Bijlage 1 Jaarstukken 2025 Tomin groep
Tekst van het document
JAARSTUKKEN 2025 VERSIE 18 MAART 2026
Werkvoorzieningschap Tomingroep
INHOUDSOPGAVE
Jaarverslag Verslag van het bestuur bij de jaarrekening over 2025
2
Programmaverantwoording
7
Bedrijfsvoering
9
Verbonden partijen
9
Treasuryparagraaf
11
Openbaarheidsparagraaf
12
Jaarrekening 2025 Balans per 31 december
14
Overzicht van baten en lasten in de jaarrekening over het begrotingsjaar
16
Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling
17
Toelichting op de balans per 31 december 2025
20
Toelichting op het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening over 2025
25
Voorstel tot bestemming van het resultaat over het boekjaar 2025
28
Publicatie Wet normering topinkomens (WNT) 2025
29
Rechtmatigheidsverantwoording
30
Bijlage Verantwoording WSW 2025
32
Bijlage Taakvelden 2025
32
Overige gegevens Controleverklaring van de onafhankelijke accountant
33
Pagina | 1
Verslag van het bestuur bij de jaarrekening over 2025 Opdracht Werkvoorzieningschap Tomingroep voert de Wet sociale werkvoorziening uit voor haar deelnemende gemeenten. Het doel is mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt te helpen bij het verkrijgen en behouden van een betaalde baan binnen of buiten Tomingroep. Dit gebeurt door het bieden van ontwikkeltrajecten, passend werk, begeleiding en bemiddeling. De beste resultaten worden bereikt door het optimaal inzetten van de beschikbare middelen en dus door het optimaliseren van de bedrijfsvoering met borging van goed werkgeverschap en de continuïteit van de organisatie op lange termijn. Het Werkvoorzieningschap wordt bestuurd door een Algemeen Bestuur en een Dagelijks Bestuur. Het Werkvoorzieningschap is aandeelhouder van Tomingroep BV. Personeel De jaarrekening van 2025 is, gelijk aan de jaren daarvoor, opgesteld op basis van de structuur waarbij de medewerkers met een WSW-indicatie in dienst zijn van het Werkvoorzieningschap Tomingroep, en waarbij de bedrijfsactiviteiten worden uitgevoerd door Tomingroep BV. Deze medewerkers met een WSW-indicatie zijn door het Werkvoorzieningschap gedetacheerd bij Tomingroep BV. In deze jaarrekening wordt ingegaan op de ontwikkelingen van het Werkvoorzieningschap in het verslagjaar 2025.
Het Werkvoorzieningschap Tomingroep is alleen verantwoordelijk voor de uitvoering van de Wet sociale werkvoorziening. Inwoners uit onze deelnemende gemeenten die vallen onder de Participatiewet worden ook door Tomingroep BV ondersteund, maar dit valt alleen indirect onder het Werkvoorzieningschap. Tot 2015 werd door de Rijksoverheid de taakstelling WSW vastgesteld per gemeente. Sindsdien is er geen sprake meer van een taakstelling maar wordt per gemeente een subsidiebedrag beschikbaar gesteld gebaseerd op het verwachte aantal WSW-ers. Voor 2025 bedroeg deze quasi taakstelling voor de deelnemende gemeenten binnen Tomingroep in totaal 517,6 SE’s (2024: 567,7). SE staat voor standaard eenheid, en is ongeveer gelijk aan een voltijds plek voor een WSW-geïndiceerde inwoner. Uiteindelijk werd voor 2025 een bezetting van 510,4 (2024: 555,7) SE’s gerealiseerd, een onder-realisatie van 7,2 SE’s, die werd veroorzaakt doordat het werkelijke natuurlijke verloop afweek van de rekenkundige voorspelling door het ministerie. Omdat veel medewerkers in deeltijd werken is het aantal personen groter dan het aantal standaard eenheden (SE’s). Het aantal medewerkers van het Werkvoorzieningschap nam in het verslagjaar af van 623 eind 2024 naar 573 ultimo 2025.
Van deze medewerkers werkten er 532 gedetacheerd vanuit het Werkvoorzieningschap bij Tomingroep BV en hadden er 41 een dienstverband rechtstreeks bij Tomingroep BV of bij een andere werkgever (dit noemen we ‘Begeleid Werken’). Hoewel de Sisa-verantwoording formeel is vervallen met de komst van de Participatiewet, is over 2025 wel een verantwoording op basis van de Sisa-uitgangspunten opgesteld. Deze verantwoording is door de externe accountant getoetst en akkoord bevonden en dient ter verantwoording aan de deelnemende gemeenten. Samenwerkingsovereenkomst Werkvoorzieningschap Tomingroep en Tomingroep BV Het Werkvoorzieningschap belast, als eigenaar van de panden, huur en een gebruiksvergoeding voor het gebruik van onroerende goederen en overige vaste bedrijfsmiddelen door aan Tomingroep BV. In een samenwerkingsovereenkomst is dit tussen beide rechtspersonen vastgelegd. In het Jaarcontract 2025 is opgenomen dat het Werkvoorzieningsschap Tomingroep een bestemmingsreserve heeft gevormd voor negatieve financiële resultaten van Tomingroep BV, voor zover deze niet kunnen worden opgevangen in het eigen vermogen van de BV. Daarbij houdt het Werkvoorzieningsschap een ondergrens voor het eigen vermogen van de BV aan ter hoogte van de waardering van de deelneming van Tomingroep BV in het Werkvoorzieningsschap, te weten € 2.522.000.
Ultimo 2025 is het eigen vermogen van de BV hieronder gedaald, derhalve heeft het Werkvoorzieningschap additionele exploitatiebijdragen toegezegd over 2025 en 2026 die volgens
Pagina | 2
begroting in 2026 zullen leiden tot een eigen vermogen van de BV dat ultimo 2026 weer boven de ondergrens van de waardering van €2.522.000 ligt.
