Transcript gemeenteraad 10 februari 2022
Tekst van het document
De voorzitter: Mevrouw Vermeulen. Mevrouw Vermeulen Franssen: Dank u, voorzitter. Allereerst wil ik mijnheer Poels complimenteren met zijn vasthoudendheid in dit geval. Tiny houses. VVD is er voorstander van. De suggestie die gedaan wordt om ook middensegment woningen hierbij te betrekken, u zult wel begrijpen dat wij dat echt een must vinden. Daar is ook zeker behoefte aan en dat zorgt voor doorstroming. Verder hebben wij dezelfde vraag als mijnheer Zagt over de verkoop. Wij willen toch wel graag van het college horen welke stappen zijn genomen en als wij hiermee verdergaan of dat nog financiële consequenties heeft voor de gemeente in dat opzicht. In principe positief, maar we wachten nog even op de reactie van de wethouder. De voorzitter: Dan de heer Voigt. De heer Voigt: Ook wij vinden het een goed initiatief van de fractie PvdA-GroenLinks, voorzitter. Wat ons betreft kan dat overleg met de beide initiatiefnemers gaan plaatsvinden. Wij zijn benieuwd naar het resultaat. Ook wij maken even het voorbehoud dat het wel kan, dat de procedure tot verkoop al niet zover is dat dit geen zin heeft. Dat horen we nog even graag. De voorzitter: Wethouder De Kloet. Er is een vraag gesteld door de heer Torsing en ook een vraag door mevrouw Vermeulen en de heer Zagt. Kunt u die beantwoorden? De heer Kloet: Ja, in zekere zin. Er wordt hier een verzoek gedaan aan het college.
Met moties is het zo dat het college dan daarmee aan de slag gaat en kijken van, wat heeft het voor consequenties? Om nu al helemaal uit te gaan leggen of uitdijen, om het maar even op zijn goed Nederlands te zeggen, van wat betekent dat precies en wat kost dat en hoe zit het met de procedures, wel of niet, dat vind ik wat te ver gaan. Wat ik wel weet, is dat sinds uw besluit in april, dat is nog niet eens een jaar geleden, er wel een procedure is opgestart om bijvoorbeeld te onderzoeken hoe de grond er daar bijligt en of er nog verder onderzoek moet gedaan worden
als het gaat over de schone grond, zal ik maar zeggen. Of er nog vervuiling zit, of dat er nog buizen lopen. Dat soort zaken kosten tijd. Dat weet u allen. Bovendien weet u ook dat de afdeling heel erg druk is geweest met andere zaken. Dit is een van die zaken. Dat is wel in procedure gezet. Het enige dat, die discussie hebben we toen gevoerd over de verkoop Dennenlaan … Kijk, de invulling van het plangebied heeft consequenties voor de opbrengst van de grond. Als het honderd procent sociaal is, ik noem maar even wat, heeft het een andere grondopbrengst dan als het in de vrije sector wordt verkocht bijvoorbeeld. Dat heeft u toen niet besloten, dat weet ik ook wel, maar om maar even aan te geven, wat zijn de consequenties? De procedure is wel begonnen, wat dat betreft, voor die onderzoeken. Volgens mij, maar goed, misschien dat de heer Poels dan wat meer duidelijkheid kan geven, staat er dat de verkoop van de grond on hold wordt gezegd. Dat is, volgens mij, maar dat wordt een semantische discussie, u zegt niet dat hij moet stoppen, als ik het goed begrijp. Dat is wat anders. Die consequenties daar moeten we dan later op terugkomen. Daar gaan we naar kijken dan, mocht deze motie inderdaad het halen. Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Poels. De heer Poels: Voorzitter, de wethouder zegt het precies zoals hij het gezegd heeft.
Ik weet natuurlijk niet of de grond al in verkoop is genomen. Dat weet ik niet. Dat weet de wethouder waarschijnlijk wel. Waar het er nu om gaat is van, het gesprek heeft geen zin als ondertussen, dat geeft de heer Zagt en dat geven alle andere partijen natuurlijk ook aan, bezig is die grond verkocht te worden. We gaan ervan uit, in deze motie, mocht het college al zover zijn, maar nogmaals, dat weet ik niet, dat dat dan in ieder geval on hold wordt gezet. Dat er weer op wordt teruggekomen op het moment dat het gesprek met de beide partijen heeft plaatsgevonden. Maar mijnheer De Kloet heeft precies gezegd, dat is de betekenis van on hold. U heeft niet gezegd, gestopt. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Is het voor iedereen voldoende helder? Ja? Ik zie knikkende gezichten. Dan zou ik willen voorstellen dat we tot stemming overgaan. We gaan stemmen over motie M-V-1. Is er behoefte … O, mevrouw Hennis. Mevrouw Hennis-Steijn: Ik heb behoefte aan een stemverklaring, voorzitter. De voorzitter: Komt u maar. Mevrouw Hennis-Steijn: In eerste instantie was ik tegen dit voorstel, omdat de ontwikkeling van de Dennenlaan in onze raad op een hele andere manier gedaan was. Maar gezien het feit dat hier 40 jonge woningzoekenden een plek zouden kunnen vinden, in tegenstelling tot het CDA zijn wij wel voor woningbouw op korte termijn, wil ik toch voor deze motie stemmen. Dank u wel.
De voorzitter: Is er verder behoefte aan een stemverklaring? Mevrouw Vermeulen. Mevrouw Vermeulen Franssen: Het is een lange avond, ik doe het … Het is niet echt een stemverklaring. Ik vind alleen dat mijnheer Poels te bescheiden is geweest in de terugkoppeling in juni. Ik vind dat dat eerder moet kunnen. Het is nu half februari. Dat moet toch minstens in mei kunnen. Dat wilde ik nog even meegeven. De voorzitter: Ik denk dat … We zijn al bezig met de stemverklaringen. Mevrouw Vermeulen Franssen: Dan is dat een stemverklaring.
