CConstaterende datWijdemeren
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4 Programmabegroting Regio GV 2027-2030

gemeenteraad 4 juni 2026, gemeente WijdemerenBij agendapunt: Zienswijze Programmabegroting 2027 Regio Gooi & Vechtstreek36.625 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Regiobegroting 2027-2030

Ons kenmerk

DOC-26015691

Versie Datum Contactpersoon E-mail

2 april 2026 J. Agricola j.agricola@regiogv.nl

INHOUD Algemeen

3

Algemene beschouwingen

3

Financiële beschouwingen

5

Financiële aansluiting 2026 - 2027

9

Financiële begroting 2027-2030

11

Voor inwoners

14

GAD

15

GGD

19

RAV

24

Onderwijs en Werk

26

Urgentiebureau

30

Zorg en Veiligheidshuis

33

Vervoer Gooi en Vechtstreek

36

Visit Gooi en Vecht

39

Met gemeenten

41

Beleid en Bestuur

42

Inkoop en Contractbeheer

45

Bescherming en Opvang

48

Paragrafen

53

Weerstandsvermogen en risicobeheersing

54

Onderhoud kapitaalgoederen

60

Financiering

63

Bedrijfsvoering

68

Verbonden partijen

72

Openbaarheid

74

Bijlagen

75

Kerngegevens

75

Taakvelden

76

Gemeentelijke bijdragen

77

Prognose balans

86

Prognose Reserves en voorzieningen

87

Leningen

92

Investeringen

93

Tarieven

94

Lijst met afkortingen

95

2

Algemeen Algemene beschouwingen Regio Gooi en Vechtstreek is een gemeenschappelijke regeling van Blaricum, Eemnes1, Gooise Meren, Hilversum, Huizen, Laren en Wijdemeren. Een werkgebied met bijna 255.000 inwoners. Voor inwoners bieden wij 365 dagen per jaar tal van gemeentelijke diensten. Met gemeenten werken wij samen aan maatschappelijke opgaven en gebiedsopgaven in Gooi en Vechtstreek. Voor inwoners De Regio werkt voor inwoners, met gemeenten maar ook samen met andere partijen. De diensten van de Regio zijn hierin zowel opdrachtnemer van gemeenten als ketenpartner. In het sociaal domein wordt steeds meer ingezet op samenwerking. De GGD is een belangrijke ketenpartner binnen de grote transities in het sociaal domein op het gebied van publieke gezondheid. Het RBL heeft een grote rol in het voorkomen van schooluitval en jeugdwerkeloosheid en ook hierbij is samenwerking met het onderwijs en jeugdzorgpartners belangrijk. Ook de RAV werkt samen met zorgpartners om de ambulancezorg effectief in te zetten. In het Zorg- en Veiligheidshuis wordt ingezet op een gezamenlijke domeinoverstijgende aanpak waar verward gedrag, geweld of criminaliteit meespeelt. De inzet op deze ketensamenwerking met nadruk op preventie en vroeg ingrijpen moet de druk verminderen op de inzet van individuele zorg.

Deze druk zien en voelen gemeenten maar zien we ook bij de Regio, bijvoorbeeld in het stijgend aantal aanvragen bij het urgentiebureau. Ook in het fysiek domein is samenwerking en samenhang belangrijk. De grote maatschappelijke opgaven waar we voor staan zijn niet los van elkaar te zien. Vraagstukken als mobiliteit, woningbouw, netcongestie en de opgaven op (drink)water leggen allemaal beslag op dezelfde schaarse ruimte. Daarom is het belangrijk de overstijgende vraagstukken met elkaar te bekijken en om onze belangenbehartiging naar provincie en Rijk goed te organiseren. Voor de GAD staat ook in 2027 nog steeds de opgave centraal om de centrale functies voor de afvalinzameling voor onze inwoners toekomstbestendig in te richten. Ook hier speelt het probleem van schaarse ruimte. Op het moment van opstellen van deze begroting is nog geen locatie in zicht. Met gemeenten De Regio is geen aparte laag maar verlengd gemeentelijk openbaar bestuur. Dat vraagt om een samenwerking die geen wij-zij kent, maar gezamenlijk handelen: tussen bestuurders, tussen ambtelijke organisaties, en samen met maatschappelijke partners zoals onderwijs, zorg, veiligheidsketen, ondernemers en organisaties in de leefomgeving. We werken hard aan de invulling van het bestuurlijk opdrachtgeverschap en herkenbaarheid vanuit de raden.

Dit vraagt een wendbare en flexibele organisatie die klaar is voor de horizontale sturing en ketenaanpak die de opgaven van deze tijd van ons vragen. Het traject naar een nieuwe Regionale samenwerkingsagenda en de actualisatie van de gemeenschappelijke regeling start in 2027 als alle nieuwe gemeenteraden gevormd zijn. Voor de nieuwe gemeente Hilversum start de nieuwe raadsperiode per 1 januari 2027, voor de overige gemeenten in maart 2026. De focus ligt hiermee in 2027 op bestuurlijke heroriëntatie en continuïteit tegelijkertijd; helderheid in de opgaven die we samen willen dragen en ruimte voor nieuwe accenten en politieke ambities. Daarbij gaat het om de financiële uitdagingen waar gemeenten voor staan maar ook over de kracht, betekenis en legitimiteit van regionale samenwerking. Wat doen we als regio omdat het moet, wat doen we omdat het gezamenlijk beter gaat en wat laten we bewust bij de gemeenten zelf?

1

De gemeente Eemnes is partieel lid

3

Organisatieontwikkeling De draagkracht van de organisatie moet goed in evenwicht zijn met de opgaven die wij voor inwoners en gemeenten uitvoeren zodat de dienstverlening altijd op een acceptabel niveau blijft en de gegevens van onze inwoners veilig zijn. Versterking van de inzet op risicobeheersing, cybersecurity en het interne inkoop- en contractmanagement is daarom noodzakelijk, ook vanuit de wettelijke eisen zoals NIS2 en de AVG. Door veiligheid, duurzaamheid en continuïteit te borgen behouden we een betrouwbare werkomgeving. In 2025 zijn we gestart met het organisatieontwikkelprogramma Samen Werken. Dat programma versterkt vakmanschap, datagedreven werken, projectmatig en opgavegericht samenwerken, en de verbinding tussen beleid, uitvoering en bestuurlijke sturing. Vanaf 2027 verwachten wij hiervan de vruchten te plukken: meer voorspelbaarheid in dienstverlening, betere ketensamenwerking en zichtbaarder resultaat voor inwoners en gemeenten. Tot 2028 is incidentele financiering beschikbaar vanuit de reserve organisatie ontwikkeling. Voor een aantal ontwikkelingen is al duidelijk dat deze om structurele financiering vragen. Bijvoorbeeld voor inzet op strategisch personeelsbeleid en op datasturing. Deze inzet draagt bij aan het versterken van de organisatie en kan op andere vlakken weer kostenbesparend zijn, bijvoorbeeld door daling ziekteverzuim of besparingen op logistiek.

Ombuigingen De dreiging van het ravijnjaar (inmiddels het jaar 2028) dwingt gemeenten om te snijden in hun uitgaven. Om deze bezuinigingen te realiseren kijken gemeenten ook naar de verbonden partijen. De Regio Gooi en Vechtstreek wil hier haar bijdrage aan leveren. In maart 2025 heeft het dagelijks bestuur opdracht gegeven om de mogelijkheden voor ombuigingen te onderzoeken. Doel van het project ombuigingen is om gemeenten inzicht te geven welke mogelijkheden er zijn om te bezuinigen op taken die zij bij de Regio hebben belegd en dit met elkaar af te stemmen. Omdat er weinig ‘lucht’’ in de Regiobegroting zit na de ontvlechting van Weesp en de bezuinigingsronde in 2021 zullen er inhoudelijke keuzes gemaakt moeten worden die de dienstverlening aan onze inwoners raken. Het is belangrijk dat de bestuurders en gemeenteraden hiervoor in positie gebracht worden. Omdat de diensten van de Regio vaak een onderdeel zijn in een grotere keten is het belangrijk ombuigingsopties bij de Regio te bezien in relatie tot de andere bedrijfsonderdelen maar ook in relatie tot de grotere opgave en de keten. Zodat bijvoorbeeld niet het schrappen in preventieve voorzieningen leidt tot een stijging op duurdere individuele inzet. We onderzoeken of dit gekoppeld kan worden aan het traject naar een nieuwe Regionale samenwerkingsagenda.

zodat de afweging gekoppeld kan worden aan het gesprek tussen de gemeenteraden over op welke thema’s en met welke invulling ze de samenwerking tussen gemeenten willen vormgeven. In december 2025 heeft het algemeen bestuur besloten een aantal beleidsarme ombuigingen door te voeren in de Regiobegroting 2027-2030 en bestuursrapportage 2026. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om het verminderen van ondersteunende functies bij bedrijfsvoering, het schrappen van de schoonmaak van het kantoor op de vrijdagen, en het bijstellen van de afschrijvingstermijnen op de ondergrondse containers. Tenslotte zetten we in onze PenC cyclus in op steeds beter inzicht en prognoses gedurende het boekingsjaar zodat eventuele ruimte ten opzichte van de begroting (die al in het eerste kwartaal van het voorgaande jaar wordt opgesteld) eerder met gemeenten verrekend kan worden. Ook hiervoor is de inzet op datasturing belangrijk.

