CConstaterende datWijdemeren
Koppel je AI →
Document · PDF

bijlage 1 ruimtelijke onderbouwing

commissie Ruimte en Economie 12 oktober 2022, gemeente WijdemerenBij agendapunt: Weigering Verklaring van geen Bedenkingen Nederhorst den Berg Noord21.426 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Z.60234/D.367989

E I

1

1 1 1

i I

i i i i

I i

i i

i i i I

BIJLAGE 1

Z.60234/D.367989

WONIN.GBOUW

N.EDERHORSTDEÑ BERG N0ÒRD

Ruirnte k 21 april 2022

nderbouwing

Z.60234/D.367989

. ii

JL

-

Z.60234/D.367989

I

i

i I i

I i

I i

I i I i I i

I

i I i

I

© RHO ADVISEURS BV Niets uit dit drukwerk mag door anderen dan de opdrachtgever worden verveelvoudigd en/ of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie,microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande toestemming van Rho Adviseurs bv, behoudens voorzover dit drukwerk wettelijk een openbaar karakter heeft gekregen. Dit drukwerk mag zonder genoemde toestemming niet worden gebruikt voor enig ander doel dan waarvoor het is vervaardigd.

Z.60234/D.367989

I Inhoudsopgave

i

Ruimtelijke onderbouwing

Hoofdstuk 1

I

Inleiding

7

1.1

Aanleiding

7

1.2

Ligging projectgebied

7

1.3

Afwijking geldend bestemmingsplan

8

1.4

Leeswijzer

10

Planbeschrijving

11

2.1

Huidige situatie projectgebied

11

2.2

Beoogde ontwikkeling

12

Ruimtelijk beleidskader

15

3.1

Inleiding

15

3.2

Rijksbeleid

15

3.3

Provinciaal beleid

19

3.4

Gemeentelijk beleid

30

Toetsing aan de omgevingsaspecten

37

4.1

Milieueffectrapportage

37

4.2

Bodem

37

4.3

Water

38

4.4

Luchtkwaliteit

43

4.5

Verkeer en parkeren

45

4.6

Geluid

47

4.7

Externe veiligheid

47

4.8

Kabels en leidingen

50

4.9

Bedrijven en milieuhinder

50

4.10

Archeologie en cultuurhistorie

52

4.11

Ecologie

54

Uitvoerbaarheid

59

5.1

Economische uitvoerbaarheid

59

5.2

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

59

Conclusie

61

Hoofdstuk 2

Hoofdstuk 3

Hoofdstuk 4

i

Hoofdstuk 5

Hoofdstuk 6

i I

Z.60234/D.367989

I Bijlagen

i

I i

I

i I i

i

Bijlage 1

Afwijkingsplan Woningbouw Nederhorst den Berg Noord

Bijlage 2

Quickscan Wet natuurbescherming

Bijlage 3

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai

Bijlage 4

Verkennend bodemonderzoek

Bijlage 5

Ladderonderbouwing Nederhorst den Berg Noord

Bijlage 6

Mobiliteitstoets

Bijlage 7

Onderzoek weidevogelleefgebied 2019

Bijlage 8

Onderzoek Weidevogelleefgebied 2021

Bijlage 9

Aanvullende motivering weidevogelleefgebied

Bijlage 10

Onderzoek stikstofdepostitie

Bijlage 11

Onderbouwing cultuurhistorie

Bijlage 12

Archeologisch bureauonderzoek & Inventariserend veldonderzoek

Bijlage 13

Aanmeldnotitie vormrije m.e.r.-beoordeling

Bijlage 14

Verslag participatiebijeenkomst

Z.60234/D.367989

Z.60234/D.367989

i

I i I i I i I i y

i

1'

I

i I i

I

i I i

i

6/91

Z.60234/D.367989

i Hoofdstuk 1 1.1

Inleiding

Aanleiding

In de kern Nederhorst den Berg zijn te weinig woningbouwlocaties. De gemeente Wijdemeren wil meer woningen mogelijk maken om de groene kernen leefbaar te houden. De gemeente acht het noodzakelijk om mede te

investeren in woningbouw om de nodige (basis)voorzieningen voor de kernen te behouden. Dit blijkt onder meer uit het

Bestuursakkoord 2018-2022, Sterke dorpen, regionaal verbinden

en een motie die in december 2019 door de

raad is aangenomen.Hierbij wordt onderstreept dat er een grote behoefte is aan nieuwe woningen om jongeren perspectief op wonen in hun eigen gemeente te bieden, om ouderen een levensloopbestendige woonomgeving te verschaffen en om aan de steeds grotere verscheidenheid in woonbehoefte tegemoet te komen.

Ten noorden van de kern Nederhorst den Berg ligt het initiatief voor om een woonwijk met circa 150 woningen te

realiseren. Deze gronden zijn in eigendom van Kennemerland Beheer BV. Momenteel zijn de gronden ter plaatse

bestemd voor 'Agrarisch met waarden

I

I

-

Natuur- en landschapswaarden'. Om de ontwikkeling mogelijk te maken,

dient daarom te worden afgeweken van het bestemmingsplan. Dit is mogelijk op grond van artikel 2.12 lid 1 Wabo. De beoogde ontwikkeling mag niet in strijd zijn met een goede ruimtelijke ordening. Dit wordt aangetoond door middel van een ruimtelijke onderbouwing. Deze onderbouwing voorziet hierin.

1.2

Ligging projectgebied

Het projectgebied ligt aan de noordkant van de kern Nederhorst den Berg. Het oosten van het projectgebied grenst

aan de Dammerweg. Het zuiden van het projectgebied grenst deels aan de rand van de kern Nederhorst den Berg en deels aan een strook onbebouwde agrarische grond. In het westen en noorden grenst het projectgebied aan de veenweidegebied van de Horn- en Kuijerpolder. Zie figuur 1.1voor de ligging van het projectgebied.

I i I i

I

i I i

Z.60234/D.367989

I i

I

i

I

Ñederhorst den Berg

i I

-

N

-

Figuur 1.1: Ligging projectgebied

1.3

Afwijking geldend bestemmingsplan

Geldend bestemmingsplan Ter plaatse van het projectgebied is het bestemmingsplan 'Buitengebied

Nederhorst Den Berg' geldig (vastgesteld

op 27 september 2012).

I

i a.

i I

i

i

Figuur 1.2: Vigerend bestemmingsplan 'Nederhorst Den Berg' ter plaatse van het projectgebied (bron:

ruimtelijkeplannen.nl)

I

I

-

Z.60234/D.367989

i i i

Het projectgebied bevindt zich op gronden met de bestemming 'Agrarisch met waarden

-

Natuur- en

landschapswaarden'. Deze gronden zijn bestemd voor onder andere: •

de uitoefening van een bestaand agrarisch bedrijf in de vorm van veehouderij, niet zijnde intensieve veehouderij;

•

het behoud, het herstel en/ of de ontwikkeling van de in dit gebied voorkomende landschappelijke en natuurlijke waarden, onder meer in de vorm van de voor het gebied kenmerkende openheid en de voor het

veenweidelandschap kenmerkende flora en fauna; •

extensieve dagrecreatie;

Daarnaast geldt voor een groot gedeelte van het projectgebied de dubbelbestemming 'Waarde

i

-

Archeologie 4'. Voor

deze gronden geldt dat bij bouwwerken groter dan 2.500 m'en graafwerkzaamheden dieper dan 40 cm een archeologisch onderzoek dient te worden uitgevoerd.

Strijdigheid bestemmingsplan Binnen de geldende bestemming zijn geen woningen toegestaan. Er dient daarom te worden afgeweken van het

geldende bestemmingsplan om de nieuwe woonwijk mogelijk te maken.

Nieuw planologisch kader afwijkingsbevoegdheid

i

Deze ruimtelijke onderbouwing is bedoeld als onderbouwing bij een omgevingsvergunning om af te wijken van de vigerende bestemmingsplannen (de zogenoemde c-activiteit; artikel 2.1, eerste lid onder c Wet algemene bepalingen Omgevingsrecht (Wabo)). Op grond van artikel 2.12, eerste lid, sub a, onder 3° Wabo is een goede ruimtelijke onderbouwing nodig.

I

i

Omdat bij deze omgevingsvergunning nog geen vergunning wordt verleend voor concrete bouwplannen, zal de verleende omgevingsvergunning op een later moment dienen als planologisch toetsingskader voor bouwplannen. Het gaan dus om een aanvraag omgevingsvergunning 1 fase. De omgevingsvergunning vervult daarbij feitelijk de functie van een bestemmingsplan om een goede ruimtelijke ordening te borgen. Om deze kaders vast te leggen, is bij

de omgevingsvergunning een afwijkingsplan met kaart met regels gevoegd. Deze is tevens opgenomen in deze ruimtelijke onderbouwing, bijlage 1.