De voorzitter: Mevrouw Hennis, u mag uw handje laten zakken. Is er verder behoefte aan een stemverklaring? Nee? Dan breng ik motie M-V-1 in stemming. Met 19 stemmen voor is unaniem de motie aangenomen. 28b. Motie D66 & CDA Veilig Verder (INGETROKKEN) De voorzitter: Dan gaan we naar M-V-2, motie Veilig Verder. Die is ingediend door D66 en het CDA. Ik geef het woord aan de heer Roosenschoon. De heer Roosenschoon: Dank u wel, voorzitter. Deze motie is eigenlijk voortgekomen uit reacties, ook betreffende het project ‘t Laantje. Een aantal omwonenden hebben geklaagd over de verkeersveiligheid, met name op de Luitgardeweg en met name ook het kruispunt Luitgardeweg – Nootweg. Nu is het zo dat t Laantje is een van de projecten. Ook het eerste project wat nu waarschijnlijk van de grond gaat komen. Maar tegelijkertijd, er zijn ook andere projecten nog bezig. We hebben het project wat komt te liggen op het terrein van De Lindeschool. We hebben een woningbouwproject wat binnenkort ook gepresenteerd gaat worden op de Nootweg. Op dit ogenblik, zonder al deze drie projecten, is deze situatie al behoorlijk risicovol. Heel erg onoverzichtelijk dit kruispunt. Dat geldt vanaf het gebied van de Nootweg tot en met, laten we zeggen, de grote Lindenhof. Daarna is het wat overzichtelijker. Dan is het ook het verkeersprobleem wat soepeler.
Het gaat er hierom om te kijken of, in het kader van het Mobiliteitsplan 2045, waarvan binnenkort de derde fase gepresenteerd gaat worden, of het daar in het kader van dat plan, in het kader van de bijbehorende plannen van aanpak prioriteit kunnen geven voor het nemen van verkeersmaatregelen op deze locaties. Dat kan gaan van een aanwijzing van een parkeerverbod op sommige locaties. Het kan ook zijn dat we al op voorhand voorsorteren op eenrichtingverkeer op bepaalde locaties. Maar in ieder geval dat we kijken op welke manieren we alleen door middel van regelgeving en simpele aanpassingen aan de structuur tegemoet kunnen komen aan een verbetering van de veiligheidssituaties op deze locatie. Dat is de doelstelling van deze motie. In feite gaat het om een soort prioriteitsstelling in het kader van het Mobiliteitsplan 2045. Tot zover. De voorzitter: Sorry. Even kijken, de heer Verbruggen is er van uw zijde een aanvulling? De heer Verbruggen: Nee, ik denk dat het keurig verwoord is. Ik denk dat het nu ook duidelijk is voor mevrouw Zandbergen dat ze dacht deze motie bij een agendapunt Het Laantje 3-4 komt, maar wij hebben hem breder willen trekken. De voorzitter: Dan geef ik het woord aan … O, mijnheer Voigt, ik wilde eigenlijk het woord geven aan de wethouder. Of heeft u een verhelderende vraag? De heer Voigt: Vraag aan de heer Roosenschoon over de laatste bullet van het besluit.
Ik lees dat zo, dat het is bedoeld als een inspanningsverplichting voor de gemeente. Dat het niet zo kan zijn dat die bouwprojecten op de gemeente moeten wachten. Dat er pas gebouwd kan worden als die maatregelen genomen zijn. Klopt mijn uitleg, mijnheer Roosenschoon? De heer Roosenschoon: Ik denk dat uw uitleg grotendeels klopt, mijnheer Voigt. Maar u weet ook dat tussen de start van de bouwprojecten en de voltooiing daarvan, gaat een behoorlijke tijd overheen. Zeker alle administratieve maatregelen. Als we nu beginnen met het plan van aanpak, behorende bij het Mobiliteitsplan 2045, dan zijn we ruimschoots op tijd voordat welk project dan ook, ook het eerst lopende, in gebruik kan worden genomen. De heer Voigt: Maar het is niet zo dat als de gemeente nog niet zover is dat er niet gebouwd mag worden?
De heer Roosenschoon: Nee, het gaat ook niet om bouwen, het gaat om het in gebruik nemen van de het gebouw. Als je uitgaat van een normaal gebouw met een looptijd van anderhalf jaar bouwtermijn, dan in die tijd heb je echt wel de tijd om te kijken naar verkeersmaatregelen, eenrichtingverkeer, parkeerhavens en dergelijke. Het zijn lichte maatregelen. Het zijn geen structurele, ingrijpende maatregelen. De voorzitter: Mevrouw Vermeulen, is dit ook een verhelderende vraag? Mevrouw Vermeulen Franssen: Ja, klopt. Het duurt wel enige tijd voordat de woningen gebouwd worden. Kan het niet gewoon opgenomen worden in het Mobiliteitsplan? Dat is één. Ten tweede, de wethouder heeft vorig jaar een bedrag van 100.000 euro gekregen om bepaalde knelpunten op te lossen. Ik weet niet of er nog geld over is van die 100.000 euro. Maar ik wil graag weten uit welk potje mijnheer Roosenschoon dit wil gaan bekostigen? De voorzitter: Mijnheer Roosenschoon. De heer Roosenschoon: Voorzitter, we zijn op dit ogenblik aangeland bij de derde fase van het Mobiliteitsplan, van het vaststellen daarvan. Daarna komt het plan van aanpak. We krijgen binnenkort ook de kadernota en de begroting voor volgend jaar. Dit moet gewoon worden opgenomen in aanvullende verkeersmaatregelen in het kader van het Mobiliteitsplan en het plan van aanpak wat daarbij hoort. We hebben het over de begroting 2023.