4

Financiële beschouwingen Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten De begroting stellen wij op conform het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) inclusief wijzigingsbesluiten en de aanvullende notities tot en met 2025 van de commissie BBV. De indeling van de begroting is in programma’s opgedeeld, waarin per programma een samenhangend geheel van activiteiten is opgenomen. De begroting 2027 is gebaseerd op de programmabegroting 2026-2029 en de kaderbrief 2027. Naast het toevoegen van een begrotingswijziging en het actualiseren van de inwonerbijdrage, heeft indexatie van kosten en CAO-aanpassing plaatsgevonden ten opzichte van 2026. De opzet vanuit de Regiobegroting 2026-2029 vormt de basis voor deze Regiobegroting 20272030. Ontwikkelingen met effect op de gemeentelijke bijdrage De gemeentelijke financiën staan onder druk. Gemeenten kijken voor de financiële opgave ook naar de verbonden partijen. De Regio wil haar bijdrage hierin leveren. Begin 2025 hebben we het project ombuigingen gestart (zie voor meer informatie onder de algemene beschouwingen). We zijn terughoudend met het doorvoeren van wijzigingen die de gemeentelijke bijdrage verhogen. In december is de kaderbrief 2027 vastgesteld en aangeboden aan gemeenten. Hierin zijn de ontwikkelingen voor 2027 opgenomen. Deze zijn vertaald in deze begroting.

De grootste mutaties met effect op de gemeentelijke bijdrage lichten we hier kort toe. Een uitgebreidere toelichting is terug te vinden in de betreffende programma's en paragrafen. In de financiële beschouwingen zijn de cijfermatige overzichten opgenomen. De gemeentelijke bijdrage aan de GAD wordt door gemeenten gedekt vanuit de afvalstoffenheffing. In de Regiobegroting 2027-2030 is dit een aandeel van 29,1%. De overige gemeentelijke bijdragen maken 32,6% van de begroting uit. Deze categorie werkt rechtstreeks door in de gemeentebegroting. De overige baten, zoals rijksfinanciering en financiering via de centrumgemeente is een aandeel van 38%. Indexaties De indexaties zijn verdeeld over alle programma's en daarmee naar rato toe te rekenen aan de gemeentelijke bijdrage. Dit heeft een effect op de gemeentelijke bijdrage (zonder de GAD) van ongeveer € 1,5 miljoen. Voor Vervoer Gooi en Vechtstreek is in overeenstemming met de afspraken met gemeenten de NEA index toegepast, dit is een bedrag van €428.000. Toetreding Eemnes GAD Bij de GAD is de toetreding van Eemnes verwerkt. Nominaal nemen de kosten voor de GAD toe maar de schaalvergroting heeft een voordelig effect op de bijdrage per inwoner. De bijdrage per inwoner aan de GAD stijgt met 1,5% en blijft daarmee onder de indexering.

Inzet op public affairs In programma Beleid en Bestuur is de inzet van een manager public affairs ingezet. De afgelopen jaren is vanuit incidentele financiering bestuurlijk ingezet op een regionale propositie en een goede infrastructuur voor de inzet van lobby en belangenbehartiging. In de begroting 2027-2030 is dit structureel ingeregeld. Het effect op de gemeentelijke bijdrage is €124.000

5

Inkoop en contractmanagement maatwerkovereenkomsten De gemeenten hebben de Regio verzocht de inkoop en het contractmanagement op de maatwerkovereenkomsten over te nemen. Dit was tot 2025 lokaal belegd. In deze begroting is dit structureel ingeregeld. Deze overdracht van taken leidt tot een verhoging van de gemeentelijke bijdrage van €313.000. Versterking risicobeheersing, doorontwikkeling organisatie, versterking interne inkoop De draagkracht van de organisatie moet goed in evenwicht zijn met de opgaven die wij voor inwoners en gemeenten uitvoeren. De organisatie is de afgelopen 10-15 jaar gegroeid doordat meer taken in de Regio zijn belegd door gemeenten. In 2024 is daarom een governance-onderzoek uitgevoerd. De aanbevelingen met betrekking tot directie en Concerncontrol zijn in 2025 geïmplementeerd. De aanbevelingen met betrekking tot versterking risicobeheersing zijn in 2025 verder uitgewerkt en vertaald in de kaderbrief 2027 en begroting 2027-2030. Het betreft hier taken die vallen onder de overhead. Deze overhead wordt doorbelast aan alle programma's en werkt daarmee naar rato door op de gemeentelijke bijdrage. Dit betekent dat ongeveer €390.000 doorwerkt in de gemeentelijke bijdrage en ongeveer €350.000 in de kosten van de GAD.

Versterking op rechtmatigheid, risicobeheersing, interne inkoop en cyberbeveiliging is noodzakelijk om te borgen dat onze dienstverlening altijd op een acceptabel niveau blijft en de persoonlijke gegevens van onze inwoners veilig zijn. De werklast en complexiteit op rechtmatigheid en op risicobeheersing neemt toe. Zo ook de kwaliteitseisen van het Rijk op privacy, rechtmatigheid en cyberbeveiliging (NIS2). Het is daarbij van belang de organisatie te beschermen tegen dreigingen van buitenaf, bijvoorbeeld op het gebied van cybersecurity en de continuïteit van de dienstverlening te borgen bij rampen en crisis. Ook op het gebied van inkoop en contractbeheer zien we toename van de complexiteit door regelgeving en helaas ook door externe dreigingen zoals zorgfraude. Met meer inzet op het interne inkoop- en contractmanagement en de doorontwikkeling van de organisatie verwachten we op termijn ook kostenbesparingen te behalen, bijvoorbeeld op contracten, via het terugdringen van ziekteverzuim en de inzet op datasturing. Prijsindex Om de CPI voor 2027 te bepalen, is gebruik gemaakt van de septembercirculaire Gemeentefonds 2025. In deze circulaire wordt aangegeven dat het van belang is dat gemeenten rekening houden met loon- en prijsontwikkelingen, aangezien de reële groei van het gemeentefonds lager ligt dan de nominale groei.

Om gemeenten, die niet beschikken over eigen loon- en prijsindexen, te faciliteren bij het omgaan met loon- en prijsontwikkelingen is tabel 4.2.2 in de septembercirculaire opgenomen. De tabel (zie hieronder) bevat een aantal loon- en prijsindicatoren die het Centraal Plan Bureau (CPB) onderscheidt voor de overheidssector en zijn ontleend aan de meest recente publicaties van het CPB. Uit deze tabel blijkt dat het CPB een inflatie verwacht van 2,2% (prijs overheidsconsumptie, netto materieel (imoc)). De structurele financiële effecten van deze stijging worden verwerkt in de concept Regiobegroting 2027–2030. Voor de helderheid: het gaat om die effecten die voortkomen uit contractbepalingen of andersoortige verplichtingen en daarmee een structureel karakter kennen.

6

Tabel 4.2.2 Prijsindexen CPB* MEV 2026 en CEP 2025** (mutaties per jaar in %) Prijs bruto binnenlands product (pbbp)

2025 2026 2027 2028 2029 2030*** 3,6

2,5

2,5

2,6

2,5

2,5

Prijs nationale bestedingen (pnb)

3,3

2,4

2,5

2,6

2,5

2,5

Nationale consumentenprijsindex (cpi)

3,2

2,3

2,3

2,2

2,2

2,2

Loonvoet sector overheid

6,4

2,9

5,1

4,2

4,5

4,5

Prijs overheidsconsumptie, beloning werknemers

6,2

2,6

5,7

4,6

4,3

4,3

Prijs bruto overheidsinvesteringen (iboi)

3,3

2,5

2,5

2,6

2,4

2,4

Prijs overheidsconsumptie, netto materieel (imoc)

2.9

2,4

2,2

2,2

2,3

2,3

* toelichting/verduidelijking bij de kerngegevens is te vinden op: https://www.cpb.nl/artikel/toelichting-bij-kerngegevenstabel ** 2026 is op basis van de MEV 2026, 2025 en 2027-2029 is op basis van de CEP 2025 *** cijfers 2029 zijn doorgetrokken naar 2030

Lonen Voor het inschatten van de te verwachten ontwikkelingen voor 2027 is gebruik gemaakt van de eerdergenoemde tabel uit de septembercirculaire Gemeentefonds 2025. De verwachting is dat de lonen in 2027 met 5,7% (prijs overheidsconsumptie, beloning werknemers) zullen gaan stijgen. Mochten er in de nieuwe cao voor 2027 hogere indexatiepercentages worden afgesproken dan zal het niet mogelijk zijn om deze extra toename van de loonkosten op te vangen binnen de begroting. Pensioenen Met de inwerkingtreding van de nieuwe pensioenwet moeten uiterlijk per 1 januari 2028 alle pensioenfondsen zijn overgestapt op het vernieuwde pensioenstelsel. Het ABP is voornemens deze overgang al per 1 januari 2027 te realiseren. In het vernieuwde stelsel blijft het uitgangspunt dat werkgevers en werknemers gezamenlijk pensioen opbouwen en samen de financiële risico’s dragen. Werkgevers en werknemers blijven premie betalen, waarbij de premie voor alle deelnemers een vast percentage van het salaris wordt, ongeacht leeftijd. Het aanvullende pensioen wordt daarnaast transparanter, persoonlijker en beweegt meer mee met de economische ontwikkelingen. De Regio volgt de ontwikkelingen nauwgezet en rekent de financiële effecten tijdig door, zodat de impact op de meerjarenbegroting zoveel mogelijk wordt beperkt.

