Transcript Gemeente Wijdemeren Gemeenteraad 16 maart 2023
Tekst van het document
TRANSCRIPT VAN DE GEMEENTERAAD VAN GEMEENTE WIJDEMEREN d.d. 16 maart 2023
1.
Opening De voorzitter: Welkom. Gemeenteraadsvergadering gemeente Wijdemeren, donderdag 16 maart 2023. We gaan gewoon door. In het bijzonder welkom voor de mensen op de publieke tribune, raadsleden hier in de zaal, mensen thuis die meeluisteren via het world wide web. Mijn naam is Jan Willem Nienhuis, ik ben uw voorzitter vanavond. De burgemeester Larson is verhinderd. Vandaar dat ik hier op haar plaats zit en uw voorzitter ben, vanavond. Dan heb ik een bericht van verhindering ontvangen van de wethouder Hoelscher wegens persoonlijke omstandigheden. Wij werken vanavond, zoals altijd, met een spreektijd. De griffie houdt de spreektijd voor u bij op dit scherm achter mij, zoals u kunt zien. En dan ziet u hoe het met de spreektijd gaat. Voordat we verdergaan met deze vergadering, wil ik met u een voormalig raadslid van de gemeente Nederhorst den Berg herdenken. En dat ga ik vanaf het katheder doen. En ik verzoek u ook allemaal om te gaan staan, alstublieft. Als dat mogelijk is in ieder geval. Wij gedenken vanavond Ria Jaarsma, oud raadslid van de gemeente Nederhorst den Berg. Ria overleed op 23 februari 2023 jongstleden. Ria Jaarsma is slechts een korte periode, van september ’74 tot mei 1975, lid geweest van de gemeenteraad Nederhorst den Berg. Ria maakte deel uit van de Partij van de Arbeid-fractie. In januari 1975 werd Ria lid van Provinciale Staten van Noord-Holland.
Dat bleef ze tot april 1987. In juni 1987 werd ze lid van de Eerste Kamer der Staten Generaal, waar zij jarenlang woordvoerder was op onderwijs en sociale zaken. Onderwerpen waar haar hart lag. In 1998 en ’99 was zij fractievoorzitter van deze Eerste Kamerfractie. In 2023 nam ze afscheid van de actieve politiek. Ria wordt door bekenden omschreven als een principiële, rooie socialist. Altijd klaar om hulp te verlenen aan iemand die dat nodig heeft. Ze had een grote algemene kennis, die ze graag met anderen deelde en aan hen ten dienste stelde. Kennis die ze onder meer opdeed uit haar vele, vele boeken die ze met haar man Piet had verzameld. Op haar kaart staat ze omschreven als een feministe, socialiste, onderwijskundige, grafisch ontwerpster, uitgeefster, onderzoekster, zelfstandig ondernemer. En daar mist nog bij dat ze zelf ook publiceerde. Ze was een veelzijdige vrouw. No-nonsense was haar karakter. Dat blijkt ook wel uit de opmerking op haar overlijdenskaart: en dat was het dan, bedankt allemaal. Laten we een moment stil zijn. Dank u.
Bepalen volgorde stemming De voorzitter: Zo. Dan gaan we nu met het officiële gedeelte van de gemeenteraad. We beginnen natuurlijk zoals gebruikelijk. Bepalen volgorde van stemming. In het geval van hoofdelijke stemming, voor de mensen thuis en mensen op de tribune, beginnen we met degene die we nu gaan trekken. Ik heb hier alle balletjes van onze raadsleden naast me liggen. Als ik het zelf word hebben we een probleem, maar we gaan het zien. Want ik mag gewoon meestemmen vanavond, even dat u dat weet. Ik mag niet kijken, hè? Nummer twee. De heer Goetheer. Gefeliciteerd. Niet onder de indruk. 2.
Vaststelling agenda (De agenda is ongewijzigd vastgesteld.) De voorzitter: Vaststellen agenda. Bij agendapunt 11 zijn twee amendementen ingediend. De Lokale Partij, dat is amendement A11-1, Meenemen bestuurlijke reactie. Partij van de Arbeid-GroenLinks, A11-2, Rekenkameronderzoek inkoop en aanbestedingen van projecten. Het CDA heeft vragen ingediend voor agendapunt 12, het vragenhalfuur. D66 heeft twee moties vreemd ingediend, voor agendapunt 13. MV1, Geen vervlogen kansen, versie 2023. MV2, Koester de knarren in de kernen. Zijn er verder opmerkingen vanuit de
raad, leden die opmerkingen hier over hebben? Niet. Dan is de agenda bij dezen vastgesteld. En dan moet ik ook hameren. 3.
Vaststelling besluitenlijst vergadering gemeenteraad (De besluitenlijst is ongewijzigd vastgesteld.) De voorzitter: Dan het vaststellen besluitenlijst vergadering, de datum 9 februari, gemeente Wijdemeren. Er zijn geen wijzigingen ingediend van de besluitenlijst. Dan is de besluitenlijst van 9 februari vastgesteld. Dat is correct, dank u vriendelijk.
4.
Mededelingen De voorzitter: Mededelingen. Uit de raad. Mevrouw Pronk, heeft u een mededeling vanuit de ordecommissie? Mevrouw Pronk, gaat uw gang. Mevrouw Pronk: Dank u, voorzitter. Op 15 februari hebben de leden van de Auditcommissie, Bo De Kruijff, Patricia IJsbrandij en ik, overleg gehad met de heren van onze accountant PSA. Met onze teamleider financiën, de controler, wethouder financiën Zagt en de griffier. Wethouder Zagt en ook de heren van de accountant hebben de afgelopen maanden al vijfmaal een teamleider financiën welkom geheten, werkafspraken gemaakt, en zijn aan de slag gegaan. U kunt zich vast voorstellen hoe dat voelt, vijf keer een soort opnieuw beginnen in ongeveer acht maanden. Maar nu hebben we een teamleider financiën. En ook een controler. Waarbij de eerste verantwoordelijk is voor de oplevering van de jaarrekening, en de tweede voor de uitvoering van de interne controle. Fingers crossed dat ze met veel plezier, en ook lang genoeg, in onze mooie gemeente blijven werken. De planning was dat er in december een interimcontrole werd gehouden. Maar zoals wethouder Zagt hier heeft uitgelegd kon dat niet doorgaan, omdat de stukken niet geleverd konden worden. De afdeling financiën was toentertijd helaas gereduceerd dan een minder dan minimale bezetting. We hebben in het overleg gesproken over de planning van de werkzaamheden van de accountant.
In samenspraak met de heren van financiën. Er is een tijdsdoorloop met een tweewekelijks overleg tussen de accountant en betreffende ambtenaren. Dit om te voorkomen dat de oplevering van de accountantsverklaring problematisch gaat worden qua tijd. Die planning laat overigens weinig ruimte voor vertraging. Inmiddels is de accountant bezig met een deel van de interimcontroles. Dit zodat alle werkzaamheden beter gespreid zijn. De accountant heeft aangegeven dat ze, wanneer de organisatie de afspraken kan nakomen, een jaarrekening eind mei klaar is en voor controle de deadlines gehaald kunnen worden. We hebben de afspraak met de accountant dat ze, waar nodig, de Auditcommissie op de hoogte zullen stellen van bijzonderheden. Het zal geen tien met een griffel gaan worden, maar we gaan natuurlijk wel voor een zo goed mogelijke voldoende. Begin april hebben we opnieuw een gezamenlijk gesprek, zodat we de vinger goed aan de pols kunnen houden. Tot zover. De voorzitter: Dank u vriendelijk, mevrouw Pronk. Dan een mededeling vanuit het college. Ik heb begrepen dat wethouder Zagt een mededeling heeft. Wethouder Zagt. Gaat uw gang. De heer Zagt: Dank u wel, voorzitter. Eigenlijk sluit die daar mooi op aan. Dat gaat over de voortgang van het samenstellen van de jaarrekening 2022. Die voortgang, die gaat goed, dat vordert gestaag.
