3. Variantennota koppelkans 5
Tekst van het document
Variantennota koppelkans 5 – Vrijliggend fietspad tussen Wijk bij Duurstede en Gravenbol
Variantennota koppelkans 5 - Vrijliggend fietspad tussen Wijk bij Duurstede en Gravenbol 29-4-2022
2 van 35
Colofon
Rapportgegevens Rapporttitel
Variantennota koppelkans 5 - Vrijliggend fietspad tussen Wijk bij Duurstede en Gravenbol
Ondertitel DMS nummer:
012539-RAP-21986
Versie:
1.0
Datum:
29 april 2022
Vrijgave: Verantwoordelijkheid Opsteller:
Functie Adviseur Vergunningen en planprocedures
Verificateur:
Autorisator
Coördinator omgevingsonderzoeken en MER Omgevingsmanager
Vrijgever
Projectmanager
Naam Janine van Bon, Pauline van Veen, Marc Grutters Frans Kwadijk
Paraaf
Margreet van der Zee Freek Visser
Documenthistorie: Versie
Datum
Toelichting
V0.1
24-12-2021
Ter bespreking met gemeente Wijk bij Duurstede
V0.2
05-04-2022
Ter bespreking met gemeente Wijk bij Duurstede
V1.0
29 april 2022
Ten behoeve van besluitvorming
Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden Poldermolen 2 030 634 57 00 T sterkelekdijk@hdsr.nl E hdsr.nl/sterkelekdijk W
Variantennota koppelkans 5 – Vrijliggend fietspad tussen Wijk bij Duurstede en Gravenbol
Inhoudsopgave
1
Inleiding................................................................................................................................... 5 1.1 Dijkversterking en koppelkansen ................................................................................ 5 1.2 Doelstelling en scope koppelkans ............................................................................... 6 1.3 Rolverdeling en uitgangspunten .................................................................................. 6 1.4 Raakvlakprojecten ....................................................................................................... 6
2
Ontwikkeling van varianten voor het vrijliggend fietspad. ................................................ 7 2.1 Inleiding ....................................................................................................................... 7 2.2 Doorlopen proces ........................................................................................................ 7 2.3 Uitgangspunten ........................................................................................................... 8 2.4 Varianten ..................................................................................................................... 8 2.5 Relatie met ontwikkeling beheerstrook ..................................................................... 12
3
Beoordeling milieueffecten ................................................................................................. 13 3.1 Inleiding ..................................................................................................................... 13 3.2 Techniek - Kenmerken versterking ........................................................................... 13 3.3 Techniek - Energie en materialen/ duurzaamheid .................................................... 13 3.4 Natuur ........................................................................................................................ 14 3.5 Watersystemen ......................................................................................................... 20 3.6 Cultuurhistorische en aardkundige waarden ............................................................. 21 3.7 Dijktracé en inpassing ............................................................................................... 21 3.8 Wonen, werken en landbouw .................................................................................... 22 3.9 Recreatie en verkeer ................................................................................................. 22 3.10 Overzicht van de milieueffecten ................................................................................ 24
4
Overwegingen en voorstel voor besluitvorming .............................................................. 30 4.1 Conclusie effectbeoordeling en meerwaarde ............................................................ 30 4.2 Eigendoms- en pachtsituatie ..................................................................................... 30 4.3 Te doorlopen procedures .......................................................................................... 31 4.4 Kabels- en leidingen .................................................................................................. 32 4.5 Kostenraming ..................................................... Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 4.6 Vervolg ...................................................................................................................... 32
Bijlage 1 Factsheet SOK ..................................................................................................................... 33 Bijlage 2 Overzicht wensen koppelkans ........................................................................................... 35
Variantennota koppelkans 5 - Vrijliggend fietspad tussen Wijk bij Duurstede en Gravenbol 29-4-2022
4 van 35
Inleiding
1 1.1
Dijkversterking en koppelkansen De Lekdijk tussen Schoonhoven en Amerongen beschermt een groot deel van Midden- en West-Nederland tegen overstroming. De dijk voldoet niet aan de normen voor waterveiligheid die sinds 2017 gelden. Daarom wordt de dijk de komende jaren versterkt. Hiervoor wordt het programma Sterke Lekdijk uitgevoerd. Eén van de deeltrajecten in het programma is de dijk tussen Wijk bij Duurstede en Amerongen (WAM). Voor dit deeltraject is een verkenning uitgevoerd die heeft geleid tot de vaststelling van een voorkeursalternatief voor de dijkversterking. Het waterschap wil de dijk niet alleen veiliger maken, maar waar mogelijk ook mooier. Ook andere overheden in het gebied hebben ambities om het gebied te verbeteren. Bewoners, eigenaren en andere partijen hebben diverse wensen en kansen ingediend. Mogelijk kunnen ambities of wensen gezamenlijk goedkoper of sneller worden uitgevoerd of wordt het gebied tegen gelijke kosten beter of mooier. Dit noemen we een koppelkans. De betrokken overheden Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden, Provincie Utrecht, gemeente Wijk bij Duurstede en gemeente Utrechtse Heuvelrug hebben een samenwerkingsovereenkomst (SOK) gesloten om een aantal (gebundelde) koppelkansen uit te werken. De SOK bevat afspraken over de volgende koppelkansen: Nr
Titel
Eigenaar
1
Groot onderhoud beermuur
HDSR
2
Verplaatsen knotwilgen Kolland incl. grondtransactie (DP12–DP20)
HDSR
3
Ecologische verbinding langs de rivier
HDSR & Provincie Utrecht
4
Verbeteren vrijliggend fietspad tussen beermuur en Prinses Irenesluis
Gemeente Wijk bij Duurstede
5
Aanleggen vrijliggend fietspad tussen Wijk bij Duurstede en Gravenbol
Gemeente Wijk bij Duurstede
6
Fietsvriendelijke herinrichting wegdek
Gemeente Wijk bij Duurstede & gemeente Utrechtse Heuvelrug
7
Landschapskwaliteit en biodiversiteit verhogen
Gemeente Wijk bij Duurstede & gemeente Utrechtse Heuvelrug
8
Aanleg rustpunten en wandelroutes
HDSR & Gemeente Wijk bij Duurstede & gemeente Utrechtse Heuvelrug
9
Het Verhaal van de Lekdijk
HDSR & Provincie Utrecht
Deze variantennota heeft betrekking op koppelkans 5: Vrijliggend fietspad tussen Wijk bij Duurstede en Gravenbol. De gemeente Wijk bij Duurstede is eigenaar van deze koppelkans. In een factsheet bij de SOK zijn onder meer de doelstellingen, randvoorwaarden en gewenste resultaten van de koppelkans beschreven. Deze factsheet is bijgevoegd als Bijlage 1.
Variantennota koppelkans 5 - Vrijliggend fietspad tussen Wijk bij Duurstede en Gravenbol 29-4-2022
5 van 35
1.2
Doelstelling en scope koppelkans Het doel en scope van deze koppelkans is conform de SOK: het vergroten van de (verkeers)veiligheid en recreatiemogelijkheden langs de Lekdijk. Dit door een fietspad aan te leggen van Wijk bij Duurstede tot de ingang van het recreatieterrein Gravenbol op de onderhoudsstrook van de dijk (buitentalud). In de Nota Voorkeursalternatief staat hierover: • Wijk bij Duurstede heeft de ambitie om met een vrijliggend fietspad langs de teen van de dijk de verkeersveiligheid, verkeersveiligheidsbeleving en de beleving van het gebied te vergroten. Dit beschouwen we als een koppelkans.
1.3
Rolverdeling en uitgangspunten Betrokken stakeholders bij deze koppelkans zijn de gemeente Wijk bij Duurstede, HDSR, grondeigenaren, de natuurverenigingen (waaronder Utrechts Landschap), provincie Utrecht en Rijkswaterstaat Het laatste stukje van het fietspad naar de Gravenbol (dijkpaal 52-53) ligt op grondgebied van de gemeente Utrechtse Heuvelrug; deze gemeente is dus ook stakeholder. Er moeten afspraken worden gemaakt over het beheer en onderhoud van het fietspad met HDSR en de gemeenten Wijk bij Duurstede en Utrechtse Heuvelrug. De kosten voor aanleg worden gedragen door de gemeente Wijk bij Duurstede.
