Bijlage 2 2e versie (ontwerp)Begroting 2024-0 (1)
Tekst van het document
(ontwerp)
Begroting 2024
1 Inhoudsopgave Voorwoord ..................................................................................................... 4 1.
GGD in een oogopslag ........................................................................... 7 1.1 Onze kernwaarden ........................................................................ 8
2 Arbeidsvoorwaarden – GGDrU als werkgever met voldoende aantrekkingskracht ........................................................................................ 9 3 Informatievoorziening / informatietechnologie (IV/IT) - conform wettelijk eisen en ontwikkelingen (compliant) ............................................ 10 4 Jeugdgezondheidszorg (JGZ) – borging wettelijke taak signalering en screening ..................................................................................................... 12 5
Andere ontwikkelingen........................................................................ 15 5.1 De loonindex .............................................................................. 15 5.2 De prijsindex .............................................................................. 15 5.3 De Wet open overheid.................................................................. 15
6
Financiën ............................................................................................. 17 6.1 Overzicht van baten en lasten 2024 ............................................... 17 6.2 Ontwikkelingen algemene gemeentelijke bijdrage 2024-2027 ............. 18 6.3 Bijdragen en vergoedingen per gemeente 2024 ................................ 20 6.4 Autorisatie vervanging activa ........................................................ 21 6.5 Meerjarenraming 2024-2027 ......................................................... 22 6.6 Overzicht van incidentele baten en lasten........................................ 22 6.7 Beleidsindicatoren ....................................................................... 23
7
Inhoudelijke pijlers ............................................................................. 24 7.1 Een gezonde en veilige leefomgeving ............................................. 25 7.2 Kansrijk opgroeien ...................................................................... 33 7.3 Langer gezond zelfstandig ............................................................ 37 7.4 Vitale en wendbare organisatie ...................................................... 42
8
Verplichte paragrafen.......................................................................... 44 8.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing ....................................... 44 8.1.1 8.1.2 8.1.3
8.2 8.3 8.4 8.5
Weerstandsvermogen .................................................................... 44 Risicobeheersing ........................................................................... 44 Financiële kengetallen .................................................................... 48
Onderhoud kapitaalgoederen ........................................................ 49 Financiering en treasury ............................................................... 49 Bedrijfsvoering ........................................................................... 51 Verbonden partijen ...................................................................... 52 8.5.1 GGD GHOR Nederland (Vereniging voor Publieke Gezondheid en Veiligheid (PGV)) ..................................................................................... 52 8.5.2 GGiD Coöperatief U.A. .................................................................... 52
8.6 8.7
Openbaarheidsparagraaf .............................................................. 53 Overige paragrafen...................................................................... 53
(ontwerp)Begroting GGDrU 2024
2
9
Geprognosticeerde balans 2024 .......................................................... 54 9.1 Balans ....................................................................................... 54 9.2 Reserves.................................................................................... 55 9.2.1 9.2.2
9.3 9.4 10
Algemene reserve .......................................................................... 56 Bestemmingsreserve...................................................................... 56
Voorzieningen............................................................................. 57 EMU-saldo.................................................................................. 58
Bijlagen ............................................................................................... 59 Bijlage 1. Baten en lasten per taakveld ................................................... 59 Bijlage 2. Overhead .............................................................................. 60 Bijlage 3. Toelichting financiële kengetallen .............................................. 61 Bijlage 4. Bijdragen en vergoedingen per gemeente .................................. 62 Bijlage 5. Afkortingenlijst ...................................................................... 88
(ontwerp)Begroting GGDrU 2024
3
Voorwoord Voor u ligt de ontwerpbegroting 2024 van GGD regio Utrecht (GGDrU). GGDrU zet zich in voor een gezonde en veilige regio en sluit zich aan bij wat de 1,4 miljoen inwoners doen, willen en nodig hebben voor hun gezondheid. Door diverse ontwikkelingen, landelijk en regionaal, staat deze inzet onder druk. Het bestuur van GGDrU vraagt, anders dan andere jaren, om structureel extra middelen. GGDrU en haar bestuur zijn zich zeer wel bewust van de lastige timing van dit verzoek. Alle gemeenten hebben immers te maken met financiële uitdagingen en onzekerheden. Niet alleen in 2024. Ook reeds in het jaar 2023 en in de jaren na 2024. De ontwikkelingen, hierna benoemd, treffen immers niet alleen GGDrU. Vanuit haar verantwoordelijkheid voor de continuïteit en kwaliteit van de bestaande wettelijk verplichte inzet van GDDrU ziet het bestuur van GGDrU zich echter genoodzaakt extra middelen te begroten. Alleen zo kunnen GGDrU en de gemeenten van de regio Utrecht blijven voldoen aan de wettelijke taken en verantwoordelijkheden waarvoor GGDrU en in het verlengde daarvan gemeenten aan de lat staan. Hiermee is dit geenszins een vooruitstrevende of ambitieuze begroting. Nog steeds is het een begroting die past bij een GGD die zich reeds in lengte van jaren heeft bekwaamd in een zo doelmatig mogelijk inzetten van middelen ten behoeve van de publieke gezondheid.
De langjarige sobere financiering van GGDrU maakt echter dat voor de volgende drie thema’s geen ruimte is om deze zelf op te vangen: 1. Arbeidsvoorwaarden – GGDrU als werkgever met voldoende aantrekkingskracht 2. Informatievoorziening / informatietechnologie (IV/IT) - conform wettelijk eisen en ontwikkelingen 3. Jeugdgezondheidszorg (JGZ) - borging wettelijke taak signalering en screening GGDrU vaart al jaren scherp aan de wind In 2014 bleek uit extern onderzoek dat GGDrU kwetsbaar was op de bedrijfsondersteunende onderdelen (de ‘basis’). Versterking daarvan was noodzakelijk. Medio 2015 heeft het AB kennis genomen van de notitie ‘Toelichting versterking bedrijfsvoering op functieniveau’ waarin uiteengezet werd dat de GGD sterk was gegroeid, maar dat de capaciteit voor de ondersteuning daar bij achterbleef. Uit deze notitie kwam naar voren dat er een forse structurele financiële impuls via een verhoging van de inwonerbijdrage nodig was om invulling aan de benodigde versterking te kunnen geven. Naar aanleiding daarvan is besloten dat GGDrU ruim de helft daarvoor zou oplossen binnen de bestaande financiële kaders en dat het resterende deel de eerste drie jaar tijdelijk zou worden gefinancierd via de bestemmingsreserve ‘Versterking bedrijfsvoering’ en dat GGDrU vanaf 2018 ook dat resterende deel binnen de eigen begroting zou oplossen. Dat heeft GGDrU ook gedaan.
Door middel van project Basis op Orde gaf GGDrU vanaf 2016 invulling aan het onderdeel ‘GGD in beweging’ uit de bestuursagenda 2016-2019. Uit dat projectplan kwam naar voren dat er 1,3 miljoen euro nodig was om de basis op orde te krijgen. Deze structurele middelen waren voor een fors deel ten behoeve van ICT-middelen, maar ook voor huisvesting, versterking van de crisisorganisatie en personele versterking (waaronder ook de bovengenoemde versterking van de bedrijfsvoering). Het Algemeen Bestuur gaf de Directeur Publieke Gezondheid (DPG) de opdracht mee de basis op orde te realiseren binnen de bestaande kaders. Uit extern onderzoek bleek dat het via forse inspanningen mogelijk was besparingen te vinden binnen de begroting, maar wel met als consequentie dat er de volgende jaren zeer scherp aan de wind gevaren zou moeten worden. Naar aanleiding daarvan heeft GGDrU de benodigde intensiveringen en de daartegenover staande besparingen verwerkt in een Ombuigingenplan en de effecten ook in de daarop volgende begrotingen verwerkt. Het Ombuigingenplan is in het AB van 29 juni 2017 vastgesteld. In de jaren daarna heeft GGDrU de ombuigingen grotendeels kunnen realiseren binnen de begroting.
In het AB van december 2020 heeft het Bestuur geconstateerd dat een groot deel van de besparingen en intensiveringen gerealiseerd was, met uitzondering van de aan de oplevering van het GGiD gekoppelde besparingen en intensiveringen.
