04. Beleidsbegroting 2022-2025 gemeente Woudenberg.pdf
Tekst van het document
Voor 14.000 inwoners is dit een risico van € 1,6 miljoen. Of het uiteindelijk € 115 wordt is nog onzeker. Naar verwachting komt de ROB in september met zijn advies waarna wordt gestart met de bestuurlijke consultatie onder gemeenten. In oktober komt er een definitief advies van het VNG-bestuur. Het uiteindelijke effect van de herijking wordt naar verwachting in de meicirculaire 2022 opgenomen, zodat de herijking per 1 januari 2023 in kan gaan. De kans dat het dan ook daadwerkelijk een nadeel wordt van € 1,6 miljoen ramen we op 50%. Overige kleinere risico’s Het gaat hierbij om diverse risico’s met een beperkte financiële impact (bedragen < € 25.000). Voorbeelden hiervan zijn risico’s in verband met garantstellingen, juridische procedures, rente en vandalisme.
PA 13
De incidentele programmarisico’s geven het volgende beeld te zien: Programmarisico’s - incidenteel Programma 5 - Bestuur en dienstverlening Voorziening Wethouderspensioenen Totaal programma 5 - Bestuur en dienstverlening Corona Totaal incidentele risico's
Begroting 2022
Risico %
Omvang risico
Kans
Bedrag risico
1.440.000 1.440.000
10,00%
144.000 144.000
60%
86.400 86.400
370.000
100,00%
370.000
40%
148.000
1.810.000
514.000
234.400
De risico’s op het gebied van de grondexploitaties zien er als volgt uit: Grondexploitatierisico’s
Bouwgronden in exploitatie 1. Amalialaan (10e herziening) 2. Het Groene Woud (13e herziening) 3. Nijverheidsweg (3e herziening) 4. Hoevelaar fase 1 (5e herziening) 5. Spoorzone locatie A2 (3e herziening) 6. Spoorzone locatie B (7e herziening)
Risico
80.000 40.535 246.708 152.350 94.480 58.823
Nog te realiseren winst 559.204 -39.446 -826.219 541.671 -89.291 -118.558
Voorziening
0 39.446 826.219 0 89.291 118.558
Bouwgronden niet in exploitatie Overige gronden (perceel Laagerfseweg) Totaal incidentele grondexploitatierisico's
672.896
27.361
1.073.514
Omvang risico
Kans
Concreet risico
0 40.535 246.708 0 94.480 58.823
60,00% 40,00% 40,00% 40,00% 40,00% 40,00%
0 16.214 98.683 0 37.792 23.529
1.600.000
100,00%
320.000
2.040.546
496.218
Toelichting risico’s grondexploitaties 1. Het risico kan worden opgevangen binnen de grondexploitatie. 2. Het te verwachten resultaat is negatief. Hiervoor hebben wij, conform de voorschriften, een voorziening gevormd. Risico’s die zich voordoen komen ten laste van de reserve Grondbedrijf. 3. Het te verwachten resultaat is negatief. Hiervoor hebben wij, conform de voorschriften, een voorziening gevormd. Risico’s die zich voordoen komen ten laste van de reserve Grondbedrijf.