1.4
Raakvlakprojecten Het vrijliggend fietspad heeft een sterk raakvlak met de planvorming voor de beheerstrook langs de buitenzijde van de dijk. Deze is op dit moment nog niet overal aanwezig maar wordt ontwikkeld in het kader van de dijkversterking. Koppelkans 6 is de realisatie van een fietsvriendelijke herinrichting van het wegdek van de dijk. Dit is een koppelkans van de beide gemeenten en provincie Utrecht, maar deze koppelkans wordt programmabreed uitgewerkt, dus voor de gehele Sterke Lekdijk. Het raakvlak is dat beide koppelkansen de fietsmogelijkheden tussen Wijk bij Duurstede en de Gravenbol verbeteren. In het kader van koppelkans 8 Aanleg rustpunten en wandelroutes worden rustpunten langs de dijk gerealiseerd. Deze rustpunten zijn ook (juist) voor fietsers bedoeld die over de dijk fietsen.
Variantennota koppelkans 5 - Vrijliggend fietspad tussen Wijk bij Duurstede en Gravenbol 29-4-2022
6 van 35
Ontwikkeling van varianten voor het vrijliggend fietspad.
2
2.1
Inleiding Dit hoofdstuk beschrijft het proces waarin de varianten voor het vrijliggend fietspad tussen Wijk bij Duurstede en Gravenbol tot stand zijn gekomen en welke uitgangspunten daarin zijn gehanteerd.
2.2
Doorlopen proces Om te komen tot uitgangspunten en uitwerking van het ontwerp is een aantal overleggen en werksessies gehouden tussen het ontwerpteam van HDSR en ambtenaren van de gemeente Wijk bij Duurstede: • Ambtelijk overleg 16-09-2021 • Ambtelijke overleg 1-11-2021 • Werkatelier Recreatie en verkeer 1: 09-11-2021. Link naar presentatie en verslag • Ambtelijk overleg 14(?)-01-2022 • Werkatelier Recreatie en verkeer 2: 27-01-2022. Link naar presentatie en verslag • Bilaterale overleggen op 21-03-2022. Link naar presentatie en verslag In de werkateliers 2 en 3 is het vrijliggende fietspad slechts zijdelings aan de orde geweest omdat in die periode vooral uitwerking van het ontwerp en de effecten plaatsvond. Eind december 2021 heeft de projectorganisatie van HDSR een concept-variantennota opgeleverd met daarin de beschrijving van de koppelkansen 4 (Verbeteren vrijliggend fietspad tussen beermuur en Prinses Irenesluis), 5 (deze koppelkans) en het wandelpad naar de Aalswaard (koppelkans 8). Daarin was ook een eerste versie van de beschrijving van de effecten op de omgeving opgenomen. Gemeente Wijk bij Duurstede heeft een ambtelijke reactie gegeven op deze conceptvariantennota; deze opmerkingen zijn verwerkt. Vervolgens is het stuk medio januari breder ambtelijk besproken met de verantwoordelijken voor beheer, recreatie en cultuurhistorie.
De opmerkingen die in dat overleg zijn gemaakt zijn verwerkt in voorliggende variantennota. Voorlopige reactie vergunningverleners Provincie Utrecht Voor het gebruik van het fietspad is een vergunning nodig ingevolge de Wet natuurbescherming, vanwege de verstoringseffecten op het Natura2000-gebied (Vogelrichtlijngebied) langs de buitenzijde van de dijk. Deze variantennota (versie 0.2, 5 april 2022) is besproken met vergunningverleners van Provincie Utrecht voor de Wet natuurbescherming (gebieden – soorten) en de NNN (o.a. ganzenrustgebieden). Uit dit overleg is gebleken dat er vanuit de bescherming van het Vogelrichtlijngebied, met name de broedvogels blauwborst en dodaars, zorgen zijn over de verstoringseffecten van het fietspad. Daarbij is vooral zorg over wandelaars met honden die in de praktijk ook gebruik zullen maken van het fietspad. Provincie Utrecht is van mening dat er een afscherming moet worden geplaatst langs het fietspad om te voorkomen dat honden het gebied in schieten.
Variantennota koppelkans 5 - Vrijliggend fietspad tussen Wijk bij Duurstede en Gravenbol 29-4-2022
7 van 35
Over de zones waar dit nodig is, is nog geen helderheid. Langs het wandelpad dat Provincie Utrecht zelf wil realiseren in de dijkzone van de Lunenburgerwaard West is voor zover bekend geen afscherming voorzien. Het is daarom voorstelbaar dat hier bij realisatie van een fietspad evenmin een afscherming nodig is. Mogelijk kan de afscherming zich beperken tot de zones waar een tichelput met rietzone langs het toekomstige fietspad aanwezig is. 2.3
Uitgangspunten In diverse overleggen (16-9-21, 1-11-21, thematisch ontwerpatelier 9-11-21) zijn met de Gemeente Wijk bij Duurstede de volgende uitgangspunten bepaald: • Het fietspad heeft een breedte van 3,5m. • Realisatie van het vrijliggende fietspad vindt alleen plaats in combinatie met de verbetering van de bestaande en realisatie van een nieuwe buitendijkse beheer- en onderhoudsstrook (separate koppelkans HDSR). Eisen aan de beheerstrook (uit te voeren in grond, 5m breed, voldoende draagkracht) zijn mede bepalend voor de positie van het fietspad. • Inrichting van het fietspad dient in principe te voldoen aan het Handboek Openbare Ruimte Gemeente Wijk bij Duurstede. Eventuele afwijkingen daarop dienen specifiek benoemd en afgestemd te worden. • Comfortabele passage van (haakse) buitendijkse afritten: vloeiende ruime bochten (R>xxm) en flauwe hellingen (ca 5%). Vooralsnog wordt ervan uitgegaan dat alle afritten behouden blijven. • Het fietspad wordt aan weerszijden voorzien van gras-betonstenen voor een robuuste aansluiting op de grasmat (wens/eis vanuit beheer).
2.4
Varianten Voor de koppelkans Fietspad Wijk bij Duurstede – Gravenbol zijn twee hoofdvarianten en één subvariant uitgewerkt tot een schetsontwerp: • Variant 1 - Fietspad met fundering op het dijklichaam. • Variant 2 - Fietspad laag op maaiveld • Subvariant - Fietspad laag op maaiveld waarbij het fietspad wordt teruggeleid naar de weg op de kruin, tussen dijkpaal 69 en 75.
Variant 1 – Fietspad met fundering op het dijklichaam Variantennota koppelkans 5 - Vrijliggend fietspad tussen Wijk bij Duurstede en Gravenbol 29-4-2022
8 van 35
•
Uitgangspunt voor deze variant is dat de fundering wordt geplaatst boven op de bestaande dijkbekleding en dat de huidige dijk niet wordt vergraven. • Hoogteligging fietspad ca 1,5m boven maaiveld, doordat de fundering voor het fietspad bovenop de bestaande dijkbekleding wordt geplaatst. Het gemodelleerde zandpakket is fors. Dit kan eventueel nog worden geoptimaliseerd op basis van de grondwaterstanden uit het grondwatermodel. • Door de fundering op de bestaande dijk te plaatsen wordt de berm 1 tot 4 meter breder dan vanuit beheer en onderhoud noodzakelijk. • Kruising van buitendijkse afritten door een combinatie van vloeiende bochten en kleine hellingen. De as van het fietspad ligt gemiddeld op de grens van Natura2000-gebied, bij de passage van afritten ligt het fietspad er geheel binnen. Zie Bijlage 3 voor gedetailleerde tekeningen en profielen.
Variant 2 – Fietspad laag op maaiveld • Uitgangspunt voor deze variant is een fietspad zo laag mogelijk op het bestaande maaiveld, gecombineerd met de beheer- en onderhoudsstrook langs de buitenteen van de dijk. De kosten voor extra grondwerk zijn daardoor beperkt en deze variant sluit beter aan bij de landschappelijke kenmerken van de huidige Lekdijk, waarbij sprake is van een lage dijkvoet (waardoor dijk en landschap vloeiend in elkaar over gaan). • Voor voldoende drooglegging van de beheerstrook is een hoogte aangehouden van 50cm boven de gemiddeld hoogste grondwaterstand (GHG) zoals bepaald in het geohydrologisch model.
