CConstaterende datWijdemeren
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1b - Bijlage bij bijlage 1 - Voorstel voor herziening

gemeenteraad 28 september 2023, gemeente WijdemerenBij agendapunt: Raadsvoorstel Gebiedsakkoord (Het geamendeerde raadsvoorstel unaniem aangenomen)17.108 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Agendapunt 4 Voorstel herziening organisatie & inhoud | SG

03-02-2022 25

De stuurgroep-OVP besluit:

besluit 31

de programmamanager OVP het mandaat te geven om in overleg met het kernteam, intakeformulieren, scopeformulieren en plannen van aanpak goed te keuren, mits passend binnen het vastgestelde uitvoeringsprogramma en programmabeheerplan.

Agendapunt 4 Voorstel herziening organisatie & inhoud | SG

03-02-2022 26

Hoofdstuk 7. Positionering en communicatie Ten aanzien van de positionering en communicatie van het GA zijn door Arcadis de volgende aanbevelingen gedaan: Aanbevelingen

aanbeveling 9

werk aan een positief imago en presenteer het GA als voorbeeldproject

aanbeveling 10

stel een of enkele ambassadeurs van het Gebiedsakkoord aan

Deze aanbevelingen zijn door het kernteam nader onderzocht en leiden tot de volgende voorstellen: Bouwen aan beter imago Vanuit het programmabureau is er het afgelopen jaar hard gewerkt aan het herstellen van imago en vertrouwen. De communicatiemanager c.q. woordvoerder heeft in samenwerking met de communicatiewerkgroep een gezamenlijke programmastijl ontwikkeld onder de noemer Aanpak Oostelijke Vechtplassen en de bijbehorende (basis) communicatiemiddelen op orde gebracht. De komende periode staat het verbeteren van het imago centraal. We profileren het programma als een inspirerend voorbeeld van een complexe samenwerking (vakwereld, prijzen) en brengen 'zacht nieuws' over de mensen achter de projecten en/of de bewoners en ondernemers op wie de veranderingen of verbeteringen van toepassing zijn. Ambassadeurs Door ambassadeurs aan te stellen die het GA een warm hart toedragen, kunnen we ook op een dieper niveau verbinding maken met de samenleving. Ambassadeurs zijn bij voorkeur niet-politiek, realistisch, verbindend en hebben een interessant netwerk. Door het actief inzetten van lokale en sociale media en het organiseren van passende podia, maken we het ambassadeurschap aantrekkelijk en eervol. We gaan nadrukkelijk ook op zoek naar steunbetuigers uit doelgroepen die minder voor de hand liggen.

Het betreft hier een aanpassing in de werkwijze waarvoor geen besluit van de SG nodig is.

Agendapunt 4 Voorstel herziening organisatie & inhoud | SG

03-02-2022 27

Bijlagen

bijlage 1

17 aanbevelingen Arcadis

bijlage 2

artikel 12 van het GA

bijlage 3

huidige en gewenste bezetting programmabureau OVP

bijlage 4

toelichting Omgevingsmanagement OVP

bijlage 5

overzicht van bureau- en communicatiekosten

bijlage 6

toelichting op constateringen inzake financiën (bij hoofdstuk 4)

bijlage 7

concluderend overzicht financiële wijzigingen t.b.v. GA en UP 2.0

bijlage 8

toelichting op de besluitvormingslijn (bij hoofdstuk 6)

Agendapunt 4 Voorstel herziening organisatie & inhoud | SG

03-02-2022 28

Bijlage 1: aanbevelingen Arcadis Algemeen Aanbeveling 1: Blijf werken aan vertrouwen. Er zijn veel partijen met diverse belangen in het gebiedsakkoord. Dat maakt het uniek en krachtig maar is tegelijkertijd ook een risico. Verschillende partijen binnen het akkoord hebben te maken met dilemma’s. Aanbeveling is om met de MGA-benadering als basis te blijven werken aan wederzijds begrip en vertrouwen vanuit de gedachte om elkaar iets te gunnen. Hierbij is gebruik te maken van het gedachtengoed van Lencioni, die concreet beschrijft hoe vertrouwen in een team kan worden opgebouwd. Fysieke en informele bijeenkomsten zijn hierbij een belangrijke pijler. De Oostelijke Vechtplassen bieden bij uitstek de mogelijkheid om elkaar geregeld op mooie, relevante en inspirerende locaties te treffen. Aanbeveling 2: Richt een professioneel en kwalitatief hoogwaardig programmabureau in. Bij aanvang van het programma is ervoor gekozen om geen programmabureau in te richten. Veel beslissingen en verantwoordelijkheden over de uitvoer van projecten zijn belegd bij de regiegroep. Hierdoor wordt het programma onvoldoende aangestuurd en komt te veel bij de regiegroep terecht. Gevolg is onder meer dat er te weinig inzicht is in wanneer het programma een succes is, er onvoldoende samenhang is tussen de projecten en er een beperkt inzicht is in de stand van zaken van de projecten.

Een ander gevolg is dat de partners vanuit het programmabureau niet worden ontzorgd en ontlast en daardoor extra capaciteit moeten inzetten. Er is behoefte aan een professioneel programmabureau. Dit programmabureau staat aan de lat voor een zorgvuldige uitvoering van het programma. In het programmabureau moeten alle diensten samenkomen die nodig zijn om het programma te besturen en de informatie voor de besturing te ontsluiten. Aan het programmabureau moeten de volgende functies worden toegevoegd: een ervaren (assistent) programmamanager (voor de programma-, project- en risicobeheersing), een ervaren omgevingsmanager (die de belangen vanuit de omgeving bewaakt en de omgeving goed bij het programma aanhaakt) en een ervaren financieel adviseur (voor het financiële overzicht). Aanbeveling 3: Versterk het lerend vermogen van het programma door een structureel verbeterplan op te stellen waarmee het gebiedsakkoord zich kan blijven verbeteren en ontwikkelen. Een professionele werkwijze met kwaliteitsmanagement (zoals toepassing van de PDCA-cyclus: plando-check-act) ontbreekt in het programmabureau. De partijen in het akkoord zijn optimistisch, hebben een scherp oog voor mogelijke verbeteringen van het programma en kijken naar de toekomst.

Bouw voort op deze attitude en vertaal de inzichten en verbeterpunten uit deze evaluatie naar een concreet verbeterplan waarin verschillende stappen en acties voor de komende jaren zijn uitgezet. Beleg de verantwoordelijkheden bij actiehouders en reflecteer op de voortgang in voortgangsrapportages of in aparte bijeenkomsten. Maak het programmabureau verantwoordelijk

Agendapunt 4 Voorstel herziening organisatie & inhoud | SG

03-02-2022 29

voor een structureel verbeterplan, zodat een zelflerend programma ontstaat dat continu blijft leren en zich ontwikkelen.

Programmamanagement Aanbeveling 4: Creëer meer en betere samenhang tussen de projecten in het gebiedsakkoord. De samenhang tussen de projecten in het Gebiedsakkoord moet worden verbeterd. Dit kan door te werken met een geïntegreerd overzicht van kansen- en risico’s en/of met een thema- en belangenschema. Op basis hiervan kunnen beheersmaatregelen worden getroffen die de belangen van het gebiedsakkoord en van de betrokken partijen optimaal borgen. Geef bij deze analyse ook aandacht aan de balans tussen de drie pijlers in het programma. Aanbeveling 5: Gebruik meer monitoring met dashboards. Het gebiedsakkoord is omvangrijk. Met name bij de regiegroep, maar ook bij stuurgroep, projectleiders en externe partijen is behoefte aan een overzicht van de voortgang van projecten. Er is behoefte aan real-time en visueel inzicht gedurende het jaar en daarbij kunnen dashboards een oplossing vormen. Dergelijke digitale tools maken expliciet en visueel duidelijk wat de voortgang is op het gebied van planning, budgetten, productie et cetera. Daardoor is direct helder waar eventueel (bij)sturing nodig is. Aanbeveling 6: Zorg voor voldoende capaciteit en kwaliteiten in het programmabureau. Het gebiedsakkoord kampt met een tekort aan capaciteit en middelen.