Op basis van de huidige prognoses bedraagt de premie voor het ouderdoms- en nabestaandenpensioen 27,0%. De premie voor het arbeidsongeschiktheidspensioen blijft naar verwachting 0,7%. NEA-index In opdracht van Sociaal Fonds Mobiliteit maakt Panteia jaarlijks een overzicht van de laatste gemiddelde kostenontwikkelingen voor het taxivervoer. Het begrip taxivervoer omvat in dit verband alle vervoer met taxi's, inclusief het groepsvervoer. Panteia berekent de kostenontwikkelingsindex in absolute onafhankelijkheid. Het hanteren van de NEA-index is gebruikelijk in de vervoersbranche en is al bij de oprichting van Vervoer BV met gemeenten afgesproken. Voor 2026 is een indexatie toegepast van 4,62%. Dit betreft het gemiddelde van afgelopen vijf jaar. In deze begroting wordt in navolging hierop gewerkt met het gemiddelde van de jaren 2022 tot en met 2026, wat neerkomt op 5,24%. Rente Bij nieuwe leningen houden wij rekening met een rentestand van 3,30%. Dit percentage is de rente zoals de BNG deze op het moment van schrijven hanteert voor een langetermijnlening met een duur van 10 jaar vast. Op basis van de BBV-regels is het rente omslagpercentage berekend op 1,28%.

7

Overhead Onder overhead verstaat het BBV het geheel van functies gericht op de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. Bij de Regio onderscheiden we een aantal soorten overhead. 1. Overhead inzake management en secretariaten voor het primair proces: dit zijn de kosten van de leidinggevenden in het primaire proces. Deze lasten worden gepresenteerd onder de personele lasten van de programma’s en bij de bijbehorende taakvelden. 2. Overhead gerelateerd aan de Regio: dit zijn de algemene kosten van de Regio, de kosten van de staf, centrale bedrijfsvoering en de centrale inkoop voor de organisatie. Deze worden toegerekend aan de programma’s op basis van aantallen fte’s per RVE. 3. De overhead binnen het programma Beleid en Bestuur worden conform het BBV toegerekend aan het taakveld overhead. Voor de Regio zijn dit echter primaire taken, welke niet worden toegerekend aan de overige programma’s. De Regio rekent de overhead toe aan de programma’s op basis van het aantal fte in dat programma. Centrumgemeentetaken De Regio voert namens centrumgemeente Hilversum en de regiogemeenten het budgetbeheer uit op centrumgemeentebudgetten. Een deel van de centrumbudgetten is onderdeel van programma’s van de Regio en staan daar apart benoemd.

Dit betreft bijvoorbeeld het Regionaal Bureau Leerlingzaken (RBL) inzake voortijdig schoolverlaten (VSV), de Regionale Meld- en Coördinatiefunctie (RMC) en laaggeletterdheid. De centrumgemeentetaken die belegd zijn binnen het regionale programma Bescherming & Opvang (inclusief Veilig Thuis) staan verwoord in het beleidsplan Bescherming & Opvang ‘Herstel de verbinding’, inclusief begroting per beleidsmaatregel. Dit plan is recent vastgesteld door de zeven gemeenteraden en loopt van 2026 tot en met 31 december 2033. De centrumgemeente bijdragen vanuit circulaires zijn geactualiseerd op basis van de decembercirculaire Gemeentefonds 2025 en meerjarig aangepast in de Regiobegroting 2027 – 2030. Toekomstige wijzigingen inzake centrumgemeente bijdragen uit volgende circulaires of beschikkingen worden middels begrotingswijzigingen opgenomen in het betreffende begrotingsjaar of in de volgende programmabegroting.

8

Financiële aansluiting 2026 - 2027 Bedragen x € 1.000

Verloop baten en lasten Programmabegroting 2026-2029; jaarschijf 2027

Dotatie Onttrekking reserve reserve 0 -151

Lasten 109.408

Baten -109.257

278

-278

0

0

109.685

-109.535

0

-151

647

-647

0

0

Begrotingswijzigingen BW 2025-001 Bestuursrapportage 2025 Vastgestelde begrotingswijzigingen Mutaties GAD: actualisatie (met name grondstoffen) GAD: toetreding gemeente Eemnes RAV: actualisatie op basis van realisatie 2025 Onderwijs en Werk: regionale aanpak jeugdwerkloosheid

913

-913

0

0

1.916

-1.916

0

0

82

0

0

-82

Zorg en Veiligheidshuis: POK-middelen

42

0

0

-42

Beleid en Bestuur: public affairs (kaderbrief 2027)

124

-124

0

0

Inkoop en Contractbeheer: maatwerk –ovk (kaderbrief 2027) Regio: versterking risicobeheersing, doorontwikkeling organisatie, versterking interne inkoop (kaderbrief 2027) Regio: actualisatie kapitaallasten

313

-313

0

0

1.215

-1.215

0

0

-519

519

0

0

Divers

76

-76

0

0

4.808

-4.685

0

-123

Indexatie lonen

2.637

-2.637

0

0

Indexatie prijzen

473

-473

0

0

Actualisatie inwoneraantal

125

-125

0

0

Decembercirculaire 2024 naar decembercirculaire 2025

935

-935

0

0

Onderwijs en Werk: centrumbijdrage/bijdrage MBO

375

-375

0

0

Inkoop en Contractbeheer: volwasseneneducatie

-166

166

0

0

Mutaties 2027 Indexaties

NEA indexatie Vervoer Gooi en Vechtstreek B.V.

428

-428

0

0

Indexaties 2027 Programmabegroting 2027-2030, jaarschijf 2027

4.807 119.302

-4.807 -119.027

0 0

0 -274

Totaal wijziging

9.615

-9.492

0

-123

Toelichting Onderstaand worden de belangrijkste mutaties op hoofdlijnen toegelicht. Een meer uitgebreide toelichting op de ontwikkelingen en financiële mutaties is terug te vinden bij de betreffende programma’s in deze begroting. Vastgestelde begrotingswijzigingen De begrotingswijziging is vastgesteld door het algemeen bestuur. Daar waar sprake was van een verhoging van de gemeentebijdrage hebben de gemeenteraden gelegenheid gehad hun zienswijze kenbaar te maken bij het Regiobestuur. Mutaties 2027 De mutaties 2027 betreffen verwerking van de kaderbrief 2027 en bestuurlijke afspraken rondom bepaalde taken en diensten.

9

Indexaties De indexaties betreft de aanpassing van lonen, prijzen, ontwikkeling van de inwoneraantallen, circulaires en beschikkingen. Voor Vervoer Gooi en Vechtstreek B.V. heeft het Regiobestuur vastgesteld om de NEA-indexatie te verwerken in de Regiobegroting. Baten In onderstaande tabel is de onderverdeling van de toename van de baten, ontstaan door de mutaties en de indexaties, weergegeven. De verhoging van de gemeentelijke bijdrage is met name toe te schrijven aan: - De indexatie lonen- en prijzen - NEA-indexatie Vervoer Gooi en Vechtstreek B.V. - De inzet van een manager public affairs (Beleid en Bestuur) - De overgang van de maatwerkcontracten naar de Regio op verzoek van gemeenten (Inkoop en Contractbeheer) Het onderdeel 'Regio; versterking risicobeheersing, doorontwikkeling organisatie en versterking interne inkoop' betreft taken die vallen onder de overhead. Deze overhead wordt doorbelast aan alle programma's en daarmee ook tegenover de verschillende lasten. Op pagina 3 van deze begroting staat een toelichting op de ontwikkelingen met een effect op de gemeentelijke bijdrage. Bedragen x € 1.000

