IHP Wijdemeren 2024-2039
Tekst van het document
Integraal huisvestingsplan Onderwijs 2024-2039 Gemeente Wijdemeren
Opdrachtgever Gemeente Wijdemeren
Datum 29 februari 2024
Referentienummer 2230433/20240229JL01
Auteur(s) Onno Damen, Stijn Olthof
│ Onderdeel van ICS Ruimteregiegroep BV
Inhoudsopgave 1.
2.
3.
Inleiding 1.1
Plan van Aanpak
4
1.2
Status IHP
5
Visie op onderwijs Kindvisie
6
2.2
Aanbod
6
2.3
Samenwerking
7
Visie op onderwijshuisvesting
6.
8
3.1
Scenario’s
3.2
Duurzaamheid
9
3.3
Bredere voorzieningen
12
3.4
Inclusief en passend onderwijs
13
3.5
Financiële kaders en spelregels
14
Wettelijke taken gemeente Investering gemeente Investering schoolbesturen
Inzicht en beoordeling
8
14 15 17
18
4.1
Het scholenbestand
18
4.2
Nulmeting
18
4.2.1 4.2.2
5.
6
2.1
3.5.1 3.5.2 3.5.3
4.
3
Kwaliteit Vraag en aanbod
19 20
Huisvestingsscenario’s per kern
23
5.1
Kortenhoef
24
5.2
Nieuw Loosdrecht
26
5.3
Oud Loosdrecht
28
5.4
Ankeveen
29
5.5
Nederhorst den Berg
30
Financiën
32
6.1
Fasering
32
6.2
Uitgangspunten
32
6.3
Totale investering IHP
34
7.
Bewegingsonderwijs
35
8.
CO2 -berekening
36
9.
Slotsom en aanbevelingen
38
9.1
Slotsom
38
9.2
Aanbevelingen
38
Bijlage 1: Uitgangspunten CO2-uitstootberekening
39
1. Inleiding De gemeente Wijdemeren wil graag een actueel Integraal Huisvestingplan voor het primair onderwijs in de gemeente Wijdemeren. Dit IHP biedt de gemeente, schoolbesturen en kinderopvangorganisaties een beleidsperspectief, geborgd in een gedragen en transparant uit te voeren meerjarenhuisvestingsplan. Dit plan geeft houvast aan hoe om te gaan met investeringen in gebouwen voor onderwijs en kinderopvang opdat er in de gemeente Wijdemeren een duurzame en gezonde onderwijs- en opvangomgeving kan worden voortgezet. Naast de ontwikkelingen van het leerlingenaantal en de technische staat van de gebouwen, zijn meer kwalitatieve vragen aan de orde geweest, zowel ten aanzien van de functionaliteit van de gebouwen als ontwikkelingen in het aanbod van onderwijs- en opvangvoorzieningen. Het IHP geeft daarmee inzicht in de grootste knelpunten en geeft helderheid over de gewenste oplossingsrichtingen. Hierbij dient tevens aandacht te zijn voor zowel korte- als langere-termijnoplossingen. Het voorliggende IHP is opgesteld onder begeleiding van ICSadviseurs in samenwerking met AT Scholen, Talent Primair, Proceon en de gemeente Wijdemeren. Het IHP biedt perspectief voor de schoollocaties voor het primair onderwijs voor de komende 16 jaar.
2230433/20240229JL01 | www.icsadviseurs.nl
3/40
1.1 Plan van Aanpak Een belangrijk uitgangspunt voor het IHP is dat het een gezamenlijk plan is van de schoolbesturen en de gemeente. Betrokkenheid van en draagvlak bij de schoolbesturen vormt de basis voor de aanpak en uitvoering. De schoolbesturen zijn betrokken bij het IHP-proces door het participeren in een aantal gezamenlijke bijeenkomsten. Hierin zijn informatie, inzichten en standpunten onderling gedeeld om zo tot een samenhangend en gedragen plan te komen. ▪
Actualisatie basisinformatie Voor elke locatie is op basis van zoveel mogelijk objectieve informatie een inventarisatie gemaakt. Het gaat hier om gegevens als bouwjaar, exploitatielasten, technische- en functionele kwaliteit en de ontwikkeling van vraag en aanbod op basis van de leerlingenprognoses. Tevens is medegebruik van de (onderwijs)capaciteit inzichtelijk gemaakt.
▪
Visie op onderwijs en huisvesting Om uiteindelijk tot plannen te kunnen komen, wordt eerst de vraag beantwoord wat de gemeente en schoolbesturen met hun onderwijs- en opvanghuisvesting beogen. Thema’s als aanbod, krimp en groei, gezondheid, duurzaamheid en investeren in kinderopvang zijn behandeld in werksessies.
▪
Situatieschets per kern Aan de hand van de basisinformatie en het inzicht in de vooraf benoemde knelpunten en ontwikkelingen is een situatieschets gemaakt van de gemeente Wijdemeren in de vorm van een zogenaamde kansenkaart Onderwijshuisvesting. Deze kansenkaart geeft de knelpunten per kern in een visualisatie weer. Tijdens de werksessies is per school(gebouw) stilgestaan bij mogelijke ontwikkelrichtingen, samenwerking & clustering en karakteristieken van het onderwijs en/of huisvesting inclusief kinderopvang. Hieruit zijn verschillende scenario’s naar voren gekomen.
▪
Scenariovorming, prioritering en oplossingsrichting Op basis van de scenario’s is een prioritering ontstaan met schoolgebouwen die binnen het IHP, in verschillende fasen, om een ingreep vragen. De basisinformatie uit de inventarisatie, de situatieschets per kern en de prioritering vormen de input voor de oplossingsrichting. De oplossingsrichting is erop gericht de geconstateerde knelpunten op te lossen en de geformuleerde ambities te realiseren.
▪
Financiële vertaling oplossingsrichting Voor de oplossingsrichting worden de investeringskosten en eenmalige kosten in beeld gebracht. Op basis hiervan kan vervolgens door de gemeente de consequentie voor de meerjarenbegroting inzichtelijk worden gemaakt.
▪
Rapportage IHP De situatieschets per kern, de gezamenlijke ambities en afspraken, oplossingsrichtingen en de scenario’s, inclusief financiële vertaling, zijn vastgelegd in het voorliggende rapport. In deze rapportage is tevens voor elke schoollocatie een voorstel opgenomen voor de toekomstige huisvesting. Proces IHP Het IHP-proces heeft enige tijd stilgelegen vanwege de financiële situatie van de gemeente Wijdemeren. De sessies met de schoolbesturen over de actuele basisinformatie, visie op onderwijs en huisvesting, de situatieschets per kern en scenariovorming hebben plaatsgevonden in het 1e half jaar van 2022. Na een bepaalde periode is een doorstart gemaakt en is de eerder opgehaalde informatie uit de verschillende sessies gebruikt om tot de voorliggende rapportage van IHP Wijdemeren te komen.
2230433/20240229JL01 | www.icsadviseurs.nl
4/40
1.2 Status IHP Dit IHP is in overleg tussen gemeente en schoolbesturen tot stand gekomen. De partijen hebben een akkoord gegeven over de visie en ambitie op onderwijshuisvesting. Het vormt daarnaast een perspectief om alle besluiten rond investeringen in huisvesting de komende jaren langs te leggen en kan iedere 4 jaar worden geactualiseerd. Het IHP is als het ware een koersdocument en geen blauwdruk. Op deze manier blijft flexibiliteit (beargumenteerd) behouden. Het is aan alle partijen om te waarborgen dat projecten en daaraan gekoppelde investeringen mogelijk zijn. Het plan krijgt status met een vaststellingsbesluit vanuit de gemeenteraad. Hiermee staan de investeringen in de eerste 4 jaar vast en weet de gemeenteraad welke investeringen vanaf jaar 5 en verder worden verwacht. Over investeringen na de eerste periode van 4 jaar dient de gemeenteraad aparte besluiten te nemen. Naast de investering van de gemeente is ook sprake van investering vanuit schoolbesturen in de vorm van een bijdrage. Als partijen zich onverhoopt niet aan het IHP (kunnen) houden of er onderling niet uitkomen, dan wordt teruggevallen op de verordening onderwijshuisvesting van de gemeente Wijdemeren.
2230433/20240229JL01 | www.icsadviseurs.nl
5/40
2. Visie op onderwijs In dit hoofdstuk is de visie op onderwijs en onderwijshuisvesting beschreven. De uitgangspunten en spelregels in dit visiestuk vormen de basis voor het Integraal Huisvestingsplan (IHP). Deze visie is tot stand gekomen tijdens een interactieve werkbijeenkomst met de schoolbesturen en de gemeente. Tijdens deze bijeenkomst was de centrale vraag: ‘Wat willen we de leerlingen in de gemeente Wijdemeren bieden?’. Dit hoofdstuk geeft antwoord op deze vraag aan de hand van de verschillende thema’s die onderstaand nader zijn uitgewerkt.