Hierbij is voor de vormgeving zoveel mogelijk aansluiting gezocht op de RO Standaarden 2012, zoals deze voor

i

bestemmingsplannen gelden. Door deze kaart met regels als voorschriften (ex artikel 2.22 lid 2 Wabo) te verbinden aan de omgevingsvergunning, krijgt deze de beoogde bindende werking als toekomstig toetsingskader. De genoemde

kaart dient tezamen met het stedenbouwkundig schetsontwerp tevens als situatietekening van de nieuwe toestand als bedoeld in artikel 3.2 onder d van de Regeling omgevingsrecht.

I

i I

Z.60234/D.367989

i 1.4

Leeswijzer

Deze ruimtelijke onderbouwing bestaat uit:

i

Wettelijke vereisten

Waar in dit document?

Een beschrijving van het project

Hoofdstuk 2

De conclusies van het onderzoek naar het beleid en de

Hoofdstuk 3 en 4

omgevingsaspecten De maatschappelijke en economische uitvoerbaarheid,

inclusief kostenverhaal

I i I

i I i

I i I

i

I

i i rom

I

Hoofdstuk 5

Z.60234/D.367989

i

i

Hoofdstuk 2

i

2.1

i

Het projectgebied ligt ten noorden van de kern Nederhorst den Berg in het veenweidelandschap. Dit veenweidelandschap wordt gekenmerkt door de karakteristieke slotenstructuur, welke tevens de grenzen van het

Planbeschrijving

Huidige situatie projectgebied

projectgebied bepalen.

I i

Het projectgebied ligt in de Horn- en Kuijerpolder. De naastgelegen Spiegelplas is ontstaan ten behoeve van turfwinning en latere zandwinning. De plas wordt nu gebruikt voor waterrecreatieve doeleinden. Nederhorst den Berg en het projectgebied liggen binnen de Stelling van Amsterdam en de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Hiermee is het gebied van uitzonderlijke universele waarde en maakt onderdeel uit van UNESCO-erfgoed. In bijlage 11wordt de relatie tussen het projectgebied en de Stelling van Amsterdam en Nieuwe Hollandse

Waterlinie

uitgebreid beschreven. Ten oosten van het projectgebied, aan de Reeweg, liggen enkele vrijstaande woningen en een bedrijfsgebouw.

I

zuidkant van het projectgebied grenst aan een woonwijk van Nederhorst den Berg, bestaande uit voornamelijk

rijwoningen en tweekappers.

Figuur 2.1: Huidige situatie Nederhorst den Berg Noord (bron: Google Street View)

i

I i I

De

Z.60234/D.367989

I i 2.2

Beoogde ontwikkeling

Om in de behoefte aan woningen in Nederhorst den Berg te voorzien, is in het noorden van Nederhorst den Berg een woonwijk beoogd. Het doel is een gasloze, klimaatadaptieve en waterrijke wijk te ontwikkelen voor de lokale

i

behoefte met grote aandacht voor en een respectvolle inpassing in de landelijke omgeving. De ambitie is een groene overgangszone, zowel naar het open gebied (plasdras) naar de bestaande woonwijk. stedenbouwkundig plan

STEFVELDHUIZEN

Figuur 2.2: Stedenbouwkundig ontwerp Nederhorst den Berg Noord (bron: STEFVELDHUIZEN)

i

i

Programma Het projectgebied heeft een oppervlakte van circa 7 hectare en biedt binnen een groenblauw landschappelijk

raamwerk ruimte voor circa 150 woningen. Hiervan wordt 35% sociale huur, 30% koop tot 220.000 euro, 20% middeldure koop- en/ of huur en 15% vrije sector.

I

I

i I

Woningen: •

12 starterswoningen rug-aan-rug

•

6 levensloopbestendige woningen

•

28 beneden / boven woningen voor starters

•

18 appartementen

•

52 rijwoningen

•

32 tweekappers

•

1vrijstaande woning

Z.60234/D.367989

i Parkeerplaatsen:

I i

•

66 eigen terrein

•

34 inpandig appartementen

•

120 binnenterreinen en parkeerkoffer

•

56 langs de straat

Het bovengenoemde programma sluit aan bij de grote behoefte aan betaalbare woningen in de gemeente Wijdemeren. Een uitgebreide beschrijving van de behoefte en een toetsing aan de ladder voor duurzame

verstedelijking is te lezen in bijlage 5.

I

Duurzaamheid ledere gemeente staat voor de opgave om rekening te houden met de gevolgen van de klimaatverandering (droogte,

wateroverlast en hittestress) en de energietransitie. Voor de regio Gooi en Vechtstreek en specifiek voor Wijdemeren is de bodemdaling, en de daarmee gepaard gaande CO2-uitstoot nog een ernstig bijkomend probleem. Het mogen bouwen van een nieuwe woonwijk aan de noord rand van Nederhorst den Berg kan een proeftuin

worden om al deze problemen bij de hand te nemen en te kijken naar oplossingen.

Het realiseren van de circa 150 woningen aan de noord rand van Nederhorst den Berg, aansluitend aan de kern, komt

i

met de beoogde ambities mede ten goede aan de natuur en het milieu. Het stedenbouwkundig ontwerp versterkt de aanwezige landschapselementen, gebaseerd op de strokenverkaveling van de veenweidepolder met behoud van de nodige openheid en een veelheid van groenblauwe structuren inclusief een omzoming c.q. overgang met wetlands

naar het omliggend gebied. De dakvlakken van de bebouwing zullen eveneens in een natuurlijke c.q. groene dakbedekking worden uitgevoerd.

I

Verder worden de woningen conform de nieuwe eisen van de BENG c.q. het huidige of alsdan geldende bouwbesluit gebouwd. Dat betekent dat de woningen nagenoeg geen energie gebruiken voor het gebouwgebonden gebruik.

Daarnaast onderzoekt de initiatiefnemer of de mogelijkheid bestaat de constructie van de grondgebonden woningen in hout uit te voeren zodat er nog maar weinig beton aan te pas komt.

er

-

bestaande

groene

I

ot* *

dorpsrand

e

a

e

sloten-

75% nieuwe

beplanting

Figuur 2.4: Ambities Landschap (bron: KB-wonen)

i I

,

rf

Z.60234/D.367989

I Stedenbouwkundige ambities Nederhorst den Berg Noord wordt een waterrijk woongebied waarbij het aansluit op de bestaande karakteristieke

I

waterstructuur van de veenweide. Tussen de kern van Nederhorst den Berg en het nieuwe woongebied wordt een groenblauwe buffer gerealiseerd met openbare voorzieningen. De ontsluitingsstructuur gaat uit van één ontsluiting voor gemotoriseerd verkeer door de woonwijk van de Dammerweg naar de Paulus Potterstraat. Verder worden er voet- en fietsverbindingen gemaakt naar de kern en de aangrenzende woonwijk.

vogeleiland

i

!"

9..

verbindingen Iangzaam verkeer ontsluiting

gemotoriseerd verkeer

i

natuureiland of collectieve

moestuin bijzondere bebouwing

i

Figuur 2.5: Ambities stedenbouwkundige structuur (bron: KB-wonen)

i I

i I

i I

i I i I

-

a

Z.60234/D.367989

i i

Hoofdstuk 3

i

3.1

Ruimtelijk beleidskader

Inleiding

In dit hoofdstuk is de ontwikkeling getoetst aan het relevante beleidskadervan rijk, provincie en gemeente.

i

3.2

Rijksbeleid

3.2.1

Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte

Het rijksbeleid voor de ruimtelijke ordening is vastgelegd in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR). In de SVIR schetst het kabinet hoe Nederland er in 2040 uit moet zien: concurrerend, bereikbaar, leefbaar en veilig. Het

Rijk laat de ruimtelijke ordening meer over aan gemeenten en provincies en kiest voor een selectieve inzet van rijksbeleid op 13 nationale belangen. Voor deze belangen is het Rijk verantwoordelijk voor de resultaten. Buiten deze 13 belangen hebben decentrale overheden beleidsvrijheid.

I i

Nationale Omgevingsvisie (ontwerp)

3.2.2

De Nationale Omgevingsvisie, kortweg NOVI, loopt vooruit op de inwerkingtreding van de

Omgevingswet en vervangt op Rijksniveau de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte. aanpak is dat ingrepen in de leefomgeving niet los van elkaar plaatsvinden, gebieden komen tot betere, meer geïntegreerde keuzes.

de NOVI de langetermijnvisie van het Rijk in

Uitgangspunt in de nieuwe

maar in samenhang. Zo kunnen we in

Aan de hand van een toekomstperspectief op 2050 brengt

beeld. Op nationale belangen wil het Rijk sturen en richting geven. Dit

komt samen in vier prioriteiten:

I

•

Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie

•

Duurzaam economisch groeipotentieel

•

•

Sterke en gezonde steden en regio's Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied

Er zijn vooral in steden en stedelijke regio's nieuwe locaties nodig voor wonen en werken. Het liefst

bestaande stadsgrenzen, zodat de open ruimten tussen stedelijke regio's behouden blijven. afstemming op en investeringen in mobiliteit. Tegelijk wil het rijk de leefbaarheid en

steden en dorpen verbeteren. Schonere lucht, voldoende groen en water en mensen kunnen bewegen (wandelen, fietsen, sporten, spelen),

i

binnen de

Dit vraagt optimale

klimaatbestendigheid in

genoeg publieke voorzieningen waar

ontspannen en samenkomen. Daarbij hoort een

uitstekende bereikbaarheid en toegankelijkheid, ook voor mensen met een handicap. We zorgen dat de leefomgevingskwaliteit en -veiligheid verder

toeneemt. Dit betekent dat voorafgaand aan de keuze van nieuwe

verstedelijkingslocaties helder moet zijn welke randvoorwaarden de leefomgevingskwaliteit en -veiligheid daar stelt en welke extra

steden

maatregelen nodig zijn wanneer er voor deze locaties wordt gekozen. Zo blijft de gezondheid in

en regio's geborgd. Niet alleen groei heeft onze aandacht. Ook in gebieden met bevolkingsdaling

versterken we de vitaliteit en leefbaarheid.