Een mogelijke methodiek om inzicht te krijgen in de benodigde capaciteit op verschillende aspecten/kwaliteiten is de Capacity Building Method. Een eerste stap is inzicht te krijgen in de beschikbare capaciteit. Hoe die strategisch verdeeld kan worden met waar de prioriteiten liggen: in het programmabureau en/of tussen de verschillende projecten. Houd daarbij in gedachten dat het niet noodzakelijk is dat voor ieder onderdeel een aparte persoon verantwoordelijk is en maak gebruik van de dwarsverbanden in het programma. Wij adviseren om een model te hanteren waarmee kan worden getoetst of de rollen en verantwoordelijkheden binnen het programma goed zijn belegd. Dit kan bijvoorbeeld worden gedaan door een RA(S)CI-matrix op te stellen. Hierin wordt per deelproces aangegeven welke personen responsible, accountable, supportive, consulted dan wel informed zijn. Daarmee wordt bijvoorbeeld duidelijk of de programmamanager voldoende capaciteit heeft om alle taken uit te voeren, zoals het secretariaat van de stuurgroep, het voorzitten van de regiegroep, uitvoering geven aan de besluiten van de regie- en stuurgroep en de benodigde programma-, project- en risicobeheersing.

Agendapunt 4 Voorstel herziening organisatie & inhoud | SG

03-02-2022 30

Omgevingsmanagement Aanbeveling 7: Zet een strategisch omgevingsmanager in. Het aanstellen van een omgevingsmanager kan op korte termijn een aantal knelpunten oplossen. De omgevingsmanager kan een vernieuwde stakeholdersanalyse uitvoeren, waarbij een stapje terug wordt gedaan en de doelen, projecten en belangen van verschillende partijen in kaart worden gebracht. Ook moet een participatie- en communicatieplan worden opgesteld, dat handvatten biedt voor de projectleiders om eenduidige communicatie te voeren. Daarnaast moeten de wensen en eisen van stakeholders scherp worden gespecificeerd. Aanbeveling 8: Gebruik meer instrumenten en tools voor omgevingsmanagement. Om omgevingsmanagement vorm te geven kan gebruik worden gemaakt van verschillende instrumenten en tools. Denk hierbij aan het opstellen van een Transparant Omgevingsparticipatie Platform (TOP). Dit is een digitaal platform waarmee continu informatie opgehaald wordt om vervolgens te delen met een grote groep stakeholders. Pas daarnaast een systematiek toe voor het inventariseren en monitoren van de wensen en eisen van stakeholders bij een project. Maak gebruik van beelden en visualisaties om stakeholders inzicht te geven in het proces en eindresultaat. Aanbeveling 9: Werk aan een positief imago en presenteer het Gebiedsakkoord als voorbeeldproject. Het imago van het gebiedsakkoord moet worden verbeterd.

Met name lokale media pikken issues en negatieve punten makkelijk op. Besteed daarom aandacht aan het delen van successen en organiseer hiervoor media-aandacht. Benadruk hierbij hoe uniek deze samenwerking is en positioneer het gebiedsakkoord in zijn geheel als voorbeeld van brede samenwerking. Aanbeveling 10: Stel een of enkele ambassadeurs van het Gebiedsakkoord aan. Het gebiedsakkoord is voor veel betrokkenen in de omgeving nog een abstract begrip. Met een of enkele ambassadeurs gaat het gebiedsakkoord meer leven en krijgt het - letterlijk - een gezicht.

Governance en MGA Aanbeveling 11: Voer met elkaar het gesprek over unanimiteit in besluitvorming en de mogelijkheden van ‘besluiten met overweldigende steun’. Besluiten in het gebiedsakkoord worden genomen op basis van unanimiteit. Dit is vastgelegd in de afspraken van het akkoord. Alleen in speciale gevallen kan daarvan worden afgeweken. Er zijn echter onderwerpen waarbij met name de publieke partijen zijn gebonden aan wettelijke kaders en richtlijnen. Wanneer dit niet strookt met het belang van de andere partijen kan een patstelling ontstaan. Wij merken op dat de unanimiteitseis niet in overeenstemming is met de MGA-benadering. Daarin wordt een voorkeur uitgesproken voor besluiten met overweldigende steun of overeenstemming.

Agendapunt 4 Voorstel herziening organisatie & inhoud | SG

03-02-2022 31

Om dit op te lossen is in de interviews de mogelijkheid genoemd om in bepaalde gevallen uitzonderingen te maken op de unanimiteitseis. Om een passende oplossing te vinden moet hierover de komende periode het gesprek worden gevoerd. Wij bevelen aan om hierbij de ervaringen te gebruiken die momenteel worden opgedaan met artikel 13 door de derde neutrale partij om een advies te vragen over de toepassing van de unanimiteitsregel in het gebiedsakkoord. Aanbeveling 12: Creëer meer helderheid in de mandaten van de vertegenwoordigers in de Regie- en Stuurgroep. Als er onvoldoende draagvlak is bij een achterban, kan er onduidelijkheid ontstaan over het mandaat van de betreffende vertegenwoordiger. Wij bevelen aan dat de partners naar elkaar toe transparant zijn over wat er speelt in de eigen achterban en tijdig aangeven als er gevoeligheden zijn. De programmamanager kan hier alert op zijn en eventuele signalen met betrekking tot achterban en mandaat meenemen bij het voorbereiden van de besluitvorming in de regie- en stuurgroep. Aanbeveling 13: Verlicht de druk voor leden regiegroep en focus op het sturen op hoofdlijnen. Wees realistisch over de beschikbare tijd van de regiegroepleden. Zorg ervoor dat het aantal onderwerpen en de stukkenstrook voor vergaderingen beperkt blijven en focus op het sturen op doelen en ambities.

Bespreek in hoeverre het mogelijk en wenselijk is om elkaar verder te ontzien door naast de overkoepelende thema’s alleen aan te sluiten bij agendapunten over een project of gebied waar de leden direct bij betrokken zijn. Aanbeveling 14: Versterk de toepassing van de MGA-benadering. De MGA-benadering wordt door alle partijen gezien als een sterke basis voor de samenwerking. Bij de totstandkoming en start van het programma heeft deze methodiek goed gewerkt om de partijen bijeen te brengen. Nu is het zaak om de methodiek te vertalen naar een werkwijze die in de huidige uitvoeringsfase voldoende handvatten biedt. Stappen die hierin worden aanbevolen zijn het organiseren van een jaarlijkse bijeenkomst op basis van de MGA-benadering, het instellen van een verplichte cursus voor projectleiders en nieuwe medewerkers, en het maken van een handreiking of spelregels voor alle betrokkenen inclusief stakeholders.

Prioritering en financiën Aanbeveling 15: Werk aan het (her)waarderen van lopende initiatieven. Het is aannemelijk dat in de uitvoering knelpunten ontstaan omdat capaciteit en budget tekortschieten. Aanbevolen wordt om een stapje terug te doen en voor ieder project te onderbouwen welke waarde wordt gecreëerd. Maak een realistische prognose van de kosten en waar mogelijk - de baten. Op basis van een compleet financieel overzicht moeten de partijen het gesprek voeren over herprioriteren, keuzes maken en/of bijplussen. Onderzoek of er projecten zijn waar (externe) partijen direct belang bij hebben en mogelijk financieel of procesmatig aan bij kunnen dragen.