(ontwerp)Begroting GGDrU 2024
4
Op 7 december 2022 heeft het AB besloten de ontwikkeling van GGiD stop te zetten. GGDrU kan de daaraan gekoppelde besparingen daardoor niet realiseren. GGDrU heeft zichzelf tot doel gesteld om naar vermogen zelf ook bij te dragen aan de oplossing van de ontstane financiële situatie. Daarom is allereerst nagegaan of er mogelijkheden zijn binnen de interne organisatie om voor circa € 600.000 (de uitdaging die is ontstaan na het wegvallen van GGiDombuigingen en bestuurlijk geaccordeerde reserveonttrekkingen) aan oplossingen te vinden met als doel structureel en reëel evenwicht in de meerjarenbegroting te realiseren. Aangezien GGDrU al jaren scherp aan de wind vaart is dit een forse uitdaging. Hiervoor heeft het AB op 7 december een geactualiseerd ombuigingenplan vastgesteld, dat is verwerkt in de begrotingswijziging 2023-1. Samengevat: het bestuur heeft GGDrU de afgelopen jaren steeds gevraagd om geconstateerde financiële knelpunten en noodzakelijke investeringen binnen de eigen begroting op te vangen. En daarbij ook gesteld terug te komen naar het bestuur wanneer dit echt niet meer haalbaar zou zijn. Dat moment is nu gekomen en aangekondigd in de Kaderbrief 2024. Kaderbrief 2024 De (ontwerp)begroting 2024 is opgesteld op basis van de technische kaders (hoofdstuk 2) van de Kaderbrief 2024 en de bestuursagenda 2023-2027.
In de Kaderbrief 2024 hebben wij tevens een aantal externe, inhoudelijke ontwikkelingen beschreven, alsmede de vooraankondiging gedaan van de noodzaak om voorstellen met financiële impact te gaan bespreken. Dat dit nu zo nodig is, is deels gevolg van een inhaalslag van de Covid-jaren waarin alle aandacht uitging naar Covid-19 en er geen ruimte was om hier aandacht voor te hebben, deels door de effecten van deze crisis op de publieke gezondheidszorg, en deels als gevolg van nieuwe regelgeving (onder meer een gevolg van het regeerakkoord) en strakkere normen op het gebied van IV/IT. Daar komt bij dat waar de GGD er tot nu toe met veel kunsten vliegwerk nog in slaagde om de meeste zaken die extra financiën vroegen op te vangen vanuit het bestaande financiële kader (hierop vormt het GGiD een uitzondering), het dagelijks bestuur nu ziet dat hier geen mogelijkheden liggen zonder dat onze wettelijk verplichte en bepaalde dienstverlening wordt aangetast. Benchmark De benchmarkrapportage, die GGD GHOR NL elke twee jaar maakt, laat dit financiële beeld ook goed zien. In de benchmark houden de 25 GGD-en zichzelf een spiegel voor om de kwaliteit van het werk te monitoren en van elkaar te leren. Uit de benchmark komt bijvoorbeeld opnieuw naar voren dat GGDrU in vergelijking met de andere GGD-en een relatief lage inwonerbijdrage heeft.
Met inwonerbijdrage wordt in de benchmark gedoeld op de combinatie van inwonerbijdrage en kindbijdrage. Slechts vijf GGD-en hebben een lagere inwonerbijdrage. Geen van deze vijf GGD-en biedt JGZ 0-18 jaar waardoor ze minder taken uitvoeren en dus ook een lagere bijdrage hebben. Waar het gemiddelde in GGD-land op € 30,11 ligt is dat voor GGDrU € 24,15. Een verschil van zes euro per inwoner en daarmee 25% lager dan gemiddeld. In het Algemeen Bestuur van 25 januari is naar aanleiding van het gesprek over de benchmark en ook naar aanleiding van hetgeen in de Kaderbrief is aangegeven, besloten om op korte termijn de drie issues, te weten arbeidsvoorwaarden, IV/IT en JGZ, nader uit te werken en te bespreken. Deze bespreking heeft plaatsgevonden in de extra bestuursconferentie van 5 april. Het dagelijks bestuur heeft op basis van deze bespreking in deze (ontwerp)begroting 2024 financiële ruimte opgenomen om knelpunten rondom deze issues op te pakken. GGDrU voert een groot aantal wettelijke taken uit. Vanwege de noodzaak om te investeren in onze arbeidsvoorwaarden, IV/IT en JGZ opdat GGDrU in de basis voldoende stabiel is om (nog steeds in soberheid) te voldoen aan wat op grond van wet- en regelgeving noodzakelijk is, ligt de focus van deze (ontwerp)begroting op deze drie thema’s. De andere taken van GGDrU vindt u ook in deze (ontwerp)begroting.
Hierin zullen echter geen grote veranderingen plaatsvinden ten opzichte van voorgaande jaren. Informatie hierover vindt u verderop in de (ontwerp)begroting vanaf het hoofdstuk ‘Inhoudelijke pijlers’.
(ontwerp)Begroting GGDrU 2024
5
Om het proces van totstandkoming van deze (ontwerp)begroting 2024 toe te lichten heeft het Algemeen Bestuur een aanbiedingsbrief opgesteld om de raden mee te informeren. Deze is tegelijkertijd met deze concept begroting aan de gemeenteraden van regio Utrecht gezonden.
Mevrouw M. Pennarts Lid Dagelijks Bestuur GGDrU, Portefeuillehouder financiën
(ontwerp)Begroting GGDrU 2024
Drs. Nicolette A.M. Rigter Directeur Publieke Gezondheid Secretaris van het bestuur
6
1. GGD in een oogopslag • • • •
1,37 miljoen inwoners in 26 gemeenten Waarvan ruim 280.000 kinderen en jongeren 732 medewerkers op 1-1-2023, excl coronabedrijf en excl inhuur en stagiaires) 48 consultatiebureau’s (excl stad Utrecht)
Verdeling van het budget over de pijlers van de bestuursagenda Het grootste deel van het GGDrU-budget wordt ingezet voor het kansrijk opgroeien van jeugdigen. Dit omvat zowel het basispakket jeugdgezondheidszorg, als maatwerkdiensten. De andere pijlers zijn: • Gezonde en veilige leefomgeving: inclusief infectieziekte-bestrijding en medische milieukunde • Langer gezond zelfstandig
Inkomsten (x € miljoen) Bijna driekwart van de inkomsten van GGDrU komt uit de inwoner- en kindbijdrage voor het basispakket. 12% komt uit het maatwerk van gemeenten, onder andere huisvesting JGZ. De bijdrage van het Rijk is onder andere voor seksuele gezondheid.
Bijdrage per inwoner en kind
(ontwerp)Begroting GGDrU 2024
7
1.1 Onze kernwaarden Gezondheid voor alle inwoners Inwoners hebben in hun eentje niet altijd invloed op het voorkomen of vermijden van gezondheidsrisico’s, zien de risico’s niet of hebben niet de middelen en mogelijkheden om gezonde keuzes te maken. GGDrU is er om de gezondheid van inwoners te beschermen of te verbeteren door zelf collectieve maatregelen te nemen en andere partijen te adviseren dat ook te doen, en ook om andere gezonde keuzes te maken. Daar is publieke gezondheidszorg voor. GGDrU staat ervoor om het verschil in gezondheid verkleinen en het vermogen van mensen om mee te kunnen doen aan de samenleving bevorderen. Onze kernwaarden zijn:
GGDrU wil en moet aansluiten op de steeds veranderende samenleving. Aansluiten bij wat inwoners doen, willen en nodig hebben voor hun gezondheid. Een samenleving die voortdurend in ontwikkeling is en nieuwe dingen vraagt, vraagt om een organisatie die meebeweegt. Die midden in de samenleving staat en werkt op een manier waar inwoners zich prettig bij voelen. Een organisatie die de verbinding zoekt en gezamenlijk met gemeenten en anderen werkt aan een gezond en veilig leven in de regio Utrecht. Dagelijks zijn we ‘in het veld’ te vinden. De ervaring van de dagelijkse praktijk bundelen we met de kennis uit epidemiologische onderzoekgegevens en ervaringskennis. We bieden daarmee een goed fundament voor gedegen advies aan burgers, gemeenten, en andere (zorg)organisaties om de gezonde keuze te maken.