15/91

i

Z.60234/D.367989

I Afwegingsprincipes

i

combinaties De druk op de fysieke leefomgeving in Nederland is zo groot, dat belangen soms botsen. Het streven is te maken en win-win situaties te creëren, maar dit is niet altijd mogelijk. Soms zijn er scherpe keuzes nodig en

moeten belangen worden afgewogen. Hiertoe gebruikt de NOVI drie 1.

afwegingsprincipes:

Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies: in het verleden is scheiding van functies

vaak te

tussen functies,

rigide gehanteerd. Met de NOVI wordt gezocht naar maximale combinatiemogelijkheden gericht op een efficiënt en zorgvuldig gebruik van onze ruimte; 2.

Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal: wat de optimale balans is tussen ontwikkeling, tussen concurrentiekracht en leefbaarheid, verschilt van gebied tot

bescherming en

gebied. Sommige opgaven en

belangen wegen in het ene gebied zwaarder dan in het andere;

I

3.

Afwentelen wordt voorkomen: het is van belang dat onze leefomgeving zoveel mogelijk voorziet in mogelijkheden en behoeften van de huidige generatie van inwoners zonder dat dit ten koste gaat van die van toekomstige generaties.

I i

Toetsing In dit geval wordt een woonwijk gerealiseerd die bijdraagt aan de grote woningbehoefte en het

versterken van de leefbaarheid in de kern. Door niet alles vol te bouwen in de kern, blijft er voldoende

groen en

water en ruimte om te bewegen.

I 3.2.3

Besluit algemene regels ruimtelijke ordening

13 aangewezen Het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) stelt niet alleen regels met betrekking op de regels die in stelt ook maar nationale belangen zoals genoemd in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte,

bestemmingsplannen moeten worden opgenomen.

Toetsing

i

Op kaart 7 bij Voor dit project is het aspect Erfgoederen van uitzonderlijke universele waarde uit het Barro relevant. Waterlinie het Barro zijn de gronden aangeduid als gebied binnen de Stelling van Amsterdam en Nieuwe Hollandse

(zie figuur 3.1).

I i

I

i

I

i I

Z.60234/D.367989

I i

I i

. Kaart 7: Erfgoederen van uinonderlijke universele

waarde

I i Figuur 3.1 Uitsnede kaart 7 Barro (bron: www.ruimtelijkeplannen.nl)

De regels uit het Barro luiden als volgt:

Titel 2.13 Erfgoed van uitzonderlijke universele waarde

Erfgoederen van uitzonderlijke universele waarde worden beschreven in titel 2.13. Eén van de erfgoederen die

aangewezen is als erfgoed van uitzonderlijke waarde betreft de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Deze is gelegen ter

plaatse van het plangebied.

I

Provinciale Staten hebben de opdracht de begrenzing van de erfgoederen nader uit te werken.

In het kader van de toetsing aan de provinciale ruimtelijke verordening komt dit onderwerp daarom nader aan bod, zie paragraaf 3.3.2.

3.2.4

Ladder voor duurzame verstedelijking (artikel 3.1.6 Bro)

Ruimtelijke plannen die een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maken, moeten worden getoetst aan Artikel

I

I i I

3.1.6 lid 2 van het Besluit ruimtelijke ordening (ladder voor duurzame verstedelijking). Bij nieuwe stedelijke

ontwikkelingen moet de behoefte worden beschreven. Bij stedelijke ontwikkelingen buiten bestaand stedelijk gebied, moet worden gemotiveerd waarom deze niet binnenstedelijk gerealiseerd kunnen worden.

Z.60234/D.367989

I Toetsing Uit jurisprudentie blijkt dat een woningbouwontwikkeling vanaf 12 woningen is aan te merken als nieuwe

i

stedelijke

ontwikkeling als bedoeld in art. 3.1.6 lid 2 Bro. Voor deze ontwikkeling moet er daarom getoetst worden aan de

ladder voor duurzame verstedelijking. Een uitgebreide toetsing aan de ladder voor duurzame verstedelijking is opgenomen in bijlage 5.

I

De woningbehoefte is de afgelopen tijd steeds groter geworden. Uit de Monitor Woningbouw 2021(provincie Noord-Holland) blijkt dat het woningtekort in de regio Gooi en Vechtstreek 2,7% is.

Verder is er behoefte aan 9.500 woningen en slechts harde plancapaciteit voor 5.300 woningen.

I

Indicatieve opgave* 2021 tot 2025

2025 tot 2030

2021 tot 2030

Netto plancapaciteit (totaal)

Hard

Zacht

2chtstreekngbehoefte

r

Fi

en plan

paciteit (bro

Monitor Wn ngbouw 202 )

In 2021 zijn nieuwe regionale afspraken gemaakt in het Woonakkoord 2021-2025 Regio Gooi en Vechtstreek: •

•

I

De regio bouwt tot 2030 elk jaar ca. 950 woningen.. Het aandeel van de sociale huur op de totale woningvoorraad is in 202125% , dit aandeel blijft tot 2040 minimaal

op peil. •

i

•

Het is een gezamenlijk doel van regiogemeenten, provincie en woningcorporaties om tot 2040 minimaal 2.875 sociale huurwoningen toevoegen aan de voorraad (= gemiddeld 150 per jaar). De regio handhaaft de afspraak uit de regionale woonvisie om 1/ 3 van de woningtoevoegingen in het

betaalbare

segment te realiseren; •

i

tot

De regionale plancapaciteit moet de komende jaren worden verhoogd naar 130% van de woningbehoefte indicatieve 2040. Er is in totaal voldoende (harde en zachte) plancapaciteit aanwezig om te voldoen aan de

opgave tot 2030. Het plan past binnen de regionale afspraken. Uit cijfers van NVM (Woningtransacties Gooi en Vechtstreek eerste kwartaal 2022) blijkt dat de

transactieprijzen het

afgelopen jaar met 15,5% zijn toegenomen naar gemiddeld 583.000 euro. Dit betekent dat koopwoningen voor steeds meer mensen onbetaalbaar zijn. De verkooptijd is teruggelopen van 34 naar 23 dagen en 71% van de woningen wordt boven de vraagprijs verkocht. Er is sprake van grote krapte in de regio.

I 2sm

I

Z.60234/D.367989

i Geconcludeerd wordt dat het niet mogelijk is om binnenstedelijk in de woningbehoefte te voorzien. Daarom heeft de gemeente gekozen voor uitbreiding aan de noordzijde, aansluitend aan de kern Nederhorst den Berg. In Nederhorst den Berg zijn geen reële andere mogelijkheden.

I i

Conclusie rijksbeleid

3.2.5

Het plan is niet in strijd met het rijksbeleid.

3.3

Provinciaal beleid

3.3.1

Omgevingsvisie Noord-Holland 2050

De leidende hoofdambitie in de Omgevingsvisie NH2050 is de balans tussen economische groei en

leefbaarheid. Een gezonde en veilige leefomgeving, die goed is voor mens, plant én dier, is een

voorwaarde voor een goed economisch vestigingsklimaat. Tegelijkertijd is duurzame economische ontwikkeling een voorwaarde voor het kunnen investeren in een prettige leefomgeving. De hoofdambitie is opgedeeld in de volgende aspecten met bijbehorende ambities:

I

Leefomgeving •

Klimaatverandering: een klimaat bestendig en waterrobuust Noord-Holland. Stad, land en

infrastructuur

worden klimaatbestendig en waterrobuust ingericht. •

Gezondheid en veiligheid: het behouden en waar mogelijk verbeteren van de kwaliteit van de

fysieke

leefomgeving. •

i

Biodiversiteit en natuur: de biodiversiteit in Noord-Holland vergroten, ook omdat daarmee andere

ambities/doelen kunnen worden bereikt. Gebruik von de leefomgeving •

•

Economische transitie: een duurzame economie met innovatie als belangrijke motor. De provincie

aan ontwikkeling van circulaire economie, duurzame landbouw, energietransitie en experimenten. Wonen en werken: woon- en werklocaties dienen beter met elkaar in overeenstemming te zijn. Woningbouw wordt vooral in en aansluitend op de bestaande verstedelijkte gebieden gepland, in

i

biedt ruimte

overeenstemming met de

kwalitatieve behoeftes en trends. •

Mobiliteit: inwoners en bedrijven van Noord-Holland kunnen zichzelf of producten effectief, veilig

•

Landschap: het benoemen, behouden en versterken van de unieke kwaliteiten van de diverse

en efficiënt

verplaatsen. landschappen en

de cultuurhistorie.