PA 14
4. Het risico kan worden opgevangen binnen de grondexploitatie. 5. Het te verwachten resultaat is negatief. Hiervoor hebben wij, conform de voorschriften, een voorziening gevormd. Risico’s die zich voordoen komen ten laste van de reserve Grondbedrijf. 6. Het te verwachten resultaat is negatief. Hiervoor hebben wij, conform de voorschriften, een voorziening gevormd. Risico’s die zich voordoen komen ten laste van de reserve Grondbedrijf. De risico’s die zich voordoen binnen de grondexploitaties worden, indien mogelijk, binnen het exploitatieresultaat opgevangen. Dit gaat ten koste van de eindwaarde van het project, waardoor er minder winst overblijft. Dit heeft gevolgen voor de toevoeging aan de reserve Grondbedrijf. Komt de exploitatie negatief uit dan komt dit resultaat ten laste van de reserve Grondbedrijf. Dit laatste is het geval bij het Groene woud, de Nijverheidsweg en Spoorzone A2+B. Bij het bepalen van het weerstandsvermogen wordt hier rekening mee gehouden. Het risico bedrag dat overblijft is € 176.218 en kan opgevangen worden binnen de algemene reserve grondbedrijf. In totaliteit zijn de risico’s: Programmarisico’s - structureel Programmarisico’s - incidenteel Risico’s grondexploitaties Totaal
€ € € €
2.146.650 234.400 496.218 2.877.268
Weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit bestaat uit de middelen en mogelijkheden waarover wij beschikken om niet-geraamde kosten die onverwachts en substantieel zijn (bijvoorbeeld in geval van een calamiteit) te dekken. De weerstandscapaciteit verdelen we in incidenteel en structureel. Incidentele weerstandscapaciteit Onderdelen van de incidentele weerstandscapaciteit zijn: 1. Algemene reserves - vrij aanwendbare deel; 2. Bestemmingsreserves - bestemming nog te wijzigen; 3. Stille reserves; 4. Post onvoorziene uitgaven; 5. Incidentele beleidsruimte. Structurele weerstandscapaciteit De structurele weerstandscapaciteit is opgebouwd uit de: 6. Onbenutte belastingcapaciteit; 7. Vrije begrotingsruimte
De weerstandscapaciteit 2022 ziet er als volgt uit: Onderdeel 1. Algemene reserve - vrij aanwendbaar deel (1/1/'22)
I Begroting / 2022 S
2. Algemene reserve Grondbedrijf (1/1/'22)
I 2.552.601 I 791.874
3. Stille reserves
I
0
4. Onvoorziene uitgaven
I
0
5. Incidentele beleidsruimte
I
0
6. Onbenutte belastingcapaciteit
S 1.156.000
7. Vrije begrotingsruimte
S
Totaal weerstandscapaciteit 2022
200.000 4.700.475
PA 15
Toelichting: 1. De algemene reserve dient als buffer voor het opvangen van risico’s en verplichtingen waar geen voorzieningen voor zijn gevormd en ter dekking van onverwachte tekorten op de jaarrekening. Het saldo van de algemene reserve bedraagt per 31 december 2020 € 907.000, zoals verwerkt in de jaarrekening 2020. Er zijn reeds verplichtingen aangegaan voor een bedrag van € 114.000 vanwege investeringskredieten die nog ten laste komen van de algemene reserve. Daarnaast dient, op basis van de notitie herziening reserves (oktober 2020), er nog € 1.707.000 overgeheveld te worden van de reserves kapitaallasten cultuurhuis, kunstwerken en algemene reserve grondbedrijf naar de algemene reserve. Het saldo van de algemene reserve, gecorrigeerd met deze verplichtingen, bedraagt per 1 januari 2021 daarom € 2.500.000. Het meerjarig verloop van de reserve is uitgebreid toegelicht in de Notitie reservepositie en weerstandsvermogen 2021. 2. De algemene reserve grondbedrijf dient ter dekking van alle risico’s grondexploitaties en wordt deels beschikbaar gehouden voor toekomstige ontwikkelingen in WoudenbergOost. De algemene reserve Grondbedrijf bestaat daarom ook uit 2 delen. Namelijk een vrij aanwendbaar deel een niet vrij aanwendbaar deel. Het niet vrij aanwendbaar deel van deze reserve wordt beschikbaar gehouden voor toekomstige ontwikkelingen in Woudenberg-Oost.
Het vrij aanwendbaar deel van de algemene reserve grondbedrijf bedraagt per 1 januari 2022 € 791.874 en wordt meegenomen in het weerstandscapaciteit 2022. 3. In oktober 2020 hebt u de Notitie stille reserves vastgesteld. Bij stille reserves gaat het om bezittingen die een overwaarde (verkoopwaarde > boekwaarde) hebben en wij direct kunnen verkopen. In deze notitie is aangegeven dat wij geen bezittingen hebben die aan deze voorwaarden voldoen. 4. Wij houden in deze begroting geen rekening met een budget voor onvoorziene uitgaven. 5. Door onze begrotingspositie is er geen sprake van incidentele beleidsruimte. 6.
De onbenutte belastingcapaciteit bestaat uit de mogelijkheden die wij als gemeente nog hebben om binnen de wettelijke grenzen onze belastingopbrengsten te verhogen. De totale onbenutte belastingcapaciteit bedraagt:
Ad a. Onroerende zaakbelastingen Voor het berekenen van de maximale belastingtarieven wordt gebruik gemaakt van de normen voor het artikel 12-beleid. Dit betekent dat indien onze gemeente Woudenberg niet meer in staat zou zijn om de structureel zich manifesterende risico’s binnen de exploitatie op te vangen wij door het Rijk gewezen worden op de mogelijkheid om de OZB-tarieven te verhogen om zodoende meer structurele opbrengsten te realiseren.
