CConstaterende datWijdemeren
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 Jaarstukken 2023

gemeenteraad 10 juli 2024, gemeente WijdemerenBij agendapunt: Zienswijze P&C Producten Regio Gooi en Vechtstreek (Het raadsvoorstel is zonder stemming aangenomen.)34.991 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Jaarstukken 2023 Voor inwoners, met gemeenten

Ons kenmerk

DOC-24004969

Datum

juni 2024

AANBIEDINGSBRIEF

4

ALGEMENE EN FINANCIËLE BESCHOUWINGEN

5

Algemene beschouwingen

5

Jaarrekening in een oogopslag

10

Balans Regio Gooi en Vechtstreek 2023

11

Toelichting op de balans per 31 december 2023

12

Waarderingsgrondslagen

15

Grondslagen voor bepaling van het resultaat

16

VOOR INWONERS

18

Grondstoffen- en Afvalstoffendienst (GAD)

19

Gemeentelijke Gezondheidsdienst (GGD)

21

Jeugd en Gezin

24

Regionale Ambulance Voorziening en Meldkamer (RAV)

27

Regionaal Bureau Leerlingzaken

30

Urgentiebureau

33

Zorg en Veiligheidshuis

36

Werkgeversservicepunt

38

Vervoer Gooi en Vechtstreek

41

Visit Gooi en Vecht

44

MET GEMEENTEN

46

Beleid en Bestuur

47

Inkoop en Contractbeheer

50

Bescherming en Opvang (incl.Veilig Thuis)

52

PARAGRAFEN

55

Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing

56

Paragraaf onderhoud kapitaalgoederen

63

Paragraaf financiering

65

Paragraaf bedrijfsvoering

70

Paragraaf verbonden partijen

75

Paragraaf openbaarheid

77

Pagina 2 van 93

BIJLAGEN

78

Bijlage 1 Kerngegevens

79

Bijlage 2 Staat van reserves en voorzieningen

80

Bijlage 3 Langlopende leningen

85

Bijlage 4 Afschrijvingsoverzicht 2023

86

Bijlage 5 Tarieventabel

87

Bijlage 6 Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector

88

Bijlage 7 SISA verantwoordingsinformatie 2023

90

Bijlage 8 Lijst afkortingen

92

Bijlage 9 Controleverklaring

93

3

AANBIEDINGSBRIEF Voor u ligt de jaarrekening 2023 van de Regio Gooi en Vechtstreek die volgens de richtlijnen van het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten (BBV) is opgesteld. Het algemeen bestuur van de Regio heeft op 14 juli 2022 de Regiobegroting 2023-2026 met inachtneming van de reactie op de zienswijzen en de vertaling daarvan naar de begroting 2023 vastgesteld. Door het vaststellen van deze begroting zijn de afspraken die gemaakt zijn met de deelnemende gemeenten over wat de Regio in 2023 wil bereiken, wat voor diensten er geleverd worden en wat het mag kosten definitief geworden. In de jaarstukken 2023 wordt verantwoording afgelegd of de doelstellingen gerealiseerd zijn, of de diensten geleverd zijn en wat het gekost heeft. In de jaarstukken van de Regio Gooi en Vechtstreek zijn de activiteiten en de overige samenwerkingstaken verwerkt over de verschillende programma’s, waarbij de aandacht is uitgegaan naar de activiteiten binnen de verschillende programmaonderdelen, de doelstellingen per programmaonderdeel en de financiële onderbouwing daarvan. De jaarstukken 2023 bevatten op grond van het BBV het volgende: • Het jaarverslag, met daarin de programmaverantwoording en paragrafen • De jaarrekening, met de balans, het overzicht van baten en lasten en de toelichtingen Naast deze aanbiedingsbrief is de verdere indeling op hoofdlijnen als volgt: 1.

Algemene en Financiële beschouwingen Naast de algemene en financiële beschouwingen is onder dit hoofdstuk opgenomen: a. Een overzicht van baten en lasten in de jaarrekening 2023 (jaarrekening in één oogopslag) b. Balans Regio Gooi en Vechtstreek 2023 en de toelichting erop per 31 december 2023 c. Grondslagen inzake de waardering en de bepaling van het resultaat 2. Programma’s a. Voor inwoners b. Met gemeenten 3. Paragrafen 4. Bijlagen In de bijlagen gaan we onder andere nader in op de kerngegevens, het verloop van de reserves en voorzieningen en de langlopende geldleningen. Hiernaast is een paragraaf toegevoegd in het kader van de Rechtmatigheidsverantwoording. De jaarstukken als geheel bieden u inzicht in datgene wat er inhoudelijk is gerealiseerd, wat dat heeft gekost en in de financiële positie van de Regio als geheel. Bussum, juni 2024 Het dagelijks bestuur van de Regio Gooi en Vechtstreek, de secretaris,

de voorzitter,

M. van der Linden

dr. ir. G.M. van der Top

4

ALGEMENE EN FINANCIËLE BESCHOUWINGEN Algemene beschouwingen Algemeen De jaarstukken van de gemeenschappelijke regeling Regio Gooi en Vechtstreek zijn opgesteld met inachtneming van het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten. Dat houdt in dat de specifieke inrichtingseisen uit dat besluit zijn gevolgd. Voor zover het BBV niet anders voorschrijft zijn baten en lasten toegerekend aan het jaar waarop ze betrekking hebben. De prijsgrondslag is historische kosten. Een verdere uitwerking van onze waarderingsgrondslagen vindt u vanaf pagina 17. In overeenstemming met de verantwoordingsinstructie meerkosten COVID-19 2023 worden deze niet meer afzonderlijk in de jaarstukken verantwoord. De verantwoordingsinstructie geldt voor de periode 1 januari 2023 tot 1 juli 2023.De accountant voert een afzonderlijke controle uit op de verantwoording. De verantwoording voor de periode 1 juli 2023 tot en met 31 december 2023 vindt plaats middels de SiSa-bijlage. Regio Gooi en Vechtstreek in 2023 In 2023 heeft de Regio Gooi en Vechtstreek gedaan wat zij moest doen in opdracht van haar gemeenten: het leveren van (publieke) dienstverlening aan de inwoners van de deelnemende gemeenten en het ondersteunen van de gemeenten bij gezamenlijke (strategische) opgaven. In dit jaarverslag over 2023 worden de resultaten van deze inspanningen beschreven.

Onderdeel van dit jaarverslag is ook de jaarrekening. De Regio Gooi en Vechtstreek streeft er ieder jaar naar om binnen de financiële kaders van de begroting haar taken uit te voeren. Dat is ook dit jaar gelukt. Uiteraard zijn er ook financiële afwijkingen te melden, zowel voor- als nadelige effecten. De totale optelsom geeft, ondanks deze afwijkingen, een positief en gezond financieel beeld voor onze gemeenten. Tegelijkertijd stond de uitvoering nooit stil en zijn ook daar de nodige hobbels genomen of is er gestart met verbeterplannen. Het gaat in algemene zin goed met de uitvoering en dienstverlening aan onze inwoners en gemeenten maar het kan ook altijd beter. En sommige problemen kennen, helaas, een meer structureel karakter. Denk bijvoorbeeld aan de arbeidskrapte binnen het werkveld van de Jeugdzorg. Hier heeft een taak als Veilig Thuis, op meerdere manieren, direct mee te maken. Maar ook binnen de GGD zien we dat sommige banen moeilijk invulbaar zijn. Bij al deze vraagstukken blijven we creatief op zoek naar mogelijkheden en kansen. GGD en Jeugd en Gezin In 2023 is er zowel bestuurlijk als ambtelijk hard gewerkt aan het versterken van de publieke gezondheid in onze regio. Hiervoor zijn intern binnen de regionale organisatie stappen gezet. Zo zijn de eenheden Jeugd en Gezin en de GGD weer samengegaan.

De versterking van GGD en Jeugd en Gezin wordt niet alleen bereikt door meer financiële middelen, maar ook door samenvoeging van de beide organisaties. Deze samenvoeging zorgt voor een meer robuuste organisatie en biedt synergievoordelen. In de Regiobegroting 2025-2028 wordt aan de gemeenteraden gevraagd om hiermee in te stemmen. Met deze investering is de GGD Gooi en Vechtstreek klaar voor de toekomst. Het algemeen bestuur heeft na voordracht van het dagelijks bestuur en met instemming van de Veiligheidsregio mevrouw Boomsma benoemd tot nieuwe directeur publieke gezondheid. Vanaf 1 januari 2024 geeft zij leiding aan de nieuwe, versterkte GGD. Met haar heeft de GGD een ervaren en inhoudelijke manager die op een eigentijdse manier de verschillende stakeholders binnen de gemeenten in positie brengt. GAD De GAD heeft de afgelopen jaren voor een aantal grote uitdagingen gestaan. De financiële positie was er daar één van. Daarvoor zijn in 2022 en 2023 de nodige stappen gezet. Achter de schermen is gewerkt aan het koppelen van diverse bedrijfsvoeringinformatie. Hierdoor kan de GAD steeds beter de dienstverlening afstemmen op zowel de personele inzet als de inzet van voertuigen. Een complex proces waarbij vele factoren een rol spelen. Type wijk, type afvalstroom, type voertuig en bezetting van het voertuig in het kader van de fysieke belastbaarheid van de beladers.

