CConstaterende datWijk bij Duurstede
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlagen bij toelichting - Verzamelplan Wijk bij Duurstede 2023

Raadsvergadering 23 april 2024, gemeente Wijk bij DuurstedeBij agendapunt: Bestemmingsplan Verzamelplan 202331.670 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Verzamelplan 2023_Bijlagenboek Gemeente Wijk bij Duurstede Bijlagenboek

colofon

projectnaam Verzamelplan 2023_Bijlagenboek datum 27 februari 2024 projectnummer P06422 IMRO-identificatienummer NL.IMRO.0352.bgbverzamelbp23-bon1 opdrachtgever Gemeente Wijk bij Duurstede Concept 11 oktober 2023 Ontwerp Vaststelling 27 februari 2024 BRO projectleider RFe projectteam TAu bron kaft BRO

Rhijnspoorplein 38 1018 TX Amsterdam +31 (0)20 506 19 99 info@bro.nl www.bro.nl

Verzamelplan Wijk bij Duurstede 2023

Inhoudsopgave

Bijlagen bij toelichting

3

Bijlage 1

Ruimtelijke onderbouwing Gooyerdijk 9 te Langbroek

4

Bijlage 2

Ruimtelijke onderbouwing Landgoed Sandenburg te Langbroek

69

Bijlage 3

Ruimtelijke onderbouwing Trechtweg 10 te Cothen

110

Bijlage 4

Ruimtelijke onderbouwing Nachtdijk 1a te Cothen

153

Bijlage 5

Notitie beantwoording Vooroverleg

206

Bijlage 6

Nota ambtshalve wijzigingen

220

2

Bestemmingsplan "Verzamelplan Wijk bij Duurstede 2023" (vastgesteld)

Bijlagen bij toelichting

Bestemmingsplan "Verzamelplan Wijk bij Duurstede 2023" (vastgesteld)

3

Bijlage 1 Ruimtelijke onderbouwing Gooyerdijk 9 te Langbroek

4

Bestemmingsplan "Verzamelplan Wijk bij Duurstede 2023" (vastgesteld)

Ruimtelijke onderbouwing Gooyerdijk 9, Langbroek Gemeente Wijk bij Duurstede

Ruimtelijke onderbouwing Gooyerdijk 9, Langbroek

1

colofon

projectnaam Ruimtelijke onderbouwing Gooyerdijk 9, Langbroek datum 2 november 2023 projectnummer P06422 opdrachtgever Gemeente Wijk bij Duurstede BRO projectleider RFe projectteam TAu bron kaft BRO

Rhijnspoorplein 38 1018 TX Amsterdam +31 (0)20 506 19 99 info@bro.nl www.bro.nl

Ruimtelijke onderbouwing Gooyerdijk 9, Langbroek

2

Inhoudsopgave 4.4

1

2

Inleiding

4

1.1 1.2 1.3 1.4

4 4 4 5

Aanleiding Ligging plangebied Vigerend bestemmingsplan Leeswijzer

Planbeschrijving

6

2.1 2.2

6 6

Huidige situatie Toekomstige situatie

4.5

4.6

4.7

3

Beleidskader

8

3.1

Rijksbeleid

8

3.1.1 3.1.2 3.1.3

8 8 8

3.2 3.3

4

Nationale Omgevingsvisie Besluit algemene regels ruimtelijke ordening Ladder voor duurzame verstedelijking

Provinciaal beleid

9

3.2.1 3.2.2

9 10

Omgevingsvisie provincie Utrecht Interim Omgevingsverordening provincie Utrecht

Gemeentelijk beleid

11

3.3.1 3.3.2

11 11

Omgevingsvisie Kromme Rijngebied Welstandsnota 2014

Omgevingsaspecten

13

4.1

Verkeer en parkeren

13

4.1.1 4.1.2 4.1.3

13 13 13

4.2

Geluid 4.2.1 4.2.2 4.2.3

4.3

Toetsingskader Onderzoek Conclusie

4.8

Bedrijven en milieuzonering

15

4.4.1 4.4.2 4.4.3

15 15 16

Externe veiligheid

16

4.5.1 4.5.2 4.5.3

16 16 16

Toetsingskader Onderzoek Conclusie

Ecologie

16

4.6.1 4.6.2 4.6.3

16 17 18

Toetsingskader Onderzoek Conclusie

Bodem

18

4.7.1 4.7.2 4.7.3

18 18 18

Toetsingskader Onderzoek Conclusie

Water 4.8.1 4.8.2 4.8.3

4.9

Toetsingskader Onderzoek Conclusie

18 19 20

20

4.9.1 4.9.2 4.9.3

20 20 21

Toetsingskader Onderzoek Conclusie

4.10 Stikstof Toetsingskader Onderzoek Conclusie

4.11 Toetsing besluit m.e.r. 4.11.1 4.11.2 4.11.3

Bijlage 2 - Stikstofdepositieonderzoek

18 Toetsingskader Onderzoek Conclusie

Archeologie en cultuurhistorie

4.10.1 4.10.2 4.10.3

Bijlage 1 - Quickscan flora en fauna

Toetsingskader Onderzoek Conclusie

21 21 21 21

21 21 21 21

13 Toetsingskader Onderzoek Conclusie

13 14 14

Luchtkwaliteit

14

4.3.1 4.3.2 4.3.3

14 14 15

Toetsingskader Onderzoek Conclusie

Ruimtelijke onderbouwing Gooyerdijk 9, Langbroek

5

6

Uitvoerbaarheid

22

5.1

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

22

5.1.1

22

Conclusie

Omgevingsdialoog

23

3

1 1.1

Inleiding Aanleiding

Het initiatief wordt meegenomen in het bestemmingsplan ‘Verzamelplan

blauwe stip. Verder is de locatie aan de Trechtweg 10 weergegeven met

2023’ van de gemeente Wijk bij Duurstede. In onderhavige ruimtelijke

een rode stip. Tot slot is de locatie aan de Nachtdijk 1a weergegeven met

onderbouwing wordt verantwoord waarom sprake is van een goede

een zwarte stip.

ruimtelijke ordening. Met deze onderbouwing en het vaststellen van het bestemmingsplan ‘Verzamelplan 2023’ wordt het initiatief zowel juridisch

De eigenaar woonachtig op de Gooyerdijk 9 te Langbroek, (hierna te noemen: initiatiefnemer) is voornemens om een bestaande oude schuur van 84 m2 te amoveren en een nieuwe schuur te bouwen om lokaal geteelde voedselproducten te verwerken met een bijbehorende

als planologisch geborgd.

1.2

Ligging plangebied

kleinschalige kantoorruimte. De initiatiefnemer woont aan de voorzijde van

De initiatieven in het bestemmingsplan ‘Verzamelplan 2023’ van de

het perceel, tevens aan de Gooyerdijk 9.

gemeente Wijk bij Duurstede beslaat vier verschillende locaties (zie ook figuur 1):

De initiatiefnemer wil in de schuur voedselproducten uit de regio (binnen

Het perceel aan de Gooyerdijk 9 te Langbroek. Het perceel staat ka-

een straal van 10 km) verwerken tot houdbare producten zoals jam, thee

dastraal bekend als kadastrale gemeente Langbroek, sectie C, num-

en gedroogde paddenstoelen. De initiatiefnemer wil deze vervolgens

mer 833. Dit verzoek voorziet de bestaande schuur op het perceel te

lokaal vermarkten, door de producten bijvoorbeeld op de markt aan te

amoveren en ter plaatse een nieuwe schuur te realiseren.

(laten) bieden. De initiatiefnemer beoogt een opwaardering van de

Het perceel nabij Landgoed Sandenburg te Langbroek. De percelen

bestaande schuur (middels sloop en nieuwbouw), waarbij de oppervlakte

kadastraal bekend als kadastrale gemeente Langbroek, sectie A, ge-

van het nieuwe bouwwerk gelijk blijft aan die van de huidige schuur.

deeltelijk nummers 443, 444, 447. Het verzoek voorziet nabij Landgoed Sandenburg om onder andere bosaanplant te realiseren.

Op 4 april 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van de

Het perceel aan de Trechtweg 10 te Cothen. Het perceel staat kadas-

gemeente Wijk bij Duurstede onder voorwaarden besloten om in principe

traal bekend als kadastrale gemeente Wijk bij Duurstede, sectie F,

medewerking te verlenen aan het herbouwen (sloop en nieuwbouw) van

nummer 1047. Dit verzoek voorziet in de verbouwing en uitbouw van

het gebouw van 84 m2 ter plaatse van de bestaande oude schuur. Hierbij

een bestaande bedrijfswoning. 

Figuur 1 Globale ligging betrokken locaties in het zwart, rood, blauw en geel in relatie tot de omliggende kernen

1.3

Vigerend bestemmingsplan

Het perceel aan de Nachtdijk 1a te Cothen. Het perceel staat kadas-

Ter plaatse van het plangebied geldt het bestemmingsplan “Buitengebied

lokaal geteelde voedselproducten met een kleinschalig kantoor. Wel geldt

traal bekend als kadastrale gemeente Cothen, sectie D, nummer 17.