Belasting c.q. recht a. Onroerende zaakbelastingen
Begroting 2022 1.156.000
b. Rioolheffing
N.v.t.
c. Leges
P.m.
Totaal onbenutte belastingcapaciteit 1.156.000 Ad b. Brede rioolheffing Bij de rioolheffing is het uitgangspunt volledige kostendekkendheid. Er is geen sprake van onbenutte belastingcapaciteit. Eventuele resultaten worden verrekend met de voorziening Egalisatie riolering
Ad. c. Leges Bij de heffing van leges is het uitgangspunt volledige kostendekkendheid. Hierbij is van belang of het totale bedrag aan legesinkomsten de aan de specifieke dienstverlening toegerekende lasten al dan niet volledig dekken. Wij kunnen deze kosten niet volledig per product in beeld brengen, hiervoor is een verfijning van de kostentoerekening
PA 16
noodzakelijk. Gelet op de grote administratieve last die dit met zich meebrengt kiezen wij hier vooralsnog niet voor. De onbenutte capaciteit ramen wij daarom vooralsnog pro memorie. 2. Vrije begrotingsruimte De vrije begrotingsruimte bestaat uit: a. het te verwachten begrotingsresultaat. In 2022 is dit € 84.000. Gezien de huidige financiële positie wordt dit niet meegenomen als eventuele dekking voor de risico’s. b. de toevoeging aan de algemene reserve. In de komende vier jaar (2022-2025) voegen we gemiddeld € 200.000 toe aan de algemene reserve om de reservepositie te verbeteren. Deze toevoeging nemen we daarom mee bij de vrije begrotingsruimte.
Vrije begrotingsruimte a. Saldo begrotingsjaar
Begroting 2022 n.v.t.
b. Toevoeging aan algemene reserve
200.000
Totaal vrije begrotingsruimte
200.000
Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen zet de beschikbare weerstandscapaciteit af tegen de benodigde weerstandscapaciteit oftewel de totale af te dekken risico’s. Het weerstandsvermogen wordt uitgedrukt in de weerstandsratio. Een weerstandsratio van 1 of groter geeft aan dat de beschikbare weerstandscapaciteit toereikend is. Ratio weerstandsvermogen =
beschikbare weerstandcapaciteit benodigde weerstandscapaciteit
=
4.700.475
=
1,63
2.877.268
Op basis van de berekeningen is onze weerstandsratio 1,63. Ons weerstandsvermogen is dus voldoende. Dit betekent dat de beschikbare weerstandscapaciteit toereikend is om de gekwantificeerde risico’s per 31 december 2022 af te dekken. Zouden we de onbenutte belastingcapaciteit niet mee rekenen in het weerstandscapaciteit dan komt ons weerstandsratio uit op 1,23.
PA 17
Verplichte uniforme kengetallen (stelselwijziging BBV) In de artikel 9 en 26 van het Besluit Begroting en Verantwoording is bepaald dat wij in deze paragraaf enkele verplichte kengetallen op dienen te nemen. Dit past in het streven naar meer transparantie. Hiermee kunt u gemakkelijker inzicht krijgen in de financiële positie en baten en de lasten van de gemeente. De kengetallen vormen een verbinding tussen de verschillende aspecten die u in uw beoordeling van de financiële positie kunt betrekken. Zij leveren daarmee ook een bijdrage aan uw kaderstellende en controlerende rol. De kengetallen van onze gemeente zien er als volgt uit: Begroting jaar t Kengetallen Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsrisico Structurele exploitatieruimte Grondexploitatie Belastingcapaciteit
2020 46,10% 46,10% 18,03% -1,16% 33,50% 106,12%
2021 26,56% 26,56% 28,86% -2,21% 32,77% 109,74%
Verloop van de kengetallen 2022 2023 9,67% 2,73% 9,67% 2,73% 35,74% 40,30% 1,67% 0,04% 35,80% 42,72% 109,75% 108,53%
2024 -1,15% -1,15% 44,21% -0,01% 44,92% 107,28%
2025 -7,21% -7,21% 46,28% -0,58% 44,52% 106,04%
Netto schuldquote De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft dus een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Hoe hoger het percentage, des te meer externe financiering de gemeente heeft aangetrokken om de activiteiten te financieren. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Door aan andere partijen een lening te verstrekken is er sprake doorlenen. De netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen geeft inzicht in hoeverre hiervan sprake is. In onze gemeente speelt dit niet. Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio zet het eigen vermogen af tegen het totaal vermogen. Dit geeft inzicht in de mate waarin wij in staat is om op de lange termijn aan onze financiële verplichtingen te voldoen. Hoe lager de solvabiliteit, des te minder eigen vermogen wij hebben om eventuele tegenvallers op te vangen of om te investeren. Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe groter de weerbaarheid van de gemeente. De mate van weerbaarheid geeft in combinatie met de andere kengetallen een indicatie over de financiële positie van een gemeente. Structurele exploitatieruimte Deze indicator geeft aan of de begroting structureel en reëel in evenwicht is. Het gaat hierbij om het onderscheid tussen structurele en incidentele inkomsten en uitgaven.