2.1 Kindvisie Het is van belang dat ieder kind passend onderwijs krijgt. De ambitie is om een doorlopende leerlijn voor kinderen van 0 - 12 jaar te bieden. Hierbij is een soepele overgang tussen voorschoolse educatie, peuteropvang, primair onderwijs en buitenschoolse opvang van belang. Dit sluit aan bij het beleid van de gemeente1 om kinderopvang en onderwijs op elkaar aan te laten aansluiten. Een doorlopende leerlijn kan worden ontwikkeld door het vormen van een integrale kindcentra (IKC), zoals recent gerealiseerd bij IKC-Wereldwijs. In een IKC zijn, naast ruimte voor onderwijs, ook kinderopvang en mogelijk andere kindfuncties in hetzelfde gebouw ondergebracht. Het samenbrengen van meerdere kindfuncties onder één dak kan meerwaarde creëren, maar hoeft niet overal op deze manier te worden vormgegeven. Een doorgaande leerlijn kent ook andere verschijningsvormen en kan invulling krijgen door inhoudelijke samenwerking op afstand. Per situatie moet worden gekeken wat het meest passend is.
2.2 Aanbod Groei en krimp zijn onderwerpen die op korte en lange termijn relevant zijn. Voor de korte termijn dient de benodigde capaciteit op orde te zijn, zodat voor iedere leerling onderwijsruimte beschikbaar is. Voor de lange termijn dient de capaciteit toekomstbestendig te zijn. Voor het bepalen van de benodigde toekomstige capaciteit zijn de leerlingenprognoses leidend. Buiten dat schoolgebouwen over voldoende capaciteit beschikken, vervullen ze ook een centrale functie binnen de verschillende kernen. Onderwijs thuisnabij is in kleine kernen van belang. In de kleinere kernen is de school ook een plek voor bewoners om op een laagdrempelige manier met elkaar en andere maatschappelijke instanties en instellingen in contact te komen. In iedere kern dient daarom tenminste één school te zijn voor primair onderwijs1. In de grotere kernen bevinden zich vaak meerdere scholen voor het primair onderwijs. Het bieden van keuzevrijheid staat in de grotere kernen voorop. Diversiteit in denominaties en onderwijsconcepten zorgt ervoor dat er voor kinderen en ouders wat te kiezen is. Om passend onderwijs en kwalitatief goed onderwijs te kunnen geven is het van belang dat deze keuze er is en behouden blijft. Voor het aanbod van de scholen is de minimale groepsgrootte niet leidend. Scholen in het primair onderwijs volgen niet altijd de traditionele opzet met 8 groepen.
De groepsgrootte kan per school verschillen door verschillende organisatievormen in het onderwijs. Daarom is het minimale leerlingenaantal leidend. 1
1 Toekomstvisie op kleine scholen – Gemeente Wijdemeren (vastgesteld op 19-12-2017).
2230433/20240229JL01 | www.icsadviseurs.nl
6/40
2.3 Samenwerking In deze tijd wordt samenwerken steeds belangrijker. Het combineren van functies in één gebouw draagt bij aan een efficiënte samenwerking. Deze samenwerking richt zich voornamelijk op logische verbanden waar de functies nauw aansluiten op elkaar, zoals scholen, kinderopvang en gymzalen. De gemeente Wijdemeren wil deze samenwerking tussen maatschappelijke partijen graag verder uitbreiden met het Integraal Beleidskader Sociaal Domein. Een samenwerking of fysiek in één gebouw situeren van allerlei verschillende soorten (maatschappelijke) organisaties kan daar waar logisch, maar is geen doel op zich. Dit kan bijvoorbeeld bij centrum voor jeugd en gezin, een jeugdhonk of een consultatiebureau. Dubbelgebruik van gebouwen buiten schooltijd is hiervoor ook een mogelijkheid. De gebouwen moeten samenwerking faciliteren. Per situatie wordt naar mogelijkheden gekeken. Samenwerken in een gebouw is echter geen verplichting. Het moet worden voorkomen dat het delen van voorzieningen en ruimtes leidt tot conflicten over beheer van de voorzieningen en ruimtes. Integraal Beleidskader Sociaal Domein De gemeente Wijdemeren is in 2023 gestart met het opstellen van een Integraal Beleidskader Sociaal Domein. Na vaststelling wordt in 2024, door middel van een uitvoeringsagenda, hieraan verder invulling gegeven.
Het beleidskader gaat in op de ambities voor het sociaal domein vanuit de kernen vormgegeven. Uitgangspunt van dit beleidskader is multifunctionaliteit van voorzieningen en het openstellen van gebouwen voor de buurt en de kern. De schoolgebouwen/kindcentra spelen hierin een belangrijke rol. Een optimale samenwerking tussen kinderopvang en basisonderwijs versterkt het netwerk aan voorzieningen rondom de kinderen in Wijdemeren. Samen staan we sterker. Waar het mogelijk en kansrijk is kunnen nieuwe samenwerkingen worden aangegaan en bestaande samenwerking inhoudelijk en/of ruimtelijk worden versterkt. Het realiseren van meerdere scholen en andere voorzieningen op één locatie biedt de mogelijkheid om effectief en slim met de ruimte om te gaan en inhoudelijk samen te werken. De kinderopvang speelt bij het aangaan van deze samenwerkingen een belangrijke rol. Bij ieder project dient de behoefte aan kinderopvang te worden geïnventariseerd en meegenomen in het project. Het heeft de voorkeur kinderopvang zo dicht mogelijk bij de school, waar de kinderen naartoe gaan, te situeren. Het delen van dezelfde pedagogische visie tussen samenwerkende scholen versterkt de onderlinge samenwerking, maar is geen vereiste. In sommige gevallen wijkt de visie van samenwerkende scholen van elkaar af. Dit hoeft geen belemmering te zijn voor de samenwerking en/of het feit dat de scholen een gebouw delen.
2230433/20240229JL01 | www.icsadviseurs.nl
7/40
3. Visie op onderwijshuisvesting De visie op onderwijshuisvesting gaat in op huisvestinggerelateerde thema’s zoals duurzaamheid, energie, aardgasvrij, circulariteit, binnenklimaat, financiën en bredere investeringen. Voor elk thema is de gezamenlijke visie en ambitie beschreven. Daarnaast is deze ambitie vertaald in concrete en haalbare spelregels voor de uitvoering. Hierin worden onder andere de financiële kaders en verantwoordelijkheden beschreven. In het IHP worden spelregels en financiële kaders omgezet naar een meerjarige investeringsagenda die ter besluitvorming aan de gemeenteraad wordt voorgelegd.
3.1 Scenario’s In het IHP wordt onderscheid gemaakt in twee typen gebouwen, te weten: ▪ ▪
Gebouwen met een vervangingsnoodzaak; Gebouwen zonder vervangingsnoodzaak.
In de eerste categorie vallen gebouwen waarbij uit de inventarisatie naar de kwaliteit, capaciteit en exploitatie blijkt dat vervanging (op termijn) noodzakelijk is. In het geval de noodzaak tot vervanging wordt aangetoond, worden de volgende scenario’s in het IHP verkend: ▪ ▪ ▪
Renovatie (levensduurverlenging van minstens 25 jaar); Vernieuwbouw (levensduurverlenging van minstens 40 jaar); (Vervangende) nieuwbouw (levensduurverlenging van minstens 40 jaar).
Renovatie Dit scenario is aan de orde bij gebouwen die vanuit kwalitatief oogpunt toe zijn aan een ingreep, maar waarvan de context te onzeker is om plannen voor de lange termijn te maken. Deze schoolgebouwen vragen, gezien hun leeftijd, soms om kwaliteitverhogende ingrepen om o.a. duurzaamheidsambities te behalen. Bij een renovatie wordt het gebouw verduurzaamd en het binnenklimaat verbeterd. Een renovatie zorgt ervoor dat, in combinatie met het reguliere onderhoud, het gebouw weer minimaal 25 jaar mee kan. Vernieuwbouw Het scenario vernieuwbouw vormt een gelijkwaardig alternatief voor nieuwbouw. Het bestaande gebouw(deel) wordt, met dezelfde (wettelijke) eisen als bij nieuwbouw, kwalitatief verbeterd zodat de levensduur minimaal 40 jaar wordt verlengd. Na de ingreep is het gebouw duurzaam en toekomstbestendig. (Vervangende) nieuwbouw Het derde scenario gaat over de (vervangende) nieuwbouw van een school. Hiervoor gelden de wettelijke eisen van het Bouwbesluit wat betekent dat de school minstens aan BENG moet voldoen en gasloos moet zijn. Het gebouw moet minstens een levensduur van 40 jaar hebben. Wanneer er sprake is van een vervangingsnoodzaak is het in eerste instantie de ambitie om schoolgebouwen te realiseren die toekomstbestendig zijn en die voldoen aan de wettelijke eisen. De voorkeur gaat daarom uit naar (vervangende) nieuwbouw of vernieuwbouw in dit IHP.