Financieel Resultaat Werkvoorzieningschap Tomingroep De gerealiseerde opbrengsten bedroegen in 2025 € 26,2 miljoen, € 0,1 miljoen hoger dan in 2024 en € 1,8 miljoen meer dan begroot. Niet alleen bij Tomingroep, maar ook landelijk dalen de aantallen mensen in de WSW sneller dan bij de invoering van de Participatiewet was voorzien. Omdat het landelijke budget is gebaseerd op de oorspronkelijke ramingen valt de subsidie per SE steeds hoger uit. Het subsidiebedrag per SE voor 2025 kwam hierdoor, maar ook door de ophoging voor loonprijsontwikkeling, uit op € 40.680 (2024: € 37.945). Dit subsidiebedrag per SE is in de afgelopen jaren boven de gemiddelde loonkosten per SE gestegen. Hierdoor ontstaat, anders dan in het verleden, een subsidieoverschot in het Werkvoorzieningschap Tomingroep. Hierdoor hoeft er dus ook geen beroep meer te worden gedaan op een garantie-uitkering vanuit Tomingroep BV. Andersom, omdat de krimpkosten, de te lage begeleidingsvergoeding en de hogere kosten voor de uitvoering van de P-wet in Tomingroep BV vallen, neemt het exploitatieresultaat van Tomingroep BV steeds verder af. De totale bedrijfslasten van Werkvoorzieningschap Tomingroep bedroegen in 2025 € 26,8 miljoen (2024: € 26,4 miljoen), hetgeen 0,4 miljoen hoger is dan 2024.
De personeelskosten en kosten van begeleiding dalen door de afname van het personeelsbestand met 0,2 miljoen en de overige bedrijfskosten blijven ongeveer gelijk. Daartegenover staat een € 0,6 miljoen hogere exploitatiebijdrage aan Tomingroep BV van € 3,6 miljoen in 2025 (2024: € 3,0 miljoen). Exclusief de onttrekking aan de reserves bedraagt het nettoresultaat van het Werkvoorzieningschap Tomingroep voor 2025 € 0,6 miljoen negatief (2024: € 0,3 miljoen negatief). Het nettoresultaat van het Werkvoorzieningschap Tomingroep inclusief de onttrekking van € 3,6 miljoen bedraagt voor 2025 € 3,0 miljoen positief (2024: € 2,7 miljoen positief na onttrekking van € 3,0) inclusief de onttrekking. Voorgesteld wordt het positieve resultaat 2025 van het Werkvoorzieningschap Tomingroep toe te voegen aan de bestemmingsreserve die dient ter dekking van tekorten van Tomingroep BV en/of het Werkvoorzieningsschap Tomingroep in komende jaren. Financieel resultaat Tomingroep BV Het financieel resultaat van Tomingroep BV over 2025 komt naar verwachting uit op een verlies van circa €3,2 miljoen (2024: € 3,5 miljoen verlies). Het eigen vermogen van Tomingroep BV is in 2025 ondersteund door de betaling van een exploitatiebijdrage van € 3,6 miljoen. Dat was echter niet voldoende om het eigen vermogen boven de te hanteren ondergrens van € 2.522.000 te houden.
Om het EV daar weer boven te brengen zijn in 2026 aanvullende exploitatiebijdragen toegezegd. Geconsolideerd resultaat en vermogen In de door het Algemeen Bestuur vastgestelde begroting 2025 van het Werkvoorzieningschap Tomingroep was de intentie opgenomen om in 2025 een exploitatiebijdrage aan Tomingroep BV te verstrekken van € 3,6 miljoen. Omdat het eigen vermogen van de Tomingroep BV in 2025 onder eerder vermelde ondergrens daalde is deze ook daadwerkelijk verstrekt aan Tomingroep BV. In aanvulling hierop is de exploitatiebijdrage van oorspronkelijk € 3,6 miljoen nog aangevuld met een additionele bijdrage van € 4,0 miljoen over 2025 die in 2026 is toegekend. Ook is de exploitatiebijdrage voor 2026 zelf verhoogd van € 5,0 miljoen naar €7,6 miljoen waardoor eind 2026 Tomingroep BV volgens de begroting weer een eigen vermogen heeft boven vermelde ondergrens, zijnde de verkrijgingsprijs door het Werkvoorzieningschap. Daarnaast is door een garantstelling (in liquiditeiten) afgegeven voor de jaren 2026 en 2027 van elk maximaal € 7,6 miljoen per jaar.
Pagina | 3
In 2025 maakt het Werkvoorzieningschap Tomingroep een negatief resultaat van € 0,6 miljoen (exclusief onttrekking uit de bestemmingsreserve). Het eigen vermogen van het Werkvoorzieningschap bedraagt ultimo 2025 € 9,6 miljoen. De jaarrekening van de BV moet nog worden opgesteld. Geconsolideerd maken het Werkvoorzieningschap Tomingroep en de Tomingroep BV in 2025 nu samen naar verwachting een negatief financieel resultaat van € 3,7 miljoen. Voor het jaar 2025 was in de begin 2024 opgestelde meerjarenbegroting een negatief gezamenlijk resultaat (het Werkvoorzieningschap Tomingroep en Tomingroep BV) begroot van - € 1,6 miljoen. Met de huidige inzichten zal het resultaat 2025 zoals vorenstaand vermeld waarschijnlijk negatiever uitkomen. In 2026 stijgt door aanvullende exploitatiebijdragen het eigen vermogen van Tomingroep BV weer tot boven een acceptabel niveau (weerstandvermogen). Doelgroepen Tomingroep (Werkvoorzieningschap en BV) De gemeenten hebben eindverantwoordelijkheid voor de uitvoering van de Participatiewet. Daarmee zijn zij ook verantwoordelijk voor de ondersteuning richting de arbeidsmarkt van inwoners die een afstand hebben tot die arbeidsmarkt (doelgroep voorheen Wajong, WSW, arbeidsmatige dagbesteding AWBZ, en niet-uitkerings-gerechtigden (NUG) met een arbeidsbeperking). De toegang tot de arbeid via de WSW is sinds 1 januari 2015 afgesloten.
