CConstaterende datWijdemeren
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarstukken 2022 definitieve boekwerk

gemeenteraad 12 juli 2023, gemeente WijdemerenBij agendapunt: Jaarrekening 2022 (Het raadsvoorstel is zonder stemming aangenomen)40.760 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 5

2.263.000 1.350.000 1.136.500 390.000 250.000 250.000 50.000 250.000 250.000 250.000 875.000 50.000 50.000 70.000 25.000

Totaal alle risico's:

9.851.500

7.509.500

variërend gem. 30% gem. 25% variërend 50% 50% 20% 50% 30% 30% variërend 40% 30% 10% 30%

755.400 300.000 384.050 72.000 125.000 125.000 10.000 125.000 75.000 75.000 380.000 20.000 15.000 7.000 7.500

2.475.950

In de nota Risicomanagement 2019 zijn de kansen en financiële gevolgen ingedeeld in klassen. Deze staan in onderstaand overzicht vermeld. Kans klassen

Klasse

Frequentie dat risico zich Kans Te hanteren percentage voordoet (waarschijnlijkheid) in risicoprofiel Financieel gevolg (in euro) 1 < of 1x per 10 jaar Zeer klein 20% < 50.000 2 1x per 5 - 10 jaar klein 30% > 50.000 en < 100.000 3 1x per 2 - 5 jaar Gemiddeld 40% > 100.000 en < 250.000 4 1x per 1 - 2 jaar Groot 50% > 250.000 en < 500.000 5 1x per jaar of meer Zeer groot 60% > 500.000

Ratio weerstandsvermogen Berekening beschikbare ruimte Algemene reserve Op basis van de beschikbare weerstandscapaciteit en de benodigde weerstandscapaciteit kunnen we een berekening maken van de ruimte in de Algemene reserve per 31 december 2022. In onderstaand overzicht treft u het resultaat van die berekening.

91

Bedragen x € 1.000 Begroting Begroting 2022 2023 769 1.749 843 100 100 100 pm pm pm 67 67 70 936 1.916 1.013

Omschrijving

2022

a b c d e

Algemene reserve Stille reserves Saldo rekening/begroting onvoorzien Beschikbare weerstandscapaciteit

f g h

Totaal risico's minus correctie kansberekening Benodigde weerstandscapaciteit

7.510 -5.034 2.476

4.935 -3.195 1.740

6.288 -4.021 2.267

i

Vrij beschikbare ruimte Alg. reserve

-1.540

176

-1.254

Toelichting: Uit het overzicht blijkt dat op basis van de gegevens uit deze begroting de vrij beschikbare ruimte in de Algemene reserve negatief is. Ratio weerstandsvermogen De ratio weerstandsvermogen is de verhouding tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de gekwantificeerde risico’s. Dit wordt uitgedrukt in een verhoudingsgetal. De ratio van het weerstandsvermogen kan per 31 december 2022 als volgt worden berekend:

Beschikbare weerstandscapaciteit

€ 936

----------------------------------------------- =

------- = 0,38 (was 0,45)

Benodigde weerstandscapaciteit

€ 2.476

Het is van belang te weten of er sprake is van een toereikend weerstandsvermogen. Om de ratio van het weerstandsvermogen te beoordelen, gebruiken we onderstaande normering van het Nederlands Adviesbureau voor Risicomanagement:

Ratio weerstandsvermogen Ratio > 2,0 1,4 < ratio < 2,0 1,0 < ratio < 1,4 0,8 < ratio < 1,0 0,6 < ratio < 1,0 Ratio < 0,6

Betekenis Uitstekend Ruim voldoende Voldoende Matig Onvoldoende Ruim onvoldoende

Bij een ratio van 1,0 is de beschikbare weerstandscapaciteit gelijk aan de benodigde weerstandscapaciteit. In de nota risicomanagement 2019 is de ondergrens van de ratio weerstandsvermogen op 1,0 vastgesteld. Geconcludeerd kan worden dat het weerstandsvermogen van Wijdemeren “ruim onvoldoende” in staat is om de onderkende risico’s op te vangen.

