Bijlage 1 - Nota Zienswijzen OV Zandpad 1a 1b 605192
Tekst van het document
De woningen dienen landschappelijk en stedenbouwkundig te worden ingepast en de architectuur dient aan te sluiten op de bestaande historische stedenbouwkundige en cultuurhistorische waarden (de architectuur van omliggende bebouwing).
Zoals in het antwoord onder b al is gesteld, is het bestaande pand Zandpad 1a/1b (en het ontwerp daarvan) niet hetgeen waar het onderhavige ontwerp omgevingsvergunning zich op richt. De zienswijze zoals deze hier wordt gesteld, veronderstelt een verandering van de architectuur van het bestaande pand. Voor een dergelijke zienswijze ontbreekt relevantie in relatie tot het ontwerp dat nu ter inzage ligt. Zandpad 1a/1b is een bestaande woning binnen het beschermde dorpsgezicht van Cothen. Nieuwe bebouwing zal zich cultuurhistorisch, landschappelijk en architectonisch tot dit bestaande pand moeten verhouden, dat is waar het ontwerpplan zich ook op richt. Het bouwplan voorziet in een uitbreiding van het bouwvlak in oostelijke richting en geeft daarmee de mogelijkheid om Zandpad 1b af te scheiden van 1a en uit te bouwen tot een zelfstandige levensloopbestendige woning. Zoals ook gesteld in het antwoord onder b voert de gemeente aan dat, voor wat betreft de beoogde stijl waarin Zandpad 1b zal worden uitgebreid, het onafhankelijk advies van MooiSticht is gevolgd. De
24
uitgangspunten uit dit advies zijn overgenomen in het plan, dat vervolgens in het gecombineerde welstand- en monumentenadvies positief is beoordeeld. De gemeente stemt daarom in met zowel de ruimtelijke opzet als de architectuur. Zowel ruimtelijk als architectonisch is het wenselijk dat, ondanks de gedeeltelijke sloop en splitsing, de bestaande woning met de nieuwe levensloopbestendige woning één geheel vormt. k. Aanvullende notitie cultuurhistorie zienswijze Zandpad 1a-1b Provinciaal beleid: Omgevingsvisie en verordening Provincie Utrecht In de ruimtelijke onderbouwing wordt onvoldoende onderbouwd hoe het ontwerp van de nieuwe woning aan het Zandpad 1a-1b binnen de cultuurhistorische- en landschappelijke waarden (kernkwaliteiten landschap Rivierenland) van de provinciale omgevingsvisie- en verordening past. De beoogde ontwikkeling is momenteel niet voldoende gemotiveerd. De woningbouw wordt door omwonenden niet gewenst en inwoners van Cothen hechten zich aan het beschermd dorpsgezicht en de karakteristieke bebouwing daarvan. Het huidige ontwerp van de nieuwe woning en het voorgestelde beplantingsplan past naar onze mening onvoldoende binnen de genoemde cultuurhistorische- en landschappelijke waarden en voldoet dus niet aan het provinciale beleid. Een landschappelijk inpassingplan is nodig om aan te tonen dat, en te beschrijven hoe, de ontwikkeling past bij de genoemde waarden.
l. Aanvullende notitie cultuurhistorie zienswijze Zandpad 1a-1b
In de ruimtelijke onderbouwing wordt in paragraaf 4.8 uitgebreid ingegaan op het aspect “Archeologie en cultuurhistorie”. Het feit dat het plangebied binnen het beschermd dorpsgezicht van Cothen ligt, wordt ook in de toets en conclusie van deze paragraaf uitgebreid behandeld. De landschappelijke en cultuurhistorische aspecten zijn in het bijzonder in acht genomen in het advies van MooiSticht, hetgeen als bijlage 1 bij de ruimtelijke onderbouwing is opgenomen. Ook is het gecombineerd welstand- en monumentenadvies d.d. 15 november 2022 positief (bijgevoegd in bijlage 7 bij de ruimtelijke onderbouwing). Ten aanzien van de zienswijze van indiener, dat het ontwerp van Zandpad 1b niet zou passen binnen de cultuurhistorische en landschappelijke waarden, verwijst de gemeente naar haar visie hierop, zoals beschreven onder antwoord b. Verder wil de gemeente duidelijk maken dat het ontwerpplan in de voorbereiding voor advies is voorgelegd aan de provincie en dat hierover met betrekking tot de door indiener aangevoerde aspecten, overleg en afstemming in het kader van toetsing op het provinciale beleid heeft plaatsgevonden. Over het uitwerken van kernkwaliteiten van het landschap Rivierengebied stelt de provincie bijvoorbeeld het volgende: “Een landschap is een levend geheel, dat door de jaren heen geleidelijk verandert. Zonder die veranderingen wordt het landschap een museumstuk.