Cijfermatig, en dat is niet alles, zijn we voor 95 procent klaar. En het ziet ernaar uit dat we zelfs met een positief saldo uitkomen. Begin mei, dus dat duurt nog even, zullen diverse Sociaal Domein-posten nog concreter worden. En het idee is om u medio mei alvast met een raadsinformatiebrief te informeren. Met name ook over de duiding van de verschillen. Ik herinner aan de eerdere rapportage in november. Omdat de eindcontrole van de accountant pas mei-juni plaatsvindt, hebben wij de insteek gekozen om u dan alvast vooruitlopend op die controle van de
accountant per raadsinformatiebrief te informeren. Dus enig voorbehoud is nog gepast. Maar dit is op dit moment de stand van zaken. De voorzitter: Dank u vriendelijk. Ik zie hier een verduidelijkende vraag van mijnheer De Kloet. Gaat uw gang. De heer De Kloet: Ja. U heeft het over de jaarrekening neem ik aan, hè? De voorzitter: Wethouder Zagt, gaat uw gang. De heer Zagt: Jazeker. De heer De Kloet: Dat was me even ontgaan, dank u wel. De voorzitter: Dank u vriendelijk. Meer vragen vanuit de commissie? Niemand, nee. De heer De Kloet: Voorzitter? We zitten hier in de gemeenteraad, niet in de commissie. Dank u wel. De voorzitter: U heeft gelijk. Goed dat u dat even mededeelt. Dank u wel, mijnheer De Kloet. 5.
Lijst ingekomen stukken De voorzitter: Dan ga ik naar agendapunt 5. Mevrouw Van Rijn, gaat uw gang. Mevrouw Van Rijn: Ja, voorzitter. Ik weet niet of het bij dit agendapunt kan. Ik had zelf een vraag over een eerdere mededeling, namelijk dat de wethouder nog met een mededeling terug zou komen over de toegankelijkheid van de Joodse begraafplaats. De wethouder heeft een tijdje geleden gemeld dat die onderhouden is. En zou zo snel mogelijk terugkomen. Wij hebben nog geen RIB gezien, we hadden vanavond een mededeling verwacht. Maar anders via deze weg aan het college om daar met ons over te communiceren als dat kan. De voorzitter: Ik zal het doorgeleiden aan college, dank u vriendelijk. Maakt niet uit, heel goed. Dan ga ik naar agendapunt 5, de ingekomen stukken. U kunt allemaal zien, ik lees gewoon de paginanummers op, en dan mag u van mij zeggen welke u wil. Ik ga naar pagina één, dames en heren, 16 maart. Ja, mevrouw Van Rijn. Mevrouw Van Rijn: Ja, dank u wel, voorzitter. Niet op één van deze pagina’s te vinden, dus ik noem hem hier maar. Maar wij vragen u voor ik denk de derde maand achter elkaar om het afschrift te zien van Stichting Sloep over het evenementenbeleid. Vorige maand werd aangegeven door de burgemeester dat het heel vervelend was dat wij het antwoord niet ontvangen hadden. Inmiddels heb ik begrepen dat er nog geen antwoord is.
Dus via deze weg wel graag mededelen: wij zouden toch benieuwd zijn naar het antwoord, voorzitter. De voorzitter: Oké, genoteerd. Meer pagina één? Ja. Mevrouw Humme: Nummer dertien. De voorzitter: Nummer dertien. Mevrouw Humme, heel goed. Meer vanuit de raad? Nee, prima. Pagina twee. Mevrouw Van Rijn.
Mevrouw Van Rijn: Dank u wel, voorzitter. Wij zouden graag, en ik zou er toch een opmerking bij willen maken, brief zeventien van de HISWA, echt ongelooflijk dat er hier al op 10 oktober een brief is binnengekomen, twee keer een herinnering is geweest, en nog steeds geen antwoord is van het college. Wij zouden graag deze brief willen agenderen met een behandelverzoek voor de volgende commissie. En daarbij zouden wij graag wel als apart onderwerp de voortgang van het gebiedsakkoord willen bespreken, want wij horen daar ook zorgwekkende geluiden over, voorzitter. Dus twee behandelverzoeken komen op dit onderwerp. De voorzitter: Twee behandelverzoeken, briefnummer zeventien. Mevrouw IJsbrandij? Mevrouw IJsbrandij: Makkelijk voor mij, ik sluit me daar helemaal bij aan. DorpsBelangen wil ook zeker de inhoud van deze brief bespreken. En het uitblijven van het beloofde. Dank u wel. De voorzitter: Prima. Ik kijk naar de andere kant. Niemand? Nee. Pagina twee. Dan ga ik naar pagina drie. Mevrouw Van Rijn. Mevrouw Van Rijn: Ja, voorzitter, dank u wel. Wij zouden graag de brief met het onderwerp Huisvesting van de Terpstraschool willen bespreken. Nummer vijf. De voorzitter: Oh, nummer vijf, ja. Dank u vriendelijk. Meer vanuit de raad? Nee, niemand. Dan pagina vier. Mevrouw Van Rijn, gaat uw gang. Mevrouw Van Rijn: Ja, voorzitter, dank u wel.
Wij zouden graag de beantwoording van het Kininelaantje willen bespreken in de commissie, met een behandelverzoek. En de beantwoording, kijk ik ook even naar de overkant, misschien kan het gezamenlijk van vragen van de DLP en CDA over de contactmomenten in de gemeente. Ik zie knikken. En daarbij zou ik nog een opmerking willen maken, voorzitter. De brief is pas vandaag binnengekomen volgens mij, van de bewoners van de Leeuwenlaan. Ik wil daar niet een behandelverzoek op indienen, maar ook hier een waarschuwing van de bewoners dat er gewoon niet gereageerd wordt op brieven die binnenkomen. Ik zou u echt willen vragen, via u aan het college: zorg niet dat mensen drie maanden moeten wachten en drie brieven moeten sturen. Uiteindelijk is het alleen maar meer werk, voorzitter. De voorzitter: Prima. En de tweede brief die u samen met De Lokale Partij wil doen, dat was briefnummer? Heb ik dat goed genoteerd? Mevrouw Van Rijn: Dat was briefnummer twee van pagina vier. En dan zullen wij gezamenlijk … De voorzitter: Twee is gezamenlijk, en zes is voor het CDA. Ja? Prima. Heel goed. Dan … Excuus. Dit agendapunt afgehandeld. 6.
Stand van zaken financieel herstelplan Wijdemeren De voorzitter: En dan gaan we naar agendapunt 6. Dat is de stand van zaken financieel herstelplan Wijdemeren. Wethouder Zagt, ik geef u graag het woord om de stand van zaken met de gemeenteraad te delen. Uw microfoon, mevrouw Van Rijn. Wethouder Zagt, gaat uw gang. De heer Zagt: Dank u wel. Even kijken. Ik had het voorbereid hoor, ik zit even te kijken waar ik moet beginnen. In de zonet vastgestelde besluitenlijst van de vorige keer, daar staat een toezegging. Namelijk, ik zal hem even
letterlijk citeren: wethouder Zagt zegt toe dat hij zo spoedig mogelijk de raad antwoord op de vraag of het mogelijk is dat de gemeente geen herstelde begroting 2023 aan de provincie aanlevert. Ik ben dat nagegaan, maar in feite heeft u dat zelf ook nagegaan. Want dat is inderdaad mogelijk. Maar de provincie overweegt dan wel het begrotingsvolume te verlagen, waarboven dan voor alle uitgaven toestemming van de provincie benodigd is. Ik zag dat het ook zodanig was verwoord in het verslag van het overleg met de vertegenwoordiging van de raad en de gedeputeerde, op 24 februari. Dat is het eerste wat ik over het herstelplan kan zeggen. Het tweede dat ik wil zeggen is dat we goed op koers liggen met de voortgang van het financiële herstelplan, qua onderdelen één en twee. En we zoeken in overleg met de griffie, ik had dit al opgeschreven voordat ik vanmiddag met de griffie overleg had om vier uur, onderzoeken gezamenlijk op welke wijze en wanneer we de raad over de resultaten kunnen informeren. En u hoort daar binnenkort meer van. Ik heb de griffie vanmiddag toegezegd dat wij proberen om maandag, voordat de agendacommissie plaats gaat vinden, de griffie daarvan op de hoogte te stellen, wat mogelijk zou zijn. Van de zijde van het college danwel organisatie. Dank u wel, dat was het. De voorzitter: Mijnheer De Kloet, gaat uw gang. De heer De Kloet: Dank u wel, voorzitter.
En dank u wel ook, wethouder, voor de mededeling. U refereerde er zelf al even aan. We hebben inderdaad 24 februari een gesprek gehad met de gedeputeerde, die ook toezichthouder is van onze gemeente vanuit de provincie. En daarin werd ook, in dat gesprek, gewacht gemaakt van het feit dat er ook vanuit de raad naar het college toe gevraagd moet worden: maak ook voort met stappen in het herstelplan, wat u ook al zei. Wat bij onze raad leeft, en zeker in onze fractie, is: kan de wethouder een toezegging doen dat er totdat we … Want u zegt mei geloof ik. En dat is alweer over twee maanden. Dat we volgende maand, in de raad van april, een soort eerste lijstje zouden kunnen krijgen waarin, zoals het dan mooi heet, het laaghangend fruit wordt benoemd? En daar bedoel ik mee bezuinigingsmogelijkheden en stappen om te bezuinigen. Want we hebben een gat in de begroting, zoals u weet. Waarbij we daar als eerste aan moeten denken, om dat uit te voeren. Zodat we dat gat gaan dichten. Wij zouden heel graag een toezegging van de wethouder hierop hebben. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer De Kloet. Mevrouw Van Rijn, gaat uw gang. Mevrouw Van Rijn: Dank u wel, voorzitter. Ik had nog een vraag. Mijnheer Zagt, dank voor het antwoord. U gaf aan: wat gebeurt er nou als we geen toestemming krijgen van de provincie? En dan zegt u: dan moet het langs de provincie voor toestemming.