De zittende groep WSW-medewerkers heeft haar recht op arbeid en inkomen behouden. Tomingroep blijft zich inspannen om voor meerdere groepen (WSW- en P-wet-medewerkers en NUG-gers) de best passende, zo regulier mogelijke arbeid te realiseren binnen of buiten de muren van het bedrijf. Het organiseert daarvoor de noodzakelijke begeleiding, arbeidsontwikkeling en passend werk en doet dit op een bedrijfseconomisch zo verantwoord mogelijke manier. Tomingroep BV heeft zich gekwalificeerd als aanbieder van de wettelijke voorziening Beschut Werken (onderdeel van de Participatiewet). Hierover zijn in 2021 afspraken gemaakt in het bedrijfsplan “Ketensamenwerking Tomingroep”. Arbeidsmatige dagbesteding wordt momenteel – behoudens enkele lopende trajecten – bij Tomingroep BV niet georganiseerd. Strategie In 2024 heeft het Algemeen Bestuur een midterm review uit laten voeren, met de volgende opdracht: Voer de midterm review uit op de nieuwe koers van de ketensamenwerking Tomingroep, die zich richt op de taken rond de nieuwe doelgroepen. Ga na of de realisaties in lijn zijn met de afspraken in het businessplan en welke maatregelen eventueel nodig zijn om de gemaakte afspraken te realiseren. Beoordeel daarbij of Tomingroep op de goede weg is om: a. De transitie van werkbedrijf naar werkleerbedrijf door te maken b. Met de gemeentelijke bijdragen een gezonde financiële huishouding te voeren.
De aanbeveling uit de midterm review zijn door het Algemeen Bestuur overgenomen, te weten: 1. Trek als gemeenten en Tomingroep meer met elkaar op. Maak elkaar deelgenoot en ervaar de doelstellingen als gezamenlijke doelstellingen. Stel gezamenlijke uitvoeringsteams in. Licht de bestanden in deze gezamenlijke teams door en ga met elkaar op zoek naar de beste oplossingen voor kandidaten. Pas het aanbod aan op de vraag. Denk buiten de kaders. 2. Werk gestructureerd en methodisch samen. Maak een samenwerkingsplan. Formuleer SMARTdoelstellingen voor de gezamenlijke teams van gemeente(n) en Tomingroep. 3. Handhaaf de doelstellingen in het bedrijfsplan voor 2025 4. Ga door intensieve samenwerking en afstemming in de gezamenlijke teams na hoe het aanbod van Tomingroep kan worden aangepast aan de mogelijkheden en behoeften van kandidaten die het nu nog niet lukt om aan het werk te komen. 5. Ga aan de slag met de afgesproken monitoring- en sturingslijn en zet die in voor het realiseren van een PDCA-cyclus binnen de keten. 6. Houdt de zes strategische KPI’s – zoals geformuleerd in het bedrijfsplan - tegen het licht. Ga na welke verbeteringen mogelijk zijn, gericht op beter inzicht in de effectiviteit, de
Pagina | 4
ketensamenwerking, de ontwikkeling van Tomingroep naar werkleerbedrijf en het financieel resultaat. Formuleer duidelijke targets en streefwaarden voor de KPI’s en vergelijk de realisaties met de gestelde targets en met benchmarkmateriaal. 7. Vraag de directeur Tomingroep en RvC om een doorlichting van de bedrijfsvoering en om een plan, zodat het bedrijf flexibel en doelmatig kan inspelen op de behoeften, de veranderende doelgroep en de veranderende omstandigheden op de arbeidsmarkt. 8. Start in de tweede helft van 2024 met de voorbereidingen van de besluitvorming over de ketensamenwerking na 2025. De aanbevelingen zijn door het Algemeen Bestuur vertaald naar de volgende acties: A. Het Algemeen Bestuur heeft een Aanjager Ketensamenwerking de volgende opdracht gegeven: draag in nauwe samenwerking met de (uitvoering van de) gemeenten en Tomingroep zorg voor: a) Het optimaal functioneren van de gezamenlijke teams (Tomingroep/gemeenten), die bestanden van werkzoekenden doornemen en de behoefte vanuit gemeenten en werkzoekenden in beeld brengen, optimaal functioneren en de gezamenlijk gestelde doelen realiseren. b) Concrete voorstellen voor het aanpassen van het aanbod van Tomingroep op basis van de vastgestelde behoeften. c) Voorstellen voor een gezamenlijke diagnosesystematiek.
d) Voorstellen voor het realiseren van de afgesproken monitorings- en sturingslijn (inclusief randvoorwaarden en handhavingsmechanismen) binnen de PDCA-cyclus. e) Verbetervoorstellen ten aanzien van de 6 vastgelegde strategische KPI’s. B. Er is een Taskforce liquiditeit ingericht, met de volgende opdracht: a) Formuleer uiterlijk eind augustus 2025 een onderbouwd voorstel voor het aanpakken van het dreigende liquiditeitstekort in oktober/november 2025. b) Formuleer een realistisch en onderbouwd voorstel op voor de financiering van het liquiditeitstekort in 2026 en ’27. c) Creëer een 0-scenario, een schets van de situatie over 5 jaar bij ongewijzigd beleid. C. Er is een projectleider Visieontwikkelingen nieuwe infrastructuur aangenomen met de volgende opdracht: Het opstellen van een koersdocument dat richting geeft aan de toekomst van het sociaal ontwikkelbedrijf in de regio. Dit document bevat een uitgewerkt voorkeursscenario op basis van een vergelijkende analyse van gemeentelijke visies, met onderbouwde keuzes ten aanzien van samenwerking, dienstverlening, financiering en governance. Stand van zaken: Het AB heeft in december 2025 besloten om de Colleges van de GR gemeenten te adviseren als eerste stap in het inrichten van een nieuwe infrastructuur te besluiten tot een aparte infrastructuur voor respectievelijk Almere en Gooi & Vechtstreek.
De Colleges hebben besloten dit advies begin 2026 over te nemen en het Algemeen Bestuur gevraagd een transitieplan op te stellen voor de verdere uitwerking.