De voorzitter: Voldoende, mevrouw Vermeulen? Ja? Oké. Mevrouw Zandbergen, ook een verhelderende vraag? Mevrouw Zandbergen-Hanewald: Een beetje een soortgelijke inderdaad. Want wat is de dekking? Wie gaat dit betalen? Maar dat is net aangegeven. Ik zal straks reageren in mijn termijn. De voorzitter: Dan ga ik naar de wethouder. Wethouder Boermans, bent u er nog? De heer Boermans: Jazeker, voorzitter. Ik heb de hele avond zeer aandachtig zitten luisteren en kijken naar u allemaal. Ik ben er zeker nog. Ik was niet van plan weg te gaan. Wat dacht u? Dank voor deze motie. Helaas heb ik met de indieners vooraf geen overleg kunnen hebben. Dat zeg ik eigenlijk meer, want dat ligt aan mij, niet aan u. U weet, ik ben geveld door corona. Dat heeft eventjes iets meer ellende veroorzaakt dan ik had gehoopt. Ik had het graag even vooraf al besproken, want ik moet u toch zeggen dat ik het met een aantal delen van de overwegingen niet geheel eens ben. Ik ga het niet heel lang houden, voorzitter, maar ik wilde dat toch wel even kwijt. Datzelfde geldt eigenlijk voor de spreekt uit dat. Naar de heer Voigt wil ik zeggen, u had het net over de laatste bullets. Toen wees u op de veiligheid is een randvoorwaarde voor ieder bouwproject, althans die indruk kreeg ik eruit. Maar dat is niet de laatste bullet. Want op de achterpagina, als u hem heeft geprint, gaat hij verder in draagt het college op.
Daar zit eigenlijk ook mijn grootste probleem op met dit amendement, of namens het college moet ik dat zeggen. In mijn optiek hanteert u eigenlijk de verkeerde volgorde. Want u zegt, voorafgaand aan de realisering van bouwprojecten moeten we een aantal maatregelen nemen. Vervolgens geeft u net ook aan dat dat geen structurele maatregelen moeten zijn, maar incidentele maatregelen. Die vind ik niet echt corresponderend met elkaar. Volgens mij doen we, als gaan herinrichten in wijken, eerst de herinrichting en dan doen we daarna de wegen afbouwen. Ten tweede, dat hebben net al een aantal mensen gememoreerd, geeft u geen dekking aan. Ik denk, dat is ook wat tot nu toe uit de inspraak vanuit het Mobiliteitsplan al naar voren is gekomen, dat we met een bordje alleen er niet gaan komen. Er moeten hier meer en grotere maatregelen gaan komen. Er is weldegelijk dekking nodig. Dan, daar verwijst u
terecht naar, zou dat een onderdeel van het Mobiliteitsplan moeten zijn. Dat juich ik toe. Maar dat Mobiliteitsplan is onderweg, zoals u weet. Ik hoop dat dat nog voor de zomer komt, maar dat hangt natuurlijk ook een beetje af van de nieuwe collegeperiode die gaat aantreden, hoe dat verder gaat lopen. Als dat gaat zoals wij nu voorzien, dan komt dat gewoon in de begrotingscyclus, zoals die is opgenomen. Maar ik kan daar geen uitspraak over doen, want volgens mij zijn wij n deze minuten ongeveer in een soort van demissionaire status. Ik pas op met wat ik daarin zeg, voorzitter. Eigenlijk zou ik de indieners willen aanraden om deze motie aan te houden, want anders moet ik hem afraden voor de collega’s. Ik hoop dat zo goed toegelicht te hebben, voorzitter. De voorzitter: Lijkt me wel. Dank u wel. Dan zie ik graag wie nog iets wil zeggen in de tweede termijn. Ik zie mevrouw Zandbergen. Mevrouw Zandbergen-Hanewald: Voorzitter, mag ik als laatste? De voorzitter: Ja, dat mag. U had als eerste uw handje, maar u mag wel als laatste. Uiteraard. Dan mogen de handjes weg. Dan begin ik bij de heer Poels. De heer Poels: Voorzitter, dank u wel. We hebben geworsteld met deze motie, voorzitter. We zijn blij met de reactie van de heer Boermans, want dat was ook onze reactie.
Ik heb van de heer Boermans de afgelopen periode wel geleerd, haal er niet steeds stukjes uit, maar kijk naar het Mobiliteitsbeleid en de plannen die er zijn. Dan komt het vanzelf een keer aan beurt. Als het versneld moet worden, komt het dan wel aan de beurt op het moment dat de plannen zijn gerealiseerd. Ik begrijp zijn redenatie wel. Wij hadden ons voorgenomen wij volgen het advies van de wethouder in deze. Wij zullen helaas deze motie niet ondersteunen, gehoord hebbende de reactie van de wethouder die wij begrijpen in deze. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik het woord aan mevrouw Vermeulen. Mevrouw Vermeulen-Franssen: Voorzitter, gezien het antwoord van de wethouder sluiten wij ons aan bij wat de heer Poels heeft gezegd. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Voigt. De heer Voigt: Voor ons zijn er twee redenen om de motie niet te steunen. Het, in onze ogen, onduidelijke antwoord van de heer Roosenschoon over de volgordelijkheid van de bouwplannen en de veiligheidsmaatregelen en het antwoord van de wethouder. Wij zullen tegen deze motie stemmen. De voorzitter: Dank u wel. Dan ben ik toch weer bij u aanbeland, mevrouw Zandbergen. Mevrouw Zandbergen-Hanewald: Dank u wel, voorzitter. Ik hou het eigenlijk kort inderdaad. Ik had het liefst gewild dat CDA en D66 dit gewoon netjes hadden ingebracht bij Het Laantje, omdat ze nu al voorzien wat voor problemen er zijn.
Dat is nu daar. We delven de put en de vogel is gevlogen, krijg ik een beetje het gevoel. Ik weet niet of dat een goede uitdrukking is, zo laat op de avond nog. Ik denk het niet. Maar wij volgen de wethouder hierin en zien wel graag dat daar oplossingen voor komen, maar niet op deze manier via de motie. Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Roosenschoon. Sorry.