Energietransitie •

De ambitie van de Provincie is dat Noord-Holland als samenleving in 2050 volledig klimaatneutraal

gebaseerd is op hernieuwbare energie.

I i

en

Z.60234/D.367989

i i Daarnaast wordt er met de Omgevingsvisie NH2050 een richting uitgezet om houvast te bieden naar de

onzekere

toekomst. Daarvoor wordt een aantal bewegingen naar de toekomst toe benoemd:

I

1.

Noord-Holland in beweging: Op weg naar een economisch duurzame toekomst;

2.

Dynamisch schiereiland: Benutten van een unieke ligging;

3.

Metropool in ontwikkeling: Vergroten agglomeratiekracht door het ontwikkelen van een

samenhangend

internationaal concurrerend metropolitaan systeem; 4.

Sterke kernen, sterke regio's: Sterke kernen houden regio's vitaal;

5.

Nieuwe energie: Economische kansen benutten van energietransitie;

6.

Natuurlijk en vitaal landelijke omgeving: vergroten van biodiversiteit en ontwikkelen van een

economisch

duurzame agrifoodsector.

I

Hierbij Er wordt in de Omgevingsvisie NH2050 uitgegaan van het principe 'lokaal wat kan, regionaal wat moet'. wordt gelet op de diversiteit aan regio's en wordt ruimte geboden aan maatwerk en ruimte om vorm te kunnen

geven aan een wendbare samenleving.

I

Toetsing Het project sluit aan bij de ambities uit de Omgevingsvisie NH2050, vooral ten aanzien van de ontwikkeling van woonlocaties aansluitend aan bestaand stedelijk gebied, waterrobuust,

energieneutraal en in overeenstemming met de kwalitatieve behoeftes en trends.

3.3.2

Provinciale Ruimtelijke Verordening (geconsolideerde versie 2019)

Voor de beoogde ontwikkeling zijn de regels van de Provinciale Ruimtelijke Verordening (PRV) van toepassing. De nieuwe Omgevingsverordening NH2020 is vanaf 17 november 2020 in werking getreden. De aanvraag omgevingsvergunning is op 25 september 2020 aangevraagd middels het omgevingsloket. Overeenkomstig artikel 12.2 sub a van de Omgevingsverordening NH2020 is derhalve het oude recht van op de beoogde aanvraag

omgevingsvergunning van toepassing (zijnde de PRV). In de Provinciale Ruimtelijke Verordening zijn regels opgenomen waaraan ruimtelijke plannen in

Noord-Holland

moeten voldoen.

Toetsing

Voor het projectgebied zijn de volgende onderwerpen relevant:

I

i

a.

Nieuwe stedelijke ontwikkeling;

b.

Ruimtelijke kwaliteitseis ingeval van een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling in landelijk gebied;

c.

UNESCO -erfgoederen van uitzonderlijke waarden;

d.

Weidevogelleefgebied

Nieuwe stedelijke ontwikkelíng Artikel 5a van de PRV stelt: 1.

2.

i

Een bestemmingsplan kan uitsluitend voorzien in een nieuwe stedelijke ontwikkeling als deze ontwikkeling in overeenstemming is met de binnen de regio gemaakte schriftelijke afspraken.

Gedeputeerde staten stellen nadere regels aan de afspraken bedoeld in het eerste lid.

Z.60234/D.367989

I I

Uit de ladderonderbouwing (bijlage 5) en paragraaf 3.2.4 blijkt dat er onvoldoende harde plancapaciteit is om in de

woningbehoefte te kunnen voorzien. Eenderde van de woningen moeten in het betaalbare segment worden gerealiseerd. Er is in Wijdemeren grote behoefte aan betaalbare woningen, zowel huur als koop. Met bouwlocaties

bij de voorzieningenkernen wil de gemeente de dorpen leefbaar houden. De ontwikkeling is ingebracht in het woonakkoord 2021-2025 en hiermee regionaal afgestemd.

Ruimtelijke kwaliteitseis ingeval van een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling in landelijk gebied/ UNESCO erfgoederen -

van uitzonderlijke waarden Het projectgebied is onderdeel van de Stelling van Amsterdam en de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Ontwikkelingen

i

zijn hier alleen onder voorwaarden mogelijk. Dit wordt nader toegelicht in paragraaf 4.10 en bijlage 11. De belangrijkste aspecten worden hierna toegelicht. Toetsing aan de provinciale Leidraad Cultuurhistorie is noodzakelijk

conform artikel 15 van de Provinciale Ruimtelijke Verordening. Daarnaast ligt het projectgebied binnen 2 UNESCO Werelderfdoedgebieden. Derhalve dient getoetst te worden aan artikel 22 van de Provinciale Ruimtelijke Verordening.

I i I i

I i i

Figuur 3.3 Uitsnede kaart UNESCO (bron: ruimtelijkeplannen.nl)

Artikel 15 Ruimtelijke kwaliteitseis ingeval van een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling in het landelijk gebied 1.

i

Gedeputeerde Staten stellen de Leidraad Landschap en Cultuurhistorie vast, die de provinciale

beschrijft ten aanzien van landschappelijke en cultuurhistorische waarden. 2.

Een bestemmingsplan kan voorzien in een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling in het landelijk gebied, indien gelet op de Leidraad Landschap en Cultuurhistorie: a.

I

belangen

rekening wordt gehouden met:

Z.60234/D.367989

I b. -

•

de ambities en ontwikkelprincipes van het toepasselijke ensemble, en

•

de ambities en ontwikkelprincipes van de toepasselijke provinciale structuren, en;

hierbij wordt betrokken: •

de kansen zoals beschreven bij de ambities en ontwikkelprincipes, en

•

de ontstaansgeschiedenis en de kernwaarden van het toepasselijke ensemble, en

•

de ontstaansgeschiedenis en de kernwaarden van de toepasselijke provinciale structuren.

3.

De toelichting van een bestemmingsplan bevat een motivering waaruit moet blijken dat voldaan is aan

4.

Gedeputeerde Staten kunnen de Adviescommissie Ruimtelijke Ontwikkeling (ARO) om advies vragen

het

bepaalde in het tweede lid. ontwikkelingen die een grote impact kunnen hebben op de landschappelijke en

indien wordt afgeweken van de ontwikkelprincipes als bedoeld in het

over

cultuurhistorische waarden of

tweede lid onder a.

Provinciale leidraad Landschap en cultuurhistorie De Leidraad Landschap en Cultuurhistorie 2018 is een provinciale handreiking voor het inpassen van nieuwe

ontwikkelingen met het doel te werken aan het behouden en versterken van de ruimtelijke kwaliteit van het landschap en de cultuurhistorie. De leidraad beschrijft de kernkwaliteiten van de verschillende NoordHollandse houden met deze

landschappen. Gemeentelijke plannen die voorzien in nieuwe ontwikkelingen dienen rekening te karakteristieke eigenschappen. Het basisuitgangspunt is dan ook 'behoud door ontwikkeling'.

I

Artikel 15 PRV is alleen direct van toepassing als het plangebied gekwalificeerd wordt als 'landelijk gebied' als

gedefinieerd in artikel 2 aa PRV. Hiervan is in onderhavig project sprake.

I i

i

Artikel 22 Ontwikkelingen binnen UNESCO-erfgoederen 1.

Een bestemmingsplan mag uitsluitend voorzien in nieuwe functies en uitbreiding van de bebouwing bestaande functies binnen de gebieden als bedoeld in artikel 20 voor zover deze de

erfgoederen met uitzonderlijke universele waarde behouden of versterken, als

van

kernkwaliteiten van de

bedoeld in de Leidraad

Landschap en Cultuurhistorie zoals genoemd in artikel 15 en in bijlage 1 bij deze verordening. 2.

In aanvulling op het gestelde in het eerste lid bevat het bestemmingsplan geen bestemmingen en regels die

voorzien

ir

otschalige stads- of dorpsontwikkelingslocatie of glastuinbouwlocatie dan wel een grootschalig

bedrijventerrein of infrastructuurproject; b.

I

een project dat, of een activiteit die de uitgewerkte Uitzonderlijke Universele waarden van Unesco-erfgoed van uitzonderlijke universele waarden "De Beemster", "De Stelling van

het

Amsterdam" of de

"Nieuwe Hollandse Waterlinie", aantast of doet verdwijnen. 3.

Artikel 5a, artikel 5c en artikel 15 zijn van overeenkomstige toepassing.

4.