De structurele exploitatieruimte laat zien in hoeverre we structureel middelen beschikbaar hebben voor (noodzakelijke) beleidsinitiatieven.
PA 18
Grondexploitatie Het kengetal Grondexploitatie geeft aan hoe groot onze grondpositie (de waarde van de grond) is ten opzichte van de totale (geraamde) baten. De grondexploitatie kan een forse impact hebben op onze financiële positie. Als we een lening hebben afgesloten om grond te kopen voor een (toekomstig) woningbouwproject hebben wij een schuld. Het is belangrijk om te weten of deze schuld kan worden afgelost wanneer het project wordt uitgevoerd. Belastingcapaciteit Dit kengetal geeft inzicht in de hoogte van de woonlasten ten opzichte van het landelijk gemiddelde. Een percentage groter dan 100 betekent dat de woonlasten in onze gemeente hoger zijn dat gemiddeld in Nederland. Wanneer het kengetal lager is dan 100%, zijn de woonlasten in onze gemeente lager dan gemiddeld in andere gemeenten.
PA - 19 -
C. Paragraaf onderhoud kapitaalgoederen Inleiding De paragraaf onderhoud kapitaalgoederen is, op grond van de artikelen 9 en 12 van het BBV (Besluit Begroting en Verantwoording), een verplicht onderdeel van de begroting. De kapitaalgoederen welke deze paragraaf minimaal moet bevatten zijn gebouwen, groen, riolering en water en wegen. Daarnaast dient de paragraaf inzicht te verschaffen in het beleidskader en de financiële vertaling hiervan voor de komende jaren. Aangezien de kosten van deze kapitaalgoederen binnen diverse programma’s verantwoord worden, is deze paragraaf vooral bedoeld om de meerjarige kosten van kapitaalgoederen op transparante wijze in beeld te brengen, zodat eventuele financiële risico’s zichtbaar worden. Daarbij kunt u als raad keuzes maken op basis van bijvoorbeeld onderhoudsplannen waarin de onderhoudsniveaus en daarbij behorende kosten worden vastgesteld. Naast deze verplichting vinden wij het belangrijk om u goed te informeren over de kapitaalgoederen. Kapitaalgoederen vragen vaak hoge investeringen en met het beheer en onderhoud van bijvoorbeeld onze wegen, de openbare verlichting, de riolering en het water, het openbaar groen en onze gemeentelijke gebouwen is inzet van onze middelen (personeel en financiën) gemoeid. De kapitaalgoederen zijn daarnaast van groot belang voor het zo optimaal mogelijk functioneren van onze gemeente.