Variantennota koppelkans 5 - Vrijliggend fietspad tussen Wijk bij Duurstede en Gravenbol 29-4-2022
9 van 35
•
Het fietspad ligt daardoor op of enkele decimeters boven de bestaande maaiveldhoogte van de buitenteen van de dijk. Binnenzijde fietspad zo strak mogelijk op vaste afstand (ca 1 m) van het dijktalud. De fundering van het fietspad ligt daarmee deels in de dijkbekleding. • Kruising van buitendijkse afritten door een combinatie van vloeiende bochten en kleine hellingen. Dit met uitzondering van de passage van de haakse afrit t.h.v. DP 64. Om buitendijkse natte natuurwaarden te sparen is hier gekozen voor een ruimtebesparende oplossing waarbij het fietspad helemaal naar de kruin van de dijk klimt. Het fietspad ligt vrijwel volledig binnen de Natura2000-begrenzing. In het oostelijke deel (vanaf DP52 tot DP62) bevinden zich langs de buitenteen natte laagtes met hoge natuurwaarden. Deze laagtes blijven behouden en worden niet geraakt door het grondwerk. NB De afrit ter hoogte van DP 64 moet hiervoor nog verder worden geoptimaliseerd. Zie Bijlage 3 voor tekeningen en profielen.
Variantennota koppelkans 5 - Vrijliggend fietspad tussen Wijk bij Duurstede en Gravenbol 29-4-2022
10 van 35
Subvariant Fietspad laag op maaiveld incl. fietspad terugleiden naar kruin dp 69-75 Tussen dijkpaal 69 en 75 loopt het fietspad over enkele particuliere percelen. Om het fietspad hier te kunnen realiseren is medewerking nodig van de grondeigenaren. Bij uitblijven van medewerking is een subvariant om het fietspad hier terug te leiden naar de weg op de kruin, met twee afritten bij dijkpaal 69 en 75, zodat het fietspad niet over particuliere percelen loopt. Dit is een subvariant op variant 2.
Variantennota koppelkans 5 - Vrijliggend fietspad tussen Wijk bij Duurstede en Gravenbol 29-4-2022
11 van 35
2.5
Relatie met ontwikkeling beheerstrook In de uitgangspunten (par. 2.3) is aangegeven dat realisatie van het vrijliggende fietspad alleen plaatsvindt in combinatie met de realisatie van een nieuwe buitendijkse beheer- en onderhoudsstrook. De varianten voor het fietspad zijn uitgewerkt op basis van een ontwerp van de beheerstrook van medio december 2021. Wanneer de uitgangspunten voor de ligging van de beheerstrook worden aangepast, schuift de ligging van het fietspad mee. Dit kan leiden tot beperkte aanpassingen in het ontwerp van de varianten. Omdat de kosten en de effecten van het fietspad zijn bepaald ten opzichte van een ‘kale’ beheerstrook, zal dit niet leiden tot grote veranderingen in kosten en effecten van de varianten.
Variantennota koppelkans 5 - Vrijliggend fietspad tussen Wijk bij Duurstede en Gravenbol 29-4-2022
12 van 35
Beoordeling milieueffecten
3 3.1
Inleiding De effecten van de varianten die in het vorige hoofdstuk zijn beschreven zijn in dit hoofdstuk beoordeeld aan de hand van het volledige beoordelingskader voor het Milieueffectrapport (MER). De onderstaande paragrafen beschrijven de effecten van de varianten per thema. Onder elke thema is kort beschreven wat de autonome ontwikkeling is; de ontwikkeling die het gebied doormaakt als de dijkversterking en de koppelkansen niet doorgaan. De effecten van het fietspad zijn bepaald ten opzichte van de effecten van een beheerstrook waarop geen fietspad is aangebracht. De effecten van het ruimtebeslag komen dus ‘ten laste’ van de beheerstrook. Op enkele locaties leidt het fietspad tot extra ruimtebeslag ten opzichte van de beheerstrook. Dit is het geval op de locaties waar het fietspad een bocht moet maken om de teen van op/afritten tussen dijk en uiterwaard. Hier ligt voor het vervolg een ontwerpopgave, omdat hier rekening moet worden gehouden met het sparen van de bestaande natuurwaarden. Aan het einde van dit hoofdstuk is een overzicht opgenomen van de beoordeling van alle milieueffecten.
3.2
Techniek - Kenmerken versterking
3.2.1
Beheerbaarheid De beheerbaarheid van de dijk wordt negatief beïnvloed door variant 1 van het fietspad. In deze variant ontstaat een doorsnijding van het grastalud van de dijk wat maaien bemoeilijkt. Dit geldt ook, maar in mindere mate, voor de subvariant. Dit geldt niet voor variant 2, deze variant beïnvloedt de beheerbaarheid van de dijk niet. Andersom moet het fietspad mogelijk worden afgesloten tijdens maaiwerkzaamheden en tijdens inspecties. Het beheer van het fietspad is de verantwoordelijkheid van de gemeente. Er is geen verschil tussen beide varianten in dat opzicht.
3.2.2
Uitbreidbaarheid Het fietspad heeft geen wezenlijke invloed op de uitbreidbaarheid van de dijk. Mogelijk moet het fietspad wel worden ontmanteld bij uitbreidingswerkzaamheden van de dijk.
3.2.3
Uitvoerbaarheid Beide varianten van het fietspad maken de uitvoerbaarheid van de dijkversterking niet onmogelijk.
3.3 3.3.1
Techniek - Energie en materialen/ duurzaamheid Grondverzet schone en verontreinigde grond Omdat alleen schone grond wordt aangevoerd en geen grond hoeft te worden afgegraven heeft geen van de varianten effect op de bodemkwaliteit en scoren alle varianten neutraal.
Variantennota koppelkans 5 - Vrijliggend fietspad tussen Wijk bij Duurstede en Gravenbol 29-4-2022
13 van 35
3.3.2
Broeikasgasemissies De broeikasgasemissies zijn gekoppeld aan de hoeveelheid grondverzet en de werkzaamheden zelf. Op dit moment onderzoekt het project de mogelijkheden van inzet van emissieloos materieel, voor de beoordeling wordt uitgegaan van een scenario waarbij dit niet mogelijk is. Ten opzichte van alleen een beheerstrook is voor variant 2 extra grondverzet nodig voor de bochten die moeten worden gemaakt om de op/afritten te passeren. Voor variant 1 is meer grondverzet nodig dan voor variant 2 vanwege de hogere ligging boven het dijklichaam. Variant 1 zorgt daarom voor meer uitstoot van broeikasgassen dan variant 2 en de subvariant.
3.3.3
3.4 3.4.1
Circulariteit Voor de realisatie van het fietspad is, naast grond, ook verhardingsmateriaal nodig. Het gaat om funderingsmateriaal voor het cunet en asfalt. Voor de realisatie van het cunet kan materiaal worden hergebruikt. Het recyclen van asfalt is echter lastig. Beide varianten scoren daarom licht negatief. Natuur Natura 2000 Het buitendijkse gebied tussen Wijk bij Duurstede en Amerongen is onderdeel van Natura 2000-gebied Rijntakken, deelgebied Uiterwaarden Neder-Rijn. Van dit deelgebied is het gedeelte tussen Wijk bij Duurstede en Amerongen geheel aangewezen onder de Vogelrichtlijn (VR) en deels ook onder de Habitatrichtlijn (HR). Ter hoogte van het beoogde fietspad betreft het enkel Vogelrichtlijngebied. De begrenzing hiervan ligt langs de teen van de dijk. Het fietspad valt hiermee grotendeels binnen Vogelrichtlijngebied, maar niet noodzakelijkerwijs binnen geschikte leefgebieden. De huidige ecologische toestand en waarde van het Vogelrichtlijngebied is nader beschreven in het Achtergrondrapport Natuur1. Uitgangspunt voor het fietspad is een ligging binnen de contouren van de beheerstrook. De beheerstrook loopt direct onder aan de dijk. De effecten van het ruimtebeslag van de beheerstrook zijn beschreven in de variantennota voor de koppelkans ‘Taludherstel en beheerstrook’. Op enkele locaties is voor het fietspad extra grondwerk nodig ten opzichte van de beheerstrook.
Het fietspad inclusief grondlichaam komt daarmee buiten de contouren van de beheerstrook. Hier ligt bij uitwerking de opgave om de daar liggende natuurwaarde te sparen. Buiten de beheerstrook met fietspad is een werkstrook nodig die gebruikt wordt bij aanleg van de beheerstrook. De breedte van deze werkstrook is ca. 4,5 meter. Op locaties waar dit een knelpunt kan zijn met bestaande natuurwaarden kan hier een andere oplossing worden gekozen waardoor -over beperkte lengten van de beheerstrook- geen werkstrook nodig is.