Mede ondersteund door de zorgvuldige afstemming hierover met de provincie, is de gemeente van mening dat met het inpassingsplan, zoals opgenomen in de toelichting van het ontwerpplan op pagina 8, het bijpassend beplantingsvoorstel, zoals separaat toegevoegd in bijlage 2 bij de ruimtelijke onderbouwing, en met de uitleg in paragraaf 4.8, goed is onderbouwd dat eventuele aanwezige landschappelijke en cultuurhistorische waarden met dit plan in acht worden genomen en derhalve niet worden aangetast. Met betrekking tot woningbouw stelt de Omgevingsvisie het volgende: “Waar kunnen tussen nu en 2030 nieuwe huizen worden gebouwd? En voor welke mensen worden die huizen dan
25
Gemeentelijk beleid: Omgevingsvisie Stedelijk Gebied Wijk bij Duurstede Met betrekking tot de beoogde locatie komt uit de omgevingsvisie naar voren dat de locatie niet/minder geschikt is voor inbreiding van woningbouw. De bewoners van Cothen hechten veel waarde aan het dorpse karakter en Kasteel Rhijnestein en de bijbehorende kasteeltuin als kenmerken van het dorp. De relatie tussen het dorp en de Kromme Rijn kunnen versterkt worden middels het beter zichtbaar maken van het water. De locatie is op de kaart ‘uitdagingen in de kern’ aangegeven als mogelijke locatie voor een samenhangend recreatief netwerk. Door op deze locatie (Zandpad 1a-1b) een woning toe te voegen kan niet aan deze doelstelling (versterken recreatie en relatie dorp en Kromme Rijn) worden voldaan. Het is aannemelijker dat de gemeente langs de Kromme Rijn een wandelpad aanlegt met zitbanken om te voldoen aan de doelstellingen voor dit gebied. De gemeente loopt met het verlenen van de gevraagde vergunning de kans dat het karakteristieke dorpsgezicht wordt aangetast doordat de bewoners van de nieuwe woning in de toekomst nog wijzigingen aanbrengen aan het perceel. Omwonenden zijn daarnaast niet/ onvoldoende betrokken bij het initiatief van de nieuwe woning aan het Zandpad 1a-1b, langs de Kromme Rijn. Er is niet voldoende geparticipeerd.
Dit terwijl in de omgevingsvisie wordt aangegeven dat bewoners zoveel mogelijk worden betrokken bij toekomstige ruimtelijke initiatieven.