Maar ik had ook begrepen, bij de provincie, dat we dan flink gekort worden op het budget. Dus dat dan de begroting ’22 niet meer leidend is, maar dat we gekort worden op onze uitgaven. Dat stuk heb ik gemist in uw beantwoording. Zou u daar nog wat over kunnen zeggen? En ik sluit me aan bij de heer De Kloet. Ik zou ook heel graag willen dat de wethouder op zo snel mogelijke termijn met een aantal bezuinigingsideeën komt. En volgens mij zijn die er zeker, dus ik ga ervanuit dat dat zeker moet lukken. Dus ik zou ook graag die toezegging willen. Mevrouw Wind: Voorzitter? De wethouder was niet bij het gesprek met de provincie, de andere fractievoorzitters wel. Er is absoluut niet gezegd dat er gekort wordt op het budget. Ik hoor dat misverstand wel vaker, daarom dat ik het hier graag even zeg. Wat er wel gezegd is, dat dan het budget meer gefaseerd wordt uitgegeven. Dus dat je misschien tot juli of tot augustus … Maar het misverstand dat blijkbaar hier en daar heerst dat we al dan niet als sanctie, dat weet ik niet, gekort worden op het budget, dat is echt een misverstand.
De voorzitter: Oké, dank u wel, mevrouw Wind, voor deze aanvulling. Dan geef ik graag het woord aan wethouder Zagt. De heer Zagt: Dank u wel. Eerste vraag van de heer De Kloet, of wij in de raad van april een lijstje met bezuinigingen kunnen hebben, of ik dat toe kan zeggen. Dat kan ik niet toezeggen, en dat ga ik ook niet toezeggen. We hebben met elkaar een zorgvuldig proces afgesproken. Onderdeel één en twee is het bureauwerk, de inventarisatie. Daar gaat, hoop ik, best veel uitkomen. En dat gaan wij delen, heb ik zonet wat over verteld, op zo kort mogelijke termijn in april. Dat wordt gepland in overleg met de griffie. En dat is de basis, en daar gaan best wat dingen uitkomen verwacht ik. Dat is de basis voor zo’n lijstje. Maar de totale lijst, het grotere overzicht, dat gaat komen in de maanden april-mei. En zo hebben we dat ook, nou ja, ik zou zeggen met elkaar afgesproken. Maar ik kan beter zeggen: zo heeft het college dat aan de raad voorgesteld. Dat dat het traject is van het herstelplan. En de tweede vraag, voorzitter, van mevrouw Van Rijn. Mevrouw Wind heeft het al ingekleurd. Mevrouw Van Rijn gebruikte vorige keer ook het woord gekort, wij worden dus niet gekort. Dat woord is niet geheel gepast.
Het gaat erom, boven welke grens moeten wij voor uitgaven toestemming vragen aan de provincie? En als wij niet binnen die twee keer dertien weken, en dan zou het meen ik al 18 mei zelfs de begrotingswijziging in moeten leveren, als we dat willen halen. Als ons dat niet lukt, dan overweegt de gedeputeerde om die bovengrens die nu een volume heeft van begroting 2022, van 55 miljoen, om die te verlagen. Dat neemt niet weg dat we gewoon nog dingen kunnen blijven doen, alleen er zal nog kritischer door de provincie worden meegekeken. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, wethouder Zagt. Mijnheer De Kloet. De heer De Kloet: Ik ga niet meer doen wat we vorige maand hebben gedaan, ik ga hier geen semantische discussie voeren. Maar wel een opmerking maken. Ik heb niet gevraagd om een totaalplaatje, van de heer Zagt zegt, maar ik heb gevraagd om de eerste dingen die … Waar je niet over hoeft na te denken, om die in beeld te brengen. Daar gaat het mij om. En ik neem aan dat dat in beeld is bij de wethouder. De voorzitter: Mevrouw Van Rijn. Mevrouw Van Rijn: Dank u wel, voorzitter. Ik geef de heer Zagt gelijk dat het woord gekort inderdaad wat ongelukkig is. Maar het bedrag waarvoor we naar de provincie moeten is wel waarschijnlijk een stuk lager. En wat ik er ook van begrepen heb is dat je eerst naar de provincie moet met al je voorstellen, en dan pas naar de raad.
Dus dat betekent ook nog wel iets. Ik had ook verwacht dat mijnheer Zagt geen toezegging zou doen, en dat mijnheer Zagt zou komen met de planning van het herstelplan. Overigens is er ook vanuit de raad nog steeds geen precieze planning gezien van dit herstelplan. Dus volgens mij ligt die er helemaal niet. Maar het neemt niet weg dat de provincie heeft gezegd: hoe langer jullie wachten met het nemen van bezuinigingen, hoe meer je dit jaar al hebt uitgegeven. Als wij die inhuurcontracten laten doorlopen, dan kunnen we er niet meer op bijsturen. Dan hebben we dat geld uitgegeven. We hebben gezien in de begroting ’23, met een zeer groot tekort afsloot. Dus het lijkt me niet meer dan logisch dat we wat we kunnen doen vast in werking gaan zetten om te bezuinigen. En daar gaat het om. We hebben het interview gelezen met de gedeputeerde in het weekblad, en die gaf ook aan: volg uw traject, maar zorg ook dat u snel keuzes gaat maken en aan de slag gaat. Dus laat uw korte termijn niet tegenhouden door het lange termijnplan. Maar ik wist ook dat de heer Zagt geen toezegging zou doen, dus ik ben heel benieuwd wat onze collega’s in de raad ervan vinden. Dus wij zullen niet meer met de wethouder in discussie gaan, maar een motie vreemd aan de agenda indienen om te verzoeken of de wethouder toch alstublieft met de eerste voorstellen zou kunnen komen, omdat wij ons echt zorgen maken.
De voorzitter: Dank u vriendelijk, mevrouw Van Rijn. Wethouder Zagt, heeft u nog een opmerking? Gaat uw gang. De heer Zagt: Volgens mij, de inkleuring die de heer De Kloet denk ik inderdaad terecht geeft. Namelijk dat het geen uitputtend overzicht hoeft te zijn, maar een lijstje met wat hij noemt dingen waar je niet over na hoeft te denken. Nou, daar moet ik even over nadenken. Als het allemaal zo makkelijk was, dan zouden we daar allang mee gekomen zijn. Die exercitie die nu plaatsvindt, de duiding van de cijfers, om daar meer grip achter te krijgen en daar vervolgens wat mee te doen, ik kan u verzekeren: dat gaat uit deze slag komen waar de organisatie nu mee bezig is, en waar u zeer binnenkort over geïnformeerd wordt. En ik kan u ook verzekeren dat het college, maar dat inmiddels in de organisatie dat ook steeds meer doordrongen is, dat we echt zeer kritisch moeten zijn op alle uitgaven in dit lopende jaar. Om te voorkomen dat we ontsporen. En ook dat we de … Hoe moet ik het zeggen. Wij willen ook absoluut een goed beeld naar de provincie presenteren, dat wij er alles aan doen om financieel in ieder geval in het gareel te komen. De voorzitter: Dank u. Mevrouw Wind en mevrouw Van Rijn. Mevrouw Wind, gaat uw gang. Mevrouw Wind: Dank u wel. Dingen waar je niet over na hoeft te denken, die zijn er niet.