2015”, zoals vastgesteld op 9 maart 2016. Het betreffende perceel heeft in

er een aantal voorwaarden:

Dit verzoek voorziet om in de bestaande bebouwing drie extra

dit bestemmingsplan zowel de bestemming “Wonen’’ als de bestemming

a. Het bedrijf mag niet zelfstandig functioneren en moet ondergeschikt

woningen te realiseren. Er wordt ter plaatse van de voorgaande

“Agrarisch”. Daarnaast ligt de dubbelbestemming “Waarde – Ecologische

jongveestal een nieuwe kapschuur (van maximaal 200 m²) beoogd dat

hoofdstructuur” en de dubbelbestemming “Waarde – Natuur en landschap”

fungeert als één bijgebouw voor alle woningen.

op het plangebied. Verder ligt de gebiedsaanduiding “milieuzone – Natura

zal de schuur een nieuwe functie gegeven worden voor het verwerken van

blijven aan de woonfunctie (als een aan-huis-verbonden bedrijf); b. Het bedrijf moet (ook in de toekomst) goed bereikbaar zijn, de

2000” en de gebiedsaanduiding “milieuzone – stiltegebied” op het

initiatiefnemer moet daarom aantonen dat er sprake is van recht van c.

overpad;

In navolgende afbeelding is de ligging van de verschillende locaties

Het gebouw mag geen grotere oppervlakte krijgen dan de oppervlakte

weergegeven. De locatie aan de Gooyerdijk 9 is weergegeven met een

(84 m2) van de bestaande schuur.

gele stip. De locatie nabij landgoed Sandenburg is weergegeven met een

Ruimtelijke onderbouwing Gooyerdijk 9, Langbroek

plangebied.

4

Een uitsnede van de verbeelding van dit bestemmingsplan ter plaatse van

een schuur van 84 m2, dezelfde omvang als de huidige schuur. Tevens

het plangebied, is weergegeven in figuur 2.

wil de initiatiefnemer de vestiging van een bedrijf aan huis mogelijk maken die groter is dan de maximaal toegestane 75 m2 bij een woning in het buitengebied. Om deze twee redenen is een bestemmingsplanherziening noodzakelijk. Daarnaast is de schuur gelegen op een woonbestemming waardoor de grond bestemd is voor woondoeleinden en niet voor kleinschalig bedrijfsmatig gebruik. Met het nieuwe bestemmingsplan blijft de huidige bestemming “Wonen” behouden. Wel wordt over het gehele plangebied de bouwaanduiding “maximum oppervlakte” (84 m2) en “specifieke vorm van bedrijf – voedselverwerking” toegevoegd. Daarnaast wordt de dubbelbestemming “Waarde – EHS” omgezet naar “Waarde – Natuurnetwerk Nederland”.

1.4

Leeswijzer

Na dit inleidende hoofdstuk volgt hoofdstuk 2 waarin een beschrijving van het plan is opgenomen. De daaropvolgende hoofdstukken vormen de verantwoording van de ontwikkeling die deze omgevingsvergunning mogelijk maakt. In hoofdstuk 3 wordt het relevante beleid beschreven. In hoofdstuk 4 worden de milieuaspecten besproken. In hoofdstuk 5 is de uitvoerbaarheid opgenomen. In het laatste hoofdstuk volgt een conclusie. Figuur 2 Uitsnede vigerend bestemmingsplan, plangebied rood omlijnd

De betreffende schuur is gelegen binnen de bestemming “Wonen”. Hoewel de ontwikkeling relatief klein is, is een herziening van het bestemmingsplan nodig om het beoogde gebruik en de beoogde bebouwing toe te staan. Dit komt door de kadastrale opdeling van de betrokken percelen met de woonbestemming. Perceel 833, waar de schuur staat, is een (kadastraal gezien) losstaand stuk grond waar geen hoofdgebouw op gelegen is en waar men dus ook geen achtererfgebied heeft. Er zijn op dit perceel daarom geen vergunningsvrije bouwmogelijkheden. Dit houdt voor dit initiatief in dat de schuur maximaal 50 m2 groot mag worden na herbouw. Echter, de initiatiefnemer beoogt

Ruimtelijke onderbouwing Gooyerdijk 9, Langbroek

5

2

Planbeschrijving

2.1

Huidige situatie

Het plangebied ligt in het buitengebied aan de Gooyerdijk 9 te Langbroek. Het perceel staat kadastraal bekend als Langbroek, sectie C, nummer 833 (zie figuur 3). De initiatiefnemer woont aan de voorzijde van het perceel, in een twee-onder-een-kap woning aan de Gooyerdijk 9. De buren wonen dus aan de achterzijde van de langgevelboerderij (Gooyerdijk 11) en zijn eigenaar van perceel 834. De schuur fungeert momenteel ondersteunend aan de woonfunctie en kent geen bedrijfsmatige invulling. Het Schippershuis Het Schippershuis, gevestigd op Gooyerdijk 9 te Langbroek, is een startup agrarische onderneming met als belangrijkste doel het op duurzame wijze produceren van gezond en betaalbaar eten voor de lokale markt. Op zo'n twee hectare past het Schippershuis verschillende vormen van voedselproductie toe verdeeld over drie percelen in Doorn en Langbroek. Het Schippershuis beheert een tuinderij met groenten en kruiden, en twee verschillende voedselbossen.

Figuur 3 Weergave kadastrale grenzen incl. bebouwing (perceel waar de nieuwe schuur beoogd is blauw gearceerd)

Figuur 4 Luchtfoto huidige situatie, schuur rood omlijnd

2.2

Toekomstige situatie

De initiatiefnemer beoogt de bestaande schuur te herbouwen (middels sloop- nieuwbouw) om deze te gaan gebruiken ten behoeve van de verwerking van lokaal geteelde agrarische producten. De oogst die verwerkt wordt is afkomstig van nabijgelegen percelen, binnen een straal van 10 kilometer. De geplande activiteiten in de te herbouwen schuur betreffen het verwerken van lokaal geteeld fruit, kruiden en paddenstoelen tot houdbare producten als thee, kruidenmengsels, jam en gedroogde paddenstoelen. De initiatiefnemer wenst hierbij een gedeelte van de schuur te gebruiken als kantoor, behorend bij het kleinschalig

Ruimtelijke onderbouwing Gooyerdijk 9, Langbroek

6

verwerkingsbedrijf. Er zal worden voldaan aan de standaard voorwaarden die gelden ten aanzien van een bedrijf aan huis, die zijn opgenomen in artikel 23.4.2 van het vigerende bestemmingsplan: a. het aan huis gebonden bedrijf betreft een activiteit uit de categorie 1 of 2 van Bijlage 1 Staat van bedrijfsactiviteiten of een daarmee gelijk te stellen activiteit; b. de activiteit wordt uitgeoefend door de bewoner(s) van de woning; c.

het gebruik leidt niet tot onevenredige belemmeringen voor de omliggende functies;

d. het gebruik heeft geen nadelige invloed op de normale afwikkeling van het verkeer; Figuur 7 Zijaanzicht schuur

e. voorzien wordt in voldoende parkeergelegenheid ter plaatse van het bestemmingsvlak; f.

Figuur 5 Schetsontwerp schuur

ondergeschikte detailhandel is alleen mogelijk ten dienste van het aan huis verbonden beroep en/of bedrijf;

g. er vindt geen buitenopslag plaats; h. de activiteiten betreffen geen seksinrichtingen of horeca. Bij de herbouw van de schuur wordt gebruik gemaakt van duurzame materialen. De gebruikte materialen hebben een natuurlijke uitstraling en dragen bij aan het beeld dat het bouwwerk in het landschap rust. Dit sluit aan bij de criteria voor agrarische bedrijfsgebouwen zoals geformuleerd in de Welstandsnota (2014). Daarnaast biedt het herbouwen van de schuur de mogelijkheid om zonnepanelen te plaatsen op het dak. Dit is op de huidige schuur met de oude constructie niet mogelijk. Het verduurzamen van de schuur zorgt ervoor dat de energie die verbruikt wordt in de schuur tegelijkertijd zelf wordt opgewekt.

Figuur 6 Zijaanzicht schuur

In navolgende afbeeldingen wordt de te herbouwen schuur weergegeven. Figuur 8 Vogelperspectief schuur

Ruimtelijke onderbouwing Gooyerdijk 9, Langbroek

7

3

Beleidskader

balans wordt gebracht met natuurlijke systemen en ontwikkelingen in het

loop van de Rijn met archeologische overblijfselen uit de periode 0 tot 400

landelijk gebied niet ten koste gaan van landschappelijke kwaliteiten.

na Chr. bestaande uit: 

In dit hoofdstuk wordt nader ingegaan op het voor deze ontwikkeling relevante rijks-, provinciaal, regionaal en gemeentelijk beleid.