Agendapunt 4 Voorstel herziening organisatie & inhoud | SG

03-02-2022 32

Aanbeveling 16: Integreer nieuwe, veelbelovende initiatieven in het Gebiedsakkoord. Door trends en ontwikkelingen zullen projecten de komende jaren wijzigen en zullen nieuwe vragen binnenkomen. Aanbevolen wordt om tijdig het gesprek te voeren over hoe hier mee om te gaan. Bespreek, met name met de financierende partijen, de visie op capaciteit en geld voor de lange termijn. Denk hierbij niet alleen risicogestuurd maar ook batengericht. Is het mogelijk om aanvullende eisen of wensen mee te laten wegen, als deze worden bekostigd door de partij die de baten heeft? Aanbeveling 17: Pak financiële problemen aan en maak financiële relaties inzichtelijk. Aanbeveling is om op korte termijn het gesprek te voeren over de verschillende financiële knelpunten zoals tekorten in het vastgestelde budget met betrekking tot btw-afdracht en procesgelden en afspraken te maken over de aanpak hiervan. Een financieel overzicht waarbij de relaties met andere geldstromen helder zijn, kan helpen om inzicht te bieden in knelpunten en kansen voor besparing.

Agendapunt 4 Voorstel herziening organisatie & inhoud | SG

03-02-2022 33

Bijlage 2. toelichting artikel 12 GA OVP In artikel 12 van het GA worden meerdere omstandigheden geschetst die gevolgen kunnen hebben voor de uitvoering van het GA. Zo wordt in artikel 12 lid 2c de mogelijkheid geschetst om 5 jaar na inwerkingtreding het GA te herzien. Feitelijk wordt via deze notitie nu voorgesteld om niet na 5 jaar maar al na 4 jaar, het GA c.q. het UP te herzien.

A RTIKEL 12 – GEWIJZIGDE OMSTANDIGHEDEN 1

2

O NVERMINDERD HET BEPAALDE IN ARTIKEL 6:258 VAN HET B URGERLIJK W ETBOEK TREDEN PARTIJEN IN OVERLEG INDIEN ER SPRAKE IS VAN GEWIJZIGDE OMSTANDIGHEDEN , IN DE ZIN VAN HET TWEEDE LID VAN DIT ARTIKEL , DIE VAN DIEN AARD ZIJN DAT DEZE OVEREENKOMST BILLIJKHEIDSHALVE BEHOORT TE WORDEN GEWIJZIGD OF DIE WEZENLIJKE GEVOLGEN HEBBEN VOOR DE UITVOERING VAN DEZE OVEREENKOMST . V AN EEN DERGELIJKE GEWIJ ZIGDE OMSTANDIGHEID IS IN IEDER GEVAL SPRAKE : A

INDIEN DE PROJECTBIJ DRAGEN NIET TOEREIKEND BLIJKEN TE ZIJN VOOR DE REALISERING VAN PROJECTEN GENOEMD IN H ET U ITVOERINGSPROGRAMMA O OSTELIJKE V ECHTPLASSEN , EN BOVENDIEN GEEN REDELIJKE MOGELIJKHEID BESTAAT OM OP DE VOET VAN ARTIKEL 9.1.2 ( ZIE HIERBOVEN ) EEN OPLOSSING TE BEREIKEN OF ;

B

INDIEN EEN OF MEER FINANC IËLE TOEZEGGINGEN NIET ( KUNNEN ) WORDEN NAGEKOMEN ;

C

INDIEN NA 5 JAAR NA INWERKINGTREDING VAN HET G EBIEDSAKKOORD , DE INHOUDELIJKE DOELSTELLINGEN NIET OF NIET IN GELIJKE MATE WORDEN BEHAALD , ZODAT EEN ONBALANS TUSSEN

3

4

BEREIKEN VAN DE DRIE PIJLERS ONTSTAAT . I NDIEN SPRAKE IS VAN GEWIJ ZIGDE OMSTANDIGH EDEN ALS BEDOELD IN LID 2 TREDEN PARTIJEN ZO SPOEDIG MOGELIJK , DOCH UITERLIJ K BINNEN ZES WEKEN , IN OVERLEG IN DE STUURGROEP NADAT EEN PARTIJ DE WENS DAARTOE AAN DE ANDERE PARTIJEN SCHRI FTELIJK HEEFT MEEGEDEELD . I N HET OVERLEG ZULLEN PARTIJEN ZICH TOT HET UITERSTE INSPANNEN OM VOOR DE IN LID 2 GESCHETSTE PROBLEMATIEK EEN OPLOSSING TE VINDEN DIE PAST BINNEN DE FINANCIËLE KADERS VAN HET

5 6

G EBIEDSAKKOORD . Z O NODIG ZULLEN ZIJ BEZIEN OF BEPAAL DE ( DEEL ) PROJEC TEN ( AL DAN NIET IN AFGESLANKTE VORM KUNNEN WORDEN UITGEVOERD DAN WEL AFGEROND ) DAN WEL OF BEPAALDE ( DEEL ) PROJ ECTEN ALSNOG NIET WORDEN UITGEVOERD . I NDIEN DIT OVERLEG NIET BINNEN 6 MAANDEN NA DATUM VAN AANVANG VAN HET OVERLEG TOT EEN OPLOSSING LEIDT , IS DE GESCHILLENREGELING UIT ARTIKEL 13 VAN TOEPASSING . I NDIEN OM WELKE REDEN DAN OOK EEN ( DEEL ) PROJEC T UIT HET U ITVOERINGSPROGRAMMA VOORTIJDIG WORDT BEËINDIGD EN ER PROJEC TBUDGET OVERBLIJFT ZAL DE S TUURGROEP EEN VERDELING TUSSEN PARTIJEN VASTSTELLEN MET IN ACHTNEMING VAN DE AARD VAN DE REEDS GEMAAKTE KOSTEN EN DE DOOR PARTIJEN DAARVOOR BESCHIKBAAR GESTELDE BIJDRAGEN . D EZE VERDELING IS BINDEND .

Agendapunt 4 Voorstel herziening organisatie & inhoud | SG

03-02-2022 34

Bijlage 3. Bezetting programmabureau OVP Huidige bemensing programmabureau functie