Dus ik zou het college ook vooral willen vragen om over alles te blijven nadenken. Het tweede deel, over het interimpersoneel, die zorg hebben wij bij de begroting naar voren gebracht. Die heb ik dacht ik één van de vergaderingen geleden met de vandaag fungerend voorzitter naar voren gebracht. En ik heb begrepen uit die reacties dat daar sterk op wordt toegezien en dat er geworven gaat worden. Mocht ik dat verkeerd begrepen hebben, dan hoor ik dat graag. Maar in mijn beleving heeft het college de toezegging gedaan dat het automatisme om interimmers in te huren gestopt is. En dat het college doordrongen is van het belang van eigen medewerkers, en dat daar ook op geworven wordt. Met inachtneming van alle problemen die de arbeidsmarkt kent, en dus kan het heel goed zijn dat we toch heel blij zijn met interimmers. Ik wil graag wel de bevestiging dat ik die toezegging goed begrepen heb. En volgens mij kan de wethouder die zo geven. Zo niet, dan ga ik een vervolgvraag stellen. De voorzitter: Dat komt zo. Eerst mevrouw Van Rijn. Mevrouw Van Rijn: Ja, voorzitter. Ik neem toch aan … Mevrouw Wind en mijnheer Zagt zeggen, dingen waar je niet over na moet denken bestaan niet. Maar het is niet zo dat er niet over nagedacht had kunnen worden. We zitten wel al vanaf juni dat we weten dat we moeten bezuinigen. Dus dat er nu nog bedacht moet worden, ik kan het me niet voorstellen.
Ik kan één voorstel geven: het gebouwtje naast de scouting staat leeg, weg ermee. Er gebeurt niks, we hebben er niks aan, we wilden het al heel lang wegdoen. Hoe langer we het aanhouden, hoe meer kosten we maken. Dat soort voorbeelden vragen we om. Het gebouwtje naast de brandweer in Loosdrecht, voor ik dat helemaal verkeerd ga doen. Ga daar nou eens over nadenken. Los van wat wij van het CDA daarvan vinden, de krant staat vol dat steeds meer gemeentes gaan werken met een huishoudelijke hulp waar weer een inkomenstoets zit. Dat is geen bezuiniging, maar dat is zorgen dat er meer binnenkomt voor de gemeente. Waarom zien we dat niet bij de gemeente Wijdemeren? Dat zijn allemaal manier, dan kan mijnheer Zagt dat hele investeringsplan uitpluizen wat hij wil. Daar vertrouw ik hem ook in. Maar dat zijn wel dingen die we nu kunnen doen. Hoe eerder we dat invoeren, hoe eerder er weer bij huishoudelijke hulp niet alleen de gemeente ervoor staat, maar ook mensen die het inkomen hebben om het zelf te financieren. Ik begrijp niet dat u zegt: dingen waar we over na moeten denken. We zijn al zo lang bezig, kom nou eens met ideeën, kom nou eens met plannen. Er gebeurt helemaal niks. Er is geen cent. En een ander voorbeeld, we hebben allemaal het beeld van de recessie. Het zit me een beetje hoog, voorzitter …
De voorzitter: Ja, mevrouw Van Rijn, maar het is wel nog de stand van zaken. We gaan nu een debat voeren, maar misschien moeten we … Mevrouw Van Rijn: Nee, u heeft gelijk, hierna zal ik … Maar we hebben met zijn allen bij de beeldvormende sessie gezeten over de middenweg. Daar wordt heel hard aan gewerkt, er wordt heel veel uren aan besteed, heel veel capaciteit ingestopt. Allemaal geld, voor de meest uitgebreide variant. Ik begrijp er werkelijk waar helemaal niks van dat het college daarmee bezig is, als we op elke cent moeten letten. Dus dat zijn een aantal voorbeelden. Ik kan met de wethouder een middag om tafel zitten, dan geef ik hem er nog vijf. Maar begin nou eens een keer. Alstublieft wethouder, het moet echt. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Van Rijn. Wethouder Zagt, gaat uw gang. Uw microfoon, wethouder. De heer Van Zagt: Ik snap die hartenkreet, voorzitter. We zijn ook al aan begonnen. Die lijstjes komen ook. Je kunt niet alles zomaar invoeren. Die inkomenstoets, daar hebben we ook volgens mij zelfs in het bestuursakkoord iets over opgeschreven. Toen zaten we nog op de tour van: we gaan daar niet vooruitlopen op hetgeen wat wettelijk nog niet mag. Maar je ziet inderdaad dat meer gemeenten dat doen. Er gebeuren echt wel dingen. Ik weet ook dat mijn collega achter mij, mevrouw Van Hal … Wethouder Kruijt. Kun je nagaan. Dingen veranderen soms in 21 jaar. Sorry.
Ben ik gelijk even van mijn á propos. Ik kan u verzekeren dat mijn collega-wethouder Kruijt hard bezig is om ook op het gebied van gemeentelijk vastgoed, zoals zo’n gebouwtje naast de brandweer in Loosdrecht, danwel andere gebouwen, danwel nog andere vrijkomende locaties, om daar iets mee te doen. Want dat is ook inderdaad, dat zijn dingen die we niet moeten laten lopen. En daar kun je op korte termijn wat mee. De toezegging die mevrouw Wind mij vraagt, die vind ik wat lastiger. En waarom? Mijn collega, wethouder Hoelscher, is er niet, die gaat momenteel over P&O. Als dat toegezegd is wil ik dat best herhalen, maar ik ben me zo’n scherpe, duidelijke toezegging zoals die nu door mevrouw Wind geformuleerd wordt, niet bewust. Ik weet wel dat wij in eerste instantie er alles aan gedaan hebben om de gaten, zoals de gemeentesecretaris het altijd noemt, in de organisatie op dat niveau van teamleiders heel erg op te vullen. En dat lukt haast alleen met inhuur. Maar dat er nu inmiddels daarnaast ook flink geworven wordt op andere openstaande functies. En evenzo geldt dat voor de werving van de afdelingsmanagers. Heb ik dan beantwoord, voorzitter, wat nog … De voorzitter: Mevrouw Van Rijn had nog een … Mevrouw Van Rijn: Voorzitter, ik had nog één afsluitende opmerking.
Ik begrijp het ook wel, wat de heer Zagt zegt, dat dingen … Ik heb het even opgeschreven: niet alles is zomaar te regelen. Maar juist omdat niet alles zomaar te regelen is, en omdat het lange termijn duurt voordat iets in werking is gezet, is het zo belangrijk dat u met voorstellen komt. Bijvoorbeeld die inkomensafhankelijke huishoudelijke hulp. Hoe langer u daarmee wacht, hoe later het naar de gemeenteraad komt en hoe later dat in kan gaan. Dus ik snap dat het niet van vandaag op morgen geregeld is, maar ik doe echt een dringend verzoek: begin er alsjeblieft aan. Ook met het afstoten van gebouwen. Dat was mijn punt, dank u wel. De voorzitter: Mevrouw Van Rijn, u bent helemaal duidelijk. Dank u wel. Maar even, waren er nog vragen van de wethouder die niet beantwoord zijn? Niemand, nee. Mevrouw Kaper. U heeft een nieuwe vraag? Mevrouw Kaper: Ik heb een nieuwe vraag. Mag dat? De voorzitter: Ja, gaat uw gang.
Mevrouw Kaper: De wethouder geeft aan dat zoals afgesproken in april of mei een groot overzicht en ook een lijstje wordt verwacht. Ik vraag me af: dat lijstje wat u dan gaat geven, zijn dat al voorstellen vanuit het college voor bezuinigingsmaatregelen? Of is dat eerder een soort opsomming van mogelijkheden waar wij als raad dan nog naar kunnen kijken? Of komt u dan op dat moment al met concrete voorstellen? Want ik deel wel de zorgen van het CDA en DorpsBelangen dat er geen tijd te verliezen is. Dus krijgen wij dan een soort overzicht, of komt u al met echt voorstellen voor bezuinigingen? De voorzitter: Momentje, wethouder. Zijn er meer vragen uit de commissie? Want ik wil het agendapunt wel gaan afsluiten nu. Dus is dit de laatste vraag, kan de wethouder dan antwoord geven en dan zijn we klaar met dit agendapunt? Is dat duidelijk? De heer De Kruijff heeft nog een vraag ook? De heer De Kruijff: Ja, voorzitter, ik heb een vraag aan u eigenlijk. Want de wethouder gaf ik het begin van zijn betoog aan dat hij het verslag van het gesprek tussen de fractievoorzitters en de gedeputeerde had gezien. En ik was eigenlijk benieuwd of dat verslag ook met de raad gedeeld kan worden. De voorzitter: Prima, kom ik zo op terug. Niemand meer na mevrouw Kaper? Wethouder Zagt, gaat uw gang. De heer Zagt: Dank u wel.