gebouwd? We kiezen er bijvoorbeeld voor om vooral te bouwen voor oudere mensen en jonge starters. Dat zijn groepen die nu moeilijk een woning kunnen vinden.” Het ontwerpplan voorziet met de (ver-)bouw van Zandpad 1b in een levensloopbestendige woning, bedoeld voor oudere mensen en daarmee passend in de omgevingsvisie. Voor wat betreft de locatie voor woningbouw zegt de omgevingsvisie: “Net als in Wijk bij Duurstede, willen we ook in Cothen niet dat alle groene plekken worden volgebouwd. Dat past niet bij het groene gezicht van het dorp. Ook hier gaan we daarom onderzoeken waar het dorp het beste kan worden uitgebreid. We willen dat eerst bekijken aan de oostzijde van het dorp. We denken dat dit gebied het beste aansluit bij de manier waarop Cothen door de jaren heen gegroeid is. Maar dat moet eerst nog goed worden uitgezocht en afgestemd met de grondeigenaren, omwonenden uit de buurt en initiatiefnemers aan de oostrand van Cothen.” De ligging van het plangebied is in de oostrand van Cothen. In tegenstelling tot wat indiener beweert stelt de omgevingsvisie juist dat dit gebied zich het beste leent voor de gewenste woningbouw. Voor wat betreft de “uitdagingen in de kern” stelt indiener dat het plangebied is aangewezen als mogelijke locatie voor een samenhangend recreatief netwerk. Kaart Cothen uitdagingen in de kern. De Omgevingsvisie stelt hierover het volgende:
Zoals op de kaart duidelijk wordt, richt de Omgevingsvisie zich, voor wat betreft ontbrekende schakels in het padennetwerk, onder andere, op de noordzijde van de Kromme Rijn en met name op het gebied rondom Kasteel Rhijnestein. Het plangebied ligt aan de andere (zuid) zijde van de Kromme Rijn. Op dit moment maakt het Zandpad al deel uit van het
26
“Kromme Rijnpad”, zoals dit vanaf Wijk bij Duurstede naar Utrecht kan worden bewandeld. Het door indiener voorgestelde wandelpad met zitbanken langs de zuidzijde van de Kromme Rijn, is voor de gemeente een onrealistische opgave. De gehele zuidzijde van de Kromme Rijn in het stedelijk gebied van Cothen is bebouwd en bewoond door mensen die daar hun kadastraal eigendom annex tuin hebben tot aan de oever van de Kromme Rijn. Bovendien bestaat er al een wandelpad dat leidt over het Zandpad, de Brink, langs kasteel Rhijnestein en over de Beukenlaan. Dit deel is onderdeel van het Kromme Rijnpad en biedt zowel voor Cothenaren als voor toeristen een aantrekkelijk zicht op de mooiste plekken (St. Agneskerk, Beschermde hoogstamboomgaard, kasteel Rhijnestein, Molen) van het dorp. Voor wat betreft uitbreidingen van het wandelnetwerk stelt de visie onder meer voor om de wandelroute over Kasteel Rhijnestein te verlengen, daar waar het voetpad op het landgoed stopt en vervolgens langs de provinciale weg verder gaat. Het plangebied daarentegen maakt geen deel uit van de overwegingen omtrent uitbreidingen in het wandelnetwerk. Voor wat betreft het samenhangende recreatieve netwerk, zegt de omgevingsvisie ook het volgende: “De recreatieve en toeristische betekenis van het dorp kan worden versterkt. Plekken die zich daarvoor lenen zijn o.a.
de Brink, de molen, het sluizencomplex aan de Kromme Rijn, de boomgaard en Kasteel Rhijnestein. Dit zijn vanuit recreatief oogpunt allemaal waardevolle plekken in het dorp, maar het zijn tegelijkertijd ook nogal verscholen plekken. De betekenis voor het dorp kan worden verbeterd, bijvoorbeeld door de plekken toegankelijker te maken voor publiek en er dorpsactiviteiten en kleinschalige evenementen te organiseren. Die zullen vooral gericht zijn op de eigen dorpsbewoners, maar trekken ook dagjesmensen aan.” Het plangebied is een binnenstedelijke woonlocatie, met bestemming wonen. Vanwege de ligging binnen het beschermde dorpsgezicht worden er extra hoge eisen gesteld aan de landschappelijke en cultuurhistorische aspecten van het ontwerpplan. Maar de locatie wordt, in het licht van dit deel van de omgevingsvisie, niet beschouwd als recreatieve trekpleister. Met betrekking tot participatie het volgende: Op 14 september 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders ingestemd met het aan de vergunningprocedure ten grondslag liggende besluit op principeverzoek. In de voorwaarden bij dat besluit staat het volgende ten aanzien van de omgevingsdialoog:
27
“De aanvrager zal met de omgeving in gesprek moeten gaan. Hierbij wordt een open houding van de aanvrager verwacht. Wanneer aan de overige randvoorwaarden wordt voldaan wordt er geen doorslaggevende betekenis toegekend aan de uitkomst van het gesprek met de omwonenden.” Hierbij moet worden aangetekend dat de gemeente (nog) geen participatiebeleid met betrekking tot ruimtelijke ontwikkelingen heeft en dat het informeren van omwonenden vormvrij is. De gemeente vindt het goed informeren van omwonenden echter wel belangrijk, daarom heeft het college van B & W bij de initiatiefnemer aangedrongen op het voeren van een omgevingsdialoog. Aanvrager heeft hier ook uitvoering aan gegeven en met de bewoners van Zandpad 1, 3, 5, 7 en de bewoners van Dorpsstraat 10 gesproken. Voor voorliggende vergunningaanvraag heeft de initiatiefnemer vervolgens een ruimtelijke onderbouwing op laten stellen, waarin het bouwplan in het kader van de relevante wet- en regelgeving en het geldende beleid wordt onderbouwd. De gemeente heeft deze onderbouwing getoetst en concludeert dat het bouwplan verder voldoet aan de eisen van een goede ruimtelijke ordening en dat medewerking kan worden verleend aan het afwijken van het bestemmingsplan.
