CConstaterende datwoensdrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2023-04-06 Bijlage Ontwerp BP Antwerpsestraat 42-48 Putte - Toelichting bijlagen.pdf.pdf

Raadsvergadering 6 april 2023, gemeente woensdrechtBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan “Woningbouw Antwerpsestraat 42-48, Putte”19.986 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Woningbouw Antwerpsestraat 42-48 Putte

Woningbouw Antwerpsestraat 42-48 Putte, ontwerp

2

Inhoudsopgave

Bijlagen bij toelichting

5

Bijlage 1

Parkeeranalyse

6

Bijlage 2

Verkennend bodemonderzoek

13

Bijlage 3

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai

56

Bijlage 4

Sti kstofonde rzoe k

81

Bijlage 5

Aanmeldnotitie m.e.r.

103

Bijlage 6

Nota van inspraakreacties

109

Woningbouw Antwerpsestraat 42-48 Putte, ontwerp

3

Woningbouw Antwerpsestraat 42-48 Putte, ontwerp

4

Bijlagen bij toelichting

Woningbouw Antwerpsestraat 42-48 Putte, ontwerp

5

Bijlage 1

Parkeeranalyse

Woningbouw Antwerpsestraat 42-48 Putte, ontwerp

6

A

G

E

L

Stantec

adviseurs

Memo parkeeranalyse Datum

16 december 2021

Bestemd voor

Gemeente Woensdrecht

Van

M.A.N. van den Nouweland

Projectnummer

20170038-00

Betreft

Parkeeranalyse bouwplan Antwerpsestraat 42-48 te Putte

1

INLEIDING

1.1

Aanleiding

Paraaf:

Het voornemen is om aan de Antwerpsestraat 42-48 te Putte 21 appartementen te realiseren. De toekomstige planontwikkeling brengt een wijziging in de parkeerbehoefte met zich mee. Op basis van het GVVP en de CROW publicatie 381 Toekomstbestendig parkeren' is de parkeerbehoefte bepaald. In de toekomstige situatie is ruimte voor de realisatie van 28 parkeerplaatsen gereserveerd. Naar verwachting dient een deel van het parkeren van de bezoekers in de openbare ruimte, waaronder het Tervoplein, te worden opgevangen. In de huidige situatie was op de betreffende locatie een ABN AMRO kantoor en café/restaurant Den Hoorn gevestigd. De bezoekers en het personeel van deze functies maakten gebruik van het parkeerterrein op eigen perceel en ook van de parkeervoorzieningen in de openbare ruimte. De vraag is hoeveel aanspraak deze functies op het parkeren in het openbaar gebied maakte. De parkeerbehoefte van deze functies dienen daarbij berekend te worden op basis van de parkeernormen. Daarnaast dient er rekening te worden gehouden met het aantal beschikbare parkeerplaatsen op het terrein. Om de invloed van deze effecten in beeld te brengen heeft de initiatiefnemer aan AGEL-adviseurs gevraagd om een aanvullende parkeeranalyse uit te voeren. 1.2

Doelstelling

Doel van de onderhavige memo is inzichtelijk te maken wat de gevolgen van voorliggende ontwikkeling op de parkeerdruk in het openbaar gebied zijn en daarmee parkeerproblemen in de wijk te beperken. De beoordeling is gedaan op basis van de CROW-richtlijnen.

ISO 9001

Pagina 1 van 6 AGEL-adviseurs Hoevestein 20b 4903 SC Oosterhout

t. 0162-456481 e. info@ageladviseurs.nl i. www.ageladviseurs.nl

VCA* Systeemcertificaat EC-VCA-10362 heeft betrekking op het uitvoeren van veldwerk bodem, landmeten en direct toezicht op werken. Op alle door ons aanvaarde opdrachten en verrichte werkzaamheden zijn de ADe rechtsverhouding opdrachtgever-architect, ingenieur en adviseur DNR 2011 herzien (juli 2013)' van toepassing. De DNR 2011 herzien (juli 2013) wordt op verzoek toegezonden. Btw nr. NL800203823B01 - IBAN NL72ABNA0594482291 - BIC ABNANL2A - KvK Breda 20051141

A

G

E

L

Stantec

adviseurs

Datum: 14 december 2021 Betreft: Aanvullende parkeeranalyse bouwplan Antwerpsestraat 42-48 te Putte

2

20170038-00 blad 2

HUIDIGE SITUATIE

2.1 Planlocatie Voorheen was op de planlocatie een ABN Amro kantoor en café/restaurant Den Hoorn gevestigd. Beide panden zijn inmiddels gesloopt. Op het perceel (B2946) van het kantoor was een parkeerterrein met 17 parkeerplaatsen aanwezig. Op het perceel (B2945) van het café/restaurant was geen parkeergelegenheid op eigen terrein aanwezig. De verwachting is dat bezoekers van het café/restaurant parkeerden op het parkeerterrein van het kantoor en in de openbare ruimte. In onderstaande figuur zijn de voormalige functies op het perceel in beeld gebracht. Figuur 2.1 huidige functies

Opp. BVO VP 180m2 .

Opp. BVO BG 380ra2

KANTOOR

R .9 12. 13.

Opp. BVO

\

BG 280m2

CAFÉ/RESTAURANT

5 - \

Bron: BGT-kaart

Het ABN AMRO kantoor bestond gedeeltelijk uit twee bouwlagen waarvan het bruto vloeroppervlak ± 560m2* bedroeg. Het café/restaurant Den Hoorn had een bruto vloeroppervlak van ±280m2*.

oppervlakte bepaald op basis van de Basisregistratie Grootschalige Topografie (BGT)

A

G

E

L

Stantec

adviseurs

Datum: 14 december 2021 Betreft: Aanvullende parkeeranalyse bouwplan Antwerpsestraat 42-48 te Putte

3

20170038-00 blad 3

PARKEERBEHOEFTE

3.1 Huidige situatie Op basis van de voormalige functies is het aantal parkeerplaatsen berekend voor de voormalige situatie. Hierbij is gebruik gemaakt van de parkeerkencijfers volgens de CROW-publicatie 381 "toekomstbestendig parkeren" [1]. Volgens de adressendichtheid heeft Putte een stedelijkheidsgraad van niet stedelijk waarvan de planlocatie in 'rest bebouwde kom' is gelegen. In het GVVP is aangegeven dat mag worden uitgegaan van de gemiddelde parkeernorm. In de onderstaande tabel is de normatieve parkeerbehoefte voor het kantoor en het café/restaurant weergegeven. Tabel 3.1 Normatieve parkeerbehoefte Functie Functie CROW ABN Amro kantoor Café/restaurant De Hoorn

Aantal

Commerciële dienstverlening 560 (kantoor met baliefunctie) Café/bar (norm 6,0-8,0) en 280 restaurant (norm 14,0 -16,0)

Eenheid m2 BVO

Parkeerkencijfer Per 100m2 BVO 3,6*

Parkeerbehoefte 20,2

m2 BVO

11**

30,8

TOTAAL

51

* Gemiddelde van parkeerkencijfer 3,3 -3,8 kantoor met baliefunctie. ** Omdat Den Hoorn ook de functie van restaurant/café had is uitgegaan van het gemiddeld parkeerkencijfer van een beide functies (7 en 15 = 22, 22/ 2 = 11).

Doormiddel van het toepassen van aanwezigheidspercentages wordt in de berekening rekening gehouden met dubbelgebruik van de parkeerplaatsen op het parkeerterrein. In de onderstaande tabel staan de aanwezigheidspercentages [1] weergegeven zoals deze zijn toegepast bij het berekenen van de parkeersituatie. Tabel 3.2 aanwezigheidspercentages Werkdag ochtend Functie CROW Commerciële dienstverlening 1000/ Café 1 restaurant 30/ Bron: Aanwezigheidspercentages [1]

middag

avond

nacht

koopavo nd

zaterdag middag

zaterdag avond

zondag middag

1000/

5/

00/0

75/

0/

0/

0/

40/

90/

0/

85/

75/

100/

45/

In de onderstaande tabel is op basis van tabel 3.2 is de parkeerbehoefte per dagdeel bepaald. Tabel 3.3 Parkeerbehoefte per dagdeel Functie Parkeer­ behoefte Werkdag ochtend lOOo/o

nacht middag

avond

Koop­ avond

zaterdag middag avond

zondag middag

ABN Amro kantoor 20,2 Café/restaurant De Hoorn 30,8

20,2

20,2

1,0

0,0

15,2

0,0

0,0

0,0

9,2

12,3

27,7

0,0

26,2

23,1

30,8

13,9

TOTAAL

29,4

32,5

28,7

0

41,4

23,1

30,8

13,9

51

Uit de voorgaande tabel valt af te lezen dat de koopavond het maatgevende moment is voor de parkeerbehoefte van de voormalige situatie. De berekening laat zien dat er op basis van de parkeerkencijfers voor de voormalige situatie een parkeerbehoefte bestaat van 41,4 parkeerplaatsen.

