04.Begroting gemeente Woudenberg 2024-2027.pdf
Tekst van het document
Daarom is het budget transformatiekosten jeugd die de stelpost investeringsmiddelen vervangt naar beneden bijgesteld (€ 200.000 voor 2024).
21 Extra middelen Wmo De bedragen die in het bovenstaande financieel overzicht voor de jaren 2025 tot en met 2027 staan opgenomen zijn extra middelen door het Rijk beschikbaar gesteld voor Wmo ten behoeve van compensatie prijsverhogingen. Vervallen eigen bijdrage Wmo (huishoudelijke hulp) Door de herinvoering van de inkomensafhankelijke eigen Wmo bijdrage, verwacht het rijk een afname van het aantal cliënten en daarmee een afname van de kosten. Daarom ontvangt de gemeente vanaf 2026 minder inkomsten van het rijk. Door de herinvoering van de inkomensafhankelijke eigen Wmo bijdrage verwacht het rijk tevens een stijging aan inkomsten van de eigen bijdrage. Deze bedragen zijn in het overzicht opgenomen onder de post invoering landelijke eigen bijdrage Wmo. Invoering landelijke eigen bijdrage Wmo De landelijke eigen bijdrage wordt ingevoerd. Hiervoor worden we gekort door het rijk via de algemene uitkering (over de periode 2026-2027 totaal -/- € 192.184). Vergoeding Rijk opvang Oekraïne Het Rijk heeft de toezegging gedaan dat zij in 2024 de kosten dragen voor de opvanglocaties voor Oekraïense vluchtelingen aan de Europaweg en Stationsweg en dat zij vanaf 1 januari 2024 minimaal één jaar het normbedrag garanderen voor het totaal aantal plekken dat wordt geleverd. Dit komt neer op een bedrag van € 3.000.000.
Vanwege deze harde toezegging van het Rijk hebben we deze vergoeding volledig en eenmalig in de begroting 2024 opgenomen. Kosten opvang Oekraïne We gaan in 2024 uiteraard ook kosten maken voor de opvang van Oekraïense vluchtelingen aan de Europaweg en Stationsweg. Deze kosten worden ingeschat op totaal € 1.750.000. Dit is enerzijds terug te zien in het bedrag van € 1.420.000 wat aan kosten is opgenomen maar ook in het bedrag aan loonkosten van € 330.000. WSW Subsidiebudget De bijdrage RWA (WSW-deel) is aangepast naar aanleiding van de meicirculaire 2023. De hogere algemene uitkering wordt één op één doorberekend aan de RWA (€ 12.680 voor 2024). Toevoeging/ aanwending voorziening Sportpark De Grift (overheveling naar reserves) Bij de controle van de jaarrekening 2022 heeft de accountant aangegeven dat de voorziening Sportpark De Grift veranderd dient te worden in een reserve. Door deze wijziging zal de jaarlijkse geraamde toevoeging van € 53.773 met ingang van 2023 via de reserves lopen en niet meer via programma 1 in de begroting. Bij programma 1 vervalt de jaarlijkse toevoeging. Deze mutatie heeft geen financiële gevolgen voor de begroting. Terugdraaien van bezuinigingen In de begroting 2023-2026 is structureel een stelpost van € 150.000 opgenomen inzake het terugdraaien van bezuinigingen.
De raad heeft in februari 2023 een besluit genomen welke bezuinigingen teruggedraaid kunnen worden. Deze zijn verwerkt in de verschillende programma’s van de begroting. Voor programma 1 (€ 94.251 voor 2024) gaat het om: • Inhuur cultuurcoördinator • Subsidie bibliotheek • Sport (zachte bezuinigingen)
22 • • • • • •
Schuldhulpverlening Inkopen kindplaatsen Subsidie Jongerenwerk Subsidie inkoop niet wettelijke taken Subsidie sociale kracht van de samenleving Re-integratiebudget
Afschrijvingen investeringen onderwijshuisvesting naar reserve In programma 1 komt de post afschrijvingen nieuwe investeringen onderwijshuisvesting te vervallen (€ 97.869 voor 2024). Deze wordt overgeheveld naar de reserves. Dit heeft geen financiële consequenties voor de begroting. Inhuur sociale zaken naar salariskosten programma 5 Inhuur sociale zaken loopt via de salariskosten in programma 5 (€ 26.000 voor 2024). Subsidie regionale omroep De bijdrage van de regionale omroep wordt volgens de financiële regelgeving overgeheveld naar programma 1 Kunst en cultuur (€ 7.300 voor 2024). Financiële bijdrage Kansenmakersteam PRT Utrecht Sinds 2021 functioneert onder de Provinciale Regietafel Asiel en Migratie (PRT) een Kansenmakersteam met als opdracht om samen met gemeenten en partners in de asielketen kansen te vinden en te verzilveren voor oplossingen in de gehele asielketen. Tot en met 2023 wordt het team gefinancierd door het rijk en de provincie. Vanuit de provincie wordt het verzoek gedaan aan alle Utrechtse gemeenten om vanaf 2024 voor 50 % de kosten te gaan financieren. Voor Woudenberg bedraagt de jaarlijkse financiële bijdrage € 5.000. De verwachting is dat gemeenten uiteindelijk via de algemene uitkering rijksmiddelen zullen ontvangen in het kader van de Spreidingswet, echter op dit moment is dat nog onduidelijk.
Vanwege deze onduidelijkheid nemen we de kosten voor nu alleen in 2024 op. Loonkosten leerplicht naar inhuur Voor de werkzaamheden leerplicht wordt ingehuurd via de gemeente Leusden (€ 50.000 voor 2024). Onderwijs leerlingenprognoses (1 keer 2 jaar) 1 keer per 2 jaar laat Woudenberg de leerlingenprognoses opstellen door een extern bureau. In 2026 is dit weer het geval. Loonkosten (verdeling per programma) De totale loonkosten worden jaarlijks toegerekend aan de diverse programma’s en projecten. Ten opzichte van 2023 wordt in 2024 € 378.500 en volgende jaren € 66.700 meer loonkosten toegerekend aan programma 1. De loonkosten worden toegelicht bij de paragraaf Bedrijfsvoering verderop in de begroting. Kapitaallasten Stijging/daling kapitaallasten op basis van actualisering investeringen programma 1 (€ 11.121 voor 2024).
- 23 -
Leefomgeving Programma 2 Visie van het programma Inwoners en ondernemers voelen zich thuis en participeren in een veilige leefomgeving. Een ruimte waar een ieder vrij in kan bewegen, die ook beleefd en gevoeld wordt als gemeenschappelijk, als openbaar, als van ons allen.
Wat houdt het programma in? Het programma leefomgeving omvat een diversiteit aan beleidsterreinen op het gebied van een veilige, functionele en een toekomstbestendige leefomgeving. Het gaat om lokaal beleid en de uitvoering van diverse wettelijke taken. De integraliteit van het beleid en uitvoering krijgt steeds meer vorm in een nieuw wettelijk kader via de toekomstige Omgevingswet. Het programma heeft diverse raakvlakken met onderdelen van andere programma’s.
- 24 -
Trends en ontwikkelingen Maatschappelijke ontwikkelingen en vraagstukken raken de fysieke leefomgeving. Dit is de ruimte waar we met z’n alle gebruik van maken en ook benut kan worden om bij te dragen aan de oplossing(en) rondom deze vraagstukken. Voorbeelden van trends en ontwikkelingen hierin zijn: • Energietransitie; • circulaire economie; • klimaatverandering; • omgevingswet; • inclusieve samenleving; • veranderingen op het gebied van afval en grondstoffen; • beleefbare natuur en een groene leefomgeving.
Maatschappelijk effect 1 – Een veilige openbare ruimte Wat willen we bereiken? De openbare ruimte vervult belangrijke functies die bijdragen aan het welzijn van mens, milieu, economie en natuur. Het beheer van de openbare ruimte dient een evenwichtig verdeelde aandacht te geven aan deze functies. We richten ons op integraal en kwaliteit gestuurd beheren van de openbare ruimte. Hiermee wordt een goed ingerichte, optimaal en duurzaam beheerde openbare ruimte beoogd die intact, schoon, veilig en groen is. De term ‘IBOR’ (‘Integraal Beheer Openbare Ruimte’) is de noemer waaronder gemeente Woudenberg deze ontwikkelingen schaart en deze dragen bij aan de visie van het programma Leefomgeving.