Met de “overige randvoorwaarden” waaraan moet worden voldaan (genoemd in het cursief gedrukte hierboven) wordt bedoeld de voorwaarden die gesteld zijn in bijlage bij het besluit op het principeverzoek. De gemeente oordeelt dat de nieuwbouw voldoende passend is binnen de doelstellingen van de omgevingsvisie. m. Aanvullende notitie cultuurhistorie zienswijze Zandpad 1a-1b
Voor het antwoord wordt verwezen naar het antwoord onder b en i.
Conclusie Rijksdienst voor het Cultureel erfgoed - Het plan verstoort beschermde zichtassen van het Rijksmonument Rhijnestein - Het plan past niet bij het van rijkswege beschermde dorpsgezicht van Cothen n. Aanvullende notitie cultuurhistorie zienswijze Zandpad 1a-1b Conclusie provinciaal beleid - Uit het provinciale beleid komt naar voren dat de locatie waarop de nieuwe woning is beoogd valt binnen de kaart ‘toegankelijke cultuur en waardevol erfgoed’. Hiervoor geldt een instructieregel (4.6.2): de cultuurhistorische waarden van de
Dit is onjuist. De locatie waar Zandpad 1b wordt gebouwd valt net naast (ten zuiden van) het gebied op ‘Cultuurhistorie en landschap kaart 2’ en valt daarmee net niet onder het ‘Landschap Rivierengebied’. Daarmee was deze onderbouwing niet nodig. Hetzelfde geldt voor instructieregel 7.9, hetgeen ook alleen van toepassing is als het plangebied onder het ‘Landschap Rivierengebied’ valt.
28
-
leefomgeving dienen vanuit de provincie beschermd en benut te worden door ze beter zichtbaar en beleefbaar te maken. De beoogde ontwikkeling draagt hier niet aan bij en er is onvoldoende onderbouwd hoe de ontwikkeling rekening houdt met de genoemde instructieregel. Uit het provinciale beleid komt naar voren dat de locatie waarop de nieuwe woning is beoogd valt binnen de kaart ‘cultuurhistorie en landschap kaart 2’ en is aangeduid als ‘Landschap Rivierengebied’. Voor dit landschap geldt een kenmerkende landschapsstructuur en landschappelijke waarden waar, bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen, rekening mee gehouden dient te worden. Het huidige ontwerp van de nieuwe woning bevat geen onderbouwing (landschappelijke inpassing) waarin wordt beschreven hoe het plan voldoet aan de landschapswaarden en passend is gemaakt binnen de omgeving. Dit terwijl het behoud van de landschapsstructuren in de provincie Utrecht juist erg belangrijk is.
o. Aanvullende notitie cultuurhistorie zienswijze Zandpad 1a-1b
De provincie is overigens reeds betrokken en heeft haar reactie op het ontwerpbesluit gegeven in het kader van het wettelijk vooroverleg. De gemeente heeft deze opmerkingen verwerkt. Daarmee is naar het oordeel van gemeente het voorliggende bouwplan in overeenstemming met het provinciale beleid.
Zie antwoord onder l.