Door te investeren in een goede bedrijfsvoering is het ook in 2023 mogelijk geweest om een hoogwaardige dienstverlening aan onze inwoner en gemeenten aan te bieden. Het beperkt aantal klachten, hoge klantwaarderingscijfers en prima financiële resultaten maken 2023 tot een prima jaar voor de GAD. Daarnaast is er hard gewerkt aan de accommodatievraagstukken die spelen bij de GAD. In de loop van 2024 is er de hoop dat hierover meer bekend kan worden gemaakt.

Veilig Thuis Voor Veilig Thuis was het een lastig om de benodigde formatie voor de uitvoering van de dienstverlening doorlopend goed gevuld te krijgen. De krapte op de arbeidsmarkt voor professionals binnen dit werkgebied wreekt zich hier. De 5

samenwerkingsafspraken met de gemeenten bieden kansen om sneller en efficiënter over te drage maar omdat ook de gemeenten kampen met moeilijk opvulbare vacatures en verloop blijft tijdig overdragen aan de gemeentelijke dienstverlening een uitdaging. Veilig Thuis kiest ervoor om vanuit het oogpunt van continuïteit in zorg en regie op veiligheid pas over te dragen als de overdrachtspartner echt kan overgaan tot het leveren van haar dienstverlening. Dit zorgt voor langere doorlooptijden dan de gestelde wettelijke termijnen, maar bieden een betere dienstverlening aan in inwoner. Het tijdig overdragen naar passende zorg(-aanbieders) die de verantwoordelijkheid voor zicht op veiligheid kunnen overnemen van Veilig Thuis blijft een aandachtspunt. In 2024 is begonnen met een onderzoek naar mogelijke verbeteringen. Hierover zijn de gemeenteraden al in eerder stadium via een raadsinformatiebrief geïnformeerd. Vervoer GV De Regio Gooi en Vechtstreek is, namens de gemeenten, aandeelhouder van Vervoer GV. De afgelopen jaren heeft Vervoer GV laten zien een inhoudelijk succes te zijn. Hoge klanttevredenheid, goed werkgeverschap, en een duurzaam wagenpark zijn belangrijke pijlers onder dit succes. Het in eigen beheer uitvoeren van het Wmo- en leerlingenvervoer lijkt daarmee te voldoen aan de wensen van de gemeenteraden. In 2023 ontstond er echter wel een financieel vraagstuk.

Hoewel de gemeentelijke voorschotten voor de Regio GV voldoende waren voor de uitvoering van de taken van Vervoer GV was de exploitatie van Vervoer GV dat niet. De gevolgen van Corona (uitval vervoersvraag) en het toenemend aantal kinderen in het leerlingen vervoer vroegen om een nieuwe inrichting van de tariefstructuur binnen de Regio. Het was het uitgangspunt dat de bevoorschotting en de reële exploitatiekosten zo dicht mogelijk tegen elkaar te laten liggen. De financiële cijfers in deze jaarstukken laten zien dat deze financiële operatie gelukt is. Voor meer inhoudelijk informatie verwijzen wij met trots naar de separate jaarstukken van Vervoer GV. Met gemeenten Het zijn de gemeenteraden die in onze regio de (financiële) kaders vaststellen waarbinnen de Regio Gooi en Vechtstreek haar taken uitvoert. In 2023 is de regionale samenwerkingsagenda door de gemeenteraden vastgesteld. Het instrument van de raden waarmee ze richting aan de samenwerking in de regio geven. Met de regionale samenwerkingsagenda hebben de raden tevens een agenda tool in handen. Hiermee is het helder voor de gemeenteraden wanneer zij aan zet zijn als het gaat om hun kaderstellende en besluitvormende rol en positie binnen de samenwerking.

Financiële beschouwingen Daar waar de primaire programmabegroting 2023-2026 een lasten- en batentotaal liet zien van € 92,291 miljoen, is door een aantal begrotingswijzigingen het totaal van de begroting uiteindelijk op € 109,484 miljoen inclusief mutatie reserves gekomen. In deze jaarstukken presenteert de Regio een gerealiseerd totaal aan lasten ter hoogte van € 103,783 miljoen. Het jaar 2023 heeft de Regio in financieel opzicht afgesloten met een positief resultaat van ongeveer € 3,590 miljoen. Dit is meer dan bij de bestuursrapportage 2023 werd verwacht. De Regio Gooi en Vechtstreek is tevreden dat zij met dit positieve financiële resultaat 2023 mag afsluiten. Aan de gemeenten zal dan ook in een zienwijze worden gevraagd om een groot gedeelte van dit bedrag te retourneren aan de gemeenten. Aan de gemeenten zal tevens worden gevraagd om, voor het overige gedeelte, twee bestemmingsreserves in stellen. De eerste bestemmingsreserve zal worden ingezet voor het versterken van de GGD in onze regio. Over deze versterkingsoperatie zijn de gemeenten eerder geïnformeerd via een bezoek van de coördinerend regionaal portefeuillehouder en/of een raadsinformatiebrief. Op verzoek van het AB en het PHO gezondheid en Ondersteuning wordt deze bestemmingsreserve ingezet voor de regionale GGD.

Deze bestemmingsreserve maakt het tevens mogelijk voor de gemeente om te kiezen voor een financieel ingroei model. De uitwerking hiervan is terug te vinden in de programma begroting 2025-2028 die tegelijkertijd aan de raden ter besluitvorming wordt voorgelegd. De tweede bestemmingsreserve zal worden ingezet ter dekking van de exploitatielasten GAD 2024. Uit de werkbegroting 2024 blijkt dat de GAD verwacht knelpunt heeft van circa 1,3 miljoen. Met deze bestemmingsreserve resteert er een knelpunt van circa 0,4 miljoen. In de bestuursrapportage 2024 worden de gemeenten hier nader over geïnformeerd met de actuele cijfers. In de programmabegroting 2025-2028 wordt voorgesteld om het knelpunt structureel op te lossen. Dit sluit aan bij het landelijke beeld waarbij grond en afvalstoffendiensten worden geconfronteerd met diverse extra (autonome) lasten en wisselende kosten en opbrengsten op de grond en afvalstoffenmarkt. Op regionaal niveau zijn er meerdere redenen voor dit positieve financiële resultaat. Zo zijn er minder lasten voor de GAD op de afvalstoffenmarkt (verwerkingskosten), de krapte op de arbeidsmarkt (lagere personeelslasten en vertraging in uitvoering van taken), meer (incidenteel) geld vanuit Rijk en subsidieverstrekkers.

Door slim werkzaamheden te combineren (denk aan koppelen vaccinatieprogramma’s) hebben we een kleiner beroep kunnen doen op de middelen in de reguliere exploitatie zoals deze in de programmabegroting 2023 door de gemeenten ons ter beschikking zijn gesteld. In andere gevallen hebben we taken en/of projecten vertraagd. Dit zien we ook in de planning van het onttrekken van de bestemmingsreserves. Door de financiële meevallers en doorgeschoven planningen hebben we minder hoeven te onttrekken uit onze bestemmingsreserve(s). Daar waar mogelijk zijn de diverse portefeuillehouders hierover geïnformeerd. Dit in het kader van de rechtmatigheidsverklaring die het Dagelijks Bestuur dient op te stellen. 6

In de financiële onderbouwingen per programma is hierover meer te lezen en/of terug te vinden. Op het niveau van de Regio is het financiële resultaat een positieve ontwikkeling. De lessen of nieuwe inzichten worden meegenomen in het lopende begrotingsjaar 2024 (via de bestuursrapportage 2024) of in de programmabegroting 2025-2028. Op deze manier blijft de Regio in control en kan het de gemeenteraden en haar inwoners zo goed mogelijk binnen de financiële kaders van de gemeenten vormgeven. Begrotingswijzigingen In 2022 en 2023 zijn door het algemeen bestuur de volgende begrotingswijzigingen voor 2023 (incidenteel en structureel) vastgesteld. Bedragen x € 1.000