A

G

E

L

Stantec

adviseurs

Datum: 14 december 2021 Betreft: Aanvullende parkeeranalyse bouwplan Antwerpsestraat 42-48 te Putte

3.2

20170038-00 blad 4

Toekomstige situatie

Op basis van de CROW-publicatie 381 "toekomstbestendig parkeren" [1]. Is het benodigd aantal parkeerplaatsen berekend voor de toekomstige appartementen. In de onderstaande tabel is de normatieve parkeerbehoefte voor de 21 appartementen weergegeven. Tabel 3.4 Normatieve parkeerbehoefte Functie (CROW) Aantal Parkeerkencijfer Gem.*

Aandeel

Koop, appartement, midden

14

1,9*

Bezoekers 0,3

Bewoners 1,6

Aantal parkeerplaatsen Bezoekers Bewoners 22,4 4,2

Totaal

Koop, appartement, goedkoop

7

1,6**

0,3

1,3

2,1

9,1

11,2

6,3

31,5

38

26,6

* Gemiddelde van parkeerkencijfer 1,5 -2,3 * Gemiddelde van parkeerkencijfer 1,2 -2,0

Omdat er op het parkeerterrein wordt geparkeerd door bewoners en bezoekers kan rekening worden gehouden met dubbelgebruik van de parkeerplaatsen op eigen terrein. In het GVVP is aangegeven dat minimaal 1 parkeerplaats per woning op eigen terrein dient te worden gerealiseerd. In de onderstaande tabel staan de aanwezigheidspercentages [1] weergegeven, zoals deze zijn toegepast bij het berekenen van de parkeersituatie. Tabel 3.5 aanwezigheidspercentages avond

nacht

Functie CROW

Werkdag middag ochtend

koopavond zaterdag zaterdag zondag middag avond middag

Woningen bewoners

50/

50/

90yo

1000/0

80/

60/

80/

70/

Woningen bezoeker 10/ Bron: Aanwezigheidspercentages [3]

20/

8007o

00/0

70/

60/

80/

70/

In de onderstaande tabel is op basis van tabel 3.5 is de parkeerbehoefte per dagdeel bepaald. Tabel 3.6 Parkeerbehoefte per dagdeel Functie Parkeerbehoefte Werkdag ochtend 10007o

middag avond

Woningen bewoners

31,5

15,8

15,8

Woningen bezoekers

6,3

0,6

1,3

TOTAAL

37,8

16,4

___

nacht

koopavond zaterdag zondag middag avond middag

28,4

31,5

25,2

18,9

5,0

0,0

4,4

33,4

31,5

29,6

25,2

22,1

3,8

5,0

4,4

22,7

30,2

26,5

Uit de voorgaande tabel valt af te lezen dat de werkdagavond het maatgevende moment is voor de parkeerbehoefte. De berekening laat zien dat er op basis van de parkeerkencijfers voor de toekomstige situatie een parkeerbehoefte bestaat van 33,4 parkeerplaatsen.

A

G

E

L

Stantec

adviseurs

Datum: 14 december 2021 Betreft: Aanvullende parkeeranalyse bouwplan Antwerpsestraat 42-48 te Putte

3.3

20170038-00 blad 5

Parkeerbalans

Op basis van de parkeerkencijfers is de parkeerbehoefte voor de huidige en toekomstige situatie in beeld gebracht. Voor de voormalige functie is de koopavond als maatgevend aangemerkt met een parkeerbehoefte van 42 parkeerplaatsen. Voor de toekomstige functies is de werkdag avond maatgevend. Voor de vergelijking is deze werkdag avond als uitgangspunt gehanteerd. In de volgende tabel zijn de resultaten aangegeven van de parkeerbalans. Tabel 3.7 Parkeerbalans huidige en toekomstige situatie Parkeerbehoefte werkdag avond Functie

Huidige situatie

Toekomstige situatie

Bestaand ABN Amro kantoor

1,0

-

Bestaand café/restaurant Den Hoorn Appartementen

27,7

-

Totale parkeerbehoefte

28,7

33,4

Aantal parkeerplaatsen beschikbaar op eigen terrein

17

28

Rest (parkeert in de openbare ruimte)

-10,7

-5,4

33,4

Uit de parkeerbalans komt naar voren dat er in de huidige situatie afgerond 11 auto's in de openbare ruimte geparkeerd dienen te worden om de parkeerbehoefte op te vangen. Er is daarbij uitgegaan dat bezoekers van het restaurant/café ook op het parkeerterrein van het kantoor parkeren. In de toekomstige situatie worden voor de appartementen 6 auto's in de openbare ruimte geparkeerd. Het gaat hierbij voornamelijk om bezoekers die vaak 's avonds of in het weekend op zondag komen, waarbij de parkeerdruk laag is.

4

CONCLUSIE

Volgens de parkeerbalans kan de parkeerbehoefte van de toekomstige 21 appartementen niet geheel op eigen terrein worden opgevangen. Tijdens de maatgevende periode (werkdagavond) dienen er 6 auto's in de openbare ruimte te parkeren. Om te beoordelen of dit aantal geparkeerde voertuigen parkeerproblemen geeft in de openbare ruimte is in kaart gebracht hoeveel aanspraak de huidige functies op het parkeren in het openbaar parkeerplaatsen maakte. In de huidige situatie was café/restaurant Den Hoorn gevestigd die geen parkeerfaciliteiten had op eigen terrein. De bezoekers van het café/restaurant hebben waarschijnlijk gebruik gemaakt van het parkeerterrein van het naast gelegen ABN AMRO kantoor. Volgens de parkeerbalans kan de parkeerbehoefte van de huidige functies niet geheel op het eigen terrein van het kantoor worden opgevangen. Tijdens de maatgevende periode (werkdagavond) werden er 11 auto's in de openbare ruimte geparkeerd. Hieruit kunnen we concluderen dat in de huidige situatie 5 voertuigen méér parkeren in de openbare ruimte dan te verwachten is in de toekomstige situatie. De realisatie van de appartementen zal daarbij geen toename geven op de parkeerdruk in het openbaar gebied.

A G

E L

adviseurs

Datum: 14 december 2021 Betreft: Aanvullende parkeeranalyse bouwplan Antwerpsestraat 42-48 te Putte

5

LITERATUUR EN GERAADPLEEGDE BRONNEN

1.

CROW 381 Toekomstbestendig parkeren.

Stantec

20170038-00 blad 6

Bijlage 2

Verkennend bodemonderzoek

Woningbouw Antwerpsestraat 42-48 Putte, ontwerp

13

ruimte

A G E L infra bouw adviseurs milieu

Verkennend bodemonderzoek en onderzoek naar asbest in de bodem Antwerpsestraat 42-48 te Putte

onze omgeving creëren

A G E L

ad v1seurs

ruimte infra bouw milieu

Verkennend bodemonderzoek en onderzoek naar asbest in de bodem Antwerpsestraat 42-48 te Putte

Opdrachtgever

De Nieuwe Hoorn Exploitatie B.V. Postbus 53 4645 ZH PUTTE

Projectnummer

20170038

Status rapport/ versie nr.

Definitief 04

Datum

10 december 2019

Opgesteld door

mw. M.A. Beljaars-Martens

Gecontroleerd door

mw. drs. C.J.M. Ottenhof

Voor akkoord

mw. mr. ir. H. Wenting

Paraaf:

Versie nr.

Datum

Omschrijving

Opgesteld door

Gecontroleerd door

D.01

06-06-2019

Verkennend bodemonderzoek Antwerpsestraat 42-48 te Putte

MBel

co

D.02

13-08-2019

Verkennend bodemonderzoek en onderzoek naar asbest in de bodem Antwerpsestraat 42-48 te Putte

co

JB

D.03

10-12-2019

Aanvullend onderzoek naar minerale olie

MBel

D.04

09-07-2020

Inclusief aanvullingen

MBel

co co

•.:! ■ .\.�.i ■ • ■ •••• ••••••••••••

■■,:• ■■ ■ ■ .,••• ■ ■;" '".,'•\••••• ■ •• Normec

Normec

Normec

.g,;:c

Postbus 4156 4900 CD Oosterhout Hoevestein 20b 4903 se Oosterhout

BRLSIKB2000 t.(0162) 456'to'.i"' f.(0162) 435588 info@ageladviseurs.n1 www.ageladviseurs.nl

Normec

150 9001

1S09001

j—

i

GEL viseurs d .

D04 Verkennend bodem- en asbestonderzoek Antwerpsestraat 42-48 Putte

ruimte if bouw milieu

20170038 Juli, 2020 Samenvatting

SAMENVATTING

Algemeen Opdrachtgever Adres onderzoekslocatie Kadastrale registratie Oppervlakte onderzoekslocatie Huidig gebruik Type onderzoek Aanleiding onderzoek

De Nieuwe Hoorn Exploitatie B.V. Antwerpsestraat 42-48 te Putte Sectie B, nummers 2945 en 2946 Ca. 1.870 m2 Op nr. 42 een leegstaand café en restaurant en op nr. 46­ 48 een half vrijstaand kantoor gebouw Verkennend bodem- en asbestonderzoek inclusief aanvullend afperkend onderzoek Realisatie van 21 appartementen

Resultaten vooronderzoek en hypothese Hypothese conform NEN 5740 : Onverdacht Hypothese conform NEN 5707 : Verdacht op basis van de bijmengingen met puin

Uitvoering veld-en laboratoriumonderzoek Datum: - Grond : 20 mei 2019, 29 augustus 2019 - Grondwater : 27 mei 2019 - Asbest : 2 juli en 7 augustus 2019 Veldmedewerkers en protocol : M.P. van Ast, B.C.M.M. Snepvangers, C.J.M. van Laarhoven en A. Jongbloed1 conform de BRL SIKB 2000 (protocollen 2001, 2002 en 2018) Laboratorium : Eurofins OMEGAM Laboratoria te Amsterdam Samenvatting resultaten verkennend bodemonderzoek Grond: - Zintuiglijke waarnemingen Zwak baksteenhoudend, matig sintelhoudend, sporen puin, resten houtskool Cadmium, kobalt, koper, lood, nikkel, zink en PAK » AW - Bovengrond (0,0-0,5 m-mv) " Ondergrond (0,5-2,0 m-mv) Alle parameters c AW Minerale olie, som xylenen » I; ethylbenzeen » AW (spot) - Meetpunt 105/105A Variërend van altijd toepasbaar tot niet toepasbaar " Indicatieve toetsing Bbk Asbest: Geen asbest (maaiveldinspectie conform NEN 5707 niet - Maaiveld mogelijk i.v.m. klinkerverharding) - Grond Zowel visueel (fractie » 20 mm) als analytisch (fractie c 20 mm) geen asbest - Puin Totaal gewogen gehalte aan asbest van 1,3 mg/kg d.s. Grondwater Alle parameters c S Tijdens het verkennend onderzoek naar asbest in de bodem is ter plaatse van proefgat 105/105A direct onder de klinker (traject 0,07-0,25 m-mv) een sterke oplosmiddelgeur en een matige olie-water reactie waargenomen. In de grond zijn sterk verhoogde gehalten aan minerale olie en som xylenen gemeten.