Gemeentelijk beleid - De omgevingsvisie van de gemeente Wijk bij Duurstede beschrijft de locatie waarop de nieuwe woning dient te worden gebouwd als een gebied waar (1) een recreatief netwerk kan worden aangelegd en waar (2) de relatie van het dorp met de Kromme Rijn kan worden versterkt door het zichtbaar maken van het water. Door hier in te breiden met bebouwing worden de beoogde doelstellingen uit het gemeentelijk beleid juist tegengewerkt. p. Aanvullende notitie cultuurhistorie zienswijze Zandpad 1a-1b
Een landschappelijk inpassingsplan ontbreekt niet. Deze is bij het plan gevoegd. Zie het antwoord onder k.
Advies Wij adviseren het college van burgemeester en wethouders van Wijk bij Duurstede geen omgevingsvergunning te verlenen voor de bouw van een extra vrijstaande woning aan Zandpad 1a-1b te Cothen. Dit omdat het huidige ontwerp afbreuk doet aan de door de RCE beschermde cultuurhistorische waarden van kasteel Rhijnestein en het dorpsgezicht van Cothen. Tevens wordt er in de ruimtelijke onderbouwing onvoldoende onderbouwd hoe het plan past
Voor het aspect cultuurhistorie wordt verwezen naar eerdere antwoorden op deze zienswijze, met name het antwoord onder b.
29
binnen de culturele- en landschappelijke waarden die naar voren komen in de beleidsstukken van de provincie Utrecht en de gemeente Wijk bij Duurstede. Er ontbreekt een landschappelijk inpassingsplan. Conclusie a. de zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van het ontwerpbesluit b. de zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van het ontwerpbesluit c. de zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van het ontwerpbesluit d. de zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van het ontwerpbesluit e. de zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van het ontwerpbesluit f. de zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van het ontwerpbesluit g. de zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van het ontwerpbesluit h. de zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van het ontwerpbesluit i. de zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van het ontwerpbesluit j. de zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van het ontwerpbesluit k. de zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van het ontwerpbesluit l. de zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van het ontwerpbesluit m. de zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van het ontwerpbesluit n. de zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van het ontwerpbesluit o. de zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van het ontwerpbesluit p.
de zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van het ontwerpbesluit
30
Advies Provincie Utrecht Datum: 29 maart 2023 Reactie provincie Op 16 februari 2023 hebben wij het ontwerpbesluit voor de omgevingsvergunning voor Zandpad 1a-1b te Cothen ontvangen met het verzoek eventuele opmerkingen aan u kenbaar te maken. Het ontwerpbesluit heeft betrekking op de bouw van een extra vrijstaande woning aan Zandpad 1a-1b te Cothen. Met deze aanvraag wordt afgeweken van bestemmingsplan Cothen. Gelet op artikel 2.27 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht merk ik op dat het ontwerpbesluit aanleiding geeft tot het maken van de volgende opmerking. Archeologie (CHS, Limes) In het vigerende bestemmingsplan heeft de locatie een archeologische waarde. Het is onvoldoende helder waarom wordt gesteld dat archeologisch onderzoek niet nodig is, terwijl er mogelijk over een oppervlak van meer dan 100 m2 dieper dan 30 cm gewerkt wordt. Dat voor een ander bouwplan in 2007 geen onderzoek werd geëist, is hiervoor onvoldoende motivering. Onvermeld blijft of er gebruik gemaakt wordt van bestaande funderingen en in hoeverre de funderingen binnen 2,5 m van bestaande funderingen worden aangelegd, zoals aangegeven in de bestemmingsplanregels. Ik wil u verzoeken een en ander te verduidelijken en/of, zo nodig, alsnog om archeologisch onderzoek te verzoeken. Het booronderzoek in 2007 toonde spikkels houtskool en baksteen van mogelijk middeleeuwse oorsprong aan.
Alleen ter plaatse van een oude kas bleek de bodem verstoord. Om die reden werd voor de bouw van de woning in 2007 archeologisch vervolgonderzoek geadviseerd door de onderzoekers. Gezien de ligging van twee archeologische rijksmonumenten op ca. 20-120 m afstand en de aanwijzingen voor een archeologische vindplaats in het plangebied, is er ook nu een reële kans dat bij de werkzaamheden archeologische resten verstoord zullen worden.