Samenstelling bestuur De samenstelling van het bestuur heeft in 2025 twee wijzigingen ondergaan. Mevrouw Van Rijn, wethouder van de gemeente Wijdemeren, heeft in september 2025, vanwege de fusie van Wijdemeren en Hilversum eind 2026, haar functie in het DB overgedragen aan de heer Heller, wethouder Hilversum. Omdat met de toetreding van de portefeuillehouder van Hilversum in het DB de grootste gemeente van de Gooi en Vechtstreek is vertegenwoordigd in het DB, achtte het Algemeen Bestuur het wenselijk om de vertegenwoordiger van de grootste Tomingemeente Almere de mogelijkheid te bieden om als toehoorder bij de vergaderingen aanwezig te zijn. De heer Mos, wethouder Almere, is daarom met ingang van september 2025 benoemd als toehoorder van het Dagelijks Bestuur.
Pagina | 5
De heer Mos, wethouder van de gemeente Almere, heeft in november 2025 zijn functie neergelegd en is opgevolgd door de heer Tang als lid van het Algemeen Bestuur en toehoorder van het Dagelijks Bestuur. Voor een totaaloverzicht van de samenstelling van het dagelijks en het algemeen bestuur wordt verwezen naar pagina 28. Tot slot Het bestuur dankt de medewerkers van Tomingroep voor de inzet in het afgelopen jaar en vertrouwt erop dat door de gezamenlijke inspanningen van alle betrokkenen vanuit de keten, Tomingroep ook in de toekomst als sociaal en effectief arbeidsmarktinstrument zal worden ingezet door de deelnemende gemeenten.
Mevrouw H.B Boudewijnse Voorzitter
De heer I.W.J.K.N. Korte Directeur
Pagina | 6
Programmaverantwoording Doelstelling De doelstelling van het Werkvoorzieningschap Tomingroep is de integrale uitvoering van de WSW en de daaruit voortvloeiende en daarmee verband houdende voorschriften en regelingen. Bereikte resultaten Het algemeen bestuur heeft Tomingroep BV belast met de uitvoering van de WSW. Het algemeen bestuur en de directie van Tomingroep BV hebben hierover afspraken gemaakt en vastgelegd in een contract. Het aantal SE’s bedroeg in 2025 gemiddeld 510,4 terwijl 536,6 begroot was. Weerstandsvermogen en risicobeheersing Bij het weerstandsvermogen gaat het om de mate waarin het Werkvoorzieningschap Tomingroep in staat is middelen vrij te maken om substantiële tegenvallers op te vangen, zonder dat dit betekent dat het beleid veranderd moet worden. Daarnaast vormt ook de algemene reserve een buffer tegen onverwachte financiële tegenvallers. In deze paragraaf wordt inzicht gegeven in het vermogen van het Werkvoorzieningschap Tomingroep om risico’s die niet in de jaarrekening zijn verwerkt op te vangen. Als risico’s worden beschouwd alle redelijk voorzienbare risico’s, die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot het balanstotaal c.q. het eigen vermogen en de omvang van het overzicht van baten en lasten. Het weerstandsvermogen ultimo 2025 bedraagt 9,6 miljoen euro (na resultaatbestemming).
Per 31 december 2025 is er geen saldo voorbestemd om uit te keren aan de deelnemende gemeenten. Het weerstandsvermogen wordt voor de korte termijn als toereikend beoordeeld. Echter in het meerjarenperspectief van Tomingroep BV wordt een structureel verlies verwacht voor de komende jaren. Voor het eerst in verslagjaar 2024 is daarom besloten om een exploitatiebijdrage te verlenen aan Tomingroep BV. Deze exploitatiebijdrage is onttrokken aan de bestemmingsreserve. Het positieve resultaat 2025 van het Werkvoorzieningschap Tomingroep wordt voorgesteld toe te voegen aan genoemde bestemmingsreserve. De deelneming in Tomingroep BV is voor de verkrijgingsprijs op de balans opgenomen. Voor de intrinsieke waarde van Tomingroep BV per 31 december 2025 wordt verwezen naar de jaarrekening van Tomingroep BV. Kengetallen
Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte Belastingcapaciteit
2025 -3,1% -3,1% 62,7% -2,1% n.v.t.
Begroot -8,8% -8,8% 94,4% -5,0% n.v.t.
2024 -3,0% -3,0% 66,5% 10,3% n.v.t.
Netto schuldquote en netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Hoe hoger de schuld, hoe hoger de netto schuldquote. De netto schuldquote geeft het niveau van de schuldenlast aan ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Veelal wordt een netto schuldquote kleiner dan 100% als voldoende beschouwd.
Pagina | 7
Solvabiliteitsratio Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin het Werkvoorzieningschap in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe groter de weerbaarheid van het Werkvoorzieningschap. Voor het bedrijf wordt vaak een solvabiliteit van 25% of hoger als voldoende beschouwd. Voor het Werkvoorzieningschap komt de solvabiliteitsratio uit op 62,7% (2024: 66,5%). Structurele exploitatieruimte Voor de beoordeling van de financiële positie is het ook van belang te kijken naar de structurele baten en structurele lasten. De structurele baten zijn voornamelijk de rijkssubsidie WSW. Dit kengetal geeft aan hoe groot de structurele exploitatieruimte is, doordat wordt gekeken naar de structurele baten en structurele lasten en deze worden vergeleken met de totale baten. In 2024 werd in de berekening van dit percentage de onttrekking aan de bestemmingsreserve van € 3 miljoen nog betrokken. In 2025 is een dergelijke onttrekking niet hierin meegenomen. Indien in de berekening van 2024 de onttrekking niet verdisconteerd zou zijn geweest, dan had deze -1,2% bedragen.