Ik lees even op wat we over deel drie, de oplossingsrichting, wat we daarover afgesproken hebben met elkaar. Of wat het college voorstelt aan de raad om te doen. Op basis van inzicht in deel één en twee, het bureauwerk, kunnen we samen met de gemeenteraad diverse scenario’s uitwerken en keuzes voorleggen die een bijdrage leveren aan het herstel van het financieel evenwicht van de gemeente. Dus het zal een mix zijn verwacht ik, mevrouw Kaper. Over heel veel moet een uitspraak van de raad komen, maar wij kunnen ook wel enigszins afwegen wat misschien makkelijker valt en wat moeilijker is. En een suggestie die mevrouw Van Rijn vanavond deed, ja, voornamen voorzitter, u snapt hem. Over huishoudelijke hulp die is zeker ook in het college aan de orde geweest. En dat kan er best één zijn die bijvoorbeeld gevolge ligt, die je eerst even af wil tasten. Om maar eens wat te noemen. De voorzitter: Ja, ik hoor een punt. Mevrouw Kaper. U heeft een verduidelijkende vraag begrijp ik? Mevrouw Kaper: Ik vind het toch nog iets te vaag. Ik wil eigenlijk gewoon heel graag weten: kunnen wij dan tegen die tijd concrete voorstellen vanuit het college verwachten? Want nu zegt u eigenlijk: het kunnen scenario’s zijn, verschillende dingen zijn. Maar we hebben echt denk ik wel behoefte aan van uw kant dan ook een aantal voorstellen. Heel concreet, waar we ook meteen als raad mee aan de slag kunnen.
Kunt u daar iets concreter over zijn? Als het niet is, snap ik dat ook. Maar ik zou toch heel graag willen horen: wat kunnen wij verwachten? De voorzitter: Wethouder Zagt, gaat uw gang. De heer Zagt: Ik moet daar echt in het college over praten of wij zeg maar … Er is nog een aantal raadsvergaderingen voor het zomerreces. Of we ervoor kiezen om af en toe met iets te komen, om maar een beetje te chargeren. Of met een evenwichtig samengesteld pakket. Want we willen wel met elkaar ergens heen. En je wil ook geen zaken, geen bezuinigingen bijvoorbeeld doen, op een gebied wat je later betreurt omdat je zegt: met een evenwichtig pakket hadden we dat liever niet gedaan. Dus daar willen we nog wat even in levelen. Moet ik afwegen. Kan ik nu geen antwoord op geven. De voorzitter: Dank u vriendelijk. Op verzoek van mijnheer De Kruijff zal ik vragen aan de fractievoorzitters of dat gedeeld kan worden met de gemeenteraad, maar dat komt denk ik wel goed. Even voor u, dat u dat in de
gaten heeft, u heeft geen koffie op uw desk staan. Dat komt omdat er voor de raadsvergadering nog geteld werd hier, dus daar was geen tijd meer voor. Maar we gaan na de hamerstukken even een koffiepauze houden. Misschien is dat een goed idee om een beetje tegemoet te komen. Dan agendapunt 6, heeft u daar nog vragen over de heer De Kloet? De heer De Kloet: Jazeker. Niet over het agendapunt, maar over wat de wethouder zei. U zegt: ik sluit het punt af. Maar ik zou er nog wel graag een opmerking over willen maken. De voorzitter: Ja, mijnheer De Kloet. Oké. Mijnheer De Kloet. Gaat uw gang. De heer De Kloet: Dank u wel, voorzitter. Het is een beetje een herhaling van zetten, dus ik zal het kort houden, wees niet bang. Maar de wethouder zei dat we samen hebben afgesproken dat we drie stappen zetten in dit proces. Ik kan het raadsbesluit niet terugvinden. Nogmaals, dat wil ik even als kanttekening gezegd hebben, ik ga er niet meer verder op in, wees niet bang. Maar de werkelijkheid is iets anders. En ik sluit me aan bij de woorden van mevrouw Kaper en mevrouw Van Rijn, dat wij als raad, deze drie fracties in ieder geval, meer actie willen zien. En dat we daar concrete voorstellen willen zien, en niet een totaalplaatje. Maar juist wat ik al eerder noemde, het laaghangend fruit. We moeten nu echt actie gaan ondernemen. De voorzitter: Het punt is helemaal duidelijk. Dank u vriendelijk.
Toch wethouder? Ja. Zoals gezegd gaan we na de hamerstukken gaan wij even een korte koffiepauze houden. Hamerstukken 7.
Nieuwe geluidsinstallatie raadzaal (Het voorstel is zonder stemming aangenomen). De voorzitter: Dan ga ik naar agendapunt 7, dat zijn dus de hamerstukken. Aanschaf nieuwe geluidsinstallatie raadszaal. Dat is misschien wel nodig. U kunt het zien, mevrouw Van Rijn die blijft voor iedereen hoorbaar. Maar we gaan er nu wat aan doen. Kijk eens, dat is absoluut … Dat gebeurt heel vaak. Ik pak mezelf even terug. Voorgesteld wordt voor de raadszaal een nieuwe geluidsinstallatie met de mogelijkheid tot beeldregistratie aan te schaffen. Hiertoe een investeringskrediet van tachtigduizend euro ter beschikking te stellen. De structurele jaarlijkse lasten, 21.200 euro, die met deze aanschaf gemoeid zijn in de meerjarenraming 2024-2027 te verwerken ten laste van de begrotingssaldi. Deze uitgave voor te leggen aan de toezichthouder in het kader van het toezichtsregime. Is er behoefte aan een stemverklaring? Niet. Is er behoefte aan een stemming? Nee. Hamerslag. Aldus besloten.
8.
Budget toekomstperspectief (Het voorstel is zonder stemming aangenomen.) De voorzitter: Agendapunt 8, budget toekomstperspectief. Voorgesteld wordt de begeleiding van het proces Toekomstperspectief te gunnen aan Kokx-DeVoogd. Een budget van zestigduizend euro ter beschikking te stellen voor het uitvoeren van de begeleiding. Dit budget ten laste te brengen van de post onvoorzien. De provincie deze besteding voor te leggen ter goedkeuring. Is er behoefte aan een stemverklaring? Nee. Is er behoefte aan een stemming? Nee. Aldus besloten.
9.
Gebiedsakkoord (Het voorstel is zonder stemming aangenomen.) De voorzitter: Wijzigingsakkoord addendum Gebiedsakkoord Oostelijke Vechtplassen 2017-2027. Voorgesteld wordt in te stemmen met de wijzigingsovereenkomst, addendum bij Gebiedsakkoord Oostelijke Vechtplassen
2017-2027. De portefeuillehouder voor het Gebiedsakkoord Oostelijke Vechtplassen mandaat te verlenen de wijzigingsovereenkomst namens de gemeente Wijdemeren te tekenen. Is er behoefte aan een stemverklaring? Niet. Is er behoefte aan een stemming? Nee. Aldus besloten. 10. Zienswijze termijnagenda MRA (Het voorstel is zonder stemming aangenomen.) De voorzitter: Dan zienswijze termijnagenda MRA 2023. Voorgesteld wordt in te stemmen met de zienswijze op de termijnagenda 2023 van de MRA. Is er behoefte aan een stemverklaring? Nee. Is er behoefte aan stemming? Nee. Aldus besloten. Dan gaan we nu naar de bespreekstukken. Voordat we even een koffiepauze houden van vijf minuten zou ik voorstellen. Vijf minuten. Dank u vriendelijk. Bespreekpunten 11. Rekenkameronderzoek inkoop en aanbesteding van projecten De voorzitter: Ik verzoek u weer plaats te nemen, alstublieft. Ik ga naar agendapunt 11. Rekenkameronderzoek inkoop en aanbesteding van projecten. Aan het begin van de vorige vergadering van de gemeenteraad, op 9 februari, is dit agendapunt doorgeschoven naar deze raadsvergadering. Zodat de fracties het amendement konden meewegen in hun besluitvorming. De Lokale Partij heeft een amendement aangekondigd, de A11-1, Meenemen bestuurlijke reactie. Partij van de Arbeid-GroenLinks heeft amendement aangekondigd A11-2, Rekenkameronderzoek inkoop en aanbesteding van projecten.
Ik zie dat er nog een aantal leden van de raad niet zijn, maar ik ga gewoon door. Die komen nu hollend binnen. Heel goed. Voorgesteld wordt kennis te nemen van het rekenkameronderzoek naar de inkoop en aanbesteding van projecten. Beslispunt twee. In te stemmen met de in het onderzoeksrapport opgenomen aanbevelingen. Bullet één, stel als college nadere beleidsregels vast over de aanbestedings- en gunningscriteria. Optimaliseer de administratieve organisatie: overweeg een handboek vast te stellen. Breid de mandaatregeling uit met een kopje inkoop en aanbesteding. Zorg dat de dossiers op orde zijn en leg de activiteiten en besluiten rond de uitvoering van de aanbesteding systematisch vast. Heroverweeg de positie van de inkoopadviseur en overweeg hem een rol te geven in de controle van de aanbestedingen. Verbeter de informatievoorziening van het college aan de gemeenteraad over de uitvoering van het inkoop- en aanbestedingsbeleid. En beslispunt drie, het college te verzoeken het rapporteren over inkoop en aanbesteding een plek te geven binnen de P&C-cyclus. Dit zijn dus de aanbevelingen van de Rekenkamer. Dan is het zo dat de fractie van De Lokale Partij, dat is mevrouw Rademaker neem ik aan, die heeft een amendement aangekondigd, dat is amendement A11-1. En wilt u het amendement voorlezen en nader aan ons toelichten? Mevrouw Rademaker, gaat uw gang.