Omschrijving

2022-08 2022-09 2023-00 2023-01 2023-02

Programmabegroting 2023-2026 Bestuursrapportage 2022 Bestuursrapportage 2022 Aanpassing weergave Actualisatie 2023-2026 Bestuursrapportage 2023 Gewijzigde begroting 2023-2026

Bedrag 2023

Dotatie reserve

Bijdrage gemeenten

Bijdrage Bijdrage centrum derden gemeente

Onttrekking reserve

92.291

-

-53.126

-18.966

-19.350

-849

1.268 282 4.385 11.043

141 -141 215

-30 -58 392 -2.114

-405 -1.383 -1.244

-412 -1.102 -6.722

-561 -224 -1.367 -1.178

109.270

215

-55.721

-21.999

-27.586

-4.179

Ontwikkeling salarissen Op 6 april 2023 hebben de VNG, de WSGO, FNV Overheid en FDO-MHA een akkoord voor de Cao Gemeenten en de Cao SGO gesloten. De financiële consequenties van het Cao-akkoord 2023 zijn zowel in de gewijzigde begroting 2023 (via de bestuursrapportage 2023) als in de realisatie 2023 opgenomen. Ontwikkeling materiële kosten Bij het opstellen van de begroting 2023 is rekening gehouden met een inflatiepercentage van 1,5%. Consumentenprijzen waren in 2023 met een inflatie van gemiddeld 3,8% hoger dan in 2022, maakte het CBS bekend. De financiële consequenties zijn meegenomen in de exploitatie 2023. Vennootschapsbelasting (VpB) In de begroting 2023 was de verwachting opgenomen dat de onderdelen Kantoor-Winkel-Dienstenafval (GAD) en Reizigersvaccinaties (GGD) mogelijk VpB-plichtig konden zijn. Voor zowel de verhuur van kantoorruimten als voor de RAV was in eerste instantie geen VpB-verplichting begroot, omdat de Regio zich niet kwalificeert als ondernemer, er wordt geen winst gemaakt op deze verhuur en ambulancezorg. In verband met het verdwijnen van de COVID-19 maatregelen is onze dienstverlening reizigersvaccinatie in 2023 voorzichtig positief. Door het toenemen van de reisbewegingen en een klein positief resultaat onder deze dienstverlening, is een afdracht van € 7.832 opgenomen.

Het ophalen van Kantoor-Winkel-Diensten bedrijfsafval is in 2023 verder afgebouwd, omdat dit geen primaire taak van de Regio is. De lasten stijgen boven de baten uit, als gevolg waarvan er geen af te dragen VpB is. Voor de RAV is een afdracht van € 34.735 opgenomen. Ontwikkelingen in de rechtmatigheidsverantwoording 2023 en begrotingsrechtmatigheid 2023 Op dit moment vindt de controle van de acctoutant nog plaats. Als deze controle gereed is zal deze paragraaf worden ingevuld.

Resultaat 2023 Het resultaat voor bestemming reserves bedraagt € 2.455.493 voordelig. Na bestemming, dat wil zeggen na het muteren van reserves zoals opgenomen in de begroting, bedraagt het voordelig resultaat € 3.590.037 In het onderstaande overzicht zijn deze begrote mutaties van reserves in kaart gebracht. De mutaties worden bij de verschillende programma’s toegelicht. 7

Bedragen x € 1.000

Resultaat voor mutatie reserves Onttrekkingen reserves Programma GGD: reserve Rampenbestrijding Programma RAV: Nieuwbouw RAV Programma RBL: Laaggeletterdheid Programma RBL: Regionale aanpak jeugdwerkloosheid Programma Werkgeversservicepunt : Arbeidsmarktprogramma's Programma Visit : Visit Gooi en Vecht Programma Beleid en Bestuur: uitvoeringsprogramma Sociaal Domein Programma Beleid en Bestuur: Werkkamer Programma Beleid en Bestuur: Transformatieplan Jeugd Programma Beleid en Bestuur: Dak- en thuisloosheid Programma Inkoop en Contractbeheer : Bescherming en Opvang Regio : Frictiekosten Weesp Regio : Eigen Risicodragerschap

-2.455 (V) -7 -1 -15 -321 -52 -62 -71 -108 -59 -50 0 -495 -75

Dotaties reserves Programma RBL: Regionale aanpak Jeugdwerkloosheid Regio: Frictiekosten vertrek Weesp

100 83 -1.135 -3.590 (V)

Resultaat na mutatie reserves

Dit resultaat is als volgt tot stand gekomen: Bedragen x € 1.000

Totstandkoming resultaat na mutatie reserves Programma GAD GGD Jeugd en Gezin RAV RBL Urgentiebureau Zorg en Veiligheidshuis Werkgeversservicepunt Vervoer Gooi en Vechtstreek Visit Gooi en Vecht Beleid en Bestuur Inkoop en Contractbeheer Bescherming en Opvang Bedrijfsvoering

Resultaat* voor mutatie reserves -891 -360 -464 -478 227 -7 -154 52 0 62 92 -211 -806 481 -2.455

-3.590 (V) Mutaties** reserves 0 -7 0 -1 -236 0 0 -52 0 -62 -289 0 0 -487 -1.135

Resultaat* na mutatie reserves -891 -367 -464 -479 -9 -7 -154 0 0 0 -197 -211 -806 -6 -3.590

* waarbij + een negatief resultaat en – een positief resultaat vertegenwoordigt ** waarbij - een onttrekking en + een dotatie vertegenwoordigt

Toelichting op hoofdlijnen Op een totaal aan lasten van € 103.783.440 wordt op basis van de huidige stand van zaken rekening gehouden met een positief resultaat ter hoogte van € 3.590.037, wat overeenkomt met 3,29% van het geprognotiseerde lastentotaal. Volgend hierop wordt een voorstel gedaan ten aanzien van het muteren van reserves die nog niet in de begroting zijn meegenomen. Wanneer mutaties aan een reserve niet in de begroting of een begrotingswijziging zijn opgenomen, is het een bevoegdheid van het algemeen bestuur om in te stemmen met deze mutaties. Resultaatbestemmingsvoorstellen Naast de reeds begrote mutaties reserves is er ook een voorstel ten aanzien van het muteren van reserves opgenomen in de bestemming van het rekeningresultaat. Het mutatievoorstel van de RAV heeft een verplichtend karakter, als gevolg van het feit dat het de bijdrage Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) betreft.

8

Voorgesteld wordt in te stemmen met de dotaties aan de reserve aanvaardbare kosten en de reserve eigen risicodragerschap RAV. De totale hoogte van deze mutaties komt op € 479.385. Verder wordt voorgesteld om te doteren aan twee specifieke voorzieningen. Deze voorgestelde dotaties zijn van verplichtende aard, gezien hun essentiële rol in het waarborgen van de financiële stabiliteit en de regeling vanuit de BBV. Het betreft het actualiseren van de voorziening Spaarverlof en de door de BBV verplicht gestelde voorziening RVU. Wanneer deze (verplichte) mutaties worden uitgevoerd, resteert een voordelig resultaat van € 2.680.652. Middels de resultaatbestemming wordt een voorstel opgesteld inzake de inzet van een deel van dit bedrag. Hiertoe volgt separaat een bestemmingsvoorstel inzake het vormen van en doteren aan een reserve toekomstbestendige GGD en het vormen en doteren aan een reserve exploitatie GAD 2024. Dit resultaatbestemmingsvoorstel wordt voor een zienswijze aan gemeenteraden voorgelegd. Het algemeen bestuur besluit op 12 september 2024 inzake de bestemming van het resultaat, met inachtneming van de ontvangen zienswijzen. De bestemming van het resultaat is immers geen onderdeel van de jaarstukken. Resultaat na mutatie reserves

-3.590 (V)

Voorstel dotatie reserve (verplichtend karakter) Restant middelen RAV doteren aan reserve aanvaardbare kosten RAV

447 (N)

Restant middelen RAV doteren aan reserve eigen risicodragerschap RAV

32 (N) 479 (N)

Dotatie voorziening Spaarverlof

245 (N)

Dotatie voorziening RVU

185 (N) 430 (N)

Verrekenen met gemeenten subtotaal Voorstel dotaties nieuw te vormen reserves Restant middelen GGD en Jeugd en Gezin doteren aan nieuw te vormen reserve toekomstbestendige GGD Restant middelen GAD doteren aan nieuw te vormen reserve exploitatie GAD 2024

-2.681 (V) 844 (N) 891 (N) 1.735 (N)

Verrekenen met gemeenten 2023

-946 (V)

Voorstel vrijvallen reserve Vrijvallen reserve Transformatieplan Jeugd

-75 (V) -75 (V)