De heer Roosenschoon: Voorzitter, gezien de discussie en gezien de reactie van de wethouder wil ik collega Verbruggen voorstellen dat we deze motie intrekken en hem opnieuw inbrengen bij de behandeling van de kadernota. De voorzitter: Mijnheer Verbruggen, bent u het daarmee eens? De heer Verbruggen: Helemaal mee eens. De voorzitter: Dan wordt deze ingetrokken, bij deze. Dank u wel. 28c. Motie DorpsBelangen Transparantie werkt constructief (16V/3T Aangenomen) De voorzitter: Dan gaan wij naar motie M-V-3. Dat betreft de communicatie. Dat is wel mijn portefeuille. Als u me toestaat om toch nog te blijven voorzitten en deze ook te behandelen, want dan ik u van een kort antwoord voorzien. Ik geef het woord aan mevrouw IJsbrandij, motie M-V-3. Mevrouw IJsbrandij-van Kerkhof: Dank u wel, voorzitter. Hoort u mij? De voorzitter: Jazeker. Mevrouw IJsbrandij-van Kerkhof: O, ik hoor mezelf in de vertraging, maar ik zal proberen door te babbelen. Al eerder in de tijd heb ik eens een ballonnetje opgelaten over een digitale vorm om een soort projectmeter te introduceren. Het antwoord was, fantastisch, wat een leuk idee, goed idee, heel duidelijk, maar dat kan ons systeem nu niet aan, of onze website niet aan. Toen heb ik het weer laten rusten.
Maar gezien de laatste weken, zeker de laatste weken en al wel de laatste maanden kan ik zeggen, is toch het idee weer naar boven komen borrelen om duidelijkheid te verschaffen voor iedereen. Ook zeker voor de inwoners. Dat er goed gevolgd kan worden in welk stadium een traject zich bevindt en wat daarbij komt kijken en hoe zoiets verloopt. Dat kan beschreven worden. Een eventuele projectmeter, noem ik, dat kan ook gewoon de verbeelding zijn. Ik kan me toch niet aan de indruk onttrekken dat een stuk ook gepubliceerd kan worden op de website. Dat dat ook zeker in een document gegoten kan worden en het op die manier, totdat het digitaal wel mogelijk is, bij te houden. Zodat het in één overzicht duidelijk is, wat hoort er bij die stap? Zodat ook niet voortijdig inwoners ongerust raken en in de gordijnen vliegen. Dat wij hier nu weten als raad, want hoe vaak heeft u het gister niet uitgelegd en hoe vaak heeft de wethouder het niet uitgelegd en vanavond weer, om ons er goed bij te houden van, dit is de stap die u nu neemt en dit zijn de consequenties. Daar gaat het over. Ik zou graag het college willen oproepen om te onderzoeken of dit mogelijk is een dergelijk document per project bij te houden, zodat … Het zal utopie zijn om alle onrust of alle oproer of noem maar op daarmee te sussen. Maar ik hoop dat het de helft mindert. Dan ben ik al heel blij. Dank u wel.
De voorzitter: Dank u wel. Vooropgesteld, dat goed communiceren scheelt een slok op een borrel, laten we wel wezen. Ik geef toe dat wij als gemeente ook wat proactiever kunnen communiceren over een aantal zaken. Zeker op de website. Op zich sta ik hier wel constructief in. Kijk, als u zegt van, de noodzaak om in te zien van de informatiepagina per project, daar moet ik even kijken of dat wel haalbaar is, in die zin. In principe is het natuurlijk ook zo, dat hebben we ook vastgelegd in de participatienota, dat de ontwikkelaars zelf verantwoordelijk zijn voor de communicatie. Wij voeren wel regie. Maar je kan er wel naar kijken van, in hoeverre kan je ondersteunend daarin zijn om ervoor te zorgen dat mensen zo optimaal mogelijk geïnformeerd zijn? Om een toezegging te doen van, we gaan elk project een eigen pagina geven, dat kan ik nu niet toezeggen. Ik weet ook niet of dat realiseerbaar en haalbaar is. Maar ik wil wel met u in zoverre meegaan
dat ik zeg van, laten we ernaar kijken wat ervoor nodig zou zijn om mensen beter te informeren als het gaat om ruimtelijke projecten. Dan kom ik bij uw raad, de volgende raad, daarop terug met een voorstel, of in ieder geval een toelichting te geven wat wel of niet haalbaar is en waarom. Mevrouw IJsbrandij, ik hoor u niet, want uw microfoon staat uit. Mevrouw IJsbrandij-van Kerkhof: Dank u wel. Ik zou nog willen aanvullen dat dat inderdaad fijn is het wordt onderzocht om te kijken wat er wel mogelijk is. Dat het een mooie start zou zijn voor de nieuwe raad, denk ik. Dank u wel. De voorzitter: Is er behoefte aan een tweede termijn, in deze? Mevrouw Vermeulen, is dat in plaats van een handje? Mevrouw Vermeulen-Franssen: Ja. De voorzitter: Even wachten hoor. Ik ben nog even aan het inventariseren. Ik denk dat alle handjes weg kunnen nu. Mevrouw Vermeulen. Mevrouw Vermeulen-Franssen: Voorzitter, wel een hele mooie motie. Wij hebben er best in de fractie over gesproken. Dit is iets wat iedereen wel wil. Als er een project in je omgeving is, dan wil je wel graag weten wat de status is. Alleen is het ook uitvoerbaar? Want dit vereist heel wat werk. Om te beginnen, je systeem moet erop ingericht worden. Ten tweede, welke informatie zet je erop? Daar moet toch een format voor gevonden worden. Welke informatie levert de projectontwikkelaar aan? Dat moet gecheckt worden door de gemeente.
Want de gemeente is uiteindelijk verantwoordelijk, omdat het op de gemeentewebsite staat. Natuurlijk kun je er een disclaimer opzetten, kan altijd. Maar u weet ook van, ondanks het feit dat die erop zou staan, je bent toch verantwoordelijk als gemeente. Dan zeg ik van, probeer het eens met een project. Een niet al te groot project. Maar nog beter, ga een format ontwikkelen wat je nu precies op zo’n informatiepagina wil hebben, zodat je niet elke keer het wiel uit hoeft te vinden. Nogmaals, wij staan positief tegenover het idee, maar uitvoerbaarheid vinden we moeilijk. Het kost tijd. Het kost geld, ook dat niet te vergeten. Bij de vorige motie werd gezegd, er is geen budget bij aangegeven. Is bij deze motie ook niet aangegeven. Dat speelt wel mee. Wat ik er dan ook nog aan toe wil voegen, we hebben het nu over mensen die gewoon willen weten hoever een project is en of er een project is in hun omgeving. Wat ook zou helpen, dat is iets anders, maar heeft ook met communicatie over bouwplannen te maken, als iemand met een bouwplan bij de gemeente komt, is het dan niet mogelijk om aan de potentiële aanvrager een lijstje mee te geven van, als u dit aanvraagt, dan moet u aan die en die en die eisen voldoen en dan moet u die en die en die informatie aanleveren. Dat voorkomt veel communicatie met de gemeente. Daar worden alle partijen beter van, denk ik.