Daarnaast is een licht verhoogd gehalte aan ethylbenzeen aangetoond. Op basis van de verhoogde gehalten zijn hier vijf aanvullende afperkende boringen (1000 serie) uitgevoerd. Bij deze boringen zijn in het traject van 0,06 tot 1 De heer Jongbloed is een veldmedewerker in opleiding.

ruimte

A i G* E L infra bouw adviseurs milieu D04 Verkennend bodem- en asbestonderzoek Antwerpsestraat 42-48 Putte

20170038 Juli, 2020 Samenvatting

0,75 m-mv geen gehalten aan minerale olie boven de achtergrondwaarde aangetoond. Hiermee is de verontreiniging zowel verticaal als horizontaal afgeperkt. Op de onderzoekslocatie is sprake van een spot met minerale olie. De spot heeft een omvang kleiner dan 25 m3. Er is geen sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging. Daarom is het in het kader van de Wet bodembescherming niet noodzakelijk om een BUS-melding te verrichten of een (deel-)saneringsplan op te stellen. Aangezien het een mobiele verontreiniging betreft wordt evenwel aanbevolen de spot bij de herinrichting van het terrein te verwijderen. Aanbevolen wordt om in overleg met het bevoegd gezag vast te stellen in hoeverre voor de werkzaamheden een Plan van Aanpak dient te worden opgesteld.

ruimte

A G E L infra bouw adviseurs milieu D04 Verkennend bodem- en asbestonderzoek Antwerpsestraat 42-48 Putte

20170038 Juli, 2020 blad 2

SAMENVATTING

INHOUD 1

2

blz.

INLEIDING 1.1 Aanleiding en doel

4

1.2

4

Kwaliteitsborging en onafhankelijkheid

Leeswijzer 1.3 VOORONDERZOEK 2.1 Inleiding Aanleiding vooronderzoek 2.2

4

4 5 5 5

2.3 2.4

Bronvermelding

5

Locatiegegevens

2.5

Gebruik en beïnvloeding van de locatie

6 7 7

2.5.1 2.5.2

3

4

Voormalig gebruik Huidig gebruik en terreinverkenning

8

2.6

Verwachting ten aanzien van de bodemkwaliteit

9 9

2.7

2.6.1 Zonering bodemkwaliteitskaart 2.6.2 Beschikbaar bodemonderzoek Bodemopbouw en geohydrologie

9 10

2.8 Conclusie vooronderzoek en hypothese(n) VELD - EN LABORATORIUMONDERZOEK

10 12

3.1 3.2

Onderzoeksopzet Veldonderzoek

12 12

3.2.1

Uitgevoerde veldwerkzaamheden

12

3.2.2 3.2.3

Resultaten maaiveldinspectie Resultaten veldonderzoek

Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd.

Laboratoriumonderzoek 3.3 3.4 Toetsingskader en toetsing analyseresultaten RESULTATEN EN INTERPRETATIE 4.1

Resultaten grondonderzoek

4.2

Resultaten asbestonderzoek

5

Resultaten grondwateronderzoek 4.3 4.4 Toetsing van de hypothese CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN

6

NORMERING EN BETROUWBAARHEID

13 14 15 16 16 17 17 18 19 21

ruimte

A G E L infra bouw adviseurs milieu D04 Verkennend bodem- en asbestonderzoek Antwerpsestraat 42-48 Putte

20170038 Juli, 2020 blad 3

BIJLAGEN

1 2 3 4 5 6 7 8 9

Locatiekaart Situatietekening met monsternemingspunten Boorbeschrijvingen Analysecertificaten Toetsing analyseresultaten Toelichting en achtergrond toetsingskader Relevante informatie vooronderzoek Fotoreportage Kwaliteitsborging en onafhankelijkheidsverklaring

© AGEL adviseurs 2020 Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie of op welke andere wijze dan ook zonder voorgaande toestemming van AGEL adviseurs bv, noch mag het zonder een dergelijke toestemming worden gebruikt voor enig ander werk dan waarvoor het is vervaardigd.

ruimte

A i G* E L infra bouw adviseurs milieu D04 Verkennend bodem- en asbestonderzoek Antwerpsestraat 42-48 Putte

1

1.1

20170038 Juli, 2020 blad 4

INLEIDING

Aanleiding en doel

In opdracht van De Nieuwe Hoorn Exploitatie B.V. heeft AGEL adviseurs een verkennend bodemonderzoek en onderzoek naar asbest in de bodem uitgevoerd ter plaatse van een locatie aan de Antwerpsestraat 42-48 te Putte. Op de locatie Antwerpsestraat 42 bevindt zich een leegstaand café en restaurant en op de locatie Antwerpsestraat 46-48 een half vrijstaand kantoorgebouw. Achter de gebouwen bevinden zich parkeerplaatsen. De onderzoekslocatie heeft een oppervlakte van circa 1.870 m2. De aanleiding voor het uitvoeren van het bodemonderzoek vormt de ruimtelijke herontwikkeling van de locatie. In het kader hiervan is inzicht gewenst in de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem. Op basis van de resultaten van het verkennend bodem- en asbestonderzoek dient te worden vastgesteld of de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem een belemmering vormt voor de ruimtelijke herontwikkeling van de locatie. Het verkennend bodemonderzoek is uitgevoerd conform de NEN 5740. De doelstelling van het verkennend bodemonderzoek is inzicht te krijgen in de actuele milieuhygiënische kwaliteit van de bodem en daarmee vast te stellen of er op de locatie verontreinigende stoffen in de grond of het freatisch grondwater aanwezig zijn.

Naar aanleiding van de tijdens het verkennend bodemonderzoek aangetroffen bijmengingen met puin, is tijdens een tweede fase van het onderzoek een verkennend asbestonderzoek uitgevoerd conform de NEN 5707. De doelstelling van het verkennend onderzoek asbest is om met een relatief geringe onderzoeksinspanning na te gaan of de verdenking op verontreiniging van de bodem met asbest terecht is en een indicatieve uitspraak te doen over het asbestgehalte in de bodem. 1.2

Kwaliteitsborging en onafhankelijkheid

Het project is uitgevoerd volgens het kwaliteitssysteem van AGEL adviseurs. AGEL adviseurs is gecertificeerd door Normec Certification (nummer EC-SIK-20258). De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd conform de BRL SIKB 2000 (protocollen 2001, 2002 en 2018), waarvoor AGEL adviseurs erkend is door Rijkswaterstaat Leefomgeving. Het laboratoriumonderzoek is uitgevoerd door het milieulaboratorium van Eurofins OMEGAM Laboratoria te Amsterdam. In bijlage 9 is de kwaliteitsborging en onafhankelijkheidsverklaring opgenomen. 1.3

Leeswijzer

Voorliggend rapport is als volgt opgebouwd: - vooronderzoek en onderzoekshypothese (hoofdstuk 2); - veld- en laboratoriumonderzoek (hoofdstuk 3); - resultaten en interpretatie (hoofdstuk 4); " conclusies en aanbevelingen (hoofdstuk 5). In hoofdstuk 6 wordt tenslotte een toelichting gegeven op het normenkader en de factoren die van invloed kunnen zijn op de betrouwbaarheid van het onderzoek.

j—

i

GEL viseurs d .