92

Toelichting op de risico's A. (Grond)exploitaties Aan de grondexploitaties zitten hoge risico’s verbonden. Voor de gronden die al in exploitatie zijn genomen zijn voorzieningen gevormd ter hoogte van het geprognosticeerd tekort. Daarnaast is per grondexploitatie een risicoanalyse gemaakt. Gestreefd wordt naar het elimineren of verminderen van een risico. In het voorkomende geval moet een risico geaccepteerd worden. Indien het resultaat hierdoor dusdanig verslechtert dat een verhoging van een voorziening noodzakelijk is, zal deze bij de eerstvolgende herziening (of tussentijds) worden bijgesteld. Meerdere risico’s die bij de grondexploitaties worden onderkend hebben een relatie met een tijdige doorlooptijd. De uitvoering kan vertraging oplopen als gevolg van het stopzetten of aanpassen van deelplannen maar ook door vertraging van de vergunningverlening. De kans van optreden van de diverse risico’s zijn vertaald naar percentages variërend tussen de 20% en 60% voor het bepalen van de hoogte van het benodigde weerstandsvermogen. Risico’s waarbij de kans van optreden groter is dan 60% zijn uit voorzichtigheid volledig meegenomen in de waardering van de grondexploitaties en hier niet meegenomen. B. Projecten Aan de uitvoering van projecten zijn risico’s verbonden.

De uitvoering kan vertraging oplopen als gevolg van het stopzetten of aanpassen van deelplannen maar ook door vertraging van de vergunningverlening. De kans van optreden van de diverse risico’s zijn vertaald naar percentages variërend tussen de 20% en 60% voor het bepalen van de hoogte van het benodigde weerstandsvermogen. C. Overige risico's Uit de inventarisatie van de risico’s kwamen 34 risico’s naar voren. De 18 belangrijkste risico’s zijn beschreven. De overige 16 risico’s bedragen qua maximale omvang € 1.582.000. Tevens zijn voor de overige risico’s ook diverse beheersmaatregelen getroffen waardoor het uiteindelijke risico sterk verminderd is. De bedragen worden te klein geacht om deze risico’s afzonderlijk te beschrijven. D. Hogere uitgaven Sociaal domein Binnen de uitvoering van het sociaal domein, bestaande uit de WMO, de Jeugdzorg en de uitvoering van de participatiewet, bestaan er meerdere risico’s. Daarnaast is een kentering in de landelijke trend dat de zorgvraag stijgt, nog niet waargenomen. Ook nar de toekomst wordt ondanks een raming van een toename van de kosten, rekening gehouden met het risico van extra stijging. E. Asbest en bodemverontreiniging Bij reconstructie projecten is de kans aanwezig op asbest en bodemverontreiniging wat niet op voorhand bekend is ondanks de bodemonderzoeken die vooraf worden verricht.

Tot op heden heeft dit risico zich niet voorgedaan. F. Implementatie omgevingswet De implementatie van de Omgevingswet is door het Rijk uitgesteld tot 1 januari 2024. Deze wet brengt veel verandering met zich mee. Met behulp van een rekenmodel van de VNG en Deloitte is al eerder een inschatting gemaakt van incidentele en structurele kosten door de jaren heen. Op grond van de uitkomst daarvan is al in een eerder stadium een bestemmingsreserve gevormd, van totaal € 600.000 (zijnde 25% van de VNG en Deloitte raming). Deze bestemmingsreserve ziet op dekking van de invoeringskosten, exploitatielasten en frictiekosten. De kosten voor het opstellen van het Omgevingsplan (vervangt de bestemmingsplannen) zijn in de meerjarenbegroting 2022 e.v. opgenomen. Het is niet zeker of hiermee alle voorbereidingen binnen de begrotingsbedragen kunnen worden opgelost. De eerder genoemde bestemmingsreserve is per ultimo 2022 op.