De voorgenomen ontwikkeling is van een dusdanig kleine schaal dat deze geen belangen raakt uit de Nationale Omgevingsvisie. Het voornemen

3.1

Rijksbeleid

3.1.1

Nationale Omgevingsvisie

ontwikkeling wordt verpaupering van opstallen tegengegaan en wordt aantasting van de leefomgevingskwaliteit voorkomen. Het initiatief is niet

Op 11 september 2020 is de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) in werking

in strijd met de uitgangspunten van de NOVI.

getreden. Deze visie bevat de hoofdzaken van het strategisch rijksbeleid voor de fysieke leefomgeving. Dit is een combinatie van beleid uit de

grafvelden; 

omvat de herbouw van een schuur ten behoeve van een kleinschalig aan huis verbonden bedrijf. Doordat het initiatief inzet op een duurzame

3.1.2

Besluit algemene regels ruimtelijke ordening

forten (castella), burgerlijke nederzettingen (kampdorpen/vici) en militaire infrastructuur, bestaande uit wegen, waterwerken en wachttorens;

scheepswrakken."

Een bestemmingsplan mag de kernkwaliteiten van de Romeinse Limes niet aantasten. Verstoring van de bodem is echter niet aan de orde (zie ook paragraaf 4.9). Aantasting van de kernkwaliteiten van de Romeinse Limes is daarmee ook niet aan de orde.

bestaande beleidsdocumenten, met en zonder wettelijke grondslag, en nieuw strategisch beleid. De grote en complexe opgaven zoals

De wetgever heeft in de Wro, ter waarborging van de nationale of

klimaatverandering, energietransitie, circulaire economie, bereikbaarheid

provinciale belangen, de besluitmogelijkheden van lagere overheden

Voor het overige stelt het Barro geen specifieke regels die bij het opstellen

en woningbouw zullen Nederland gaan veranderen. De NOVI bevat een

begrensd. Indien nationale of provinciale belangen dat met het oog op een

van dit bestemmingsplan in acht moeten worden genomen. Het Barro

toekomstperspectief met de ambities van het Rijk. In de NOVI zijn 21

goede ruimtelijke ordening noodzakelijk maken, kunnen bij of krachtens

staat de uitvoering van het bestemmingsplan derhalve niet in de weg.

nationale belangen met bijbehorende opgaven geformuleerd. Deze

algemene maatregel van bestuur respectievelijk bij of krachtens

nationale belangen komen samen in vier prioriteiten:

provinciale verordening regels worden gesteld omtrent de inhoud van

1. ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie;

bestemmingsplannen. In het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening

2. duurzaam economisch groeipotentieel;

(Barro) zijn 14 nationale belangen opgenomen die in de Structuurvisie

3. sterke en gezonde steden en regio's;

Infrastructuur en Ruimte (SVIR) zijn herbevestigd. Voor deze belangen is

4. toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied.

het Rijk verantwoordelijk en wil het resultaten boeken. Buiten deze belangen hebben decentrale overheden beleidsvrijheid. Het Barro is op 30

Voor de vier NOVI-prioriteiten geldt steeds dat zowel voor de lange als de

december 2011 in werking getreden en op 1 oktober 2012, 1 juli 2014, 1

korte termijn maatregelen nodig zijn. Deze maatregelen dienen in de

juli 2016 en 1 januari 2017 op onderdelen aangevuld.

praktijk voortdurend op elkaar in te spelen. Bij de afweging van de belangen staat een evenwichtig gebruik van de fysieke leefomgeving

Doorwerking plangebied

centraal voor zowel de boven- als de ondergrond.

Het plangebied is gelegen binnen een zon die in de Barro is aangeduid als

Doorwerking plangebied Het rijk zet in de NOVI voor het landelijk gebied in op een

kernkwaliteiten van de Romeinse Limes zijn als volgt beschreven: "De unieke, samenhangende en goed bewaard gebleven voormalige

toekomstbestendige ontwikkeling. Dit betekent dat het landgebruik in

(militaire) grens van het Romeinse Rijk. De Limes ligt langs de toenmalige

Ruimtelijke onderbouwing Gooyerdijk 9, Langbroek

‘Romeinse Limes’. De Romeinse Limes is aangewezen als erfgoed. De

3.1.3

Ladder voor duurzame verstedelijking

In het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is de verplichting opgenomen om in het geval van een nieuwe stedelijke ontwikkeling in de toelichting een onderbouwing op te nemen van nut en noodzaak van de nieuwe stedelijke ruimtevraag en de ruimtelijke inpassing. Hierbij wordt uitgegaan van de 'ladder voor duurzame verstedelijking'. Doorwerking plangebied De herbouw van een schuur ten behoeve van een kleinschalig aan huis gebonden bedrijfje kan niet aangemerkt worden als nieuwe stedelijke ontwikkeling. Het planvoornemen is dermate kleinschalig van aard (84 m2) dat een toets aan de Ladder voor duurzame verstedelijking niet noodzakelijk is.

8

3.2

Provinciaal beleid

3.2.1

Omgevingsvisie provincie Utrecht

ontwerp en innovatie te stimuleren. Er blijft ook ruimte beschikbaar

Het initiatief is onder andere gelegen in de ‘Beschermingszone

voor lokale opgaven.

drinkwaterwinning’, het initiatief heeft echter geen invloed op de drinkwaterwinning.

Doorwerking plangebied Op 10 maart 2021 hebben Provinciale Staten de Omgevingsvisie provincie

Raadpleging van de digitale versie van de Omgevingsvisie wijst uit dat op

Aantrekkelijke landschappen

Utrecht vastgesteld. In de Omgevingsvisie legt de provincie het ruimtelijke

de locatie aan de Gooyerdijk 9 een aantal provinciale belangen spelen.

Het plangebied behoort tot het landschapstype Rivierengebied en kent de

beleid voor de periode tot 2050 vast. Het nieuwe ruimtelijke beleid heeft

Navolgend wordt op de meest relevante belangen ingegaan.

volgende kernkwaliteiten:

als hoofdvraag: ‘Hoe willen wij dat onze provincie er in 2050 er uitziet?’. In

1. schaalcontrast van zeer open naar besloten

de omgevingsvisie komen de volgende aspecten aan de orde:

Stiltegebied

2. samenhangend stelsel van rivier - uiterwaard - oeverwal - kom

woningbouw in principe binnen steden en dorpen en rondom

Het intensieve gebruik van de leefomgeving zorgt voor steeds meer

3. samenhangend stelsel van hoge stuwwal - flank - kwelzone - oeverwal

knooppunten;

geluidhinder, terwijl de behoefte aan rust en ontspanning groot is.

de beschikbare ruimte meervoudig gebruiken;

Stiltegebieden vervullen een rol in die behoefte. Behalve voor de

het vergroten van de duurzaamheid;

rustzoekende inwoner, is stilte ook van belang voor de beleving van het

specifiek in spelen op wat gebieden nodig hebben.

landschap en natuur. In de provincie Utrecht zijn 14 stiltegebieden

Het initiatief wordt in de paragraaf ‘Interim Omgevingsverordening

aangewezen. In deze gebieden handhaaft de provincie op de rust die

provincie Utrecht’ getoetst aan deze kernkwaliteiten.

In de Omgevingsvisie liggen de integrale lange termijn ambities en

- rivier 4. de Kromme Rijn als vesting en vestiging

aanwezig is.

beleidsdoelen voor de fysieke leefomgeving van de provincie Utrecht vast.

Toegankelijke cultuur en waardevol erfgoed

Dat is inclusief sociale aspecten die fysiek neerslaan, zoals

Met het nieuwe bestemmingsplan blijft de huidige bestemming “Wonen”

Cultuurhistorische waarden van de leefomgeving wilt de provincie

toegankelijkheid en inclusiviteit. De Omgevingsvisie vormt een

behouden. Wel wordt over het gehele plangebied de bouwaanduiding

beschermen en benutten, door ze beter zichtbaar en beleefbaar te maken

samenhangend pakket met de instrumenten Programma’s en

“maximum oppervlakte” (84 m2) en “specifieke vorm van bedrijf –

en door ze te gebruiken als dragers en aanjagers van ruimtelijke kwaliteit

Omgevingsverordening. In de omgevingsvisie worden groen, water,

voedselverwerking” toegevoegd. Daarnaast wordt de dubbelbestemming

bij ruimtelijke ontwikkelingen. In de Cultuurhistorische hoofdstructuur legt

energie, bebouwing, infrastructuur, cultuurhistorie en landelijk gebied in

“Waarde – EHS” omgezet naar “Waarde – Natuurnetwerk Nederland”.

de provincie de nadruk op gebieden die gemeentegrenzen overstijgen:

onderlinge samenhang bezien. Hiermee wordt ruimte geboden voor

Gezien de zeer kleinschalige aard van het agrarisch gebruik wordt het

historische buitenplaatszones, militair erfgoed, agrarische

duurzaam gebruik en ontwikkeling, voor sociale samenhang en wordt zorg

stiltegebied niet negatief beïnvloed. Onderhavig plan is hiermee in lijn met

cultuurlandschappen, archeologisch waardevolle zones en historische

gedragen voor behoud of verbetering van kwaliteit in de Utrechtse

de Omgevingsvisie.

