CConstaterende datWijk bij Duurstede
Koppel je AI →
Document · PDF

Laadvisie gemeente Wijk bij Duurstede 2023

Raadsvergadering 12 december 2023, gemeente Wijk bij DuurstedeBij agendapunt: Laadvisie Openbare Laadinfrastructuur Wijk bij Duurstede 202310.170 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

26

Bijlage I Begrippenlijst Batterij elektrisch voertuig (BEV) Volledig elektrisch voertuig, waarbij een brandstofmotor ontbreekt. Dit in tegenstelling tot een Plug-In Hybride Elektrisch Voertuig (PHEV). Charge Point Operator (CPO) De CPO is verantwoordelijk voor beheer, onderhoud en exploitatie van laadpalen. Kortparkeerladen Snelladen op gematigd hoge vermogens wordt ‘kortparkeerladen’ genoemd. Deze laders worden vaak geplaatst op plekken waar de EV-rijder het laden kan combineren met een andere activiteit, zoals winkelen of vergaderen. Laadpaal Fysiek object met meestal één of twee laadpunten. Laadpaalkleven Het onnodig bezet houden van een elektrisch laadpunt door een elektrische auto. Laadplein Een laadplein bestaat uit meer dan twee laadpunten voor elektrische voertuigen die een gedeelde netaansluiting hebben (bij publieke laadpalen) of die op een gedeelde groep achter de meter zitten. Laadpunt De elektrische aansluiting op een laadpaal waar de stekker wordt aangesloten. Reguliere laadpalen beschikken meestal over twee laadpunten. Een laadpunt kan ook verwerkt zijn in bijvoorbeeld een muurbox of lichtmast. Laadpunt voor regulier laden Laadpunt met een vermogen van hoogstens 22kW. Laadpunt voor snel laden Laadpunt met een vermogen hoger dan 22 kW. NAL-regio’s

Zes samenwerkingsregio’s die zijn voortgekomen uit de Nationale Agenda Laadinfrastructuur (NAL). Gemeenten werken binnen deze regio’s samen met de provincie en met de netbeheerder.

Privaat laadpunt Een laadpunt op eigen terrein. Publiek toegankelijk laadpunt Een laadpunt voor een elektrisch voertuig dat 24/7 openbaar toegankelijk is, zonder barrières zoals slagbomen of poorten. Semipubliek toegankelijk laadpunt Een laadpunt dat is opengesteld voor publiek op een private locatie. Bijvoorbeeld bij parkeergarages of tankstations. Er kunnen beperkte toegangstijden zijn. Social charging app App waarbij EV-rijders het gebruik van laadpunten in de buurt met elkaar afstemmen. Deelnemers laten bijvoorbeeld in de app weten hoe lang ze nog moeten laden. Ultrasnelladen Snelladen aan de bovenkant van de range wordt ook wel ultrasnelladen of ‘Ultra Fast Charging’ (UFC) genoemd. Hierbij gaat het om laadvermogens van meer dan 150kW. Deze laadvermogens zijn gewenst voor zwaardere voertuigen. Zero-emissielogistiek (ZE-logistiek) Zonder uitstoot van schadelijke stoffen goederen verplaatsen voor bijvoorbeeld bouw, retail, afval, horeca, en e-commerce. Voertuigen rijden op elektriciteit of waterstof. Zero-emissiezones (ZE-zones) Zones die alleen voor uitstootvrije (logistieke) voertuigen toegankelijk zijn.

Bijlage II Plaatsingsleidraad Om geschikte locaties voor openbare laadinfrastructuur aan te wijzen moet er duidelijkheid zijn op basis van welke kaders en afwegingen bepaald wordt of een locatie geschikt is. Deze kaders en afwegingen hebben we opgenomen in de plaatsingsleidraad. In sommige gevallen zal er in een gebied, waar wel vraag is naar openbare laadpalen, geen locatie zijn die volledig geschikt is en aan alle criteria uit de plaatsingsleidraad voldoet. De plaatsingsleidraad is een richtlijn. We gebruiken de criteria in de plaatsingsleidraad om laadlocaties te toetsen. Afwijken van de criteria in de plaatsingsleidraad kan, bijvoorbeeld als er in een gebied geen (geschikte) haakse parkeervakken beschikbaar zijn. In deze situatie kan het zo zijn dat de laadpaal toch bij een langs-parkeervak komt te staan. Onze voorkeur gaat uit naar de criteria in de plaatsingsleidraad. De plaatsingsleidraad is in het onderstaande kader bijgevoegd.

Plaatsingsleidraad openbare laadinfrastructuur gemeente Wijk bij Duurstede Eisen

Iedere beoogde laadlocatie toetsen we aan de volgende criteria: 1. Er is geen ruimte om op eigen terrein een laadpaal te plaatsen. Heeft de aanvrager parkeerruimte op eigen terrein (oprit, garage, garagebox), dan zelf een laadpaal plaatsen. 2. De locatie van de laadinfrastructuur moet voldoende vindbaar en zichtbaar zijn; 3. Een laadpaal wordt alleen geplaatst op ondergrond in eigendom van de gemeente, danwel gronden waarop de gemeente een recht van erfpacht heeft en welke in openbaar gebruik zijn, met toestemming van de grondeigenaar; 4. Loopafstand vanaf adres van de indiener tot het laadobject is <250 meter. 5. Nabijheid van een laagspanningskabel (bij voorkeur binnen 25 meter. Wanneer een kabel langer dan 25m benodigd is, zijn de eventuele meerkosten voor de CPO). 6. Bij het plaatsen van laadpalen hebben dwarsparkeerplaatsen de voorkeur boven langsparkeervakkenz 7. De doorgang op het trottoir moet na plaatsing van het laadobject minimaal 90 cm bedragen (conform ASVV 2021 van het CROW) om belemmering van langzaam verkeer te voorkomen 8. Gebruiksveilige plaatsing van het Laadobject, gelet op oriëntatie ten opzichte van verkeersstromen. 9. Minimale kans op beschadigingen door aanrijdingen. CPO is verantwoordelijk voor het aanbrengen van aanrijbeveiliging indien er sprake is van weinig ruimte bij haaksparkeren of andere vormen van aanrijdgevaar. 10.