In afwijking van het tweede lid, onderdeel a, kan een bestemmingsplan hierin wel voorzien indien: a.

er sprake is van een groot openbaar belang;

b.

er voldoende maatregelen worden getroffen om de nadelige effecten van de ontwikkeling op het behoud of de versterking van de uitgewerkte kernkwaliteiten te mitigeren of te

I

c.

het bestemmingsplan in overeenstemming is met artikel 5a of artikel 5c;

d.

het bestemmingsplan in overeenstemming is met de kwaliteitseisen zoals opgenomen in artikel 15 van deze verordening en;

e.

22/91

i

compenseren;

er geen reële andere mogelijkheden zijn.

Z.60234/D.367989

I 5.

Gedeputeerde staten kunnen nadere regels stellen ten aanzien van de wijze waarop compensatie als

bedoeld

in het vierde lid plaatsheeft.

Aan de hand van bovenstaande regels is de ontwikkeling Nederhorst Noord in bijlage 11getoetst aan: 1.

de ambities en ontwikkelprincipes van de Leidraad Cultuurhistorie (artikel 15 en 22 lid 1 PRV).

2.

de mogelijkheid om te mogen afwijken van de regels voor UNESCO door de realisatie van een dorpsontwikkellocatie buiten de bestaande gebieden (artikel 22 lid 2 juncto lid 4 PRV).

Lid 4a

Ten aanzien van het aspect groot openbaar belang (artikel 22 lid 2 juncto lid 4a PRV) wordt hier nog toegevoegd dat

I

het van groot openbaar belang is om deze ontwikkeling door te laten gaan omdat: •

de harde plancapaciteit vanaf medio 2020 is opgedroogd;

•

in een dorps woonmilieu met gemiddeld circa 25 woningen per hectare is ten minste 7 hectare nodig. Die ruimte is niet te vinden in de kern (zonder de woningdichtheid fors te verhogen). Uit een inventarisatie van

plancapactieit blijkt dat slechts een beperkt aantal locaties beschikbaar zijn. Deze zijn beperkt van omvang. •

I

er een grote behoefte is aan goede en betaalbare woningen, zowel voor hen die huren als voor hen die een woning willen kopen;

•

woningbouwprojecten bijdragen aan betere kansen voor jongeren, een verbeterde doorstroming op de woningmarkt en meer ruimte voor het middensegment;

•

woningbouw en de groei van het woningbestand de basis is voor een adequaat (winkel)voorzieningenniveau, die

de leefbaarheid en de vitaliteit van de kern Nederhorst den Berg ten goede komt. Tevens sluit dit aan bij de doelstelling uit de gemeentelijke Omgevingsvisie 2040 waarin gestreefd wordt om het voorzieningenniveau in de kernen te behouden en indien mogelijk te versterken. AIIeen zo wordt ervoor gezorgd dat alle inwoners mee

kunnen blijven doen en Wijdemeren ook in de toekomst een inclusieve samenleving is. De dorpskern van

i i

Nederhorst den Berg vervult een lokale centrumfunctie gericht op de dagelijkse behoefte. Veel inwoners, maar

ook recreanten, doen hier een hun dagelijkse boodschappen. De centra hebben ook een belangrijke ontmoetingsfunctie. •

Nederhorst Noord vanuit planologisch oogpunt een geschikte locatie is voor woningbouw.

•

Er een grote behoefte is aan nieuwe woningen om jongeren perspectief op wonen in hun eigen gemeente te bieden, om inwoners zo een levensloopbestendige woonomgeving te verschaffen en om aan de steeds grotere

verscheidenheid in woonbehoefte tegemoet te komen.

Lid 4b

Ten aanzien van artikel 22 lid 2 juncto lid 4a PRV, of er voldoende maatregelen worden getroffen om de nadelige effecten van de ontwikkeling op het behoud of de versterking van de uitgewerkte kernkwaliteiten te mitigeren of te compenseren, wordt nog toegevoegd dat het stedenbouwkundig plan rekening houdt met de kernkwaliteiten van

het gebied: •

Het plan versterkt de landschapselementen, gebaseerd op de strokenverkaveling van de behoud van de nodige openheid en groenblauwe structuren inclusief

I

een omzoming c.q. overgang met

wetlands naar het omliggende gebied. •

Aan de oostkant van het projectgebied staat enkele bebouwing haaks georiënteerd op de Spiegelplas. Nederhorst Noord sluit daarbij aan en zorgt voor een uitbreiding aan de bestaande woonwijk. De rechte lijnen

van de verkavelingsstructuur van het veenpolderlandschap zijn daarbij in acht genomen.

I

veenweidepolder met

Z.60234/D.367989

I Grenzend aan de Reeweg/Dammerweg is aangesloten bij de bestaande bebouwing waarbij de bebouwing evenwijdig aan de verkavelingsrichting wordt gerealiseerd. De rest van het projectgebied op een vrije manier

•

verkaveld binnen de bestaande slotenstructuur. De karakteristieke rechte lijnen van het

i

polderlandschap zijn

daarbij wel in acht genomen; Het projectgebied van Nederhorst Noord ligt in de structuur van De Stelling van Amsterdam / Nieuwe Hollandse Waterlinie. Deze structuur bestaat uit twee militaire verdedigingsgordels uit de laat-19e, vroeg-20e eeuw. Het

•

piangebied van Nederhorst Noord heeft wegens de ligging op geruime afstand van de forten en waterlinies geen directe invloed op de structuur van de Stelling van Amsterdam en de Nieuwe Hollandse Waterlinie. De forten

Nigtevecht en Hinderdam zijn de dichtstbijzijnde forten. Het projectgebied belemmert geen direct zicht op één van deze forten en het ligt niet binnen de schootcirkels.

i

Aan de oostzijde van het plangebied grenst het plan aan de 'kronkelige lijn', de Reeweg/Dammerweg. De verkavelingsstructuur van Nederhorst Noord sluit aan op de rechte lijn van polder met de slotenstructuur. Het

•

•

plan voor Nederhorst Noord voldoet daarmee aan het bovengenoemde principe. Er wordt met het plan bebouwing mogelijk gemaakt aan de buitenzijde van de verdedigings- en waterlinie. Dit gebied wordt gekenmerkt door het open karakter. Nederhorst Noord wordt direct aan een bestaande woonwijk gerealiseerd en bestaat volledig uit laagbouw. Daarnaast wordt middels een groene zone de geleidelijke overgang naar het open landschap geborgd. De structuur van de Stelling van Amsterdam en de Hollandse Waterlinie met het open karakter wordt niet significant beperkt.

I I

Nieuwe

Met bovengenoemde elementen zijn voldoende maatregelen getroffen om de nadelige effecten van de ontwikkeling op het behoud of de versterking van de uitgewerkte kernkwaliteiten te mitigeren. Lid 4c

Zie het gestelde onder artikel 5a PRV.

Lid 4d

i

Het plan is in overeenstemming met de kwaliteitseisen en getoetst aan de Leidraad Landschap en Cultuurhistorie, zie bijlage 11.

Lid 4e

I

i

Er zijn geen reële andere mogelijkheden. Dit is aangegeven onder lid 4a. In een dorps woonmilieu met gemiddeld circa 25 woningen per hectare is ten minste 7 hectare nodig. Die ruimte is niet te vinden in de kern (zonder de woningdichtheid fors te verhogen). Op basis van de meest actuele plancapaciteit zijn in Nederhorst slechts een

aantal relatief kleine locaties in beeld voor woningbouw. Het gaat om Voorstraat (16 woningen), Dammerweg 3/ 4 (11 woningen), Vaartweg 20/ 21 (8 woningen), Overmeerseweg 8-11 (4 woningen), Jul. Bernrplein/Eilandseweg (12 woningen) en Meerhoekweg (2 woningen).

Weidevogelleefgebied

Het gebied is ook aangemerkt als weidevogelleefgebied.

I

i I

Z.60234/D.367989

I

3.4 Uitsnede kaart ecologie (bron: ruimtelijkeplannen.nl)

Artikel 25 PRV regelt de bescherming hiervan. Dit artikel luidt als volgt:

Artikel 25 Weidevogelleefgebieden 1.

Een bestemmingsplan dat betrekking heeft op weidevogelleefgebieden, zoals op kaart 4 en op de digitale

verbeelding ervan aangegeven, voorziet niet in: a.

de mogelijkheid van nieuwe bebouwing, anders dan binnen een bestaand bouwblok of een uitbreiding

b.

de mogelijkheid van aanleg van nieuwe weginfrastructuur;

c.

de mogelijkheid van aanleg van bossen of boomgaarden;

d.

de mogelijkheid verstorende activiteiten, buiten de huidige agrarische activiteiten, te verrichten die het

daarvan;

I

weidevogelleefgebied verstoren, en; e. 2.

de mogelijkheid werken uit te voeren die realisatie van nieuwe peilverlagingen mogelijk maken.

In een bestemmingsplan als bedoeld in het eerste lid wordt de aanleg van hoog opgaande beplantingen of

laanbeplanting afhankelijk gesteld van een aanlegvergunning, als bedoeld in artikel 3.3. sub a. van de Wet

I

ruimtelijke ordening. 3.