1 Deze rapportage is nog in bewerking.
Variantennota koppelkans 5 - Vrijliggend fietspad tussen Wijk bij Duurstede en Gravenbol 29-4-2022
14 van 35
Gebruiksfase / permanente effecten De effectscore van het gebruik van het fietspad op Natura 2000 is licht negatief (-). Habitattypen Het fietspad ligt niet in of nabij Habitatrichtlijngebied, er treden dan ook geen effecten op op habitattypen (effectscore 0). Habitatsoorten Er is leefgebied van de habitatsoort kamsalamander aanwezig in de directe omgeving van het te realiseren fietspad. De rietputten die direct aan de dijk grenzen vormen voortplantingswater. Ander leefgebied (landhabitat) wordt gevormd door bosjes en houtsingels. Hoewel het hier geen Habitatrichtlijngebied betreft, geeft het beheerplan Rijntakken2 aan dat behoud en versterking van leefgebieden van kamsalamander buiten Habitatrichtlijngebied van belang is voor een goede instandhouding van de soort. De instandhoudingsdoelstelling voor leefgebied is uitbreiding/verbetering. Er zal geen ruimtebeslag optreden op deze rietputten of ander leefgebied als gevolg van het fietspad (effectscore 0). Broedvogels Van de broedvogelsoorten met instandhoudingsdoelen in Rijntakken ligt er geschikt en bezet leefgebied van blauwborst en dodaars nabij het tracé van het fietspad. Dit zijn de rietputten en andere natte riet- en wilgenzones direct onder aan de dijk, globaal tussen dijkpaal 54 en 64. De huidige aantallen van beide soorten binnen Rijntakken voldoen momenteel aan de instandhoudingsdoelen.
Verstoring van broedvogels kan optreden bij zowel de aanleg van het fietspad als bij gebruik van het fietspad. Effecten treden uitsluitend op in het voortplantingsseizoen, dat voor de genoemde soorten ongeveer loopt van maart t/m augustus. Als wordt uitgegaan van gelijkblijvend fietsverkeer in de nieuwe situatie ten opzichte van het huidige gebruik van de weg zal de verstoringscontour ca 20 meter verder het buitendijkse gebied inschuiven. . Vanwege het huidige verkeer zullen vogels al enige afstand houden tot de weg. Direct langs de weg is echter geen geschikt broedgebied, de huidige moeraszone met struwelen is het meest nabijgelegen geschikte broedgebied voor broedvogels met instandhoudingsdoelen. Dit wordt daadwerkelijk door de vogels gebruikt, ook al ligt het vrij dicht langs de weg. Blauwborst lijkt een weinig verstoringsgevoelige soort, en in terreinen met voldoende dekking wordt de verstoringsafstand verder beperkt. Ook voor dodaars is beschreven dat de verstoringsgevoeligheid matig is, en dat in gebieden met recreatie soms nabijheid van mensen wordt getolereerd. Bij het dichterbij komen van de verstoringsbron wordt verwacht dat de blauwborst mogelijk binnen de struweelzone meer afstand houdt tot het fietspad, maar dat het nog wel gebruikt zal worden als broedgebied.
Dit geldt ook voor dodaars, waarbij de vegetatie rond het water in het broedseizoen veel dekking biedt en een buffer vormt tussen verstoringsbron en het leefgebied (de directe oeverzone van het water). Het gedrag van fietsers is voorspelbaar en gaat met weinig geluid gepaard. Derhalve zijn fietsers geen grote verstoringsbron. Daarbij vinden de vogels dekking in de vegetatie. Wanneer wandelaars, al dan niet met honden, ook gebruik gaan maken van het fietspad, is de
2 Provincie Gelderland, 2018. Beheerplan Natura 2000 Rijntakken (038). Provincie Gelderland (Arnhem).
Variantennota koppelkans 5 - Vrijliggend fietspad tussen Wijk bij Duurstede en Gravenbol 29-4-2022
15 van 35
verwachte verstoring groter dan bij uitsluitend fietsers. De verstorende effecten hiervan zijn groter door hun onvoorspelbaarheid, langere aanwezigheid en aanwezigheid van honden. Watersnip is een N2000-broedvogel met instandhoudingsdoelstelling van 17 broedpaar in heel Rijntakken, met in huidige situatie 5 broedparen. In de Amerongse Bovenpolder zijn elk jaar 0-2 broedparen aanwezig. Van Lunenburgerwaard zijn geen broedgevallen bekend, dit gebied (met de hele Sandenburgerwaard, Sovon-Telgebied 5729 Gravenbol-Oost) wordt wel jaarlijks geteld door de locatie vogelwerkgroep. Wel zijn losse waarnemingen bekend (NDFF). Hoogste aantallen zijn gemeld in maart en april, dat zijn waarschijnlijk doortrekkende vogels zijn die hier foerageren. Het geschikte broedbiotoop (natte graslanden, hooilanden, moerasgebieden) is hier maar beperkt aanwezig. De hoge rietkraag in en rond de kleiputten is geen geschikt leefgebied. Als ze hier zitten zal het de randzone zijn aan de zuidzijde, op afstand van de weg, gezien de verstoring die hier van uitgaat. Er ligt overigens wel zoekgebied voor leefgebied in dit deel van de Lunenburgerwaard: ZGLg11 Kamgrasweide & Bloemrijk weidevogelgrasland (zie kaartje). Mocht de soort hier toch ergens gaan broeden zullen de natte, open delen rond het water foerageergebied vormen. Samengevat is de effectscore voor broedvogels licht negatief (-).
Niet-broedvogels De Lunenburgerwaard ter hoogte van het beoogde fietspad vormt leefgebied voor verschillende niet-broedvogels. Het gaat dan met name om rust- en foerageergebied voor diverse winter- en trekvogels. Dit zijn vooral diverse ganzen- en eendensoorten en enkele steltlopers. De graspercelen zijn vooral potentieel geschikt als foerageergebied voor grazende soorten, met name kolgans, brandgans, grauwe gans, taigarietgans en smient, en andere soorten die op het land foerageren, te weten kievit, kemphaan, grutto, wulp en tureluur. De soorten die foerageren in meer natte gebieden en oevervegetaties, slikkige oeverzones en waterranden zijn met name verschillende eendensoorten als kuifeend en krakeend en ook de steltlopers grutto, kievit, kemphaan, wulp en tureluur. Deze worden relatief veel waargenomen rond de recente natuurontwikkelingsgebieden in het oostelijk deel van de Lunenburgerwaard en de oevers van de nevengeul van de Rijn en de Gravenbol. Aanleg en gebruik van het fietspad zorgen voor een kleine verschuiving van de verstoringscontour langs de Lunenburgerwaard. Dit betekent een beperkte afname van de oppervlakte beschikbaar foerageergebied. In de huidige situatie houden de vogels al een bepaald afstand aan tot verstoringsbronnen zoals wegen en opgaande structuren als bos en gebouwen.
Uitgaande van een verstoringscontour van 100 meter rond wegen en bosjes in de huidige situatie resulteert een verschuiving van het fietsverkeer in een afname van beschikbaarheid van 2,8 hectare grasland als foerageergebied. Hiervan is ruim de helft (1,45 ha) productiegrasland, het overige deel is natuurlijk grasland. Juist het productiegrasland is relevant als foerageergebied voor grasetende ganzen. De berekende afname van 1,45 ha is marginaal ten opzichte van de hoeveelheid als foerageergebied beschikbaar grasland in Uiterwaarden Neder-Rijn. In de praktijk blijkt de verstoringscontour vaak kleiner en laten grasetende ganzen zich graag leiden door de aanwezigheid van eiwitrijk grasland. Zo is binnen Rijntakken (waaronder dijkvakken Kolland en Sluis Amerongen) regelmatig waargenomen dat grote groepen ganzen veel dichter langs de weg foerageren op geschikte graslanden. Ook vormt de struweelzone tussen fietspad en graslanden een beperkte
Variantennota koppelkans 5 - Vrijliggend fietspad tussen Wijk bij Duurstede en Gravenbol 29-4-2022
16 van 35
verstoringsbuffer tussen de weg en de foerageergebieden, die de verstoring verder kan beperken. Enkel voor soorten waarvan de instandhoudingsdoelen niet worden gehaald en het areaal foerageer-, slaap- of rustgebied beperkt is kan extra verstoring het behalen van deze doelen verder bemoeilijken. Dit zijn smient, toendrarietgans, kleine zwaan en wilde zwaan. Van deze soorten is enkel smient in relevante aantallen aanwezig in het uiterwaardengebied tussen Wijk bij Duurstede en Amerongen. Op basis van waarnemingen in de NDFF verblijven smienten binnen de Lunenburgerwaard vooral in het gebied van de nevengeul van de Rijn en de Gravenbol en niet op de graslanden waarop het fietspad een verstorend effect heeft. Van kolgans liggen de aantallen iets boven de instandhoudingsdoelstelling. Het westelijk deel van de Lunenburgerwaard telt nauwelijks winterganzen en -eenden, in het oostelijk deel ligt een perceel dat is aangewezen als een van de kerngebieden3 voor grauwe gans, kolgans en brandgans. Op basis van NDFF-gegevens blijkt dat in dit deel van het gebied vooral brandgans in aanzienlijke aantallen voorkomt, grauwe gans en kolgans in mindere mate. Bij afname van het beschikbare foerageergebied in de Lunenburgerwaard kunnen de vogels echter verschuiven naar andere delen van het uiterwaardengebied.