Het scenario renovatie voldoet hier niet aan. Hoewel de initiële investering vaak lager is, vallen de kapitaallasten niet per se lager uit bij dit scenario, in verband met de afschrijftermijn. Voor dit IHP wordt het als een tussenoplossing gezien, ingegeven door bijzondere omstandigheden, mocht dat nodig blijken bij het uitwerken van de scenario’s. Een businesscase wijst uit of vernieuwbouw of (vervangende) nieuwbouw de beste oplossing is voor een gebouw op basis van een eenduidig afwegingskader.
2230433/20240229JL01 | www.icsadviseurs.nl
8/40
In stand houden Naast gebouwen met een vervangingsnoodzaak zijn er ook gebouwen waar vervanging niet aan de orde is. Bij deze gebouwen wordt door het schoolbestuur het geplande onderhoud uitgevoerd om te zorgen dat de schoolgebouwen hun kwaliteit behouden. Bij het uitvoeren van het onderhoud worden zoveel mogelijk verdere verduurzamingsmaatregelen uitgevoerd om deze gebouwen toekomstbestendig te houden c.q. te maken. Mocht daartoe de kans zijn, is het handig om deze verduurzamingsmaatregelen samen uit te voeren met het nodige onderhoud om zo kosten te besparen.
3.2 Duurzaamheid Schoolbesturen en gemeente streven naar gebouwen die toekomstbestendig zijn voor volgende generaties. In lijn met het Nederlandse Klimaatakkoord (2019) vraagt dit om verantwoord gebruik van beschikbare energiebronnen om de invloed van klimaatverandering te beperken. Gemeente en schoolbesturen zijn samen verantwoordelijk voor de verduurzamingsopgave. Concrete afspraken tussen gemeente en schoolbesturen zijn nodig om de verduurzaming van onderwijsgebouwen een impuls te geven en te zoeken naar haalbare en betaalbare oplossingen. Aardgasvrij De gemeente Wijdemeren volgt het Nederlandse Klimaatakkoord om in 2050 aardgasvrij te zijn en de CO 2uitstoot te beperken. Voor (ver)nieuwbouw is gasloos bouwen de norm. Voor bestaande bouw is de Transitievisie Warmte Wijdemeren opgesteld om gemeentebreed naar de klimaatambitie toe te werken. De gemeenteraad heeft heldere ambities voor de gehele portefeuille. Uitgangspunt daarbij is dat de juiste maatregelen worden genomen die tevens financieel realistisch zijn. Het is belangrijk om natuurlijke momenten te vinden wanneer gebouwen van het gas af kunnen. Deze natuurlijke momenten kunnen bijvoorbeeld gekoppeld worden aan het Meerjaren Onderhoudsplan (MJOP) of de Transitievisie Warmte. De Transitievisie Warmte beschrijft de huidige situatie en de opgave, de alternatieven voor aardgas en uitvoeringsstrategie van 2022-2026.
De visie bevat een gebiedsgerichte aanpak en deelt de wijken van de gemeente op in verkennings-, middellange-termijn- en lange-termijn-buurten. Welk alternatief wordt toegepast voor gas wordt per wijk onderzocht en vastgesteld. Het IHP dient rekening te houden met de plannen die zijn ontwikkeld in het kader van de Transitievisie Warmte Wijdemeren. Duurzame energie Op het gebied van duurzame energie hebben de schoolbesturen en de gemeente de gezamenlijke ambitie om een flinke stap te zetten. Per 1 januari 2021 is het wettelijk verplicht bij de realisatie van nieuwe schoolgebouwen te voldoen aan BENG. Waar mogelijk en haalbaar worden hogere ambities nagestreefd, passend bij de financiële mogelijkheden van gemeente en schoolbesturen2. Bij renovatie van schoolgebouwen is BENG het streven. Financiële haalbaarheid is een voorwaarde voor het nemen van grootschalige energiebesparende maatregelen. In dit IHP is de hogere ambitie ENG doorgerekend. De volgende kwaliteitsniveaus op het gebied van energie zijn mogelijk:
2 Het investeren in hogere ambities moet via de exploitatie kunnen worden terugverdiend. Het moet daarom gaan om een aantoonbare
redelijke terugverdientijd anders mag de school niet investeren. De redelijke terugverdientijd moet aanvaardbaar zijn binnen het Onderwijsaccountantsprotocol.
2230433/20240229JL01 | www.icsadviseurs.nl
9/40
Figuur 1: Overzicht verschillend kwaliteitsniveau energie
▪
BENG: Bijna Energieneutraal Gebouw. Het Bouwbesluit stelt (per 1-1-2021) dat alle nieuwe schoolgebouwen aan BENG dienen te voldoen. BENG is van toepassing op de gebouwgebonden energie. De energieprestatie van BENG-gebouwen wordt vastgelegd aan de hand van drie eisen: ─ De maximale energiebehoefte per kWh/m2/jaar ─ Het maximaal primair fossiel energieverbruik in kWh/m2/jaar ─ Het minimale aandeel hernieuwbare energie in procenten Het is per project maatwerken hoe aan deze prestatie-eisen kan worden voldaan. Voor de invulling van BENG-zie: https://www.rvo.nl/onderwerpen/duurzaamondernemen/gebouwen/wetten-en-regels/nieuwbouw/energieprestatie-beng.
▪
▪
ENG: Energieneutraal Gebouw. Ook hier draait het om gebouwgebonden energie omdat de gebruiksgebonden energie nog buiten beschouwing wordt gelaten. Het verschil met BENG is dat het saldo energieverbruik en -opbrengst, t.a.v. de gebouwgebonden energie, nul is. 0-op-de-meter: Bij een 0-op-de-meter-gebouw wordt zowel het gebouwgebonden als het gebruiksgebonden energieverbruik gecompenseerd. Het verschil met ENG is dat het saldo energieverbruik en -opbrengst, t.a.v. de gebouwgebonden en gebruiksgebonden energie, nul is.
Een nadere financiële vertaling van BENG en ENG is te vinden in paragraaf 3.5.
2230433/20240229JL01 | www.icsadviseurs.nl
10/40
Netcongestie Op veel plekken in Nederland is het elektriciteitsnet overbelast, dit heet netcongestie. Op verschillende plekken in Nederland is er daardoor onvoldoende netcapaciteit beschikbaar*. Dit is ook het geval in gedeelten van de gemeente Wijdemeren. Daardoor kunnen nieuwe projecten niet altijd direct worden aangesloten op het elektriciteitsnet. Dit geldt ook voor onderwijsprojecten. Het is daarom van belang hier in het ontwerpproces rekening mee te houden en waar nodig voorzorgmaatregelen te nemen. Het kan noodzakelijk zijn om een tijdelijke oplossing te voorzien om een gebouw operationeel te krijgen. * De netcapaciteit is per kern beschikbaar via capaciteitskaart.netbeheernederland.nl
Binnenklimaat Gezonde schoolgebouwen met een goed binnenklimaat zijn een voorwaarde voor goed onderwijs en een goede werkomgeving voor docenten. Het belang van een goed binnenklimaat is de afgelopen jaren (in de coronaperiode) nog duidelijker geworden. Door middel van subsidieregelingen, zoals SUVIS en DUMAVA, zijn er vanuit de overheid gelden vrijgemaakt om dit te verbeteren. Een goed binnenklimaat heeft een positief effect op de leerlingen, de leerprestaties en verminderd gezondheidsklachten. Daarnaast kunnen gebruikers optimaal leren en werken in een gebouw met een gezond binnenklimaat. Het is de ambitie om alle schoolgebouwen van een gezond binnenklimaat te voorzien. Gemeente en schoolbesturen hebben een gezamenlijke verantwoordelijkheid om deze ambitie te realiseren. Een gezonde school is een schoolgebouw met een laag energieverbruik en een gezond binnenklimaat als het gaat om luchtkwaliteit, temperatuur, comfort, licht en geluid. Bij nieuwbouw dienen de eisen van het Bouwbesluit te worden gevolgd die grotendeels aansluiten bij Frisse Scholen klasse B (van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland). De praktijk en ervaring leren echter dat ook relatief nieuwe schoolgebouwen soms een matig binnenklimaat hebben, ondanks uitgebreide installatiesystemen.