Mevrouw Rademaker: Bedankt, voorzitter. Ik zal het amendement even voorlezen. De Rekenkamercommissie heeft een gedegen rapport afgeleverd. De Rekenkamercommissie heeft veel aanbevelingen gedaan richting de organisatie. De Rekenkamercommissie stelt dat ambtenaren de vorm en inhoud van aanbestedingen naar eigen inzichten kunnen uitvoeren en adviseert nadere regelgeving. De Rekenkamercommissie adviseert alle inkoop- en aanbestedingsprocedures te laten toetsen door de afdeling inkoop. Overwegende, dat het uitvoeren van alle aanbevelingen van de Rekenkamer te veel inzet vergt van de organisatie, dat niet alle door de Rekenkamercommissie benoemde punten, zoals het opstellen van een handboek, per se tot een verbetering van de werkprocessen leiden. Aanbestedingen bij wet- en regelgeving strak zijn gereguleerd, en derhalve lokale regels op dat punt niet noodzakelijk zijn. Het toetsen van alle inkoop- en aanbestedingsprocedures leidt tot onnodige administratie en daarmee tot onevenredige belasting op de beschikbare capaciteit. Besluit: Het concept-raadsbesluit als volgt te wijzigen, besluitpunt 2 aan te vullen met: met in acht name van de bestuurlijke reactie vanuit het college. Het spreekt redelijk voor zich, voorzitter. De
Rekenkamer heeft een goed, degelijk doorwrocht onderzoeksrapport afgegeven aan de raad. Met een aantal aanbevelingen. En De Lokale Partij is van mening dat de reactie daarop vanuit het college meegenomen moet worden met de vaststelling van het rapport. Zoals al aangegeven in het amendement, om onnodige werkdruk en administratie te voorkomen, en overbodige regelgeving aan te schaffen. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u vriendelijk, mevrouw Rademaker. Dan ga ik naar het volgende amendement, dat is amendement 11-2. Dat is mevrouw Abrahamse, dat heb ik goed? Ja. Ik geef u graag het woord om een toelichting over het amendement. Gaat uw gang. Mevrouw Abrahamse: Dank u wel, voorzitter. Wilt u ook dat ik hem eerst voorlees, of direct de toelichting erop geven? De voorzitter: Waar u zelf de voorkeur voor heeft, wat het beste de raad kan overtuigen. Mevrouw Abrahamse: Ja. De onderzoeksvraag van de Rekenkamer was, is het beleid inzake aanbestedingen en gunningen rechtmatig? Doelmatig en effectief. Als je doorleest in het raadsvoorstel zie je bij punt zes van de toelichtingen, duurzaamheidsaspecten, en daar staat onder: niet van toepassing. Dat verbaasde ons nogal, omdat duurzaamheid meer omvat dan alleen energietransitie of klimaatadaptatie.
Duurzaamheid heeft te maken met alle persoonlijke keuzes die je maakt in je leven, om je voetstap wat te verkleinen, je ecologische voetstap. Maar heeft ook te maken met alle processen, gemeentelijke processen. Waar je de duurzaamheid als basisvisie op kan leggen, om te kijken hoe je dat zo effectief en doelmatig kan doen. Niet alleen vanwege dit onderwerp, maar ook omdat je wil dat de hele klimaatproblematiek niet afgewenteld wordt op bepaalde doelgroepen, zoals we dat wel vaker horen. Maar dat we de duurzaamheid breder integreren in ons beleid. We worden hierin gesteund door regionale afspraken die er zijn. Zo is er binnen de regionale samenwerkingsgemeenten is er een duurzaamheidsbeleid vastgesteld op het gebied van aankopen, circulair aankopen. Wat betreft de MRA is het zo dat er intenties zijn uitgesproken, om meer duurzaamheid deel uit te laten maken van de processen rond inkoop. Die willen we graag meenemen, ook omdat het heel veel kansen biedt op samenwerking. Kansen om meer regionaal zaken aan te pakken. Dus dat heeft geleid tot dit amendement, om een toevoeging daaraan te doen richting duurzaamheid. Dank u wel. De voorzitter: Dank u vriendelijk. Dit is een raad. De Rekenkamer is een instrument van de gemeenteraad, dus een inhoudelijke opmerking van het college is in dit geval ook niet noodzakelijk.
Dus ik wil graag in de tweede termijn de fracties de gelegenheid geven om op de amendementen te reageren. En met elkaar in discussie te gaan, of wat dan ook. En wie kan ik daar het woord over geven? De heer De Kloet, ja, gaat uw gang. De heer De Kloet: Het laatste amendement, A11-2. We hebben al vaker besluiten hier die op zich geen consequenties hebben. En ik wil misschien even uitleggen dat het besluit dat we hier nemen, daar zitten geen duurzaamheidsaspecten aan. De uitwerking ervan weer wel. Wat er in het rapport staat, van: hoe ga je daar nou verder mee om? Dus daarom zullen wij deze niet steunen in ieder geval, want het slaat eigenlijk niet op het voorstel. En over het tweede laat ik me later uit. De voorzitter: Hoe bedoelt u later, mijnheer De Kloet? Over de eerste laat u u later uit? De heer De Kloet: Ja, sorry. Het eerste amendement, daar kom ik nog op terug. Of is dit al de tweede termijn? De voorzitter: Dit is de tweede termijn, ja.
De heer De Kloet: Ja, oké. Mag ik dan ook een vraag stellen, of niet? De voorzitter: Natuurlijk mag u een vraag stellen. De heer De Kloet: Wat ik graag wil vragen aan de indieners is: als u dit zo formuleert en toelicht, heb ik een beetje het gevoel dat er eigenlijk iets gedaan wordt van nou, de Rekenkamer heeft een goed stuk afgeleverd, maar wat er instaat, we vinden het wat ver voeren. En laten we nou het college volgen, want die reageert erop, en laten we die lijn volgen. Heb ik dat goed begrepen, ja of nee? Dat is mijn vraag, voorzitter. De voorzitter: Zijn er meer vragen vanuit de raad? Nee. Mevrouw Rademaker, gaat uw gang. Mevrouw Rademaker: Nee, wij vinden zeker dat de aanbevelingen uit het Rekenkamerrapport opgevolgd zouden moeten worden. Maar wel praktisch blijven. En een aantal aanbevelingen gaat enorme werkdruk opleveren die op dit moment gewoon niet zo gepast is om te doen, en ook niet een prioriteit heeft om te doen. Het opstellen van een handboek, het zou prachtig zijn als het er was, maar is dat nou noodzakelijk om de gemeente fatsoenlijk te laten functioneren? Nee, dat is niet nodig. Dus ga daar dan niet acuut mee aan de slag, kies je moment dat dat beter schikt, als ik het dan zo mag formuleren. De voorzitter: Ja, voldoende beantwoord, mijnheer De Kloet? Ja. Prima. Zijn er meer … Mijnheer Roosenschoon, gaat uw gang.
De heer Roosenschoon: Voorzitter, het amendement zoals het voorligt, amendement 11-1. Eigenlijk ligt een beetje in strijd, of is een tegenstelling, met wat er gevraagd werd aan de wethouder voor het lijstje van bezuinigingen. Dus nu zouden we gaan naar iets wat een extra druk geeft, extra onkosten geeft. En juist als dit, laten we zeggen, twee maanden geleden was gebeurd hadden we gezegd: hé, is dat nou net iets dat we nodig hebben om nu snel op te kunnen bezuinigen? Dus wat dat betreft denk ik dat dit amendement volledig terecht is. En we zullen het dan ook ondersteunen. 11-2, eigenlijk een beetje hetzelfde punt. Alleen wat mij een beetje stoort in het beslispunt, dat u het alleen heeft over regionale intenties, niet regionale en gemeentelijke intenties. Dat hebben we bij alle raadsbesluiten, staat één paragraaf duurzaamheidsaspecten. Dus dat is eigenlijk iets wat mij ontbreekt hierin. Maar afgezien daarvan, misschien kan het nog worden aangevuld, zullen wij ook dit amendement steunen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u vriendelijk. Meer opmerkingen uit de raad? Ja, mijnheer Goetheer. De heer Goetheer: Dank u wel, voorzitter. Vraag over het amendement A11-2 van Partij van de ArbeidGroenLinks. En dat gaat over besluitpunt 2. Daar staat als volgt aan te vullen: met in acht neming van landelijke wet- en regelgeving. Dat lijkt me dat we daar sowieso aan moeten voldoen.