Samengevat is de effectscore voor niet-broedvogels licht negatief (-), omdat de beschikbaarheid van geschikt foerageergrasland slechts marginaal afneemt, de verstoringscontour ruim is genomen en de aantallen in het gebied al beperkt zijn. Aanlegfase / tijdelijke effecten De effectscore van aanleg van het fietspad op Natura 2000 is licht negatief(-) tot neutraal (0).. Habitattypen en habitatsoorten Aanlegwerkzaamheden hebben geen effect (0) op habitatsoorten en habitattypen. Broedvogels De moeraszone met struwelen vormen geschikt broedgebied voor broedvogels met instandhoudingsdoelen, waaronder blauwborst en dodaars. De hier broedende vogels kunnen bij aanlegwerkzaamheden verstoord worden. Dit is te mitigeren door bijvoorbeeld buiten de broedperiode te werken of bij uitvoering binnen het broedseizoen geen werkzaamheden uit te voeren binnen de verstoringsafstand van daadwerkelijke nestlocaties. De effectscore is licht negatief (-), bij afdoende mitigatie neutraal (0). Niet-broedvogels Aanlegwerkzaamheden kunnen foeragerende niet-broedvogels verstoren. Hierdoor zullen deze zich op grotere afstand van de dijk op gaan houden, wat een vermindering van beschikbaar foerageergebied betekent. Afhankelijk van het in te zetten materieel, de duur van de werkzaamheden en de op dat moment aanwezige ganzen kan de verstoring aanzienlijk zijn.
Dit is te mitigeren door buiten de periode te werken waarin de grootste aantallen niet-broedvogels van het gebied afhankelijk zijn of door gebieden met op dat moment hoge aantallen vogels te mijden. De effectscore is licht negatief (-), bij afdoende mitigatie neutraal (0).
3 alle kerngebieden samen huisvesten -afhankelijk van de soort- 74-90% van het aantal foeragerende
ganzen in het gehele Natura 2000-gebied. Variantennota koppelkans 5 - Vrijliggend fietspad tussen Wijk bij Duurstede en Gravenbol 29-4-2022
17 van 35
Samenvatting Effectbeoordeling Natura 2000 subcriteria Natura 2000 Habitattypen Habitatsoorten Broedvogels niet-broedvogels Samenvattend2
3.4.2
aanlegfase1 0 0 -/0 -/0 -/0
gebruiksfase 0 0 -
1
score zonder en met uitvoeren van afdoende mitigerende maatregelen.
2
samenvattend eindoordeel betreft de meest negatieve score van de betreffende fase.
NNN- en overige gebieden Gebruiksfase / permanente effecten Natuurnetwerk Nederland Gebruik van het fietspad scoort zeer negatief (- -) op het aspect NNN, er van uitgaande dat de vigerende bestemmingen moeten worden gewijzigd. Het het dijktalud en het aangrenzend buitendijks gebied betreft NNN-gebied, dat grotendeels overlapt met het Natura 2000gebied. Volgens de regels van de provinciale verordening vindt er aantasting plaats als de huidige bestemming (nu agrarisch of natuur) wordt gewijzigd in een nieuwe bestemming die niet langer te verenigen is met de aanwijzing als Natuurnetwerk Nederland. Mogelijk moet de bestemming worden gewijzigd om het fietspad te kunnen realiseren. In dat geval is sprake van ruimtebeslag op NNN-gebied, omdat het tracé van het fietspad geheel binnen NNNgebied ligt. De onderstaande analyse gaat daarvan uit. Aantasting van wezenlijke kenmerken en waarden treedt mogelijk op op de aspecten ‘bestaande en potentiële waarden van het ecosysteem’ en ‘aanwezigheid van bijzondere soorten’. Ruimtebeslag betreft circa 2,6 ha op natuurbeheertype N12.02 Kruiden- en faunarijk grasland en 0,09 ha N04.02 Zoete plas. Daarnaast is er mogelijk aantasting van bestaande waarden doordat er mogelijk plantensoorten van de Rode Lijst op het dijktalud aanwezig zijn, en broedvogels van de Rode Lijst in de struwelen of graslanden broeden.
Deze kunnen bij aanleg en gebruik van het fietspad worden verstoord en hun leefgebied kan afnemen door toegenomen permanente verstoring. Dit NNN-gebied is eveneens aangewezen als ganzenrustgebied. Er is sprake van ruimtebeslag van het fietspad op ganzenrustgebied. Zie ook de beschrijving van het effect op niet-broedvogels bij het aspect Natura 2000. De graslanden, die tot aan de dijk liggen, zijn onderdeel van het foerageergebied van ganzen. De relevante soorten zijn dezelfde als waarvoor Natura 2000-instandhoudingsdoelen gelden. Gezien het verstorend effect dat uitgaat van de bestaande weg neemt de geschiktheid als foerageergebied toe naarmate de afstand tot de weg groter is. Uitgaande van een verstoringscontour van 100 meter rond wegen en bosjes in de huidige situatie resulteert een verschuiving van het fietsverkeer in een afname van beschikbaarheid van 2,9 hectare grasland als foerageergebied. Met name door het ruimtebeslag op natuurbeheertypen binnen NNN scoort het fietspad zeer negatief (- -) op het aspect NNN. Daarnaast treedt ook enige afname op van beschikbaar ganzenfoerageergebied. Aanlegfase / tijdelijke effecten Natuurnetwerk Nederland De effectscore van aanleg van het fietspad is licht negatief (-) tot neutraal (0) voor het aspect NNN. Verstoring bij aanlegwerkzaamheden kan effecten hebben op kenmerkende soorten
Variantennota koppelkans 5 - Vrijliggend fietspad tussen Wijk bij Duurstede en Gravenbol 29-4-2022
18 van 35
die onderdeel vormen van de wezenlijke kenmerken en waarden van het NNN, evenals op aanwezige winterganzen in de ganzenrustgebieden. Effecten hierop zijn te mitigeren door een geschikte uitvoeringsperiode te kiezen en te werken met een werkprotocol om vermijdbare verstoring van soorten te voorkomen. De effectscore is licht negatief (-), bij afdoende mitigatie neutraal (0). Samenvatting Effectbeoordeling NNN
NNN 1
3.4.3
aanlegfase1 -/0
gebruiksfase --
score zonder en met uitvoeren van afdoende mitigerende maatregelen.
Beschermde soorten Gebruiksfase / permanente effecten De effectscore van gebruik van het fietspad is neutraal (0) voor het aspect beschermde soorten. Het voorkomen van enkele beschermde soorten is bekend uit de omgeving van het tracé van het fietspad, het buitendijkse deel van de Lunenburgerwaard en de binnendijks liggende erven. Het betreffen de soorten kamsalamander, das, ringslang, bever, boommarter, steenuil en huismus. De leefgebieden van de kamsalamander, ringslang, das, bever en boommarter worden door de aanleg van het fietspad niet aangetast. Deze liggen buiten de effectafstand van het fietspad, met uitzondering van leefgebied van de kamsalamander en das. Leefgebied van kamsalamander wordt gevormd door de aan het tracé van het fietspad grenzende rietputten (voortplantingswater) en omliggende bosjes en struwelen (overwinteringshabitat). Ringslang is hier niet aangetroffen, maar wel op grotere afstand van de dijk. Het is echter niet uit te sluiten dat ringslang ook voorkomt in de natte delen aan de voet van de dijk. Van de aanleg van een fietspad worden echter geen effecten verwacht op leefgebied van de ringslang en kamsalamander wanneer er geen ruimtebeslag is op deze natte zones.