Het is daarom van belang om de ervaringen uit die projecten mee te nemen en bij nieuwe projecten te kiezen voor oplossingen die zich hebben bewezen in de praktijk. In het geval van vernieuwbouw en renovatie is het van belang te bepalen of Frisse Scholen klasse B realistisch is. Mocht dat niet het geval zijn, dan dient in een businesscase integraal naar het best passende scenario te worden gezocht. Circulariteit Bij zowel (vervangende) nieuwbouw- als vernieuwbouw-/renovatieprojecten zien gemeenten en schoolbesturen kansen om circulaire elementen toe te voegen aan het project. Dit is een thema dat ook leeft bij de ouders van leerlingen in Wijdemeren. De ambitie is om per project, bij het uitwerken van de plannen, te beoordelen welke circulaire maatregelen kunnen worden genomen. Het toepassen van circulaire principes, waarbij afval wordt vermeden, kan van invloed zijn op de restwaarde van het gebouw. Het toepassen van dergelijke principes heeft dus mogelijk ook financiële consequenties. Uitgangspunt in het IHP, bij projecten waar sloop van toepassing is, is circulair slopen. Sloopmaterialen worden vervolgens ingezet bij de bouw van nieuwe gebouwen. Omdat ervaring op dit gebied (deels) nog ontbreekt, worden verdere concrete afspraken omtrent circulariteit verder buiten dit IHP gehouden.
Flexibiliteit Maatschappelijke ontwikkelingen hebben invloed op de vraag naar onderwijshuisvesting. Dit kan invloed hebben op de groei en krimp van de scholen in de gemeente Wijdemeren, evenals het gebruik van de gebouwen. Om hierop in te spelen is het de ambitie om flexibele onderwijshuisvesting te realiseren. Het gebouw moet de gebruikers faciliteren. Bij (vervangende) nieuwbouw of renovatie is het belangrijk om aandacht te hebben voor toekomstige aanpasbaarheid. Bij uitbreidingsmogelijkheden betekent dit bijvoorbeeld dat tijdens de planvorming rekening wordt gehouden met (mogelijke toekomstige) uitbreiding, zonder dat het onderwijskundige of opvangconcept hieronder lijdt. Verder is het belangrijk om rekening te houden met de aanpasbaarheid van het gebouw. Aandacht is hierbij nodig voor het installatieconcept. Door deze aandacht en extra investeringen aan de voorkant kunnen later grotere investeringen bij aanpassing worden voorkomen.
2230433/20240229JL01 | www.icsadviseurs.nl
11/40
De gemeente Wijdemeren heeft meerdere kleinere kernen met daarin kleine scholen. Voor de flexibiliteit van deze gebouwen is het van belang om bij de scholen in kleine kernen rekening te houden met een mogelijke transformatie van de functie. Dit betekent dat bij de planvorming rekening wordt gehouden met het veranderen van de functie van het gebouw naar bijvoorbeeld woningen. Belangrijk hierbij is dat de mogelijkheid tot transformatie niet ten koste gaat van de bruikbaarheid van het gebouw voor het onderwijs.
3.3 Bredere voorzieningen In de visie op onderwijs is de ambitie uitgesproken om doorlopende leerlijnen aan te bieden en waar mogelijk verregaande samenwerking tot stand te brengen. Daarnaast is de ambitie uitgesproken om effectief om te gaan met de ruimte en voorzieningen dichtbij elkaar te plaatsen. De gemeente Wijdemeren, schoolbesturen en derden hebben een gezamenlijke verantwoordelijkheid om dit te realiseren. Dit geldt ook voor de speelruimtes. De schoolpleinen maken een wezenlijk onderdeel uit van de aantrekkelijke woonomgeving en partijen zetten zich gezamenlijk in voor een brede openstelling. IKC De gemeente en schoolbesturen hebben het streven om een bereikbaar aanbod van kindvoorzieningen te realiseren. Dit is mogelijk door intensieve samenwerkingen tussen onderwijs, opvang, sport en cultuur. Verschillende partijen rondom het kind werken samen aan een stabiele, persoonlijke en sociale groei van kinderen van 0 – 12 jaar. Dit kan in de vorm van Integrale Kindcentra (IKC), maar hoeft niet altijd onder één dak te worden georganiseerd. De scholen vormen in veel gevallen een ankerpunt in de wijk. Het is de ambitie om IKC’s, als dit aanwijsbare voordelen met zich meebrengt, te realiseren. Hierbij is het van belang dat in het IHP de uitgangspunten over het beheer, het eigendom, de investeringen, het vorderen van onderwijsruimte en het huurprijsbeleid worden opgenomen.
De volgende uitgangspunten zijn hierbij genoemd: ▪
De gemeente is bereid een voorfinanciering te doen indien de wens bestaat aanvullende kindfuncties aan de school toe te voegen. Een voorwaarde van de gemeente is dat zij via kostprijsdekkende huur de voorinvestering terugverdient. Per project dienen de investeringsopties te worden bekeken.
▪
Tijdens de uitvoeringsfase (na het IHP) dient er per project te worden gekeken wie het beheer en de exploitatie op zich neemt en welke afspraken hierover worden gemaakt.
▪
Als er functies aan een schoolgebouw worden toegevoegd, moet dit samenhangen met het accommodatiebeleid van de gemeente en rekening houden met vraag en aanbod voor de huidige accommodaties zoals bijvoorbeeld de kinderopvang.
▪
Uitbreiding van een school dient niet ten koste te gaan van de ruimte voor de kinderopvang (mits daarover gedegen zakelijke afspraken (huurafspraak met kapitaallastvergoeding voor gemeente) worden gemaakt).
▪
Voor de financiële vertaling van het IHP is voor iedere school, die een project wordt in het IHP, uitgegaan van een ruimtebehoefte van 300 m2 bvo voor de kinderopvang (een aanname).
Groene en openbare schoolpleinen Scholen hebben recht op financiering voor (een van deel van) hun schoolpleinen, maar zijn zelf verantwoordelijk voor het onderhoud en het aanschaffen van speeltoestellen. Een deel van de schoolpleinen behoren ook tot de openbare speelruimtes voor kinderen in de gemeente. In 20143 is hiervoor voor het laatst beleid opgesteld, met als uitgangspunt om de jeugd in de toekomst te blijven voorzien van veilige en kwalitatief goede speelruimtes, waar kwaliteit boven kwantiteit gaat. Schoolpleinen waren buiten schooltijden veelal niet openbaar toegankelijk. Daarom is de gemeente destijds in overleg gegaan met schoolbesturen en -directeuren om de toegankelijkheid, waar mogelijk, te vergroten. Het resultaat hiervan is dat de gemeente 3 Nota ruimte om buiten te spelen (2014-2019) – Gemeente Wijdemeren.
2230433/20240229JL01 | www.icsadviseurs.nl
12/40
Wijdemeren met vijf scholen een overeenkomst tot gebruik van het schoolplein buiten schooltijd heeft afgesloten. In ruil voor het openstellen van de schoolpleinen heeft de gemeente destijds eenmalig € 5.000,per school beschikbaar gesteld t.b.v. het extra onderhoud. Binnen de gemeente Wijdemeren is er aandacht voor klimaatadaptatie. De gemeente wil hieraan bijdragen door het vergroenen van schoolpleinen. Groene schoolpleinen helpen tegen wateroverlast en hittestress. Buiten het tegengaan van klimaateffecten hebben groene schoolpleinen ook een positief effect op het welzijn van kinderen. De schoolpleinen kunnen daarnaast worden ingezet voor educatieve doeleinden. Het streven is om alle schoolpleinen te vergroenen. Beleid vergroenen en openbaarheid schoolpleinen De uitwerking van het nieuwe beleid voor het vergroenen en openbaar maken van de schoolpleinen in de gemeente Wijdemeren is een project voor buiten het IHP. Uitgangspunt is om gezamenlijk (gemeente en schoolbesturen) te kijken welke mogelijkheden hiervoor zijn. Hierin dienen duidelijk afspraken te worden gemaakt over de inrichting, onderhoud en beheer. Scholen hebben ervaringen met overlast en vandalisme bij openbare schoolpleinen.
3.4 Inclusief en passend onderwijs Ieder kind in de gemeente Wijdemeren heeft recht op gelijke ontwikkelkansen door het juiste onderwijs, de juiste kinderopvang, ook kinderen met een extra ondersteuningsbehoefte. De gemeente en schoolbesturen onderschrijven het belang van het aanbieden van passend en inclusief onderwijs. Alle betrokken organisaties dragen een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Het belang van het kind gaat altijd voor het eigen organisatiebelang. Het uitgangspunt is inclusief en zo thuisnabij onderwijs mogelijk. Wanneer extra ondersteuning nodig is, wordt dit zo thuisnabij mogelijk aangeboden. Dit betekent dat zoveel als mogelijk expertise naar de scholen wordt gebracht in plaats van doorverwijzing naar speciale voorzieningen4. Er wordt naar oplossingen gezocht binnen de scholen in de gemeente Wijdemeren. Passend en inclusief onderwijs vraagt om een ander (flexibel) ruimtegebruik, bijvoorbeeld ruimtes waar onder begeleiding zelfstandig of in kleine groepen kan worden gewerkt door leerlingen, maar ook door externe zorgaanbieders of begeleiders zoals logopedisten.