Onder meer op het gebied van de leefbaarheid, veiligheid, verkeer en vervoer en recreatie. Onderhoud en beheer is bovendien noodzakelijk om kapitaalvernietiging te voorkomen. Doelstelling van deze paragraaf is u op hoofdlijnen te informeren over ons beleid rondom de kapitaalgoederen, het in 2022 geplande onderhoud en de financiële consequenties hiervan. Beleid Het beleid van onze gemeente is opgenomen in verschillende beleidsnota’s: Beleidsstuk of beheerplan Wegenbeleidsplan ten behoeve van wegen in het buitengebied Hondenbeleidsplan Verkeersveiligheidsplan Bomenbeleidsplan Gladheidsbestrijdingsplan Parkeerbeleidsplan Beleidsvisie gemeentelijke begraafplaats Woudenberg Landschapsontwikkelingsplan, inclusief bijstelling Nota Integraal Beheer Openbare Ruimte (IBOR) Meerjarenonderhoudsplanning gemeentelijke gebouwen Nota maatschappelijk vastgoed beleid Gebruikersovereenkomst met Stichting Beheer Sportpark De Grift
Jaar vaststelling 1995 2004 2005 2006 2006 2006 2007 2009 2014 2015 2015 2016
Planperiode
2015-2039
PA - 20 -
Beleidsstuk of beheerplan Speelruimtebeleidsplan (Actieplan spelen ‘Samenspel’) Bomenverordening Visuele inspecties en onderhoudsplanning civiele kunstwerken Wegenbeheerplan Waterplan en Basis Waterketen Plan BWKP Groenbeleidsplan Integraal Huisvestingsplan Onderwijsgebouwen
Jaar vaststelling
Planperiode
2016 2017 2019 2019 2019 2020 2020
2019-2023 2019-2023 2020-2024 2020-2035
Onderhoud Om de kwaliteit van de kapitaalgoederen te kunnen garanderen is onderhoud noodzakelijk. Het onderhoud is gesplitst in regulier en groot onderhoud. Regulier onderhoud is onderhoud aan kapitaalgoederen op periodieke basis. Periodiek betekent voor bouwkundige zaken één maal per jaar of minder vaak. Voor installatietechniek en groen betekent dit bijvoorbeeld één maal per week, maand of meerdere malen (een paar keer) per jaar. Het gaat dan om de instandhouding van de huidige situatie. Groot onderhoud gaat meer over verbetering en levensduurverlenging. In dat geval beperken de activiteiten zich niet tot instandhoudingswerkzaamheden, maar hebben ze eveneens betrekking op het terugbrengen van onderhoudskosten en verlenging van de levensduur van het object. Het gaat dan bijvoorbeeld om het na vele jaren cyclisch vervangen van kozijnen, vernieuwing sanitaire voorzieningen, elektrische bedrading, dakbedekking en dergelijke. Financiën Voor de dekking van de kosten van groot onderhoud zijn een aantal reserves gevormd. Afhankelijk van de geplande groot onderhoudswerkzaamheden wordt jaarlijks een bedrag vanuit de reserve gebruikt om de kosten van het groot onderhoud te dekken. De kosten van klein onderhoud komen ten laste van de reguliere exploitatie. Op het gebied van riolering is een voorziening gevormd. Deze voorziening wordt gevoed door de ontvangen rioolheffingen.
Voor het sportpark is de voorziening Renovatie sportpark de Grift gevormd.
PA - 21 -
Totaaloverzicht financiële ontwikkelingen binnen de exploitatie: Exploitatie - Onderdeel Rekening 2020
Begroting 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Civiele kunstwerken Gebouwen Openbaar groen Openbare verlichting Riolering en water Speelvoorzieningen Sportparken Wegen
-26.518 -16.000 -17.155 -17.155 -17.155 -17.155 -415.943 -425.154 -350.694 -338.746 -325.356 -313.342 -1.263.701 -1.392.379 -1.416.710 -1.479.826 -1.488.508 -1.477.066 -156.320 -175.670 -174.901 -174.901 -174.901 -174.901 329.351 249.585 258.497 284.726 259.659 258.998 -96.922 -124.574 -162.750 -168.750 -171.229 -178.498 -281.352 -295.494 -290.512 -290.512 -290.512 -290.512 -621.214 -684.412 -735.968 -692.668 -697.368 -701.768
Totaal exploitatie onderhoud kapitaalgoederen
-2.532.619 -2.864.098 -2.890.192 -2.877.832 -2.905.370 -2.894.244
De ontwikkelingen binnen de reserves en voorzieningen er als volgt uit: Reserves en voorzieningen (Stand per 1 januari) Reserves Civiele kunstwerken Gebouwen - Afschrijvingslasten cultuurhuis - Huisvesting basisonderwijs - Onderhoud basisonderwijs IBOR Speelvoorzieningen Wegen Totaal reserves Voorzieningen Egalisatie riolering Renovatie sportpark De Grift Totaal voorzieningen Totaal
Rekening 2020
Begroting 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
168.321 474.141 2.023.859 823.614 172.228 65.429 225.250 492.819 4.445.661
89.803 507.720 657.107 909.976 0 54.829 213.015 503.610 2.936.060
121.363 557.720 517.355 651.319 0 89.829 206.502 468.610 2.612.698
152.923 607.720 385.103 553.564 0 124.829 196.094 408.610 2.428.842
184.483 657.720 260.351 462.027 0 159.829 185.685 373.610 2.283.704
216.043 707.720 143.099 371.277 0 194.829 175.277 338.610 2.146.854
4.685.948 264.393 4.950.341 9.396.002
4.933.494 257.549 5.191.043 8.127.103
5.339.721 250.865 5.590.586 8.203.284
5.718.161 244.181 5.962.341 8.391.183
5.951.897 237.496 6.189.393 8.473.098
6.334.119 247.703 6.581.822 8.728.676
Bij de verschillende onderdelen gaan wij nader in op de financiële ontwikkelingen binnen de reserves en voorzieningen.