Van de das zijn op twee plaatsen over de dijk ter hoogte van de Lunenburgerwaard wissels bekend die dassen gebruiken bij hun verplaatsingen tussen de burcht in het bosgebied ten zuiden van de dijk naar de binnendijkse gebieden. Deze oversteek naar de andere zijde van de dijk zal iets breder worden door de aanleg van het fietspad. Dit zal geen effect hebben op het gebruik van de wissel. Daarbij zijn de dassen voornamelijk tussen zonsondergang en zonsopkomst actief, waardoor er weinig overlap is met de periode van gebruik van het fietspad. Het bosgebied rond de steenfabriek in de Lunenburgerwaard, met daarbij de putten, is leefgebied van bever. In wateren nabij de dijk, binnen effectafstand van het fietspad, kunnen bevers aanwezig zijn. Het vormt geen essentieel onderdeel van hun leefgebied. Burchten of belangrijke foerageergebieden liggen elders. Aantasting van essentieel leefgebied van de bever is niet aan de orde. Ook voor de boommarter vormt het gebied binnen de effectafstand van het fietspad geen essentieel onderdeel van hun leefgebied. Burchten, holen of belangrijke foerageergebieden van boommarter liggen elders. De steenuil is voornamelijk binnendijks waargenomen, nabij de woningen. Dit geldt ook voor huismus. Van beide soorten zijn de nesten jaarrond beschermd. De woningen vallen buiten de effectafstand van het fietspad.
Verder broeden reguliere broedvogels langs het hele fietspad, maar met name in de struwelen van de moeraszone in de ruigere graspercelen en ruigteranden worden ze
Variantennota koppelkans 5 - Vrijliggend fietspad tussen Wijk bij Duurstede en Gravenbol 29-4-2022
19 van 35
verwacht. Deze kunnen in de gebruiksfase worden verstoord.. De verstorende effecten hierop zijn echter beperkt, en leiden niet tot wezenlijke andere dichtheden of het verdwijnen van broedvogelsoorten uit het gebied. Aanlegfase / tijdelijke effecten De effectscore van aanleg van het fietspad is licht negatief (-) tot neutraal (0) voor het aspect beschermde soorten. De jaarrond beschermde nesten van huismus en steenuil zouden enige verstoring kunnen ondervinden van aanlegwerkzaamheden wanneer deze dicht bij de dijk plaatsvinden in de kwetsbare periode. Omdat dit overdag plaatsvindt, langs een weg waar het verkeer vooral overdag ook al voor enige verstoring zorgt, en de soorten gewend zijn aan aanwezigheid van mensen overdag, worden wezenlijke negatieve effecten bij aanleg niet verwacht. Daarnaast kunnen reguliere broedvogels, wanneer deze nabij het tracé van het fietspad broeden, gedurende de nestperiode worden verstoord bij aanlegwerkzaamheden.. Dit geldt met name voor de struwelen van de moeraszone en de ruigere graspercelen en ruigteranden. Verstoring in de aanlegfase is gemakkelijk te mitigeren door buiten het broedseizoen te werken. De effectscore is licht negatief (-), bij afdoende mitigatie neutraal (0).
Samenvatting Effectbeoordeling beschermde soorten
beschermde soorten 1
aanlegfase1 -/0
gebruiksfase 0
score zonder en met uitvoeren van afdoende mitigerende maatregelen.
Bomen en houtopstanden De effectscore van aanleg en gebruik van het fietspad op houtopstanden is neutraal (0). Voor de aanleg van het fietspad worden geen bomen gekapt. Samenvatting Effectbeoordeling bomen en houtopstanden
bomen en houtopstanden
aanlegfase 0
gebruiksfase 0
Extra natuurontwikkeling ten opzichte van autonome ontwikkeling De aanleg van het fietspad biedt geen extra mogelijkheden voor natuurontwikkeling (effectscore neutraal). Het fietspad ligt op de beheerstrook, er komt geen extra ruimte, bijvoorbeeld in de vorm van nieuwe taluds, waar natuur op ontwikkeld kan worden. Samenvatting Effectbeoordeling Extra natuurontwikkeling ten opzichte van autonome ontwikkeling
Extra natuurontwikkeling
3.5
aanlegfase n.v.t.
gebruiksfase 0
Watersystemen Grondwatersysteem Bij geen van de varianten zijn er effecten op grondwatersysteem. Oppervlaktewatersysteem Variantennota koppelkans 5 - Vrijliggend fietspad tussen Wijk bij Duurstede en Gravenbol 29-4-2022
20 van 35
Bij variant 2 en de subvariant is het aandachtspunt het voorkomen van demping van bestaande wateren langs de teen van de dijk. Dit is een ontwerpopgave voor de beheerstrook en voor de ‘bochten’, die in het fietspad moeten worden gemaakt rond de op/afritten naar de uiterwaard. Vooralsnog scoren alle varianten neutraal. Riviersysteem Variant 1 heeft mogelijk een marginaal rivierkundig effect, passend binnen de effectrange die in het kader van de verkenning is berekend. Variant 2 en de subvariant hebben geen rivierkundig effect. KRW-relevant areaal Geen van de varianten doorsnijdt KRW-relevant areaal. 3.6
Cultuurhistorische en aardkundige waarden Archeologische waarden Voor variant 1 is het uitgangspunt dat deze wordt gerealiseerd op de dan al aangelegde beheerstrook. Omdat hiervoor niet in de grond geroerd hoeft te worden, scoort deze variant neutraal (0). Bij variant 2 en de subvariant wordt de fundering van het fietspad ingekast in de bestaande buitenbekleding van de dijk. Omdat de grond hier - zeker tot een meter diep reeds verstoord is door de dijkversterking eind jaren 90, heeft dit geen gevolgen voor archeologische waarden. Ook deze varianten scoren neutraal (0). Voor de aanlegwerkzaamheden hoeft niet extra in de grond te worden geroerd. Gebouwde monumenten Geen van de varianten heeft effecten op gebouwde monumenten. Beschermde stads/dorpsgezichten, buitenplaatsen, NHW Geen van de varianten heeft effecten op deze waarden. Aardkundige waarden De varianten hebben geen effect op aardkundige waarden. Leesbaarheid cultuurhistorische waarden Beide varianten hebben ruimtebeslag op oudhoevig land. Bij het kruisen van op/afritten en bij aansluitingen op de weg op de dijk is sprake van extra ruimtebeslag door het fietspad. Dit ruimtebeslag is voor variant 1 zeer beperkt, deze variant scoort neutraal. Variant 2 en de subvariant scoren licht negatief, omdat deze laag op het maaiveld liggen en grotere uitbochtingen met meer ruimtebeslag nodig zijn.
Beide varianten hebben ook invloed op het kruisende smalspoortracé. Hier ligt een ontwerpopgave voor het vervolg.