4 Er zal altijd een groep leerlingen zijn en blijven die wel gebaat zijn bij een aparte speciale onderwijsvoorziening.
2230433/20240229JL01 | www.icsadviseurs.nl
13/40
Voorstel IHP Er liggen diverse kansen om in de kernen inclusieve voorzieningen te realiseren en daarmee kinderen zoveel mogelijk in de eigen wijk ondersteuning te bieden. De ontwikkeling rondom passend en inclusief onderwijs staan op gespannen voet met normatieve vierkante meters vanuit de onderwijshuisvestingsverordening. Dit vraagt namelijk om een diversiteit aan werkplekken, meer spreekruimtes en aanvullende ondersteuningsruimtes. Hiermee wordt meer ruimte gegeven aan begeleiding en ondersteuning, maar kunnen kinderen ook leren op een plek die past bij de activiteit. Bestaande bouw De overmaat in bestaande schoolgebouwen kan worden ingezet voor het realiseren van passend en inclusief onderwijs. Bijvoorbeeld door de leegstaande ruimte geschikt te maken voor kinderen met een ondersteuningsbehoefte. Met het samenwerkingsverband dient te worden bepaald aan welke voorzieningen op de betreffende locatie behoefte is. Nieuwe schoolgebouwen Bij nieuwe schoolgebouwen (lees: projecten voor (vervangende) nieuwbouw of renovatie/vernieuwbouw) kan extra bouwvolume boven op de onderwijscapaciteit worden toegekend. Hiervoor is een beleidsregel van ‘meer meters’ een mogelijkheid om het onderwijs tegemoet te komen. Dit betekent concreet dat scholen beargumenteerd de keuze kunnen maken om bij nieuwbouw 50 meter bruto vierkante meter extra te realiseren.
Dit gaat om maatwerk per project en denkkader van schoolbesturen om meer individuele werkplekken, overlegplekken en spreekkamers te realiseren. Aanvullende capaciteit is maatwerk en wordt uitgewerkt op basis van een businesscase met bindende samenwerkingsafspraken van het schoolbestuur, (zorg)partijen, het samenwerkingsverband en de gemeente. Per project dient het schoolbestuur de ruimteclaim te onderbouwen met een visie en concrete samenwerkingsintenties die de extra (zorg)ondersteuning gaan bieden.
3.5 Financiële kaders en spelregels Om de kwaliteit van de onderwijshuisvesting te borgen, investeren gemeente en schoolbesturen vanuit een vast kader in schoolgebouwen. Het bekostigen van de opgenomen ambities wordt in deze paragraaf vertaald naar (financiële) uitgangspunten die worden gehanteerd in dit IHP. Er wordt daarbij onderscheid gemaakt tussen de investering van de gemeente en de investering vanuit het schoolbestuur per scenario. De genoemde investeringsbedragen zijn prijspeil augustus 2023 en inclusief btw.
3.5.1 Wettelijke taken gemeente De gemeente Wijdemeren heeft wettelijke taken waaraan het moet voldoen. De gemeente is verantwoordelijk voor het voorzien in huisvesting van scholen met (vervangende) nieuwbouw en uitbreiding. Scholen zijn verantwoordelijk voor het onderhoud, de exploitatie en inpandige aanpassingen en worden hiervoor vergoed. Hiernavolgend figuur geeft een overzicht van wat door wetgeving is bepaald. Het IHP geeft daarnaast overzicht over hoe om te gaan met verduurzaming van nieuwbouw en bestaande bouw, ruimte voor kinderopvang, de kosten en de planning.
2230433/20240229JL01 | www.icsadviseurs.nl
14/40
Figuur 2: Overzicht wettelijke taken gemeente
3.5.2 Investering gemeente De gemeente is verantwoordelijk voor het bekostigen van (ver)nieuwbouw en uitbreiding. Het uitgangspunt van dit IHP is om een realistische begroting te kunnen maken met indicatieve bedragen voor de uitvoering van de plannen. De huidige normvergoeding van de VNG is echter te laag t.o.v. de daadwerkelijke bouwkosten op dit moment en volstaat dus nu niet. Als de normvergoeding van de VNG is bijgewerkt en een realistisch beeld geeft van de kosten dan wordt deze weer toegepast. Kortom, ten tijde van het opstellen van dit IHP worden de bedragen op basis van actuele ervaringscijfers van ICSadviseurs gehanteerd. Op het moment van realisatie van scenario’s uit dit IHP wordt op dat moment gekeken of de normvergoeding van de VNG aansluit bij de werkelijkheid of wordt een actueel bouwkostenniveau bepaald. Uitgaande van de beschreven visie ten aanzien van duurzaamheid en binnenklimaat dient in de huidige markt rekening te worden gehouden met de volgende investeringskosten per scenario. Onderstaande bedragen zijn prijspeil augustus 2023 en inclusief btw: ▪
Nieuwbouw: € 3.550,- per m2 bvo (o.b.v. BENG & gasloos (beide wettelijk verplicht) en Frisse Scholen klasse B).
▪
Vernieuwbouw: De beschikbare vergoeding vanuit de gemeente is gelijk aan de (norm)vergoeding in geval van nieuwbouw, € 3.550,- per m2 bvo.
▪
Renovatie: De gemeente draagt bij aan het verduurzamen van het gebouw en het verbeteren van het binnenklimaat. Voor het uitvoeren van deze ingrepen draagt de gemeente 50% bij van de vergoeding voor nieuwbouw. Dit resulteert in een gemeentelijke bijdrage van € 1.775,- per m2 bvo.
▪
In stand houden: De gemeente draagt niet bij aan het in stand houden van de scholen. De financiële effecten van de Transitievisie Warmte worden pas inzichtelijk zodra de plannen concreet worden voor de wijken en/of straten van de scholen.
2230433/20240229JL01 | www.icsadviseurs.nl
15/40
De genoemde bedragen betreffen de gemiddelde investeringskosten per type ingreep. Het advies is de investeringskosten te differentiëren naar de omvang van de school. Onderstaande tabellen tonen de differentiatie voor (ver)nieuwbouw en renovatie.
Actueel aug 2023 (gemiddeld)
BENG
Type
Primair Onderwijs
3.575
€
ENG
€
3.750 tot 100 leerlingen
€
3.650 tot 200 leerlingen
€
3.500 tot 300 leerlingen
€
3.400 300 of meer leerlingen
€
Gymzaal
Primair Onderwijs
Actueel aug 2023 advies: gedifferentieerd
3.750
€
1.700.000 Per gymzaal
€
3.925 tot 100 leerlingen
€
3.825 tot 200 leerlingen
€
3.675 tot 300 leerlingen
€
3.575 300 of meer leerlingen
Gymzaal Tabel 1: Investeringskosten (ver)nieuwbouw per m2 bvo
Actueel aug 2023 (gemiddeld)
BENG
Type
Primair Onderwijs €
1.788
ENG
Gymzaal
Primair Onderwijs
Actueel 2022 advies: gedifferentieerd €
1.875 tot 100 leerlingen
€
1.825 tot 200 leerlingen
€
1.750 tot 300 leerlingen
€
1.700 300 of meer leerlingen
€
€
1.875
850.000 Per gymzaal
€
1.965 tot 100 leerlingen
€
1.915 tot 200 leerlingen
€
1.840 tot 300 leerlingen
€
1.780 300 of meer leerlingen
Gymzaal Tabel 2: Investeringskosten renovatie per m2 bvo
Daarnaast zijn de investeringskosten tijdsafhankelijk en dienen, op het moment van uitvoering, te worden geïndexeerd met de BDB-bouwkostenindex. In de financiële doorrekening wordt uitgegaan van ENG.
2230433/20240229JL01 | www.icsadviseurs.nl
16/40
3.5.3 Investering schoolbesturen Scholen zijn verantwoordelijk voor het onderhouden en in stand houden van de schoolgebouwen waarvoor zij een MJOP opstellen. De scholen kunnen bijdragen in het geval van nieuwbouw en vernieuwbouw aan het behalen van de duurzaamheidsambities. Het investeren aan hogere ambities moet via de exploitatie kunnen worden terugverdiend. Het moet daarom gaan om een aantoonbare investering met een redelijke terugverdientijd anders mag de school niet investeren. De redelijke terugverdientijd moet aanvaardbaar zijn binnen het Onderwijsaccountantsprotocol. Per project of ingreep dient, via een businesscase, inzichtelijk te worden gemaakt of de scholen kunnen en willen bijdragen. Dit geeft ze mogelijk zelf ook een voordeel in de exploitatie waar dat mee terug te verdienen is. Per scenario komt dit uit op de volgende bijdrage: ▪
Nieuwbouw en vernieuwbouw: aanvullend op de bijdrage van de gemeente kunnen de schoolbesturen bijdragen aan het behalen van verdere duurzaamheidsambities (ENG/0-op-de-meter). Met het huidige prijspeil is dit gemiddeld een bedrag van € 175,- per m2 bvo. In de basis geldt dat het schoolbestuur mag bijdragen indien de bijdrage vanuit een exploitatievoordeel kan worden gedekt. Het is per situatie verschillend welke maatregelen noodzakelijk zijn om de aanvullende ambities te realiseren. De eigen bijdrage wordt derhalve per project berekend op basis van een businesscase.