PA - 22 -
De reserve IBOR voor investeringen en egalisatie van budgetten voor het beheer van de openbare ruimte is niet toe te wijzen aan één specifiek onderdeel van kapitaalgoederen. Integraal beheer openbare ruimte (IBOR) In de nota IBOR hebt u vastgesteld dat het huidige onderhoudsniveau van beeldkwaliteit B/C (sober en doelmatig) alleen duurzaam in stand is te houden door naast jaarlijks integraal cyclisch onderhoud aandacht te besteden aan planmatig onderhoud voor de renovatie en omvorming van ‘versleten en niet passende’ voorzieningen. Dit houdt in dat bij een gelijkblijvend regulier onderhoudsbudget in de begroting ook investeringen worden gedaan op het gebied van renovaties. Civiele kunstwerken Beleid Civiele kunstwerken zijn bruggen, viaducten, tunnels, e.d. Ons gemeentelijk beleid op het gebied van civiele kunstwerken is vastgelegd in de nota Visuele inspecties en onderhoudsplanning civiele kunstwerken uit 2019. Het plan geldt voor de periode van vijf jaar (2019-2023). In 2020 is de brug bij de Schans vervangen. In 2021 wordt de brug aan de Van Steenbergenlaan vervangen. Voor 2022 staan geen vervangingen of groot onderhoud op de planning. Financiële ontwikkelingen Voor de onderbouwing van de gemeentelijke begroting hebben wij een nieuw inspectieplan opgesteld van de civiele kunstwerken voor de periode van vijf jaar (2019-2023).
Op basis hiervan hebben wij een doorrekening gemaakt van het regulier onderhoud, groot onderhoud, de inspectie om de vijf jaar en de vervangingsinvesteringen voor de periode 2019-2033. Hieruit blijkt dat alle verwachte kosten voor de periode 2019-2033 bekostigd kunnen worden uit het reguliere budget van jaarlijks € 16.000, de jaarlijkse toevoeging aan de reserve kunstwerken van € 32.000 en de huidige stand van de reserve Kunstwerken. Jaarlijks fluctueren de onderhoudskosten van de civiele kunstwerken. In de jaren dat het onderhoud het onderhoudsbudget overschrijdt, vullen wij het budget aan door te beschikken over de reserve Kunstwerken. In de jaren dat het onderhoud minder is voegen wij het restantbudget toe aan de reserve. Hierna presenteren wij de financiële informatie over de budgetten betreffende de civiele kunstwerken binnen de exploitatie, de investeringen en de reserve Kunstwerken. De beschikbare budgetten binnen de exploitatie zien er als volgt uit: Exploitatie - Onderdeel
Rekening 2020
Begroting 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Lasten Diverse kosten onderhoud
26.349
16.000
16.440
16.440
16.440
16.440
Kapitaallasten
169
0
715
715
715
715
Totaal lasten
26.518
16.000
17.155
17.155
17.155
17.155
Saldo exploitatie Civiele kunstwerken
-26.518
-16.000
-17.155
-17.155
-17.155
-17.155
PA - 23 -
De reserve Kunstwerken geeft het volgende beeld te zien: Reserve Kunstwerken
Rekening 2020
Begroting 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Saldo per 1 januari
168.321
89.803
121.363
152.923
184.483
216.043
- toevoegingen
32.000
32.000
32.000
32.000
32.000
32.000
- onttrekkingen
-10.518
0
-440
-440
-440
-440
Saldo per 31 december
189.803
121.803
152.923
184.483
216.043
247.603
Gebouwen Beleid Beleidsnota’s Ons beleid betreffende de gemeentelijke gebouwen hebt u vastgesteld in de volgende nota’s: Beleidsstuk of beheerplan Jaar vaststelling Meerjarenonderhoudsplanning gemeentelijke gebouwen Nota maatschappelijk vastgoed beleid Integraal Huisvestingsplan Onderwijsgebouwen
2015 2015 2020
Planperiode 2015-2039 2020-2035