D04 Verkennend bodem- en asbestonderzoek Antwerpsestraat 42-48 Putte

2

VOORONDERZOEK

2.1

Inleiding

ruimte if bouw milieu 20170038 Juli, 2020 blad 5

Onderdeel van het verkennend bodem- en asbestonderzoek conform de NEN 5740 en NEN 5707 is het verrichten van een vooronderzoek conform de NEN 5725. Het doel van het vooronderzoek is inzicht krijgen in de mogelijke aanwezigheid van verontreinigingen op de onderzoekslocatie. Om dit doel te bereiken is relevante informatie over de onderzoekslocatie en eventueel de beïnvloeding vanuit de directe omgeving verzameld, geanalyseerd en geïnterpreteerd. De te verzamelen informatie heeft betrekking op locatiegegevens, bodemopbouw, geohydrologie, te verwachten bodemkwaliteit en potentieel bodembedreigende activiteiten op de vooronderzoekslocatie. Op basis van de resultaten van het vooronderzoek wordt de onderzoekshypothese voor het verkennend bodemonderzoek opgesteld. Ook kunnen de resultaten van het vooronderzoek worden gebruikt bij de interpretatie van de resultaten van het bodemonderzoek. 2.2

Aanleiding vooronderzoek

De aanleiding voor het vooronderzoek conform de NEN 5725 is: A) Opstellen hypothese over de milieuhygiënische bodemkwaliteit ten behoeve van uit te voeren bodemonderzoek. 2.3

Bronvermelding

In het kader van het vooronderzoek zijn de onderstaande bronnen geraadpleegd. Tevens is aangegeven of voor de onderzoekslocatie relevante informatie aangetroffen is. Tabel 2.1: Geraadpleegde bronnen Instantie Aspect Afbakening onderzoeksgebied Informatie huidig en voormalig gebruik Toekomstig gebruik Eerder bodemonderzoek Bodemloket Informatie Landsdekkend beeld/Globis Gemeente Woensdrecht/ Bodemkwaliteitskaart Omgevingsdienst Midden- en BodemInformatiesysteem (BIS) en/of eerder onderzoek West Brabant Archief BOOT/tankenbestand Vervallen Hinderwetvergunningen (statisch) Actuele milieuvergunningen (dynamisch) Bouwvergunningen Literatuur en eigen archief Topografische kaart en luchtfoto google earth Historische atlas Topotijdreis DINOloket Grondwaterkaart van Nederland, TNO Grondwateronttrekkingen Provinciale milieuverordening (PMV) Kadaster Kadastrale situatie Kabels en leidingen informatie (KLIC) Terreinverkenning Bodembedreigende activiteiten Verwachting t.a.v. asbest Locatie interviews + : Informatie aanwezig m.b.t. onderzoekslocatie; : Geen voor het onderzoek relevante informatie aanwezig m.b.t. onderzoekslocatie. Opdrachtgever

Relevante informatie aanwezig + + + + + + + + + + + -

ruimte

A G E L infra bouw adviseurs milieu D04 Verkennend bodem- en asbestonderzoek Antwerpsestraat 42-48 Putte

2.4

20170038 Juli, 2020 blad 6

Locatiegegevens

Onderstaand zijn de locatiegegevens samengevat. Tabel 2.2: Locatiegegevens Aspect Adres Kadastraal

Gegevens Antwerpsestraat 42-48 te Putte Gemeente: Woensdrecht Sectie: B Nummers: 2945 en 2946 x: 8.5842 y: 374.790 Circa 1.870 m2 Onderzoekslocatie: 1.870 m2

Topografie en RD-coördinaten (biįlage 1) Oppervlakte kadastraal perceel(-en)

In figuur 2.1 is de ligging van de onderzoekslocatie weergegeven. Een situatietekening met begrenzing van de onderzoekslocatie is tevens opgenomen in bijlage 2. Figuur 2.1: Luchtfoto onderzoekslocatie (met rood aangegeven,

«ţPSv* '-rĩ'-Lůtį mSk i ,'sįĄftp

F JŽľ^^JMMįEļjr ' ķ*.

įĵti V P-^aK 'á W-3&Ě ŕ sw^1 mmW':\ ŗjįļĝ -tt į

ţjEjģk

y*

mBPÜH'

ffiįjįļjr v ' .

t \

t 'jfójÊĚ'-

; ŕ

.*ä ;

"

^įğ

'

ľJBįjî^

R mm tìķ; - "

Pc ï9P3e

^t00^SĮ^M{ T ^JB Tį

árWĻ-

įfļ ftH ģì. :

•uE

--

ĮĮbŞ mi?

İKf : -mm

\^ļfiL,-ļ ìJĮpP

Voor de afbakening van de onderzoekslocatie is gekozen voor een perceelsgewijze afbakening waarop de voorgenomen ruimtelijke ontwikkeling betrekking heeft. Het geografisch gebied waarop het vooronderzoek betrekking heeft richt zich op de onderzoekslocatie waarbinnen het geografisch besluitvormingsgebied valt en de aangrenzende percelen tot een maximale afstand van 25 meter.

ruimte

A G E L infra bouw adviseurs milieu D04 Verkennend bodem- en asbestonderzoek Antwerpsestraat 42-48 Putte

2.5

Gebruik en beïnvloeding van de locatie

2.5.1 Voormalig gebruik In figuur 2.2 zijn een aantal historische topografische kaarten opgenomen. Figuur 2.2: Historische topografische kaarten van de onderzoeksiocatie (rode cirkel) 1940

wwm-

mwm ŵekw

I960

SSIII

20170038 Juli, 2020 blad 7

ruimte

A G E L infra bouw adviseurs milieu D04 Verkennend bodem- en asbestonderzoek Antwerpsestraat 42-48 Putte

20170038 Juli, 2020 blad 8

1980

WğĘĚm

('Warande •kàļl IfHl

2000

"vfu: A z

ijĵ*

IA

o A\\į*

létte

Op de historische topografische kaart van 1940 was de Antwerpsestraat al aanwezig. De directe omgeving van de onderzoekslocatie was voornamelijk in gebruik als bouwland/weiland. In de loop der jaren is de bebouwing toegenomen. Op basis van de Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG) is de huidige bebouwing aan de Antwerpsestraat 42 in 1963 gebouwd en de bebouwing aan de Antwerpsestraat 48 in 1985. 2.5.2 Huidig gebruik en terreinverkenning De onderzoekslocatie bevindt zich in een woonwijk. In de directe omgeving van de locatie zijn geen factoren bekend die van invloed zijn op de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem ter plaatse van de onderzoekslocatie. De onderzoekslocatie is momenteel deels in gebruik als leegstaand café en restaurant (Antwerpsestraat 42) en een leegstaand kantoorpand (Antwerpsestraat 48) met daarachter een parkeerterrein. Het onbebouwde deel (parkeerplaatsen) is overwegend verhard met klinkers.

De foto's in figuur 2.3 geven een indruk van de locatie. In bijlage 8 zijn aanvullende locatiefoto's opgenomen.

ruimte

A G E L infra bouw adviseurs milieu D04 Verkennend bodem- en asbestonderzoek Antwerpsestraat 42-48 Putte

Figuur 2.3: 2 Foto's onderzoeksiocatie

HUILI

SU!

20170038 Juli, 2020 blad 9

^'

:

Tijdens de terreinverkenning voorafgaand aan het veldwerk zijn op het buitenterrein een aantal opslagvaten met frituurvet aangetroffen. Niet bekend is of de vaten altijd op deze plek hebben gestaan of elders op het terrein. Op het maaiveld zijn geen waarnemingen gedaan die wijzen op morsingen ed. Uitpandig is geen vetput aangetroffen. De bebouwing is ten tijde van deze rapportage d.d. juli 2020 inmiddels gesloopt. Door de sloper is aangegeven dat tijdens de sloop van de bebouwing ook inpandig geen vetput of andere voormalige verdachte activiteiten zijn aangetroffen. Aan de oostkant van de bebouwing is een kleine bebouwing aanwezig met daarop asbestverdachte dakbedekking. Aangezien tijdens de maai veldinspectie geen asbestverdacht plaatmateriaal op het maaiveld is aangetroffen en de verharding bestaat uit klinker, is de kans zeer klein geacht dat asbest in de bodem terecht is gekomen. Voor het overige zijn tijdens de terreinverkenning voorafgaand aan het veldwerk aan het oppervlak van de locatie geen indicaties verkregen die in verband kunnen worden gebracht met een mogelijke verontreiniging van de bodem. Voor zover zintuiglijk waarneembaar zijn er bij de indicatieve inspectie geen asbestverdachte materialen in de bebouwing of op de bodem aangetroffen. 2.6

Verwachting ten aanzien van de bodemkwaliteit

2.6.1 Zonering bodemkwaliteitskaart Voor de gemeente Woensdrecht is een bodemkwaliteitskaart beschikbaar. Op basis van deze bodemkwaliteitskaart wordt ter plaatse van de onderzoekslocatie de volgende bodemkwaliteit verwacht: - bovengrond (0,0-0,5 m-mv) : klasse AW2000; " ondergrond (0,5-2,0 m-mv) : klasse AW2000.

Op de bodemfunctieklassenkaart is de onderzoekslocatie gelegen in de zone Wonen. 2.6.2 Beschikbaar bodemonderzoek Ten behoeve van het vooronderzoek is een omgevingsrapportage opgevraagd. Van de onderzoekslocatie zijn geen eerdere bodemonderzoeken beschikbaar. In de directe omgeving van de onderzoekslocatie zijn de in tabel 2.3 opgenomen bodemonderzoeken bekend. De resultaten van de onderzoeken zijn niet bekend. Er is geen vervolgactie in het kader van de Wet Bodembescherming in de omgevingsrapportage opgenomen. Aanvullende informatie is opgevraagd bij de gemeente Woensdrecht (d.d. 20 mei 2019). Tot op heden is geen informatie vanuit de gemeente beschikbaar gesteld.

j—

i

ruimte

GEL viseurs d

if bouw

.