Integraal beheer openbare ruimte staat voor alle maatregelen om de openbare ruimte op het gewenste kwaliteitsniveau te krijgen en in stand te houden. Deze benadering gaat ervan uit dat de openbare ruimte als één geheel wordt ervaren en dat de inrichtings-, onderhouds- en gebruikskwaliteit bij elkaar moeten passen.
Kwaliteit van onderhoud, inrichting en gebruik openbare ruimte (alle aspecten):
A+ = Zeer goed, A = goed, B = voldoende, C = matig, D = slecht
- 25 -
We hanteren de B/C-norm voor de kwaliteit van de openbare ruimte. In het groenbeleidsplan wordt onderscheid gemaakt in de volgende beeldkwaliteitsniveaus Beeldkwaliteit: Functie: A Kijkgroen B Groenaankleding B/C Recreatiegroen C Natuurgroen Wat gaan we ervoor doen? IBOR We blijven ons inzetten om de gehanteerde streefwaarde B/C voor de kwaliteit van de openbare ruimte te behouden. Dit doen we door middel van regulier beheer. We geven uitvoering aan de herinrichting van formele en informele speellocaties in de wijken. De speellocaties in de wijken Nieuwoord (2018), De Grift (2019), Laanzicht (2020), Nico Bergsteijn (2022) en de voorbereidingen voor de wijk ’t Zeeland (2023) zijn reeds uitgevoerd. Dit jaar (2024) zal de herinrichting in de wijk ’t Zeeland worden uitgevoerd en in de wijk Het Groenewoud de nieuwe speellocatie Berkenlaan (onderdeel plan Nijverheidsweg) als laatste worden uitgevoerd. De herinrichting van de speellocaties komen tot stand in samenspraak met de bewoners (jong en volwassenen) van de wijken. Samen met onze inwoners gaan we, op basis van het Groenbeleidsplan+, werken aan de thema’s die ons vandaag de dag bezig houden: klimaatadaptatie, natuur en biodiversiteit, innoveren en verduurzamen en burgerparticipatie. In het uitvoeringsplan staan de maatregelen om de doelen voor eerder genoemde thema’s op het gebied van openbaar groen en landschap te halen.
Een deel van de maatregelen is door bezuinigingsmaatregelen on-hold gezet tot er betere tijden aanbreken. Wel gaan wij invasieve exoten bestrijden in onze gemeente. Dit doen wij samen met de inwoners; zij zijn onze ogen buiten en helpen ons bij het opsporen van exoten. Fixi gebruiken wij voor de registratie. Inwoners bestrijden invasieve exoten op hun eigen grond en zo krijgen we het samen onder controle. Begraven De begraafplaats aan de Voorstraat wordt uitgebreid op de nieuwe uitleg. Fase 1 is reeds gerealiseerd. Nu, geheel volgens schema, wordt fase 2 gerealiseerd. Fase 2 zal voorzien in nieuwe particuliere graven. Verder zien wij het aantal begravingen op het oude gedeelte terug lopen terwijl er anderzijds een onderhoudsvraag is, om deze historie van Woudenberg voor de toekomst te bewaren. Hiervoor zal een adviesrapport worden opgesteld. Wandelpaden Het Klompenpad Broekerpad loopt door gemeente Woudenberg en Scherpenzeel. Dit is een gezamenlijk pad. De route van het Broekerpad loopt in Scherpenzeel voor een belangrijk deel over het industriegebied in Scherpenzeel. Het LEU (de coördinator) heeft van wandelaars vaker negatieve feedback gehad over het wandelgedeelte die over het industriegebied gaat. Deze huidige route past ook niet bij de doelstelling van het LEU, die juist historische, gesloten paden opnieuw wil openen.
Bij de gemeente Scherpenzeel bestaat er ook al meerdere jaren de wens om het pad een kwaliteitsimpuls te geven. In 2020 is hier een haalbaarheidsstudie naar geweest, waarbij door bezuinigingen bij de gemeente Woudenberg op dat moment het pad geen impuls kon worden gegeven. De voorgenomen kwaliteitsimpuls betekent een verbetering van het toeristische en recreatieve aanbod in beide gemeenten. De nieuwe route moet het pad meer variatie geven en bovendien veiliger zijn en meer historische
- 26 -
punten aandoen. De kwaliteitsimpuls omvat naast het feitelijk omleggen van de route, ook het aanpassen van de wandelapp, site en drukwerk, verhalen verzamelen voor de verhaallijn en meer. De kwaliteitsimpuls wordt door de gemeenten gezamenlijk gerealiseerd. Afval Woudenberg wil een gemeente zijn die als rentmeester zorg heeft voor de aarde. We streven naar vermindering van de hoeveelheid grondstoffen die we gebruiken en naar hergebruik en recycling. Zo groeien we naar een steeds meer circulaire gemeente: een gemeente waarin afval zoveel mogelijk beperkt wordt en het afval dat toch ontstaat zoveel mogelijk wordt hergebruikt als grondstof voor nieuwe producten. Circulariteit vraagt om investeringen in een tijd dat veel andere zaken ook om aandacht, tijd en middelen vragen. Het college wil in het kader van circulaire economie dan ook inzetten op de samenwerking met Woudenbergse ondernemers en actieve participatie in de regio. Het Grondstoffenbeleidsplan 2021-2025 (GSP) heeft de focus op het verminderen van de hoeveelheid te verbranden restafval per inwoner, maar ook op het verbeteren van de zuiverheid van de verschillende grondstoffen. Daarbij is het van belang dat het afval goed gescheiden wordt aangeboden, waarbij zo weinig mogelijk vervuiling in de grondstoffen aanwezig is.
In lijn hiermee gaan we onder andere werken aan afvalpreventie, een betere afvalscheiding en meer recycling, beperken van het gebruik van wegwerpplastic en minder voedselverspilling. Om het goed scheiden van afval te stimuleren zal vooral ingezet worden op bewustwording bij de inwoners van Woudenberg door te informeren, te communiceren, te faciliteren en het bieden van maatwerk. Dit doen we in nauwe samenwerking met de inwoners van Woudenberg, SDW, ROVA, AVU en DES. De komende jaren zal de gemeente inzetten op de volgende speerpunten: 1. Afvalpreventie. 2. Kwantiteit, het verder verlagen van de hoeveelheid te verbranden restafval per inwoner per jaar ten gunste van een nog hoger aanbod aan herbruikbare grondstoffen. 3. Kwaliteitsverbetering van de grondstoffen, met name bij pmd hebben we te maken met vervuiling. Hierdoor krijgen we afkeur van pmd met nadelige financiële gevolgen. Ook de kwaliteit van het gft heeft onze aandacht. 4. Verschillende ‘bewustwordingsacties’. 5. Verbeteren serviceniveau, hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan het schoonhouden van de omgeving van de ondergrondse containers. 6. Kostenbeheersing: diverse externe factoren zoals de eerdergenoemde landelijke afvalverbrandingsbelasting en fluctuerende grondstofprijzen, zorgen er momenteel voor dat de afvalstoffenheffing onder druk staat.
Er zal goed gekeken moeten worden naar mogelijkheden om de kosten beheersbaar te houden. In het nog op te stellen uitvoeringsprogramma 2023/2025 zullen wij de diverse te ondernemen acties meer in detail beschrijven. Er is een aantal externe ontwikkelingen welke de richting en reikwijdte van het gemeentelijk beleid mede bepalen. We benoemen enkele belangrijke ontwikkelingen: • Europees, landelijk, regionaal en lokaal is er steeds meer aandacht en draagvlak voor afvalpreventie en circulariteit, ook onder inwoners. Dat er iets moet gebeuren in het kader van afvalpreventie en circulariteit van grondstoffen wordt breed gedeeld. Tegelijkertijd verbreden de mogelijkheden voor hergebruik en recycling zich door snelle technologische ontwikkelingen. Als voorbeeld hiervan is onze partner Cirkelwaarde met ARN een innovatietraject gestart om luierafval, dat gescheiden is ingezameld, op nieuwe wijze te verwerken. • Producenten worden steeds meer verantwoordelijk voor hun product, als dat in de afvalfase belandt. De landelijke overheid heeft bijvoorbeeld recent producentenverantwoordelijkheid ingevoerd voor textiel en matrassen en datzelfde wordt voor luiers overwogen. Deze producentenverantwoordelijkheden hebben vermoedelijk impact op het aanbod bij de gemeentelijke voorzieningen.