Verrekenen met gemeenten 2023 inclusief vrijgevallen reserve

-1.021 (V)

9

Jaarrekening in een oogopslag Begroting 2023 Programma GAD GGD Jeugd en Gezin RAV RBL Urgentiebureau Zorg en Veiligheidshuis Werkgeversservicepunt Vervoer Gooi en Vechtstreek Visit Gooi en Vecht Beleid en Bestuur Inkoop en Contractbeheer Bescherming en Opvang Subtotaal programma's (1) Overhead Bedrijfsvoering RVE gerelateerde overhead RVE Beleid en Bestuur RVE Inkoop Subtotaal overhead (2) Vennootschapsbelasting Vennootschapsbelasting Subtotaal VpB (3) Gerealiseerd totaal saldo baten en lasten (1+2+3) Algemene dekkingsmiddelen Bijdragen gemeenten Bijdrage Rijk Bijdragen derden Overige baten Subtotaal algemene dekkingsmiddelen (4) Mutaties reserves GAD GGD Jeugd en Gezin RAV RBL Urgentiebureau Zorg en Veiligheidshuis Werkgeversservicepunt Vervoer Gooi en Vechtstreek Visit Gooi en Vecht Beleid en Bestuur Inkoop en Contractbeheer Bescherming en Opvang Bedrijfsvoering Subtotaal mutaties reserves (5) Gerealiseerd resultaat

bedragen x € 1.000 Realisatie 2023

Begroting 2023 na wijziging

Baten 33.558 3.487 8.127 9.469 1.708 289 449 1.177 7.330 239 2.940 3.107 18.938 90.818

Lasten 30.418 2.693 6.295 8.184 1.572 220 377 1.303 7.330 173 2.476 2.252 18.019 81.312

Saldo -3.140 -794 -1.832 -1.286 -137 -68 -71 126 0 -66 -464 -856 -919 -9.506

Baten 33.755 7.190 10.085 12.496 2.546 315 496 2.245 8.311 247 3.347 4.049 18.839 103.922

Lasten 30.186 6.349 7.811 11.443 2.364 235 429 2.605 8.311 202 3.403 2.841 17.805 93.985

Saldo -3.569 -841 -2.274 -1.053 -182 -80 -67 360 0 -45 56 -1.208 -1.034 -9.937

Baten 33.858 6.218 10.159 12.865 2.388 316 503 2.216 8.366 359 3.861 4.571 18.948 104.627

Lasten 29.390 4.913 7.439 11.097 2.191 228 161 1.992 8.366 274 2.638 3.092 17.080 88.861

Saldo -4.469 -1.305 -2.720 -1.768 -197 -87 -342 -225 -85 -1.223 -1.479 -1.867 -15.766

624

6.237 3.506 204 390 10.337

1.384

1.384

8.690 6.001 204 390 15.285

7.306 6.001 204 390 13.901

1.429

624

6.862 3.506 204 390 10.962

1.429

8.359 5.748 190 390 14.687

6.930 5.748 190 390 13.258

0 0

18 18

18 18

0 0

0 0

0 0

0 0

52 52

52 52

91.443

92.291

-849

105.306

109.270

3.964

106.056

103.601

-2.456

72.093 1.291 13.230 4.829

0 0 0 0

-72.093 -1.291 -13.230 -4.829

77.720 4.202 17.119 6.265

-77.720 -4.202 -17.119 -6.265

78.543 2.883 1.762 6.868

-78.543 -2.883 -17.762 -6.868

91.443

0

-91.443

105.306

-105.306

106.056

-106.056

0 0 0 1 182 0 0 305 0 70 291 0 0 0 849

0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0

0 0 0 -1 -182 0 0 -305 0 -70 -291 0 0 0 -849

0 21 0 266 469 0 119 653 0 92 1.453 165 0 940 4.179

0 0 0 32 100 0 0 0 0 0 0 0 0 83 215

0 -21 0 -234 -369 0 -119 -653 0 -92 1.453 -165 0 -857 -3.964

0 7 0 1 336 0 0 52 0 62 289 0 0 570 1.317

0 0 0 0 100 0 0 0 0 0 0 0 0 83 183

0 -7 0 -1 -236 0 0 -52 0 -62 -289 0 0 -487 -1.135

92.291

92.291

0

109.484

109.484

0

107.373

103.783

-3.590

10

Balans Regio Gooi en Vechtstreek 2023

11

Toelichting op de balans per 31 december 2023 (Bedragen x € 1.000)

Activa VASTE ACTIVA De materiële vaste activa bestaan uit: Investeringen met economisch nut

2023

2022

Overige investeringen met economisch nut Boekwaarde begin boekjaar Afschrijvingen in boekjaar Investeringen in boekjaar Boekwaarde einde boekjaar

12.130 -933 207 11.404

12.545 -1.181 766 12.130

Waarvoor ter bestrijding van kosten een heffing wordt geheven Boekwaarde begin boekjaar Afschrijvingen in boekjaar Investeringen in boekjaar Desinvesteringen in boekjaar Boekwaarde einde boekjaar

20.054 -2.922 3.583 -41 20.674

18.104 -2.667 4.617 20.054

Totaal materiële activa

32.078

32.184

Voor een onderverdeling en het verloopoverzicht van de materiële vaste activa verwijzen wij naar bijlage 4. Investeringen met economisch nut betreffen investeringen in één ambulance voor de RAV en de receptie van het Regiogebouw. De investeringen 2023 waarvoor een heffing wordt geheven, betreffen voornamelijk investeringen in het kader van VANG, inzamelvoertuigen, -voorzieningen en -middelen. Bij de Regio zijn er ultimo 2023 geen investeringen met maatschappelijk nut aanwezig. Het verloopoverzicht van de financiële vaste activa is als volgt: Financiële activa Overige uitzettingen met een rente-typische looptijd > 1 jaar Boekwaarde begin boekjaar Aflossingen in boekjaar Investeringen in boekjaar Boekwaarde einde boekjaar

2023

2022

5.352 -857 0 4.495

8.052 -2.700 0 5.352

In 2020 is de Regio een lening aangegaan van € 8.000.000, welke in 2021 is doorgeleend aan Vervoer Gooi en Vechtstreek BV. De gedeeltelijk afgeloste lening is op de balans opgenomen voor € 4.450.000 onder vaste schulden met een rente-typische looptijd van langer dan één jaar. Verder is onder de post financiële vaste activa een uitzetting bij TNT en FransVast (vaccinatielocatie COVID-19 aan Franse Kampweg in Bussum) opgenomen. VLOTTENDE ACTIVA Uitzettingen met een rente-typische looptijd < 1 jaar Vorderingen op openbare lichamen Rekening courantverhoudingen met het Rijk Rekening courantverhoudingen met niet-financiële instellingen Overige vorderingen en uitzettingen Totaal uitzettingen

2023 10.149 23.577 0 2.070 35.796

2022 6.140 22.975 0 2.711 31.826

De vorderingen op openbare lichamen bestaat voornamelijk uit vorderingen op de deelnemende gemeenten. Voor verdere informatie over het schatkistbankieren verwijzen wij naar de paragraaf financiering op pagina 81. De overige vorderingen en uitzettingen bestaan grotendeels uit nog te ontvangen bijdragen Nedvang van de Stichting Afvalfonds, rittenvergoeding RAV.

12

Liquide middelen Bank Nederlandse Gemeenten ING Totaal liquide middelen

2023 30 30

2022 650 7 657

Overlopende activa Overige nog te ontvangen bedragen en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen

2023

2022

928

4.240

De post overlopende activa bestaat uit gelden welke in 2023 reeds zijn betaald, maar betrekking hebben op volgende begrotingsjaren. Voorbeelden hiervan zijn licenties, omzetbelasting en abonnementen.

Passiva VASTE PASSIVA Eigen vermogen Algemene reserve Bestemmingsreserves Nog te bestemmen resultaat in boekjaar Totaal eigen vermogen

2023

2022

1.342 16.822 3.590 21.754

1.159 13.921 6.878 21.959

Van het te verwerken voordelig resultaat 2023 van € 3.395.424 wordt voorgesteld € 479.385 te muteren op bestemmingsreserve, € 430.000 te muteren op voorzieningen en € 1.734.664 toe te voegen aan een aantal nieuw te vormen bestemmingsreserves en € 945.988 te verrekenen met de gemeenten. Daarnaast wordt voorgesteld om de reserve transformatieplan Jeugd te laten vrijvallen. Het resterende deel van deze reserve bedraagt € 75.306 en zal eveneens worden verrekend met gemeenten. Voor een onderverdeling, verloopoverzicht en toelichting op de reserves verwijzen we naar de staat van reserves en voorzieningen, welke is opgenomen in bijlage 2.