93

Structurele lasten vanaf het moment van invoering van de omgevingswet zijn beperkt begroot. Hiervoor is een risicobedrag opgenomen. G. Wet Sociale Werkvoorziening (WSW) De WSW is ondergebracht in de Participatiewet. Het Werkvoorzieningschap Tomingroep voert dit voor de deelnemende gemeenten uit. Er bestaat een risico dat de Tomin-groep in enig jaar tegenvallende resultaten heeft. Maatregelen worden blijvend ingezet om te zorgen dat de opbrengsten de kosten blijven dekken. Toch resteert er voor de gemeenten een risico dat zij eventuele onvoorziene tekorten moeten aanvullen. H. Riolering Het rioolstelsel is de laatste jaren veel beter in kaart gebracht, hierdoor weten we beter hoe het functioneert en kunnen we risico's verkleinen. Grote calamiteiten hebben zich de laatste jaren niet voorgedaan. De meest waarschijnlijke calamiteiten zijn het gedeeltelijk instorten van het stelsel, een onvoorziene langdurige buiten gebruikstelling en milieuschade. De komende jaren zullen we onder meer rioolgemalen renoveren, planmatig het stelsel reinigen en inspecteren en foutieve lozingen op het oppervlaktewater reduceren. Voor normale onderhoudskosten en kapitaallasten van investeringen is een onderhoudsvoorziening beschikbaar. In de voorziening is geen rekening gehouden met calamiteiten. I. Bruggen Jaarlijks inspecteren wij onze bruggen en voeren reparaties uit.

Bij onvoldoende onderhoud en/of een te zware aslast kan een brug beschadigen. In dat geval moeten omleidingen worden ingesteld, wellicht een noodbrug geplaatst worden, reparaties worden uitgevoerd of een nieuwe brug worden gebouwd. In de afgelopen drie jaar hebben zich geen calamiteiten met bruggen voorgedaan. J. Beschoeiingen De gemeente heeft een grote hoeveelheid beschoeiingen in onderhoud. De staat van een aantal delen is nog slecht. De achterstanden in het onderhoud zijn in kaart gebracht in het "Beheerplan overige waterwerken". Met de uitvoering van dit beheerplan worden gedurende de jaren 2022-2026 fasegewijs de achterstanden ingelopen. Hiermee wordt de hoogte van eventuele schades beperkt. Het risico is dat door het wegslaan van beschoeiing de aanliggende wegconstructie ernstig verzakt. K. Onderhoud kapitaalgoederen Naast de genoemde risico’s bij riolering, bruggen en beschoeiingen, is of wordt het onderhoud van de overige zaken, zoals wegen, speeltoestellen andere aspecten binnen de openbare ruimte, in kaart gebracht. Ook hieruit blijken achterstanden, waarbij vanuit de beheerplannen deze achterstand gefaseerd wordt ingelopen. Hiermee wordt de hoogte van eventuele schades zoveel mogelijk beperkt. L. Provinciale bodemtaken Tezamen met de inwerkingtreding van de Omgevingswet (1 januari 2024) worden de provinciale bodemtaken overgedragen aan de gemeenten.

In het Algemeen Bestuur van de OFGV is met de deelnemers afgesproken dat met de overdracht het budget dat uit het provinciefonds naar het gemeentefonds wordt overgeheveld, leidend is voor de bijdragen voor deze taak bij de OFGV. Er wordt van uitgegaan dat het Rijk op de overheveling van het budget van provincie naar gemeenten geen korting toepast. Dit is echter nog geen garantie. M. Feitelijke bestuursdwang Bij het toepassen van feitelijke bestuursdwang mag het aspect van het kostenverhaal in principe niet meewegen of kan niet meewegen. Het wordt namelijk toegepast in zeer spoedeisende gevallen of in