Afspraken die we hebben gemaakt, het lijkt me dat we daar ook sowieso ons aan moeten houden. Dus dan gaat het om de genoemde regionale intenties. En daar vind ik toch wel heel wat licht tussen zitten. Wanneer is iets een intentie? Als de MRA nu iets benoemt als intentie, dan als we dit amendement dus steunen, dan conformeren we ons daar ook aan. Terwijl wij maar zeer beperkt invloed hebben op wat een intentie is die uitgesproken gaat worden door de MRA of door de regio. En ja, hoe ziet Partij voor de Arbeid-GroenLinks dat? De voorzitter: Dank u vriendelijk, mijnheer Goetheer. Mevrouw Abrahamse, gaat uw gang. Mevrouw Abrahamse: Ja, dank u wel, voorzitter. U heeft helemaal gelijk, de heer Goetheer, als het gaat om in acht neming van landelijke wet- en regelgeving en regionale intenties die al vastgelegd zijn in beleid, dat je
daar sowieso aan moet houden. Dat sluit ook aan op wat de heer De Kloet zei: in feite slaat het amendement te weinig op het voorstel dat nu voorligt, omdat het gaat om de uitwerking ervan. Ik wil in die zin toelichten dat juist de Rekenkamer heeft gesuggereerd dat er meer uitwerking moet komen op de beleidsregels met betrekking tot de aanbestedings- en gunningscriteria. Omdat ik niet het idee heb, omdat wij niet het idee hebben dat duurzaamheid al zo geïntegreerd is. In het kijken naar zaken en het totaal niet genoemd wordt, vinden we het belangrijk om het ook hier in dezen mee te nemen. En ook omdat het heel veel kansen biedt, wat ik net al zei. Dus het is jammer om die kansen hier te laten liggen. Het is eigenlijk een reminder: neem ook dit aspect mee in dit onderdeel van beleid. Omdat het verder niet genoemd staat. Tot zover. De voorzitter: Dank u vriendelijk, mevrouw Abrahamse. Mevrouw Van Rijn. Mevrouw Van Rijn: Ja, dank u wel, voorzitter. Volgens mij is het amendement van mevrouw Rademakers logisch en kunnen wij ook goed volgen. Amendement twee begrijp ik niet helemaal. Want ten eerste, inderdaad, wat de heer De Kloet zegt: u valt over het puntje zes, dat niet van toepassing de duurzaamheidsaspecten. Als ik bijvoorbeeld even kijk naar de geluidsinstallatie bij de hamerstukken, dan staat er ook duurzaamheidsaspecten niet van toepassing. U zegt daar wil ik wat aan doen.
Dat kan ik me op zich ook voorstellen. Alleen ik begrijp wat wij doen niet zo goed. Want u wil dan een beslispunt toevoegen aan een rapport van de Rekenkamer, wat niet van de raad is. Dus ik kijk ook even naar u, voorzitter, of dat überhaupt wel kan. De Rekenkamer geeft ons een rapport, die doet daarin een aantal aanbevelingen, dan zeggen we: we nemen het rapport van de Rekenkamer aan maar we doen zelf ook een aanbeveling. Dat vind ik een beetje een vreemde constructie. Dus dat begrijp ik niet helemaal. Dus misschien kan u mij dat uitleggen. Misschien moet het op een andere manier, maar dit lijkt mij een vreemde insteek, eerlijk gezegd. De voorzitter: Oké, dan ga ik ook even hier met de griffie overleggen. Maar mevrouw Abrahamse, als u een antwoord heeft … Mijnheer Roosenschoon heeft interruptie, maar wat gaan we nou doen. Mevrouw Abrahamse of mijnheer Roosenschoon. Of gaat u helpen, mijnheer Roosenschoon? De heer Roosenschoon: Nee, ik had alleen een vraag gesteld aan mevrouw Abrahamse die nog niet beantwoord is. Om toe te voegen ook de gemeentelijke intenties. De voorzitter: Oké. Mevrouw Abrahamse, gaat uw gang. Mevrouw Abrahamse: Ja, dank u wel, voorzitter. Ik begrijp de vraag van mevrouw Van Rijn. Het is ook een ingewikkelde hoe je dit aspect dan inbrengt binnen de setting waarin dit voorstel er ligt, met dat onderzoek.
Daar is uitgebreid overleg geweest met de griffie hierover, om te zoeken naar de vorm waarin je dit onderwerp toch kan binnenbrengen op dit thema. Dus het is overleg met de griffie, en op basis daarvan heeft dit de vorm gekregen die het heeft gekregen. De voorzitter: Mevrouw Abrahamse, ik heb een interruptie van mijnheer De Kloet. Mijnheer De Kloet. De heer De Kloet: Ik zou een suggestie willen doen aan de fractie. Is het mogelijk om hier misschien een motie van te maken in plaats van een amendement? Omdat je nu, wat mevrouw Van Rijn zegt en volgens mij valide is, en wat ik zelf zei eigenlijk ook, maar dat is meestal zo. Om met een motie aan te geven wat de intenties zijn, want ik hoor dat woord ook gebruikt worden. Ik geef het mee als suggestie, het was geen vraag maar een suggestie. De voorzitter: Een suggestie, heel goed. Een suggestie van mijnheer De Kloet. Mevrouw Abrahamse.
Mevrouw Abrahamse: Ja, dank u wel, voorzitter. Dank u wel voor de suggestie ook om er een motie van te maken. Ook dat is overwogen en besproken, en het lijkt me handiger om het wat praktischer te houden dan opnieuw een hele motie daarvoor in te dienen, waarbij een motie ook de gelegenheid heeft om door het college naast zich neer te leggen. En deze aanvulling in het amendement ook de dringende aanbeveling geeft om er iets mee te doen. Dank u wel. De voorzitter: Ik heb begrepen, na consultatie met de griffier, dat het wel mogelijk is. Het is een aanvulling op het raadsvoorstel. Dat is mogelijk. Ik zeg alleen wat er technisch tegen mij gezegd wordt. Dus dat probleem zie ik op dit moment niet. Mevrouw Van Rijn, gaat uw gang. Mevrouw Van Rijn: Ja, voorzitter. Ik heb er dan toch een vraag over. Want als ik het lees, dan is het dus kennis te nemen, beslispunt één, kennis te nemen van het Rekenkameronderzoek naar de inkoop en aanbesteding. Beslispunt twee, in te stemmen met de in het onderzoek opgenomen aanbevelingen. Dan volgen daar zes aanbevelingen die in het onderzoek naar voren gekomen zijn. En dan voegen we er dus als raad nog eentje toe die niet in het rapport staat. Ik zou toch graag willen weten hoe dat dan kan. Je kunt toch niet een rapport van iemand die voor ons maakt dan een aanbeveling toevoegen? Dat begrijp ik niet. Maar misschien ben ik … Dat ik dat niet begrijp.
Maar ik zou toch graag willen weten, want ik vind het echt vreemd. De voorzitter: Mevrouw Abrahamse, heeft u een antwoord? Ik heb het niet. Mevrouw Abrahamse: Ik heb eerst een antwoord voor de heer Roosenschoon, met excuses dat ik uw vraag oversloeg. Ik denk dat dat een waardevolle toevoeging is, dat de gemeentelijke intentie en gemeentelijk beleid daarin wordt opgenomen. Daar waren we misschien te veel vanuit gegaan, dat dat al aan de orde zou zijn. Dus dat lijkt mee een goede toevoeging. Help mij even herinneren aan de andere vraag die nu net gesteld werd? De voorzitter: Of wij een aanbeveling zelf kunnen wijzigen. Dat is wat mevrouw Van Rijn even in een notendop zegt. Mevrouw Abrahamse: We wijzigen geen aanbeveling, we doen een toevoeging op de aanbeveling van de Rekenkamer. Die zegt: werk die beleidsregels verder uit. En daar doen wij een suggestie aan de hand om daar duurzaamheidsaspect mee te nemen in de afwegingen. En het beschrijven van die beleidsregels. De voorzitter: Maar geen suggestie, u wijzigt dat. Dus dan betekent dat dat u het opneemt, geen suggestie. Mevrouw Abrahamse: En dat is inderdaad overlegd met de griffie, om dat op deze manier in te vullen. Dus meer toevoegingen heb ik daar niet op. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Ik heb begrepen dat het technisch kan.