In afwijking van het eerste lid kan een bestemmingsplan wel voorzien in de in dat lid omschreven ontwikkelingen

indien dit geschiedt ten behoeve van:

i

a.

een ingreep waarvoor geen aanvaardbaar alternatief aanwezig is en waarmee bovendien een groot openbaar

b.

woningbouw indien er sprake is van de toepassing van de regeling Ruimte voor Ruimte als bedoeld in artikel

belang wordt gediend;

2sar

I

Z.60234/D.367989

I 16 en waarbij de natuurdoelen leidend zijn; c.

woningbouw die bijdraagt aan een substantiële verbetering van in de directe omgeving daarvan aanwezige

natuurkwaliteiten van het landschap of;

i

d. 4.

een ingreep die netto geen verstoring van het weidevogelleefgebied geeft.

In aanvulling op het derde lid kan het bestemmingsplan hier alleen in voorzien indien in het

bestemmingsplan

wordt opgenomen: a.

op welke wijze schade aan een weidevogelleefgebied zoveel mogelijk wordt voorkomen en resterende schade wordt gecompenseerd;

b.

hoe wordt geborgd dat de maatregelen ten behoeve van de compensatie als bedoeld onder a daadwerkelijk worden uitgevoerd;

c.

I

d. 5.

op welke wijze aan het gestelde in artikel 5a of artikel Sc wordt voidaan en; op welke wijze aan de ruimtelijke kwaliteitseisen als bedoeld in artikel 15 is voldaan.

Gedeputeerde staten kunnen, gehoord de desbetreffende commissie van provinciale staten, de

begrenzing van

de weidevogelleefgebieden wijzigen: a.

naar aanleiding van recente tellingen van het aantal broedparen;

b.

ten behoeve van een kleinschalige ontwikkeling of; ten behoeve van de krachtens het derde lid gestelde regels.

c. 6.

Gedeputeerde staten kunnen nadere regels stellen ten aanzien van de wijze waarop compensatie plaatsheeft,

als

bedoeld in het vierde lid onderdelen a en b.

Algemeen heeft de provincie

De provincie heeft criteria opgesteld waaraan een weidevogelleefgebied moet voldoen. Tevens aan te brengen. zichzelf de mogelijkheid gegeven om -op basis van een inventarisatie wijzigingen in de begrenzing -

I

I

De Horn- en Kuijerpolder voldoet niet aan een van de criteria die de provincie zichzelf heeft opgelegd. Ook de belangrijke delen recente inventarisatie geeft geen aanleiding om de gehele Horn- en Kuijerpolder aan te wijzen. In

zijn nog nooit of slechts incidenteel weidevogels gemeld. Alleen in het noorden van de polder is een zekere of concentratie van weidevogels aanwezig. De ontwikkeling biedt derhalve juist kansen om binnen het gebied aangrenzend daaraan een bijdrage te leveren aan een verbetering van het weidevogelleefgebied. Voor

een

aanvullende motivering wordt verwezen naar bijlage 9.

Lid 1

i

a. b.

de ontwikkeling voorziet wel in de mogelijkheid van nieuwe bebouwing, lid 3 is van toepassing; van interne de ontwikkeling voorziet wel in de mogelijkheid van nieuwe weginfrastructuur ten behoeve ontsluitingswegen in het woongebied, lid 3 is van toepassing;

c.

binnen het gebied worden tuinen en dus ook bomen aangelegd, lid 3 is van toepassing;

d.

niet van toepassing;

e.

niet van toepassing;

Lid 2

i i I

Niet van toepassing

Z.60234/D.367989

Lid 3

a.

Onder verwijzing naar de uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 25 maart 2020 (ECLI: NL: RVS: 2020: 883) en 15 april 2020

i

(ECLI: NL: RVS:2020: 1072) blijkt dat onder bepaalde

omstandigheden, woningbouw op zichzelf een groot openbaar belang kan dienen. Daarbij kan in achtneming

worden genomen:

I

1.

de invloed van woningbouw op de levensvatbaarheid van de voorzieningen in een kern;

2.

waarom woningen alleen voorzien kunnen worden op de gekozen locatie en;

3.

waarom niet met minder woningen kan worden voorzien.

Toelichting op punt 1: Uit de ladderonderbouwing (zie bijlage 5) blijkt dat er in de gemeente Wijdemeren te weinig harde plancapaciteit is

-

om in de woningbehoefte te kunnen voorzien. Zoals in de gemeentelijke Woonvisie is aangegeven moet aantal woningen voor jongeren en jonge gezinnen vergroot worden om de leefbaarheid in de kernen te versterken.Daarvoor zijn dus met name grondgebonden woningen nodig zoals ook blijkt het aangenomen amendement door de gemeenteraad inzake dit bouwplan. Nederhorst den Berg is qua inwoners één van de grote 3

kernen in de gemeente Wijdemeren. De kern heeft dan ook voldoende draagvlak voor voorzieningen nodig. Omdat er sprake is van een voorzieningenkern is altijd sprake van een grotere lokale woningbehoefte omdat meer mensen in kernen met basisvoorzieningen willen wonen. Het niet realiseren van de beoogde woningbouw leidt tot verdere

i

vergrijzing van de kern en wordt het voorzieningenniveau voor de diverse voorzieningen bedreigd. Daardoor zal eveneens het draagvlak voor bijvoorbeeld een basisschool of het verenigingsleven afnemen. Dit heeft een negatief

effect op de levensvatbaarheid van de voorzieningen, zowel maatschappelijk als commercieel. Het realiseren van de woningen draagt bij aan bij de doelstelling uit de gemeentelijke Omgevingsvisie 2040 waarin

gestreefd wordt om het voorzieningenniveau in de kernen te behouden en indien mogelijk te versterken. Alleen zo

I I

wordt ervoor gezorgd dat alle inwoners mee kunnen blijven doen en Wijdemeren ook in de toekomst een inclusieve samenleving is.

Toelichting op punt 2: Zoals uit de ladderonderbouwing blijkt zijn in Nederhorst den Berg geen reële andere alternatieven om in de

woningbehoefte van deze omvang en van dit type woningen te voorzien. Ook is aangegeven dat de inbreidingsmogelijkheden in de kern Nederhorst den Berg in 2020 opdrogen. Er is in totaal behoefte aan circa 800 woningen in de periode 2019-2030, waarvan minimaal 184-230 in de kern Nederhorst den Berg. In een dorps

woonmilieu met gemiddeld circa 25 woningen per hectare is ten minste 7 hectare nodig. Die ruimte is niet te vinden in de kern (zonder de woningdichtheid fors te verhogen). Op basis van de meest actuele plancapaciteit is in

Nederhorst slechts een aantal relatief kleine locaties in beeld voor woningbouw (zie figuur 3.5). Het gaat om:

I

•

Voorstraat (16 woningen);

•

Dammerweg 3/4 (11 woningen);

•

Vaartweg 20/ 21 (8 woningen);

•

Overmeerseweg 8-11 (4 woningen);

•

Jul. Bernrplein/Eilandseweg (12 woningen);

•

Meerhoekweg (2 woningen).

Z.60234/D.367989

E I i

I

i Legenda

Figuur 3.5 Overzicht woningbouwlocaties volgens monitor plancapaciteit (bron: plancapaciteit.nl)

Het verhogen van de woningdichtheid binnen de bestaande kern zou leiden tot een stedelijke dichtheid en kan alleen door appartementen toe te voegen. Omdat er direct vraag is naar grondgebonden woningen, is de beoogde uitbreiding noodzakelijk. Hiermee blijft het groene dorpse karakter van Nederhorst den Berg intact en kan invulling

worden gegeven aan de concrete woningbehoefte.

Toelichting op punt 3:

I

Zoals hiervoor is aangegeven is er op basis van de ladderonderbouwing geconstateerd dat in de gemeente te weinig

harde plancapaciteit om in de woningbehoefte te kunnen voorzien. De behoefte is minimaal 184-230 woningen in Nederhorst den Berg en er zijn harde plannen voor 14. Gelet op de actualiteit is de woningbehoefte ten opzichte van

de situatie 2020 alleen maar groter geworden.

Coenb

oge woningbouw is aan te merken als een groot openbaar belang. Er is een grote woningbehoefte in Nederland en eveneens in de voorzieningenkern van Nederhorst den Berg. Er zijn geen reële alternatieven op andere

i

locaties in de gemeente Wijdemeren/ de kern Nederhorst den Berg om in die behoefte te voorzien. Het niet realiseren van de beoogde woningbouw leidt naast nog grotere schaarste op de woningmarkt tot een sterk negatief

effect op de levensvatbaarheid van voorzieningen in de kern Nederhorst den Berg, zowel maatschappelijk als commercieel.

28/91

i

Z.60234/D.367989

I

i i I

b.

niet van toepassing;

c.

voor de toetsing aan artikel Sa zie bijlage 5. Artikel Sc niet van toepassing;

d.