(ontwerp)Begroting GGDrU 2024
8
2 Arbeidsvoorwaarden – GGDrU als werkgever met voldoende aantrekkingskracht Om aan onze wettelijke taken te kunnen voldoen en de basis op orde te krijgen moeten we als GGDrU investeren in onze arbeidsvoorwaarden. De arbeidsvoorwaarden raken aan de pijler van de bestuursagenda ‘Wendbare en vitale organisatie’. Waar gaat het om? Al een aantal jaren wordt GGDrU geconfronteerd met een lastige arbeidsmarkt voor specifieke functies. De problematiek heeft zich inmiddels zo verdiept dat een breed scala aan functies moeilijk in te vullen is. De arbeidsmarkt in zijn algemeenheid en de zorgarbeidsmarkt nog veel meer is ernstig overspannen geraakt. GGDrU constateert (en dit wordt gestaafd door extern onderzoek) dat onze arbeidsvoorwaarden ten opzichte van vergelijkbare organisaties te veel achterblijven en te schraal zijn. Het binden en boeien van medewerkers wordt daardoor lastiger en lastiger. Als de arbeidsvoorwaarden niet op orde zijn vormt dat een risico voor de continuïteit en kwaliteit van de, in geval van medische diensten, die onder toezicht van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd staan. In de huidige arbeidsmarkt moet beloning op orde zijn en niet ver onder het gemiddelde liggen. Zonder dat is het bijvoorbeeld niet mogelijk om bijvoorbeeld schurft-uitbraken op te pakken, of de bezetting van de soa-poli op peil te houden met risico op groei van de soa-besmettingen.
Met alle gevolgen van dien voor de volksgezondheid en het volwaardig kunnen participeren (werk, school, etc) én op onnodige belasting van de 1e en 2e lijnszorg. Of worden jonge kinderen niet op tijd gescreend op bijvoorbeeld heupafwijkingen, en hartproblemen. Wat is er nodig? Om de continuïteit en kwaliteit van dienstverlening te kunnen blijven waarborgen is een aantal maatregelen van belang. Ten eerste het bijstellen van de inschaling van een belangrijk deel van de functies, zoals onder andere en bijvoorbeeld verpleegkundigen. Het percentage verpleegkundigen in het totale werknemersbestand bedraagt bijna 30%. Ten tweede het marktconform maken van de reiskostenvergoeding. GGDrU gaat hiermee niet mee in een ‘race naar de top’, maar trekt het enkel het been bij tot het minimale niveau van marktconforme inschaling en vergoeding. Verder is het noodzakelijk extra te investeren op recruitment om daarmee te kunnen inzetten op het werven van het specifieke en schaarse (zorg)personeel. Financiële consequenties Het effect van de aanpassing van de inschaling van de relevante functies is berekend op een stijging ca € 3 miljoen in de aankomende drie jaar. Er is eigenlijk € 4 miljoen extra nodig, doch het DB kiest er voor dit te beperken tot vooralsnog € 3 miljoen. Hiervoor is een ingroeimodel (tot aan maximale trede) gehanteerd van ca € 1 miljoen stijging per jaar.
Dit komt neer op jaarlijkse ophoging à € 0,292 van de inwonerbijdrage en van € 2,876 van de kindbijdrage in de aankomende drie jaar. De wijziging van de reiskostenvergoeding (dienstreizen gaan van 28 cent naar 37 cent en woon-werkverkeer van 4 cent naar 19 cent), komt neer op een ophoging van € 0,082 van de inwonerbijdrage en € 0,805 van de kindbijdrage. Voor de uitbreiding van de recruitment functie is een ophoging benodigd van € 100.000. Dit komt neer op een ophoging van € 0,029 van de inwonerbijdrage en € 0,288 van de kindbijdrage. Voor het jaar 2024 komt de totale ophoging voor het onderdeel werkgever met voldoende aantrekkingskracht voor de inwonerbijdrage uit op € 0,403 en voor de kindbijdrage op € 3,968.
(ontwerp)Begroting GGDrU 2024
9
3 Informatievoorziening / informatietechnologie (IV/IT) - conform wettelijk eisen en ontwikkelingen (compliant) Het tweede thema waarop geïnvesteerd dient te worden, informatievoorziening (IV) en informatietechnologie (IT), raakt ook aan de pijler uit de bestuursagenda ‘Wendbare en vitale organisatie’. Waar gaat het om? In algemene zin zien we dat alle organisaties (ook gemeenten) moeten investeren in IV om bij te blijven bij de actuele ontwikkelingen en de informatievoorziening op orde te houden. Daarbij worden GGD’en geconfronteerd met ontwikkelingen die de informatievoorziening nog extra onder druk zetten. De eerste ontwikkeling die van belang is dat medische professionals en dus ook GGD’en te maken hebben met veranderende en strengere regelgeving. Denk bijvoorbeeld aan de Wet Elektronische Gegevensuitwisseling In de Zorg (WEGIZ) die bepaalt dat zorgverleners bepaalde zorggegevens digitaal met elkaar moeten uitwisselen, AVG regelgeving, Wet geneeskundige behandelingsovereenkomst (WGBO) en de Wet aanvullende bepalingen verwerking persoonsgegevens (Wabvpz) waardoor de GGD verplicht is te voldoen aan NEN 7510. Dit heeft effect op (de inrichting van) alle systemen waar we mee werken. Bijvoorbeeld op de inrichting van onze grote Elektronische Patiëntendossiers (EPDs) tot en met het systeem voor het versturen van nieuwsbrieven.
Ten tweede is de huidige informatievoorziening, die ondersteunend is aan alle werkzaamheden van de GGD, onder hoge druk tijdens de corona-epidemie verder uitgebouwd. Deze informatievoorziening voldoet niet aan gestelde eisen en tijdens de coronaperiode zijn deze kwetsbaarheden soms pijnlijk duidelijk geworden. In het kader van pandemische paraatheid GGD’en is de Landelijke Functionaliteit Infectieziektebestrijding (LFI) ingesteld met als opdracht onder andere 'een sterk informatievoorzieningslandschap te creëren dat de infectieziektebestrijdingsketen in staat stelt tijdens een epidemie van een A-infectieziekte (met landelijke impact) alle digitale werkprocessen zeer snel op te schalen tot grote omvang.’ Deze ontwikkeling stelt eisen aan de informatievoorziening van GGDrU zodat we kunnen aansluiten bij deze landelijke ontwikkelingen. Bijvoorbeeld op het gebied van accreditatie en het werken volgens geharmoniseerde datastandaarden. Blijven we niet-compliant dan kan GGDrU niet aansluiten hierop en de wettelijke taak niet uitvoeren. Naast deze eisen die op ons afkomen signaleren we een toenemende behoefte van gemeenten, scholen en professionals aan toegankelijke informatie; die zonder veel handwerk kan worden geleverd.
Door de toenemende afhankelijkheid van IV bij het uitvoeren van onze taken worden risico's op het gebied van vertrouwelijkheid, integriteit en beschikbaarheid van informatie groter. Het vraagt adequate investeringen op IV om risico's onder controle te houden en zo te gaan voldoen aan AVG en NEN7510. En om invulling te blijven geven aan de wettelijk taak om inzicht te geven in de gezondheidssituatie van onze inwoners. Om dit te kunnen doen onderzoeken, monitoren en duiden we informatie, waarbij IV een belangrijke pijler is. Bij achterwege blijven van het compliant zijn is de kans op boetes groot. Wat is er nodig? Bovenstaande ontwikkelingen maken dat we een versteviging van het fundament van de IVvoorziening moeten gaan realiseren op het gebied van functioneel beheer van onze kernapplicaties, capaciteit voor aanbestedingen en de regiefunctie richting onze leveranciers. Daarnaast is een plan nodig (een nieuwe I-strategie) zodat we nu en in de nabije toekomst kunnen voldoen aan geldende wet- en regelgeving en de belangrijkste ontwikkelingen die op ons af komen een plek kunnen geven, op tijd. (ontwerp)Begroting GGDrU 2024
10
Financiële consequenties De noodzakelijke investering op het gebied van IV vraagt in 2024 eenmalig een bijdrage om à € 200.000 om de I-strategie gedegen uit te werken. Voor de versteviging van het fundament hebben we een structurele ophoging nodig van € 1 miljoen. Dit komt neer op een ophoging van € 0,292 van de inwonerbijdrage en € 2,876 van de kindbijdrage.
(ontwerp)Begroting GGDrU 2024
11
4 Jeugdgezondheidszorg (JGZ) – borging wettelijke taak signalering en screening Het derde thema waarop geïnvesteerd moet worden om het werk in de wettelijke basis goed uit te voeren, komt vanuit de pijler ‘Kansrijk opgroeien’. GGDrU zet zich, samen met ouders en ketenpartners, in voor de inwoners en toekomstige generaties van regio Utrecht. Op het gebied van de jeugdgezondheidszorg (JGZ) zijn investeringen nodig om onze unieke monitorings- en vroeg signalerende (ook medisch) taak te kunnen blijven leveren aan het gezond en veilig opgroeien van kinderen en jongeren in de regio Utrecht, zeker als het gaat om signaleren en screenen van de mentale gezondheid. Waar gaat het om? Binnen JGZ zijn er meerdere ontwikkelingen waardoor een extra investering noodzakelijk is. GGDrU heeft vanuit haar wettelijke takenpakket een belangrijke en unieke rol om deze ontwikkelingen goed in beeld te houden en advies te geven over de mogelijkheden voor individuele en collectieve preventie. In de Kaderbrief 2022 is al aangekondigd dat de huidige financieringssystematiek van JGZ niet goed houdbaar is. Twee recente onderzoeken onderschrijven dit beeld: de benchmark van GGD GHOR Nederland en een onderzoek uitgevoerd door onderzoeksbureau Lysias.