Risico’s Ten aanzien van de risico’ s kan de volgende kwantificering worden gegeven: Het Werkvoorzieningschap kent geen zelfstandige activiteiten. De medewerkers zijn gedetacheerd bij Tomingroep BV. De exploitatiecijfers bestaan voornamelijk uit de te ontvangen subsidie bedragen en de te betalen salarissen. Daarnaast worden de panden verhuurd (opbrengst) in stand gehouden en onderhouden (last) en wordt een loonwaarde ontvangen en een begeleidingsvergoeding betaald voor de gedetacheerde medewerkers bij Tomingroep BV. Ten aanzien van de balansposten worden de risico’ s als nihil beoordeeld. De activa betreffen met name terreinen en gebouwen, de deelneming Tomingroep BV, de vordering op Tomingroep BV, vorderingen op gemeenten, De waardering van gebouwen en terreinen hebben wij beoordeeld en geconcludeerd dat de risico’ s hiervan zeer laag zijn. Het onroerend goed is getoetst aan de WOZ-waarde. De waardering van de deelneming in Tomingroep BV is gebaseerd op de verkrijgingsprijs. Onderhoud kapitaalgoederen en groot onderhoud De voorziening voor het egaliseren van de kosten van groot onderhoud aan terreinen, gebouwen en installaties is in 2020 vrijgevallen omdat er geen actueel onderhoudsplan beschikbaar is. In 2022 is definitief besloten geen nieuwe voorziening te vormen. Het beleid van het Werkvoorzieningschap Tomingroep is uiteraard om wel groot onderhoud op de gebouwen te doen.
Het Werkvoorzieningschap Tomingroep heeft in 2025 als een goed huismeester haar gebouwen laten onderhouden. De hiervoor gedane uitgaven zijn beperkt.
Financiering Werkvoorzieningschap Tomingroep wil dat geen verliezen worden geleden door het aanhouden van financiële middelen buiten de organisatie bij partijen die niet noodzakelijk zijn bij het verwezenlijken van de doelstelling van de organisatie ten aanzien van de integrale uitvoering van de WsW. De middelen worden daarom aangehouden bij de BNG of ingezet binnen Tomingroep BV voor de uitvoering van de WsW. In de financieringsbehoefte van Werkvoorzieningschap Tomingroep wordt tot 1 januari 2028 voorzien door subsidies vanuit het rijk en de deelnemende gemeenten en uit garanties vanuit de deelnemende gemeenten voor jaarlijks 7,6 miljoen euro in 2026 en 2027. De rentelasten van de banklening en de langlopende lening van Tomingroep BV bedroegen in 2025 € 96.725 en de renteopbrengsten, inclusief die over de rekening courant met Tomingroep BV, bedroegen € 182.003. Het renteresultaat is in 2025 € 85.278 positief.
Pagina | 8
Bedrijfsvoering Subsidieresultaat Het subsidieresultaat, dat wil zeggen het verschil tussen de WSW-subsidie en de loonkosten van het WSW-personeel, kan per jaar fluctueren als gevolg van o.a. landelijke factoren, besluiten van het ministerie over compensatie loonkosten en nieuwe wetgeving. Naar aanleiding van de huidige wetgeving wordt voor de komende jaren een oplopend positief subsidieresultaat verwacht. Het subsidieresultaat 2025 bedroeg een positief bedrag van € 1,7 miljoen. Dit positieve subsidieresultaat is met name te danken aan de lagere bezetting. Rechtmatigheid In de jaarrekening over het jaar 2025 zijn twee bevindingen inzake de rechtmatigheidsverantwoording vermeld die in 2024 ook vermeld zijn. Hieronder wordt kort toegelicht hoe deze bevindingen gemitigeerd gaan worden. • Het Werkvoorzieningschap Tomingroep heeft in 2025 net als in 2024 niet volledig voldaan aan de Europese aanbestedingswet. In 2024 is het inkoop en aanbestedingsbeleid vastgesteld, en een aanbestedingskalender opgesteld. O.a. door verloop op de inkoopafdeling en de intensiteit en lengte van Europese aanbestedingstrajecten moesten keuzes gemaakt worden welke trajecten meteen en welke later gestart konden worden, het streven is om in ieder geval in 2028 aan de Europese aanbestedingswet te voldoen.
• In het kader van de begrotingsrechtmatigheid moeten de lastenoverschrijdingen per programma beoordeeld worden. Bij het Werkvoorzieningschap Tomingroep is er geen sprake van separate programma’s, zodat de begrotingsrechtmatigheid moet worden beoordeeld voor het totaal van de lasten, conform het overzicht van baten en lasten. Het totaal der lasten heeft in 2025 de begroting overschreden. In 2026 worden begrotingsoverschrijdingen door middel van begrotingswijzigingen goedgekeurd. Voor een verdere toelichting op de bedrijfsvoering verwijzen wij u naar het verslag van het bestuur.
Verbonden partijen Verbonden partijen zijn derde rechtspersonen waarmee het Werkvoorzieningschap Tomingroep een bestuurlijk en/of financieel belang heeft. Onder bestuurlijk belang wordt verstaan een zetel in het bestuur van een participatie of het hebben van stemrecht. Van een financieel belang is sprake wanneer het Werkvoorzieningschap middelen ter beschikking heeft gesteld en daar risico over loopt in bijvoorbeeld het geval van faillissement van de verbonden partij en/of als financiële problemen bij de verbonden partij verhaald kunnen worden op het Werkvoorzieningschap Tomingroep. Het Werkvoorzieningschap Tomingroep is als gemeenschappelijke regeling een verbonden partij voor de deelnemende gemeenten Almere, Blaricum, Eemnes, Hilversum, Huizen, Laren, Wijdemeren en Gooise Meren. Het Werkvoorzieningschap Tomingroep heeft een 100% deelneming in Tomingroep BV. Werkvoorzieningschap Tomingroep en Tomingroep BV hebben een meerjarige samenwerkingsovereenkomst afgesloten. In deze overeenkomst garandeert Tomingroep BV het Werkvoorzieningschap een nulresultaat en verklaart het Werkvoorzieningschap dat de swmedewerkers bij Tomingroep BV worden gedetacheerd. In 2024 is besloten de garantstelling voor een nulresultaat door Tomingroep BV vanaf 2024 niet meer van toepassing te verklaren.
Per jaar wordt een contract gesloten waarin vastgelegd is aan hoeveel sw-medewerkers Tomingroep BV werk dient te bieden en aan welke overige sociale doelstellingen Tomingroep BV inhoud dient te geven.