D04 Verkennend bodem- en asbestonderzoek Antwerpsestraat 42-48 Putte

milieu 20170038 Juli, 2020 blad 10

Uit de beschikbare bodeminformatie wordt verwacht dat ter plaatse van de onderzoekslocatie geen sprake is van een geval van (ernstige) bodemverontreiniging. Een kopie van de omgevingsrapportage is opgenomen in bijlage 7. Tabel 2.3: Beschikbare bodemonderzoeken Titel Breestraat 5 (P) Bouwstoffenbesluit Sanerings evaluatie Nader onderzoek Oriënterend bodemonderzoek Verkennend onderzoek NVN 5740 Molenstraat/Breestraat/Nieuwstraat Verkennend onderzoek NVN 5740

2.7

Datum

Onderzoeksbureau

April 1998 Maart 1997 Mei 1996 April 1996 Juli 1995

Witteveen + Bos Witteveen + Bos Witteveen + Bos Witteveen + Bos Witteveen + Bos

April 1996

Regionale Milieudienst

Bodemopbouw en geohydrologie

Het maaiveld bevindt zich op ongeveer 12 m+NAP. Van de locatie is de volgende regionale bodemopbouw bekend. Tabel 2.4: Bodemopbouw en geohydrologie Diepte (m -mv) Formatie 0,0 - 9,1 Formatie van Boxtel 9,1 - 30,2 30,2 - 51,3

Geohydrologische eenheid Zand, zeer fijn tot zeer grof, lokaal kleiig, grindig of humeus; leem, lokaal zandig, lokaal humeus; klei, siltig tot zandig; veen, kleiig Formatie van Peize en van Zand, matig fijn tot uiterst grof, lokaal kleiig tot grindig; klei, lokaal siltig Waalre tot zandig, lokaal humeus; veen, lokaal kleiig Formatie van Oosterhout Zand, matig fijn tot matig grof, glauconiethoudend, schelphoudend; klei, siltig tot zandig

Voor zover bekend op basis van de beschikbare gegevens hebben in het verleden geen ophogingen, dempingen of calamiteiten plaatsgevonden. In de directe omgeving van de onderzoekslocatie is geen oppervlaktewater aanwezig. De locatie is niet gelegen in een grondwaterwingebied of grondwaterbeschermingsgebied. 2.8

Conclusie vooronderzoek en hypothese(n)

Op basis van het uitgevoerde vooronderzoek zijn in onderstaande tabel de antwoorden op de onderzoeksvragen geformuleerd. Tabel 2.5: Beantwoording onderzoeksvragen Onderzoeksvraag Wat is de afbakening van de onderzoekslocatie en is deze voldoende? Wat is de bodemopbouw en geohydrologie? Is er binnen de onderzoekslocatie sprake van verschillende fysische kwaliteiten en/of bodemvreemde lagen? Wat is de kwaliteitsklasse op basis van de bodemkwaliteitskaart? Zijn binnen de onderzoekslocatie potentiele bronnen van bodemverontreiniging aanwezig? Is er sprake van beïnvloeding vanuit de omgeving van de bodemkwaliteit of de kwaliteit van het grondwater? Wordt op de onderzoekslocatie of een deel daarvan (een geval van ernstige) bodemverontreiniging verwacht? Is de bodem asbestverdacht?

Antwoord Zie figuur 2.1.

Op basis van het vooronderzoek wordt voornamelijk zand verwacht.

De kwaliteitsklasse betreft AW2000.

Er zjn geen potentiele bronnen van bodemverontreiniging bekend. Nee, er is geen sprake van beïnvloeding vanuit de omgeving van de bodemkwaliteit of kwaliteit van het grondwater. Nee, er wordt op de onderzoekslocatie geen (ernstige) bodemverontreiniging verwacht. De locatie is niet asbestverdacht.

ruimte

A i G* E L infra bouw adviseurs milieu D04 Verkennend bodem- en asbestonderzoek Antwerpsestraat 42-48 Putte

20170038 Juli, 2020 blad 11

Op basis van de resultaten van het vooronderzoek wordt geconcludeerd dat de milieu­ hygiënische kwaliteit van de bodem niet afdoende bekend is. Er zijn geen actuele gegevens over de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem bekend. Er dient een verkennend bodemonderzoek conform de NEN 5740 te worden uitgevoerd. De onderzoekslocatie wordt aangemerkt als een, voor bodemverontreiniging, onverdachte locatie. Dit betekent dat conform de NEN 5740 de strategie ONV-NL van toepassing is en er geen overschrijdingen van de streefwaarden respectievelijk lokale achtergrondwaarden worden verwacht. Derhalve wordt voor het chemisch onderzoek uitgegaan van de parameters uit het standaard analysepakket conform de NEN 5740, om de bodemkwaliteit ten aanzien van de meest gangbare parameters vast te stellen. Op basis van de resultaten van het vooronderzoek werd de onderzoekslocatie in eerste instantie als onverdacht aangemerkt ten aanzien van het voorkomen van asbest in de bodem. Er zijn in de beschikbare bodeminformatie en bij de indicatieve maaiveldinspectie geen concrete aanwijzingen geconstateerd voor potentieel bodembelastende activiteiten en/of waaruit blijkt dat op of in de bodem substantiële hoeveelheden verdacht puin en/of asbestverdacht materiaal aanwezig is.

Naar aanleiding van het aantreffen van puin in de bodem tijdens het verkennend bodemonderzoek, is tijdens een tweede fase van het onderzoek alsnog een verkennend onderzoek naar asbest in de bodem uitgevoerd. Het verkennend onderzoek asbest is uitgevoerd conform de NEN 5707, strategie voor een verdachte locatie met diffuse bodembelasting, heterogeen verdeeld. De bovengrond is daarbij het meest verdacht.

j—

i

GEL viseurs d .

D04 Verkennend bodem- en asbestonderzoek Antwerpsestraat 42-48 Putte

3

3.1

ruimte if bouw milieu 20170038 Juli, 2020 blad 12

VELD- EN LABORATORIUMONDERZOEK

Onderzoeksopzet

In tabel 3.1 is een overzicht opgenomen van de onderzoeksopzet en hierbij behorende veldwerkzaamheden en analyses. De locatietekening met situering van de monsternemingspunten is opgenomen in bijlage 2. Tabel 3.1: Opzet veld- en laboratoriumonderzoek Onderzoek Veldonderzoek

Boring/proefgat tot 0,5 m-mv 8

Boring/proefgat tot 2,0 m-mv 2

Laboratoriumonderzoek

Boring met peilbuis 1

Grond

Grondwater

Verkennend Bovengrond: 2 x pakket A 1 x pakket B bodemonderzoek Ondergrond: 1 x pakket A Ca. 1.870 m2 Verkennend 10 2 2 x asbest in grond asbestonderzoek Ca. 1.870 m2 Aanvullend onderzoek 3 1 1 5x Tankstationpakket A pakket : Standaard stoffenpakket grond (A) met de parameters organische stof en lutum, de metalen barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink en de organische parameters som-PCB's, somPAK's en minerale olie. B pakket : Standaard stoffenpakket grondwater (B) met de parameters vluchtige aromaten (BTEXN), vluchtige gechloreerde koolwaterstoffen (VOCl 17 parameters), minerale olie (GC) en zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink).

Op basis van de resultaten van het verkennend bodemonderzoek zijn aanvullende boringen geplaatst (1000-nummers) om een vastgestelde verontreiniging met minerale olie bij meetpunt 105A (0,07 -0,25) nader in beeld te brengen. Boring/peilbuis 1001 is ter plaatse van meetpunt 105A geplaatst. 3.2

Veldonderzoek

3.2.1 Uitgevoerde ve/dwerkzaamheden De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd op: - protocol 2001 (plaatsen boringen en peilbuizen): 20 mei 2019, 29 augustus 2019; " protocol 2002 (grondwaterbemonstering): 27 mei 2019; " protocol 2018 (maaiveldinspectie en monsterneming van asbest in bodem): 2 juli en 7 augustus 2019.

Het veldonderzoek heeft uit de volgende werkzaamheden bestaan: " Het uitvoeren van een terreinverkenning en visuele inspectie van het maaiveld. - Het plaatsen van de proefgaten, boringen en peilbuis zoals opgenomen in tabel 3.1. De peilbuis is voorzien van een filter met een lengte van 1,0 meter en afgewerkt met filtergrind en een bentonietafsluiting; " Het classificeren van de vrijgekomen grond uit de boringen (vaststellen bodemopbouw) en het beoordelen op de aanwezigheid van verontreinigingen; " Het visueel inspecteren van de grove fractie ^ 20 mm) op asbestverdachte materialen. Deze zijn vervolgens per proefgat gebundeld verpakt tot materiaalverzamelmonsters. Van de fijne fractie ^ 20 mm) is een grondmengmonster met een veldvochtig gewicht van circa 12 kg samengesteld. Bij de proefgaten waarbij meer dan 500Zo volumepercentage bouw- en sloopafval en recyclinggranulaat is aangetroffen, is van de fijne fractie ^ 20 mm) een mengmonster met een veldvochtig gewicht van circa 28 kg samengesteld.

j—

i

ruimte

GEL viseurs d

if bouw

.

D04 Verkennend bodem- en asbestonderzoek Antwerpsestraat 42-48 Putte

"

"

milieu 20170038 Juli, 2020 blad 13

Het bemonsteren van de grond. Een grondmonster heeft betrekking op een maximaal bodemtraject van 0,5 meter. Afwijkende bodemlagen (zoals de aanwezigheid van bodemvreemde materialen als bijvoorbeeld puin, verkleuringen van de grond en geurwaarnemingen) zijn apart bemonsterd. Het bemonsteren van het grondwater uit de peilbuis na een wachttijd van minimaal één week.