Voorzieningen Voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico's Egalisatievoorzieningen Totaal voorzieningen

2023 0 2.080 2.080

2022 0 1.706 1.706

Voor een toelichting en het verloopoverzicht van de voorzieningen verwijzen we eveneens naar de staat van reserves en voorzieningen, welke is opgenomen in bijlage 2.

Vaste schulden met een rente-typische looptijd > 1 jaar Onderhandse leningen van binnenlandse banken en overige financiële instellingen

2023

2022

29.820

33.176

De vaste schulden met een rente-typische looptijd van langer dan één jaar bestaan uit leningen bij de Bank Nederlandse Gemeenten. In 2023 is geen nieuwe lening afgesloten. Een specificatie van de leningen is opgenomen in bijlage 3. VLOTTENDE PASSIVA Netto vlottende schulden met een rente-typische looptijd < 1 jaar Overige schulden Banksaldi Totaal netto vlottende schulden met een rente-typische looptijd < 1 jaar

2023 7.992 37 8.029

2022 5.658 5.658

De netto vlottende schulden met een looptijd korter dan één jaar bestaan uit het crediteurensaldo per 31-12-2023 en de betalingen onderweg ultimo 2023.

13

Overlopende passiva Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume De van Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingjaren Totaal overlopende passiva

2023

2022

8.254

5.909

3.389

5.851

11.643

11.760

De verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen (met uitzondering van verplichtingen gerelateerd aan jaarlijks terugkerende arbeidskosten van een vergelijkbaar volume), bestaan voornamelijk uit te betalen kosten inzake afdracht loonbelasting en pensioenpremies december 2023, afrekeningen NZa, afrekeningen FLO, volwasseneducatie, meerkosten COVID-19. De van Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren, bestaan ultimo 2023 voornamelijk uit: • Verplichtingen Beschermd Wonen € 2.583.340 • Meerjarige subsidies/beschikkingen voor diverse projecten € 805.843

14

Waarderingsgrondslagen Algemeen Deze jaarrekening is opgesteld volgens de richtlijnen van het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten (BBV) en de verordening ex artikel 212 Gemeentewet, waarin door het algemeen bestuur op 16 december 2021 de uitgangspunten voor het financieel beleid, alsmede de regels voor het financiële beheer en voor de inrichting van de financiële organisatie zijn vastgesteld. Op 29 juni 2023 heeft het algemeen bestuur de verordening bijgesteld; ook deze verordening is daarom van toepassing op deze jaarstukken. De gehanteerde grondslagen van waardering zijn ongewijzigd ten opzichte van het voorgaande jaar. Schattingen De opstelling van de jaarrekening vereist dat het management oordelen vormt en schattingen en veronderstellingen maakt die van invloed zijn op de toepassing van grondslagen en de gerapporteerde waarde van activa en verplichtingen, en van baten en lasten. Indien het voor het geven van het op grond van het BBV vereiste inzicht noodzakelijk is, is de aard van deze oordelen en schattingen inclusief de bijbehorende veronderstellingen opgenomen bij de toelichting op de betreffende jaarrekeningposten. De daadwerkelijke uitkomsten kunnen afwijken van deze schattingen.

Continuïteit De jaarrekening is opgesteld onder de veronderstelling van continuïteit van de Regio en diens activiteiten, mede in het licht van de aanvulling van tekorten door de aangesloten gemeenten, op grond van de rechtsvorm gemeenschappelijke regeling. Vergelijking met voorgaand jaar De gehanteerde grondslagen van waardering en van resultaatbepaling zijn ongewijzigd gebleven ten opzichte van het voorgaand jaar. In het BBV is aangegeven dat er een staat van baten en lasten met toerekening naar taakvelden opgenomen moet zijn, waarbij de overheadkosten in zowel de begroting als de jaarrekening zichtbaar moeten zijn. Onder overhead wordt verstaan: alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. Te denken valt aan kosten met betrekking tot de P&O, financiën, automatisering, huisvesting, inkoop, informatievoorziening. Er is naar aanleiding van de geldende BBV-voorschriften een aantal taakvelden opgenomen.

De volgende taakvelden zijn voor de Regio van toepassing: 0.4 Overhead 0.5 Treasury 0.7 Algemene uitkeringen en overige uitkeringen gemeentefonds 0.8 Overige baten en lasten 0.9 Vennootschapsbelasting 1.2 Openbare orde en veiligheid 3.1 Economische ontwikkeling 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken 5.5 Cultureel erfgoed 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie 6.2 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen 6.5 Arbeidsparticipatie 6.71d Overige maatwerkarrangementen (Wmo) 6.74b Jeugdhulp crisis/LTA/GGZ0verblijf 6.81a Beschermd wonen (Wmo) 6.81b Maatschappelijke- en vrouwenopvang (Wmo) 6.82a Jeugdbescherming 7.1 Volksgezondheid 7.3 Afval 7.4 Milieubeheer 8.1 Ruimte en leefomgeving 8.3 Wonen en bouwen Onder het taakveld 0.4 Overhead zijn onderstaande onderdelen toegedeeld: ❖ leidinggevenden primair proces (hiërarchisch), exclusief projectleiding; ❖ financiën, toezicht en controle gericht op eigen organisatie; ❖ P&O/HRM; ❖ inkoop; ❖ interne en externe communicatie; ❖ juridische zaken; ❖ bestuurszaken en bestuursondersteuning; ❖ informatievoorziening en automatisering (ICT); 15

❖ ❖ ❖

facilitaire zaken; DIV; managementondersteuning primair proces.

Activa De materiële vaste activa bestaan uitsluitend uit investeringen met een economisch nut. Investeringen hebben een economisch nut indien ze verhandelbaar zijn en/of kunnen bijdragen aan het genereren van middelen, waaronder heffingen. Na een besluit van het algemeen bestuur om een investeringskrediet te verstrekken wordt het actief lineair afgeschreven over de verwachte levensduur van het actief vanaf het moment van ingebruikname. De waardering van de materiële vaste activa vindt plaats op basis van de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. In overeenstemming met de financiële verordening worden de materiële vaste activa met een economisch nut lineair afgeschreven in maximaal: 40 jaar: Nieuwbouw kantoren en bedrijfsgebouwen 10 jaar: Renovatie, restauratie en aankoop kantoren en bedrijfsgebouwen 10 jaar: Technische installaties in bedrijfsgebouwen 5 jaar: Veiligheidsvoorzieningen bedrijfsgebouwen 5 jaar: Vaste telefooninstallaties, kantoormeubilair 5 jaar: Aanleg tijdelijke terreinwerken; nieuwbouw tijdelijke bedrijfsgebouwen 3 jaar: Kantoorautomatisering (hard en software) 8 jaar: Zware transportmiddelen, huisvuilwagen, aanhangwagens, lichte motorvoertuigen 6 jaar: Ambulances en personenauto’s 10 – 12 jaar: Overige activa, zoals ondergrondse inzamelvoorzieningen Bij de aanvraag van investeringskredieten kan gemotiveerd afgeweken worden van de te hanteren termijn zoals

hierboven opgenomen. Investeringen in activa die voldoen aan één van de volgende eisen worden niet geactiveerd (uitgezonderd gronden en terreinen): • •

Een verkrijgingsprijs van € 25.000 of minder. Een jaarlijkse vervanging van het materieel, zoals inzamelvoorzieningen.

De financiële vaste activa worden initieel gewaardeerd tegen de reële waarde, gewoonlijk de nominale waarde. De vlottende activa bestaan uit de voorraden, de uitzettingen met een rente-typische looptijd korter dan één jaar, de liquide middelen en de overlopende activa. De voorraden worden tegen marktwaarde gewaardeerd indien de marktwaarde lager is dan de verkrijgings- of de vervaardigingsprijs. De uitzettingen met een rente-typische looptijd korter dan één jaar worden, onder aftrek van eventuele voorzieningen wegens oninbaarheid, tegen de nominale waarde gewaardeerd. Liquide middelen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. De overlopende activa worden eveneens gewaardeerd tegen de nominale waarde. Passiva De passiva (financieringsmiddelen) worden onderscheiden in de vaste passiva en de vlottende passiva. De vaste passiva bestaan uit het eigen vermogen (reserves), de voorzieningen en de vaste schulden met een rente typische looptijd van één jaar of langer (langlopende schulden). Informatie over de aard en de reden van de reserves en de voorzieningen staat opgenomen in de staat van reserves en voorzieningen (bijlage 2). Voorzieningen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.