In de benchmark van de GGD GHOR 2021 zien we dat GGDrU 5fte per 100.000 jeugdigen minder in huis heeft ten op zichte van gemiddelde GGD’en met 0-18 werkveld (gemiddeld 116,14 fte en bij GGDrU 110,96 fte/100.000). Deze resultaten worden bevestigd door een onafhankelijk onderzoek dat is uitgevoerd door onderzoeksbureau Lysias. Door waar mogelijk te vernieuwen en slim door te ontwikkelen, konden we tot nu toe in de afgelopen jaren met de beperkte middelen de kwaliteit te blijven borgen binnen het financiële kader. Echter is de rek om onze dienstverlening te ontwikkelen en te kunnen voldoen aan de wettelijke taken eruit. Er moet ten minste gezorgd worden voor (Artikel 5 van de Wet publieke gezondheid, Wpg): • het op systematische wijze volgen en signaleren van ontwikkelingen in de gezondheidstoestand van jeugdigen en van gezondheidsbevorderende en - bedreigende factoren • het inschatten van de behoeften aan zorg • de vroegtijdige opsporing en preventie van specifieke stoornissen en het aanbieden van vaccinaties voortkomend uit het Rijksvaccinatieprogramma • het geven van voorlichting, advies, instructie en begeleiding • het formuleren van maatregelen ter beïnvloeding van gezondheidsbedreigingen. Ziekteverzuim begeleiding is een basistaak vastgelegd in de wet Publieke Gezondheid onder 5d. In onze huidige maatschappij draait het veel om verwachtingen, prestaties en zelfredzaamheid.
Uit de recente gezondheidsmonitoren jeugd 12-18 jaar en jongvolwassenen blijkt dat dit zich bij jongeren kan vertalen in mentale problemen: verminderde motivatie voor onderwijs, angst, somberheid, eenzaamheid en ook suïcidale gedachten. Daarnaast zien we dat de mentale gezondheid van de jeugd stevig onder druk staat. De groep jongeren waarbij zorgen over hun mentale gezondheid zijn nam tijdens coronaperiode toe. Gezondheidsonderzoek COVID 19 van het RIVM laat recent zien dat het herstel van de mentale gezondheid niet doorzet en het aandeel jongeren dat aangeeft mentale klachten te hebben onverminderd hoog blijft. GGDrU heeft vanuit haar wettelijke takenpakken een belangrijke rol om deze trend goed in beeld te houden en advies te geven over de mogelijkheden voor individuele en collectieve preventie. Wat is er nodig? Momenteel liggen onze grootste zorgen bij de uitvoering van onze wettelijke taken op het basisonderwijs en voortgezet onderwijs. (ontwerp)Begroting GGDrU 2024
12
Het basisonderwijs De zorgelijke ontwikkelingen rondom de mentale gezondheid van de jeugd maken zichtbaar dat er aanpassingen nodig zijn in de huidige monitorings- en signaleringsmethodiek in het basisonderwijs. Deze monitorings- en signaleringsmethodiek is een wettelijke vereiste en wordt door geen van de andere partijen in het sociaal domein uitgevoerd, wat het ook een unieke toegevoegde waarde van de GGDrU maakt. Op basis van deze methodiek is het de bedoeling dat we inzicht hebben op zowel individueel als collectief niveau in de gezondheidssituatie van onze kinderen. Dit inzicht is de basis voor het handelen van jeugdartsen en -verpleegkundigen van de GGDrU, maar vooral ook voor andere professionals (scholen, wijkteams) in de keten en voor het maken van beleid. Door de verschuivende problematiek in de gezondheidssituatie van de jeugd voldoet de huidige methodiek niet langer aan de wettelijke vereisten. Het is noodzakelijk niet alleen te focussen op de fysieke gezondheid van de kinderen maar ook op de mentale gezondheid, waarbij een kindgerichte aanpak en contact met ouders centraal staat. Ouderbetrokkenheid en goed contact met ouders vanuit de jeugdartsen en jeugdverpleegkundigen heeft meerwaarde op onder andere het normaliseren van gedrag, demedicaliseren, het vergelijken van ervaringen thuis en op school en biedt mogelijkheid om voorlichting te geven.
Deze slag houdt onder andere in dat we op basis van een nieuwe werkwijze (met meer tijd voor contact met ouders en kinderen en met aangepaste vragenlijsten) adequater kunnen signaleren op psychosociale ontwikkeling. Hierdoor wordt vroegsignalering mogelijk en kunnen we een deel van de problematiek normaliseren, zodat de toestroom naar jeugdzorg waar mogelijk verminderd wordt. En door snel in een vroeg stadium kinderen waarbij wel inzet van jeugdzorg nodig door te verwijzen, zorgen we dat problematiek vroegtijdig wordt opgepakt, en voorkomen we dat problematiek complexer wordt, en het leven van betrokkenen steeds meer wordt belast hierdoor. We zijn dan in staat om onze samenwerkingspartners van relevante informatie en inzichten te voorzien en preventieve interventies op de mentale gezondheid van deze groep (gerichter) in te zetten. Dit op zowel individueel als collectief niveau. We hebben positieve ervaringen op het voortgezet onderwijs met deze manier van werken. De samenwerking met scholen, ouders en ketenpartners verloopt hier goed en we zien dat de vragenlijsten hier effectief werken op bovengenoemde punten. Het voortgezet onderwijs Eén van de wettelijke taken van de GGDrU is het begeleiden van jongeren samen met partners bij ziekteverzuim om langdurig thuiszitten of vroegtijdig schoolverlaten te voorkomen.
Door vroeg te signaleren middels de (enig) bewezen effectieve methodiek voor een integrale aanpak van ziekteverzuim ‘Meer Aandacht Ziekgemelde Leerlingen (MAZL)’ kan dit worden gerealiseerd. Al een aantal jaar overschrijdt het aantal aangevraagde ziekteverzuim trajecten op het voorgezet onderwijs vanuit de scholen in ons werkgebied het budgettair beschikbare aantal trajecten. Daarbij is er ook sprake van toenemende complexiteit van de casuïstiek. In de huidige begroting op het voortgezet onderwijs van de JGZ is beperkt ruimte om ziekteverzuim trajecten op te pakken (1% van het aantal leerlingen 12-18). De vraag vanuit de regio is gemiddeld 3% van de jongeren. Hiermee dreigt een neerwaartse spiraal waarbij ook de druk op andere professionals in de keten kan toenemen en kinderen niet gezien worden waardoor langdurige schooluitval dreigt. In de begroting voor 2024 wordt daarom een extra investering gevraagd die het mogelijk maakt om op basis van de kindbijdrage 3% van de jongeren tot 18 jaar op het voortgezet onderwijs te kunnen begeleiden en erger zoveel mogelijk te voorkomen. Financiële consequenties Om invulling te kunnen blijven geven aan dit deel van de wettelijke taak is zowel investering in de monitorings- en signaleringsmethodiek in het basisonderwijs als investering in het terugdringen van het ziekteverzuim middels MAZL op het voorgezet onderwijs nodig.
(ontwerp)Begroting GGDrU 2024
13
Voor de uitbreiding van de monitorings- en signaleringsmethodiek in het basisonderwijs is een ophoging benodigd van € 737.000. Dit komt neer op een ophoging van € 3,53 van de kindbijdrage. Voor het terugdringen van het ziekteverzuim middels MAZL in het voortgezet onderwijs is een ophoging benodigd van € 765.000. Dit komt neer op een ophoging van € 3,67 van de kindbijdrage. Om beide onderdelen goed te kunnen voeren verwachten we een structurele formatie uitbreiding van € 1.502.000. Dit komt neer op een ophoging van de kindbijdrage à € 7,199.
(ontwerp)Begroting GGDrU 2024
14
5 Andere ontwikkelingen Naast de drie behandelde thema’s die effect zullen hebben op de hoogte van de inwonerbijdrage en de kindbijdrage, zijn ook verschillende factoren van invloed op deze bijdragen.