De ontwikkeling leidt netto in principe tot aantasting van weidevogelleefgebied. Uit onderzoek (zie bijlage 7)

blijkt echter dat er geen broedparen in het projectgebied voorkomen. In het verstoringsgebied van 250 meter

rondom het ontwikkelingsgebied zijn in 2018 twee broedparen aangetroffen. Het projectgebied heeft feitelijk gezien daarom geen betekenis voor weidevogels. De effecten zijn marginaal. Dit wordt opnieuw bevestigd in het actualiserend onderzoek uit 2021 (zie bijlage 8).

Lid 4

i

a.

Zoals genoemd in art. 25, lid 3 onder d treedt er geen schade op aan het beleidsmatig aangewezen weidevogelleefgebied. Voor de compensatie van weidevogelleefgebied heeft de provincie Noord-Holland de Uitvoeringsregeling natuurcompensatie Noord-Holland (2014) opgesteld. Conform de uitvoeringsregeling kan dit in de vorm van realisatie van nieuw weidevogelleefgebied, maar indien het minder dan 5 hectare omvat, kan ook

financieel gecompenseerd worden (artikel 1, lid 3). Het plangebied is echter groter dan 5 hectare. Compensatie

moet plaatsvinden in de nabijheid van het aangetaste gebied tenzij wordt aangetoond dat dit niet mogelijk is.

i

Door adequate herinrichtingsmaatregelen en water- en graslandbeheer aangrenzend aan het woongebied kan wel een kwalitatief hoogwaardig weidevogelleefgebied worden ontwikkeld. De netto afname van het provinciale beleidsmatige weidevogelleefgebied van de Horn- en Kuijerpolder als gevolg van de beoogde woningbouw is

i

daarmee in afwijking van de provinciale uitvoeringsregels meer dan evenredig

verantwoord te achten. Een

voorstel voor inrichtingsmaatregelen en actief beheer van het weidevogelleefgebied is weergegeven in bijlage 9. b.

De borging van de maatregelen zullen worden opgenomen in een kwalitatief compensatieplan zoals opgenomen in bijlage 9.

I

c.

Voor de toetsing aan artikel 5a zie bijlage 5. Artikel 5c niet van toepassing;

d.

In bijlage 11 is het initiatief getoetst aan de genoemde provinciale regels. Uit het onderzoek komt naar voren dat

een klein deel van de openheid van het landschap wordt beperkt maar dit wordt niet significant geacht. Door de rechte lijnen die aansluiten op de verkavelingsstructuur van het polderlandschap wordt een zorgvuldige

i

inpassing van de nieuwe woonwijk geborgd. Het plan houdt dus goed rekening met de bestaande kwaliteiten en ontwikkelprincipes van het Ensemble Vechtstreek en voldoet daarmee aan de ruimtelijke kwaliteitseisen die de provincie Noord-Holland daaraan stelt.

I

Lid 5

a.

Uit onderzoek (zie bijlage 8) blijkt dat er geen broedparen in het projectgebied voorkomen. In het vermeende 'verstoringsgebied'van 250 meter rondom het ontwikkelingsgebied zijn in 2018 twee broedparen aangetroffen.

b.

De provincie wordt verzocht de begrenzing van het weidevogelleefgebied te wijzigen. Gelijktijdig worden kwalitatief compenserende maatregelen voorgesteld. Aansluitend aan het nieuwe woongebied kan door gebiedsinrichting met optimaal water- en graslandbeheer een prima kwaliteitsslag gemaakt worden ten behoeve van een hoogwaardiger weidevogelgebied. De beperkte territoriale afname van het beleidsmatig aangeduide

weidevogelleefgebied van de Horn- en Kuijerpolder als gevolg van de beoogde woningbouw, is daarmee te

i

verantwoorden. Voor een aanvullende motivering wordt verwezen naar bijlage 9. c.

niet van toepassing;

d.

zie ad. 3

i i i

29/91

Z.60234/D.367989

i Lid 6 N.v.t.

Conclusie Omdat er in Nederhorst den Berg geen reële andere alternatieven zijn om in de woningbehoefte te voorzien en daarmee de leefbaarheid van deze kern te waarborgen en zo mogelijk nog te versterken is onderbouwd waarom het initiatief als haalbaar wordt geacht. In paragraaf 4.10 onderbouwd dat het beoogde initiatief voldoende rekening houdt met het aspect cultuurhistorie en UNECSO.

Ten aanzien van het weidevogelleefgebied blijkt uit recente tellingen dat er geen broedparen in het gebied

i

voorkomen. De provincie wordt daarom verzocht de grens van het weidevogelleefgebied aan te passen. Daarnaast

worden compenserende maatregelen voorgesteld in het naastgelegen gebied overeenkomstig de uitvoeringsregeling natuurcompensatie Noord-Holland.

I

Met in achtneming van bovengenoemde punten voldoet het initiatief aan de Provinciale Ruimtelijke Verordening.

I

3.4

Gemeentelijk beleid

3.4.1

Structuurvisie Wijdemeren (2013)

'Beheerste ontwikkeling met behoud van het goede' is het motto van de structuurvisie. De structuurvisie geeft onder

andere antwoord op de vragen als waar is nog ruimte voor natuur, wonen, werken, verkeer en recreatie.

Toetsing

i

in structuurvisie Wijdemeren is de gewenste toekomstige ruimtelijke structuur beschreven. De locatie is niet bezien

als potentiële uitbreidingslocatie. De locatie die wel in beeld is als toekomstige uitbreidingslocatie is Overmeer, ten zuiden van Nederhorst den Berg. Deze locatie is inmiddels echter ontwikkeld.

I i

i

Figuur 3.6 Uitsnede structuurvisiekaart (bron: structuurvisie Wijdemeren)

30/91

i

Z.60234/D.367989

i In de structuurvisie uit 2012 is nog geen rekening gehouden met uitbreiding aan de noordzijde. Om diverse redenen is het noodzakelijk om nu aan de noordzijde uit te breiden.

I i

3.4.2

Omgevingsvisie Wijdemeren 2040

De omgevingsvisie geeft richting aan toekomstige ontwikkelingen, initiatieven en beleid. De gemeente wil initiatieven -

van inwoners, van de markt of van maatschappelijke partners

-

inspireren en vroegtijdig in goede banen leiden.

Hiermee wil de gemeente partijen stimuleren om een bijdrage te leveren aan de verschillende opgaven waarvoor

men staat en onderdeel te worden van de nieuwe samenwerkingen die daarbij wordt gezocht. Ook kan de gemeente tegenstellingen of juist belangen die elkaar versterken, vroegtijdig identificeren. Zoals de relatie tussen de fysieke

i

leefomgeving en sociaal maatschappelijke opgaven. Daarnaast zoekt de gemeente de verbinding met ruimtelijke opgaven in de regio en de provincie. Vanuit het verhaal van Wijdemeren wordt aangesloten op het Regionale

Koersdocument Gooi en Vechtstreek, het Gebiedsakkoord Oostelijk Vechtplassen en de Provinciale Omgevingsvisie.

Op basis van de visie op Wijdemeren in 2040 en de diverse trends en ontwikkelingen die op de gemeente afkomen

zijn drie integrale kernopgaven geformuleerd. Drie verhaallijnen die ingaan op de uitdagingen die voorliggen en de bijbehorende ambities. De drie kernopgaven zijn: A.

I

B.

Ruimte voor ondernemerschap en bereikbaarheid: het vergroten van het verdienvermogen door ruimte te

bieden voor (nieuwe) economische activiteiten en te investeren in bereikbaarheid. C.

I

Vitale en gezonde leefomgeving: behoud en versterking van de woon- en leefkwaliteit in de kernen en linten.

Waardevol landschap: Vormgeven aan natuurbehoud, landschapsbeheer en vergroting van de biodiversiteit.

Toetsing De ontwikkeling draagt bij aan de kernopgave A. Volgens kernopgave A wordt een vitale en gezonde leefomgeving

onder andere bereikt door te voorzien in de woonbehoeften.

De steeds grotere groep ouderen in de gemeente

heeft behoefte aan levensloopbestendige woningen en een levensloopbestendige woonomgeving waarin zij

i

zelfstandig kunnen functioneren. Om op korte en langere termijn te kunnen voorzien in de woonbehoefte is een

woningbouwprogramma nodig dat niet alleen aansluit op de behoefte van vandaag, maar ook rekening houdt met de vraag van morgen.

I

Het beoogde project is op de kaart met ruimtelijke keuzes aangeduid als 'complementair en onderscheidend ontwikkelen' (zie figuur 3.7).

I

i I

i ar/si

i

Z.60234/D.367989

i RUlMTELlJKE KEUZES

.

i

.

•

2. Focus op inbreiding, transformatie en kwaliteit van de dorpsranden

.

.•

I

•

L Gezonde, duurzame en klimaatadaptieve leefomgeving

Complementair en onderscheidend ontwikkelen

..

3.

Behoud en versterking voorzieningen 4.