3.7
Dijktracé en inpassing Schaal en continuïteit profiel Het nieuwe fietspad langs de dijk heeft een lengte van enkele kilometers; daardoor ontstaat over een grote lengte een continu profiel. De subvariant scoort in dit opzicht negatief vanwege de onderbreking van de continuïteit met twee op-/afritten om het agrarische perceel te omgaan. Hier ligt ook een ontwerpopgave om deze op-/afritten goed in te passen. Herkenbaarheid hoofdvorm van de dijk
Variantennota koppelkans 5 - Vrijliggend fietspad tussen Wijk bij Duurstede en Gravenbol 29-4-2022
21 van 35
Bij variant 1 doet de brede en hoge berm afbreuk aan de kenmerkende hoofdvorm van de dijk. Ook de brede grondlichamen rondom de haakse afritten hebben een negatief effect op de hoofdvorm van de dijk. De lage berm bij variant 2 en de subvariant past beter bij kenmerkende hoofdvorm van de Lekdijk. Echter, ook bij variant 2 verstoren de bochten van het fietspad rond de op/afritten de hoofdvorm van de dijk enigszins, dit levert een licht negatief effect. Aansluiting bij landschappelijke structuren Bij beide varianten tast de aanleg van het fietspad het ongerepte beeld van de uiterwaarden vanaf de dijk aan. In de huidige situatie is er een vloeiende overgang van het groene talud naar de graslanden en de kleiputten in de uiterwaard. Bij beide varianten wordt die geleidelijke overgang onderbroken door het fietspad, de varianten scoren licht negatief. 3.8
Wonen, werken en landbouw Ruimtebeslag op tuinen, bedrijfspercelen en agrarische percelen Het uitgangspunt is dat het fietspad wordt aangelegd op de beheerstrook. Alleen de bochten ter plaatse van de op- en afritten leggen extra ruimtebeslag op agrarische percelen. Dit is vooralsnog beperkt, de varianten scoren daarom neutraal (0). Waterover-/ onderlast woningen en bedrijfsgebouwen Het aanleg en het gebruik van het fietspad veroorzaakt geen water over- en onderlast op woningen en bedrijfsgebouwen. Vernatting en verdroging agrarische percelen Er treedt geen vernatting of verdroging van agrarische percelen op. Geluid-, en trillingshinder tijdens aanlegwerkzaamheden De werkzaamheden vinden buitendijks plaats, op behoorlijke afstand van bebouwing. Wel is er voor de aanleg van alle varianten materiaal nodig, dat met vrachtwagens over de dijk wordt aangevoerd. Omdat het benodigde materiaal beperkt is ten opzichte van het grondverzet voor de realisatie van de dijkversterking, scoren alle varianten neutraal (0).
3.9
Recreatie en verkeer Effect op recreatieve routes Het fietspad vormt een aanvulling op het bestaande recreatieve netwerk, maar heeft er niet direct invloed op. Daarom wordt hier een neutrale score toegekend. Zie ook het criterium Versterking recreatieve mogelijkheden. Effect op horeca en verblijfsfuncties Er zijn geen effecten op horeca en verblijfsfuncties. Verkeersveiligheid Beide varianten hebben een positief effect op verkeersveiligheid. Variant 2 is ten opzichte van variant 1 iets veiliger doordat het hoogteverschil naast het fietspad kleiner is, maar het verschil is beperkt. De subvariant heeft een significant minder positief effect dan variant 1 en 2. Fietsverkeer vanuit het oosten moet ter hoogte van de aansluiting van het fietspad op de dijkweg (dp69 en dp75) de rijbaan twee keer kruisen; dit leidt tot verkeersonveilige situaties. Daarnaast bestaat de kans dat de fietsers hierdoor op de rijbaan blijven fietsen (in plaats van nogmaals over te steken naar het vrijliggend fietspad), waardoor het positieve effect op de Variantennota koppelkans 5 - Vrijliggend fietspad tussen Wijk bij Duurstede en Gravenbol 29-4-2022
22 van 35
verkeersveiligheid verder vermindert. Verder deelt het fietsverkeer tussen dp 69 en 75 de rijbaan met het overige verkeer, waardoor het ter plekke een negatief effect is omdat het verkeersbeeld ander is dan op de rest van het tracé. Dit is onduidelijk. Beide hoofdvarianten zijn daarom verkeersveiliger. Overigens zal het fietspad ook door wandelaars worden gebruikt; fietsers en wandelaars zullen dus op elkaar moeten blijven letten. Bereikbaarheid/ verkeersafwikkeling De doorstroming en verkeersafwikkeling verbetert bij variant 1 en 2, omdat het fietspad vrij ligt ten opzichte van de rijbaan voor het gemotoriseerd verkeer. Er zullen minder auto’s achter fietsers blijven hangen die wachten op een inhaalmogelijkheid. Op de plekken waar het fietspad vrij ligt is dit ook het geval bij de subvariant. In de subvariant moeten echter de fietsers de rijbaan op; fietsers vanuit het oosten moet daarvoor tweemaal oversteken. De oversteekbewegingen zorgen juist voor een verslechtering in de verkeersafwikkeling en doorstroming. In de realisatiefase hebben varianten 1 en 2 geen effect op de verkeersveiligheid en doorstroming. Het fietspad kan in het vrije veld gerealiseerd worden waardoor het huidige verkeer minimaal gehinderd wordt. Bij de subvariant moet voor de realisatie ter hoogte van de aansluitingen de weg in zijn geheel of gedeeltelijk afgesloten worden.
De weggebruiker ondervindt hierdoor hinder. De subvariant wordt daardoor licht negatief beoordeeld. Versterking recreatieve mogelijkheden Beide varianten hebben, uiteraard, een positief effect op recreatieve mogelijkheden. Door het fietspad kunnen fietsers én wandelaars over een grote lengte de drukke dijk vermijden. Doorgaande fietsers of wandelaars richting of vanuit Amerongen moeten hun weg vervolgen over de dijk. Het LAW Trekvogelpad (ter hoogte van Kolland) wordt beter bereikbaar voor wandelaars vanuit Wijk bij Duurstede omdat zij voor een deel van de route daarnaartoe gebruik kunnen maken van het nieuwe fietspad. Recreanten uit Wijk bij Duurstede die naar de Gravenbol willen hoeven de dijkweg niet meer te gebruiken, behalve wanneer wordt gekozen voor de subvariant. De recreatieve waarde van die subvariant is daarom wat minder dan van beide hoofdvarianten. Dit geldt met name voor fietsers, die daarbij ook een helling op moeten fietsen. Overigens is de Gravenbol is een gebied dat veel wordt gebruikt door mensen die hier hun hond komen uitlaten, omdat loslopende honden hier zijn toegestaan. Deze recreanten zullen naar verwachting vooral met de auto blijven komen. Het is mogelijk dat de provincie Utrecht in de vergunning (ingevolge de Wet natuurbescherming) beperkingen zal opnemen aan het gebruik van het fietspad.
Bijvoorbeeld dat het fietspad in bepaalde perioden niet mag worden gebruikt in verband met rustende of broedende vogels. Als dat inderdaad gebeurt, vermindert dat uiteraard de recreatieve waarde van het fietspad.
3.10 Overzicht van de effecten In de onderstaande tabellen zijn de effecten in de gebruiksfase en de aanlegfase samengevat.
Variantennota koppelkans 5 - Vrijliggend fietspad tussen Wijk bij Duurstede en Gravenbol 29-4-2022
23 van 35
.11 Overzicht van de milieueffecten Gebruiksfase Fase
Gebruiksfase
Varianten Doelen/A specten Techniek
Fietspad met fundering op het dijklichaam
Criteria Kenmerken versterking
Energie en materialen / Duurzaamheid
Subcriteria Beheerbaarheid
Motivatie
V1
Subvariant Fietspad laag op maaiveld incl. fietspad terugleiden naar kruin dp 69-75
Fietspad laag op maaiveld
Motivatie
V2
Motivatie
V2a
--
0
-
Uitbreidbaarheid
0
0
0
Uitvoerbaarheid
0
0
0
Grondverzet schone en verontreinigde grond Broeikasgasemissie Circulariteit Motivatie
Natuur
Natura2000 gebieden
verstoring broedvogels, verstoring niet-broedvogels (waardoor afname foerageergebied)
NNN- en overige gebieden
Ruimtebeslag op beheertypen. Verstoring ganzenrustgebied door opgeschoven verstoringcontour. Verstoring broedvogels van Rode Lijst.