Tijdens de terreinverkenning voorafgaand aan het veldwerk zijn op het buitenterrein een aantal opslagvaten met frituurvet aangetroffen. Boring 04 is bij deze vaten geplaatst. Bij de uitvoering van de veldwerkzaamheden zijn geen significante afwijkingen gerapporteerd die van invloed zijn op de voorschriften en werkwijze van de genoemde protocollen. 3.2.2 Resultaten veldonderzoek Vanwege de aanwezige verharding kon geen maaiveldinspectie conform de NEN 5707 worden uitgevoerd. Op het maaiveld is geen asbestverdacht plaatmateriaal aangetroffen.

In bijlage 3 zijn de resultaten van de boorbeschrijvingen in de vorm van boorprofielen weer­ gegeven. De bodemopbouw bestaat vanaf maaiveld tot de maximaal verkende boordiepte van 4,6 m-mv uit zand met een enkele laag veen. In tabel 3.2 is een overzicht gegeven van de zintuiglijke waargenomen bijzonderheden aan de opgeboorde grond. Tabel 3.2: Zintuiglijk aangetroffen bijzonderheden Boring Einddiepte Traject Textuur (m -mv) (m -mv) Verkennend bodemonderzoek 02 2,00 0,50 - 1,00 Zand 03 0,50 0,20 - 0,50 Zand 04 0,50 0,15 - 0,50 Zand 05 0,50 0,20 - 0,50 Zand 06 4,60 0,20 - 0,50 Zand 07 0,90 0,07 - 0,40 08 0,50 0,40 - 0,50 Zand 09 0,80 0,07 - 0,30 Zand 11 0,50 0,20 - 0,50 Zand Verkennend asbestonderzoek 102 0,50 0,25 - 0,50 Zand 103 0,50 0,25 - 0,50 Zand 104 0,50 0,03 - 0,50 Zand 105 0,50 0,07 - 0,25 Zand 0,25 - 0,50 Zand 105A 0,25 0,07 - 0,25 Zand 106 0,50 0,25 - 0,50 Zand 107 0,50 0,40 - 0,50 Zand 108 0,50 0,15 - 0,50 Zand 109 0,50 0,35 - 0,50 Zand 110 0,50 0,07 - 0,40 Aanvullend onderzoek minerale olie 1001 4,30 0,35 - 0,75 Zand 1001 4,30 3,90 - 4,30 Zand 1002 1,00 0,20 - 0,30 Zand 1003 0,50 0,10 - 0,50 Zand 1004 0,20 0,10 - 0,20 Zand 1005 0,50 0,10 - 0,50 Zand

Zintuiglijke waarneming

Asbest

Sporen baksteen Sporen baksteen Sporen baksteen, resten houtskool Sporen baksteen Zwak baksteenhoudend, sporen puin, sporen sintels Uiterst baksteenhoudend, zwak puinhoudend Sporen baksteen Matig sintelhoudend Sporen baksteen, sporen puin Matig baksteenhoudend Zwak baksteenhoudend, zwak betonhoudend Zwak baksteenhoudend, zwak betonhoudend Sterke oplosmiddelgeur, matige olie-water reactie Matig baksteen- en betonhoudend, resten glas Sterke oplosmiddelgeur, matige olie-water reactie Matig baksteenhoudend, zwak betonhoudend, resten ijzer Zwak betonhoudend, zwak baksteenhoudend Matig sintelhoudend, zwak baksteenhoudend Zwak betonhoudend, zwak baksteenhoudend Uiterst baksteenhoudend, matig betonhoudend

Sporen baksteen Spikkels houtskool Sporen baksteen, resten glas Sporen baksteen, resten glas Sporen baksteen, resten zandcement Sporen baksteen, resten glas

1 stukje ca. 3 gram

j—

i

GEL viseurs d .

D04 Verkennend bodem- en asbestonderzoek Antwerpsestraat 42-48 Putte

ruimte if bouw milieu 20170038 Juli, 2020 blad 14

In tabel 3.3 staan de veldwaarnemingen met betrekking tot het grondwater. Tabel 3.3: Veldwaarnemingen met betrekking tot het grondwater Peilbuis Filtertraject Stijghoogte Temp. pH* (m -mv) (m -mv) ( 0C) 06 3,60 - 4,60 2,90 13,1 6,1 *) : Normale waarden voor de pH liggen tussen 4,0 en 8,0; **) : Normale waarden voor de Ec liggen onder 1.500 pS/cm.

Ec (pS/cm) ** 553

Troebelheid (NTU) 13,6

Zintuiglijke waarneming geen

Aan het opgepompte grondwater zijn zintuiglijk geen afwijkingen waargenomen. De troebelheid (NTU) van het grondwatermonster ligt boven de natuurlijke troebelheid van grondwater ^10 NTU). De verhoogde troebelheid van het grondwater kan mogelijk veroorzaakt zijn door verstoring van de bodem bij het plaatsen van de peilbuizen. Een verhoogde troebelheid van een grondwatermonster heeft pas consequenties als bepaalde analyseresultaten boven gestelde grenswaarden uitkomen. De beoordeling van de troebelheid vindt mede plaats in samenhang met de analyseresultaten. 3.3

Laboratoriumonderzoek

Een overzicht van de uitgevoerde grond- en grondwateranalyses is weergegeven in de tabellen 3.4, 3.5 en 3.6. Tijdens het verkennend asbestonderzoek is ter plaatse van proefgat 105 een sterke oplosmiddelgeur en een matige olie-waterreactie waargenomen. Hiertoe is de grond aanvullend geanalyseerd op minerale olie en vluchtige aromaten2. Naar aanleiding van de resultaten zijn vervolgens nog afperkende boringen geplaatst en geanalyseerd op minerale olie3. Tabel 3.4: Uitgevoerde analyses grond Traject MonsterSamenstelling deelmonsters (m -mv) code (boring-monster) Verkennend bodemonderzoek MM01 02-2, 03-2, 04-2, 11-2 0,15 - 1,00 MM02 05-2, 08-2, 10-2 0,20 - 0,80 06-2 06-2 0,20 - 0,50 09-1 105-1

09-1 105A (steekbus)

0,07 - 0,30 0,07 - 0,25

Omschrijving en bijzonderheden

Zand, sporen baksteen, houtskool en puin Zand, sporen baksteen Zand, zwak baksteenhoudend, sporen puin, sporen sintels Zand, matig sintelhoudend Sterke oplosmiddelgeur, matige olie-water reactie Zand

Analysepakket

A pakket A pakket A pakket A pakket Tankstation pakket + organische stof A pakket

MM03 02-4, 06-6, 10-4 1,30 - 2,00 Aanvullend onderzoek minerale olie 1001-2 1001-2 0,35 - 0,75 Zand, sporen baksteen Minerale olie + org. stof 1002-1 1002-1 0,06 - 0,20 Zand Minerale olie + org. stof 1002-2 1002-2 0,20 - 0,30 Zand, sporen baksteen, resten glas Minerale olie + org. stof 1003-1 1003-1 0,10 - 0,50 Zand, sporen baksteen, resten glas Minerale olie + org. stof 1005-1 1005-1 0,10 - 0,50 Zand, sporen baksteen, resten glas Minerale olie + org. stof A pakket : Standaard stoffenpakket grond (A) met de parameters organische stof en lutum, de metalen barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink en de organische parameters som-PCB's, som-PAK's en minerale olie.

2 Gezien het gebruik van de locatie (parkeerplaats) is gekozen voor het tankstationpakket als meest kritische parameters. Op basis van de resultaten blijkt de grond sterk verontreinigd met minerale olie en xylenen (zie resultaten hoofdstuk 4). Xylenen worden organoleptisch vaak beoordeeld als een oplosmiddelengeur (scherpe geur). Xylenen worden ook vaak gebruikt als oplosmiddel en het ruikt ook als zodanig. 3 Aangezien xylenen een sterke geurbeleving hebben en dit bij de afperkende boringen niet is waargenomen, is besloten alleen op minerale olie te analyseren. In de afperkende boringen is ook geen minerale olie meer aangetoond (zie resultaten hoofdstuk 4).

j—

i

GEL viseurs d .

D04 Verkennend bodem- en asbestonderzoek Antwerpsestraat 42-48 Putte

ruimte if bouw milieu 20170038 Juli, 2020 blad 15

Ten aanzien van asbest heeft op basis van de verkregen (veld)informatie een selectie plaats­ gevonden van de te analyseren materiaalverzamelmonsters ^20 mm) en (meng)monsters ^20 mm). De mengmonsters ^20 mm) zijn in het veld samengesteld. Aangezien ter plaatse van proefgat 110 meer dan 500Zo volumepercentage bouw- en sloopafval en recyclinggranulaat is aangetroffen, is van het puin uit dit proefgat een separaat monster samengesteld. Tabel 3.5: Uitgevoerde analyses asbest MonsterSamenstelling Traject code monsters (m -mv) MA101-asb 102, 103, 104, 107 0,07 - 0,50 MA102-asb

105, 106, 108, 109

0,07 - 0,50

MA110-asb

110

0,07 - 0,40

MVM110

110

0,07 - 0,25

Omschrijving en bijzonderheden

Analysepakket

Zand, zwak betonhoudend, zwak tot matig baksteenhoudend, resten dakpan Zand, zwak tot matig betonhoudend, zwak tot matig baksteenhoudend, matig, sintelhoudend, resten ijzer Uiterst baksteenhoudend, matig betonhoudend Asbestverdacht plaatmateriaal

Asbest in grond Asbest in grond

Asbest in puin Asbest verzamelmonster

Tabel 3.6: Uitgevoerde analyses grondwater Monstercode Peilbuis Filtertraject (m -mv) Analysepakket 06-1-1 06 3,60 - 4,60 B pakket B pakket : Standaard stoffenpakket grondwater (B) met de parameters vluchtige aromaten (BTEXN), vluchtige gechloreerde koolwaterstoffen (VOCl 17 parameters), minerale olie (GC) en zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink).