- 27 -
• De markt van afval en grondstoffen is sterk in beweging en daardoor fluctueren de opbrengsten en verwerkingskosten. AVU houdt dit goed voor ons in de gaten met als inzet hoge opbrengst en lage verwerkingskosten. • De kosten voor verwerking van grondstoffen en van restafval, nemen verder toe. Verwerkers vragen hogere verwerkingstarieven onder meer vanwege de toenemende vervuiling in de grondstoffen, die de kosten voor goede verwerking opdrijft. Verwerkers stellen in dit verband steeds hogere kwaliteitseisen aan het te accepteren materiaal. Dit zien we zeer nadrukkelijk bij het pmd, maar ook bij bijvoorbeeld gft waar verwerkers strenger letten op vervuiling vanwege de invloed ervan op de verwerkingskosten en de kwaliteit van het compost. Ook dit leidt dat een toename van de verwerkingskosten; • De verwerkingskosten van restafval stijgen onder meer door de verhoging van de afvalstoffenbelasting die de landelijke overheid heeft ingevoerd. Deze belasting zal de komende jaren naar verwachting verder stijgen waardoor de verbranding van restafval steeds duurder wordt. Daarbij komt dat er vanaf 2025 een extra CO2 heffing wordt opgelegd voor verbranding van het restafval. In combinatie met afnemende opbrengsten en ondanks volledige aandacht voor kostenbeheersing kan dit er helaas toe leiden dat de afvalstoffenheffing gaat toenemen.
• De oorlogssituatie in Oekraïne, de al langer bestaande krapte op de grondstoffenmarkt en arbeidsmarkt en aanhoudende inflatie kunnen zorgen voor forse prijsstijgingen. Op dit moment wordt de situatie als niet-stabiel ingeschat, waardoor de impact voor 2024 onvoldoende is te overzien om een betrouwbare forecast te maken.
Maatschappelijk effect 2 – Borgen verkeersveiligheid Wat willen we bereiken? Vrijwel iedereen komt dagelijks in aanraking met verkeer en daarmee automatisch met verkeersveiligheid. Het belang van een goede verkeersveiligheid wordt onderstreept door de landelijke statistieken van stijgende verkeersdoden onder fietsongevallen met 75 plussers. Binnen het (landelijk) kader van ‘duurzaam veilig’ zetten alle overheden zich in voor een verbetering van de verkeersveiligheid. De gemeente Woudenberg heeft aandacht voor alle weggebruikers, waaronder de meer kwetsbare verkeersdeelnemers zoals fietsers en voetgangers. In Woudenberg zien we sinds 2014 een lichte daling van het aantal verkeersslachtoffers. In totaal zijn er in 2022 16 verkeersongevallen geregistreerd. Van deze 16 ongevallen vonden er 2 ongevallen plaats op wegen in het beheer van de gemeente, 12 ongevallen op provinciale (N-)wegen en 2 ongevallen op de snelweg (A12). In 2014 zijn er binnen Woudenberg nog 28 verkeersslachtoffers geregistreerd, in 2022 waren dit 11 verkeersslachtoffers (1 dodelijk en 10 gewonden). Deze cijfers zijn gebaseerd op geregistreerde ongevallen door de politie. Wat gaan we ervoor doen? Conform het recente wegbeheerplan (2023-2027) en de landelijke normen van het CROW voert de gemeente Woudenberg onderhoud uit aan bestaande wegen en paden. Dit onderhoud komt ten goede aan de verkeersveiligheid.
Behalve door onderhoud aan bestaande wegen worden ook middelen ingezet voor de realisatie van nieuwe verkeersmaatregelen gericht op verkeersveiligheid zoals bijvoorbeeld verkeersdrempels, verkeersteller met display en fietsparkeervoorzieningen. Tevens zal in de komende jaren de aanpak van verkeersveiligheid en infrastructuur worden geïntensiveerd, dit resulteert in de volgende projecten/acties: • Rotonde N224/N226, gemeentelijke bijdrage voor voormalig project VERDER; • Evaluatie rotonde Europalaan – Stationsweg West • Verkeersveiligheidsonderzoek Woudenberg • Herinrichting verkeer en afwatering van het oostelijk deel van de bestaande wijk Laanzicht te combineren met uitvoering van de rioolvervangingen in het kader van de klimaatadaptatie. Per jaar wordt een gedeelte van de beschreven wijk aangepakt. • Op een aantal wegen in het buitengebied het verharden van de bermen met grasbetonblokken.
- 28 -
Deze projecten/acties zijn noodzakelijk om de verkeersveiligheid en de verkeersinrichting te borgen en het wegennet klaar te maken voor de toekomstige groei afkomstig van de nieuwe woonwijken. Daarnaast werken de gemeente Woudenberg en de Provincie Utrecht nauw samen om overlast van zowel de N224 alsmede N226 zoveel mogelijk te voorkomen. De aanpassing van de rotonde N224/N226 komt tot uitvoering (vanuit project VERDER). De provincie is trekker van het project en daarmee initiatiefnemer van de procedures. Naast het onderhoud van bestaande wegen en renovaties, is binnen diverse projecten (Nijverheidsweg, Hoevelaar en diverse inbreidingslocaties) nadrukkelijk aandacht voor het ontwikkelen van een verkeersveilige leefomgeving. Verder gaan we in 2024 door middel van participatie in gesprek met inwoners om meer zicht te krijgen op verkeersonveilige knelpunten in het dorp en verwerken we uitkomsten hiervan vervolgens in ons beleid. Handhaving valt onder programma 3 ‘veiligheid’. De politie en de gemeentelijke Boa besteden aandacht aan verkeersveiligheid door, waar nodig, verkeersdeelnemers op gedrag aan te spreken en eventueel te handhaven. Hierbij wordt gehandeld vanuit het uitvoeringsprogramma integrale veiligheid. In samenwerking met de provincie Utrecht, Veilig Verkeer Nederland, Fietsersbond en andere gemeenten wordt ingezet op het aanbieden van permanente verkeerseducatie.
Per jaar worden verkeer educatieve activiteiten georganiseerd die zich richten op verschillende leeftijdsgroepen. Met subsidies van het Rijk en de provincie Utrecht kan de gemeente uitvoering brengen aan de verbreding van Fietspad de Groep, om deze route zo veilig mogelijk te maken.
Maatschappelijk effect 3 – Geen toename van wateroverlast door klimaatontwikkelingen Wat willen we bereiken? Als gevolg van klimaatontwikkelingen ontstaan de laatste jaren in Nederland steeds vaker, steeds hevigere regenbuien. Als gevolg hiervan komt het vaker voor dat het rioolstelsel de neerslag tijdelijk niet kan verwerken, waardoor gedurende een korte tijd “water op straat” ontstaat. Het idee dat de neerslag altijd door het riool verwerkt kan worden, moet worden losgelaten. In de plaats hiervan wordt bij hevige regenbuien gekeken naar berging van de neerslag in de openbare ruimte (wegen, groenstroken, etc.) zonder schade aan gebouwen. Ook zetten we in op vergroening van de leefomgeving om de gevolgen van klimaatverandering niet toe te laten nemen. Wat gaan we ervoor doen? De maatregelen uit het BWKP worden in de komende jaren (2020-2029) verder uitgevoerd. Herinrichting en daarmee aanleg regenwater riool in de wijk Laanzicht Oost wordt de komende jaren gefaseerd uitgevoerd. In 2024 wordt het nieuwe Waterplan opgesteld. Hierbij wordt tevens het huidige Waterplan geëvalueerd. Ook maken we een herberekening van het BWKP, welke is vastgesteld in 2019. Hiermee kunnen we de effecten van de genomen maatregelen monitoren en eventueel bijsturen indien wenselijk.
De samenwerking binnen het Platform Water Vallei en Eem wordt verder voortgezet, met name om de kwetsbaarheid binnen de regio te verminderen en kennis te vergroten op het gebied van onder andere klimaatadaptatie.
- 29 -
Indicatoren Indicatoren Beeldkwaliteit
Beleving beeldkwaliteit
Definitie
Wijze van meten
Kwaliteit van onderhoud, inrichting en gebruik openbare ruimte (A= goed, B= voldoende, C= matig, D=slecht). Beleving van fysieke leefbaarheid openbare ruimte uitgedrukt in een rapportcijfer.
CROW-monitor openbare ruimte (jaarlijks in de maand oktober). Onderdeel van de gemeentemonitor Woudenberg, om de twee jaar. Verkeersrapportage BLIQ geeft deze informatie weer. Categorieën “Overtreding” en “Zware overtreding” versus “Geen” of “Lichte overtreding” binnen 30 km/uur wegen. Onderdeel van de Gemeentemonitor Woudenberg, om de twee jaar.