Mooi, goed initiatief, maar uitvoerbaarheid moeilijk. Wij vinden een pilot met één project … Zouden wij toejuichen. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik nu het woord aan mijnheer Zagt. Dat wordt snel praten, mijnheer Zagt. De heer Zagt: Heel snel. Voorzitter, ik zie het een beetje als een toezegging, wat u zei. Dat zou ik prima vinden. Maar ik deel volledig de argumenten van mevrouw Vermeulen. Hier zit best veel aan vast. Zij ging daar al heel diep in en er zit nog meer aan vast. Dat kan ik niet benoemen nu, gelet op de tijd. Maar ik zou die motie, als u er wat van overneemt, zou ik voldoende vinden, een toezegging. Dan kunt u daar in de nieuwe raad op een of andere manier op terugkomen. Lijkt me voldoende. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Rooimans.
Mevrouw Rooimans: Dank u wel, voorzitter. Ik vind het prachtig wat hier geschetst wordt. Het sluit ook heel erg aan bij wat we al eerder bespraken in de participatieverordening, zoals we die met elkaar bespraken. Kijk, ik vind, het heeft ook te maken met het managen van de verwachtingen van onze inwoners, waar ze gewoon eigenlijk toch recht op hebben in het hele participatieproces. Kijk, wij moeten als gemeente toch de status bijhouden van al onze projecten. Kijk, wij zijn nu bezig met een slag te maken, om goed inzichtelijk te hebben wat de status is van de projecten, zowel financieel als anderszins. Wellicht dat we dit dan ook zouden kunnen koppelen. Met betrekking tot de kosten, kijk, de gemeente heeft niet de hoofdrol, want de initiatiefnemer heeft de hoofdrol bij het participatieproces. Maar de gemeente heeft wel de regie uiteindelijk, heeft wel de hoofdlijn te pakken, om het maar even zo te zeggen. De kosten die daar gemaakt worden, kijk, die zijn onderdeel van dat hele participatieproces. Daar moeten we over nadenken. Want dit is niet een luxevoorziening. Dit moet je doen als je goede participatie wil regelen. Wij ondersteunen dat heel erg. We zijn ook heel blij met de toezegging van de burgemeester, maar ik wil dat toch even meegeven dat we de vraagtekens bij dit proces eigenlijk weg moeten houden en dat we hier echt voor moeten gaan.
Want dat is onderdeel van het participatieproces, zoals het bedoeld is. Tot zover even, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik naar de Lachman. De heer Lachman: Dank u wel, voorzitter. Wij vinden het zelf ook een goed voorstel. Zeker de toezegging van de portefeuillehouder. Goed communiceren is een heel belangrijk iets en zeker de middelen die je daarvoor gebruikt. Alleen ik vraag me af … Dan heb ik een vraag. Mevrouw IJsbrandij, wordt hier bedoeld de informatie naar de raad en naar de inwoners? Want dat zijn twee verschillende dingen, denk ik. De informatie die voor de raad eigenlijk ergens beschikbaar moet zijn, daar hebben zij zelf eigen ervaring. Er moet een systeem ergens zijn, dat wij elke keer als raad kunnen die documenten ergens klikken en opentrekken en kunnen we zien. Ook alle moties, amendementen, dat soort zaken. Als je voor de inwoners bedoelt, dat moet inderdaad via de website van de gemeente gaan. Dat is weer iets anders. Maar het zijn wel twee verschillende informatie die je nodig hebt en de doorstroom daarvan en organiseren. Als u beiden bedoelt, dan is inderdaad twee kanalen eigenlijk. Natuurlijk ook, wat mevrouw Vermeulen zegt, van, welke informatie ga je zetten? Voor de raad kan hele andere informatie zijn dan voor de inwoners of projectontwikkelaars. Ik ben in ieder geval blij dat de portefeuillehouder toezegt, wil ernaar kijken.
Is altijd mooi meegenomen. Dank u wel. De voorzitter: Mevrouw IJsbrandij, volgens mij was er ook nog een vraag aan u gesteld, maar u mag hem ook afronden in tweede termijn. Mevrouw IJsbrandij-van Kerkhof: Zal ik nu antwoord geven op de heer Lachman? De voorzitter: Ja. Mevrouw IJsbrandij-van Kerkhof: Dank u wel, allemaal in ieder geval voor de reacties. Alhoewel, heb ik mijnheer Poels al gehoord? Ja, nee. De voorzitter: Niet mijnheer Poels, maar wel de PvdA-GroenLinks. Mevrouw IJsbrandij-van Kerkhof: Daar ga ik op reageren. O, sorry hoor. Mijnheer Lachman, in eerste instantie is dit bedoeld voor de website van de gemeente, zodat iedereen die kan raadplegen. Zoals we nu ook wel af en toe in het ongewisse zitten van, hoe zit het ook alweer bijvoorbeeld met een verklaring van geen bedenkingen, dat daar duidelijk staat beschreven wat dat inhoudt en wat de volgende stap zal zijn. Wat de gevolgen zijn als dit wordt vastgesteld of niet en waar gaan we dan in verder? Dan weet iedereen wat te
verwachten is, waar de volgende stap zit. Het kan ook zijn dat een inwoner ineens denkt, o, daar wordt iets gebouwd, hoe zit er daar eigenlijk mee? Hij gaat naar de website van de gemeente en hij ziet in welk stadium het zich bevindt en wat er nog aankomt of wanneer het tijd is om een visie daarop in te dienen, of ligt het er al zes weken ter inzage. Noem maar op. Het kan er allemaal staan. Daarmee is denk ik uw vraag beantwoord. Dat het eigenlijk nu in eerste instantie bedoeld is voor de website en voor de inwoners. Dank u wel. De voorzitter: Wilt u nog afsluiten. Wilt u hem nog in stemming brengen, deze motie? Mevrouw IJsbrandij-van Kerkhof: Ik wil hem wel graag in stemming brengen, ja. De voorzitter: Dan doen we dat. Als er vragen geen … Nee. Dan gaan wij motie M-V-3 in stemming brengen. Is er behoefte aan een stemverklaring? Nee. Dan brengen we deze in stemming. Met 16 voor en 3 tegen is motie M-V-3 aangenomen. Dan hebben we nog motie M-V-4. Mevrouw IJsbrandij, wil u nog iets zeggen? Mevrouw IJsbrandij-van Kerkhof: Ja, als u het me toestaat. Ik vergeet heel onaardig te zeggen, dank u wel voor uw toezegging en uw positieve antwoord. De voorzitter: Graag gedaan. 28d. Motie VVD Visie recreatie (9V/10T Verworpen) De voorzitter: Motie visie recreatie en toerisme 2040. Die is ingediend door de VVD. Ik geef het woord aan de heer Van Balen.