Voorzieningen vinden hun oorsprong in verplichtingen en verliezen waarvan de omvang op de balansdatum onzeker is, doch redelijkerwijs te schatten (artikel 44 BBV), en een waarschijnlijke uitstroom van middelen noodzakelijk is. Langlopende schulden worden tegen de nominale waarde gewaardeerd, verminderd met gedane aflossingen (artikel 46 BBV). De vlottende passiva bestaan uit de kortlopende schulden en de overlopende passiva en worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Onder de kortlopende schulden worden, indien van toepassing, de bedragen opgenomen met een fiscale grondslag. Grondslagen voor bepaling van het resultaat Algemeen De baten en lasten worden toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Resultaten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn verwezenlijkt. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het verslagjaar, worden in acht genomen, indien zij voor het vaststellen van de jaarrekening bekend zijn geworden.

16

Personeelsbeloningen Onder personeelslasten zijn begrepen de in het in boekjaar verschuldigde salarissen, sociale lasten, pensioenpremies, inleenkrachten en overige personeelskosten, verminderd met de ontvangen uitkeringen van sociale fondsen. • Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen dan wel schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden en overlopende vakantiegeld- en verlofaanspraken. • Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenbegroting, te weten vier jaar. Indien er sprake is van (eenmalige) schokeffecten (bijvoorbeeld door reorganisaties) dient wel een verplichting opgenomen te worden. Nederlandse pensioenregelingen We hebben een pensioenregeling bij Stichting Bedrijfspensioenfonds ABP.

Op deze pensioenregeling zijn de bepalingen van de Nederlandse Pensioenwet van toepassing en worden op verplichte of contractuele basis premies betaald door de instelling. ABP hanteert het middelloon als pensioengevende salarisgrondslag. ABP probeert ieder jaar de pensioenen te verhogen met de gemiddelde stijging van de lonen in de sectoren overheid en onderwijs. Wanneer de beleidsdekkingsgraad (de gemiddelde dekkingsgraad van de laatste 12 maanden) lager is dan 110% vindt er geen indexatie plaats. De premies worden verantwoord als personeelskosten zodra deze verschuldigd zijn. Vooruitbetaalde premies worden opgenomen als overlopende activa indien dit tot een terugstorting leidt of tot een vermindering van toekomstige betalingen. Nog niet betaalde premies worden als verplichting op de balans opgenomen. Op 31 januari 2024 was de actuele dekkingsgraad 135,9%. De gemiddelde beleidsdekkingsgraad in 2023 was 113,9%. Deze dekkingsgraad, die belangrijk is voor pensioenverhoging, stond daarmee boven het huidige vereiste niveau van 110% (huidige Financieel Toetsingskader FTK) en de versoepelde grens van 105%, die geldt voor fondsen die willen overstappen naar het nieuwe pensioenstelsel.

Verder wordt op balansdatum een voorziening opgenomen voor bestaande additionele verplichtingen ten opzichte van het fonds en de werknemers, indien het waarschijnlijk is dat voor de afwikkeling van die verplichtingen een uitstroom van middelen zal plaatsvinden en de omvang van de verplichtingen betrouwbaar kan worden geschat. Het al dan niet bestaan van verplichtingen wordt beoordeeld aan de hand van de uitvoeringsovereenkomst met het fonds, de pensioenovereenkomst met de werknemers en andere (expliciete of impliciete) toezeggingen aan de werknemers. De voorziening wordt gewaardeerd tegen de beste schatting van de contante waarde van de bedragen die noodzakelijk zijn om de verplichtingen op balansdatum af te wikkelen. Rente Rentebaten en rentelasten worden tijdsevenredig verwerkt, rekening houdend met de effectieve rentevoet van de desbetreffende activa en passiva. Bij de verwerking van de rentelasten, indien van toepassing, wordt rekening gehouden met de verantwoorde transactiekosten op de ontvangen leningen. Afschrijvingen Dit betreft de afschrijvingskosten van de vaste activa. De afschrijvingstermijn bedraagt maximaal de economische levensduur. Boekwinsten en -verliezen met betrekking tot materiële vaste activa zijn begrepen onder de afschrijvingen.

Overige bedrijfskosten De overige bedrijfskosten worden verantwoord op basis van de historische kosten en worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben.

17

VOOR INWONERS

18

Programma

Grondstoffen- en Afvalstoffendienst (GAD)

GAD staat voor grondstoffen- en afvalstoffendienst. De GAD is de uitvoeringsorganisatie voor het inzamelen van huishoudelijk afval. Dat doen wij voor 121.444 huishoudens. Bij de GAD werken zo’n 130 mensen. Chauffeurs, beladers, medewerkers op de scheidingstations, maar ook mensen die afvalbeleid maken, toezichthouders en handhavers, afvalcoaches en klantenservice. De GAD doet veel meer dan alleen het inzamelen van afval.

Hilversum

Huizen

Laren

Weesp

Wijdemeren

V V V V

Gooise Meren

Eemnes

Taken Inzameling huishoudelijk afval Exploitatie scheidingsstations & overslagstation Toezicht en handhaving Grondstoffenbeheer

Blaricum

Taken

V V V V

V V V V

V V V V

V V V V

V V V V

V V V V

Beleidskader Kaderrichtlijn afvalstoffen 2018 /851 EG Landelijk afvalbeheerplan (LAP3) Afvalstoffenverordening Gooi en Vechtstreek Grondstoffenvisie Gooi en Vechtstreek Uitvoeringsplan grondstoffenvisie

▪ ▪ ▪ ▪ ▪

Wat wilden we bereiken? Doel

Realisatie 2022 466 kg

Streefwaarde 2023 480 kg

Realisatie 2023 462 kg

165 kg

10 kg

162 kg

3. Afvalscheidingspercentage

65%

75%

64%

4. Klanttevredenheid

7.7

7.7

7.7

1. Hoeveelheid afval per inwoner 2. Hoeveelheid restafval per inwoner

Wat hebben we bereikt? In 2023 is per januari met de nieuwe afvalkalender een nieuwe planning van de routes ingegaan. Dit als optimaliseringsslag voor de aangepaste dienstverlening die in 2022 als gevolg van de vastgestelde bezuinigingsmaatregelen is in gegaan. Verder wordt actief ingezet op het vernieuwen van de wagenpark, conform het investeringsplan. De investeringen in het wagenpark lopen iets achter vanwege de langere levertijden van de voertuigen. Alle nieuwe wagens zijn uitgerust met een geavanceerd ritregistratiesyteem en een weegsysteem per voertuig. Door steeds meer data samen te voegen met de ervaring van de mensen die het werk daadwerkelijk uitvoeren blijven we het proces van continue verbeteren doorzetten. Besloten is de glas inzameling in te besteden in plaats van uit te laten voeren door een derde partij. De kraanwagen is vanwege de lange levertijd besteld in 2023 en in 2025 zal de inzameling van glas starten door eigen personeel. Het inbesteden zal binnen de bestaande financiële kaders uitgevoerd worden. Voor het af transport van matrassen zijn perscontainers besteld zodat er efficiënter transport kan plaatsvinden naar de eind verwerker. In december is een advies aanvraag voor een gewijzigde organisatie aan de OR verstuurd die begin 2024 van kracht zal zijn.

In deze organisatie zijn de verantwoordelijkheden duidelijker en is op sommige plekken het middenkader versterkt. Met de OR is ook overeenstemming bereikt over de hanteren norm t.a.v. de fysieke belasting van de chauffeur-beladers waarbij ook afspraken zijn gemaakt over manier van plannen en rapporteren. Door informatie vanuit de nieuwe software programma’s zal deze rapportage nog verder verbeterd worden.

19

Aan het einde van het jaar is met behulp van KplusV wederom een analyse gemaakt aan de hand van een rekenmodel om, bij aflopen van het verwerkingscontract van restafval medio 2026, een keuze te kunnen maken PMD in te zamelen m.b.v. bron- of nascheiding. In juni 2024 zal dit op de agenda staan van het Algemeen Bestuur ter besluitvorming. Deze keuze zal plaatsvinden na een zienswijze procedure langs de gemeenteraden.