Pagina | 9
Tomingroep BV
31-dec-25 prognose
(x € 1,000) 31-dec-24 gerealiseerd
Eigen Vermogen
-225
2.964
Vreemd Vermogen
15.421
12.232
Resultaat
-3.189
-3.509
Onder de geconsolideerde jaarrekening van Tomingroep BV vallen de volgende entiteiten, Focus @ Work BV, Tomin Facilitair BV, Talentroute BV, Stads Beheer Service BV, de Veluwse Hoevegaerde BV en Tractio BV. Het Werkvoorzieningschap heeft toegezegd in 2026 aanvullende exploitatiebijdragen aan Tomingroep BV te verlenen voor de jaren 2025 en 2026 waarmee volgens de begroting ultimo 2026 het eigen vermogen weer tenminste de verkrijgingsprijs zal bedragen. Daarnaast is een garantstelling (in liquiditeiten) afgegeven voor de jaren 2026 en 2027 van elk maximaal € 7,6 miljoen per jaar. Ten behoeve van het personeel van Tomingroep is er een Stichting Sociaal Fonds opgericht, Tomingroep kan in deze stichting meerdere bestuurders benoemen. Alleen personeel van Tomingroep kan lid worden, hiervoor betaalt men een contributie van € 0,45 per maand. In noodgevallen kan een lid een rentevrije lening ontvangen of een gift. Het eigen vermogen van Stichting Sociaal Fonds ultimo 2025 is € 66.566 (2024: € 69.035) gebaseerd op de concept cijfers van 2025.
Pagina | 10
Treasuryparagraaf Financiering (x € 1.000) In het kader van de Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido) wordt onderstaande informatie gegeven over de liquiditeitspositie in relatie tot de kasgeldlimiet en de renterisiconorm. Berekening kasgeldlimiet Begrotingstotaal 2025 Kasgeldlimiet in procenten van de grondslag Kasgeldlimiet in bedrag
Realisatie 2025
25.536 8,2% 2.094
jan-mrt
apr-jun
jul-sep
okt-dec
gemiddeld
Vlottende (korte) schuld
1.137
2.051
1.093
2.078
1.590
Vlottende middelen
-5.644
-6.653
-5.388
-6.230
-5.979
Totaal netto vlottende schuld
-4.507
-4.602
-4.295
-4.152
-4.389
Toegestane kasgeldlimiet
2.094
2.094
2.094
2.094
2.094
Ruimte (+)/Overschrijding(-)
6.601
6.696
6.389
6.246
6.483
De kasgeldlimiet wordt bepaald aan de hand van het gemiddelde van de ultimo saldi per kwartaal.
Renterisico op de vaste schuld
2025
2026
2027
2028
(4) Nieuw aangetrokken vaste schuld (5) Betaalde aflossingen (6) Herfinanciering (7) Renterisico op vaste schuld
0 3.350 3.000 3.000
0 350 0 0
0 3.350 3.000 3.000
0 3.000 3.000 3.000
(8) Renterisiconorm (9a) Ruimte onder renterisiconorm
5.107 2.107
4.554 4.554
4.391 1.391
4.208 1.208
Stand van de vaste schuld per 1 januari Nieuw aangetrokken vaste schuld
4.050 3.000 7.050 3.350 3.700
3.700 0 3.700 350 3.350
3.350 3.000 6.350 3.350 3.000
3.000 3.000 6.000 3.000 3.000
Aflossingen Stand van de vaste schuld per 31 december
Pagina | 11
Openbaarheidsparagraaf Dit is de openbaarheidsparagraaf van het Werkvoorzieningschap Tomingroep. De verplichting komt voort uit het besluit tot actieve openbaarmaking van informatie, de plannen ter verbetering van de informatiehuishouding bij de ministeries en artikel 3.5 van de Wet open overheid (Woo) dat bepaalt dat een bestuursorgaan in de jaarlijkse begroting en verantwoording aandacht besteedt aan de beleidsvoornemens en uitvoering van de Woo. De focus van deze openbaarheidsparagraaf is de beschrijvende en kwalitatieve verantwoording op hoofdlijnen over de activiteiten die zijn uitgevoerd in 2025 op de thema’s verbetering van de informatiehuishouding, actieve openbaarmaking en passieve openbaarmaking. Organisatie en samenwerking Het realiseren van activiteiten op de thema’s verbetering van de informatiehuishouding, actieve openbaarmaking en passieve openbaarmaking is een taak die belegd is bij de afdeling communicatie in samenwerking met de directiesecretaris.
In 2025 had Tomingroep een volwaardige afdeling communicatie. Sinds 2024 is er een aparte directiesecretaris voor Tomingroep aangesteld. In 2025 is de marketingcampagne om Tomingroep meer bekendheid en een beter imago te geven, voortgezet.
Verbetering informatiehuishouding Voor de verbetering van de informatiehuishouding zijn in 2025 de volgende activiteiten gerealiseerd:
Doorontwikkelen van de website. Berichtgeving via interne communicatiemiddelen zijn voortgezet (o.a. magazine Tominfo, Intranet, narrow casting) Uitgeven boekjes en flyers voor belanghebbenden. Berichtgeving via digitale nieuwsbrieven en sociale media. Advertenties in lokale kranten. Informatiemiddagen voor personeel over beleid en actuele gebeurtenissen inzake Tomingroep. Speciaal ontwikkelde interne informatie voor Doelgroep-medewerkers. Berichtgeving over de transitie is opgestart via informatiebladen, intranetberichten en personeelsbijeenkomsten.