De heer Van Balen: Dank u wel, voorzitter. Ik zal het kort houden. Deze motie heeft u eerder langs zien komen in de cyclus van december. Toen waren er 9 voor stemmers, DorpsBelangen, VVD en D66. Toch wil ik hem nog een keertje inbrengen, want het is belangrijk dat er een visie komt op recreatie en toerisme, die in een van de hoofdstukken van de Omgevingsvisie wordt ondergebracht. Het belang is daarin, daarom richt ik me ook nog eens even nu speciaal tot De Lokale Partij en tot de PvdA-GroenLinks, omdat vanavond hebben we het er weer over gehad dat we vroeger in de keten zeggenschap willen hebben, invloed willen kunnen uitoefenen. Daarvoor heb je nou eenmaal zo’n visie nodig. Ik zou zeggen, waarde collega’s, stelt u dit vast. Daar kan de volgende raad mee aan de gang. Het hoeft niet veel te kosten. Als het echt geld gaat kosten, dan moet het college ervoor langskomen. Dan kunt u altijd nog zeggen, ik vind het te veel geld. Ik zou zeggen, laat u zien dat u vroeger in het hele beslisproces aan tafel wilt zitten. Dat kan middels het opstellen van een goede visie. Tot zover, voorzitter. De heer Poels: Uw microfoon. De voorzitter: O, er zijn geen verhelderende vragen? Nee? Dan geef ik het woord aan wethouder De Kloet. De heer De Kloet: Dank u wel, voorzitter. Een helder betoog van de heer Van Balen, moet ik eerlijk zeggen. De voorzitter: Wethouder De Kloet.
Mijnheer Goetheer, wilde u een verhelderende vraag stellen of was u nog even … De heer Goetheer: U mag zelf bepalen of het een verhelderende vraag is. Ik ben zeer benieuwd van hoe het indienen van deze motie zich verhoudt ten opzichte van het tegenstemmen van het amendement bij de Economische Agenda.
De voorzitter: Ik denk dat dat een politieke vraag is. Die kunt u stellen in tweede termijn. Dat is niet een technische vraag. Maar hou hem vast. Wethouder De Kloet, gaat u verder. De heer De Kloet: Dank u wel. Maar als ik dan kijk inderdaad wat het college wordt verzocht, word ik toch wel eventjes weer op een ander spoor gezet. Ook een beetje in het kader van geen politieke uitspraak doen, maar hoe de punten vanavond zijn beoordeeld door uw raad, zal ik maar even in globale zin zeggen. Tegelijkertijd is het zo dat een aantal dingen die hier instaat eigenlijk al gebeurt. We hebben een ruime discussie gehad in de raad naar aanleiding van de toeristen- en forenzenbelasting over hoe de rol van de ondernemers en de verenigingen zou moeten worden ingevuld. Daar hebben wij stappen in ondernomen. Samen met collega Kea gaan we binnenkort het reguliere overleg in. Dat gaat verder dan alleen maar de toeristen- en forenzenbelasting, maar ook van, wat is de rol en hoe kunnen wij daarin participeren? Wij, in dit geval, sprekende voor de verenigingen en voor de ondernemers, om dicht op de materie te zitten. Daar zijn we juist druk mee bezig, ook om te kijken van, hoe kunnen we ons gebied als inderdaad belangrijk instapgebied als het gaat over watersportrecreatie inrichten en wat doen we daar dan voor? U heeft ook, weliswaar bij hamerstuk, maar toch een impuls.
Dat is een kleine stap, relatief gezien, als je het ook weer vergelijkt met het gebiedsakkoord, bijvoorbeeld. Er gebeurt echt wel heel veel. We hebben daar ook in het kader van het gebiedsakkoord een visie ontwikkeld voor 2030. U heeft daar kennis van kunnen nemen. Er gebeurt eigenlijk wel van alles. In december was het inderdaad in de ogen van de VVD een actueel onderwerp. Ik denk dat we hier al wat verder zijn in de ontwikkeling, in de gesprekken en hoe we het aan het optuigen zijn. Ook in dat kader zou ik deze, of zullen we deze motie ontraden. Ik hou het even hierbij. Ik kan nog een uur een betoog houden, maar dat zal ik niet doen, voorzitter. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel dat u dat toch nog even nalaat, gezien de tijd. Ik weet dat de heer Goetheer een vraag heeft. U bent eigenlijk door de tijd, maar ik wil wel toestaan dat u die politieke vraag stelt. Is er verder nog behoefte aan een tweede termijn? Ja? Klopt het dat ik de heer Poels zie, of is er … U bent eigenlijk door de tijd, maar mijnheer Goetheer stel uw politieke vraag, die ene zin. De heer Goetheer: De vraag heb ik net gesteld. Volgens mij had mijnheer Van Balen hem gehoord. De voorzitter: Mijnheer Van Balen. De heer Van Balen: Mijn geheugen is heel slecht, voorzitter. Kijk, mijnheer Goetheer, ik zal heel eerlijk zijn. Om te beginnen was dat voorstel het voorstel van onze eigen wethouder.