Wat hebben we daarvoor gedaan? Activiteit

Kengetal Begroting 2023

Realisatie 2023

1. Aantal huishoudens (incl. Weesp) 2. Aantal meldingen (excl. handhaving)

Kengetal Jaarstukken 2022 119.122 19.655

117.500 17.000

121.444 11.729

3. Aantal meldingen handhaving 4. Aantal bezoekers scheidingsstations

9.373 616.747

8.000 645.000

5.253 634.369

+0.9% 27

+1,5% 24

1% 24

5. Aantal aansluitingen nieuwbouwlocaties 6. Aantal contracten grondstoffenstromen Wat heeft dat gekost? Grondstoffen- en Afvalstoffendienst (GAD) Lasten Personele lasten Kapitaallasten Materiële lasten Vennootschapsbelasting Overhead primair proces Overhead Regio Totaal lasten

Realisatie 2022

Begroting 2023

Begroting 2023 na wijziging

Realisatie 2023

Afwijking 2023 realisatie/raming

9.835.874 2.823.672 16.227.959 0 1.176.142 1.990.566 32.054.213

9.315.822 4.509.190 16.592.810 8.000 886.341 2.246.145 33.558.308

10.762.635 3.155.522 16.268.044 0 1.281.915 2.286.645 33.754.761

10.705.168 3.120.373 15.564.126 0 1.290.957 2.286.645 32.967.268

-57.467 -35.149 -703.918 0 9.042 0 -787.493

Baten Gemeentebijdrage Bijdragen derden Overige baten Totaal baten

-25.886.201 -2.152.812 -5.151.960 -33.190.973

-26.709.330 -2.170.046 -4.678.932 -33.558.308

-26.670.830 -2.166.748 -4.917.183 -33.754.761

-26.670.832 -2.166.748 -5.020.615 -33.858.195

-2 -0. -103.432 -103.434

Saldo

-1.136.760

0

0

-890.927

-890.927

0 0

0 0

0 0

0 0

0 0

-1.136.760

0

0

-890.927

-890.927

Reserves Dotaties Onttrekkingen Saldo

Toelichting rekeningcijfers De GAD sluit het boekjaar 2023 af met een positief resultaat van € 890.927. De personeelslasten en de kapitaallasten liggen in lijn met de begroting na wijziging. Het voordeel op de materiele lasten is voor € 315.000 enerzijds te verklaren door lagere kosten in verband met lagere tonnen voor GFT, OPK en Restafval dan rekening is gehouden bij bestuursrapportage 2023. Anderzijds voor € 388.000 te verklaren doordat de bestedingen met betrekking tot adviesen consultancykosten, drukwerk en gas- en elektrakosten lager zijn uitgevallen. Het voordeel op de overige baten is voor €72.000 te verklaren door verkopen van afgeschreven inzamelvoertuigen en desinvestering van één voertuig. Het resterend deel van € 31.000 wordt per saldo verklaard door hogere opbrengsten van grondstoffen van diverse grondstoffen. Waarbij de opbrengsten van PMD circa € 111.000 lager zijn uitgevallen in verband met lagere tonnen, en hogere opbrengsten van € 142.000 gerealiseerd zijn met betrekking tot andere grondstoffen. 20

Programma

Gemeentelijke Gezondheidsdienst (GGD)

Je goed voelen en gezond zijn. Dat wil iedereen. In Gooi en Vechtstreek vinden we dat reden genoeg om van de gezondheid van inwoners nog meer werk te maken. Hoe meer we samen doen, hoe beter dat lukt. GGD Gooi en Vechtstreek werkt vanuit positieve gezondheid: wij kijken breder naar gezondheid, preventie en ziekte. Leidend zijn de vragen: wat kunt u (wel) en wat wilt u? De nadruk ligt op de kracht van mensen.

Gooise Meren

Hilversum

Huizen

Laren

Wijdemeren

V V V V V V

Eemnes

Taken Epidemiologie & gezondheidsbevordering Infectieziektebestrijding & seksuele gezondheid Toezicht kinderopvang Geneeskundige hulpverleningsorganisatie (GHOR) Medische milieukunde Forensische geneeskunde

Blaricum

Taken

V V V V V V

V V V V V V

V V V V V V

V V V V V V

V V V V V V

Beleidskader ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

Wet publieke gezondheid Wet kinderopvang RIVM richtlijnen infectieziektebestrijding RIVM richtlijnen epidemiologie / medische milieukunde Benchmark GGD GHOR Nederland 2019 Landelijke nota gezondheidsbeleid 2020-2024 Nationaal preventieakkoord 2018 Lokale preventieakkoorden Preventie en handhavingsplan alcohol

Wat wilden we bereiken? Doel 1. Staat van infectieziekten onder controle houden. 2. Laagdrempelig loket voor inwoners met vragen op gebied van seksuele gezondheid, infectieziekten, tuberculose en (reis)vaccinaties. 3. Toezicht op kindercentra conform de landelijke standaarden. 4. Op basis van gezondheidsmonitors samen met gemeenten, maatschappelijke organisaties en inwoners invulling geven aan een gezonde en vitale leefomgeving vanuit het gedachtegoed positieve gezondheid. 5. Een 24/7 parate organisatie die goed voorbereid, opgeleid en beoefend reageert op calamiteiten en rampen die zich mogelijk voordoen.

Wat hebben we bereikt? Corona en HPV Ook in 2023 is de GGD nog bezig geweest met het bestrijden van het Coronavirus. Tevens is een inhaalcampagne voor HPV geweest voor jongvolwassenen. Het Rijk heeft hiervoor tijdelijke financiering ter beschikking gesteld. Publieke (jeugd)gezondheidszorg Voor grote delen van de publieke gezondheidszorg (GGD) en jeugdgezondheidszorg (Jeugd en Gezin) is schaal nodig om deze voldoende robuust te kunnen vormgeven. In 2023 zijn alle voorbereidingen getroffen en per 1 januari 2024 zijn de GGD en Jeugd en Gezin samen gevoegd tot een uitvoeringsorganisatie.

21

Versterken publieke gezondheid Het coronavirus liet Nederland zien dat goede publieke gezondheidszorg kan bijdragen aan het voorkomen van hogere zorgkosten. Het Rijk heeft tijdelijke middelen beschikbaar gesteld voor het versterken van de publieke gezondheidszorg. In 2023 heeft een externe toetsing (aan de landelijke benchmark en vergelijkingscijfers) van de huidige formatieve inzet op de wettelijke taken plaats gevonden. Uit deze benchmark en een interne analyse bleek een substantiële onderbezetting. De financiële verwerking hiervan is bestuurlijk besproken en wordt opgenomen in de begroting van 2025. Gezondheidsmonitors De GGD gaat tot en met 2026 vijf extra gezondheidsmonitors uitvoeren, waardoor gemeenten een veel beter beeld krijgen van de fysieke, mentale en sociale gezondheid van inwoners als gevolg van de coronacrisis. Voor deze monitors ontvangen gemeenten extra middelen vanuit het Rijk welke worden ingezet voor extra epidemiologische capaciteit bij de GGD. Gezondheidsbevordering Het integraal Zorg Akkoord en het Gezond en Actief Leven Akkoord willen een beweging in gang zetten van ziekte naar gezondheid. Dit om de zorg toegankelijk en betaalbaar te houden. In 2023 heeft de GGD hierop ingezet door de coördinatie van de ketenaanpakken en de preventie-infrastructuur op te pakken. Dit loopt door in 2024.

Hiervoor zijn tijdelijke middelen vanuit de gemeenten en vanuit SPUK-IZA ter beschikking gesteld. GHOR Vanaf 1 januari 2023 is er één gemeenschappelijke bureau GHOR dat werkt voor twee regio’s (Gooi en Vechtstreek en Flevoland) onder eenhoofdige leiding. Voor beide regio’s heeft deze samenvoeging geen budgettaire consequenties gehad. Wat hebben we daarvoor gedaan? Activiteit 1. Aantal telefonische vragen infectieziekte bestrijding 2. Aantal meldingen 3. Aantal consulten arts TBC 4. Aantal bezoeken op tattooshops en seksbedrijven 5. Aantal bezoeken kindercentra en gastouders 6. Aantal gezondheidsmonitoren 7. Aantal lokale preventie akkoorden 8. Aantal campagnes 9. Aantal geregistreerde gezonde scholen 10. Aantal bijeenkomsten intermediairs/inwoners

Realisatie 2022 1.500 175 225 50 650 3 6 6 55 15

Streefwaarde 2023 1.200 180 200 30 675 2 7 6 40 15

Realisatie 2023 1.200 250 200 30 675 2 6 6 40 15

22

Wat heeft dat gekost? Gemeentelijke Gezondheidsdienst (GGD)

Realisatie 2022

Begroting 2023

Begroting 2023 na wijziging

Realisatie Afwijking 2023 2023 realisatie/raming

Lasten Personele lasten Kapitaallasten Materiële lasten Vennootschapsbelasting Overhead primair proces Overhead Regio Dotatie voorziening Totaal lasten

2.249.910 14.276 10.071.752 0 340.128 445.675 70.350 13.192.091

1.964.642 12.099 715.787 10.000 315.381 468.625 0 3.486.534

3.415.896 12.099 2.886.002 0 384.611 477.082 35.500 7.211.190

2.965.469 8.344 1.903.434 7.832 460.735 477.082 35.500 5.858.396

-450.427 -3.755 -982.568 7.832 76.124 0 0 -1.352.794

Baten Gemeentebijdrage Centrumbijdrage Rijksbijdrage Bijdragen derden Overige baten Totaal baten