Verkeersveiligheid
Percentage weglengte binnen 30 km/uur wegen waar te hard gereden wordt.
Beleving verkeersveiligheid
Percentage bewoners dat te hard rijden als belangrijkste buurtprobleem aanduidt
Wateroverlast
Berekende oppervlak bebouwde kom dat voldoet aan het gestelde toetsingskader BWKP
Jaarlijks aanpassingen verwerken in rioleringsmodel en berekenen conform BWKP-methode.
Norm
2024
2025
2026
2027
B/C
B/C
B/C
B/C
B/C
7,5
7,5
-
7,5
-
Nulmeting 2022: 11%
10%
10%
9%
9%
29% (2013) 26% (2017) 41% (2019) 40% (2021) 75% (situatie 2018) eind 2023 volgt nieuwe waarde
35%
-
30%
-
79%
81%
82%
84%
Verbonden partijen / Relevante samenwerkingspartners Verbonden partijen: ROVA, AVU Relevante samenwerkingspartners: Amfors, Waterschap, Platform Water Vallei en Veluwe, Provincie Utrecht
- 30 -
Wat gaat het kosten? In onderstaande tabel zijn de baten en lasten opgenomen die aan het programma verbonden zijn. Programma 2 Leefomgeving
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Bedragen
2024
2025
2026
2027
Lasten
-5.549.037
-5.553.568
-5.554.180
-5.536.883
Baten
3.556.524
3.556.524
3.556.524
3.556.524
Resultaat programma 2 voor bestemming
-1.992.513
-1.997.044
-1.997.656
-1.980.359
Resultaat in begroting 2023
-1.817.290
-1.823.935
-1.834.334
-1.834.334
-175.223
-173.109
-163.322
-146.025
Verschil begroting t.o.v. meerjarenbegroting 2023
Financiële toelichting programma 2
- 31 -
Groot onderhoud buitenwegen Bij het uitvoeren van groot onderhoud aan de buitenwegen wordt geadviseerd om te investeren in een duurzame verbeteringsmaatregel. Langs een aantal wegen in het buitengebied wordt geadviseerd zover daar nog geen sprake is om de onverharde bermen langs asfaltverhardingen te voorzien van een constructie van bermbeton of grasbetonblokken. Hierdoor ontstaan minder schades van gaten en kuilen door verkeer dat in de bermen rijdt en door opsluiting van het asfaltrijdek worden er minder randschades aan het asfalt veroorzaakt door met name zwaar (landbouw)verkeer. Belangrijk hierbij dat de verkeersveiligheid voor weggebruikers op de buitenwegen wordt verbeterd. De eenmalige investeringsuitgave die hiermee gemoeid is circa. € 500.000 af te schrijven over een periode van 40 jaar. De investering kan men gefaseerd uitvoeren door de komende vijf jaar telkens een weg in het buitengebied uit te voeren en dit integraal op te pakken met het uitvoeren van onderhoud aan het asfaltrijdek. Het betreft de bermen langs de buitenwegen Haarweg, Lambalgseweg, Strubbelenburg, Lambalgseweg, Voskuilerdijk en De Meent. De planning en de financiële consequenties van de eenmalige investeringsuitgave van € 500.000 zijn als volgt: Groot onderhoud buitenwegen
Investering
kap lasten
kap lasten
kap lasten
kap lasten
kap lasten
2023
2024
2025
2026
2027
Haarweg (jaar 2023)
100.000
2.500
2.500
2.500
2.500
2.500
Strubbelenburg (jaar 2023)
70.000
1.750
1.750
1.750
1.750
1.750
1.875
1.875
1.875
1.875
3.875
3.875
3.875
2.500
2.500
10.000
12.500
12.500
De Meent (jaar 2024)
75.000
Voskuilerdijk (jaar 2025)
155.000
Lambalgseweg (jaar 2026)
100.000
Totaal
500.000
4.250
6.125
Bovengenoemde investering wordt in 40 jaar afgeschreven. De extra kapitaallasten als gevolg van deze investering lopen op van € 4.250 in 2023 naar € 12.500 in 2027. Openbaar groen Voor het onderhoud openbaar groen worden medewerkers ingehuurd via Groenladder BV en Amfors Werksupport. In 2023 stijgen de loonkosten met 10 %, daarnaast wordt en voor 2024 rekening gehouden met een stijging van 5 %. De post inhuur derden stijgt hiermee met structureel € 37.500. Begrafenisrechten In de begroting 2023-2026 is de opbrengst begrafenisrechten structureel met € 25.000 naar beneden bijgesteld. Op basis van het ervaringscijfer 2022, de tariefstijging 2023 (5 %) en de nog te bepalen tariefstijging 2024 wordt voorgesteld de opbrengst begrafenisrechten vanaf 2024 structureel te verhogen met € 10.000.
- 32 -
Overige (kleine) posten De overige kleine verschillen in programma 2 ten opzichte van de begroting 2023-2026 bedragen € 13.100 vanaf 2024. Dit betreffen: • Onderhoud machines • Indexering IBOR Extern bestek • Abonnement VIA software (snelheids dataverkeer) Terugdraaien van bezuinigingen In de begroting 2023-2026 is structureel een stelpost van € 150.000 opgenomen inzake het terugdraaien van bezuinigingen. De raad heeft in februari 2023 een besluit genomen welke bezuinigingen teruggedraaid kunnen worden. Deze zijn verwerkt in de verschillende programma’s van de begroting. Voor programma 2 gaat het om: • Verkeer en vervoer (verkeersmaatregelen) • Openbaar groen (maaien) • Landschapsbeheer (voorlichting) IBOR (overheveling naar kapitaallasten) Betreft verschuiving aparte post in de begroting Wandelpaden Stijging vergoedingen gebruik wandelpaden vanaf 2024 met € 3.400. Daarnaast wordt een eenmalig impuls aangevraagd voor de wandelpaden in 2024 van € 10.000. Openbaar groen Betreft urenvermindering buitendienstmedewerker (8 uur) waarvoor ingehuurd gaat worden. Een budget van € 13.500 wordt overgeheveld van salariskosten (programma 5) naar het budget Openbaar groen (programma 2. Uitbreiding begraafplaats Betreft aanvullend krediet uitbreiding begraafplaats € 235.000 (afschrijving in 40 jaar). In 2012 is door de raad een investeringskrediet beschikbaar gesteld van € 704.130 (incl.
BTW). De afgelopen jaren (2016 en 2077) is € 148.000 van het beschikbare krediet gebruikt voor de realisatie en inrichting fase 1 van de uitbreiding. Er is dus nog een krediet beschikbaar van € 556.000. In 2023 dient verder gestart te worden met het realiseren en inrichten van de fases 2 tot en met 4 aangezien de begraafcapaciteit in fase 1 nog minimaal beschikbaar is. Voor de verdere uitbreiding is in 2023 een kostenraming ontvangen van een externe partij. De kostenraming bedraagt € 791.000 (incl. BTW). Op basis van deze kostenraming wordt aan de raad een aanvullende investeringskrediet van € 235.000 (€ 791.000 - € 556.000) gevraagd. De extra kapitaallasten van dit aanvullend krediet bedragen jaarlijks € 5.875. Bij het nieuwe gedeelte van de begraafplaats zijn afwateringsproblemen ontstaan als gevolg van de destijds gestorte grond vanuit Het Zeeland. We willen deze problemen nu in één keer oplossen door aanvullend krediet aan te vragen. Afval Betreft mutatie in de exploitatie afval voor de jaren 2024-2027 ten opzichte van de begroting 2023-2026.
- 33 -
Riolering Betreft de mutatie in de exploitatie riolering voor de jaren 2024-2027 ten opzichte van de begroting 2023-2026. Loonkosten (verdeling per programma) De totale loonkosten worden jaarlijks toegerekend aan de diverse programma’s en projecten. Ten opzichte van 2023 wordt in 2024 € 83.875 meer loonkosten toegerekend aan programma 2. De loonkosten worden toegelicht bij de paragraaf Bedrijfsvoering verderop in de begroting. Kapitaallasten Stijging/daling kapitaallasten op basis van actualisering investeringen programma 2.
- 34 -
Veiligheid Programma 3 Visie van het programma Woudenberg is een gemeente waarin inwoners zich veilig voelen, weerbaar zijn, omzien naar elkaar en waar respect de basisnorm is. En waarin overlast en (ondermijnende) criminaliteit een uitzondering zijn en integraal worden aangepakt.