5.1 De loonindex Deze wordt berekend op basis van de uitgangspunten van de Kaderbrief. Daarin is opgenomen dat de cao en de premieontwikkelingen van het werkgeversdeel worden gevolgd. In deze (ontwerp)begroting is gerekend met de cao-voorwaarden uit het definitieve akkoord van 5 april 2023. In de cao wordt uitgegaan een stijging van het salaris met € 240 en daarna 2%. De verhoging is gedifferentieerd. Dat wil zeggen dat er bij de lagere salarisschalen procentueel een hogere stijging wordt doorgevoerd dan bij de hogere salarisschalen. In de begroting 20230 hebben we in verband met het destijds ontbreken van een cao 2023 gerekend voor het jaar 2023 met de loonvoet sector overheid à 2,3%. De cao-effecten uit het definitieve akkoord voor 2023, te weten € 240 per medewerker per maand en daarbovenop twee procent loonstijging, zijn verwerkt in deze (ontwerp)begroting 2024-0. De cao is geldend tot einde 2023, daardoor is er voor het jaar 2024 gerekend met de loonvoet sector overheid voor het jaar 2024 uit de septembercirculaire 2022 à 4,2%. De effecten op de salarislast zijn in deze (ontwerp)begroting verwerkt. Naast bovengenoemde ontwikkeling is ook de mutatie in de werkgeverspremies van invloed op de loonindexatie. Bij de pensioenpremies is de premie inkoop voorwaardelijk pensioen à 3% komen te vervallen per 2023.
De premie voor het ouderdoms- en nabestaandenpensioen is gestegen met 1,4% (werkgeversdeel), per saldo zijn de werkgeverspremies gedaald. Alle effecten op de loonindex samen leiden tot een stijging van de loonkosten van GGDrU van circa € 3,5 miljoen. Gemeenten worden hiervoor in principe gecompenseerd via het gemeentefonds (gemeenten zijn met het Rijk in onderhandeling over compensatie van de hogere kosten in de nieuwe cao).
5.2 De prijsindex Hiervoor wordt uitgegaan van het Bruto Binnenlands Product, zoals opgenomen in de septembercirculaire 2022 van het Gemeentefonds. Bij begroting 2023-0 is gerekend met een prijsindex van 1,9%. Uit de septembercirculaire 2022 blijkt dat de prijsindex voor 2023 is bijgesteld naar 4,9%. Hierdoor passen we een correctie toe à 3%. Voor het jaar 2024 is de prijsindex in de septembercirculaire 2022 2,5% waardoor de totale prijsindex die toegepast wordt in de (ontwerp)begroting 2024-0 uitkomt op 5,5%. Dit leidt tot een materiële kostenstijging van circa € 785k. De totale loon- en prijsindexering komt hiermee uit op circa € 4.194K. Dit is hoger dan aangegeven in de kaderbrief, dit wordt veroorzaakt door de verwerking van de caovoorwaarden uit het definitieve akkoord. Gemeenten worden hiervoor in principe gecompenseerd via het gemeentefonds.
5.3 De Wet open overheid Specifiek voor de inwonerbijdrage geldt in 2024 nog een derde factor die van invloed is. Namelijk de toevoeging van de werkzaamheden ten behoeve van de uitvoering van de Wet open overheid (Woo) en daarmee samenhangend de ophoging van de inwonerbijdrage, wat door het AB op 25 januari 2023 is besloten. De Wet open overheid (Woo) regelt het recht op informatie over alles wat de overheid doet. Het is de opvolger van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). Vanaf 1 mei 2022 is de Woo in werking getreden. De kosten zijn geschat op € (ontwerp)Begroting GGDrU 2024
15
33.000 en deze worden via een ophoging van € 0,024 verwerkt in de inwonerbijdrage. De gemeenten worden hiervoor in principe gecompenseerd door een verhoging van het Gemeentefonds.
(ontwerp)Begroting GGDrU 2024
16
6 Financiën
6.1 Overzicht van baten en lasten 2024 De ontwikkelingen voor 2024 komen samen in één programma Publieke Gezondheid. In de onderstaande tabel presenteren we het overzicht van baten en lasten van de (ontwerp)begroting 2024. Daarna splitsen we de begroting op naar de drie inhoudelijke pijlers van de bestuursagenda plus de conform BBV verplichte productgroepen ‘Overhead’, ‘Algemene Dekkingsmiddelen’ en Onvoorzien.
Programma (x € 1.000)
Publieke Gezondheid
Raming 2023-0 Baten
Lasten
Raming 2024-0 Saldo
Baten
Lasten
Saldo
48.151
48.348
-198
58.062
58.464
-401
Geraamde totaal saldo van baten en lasten
48.151
48.348
-198
58.062
58.464
-401
Mutaties reserves Geraamd resultaat
238 48.388
40 48.388
198 -
441 58.504
40 58.504
401 -
Het programma opgesplitst naar inhoudelijke pijlers en de conform BBV verplichte productgroepen geeft het volgende beeld: Programma Publieke Gezondheid (x € 1.000)
Gezonde en veilige leefomgeving Kansrijk opgroeien Langer gezond zelfstandig
Raming 2023-0 Baten
Lasten
Raming 2024-0 Saldo
Baten
Lasten
Saldo
1.875
10.029
-8.154
2.100
11.821
-9.721
-
23.790
-23.790
-
28.009
-28.009
-
2.620
-2.620
-
4.194
-4.194
46.276
-
46.276
55.962
-
55.962
Overhead
-
11.806
-11.806
-
14.315
-14.315
Bedrag onvoorzien
-
104
-104
-
125
-125
Geraamde totaal saldo van baten en lasten
48.151
48.348
-198
58.062
58.464
-401
Mutaties reserves Geraamd resultaat
238 48.388
40 48.388
198 -
441 58.504
40 58.504
401 -
Algemene dekkingsmiddelen
Vennootschapsbelasting Aangezien verwacht wordt dat over de taken, die GGDrU uitvoert, geen winst wordt gemaakt, is in de (ontwerp)begroting 2024 een bedrag van € 0 opgenomen aan last voor de vennootschapsbelasting. Onvoorzien In de (ontwerp)begroting 2024 is rekening gehouden met een post ‘Onvoorzien’ van €125.000, waarmee voldaan wordt aan de norm van 0,3% over de totale inwoner- en kindbijdrage (zoals opgenomen in de financiële verordening van GGDrU). (ontwerp)Begroting GGDrU 2024
17
6.2 Ontwikkelingen algemene gemeentelijke bijdrage 2024-2027 De financiële impact van de ontwikkelingen omschreven in de hoofdstukken Arbeidsvoorwaarden – GGDrU als werkgever met voldoende aantrekkingskracht; Informatievoorziening / informatietechnologie (IV/IT) - conform wettelijk eisen en ontwikkelingen; Jeugdgezondheidszorg (JGZ) – borging wettelijke taak signalering en screening en Andere ontwikkelingen vertaalt zich in een mutatie van de inwonerbijdrage (IWB) en kindbijdrage (KB), welke in de volgende tabellen uiteen zijn gezet. IWB Loon Prijs Aantrekkelijke Woo 2023-0 index index werkgever MN-gemeenten (m.u.v. Eemnes) € 6,007 0,435 0,098 0,024 0,403 Gemeente Eemnes € 5,728 0,415 0,093 0,024 0,403 Gemeente Utrecht * € 3,967 0,288 0,065 0,024 0,403 * Bedrag is exclusief de bijdragen voor Epidemiologie en Gezondheidsbevordering
IT/IV Strategie 0,292 0,292 0,292
IWB 2024-0 € 7,259 € 6,956 € 5,038
Prijs Aantrekkelijke IT/IV Mentale index werkgever Strategie gezondheid 2,110 3,968 2,876 7,199
KB 2024-0 € 154,995
Gemeente
Gemeente MN-gemeenten
KB 2023-0 € 129,457
Loon index 9,385
Gemeenten Eemnes en Utrecht Toezicht Wmo hoeft niet verplicht bij GGD’en afgenomen te worden. De gemeenten Eemnes en Utrecht nemen het Toezicht Wmo niet af bij GGDrU. Zij betalen daardoor een lagere inwonerbijdrage. De bijdrage van de gemeente Utrecht wordt daarnaast nog beïnvloed door andere afspraken. Bij de fusie van GGDrU (1-1-2014) zijn afspraken gemaakt tussen de gemeente Utrecht en de 25 gemeenten van Midden-Nederland. Die leiden ertoe dat het basispakket voor de gemeente Utrecht anders wordt uitgevoerd. De grootste verschillen zitten in afspraken rond epidemiologie, gezondheidsbevordering en toezicht WMO. Dit houdt in dat Utrecht deze taken niet bij GGDrU heeft belegd. Tevens betaalt de Gemeente Utrecht geen kindbijdrage, omdat er geen Jeugdgezondheidszorg taken worden afgenomen. Meerjarenperspectief inwoner- en kindbijdragen Het meerjarenperspectief voor het verwachte bedrag aan inwoner- en kindbijdrage per gemeente voor 2024-2027 hebben we inzichtelijk gemaakt (indicatief). Uitgangspunt daarbij zijn de inwoneraantallen en kindaantallen per 1 januari 2022 die voor de (ontwerp)begroting 2024 zijn gebruikt. Tevens is de ophoging van inwoner- en kindbijdrage voor de jaren 2025 en 2026 vanuit de vraag rond HR, IV/IT en mentaal welbevinden verwerkt. Gemeente Amersfoort Baarn Bunnik Bunschoten De Bilt De Ronde Venen Eemnes Houten IJsselstein Leusden