94

die gevallen waar het dreigende verbeuren van een last onder dwangsom geen soelaas biedt om tot beëindiging of herstel van een overtreding te komen. N. Gegarandeerde geldleningen Het risico bij deze gegarandeerde geldleningen is gering, omdat in veel gevallen het Waarborgfonds Sociale Woningbouw eerst garant staat. En bij hypotheken het Waarborgfonds Eigen Woningen. De gemeente staat voor een bedrag van € 641.500 direct garant. Dit betreft € 571.500 voor een woningcorporatie en € 70.000 voor één organisatie. Voor deze laatste wordt een risico van 10% aangehouden. Zie ook de staat van gegarandeerde geldleningen. O. Informatiebeveiliging In 2018 is de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) in werking getreden. Om datalekken te voorkomen zijn er technische en organisatorische maatregelen getroffen. Echter, er blijft altijd een risico op een datalek. Indien de gemeente succesvol aansprakelijk wordt gesteld voor een datalek dan is de vervolgschade gedekt op de aansprakelijkheidspolis. Voorts de organisatie bewust maken door te (blijven) stimuleren en naleven van verantwoordelijkheden (zoals bijhouden verwerkingsregister, melden datalekken, actief rekening houden met privacyaspecten bij projecten, DPIA’s uitvoeren, etc. ). Een eventuele boete is niet verzekerd. Aan de gemeente zijn nog geen boetes opgelegd.

Financiële kengetallen Het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) schrijft voor dat in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing een overzicht van vijf financiële kengetallen moet worden opgenomen. Bij deze kengetallen worden een beoordeling van de onderlinge verhouding van de kengetallen in relatie tot de financiële positie opgenomen. De kengetallen en de beoordeling geven gezamenlijk op eenvoudige wijze inzicht in de financiële positie van de gemeente. De vijf kengetallen zijn: 1a. Netto schuldquote 1b. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen 2. Solvabiliteitsratio 3. Grondexploitatie 4. Structurele exploitatieruimte 5. Belastingcapaciteit

1a. 1b. 2. 3. 4. 5

Bedragen x € 1.000

R 2021

Netto schuldquote Netto schuldquote* Solvabiliteits-ratio Grondexploitatie Structurele exploitatieruimte Onbenutte belastingcapaciteit

61% 62% 22% 0% -2% 0,0433

B 2022 primaire begr 77% 80% 19% -1% 1%

R 2022 52% 54% 23% 0% -3% 0,0405

1a. Netto schuldquote De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. De hoogte van de inkomsten bepaalt namelijk in belangrijke mate hoeveel schulden een gemeente kan dragen. Normaal bevindt de netto schuldquote van een gemeente zich ergens tussen de 0% en 100%. Voor een gemeente geldt dat het licht op oranje springt boven de 100% en op rood springt als deze quote hoger is dan 130%.

95

1b. Wanneer de netto schuldquote wordt gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen is sprake van onderstaande quote: De netto schuldquote en de netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen bevindt zich in de periode 2023-2026 tussen de 85 % en 154%. Met iedere € 1.000.000 die geleend wordt, neemt de schuldquote met 1,6% toe. 2. Solvabiliteitsratio Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe groter de weerbaarheid van de gemeente. De solvabiliteitsratio drukt het eigen vermogen uit als percentage van het totale vermogen. Het eigen vermogen van een gemeente bestaat volgens artikel 42 BBV uit de reserves (algemene reserve en bestemmingsreserves) daarbij opgeteld het resultaat uit het overzicht van en lasten en baten (saldo per 31-12). Een solvabiliteitsratio van onder de 30% wordt als laag aangemerkt. De solvabiliteitsratio bedroeg in 2021 landelijk gemiddeld 37,5%, de solvabiliteitsratio van de gemeente Wijdemeren bedroeg in dat jaar 21,8% (Bron VNG jaar 2021: Waar staat je gemeente september 2022). 3. Grondexploitatie Het kengetal grondexploitatie geeft aan hoe groot de grondpositie (de waarde van de grond) is ten opzichte van de totale geraamde baten. In deze begroting is nog sprake van één exploitatie Porseleinhaven.