fte

financiering

programmamanager

0,7

provincie Noord-Holland

programmasecretaris

0,5

provincie Noord-Holland tijdelijk tot 01-05-2022 Assistent-programmamanager

0,5

provincie Noord-Holland

Programma-ondersteuner

0,3

provincie Noord-Holland

Communicatiemanager

0,6

gemeente Wijdemeren vanuit GA tijdelijk tot 07-02-2023 controller

0,6

provincie Noord-Holland

Gewenste bemensing programmabureau functie

fte

financiering

programmamanager

0,7

provincie Noord-Holland

programmasecretaris

0,6

provincie Noord-Holland ook na 01-05-2022 Assistent-programmamanager

0,5

provincie Noord-Holland

Programma-ondersteuner

0,3

provincie Noord-Holland

Communicatiemanager

0,6

structureel in te regelen vanaf 2023

gebiedscoördinatoren

0,3

provincie Noord-Holland ingevuld door huidige NNN-projectleiders controller

0,66

manager Projectbeheersing/risicomanager

0,5

Provincie Noord-Holland provincie Noord-Holland er volgt advies over invulling

Agendapunt 4 Voorstel herziening organisatie & inhoud | SG

03-02-2022 35

Bijlage 4. Toelichting op invulling Omgevingsmanagement Programmabreed omgevingsmanagement Door het inrichten van strategisch omgevingsmanagement op programmaniveau krijgen we de samenhang van projecten binnen én tussen de drie pijlers beter in beeld. Zo kunnen we kansen grijpen die eerder onzichtbaar bleven en kunnen we gericht sturen op voortgang en efficiency. Bovendien geeft het de mogelijkheid om bij bewoners, ondernemers, grondeigenaren en gebruikers het vertrouwen in de aanpak te herstellen en te verstevigen. Het gaat daarbij om het vertrouwen in het daadwerkelijk realiseren van gestelde doelen én in de interactieve en efficiënte organisatie ervan. Het Oostelijk Vechtplassengebied is groot en divers. Om te zorgen dat het uitvoeren van omgevingstaken in de planfase ken 'behapbaar’ blijft, verdelen we het gebied in noord en zuid waarbij we de N201 als grens hanteren. De kernen Kortenhoef, ‘s-Graveland en Ankeveen rekenen we tot het noordelijk projectgebied; Loosdrecht en de Kievitsbuurten beslaan het zuidelijk projectgebied. In beide gebieden stellen we een gebiedscoördinator aan om de omgevingstaken op te pakken. Gebiedscoördinator: ▪ heeft goed zicht op doel, het proces én de planning van de aan het gebiedsakkoord gerelateerde projecten in het gebied. Hij of zij is daardoor in staat de samenhang te zien en indien nodig te agenderen aan de relevante tafels.

▪ stimuleert de individuele projectleiders in het gebied om raakvlakken met andere projecten binnen het gebied actief op te sporen en de daaruit voortvloeiende kansen en risico’s in te bedden in het eigen planproces. ▪ fungeert als eerste aanspreekpunt voor belanghebbenden die zorgen of wensen willen delen en daar nog geen goed podium voor hebben gevonden. Hij of zij legt verbindingen, verwijst door en houdt vinger aan de pols wat betreft de follow-up. ▪ signaleert en bewaakt ook relaties met processen en projecten van stakeholders buiten het programma die van invloed kunnen zijn op het succes van het programma. Inbedding en financiering In beide gebieden binnen de Oostelijke Vechtplassen is een projectleider Natuurontwikkeling (NNN) gestationeerd. Voorstel is om de omgevingstaken per gebied bij deze projectleiders onder te brengen. De uitbreiding van taken sluit logisch aan op de huidige werkzaamheden: zij hebben immers al contact met belangrijke spelers in het gebied (hebben intussen ook vertrouwensrelaties opgebouwd) en zijn goed op de hoogte van wat er speelt en met welke kansen en knelpunten rekening gehouden moet worden.

Agendapunt 4 Voorstel herziening organisatie & inhoud | SG

03-02-2022 36

Beide projectleiders hebben aangegeven de komende periode de omgevingstaken mee te kunnen nemen binnen hun huidige opdracht. Of zij ook op de wat langere termijn uit komen binnen de beschikbare uren, wordt gemonitord en halfjaarlijks geëvalueerd. Door de taken en verantwoordelijkheden van gebiedscoördinator te combineren met die van projectleider Natuurontwikkeling (NNN), kunnen we het strategisch omgevingsmanagement vormgeven binnen de huidige formatie. De gebiedscoördinatoren werken in de praktijk nauw samen met de communicatiemanager Oostelijke Vechtplassen. De programmanager Oostelijke Vechtplassen fungeert als opdrachtgever. Omgevingstaken realisatiefase grote projecten Bij grote projecten zoals bijvoorbeeld het baggeren van de Loosdrechtse plassen, kan de projectleider besluiten om tijdens de realisatiefase een omgevingsmanager in te zetten. In deze fase gaat het om iemand die vanuit de opdrachtgeverszijde naast het onderhouden van relaties met de omgeving ook verantwoordelijk is voor het eventuele vergunningentraject en de conditionering. Dit is een wezenlijk andere functie die van gebiedscoördinator. Deze omgevingsmanager werkt in de regel nauw samen met zijn of haar evenknie aan zijde van de opdrachtnemer. Afhankelijk van de contractvorm heeft de omgevingsmanager opdrachtgeverszijde in de uitvoering meer een toetsende rol.

Inbedding en financiering De stuurgroep wordt voorgesteld om de inzet van een omgevingsmanager op projectniveau in de uitvoeringsfase te betalen vanuit het projectbudget. Nadrukkelijk streven is om het omgevingsmanagement bij samenhangende projecten in uitvoering zoveel als mogelijk bij dezelfde persoon te beleggen. De omgevingsmanager werkt in de praktijk nauw samen met de communicatieadviseur van het project in uitvoering. De projectleider fungeert als opdrachtgever.

Agendapunt 4 Voorstel herziening organisatie & inhoud | SG

03-02-2022 37

Bijlage 5. Overzicht bureau- en communicatiekosten

Schatting jaarlijkse uitgaven voor bureau- en communicatiekosten gebiedsakkoord breed:

▪

•

organisatiekosten van externe inloop- en informatiebijeenkomsten GA breed

17.000

organisatiekosten van interne bijeenkomsten zoals excursies voor RG en/of SG of het kwartaalcafé voor RG en de diverse projecttrekkers

4.000

▪

trainingskosten tweedaagse MGA-training (eenmaal per twee jaar)

11.000

▪

kosten voor het inkopen van extern advies GA breed

20.000

▪

monitoringskosten programmabreed

30.000

▪

fee voor het Groenfonds

10.000

▪

inzet onafhankelijk voorzitter SG (mogelijk in toekomst een wens)

8.000

•

diverse communicatiemiddelen: waaronder het beheer en onderhoud van website, informatiemiddelen zoals posters, panelen en brochures, fotografie en videofilmpjes, interactief kaartmateriaal

Agendapunt 4 Voorstel herziening organisatie & inhoud | SG

03-02-2022 38

25.000

Bijlage 6: toelichting op constateringen inzake Financiën (hoofdstuk 4) Ad a. Meerdere uitvoeringsprojecten binnen het UP zijn niet volledig financieel gedekt. Meerdere uitvoeringsprojecten staan in het GA te boek als nog onvoldoende gedekt. Dit heeft te maken met het streven bijdragen te krijgen uit subsidiepotjes zoals PAS, LIFE, POP en Groene Uitweg (GU) middelen of uit de private sector. De geconstateerde ongedekte posten binnen het huidige GA en UP tellen op tot €14,75 miljoen en zijn als volgt verdeeld: project Recreatieve routes: €337.900 Recreatieve routes op land project

geraamd

gedekt

Legakkerpad Kievitsbuurt

310.000

184.000

Fietsroute Horstermeerpolder

230.000

149.500 + 80 via GU

500

185.000

94.000

111.000 privaat

pm

120.000

pm GU

342.000

273.600

17.100 + 51.300 privaat

1.067.000

901.100

337.900

NERA natuurbeleving proces NERA investeringen Zonneveer molen Gabriel

Totaal

ongedekt 155.000 + 3.000 privaat

project Moerasvogels: €3 miljoen De bedoeling is om dekking te vinden via een LIFE-subsidie. Tot op heden is dat nog niet gelukt. De verwachting is dat de komende jaren vanuit het rijk meer budget beschikbaar komt voor het realiseren van natuurdoelstellingen (zoals vanuit de PAS, fosfaataanpak, Natura 2000 doelstellingen en de NNN-opgave). Daarnaast zal in 2022 opnieuw een poging worden ondernomen om in aanmerking te komen voor een LIFE subsidie. Project Zwevend slib en waterplanten (incl. defosfateringen LP): €1,88 miljoen Dekking wordt gevonden via Programma natuur en Herstelmaatregelen natuur. Project Verbeteren waterkwaliteit (incl. overige defosfateringen): € 3,1 miljoen Dekking wordt gevonden via Programma natuur en Herstelmaatregelen natuur. Project Bagger: €3,6 miljoen