3.4

Toetsingskader en toetsing analyseresultaten

De analyserapporten van het laboratorium zijn opgenomen in bijlage 4. Door het laboratorium is de volgende afwijking van de AS3000 gerapporteerd bij monster 105-1. Deze afwijking is het gevolg van een overschrijding van de conserveringstermijn voor aromaten door vertraging in de laboratoriumafhandeling. Aangenomen is dat deze afwijking geen effect heeft op het resultaat en de interpretatie hiervan. De volledige toetsing van de analyseresultaten is opgenomen in bijlage 5. In deze tabellen zijn de analyseresultaten, het geanalyseerde c.q. gehanteerde lutum- en humusgehalte, het toetsingskader en de overschrijdingen ten opzichte van het toetsingskader opgenomen. Daarnaast zijn de resultaten indicatief getoetst aan de waarden van het Besluit bodemkwaliteit bij toepassing op of in de bodem. Een toelichting op de toetsingscriteria en het wettelijk kader is opgenomen in bijlage 6. De resultaten van het laboratoriumonderzoek worden in volgend hoofdstuk weergegeven en geïnterpreteerd.

j—

i

GEL viseurs d .

D04 Verkennend bodem- en asbestonderzoek Antwerpsestraat 42-48 Putte

4

ruimte if bouw milieu 20170038 Juli, 2020 blad 16

RESULTATEN EN INTERPRETATIE

4.1 Resultaten grondonderzoek In tabel 4.1 zijn de resultaten van het grondonderzoek weergegeven. Tabel 4.1: Toetsingsresultaten grond Traject MonsterSamenstelling code deelmonsters (m -mv) (boring-monster) Verkennend bodemonderzoek MM01 02-2, 03-2, 04-2, 11­ 0,15 - 1,00 2

Omschrijving en bijzonderheden

Zand, sporen baksteen, resten houtskool, sporen puin Zand, sporen baksteen Zand, zwak baksteenhoudend, sporen puin, sporen sintels Zand, matig sintelhoudend

MM02 06-2

05-2, 08-2, 10-2 06-2

0,20 - 0,80 0,20 - 0,50

09-1

09-1

0,07 - 0,30

105-1

105A (0,07 - 0,25)

0,07 - 0,25

Sterke oplosmiddelgeur, matige olie-water reactie

1,30 - 2,00

Zand

MM03 02-4, 06-6, 10-4 Aanvullend onderzoek 1001-2 1001-2 1002-1 1002-1 1002-2 1002-2

Toetsing Wbb

Indicatieve toets Bbk

Lood > AW

Altijd toepasbaar

PAK > AW Kobalt, koper, lood, nikkel, zink > AW

Altijd toepasbaar Klasse Industrie

Cadmium, lood > AW Minerale olie, som xylenen > I Ethylbenzeen > AW < AW

Altijd toepasbaar Niet toepasbaar

Altijd toepasbaar

0,35 - 0,75 0,06 - 0,20 0,20 - 0,30

Zand, sporen baksteen < AW Altijd toepasbaar Zand < AW Altijd toepasbaar Zand, sporen baksteen, < AW Altijd toepasbaar resten glas 1003-1 1003-1 0,10 - 0,50 Zand, sporen baksteen, < AW Altijd toepasbaar resten glas 1005-1 1005-1 0,10 - 0,50 Zand, sporen baksteen, < AW Altijd toepasbaar resten glas De gehalten die de betreffende achtergrondwaarden en interventiewaarden overschrijden zijn als volgt geclassificeerd: < AW : Het gehalte iskleiner dan de achtergrondwaarde. > AW : Het gehalte is groter dan de achtergrondwaarde enkleiner dan ofgelijk aan de tussenwaarde. >T : Het gehalte is groter dan de tussenwaarde en kleiner dan of gelijk aande interventiewaarde. > I : Het gehalte is groter dan de interventiewaarde.

Verkennend bodemonderzoek In de (meng)monsters MM01, MM02, 06-2 en 09-1 van de zandige grond (0,07-1,0 m-mv) met bijmengingen aan baksteen, puin, houtskool en sintels zijn licht verhoogde gehalten aan cadmium, kobalt, koper, lood, nikkel, zink en/of PAK aangetoond. In mengmonster MM03 van de zintuiglijk schone, zandige ondergrond (1,3-2,0 m-mv) zijn geen overschrijdingen van de achtergrondwaarden aangetoond. De gemeten licht verhoogde gehalten zijn waarschijnlijk te relateren aan de bodemvreemde bijmengingen. Tijdens het verkennend asbestonderzoek is ter plaatse van proefgat 105/105A direct onder de klinker (traject 0,07-0,25 m-mv) een sterke oplosmiddelgeur en een matige olie-water reactie waargenomen. In de grond zijn sterk verhoogde gehalten aan minerale olie en som xylenen gemeten. Daarnaast is een licht verhoogd gehalte aan ethylbenzeen aangetoond. Op basis van het oliechromatogram is de olie mogelijk te relateren aan dieselolie.

j—

i

GEL viseurs d .

D04 Verkennend bodem- en asbestonderzoek Antwerpsestraat 42-48 Putte

ruimte if bouw milieu 20170038 Juli, 2020 blad 17

Bij indicatieve toetsing van de grondmonsters aan het Besluit bodemkwaliteit is het monster 06­ 2 beoordeeld als klasse industrie en monster 105-1 als niet toepasbaar. De overige (meng)monsters zijn beoordeeld als altijd toepasbaar. Aanvullend bodemonderzoek Tijdens het aanvullend bodemonderzoek zijn afperkende boringen rondom meetpunt 105A geplaatst. Bij de boringen 1001, 1002, 1003 en 1005 zijn in het traject van 0,06 tot 0,75 m-mv geen gehalten aan minerale olie boven de achtergrondwaarde aangetoond. 4.2

Resultaten asbestonderzoek

In de tabel 4.2 zijn de resultaten van het asbestonderzoek weergegeven. Tabel 4.2 Bepaling totale gehalte asbest Monster Samenstellin Traject g monster (m-mv) code

Grond MA101-asb

102, 103, 104, 107 105, 106, 108, 109

MA102-asb Puin MA110-asb < I : > 0,5 x I : > I

:

Losse asbestvezelbundels

Gehalte asbest fractie < 20 mm (mg/kg)

Gehalte asbest fractie > 20 mm (mg/kg)

Totale gehalte aan asbest (mg/kg gewogen)

0,07 - 0,50

-

< 0,8

Geen asbest

< 0,8

0,07 - 0,50

-

< 0,4

Geen asbest

< 0,4

| 110 | 0,07 - 0,40 | | < 0,4 | 0,7 | 1,3 Het totale gehalte aan asbest is kleiner dan de interventiewaarde. Het totale gehalte aan asbest is groter dan 0,5 x de interventiewaarde, maar kleiner dan de interventiewaarde. Het totale gehalte aan asbest is groter dan de interventiewaarde.

In de grondmengmonsters MA101-asb en MA102-asb ligt het gewogen gehalte aan asbest beneden de detectielimiet (gewogen gehalte aan asbest van respectievelijk ^,8 en ^,4 mg/kg d.s.). In de fijne fractie ^ 20 mm) van het puinmonster uit proefgat 110 (MA110-asb) ligt het gewogen gehalte aan asbest eveneens beneden de detectielimiet ^ 0,4 mg/kg d.s.). Het asbestverdachte plaatmateriaal ^ 20 mm) uit proefgat 110 blijkt inderdaad asbesthoudend. Het asbesthoudende materiaal betreft cement met cellulosevezels en bestaat uit hechtgebonden chrysotiel (2-5 0Zo). Het totale gewogen gehalte aan asbest komt daarmee uit op 1,3 mg/kg d.s. In bijlage 5 is een tabel met de volledige berekening opgenomen. 4.3

Resultaten grondwateronderzoek

In tabel 4.3 zijn de resultaten van het grondwateronderzoek weergegeven. Tabel 4.3: Toetsingsresultaten grondwater Monstercode Peilbuis

Filtertraject Toetsing Wbb (m -mv) 06-1-1 06 3,60 - 4,60 < S De concentr aties die de betreffende streefwaarden en interventiewaarden overschrijden zijn als volgt geclassificeerd: < S De concentratie is kleiner dan de streefwaarde. > S De concentratie is groter dan de streefwaarde en kleiner dan of gelijk aan de tussenwaarde. >T De concentratie is groter dan de tussenwaarde en kleiner dan of gelijk aan de interventiewaarde. > I De concentratie is groter dan de interventiewaarde.

ruimte

A i G* E L infra bouw adviseurs milieu D04 Verkennend bodem- en asbestonderzoek Antwerpsestraat 42-48 Putte