infrastructuur. Hiervoor zijn regels opgenomen in de omgevingsverordening. In de volgende paragraaf ‘Interim

leefomgeving. Duurzaam en robuust bodem- en watersysteem

Omgevingsverordening provincie Utrecht’ wordt het initiatief hieraan

In het omgevingsbeleid staan twee centrale uitgangspunten centraal:

Drinkwaterbedrijven en overheden zijn samen verantwoordelijk voor het

getoetst.

kiezen gebiedsgericht voor integrale, toekomstgerichte oplossingen

duurzaam veiligstellen van de openbare drinkwatervoorziening. Dit wordt

waarmee de Utrechtse kwaliteiten per saldo behouden of versterken,

ook wel de ‘zorgplicht drinkwater’ genoemd. Voor de bescherming van de

Klimaatbestendige en waterveilige leefomgeving

zo nodig met compenserende maatregelen;

bestaande drinkwaterwinningen in onze provincie heeft de provincie een

Eén van de belangrijkste risico’s van klimaatveranderingen in de delta

concentreren en combineren van nieuwe ontwikkelingen, om

beschermingszone drinkwaterwinning. Vanwege de bevolkingsgroei en de

Nederland is een overstroming. De provincie Utrecht zorgt samen met de

zorgvuldig om te gaan met schaarse ruimte en kwaliteiten en door

toenemende bedrijvigheid heeft de provincie tot 2050 extra drinkwater

waterbeheerders ervoor dat de dijken (‘primaire keringen’ en ‘regionale

nodig, waarvoor oppervlakte- en grondwater wordt onttrokken.

keringen’) in de provincie op orde zijn om te voorkomen dat rivieren,

Ruimtelijke onderbouwing Gooyerdijk 9, Langbroek

9

randmeren, kanalen en regionale wateren overstromen. De provincie geeft

voedselproducten te verwerken, worden geen gevoelige objecten mogelijk

NNN niet worden aangetast. Vervolgonderzoek in het kader van het NNN

hiervoor het overstroombaar gebied aan, waarbinnen de provincie met

gemaakt. Het initiatief heeft daarmee geen relevante gevolgen voor de

wordt dan ook niet noodzakelijk geacht (zie ook paragraaf 4.6).

gemeenten, waterbeheerders en de Veiligheidsregio Utrecht

overstromingsrisico’s. Artikel 7.7 Beschermen en benutten van de cultuurhistorische

samenwerken aan de gevolgenbeperking bij overstromingen. Artikel 3.7 Instructieregel ruimtelijke bescherming grondwater

hoofdstructuur

Het initiatief is onder andere gelegen in ‘overstroombaar gebied’.

Het plan bevindt zich in kwetsbaar strategische grondwatervoorraad. Voor

De cultuurhistorische hoofdstructuur bestaat uit vijf gebieden. In de

Aangezien onderhavig planvoornemen het amoveren van de bestaande

deze gebieden is het volgende opgenomen in de Interim

cultuurhistorische hoofdstructuur dient rekening gehouden te worden met

schuur en de bouw van een nieuwe schuur betreft om lokaal geteelde

Omgevingsverordening:

de waarden van de Cultuurhistorische hoofdstructuur en de bescherming

voedselproducten te verwerken, worden geen gevoelige objecten mogelijk

1. Een bestemmingsplan dat betrekking heeft op locaties binnen een

en benutting van deze waarden. De locatie ligt binnen “CHS – historische

gemaakt. Het initiatief heeft daarmee geen relevante gevolgen voor de

Waterwingebied, Grondwaterbeschermingsgebied, Boringsvrije zone,

buitenplaatszone” en “uitzondering verstedelijkingsverbod Landelijk

overstromingsrisico’s.

Beschermingszone oppervlaktewaterwinning, 100- jaarsaandachtsgebied

gebied”.

of Kwetsbare strategische grondwatervoorraad laat geen activiteiten toe 3.2.2

Interim Omgevingsverordening provincie Utrecht

en bevat geen bestemmingen en regels die een risico vormen voor de

Onderhavig planvoornemen betreft het amoveren van de bestaande

grond- en oppervlaktewaterwinning voor menselijke consumptie.

schuur en de bouw van een nieuwe schuur om lokaal geteelde

De interim omgevingsverordening (IOVPU) is op 10 maart 2021

2. De motivering van een bestemmingsplan bevat een beschrijving van het

voedselproducten te verwerken. Op de locatie aan de Gooyerdijk 9 zijn

vastgesteld. In de verordening zijn instructieregels opgenomen die in acht

door de gemeente te voeren beleid ter zake en de wijze waarop het

geen cultuurhistorische waarden aanwezig en er worden geen

genomen moeten worden bij het maken van nieuwe ruimtelijke plannen.

waterwinbelang in acht is genomen.

archeologische waarden geschaad. Dit wordt verder onderbouwd in de

Op deze manier kan het provinciale ruimtelijke beleid ook daadwerkelijk

paragraaf 4.9.

gerealiseerd worden. Hieronder worden de meest belangrijke

In de te realiseren schuur wordt er gewerkt op puur ecologische /

instructieregels behandeld.

biologische basis. Het gaat om drogen van fruit, maken van jam, ed. met

Artikel 7.9 Instructieregel landschap

natuurlijke stoffen. Er wordt uitsluitend apparatuur gebruikt met elektrische

Onderhavig plangebied maakt onderdeel uit van het landschap van het

voeding. Er is dus geen sprake van bijzondere afvalstoffen met een risico

Rivierengebied. Voor het landschap Rivierengebied wilt de Provincie de

voor het grondwater. De initiatiefnemer spoelt soms zand van

volgende kernkwaliteiten behouden:

Artikel 2.10 Instructieregel overstroombaar gebied

fruit/groenten, en er is na verwerking sprake van groente- en fruitresten,

1. schaalcontrast van zeer open naar besloten;

De locatie is in de IOVPU aangewezen als overstroombaar gebied. De

die gecomposteerd worden voor gebruik op eigen land. Voor schoonmaak

2. samenhangend stelsel van rivier - uiterwaard - oeverwal - kom;

provincie wil in deze gebieden goed voorbereid zijn op eventuele

en HACCP eisen worden alleen reinigingsmiddelen gebruikt die

3. samenhangend stelsel van hoge stuwwal - flank - kwelzone - oeverwal

overstromingen. Voor het binnendijks ontwikkelen van kwetsbare en vitale

toegelaten zijn binnen biologische voedselverwerking, waar mogelijk op

objecten, woonwijken en bedrijventerreinen moet een ruimtelijk besluit

ecologische basis. Deze worden waar van toepassing alleen via de

bestemmingen en regels bevatten die rekening houden met

riolering afgevoerd of ze drogen aan de lucht.

Doorwerking plangebied

overstromingsrisico’s.

– rivier; 4. de Kromme Rijn als vesting en vestiging. Deze kernkwaliteiten hebben in de verschillende deelgebieden van

Artikel 6.2 Instructieregel bescherming natuurnetwerk Nederland

Rivierengebied verschillende accenten. Het beoogde planvoornemen

Het initiatief is onder andere gelegen in ‘overstroombaar gebied’.

Het plangebied is gelegen binnen het NNN. Door de aard van de

betreft de sloop-nieuwbouw van een bestaande schuur. De ontwikkeling is

Aangezien onderhavig planvoornemen het amoveren van de bestaande

voorgenomen plannen zullen de omgevingscondities echter redelijkerwijs

zeer kleinschalig en heeft geen invloed op de kernkwaliteiten van het

schuur en de bouw van een nieuwe schuur betreft om lokaal geteelde

gelijk blijven, waardoor de wezenlijke kenmerken en waarden van het

landschap.

Ruimtelijke onderbouwing Gooyerdijk 9, Langbroek

10

Artikel 9.2 Verstedelijkingsverbod landelijk gebied

willen de gemeenten onderzoeken of ze in de toekomst ook structureel

introductie van een welstandsvrij gebied. Bouwplannen in dat gebied

Een bestemmingsplan dat betrekking heeft op locaties binnen landelijk

intensiever kunnen samenwerken.

zullen niet langer worden getoetst aan welstandscriteria.

Doorwerking plangebied

Doorwerking plangebied

Onderhavig plangebied valt in de Omgevingsvisie onder de ‘Kastelenzone

Op de navolgende afbeelding volgt een uitsnede van de

gebied laat geen verstedelijking toe, tenzij in de verordening anders is bepaald. Verstedelijking wordt binnen de interim-omgevingsverordening als volgt gedefinieerd: ‘van verstedelijking is sprake als een bestemmingsplan ten opzichte van het vigerende regime nieuwe

Langbroekerwetering”. Daarnaast valt onderhavig plangebied in de

mogelijkheden biedt voor vestiging of uitbreiding van stedelijke functies’.