Financiële aansluiting baten 2026-2027

Wijziging

Toename gemeentebijdrage

3.648

Toename gemeentelijke bijdrage GAD

1.973

Toename centrumgemeentebijdrage

1.009

Toename Rijksbijdrage

144

Toename overige baten

2.719

Totale toename baten

9.492

10

Financiële begroting 2027-2030 Stelsel van baten en lasten Begroting 2026

Bijstelling 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

Begroting 2029

Begroting 2030

35.987 16.503 14.335 2.683 350 541 9.076 485 4.935 4.227 21.637 992 111.751

36.173 16.753 14.335 3.199 366 631 9.076 490 4.977 4.373 22.364 995 113.732

38.106 17.683 16.266 3.108 387 690 9.504 551 4.272 4.734 23.031 969 119.302

38.322 17.734 16.412 3.106 388 523 9.504 551 4.282 4.739 23.038 919 119.520

38.403 17.760 16.412 2.997 389 524 9.504 552 4.286 4.743 23.044 919 119.533

38.399 17.762 16.412 2.998 389 528 9.504 552 4.288 4.744 23.045 919 119.542

GAD GGD RAV Onderwijs en Werk Urgentiebureau Zorg- & Veiligheidshuis Vervoer Gooi en Vechtstreek Visit Gooi & Vecht Beleid en Bestuur Inkoop en Contractbeheer Bescherming en opvang Regio/FB/Staf/Interne inkoop Totaal baten

-35.772 -16.343 -14.334 -2.683 -350 -541 -9.076 -485 -3.807 -4.227 -21.637 -942 -110.197

-35.958 -16.593 -14.334 -3.199 -366 -631 -9.076 -490 -3.849 -4.373 -22.364 -945 -112.178

-38.006 -17.683 -16.265 -3.026 -387 -648 -9.504 -551 -4.272 -4.734 -23.031 -919 -119.027

-38.322 -17.734 -16.411 -3.026 -388 -523 -9.504 -551 -4.282 -4.739 -23.038 -919 -119.439

-38.403 -17.760 -16.411 -2.917 -389 -524 -9.504 -552 -4.286 -4.743 -23.044 -919 -119.452

-38.399 -17.762 -16.411 -2.998 -389 -528 -9.504 -552 -4.288 -4.744 -23.045 -919 -119.541

Saldo Totaal lasten Totaal baten Saldo

111.751 -110.197 1.554

113.732 -112.178 1.554

119.302 -119.027 274

119.520 -119.439 81

119.533 -119.452 81

119.542 -119.541 1

0 -1.554 0

0 -1.554 0

0 -274 0

0 -81 0

0 -81 0

0 -1 0

Incidentele baten en lasten (saldo)

0

0

0

0

0

0

Structureel begrotingssaldo

0

0

0

0

0

0

Lasten GAD GGD RAV Onderwijs en Werk Urgentiebureau Zorg- & Veiligheidshuis Vervoer Gooi en Vechtstreek Visit Gooi & Vecht Beleid en Bestuur Inkoop en Contractbeheer Bescherming en opvang Regio/FB/Staf/Interne inkoop Totaal lasten Baten

Totaal dotatie reserves Totaal onttrekking reserves Saldo na bestemming

11

Structurele en incidentele baten en lasten Bedragen x € 1.000

Presentatie van het structureel begrotingssaldo Geraamde lasten Geraamde baten (Geraamd totaal) Saldo baten en lasten (begrotingssaldo voor bestemming) Beoogde toevoegingen aan reserves Beoogde onttrekkingen aan reserves Begrotingssaldo na bestemming (geraamd resultaat) Waarvan incidentele lasten en incidentele toevoegingen aan reserves Waarvan incidentele baten en incidentele onttrekkingen aan reserves Saldo incidentele baten en lasten Structureel begrotingssaldo (geraamd structureel resultaat)

Begroting 2027 119.302 -119.027

Begroting 2028 119.520 -119.439

Begroting 2029 119.533 -119.452

Begroting 2030 119.542 -119.541

274

81

81

1

0 -274 0

0 -81 0

0 -81 0

0 -1 0

0

0

0

0

-274

-81

-81

-1

0

0

0

0

0

0

0

0

Toelichting De meerjarenbegroting is structureel in evenwicht. De in deze begroting opgenomen structurele lasten worden gedekt door structurele baten. Tegenover de incidentele taken staan incidentele onttrekkingen vanuit de reserves. Conform het BBV wordt onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele baten en lasten. Als gemeenschappelijke regeling zijn wij gehouden aan een vroegtijdige oplevering van de begroting ten behoeve van de deelnemende gemeenten. Hierdoor vindt de begrotingsvoorbereiding plaats in een fase waarin incidentele middelen, zoals projectsubsidies, specifieke uitkeringen of eenmalige bijdragen, veelal nog niet (volledig) bekend of bestuurlijk vastgesteld zijn. Dit betekent dat incidentele baten slechts worden opgenomen wanneer deze voldoende concreet, onderbouwd en bestuurlijk bekrachtigd zijn. Incidentele lasten worden uitsluitend geraamd indien daar een reële en onderbouwde verwachting tegenover staat. Eventuele later beschikbaar komende incidentele middelen worden via begrotingswijziging verwerkt. Hiermee wordt geborgd dat de meerjarenbegroting een reëel en prudent financieel beeld geeft. Ontwikkeling lasten 2026-2030 Bedragen x € 1.000

Personele lasten

2026 55.833

2027 60.288

2028 59.961

2029 59.850

2030 59.849

Kapitaallasten

5.634

5.783

6.328

6.445

6.454

Materiële lasten

51.743

52.708

52.708

52.716

52.716

Vennootschapsbelasting

10

10

10

10

10

Dotatie voorziening

513

513

513

513

513

-

-

-

-

-

113.732

119.302

119.520

119.533

119.542

Dotatie reserve Totaal

12

Ontwikkeling baten 2026-2030 Bedragen x € 1.000

2026

2027

2028

2029

2030

Gemeentelijke bijdrage Gemeentelijke bijdrage GAD Centrumgemeente bijdrage Rijksbijdrage Overige baten Mutaties reserves

-35.719 -32.570 -22.287 -1.416 -20.186 -1.554

-38.870 -34.745 -22.637 -1.248 -21.526 -274

-38.948 -35.062 -22.509 -1.248 -21.672 -81

-38.984 -35.142 -22.406 -1.248 -21.672 -81

-39.076 -35.139 -22.406 -1.248 -21.672 -1

Totaal

-113.732

-119.302

-119.520

-119.533

-119.542

Onvoorzien Het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en gemeenten schrijft voor dat in de begroting een bedrag voor onvoorzien opgenomen dient te worden voor het opvangen van onontkoombare, onvermijdelijke en niet uitstelbare uitgaven die ten tijde van het opstellen van de begroting nog niet worden voorzien. In 2016 is door de zeven colleges van burgemeester en wethouders de nota ‘Spelregels weerstandvermogen verbonden partijen’ vastgesteld. In deze nota is een spelregel opgenomen waarin is aangegeven dat elke verbonden partij dient te beschikken over een post onvoorzien ter grootte van 0,4% van de bruto exploitatielasten; voor de Regiobegroting 2027 is dat een bedrag van ongeveer € 477.000. De Regio heeft in afwijking op deze spelregel sinds de programmabegroting 2017 een bedrag voor onvoorzien opgenomen ter grootte van € 5.000. Dit bedrag is in de Regiobegroting 2027 niet verhoogd. EMU-saldo In het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en gemeenten (BBV, art. 20) is de verplichting vastgesteld dat ramingen van het EMU-saldo moeten worden verstrekt over het voorafgaande jaar, het actuele jaar en het volgende jaar. Conform de BBV is de ontwikkeling van het EMU-saldo voor de drie jaren volgend op het begrotingsjaar vereist in de meerjarenbegroting. In onderstaand overzicht is de voorgeschreven informatie van de Regio voor het begrotingsjaar 2026 opgenomen.

In het overzicht is zichtbaar dat een belangrijk deel bepaald wordt door de investeringen die op de balans worden geactiveerd, de afschrijvingen die ten laste van de exploitatie worden gebracht en het saldo van de lasten. Bedragen x € 1.000

Nr

Omschrijving

1 2

Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17c) Mutatie (im)materiële vaste activa

3

Mutatie voorzieningen

4

Mutatie voorraden (incl. bouwgronden in exploitatie) Verwachte boekwinst/verlies bij de verkoop van financiële vaste activa en (im)materiële vaste activa, alsmede de afwaardering van financiële vaste activa EMU-saldo

5

Bijgestelde Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2027 2028 2029 2030 2026 -1.554

-274

-81

-81

-1

-2.837

-1.807

2.253

2.239

617

513

513

513

513

513

-3.879

-1.569

2.685

2.670

1.128

13

Voor inwoners De regionale uitvoeringsorganisatie

14

GAD GAD staat voor grondstoffen- en afvalstoffendienst. De GAD is de uitvoeringsorganisatie voor het inzamelen van vrijgekomen huishoudelijke grond- en afvalstoffen. Dat doen wij voor ruim 123.000 huishoudens. Bij de GAD werken zo’n 130 mensen. Chauffeurs, beladers, medewerkers op de scheidingstations, maar ook mensen die afvalbeleid maken, toezichthouders en handhavers, afvalcoaches en klantenservice. Algemeen