Figuur 3.7 Uitsnede omgevingsvisie

-

ruimtelijke vertaling van kernopgave A

Nieuwbouw biedt volgens de Omgevingsvisie mogelijkheden om tekorten in bepaalde segmenten van de woningmarkt aan te vullen en de doorstroming naar passende woningen te

I

bevorderen. Wijdemeren zet in op het

creëren van diverse woonmilieus op de geplande uitbreidingslocaties die aansluiten op zowel de lokale als regionale behoefte. Daarin wil de gemeente in regionaal opzicht complementair en onderscheidend zijn, en een uniek aanbod toevoegen. Wijdemeren ziet daarbij extra kansen om woningen en woonmilieus toe te voegen die passen bij de ruimtelijke kwaliteit van Wijdemeren, ook met oog op klimaatadaptatie en duurzaamheid.

I

Door de inbedding van de kernen en linten in het waardevolle landschap en de natuur is er weinig

ruimte voor uitbreiding. Het op peil houden van de woningbouw in Wijdemeren op korte termijn hangt voor een groot deel af van de ontwikkeling op uitbreidingslocaties. Nederhorst-Noord is één van die specifieke locaties.

Geconcludeerd wordt dat het initiatief daarom past binnen de Omgevingsvisie. 3.4.3

Bestuursakkoord 2018-2022, Sterke dorpen, regionaal verbinden

In het bestuursakkoord is opgenomen dat partijen in beginsel positief tegenover het ontwikkelingsplan Nederhorst den Berg Noord staan. 3.4.4

Motie Woningbouw Nederhorst den Berg Noord

In december 2019 heeft de gemeenteraad de Motie Woningbouw Nederhorst den Berg Noord aangenomen om mee

te werken om deze locatie zo snel mogelijk planologisch mogelijk te maken.

I

Z.60234/D.367989

i 3.4.5

i

Woonvisie Wijdemeren 2021-2024

Een lokale woonvisie, zeker voor een kleinere gemeente als Wijdemeren, staat nooit op zichzelf maar is zowel

regionaal als lokaal verbonden met andere thema's. Regionaal is er een samenhang met het woonbeleid dat in de Regionale woonvisie Gooi en Vechtstreek 2016-2030 en het woonakkoord met de Provincie Noord-Holland is vastgelegd. Deze twee documenten vormen dan ook de belangrijkste context naast het beleid dat de gemeente in

deze visie heeft vastgelegd.

Onlangs is in de regio het woonakkoord met de provincie opgesteld. Deze komt in de plaats van het regionaal

actieprogramma wonen (RAP). Regionaal is de ambitie voor toe te voegen sociale nieuwbouwwoningen verhoogd om

i

het aandeel daarvan op peil te houden. De aantallen zijn gebaseerd op de bevolkingsprognose van de provincie Noord Holland waarin is opgenomen dat in de Regio Gooi en Vechtstreek in principe 10.400 woningen kunnen

worden gebouwd plus een extra inhaalvraag van circa 1.100 woningen tot en met 2030. Voor Wijdemeren is in dit rapport een behoefte voorzien van 800 woningen. Deze ambitie is opgenomen in de huidige plancapaciteit.

Uit de woonvisie blijkt dat er een tekort is aan betaalbare en middeldure woningen. De gemeente zet daarom in op

het realiseren van sociale huur- en/ of koopwoningen en woningen in het middeldure segment (€ 750-€ 1000 per mnd.) en wil zorgen dat deze woningen betaalbaar blijven.

Hoofddoel voor de woonvisie Wijdemeren 2021-2024 is gericht op het stimuleren van een divers samengestelde woningvoorraad, nu en in de toekomst, waarbij deze zo goed mogelijk is afgestemd op de samenstelling van de

inwoners van Wijdemeren, met extra aandacht voor het behoud van (woon)mogelijkheden voor jongeren en jonge

I

gezinnen.

Dit doel leidt tot de 3 volgende doelstellingen:

I

•

Focus op betaalbare nieuwbouw

•

Leefbare kernen met oog voor kwaliteit van leefbaarheid: aandacht voor huisvesting van jongeren en jonge gezinnen door het o.a. creëren van doorstroming voor senioren naar passende gelijkvloerse woningen.

•

Duurzame woningvoorraad: niet alleen transformatie naar energie zuinig maar ook divers samengesteld en flexibel, door toevoeging van woningtypes die er te weinig zijn. Gestapelde woningen toevoegen die passend zijn in de omgeving en woningen aanpassen om de ouder wordende bevolking te kunnen huisvesten, zodat zij in hun

eigen kern kunnen blijven wonen

Randvoorwaarden bij het realiseren van nieuwbouw zijn: •

1/ 3 deel van het totaal aantal te realiseren nieuwbouwwoningen vanaf 4 woningen vindt minimaal plaats in het sociale segment (koop tot € 220.000, zoals vastgelegd in het raadsbesluit van 30 juni 2020 of huur tot € 750, -

-

p/ mnd-peil 2021); •

i

Het percentage gestapelde en gelijkvloerse woningbouw op het totaal aantal te realiseren nieuwbouwwoningen vanaf 10 woningen bedraagt 40% .

•

1/ 3 deel van het totaal aantal te realiseren nieuwbouwwoningen vanaf 10 woningen vindt minimaal plaats in het middeldure huur (vanaf 752, p/ mnd -peil 2021- tot €1000, -) of koop (tot de NHG grens, peil 2021€ 325.000) -

segment.

33/92

i

Z.60234/D.367989

i i

i

Uit de Bijlage Woningbouwprogramma 2021-2030 blijkt dat er in de gemeente Wijdemeren harde en zachte

plancapaciteit is voor 982 woningen.

Toetsing De behoefte is circa 800 woningen. Rekening houdend met planuitval is circa 30% meer capaciteit noodzakelijk en

zouden in de gemeente circa 1.040 woningen gepland moeten worden. Er zijn plannen voor 982 woningen oNpedeenrhomr tnden

Berg Noord staat nog niet in de planning, maar is een van de laatste mogelijkheden voor uitbreiding

van de kern, gelet op het nieuwe provinciale beleid in de omgevingsverordening. Dit plan kan nog onder het oude

i I

regime worden afgedaan. In het plan is rekening gehouden met de randvoorwaarden uit de woonvisie. 3.4.6

Om

-

Nota Klimaatadaptatie 2020-2030 ook in de toekomst

-

prettig te kunnen wonen, werken en recreëren, investeert de gemeente Wijdemeren stap

voor stap in een klimaatbestendige en waterrobuuste buitenruimte. In de Nota Klimaatapadatie zijn de ambities vastgelegd. Dit betekent concreet dat in 2050:

I

•

100 millimeter regen in 24 uur niet tot schade of wateroverlast leidt.

•

bij hevige regen er geen vuilwater op straat, in tuinen of in de natuur terecht komt.

•

tropische temperaturen en langdurige droogte de leefbaarheid beperkt negatief beïnvloeden.

Met deze nota wil de gemeente het risico op wateroverlast in de bebouwde omgeving verminderen. Dit hangt samen

met het voorkomen van droogte, hittestress en bodemdaling. Met deze nota geeft de gemeente invulling aan de gezamenlijke opgave met een combinatie van maatregelen. Deze

zijn: 1.

Optimale inzet rioolstelsel: Gemeente legt een gescheiden rioolstelsel aan. In 2020 heeft na schatting 10% va de huishouden een gescheiden afvoer. Het doel is dat in 2030 45% van alle huishoudens is aangesloten op het

i

gescheiden rioolstelsel. In 2050 moet dit 90% zijn. Een hemelwaterverordening helpt hierbij. 2.

Groene daken: . Groene (sedum) daken zijn effectief in het bergen en vertraagd afvoeren van regenwater. Daarnaast is het goed als dakisolatie, verlegt de levensduur van het dak en geeft het verkoeling in de zomer. Met een subsidie op groene daken stimuleren wij de aanleg van 4000 vierkante meter groene dakoppervlakte per jaar. Daarmee kunnen alle inwoners een schuur of tuinhuis van 40 vierkante meter bedekken.

3.

Waterberging bij bouw: Alle nieuwbouw-, uitbouw- en renovatieprojecten in Wijdemeren dragen vanaf 2021 bij

aan het klimaatbestendig en waterrobuust inrichten van de bebouwde omgeving. Tenminste 40 millimeter van

i

gesloten verhardoppervlakte afstromend regenwater wordt op het eigen perceel geborgen. 4.

Waterberging openbare ruimte: Herinrichtingsprojecten van de gemeente zijn bij oplevering klimaatbestendig en waterrobuust. In het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) is de ambitie opgenomen om 100 millimeter regenwater in de openbare ruimte te kunnen bergen of afvoeren.

Toetsing in overeenstemming met de regels vanuit het wateschap is ruimschoots rekenschap gehouden met voldoende

waterberging (zie ook paragraaf 4.3). Bij de uitwerking van het plan zal het gebruik van groene daken overwogen kunnen worden. Het plan voldoet aan de uitgangspunten uit de Nota Klimaatadapatie

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11890030/1