Omgevingsvisie onder de “Essenhakhoutzone Langbroekerwetering”. In

welstandbeleidskaart met daarop het plangebied globaal groen omcirkeld. De locatie Gooyerdijk 9 ligt in een gebied met welstandsniveau “PLUS”.

de Omgevingsvisie worden inwoners gevraagd te komen met

Bij het PLUS-niveau van welstand is de toets door welstandtoezicht vooral

Er wordt geen geheel nieuwe functie aan het gebied toegevoegd en

sympathieke, duurzame initiatieven die iets bijzonders toevoegen aan het

gericht op die aspecten die te maken hebben met de situering van het

daarnaast is er ook geen sprake van (verboden) nieuwvestiging van een

buitengebied. Bestaande bebouwing (sloop-nieuwbouw) mag hier in

bouwwerk (rooilijn, zijdelingse afstand, oriëntatie), de hoofdvormen van

agrarisch bedrijf, omdat het een nevenactiviteit binnen de

dergelijke gevallen voor benut worden. Hierdoor wordt onder andere

het bouwwerk (bouwmassa, bouwhoogte, kapvorm en kap-richting), de

woonbestemming betreft.

gericht op een alternatief: toevoeging van kwaliteit, waarbij het bestaande

schaal en geleding van het gebouw, de gevelindeling, het

volume het uitgangspunt is. Het planvoornemen is hiermee dus passend

materiaalgebruik en de gebruikte kleurtoon. Het PLUS-niveau van

binnen het gemeentelijk ruimtelijk beleid.

welstand geldt voor die gebieden of structuren die vanwege hun specifieke

Verder kan voor de bestaande schuur niet worden aangetoond dat hiervoor in het verleden een bouwvergunning is verleend. Daarom is op dit

ruimtelijke of stedenbouwkundige opbouw extra aandacht behoeven.

moment sprake van bebouwing die ten dele onder het overgangsrecht

Daarnaast wordt in de Omgevingsvisie aangegeven dat door lokale

Nieuwe ontwikkelingen vragen om een zorgvuldige inpassing. De kwaliteit

valt. Door het slopen van de bestaande bebouwing en het herbouwen van

voedselketens te organiseren voedselproducten geherwaardeerd en

moet bijdragen aan de bestaande karakteristiek en samenhang en deze

een gebouw, zou daarmee sprake zijn van strijdigheid met

opnieuw geïntegreerd worden in de samenleving door lokale verkoop. Met

zo mogelijk versterken.

verstedelijkingsverbod uit de Interim Omgevingsverordening (artikel 9.2).

het kiezen voor de kracht van een individuele kleinschalige agrarische

Omdat het hier echter gaat om een oude schuur (opgericht rond 1966) is

onderneming wordt deze visie uitgedragen.

feitelijk geen sprake van verstening. De verstening is immers al meer dan 3.3.2

50 jaar aanwezig.

3.3

Gemeentelijk beleid

3.3.1

Omgevingsvisie Kromme Rijngebied

Welstandsnota 2014

In Nederland staat de vormgeving van het collectieve beeld boven dat van het individuele object. Stedenbouw en architectuur zijn in Nederland van oudsher meer aan de orde van de dag dan bijvoorbeeld in België. Al sinds de 15de eeuw bestaan er in Nederland lokale verplichtingen ten aanzien

De gemeentebesturen van de gemeenten Bunnik, Houten en Wijk bij

van vormgevingsaspecten. In de Woningwet zijn verplichtingen

Duurstede hebben in 2017 besloten een omgevingsvisie voor het

aangegeven over het welstandsbeleid. Met deze welstandsnota en het

buitengebied van de gemeenten op te stellen: het Kromme Rijngebied.

hierin uitgedragen beleid wordt invulling gegeven het toegankelijk en

Het algemene doel van de omgevingsvisie is drieledig: ten eerste willen de

toetsbaar maken van het welstandsbeleid. De welstandsnota is medio

gemeenten een modern planningsinstrument hebben dat aansluit bij de

2013 geactualiseerd vanwege nieuwe ontwikkelingen, veranderde

behoeften die er zijn in het gebied, ten tweede willende gemeenten in dit

inzichten en wetswijzigingen. De belangrijkste aanpassing betreft de

gebied, dat duidelijk een geheel is, hetzelfde beleid voeren en ten derde

Ruimtelijke onderbouwing Gooyerdijk 9, Langbroek

11

Figuur 9 Uitsnede welstandsbeleidskaart met daarop de plandelen globaal aangeduid (Bron: Gemeente Wijk bij Duurstede). Voorliggend plan zal in het kader van de omgevingsvergunning voor het bouwen worden getoetst aan de voorgaande criteria uit het welstandsbeleid. Op voorhand is er geen strijdigheid met de genoemde criteria.

Ruimtelijke onderbouwing Gooyerdijk 9, Langbroek

12

4 Omgevingsaspecten In dit hoofdstuk worden de diverse relevante omgevingsaspecten

en verkeersgeneratie’. Hierbij is conform de ‘Nota Parkeernormen Wijk bij Duurstede’ uitgegaan van de stedelijkheidsgraad ‘niet stedelijk’, met de normen. Er wordt gebruik gemaakt van de norm die geldt voor ‘bedrijf

4.1

ondergeschikt gezien aan de bedrijfsfunctie en wordt daarom niet als

arbeidsintensief/bezoekersextensief’. De kleine kantoorruimte wordt als losse categorie in de berekening opgenomen.

4.1.1

Parkeernorm per 100 m2 bvo

Parkeernorm totaal

Bedrijf arbeidsintensief /bezoekersexte nsief

84

1,3

1,1

Toetsingskader Op basis van de normen zal het plan 9,2 motorvoertuigen per etmaal

Een toevoeging of wijziging van functies zorgt vaak voor een verandering

genereren voor een gemiddelde weekdag. Door de ligging aan de

van de verkeersgeneratie en de parkeerbehoefte van een gebied.

Gooyerdijk wordt verwacht dat de omliggende wegenstructuur de motorvoertuigbewegingen goed kan verwerken

In de gemeente Wijk bij Duurstede is de ‘Nota Parkeernormen Wijk bij Duurstede’ van kracht. In de Nota wordt aan de hand van de CROW publicatie aangegeven welke gebiedsindeling en stedelijke zone

Type

Aantal m2 bvo

gehanteerd dient te worden. Voor de verkeersgeneratie wordt de CROW publicatie 381 aangehouden. 4.1.2

Aantal m2 bvo

ligging ‘buitengebied’. Er is, worst-case, uitgegaan van de maximale

aangehaald en wordt het plan hieraan getoetst.

Verkeer en parkeren

Type

Onderzoek

Bedrijf arbeidsintensief /bezoekersexte nsief

84

4.1.3

Conclusie

Het aspect ‘ verkeer en parkeren’ zorgt niet voor belemmeringen voor onderhavig plan.

4.2

Geluid Toetsingskader

Verkeersgener atie per 100 m2 bvo

Verkeersgener atie totaal

4.2.1

10,9

9,2

Wegverkeer

Verkeer

Op basis van de Wet geluidhinder (artikel 77 Wgh) dient bij een wijziging in het bestemmingsplan een akoestisch onderzoek te worden uitgevoerd als het plan mogelijkheden biedt voor: 

de toevoeging van een nieuwe woning of andere geluidsgevoelige

Er zal gebruik worden gemaakt van de bestaande infrastructuur en

Parkeren

verharding rondom het besluitgebied. Daarnaast leidt het mogelijk maken

In de gemeente Wijk bij Duurstede is de ‘Nota Parkeernormen Wijk bij

van de kleinschalige agrarische bedrijvigheid nauwelijks tot extra

de aanleg van een nieuwe weg;

Duurstede’ van kracht. Uit de nota volgt dat voor een bedrijf

verkeersbewegingen. De eigenaren van de schuur zijn zelf woonachtig in

de reconstructie van een bestaande weg.

arbeidsintensief/bezoekersextensief in het buitengebied in ‘niet stedelijk’

de aan de weg gelegen woning op nummer 9 en kennen dus geen woon-

gebied een parkeernorm van 1,3 parkeerplaatsen per 100 m2 geldt. Op

werkverkeer. De extra verkeersbewegingen bestaan uit een bestelwagen

De breedte van de zone van een weg is afhankelijk van het aantal

eigen terrein is voldoende ruimte beschikbaar om hierin te voorzien.

rijstroken, het stedelijk gebied en de maximumsnelheid. In een akoestisch

die de producten in de omgeving ophaalt en weer bezorgt bij lokale winkels of ondernemers. Verkoop vindt uitsluitend plaats op bestelling of via markten. Er is dus geen sprake van verkoop op locatie zelf. De verkeersgeneratie voor het besluitgebied is berekend volgens de CROW-publicatie 381 ‘Toekomstbestendig parkeren –Kencijfers parkeren

Ruimtelijke onderbouwing Gooyerdijk 9, Langbroek

functie binnen de zone van een weg;

onderzoek kunnen wegen waarvoor een maximumsnelheid van 30 km/uur geldt buiten beschouwing worden gelaten. In de Wgh zijn grenswaarden opgenomen met betrekking tot de geluidbelasting op de gevels van woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen. De voorkeursgrenswaarde voor de geluidbelasting op de

13

gevel is 48 dB en mag in principe niet worden overschreden. Onder

bepaalde voorwaarden, als maatregelen onvoldoende doeltreffend zijn en het voldoen aan de grenswaardenonoverkomelijke bezwaren ontmoet van

een grenswaarde; 

landschappelijke, stedenbouwkundige of financiële aard, mag de geluidbelasting hoger zijn dan de voorkeursgrenswaarde. Hiervoor dient

het project leidt per saldo niet tot een verslechtering van de luchtkwaliteit;

middels een ontheffing een hogere waarde te worden vastgesteld.

het project draagt alleen niet in betekenende mate bij aan de luchtverontreiniging;

 4.2.2

er is geen sprake van een feitelijke of dreigende overschrijding van

Onderzoek

het project is opgenomen in het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL) of een regionaal programma van maatregelen.