▪
Renovatie: Bij een renovatie is een bijdrage van schoolbesturen niet noodzakelijk. Wel kunnen onderhoudswerkzaamheden uit het MJOP worden gekoppeld aan het moment van de renovatie. Bij deze gevallen draagt het schoolbestuur bij vanuit het reguliere onderhoudsbudget.
▪
In stand houden: Het schoolbestuur is verplicht met haar materiële instandhoudingsvergoeding het onderhoud en de Erkende Maatregelen uit te voeren. De financiële effecten van de Transitievisie Warmte worden pas inzichtelijk zodra de plannen concreet worden voor de wijken en/of straten van de scholen.
2230433/20240229JL01 | www.icsadviseurs.nl
17/40
4. Inzicht en beoordeling 4.1 Het scholenbestand De vastgoedportefeuille van de gemeente Wijdemeren bevat op dit moment 11 scholen. Al deze schoolgebouwen zijn in gebruik voor het primair onderwijs. Tijdens de uitvoering van het IHP vindt ook de fusie van De Linde en Jenaplanschool de Sterrenwachter plaats om zo IKC Talent Primair in Loosdrecht te ontwikkelen. Na deze ontwikkeling heeft de gemeente Wijdemeren 10 scholen. Bij alle scholen ligt het economisch claimrecht5 bij de gemeente. Het juridisch eigendom ligt bij het betreffende schoolbestuur (Stichting AT Scholen, Talent Primair en Stichting Proceon). 6 De omvang van het scholenbestand is op dit moment circa 13.552 m 2 bvo. De gemiddelde leeftijd is 61 jaar (gemiddeld bouwjaar 1962). Hierbij gaat het om het initiële bouwjaar. Er is hierbij geen rekening gehouden met eventuele uitbreidingen en/of renovatie van een schoolgebouw.
Aantal gebouwen per leeftijdscategorie 5
4
3
2
1
0 1945 en ouder
1946 - 1965
1966 - 1985
1986 - 2000
2001 - 2015
2016 en jonger
Figuur 3: Leeftijdscategorie
4.2 Nulmeting Alle onderwijsgebouwen7 in de gemeente Wijdemeren zijn op basis van verschillende kenmerken in kaart gebracht. Aan de hand van een vragenlijst zijn de schoolbesturen gevraagd de gebouwen te beoordelen. Voor elk schoolgebouw is een inventarisatie opgesteld, waardoor inzicht is verkregen in de staat van de gebouwen (nulmeting).
5 Het economisch claimrecht houdt in dat wanneer het gebouw aan de onderwijsbestemming wordt onttrokken, het gebouw terugvalt in
eigendom van de gemeente Wijdemeren. 6 Bij IKC-Wereldwijs ligt het juridisch eigendom nog bij de gemeente. Gemeente en Proceon zijn hierover in gesprek. Dit proces valt buiten het IHP. 7 Voor Jenaplanschool de Sterrenwachter is geen inventarisatie doorlopen omdat dit gebouw een vernieuwbouwtraject doorloopt.
2230433/20240229JL01 | www.icsadviseurs.nl
18/40
Onderstaand wordt een beschrijving gegeven van de hoofdthema’s waarop de onderwijsgebouwen zijn beoordeeld.
4.2.1 Kwaliteit Binnen het thema kwaliteit wordt onderscheid gemaakt tussen vier criteria: ▪ ▪ ▪ ▪
Technische staat Functionele staat Binnenklimaat Veiligheid
De schoolbesturen hebben aan de hand van een vragenlijst de onderwijsgebouwen kwalitatief beoordeeld. Dit en de context vanuit het onderwijs hebben zij toegelicht in een individueel interview. De uitkomsten van de beoordeling zijn weergegeven in onderstaande figuur. ▪
Technische staat De technische staat geeft inzicht in de kwaliteit van de installaties, de binnen- en buitenkant van het gebouw en een algemene beoordeling.
▪
Functionele staat De functionele staat geeft aan in welke mate het gebouw het onderwijsconcept faciliteert. Hierin spelen niet alleen de onderwijsruimtes en het speelplein een rol, maar ook de werkomgeving van de staf en facilitaire voorzieningen komen aan bod.
▪
Binnenklimaat De beoordeling van het binnenklimaat geeft aan hoe de ventilatie, de temperatuur, het licht en het geluid binnen het gebouw wordt ervaren.
▪
Veiligheid Bij veiligheid is gevraagd naar de veiligheid in en rondom het gebouw, verkeersveiligheid en of er sprake is van vandalisme.
Beoordeling kwaliteit 12 10 8 6 4 2 0 Technisch
Functioneel Goed
Binnenklimaat Redelijk
Veiligheid
Slecht
Figuur 4: Weergave beoordeling kwaliteit
2230433/20240229JL01 | www.icsadviseurs.nl
19/40
4.2.2 Vraag en aanbod Binnen het thema vraag en aanbod wordt de beschikbare onderwijscapaciteit vergeleken met de toekomstige normatieve ruimtebehoefte aan onderwijscapaciteit in 2037. De leerlingenprognoses zijn de basis voor de berekening van de ruimtebehoefte. Medegebruik, bijvoorbeeld door een opvangorganisatie, is bij het bepalen van het ruimtetekort/overschot niet meegenomen in de berekening. De leerlingenprognose is opgesteld door Pronexus (april 2022). Basisgeneratie primair onderwijs De meest actuele leerlingenprognose voor het primair onderwijs geeft inzicht in de verwachte ontwikkeling van het aantal leerlingen in de komende jaren. Pronexus geeft daarbij aan: ‘In ramingen van de leerlingenaantallen zijn twee ontwikkelingen verwerkt. Dit zijn de trends in de omvang van de doelgroep voor het basisonderwijs in de afzonderlijke gebieden van de gemeente Wijdemeren en de schoolkeuze. Bij de opzet van de prognoses zijn de cijfers verwerkt met een uitsplitsing van leerlingen naar herkomstgebied.’ De basisgeneratie geeft de omvang van de 4- tot en met 11-jarigen plus 30% van de 12-jarigen. Het overige deel van de 12-jarigen stroomt door naar een school van het voortgezet onderwijs. In onderstaand tabel wordt de basisgeneratie voor het primair onderwijs in de gemeente Wijdemeren per kern weergegeven. Tabel 3: Basisgeneratie in de kernen
Kern
2021
2022
2023
2027
2031
2037
Δ 2021 2037
Nederhorst den Berg
431
432
457
495
498
499
+ 68
Kortenhoef
674
660
643
634
664
667
-7
Ankeveen
87
94
101
104
105
107
+ 20
Nieuw Loosdrecht
596
592
613
687
713
709
+ 113
Oud Loosdrecht
72
77
81
93
96
96
+ 24
1.860
1.855
1.895
2.013
2.076
2.078
+ 218
TOTAAL
Het aantal kinderen in de doelgroep voor het primair onderwijs in de gemeente Wijdemeren laat de komende jaren een stijging zien, alleen in Kortenhoef is dit niet het geval. De grootte van de stijging verschilt per kern. Woningbouwontwikkeling gemeente Wijdemeren Een groot deel van de groei van de basisgeneratie valt te verklaren door de woningbouwontwikkeling. De vastgestelde woningbouwontwikkelingen vormen een belangrijke basis voor de leerlingenprognose. De woningbouwontwikkelingen, die bekend waren bij het opstellen van de prognose in april 2022, zijn meegenomen door Pronexus. Het is belangrijk om de woningbouwontwikkeling te blijven monitoren in relatie tot de nieuwe woningbouwplannen van de gemeente.