Hoofdlijnen In 2015 hebt u een geactualiseerde meerjarenonderhoudsplanning vastgesteld voor onze gemeentelijke gebouwen. Deze planning geeft inzicht in de te verwachten kosten voor groot onderhoud voor de komende 25 jaar. Het gaat daarbij om de gemeentelijke gebouwen: gemeentehuis, cultuurhuis, gemeentewerf, uitvaartcentrum en brandweerkazerne. Voor De Schans, gedeeltelijk ons eigendom, wordt via de Vereniging van Eigenaren De Schans gereserveerd voor groot onderhoud aan het gebouw. Dit loopt niet via de reserve onderhoud gebouwen van onze gemeente. Het onderwijs heeft een aparte status binnen het geheel, de juridisch eigendom berust bij de schoolverenigingen, de economisch eigendom berust bij onze gemeente. Wij zijn verantwoordelijk voor het bekostigen van nieuwbouw, tijdelijke en permanente uitbreiding en eerste inrichting onderwijsleerpakketten en meubilair. De daarbij behorende middelen zijn via het Gemeentefonds eveneens naar de gemeente gedecentraliseerd. De wettelijke grondslag van de taken van de gemeente ten aanzien van onderwijshuisvesting liggen vast in de Wet op het primair onderwijs.
PA - 24 -
In 2019 hebben wij in samenwerking met de schoolbesturen een Integraal Huisvestingsplan (IHP) opgesteld. Met dit plan hopen wij beter in te kunnen spelen op toekomstige maatschappelijk en onderwijskundige ontwikkelingen. Wij streven naar een beter inzicht in de (toekomstige) behoeften en mogelijkheden op het gebied van de onderwijshuisvesting in relatie tot andere beleidsterreinen en vastgoed. Dit moet leiden tot een betere beheersbaarheid van de investeringen op onderwijshuisvesting. Duurzaamheid: Bij het raadsbesluit ‘Aanvraag investeringskrediet verduurzaming en modernisering gemeentehuis’ hebt u middels een motie ons college wordt verzocht scenario’s te schetsen voor het verdergaand verduurzamen van het gemeentehuis naar label B en label A. Door alle ontwikkelingen op het gebied van duurzaamheid en de wens om inzicht te krijgen in het energieneutraal maken van de gemeentelijke gebouwen hebben wij een onderzoek uit laten voeren naar de noodzakelijke duurzaamheidsinvesteringen om de volgende gemeentelijke gebouwen energieneutraal te maken of te verbeteren naar label A: - Brandweerkazerne; - Cultuurhuis; - Gemeentehuis; - Gemeentewerf; - Uitvaartcentrum. De LED verlichting in de vijf gebouwen is in 2021 vervangen.
Basisgegevens Gebouwen in ons eigendom die gebruikt worden door anderen zijn: - Cultuurhuis: Openbare bibliotheek, VVV, Stichting Kunst en Cultuur, Stichting Oud Woudenberg en de Rabobank/Coöperatie De Kleine Schans; - Brandweerkazerne: Veiligheidsregio Utrecht (VRU); - Voormalig Jongerencentrum: Peuterspeelzaal ‘Eigenwijs’; - Uitvaartcentrum Henschoten: Dagelijks beheer door twee uitvaartondernemers met ondersteuning vanuit onze gemeente. - De Schans S.W.O., GGD, Reinaerde, Charim, Beweging 3.0., Rondom BV. In het buitengebied is 1 woonboerderij tegelijkertijd met grondaankopen in bezit van de gemeente gekomen. Deze is, zolang er geen concrete plannen voor de aangekochte gronden zijn, op tijdelijke basis verhuurd. Onderhoud 2022 Het onderhoud verrichten wij volgens de vastgestelde Meerjarenonderhoudsplanning. De belangrijkste geplande onderhoudswerkzaamheden in 2022 betreffen: a. Groot onderhoud aan de buitenkant van het Gemeentehuis b. Diverse aanpassingen in het Cultuurhuis vanwege de komst Van de Kleine Schans. De scholen zijn sinds 2015 verantwoordelijk voor het (groot) onderhoud, terwijl de kosten van vernieuwing/renovatie van schoolgebouwen bij onze gemeente liggen. Financiële ontwikkelingen De meerjarenonderhoudsplanning geeft aan dat over de periode 2015-2039 in totaal € 1.693.000 nodig is om het groot onderhoud te bekostigen.