Het voorkomen van beschadiging van boomwortels en bomen, daarom de laadpaal ten minste 3 meter van de stam plaatsen en indien mogelijk niet onder de boomkroon. 11. Er zijn geen technische belemmeringen vanuit de Netbeheerder. 12. Het voorkomen van Laadlocaties aan hoofdverkeerswegen met een snelheidslimiet >50 km/uur. 13. Geen geplande werkzaamheden op de laadlocatie. De gemeente stelt zich zo goed

mogelijk op de hoogte van eventueel geplande werkzaamheden in het gebied om te voorkomen dat laadobject(en) op korte termijn verwijderd en/of verplaatst dienen te worden. 14. Het Laadobject wordt zo geplaatst dat voldoende ruimte voor (onderhouds)werkzaamheden aan het Laadobject en de geïntegreerde netaansluiting mogelijk is. Bij het plaatsen van het Laadobject moet daarom rekening worden gehouden met de bereikbaarheid van het serviceluik (inclusief cilinderslot). 15. Het Laadobject wordt zo geplaatst dat de sockets en RFID-reader voor de gebruikers goed bereikbaar zijn. 16. Het Laadobject wordt bij voorkeur niet direct geplaatst voor de deur of het raam van een woonhuis.

BIJLAGE – Kaders Plaatsing en beheer laadpaal/-infrastructuur De CPO draagt voor eigen rekening en risico zorg voor: a. het in behandeling nemen van verzoeken wanneer het aannemelijk is dat de gebruiker niet voldoende “eigen grond” ter beschikking heeft; b.de realisatie en installatie van laadinfrastructuur; c. het laten vestigen van een recht van opstal voor de laadinfrastructuur , alsmede bij verwijdering van de paal het beëindigen hiervan; d. het beheer en onderhoud en het verhelpen van storingen; e. het 24 uur per dag en 7 dagen per week bereikbaar zijn voor gebruikers, hulpdiensten en gemeente in geval van storingen of calamiteiten. De contactgegevens van de storingsdienst en helpdesk zijn vermeld op de laadinfrastructuur; f. het 24 uur per dag en 7 dagen per week openbaar toegankelijk zijn van de laadinfrastructuur, in die zin dat deze voor iedereen te gebruiken is voor het laden van zijn elektrische voertuig; g. het voldoen van de laadinfrastructuur aan de nationale en internationale afspraken op het gebied van Interoperabiliteit. Deze regels betreffen - onder andere - de uitwisselbaarheid van laadpassen, het gebruik van de standaardstekker en de onderlinge kostenverrekening van geleverde diensten tussen Service Providers en aanvragers; h.

het verzorgen van mogelijk actuele informatie richting gebruikers over de aanwezigheid en beschikbaarheid van een oplaadpunt; i.de exploitatie en dienstverlening met betrekking tot de laadinfrastructuur; j. het verwijderen van laadinsfrastructuur die niet meer in gebruik is, waarvan de toestemming is ingetrokken, en daarbij voor zover mogelijk in redelijkheid de ondergrond in oorspronkelijke staat terugbrengen; k. het voorzien van oplaadpunten met groene elektriciteit waarvan de certificaten van Nederlandse oorsprong zijn; l. het laten voldoen van de laadinfrastructuur aan de nationale en internationale standaarden en voorschriften, onder andere op het gebied van veiligheid; m. het opstellen van rapportages, waarbij gemeente en aanvrager in onderling overleg bepalen wat de gewenste frequentie is en welke informatie deze rapportages zullen bevatten;

n. het binnen 4 uur oplossen van problemen met het loskoppelen van voertuigen en veiligheidsproblemen. Overige problemen of vragen worden uiterlijk de volgende werkdag opgelost of beantwoord.

Inrichting en beheer parkeerplaatsen 1.Indien het college positief beslist op de aanvraag, neemt het een verkeersbesluit om twee of meer parkeerplaatsen bij een oplaadpunt te reserveren voor elektrische voertuigen; 2.Er worden alleen meer parkeerplaatsen gereserveerd indien is aangetoond dat hier behoefte aan is, aan de hand van het aantal uren dat de laadpaal en/of andere laadinfrastructuur effectief in gebruik is geweest en/of aan de hand van nieuwe aantoonbare verzoeken van potentiële gebruikers; 3.De gereserveerde parkeerplaats(en) zijn niet kenteken gebonden; 4.Indien toestemming wordt verleend en het verkeersbesluit onherroepelijk is, voorziet de gemeente de bijbehorende parkeerplaatsen van een verkeersbord, E4 of E8 met onderbord ‘alléén laden elektrische auto’s; 6.De voorbereidings– en aanlegkosten zijn voor rekening van de CPO; 7.De gemeente stelt de oplaadlocaties niet ter beschikking aan de aanvrager.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13489987/2