Onderhavig initiatief biedt ruimte om de bestaande oude schuur, behorend

Om te bepalen of een project "niet in betekenende mate" bijdraagt aan de

bij Gooyerdijk 9, van 84 m2 te amoveren en een nieuwe schuur te bouwen

luchtkwaliteit is een algemene maatregel van bestuur 'Niet in betekenende

om lokaal geteelde voedselproducten te verwerken. Tevens zal er een

mate' (Besluit NIBM) en een ministeriële regeling NIBM (Regeling NIBM)

bijbehorende kleinschalige kantoorruimte gerealiseerd worden. Met het

vastgesteld waarin de uitvoeringsregels zijn vastgelegd. Een project kan in

planvoornemen wordt geen (geluid)gevoelige functie mogelijk gemaakt.

twee situaties NIBM bijdragen aan de luchtkwaliteit:  het project behoort tot de lijst met categorieën van gevallen (inrichtingen, kantoor- en woningbouwlocaties) die is opgenomen in de Regeling NIBM;

Een akoestisch wegverkeerslawaai onderzoek is derhalve niet noodzakelijk. Bovendien wordt enkel een kleine hoeveelheid extra verkeer gegenereerd waardoor het woon- en leefklimaat van de bestaande woningen niet wordt aangetast. 4.2.3

Ook moet gekeken worden naar de huidige luchtkwaliteit ter plaatse van het plangebied. De achtergrondwaarden van stikstof en fijnstof in de lucht,

het project heeft een toename van minder dan 3% van de

kunnen worden achterhaald via Atlasleefomgeving. In onderstaande tabel

jaargemiddelde concentratie NO2 en PM10 (1,2μg/m3 ).

zijn de achtergrondwaarden ter plaatse van Gooyerdijk 9 weergegeven. Geconcludeerd wordt dat de waarden ruim onder de norm liggen. Om

Conclusie

4.3.2

Het aspect ‘ geluid’ zorgt niet voor belemmeringen voor onderhavig plan.

4.3

Invloed van de luchtkwaliteit op het plan

Luchtkwaliteit

Onderzoek

deze reden kan geconcludeerd worden dat sprake is van een goed woonen leefklimaat in het kader van de luchtkwaliteit.

Invloed van het plan op de luchtkwaliteit Door de ontwikkeling is er sprake van een toename van verkeer van

NO2 μg/m3

PM10 μg/m3

PM2.5 μg/m3

10,9

15,5

8,6

40

40

25

maximaal 9,2 mvt/etmaal (weekdaggemiddelde). Hierbij wordt uitgegaan 4.3.1

Toetsingskader

van een aandeel vrachtverkeer van 10,0%. In de nibm-tool (versie 23-42022) is 2023 als jaar van planrealisatie aangehouden. Uit de berekening

De hoofdlijnen voor regelgeving rondom luchtkwaliteitseisen staan

blijkt dat deze verkeerstoename zorgt voor een toename van het gehalte

beschreven in de Wet milieubeheer (hoofdstuk 5, titel 5.2 Wm). Hierin zijn

stikstof in de lucht van 0,01 µg/m³. De concentratie fijnstof blijft gelijk. Het

grenswaarden opgenomen voor luchtvervuilende stoffen. Voor ruimtelijke

project draagt hierdoor niet in betekenende mate bij aan de toename van

projecten zijn fijnstof (PM10 en PM2,5) en stikstofdioxide (NO2) de

de hoeveelheid stikstofdioxide en fijnstof in de lucht. Een toetsing aan de

belangrijkste stoffen. Een project is toelaatbaar als aan één van de

grenswaarden is derhalve niet noodzakelijk.

Norm

Tabel 1 Achtergrondwaarden

volgende voorwaarden wordt voldaan:

Ruimtelijke onderbouwing Gooyerdijk 9, Langbroek

14

4.3.3

Conclusie

Omgevingstype

Invloed van het initiatief op de omgeving

De richtafstanden zijn afgestemd op de omgevingskwaliteit zoals die wordt

Onderhavig initiatief biedt ruimte om de bestaande oude schuur, behorend

Het aspect ‘Luchtkwaliteit’ vormt geen belemmering voor de beoogde

nagestreefd in een rustige woonwijk of een vergelijkbaar omgevingstype

bij Gooyerdijk 9, van 84 m2 te amoveren en een nieuwe schuur te bouwen

ontwikkeling.

(zoals een rustig buitengebied, een stiltegebied of een natuurgebied). Een

om lokaal geteelde voedselproducten te verwerken met een bijbehorende

rustige woonwijk is een woonwijk die is ingericht volgens het principe van

kleinschalige kantoorruimte. Het mogelijk maken van deze (agrarische)

functiescheiding. Afgezien van wijkgebonden voorzieningen komen vrijwel

bedrijvigheid wordt, gezien de kleinschaligheid, niet als belemmerd gezien

geen andere functies (zoals bedrijven en kantoren) voor. Binnen

voor de omgeving. De activiteiten worden gezien als aan huis gebonden

gemengde gebieden heeft men te maken met milieubelastende en

bedrijvigheid en worden ook als zodanig bestemd. Derhalve vormt

milieugevoelige functies die op korte afstand van elkaar zijn gesitueerd.

milieuzonering geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling.

4.4 4.4.1

Bedrijven en milieuzonering Toetsingskader

Onder milieuzonering wordt verstaan het waar nodig zorgen voor een voldoende ruimtelijke scheiding tussen enerzijds bedrijven of overige milieubelastende functies en anderzijds milieugevoelige functies zoals woningen. Bij de planontwikkeling dient rekening te worden gehouden met milieuzonering om de kwaliteit van het woon- en leefmilieu te handhaven en te bevorderen en daarnaast bedrijven voldoende zekerheid te bieden dat zij hun activiteiten duurzaam binnen aanvaardbare voorwaarden kunnen uitvoeren.

Direct naast woningen komen andere functies voor zoals winkels, horeca en kleine bedrijven. Voorbeelden van gebieden met functiemenging zijn horecaconcentratiegebieden, stadscentra, winkelcentra en winkelgebieden van dorpskernen, woon-werkgebieden met kleinschalige ambachtelijke bedrijvigheid, gebieden langs stadstoegangswegen met meerdere functies en lintbebouwing in het buitengebied met veel agrarische en andere bedrijvigheid. 4.4.2

Richtafstanden Bij de milieuzonering wordt gebruik gemaakt van de door de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) opgestelde publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering’1. In de publicatie is een lijst opgenomen met bedrijfstypen. Voor de bedrijfstypen zijn indicatieve (richt)afstanden bepaald voor de milieuaspecten geur, stof, geluid en gevaar. De richtafstanden vormen een indicatie van de aanvaardbaarheid in de situatie dat gevoelige functies in de nabijheid van milieubelastende functies worden gesitueerd. Indien bekend is welke activiteiten concreet worden beoogd of aanwezig zijn, kan gemotiveerd worden uitgegaan van de daadwerkelijk te verwachten milieubelasting (in plaats van de richtafstanden).

Onderzoek

Invloed van de omgeving op het initiatief Rondom het plangebied bevinden zich met name agrarische bestemmingen, agrarische bestemmingen met landschaps- (en natuurwaarden), enkele bosbestemmingen en natuurbestemmingen (zie figuur 10). Het bedrijf (Langbroekerdijk 3) ten zuidwesten van het plangebied ligt op ca. 1,8 kilometer afstand en valt in milieucategorie 3.1, Het bedrijf kent de

Figuur 10 Bestemmingen rondom het plangebied, plangebied met rood icoon aangegeven

functieaanduiding “specifieke vorm van bedrijf - loonbedrijf”. De richtafstand tot ‘rustig buitengebied’ voor milieucategorie 3.1 ligt op 50 meter. Het plangebied valt buiten deze richtafstand.