Het groot onderhoud wordt bekostigd uit de reserve Onderhoud gebouwen. Jaarlijks worden ten laste van de begroting toevoegingen gedaan naar de reserve. De kosten van onderhoud van gemeentelijke gebouwen komen ten laste van de exploitatie, waarna dekking plaatsvindt uit de reserve.
PA - 25 -
De kosten van de bouw van de brandweerkazerne, en de aankoop en verbouwing van het Cultuurhuis zijn geactiveerd en worden over meerdere jaren afgeschreven. De afschrijvingskosten van het Cultuurhuis worden gedekt uit een reserve. Kosten van nieuw-, aan- en bijbouw van het onderwijs worden geactiveerd, dekking van de kapitaallasten vindt plaats uit de reserve Huisvesting onderwijs. Hierna presenteren wij de financiële informatie over de budgetten betreffende de gemeentelijke gebouwen binnen de exploitatie, de investeringen en de reserve Gebouwen. De exploitatie geeft met betrekking tot gebouwen het volgende beeld te zien: Exploitatie - Onderdeel
Rekening 2020
Begroting 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Baten Huren en vergoeding gebruik
410.901
362.731
357.976
361.798
365.678
369.616
9.979
5.887
5.887
5.887
5.887
5.887
420.880
368.618
363.863
367.686
371.565
375.503
Belastingen, heffingen en verzekeringen
24.255
29.223
29.223
29.223
29.223
29.223
Energiekosten en waterverbruik
67.540
70.915
71.448
71.989
72.538
73.095
Gebouwenbeheer
18.833
34.490
34.581
34.674
34.768
34.864
Overige opbrengsten Totaal baten Lasten
Huur en servicekosten
53.788
-500
-500
-500
-500
-500
Kapitaallasten
612.162
648.929
569.006
560.162
549.922
541.106
Onderhoud
45.187
31.083
31.166
31.251
31.337
31.425
Overige kosten
15.058
-20.367
-20.367
-20.367
-20.367
-20.367
Totaal lasten
836.823
793.773
714.557
706.432
696.921
688.845
Saldo gebouwen
-415.943
-425.154
-350.694
-338.746
-325.356
-313.342
PA - 26 -
Met betrekking tot het beheer en onderhoud van onze gemeentelijke gebouwen hebben wij de volgende vier reserves: Reserves met betrekking tot gebouwen
Rekening 2020 474.141
Begroting 2021 507.720
Begroting 2022 557.720
Begroting 2023 607.720
Begroting 2024 657.720
Begroting 2025 707.720
- toevoegingen
50.000
50.000
50.000
50.000
50.000
50.000
- onttrekkingen onderhoud gebouwen
16.421
0
0
0
0
0
Saldo per 31 december reserve Gebouwen
507.720
557.720
607.720
657.720
707.720
757.720
2.023.859
657.107
509.855
370.103
237.851
113.099
0
0
0
0
0
0
Saldo per 1 januari - Gebouwen
Saldo per 1 januari - Cultuurhuis - toevoegingen - onttrekkingen - dekking afschrijvingslasten
1.366.752
147.252
139.752
132.252
124.752
117.252
Saldo per 31 december reserve Cultuurhuis
657.107
509.855
370.103
237.851
113.099
-4.153
Saldo per 1 januari - Huisvesting basisonderwijs
823.614
909.976
822.210
724.455
632.918
542.168
- toevoegingen
311.891
141.000
141.000
141.000
141.000
141.000
- onttrekkingen - dekking afschrijvingslasten
225.529
228.766
238.755
232.537
231.750
231.651
Saldo per 31 december reserve Huisvesting basisonderwijs
909.976
822.210
724.455
632.918
542.168
451.517
Saldo per 1 januari - Onderhoud basisonderwijs
172.228
0
0
0
0
0
- toevoegingen
0
0
0
0
0
0
- onttrekkingen
172.228
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
2.074.803
1.889.785
1.702.278
1.528.488
1.362.987
1.205.084
Saldo per 31 december reserve Onderhoud basisonderwijs Totaalsaldo per 31 december