Beschermde soorten
geen verstoring beschermde soorten en geen wezenlijke verstoring reguliere broedvogels
Bomen en houtopstanden Extra natuurontwikkel ing ten opzichte van autonome ontwikkeling
er worden geen bomen gekapt
-
--
0
0
verstoring broedvogels, verstoring niet-broedvogels (waardoor afname foerageergebied) Ruimtebeslag op beheertypen. Verstoring ganzenrustgebied door opgeschoven verstoringcontour. Verstoring broedvogels van Rode Lijst. geen verstoring beschermde soorten en geen wezenlijke verstoring reguliere broedvogels er worden geen bomen gekapt
-
--
0
0
verstoring broedvogels, verstoring niet-broedvogels (waardoor afname foerageergebied) Ruimtebeslag op beheertypen. Verstoring ganzenrustgebied door opgeschoven verstoringcontour. Verstoring broedvogels van Rode Lijst. geen verstoring beschermde soorten en geen wezenlijke verstoring reguliere broedvogels er worden geen bomen gekapt
-
--
0
0
0
0
0
0
0
0
Motivatie Watersys teem
Grondwatersyst eem
Variantennota koppelkans 5 - Vrijliggend fietspad tussen Wijk bij Duurstede en Gravenbol 29-4-2022
24 van 35
Fase
Gebruiksfase
Varianten Doelen/A specten
Fietspad met fundering op het dijklichaam
Criteria Oppervlaktewat ersysteem Riviersysteem KRW-relevant areaal
Subcriteria
Motivatie
V1
Subvariant Fietspad laag op maaiveld incl. fietspad terugleiden naar kruin dp 69-75
Fietspad laag op maaiveld
Motivatie
V2
Motivatie
V2a
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
Motivatie Cultuurhi storische en aardkundi ge waarden
Archeologische waarden Gebouwde monumenten Beschermde stads/dorpsgezi chten, buitenplaatsen, NHW Aardkundige waarden Leesbaarheid cultuurhistorisc he waarden
0
Doorsnijding oudhoevig land
-
Doorsnijding oudhoevig land
-
Motivatie Dijktracé en inpassing
Schaal en continuïteit profiel Herkenbaarhei d hoofdvorm van de dijk Aansluiting bij landschappelijk e structuren
discontinuïteit door op- afrit 0 Brede en hoge berm doen afbreuk aan de hoofdvorm van de dijk
Het fietspad tast het ongerepte beeld van de uiterwaarden vanaf dijk aan
--
-
0 De bochten ter plaatse van de op- en afritten verstoren de hoofdvorm Het fietspad tast het ongerepte beeld van de uiterwaarden vanaf dijk aan
-
-
-De bochten ter plaatse van de op- en afritten verstoren de hoofdvorm Het fietspad tast het ongerepte beeld van de uiterwaarden vanaf dijk aan
-
-
Motivatie Wonen, werken en landbouw
Ruimtebeslag op tuinen, bedrijfspercelen en agrarische percelen Waterover-/ onderlast woningen en bedrijfsgebouw en Vernatting en verdroging
Variantennota koppelkans 5 - Vrijliggend fietspad tussen Wijk bij Duurstede en Gravenbol 29-4-2022
0
0
0
0
0
0
0
0
0
25 van 35
Fase
Gebruiksfase
Varianten Doelen/A specten
Fietspad met fundering op het dijklichaam
Criteria agrarische percelen
Subcriteria
Motivatie
V1
Subvariant Fietspad laag op maaiveld incl. fietspad terugleiden naar kruin dp 69-75
Fietspad laag op maaiveld
Motivatie
V2
Motivatie
V2a
Geluid- en trillingshinder tijdens aanlegwerkzaa mheden Motivatie Recreatie en verkeer
Effect op recreatieve mogelijkheden en routes Effect op horeca en verblijfsfuncties Verkeersveiligh eid
geen effect op bestaande routes 0 geen effect op horeca en verblijfsfuncties
0
positief effect door scheiding verkeersstromen
geen effect op bestaande routes
geen effect op horeca en verblijfsfuncties
Vrijliggend fietspad verbetert de verkeersafwikkeling en doorstroming.
Versterking recreatieve mogelijkheden
Zeer positief effect, omdat fietsers de drukte op de dijk kunnen vermijden en het LAW Trekvogelpad beter bereikbaar wordt.
+
++
++
Vrijliggend fietspad verbetert de verkeersafwikkeling en doorstroming. Zeer positief effect, omdat fietsers de drukte op de dijk kunnen vermijden en het LAW Trekvogelpad beter bereikbaar wordt.
Motivatie
Variantennota koppelkans 5 - Vrijliggend fietspad tussen Wijk bij Duurstede en Gravenbol 29-4-2022
0
positief effect door scheiding verkeersstromen ++
Bereikbaarheid / verkeersafwikk eling
0
26 van 35
+
++
geen effect op bestaande routes
geen effect op horeca en verblijfsfuncties positieve effect van scheiding verkeersstromen wordt teniet gedaan door de aantakkingen op de dijk; hier wordt het juist verkeersonveiliger ter plaatse van de aantakkingen op de dijk wordt de situatie onoverzichtelijker Positief effect, omdat fietsers voor een gedeelte de drukte op de dijk kunnen vermijden en het LAW Trekvogelpad beter bereikbaar wordt.
0
0
-
-
+
Aanlegfase Fase
Aanlegfase
Varianten Doelen/A specten Techniek
Fietspad met fundering op het dijklichaam
Criteria Kenmerken versterking
Subcriteria Beheerbaarheid
Motivatie
V1
Subvariant Fietspad laag op maaiveld incl. fietspad terguleiden naar kruin dp 69-75
Fietspad laag op maaiveld
Motivatie
V2
Motivatie
V2a
Uitbreidbaarheid Uitvoerbaarheid Energie en materialen / Duurzaamheid
Grondverzet schone en verontreinigde grond Broeikasgasemissie
Circulariteit
0 Uitstoot als gevolg van grondverzet en werkzaamheden Asfalt is moeilijk te hergebruiken
-
0 Uitstoot als gevolg van grondverzet en werkzaamheden Asfalt is moeilijk te hergebruiken
--
0 Uitstoot als gevolg van grondverzet en werkzaamheden Asfalt is moeilijk te hergebruiken
--
Motivatie Natuur
Natura2000 gebieden
geen effect, mits de juiste mitigerende maatregelen worden getroffen
NNN- en overige gebieden
geen effect, mits de juiste mitigerende maatregelen worden getroffen
Beschermde soorten
geen effect, mits de juiste mitigerende maatregelen worden getroffen er worden geen bomen gekapt
Bomen en houtopstanden Extra natuurontwikkel ing ten opzichte van autonome ontwikkeling
0
0
0 0
geen effect, mits de juiste mitigerende maatregelen worden getroffen
geen effect, mits de juiste mitigerende maatregelen worden getroffen
geen effect, mits de juiste mitigerende maatregelen worden getroffen er worden geen bomen gekapt
geen effect, mits de juiste mitigerende maatregelen worden getroffen 0
0
geen effect, mits de juiste mitigerende maatregelen worden getroffen 0
0 0
0
geen effect, mits de juiste mitigerende maatregelen worden getroffen er worden geen bomen gekapt
0 0
0
0
0
0
0
0
Motivatie Watersys teem
Grondwatersyst eem Oppervlaktewat ersysteem Riviersysteem KRW-relevant areaal
Variantennota koppelkans 5 - Vrijliggend fietspad tussen Wijk bij Duurstede en Gravenbol 29-4-2022
27 van 35
Fase
Aanlegfase
Varianten
Fietspad met fundering op het dijklichaam
Subvariant Fietspad laag op maaiveld incl. fietspad terguleiden naar kruin dp 69-75
Fietspad laag op maaiveld
Motivatie Cultuurhi storische en aardkundi ge waarden
Archeologische waarden Gebouwde monumenten Beschermde stads/dorpsgezi chten, buitenplaatsen, NHW Aardkundige waarden Leesbaarheid cultuurhistorisc he waarden
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
Motivatie Dijktracé en inpassing
Schaal en continuïteit profiel Herkenbaarhei d hoofdvorm van de dijk Aansluiting bij landschappelijk e structuren Motivatie
Wonen, werken en landbouw
Ruimtebeslag op tuinen, bedrijfspercelen en agrarische percelen Waterover-/ onderlast woningen en bedrijfsgebouw en Vernatting en verdroging agrarische percelen Geluid- en trillingshinder tijdens aanlegwerkzaa mheden Motivatie
Variantennota koppelkans 5 - Vrijliggend fietspad tussen Wijk bij Duurstede en Gravenbol 29-4-2022
28 van 35
Fase
Aanlegfase
Varianten Recreatie en verkeer
Fietspad met fundering op het dijklichaam Effect op recreatieve mogelijkheden en routes Effect op horeca en verblijfsfuncties Verkeersveiligh eid
0
Bereikbaarheid / verkeersafwikk eling
Kan geheel buiten het verkeer gerealiseerd worden. Geen effect op de doorstroming en bereikbaarheid.
0
0
Kan geheel buiten het verkeer gerealiseerd worden. Geen effect op de doorstroming en bereikbaarheid.
Motivatie
Variantennota koppelkans 5 - Vrijliggend fietspad tussen Wijk bij Duurstede en Gravenbol 29-4-2022
Subvariant Fietspad laag op maaiveld incl. fietspad terguleiden naar kruin dp 69-75