We moeten hier wel goede besluiten nemen, maar het … Schorsen, ja? We gaan even schorsen, dat we zeker weten dat we dit goed doen. En dan kan iemand nog koffiedrinken als hij dat wil. Dames en heren, wij gaan verder. We hebben even … Helaas is het geen flitsraad geworden hierdoor. Maar wij hebben even overleg gepleegd, en waar komt het op uit? Is dat … Dat moet ik even goed zeggen. De Lokale Partij heeft een amendement ingediend. U denkt waar ga ik naartoe, maar dit heeft wel mee te maken met het amendement van de Partij van de Arbeid-GroenLinks. Het amendement van De Lokale Partij zegt bij beslispunt twee aan te vullen, met in acht name van bestuurlijke reactie vanuit het college. Dat wordt toegevoegd aan het besluit. Dat geldt hetzelfde voor het amendement van Partij van de Arbeid-GroenLinks. Waar ze ook dit toevoegen, de duurzaamheidsaspecten. En daar wordt hij aan toegevoegd, zo moet u het zien. Heb ik dat goed gezegd, griffier? Ja. Zo moet u dat zien. En dan wijzigen we de
aanbevelingen van de Rekenkamercommissie niet, dan geven we aanvullingen mee aan het college of aan de gemeenteraad, om het op deze manier in te vullen. Zo heb ik het goed verwoord, mevrouw Abrahamse? Ja. Dit is de oplossing die wij bedacht hebben. Mevrouw Van Rijn, wilt u er iets over zeggen of gelooft u het? Mevrouw Van Rijn: Ik ga dit gelijk geloven, het stelt mij ook iets meer gerust dat het niet in die bullets staat in ieder geval. Maar dan nog … Mij maakt het niet uit, want ik vond het punt van mijnheer Goetheer, ik weet eigenlijk niet of u dat in de schorsing heeft gezegd of zojuist, ik wil uw punt ook niet afpakken. Maar ik ben het eens met wat hierover gezegd wordt. Maar wij gaan hem niet steunen, want er staat ook in dat we dan gehouden zijn, als die aanbevelingen, genoemd door regionale intenties. Ja, welke intenties, daar zijn wij dan opeens aan gehouden. Dus ik vind dat ook niet verstandig. En dat was niet mijn briljante ingeving, maar dat is credits aan de overkant. Dank u wel. Mevrouw Kaper: Mag ik daarop interrumperen? De voorzitter: U mag altijd interrumperen. Mevrouw Kaper, gaat uw gang. Mevrouw Kaper: Ik wil het ook graag goed begrijpen. Ik lees hem als: met in acht neming van. Dat is niet dat je eraan gehouden bent. Dat is een verschil. De voorzitter: Oké, dat is een opmerking.
Daar kan iedereen … Mevrouw …: Ter aanvulling wil ik dat ook heel graag scherp krijgen. De voorzitter: U wil dat ook graag scherp krijgen? Wat wilt u scherp krijgen? U wilt … Mevrouw…: Ik wil ook duidelijk hebben of hieraan gehouden wordt, of dat we het in overweging moeten nemen, in acht nemen. Dat vind ik wel een verschil. De voorzitter: Dat vindt u een verschil. Mevrouw Van Rijn, ja. Mevrouw Van Rijn: Ik vraag me af waarom het eigenlijk allemaal zo ingewikkeld moet. We hebben dat rapport van de Rekenkamercommissie, we hebben die aanbevelingen, we gaan dat doen. Als de Partij van de Arbeid wil dat we meer duurzaamheid en meer aan die regels en aan de … Dien dan een apart voorstel in, dan gaan we het daar over hebben. Maar ik snap niet waarom dat nou zo gekunsteld aan dat Rekenkamerrapport gehangen moet worden. Dat vind ik een beetje … Maakt het voor iedereen verwarrend. Ik zou het zonde vinden voor de Partij van de Arbeid als dat de reden is dat het dan niet doorgaat. Dus dat is eigenlijk mijn opmerking. De voorzitter: Dat is uw opmerking, oké. Meer opmerkingen vanuit de commissie? Mevrouw Abrahamse, niet. Ik denk dat we gewoon over moeten gaan op stemming. En dan is het meest democratische wat we hier kunnen doen op dit moment. Is dat een goed punt, ja? Dan gaan we dat … Mevrouw Hidding. Mevrouw Hidding: Voorzitter.
Wij hebben … Wij zijn tot schorsing overgegaan, maar ik heb nog niet de gelegenheid gehad om op de amendementen voor de rest te reageren. De voorzitter: Oh, ik dacht dat u … Als u daar behoefte aan heeft mag u dat zeker doen. Ik dacht dat ik iedereen de gelegenheid had gegeven, maar gaat uw gang.
Mevrouw Hidding: Nee, u was mij even net voor met de schorsing, ik zat al met mijn handje in de lucht. Ik sluit mij bij de woorden van mevrouw Rademaker aan. Wij zijn het eens met de praktische invulling van het college, het gaat om onnodige belasting van de organisatie. En ook wat al geregeld is door wet- en regelgeving. Een handboek bijvoorbeeld, dat kan je ook regelen door naar ander gemeenten te kijken en die als leidraad gebruiken. Dus we zullen … Oh ja, en ook heel belangrijk, in de commissie heeft de wethouder ook aangegeven dat als in een brief van het college gesproken wordt over aandacht geven, dat betekent ook aanpakken. En dat in overweging nemende zullen we zeker dit amendement ondersteunen. En de tweede amendement willen we duidelijkheid hebben op dat punt ‘…’ zullen we terugkomen. Dank u wel. De voorzitter: Ik heb het laatste niet verstaan, mevrouw Hidding. Mevrouw Hidding: Over het tweede amendement, van PvdA-GroenLinks, willen we duidelijkheid hebben, of we echt instemmen met alles op het gebied van duurzaamheid. Op het moment dat wij met het amendement meegaan, of dat we het in overweging nemen. Het punt van de heer Goetheer. De voorzitter: Van de heer Goetheer, ja. Oké. En daar gaat mevrouw Abrahamse zo commentaar op geven. Zijn er meer mensen die vragen hebben over het amendement? Nee. Mijnheer Goetheer heeft zijn punt gemaakt. Mevrouw Hidding.
Mevrouw Abrahamse, wilt u reageren. Mevrouw Abrahamse: Misschien dat het verheldering biedt dat ik me aansluit en het alleen maar een fijne explicatie vind van mevrouw Kaper, die zegt: in acht nemen is dat je meeneemt dat er regionaal beleid en regionale intenties zijn vanuit een andere organisatie weer. Die je alleen maar ter versterking meeneemt in je eigen beleidsregels. Dus dat in acht nemen, is niet dat je je committeert aan alles, maar dat je in acht neemt waar we regionaal bij aangesloten zijn qua samenwerkingsverband. Dat je dat optimaal benut, ook in het kader van dit onderwerp, namelijk duurzaamheid. Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Goetheer, gaat uw gang. De heer Goetheer: Dank u wel. Dan ga ik toch even, wat is in acht name, hè? Zoek het op, dat je rekening houdt met iemand of iets, bijvoorbeeld in acht nemen van de voorschriften met in acht neming van de wet. En dat is precies de zin die ervoor staat, met in acht name van de wet- en regelgeving. Dus we kunnen … Het gaat hier om: wat willen we? En dat is volgens mij niet in de Dikke van Dale kijken wat betekent in acht name nou precies. Het gaat erom, en dat moeten wij allemaal gezamenlijk bepalen: kunnen wij akkoord gaan met dat er staat: met genoemde regionale intenties. Ik weet niet wat er dan bedoeld wordt met genoemde. Ik weet niet wat er bedoeld wordt met regionale intenties vanuit de MRA.
Voor mij is dat onduidelijk. En het is aan u allen of u akkoord kan gaan met iets wat onduidelijk is voor nu en in de toekomst. Ik kan het in ieder geval niet. De voorzitter: Oké. Heeft u nog een opmerking, mevrouw Abrahamse? Mevrouw Abrahamse: De enige toelichting of verduidelijking die ik nog ga doen, en dan laat ik het er verder bij, is dat de genoemde regionale intenties terugslaan op: het overwegende dat de regiogemeente Gooi- en Vechtstreek streven naar zo snel mogelijke doorgroei naar honderd procent circulair. Daar is zelfs beleid, dat noem ik er even bij. Maar in elk geval vijftig procent in 2025. En het slaat ook terug op de intenties die in het MRA-verband zijn geformuleerd. De voorzitter: Oké. Duidelijk? Ja? Dan, dames en heren, leden van de raad. Ik ga met u gaan we stemmen. Want als ik naar de amendementen kijk, dan zijn ze allebei … De ene niet verstrekkender dan de ander. Dus ik