2230433/20240229JL01 | www.icsadviseurs.nl
20/40
Leerlingenprognose Onderstaande tabel geeft een overzicht van de leerlingenprognose per school. Tabel 4: Leerlingenprognose per school
School
2022
20248
2025
2028
2031
2034
2037
Δ 2024 2037
Joseph Lokinschool
94
99
97
105
105
107
107
+8
St. Antoniusschool
234
211
218
224
232
233
232
+ 21
Curtevenne basisschool
176
151
164
169
174
175
174
+ 23
De Regenboog
250
231
243
250
258
260
261
+ 30
175
185
192
202
207
206
206
+ 21
77
79
88
94
96
96
96
+ 17
IKC-Wereldwijs
283
325
314
335
343
341
340
+ 15
De Linde
134
138
151
160
163
163
163
+ 25
Jozefschool
245
250
275
290
288
289
289
+ 39
Warinschool
92
115
107
114
114
114
114
-1
Meester Kremerschool
95
75
92
96
96
96
96
+ 21
1.855
1.859
1.944
2.039
2.076
2.080
2.078
+ 219
Jenaplanschool de Sterrenwachter Samenwerkingsschool de Catamaran
TOTAAL
8 Uitgangspunt voor het leerlingenaantal in 2024 is de oktobertelling van 2023. In totaal zijn dit 75 leerlingen minder dan werd verwacht in de
prognose.
2230433/20240229JL01 | www.icsadviseurs.nl
21/40
Capaciteit Het aantal leerlingen op een school bepaalt de benodigde normatieve ruimtebehoefte in vierkante meters. In onderstaande tabel is de normatieve ruimtebehoefte afgezet tegen de huidige onderwijscapaciteit. Net zoals in de doorgaande tabellen gaat het om de actuele leerlingenaantallen en de prognose. Op het moment dat een businesscase wordt opgesteld, dienen de meest recente leerlingenaantallen en -prognoses te worden opgenomen. Tabel 5: Onderwijscapaciteit en ruimtebehoefte
School
Beschikbare capaciteit
Ruimtebehoefte (m2 bvo onderwijs)
m2 bvo onderwijs
2022
2024
2025
2028
2031
2034
2037
Joseph Lokinschool
706
673
698
688
728
728
738
738
St. Antoniusschool
1.743
1.377
1.261
1.297
1.327
1.367
1.372
1.367
Curtevenne basisschool
1.285
1.085
960
1.025
1.050
1.075
1.080
1.075
De Regenboog
1.442
1.458
1.362
1.422
1.458
1.498
1.508
1.513
773
1.080
1.131
1.166
1.216
1.241
1.236
1.236
578
587
597
643
673
683
683
683
IKC-Wereldwijs
2.253
1.623
1.835
1.795
1.885
1.925
1.915
1.910
De Linde
1.245
874
894
960
1.005
1.020
1.020
1.020
Jozefschool
1.241
1.432
1.458
1.583
1.659
1.649
1.654
1.654
Warinschool
1.020
663
778
738
773
773
773
773
Meester Kremerschool
1.186
678
577
663
683
683
683
683
TOTAAL
13.472
11.530
11.551
11.980
12.457
12.642
12.662
12.652
Jenaplanschool de Sterrenwachter Samenwerkingsschool de Catamaran
In veel gevallen wordt (een deel van) het overschot opgevuld door ruimte in medegebruik te geven ten behoeve van kinderopvang. Kijkend naar de situatie op locatieniveau zijn er drie scholen waar momenteel (in 2023) een normatief tekort is. Dit zijn Jenaplanschool de Sterrenwachter, Samenwerkingsschool de Catamaran en de Jozefschool. Jenaplan de Sterrenwachter zit momenteel in de ontwikkeling van een nieuw schoolgebouw. Bij Samenwerkingsschool de Catamaran is dit tekort minimaal.
2230433/20240229JL01 | www.icsadviseurs.nl
22/40
5. Huisvestingsscenario’s per kern De volgende paragrafen bevatten de scenario’s per kern en per school. Hieronder volgt een toelichting van de onderdelen die daarin terugkomen. Analyse per schoolgebouw De analyse per schoolgebouw betreft een weergave van de kansenkaart (knelpuntenanalyse). In de kansenkaart is de school beoordeeld op: ▪ ▪ ▪
Kwaliteit – (subjectieve) beoordeling van de functionele en technische staat van het onderwijsgebouw door het betreffende schoolbestuur; Financiën – exploitatielasten (MJOP en energielasten) in verhouding tot de ICS-benchmark; Vraag & aanbod – toekomstige (2037) verhouding tussen beschikbare en benodigde (normatieve) onderwijscapaciteit op basis van de vastgestelde leerlingenprognose (Pronexus, 2022). Een O geeft een overschot aan ruimte aan en een T een tekort.
De kansenkaarten kennen een beoordeling van groen is goed, oranje is gemiddeld en rood is slecht. Bij een grijze beoordeling ontbreekt er informatie.
2230433/20240229JL01 | www.icsadviseurs.nl
23/40
5.1 Kortenhoef In de kern Kortenhoef zijn drie onderwijsvoorzieningen. Alle drie de schoolbesturen hebben hier een school. Dit zijn de volgende schoollocaties: ▪ ▪ ▪
Curtevenne basisschool De Regenboog St. Antoniusschool
Figuur 5: Kansenkaart Kortenhoef Curtevenne basisschool (Talent Primair) Curtevenne basisschool is gehuisvest in een gebouw uit 1970 en is in 2002 en 2010 uitgebreid. In het gebouw werkt de Curtevenne samen met KMN Kind & Co voor de kinderopvang. De onderwijscapaciteit van de Curtevenne is 1.285 m² bvo. De leerlingenprognose laat een stabiel leerlingenaantal zien voor de komende jaren. Op dit moment (2023) zijn er 151 leerlingen en in 2037 zijn dit 174 leerlingen. De ruimtebehoefte vraagt niet om aanpassingen aan het gebouw. De onderwijscapaciteit is namelijk voldoende voor de ruimtebehoefte. De school heeft een normatief overschot. De technische staat en de veiligheid worden door het schoolbestuur als gemiddeld beoordeeld, de functionaliteit en het binnenklimaat minder. Vooral de temperatuur van het binnenklimaat en de werkomgeving van de staf worden als slecht beoordeeld. De Regenboog (Proceon) De Regenboog is gehuisvest in een gebouw uit 1954 en is uitgebreid in 1987, 2000 en 2003. Daarnaast is het gebouw gerenoveerd in 2007. De onderwijscapaciteit van de Regenboog is 1.442 m2 bvo. Het leerlingenaantal is stabiel en laat een lichte groei zien voor de komende jaren. Op dit moment (2023) zijn er 231 leerlingen en de prognose verwacht in 2037 dat het aantal leerlingen gegroeid is naar 261. De school heeft momenteel geen ruimtetekort.
Met de verwachte groei van het leerlingenaantal gaat dit in de toekomst wel ontstaan. Het schoolbestuur beoordeelt de technische- en functionele staat van het gebouw als gemiddeld. Het binnenklimaat, met name de ventilatie en de temperatuur, wordt als slecht beoordeeld.
2230433/20240229JL01 | www.icsadviseurs.nl
24/40
St. Antoniusschool (AT Scholen) De St. Antoniusschool is gehuisvest in een gebouw uit 2004 die verder niet is uitgebreid of gerenoveerd. De school werkt samen met ThuizBij voor kinderopvang. De onderwijscapaciteit van de school is 1.743 m2 bvo. ThuizBij maakt gebruik van 169 m2 bvo onderwijscapaciteit. De St. Antoniusschool heeft 211 leerlingen (2023) en dat aantal lijkt voor de komende jaren stabiel te blijven. De verwachting is dat het leerlingenaantal groeit naar 232 leerlingen in 2037. De toekomstige ruimtebehoefte vraagt niet om aanpassingen aan het gebouw. Het schoolbestuur beoordeelt het gebouw als redelijk. Een aantal onderdelen, zoals de buitenkant, binnenkant, onderwijsruimtes, facilitaire voorzieningen, toegankelijkheid en licht, scoort goed bij de beoordeling. Het schoolbestuur beoordeelt echter ook enkele onderdelen als matig zoals de installaties, ventilatie, temperatuur en de verkeersveiligheid. Oplossingsrichtingen Kortenhoef De Curtevenne basisschool en de Regenboog zijn allebei oudere gebouwen die op termijn toe zijn aan vervanging. De scholen zijn daarom gezamenlijk opgenomen in het IHP voor vervangende nieuwbouw. De huidige locatie lijkt daarvoor de meest logische plek. De St. Antoniusschool dient in stand te worden gehouden.
2230433/20240229JL01 | www.icsadviseurs.nl
25/40
5.2 Nieuw Loosdrecht In de kern Nieuw Loosdrecht zijn nu drie onderwijsvoorzieningen. In de toekomst worden dit er twee. Eén van deze scholen behoort bij Talent Primair en één bij Stichting Proceon. Dit zijn de volgende schoollocaties: ▪ ▪
IKC Talent Primair IKC-Wereldwijs
Jenaplanschool de Sterrenwachter en De Linde zullen fuseren en samen een nieuw schoolgebouw betrekken op de huidige locatie van Jenaplanschool de Sterrenwachter. Deze school wordt voor nu IKC Talent Primair genoemd.