20170038 Juli, 2020 blad 18

In het grondwater uit peilbuis 06 is zijn geen verhoogde concentraties van de onderzochte stoffen gemeten. In het bemonsterde grondwater uit de peilbuis 06 is een verhoogde troebelheid ^ 10 NTU) vastgesteld. Een verhoogde troebelheid kan in sommige gevallen leiden tot een overschatting van de gehalten aan PAK, PCB, OCB, dioxines of andere matig/slecht oplosbare organische parameters. Bij het onderzoek is de tussenwaarde voor geen van de organische parameters overschreden. De eventuele overschatting van de concentraties als gevolg van de verhoogde troebelheid heeft derhalve geen gevolgen voor de interpretatie van de onderzoeksresultaten en de conclusies. Aanvullend onderzoek naar de verhoogde troebelheid is derhalve niet uitgevoerd. 4.4

Toetsing van de hypothese

De op basis van het vooronderzoek gestelde hypothese ’onverdacht' voor het verkennend bodemonderzoek wordt naar aanleiding van de resultaten van het veld- en laboratoriumonderzoek verworpen. In de grond zijn sterk verhoogde gehalten aan minerale olie en som xylenen aangetoond. Daarnaast zijn licht verhoogde gehalten aan zware metalen, PAK en ethylbenzeen gemeten. Rondom meetpunt 105A, waar sterk verhoogde gehalten aan minerale olie en som xylenen zijn aangetoond, zijn tijdens aanvullend bodemonderzoek afperkende boringen geplaatst. Bij de boringen 1001, 1002, 1003 en 1005 zijn in het traject van 0,06 tot 0,75 m-mv geen gehalten aan minerale olie boven de achtergrondwaarde aangetoond. Hiermee is de verontreiniging zowel verticaal als horizontaal afgeperkt. De sterke verontreiniging met minerale olie en som xylenen betreft een spot met een beperkte omvang. Er is geen sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging. Op basis de resultaten van het verkennend asbestonderzoek is gebleken dat het gewogen gehalte aan asbest c 0,5 x interventiewaarde voor asbest waardoor er geen noodzaak is voor het uitvoeren van een nader onderzoek naar asbest.

ruimte

A i G* E L infra bouw adviseurs milieu D04 Verkennend bodem- en asbestonderzoek Antwerpsestraat 42-48 Putte

5

20170038 Juli, 2020 blad 19

CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN

Op basis van de resultaten van het uitgevoerde verkennend bodem- en asbestonderzoek wordt geconcludeerd: Verkennend en aanvullend bodemonderzoek - De bovengrond (0,07-1,0 m-mv) is plaatselijk ten gevolge van bodemvreemde bijmengingen met baksteen, sintels, houtskool en puin licht verontreinigd met kobalt, cadmium, koper, lood, nikkel, zink en PAK. De gemeten gehalten van de overige geanalyseerde parameters zijn kleiner dan de achtergrondwaarden. - In de ondergrond (1,3-2,0 m-mv) zijn geen overschrijdingen van de achtergrondwaarden gemeten. - In het grondwater zijn geen verhoogde concentraties van de onderzochte stoffen aangetoond. " Tijdens het verkennend onderzoek naar asbest in de bodem is ter plaatse van proefgat 105/105A direct onder de klinker (traject 0,07-0,25 m-mv) een sterke oplosmiddelgeur en een matige olie-water reactie waargenomen. In de grond zijn sterk verhoogde gehalten aan minerale olie en som xylenen gemeten. Daarnaast is een licht verhoogd gehalte aan ethylbenzeen aangetoond. Op basis van de verhoogde gehalten zijn hier vijf aanvullende afperkende boringen (1000 serie) uitgevoerd. Bij deze boringen zijn in het traject van 0,06 tot 0,75 m-mv geen gehalten aan minerale olie boven de achtergrondwaarde aangetoond. Hiermee is de verontreiniging zowel verticaal als horizontaal afgeperkt.

De sterke verontreiniging met minerale olie en som xylenen betreft een spot met een beperkte omvang. Er is geen sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging. Verkennend asbestonderzoek - In de grond is zowel visueel (fractie > 20 mm) als analytisch (fractie < 20 mm) geen asbest aangetoond. Het gewogen gehalte aan asbest beneden de detectielimiet (gewogen gehalte aan asbest van respectievelijk ^,8 en ^,4 mg/kg d.s.). - Ter plaatse van proefgat 110 is een puinlaag aanwezig ^ 500Zo puin, traject 0,07-0,4 m­ mv). In de fijne fractie ^ 20 mm) van het puinmonster ligt het gewogen gehalte aan asbest eveneens beneden de detectielimiet ^ 0,4 mg/kg d.s.). Het asbestverdachte plaatmateriaal ^ 20 mm) uit proefgat 110 blijkt inderdaad asbesthoudend (cement met cellulosevezels, hechtgebonden chrysotiel (2-5 0Zo)). Het totale gewogen gehalte aan asbest komt daarmee uit op 1,3 mg/kg d.s. " Op basis de resultaten van het verkennend asbestonderzoek is gebleken dat het gewogen gehalte aan asbest < 0,5 x interventiewaarde voor asbest waardoor er geen noodzaak is voor het uitvoeren van een nader onderzoek naar asbest in de bodem.

Aanbevelingen en opmerkingen Op de onderzoekslocatie is sprake van een spot met minerale olie en xylenen. De spot heeft een omvang kleiner dan 25 m3. Er is geen sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging. Daarom is het in het kader van de Wet bodembescherming niet noodzakelijk om een BUS-melding te verrichten of een (deel-)saneringsplan op te stellen. Aangezien het een mobiele verontreiniging betreft wordt evenwel aanbevolen de spot bij de herinrichting van het terrein te verwijderen. Aanbevolen wordt om in overleg met het bevoegd gezag vast te stellen in hoeverre voor de werkzaamheden een Plan van Aanpak dient te worden opgesteld.

ruimte

A i G* E L infra bouw adviseurs milieu D04 Verkennend bodem- en asbestonderzoek Antwerpsestraat 42-48 Putte

20170038 Juli, 2020 blad 20

Indien bij de voorgenomen bouwactiviteiten grond van de locatie vrijkomt, dient er rekening te worden gehouden met beperkingen ten aanzien van hergebruik en afzet van de grond. De grond afkomstig van de onderzoekslocatie heeft een kwaliteit die indicatief varieert van klasse Achtergrondwaarde 2000 tot klasse niet toepasbaar. Opgemerkt wordt dat dit onderzoek geen bewijsmiddel is zoals bedoeld in het Besluit bodemkwaliteit voor toepassing van grond elders. Voor de definitieve kwaliteitsbepaling van grond die vrijkomt van de onderzoekslocatie kan afhankelijk van de bestemming en toepassing bij afvoer van de grond een partijkeuring noodzakelijk zijn (AP04). De gemeente is bevoegd gezag inzake grondverzet en toepassing van grond binnen de restricties en voorwaarden van de bodemkwaliteitskaart. Hiervoor geldt een meldingsprocedure.

ruimte

A i G* E L infra bouw adviseurs milieu D04 Verkennend bodem- en asbestonderzoek Antwerpsestraat 42-48 Putte

6

20170038 Juli, 2020 blad 21

NORMERING EN BETROUWBAARHEID

De volgende documenten hangen samen met het verrichte bodemonderzoek: - NEN 5725 Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek (oktober 2017). - NEN 5740+A1 Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond (april 2016). - NEN 5707+C1 Bodem - Inspectie en monsterneming van asbest in bodem en partijen grond (augustus 2016). Het bodemonderzoek is op zorgvuldige wijze verricht volgens de geldende normen en in het kader van de BRL SIKB 2000 van toepassing zijnde protocollen. Het uitgevoerde bodem­ onderzoek is gebaseerd op de thans beschikbare informatie en de hieruit afgeleide onderzoeks­ strategie. Ondanks het streven naar een zo groot mogelijke representativiteit en reproduceer­ baarheid van het onderzoek kunnen ten gevolge van heterogeniteit in de bodem en onvolledige informatie buiten de schuld van AGEL adviseurs afwijkingen in de verkregen resultaten voor­ komen. Er blijft altijd een kans aanwezig dat een op de locatie aanwezige verontreiniging niet wordt vastgesteld ten gevolge van de aanwezige trefkans en de uitmiddeling bij het samen­ stellen van (meng-)monsters. Er dient tevens op te worden gewezen dat het uitgevoerde onderzoek een momentopname is.

Na uitvoering van het onderzoek kunnen de grond- en grondwaterkwaliteit worden beïnvloed door bijvoorbeeld grondverzetwerkzaamheden zoals de aanvoer van grond van elders, opslag van milieubelastende producten, calamiteiten of ver­ spreiding van verontreiniging vanaf nabij gelegen terreinen. Naarmate de periode tussen de uitvoering van het onderzoek en het gebruik van de resultaten langer wordt, zal meer voor­ zichtigheid betracht moeten worden bij het gebruik van dit rapport. AGEL adviseurs acht zich niet aansprakelijk voor de schade die hieruit voortvloeit. AGEL adviseurs heeft op geen enkele wijze een relatie met de opdrachtgever en/of de onderzoekslocatie waarop het onderzoek betrekking heeft. AGEL adviseurs heeft als onderzoeksbureau vastgelegd in haar kwaliteitszorgsysteem dat de (mogelijke) beïnvloeding van werknemers door derden te allen tijde dient te worden vastlegt en vermeld. Mocht hiervan sprake zijn en heeft dit invloed op de onderzoeksstrategie dan wordt dit in de verslaglegging en rapportage vermeld. AGEL adviseurs garandeert hiermee dat een volledig onafhankelijk en onpartijdig onderzoek is uitgevoerd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=woensdrecht&id=3f5154a6-8a87-4c76-960d-4f7a2a1531f6