Eemnes

Gooise Meren

Hilversum

Huizen

Laren

Wijdemeren

Taken Inzameling huishoudelijk afval Exploitatie scheidingsstations & overslagstation Toezicht. coaching en handhaving Grondstoffenbeheer

Blaricum

Taken

V V V V

V V V V

V V V V

V V V V

V V V V

V V V V

V V V V

Beleidskader • • • • • • • •

Rijksprogramma VANG huishoudelijk afval Nationaal Programma Circulaire Economie Kaderrichtlijn afvalstoffen 2018/851 EG Circulair Materialen Plan- CMP (voorheen LAP3) Afvalstoffenverordening Gooi en Vechtstreek Uitvoeringsbesluit ASV Gooi en Vechtstreek Grondstoffenvisie Gooi en Vechtstreek GAD Uitvoeringsplan 2023-2026

Ontwikkelingen Inzet scheiden Gfe+T Met de overgang van bron- naar nascheiding van het PMD per 1 juli 2026 ontzorgen wij onze inwoners bij het scheiden van onze grond- en afvalstoffen. Met de modernste (na-) scheidingstechnieken halen we meer grondstoffen uit ons restafval en PMD. Hierdoor kunnen wij in ons beleid de focus verleggen naar de andere brongescheiden fracties die wij nog in het restafval tegenkomen zoals; Gfe+T, glas, textiel en KCA. Met name de Gfe+T (groente-, fruitafval, etensresten plus tuinafval) dat nog in het restafval zit kent nog zoveel nuttige toepassingen mits het maar niet in het restafval terecht komt. Daarnaast is het een zware en natte fractie wat de verwerking lastig en kostbaar maakt. Vanaf 2027 gaat daarom de focus naar het verder verbeteren van het scheiden van dit Gfe+T en andere grondstoffen. Met gerichte communicatiecampagnes, het juist inzamelmiddel of toegang daartoe gaan we onze inwoners hierbij helpen. Assets standaardiseren Voor de inzameling van het Rest+PMD afval beschikken alle huishoudens per 1 juli 2026 over het juiste inzamelmiddel. Een belangrijke voorwaarde hierbij was het vaststellen van het juiste inzamelmiddel, de kwaliteit van onze registratie (data-proof) en de gevolgen voor de fysieke belasting voor onze medewerkers. Voor de andere fracties Gfe+T en oud papier (OPK) kennen we een vergelijkbare uitdaging.

Hoe staan onze assets erbij, hoe kunnen we de kwaliteit van onze registratie verder verbeteren en hoe houden we grip op de fysieke belasting van de medewerkers. 15

Vanaf 2027 zullen wij doorgaan met het verder optimaliseren van onze assets. Zo bepalen we voor alle grond- en afvalstromen de nieuwe inzamelstandaard. Een proces waar we vanaf eind 2026 mee starten en een langere doorlooptijd kent. Voor het verder optimaliseren van de inzamel efficiëntie en het borgen van de randvoorwaarden - in het kader van de richtlijn fysieke belasting - is verdere standaardisering en data-proof zijn een belangrijke voorwaarde. Toegangsbeheer en vulgraadmeting brengvoorzieningen Voor onze onder- en bovengrondse afvalbrengvoorzieningen maken wij – voor een efficiënte inzameling - gebruik van zogenaamde vulgraadmeting. Daarnaast is de toegang tot deze voorzieningen geregeld met zogenaamde toegangstags (digitale sleutels). De communicatietechniek die hiervoor gebruikt wordt is nog gebaseerd op het 2G (2e generatie) netwerk. De ondersteuning van dit netwerk is op dit moment nog voorzien tot 1 december 2027. Het opwaarderen van de bestaande hardware en de kosten die hiermee gepaard gaan vragen om een zorgvuldige afweging over het handhaven van de functionaliteit. Onderzoek noodzaak regulerende maatregelen Met een eenmalige piek in 2022 (Corona) zien we vanaf 2024 een stijgende trend in het aantal bezoekers van onze scheidingsstations. De groei is het (mogelijke) gevolg van onderstaande zaken; • • • • • •

Beter scheidingsgedrag inwoners Invoering van betaald ophalen GHA Beperkte mogelijkheden weren ongewenste bezoekers Beperkte mogelijkheden weren bedrijfsafval Regulerende maatregelen omringende gemeenten Uitbreiding Eemnes

Willen we op lange termijn in control blijven van zowel de dienstverlening, kosten en milieu dan is het belangrijk dat we op basis van de juiste data keuzes maken. Daarom gaat de GAD in 2026 al starten met onderzoek naar de herkomst van onze bezoekers en het doel van het bezoek aan de scheidingsstations. Daarnaast zullen we eventuele problemen ophalen in de directe omgeving van onze scheidingsstations en de gemeente waar ze gevestigd zijn. Op basis van deze bevindingen komt de GAD met een concreet beleidsvoorstel. Huisvesting vraagstuk Sinds 2022 zoekt de Regio naar passende huisvesting voor de GAD. Voor de centrale functies – hoofdkantoor, remise en overslag – wordt ingezet op clustering om te komen tot een doelmatige, efficiënte en toekomstbestendige inrichting. Van alle onderzochte locaties bleek het Rijsbergenterrein in Huizen het meest geschikt voor herontwikkeling. De grondeigenaar heeft dit traject echter eind 2025 beëindigd, waardoor verwerving niet mogelijk was en het proces is stopgezet. De huisvestingsopgave blijft daarmee actueel en vraagt om herijking van het vervolg. In het vervolgproces wordt onderscheid gemaakt tussen verkenning, onderhandeling en besluitvorming. Dit onderscheid wordt expliciet en helder gecommuniceerd.

Daarnaast worden regionale en lokale communicatie beter op elkaar afgestemd, zodat bestuur, gemeenteraden en – waar relevant – worden inwoners tijdig en passend geïnformeerd. Bij vertrouwelijke trajecten wordt vooraf duidelijkheid gegeven over de wijze van informatievoorziening. Parallel hieraan volgt een nadere uitwerking van de financiële en operationele gevolgen van het langer in stand houden van de huidige locaties.

16

Onderdeel van de huisvestingsopgave is het nieuwe Scheidingsstation ‘Bussum’ op de beoogde locatie in Naarden. De voorbereiding hiervan verloopt volgens planning; realisatie kan mogelijk starten in het vierde kwartaal van 2028. Op het moment van opstellen van de programmabegroting is het nog te vroeg om investeringen voor de huisvestingstrajecten financieel te verwerken. Hiervoor worden separate besluitvormingstrajecten doorlopen. Wat willen we bereiken? Beleidsindicatoren

Realisatie 2025 452

Streefwaarde 2026 450 kg

Streefwaarde 2027 450 kg

2. Hoeveelheid restafval per inwoner

172

170 kg

165 kg

3. Klanttevredenheid

7,7

7,8

8,0

Realisatie 2025 112.710 10.974 7.298 601.481 242 +0,5% 25

Kengetal 2026 112.100 16.0002 6.500 635.000 250 +1,5% 30

Kengetal 2027 122.100 11.500 7.500 635.000 265 +1,5% 28

1. Hoeveelheid afval per inwoner

Wat gaan we daarvoor doen? Prestatie-indicatoren 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.

Aantal huishoudens Aantal meldingen Aantal meldingen handhaving Aantal bezoekers scheidingsstations Aantal klachten3 Aantal aansluitingen nieuwbouwlocaties Aantal contracten grondstoffenstromen

De (systeem)overgang van bron- naar nascheiding van het PMD leidt naar alle waarschijnlijkheid in eerste instantie tot een toename van het aantal meldingen. 3 Betreft in 2025 40 klachten volg. Art 9.1 AwB (23 klachten gegrond, 14klachten ongegrond, 3 klachten niet ontvankelijk) en 202 meldingen die veelal betrekking hebben op wijze van inzamelen afval. 2

17

Begroting Realisatie 2025

Begroting 2026

Begroting 2026 na wijziging

Begroting 2027

Begroting 2028

Begroting 2029

Begroting 2030

Lasten Personele lasten Kapitaallasten Materiële lasten Vennootschapsbelasting Overhead Regio Dotatie voorziening Totaal lasten

12.132 3.327 15.557 0 2.588 0 33.604

12.507 4.315 16.433 0 2.731 0 35.987

12.662 4.315 16.433 0 2.762 0 36.173

13.584 4.406 16.747 0 3.369 0 38.106

13.376 4.807 16.747 0 3.392 0 38.322

13.376 4.868 16.747 0 3.411 0 38.403

13.376 4.864 16.747 0 3.412 0 38.399

Baten Gemeentelijke bijdrage Centrumbijdrage Rijksbijdrage Overige baten Totaal baten