Wat houdt het programma in? Onder programma veiligheid valt de brandweerzorg (Veiligheidsregio Utrecht), voorbereidingen met betrekking tot rampen en crisisbeheersing, toezicht in het publieke domein en diverse samenwerkingsvormen, zoals Bureau Regionale Veiligheidsstrategie, het Veiligheidshuis en het RIEC. Kosten die verbonden zijn aan uiteenlopende initiatieven, maatregelen of projecten op het gebied van veiligheid worden gedekt uit het programma veiligheid.
- 35 -
Trends en ontwikkelingen • Crime change: er is in Midden Nederland sprake van een verschuiving van de meer ‘traditionele’ criminaliteit naar de harde wereld van de drugscriminaliteit, cybercrime en gedigitaliseerde criminaliteit. • De afhankelijkheid en risico’s van digitalisering nemen toe. Mede door corona is de digitalisering in een versnelling terecht gekomen. De beveiliging ervan is echter niet altijd meegegroeid. Digitale criminaliteit verandert razendsnel: van WhatsApp-fraude en fraude met online aankopen naar helpdeskfraude en diefstal van cryptomunten. • Jeugd is kwetsbaar voor gewelddadige ondermijnende criminaliteit. Midden-Nederland is een kraamkamer voor jongeren die verstrikt raken in de (drugs)criminaliteit. Dit komt vooral door de aanwezigheid van een grote hoeveelheid drugsclusters die geen enkel middel schuwen om kwetsbare jongeren te dwingen of te lokken zich te mengen in de drugswereld. Ook het feit dat drugs makkelijk verkrijgbaar is, samen met de aantrekkingskracht van het grote geld, en het hoge aandeel jongeren en jongvolwassen op de totale bevolking in Midden-Nederland spelen een rol. Eenmaal een voet binnen maakt het heel moeilijk nog te ontsnappen aan de harde drugswereld. • Kwetsbare inwoners met meervoudige problematiek krijgen vaak te maken met een overheid die ingewikkeld en veelal gefragmenteerd georganiseerd is.
• Maatschappelijk ongenoegen neemt toe. Groepen in de samenleving lijken steeds meer tegenover elkaar te staan in plaats van naast elkaar. Wederzijds begrip en tolerantie nemen af en uitingen van ongenoegen gaan niet zelden gepaard met intimidatie, het plegen van strafbare feiten en bedreiging van mensen met een publieke taak, zoals hulpverleners, politiemensen, ambtenaren, politici en bestuurders. • Mensenhandel is een groot maatschappelijk probleem. Mensenhandel vormt een grove inbreuk op de menselijke waardigheid en lichamelijke en geestelijke integriteit van slachtoffers. We onderscheiden drie vormen: arbeidsuitbuiting, criminele uitbuiting en seksuele uitbuiting. • De capaciteit van de hele veiligheidsketen - politie, Openbaar Ministerie en Rechtbank - staat sterk onder druk. Zeker in onze regio. Hierdoor moeten scherpe keuzes worden gemaakt aan welke zaken opvolging wordt gegeven. Keuzes die niet altijd op steun van de samenleving kunnen rekenen. Regionale veiligheidsstrategie 2023-2026 In de Veiligheidsstrategie worden de gezamenlijke prioriteiten, ambities en strategische keuzes voor de komende jaren vastgelegd. Met de Veiligheidsstrategie geven de 38 gemeenten, het Openbaar Ministerie en de politie van Midden-Nederland gevolg aan hun wens om de verantwoordelijkheid voor de integrale aanpak van de veiligheidsthema's ook echt gezamenlijk invulling te geven.
De regionale veiligheidsstrategie 2023 – 2026 is begin 2023 ter vaststelling aangeboden. Deze veiligheidsstrategie sluit aan op het IVP van basisteam ZBLW voor 2024-2027 Uitgangspunten Overall beeld uit evaluatie van de samenwerking in Midden-Nederland is grote tevredenheid over de verbondenheid, het netwerk en de gezamenlijke focus op de geprioriteerde thema’s. Er is ook behoefte aan aanscherping op de volgende strategische uitgangspunten: • Focus: vanwege personele krapte en richten van gezamenlijke slag- en ontwikkelkracht • Flexibel: we bewegen zo nodig mee met de ontwikkelingen in de samenleving • Passend en slim: smeden nieuwe coalities; vorm volgt inhoud
- 36 -
Prioriteiten Georganiseerde ondermijnende (drugs)criminaliteit inclusief mensenhandel • Voorkomen jonge aanwas en doorgroeiers • Verstoren en terugdringen criminele geldstromen • Aanpakken branches en locaties • Mensenhandel: ontmoedigen en vervolgen daders, hulp slachtoffers Digitale veiligheid en cybercriminaliteit • Aanjagen en stimuleren gebruik van beschikbare interventies • Meer inzicht in dader- en slachtofferschap • Vergroten kennis bestuurlijke bevoegdheden Maatschappelijke onrust en maatschappelijke verbinding • Verbinding met de samenleving • Versterken online informatiepositie • Duidings- en handelingsperspectief voor (deels online aangejaagde) ordeverstoringen • Inzicht in bronoorzaken van polarisatie en radicalisering
Integraal veiligheidsplan basisteam ZBLW Binnen het basisteam Zeist, Bunnik, Leusden en Woudenberg (ZBLW) waarin de burgemeesters, het basisteam politie en het Openbaar Ministerie zijn vertegenwoordigd, werd in 2023 besloten om een gezamenlijke Integraal Veiligheidsplan voor de komende jaren te ontwikkelen. Door samen te werken, kunnen we strafrechtelijk én bestuurlijk een vuist maken naar criminelen. Het plan is inmiddels af en u als raad heeft met dit plan ingestemd in de raadsvergadering van mei 2023. Het Integraal veiligheidsplan ZBLW sluit aan op het Veiligheidsstrategie 2023-2026. Uitgangspunten samenwerking: In verschillende sessies met de basisteamdriehoek en de adviseurs openbare orde & veiligheid van de vier gemeenten zijn de uitgangspunten voor samenwerking geformuleerd: - Kwaliteiten en expertises van de gemeenten en ambtenaren worden optimaal benut; - Intensiveren van de samenwerking waarbij de prioriteiten uit het gezamenlijke veiligheidsplan verdeeld worden over de vier gemeenten waarbij iedere gemeente trekker van een van de prioriteiten is; Waar nodig of gewenst zal de samenwerking worden uitgebreid en waarbij onderzocht kan worden op welke onderwerpen.
- 37 -
Gezamenlijke prioriteiten Het Bureau Regionale Veiligheidsstrategie (38 gemeenten, Openbaar Ministerie en Politie) en de vier gemeenten vanuit het Basisteam ZBLW zetten zich in op vijf prioriteiten. • Adequaat reageren op maatschappelijke onrust • Verhogen meldingsbereidheid • Verbindingen tussen zorg en veiligheid • Gezamenlijk aanpakken cybercrime • Bestrijding ondermijnende criminaliteit Vanuit het basisteam nemen we het thema zorg & veiligheid op als gemeenschappelijke prioriteit. Per gemeente is er dan ruimte voor een lokale prioriteit. Specifiek voor Woudenberg is de lokale prioriteit ‘verhogen van de meldingsbereidheid’ toegevoegd.
Maatschappelijk effect 1 & 2 – Adequaat reageren op maatschappelijke onrust & Verhogen meldingsbereidheid Wat willen we bereiken? In Woudenberg willen wij ons, samen met andere partners, inzetten op het vergroten van de meldingsbereidheid van inwoners, ondernemers en bezoekers. Wat gaan we ervoor doen? • Verbeterde proactieve communicatie over veiligheidsproblemen. Het belang van actieve betrokkenheid van burgers wordt daarbij benadrukt. De boodschap wordt afgestemd op de lokale veiligheidssituatie met alle mogelijke communicatiemiddelen waarover wij nu beschikken, van persoonlijk contact tot sociale media. Door vergroting van vertrouwen in zowel de gemeente als politie neemt naar verwachting de melding- en aangiftebereidheid toe. • Betere communicatie over waar en hoe meldingen gedaan kunnen worden, met als boodschap dat wij meldingen nodig hebben om te weten waar veiligheidsproblemen spelen. Er wordt een voorlichtingscampagne op opgezet, waarbij gebruik wordt gemaakt van de communicatiekanalen van zowel gemeente, politie en openbaar ministerie. Belangrijk hierbij is het verwachtingenmanagement: een melding is immers niet hetzelfde als een aangifte. • De gemeente en politie gaan veel meer interactief werken. Het opbouwen van vertrouwen via warme contacten is van groot belang. Nu is het vaak enkel: jullie moeten melden. Laagdrempeliger contact maken, is beter.