Reactie gemeente Ten behoeve van het bestemmingsplan ‘Zandpad 1’ (vastgesteld d.d. 19 februari 2008) is, vanwege de kwalificatie "hoge verwachtingswaarde", een archeologisch vooronderzoek uitgevoerd. De resultaten van het onderzoek zijn opgenomen in het rapport “Zandpad 1, Cothen Gemeente Wijk bij Duurstede Inventariserend Veldonderzoek (IVOkarterend)". Het onderzoek is bijgesloten als bijlage 5 bij de ruimtelijke onderbouwing. Het onderzoek, uitgevoerd in juni 2007, heeft bestaan uit een bureauonderzoek en een karterend booronderzoek. Binnen het plangebied zijn 14 boringen gezet. In de meeste boringen werd een natuurlijke bodemopbouw aangetroffen die overeenkomt met hetgeen op basis van het bureauonderzoek voor het gebied werd verwacht. In de boringen die in de (toenmalige) kas zijn gezet, bleek de bodem in het (recente) verleden verstoord te zijn tot op het grindige, grove zand waaruit de stroomrug bestaat. Tussen de kas en de westelijke grens van het plangebied heeft het booronderzoek in drie boringen archeologische indicatoren opgeleverd. Het betrof een vondstlaag met daarin houtskooldeeltjes en spikkels baksteen die van middeleeuwse ouderdom lijken te zijn. In de afbeelding betreft het (slechts) het oranje gearceerde gedeelte.
Gelet op bovenstaande, aan u de nadrukkelijke vraag rekening te houden met de mogelijke aanwezigheid van archeologische resten en daarmee het verzoek om bij de vaststelling van de ontwerpomgevingsvergunning rekening te houden met de hierboven geplaatste opmerking.
Gezien het bovenstaande is er voor de gehele oostelijke helft van het plangebied echter
31
geen aanleiding gezien om archeologisch vervolgonderzoek te adviseren, evenmin hoefde hier rekening te worden gehouden met de aanwezigheid van archeologische waarden. Het ontwerpbestemmingsplan met bijbehorend archeologisch rapport is op 18 september 2007 aan de Provincie Utrecht toegezonden het kader van het wettelijk vooroverleg, door de provincie destijds getoetst en akkoord bevonden. De locatie is daarmee vrij gegeven door de provincie voor bouwwerkzaamheden, zonder beperkingen buiten het oranje gearceerde gedeelte. Alleen in de oranje zone zit nog een mogelijk archeologische verwachting. De grijze zones zijn verstoord. Aanvullend zijn in 2008 de graafwerkzaamheden archeologisch begeleid door vrijwilligers van de AWN. Uit hun verslag blijkt dat er geen archeologische vondsten zijn aangetroffen in het toenmalige te vergraven gedeelte. Gezien het onderzoek van 2007/2008, het standpunt van de provincie van destijds en de bevindingen in het veld is er geen archeologisch inhoudelijke reden om dit standpunt te wijzigen. Conclusie Het advies geeft aanleiding tot aanpassing van het ontwerpbesluit, in zoverre dat de ruimtelijke onderbouwing conform bovenstaande passage wordt aangepast op het aspect archeologie en de bevindingen van het onderzoek van 2007, inclusief de vrijgave van het terrein door de provincie in 2007. Het betreft paragraaf 4.8 in de ruimtelijke onderbouwing.
Het onderzoek wordt voorts bijgevoegd als bijlage 5 bij de ruimtelijke onderbouwing. Tevens zal in de ruimtelijke onderbouwing uitdrukkelijker vermeld worden dat de locatie in de binnen de attentie zone van het UNESCO Wereld Erfgoed Limes. Vanuit het Limes beleid geldt vanuit de provincie de eis om archeologisch onderzoek te vragen bij ingrepen die groter zijn dan 100m2 en dieper reiken dan 30 cm, echter heeft dat archeologische onderzoek al plaatsgevonden.
32