Figuur 6: Kansenkaart Nieuw Loosdrecht
IKC-Wereldwijs (Proceon) IKC-Wereldwijs is gehuisvest in een gebouw uit 1959 waar vernieuwbouw heeft plaatsgevonden in 2021. In het gebouw werkt IKC-Wereldwijs samen met Eigen & Wijzer voor kinderopvang. De onderwijscapaciteit van IKC-Wereldwijs is 2.253 m² bvo. Eigen & Wijzer gebruikt hiervan 394 m2 bvo voor de kinderopvang. De leerlingenprognose laat een flinke groei zien voor de komende jaren. Op dit moment (2023) zijn er 325 leerlingen en in 2037 zijn dit 340 leerlingen volgens de prognose. De school merkt dat het leerlingenaantal sneller lijkt te groeien dan de prognose aangeeft en dat het binnenkort met een ruimtetekort te maken kan krijgen. Dit komt deels doordat IKC Talent Primair nog niet af is en de school daardoor een grotere toestroom van leerlingen heeft. De ruimtebehoefte vraagt in de toekomst misschien om aandacht om het (tijdelijke) ruimtetekort op te vangen in de kern. Het schoolbestuur beoordeelt daarom alle onderdelen als goed.
2230433/20240229JL01 | www.icsadviseurs.nl
26/40
IKC Talent Primair (Talent Primair) In Nieuw Loosdrecht komt een tweede IKC. Deze zal ontstaan na de fusie van De Linde en Jenaplanschool de Sterrenwachter. Het IKC wordt gebouwd op de huidige locatie van Jenaplanschool de Sterrenwachter. Met het nieuwe IKC moet er voldoende onderwijscapaciteit zijn om aan de ruimtebehoefte van Nieuw Loosdrecht te voldoen. Nu (2023) bestaat de basisgeneratie in Nieuw-Loosdrecht uit 592 leerlingen en deze groeit volgens de prognose naar 709 leerlingen in 2037. De Linde De Linde is gehuisvest in een gebouw uit 1954 waar in 1989 een uitbreiding heeft plaatsgevonden. In 2012 is de school gerenoveerd. De school hoort bij Talent Primair. Als de ontwikkeling van IKC Talent Primair is afgerond, zal de school leeg komen te staan. De onderwijscapaciteit van De Linde is 1.245 m2 bvo. Jenaplanschool de Sterrenwachter maakt gebruik van 150 m2 bvo. De leerlingenprognose laat bij alle drie de scholen in de kern een flinke groei zien. Het schoolbestuur beoordeelde alle onderdelen van de technische staat van het gebouw als slecht. Jenaplanschool de Sterrenwachter Jenaplanschool de Sterrenwachter is gehuisvest in een gebouw uit 1965 die is uitgebreid in 1977 en 1996. De onderwijscapaciteit van de school is 773 m2 bvo. Daarnaast maakt de school gebruik van enkele lokalen bij De Linde.
De leerlingenprognose laat bij alle drie de scholen in de kern een flinke groei zien. Het schoolgebouw wordt gesloopt om plaats te maken voor IKC Talent Primair. Daarom is de school niet beoordeeld door het schoolbestuur. Oplossingsrichtingen Nieuw Loosdrecht In Nieuw Loosdrecht is de situatie voor de toekomst duidelijk met twee IKC’s die samen de hele kern voorzien. IKC Talent Primair is hierin een lopend project. Tot de ingebruikname van dat IKC is het belangrijk de situatie te monitoren en ervoor te zorgen dat er voldoende onderwijscapaciteit is in de kern. Momenteel is voldoende capaciteit bij IKC-Wereldwijs omdat dit op te vangen.
2230433/20240229JL01 | www.icsadviseurs.nl
27/40
5.3 Oud Loosdrecht In de kern Oud Loosdrecht is slechts één onderwijsvoorziening. Deze is onderdeel van Talent Primair. Het gaat om de volgende schoollocatie: ▪
Samenwerkingsschool de Catamaran.
Figuur 7: Kansenkaart Oud Loosdrecht Samenwerkingsschool de Catamaran (Talent Primair) Samenwerkingsschool de Catamaran is gehuisvest in een gebouw uit 1989 en sindsdien niet uitgebreid of gerenoveerd. In het gebouw is verder geen kinderopvang aanwezig. De onderwijscapaciteit van de Catamaran is 578 m² bvo. De leerlingenprognose laat een flinke groei zien voor de komende jaren. Op dit moment (2023) zijn er 79 leerlingen en in 2037 zijn dit 96 leerlingen volgens de prognose. Dit gaat in de toekomst een ruimtetekort opleveren voor de onderwijscapaciteit. Het schoolbestuur beoordeelt de technische staat en de functionaliteit van het schoolgebouw als slecht. Het schoolbestuur geeft aan dat het gebouw is verouderd. De veiligheid en functionaliteit van het gebouw worden als gemiddeld/matig beoordeeld. Daarnaast presteert het schoolgebouw financieel slecht. Het schoolbestuur geeft aan dat het gebouw hoge exploitatiekosten heeft. Oplossingsrichtingen Oud Loosdrecht Samenwerkingsschool de Catamaran is vanwege de kwaliteit van het gebouw op termijn toe aan een ingreep. De school is daarom in het IHP opgenomen voor een renovatie.
2230433/20240229JL01 | www.icsadviseurs.nl
28/40
5.4 Ankeveen In de kern Ankeveen is slechts één onderwijsvoorziening. Deze school is onderdeel van Stichting AT Scholen. Het gaat om de volgende schoollocatie: ▪
Joseph Lokinschool
Figuur 8: Kansenkaart Ankeveen Joseph Lokinschool (AT Scholen) De Joseph Lokinschool is gehuisvest in een gebouw uit 1929 die is uitgebreid in 1958, 1974 en 2000. AT Scholen regelt zelf de kinderopvang bij deze school. De onderwijscapaciteit van de school is 706 m2 bvo. De kinderopvang gebruikt 94 m2 bvo van de onderwijscapaciteit. De afgelopen jaren heeft de Joseph Lokinschool een groei van het aantal leerlingen doorgemaakt. Op dit moment heeft de Joseph Lokinschool 99 leerlingen en de prognose verwacht dat dit doorgroeit naar 107 leerlingen in 2037. De school heeft een ruimtetekort en door het groeiende leerlingenaantal wordt dat groter. Het schoolbestuur beoordeelt de meeste onderdelen van het gebouw als goed. Er zijn ook onderdelen die als minder worden beoordeeld. Dit gaat over de installaties, de ventilatie, de temperatuur en de werkomgeving van de staf. Het gebouw heeft hoge exploitatielasten. Oplossingsrichtingen Ankeveen De Joseph Lokinschool is in het IHP opgenomen voor een renovatie en uitbreiding op de zolder. Deze renovatie maakt het mogelijk onderwijs te geven op de zolder waardoor er geen ruimtetekort meer is.
2230433/20240229JL01 | www.icsadviseurs.nl
29/40
5.5 Nederhorst den Berg In de kern Nederhorst den Berg zijn drie onderwijsvoorzieningen. Alle drie de schoolbesturen hebben hier een school. Dit zijn de volgende schoollocaties: ▪ ▪ ▪
Jozefschool Warinschool Meester Kremerschool
Figuur 9: Kansenkaart Nederhorst den Berg Jozefschool (AT Scholen) De Jozefschool is gehuisvest in een gebouw uit 1976 en is in 2002 uitgebreid. In het gebouw werkt de Jozefschool samen met ThuizBij voor de kinderopvang. De kinderopvang zat vroeger in het gebouw maar heeft in 2022 een portocabin op het plein geplaatst om voldoende capaciteit te realiseren. De onderwijscapaciteit van de Jozefschool is 1.241 m² bvo. Dit is onvoldoende voor de ruimtebehoefte van de school en kinderopvang. De Jozefschool heeft nu 250 leerlingen (2023) en de leerlingenprognose verwacht een groei naar 289 in 2037. Door de aanhoudende groei van het leerlingenaantal heeft ThuizBij in de zomer van 2022 een tijdelijk unit geplaatst achter op het schoolplein. Het ruimtetekort groeit door naar 33% in 2037. Het schoolbestuur beoordeelt de kwaliteit van het gebouw wisselend. Er zijn onderdelen, zoals de binnen- en buitenkant van de technische staat, de functionaliteit van de onderwijsruimtes, de toegankelijkheid en het licht, die goed scoren. Er zijn ook onderdelen, zoals de temperatuur, werkomgeving van de staf en de verkeersveiligheid, die het schoolbestuur als slecht beoordeelt. Warinschool (Proceon) De Warin is gehuisvest in een gebouw uit 1920 en is uitgebreid in 1989. De school is gerenoveerd in 1996. In het gebouw werkt de school samen met Kidswereld voor de kinderopvang.