-28.047 0 0 -5.502 -33.549

-32.385 0 0 -3.387 -35.772

-32.570 0 0 -3.387 -35.958

-34.745 0 0 -3.261 -38.006

-35.062 0 0 -3.261 -38.322

-35.142 0 0 -3.261 -38.403

-35.139 0 0 -3.261 -38.399

55

215

215

100

0

0

0

Reserves Dotaties Onttrekkingen

0 -612

0 -215

0 -215

0 -100

0 0

0 0

0 0

Saldo

-556

0

0

0

0

0

0

Saldo

Toelichting Naast de indexaties voor de personele en materiële kosten zijn in de begroting de extra baten en lasten die samenhangen met de toetreding van Eemnes tot de Gemeenschappelijke Regeling voor de GAD-taken verwerkt. Hierdoor nemen de totale baten en lasten toe, maar worden deze verdeeld over meer inwoners, waardoor de bijdrage per inwoner daalt. Ondanks een stijging van de lasten door indexaties stijgt de bijdrage per inwoner beperkt. In de programmabegroting 2026-2029 (jaarschijf 2027) bedroeg de bijdrage per inwoner € 133,89. In de nieuwe begroting komt de bijdrage per inwoner uit op € 135,93, dit betreft een stijging van slechts 1,5%. Deze beperkte stijging is het gevolg van lagere kapitaallasten en de toetreding van Eemnes, waardoor de lasten over meer inwoners worden verdeeld. Voor de hierboven beschreven beleidsontwikkelingen Inzet scheiden Gfe+T, Assets standaardiseren en Toegangsbeheer en vulgraadmeting brengvoorzieningen wordt een aanvullend investeringskrediet aangevraagd. De bijbehorende kapitaallasten zijn meegenomen in de begroting. De extra materiële lasten met betrekking tot deze ontwikkelingen worden opgevangen door lagere materiële lasten met betrekking tot grond- en afvalstoffen. De mogelijke extra lasten van het langer in stand houden van de huidige locaties zijn nog niet verwerkt. De inventarisatie vindt plaatst in de eerste helft van 2026.

Indien van toepassing worden de extra lasten via een separate begrotingswijziging voorgelegd.

18

GGD Je goed voelen en gezond zijn. Dat wil iedereen. In Gooi en Vechtstreek vinden we dat reden genoeg om van de gezondheid van inwoners en een gezonde leefomgeving nog meer werk te maken. Hoe meer we samen doen, hoe beter dat lukt. GGD Gooi en Vechtstreek werkt vanuit de uitgangspunten van positieve gezondheid: wij kijken breder naar gezondheid, preventie en ziekte. Leidend zijn de vragen naar lichamelijke klachten, mentale problemen, zingeving, contact met anderen, kwaliteit van leven en het dagelijks functioneren. De nadruk ligt op de kracht van mensen. In het kader van het AZWA heeft de GGD een coördinerende rol in de preventie- en kennisinfrastructuur. De GGD verbindt betrokken partijen, stimuleert kennisdeling en ondersteunt bij de ontwikkeling en uitvoering van preventieactiviteiten. Daarmee draagt de GGD bij aan samenhang, kwaliteit en effectiviteit van het preventiebeleid in regio Gooi en Vechtstreek. Hierin vindt nauwe samenwerking plaats met Gezond Gooi. We zetten ons in voor het gezond opgroeien en opvoeden van kinderen van -9 maanden tot 18 jaar in de Gooi en Vechtstreek. We bieden zorg in de directe omgeving van het gezin. Ouders, kinderen en verwijzers kunnen een beroep doen op jeugdartsen, jeugdverpleegkundigen, gezins- en opvoedcoaches, POH-jeugd en het Regionaal Expertise Team. Inwoners kunnen op verschillende locaties in Gooi en Vechtstreek terecht.

Waar nodig bieden we extra ondersteuning. Ook werken we nauw samen met andere professionals, zoals scholen, huisartsen en hulpverleners. Algemeen

Gooise Meren

Hilversum

Huizen

Laren

Wijdemeren

V V V V V V V V V V V V

Eemnes

Taken Epidemiologie & gezondheidsbevordering Infectieziektebestrijding & seksuele gezondheid Epidemiologie & gezondheidsbevordering Infectieziektebestrijding & seksuele gezondheid Toezicht kinderopvang Geneeskundige hulpverleningsorganisatie (GHOR) Medische milieukunde Jeugdgezondheidszorg Rijksvaccinatieprogramma Opvoed- en opgroeiondersteuning Gebiedsgerichte dienstverlening gemeenten Consultatie en advies Jeugdwet

Blaricum

Taken

V V V V V V V V V V V V

V V V V V V V V V V V V

V V V V V V V V V V V V

V V V V V V V V V V V V

V V V V V V V V V V V V

Beleidskader • • • • • • • • • •

Wet publieke gezondheid Wet kinderopvang Integraal Zorg Akkoord (IZA) RIVM richtlijnen infectieziektebestrijding RIVM richtlijnen epidemiologie/medische milieukunde Benchmark GGD GHOR Nederland 2022 Landelijke nota gezondheidsbeleid 2020-2024 Nationaal preventieakkoord 2018 Lokale preventieakkoorden Preventie en handhavingsplan alcohol 19

• • • • •

Jeugdwet Wet publieke gezondheidszorg Basispakket jeugdgezondheidszorg Landelijk professioneel kader jeugdgezondheidszorg Dienstverleningsovereenkomsten aanvullende lokale dienstverlening

Ontwikkelingen Programma’s, Publieke Gezondheid en Organisatieontwikkeling De publieke gezondheid staat voor grote transities die vragen om een andere manier van werken, samenwerken en organiseren. De GGD Gooi en Vechtstreek ontwikkelt zich de komende jaren naar een organisatie die deze veranderingen actief vormgeeft en daarin regionaal positie inneemt. We bewegen naar een meer programmatische, preventiegerichte en integrale aanpak op thema’s als mentale weerbaarheid, Positieve Gezondheid, gezonde leefomgeving en middelenpreventie. Dit vraagt om duurzame inzet, brede coalities en een collectieve benadering. Ook in het domein van jeugdgezondheid groeit de behoefte aan sterkere verbinding en netwerksamenwerking. Binnen infectieziektebestrijding en crisisbeheersing ligt de nadruk op de versterking van paraatheid, continuïteit en regionale samenwerking, met een structurele 24/7 crisisorganisatie als basis. De komende jaren neemt de GGD Gooi en Vechtstreek nadrukkelijk positie in deze transities. We bouwen aan een sterke publieke gezondheid die past bij de opgaven van vandaag én morgen, in nauwe samenwerking met gemeenten, zorg- en onderwijsinstellingen en maatschappelijke partners. Mentale Weerbaarheid en Gezonde Leefstijl In de regio krijgt een gecoördineerde aanpak voor Mentale Weerbaarheid verder vorm.

De inzet richt zich onder andere op suïcidepreventie, eetstoornissen, overgewicht en mentale gezondheid binnen scholen. Binnen het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA) komen hiervoor extra middelen beschikbaar, waardoor we onze inzet kunnen intensiveren. Transformatie Positieve Gezondheid Het transformatieplan Positieve Gezondheid wordt de komende jaren regionaal uitgerold. Samen met partners bouwen we verder aan een brede benadering van gezondheid, waarin eigen regie, veerkracht en betekenisvol leven centraal staan. Hiervoor zijn middelen beschikbaar uit het transformatieplan (IZA). Alcohol, Middelen en Vapen Het Preventie- en Handhavingsplan Alcohol en Middelen wordt uitgevoerd in de komende vier jaar. De stijgende populariteit van vapen krijgt daarbij bijzondere aandacht, gericht op preventie, handhaving en bewustwording onder jongeren. Binnen het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA) komen hiervoor extra middelen beschikbaar. Gezond Gooi en Gezonde Leefomgeving De coalitie Gezond Leven en Preventie (onderdeel van Gezond Gooi) wordt samen met partners voortgezet. Daarnaast krijgt de gezonde leefomgeving een prominenter aandeel in gemeentelijk beleid. Dit varieert van vroegtijdige advisering binnen de Omgevingswet tot het realiseren van een gezondere voedselomgeving. Preventie en een collectieve benadering vormen hierbij steeds het vertrekpunt.

Gezondheidsmonitor en Onderzoek Elke vier jaar voert de GGD de Gezondheidsmonitor Volwassenen en Jeugd uit. Hiermee krijgen gemeenten een betrouwbaar, verdiepend beeld van de gezondheid van inwoners. In 2026 wordt de Monitor Jeugd uitgevoerd, in 2028 die van Volwassenen en Ouderen.