1

‘Bedrijven en Milieuzonering’, Uitgave VNG, Den Haag, 2009.

Ruimtelijke onderbouwing Gooyerdijk 9, Langbroek

15

4.4.3

Conclusie

een ijkwaarde waaraan veranderingen getoetst kunnen worden. Deze

In de omgeving van het besluitgebied zijn geen risicovolle inrichtingen

oriëntatiewaarde mag overschreden worden, mits goed beargumenteerd

gelegen. Dit aspect vormt derhalve geen belemmering voor onderhavig

Vanuit het aspect ‘Bedrijven en milieuzonering’ bestaan er kortom geen

door het bevoegd gezag. Samen met de hoogte van groepsrisico moeten

ruimtelijk initiatief.

belemmeringen.

andere kwalitatieve aspecten worden meegewogen in de beoordeling van

4.5

Externe veiligheid

4.5.1

Toetsingskader

Externe veiligheid beschrijft de risico's die ontstaan als gevolg van de opslag van of handelingen met gevaarlijke stoffen. Dit kan betrekking hebben op inrichtingen (bedrijven) of transportroutes. Op beide categorieën is landelijke wet- en regelgeving van toepassing. In de landelijke wet- en regelgeving zijn kwaliteitseisen en normen op het gebied van externe veiligheid geformuleerd. Doel is om bepaalde risico's, waaraan burgers in hun leefomgeving worden blootgesteld, tot een aanvaardbaar minimum te beperken. Deze bedoelde risico's hangen vooral samen met: 

activiteiten met gevaarlijke stoffen in inrichtingen;

transport van gevaarlijke stoffen door buisleidingen;

transport van gevaarlijke stoffen over de weg, het spoor en het water.

Ook zijn er onder meer landelijke regels voor de opslag en verkoop van vuurwerk. Verder wordt bij de plaatsing van windmolens ook de externe veiligheid in ogenschouw genomen. De risico's voor externe veiligheid komen tot uitdrukking via het plaatsgebonden risico en het groepsrisico. Het plaatsgebonden risico kan op de kaart worden weergeven met zogeheten risicocontouren: lijnen die punten verbinden met eenzelfde plaatsgebonden risico. Via het plaatsgebonden risico wordt een basisbeschermingsniveau gewaarborgd. Bij het groepsrisico wordt wel beoordeeld hoeveel personen zich, redelijkerwijs, feitelijk in de omgeving kunnen bevinden. Voor het groepsrisico geldt geen grenswaarde, maar een oriëntatiewaarde. Dit is

Ruimtelijke onderbouwing Gooyerdijk 9, Langbroek

het groepsrisico. Onder deze aspecten vallen zelfredzaamheid en bestrijdbaarheid. Deze argumentatie is een onderdeel van de verantwoording van het groepsrisico. Onderdeel van deze verantwoording is overleg met (advies vragen aan) de regionale brandweer. Het plaatsgebonden risico (PR) is de kans, per jaar, op overlijden van een onbeschermd individu ten gevolge van ongevallen met gevaarlijke stoffen. De aanwezigheid van een persoon is fictief. Niet wordt beoordeeld hoe groot de kans op de aanwezigheid van een persoon feitelijk is. Het groepsrisico (GR) is een maat voor de kans per jaar dat een groep van bijvoorbeeld 10, 100 of 1000 personen het slachtoffer wordt van een ongeval met gevaarlijke stoffen. Het groepsrisico wordt ook beschouwd als een maat voor de maatschappelijke ontwrichting. 4.5.2

Onderzoek Figuur 11 Uitsnede Atlasleefomgeving, plangebied aangegeven met blauwe cirkel

Navolgend wordt ingegaan op risicovolle transportroutes, buisleidingen en inrichtingen toegelicht. Voor de beschouwing hiervan is gebruik gemaakt

4.5.3

Conclusie

van de Risicokaart. Vanuit het aspect ‘Externe Veiligheid’ bestaan er geen belemmeringen Transportroutes

voor onderhavig planinitiatief.

In de omgeving van het besluitgebied zijn geen transportroutes gelegen. Dit aspect vormt derhalve geen belemmering voor onderhavig ruimtelijk

4.6

Ecologie

4.6.1

Toetsingskader

initiatief. Buisleidingen In de omgeving van het besluitgebied zijn geen buisleidingen gelegen. Dit

De bescherming van de natuur is vastgelegd in de Wet

aspect vormt derhalve geen belemmering voor onderhavig ruimtelijk

natuurbescherming (Wnb). De Wnb geeft het wettelijke kader voor de

initiatief. Risicovolle inrichtingen

bescherming van natuurgebieden en voor soortenbescherming. Bij de voorbereiding van een ruimtelijk plan dient onderzocht te worden of de

16

Wnb ten aanzien van de bescherming van dier- en plantensoorten en

de noodzakelijke compenserende maatregelen worden getroffen om

gebieden de uitvoering van het plan niet in de weg staan. De provincie is

te waarborgen dat de algehele samenhang van het Natura 2000-

bevoegd gezag voor de toetsing van handelingen met mogelijke gevolgen

netwerk bewaard blijft.

soorten van de Habitatrichtlijn en de verdragen van Bern en Bonn (artikel 3.5);

andere soorten (artikel 3.10).

voor beschermde dier- en plantensoorten (de soortenbeschermingsbepalingen) én voor Natura 2000-gebieden (de

Projecten, plannen en activiteiten die mogelijk een negatief effect hebben

Per beschermingsregime is aangegeven welke verboden er gelden en

gebiedenbeschermingsbepalingen). Alleen bij ruimtelijke ingrepen

op de beschermde natuur in een Natura 2000-gebied zijn

onder welke voorwaarden ontheffing of vrijstelling kan worden verleend

waarmee grote nationale belangen zijn gemoeid, blijft het Rijk bevoegd

vergunningsplichtig.

door het bevoegd gezag. Volgens artikel 3.31 zijn de verboden, bedoeld in

gezag.

de artikelen 3.1, 3.5 en 3.10 niet van toepassing op handelingen die zijn Gebiedsbescherming vanuit provinciaal beleid

beschreven in en aantoonbaar worden uitgevoerd overeenkomstig een

Daarnaast vindt beleidsmatige gebiedsbescherming plaats door middel

Het Natuurnetwerk Nederland is een samenhangend netwerk van

door het Ministerie van Economische Zaken goedgekeurde gedragscode

van het Natuurnetwerk Nederland (NNN), de voormalige Ecologische

bestaande en te ontwikkelen natuurgebieden. Het netwerk wordt gevormd

en die plaatsvinden in het kader van bestendig beheer, bestendig gebruik,

Hoofdstructuur (EHS). Ook in dit kader zijn de provincies het bevoegd

door kerngebieden, natuurontwikkelingsgebieden en ecologische

of ruimtelijke ontwikkeling of inrichting.

gezag.

verbindingszones met als doel natuurgebieden beter met elkaar en met het omringende agrarisch gebied te verbinden.

4.6.2

Onderzoek

De Wnb heeft voor wat betreft gebiedsbescherming, betrekking op de

Conform artikel 1.12 van de Wnb dragen gedeputeerde staten in hun

Om een beeld te krijgen van de natuurwaarden is op 13 juni 2023 tussen

Europees beschermde Natura 2000-gebieden. Als er naar aanleiding van

provincie zorg voor de totstandkoming en instandhouding van een

12.00 – 14.00 uur door een ecoloog van BRO een quickscan flora en

projecten, plannen en activiteiten, afzonderlijk of in combinatie met andere

samenhangend landelijk ecologisch netwerk, genaamd ‘Natuurnetwerk

fauna uitgevoerd. De rapportage hiervan is opgenomen in de bijlagen.

plannen of projecten, mogelijkerwijs significante effecten optreden, dienen

Nederland’. Zij wijzen daartoe in hun provincie gebieden aan die tot dit

Onderstaand wordt ingegaan op de belangrijkste conclusies.

deze bij de voorbereiding van een bestemmingsplan in kaart te worden

netwerk behoren. De planologische begrenzing en beschermingsregimes

gebracht en beoordeeld.

van het Natuurnetwerk Nederland loopt via het traject van de provinciale

Onderzoekconclusie

ruimtelijke structuurvisies en verordeningen. Voor deze gebieden geldt

Gelet op de potentiële ecologische waarden kan het voorgenomen plan

Natura 2000-gebieden hebben een externe werking, zodat ook ingrepen

een planologisch beschermingsregime. Activiteiten in deze gebieden zijn

alleen in overeenstemming met de nationale natuurwetgeving en het pro-

die buiten deze gebieden plaatsvinden en verstoring kunnen veroorzaken,

alleen toegestaan als ze geen negatieve effecten hebben op de wezenlijke

vinciale natuurbeleid worden uitgevoerd, mits voorafgaand en tijdens het

moeten worden getoetst op het effect van de ingreep op soorten en

kenmerken of waarden of als deze kunnen worden tegengegaan met

uitvoeren van de werkzaamheden het bepaalde in de Wet natuurbe-

habitats. Een ruimtelijk plan dat significante gevolgen kan hebben voor

mitigerende maatregelen.