Interactie tussen burgers en overheid is heel belangrijk. Niet op afstand, maar naar de mensen toe en uitleggen hoe belangrijk melden is, bijvoorbeeld bewustwordingsbezoeken ondermijning buitengebied. • Aansluiting bij Melding Misdaad Anoniem (MMA) en dit verder uitbouwen om de meldingsbereidheid te vergroten. Wij blijven investeren in het oprichten van WhatsApp-groepen in de buurt, het inzetten van Burgernet en het opnieuw onder de aandacht brengen van het gebruik van Mobeyes1 en blijven hier actief over communiceren.
1
* Mob-eyes zijn apparaten die beweging en warmte detecteren en binnen enkele seconden de politie kunnen informeren dat er een inbraak gaande is.
- 38 -
Maatschappelijk effect 3 - Verbindingen tussen zorg en veiligheid Wat willen we bereiken? De onderlinge verbinding tussen het zorg- en veiligheidsdomein versterken en verbeteren. We doen dat door het creëren van een integrale (beleids-)aanpak, het maken van afspraken met partners over onder meer op- en afschaling van casuïstiek en informatiedeling en het lokaal en bovenlokaal leggen van de benodigde verbindingen. Wat gaan we ervoor doen? Woudenberg kent, net als andere gemeenten, ook een groep inwoners die in kwetsbare situaties verkeren. Om deze inwoners te helpen en om de veiligheid(gevoelens) en overlast voor de omgeving beheersbaar te maken, is intensieve samenwerking nodig tussen het Sociaal Domein en team Openbare Orde en Veiligheid. Bij het dichter bij elkaar brengen van zorg en veiligheid, hanteren we de volgende uitgangspunten: • zorg- en veiligheidsprofessionals werken intensiever samen aan concrete veiligheidsvraagstukken; • meer ‘eropaf’; • investeren in kwetsbare groepen; • signalen herkennen en oppakken; • ruimte maken voor maatwerk: doen wat nodig is. Vanuit de basis richten we ons op verschillende doelgroepen. Hierbij moet gedacht worden aan jeugd, slachtoffers en daders bij huiselijk geweld, mensen met onbegrepen en gevaarlijk gedrag en multi-probleem gezinnen.
In 2024 willen we in dit kader verdere stappen zetten in de verbinding tussen zorg en veiligheid en in het bijzonder als het gaat om onze rol in het Zorg- en Veiligheidshuis, waar de multiprobleemcases worden behandeld. De verbinding tussen het Zorg- en Veiligheidshuis en de gemeente wordt verder versterkt, zodat onze inwoners daar goed bediend worden en partners onderling goed afstemmen. Er is een eenduidige aanpak waar een ieder zich aan committeert.
Maatschappelijk effect 4 - Gezamenlijk aanpakken cybercrime Wat willen we bereiken? Cybercriminaliteit is een relatief nieuwe vorm van criminaliteit die steeds ergere vormen aanneemt. Het betreft misdaden die gepleegd worden met een ICT-middel én die gericht zijn op ICT. Naast de strafrechtelijke opvolging door politie en Openbaar Ministerie, is het onze e ambitie om de digitale weerbaarheid van inwoners, ondernemers en eigen organisaties te versterken. Wat gaan we ervoor doen? We zetten hiervoor in op bewustwording, preventie, opsporing en vervolging. Daarnaast blijven we investeren in kennis over het fenomeen, verwevenheid met andere domeinen en partners en de steeds nieuwe vormen van gedigitaliseerde criminaliteit en cybercrime. Dit bereiken we door: • Weerbaarheid: We verhogen de bewustwording en weerbaarheid van onze inwoners, zoals bij ouderen, ondernemers en jongeren. We vergroten de kennis rond dit thema bij onze interne medewerkers, maar ook bij externe partners. Hierbij maken wij gebruik van nieuwe en innovatieve instrumenten en werken wij samen met partners, zoals Platform Veilig Ondernemen (PVO) en het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid (het CCV). • Meer inzicht vanuit de politie en het OM rond daders en slachtoffers. Een aanpak met de veiligheidspartners rond preventie, repressie en nazorg voor de slachtoffers.
- 39 -
Maatschappelijk effect 5 – Bestrijding ondermijnende criminaliteit Wat willen we bereiken? Samen met professionals signaleren, voorkomen en bestrijden van de onzichtbare criminaliteit die het gezag ondermijnt en het vertrouwen van de samenleving in de autoriteiten aantast. En de gemeente Woudenberg en haar inwoners weerbaarder te maken tegen ondermijnende criminaliteit. Wat gaan we ervoor doen? Een persoonsgerichte aanpak op de toename van jonge criminelen en doorgroeiers; preventief en meer aan de voorkant komen samen met partners als het onderwijs en sociaal domein. Als het om complexe casuïstiek gaat, wordt samengewerkt met onder andere het Zorg- en Veiligheidshuis. De politie en het Openbaar Ministerie houden zich bezig met de strafrechtelijk aanpak rond ondermijning; • Het verstoren en terugdringen van criminele geldstromen, onder meer door het aanpakken van cruciale rollen en het opwerpen van barrières om te voorkomen dat drugsgeld geïnvesteerd wordt in de bovenwereld. Gemeenten leveren hierin hun bijdrage met vergunningen, toezicht en handhaving, de toepassing van de Wet Bibob en andere bestuursrechtelijk instrumentarium. De politie en het OM zorgen via het strafrechtelijke spoor voor inbreng en bestuurlijke rapportages voldoen aan de laatste juridische en bestuursrechtelijke eisen.
• We richten ons op het aanpakken van branches en locaties die betrokken zijn bij of kwetsbaar zijn voor criminele samenwerkingsverbanden (csv) die drugs en geld produceren en opslaan. Dit omvat de horeca-, auto- en vastgoedbranche, evenals het buitengebied en bedrijventerreinen. We delen signalen over deze branches en locaties in het lokale signaleringsoverleg en organiseren integrale controles om meer inzicht te krijgen in illegale activiteiten. Op deze manier willen we de invloed van csv's op deze sectoren en gebieden verminderen. • We gaan meer zicht krijgen op de problematiek van mensenhandel binnen het Basisteam ZBLW. Het is van groot belang dat we ons bewust zijn van de gevaren en het feit dat slachtoffer- en daderschap vaak in elkaar overlopen. Om dit aan te pakken, gaan we de juiste expertise inschakelen en slachtoffers de juiste zorg bieden terwijl we daders ontmoedigen. Daarom werken we samen met het Regionale Informatie- en Expertise Centra (RIEC) en ontwikkelen we beleid rondom dit thema. We streven ernaar om binnen het Basisteam ZBLW tot een uniform beleid te komen en zetten in op bewustwording van signalen, met name onder leden van het sociaal wijkteam en toezichthouders/Boa's die veel zien en signalen kunnen opvangen en delen. • Wij hebben de ambitie om elk jaar in ieder geval één Woudenbergse ondermijningscasus met goed gevolg aan te pakken en af te ronden.
Ook wordt in ieder geval één keer per jaar een integrale controle georganiseerd. Dat vergt goede samenwerking en afstemming binnen het gemeentehuis en met de vele externe partners, zoals de politie, het Openbaar Ministerie, het RIEC, de Nederlandse Voedsel en Waren Autoriteit en de Arbeidsinspectie. Weerbare overheid In de pijler weerbare overheid willen we de organisatie en haar professionals (bestuurders, politici en ambtenaren) weerbaar maken tegen ondermijning, integriteitskwesties en intimidatie. Zij voelen zich gesteund vanuit de gemeente, worden getraind in weerbaarheid en weten waar zij signalen en dilemma's kwijt kunnen. Daarnaast wordt in deze pijler ingezet op het effectief inzetten van het instrument Bibob, het optimaal benutten van de in te zetten bestuurlijke maatregelen (bijvoorbeeld Last onder dwangsom, sluiting panden, etc.), het versterken van bewustwording en training van professionals op signalen van ondermijning (thema’s zoals drugs, uitbuiting en het criminele verdienmodellen, zoals zorgfraude).