Op de exploitatie wordt de reeds getroffen voorziening in mindering gebracht. Dat bedrag wordt gedeeld door de totale baten uit de programmabegroting en uitgedrukt in een percentage. Een percentage van meer dan 10% wordt gezien als kwetsbaar. Naar verwachting wordt de laatste grondexploitatie voltooid in 2025. 4. Structurele exploitatieruimte Dit kengetal geeft aan hoe groot de structurele exploitatieruimte is, doordat wordt gekeken naar de structurele baten en de structurele lasten en deze worden vergeleken met de totale baten. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten te dekken. Wanneer dit cijfer negatief is, betekent het dat het structurele deel van de begroting onvoldoende ruimte biedt om de lasten te blijven dragen. De cijfers en de kengetallen geven aan dat er een nagenoeg structureel evenwicht is tussen de lasten en de baten. Indien het kengetal voor de structurele exploitatieruimte een relatief hoog getal is, kan dat duiden op te weinig ambities en/of te hoge belastingopbrengsten. 5. Belastingcapaciteit (verhouding woonlasten Wijdemeren versus landelijk gemiddelde) Dit kengetal is anders dan het verschil tussen het gemiddelde OZB percentage van de gemeente en het maximale OZB tarief (redelijk peil) waarbij een gemeente kan overgaan tot de aanvraag van de artikel 12 status.

Zie de toelichting bij lokale heffingen. Dit kengetal gaat over de ruimte die een gemeente heeft om haar belastingen te verhogen, dit wordt vaak gerelateerd aan de totale woonlasten. Het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden (COELO) publiceert deze lasten ieder jaar in de Atlas van de lokale lasten. Onder de woonlasten wordt verstaan de OZB, de rioolheffing en de afvalstoffenheffing voor een woning met gemiddelde WOZ-waarde in die gemeente. De belastingcapaciteit van gemeenten wordt daarom berekend door de totale woonlasten meerpersoonshuishouden in jaar t= 2023 te vergelijken met het landelijk gemiddelde in jaar t-1 =2022 en uit te drukken in een percentage. De woonlasten voor een gemiddelde woning in Wijdemeren bedraagt voor 2023 € 1222,00. Het landelijk gemiddelde is door COELO voor 2022 berekend op € 904,00. Het daaruit volgende percentage bedraagt 135%.

96

Onderhoud kapitaalgoederen Beleidskader De gemeente draagt wettelijke verantwoordelijkheid voor het beheer van de openbare ruimte. Deze ruimte bestaat in Wijdemeren uit veel water en natuurgebied waarvoor de verantwoordelijkheid bij andere (overheids-)organisaties ligt. De openbare ruimte vertegenwoordigt een grote kapitaalswaarde. Efficiënt en effectief beheer en onderhoud is van groot belang om kapitaalvernietiging te voorkomen. Openbare ruimte algemeen De voornaamste kapitaalgoederen betreffen de wegen, riolering, kunst- en waterwerken, openbare verlichting, groenvoorziening en openbare gebouwen. Het beheer hiervan is complex en begint bij het vastleggen van diverse gegevens in beheersystemen. In deze systemen worden gegevens bijgehouden als materiaal, ouderdom, locatie en staat van onderhoud. Op basis hiervan worden onderhouds- en vervangingsplannen opgesteld en op elkaar afgestemd vanuit een integrale benadering. Deze plannen vormen de input voor de begroting en het investeringsplan. Naast de gemeente zijn ook andere instanties verantwoordelijk voor de openbare ruimte binnen de gemeentegrenzen. Het beleid en beheer van de waterwegen valt merendeels onder verantwoording van het Plassenschap Loosdrecht e.o. en het Hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht (Waternet).