Actieve openbaarmaking Onder actieve openbaarmaking verstaan we de activiteiten die vanuit de overheid worden ondernomen om informatie uit zichzelf openbaar te maken voor de samenleving en politiek. In 2025 zijn hiervoor de volgende activiteiten gerealiseerd: Aangekondigde openbare Algemeen Bestuursvergaderingen. Raads-informatiebrieven die door de colleges aan de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten zijn gestuurd. Jaarstukken beschikbaar gemaakt via de website. Informatiebijeenkomsten gehouden voor raadsleden. Passieve openbaarmaking Onder passieve openbaarmaking verstaan we het openbaar maken van informatie naar aanleiding van een verzoek uit de samenleving, zoals de Woo-verzoeken. In 2025 zijn er bij het Werkvoorzieningschap Tomingroep geen Woo-verzoeken ingediend. Daarom heeft er geen passieve openbaarmaking plaatsgehad in 2025.
Pagina | 12
JAARREKENING 2025 Werkvoorzieningschap Tomingroep
Pagina | 13
Balans per 31 december
(x € 1.000)
31-dec-25
31-dec-24
6.505
6.807
Activa Vaste activa Materiële vaste activa Investeringen met een economisch nut Financiele vaste activa Deelnemingen
2.522
2.522
Kapitaalverstrekkingen
2.522
2.522
Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Banksaldi Rekening-courantverhoudingen met niet financiële instellingen Overige vorderingen
Overlopende activa
Totaal
467
348
5.547 102
4.474 28 6.116
4.850
113
1.022
15.257
15.201
Pagina | 14
Balans per 31 december
(x € 1.000)
31-dec-25
31-dec-24
Passiva Vaste passiva Eigen vermogen Algemene reserve Bestemmingsreserves Gerealiseerd resultaat
1.879 4.631 3.050
1.879 5.549 2.682 9.560
Voorzieningen Voorziening RVU
269
10.110
0 269
0
Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer Onderhandse leningen Schulden aan financiële instellingen
700 3.000
1.050 3.000 3.700
4.050
Vlottende passiva Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
Overige schulden
683
702 683
702
Overlopende passiva
1.045
338
Totaal
15.257
15.201
Pagina | 15
Overzicht van baten en lasten in de jaarrekening over het begrotingsjaar (x € 1.000)
Realisatie 2025
Begroting 2025
Realisatie 2024
Lasten
Lasten
Lasten
Baten
Baten
Baten
Overige bedrijfsopbrengsten
4.880
4.694
4.961
Bedrijfsopbrengsten
4.880
4.694
4.961
Lonen, salarissen en sociale lasten WSW Kosten Begeleid Werken Afschrijving op materiële vaste activa Onvoorzien 1% totale lasten Overige bedrijfskosten Exploitatiebijdrage
19.036 735 380 0 3.003 3.600
18.060 609 520 217 2.501 3.600
19.134 808 424 0 2.959 3.000
Som der bedrijfslasten
26.755
25.507
26.325
Bedrijfsresultaat
-21.875
-20.813
-21.363
Rijksvergoeding Overige subsidie
20.769 470 21.239
19.618 0 19.618
21.097 0 21.097
Financiële baten en lasten Totaal
85 85
29 29
52 52
Saldo van de gerealiseerde algemene dekkingsmiddelen Saldo van baten en lasten
-550
-1.224
-318
Onttrekkingen aan reserves
3.600
3.600
3.000
Gerealiseerd resultaat
3.050
2.376
2.682
Totaal der lasten/baten Waarborgen Garantstellingen
26.755
26.755 0 0
25.536
25.536
26.376
26.376 0 0
Pagina | 16
Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Inleiding De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) daarvoor geeft. Algemene grondslagen voor de opstelling van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het overzicht van baten en lasten vinden plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij de desbetreffende balanspost anders vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarde. Voorzover het BBV niet anders voorschrijft, zijn de baten en lasten toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Winsten worden slechts genomen voorzover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen, indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden.
Balans Activa Materiële vaste activa De waardering van de materiële vaste activa is gebaseerd op de verkrijging of vervaardigingprijs, verminderd met de afschrijvingen. Bij de waardering van de materiële vaste activa wordt rekening gehouden met de vermindering van hun waarde, indien deze naar verwachting duurzaam is. In het begrotingsjaar heeft een dergelijke vermindering niet plaatsgevonden. Op grond wordt niet afgeschreven. Voor het overige vindt afschrijving plaats op basis van de historische aanschafprijs volgens het stelsel dat is afgestemd op de verwachte gebruiksduur, rekening houdend met een eventuele restwaarde. Er wordt afgeschreven vanaf het moment van ingebruikname van het actief. Er wordt uitsluitend geïnvesteerd in activa met een economisch nut. De afschrijvingstermijnen volgens de lineare methode bedragen in jaren: Voorzieningen aan terreinen 10 en 20 Gebouwen 5, 10, 15, 20, 30 en 40 Installaties en machines 5, 10, 15 en 20
Financiële vaste activa De waardering van de financiële vaste activa is gebaseerd op de verkrijgingprijs. Of indien van toepassing de lagere marktwaarde. Voor zover het eigen vermogen van de deelneming onder de verkrijgingsprijs is gedaald en deze daling niet als duurzaam wordt beoordeeld vindt geen afwaardering ter hoogte van dit deel van het eigen vermogen plaats. Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar De uitzettingen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Eventueel verminderd met een voorziening voor oninbare vorderingen. Liquide middelen De liquide middelen worden tegen nominale waarde opgenomen en omvatten bank- en kassaldi en zijn direct opvraagbaar.
Pagina | 17
Passiva Vaste Passiva Eigen vermogen Het eigen vermogen bestaat uit: Algemene reserve De algemene reserve dient als algehele buffer om toekomstige tegenvallers te kunnen opvangen. Bestemmingsreserve Hieronder zijn toevoegingen of onttrekkingen verantwoord uit hoofde van de bestemming van het resultaat van voorgaande boekjaar Voorzieningen In 2025 is een voorziening gevormd voor de regeling vervroegde uittreding. De commissie BBV heeft namelijk in 2025 haar standpunt omtrent de RVU gewijzigd en adviseert nu wel een voorziening op te nemen voor WSWmedewerkers die gebruikmaken van de RVU. De voorziening is berekend als zijnde de toekomstige RVUuitkeringen van de bestaande deelnemers per 31 december 2025 verhoogd met de van toepassing zijnde sociale lasten en bedraagt € 268.638. Het betreft een boekhoudkundige voorziening voor reeds bestaande verplichtingen waarbij de lasten van die bestaande verplichting naar voren worden gehaald. Het betreft derhalve geen nieuwe niet eerder begrootte uitgaven. Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer De vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, verminderd met de reeds gedane aflossingen. Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.