- 40 -
Overige ontwikkelingen Bestuursagenda en Regionaal Crisisplan VRU 2024 - 2027 De Wet veiligheidsregio’s schrijft voor dat het bestuur van de veiligheidsregio eenmaal in de vier jaar een beleidsplan (bestuursagenda) vaststelt. Het beleidsplan vormt hét strategische beleidskader voor de veiligheidsregio en beschrijft de koers voor de komende jaren. Wat komt er op ons af, hoe kunnen we op deze opgaven anticiperen en wat is daarvoor nodig? De bestuursagenda wordt ontwikkeld in nauwe samenwerking met belangrijke partners van de veiligheidsregio, zoals de gemeenten, politie, waterschappen, defensie, andere veiligheidsregio’s, etc. De missie blijft hetzelfde; een veilige regio voor ons allemaal. Vanuit een solide basis worden nu vervolgstappen gemaakt. De afgelopen jaren kreeg de VRU te maken met crises die niet van tevoren te voorspellen waren geweest zoals de corona- en asielcrisis. Een dichtgetimmerd plan voor de komende 4 jaar is daarom niet realistisch. De ontwikkelkoers geeft richting en biedt ruimte om te acteren op nieuwe ontwikkelingen. De bestuursagenda is gebaseerd op het Regionaal Risicoprofiel (RRP) uit 2023. Daaruit blijkt dat naast de klassieke flitsramp er steeds vaker sprake zal zijn van langdurige crises met een langere aanloopperiode of een ‘creeping’ crisis (een sluimerende, langzaam opkomende, sluipende en vaak langdurige crisis).
Natuurbranden en overstromingen vormen de grotere veiligheidsrisico’s. Daarnaast zijn de volgende ontwikkelingen de komende jaren belangrijker voor het risicobeeld; onder invloed van klimaatverandering worden weersomstandigheden extremer en minder voorspelbaar; de energietransitie leidt tot de introductie van nieuwe energiebronnen en -dragers. Deze brengen nieuwe risico’s met zich mee die van invloed kunnen zijn op de hulpverlening; als gevolg van extramuralisatie en vergrijzing zijn steeds meer mensen aangewezen op bijzondere voorzieningen of zorg in hun eigen woning en krijgt de VRU tijdens een crisis vaker te maken met verminderd zelfredzame mensen; de verdergaande digitalisering leidt tot meer digitale verstoringen met mogelijke maatschappelijke ontwrichting als gevolg. In de bestuursagenda wordt uiteengezet hoe de VRU omgaat met deze risico’s. In artikel 16 van de Wet veiligheidsregio’s is vastgelegd dat het bestuur van de veiligheidsregio ten minste eenmaal in de vier jaar een crisisplan vaststelt. In 2023 is naast de bestuursagenda tevens het Regionaal Crisisplan (RCP) 2024 -2027 vastgesteld. In het RCP staan de organisatie, verantwoordelijkheden, taken en bevoegdheden in het kader van de rampenbestrijding en crisisbeheersing beschreven.
Herijking regionale crisisorganisatie Op 8 februari 2021 heeft de coördinerend functionaris van de Veiligheidsregio Utrecht (VRU) aan de adviseurs crisisbeheersing van de 26 gemeenten (ACB’er) van de VRU gevraagd een plan van aanpak op te stellen om invulling te geven aan de bestuurlijk vastgestelde opdracht, namelijk: ”Op basis van een onderzoek naar de uitvoering en uitvoerbaarheid van het huidige systeem gemeentelijke crisisbeheersing 2.0, komen tot een herijking daarvan. Hierbij wordt aandacht besteed aan een heldere afbakening tussen de rol van VRU en de rol van de gemeenten, een verbetering van de governance structuur, en aan het realiseren van meer verbinding tussen de verschillende gemeenten, en de gemeenten en VRU.” Vanuit het regionaal overleg crisisbeheersing Utrecht (ROCU) is er een ontwikkelgroep samengesteld bestaande uit vertegenwoordigers van het ROCU (ACBers) die deze opdracht hebben aangenomen en aan de slag zijn gegaan met de bovengenoemde opdracht. In fase 1 is de probleemanalyse vastgesteld. In fase 2 heeft het AB zich gecommitteerd aan intergemeentelijke samenwerking op het gebied van de lokale organisatie van bevolkingszorg. Ook is de richting bepaald waarin we doorontwikkelen door onder andere het vaststellen van vijf uitgangspunten:
- 41 -
1. Duidelijke afbakening tussen bevolkingszorg en gemeentelijk crisisbeheersing; 2. De functionaliteit van het Team Bevolkingszorg wordt anders belegd; 3. Advisering over de aanpak van de crisis in de brede zin op openbare orde veiligheid en bevolkingszorg in het GBT; 4. Crisiscommunicatie als eigenstandig proces; 5. Het bestuur van de veiligheidsregio wordt verantwoordelijk voor de regie op de kwaliteit van bevolkingszorg. Deze twee fases zijn in 2022 afgerond. De ontwikkelgroep is momenteel bezig met de uitwerking van de uitgangspunten. De werkgroep verwacht begin 2024 een integraal eindadvies en een herzien handboek Bevolkingszorg op te leveren. In dit eindadvies zullen de wijzigingen en de consequenties hiervan worden uitgelegd. Evenementenbeleid Het huidige evenementenbeleid stamt uit 2014 en wordt in 2024 ter vaststelling aangeboden aan de raad. De voorbereidingen vinden in 2023 plaats. De belangrijkste reden hiervoor is gewijzigde wet- en regelgeving, maar ook opgedane ervaringen uit de afgelopen acht jaar spelen hierbij een rol. Ook de recente wetenschappelijke inzichten over alcoholgebruik en gehoorschade bij publiek door versterkte muziek worden hierin meegenomen. Gedurende de herziening zal participatie van onder andere inwoners en de vaste organisatoren van evenementen in Woudenberg een cruciaal onderdeel zijn.
Indicatoren Indicatoren Totaal aantal misdrijven Rapportcijfer veiligheid
Definitie
Wijze van meten
Norm
2024
Aantal aangiften van het totaal van misdrijven Rapportcijfer over hoe de inwoner veiligheid ziet dan wel ervaart in de gemeente Woudenberg
Overzicht uit het politieregistratiesysteem Onderdeel van de gemeentemonitor Woudenberg, om de twee jaar
Misdrijven in 2022: 380
<350
Rapportcijfer in 2021 – 7,7
8
2025 < 340
2026
2027
<330
>320
Ntb
Ntb
Verbonden partijen / Relevante samenwerkingspartners Verbonden partijen: Veiligheidsregio Utrecht Relevante samenwerkingspartners: inwoners, ondernemers, politie, Openbaar Ministerie, Bureau Regionale Veiligheidsstrategie, Regionaal Informatie- en Expertisecentrum, Veiligheidshuis Amersfoort, Coöperatie De kleine Schans, Omnia Wonen, maatschappelijke instanties, Bureau Halt, Buurtbemiddeling, Jeugdpunt, etc.
- 42 -
Wat gaat het kosten? In onderstaande tabel zijn de baten en lasten opgenomen die aan het programma verbonden zijn. Programma 3 Veiligheid
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2024
2025
2026
2027
Lasten
-1.271.533
-1.266.733
-1.266.733
Baten
0
0
0
0
Resultaat programma 3 voor bestemming
-1.271.533
-1.266.733
-1.266.733
-1.266.733
Resultaat in begroting 2023
-1.087.883
-1.083.083
-1.083.083
-1.083.083
-183.650
-183.650
-183.650
-183.650
Verschil begroting t.o.v. meerjarenbegroting 2023
-1.266.733
Financiële toelichting programma 3 Programma 3 Veiligheid
- = nadelig
Verwerkt
Budgettair
+ = voordelig
kadernota
neutraal
2024
2025
2026
2027
Bijdrage VRU (begroting 2024)
Ja
Nee
-99.000
-99.000
-99.000
-99.000
Overige (kleine) posten
Ja
Nee
-1.410
-1.410
-1.410
-1.410
Terugdraaien bezuiniging slachtofferhulp
Nee
Ja
-1.500
-1.500
-1.500
-1.500
Uitbreiding 1,0 fte BOA naar salariskostenkosten
Nee
Ja
61.760
61.760
61.760
61.760
Loonkosten (verdeling per programma)
Nee
Ja
Totaal
-143.500
-143.500
-143.500
-143.500
-183.650
-183.650
-183.650
-183.650
Bijdrage VRU (begroting 2024) In de begroting 2024 van de VRU stijgt de bijdrage van de gemeente Woudenberg structureel met € 99.000. De stijging wordt vooral veroorzaakt door de aanpassing van de ijkscores en loon- en prijsstijgingen. Overige (kleine) posten De overige kleine verschillen in programma 3 ten opzichte van de begroting 2023-2026 bedragen € 1.410 vanaf 2024. Dit betreft: Gemeentelijke bijdrage uitvoering integraal Veiligheidsplan. Terugdraaien bezuiniging slachtofferhulp In de begroting 2023-2026 is structureel een stelpost van € 150.000 opgenomen inzake het terugdraaien van bezuinigingen. De raad heeft in februari 2023 een besluit genomen welke bezuinigingen teruggedraaid kunnen worden. Deze zijn verwerkt in de verschillende programma’s van de begroting.