Andere betrokken partijen zijn onder andere het Rijk, provincie, Natuurmonumenten, nutsbedrijven en hulpverleningsdiensten. Tevens dragen particulieren als eigenaar/huurder, of d.m.v. participatie steeds meer bij aan het onderhoud van de openbare ruimte. Met deze partijen wordt, vanuit een integrale benadering en verantwoordelijkheid én efficiency, naar samenwerking gezocht in beheer en onderhoudswerkzaamheden. Kwaliteitsniveaus Het Centrum voor Regelgeving en Onderzoek in de Grond- , Water- en Wegenbouw en de Verkeerstechniek (CROW) onderscheidt diverse kwaliteitsniveaus. De CROW hanteert de in onderstaande tabel weergegeven niveaus groen en wegen, voor de kwaliteitsbepaling van de kapitaalgoederen. A+

Zeer Goed

Nagenoeg ongeschonden

A B C D

Goed Voldoende Matig Te slecht

Mooi en comfortabel Functioneel Onrustig beeld, discomfort of enige vorm van hinder Kapitaalvernietiging, functieverlies

De gemeente heeft de kwaliteitsniveaus, voor zover aan de orde, in de desbetreffende beleidsplannen vastgesteld. De beleidsplannen leveren de kaders voor de beheerplannen t.b.v. de uitvoering van het onderhoud. Beleids- en beheerplannen In 2021 zijn de conclusies uit het rapport ‘Beheer en Onderhoud kapitaalgoederen - in control’ door het college van B en W onderschreven en zijn de aanbevelingen overgenomen. Het rapport bevat aanbevelingen om op onder meer bestuurlijk, organisatorisch, financieel en technisch-inhoudelijk vlak de grip en sturing te verbeteren en te borgen.

97

In 2021 is gestart met het oppakken van de adviezen en in 2022 is gestart met werken aan een Beleidsplan Integraal Beheer Openbare Ruimte. Dit beleidsplan beschrijft het strategische en financiële kader voor het beheer van de openbare ruimte. De actualisatie van de beheerplannen Wegen, Riolering, Waterwerken, Kunstwerken, Openbare verlichting, Bomen & groenvoorziening en Speelvoorzieningen worden in dit traject integraal meegenomen en samen met het Beleidsplan Integraal Beheer in 2023 voor besluitvorming aangeboden aan de gemeenteraad. Per heden is daarom sprake van onderstaande actuele beleids- en beheerplannen en geplande actualisaties. (Noot: aan een groenbeheerplan wordt in 2023 gewerkt.)

Financiële consequenties Onderdeel Beleids- en beheerplan Actualisatie Kwaliteitsniveau conform plannen Wegen Lange Termijn Beheerplan Wegen 2018-2021 2022 C Ja Riolering Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) 2018-2021 2022 C Ja Waterwerken Beheerplan overige waterwerken 2021-2024 2024 C Ja Kunstwerken Beheerplan Kunstwerken & Uitvoeringsplan 2021-2024 2024 C Ja Openbare verlichting Beleidsplan & uitvoeringsplan OV 2021-25 2025 C Ja Groenvoorziening Bomenbeleidsplan 2012-2035 2022 C Ja Speelvoorzieningen Nota openbare speelruimte 2014-2019 & Uitvoeringsplan Spelen 2017-2024 2024 C Ja Gem. gebouwen Meerjarig onderhoudsplan (MOP) gebouwen 2015-2024 2023 C Ja Verantwoording lasten en baten De lasten en baten, die voortvloeien uit het onderhoud van de kapitaalgoederen worden op totaalniveau verantwoord in programma 3, Openbare ruimte. In de financiële deel van deze rekening zijn de overzichten ‘Wat gaat het kosten’ en de ‘Openbare ruimte per taakveld’ opgenomen. Investeringsplan De investeringen die de gemeente Wijdemeren de komende jaren wil doen zijn opgenomen in het investeringsplan (IP) 2023-2026. Vanuit het traject Beleidsplan Integraal Beheer Openbare Ruimte en de actualisatie van de beheerplannen zijn de projecten uit het IP 2022-2025 nogmaals goed tegen het licht gehouden. Er is gekeken naar de nut en noodzaak, de scope en de kosten van de projecten.