Jeugdgezondheidszorg (JGGV) 20

Binnen de Jeugdgezondheidszorg versterken we de ketensamenwerking verder. Dit betreft onder meer Kansrijke Start, samenwerking met het Regionaal Bureau Leerplicht, preventie van schoolverzuim en schooluitval, en programma’s voor kinderen met een ongezond gewicht. Daarnaast blijft het verhogen van de vaccinatiegraad en het toepassen van zorgzaam vaccineren een speerpunt. De arbeidsmarkt blijft echter een groeiende zorg: het behouden en aantrekken van gekwalificeerd personeel vraagt blijvende aandacht en investeringen. Binnen het Regionaal Expertiseteam (RET) zien we een toename van complexe casuïstiek, wat leidt tot meer multidisciplinaire overleggen en uitbreiding van de kernteams met o.a. leerplicht, het OM en team inkoop/contractbeheer. De effecten hiervan worden geanalyseerd en op een later moment verwerkt in de planning en controlcyclus. Ook verandert de werkwijze bij leerplichtontheffingen: niet langer uitsluitend op basis van dossiers, maar met persoonlijk contact met kinderen. Infectieziektebestrijding De infectieziektebestrijding werkt aan versterking van de regionale paraatheid. De prioriteiten zijn: • versterking van positionering en zichtbaarheid; • structurele borging van surveillance en 24/7 paraatheid; • uitbreiding van preventieve en publieksgerichte taken; • verduidelijking en versterking van regionale en bovenregionale samenwerking.

Na 2028 vervalt naar verwachting de specifieke uitkering vanuit het Rijk voor pandemische paraatheid. Zonder aanvullende gemeentelijke investeringen dreigt een terugval naar een minimale basis, met aanzienlijke kwetsbaarheid voor de regio. De GGDGHOR agendeert dit landelijk en heeft hierover gesprekken met VWS Vanaf 2027 worden GGD’en verantwoordelijk voor een programmatische uitvoering van de gordelroosvaccinatie. Hiervoor worden middelen beschikbaar gesteld vanuit het AZWA. Seksuele Gezondheid Binnen het AZWA worden ook middelen beschikbaar gesteld voor seksuele gezondheid. Deze middelen moeten preventie, vroegsignalering, laagdrempelige ondersteuning en aanvullende seksuele gezondheidszorg structureel regionaal mogelijk maken. Indien de middelen toereikend zijn, worden het SOA-spreekuur en outreachende activiteiten uitgebreid. Nu Niet Zwanger Binnen het programma Nu Niet Zwanger bespreken professionals actief de kinderwens met cliënten in kwetsbare situaties en zij zorgen voor passende ondersteuning. Het programma wordt een regionale basisfunctionaliteit. Afhankelijk van besluitvorming in 2026 wordt het programma vanaf 2028 structureel opgenomen in de begroting. Toezicht Kinderopvang Het voorgenomen nieuwe kinderopvangstelsel, met bijna gratis kinderopvang vanaf 2029, zal leiden tot een verwachte stijging van de vraag met circa 20%.

Dit heeft gevolgen voor toezicht: meer locaties en uitbreidingen vragen meer capaciteit. De exacte impact is nog onzeker, maar voorbereiding op groei en werving van toezichthouders wordt noodzakelijk. Crisisbeheersing en Weerbaarheid De GHOR versterkt de weerbaarheid van de zorgsector en werkt aan een samenleving waarin zelf- en samenredzaamheid vanzelfsprekende onderdelen zijn van crisisvoorbereiding. Het zorgrisicoprofiel en de Wet weerbaarheid kritieke entiteiten vormen hierbij belangrijke kaders. Daarnaast investeert de GGD in een 24/7 parate crisisorganisatie, die goed voorbereid, opgeleid en geoefend kan optreden bij crises binnen de publieke gezondheid.

21

Wat willen we bereiken? Doel 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.

Pandemisch paraat en versterking IZB Laagdrempelig loket voor inwoners met vragen op gebied van seksuele gezondheid, infectieziekten, tuberculose en (reis)vaccinaties. Toezicht op kindercentra conform de landelijke standaarden. Op basis van gezondheidsmonitors samen met gemeenten, maatschappelijke organisaties en inwoners invulling geven aan een gezonde en vitale leefomgeving vanuit het gedachtegoed positieve gezondheid. Een 24/7 parate organisatie die goed voorbereid, opgeleid en beoefend reageert op calamiteiten en rampen die zich mogelijk voordoen. Een zo hoog mogelijke vaccinatiegraad bij de uitvoering van het Rijksvaccinatieprogramma (Tabel A) Alle kinderen de kans geven in een veilige omgeving op te groeien en zich te ontwikkelen tot gezonde volwassenen (Tabel B)

Tabel A4 Vaccinatie 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9.

Landelijk 2024

Zuigelingen leeftijd5 DKTP voor kleuters DTP schoolkinderen BMR schoolkinderen HPV adolescente meisjes HPV adolescente jongens MenACY adolescenten DKT zwangeren6 Griepvaccinatie zwangeren

86,0% 80,6% 80,6% 81,2% 62,9% 59,3% 70,7% 67,0% 20,0%

Regio RGV 2024 90,1% 87,1% 84,5% 85,3% 75,1% 69,3% 76,2% 73,0% 25,0%

Streefwaarde 2026 90% 90% 85% 85% 71% 63% 74% -

Streefwaarde 2027 91% 91% 85% 85% 72% 64% 74% 72% 21% Bron: RIVM rapport

Wat gaan we daarvoor doen? Prestatie-indicatoren Telefonische vragen infectieziektebestrijding Aantal meldingen Aantal consulten arts TBC Aantal bezoeken op tattooshops en seksbedrijven Aantal bezoeken kindercentra en gastouders Aantal gezondheidsmonitoren Aantal campagnes Aantal geregistreerde gezonde scholen

Realisatie 2025 1.040 268 74 20 556 1 22 27

Kengetal 2026 1.200 350 200 40 675 1 6 40

Kengetal 2027 1.100 300 74 30 550 1 20 25

9. Aantal bezoeken Soa poli 10. Aantal aanvragen / adviezen MMK / leefomgeving

617 77

430 60

600 60

1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8.

Het RIVM ontvangt sinds 1 januari 2022 de gegevens van een deel van de vaccinatie anoniem (informed consent) deze kunnen niet worden meegeteld voor de officiële vaccinatiegraad, waardoor deze lager wordt gerapporteerd dan het daadwerkelijk is. De gerapporteerde vaccinatiegraad 2024 is dus exclusief de anonieme vaccinaties. 5 Alle vaccinaties van het Rijksvaccinatieprogramma afgerond op 2-jarige leeftijd 6 Geschatte deelname 4

22

Tabel B Momenten van contact met Jeugd en Gezin7 1. Aantal kinderen in zorg 2. Contactmomenten met jeugdigen8 - w.o. screenen pasgeborenen (ziekten, gehoorafwijking) - centraal inhoudelijk telefonisch spreekuur 3. Contactmomenten met zwangeren (prenataal consult plus prenataal huisbezoek op indicatie) 4. Aantal contacten met ouders en Gezins- en opvoedcoach

Realisatie 2025

Kengetal 2026

57.986 2.100 4.682 1.710

2.200 5.200 1.700

Kengetal 2027 52.000

9

2.100 4.700 1.750 2.400

Regionaal Expert Team (RET)

Kengetal 2027 45 140

Aantal gegeven adviezen in het Multidisciplinair overleg (MDO RET) Aantal afgegeven vrijstellingen leerplicht

Begroting Realisatie 2025

Begroting 2026

Begroting 2026 na wijziging

Begroting 2027

Begroting 2028

Begroting 2029

Begroting 2030

Lasten Personele lasten Kapitaallasten Materiële lasten Vennootschapsbelasting Overhead Regio Dotatie voorziening Totaal lasten

12.659 15 2.985 0 2.725 36 18.419

12.023 15 1.692 10 2.728 36 16.503

12.242 15 1.692 10 2.758 36 16.753

12.529 15 1.729 10 3.364 36 17.683

12.548 10 1.743 10 3.387 36 17.734

12.548 5 1.755 10 3.406 36 17.760

12.548 9 1.753 10 3.407 36 17.762

Baten Gemeentelijke bijdrage Centrumbijdrage Rijksbijdrage Overige baten Totaal baten

-14.114 -406 -2.415 -1.956 -18.891

-14.189 0 -1.197 -957 -16.343

-14.439 0 -1.197 -957 -16.593

-15.872 0 -885 -926 -17.683

-15.923 0 -885 -926 -17.734

-15.949 0 -885 -926 -17.760

-15.951 0 -885 -926 -17.762

Saldo

-472

160

160

0

0

0

0

Reserves Dotaties Onttrekkingen

200 -400

0 -160

0 -160

0 0

0 0

0 0

0 0

Saldo

-672

0

0

0

0

0

0

Toelichting De stijging van de lasten in 2027 wordt veroorzaakt door indexaties van lonen en prijzen en door de actualisatie van de inwoneraantallen. Daarnaast is een afname van € 311.659 zichtbaar in de rijksbijdrage als gevolg van het beëindigen van de SPUK voor de Landelijke Functie Opschaling Infectieziektebestrijding (LFI), pijler 6 – het inzetten van transitiecapaciteit, per 31 december 2026. Als gevolg hiervan zijn de personeelslasten eveneens lager geraamd.