Aantal inwoners 1-1-2022 158.590 24.876 15.590 22.325 43.508 44.955 9.450 50.323 33.429 30.713
(ontwerp)Begroting GGDrU 2024
Aantal kinderen 1-1-2022 33.899 4.739 3.418 5.104 9.175 8.600 1.886 11.395 6.756 6.121
2024* 6.405 915 643 953 1.738 1.659 358 2.131 1.290 1.172
2025* 6.615 945 664 984 1.795 1.714 370 2.201 1.332 1.210
2026* 6.826 976 685 1.015 1.852 1.769 382 2.271 1.375 1.249
2027* 6.894 986 692 1.025 1.871 1.787 386 2.293 1.389 1.262 18
Lopik Montfoort Nieuwegein Oudewater Renswoude Rhenen Soest Stichtse Vecht Utrecht Utrechtse Heuvelrug Veenendaal Vijfheerenlanden Wijk bij Duurstede Woerden Woudenberg Zeist Totaal
14.512 13.818 64.554 10.159 5.651 20.265 47.113 65.240 361.699 49.981 67.671 58.788 23.921 52.882 13.873 65.987 1.369.873
2.960 2.878 11.838 2.018 1.399 4.266 9.181 13.172 9.837 14.764 12.346 4.622 11.195 3.265 13.819 208.653
564 546 2.303 387 258 808 1.765 2.515 1.955 1.887 2.780 2.340 890 2.119 607 2.621 41.611
583 564 2.380 399 266 835 1.823 2.598 2.081 1.950 2.870 2.417 919 2.188 626 2.707 43.037
601 582 2.457 412 275 861 1.882 2.681 2.209 2.012 2.962 2.494 949 2.258 646 2.793 44.477
607 588 2.482 416 277 870 1.901 2.708 2.231 2.033 2.991 2.519 959 2.281 653 2.821 44.922
* bedragen * € 1.000 nb 1: Kindaantal gemeente Utrecht onvermeld aangezien de gemeente geen taken op het gebied van Jeugdgezondheidzorg afneemt bij GGDrU nb 2: Bijdrage gemeente Utrecht is inclusief de liaisonbijdrage gezondheidsbevordering en epidemiologie
(ontwerp)Begroting GGDrU 2024
19
6.3 Bijdragen en vergoedingen per gemeente 2024 In het volgende overzicht staan de verwachte gemeentelijke bijdragen voor wettelijke-, intensivering van wettelijke taken, collectieve taken en maatwerk. In bijlage 4 is per gemeente de gedetailleerde weergave neergezet.
Gemeente Amersfoort
Wettelijke Intensivering Collectieve taken wettelijke taken taken
Maatwerk
Incidentele bijdrage
Totale bijdrage 2024-0
1.516
52
5.405
977
23
7.973
Baarn
223
15
762
196
4
1.199
Bunnik
162
1
543
62
2
772
Bunschoten
187
11
803
131
3
1.135
De Bilt
409
4
1.472
114
6
2.005
De Ronde Venen
423
10
1.375
251
7
2.067
Eemnes
85
6
300
51
1
443
Houten
466
24
1.802
177
7
2.476
IJsselstein
305
12
1.075
174
5
1.572
Leusden
275
8
974
129
4
1.391
Lopik
145
1
468
94
2
710
Montfoort
133
5
456
106
2
702
Nieuwegein
551
12
1.900
464
9
2.937
Oudewater
99
2
324
83
1
509
Renswoude
52
-
220
9
1
282
Rhenen
176
-
675
59
3
913
Soest
417
19
1.466
211
7
2.121
Stichtse Vecht
619
14
2.097
434
10
3.172
1.955
113
213
851
53
3.185
Utrechtse Heuvelrug
472
19
1.578
131
7
2.208
Veenendaal
584
-
2.327
239
10
3.161
Vijfheerenlanden
559
48
1.957
399
9
2.972
Wijk bij Duurstede
216
9
734
87
3
1.049
Woerden
493
11
1.785
414
8
2.711
Woudenberg
141
9
516
56
2
724
Zeist
625
84
2.223
229
10
3.170
11.288
488
33.449
6.131
200
51.556
Utrecht
Totaal gemeenten
Niet-gemeentelijke opbrengsten
Totaal Bijdrage begroting 2024-0
6.908
58.464
Bedragen x € 1.000,-
(ontwerp)Begroting GGDrU 2024
20
6.4 Autorisatie vervanging activa In 2022 hebben we de meerjarige investeringskalender geactualiseerd. Op basis hiervan is de investeringsbehoefte voor de periode 2024 tot en met 2027 opgenomen. Alle bedragen zijn gebaseerd op prijspeil 2024. Autorisatie van de investeringskredieten vindt plaats door middel van vaststelling van de begroting en begrotingswijziging. In de onderstaande tabel zijn de extra aan te vragen investeringskredieten (kolom ‘mutatie krediet 2024’) opgenomen inclusief de verwachte vervangingsinvesteringen voor de komende periode. Investeringsoverzicht
Krediet
Investeringen
(x€ 1.000)
ultimo-2023
2024
Meerjarige investeringsprojecten - Bedrijfsgebouwen Utrechtseweg 3-5/Velduil Amersfoort Totaal Bedrijfsgebouwen
Mutatie Saldo Krediet 2024 Krediet 2024
Inv.*
Inv.*
Inv.*
2025
2026
2027
42 42
-
-
42 42
-
-
-
467
50
-
30
30
70
500 315 1.282
50 600 700
335 335
417 450 50 917
50 575 125 780
50 100 180
160 325 555
1.324
700
335
959
780
180
555
Reguliere vervangingsinvesteringen - Machines, apparaten en installaties (medische) Apparatuur - Overige materiele activa Inventaris Automatisering - Vervoersmiddelen Totaal vervangingsinvesteringen * inv. = verwachte Investeringen
Totalen
Met de bovenstaande vervangingsinvesteringen komen we uit op een consistente meerjarige afschrijvingslast. Afschrijvingsstaat (x € 1.000) - Bedrijfsgebouwen - Machines, apparaten en installaties Installaties Apparatuur - Overige materiele activa Inventaris Automatisering - Vervoersmiddelen Totaal
(ontwerp)Begroting GGDrU 2024
Afschrijving 2024
Afschrijving 2025
Afschrijving 2026
Afschrijving 2027
193
193
193
193
135 79
135 82
134 86
134 89
209 459 25 1.100
201 463 25 1.100
206 456 25 1.100
200 459 25 1.100
21
6.5 Meerjarenraming 2024-2027 De gecomprimeerde meerjarenraming van het programma Publieke Gezondheid is gebaseerd op de pijlers uit deze begroting. Er is geen rekening gehouden met toekomstige ontwikkelingen. Programma (x €1.000)
Raming 2024
Raming 2025
Raming 2026
Raming 2027
Publieke Gezondheid
Baten 58.062
Lasten Saldo Baten Lasten Saldo Baten Lasten Saldo Baten Lasten Saldo 58.464 -401 60.276 60.236 40 62.170 62.130 40 63.536 63.496 40
Geraamde saldo Mutaties reserves Geraamd resultaat
58.062 441 58.504
58.464 40 58.504
-401 60.276 60.236 401 40 - 60.276 60.276
40 62.170 62.130 -40 40 - 62.170 62.170
40 63.536 63.496 -40 40 - 63.536 63.536
40 -40 -
6.6 Overzicht van incidentele baten en lasten De (ontwerp) begroting 2024-0 is gebaseerd op structurele baten en lasten. Daarbij worden de maatwerkafspraken met gemeenten voor de vorm als structureel gecategoriseerd. Uiteraard zijn gemeenten autonoom in het bepalen van de omvang van het maatwerk. Onderstaande twee tabellen geven de incidentele lasten en onttrekkingen uit de reserves weer en het structurele begrotingssaldo. Incidentele Baten & lasten ( x € 1.000)
Raming Raming Raming Raming 2024 2025 2026 2027
Incidentele lasten Aanbesteding en Implementatie DD-JGZ Uitvoering Monitor Volwassenen en senioren Nu niet zwanger 2023-2026 Rookvrij leven Soesterkwartier 2023-2025 GOR-Corona monitor Jeugd, Jong volw, volw/sen 2022-2025 Strategische uitwerking IT/IV Totaal incidentele lasten
225 200 469 166 71 200 1.331
469 117 48 634
190 190
190 190
Incidentele baten Nu niet zwanger 2023-2026 Rookvrij leven Soesterkwartier 2023-2025 Corona monitoren Jeugd, Jong volw, volw/sen 2022-2025 Strategische uitwerking IT/IV Totaal incidentele baten
469 166 71 200 906
469 117 48 634
190 190
190 190
Reserves Onttrekking bestemmingsreserve 'Aanbesteding nieuw DD-JGZ' Onttrekking bestemmingsreserve 'Monitor Volwassenen' Totaal incidentele mutaties reserves
225 200 425
-
-
-
-
-
-
-
Geraamd incidenteel resultaat
(ontwerp)Begroting GGDrU 2024
22
Uit de tabel is te halen dat er in de (ontwerp)begroting meerjarig een aantal projecten uitgevoerd gaan worden waar incidentele financiering voor beschikbaar is. We sturen erop dat voor de uitvoering van deze projecten geen meerjarige structurele financiële verplichtingen uit voortvloeien. Raming Raming Raming Raming 2024 2025 2026 2027