Dit heeft geresulteerd in een aantal wijzigingen in de jaarschijven 2023 tot en met 2026 ten opzichte van het IP 2022-2025. Er zijn projecten komen te vervallen, er zijn projecten verschoven in de tijd en er zijn nieuwe integrale projecten aan toegevoegd. Bij het ramen van de budgetten voor het IP is rekening gehouden met de gestegen prijzen van bouwmaterialen en brandstof. Ook zijn de kosten voor voorbereiding, enginering, toezicht en eigen uren (projectmanagement en advisering) integraal mee geraamd in de budgetten. In het investeringsplan 2023-2026 worden investeringen voorgesteld en geraamd tot en met 2026 van in totaal afgerond € 63.920.000. Dit bedrag bestaat voor € 27.440.000 uit investeringen in wegen, voor € 7.071.000 uit investeringen in openbare verlichting, groen en dergelijke. Dekking van deze investeringen komt ten laste van de algemene middelen. Voor een bedrag van € 29.409.000 komt dekking uit de voorziening riool en de rioolheffing. Zie ook de toelichting in de paragraaf Weerstandsvermogen bij toelichting op de ‘netto schuldquote’.

98

Wegen Beleidskader De raad heeft de minimale kwaliteit van de wegen vastgesteld op C-niveau volgens de CROW systematiek. Vervolgens is als maximum percentage van verhardingen dat niet voldoet aan minimaal C-niveau vastgesteld op 10%. Op basis van de weginspecties tot en met voorjaar 2022 ligt dit percentage op 8,13%, waarmee sprake is een van voldoende niveau. In 2017 is het Lange Termijn Beheerplan Wegen 2018-2021 opgesteld en door de raad vastgesteld. In 2021 is gestart met het oppakken van de adviezen van het Doelmatigheidsonderzoek Kapitaalgoederen. Dit werkt door in het Lange Termijn Beheerplan Wegen. De actualisatie van dit beheerplan is doorgeschoven naar 2023 en wordt integraal meegenomen met het Beleidsplan Integraal Beheer Openbare Ruimte. De wegen worden eens per twee jaar geïnspecteerd door een extern bureau (jaarlijks om en om noord en zuid). Op basis van de bevindingen worden de onderhoudsmaatregelen en kosten voor de korte (1-5 jaar) en middellange (6-10 jaar) termijn bepaald. Ook worden waarnemingen en meldingen van bewoners over de staat van onderhoud, meegenomen bij het opstellen van de onderhoudsplannen. Vervolgens worden de onderhoudswerkzaamheden voor de komende jaren in de begroting verwerkt. Dit betreft het regulier klein onderhoud alsook de integrale herinrichtingen/groot onderhoud.

Renovaties van grote wegvakken worden integraal benaderd, waarbij waar nodig en mogelijk ook renovaties van bijvoorbeeld riolering, openbaar groen en/of openbare verlichting worden meegenomen. De stand van de Reserve Rationeel Wegbeheer bedraagt naar verwachting op 31 december 2022 circa € 5.625.327. Voorgesteld wordt om de reserve rationeel wegbeheer in 2023 om te vormen tot een voorziening groot onderhoud t.b.v. beheer van het huidige areaal. De omvorming wordt zichtbaar bij het opstellen van de nieuwe beheerplannen in combinatie met de herziening van de nota Reserves en voorzieningen. Het bedrag dat na dotatie aan de voorziening groot onderhoud resteert, wordt toegevoegd aan de algemene reserve ter versterking van het weerstandsvermogen. Financiën Het Lange Termijn Beheerplan Wegen is de basis voor de jaarlijks stortingen en onttrekkingen aan deze reserve, hiermee wordt ook het verloop van de reserve bewaakt. Voor een overzicht van de lopende en/of voltooide investeringen in projecten waarvan het riool onderdeel is verwijzen wij u naar het kredietoverzicht in het financiële deel van deze jaarrekening.