Naast momenten van contact met cliënt zijn er nog andere activiteiten als vervolg op cliëntcontacten (hier niet gespecificeerd) Daarnaast zijn er contacten met jongeren (via landelijke jouw-GGD-chat) en ouders (ouder-chat) 9 Het aantal te verwachten ‘overige momenten van contact met cliënt’ is niet in te schatten vanwege aanpassingen inde werkwijze, conform Landelijk Professioneel Kader, gericht op maatwerk (namelijk: ouders stemmen met de professional af wat het vervolg moment van contact is en met welk doel) 7 8

23

RAV RAV Gooi en Vechtstreek is verantwoordelijk voor de ambulancezorg in de zes gemeenten in de Gooi en Vechtstreek en Weesp. De RAV beschikt over drie ambulanceposten en een meldkamer. Vanuit deze posten staan 7 dagen per week en 24 uur per dag ambulances paraat om de juiste zorg te verlenen. Algemeen Taken Zorgregio Gooi en Vechtstreek

Taken Aanname meldingen en indicatiestelling (meldkamer) Geplande ambulancezorg Spoedvervoer en hulpverlening Mobiele zorg

V V V V

Beleidskader • • • • •

Wet ambulancezorgvoorzieningen Regeling ambulancezorg en voorzieningen Kwaliteitskader ambulancezorg Kwaliteitskader spoedzorgketen Wet kwaliteit klachten en geschillen zorg (Wkkgz)

● ● ● ●

AVG NEN 7510 Wet BIG HKZ norm ambulancezorg

Ontwikkelingen Juiste zorg op de juiste plek De ambulancezorg is volop in beweging. Door intensieve samenwerking met andere zorgaanbieders kunnen we passende zorg voor patiënten organiseren. Hierdoor kunnen we steeds vaker goede zorg thuis organiseren. Met andere zorgaanbieders werken we aan het digitaal delen van informatie, zodat zorgprofessionals optimaal geïnformeerd zorg kunnen verlengen. Onze meldkamer maakt gebruik van het systeem Seconds. Op basis van onder meer historische data van ambulanceritten en de spreiding van inwoners over de regio adviseert het systeem de centralist welke ambulance waar het beste kan worden ingezet. Dit helpt onze aanrijtijden kort te houden. Zorgcoördinatiecentrum Voor de melding en afwikkeling van acute zorgvragen is de RAV in 2025 gestart met een zorgcoördinatiecentrum in Almere, van waaruit verschillende zorgaanbieders de beste inzet voor de patiënt bepalen. Dit centrum is volledig verbonden met de Gemeenschappelijke Meldcentrale, van waaruit we met brandweer en politie samenwerken. Centrale regie op gepland vervoer De RAV Gooi en Vechtstreek werkt in de ROAZ1 regio (Noord-Holland + Flevoland) samen om centrale regie op gepland vervoer te realiseren. Met centrale regie verwachten de RAV’s lege ritten te kunnen voorkomen en de wachttijden voor patiënten te verkorten. Hiervoor is een gezamenlijke digitale planmodule aangeschaft.

Locatie Blaricum De ambulancepost in Blaricum staat op het terrein van Tergooi MC. In mei 2023 is deze locatie van Tergooi opgeheven; de ambulancepost blijft ter plaatse, totdat er een nieuwe locatie beschikbaar is. Amsterdam-Weesp De spoedeisende ambulancezorg voor inwoners van Weesp wordt vanaf 2022 gecontinueerd door RAV Gooi en Vechtstreek. Hiervoor heeft de RAV een convenant gesloten met Ambulance Amsterdam.

24

De RAV blijft Weesp bedienen tegen kostendekkende tarieven (tarieven die geldend zijn). De overeenkomst wordt jaarlijks geëvalueerd. Wat willen we bereiken? Doel

Realisatie 2025

1.Voldoen aan kwaliteitseis

HKZ-certificatie ambulancezorg en patiëntveiligheid behaald Certificaat NEN7510 informatiebeveiliging Voldoen aan de gestelde normen per signaal

2.Voldoen aan kwaliteitseis 3. Kwaliteitskader ambulancezorg

Streefwaarde 2026

Streefwaarde 2027

Behalen HKZcertificatie ambulancezorg en patiëntveiligheid Certificaat NEN7510 informatiebeveiliging Voldoen aan de gestelde normen per signaal

Behalen HKZcertificatie ambulancezorg en patiëntveiligheid Certificaat NEN7510 informatiebeveiliging Voldoen aan de gestelde normen per signaal

Wat gaan we daarvoor doen? Prestatie-indicatoren

Realisatie 2025 19.259 V

1.Aantal ritten 2.Uitvoeren Regionaal ambulance Plan

Kengetal 2026 20.000 V

Kengetal 2027 20.000 V

Begroting Realisatie 2025

Begroting 2026

Begroting 2026 na wijziging

Begroting 2027

Begroting 2028

Begroting 2029

Begroting 2030

Lasten Personele lasten Kapitaallasten Materiële lasten Vennootschapsbelasting Dotatie voorziening Totaal lasten

11.006 779 2.282 0 215 14.282

11.247 778 2.138 0 172 14.335

11.247 778 2.138 0 172 14.335

12.804 793 2.497 0 172 16.266

12.880 863 2.497 0 172 16.412

12.880 863 2.497 0 172 16.412

12.880 863 2.497 0 172 16.412

Baten Rijksbijdrage Overige baten Totaal baten

-764 -13.873 -14.637

-219 -14.115 -14.334

-219 -14.115 -14.334

-363 -15.902 -16.265

-363 -16.048 -16.411

-363 -16.048 -16.411

-363 -16.048 -16.411

-356

1

1

1

1

1

1

0 -1

0 -1

0 -1

0 -1

0 -1

0 -1

0 -1

-357

0

0

0

0

0

0

Saldo Reserves Dotaties Onttrekkingen Saldo

Toelichting De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) bepaalt jaarlijks welk budget elke RAV krijgt om ambulances en personeel beschikbaar te stellen binnen de eigen regio. De NZa gaat bij het bepalen van het noodzakelijke regionale budget uit van de capaciteit zoals in opdracht van het ministerie van VWS door het RIVM berekend is in het Landelijk Referentiekader Spreiding & Beschikbaarheid (S&B).

25

Onderwijs en Werk Onderwijs en Werk legt de regionale verbinding tussen onderwijs en arbeid. Wij geven uitvoering aan de leerplichtwet, het voortijdig schoolverlaten programma, de regionale aanpak jeugdwerkloosheid, inclusief werkgeverschap en het taalonderwijs. Het Regionaal Bureau Leerlingzaken (RBL) is er voor inwoners, bedrijven en scholen in Gooi en Vechtstreek. Ons doel is dat zoveel mogelijk inwoners een startkwalificatie behalen en/of kunnen deelnemen aan de arbeidsmarkt. Met specifieke aandacht voor de kwetsbare werknemer met een afstand tot de arbeidsmarkt. Algemeen

Gooise Meren

Hilversum

Huizen

Laren

Wijdemeren

Inclusief werkgeverschap

Eemnes

Taken Leerplicht Regionale Meld- en Coördinatiefunctie (RMC) Programma voortijdig schoolverlaten (Vsv) Coördinatie aanpak jeugdwerkloosheid (art. 7a Participatiewet) Coördinatie taalonderwijs Laaggeletterdheid

Blaricum

Taken

V V V V V V

V V V V V V

V V V V V V

V V V V V V

V V V V V V

V V V V V V

V V V V V V

V

V

V

V

V

V

V

Beleidskader • • • • • • •

Leerplichtwet Participatiewet (art. 7a) Wet educatie beroepsonderwijs Methodische aanpak schoolverzuim Wet van School naar duurzaam werk Regionaal Programma Voortijdig Schoolverlaten (inclusief aanpak jeugdwerkloosheid) Regionaal programma basisvaardigheden Meedoen!

Ontwikkelingen Zoals in de kaderbrief benoemd, zijn er binnen het beleidsveld Onderwijs en Werk diverse landelijke ontwikkelingen van invloed op het taakveld onderwijs en participatie en de financiering van dit programma. Wat willen we bereiken? Integrale samenwerking en centraal meldpunt verzuim Om tot een effectieve integrale aanpak van schoolverzuim te komen, is een centraal meldpunt wenselijk. Een dergelijke aanpak biedt beter zicht op beginnend en langdurig verzuim en ontlast het onderwijs. In 2026 wordt onderzocht op welke wijze een centraal meldpunt voor verzuim kan worden vormgegeven. De verwachting is dat in 2027 gewerkt kan worden vanuit een gezamenlijke integrale aanpak, waarbij leerplicht, jeugdgezondheidszorg en samenwerkingsverbanden de ontstane problematiek gezamenlijk beoordelen en waar nodig gezamenlijk optrekken. Het doel is om problematiek vroegtijdig te signaleren, zodat met passende ondersteuning kan worden voorkomen dat deze toeneemt. In deze nieuwe aanpak behoudt leerplicht, naast haar consulterende en adviserende rol, altijd een toezichthoudende verantwoordelijkheid, zodat jongeren niet tussen wal en schip vallen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16908661/1