Agendapunt 4 Voorstel herziening organisatie & inhoud | SG

03-02-2022 39

Dit betreft de verwachte inbreng van de private sector voor het baggeren van de jachthavens (fase 2). Deze kosten zullen niet langer als ongedekte post in een nieuw UP worden opgenomen. Maar zijn kosten die de sector zelf zal betalen voor het baggeren van de jachthavens en het transport naar een depot of verwerkingslocatie (inclusief overslag tot in het depot) en voor het betalen van een marktconform tarief voor verwerking van Klasse B en niet of nooit toepasbare bagger. Project Gebiedsloods: €80.000 Dit betreft de eerder verwachte inbreng van de private sector voor de inzet van een gebiedsloods en een bijdrage van de sector zelf in het uitvoeren van verbeterplannen. Dit bedrag is echter niet gedekt, maar al wel uitgegeven. Project Vaarverbinding LPHK: €2,75 miljoen Er is lang onderzoek gedaan naar de haalbaarheid van deze verbinding. Afspraak was dat partners het ontbrekende budget van € 2,75 miljoen voor uitvoering - ná vaststelling haalbaar en maakbaar scenario - bijeen zouden brengen. Dit ontbrekende bedrag telde echter al op in de begroting van het huidig UP. Het project is echter komen te vervallen en daarmee kan het niet gedekte bedrag van €2,75 miljoen vervallen.

Ad b. De oorspronkelijke dekking van het GA is daardoor lager dan de dekking van €77,2 miljoen die in het UP vermeld staat. De daadwerkelijke dekking bij de start van het UP was €62,45 miljoen. We komen tot die rekensom door de hierboven genoemde bedragen van de oorspronkelijk gecommuniceerde 77,2 miljoen af te trekken: 77,2 miljoen

minus

Vaarverbinding LPHK

2,75 miljoen

Gebiedsloods

80.000 euro

Baggeren

3,6 miljoen

Verbeteren waterkwaliteit

3,1 miljoen

Zwevend slib en waterplanten

1,88 miljoen

Moerasvogels

3 miljoen

Recreatieve routes

337.900 euro

totaal

62,45 miljoen

Ad c. De afgelopen jaren hebben (met toestemming van de SG) meerdere budgetverschuivingen en correcties plaatsgevonden waardoor de financiële tabel in het UP niet meer als uitgangsbasis kan dienen. Er is noodzaak tot het laten vaststellen van een nieuwe ‘basistabel’ die uitgaat van de

Agendapunt 4 Voorstel herziening organisatie & inhoud | SG

03-02-2022 40

nieuwste financiële overzichten, rekening houdt met de ongedekte posten én met de verschuivingen die de afgelopen jaren hebben plaatsgevonden. De hier bedoelde financiële tabel zal bij het GA en UP 2.0 gevoegd worden als hernieuwde financiële uitgangsbasis. Op het niveau van de in het GA benoemde programmaonderdelen geeft dat het volgende overzicht:

project

bedragen x 1000

recreatieve routes baggeren en zwevend slib proces en onderzoek versterken ecologische waarden bestrijden exoten transformatie recreatiesector organisatie kosten

GA ● 12-2017

stand van zaken ● 01-06-2021

budget

budget

totaal geraamd

gedekt

ongedekt

interne schuif

14.071

10.983

3.088

30.850

25.370

190

SG/ doel

extern plus

nieuw totaal geraamd

gedekt

ongedekt

*reeds besteed tot juni 2021

-425.

272

13.646

10.558

3.088

693

*restant beschikbaar budget per 1 juni 2021 9.866

5.480

-5.810

237

21.677

16.197

5.480

2.311

13.886

190

-

-20

-

-

170

170

-

84

86

30.511

24.381

6.130

5.300

-

12.401

48.212

42.082

6.130

2.312

39.770

1.000

500

500

-

-

1.000

500

500

331

169

570

490

80

-5

10

575

495

80

521

-26

-

-

-

960

-

960

960

-

444

516

77.192 61.914 15.278 12.920 86.240 70.962 15.278 6.696 totaal * voor opname van de nieuw financiële uitgangstabel in het GA en UP 2.0 kunnen deze posten pas definitief berekend worden op basis van de meest actuele voortgangsrapportage.

Ad d. Er is bij het inrichten van de uitvoeringsbudgetten in 2017 geen rekening gehouden met kosten voor inflatie en risico. Normaal gesproken heeft inflatie beperkt invloed op de kosten. Gezien de lange doorlooptijd van het programma kan dit echter wel een rol van betekenis spelen. In een eventuele post onvoorzien (waarmee deze tegenvaller opgevangen had kunnen worden) is bij de start van het UP op programmaniveau niet voorzien. De laatste jaren ligt de inflatie in Nederland (volgens CPB) rond de 1,5 tot 2% (in 2021 echter hoger). Gerekend met een looptijd van 10 jaar kan hierdoor eind 2027 een tekort ontstaan van €7,5 miljoen eind 2027 (en moeten we uitgaan van een oorspronkelijke budget €69,7 miljoen in plaats van €77,2 miljoen). Dit aspect van inflatie en risico zal in de loop der tijd ten laste van de investeringsbudgetten van de projecten komen.

Agendapunt 4 Voorstel herziening organisatie & inhoud | SG

03-02-2022 41

64.266

bedragen x € 1.000

Inflatie

recreatieve routes

bagger en zwevend slib

1.300

2.500

proces en onderzoek

versterken ecologische waarden

bestrijden exoten

transitie recreatie sector

organisatie kosten

totaal

3.500

100

50

50

7.50

Ad e. Bij meerdere uitvoeringsprojecten lijkt een probleem te ontstaan rondom de BTW. De BTW bij deze projecten is (niet geheel) verrekenbaar met het BTW compensatiefonds. De SG heeft intussen besloten dat de BTW problematiek moet worden opgelost binnen het project zelf. Het uitvoeringsbudget van een project is daarbij kaderstellend (besluit SG 16-12-20). Bij het opstellen van het programmabudget van €77,2 miljoen is onvoldoende rekening gehouden met BTW aspecten. De SG is op 26 februari 2020 en 16 december 2020 geïnformeerd over een dreigend tekort vanwege noodzakelijke BTW afdrachten die niet zijn ingecalculeerd. Op 16 december 2020 heeft de SG daarbij besloten dat de BTW-problematiek moet worden opgelost binnen het project zelf, en dat het uitvoeringsbudget daarbij kaderstellend is. Bij het opstellen van het UP ging men er vanuit dat een groot gedeelte van de betaalde BTW terug te vorderen zou zijn via het BTW compensatiefonds (BCF). Bij een aantal projecten blijkt dat echter niet mogelijk. Hoewel het onderzoek nog loopt, is intussen duidelijk dat het BTW risico voor alle projecten uit het GA samen - afhankelijk van eventuele optimalisatiemogelijkheden - tussen de €3,8 en €12,5 miljoen bedraagt. Voor een meer precieze inschatting zijn extra gegevens nodig van de projecten. Maar door de prille fase waarin sommige projecten verkeren, zijn die nog niet (voldoende) beschikbaar.