- 43 -
Uitbreiding 1,0 fte BOA naar loonkosten De post uitbreiding 1,0 fte BOA wordt overgeheveld naar salariskosten via programma 5. Loonkosten De totale loonkosten worden jaarlijks toegerekend aan de diverse programma’s en projecten. Ten opzichte van 2023 wordt in 2024 € 143.500 meer loonkosten toegerekend aan programma 3. De loonkosten worden toegelicht bij de paragraaf Bedrijfsvoering verderop in de begroting.
- 44 -
Ruimte, wonen en ondernemen Programma 4 Visie van het programma Een vitaal Woudenberg met ruimte voor wonen, werken en samenleven.
Wat houdt het programma in? Het programma ruimte, wonen en ondernemen omvat een diversiteit aan beleidsterreinen in het fysieke domein. Het gaat zowel om lokaal beleid, waarover gerapporteerd wordt via de diverse beleidsnota’s, maar ook over de uitvoering van diverse wettelijke taken. De integraliteit van het beleid krijgt steeds meer vorm en een nieuw wettelijk kader via de Omgevingswet en daarnaast wordt eind 2023 ook de nieuwe Woonvisie vastgesteld. Het programma heeft ook diverse raakvlakken met onderdelen van andere programma’s.
- 45 -
Trends en ontwikkelingen • De taken en ontwikkelingen die verband houden met het klimaatakkoord, zoals de Regionale Energiestrategie (hierna: RES), het verduurzamen van panden, de uitvoering van de Warmtevisie, het omgaan met netcongestie, circulaire economie en de veranderingen in het fysiek domein die hiermee samenhangen. • De druk op het buitengebied door nieuwe functies, wetgeving en de transitie van de landbouw, naast het belang van een gezond en vitaal platteland. • Woudenberg is een aantrekkelijke woongemeente en merkt de druk op de woningmarkt. De samenstelling van de bevolking verandert, we vergrijzen net als andere gemeenten in Nederland, maar er is in Woudenberg geen sprake van ontgroening. Daarnaast is er ook in Woudenberg sprake van een huishoudensverkleining en een substantieel aantal inwoners die scheef woont. Bij een goede woonomgeving past ook een sterke werkomgeving. Het versterken van de synergie tussen denkers en doeners in de beroepsbevolking, een goede bereikbaarheid, maar ook behoud en versterking van natuur en landschap, zijn daarbij belangrijk. • Niet alleen landelijk, maar ook in Woudenberg is er een tekort aan betaalbare woningen en woningen voor starters. Uit het Woonbehoefteonderzoek 2022 is gebleken dat er in Woudenberg behoefte is aan alle soorten woningen in alle prijscategorieën.
• De beleidskaders over de ruimtelijke kwaliteit moeten ervoor zorgen dat geen sprake is van ad-hoc-aanpassingen maar een ontwikkeling die ook op de lange termijn bijdraagt aan Woudenberg als aantrekkelijke woon-, werk- en verblijfsgemeente. • Het wettelijke kader veranderd met de Omgevingswet en dat geeft zeker in de wettelijke overgangsperiode veel onzekerheden en vraagt om extra inspanningen zowel van de markt als van onze gemeentelijke organisatie. De Omgevingswet versterkt de speerpunten van de dienstverlening in het bijzonder op het terrein van vergunningverlening, toezicht en handhaving.
Maatschappelijk effect 1: Duurzaamheid voor mens, milieu en markt Wat willen we bereiken? Binnen Woudenberg streven we naar een zo goed mogelijk leefklimaat voor iedereen en zetten vol in op de energietransitie. Dat doen we samen met inwoners en organisaties zoals de Stichting Duurzaam Woudenberg (SDW), coöperatie ZonopWoudenberg, Omnia Wonen en projectontwikkelaars. We werken aan vier grote duurzaamheidsthema’s, te weten energietransitie, klimaatadaptatie, circulaire economie en biodiversiteit. We blijven inzetten op bewustwording en kennisdelen. Wat gaan we ervoor doen? Duurzaamheid en dan in het bijzonder de transitie van elektra en warmte, maar ook de andere transities die nodig zijn om als Nederland en Woudenberg invulling te geven aan het klimaatakkoord zullen de komende jaren veel inspanning en geld kosten. Hoeveel is op dit moment nog niet goed in te schatten, want voor een belangrijk deel van deze transitie zijn wij afhankelijk van nieuwe technieken. Duidelijk is wel dat wij ons daar als gemeente goed op moeten voorbereiden. Deze voorbereiding bestaat uit twee hoofdlijnen: - gedragsverandering en besparen door aanmoedigen van isolatie - de voorbereiding op technische aanpassingen van de samenleving waarschijnlijk vooral in de openbare ruimte.
We nemen onze verantwoordelijkheid met de uitvoering van onder andere de RES, verminderen netcongestie, de transitievisie warmte, het groenbeleidsplan en het duurzaamheidsbeleid wordt vormgegeven aan de 4 duurzaamheidsthema’s. Er wordt gewerkt in het ontwikkelteam duurzaamheid met het uitvoeringsprogramma aanpak duurzaamheid, waar medewerkers voor alle pijlers (energietransitie, klimaatadaptatie, circulaire economie en biodiversiteit) zitting in hebben. Het is echter niet mogelijk om
- 46 -
alle thema’s gelijktijdig op te pakken: basis prioriteit is dan ook het verkrijgen en benutten subsidies en andere middelen waarmee vooral de huishoudens die zelf over voldoende middelen en mogelijkheden beschikken ondersteund worden in de verduurzaming. Daarbij zetten wij in op zon-op-dak en stimuleren we verduurzaming van bestaande huizen door samen met de energiecoaches van SDW een versnelling te brengen in een wijkgerichte aanpak. Ondersteunend daaraan is de campagne “Energie in Woudenberg”, waarin huiseigenaren worden ondersteund in het verduurzamen van hun woning. Dit kunnen kleine en grotere isolerende maatregelen in huizen van Woudenbergers zijn en is niet alleen gericht zijn op (sociale) huurwoningen, maar juist ook op huishoudens met een laag inkomen en die in het bezit zijn van koopwoningen die matig geïsoleerd zijn. Basis hiervoor is de Transitievisie warmte, waar een uitvoeringsagenda de komende jaren als een routekaart zal dienen. Waar mogelijk worden innovatieve technieken toegepast en wordt gezocht naar koppelkansen en een efficiënte manier van samenwerken. Ook blijven we actief met bewustwording, bijvoorbeeld door WAUW!denberg. We houden rekening met de gevolgen van klimaatverandering, zoals wateroverlast, hittestress en droogte (zie programma 2). Het Rijk heeft de ambitie om in 2050 een volledige circulaire economie te hebben.
Woudenberg ziet het ook als haar verantwoordelijkheid om aan deze ambitie bij te dragen. Dit vanuit het volle besef dat onze natuurlijke grondstoffen eindig zijn en het gebruik van ‘nieuwe’ (virgin) grondstoffen voor producten een grote weerslag heeft op ons milieu, bijvoorbeeld door het hoge energie- en waterverbruik en CO2-uitstoot. We streven naar vermindering van de hoeveelheid grondstoffen die we gebruiken en naar hergebruik en recycling. Dit doen wij enerzijds door zelf het juiste voorbeeld te geven. Zo groeien we naar een steeds meer circulaire gemeente, bijvoorbeeld door bij aanbestedingen circulariteit als een beoordelingscriterium mee te nemen. Anderzijds blijven wij inwoners en ondernemers stimuleren. Zo gaan wij bijvoorbeeld in gesprek met ondernemers over het verpakkingsvrij ondernemen. Wij gaan actief aan de slag met de verduurzaming van bedrijventerreinen. Dit zal een geheel apart speerpunt worden. Op het gebied van aquathermie en riothermie zijn de volgende onderzoeken gestart: Aquathermie: In samenwerking met Zon Op Woudenberg wordt onderzoek uitgevoerd naar de haalbaarheid van het toepassen van aquathermie in de wijk de Grift. Het idee is om warmte uit de Grift te halen en middels een warmtenet aan te bieden aan de woningen in de wijk de Grift. Het plan zal een lange doorlooptijd hebben.