Dat moet u zich toch gerealiseerd hebben, om maar even een politiek puntje te noemen. Daar stemmen wij meestal niet tegen. Hoe sympathiek ook onderdelen van al die betogen waren hoor, dat wil ik er wel bij zeggen. Maar wij hebben daar een keuze in gemaakt als fractie. Het was ook niet trouwens mijn onderwerp. Dit had u beter aan mevrouw Vermeulen kunnen vragen dan. Maar wij hebben gewoon besloten om voor het voorstel van onze wethouder te stemmen, laat ik het zo zeggen. Dat is niet zo verwonderlijk. Neemt u genoegen met dit antwoord? De voorzitter: Mijnheer Goetheer, ik heb even u ruimte gegeven, maar … De heer Goetheer: Ik waardeer de eerlijkheid van de heer Van Balen. De heer Van Balen: Ik ga er verder niet omheen draaien. We gaan niet onze eigen wethouder afvallen. Bovendien, ik wil toch nog zeggen, het is gewoon hartstikke goed opgezet met de ondernemers. Mag ik nu ook nog even reageren op wat de wethouder heeft gezegd, of niet, voorzitter? Nou ik toch bezig ben. Kan ik heel kort.
De voorzitter: Ik doe eerst alles verzamelen en kunt u overal op reageren. Mijnheer Nienhuis, is dit een interruptie of? De heer Nienhuis: Voorzitter, u vraagt, wie wil er het woord. De voorzitter: Maar meestal halen we de handjes als er geïnventariseerd is. Vandaar. Ik zag hem nog. Maar hij is nu weg. Dan ga ik naar de heer Poels. De heer Nienhuis: Neem me niet kwalijk. Gaat uw gang. Sorry. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Poels. De heer Poels: Mijnheer Nienhuis mag best voor mij hoor, mevrouw de voorzitter. Dat is helemaal geen probleem. Voorzitter, ik vind het ook bijzonder dat de heer Van Balen opnieuw met deze motie komt. Ik kan hem hier voor de camera houden, maar ik heb hier voor mij, daar citeer ik altijd uit, het prioriteren en faseren van politieke ambities. Dat is een document wat door het huidige college al een tijdje geleden is vastgesteld met activiteiten die we wel en die we niet gaan uitvoeren. Met name die laatste vanwege gebrek aan capaciteit. Toen hebben we ook tegen elkaar gezegd, als er iets nieuws bijkomt, dan moet hij ook aangeven wat er ergens anders vandaag gehaald. Ik heb dat toen ook geprobeerd met dat duurzaamheidsbeleid. Dat kon natuurlijk niet, want ik kon er niks anders van afhalen.
Voorzitter, wat de heer Balen wederom doet, is de prioriteitenlijst die we eerder hebben vastgesteld, proberen daar iets anders aan toe te voegen, zonder er iets af te halen. Allerlei dingen zijn eraf gehaald, van die prioriteitenlijst, die ons buitengewoon pijn doen. Het zonnepanelenbeleid is verschoven naar 2022. Dit nieuwe bomenbeleid is verschoven naar 2022. De evaluatie van de bestaande duurzaamheidsagenda is ook eventjes voor ons uitgeschoven. Voorzitter, er is gewoon geen ruimte voor dit soort dingen. Daar moet de heer Van Balen ook reëel zijn. Dan moet hij ook zeggen, ik hou me vast aan de prioriteiten. Wij zien geen enkele reden om af te stappen van het oorspronkelijke standpunt, dat wij geen nieuwe prioriteiten willen als er niet ergens anders eentje vandaan gehaald. Want dat werd ons destijds ook voor de voeten geworden. Kortom, voorzitter, sympathiek voorstel, maar we zullen deze motie niet ondersteunen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik het woord aan de heer Nienhuis. De heer Nienhuis: Voorzitter, mijnheer Van Balen heeft net aangegeven zelf dat zijn geheugen niet zo goed is. Maar misschien kent mijnheer Van Balen de oude wethouder van Amsterdam, mijnheer Schaefer. Weleens van gehoord? Die deed hele mooie uitspraken. Weet u wat een beroemde uitspraak van hem was? Weet u dat? De heer Van Balen: Vertel maar.
De heer Nienhuis: Dat zal ik u voorleggen. De heer Van Balen: Schiet toch op. De heer Nienhuis: Is dit beleid of is hier echt over nagedacht? Dat was ook een van zijn uitspraken, buiten het feit van, in de visie kun je … In gelul kun je niet recreëren. Laat ik het zo stellen. Dat is een uitspraak wat hij gedaan had. Even voor uw geheugen, voor uzelf. In december heeft u dit geprobeerd. In december heeft de
CDA-fractie tegen gestemd. Ik weet eigenlijk niet waarom meer, als ik eerlijk ben. Maar we hebben tegengestemd. De heer Van Balen: Dat was ook volkomen onduidelijk. De heer Nienhuis: Dat maakt niet uit. We hebben tegengestemd. In dit geval gaan we weer tegen stemmen, want we vragen ons namelijk af of wij met zo’n visie de problemen die u schetst kunnen voorkomen. Dat was volgens mij ook de argumentatie die wij in december hadden. Dat verandert niet in een maand. Ook niet in twee maanden. U kunt het in de nieuwe periode weer proberen. Dan gaan we dat opnieuw beoordelen. Voor zover gaat de CDA-fractie nu weer tegen stemmen. Helaas voor u, maar zo is het. Dat is onze uitspraak, daar moet u het mee doen. De voorzitter: Ik zie een interruptie van mevrouw Hennis. Mevrouw Hennis-Steijn: Dank u wel, voorzitter. Het is geen interruptie, het is een verbetering van wat de heer Nienhuis zei. Daar hebben we het de hele avond al over. In geouwehoer kan je niet wonen. Dat was hem. Ik stel voor dat mijnheer Schaefer gelijk heeft en dat iedereen zich dat goed realiseert. We moeten wonen en niet … Mijnheer Stan Poels, de vogels zijn belangrijk, maar ik vind mensen belangrijker. De voorzitter: Dat was uw interruptie. Dan ga ik naar mijnheer Nienhuis, wilt u hierop reageren? De heer Nienhuis: Ja, mevrouw Hennis heeft gelijk, mijnheer Schaefer had het over wonen. Maar dit gaat over recreëren.