Structureel & Incidenteel begrotingssaldo (x € 1.000)
Saldo baten en Lasten Toevoegingen en onttrekkingen reserves Begrotingssaldo na bestemming Incidenteel begrotingssaldo Incidenteel saldo baten en Lasten Incidentele toevoegingen en onttrekkingen reserves Geraamd incidenteel resultaat Structureel begrotingssaldo Structureel saldo baten en Lasten Structurele toevoegingen en onttrekkingen reserves Structureel begrotingssaldo
-401 401 -
40 -40 -
40 -40 -
40 -40 -
-425 425 -
-
-
-
24 -24 -
40 -40 -
40 -40 -
40 -40 -
6.7 Beleidsindicatoren Conform de regeling beleidsindicatoren gemeenten van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 24 maart 2016 moeten onderstaande beleidsindicatoren in de programmaverantwoording van GGDrU worden opgenomen.
Omschrijving
Eenheid
Inwoners per 1-1-22 Apparaatskosten Apparaatskosten per inwoner
aantal € 1.000 €
1.369.873 13.971 10,20
Formatie (exclusief inhuur) Formatie per 1.000 inwoners
Fte Fte
497 0,36
Bezetting (exclusief inhuur) ultimo 2022 Bezetting per 1.000 inwoners
Fte Fte
517 0,38
Kosten inhuur derden Loonsom (exclusief overige personeelslasten) Kosten inhuur derden in % van loonsom
€ 1.000 € 1.000 %
3.325 41.646 8,0%
Overhead Totale lasten Overhead in % van totale lasten
€ 1.000 € 1.000 %
13.971 58.504 23,9%
(ontwerp)Begroting GGDrU 2024
Score
23
7 Inhoudelijke pijlers Echte gezondheidswinst is alleen te behalen wanneer partijen uit het sociaal domein, de fysieke omgeving en het (publieke) zorgdomein regionaal samenwerken. Door een brede gezamenlijke en structurele aanpak van preventie wordt een beweging in gang gezet die leidt tot gezondere mensen in een gezondere maatschappij. Daarmee draagt GGDrU met een collectieve aanpak bij aan individuele gezondheid. Pijlers De bestuursagenda 2023-2027 legt inhoudelijke accenten op de werkzaamheden die we vanuit onze maatschappelijke opgave (zoals uit de Wet publieke gezondheid) doen voor de komende vier jaar. Het bestuur GGDrU focust vanuit regionale samenwerking op drie inhoudelijke pijlers: • Een gezonde en veilige leefomgeving • Kansrijk opgroeien • Langer gezond zelfstandig Kansengelijkheid is een thema dat als een leidend principe wordt gezien binnen al deze pijlers. Daarnaast is het van belang om een veerkrachtige organisatie te zijn en te blijven om te kunnen anticiperen op de uitdagingen van nu en de toekomst, uitgaande van onze bestaande en wettelijke taken. Daarom is de Wendbare en vitale organisatie toegevoegd als vierde pijler.
Ieder team en medewerker van GGDrU draagt een steentje bij aan alle pijlers en prioriteiten en heeft daarnaast een duidelijke focus.
(ontwerp)Begroting GGDrU 2024
24
7.1 Een gezonde en veilige leefomgeving Wat willen we bereiken? GGDrU staat voor inwoners die wonen, leven, naar school gaan en werken in een veilige omgeving waar aandacht is voor gezondheid en elkaar. Waar bedreigingen van de publieke gezondheid worden gesignaleerd en bestreden. Waar maatschappelijke onrust en schade tijdens incidenten worden voorkomen en beperkt. Daar werken wij elke dag aan. Om ervoor te zorgen dat er een veilige en gezonde leefomgeving is, willen we dat: - Inwoners, gemeenten en zorginstellingen ons weten te vinden voor advies - De voorbereiding op rampen en crises op orde is - Adequaat wordt opgetreden bij kleine en grote incidenten - Gezondheid is meegenomen in ruimtelijke plannen van alle gemeenten - Bedreigingen van de publieke gezondheid worden gesignaleerd, geanalyseerd en waar voor kwetsbare doelgroepen preventieactiviteiten worden opgezet.
Wat doen we daarvoor? We helpen de inwoners van de regio Utrecht zich te beschermen tegen infectieziekten en schadelijke omgevingsfactoren, zoals luchtverontreiniging. Tegen ziekten die je kunt oplopen als je op reis gaat, tegen seksueel overdraagbare aandoeningen en tegen de gevolgen van een calamiteit. Deze gezondheidsbeschermende taken vinden hun basis in de Wet op Publieke gezondheid (WPG). In 2024 werken we aan een gezonde en veilige leefomgeving door een breed pakket aan taken. Milieu en gezondheid Onze taken bestaan uit: - Het signaleren van voor de gezondheid van inwoners ongewenste situaties - Het gevraagd en ongevraagd adviseren van een gemeente over onderwerpen in relatie tot een gezonde leefomgeving. Het gaat over onderwerpen als lucht, hinder (geluid en geur), bodem, straling, klimaat - Het beantwoorden van vragen, klachten en meldingen van inwoners en instellingen (scholen, woningcorporaties) over het hele spectrum van milieu en gezondheid. Metingen die de GGD nodig acht voor het beoordelen van de melding, vallen ook onder de basistaak - Het geven van voorlichting over de relatie tussen gezondheid en de fysieke leefomgeving. Ondersteuning geven bij en adviseren over incidenten rond milieu en gezondheid. Het gaat meestal om de zogenaamde koude fase van een incident (voorlichting en nazorg).
Daarnaast adviseert GGDrU over gezondheidsrisico’s tijdens een ramp met het interregionaal GAGS piket (gezondheidskundig adviseur gevaarlijke stoffen). In 2024 zetten we vanuit Milieu en gezondheid vooral in op: • Aansluiten bij omgevingstafels van gemeenten. Per 1 januari 2024 treedt de Omgevingswet in werking en is gezondheid een belangrijk criterium in de weging van ruimtelijke plannen • Onder de aandacht brengen en het ondertekenen van het Schone Lucht Akkoord bij gemeenten in onze regio. De lucht in Nederland is namelijk vrijwel overal ongezond
(ontwerp)Begroting GGDrU 2024
25
• •
Het stimuleren en ondersteunen van gemeenten bij het opstellen van een lokaal hitteplan. Het aantal hittegolven neemt toe. In een lokaal hitteplan staan mensen uit de samenleving centraal die extra kwetsbaar zijn voor hitte Het versterken van de samenwerking met regionale ketenpartners, om op die manier beter aan te kunnen sluiten op de wensen van gemeenten
Infectieziektebestrijding Infectieziektebestrijding heeft als doelstelling dat zorgprofessionals en inwoners in regio Utrecht weten hoe zij zich kunnen beschermen en hoe zij de verspreiding van ziektes kunnen voorkomen. En dat gemeenten weten welke preventieve interventies zij kunnen inzetten voor gezondheidsbescherming. Hierbij horen de volgende taken: • Bestuurlijke advisering en publieksvoorlichting • Surveillance, onderzoek en monitoring • Opleiden • Bron & contact onderzoek en uitbraakmanagement • Testen en vaccineren • Infectiepreventie en technische hygiënezorg Pandemische paraatheid De afgelopen drie jaar stond Covid-19 in de landelijke aandacht. Deze crisis heeft het belang van infectieziektebestrijding (IZB) laten zien. In 2023 vindt de transitie van het Coronabedrijf naar de reguliere GGDrU plaats en in 2024 is het Coronabedrijf volledig geïntegreerd in de reguliere GGD organisatie. In 2023 en 2024 zal de landelijke beleidsagenda die vanuit het rijk is geïnitieerd, ‘Versterking infectieziektebestrijding en pandemische paraatheid (VIP) GGD-en’ ook vormgegeven worden binnen GGDrU. Dit programma, dat bij alle GGD-en vorm moet krijgen, bestaat uit vijf pijlers: 1. Kwetsbaarheden wegnemen voor pandemische paraatheid 2. Versterken van (boven) regionale monitoring en surveillance 3. Versterken van de wetenschappelijke kennisinfrastructuur infectieziektebestrijding 4.