Riolering Beleidskader In het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) is beschreven hoe uitvoering wordt gegeven aan de gemeentelijke zorgplicht voor stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater. Ook ambities en verbetermaatregelen zijn hierin opgenomen. De totale kosten voor de uitvoering inclusief de daarvoor benodigde personele capaciteit en investeringen, zijn gekoppeld aan het rioolrecht voor de komende jaren. De rijksopgave om te komen tot een klimaatbestendige inrichting van de openbare ruimte speelt hierin een belangrijke rol. In 2021 is gestart met het oppakken van de adviezen van het Doelmatigheidsonderzoek Kapitaalgoederen. Dit werkt ook door in de actualisatie (2022) van het Gemeentelijk Rioleringsplan.

99

De bestuurlijke besluitvorming is doorgeschoven naar 2023 en wordt integraal meegenomen met het traject van het Beleidsplan Integraal Beheer Openbare Ruimte. Het gemeentelijk rioolstelsel (inclusief kolken en gemalen) wordt cyclisch gereinigd en geïnspecteerd. Mede op basis van de inspectiegegevens worden onderhoudsplannen opgesteld, waaraan uitvoering wordt gegeven, zo mogelijk integraal zoals bij ‘wegen’ beschreven. De stand van de voorziening GRP bedraagt afgerond € 6.661.000 per ultimo 2022. Mede op basis van het GRP vinden jaarlijks stortingen en onttrekkingen plaats en wordt het verloop van de voorziening bewaakt. Gemeentelijk Rioleringsplan Als onderdeel van de herziening van alle beheerplannen zal er in 2023 een herziening komen van het IP op de rioleringen. De afschrijvingen op de investeringen start vanaf het jaar volgend op de ingebruikname. De rentelasten lopen parallel aan de uitvoering van de werkzaamheden. De kapitaallasten worden verwerkt in de tarieven van de rioolheffing. Indien lagere tarieven rioolheffing worden toegepast, vindt onttrekking aan de voorziening GRP plaats. Zie ook de begroting ‘Stand en verloop van Reserves en Voorzieningen’.

Kunst- en waterwerken Beleidskader Voor het beheer en onderhoud van de bruggen heeft in 2020 een nieuwe inspectie plaatsgevonden, op basis waarvan een actueel beheer- en onderhoudsplan voor de jaren 2021 -2024 wordt uitgevoerd. Renovaties of vervangingen worden apart opgenomen in het investeringsplan. Voor de overige waterwerken zoals beschoeiingen en steigers is in 2020 een actueel Beheer- en uitvoeringsplan 2021-2024 vastgesteld. Het beheer en onderhoud wordt conform dit plan uitgevoerd. Op basis van de uitgevoerde inventarisatie voor het opstellen van dit beheerplan, is gebleken dat sprake is van een aanzienlijke achterstand in onderhoud van vooral de beschoeiingen. Bij het vaststellen van het plan is door de raad nogmaals extra krediet in de begroting opgenomen om de achterstanden in de loop van de planjaren 2021-2026 verder in te lopen. Als onderdeel van de herziening van alle beheerplannen zal er in 2023 een herziening komen van het IP voor de kunsten waterwerken.

Openbare verlichting Beleidskader Vanaf 2018 zijn de lichtmasten en armaturen/lampen onderhouden en duurzaam vervangen op basis van technische levensduur, conform het geactualiseerde ‘Beleidsplan openbare verlichting 20212025’. Dit plan is de uitvoering volgens het beleidsplan over de periode van 2015-2020. Vervanging vindt bij voorkeur integraal plaats bij grootschalige herinrichtingen, bij voldoende financiële ruimte via remplace op onderdelen. In 2021 is gestart met het oppakken van de adviezen van het Doelmatigheidsonderzoek Kapitaalgoederen. Voor de openbare verlichting wordt een in het kader van het traject van het Beleidsplan Integraal Beheer Openbare Ruimte een beheerplan opgesteld en in 2023 ter besluitvorming aangeboden aan de gemeenteraad.

100

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12949474/1