Grondeigendom Zo speelt bijvoorbeeld grondeigendom een rol bij het inschatten van het BTW risico. Wil je BTW terug vorderen voor grondwerkzaamheden (bijvoorbeeld baggeren of het aanleggen van een fietspad) dan dien je eigenaar te zijn van die specifieke grond. Ben je dat niet, dan kun je je betaalde BTW niet terug vragen. Informatie over de exacte locatie van werkzaamheden en de specifieke omstandigheden is dus vaak nodig om tot terugvordering over te kunnen gaan. Deze informatie is meestal pas aan het eind van de planvormingsfase (definitief) bekend. Dat maakt inschatten lastig. Bij kantoorwerk (projectvoorbereiding) is het verrekenen van BTW via het BCF meestal wel mogelijk.

Agendapunt 4 Voorstel herziening organisatie & inhoud | SG

03-02-2022 42

Optimalisatiemogelijkheden Door opdrachten te verstrekken vanuit partners die grond bezitten én BCF mogelijkheden hebben, is het mogelijk om wél voor het verrekenen van BTW in aanmerking te komen. Een andere optie is het verkrijgen van erfpacht, waarmee je dus (tijdelijk) eigenaar bent van de grond. bedragen x €1.000

BTW tekort

recreatieve routes

bagger en zwevend slib

proces en onderzoek

versterken ecologische waarden

bestrijden exoten

transitie recreatie sector

organisatie kosten

totaal

2.554

4.258

3

5.296

189

74

126

12.500

Ad f. In een enkel geval is de inhuur van een projectleider betaald uit het uitvoeringsbudget. De afspraak was dat projectleiders door de trekkende partij zouden worden geleverd, maar capaciteitsproblemen bij enkele organisaties maakte inhuur ten laste van de uitvoeringsbudgetten noodzakelijk. Deze constructie is toegepast bij projecten als de vaarverbinding ‘s-Gravelandsevaart, vaarverbinding LPHK, transitieteam, NNN-projecten (tot medio 2021, daarna vast bemensing via provincie NH), en recreatieve routes op land.

Ad g. Eerder is €180.000 (3 x €60.000) uit het uitvoeringsbudget project Bagger tijdelijk gefinancierd ten behoeve van bureaukosten voor de jaren 2019 tot en met 2021. Afspraak is dat naar een definitieve dekking moet worden gezocht (besluit SG 27-05-20). Het zoeken naar definitieve dekking voor deze post is meegenomen in deze notitie.

Ad h. Het project Vaarverbinding Loosdrechtse Plassen-Hilversums Kanaal (vaarverbinding LPHK) is intussen vervallen. In plaats daarvan is een lijst met alternatieve projecten opgesteld. De resterende € 2,2 miljoen uit het uitvoeringsbudget Vaarverbinding LPHK is door de SG gelabeld voor uitvoering van de lijst met alternatieve projecten voor de (water)recreatie. Daarnaast heeft de SG aangegeven actief op zoek te willen gaan naar aanvullende financiering bovenop de gelabelde € 2,2 miljoen. Dit is het besluit dat de SG op 4 oktober 2021 nam naar aanleiding van het onafhankelijk nietbindend advies van Bart Krol en Fiona van der Burgt. Aanvullend is besloten een taskforce samen te stellen om de lijst met alternatieve projecten nader te onderzoeken op haalbaarheid, uitvoerbaarheid en kosten. De €2,2 miljoen is als volgt berekend (gegevens t/m aug 2021):

Agendapunt 4 Voorstel herziening organisatie & inhoud | SG

03-02-2022 43

totaal gebudgetteerd totaal gealloceerd

€5.700.000 €2.950.000

budgetverschuivingen (in mindering gebracht)

€100.000

reeds uitgegeven (t/m 31-082021) beschikbaar budget (per 01-092021)

€576.715

€2.850.000 PNH €100.000 Groene Uitweg SG besluit 20-11-2019: voor ontwikkelen communicatie programmabreed

€2.273.285

N.B. de volledige lijst met alternatieve projecten is terug te vinden in hoofdstuk 4.3 van het opgeleverde rapport: ‘Onafhankelijk, niet-bindend advies verder onderzoek vaarverbinding Loosdrechtse Plassen-Hilversums Kanaal.’, van Bart Krol, Fiona van der Burgt, 28-09-2021. Nu het project Vaarverbinding LPHK is vervallen, kan het ongedekte deel uit de begroting van het project ook weggeschreven worden uit de begroting van het UP 2.0.

Ad i. In 2019 heeft in het kader van het GA de aankoop van de Nieuwe Polderplas (NPP) plaatsgevonden. Deze aankoop is niet in het huidige UP terug te vinden en moet conform SG besluit 12-05-2019 financieel gedekt worden uit de projecten Moerasvogels en Baggeren. Een vervolg op wat de ambities met deze NPP zijn (en de daarmee gemoeide kosten), is niet vastgelegd in het huidige UP. In de SG van 12-05-2021 is akkoord gegeven op de aankoop van de Nieuwe Polderplas voor €650.303. In eerste instantie werd ingeschat (na verkennend waterbodemonderzoek) dat deze plas geschikt was om bagger in te verwerken en er moerasvogelhabitat te ontwikkelen. Ook werden meekoppelkansen gezien voor het realiseren van andere opgaven uit het GA. Vooralsnog is de plas aangekocht met voorfinanciering uit het baggerbudget en natuurbudget. Oorspronkelijke afspraak was de aankoop van de NPP 50%-50% te belasten op de projecten Moerasvogels en Bagger. Dat is in eerste instantie ook zo gebeurd. Binnen de provincie NH is vervolgens de aankoop NPP voor een bedrag van €219.550 op de balans gezet als strategische aankoop (natuurwaarde van de NPP) en werd de oorspronkelijke belasting op beide projecten uit de financiën gehaald. Het resterende verschil van €428.000 moet echter nog wel ten laste gebracht worden of gedekt worden uit de projecten Moerasvogels en Bagger (50%-50%). Dit blijkt nog niet gebeurd te zijn.

De SG zal voor eind 2022 besluiten of zij doorgaat met de ontwikkeling van de Nieuwe Polderplas. Van belang hierbij is het gebiedspecifieke beleid dat Waternet momenteel ontwikkelt en dat inzicht geeft in wat er mogelijk/onmogelijk is met de Nieuwe Polderplas. Als de SG besluit tot verdere

Agendapunt 4 Voorstel herziening organisatie & inhoud | SG

03-02-2022 44

ontwikkeling van de plas, dan moet de dekking daarvan verrekend worden binnen de bestaande projecten al naar gelang de ambities die gerealiseerd kunnen worden (bagger, recreatie of moerasvogels). Dit geldt ook voor de aankoopkosten als blijkt dat geen bagger- of natuurdoelen kunnen worden gerealiseerd. Als de SG besluit niet door te gaan met de ontwikkeling, dan zal de Nieuwe Polderplas verkocht worden.