In gelul kan je ook niet recreëren. Dat is even de toevoeging over het vergelijken … De voorzitter: Dan ga ik naar de heer Roosenschoon. De heer Roosenschoon: Dank u wel, voorzitter. Wat D66 betreft stelt deze motie zich volledig in lijn met het amendement op de Economische Agenda. Het is een van de prioriteiten, een van de ambities. Laten we gewoon deze motie overnemen en uitvoeren in het kader van onze Economische Agenda. Wat het recreëren betreft en het wonen betreft, we hebben gezien dat wonen een behoorlijke klap heeft gekregen van het CDA vanavond. Maar gelukkig, recreëren gaat gewoon verder. Dankzij het CDA hebben we nog voldoende draaimolens in de gemeente. De voorzitter: Dan ga ik naar de heer Voigt. De heer Voigt: Voorzitter, op zich is het natuurlijk raar dat een motie in december in stemming is gebracht en die verworpen is, om die een maand later weer op tafel te leggen. Maar goed, hij ligt er. Overigens pas heel laat, want pas vanavond kregen we hem te zien. Wij hebben in december voor de motie gestemd. Dan ligt het voor de hand om nu weer voor te stemmen, maar ik denk dat als de verhoudingen blijven zoals in december, dan is het gebeurd, mijnheer Van Balen. De heer Van Balen: Dat begrijp ik. Maar het is de laatste motie van deze raadsvergadering, voorzitter. De voorzitter: Het laatste woord is aan u.
De heer Van Balen: Ik vind toch dat het belang van deze motie wordt onderschat. We hebben gewoon in bepaalde zaken toch min of meer het nakijken. Ik hoor de hele tijd, God, ook met al die VVGW’s die we deze raadscyclus hebben behandeld. Als we onze zake beter voor elkaar hebben als raad, zitten we vooraan bij het
nemen van de juiste besluiten. Dan achteraf hoeven we ons ook niet allemaal in allerlei bochten te draaien om zaken nog krom of recht te maken. Ik zou zeggen, laten we deze moties aannemen. Ik hoorde net ook van de wethouder dat hij al met een hele hoop dingen bezig is. Mooi. Dan kost dat gewoon minder tijd. Als hij vindt dat er iemand aan moet worden gezet dat geld kost, dan horen we dat wel. Dan kunt u altijd nog weer een keertje tegen stemmen. Anders gaan we doen wat mijnheer Poels voorstelt. Dan gaan we kijken wat we ervoor in moeten leveren. Dat vind ik prima. Maar laten we eens gewoon roepen als raad dat wij vinden dat het belangrijk is om kaders te stellen, want daar begint het mee. Daar wil ik graag mee besluiten, voorzitter. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel. Ik denk niet dat er verder behoefte is aan beraadslaging. Ik wil voorstellen om de motie in stemming te brengen. Is er behoefte aan de stemverklaring? Met 9 voor en 10 tegen is de motie verworpen. Dames en heren, we hebben … We zijn nog niet op het einde, want ik moet nog een mededeling doen voor ik het vergat. Ik had gisteren verzuimd in de mededelingen aan te geven dat in het kader van de installatie van de nieuwe raad is er een commissie van geloofsbrieven nodig. Ik stel voor om de volgende raadsleden in de commissie te benoemen, Sieta Vermeulen, Rita Hennis en … O, Ria Hennis. Excuus. Het is laat.
Ria Hennis en de heer Jan Verbruggen. Heel goed. Zij zullen plaatsnemen in de commissie geloofsbrieven. Nu zijn we echt aan het einde gekomen van deze tweedaagse laatste raadsvergadering. Ik wil u complimenteren, het was echt een berg werk, ook de commissies. Ik begrijp iedereen dat het echt ontzettend veel werk was, ook naast gewoon je dagelijks werk, want dat doen alle raadsleden. Als er nog kijkers zijn op dit tijdstip. Deze mensen doen het allemaal naast hun gewone werk. Dat is een enorme prestatie. Ook zeker deze laatste raadscyclus, was een buitengewone prestatie. Ik complimenteer u voor de wijze waarop u dit heeft gedaan, ook de afgelopen vier jaar. Het was een mooie periode, denk ik, voor u, maar ook wel een ingewikkelde. We hebben nog een afscheidsraad, maar toch memoreren dat dit toch echt de laatste keer was dat we zo’n zakelijke raad hebben gehad. Ik wil u hartelijk bedanken voor al uw werk, uw inzet, uw passie. Voor degene die blijven, ga vooral daarmee door. Degene die afscheid nemen, we gaan u zeker missen. Mevrouw Vermeulen. Mevrouw Vermeulen-Franssen: Dank u, voorzitter. Dank voor uw mooie woorden. U heeft gelijk, het was een berg werk voor de raadsleden. Maar niet alleen voor de raadsleden, ook voor onze griffie. Die heeft ons de afgelopen weken met raad en daad terzijde gestaan. Geen moeite was ze te veel. Ook in het weekend stonden ze voor ons klaar.
Ik denk dat ik namens alle collega’s spreek om ze erg te bedanken voor hun inzet. De voorzitter: Zeker. Sluiting De voorzitter: Op dit mooie uur wens ik u nog, ik kan niet zeggen fijne avond, maar misschien nog een fijne ochtend voordat u nog gaat slapen. Slaap lekker voor zo direct. Gezond weer op, zoals ze zeggen. We zien elkaar rondom de verkiezingen, alle activiteiten en sowieso natuurlijk eind maart. Dag allemaal.