Samenwerken op bovenregionaal niveau 5. Slim én versneld opleiden. Vanuit deze tijdelijk landelijke VIP middelen voor 2023 en 2024 zullen de grootste kwetsbaarheden worden opgepakt, zodat GGD’en kunnen zorgen beter geëquipeerd zijn om onze rol op het gebied van infectieziektebestrijding kwalitatief beter uit te voeren. Ook om daarmee goed voorbereid te zijn op een mogelijke lauwe en warme fase bij een infectieziekteuitbraak met (potentieel) bovenregionale of landelijke impact. In de afgelopen jaren (COVID 19 en MPOX) is duidelijk geworden dat het medisch dossier van IZB en de surveillance applicaties bij grote uitbraken van onvoldoende kwaliteit zijn. Dit wordt landelijk opgepakt en bij deze ontwikkeling zullen wij aangesloten moeten blijven. Het team Infectieziektebestrijding zal de komende periode hierin samenwerken en kennis delen met ketenpartners zoals de Landelijke Functionaliteit Infectieziektebestrijding (LFI), andere GGD-en, academische werkplaatsen, het RIVM, zorginstellingen, de 26 gemeenten en het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS). Om kwetsbaarheden weg te nemen neemt GGDrU nieuwe professionals (in opleiding) aan, zetten we preventieactiviteiten op, zullen er projecten IZB starten en bewaken we de kwaliteit. Dit kunnen we doen vanuit deze incidentele gelden in 2023 en 2024. Bedoeling is structurele rijksfinanciering vanaf 2025.
Of dat wordt gerealiseerd en welke bedragen dit dan zou betekenen is onzeker. Dit brengt risico met zich mee rondom de borging van deze ontwikkelingen die nodig zijn. Meer duidelijkheid vanuit VWS over structurele financiering wordt verwacht in de Rijksvoorjaarsnota tbv begroting 2024, voorzien in mei 2023. (ontwerp)Begroting GGDrU 2024
26
In 2024 zetten we met infectieziektebestrijding vooral in op: • Meer data-gedreven infectieziektebestrijding, waardoor we beter gebruik maken van informatie uit registraties. Dit biedt kansen voor vroegsignalering, kwaliteitsverbetering en verantwoording • Signaleren en bestrijden van bepaalde infectieziekten, zoals vogelgriep, streptokok bacterie en schurft. We zien dat deze ziekten steeds vaker voorkomen • Realiseren pandemische paraatheid binnen GGDrU. Binnen dit onderdeel zal ook aandacht zijn voor de risico’s van zoönose (infectieziekte die van dier op mens kan overgaan) • Het bieden van ondersteuning op het gebied van infectiepreventie aan instellingen waar dit onvoldoende is geborgd binnen de instelling zelf • Infectiepreventieactiviteiten die in het bijzonder zijn gericht op kwetsbare doelgroepen, waaronder het toegankelijk maken van informatie • Herontwikkeling van de vaccinatiezorg, met als doel een infectieziekten breed centrum, gericht op preventie, behandeling en vaccinatie • Het geven van infectiepreventie adviezen bij evenementen, tattoo- en piercingshops, en seks- en relaxinrichtingen.
Tuberculosebestrijding (TBC) Een belangrijke taak tuberculosebestrijding is het screenen van risicogroepen zoals immigranten en asielzoekers die Nederland binnenkomen uit landen waar veel tuberculose voorkomt en het doen van bron- en contactonderzoek. 16% van de gevallen van longtuberculose wordt gevonden door de screening van deze risicogroepen door het team tuberculosebestrijding. Ook in de zorg voor groepen patiënten met tuberculose, waarvoor veelal de reguliere zorg en hulpverlening minder toegankelijk is, speelt dit team een belangrijke rol. De behandelresultaten liggen al jaren boven de WHO grens van 85%. In december 2019 hebben de 7 DPG-en in het Regionaal Expertisecentrum (REC) Noordwest Nederland de intentie uitgesproken toe te werken naar een organisatievorm van één Autonoom Tuberculose Zorgcentrum (ATZ/centrumorganisatie) en Mobiele Tuberculose Teams (MTT’s). In het REC werken de GGD’en van Amsterdam, regio Utrecht, Zaanstreek Waterland, Kennemerland, Hollands Noorden, Flevoland en Gooi en Vechtstreek samen. Voor een toekomstig bestendige tuberculosebestrijding is bundeling van kwaliteit en concentratie van expertise noodzakelijk. Daarnaast is er behoefte aan regionale verankering en een goede decentrale uitvoering. We werken hier in 2024 verder naar toe.
In 2024 zetten we met TBC bestrijding vooral in op: • Screenen en behandelen van TBC • Bovenregionale samenwerking voor een toekomst bestendige tuberculosebestrijding • Klantgerichte aanpak van onze diensten.
Bestrijding van seksueel overdraagbare aandoeningen (soa) We bevorderen en beschermen de seksuele gezondheid van de inwoners in regio Utrecht. Dat gebeurt door het opsporen en bestrijden van seksueel overdraagbare aandoeningen (soa) en het signaleren van seksuologische problematiek. De expertise is gericht op het bevorderen van seksueel gezond gedrag bij jeugd en volwassenen. We bieden spreekuren voor inwoners, die een hoog risico lopen op soa en trainen en ondersteunen scholen bij het geven van relationele en seksuele vorming. De taken van het team Seksuele Gezondheid worden tot 2024 voornamelijk gefinancierd uit landelijke subsidieregelingen zoals de subsidie Aanvullende Seksuele Gezondheidszorg (ASGregeling), de subsidieregeling PrEP en de Stimuleringsregeling Relaties en Seksualiteit (R&S). (ontwerp)Begroting GGDrU 2024
27
Gemeenten financieren daarnaast een deel via de inwonersbijdrage en het maatwerk. De ASGsubsidieregeling zal in 2024 verankerd worden in de Wet Publieke Gezondheid. GGDrU biedt PrEP-zorg om te voorkomen dat mensen hiv oplopen. Alle plekken vanuit de landelijke PrEP-regeling zijn ingevuld. Op de wachtlijst voor PrEP-zorg stonden 1 februari 2023 nog 469 personen. De landelijke PrEP-pilot loopt af medio 2024. Het ministerie van VWS beslist in de loop van 2023 over het continueren van de PrEP-zorg na afloop van de pilot. Gemeente Utrecht investeert in 2023 en 2024 € 250.000 in extra plekken voor PrEP-zorg en ASG. Financieel knelpunt bij ASG-regeling nog niet opgelost Het huidige landelijk budget en de verdeelsleutel over de GGD-en blijft vooralsnog hetzelfde en zal voor dezelfde doeleinden ingezet worden. Dat maakt dat regio Utrecht blijft kampen met een te laag budget voor de uitvoering van de ASG. Mede dankzij lobbywerk door GGDrU zal VWS de ASG-regeling evalueren en onder meer de verdeelsleutel onderzoeken. Om de taak met de beperkte middelen zo passend mogelijk uit te voeren, is de keuze gemaakt meer outreachend te werken om meer kwetsbare groepen te bereiken, ten koste van spreekuurplekken op de poli-locaties. In 2024 zetten we met seksuele gezondheid vooral in op: - Seksualiteitshulpverlening, testen en behandelen van soa bij kwetsbare groepen en groepen met een hoog risico.