Ad j. Er zijn bij meerdere projecten scopewijzigingen doorgevoerd die in het huidige UP niet zijn terug te vinden. De scopewijzigingen kunnen leiden tot een financieringstekort doordat toegezegde financieringspotjes binnen de organisaties gelabeld zijn (denk aan gelden Groene Uitweg) en doordat de nieuwe maatregelen het geraamde budget kunnen overstijgen. Scopewijziging betreft de 1.7.1

2.1

2.2

2.4.3

3.3

3.2

3.4 1.2

1.3

Toegevoegd aan baggerscope: Fase 3 Verkenning baggeren Vuntus en /of Stille Plas (SG-besluit 26-02-2020) die wordt gefinancierd vanuit het oorspronkelijke budget Bagger. Baggeren fase 3 is echter niet binnen het huidige UP terug te vinden. Onteigeningsvergoeding voor NNN-projecten ter waarde van €3.530.000; deze worden nu geregeld en gefinancierd vanuit het regiebureau NNN van de provincie Noord-Holland. Dit bedrag zal daarom niet in het UP 2.0 opgenomen worden. Faunapassages: no. 8 is geschrapt omdat die door partners overbodig wordt geacht. De geraamde kosten blijven in principe beschikbaar voor totale project faunapassages. Natuureilanden is geworden: Verkenning maatregelen moerasvogels (SG besluit 12 07-2019); dit project heeft daarbij een extra financiering ontvangen vanuit rijksgelden voor natuurontwikkeling. Toekomstbeeld Recreatie 2030 vloeit voort uit ‘Onderzoek samengaan waterrecreatie en natuur. Hiervoor wil de SG een actieplan laten uitwerk en (SG besluit 04-10-2021). De projecten uit het te formuleren actieplan zijn niet opgenomen in het huidige GA. Transitieteam recreatie en toerisme: de koers wordt iets verlegd (SG besluit 30 -062021) naar het aantrekken van nieuwe investeerders en he t verbreden van de scope van enkel de verblijfsrecreatie naar het gehele openbare gebied.

BIZ is geworden: ‘Verkenning investeringsfonds (SG besluit 04 -10-2021) en valt onder de verantwoordelijkheid van het Transitieteam. Vaarverbinding ‘s Gravelandsevaart is geworden: Vergroting aanbod waterrecreatie ’s-Graveland/Kortenhoef (SG besluit 20-11-2019) waardoor het project mogelijk niet meer voldoet aan de uitgangspunten voor subsidietoekenning vanuit Groene Uitweg. Vaarverbinding LP-HK is geworden: Alternatieve projecten waterrecreatie (SG besluit 04-10-2021) met een maximaal beschikbaar budget van €2,2 miljoen (zie ad h)

volgende projecten:

Agendapunt 4 Voorstel herziening organisatie & inhoud | SG

03-02-2022 45

Ad k. Meerdere projecten kennen de verplichting om een beheerplan op te stellen voordat het project in uitvoering gaat. Financiering van dit beheer vindt echter buiten het GA plaats. Het vastleggen van beheerafspraken vormt een vast onderdeel van elk uitvoerend project waarbij de projectleider voor de start van de realisatie de afspraken met partners omtrent beheer en onderhoud officieel vast dient te leggen (dit conform artikel 7.3 uit het GA).

Ad l. Een aantal projecten betreft verkenningsprojecten, dit is met name aan de orde bij de pijler Transitie van de recreatiesector. Het financieren van eventuele follow-up activiteiten en/of projecten valt buiten de scope van het GA. Het gaat hierbij om de projecten Gebiedsloods, BIZ, Baggeren fase 3, Transitieteam recreatie en toerisme, Toekomstbeeld 2030, Van dorpslint naar recreatieboulevard/duurzame ontwikkeling Scheendijk, QuickScan Nieuwe Polderplas, NERA-proces, Onderzoek ontsluiting en toegankelijkheid, maar ook aan het project ‘Prijsvraag Icoon van Loosdrecht’ en het nu vervallen project vaarverbinding LPHK. Voor deze projecten is binnen het huidige UP veelal een startbudget gereserveerd (verkenningsfase) maar geen structureel geld. Er werd namelijk gerekend op inzet van marktpartijen om de uitkomsten verder te brengen. Dit is niet gebeurd. De wens voor een follow-up van deze projecten is er wel; deze valt echter buiten de scope van het huidige UP.

Ad m. Op 26-02-2020 besloot de SG om ‘Fase 3 Verkenning baggeren Vuntus en/of Stille Plas’ toe te voegen aan de scope van het project Baggeren. De verkenning die wordt gefinancierd vanuit het oorspronkelijke budget Bagger, is niet opgenomen in het huidige UP. De SG besloot op 26-02-2020 een verkenning te starten naar mogelijke aanvullende baggerwerkzaamheden in de Vuntus en/of de Stille Plas. Onderdeel van deze verkenning is het onderzoeken van knelpunten, uitdagingen en kansen, en het formuleren van gedragen oplossingsrichtingen. Het voor deze verkenning vrijgemaakte budget van €40.000 is afkomstig uit het projectbudget Baggeren.

Ad n. Op 30-06-21 heeft de SG besloten op zoek te gaan naar financiële middelen om de functie van gebiedsloods te continueren voor 16u/week als ook de functie van voorzitter Transitieteam voor 4u/week, gedurende drie jaar (2022 tot en met 2024). De gelden hiervoor (voor 3 jaar in totaal €333.960 incl. BTW respectievelijk €112.712 incl. BTW) zijn nog niet gevonden.

Ad o. Voor een aantal projecten binnen het UP is in de afgelopen periode aanvullende middelen beschikbaar gekomen. Deze ‘extra’ aanvullende middelen zijn nog niet in het financieel overzicht van het UP verwerkt.

Agendapunt 4 Voorstel herziening organisatie & inhoud | SG

03-02-2022 46

In de nieuwe financiële tabel voor GA en UP 2.0 worden die aanvullingen wel verwerkt. In de afgelopen periode zijn voor de volgende projecten extra financiën beschikbaar gekomen: • voor de inrichting van nieuwe natuur (NNN) worden hogere normbedragen gehanteerd om ook de procesmatige kant van de NNN-realisatie te kunnen financieren. Voorheen werden alleen de kosten van de uit te voeren maatregelen geraamd en vergoed waarbij de capaciteit uit de organisatie moest komen. Het betreft een verhoging van €15.000 naar €28.000/ha. Gemeld aan de SG op 04-10-2021; • het project Maatregelen voor moerasvogels heeft een rijksbijdrage ontvangen van €2,9 miljoen vanuit de regeling Specifieke uitkering uitvoeringsprogramma natuur (SPUK). Voorwaarde is dat alle verplichtingen voor het realiseren van de maatregelen uiterlijk in 2023 worden aangegaan. Gemeld aan de SG op 04-10-2021; • voor een onderzoek naar het gedrag van kreeften is een aanvullende financiering van €90.000 beschikbaar gekomen uit Natura 2000 herstelmaatregelen. Daardoor komt er meer ruimte in het oorspronkelijke budget voor het bestrijden van exoten (cabomba en kreeften).

Dit wordt eind 2021 aan RG en SG voorgelegd; • Waterschap AGV stortte in september 2021 €10.000 in het Groenfonds ten behoeve van het transitieteam Recreatie & toerisme; • Waterschap AGV ontving de afgelopen periode subsidies ten gunste van diverse projecten: project verbeteren waterkwaliteit

zwevend slib en waterplanten waterkwaliteit

bedrag: 1.309.831

ten behoeve van: Weersloot/Ster

342.500 364.430 237.138

HAP SAP Bethunepolder

750.000 300.000

realisatie proefinstallatie fosfaatfilters onderzoek en monitoring proeflocatie fosfaatfilter voorbereiding realisatie 6 fosfaatfilters afkoppelen Hollands Ankeveense Plassen (HAP) omleiden waterstromen Spiegelpolder

100.000 250.000 350.000

Agendapunt 4 Voorstel herziening organisatie & inhoud | SG

03-02-2022 47

Bijlage 7: Concluderend overzicht financiële wijzigingen ter verwerking in GA en UP 2.0 Hierbij een overzicht van alle financiële wijzigingen die in een GA en UP 2.0 moeten worden verwerkt. Budgetverschuivingen Overzicht van projecten die door SG meer of minder budget hebben gekregen en/of projecten die een andere scope hebben gekregen. [zie matrix overzicht voor bijbehorende restantbudgetten] 1.2

