuis

510.131

370.379

238.127

113.375

0

0

Saldo per 1 januari - Huisvesting basisonderwijs

739.085

820.540

722.785

632.032

542.066

452.200

- toevoegingen

311.891

141.000

141.000

141.000

141.000

141.000

- onttrekkingen - dekking afschrijvingslasten Saldo per 31 december reserve Huisvesting basisonderwijs

230.436

238.755

231.753

230.966

230.867

225.567

820.540

722.785

632.032

542.066

452.200

367.632

Saldo per 1 januari - Onderhoud basisonderwijs

170.891

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

170.891

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

1.844.929

1.657.422

1.484.417

1.319.700

1.166.458

1.131.890

Saldo per 1 januari - Gebouwen

Saldo per 1 januari - Cultuurhuis - toevoegingen

- toevoegingen - onttrekkingen Saldo per 31 december reserve Onderhoud basisonderwijs Totaalsaldo per 31 december

PA - 27 -

Openbaar groen Beleid De beleidsuitgangspunten betreffende het openbaar groen hebt u vastgesteld in de volgende nota’s: Beleidsstuk of beheerplan Hondenbeleidsplan Bomenbeleidsplan Beleidsvisie gemeentelijke begraafplaats Woudenberg Landschapsontwikkelingsplan, inclusief bijstelling Bomenverordening Groenbeleidsplan

Jaar vaststelling

Planperiode

2004 2006 2007 2009 2017 2020

In 2020 hebt u het Groenbeleidsplan vastgesteld. De belangrijkste uitgangspunten hierin zijn: - Behouden van een gezonde, veilige en aantrekkelijke leefomgeving; - Beschermen en ontwikkelen van landschappelijke kwaliteiten; - Behouden en waar mogelijk versterken van de soortenrijkdom aan planten en dieren (biodiversiteit); - Innoveren in groenonderhoud met aandacht voor mens en milieu. In het plan is er speciale aandacht voor klimaatadaptatie, natuur en biodiversiteit, innoveren en verduurzamen en burgerparticipatie. Voor deze speerpunten zijn ambitieniveaus geformuleerd. Deze zijn vertaald in concrete ambities, acties en projecten. Het groenbeheer delen we in naar de functies van groen: kijkgroen, groenaankleding, recreatiegroen, natuurgroen. Bij elke functie hoort nog steeds een kwaliteitsniveau van CROW, maar we kunnen nu beter en makkelijker aan de inwoners uitleggen waarom een specifiek stuk groen een bepaald onderhoudsniveau heeft. Bij de uitvoering van het groenbeleidsplan werken we samen met inwoners, organisaties en ondernemers. We doen dit door open te staan voor groene initiatieven uit de samenleving en deze waar mogelijk te ondersteunen. We werken op buurtniveau aan natuurlijk groen en we koppelen de waarde van groen aan thema’s als gezondheid, klimaat, duurzaamheid én biodiversiteit.

Voorbeelden hiervan zijn de ‘groen aan de buurt projecten’ en het bijenbloemen project. Onderhoud Het onderhoud van het openbaar groen voeren wij uit in samenwerking met Amfors. Er zijn een drietal wijkteams gevormd, welke verantwoordelijk zijn voor het onderhoud in ‘hun’ wijken. Dit betreft het groenonderhoud, maar ook kleinschalig onderhoud op straat- en buurtniveau. Voor het machinaal onderhoud (gazons en wegverhardingen, verwerken veegvuil) stellen wij jaarlijks een bestek op, wat door Eemfors uitgevoerd wordt. De bestekken monitoren wij regelmatig op de gewenste beeldkwaliteit. Door klimaatverandering (warmer en natter) is meer intensief onderhoud nodig om de gewenste kwaliteit te waarborgen. Financiële ontwikkelingen De kosten van het groenonderhoud vertonen al een aantal jaren een stijgende lijn, wat met name het gevolg is van meer onderhoud door de klimaatverandering.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeentebestuur.woudenberg.nl/api/v1/meetings/1687/documents/39679