-1.795.135 -126.774 -9.876.502 -848.288 0 -12.646.699

-1.797.088 0 -1.041.254 -648.192 0 -3.486.534

-2.165.668 0 -3.931.276 -889.735 -203.511 -7.190.190

-2.211.667 0 -2.360.095 -1.079.159 -567.501 -6.217.931

-45.999 0 1.571.181 -189.424 -363.990 972.259

Saldo

545.392

0

21.000

-359.535

-380.535

Reserves Dotaties Onttrekkingen

0 -39.732

0 0

0 -21.000

0 -7.130

0 13.870

Saldo

505.660

0

0

-366.665

-366.665

Toelichting rekeningcijfers De RVE GGD heeft een positief resultaat van €366.665K. Dit wordt enerzijds veroorzaakt door niet begrote incidentele middelen en anderzijds door lagere uitgaven. Het nadeel op de Rijksbijdrage en de voordelen op de Personele lasten en Materiële lasten hebben te maken met het feit dat niet alle begrote middelen zijn besteed. Het Rijk heeft in de vorm van SPUK’s middelen beschikbaar gesteld in het kader van Pandemische Paraatheid en COVID-19. Voor de Pandemische Paraatheid is het in mindere mate gelukt, o.a. vanwege het niet kunnen vervullen van vacatures, om hier vorm aan te geven. Voor COVID-19 is de inzet in de tweede helft van het jaar minder geweest vanwege de afnemende vraag naar vaccinaties en is de campagne met minimale inzet uitgevoerd. Deze middelen zijn derhalve niet volledig besteed en vloeien terug naar het Rijk. Het voordeel op de gemeentelijke bijdrage betreft een niet begrote bijdrage vanuit de SPUK-IZA voor de inzet van een regionaal projectleider preventie-infrastructuur. De overschrijding op de overige baten komt doordat de baten ten behoeve van HPV+ zijn verantwoord onder overige baten, maar begroot onder Rijksbijdragen. Ook is onder de overige baten een niet begrote bijdrage ten behoeve van vervoer Oekraïense vluchtelingen verantwoord. Het voordeel op bijdragen derden komt met name door hogere opbrengsten voor reizigersvaccinaties.

23

Programma

Jeugd en Gezin

Jeugd & Gezin zet zich in voor het gezond opgroeien en opvoeden van kinderen 0 tot 18 jaar in Gooi en Vechtstreek. We bieden zorg in de directe omgeving van het gezin. Ouders en kinderen kunnen een beroep doen op jeugdartsen, jeugdverpleegkundigen en gezins- en opvoedcoaches. Inwoners kunnen op verschillende locaties in Gooi en Vechtstreek terecht. Waar nodig bieden we extra ondersteuning. Ook werken we nauw samen met andere professionals, zoals scholen, huisartsen en hulpverleners.

Hilversum

Huizen

Laren

Wijdemeren

V V V V

Gooise Meren

Taken Jeugdgezondheidszorg Rijksvaccinatieprogramma Gezins- en opvoedcoaches Maatwerkdiensten gemeenten

Eemnes

Blaricum

Taken

V V V V

V V V V

V V V V

V V V V

V V V V

Beleidskader ▪ Wet publieke gezondheidszorg ▪ Basispakket jeugdgezondheidszorg ▪ Landelijk professioneel kader jeugdgezondheidszorg ▪ Bestuursopdracht 2018-2022 ▪ Dienstverleningsovereenkomsten aanvullende lokale dienstverlening Wat wilden we bereiken? 1. Een zo hoog mogelijke vaccinatiegraad bij de uitvoering van het Rijksvaccinatieprogramma Vaccinatiegraad 1. 2. 3. 4. 5. 6.

0-2 jarigen DKTP 4 jarigen DTP/BMR 9 jarigen HPV 12 jarige meisjes Meningokokken adolescenten Niet gevaccineerde kinderen

Regionaal 2021 94,6 – 95,6% 94,5% 90% 71,6% 85% 3,1%

Landelijk 2021 90,8% 92,2% 89,7% 53% 4,4%

Streefwaarde 2023 92,2% 95% 91% 72% 85% 3%

Realisatie 2023 90,2% 91,7% 86,5% 72,7% 85,9% 1,7 à 7,1%

2. Alle kinderen de kans geven in een veilige omgeving op te groeien en zich te ontwikkelen tot gezonde volwassenen. JGZ draagt bij door gezondheidsproblemen tijdig te signaleren waardoor kinderen in een vroeg stadium hulp krijgen. Wij streven naar optimaal bereik van onze doelgroep, alle jeugdigen en hun ouders. Bereik van Jeugd en Gezin =% dat zorg afneemt* 1. 0-1 jarigen 2. 3 jarigen 3. 4-18 jarigen

Realisatie 2022

Circa 98%

Streefwaarde 2023

Realisatie 2023

98% 84% 88%

>98% (bij 93%: dossier beoordeeld)**

* In afwachting van het optimaal op deze nieuwe definitie instellen van de registratie in het digitaal dossier worden nu nog twee leeftijdsgroepen vermeld en betreffen de percentages nog globale schattingen ** Een gedeelte van het jaar 2023 is nog gewerkt met een noodscenario (bij 93% van de kinderen is het dossier beoordeeld, waar professional geen aanleiding zag voor consult is ouder en kind nog gevraagd of zij zelf een aanleiding hadden en zo ja, dan kon men alsnog een afspraak maken. Bij 40% is het 10 jaar consult uitgevoerd).

24

Wat hebben we bereikt? Publieke (jeugd)gezondheidszorg Eind 2022 heeft het algemeen bestuur van de Regio Gooi en Vechtstreek opdracht gegeven te onderzoeken wat nodig is voor een transitie naar een goed functionerende toekomstbestendige GGD en JGZ. Naast het uitvoeren van een interne knelpuntenanalyse is opdracht gegeven aan een extern bureau tot een externe toetsing van het wettelijk basisniveau in de taakstelling en advisering over een toekomstbestendige organisatieopzet van de GGD en de jeugdgezondheidszorg (JGZ). Het eindadvies, het gecombineerde resultaat van deze beide opdrachten, is opgeleverd in 2023 en inmiddels verwerkt in de programmabegroting 2025-2028 die nog voor zienswijze naar de gemeenteraden gaan. Versterken jeugdgezondheidszorg Op sterkte In 2023 is er ingezet om weer op sterkte te komen na covid. Dit heeft tijd gekost en veel vacatures konden niet direct gevuld. Eind 2023 waren de teams weer meer op orde maar doordat eerder in het jaar de vacatures niet of niet snel opgevuld konden worden is er in financieel opzicht een positief resultaat door onderbesteding. Jeugdverpleegkundig specialisten Jeugd en Gezin is gestart met het opleiden van jeugdverpleegkundig specialisten. Dit i.v.m. de krapte op de arbeidsmarkt en hiermee het verminderen van de kwetsbaarheid.

Ook betekent dit dat de jeugdartsen meer ingezet kunnen worden op hun medische expertise en minder op de standaard consulten. Heroverweging informatiesystemen In 2023 is onderzocht wat de benodigde aanpassingen zijn aan het kinddossier waar jeugd en gezin mee werkt. In 2023 is een stap gezet door de overstap te maken naar een klantportaal van dezelfde leverancier van het kinddossier. De kosten konden worden opgevangen binnen de begroting. Regionaal expertteam Ons consultatie en adviesteam van orthopedagogen, psychologen en gedragskundigen heeft sinds eind 2022/ begin 2023 twee taken: advies en consultatie van gemeenten, huisartsen en andere verwijzers bij jeugdzorg-vraagstukken (1) en regie op de samenwerking tussen gemeenten en jeugdzorg bij complexe jeugdzorg-vraagstukken (2). Ook in dit team konden vacatures niet direct ingevuld worden en er bleek minder vraag bij gemeenten doordat enkele gemeenten zelf gedragswetenschappers in dienst namen. Deze ontwikkelingen zijn besproken en worden in 2024 verder met de gemeenten uitgewerkt. Wat hebben we daarvoor gedaan? Activiteit 1. Vroegtijdig ziektes en gehoorproblemen opsporen 2. Reguliere contactmomenten 3. Extra zorg op basis van vragen (totaal) (valt onder 2) 4. Extra zorg kinderen met verstoorde balans (valt onder 2) 5. Extra zorg kinderen met overgewicht (valt onder 2) 6.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14273407/3