scherming in acht wordt genomen:

Gebiedsbescherming vanuit de Wet natuurbescherming

een Natura 2000-gebied kan alleen worden vastgesteld indien uit een

Ten aanzien van vleermuizen dient licht gericht of uitstralend op opgaand groen te worden vermeden;

passende beoordeling de zekerheid is verkregen dat het plan de

Soortenbescherming

natuurlijke kenmerken van het gebied niet zal aantasten. Indien deze

De Wnb onderscheidt beschermingsregimes voor soorten op grond van

zekerheid niet is verkregen, kan het plan worden vastgesteld, indien wordt

internationale verdragen, aangevuld met soorten die vanuit een nationaal

delijkerwijs te voorkomen, het verwijderen van nestgelegenheid buiten

voldaan aan de volgende drie voorwaarden:

oogpunt beschermd worden. Hierdoor zijn er in de Wnb drie verschillende

het broedseizoen te worden uitgevoerd, of een controle moet de aan-

alternatieve oplossingen zijn niet voorhanden;

verbodsartikelen per categorie soorten:

wezigheid van een broedgeval kunnen uitsluiten;

het plan is nodig om dwingende redenen van groot openbaar belang,

met inbegrip van redenen van sociale of economische aard; en

Ruimtelijke onderbouwing Gooyerdijk 9, Langbroek

soorten van de Vogelrichtlijn (artikel 3.1);

Ten aanzien van broedvogels dient, om overtreding op voorhand re-

In het kader van de algemene zorgplicht is het noodzakelijk om voldoende zorg te dragen voor aanwezige individuen. Dit houdt in dat al

17

het redelijkerwijs mogelijke gedaan dient te worden om het doden van

Vanuit het aspect ‘Ecologie’ bestaan er geen belemmeringen voor

individuen te voorkomen.

onderhavig planinitiatief.

4.7.3

Conclusie

Vanuit het aspect ‘Bodem’ bestaan er geen belemmeringen voor Gebiedsbescherming

4.7

Bodem

onderhavig planinitiatief.

4.7.1

Toetsingskader

4.8

Water

4.8.1

Toetsingskader

Het plangebied is niet gelegen binnen de grenzen van een gebied dat aangewezen is als Natura 2000-gebied. Het meest nabijgelegen Natura 2000-gebied, “Kolland & Overlangbroek”, bevindt zich op circa 1 kilometer afstand ten zuiden van het projectgebied . Indien er sprake zou zijn van een effect, betreft dit een extern effect als gevolg van storingsfactoren als toename van geluid, licht of depositie van stikstof. Mede gezien de afstand tot het plangebied zijn externe effecten als gevolg van aspecten als licht, geluid en trillingen uitgesloten.

In het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.1.6 lid 1 onder d) is bepaald dat voor de uitvoerbaarheid van een plan rekening gehouden moet worden met de bodemgesteldheid in het plangebied. Bij functiewijzigingen

Het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) stelt een watertoets in ruimtelijke

dient te worden bepaald of de bodemkwaliteit voldoende is voor de

plannen verplicht. In deze waterparagraaf worden de effecten van de

beoogde functie en moet worden bepaald of nader onderzoek en

ruimtelijke ontwikkeling afgewogen.

eventueel saneringen noodzakelijk zijn. In de Wet bodembescherming is Gezien de afstand tot het Natura 2000-gebied is een toename aan stikstofdepositie op een Natura 2000-gebied redelijkerwijs niet aan de orde, waardoor een negatief effect op de instandhoudingsdoelstellingen van een Natura 2000-gebied is uitgesloten. Volledige zekerheid omtrent het aspect stikstof is echter alleen verkrijgbaar middels een berekening in AERIUS Calculator. Zie hiervoor paragraaf 4.10. Het plangebied is gelegen binnen het NNN. Het is echter aan te nemen dat de aangegeven begrenzing onjuist is. De woning is in 1725 gebouwd. De voornemens te renoveren schuur is in 1975 bijgebouwd, ver voordat het gebied als NNN is aangemerkt. Door de aard van de voorgenomen plannen zullen de omgevingscondities redelijkerwijs gelijk blijven, waardoor de wezenlijke kenmerken en waarden van het NNN niet worden aangetast. Vervolgonderzoek in het kader van het NNN wordt dan ook niet noodzakelijk geacht.

4.6.3

Conclusie

bepaald dat indien de desbetreffende bodemkwaliteit niet voldoet aan de

Rijksbeleid – Het Nationaal Waterplan 2016-2021

norm voor de beoogde functie, de grond zodanig dient te worden

Het Nationaal Waterplan 2016-2021 is op 10 december 2015 vastgesteld.

gesaneerd dat zij kan worden gebruikt door de desbetreffende functie

Het Nationaal Waterplan geeft de hoofdlijnen, principes en richting van het

(functiegericht saneren). Nieuwe bestemmingen dienen bij voorkeur op

nationale waterbeleid in de planperiode 2016-2021, met een vooruitblik

schone grond te worden gerealiseerd. Een bodemonderzoek conform de

richting 2050. Het kabinet speelt proactief in op de verwachte

NEN 5740 richtlijnen is dan noodzakelijk.

klimaatveranderingen op lange termijn, om overstromingen te voorkomen. In het Nationaal Waterplan 2016-2021 staan de volgende ambities

4.7.2

Onderzoek

Onderhavig initiatief biedt ruimte om de bestaande oude schuur, behorend bij Gooyerdijk 9, van 84 m2 te amoveren en een nieuwe schuur te bouwen om lokaal geteelde voedselproducten te verwerken met een bijbehorende kleinschalige kantoorruimte. Met het herbouwen van de schuur en het veranderen van het gebruik gaan geen bodemingrepen gepaard.

centraal: 

Nederland blijft de veiligste delta in de wereld.

Nederlandse wateren zijn schoon en gezond en er is genoeg zoetwater.

Nederland is klimaatbestendig en waterrobuust ingericht.

Nederland is en blijft een gidsland voor watermanagement.

Nederlanders leven waterbewust.

Bovendien heeft het perceel reeds een woonbestemming en wordt het gebruik planologisch gezien niet gevoeliger. Daarbij heeft het verwerken

Het kabinet zet de veranderingen in het waterveiligheidsbeleid voort en zal

van voedselproducten geen negatieve invloed op de bodem. Derhalve

hiertoe een wetsvoorstel met nieuwe normen voor de primaire keringen

wordt een bodemonderzoek niet noodzakelijk geacht.

voorbereiden. Nieuwe normen zijn nodig, omdat de huidige eisen aan primaire keringen grotendeels uit de jaren zestig van de vorige eeuw dateren. Sindsdien zijn

Ruimtelijke onderbouwing Gooyerdijk 9, Langbroek

18

het aantal mensen en de economische waarde achter de dijken

toegenomen. Ook is nieuwe kennis beschikbaar gekomen over de werking

Overkoepelende thema’s: duurzaam gebruik ondergrond en circulair

waterschapwerk. De Piramide geeft symbolisch de prioriteiten van het

bodem- en waterbeheer.

waterschapwerk weer.

van de keringen en de gevolgen van overstromingen. De doelen op het

Schoon oppervlaktewater.

gebied van waterveiligheid zijn omgerekend naar normspecificaties voor

Schone bodem en grondwater.

De behoeften van de samenleving veranderen. Ook verandert het klimaat.

de keringen. Deze zijn niet meer gebaseerd op dijkringen, maar op

Bodem: kwaliteit, vruchtbaarheid, aardkundige waarden en

Daardoor is het waterbeheer continu in beweging. Thema’s als ruimtelijke

dijktrajecten.

ontgrondingen.

ordening, beheer openbare ruimte, landbouw, natuur en milieu spelen

Elk dijktraject krijgt een norm-specificatie die past bij de gevolgen in dat

Voldoende water.

daarbij een belangrijke rol. De vraag verschuift daarmee van ‘wat moet?’

specifieke gebied. De normspecificaties zijn ingedeeld in zes klassen,

Waterveiligheid.

naar ‘wat heeft de samenleving nodig’ om het werk goed te doen.

waarbij de overstromingskans varieert van 1/300 per jaar tot 1/100.000 per

Energie uit bodem en water. Gemeente Wijk bij Duurstede

jaar. De provincie Utrecht kent een divers bodem- en watersysteem

De gemeente heeft het Gemeentelijk Rioleringsplan Wijk bij Duurstede

Het Rijk onderkent het belang van verbinden van ruimte en water. Bij het

waarbinnen rivieren, kanalen, sloten en beken voor de wateraanvoer en -

2014-2018 vastgesteld in november 2013. In december 2019 is er een

aanpakken van wateropgaven en de uitvoering van watermaatregelen

afvoer een belangrijke functie hebben. De zojuist genoemde thema’s zijn

positief besluit van het college van burgemeester en wethouders van de

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14040408/1