1.3 1.7.1

2.2 2.4.3

3.3

3.2

3.4

Vaarverbinding ’s Gravelandsevaart is geworden: ‘Vergroting aanbod waterrecreatie ’s Gravenland/Kortenhoef’ (SG besluit 20-11-2019) waardoor het project mogelijk niet meer voldoet aan de uitgangspunten voor subsidietoekenning vanuit Groene Uitweg. Vaarverbinding LP-HK is geworden: ‘Alternatieve projecten waterrecreatie’ (SG besluit 04-10-2021) met een maximaal beschikbaar budget van €2,2 miljoen (zie ad h) Toegevoegd aan baggerscope: ‘Fase 3 Verkenning baggeren Vuntus en /of Stille Plas’ (SG-besluit 26-02-2020) die wordt gefinancierd vanuit het oorspronkelijke budget Bagger. Baggeren fase 3 is echter niet binnen het huidige UP terug te vinden. Faunapassages: no.8 is geschrapt omdat die door partners overbodig wordt geacht. De geraamde kosten blijven in principe beschikbaar voor totale project faunapassages. Natuureilanden is geworden: ‘Verkenning maatregelen moerasvogels’ (SG besluit 12-072019); dit project heeft recentelijk een extra financiering ontvangen vanuit rijksgelden voor natuurontwikkeling. Toekomstbeeld Recreatie 2030 vloeit voort uit ‘Onderzoek samengaan waterrecreatie en natuur’. Hiervoor wil de SG een actieplan laten uitwerken (SG besluit 04-10-2021). De projecten uit het te formuleren actieplan zijn niet opgenomen in het huidige GA.

Transitieteam recreatie en toerisme: de koers wordt iets verlegd (SG besluit 30-06-2021) naar het aantrekken van nieuwe investeerders en het verbreden van de scope van enkel de verblijfsrecreatie naar het gehele openbare gebied. BIZ is geworden: ‘Verkenning investeringsfonds’ (SG besluit 04-10-2021) en valt onder de verantwoordelijkheid van het Transitieteam.

Voor welke bedragen wordt dekking gezocht?

750.000 voor bureaukosten, monitoringskosten programmabreed en voor algemene communicatiemiddelen tot 2027 180.000 voor de gemaakte bureaukosten van 2019 t/m 2021. Deze kosten zijn voorgefinancierd vanuit bagger 500.000 voor de inhuur van een communicatiemanager (zie hoofdstuk 7)

Agendapunt 4 Voorstel herziening organisatie & inhoud | SG

03-02-2022 48

172.600 voor de ongedekte posten recreatieve verbindingen 80.000

voor de private bijdrage gebiedsloods. Dit bedrag was opgenomen als inspanningsverplichting vanuit de watersportsector maar is uitgegeven in geld

Financiering projecten met een wettelijke verplichtingen Indien er een tekort optreedt voor een project met de wettelijke verplichtingen N2000, KRW en NNN zal de extra financiering gezocht worden bij de verantwoordelijke partij (PNH of AGV). Dit tekort kan bijvoorbeeld optreden als resterende subsidies niet verkregen worden. Welke bedragen worden er gezocht van (vervolg op) projecten aanvullend op het GA ▪ € 446.672 (€333.960 + €112.712) voor continuering functies gebiedsloods c.q. voorzitter Transitieteam voor de jaren 2022 t/m 2024. ▪ Nog onbekende bedragen voor projecten buiten de scope van het huidige GA, zoals: - projecten Toekomstbeeld 2030 - verwezenlijking Icoon van Loosdrecht - AGV scopewijzigingen ongedekte gewenste maatregelen - mogelijke realisatie ambities Nieuwe Polderplas - aanvullende financiering voor de lijst met alternatieve projecten voor waterrecreatie Wat wordt geschrapt uit overzicht GA financiën: ▪ onteigeningsvergoeding voor NNN projecten twv €3.530.000; deze worden nu geregeld en gefinancierd vanuit het Regiebureau NNN van PNH; dit bedrag zal daarom niet in het UP 2.0 opgenomen worden; ▪ €2.750.000 voor de vaarverbinding LPHK. Dit gedeelte was nog ongedekt. De bijdrage van PNH wordt niet geschrapt (restant van € 2,2 miljoen) maar ingezet voor alternatieven; ▪ schrappen van alle bedragen die bij private bijdragen staan genoemd.

Dit vervangen door ‘inspanningsverplichtingen’ van private partijen, te leveren als personele inzet of middelen, zoals: - €3.600.000 voor baggeren fase 2 (is namelijk geen geldelijke bijdrage) - €111.000 voor het Nera natuurbelevingsproces - €51.300 voor de Zonneveer molen Gabriel - €10.000 voor project BIZ - €3.000 voor het Legakkerpad Kievitsbuurten - €6000 en €5000 voor prijsvraag Icoon en visieontwikkeling Kievitsbuurt. De private bijdrage hieraan zijn al voldaan.

Agendapunt 4 Voorstel herziening organisatie & inhoud | SG

03-02-2022 49

Bijlage 8: Toelichting op de besluitvormingslijn In de besluitvormingslijn staan verschillende gremia beschreven. In het programmabeheersplan staan de rollen van de regie- en stuurgroep reeds vastgelegd. De overige gremia worden hieronder toegelicht: Programmabureau Het programmabureau is de ‘kern’ van het Gebiedsakkoord OVP en bewaakt het programma zowel financieel als in voortgang. Daarnaast faciliteert het programmabureau de regie- en stuurgroepen. Het programmabureau houdt het overzicht, en selecteert welke stukken wanneer naar de regie- en stuurgroep kunnen. Daarnaast controleert het programmabureau of de voorstellen goed met de achterban (werkgroepen) afgestemd zijn. Het programmabureau bestaat tot nu toe uit de functies van programmamanager, assistent-programmamanager, programmasecretaris, financieel controller, communicatiemanager en ondersteuner. In de toekomst zullen de functies van risicomanager/projectbeheerser en gebiedscoördinator/omgevingsmanager aan het programmabureau moeten worden toegevoegd. Kernteam Het kernteam leest kritisch mee met de aangeleverde stukken. Indien het stuk niet voldoet wordt het teruggestuurd naar de projectleider. Hierbij controleert het kernteam op heldere besluiten en de algehele kwaliteit van het stuk. Daarnaast heeft het kernteam een rol in de mandaatregeling, de programmamanager stemt de mandaatbesluiten af met het kernteam.

Ook dient het kernteam als ‘sparring partner’ voor de programmamanager als er vraagstukken leven rondom de financiering van het GA als ook het inzetten van capaciteit (inzet projectleiders). Het kernteam bestaat uit de programmamanager, assistent-programmamanager, communicatiemanager, programmasecretaris en de regiegroep-leden van Wijdemeren, Stichtse Vecht en Waternet. Opdrachtgeversoverleg Het opdrachtgeversoverleg is een regulier overleg tussen de ambtelijk opdrachtgevers (MT-leden) van de provincies NH en Utrecht, de gemeente Wijdemeren en Stichtse Vecht en Waternet enerzijds, en de programmamanager anderzijds. Doel van dit overleg is om de ambtelijk opdrachtgevers goed betrokken te krijgen (houden) bij de voortgang van het GA OVP. Zij gaan tenslotte over de inzet van capaciteit en geld met betrekking tot het GA OVP. Het opdrachtgeversoverleg heeft geen formele rol in de besluitvormingslijn. Besluiten worden genomen door de stuurgroep (of regiegroep/programmamanager afhankelijk van het mandaat).

Agendapunt 4 Voorstel herziening organisatie & inhoud | SG

03-02-2022 50

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13080203/1