Overzicht van baten en lasten in de jaarrekening over begrotingsjaar Rijksvergoeding De rijksvergoeding die verantwoord is, is berekend op basis van een gemiddelde van dertien maanden van de WSW bezetting uitgedrukt in SE. Dit zijn de twaalf einde maandstanden plus de einde maandstand van december voorgaand jaar. Overige bedrijfsopbrengsten Dit betreft de vergoeding van Tomingroep BV voor de huur van gebouwen, gebruik van machines en installaties en een detacheringsvergoeding. De afspraken inzake deze opbrengsten worden jaarlijks in een contract tussen het Werkvoorzieningsschap en Tomingroep BV vastgelegd. Lonen, salarissen en sociale lasten Wsw Hieronder wordt verstaan het brutobedrag van de lonen aan Wsw-medewerkers verminderd met de afdrachtvermindering loonheffing (arbeidskorting) in het kader van de Wet vermindering afdracht loonbelasting en premie voor volksverzekeringen. Hieronder zijn begrepen de ter zake van de werknemersverzekering verschuldigde werkgeverslasten alsmede het werkgeversaandeel in de pensioenvoorziening van de Wsw-medewerkers.
Pagina | 18
Overige personeelskosten Wsw Hieronder zijn opgenomen de vervoerskosten, waarop de eigen bijdrage in mindering is gebracht, de kosten voor bedrijfsgeneeskundige zorg, vakonderwijs en vormingskosten en overige personeelsvoorzieningen. Kosten Begeleid Werken Hieronder wordt verstaan de aan de werkgevers verstrekte loonkostensubsidie voor medewerkers met een swindicatie en de begeleidingskosten, alsmede die door de werkgever wordt verleend. Afschrijvingen Dit betreffen de afschrijvingskosten van de materiële vaste activa. De afschrijvingstermijnen zijn gebaseerd op de geschatte economische levensduur. Overige bedrijfskosten De overige bedrijfskosten worden berekend op basis van historische kosten. Exploitatiebijdrage Dit betreft de bijdrage door het Werkvoorzieningschap Tomingroep in het resultaat van Tomingroep BV. Rijksvergoeding Dit betreft de subsidie van de Overheid, zoals bedoeld in de artikelen 8 tot en met 10 van de Wet sociale werkvoorziening. Overige subsidie Dit betreft overige subsidies zijnde aanvullende compensaties op Rijksvergoedingen. Garantietoekenning Tomingroep BV De garantietoekenning van Tomingroep BV is met ingang van 2024 buiten werking. Tomingroep BV garandeert al sinds 2024 het Werkvoorzieningsschap Tomingroep niet langer een nulresultaat en hoeft derhalve een eventueel tekort van het Werkvoorzieningsschap in 2025 niet aan te vullen.
Financiële baten en lasten De rentebaten betreft de opbrengst uit positieve rekening-courantsaldi van banktegoeden. De rentelasten bestaan uit de rentelasten van de langlopende geldleningen en de rentelasten over de negatieve rekeningcourantsaldi van banktegoeden. BTW Er is een fiscale eenheid verleend tussen het Werkvoorzieningsschap Tomingroep, Tomingroep BV, Focus@Work BV, Tomin Facilitair BV, Talentroute BV, Stads Beheer Service BV, de Veluwse Hoevegaerde BV en Tractio BV. Vennootschapsbelasting Werkvoorzieningsschap Tomingroep is met ingang van 1 januari 2016 onderworpen aan de heffing van de Wet op de Vennootschapsbelasting. Op 4 december 2020 heeft de Belastingdienst bevestigd, dat de huidige activiteiten van Tomingroep onbelast zijn en/of zijn vrijgesteld van belastingplicht. Jaarlijks wordt getoetst of hierin wijzigingen zijn opgetreden.
Pagina | 19
Toelichting op de balans per 31 december 2025
(x € 1.000)
31-dec-25
31-dec-24
Boekwaarde per 1 januari Aanschaffingen Desinvesteringen Afschrijvingen Afschrijvingen desinvesteringen
6.807 78 0 -380 0
7.094 138 0 -424 0
Boekwaarde per 31 december
6.505
6.807
Gebouwen Grond en terreinen Machines, Installaties en Inventarissen Activa in uitvoering
72 0 6 0
126 17 0 -5
Totaal
78
138
Activa Materiële vaste activa
De aanschaffingen (investeringen) hebben betrekking op:
Een overzicht van de materiele vaste activa is onderstaand opgenomen. Het betreft uitsluitend activa met een economisch nut.
Grond en terreinen
Bedrijfs gebouwen
Machines, installaties
Activa in uitvoering
Totaal
Boekwaarde per 1 januari 2025 Aanschaffingen
2.765 0 2.765
3.916 72 3.988
127 6 132
0 0 0
Desinvesteringen Afschrijvingen Afschrijvingen desinvesteringen Boekwaarde per 31 december 2025
0 -29 0 2.737
0 -313 0 3.675
0 -39 0 94
0 0 0 0
6.807 78 6.885 0 0 -380 0 6.505
Cumulatieve per 31 december 2025 Aanschafwaarde Afschrijvingen Boekwaarde per 31 december 2025
3.359 623 2.737
13.307 9.633 3.675
2.943 2.849 94
0 0 0
19.610 13.104 6.505
Pagina | 20
Toelichting op de balans per 31 december 2025
(x € 1.000)
31-dec-25
31-dec-24
2.522
2.522
Financiele vaste activa Kapitaalverstrekkingen
Dit betreft de 100% deelneming in Tomingroep BV. De nettovermogenswaarde van de deelneming ligt ultimo 2025 beneden de boekwaarde. Door toekenning van aanvullende exploitatiebijdragen in 2026 vanuit het Werkvoorzieningschap is conform begroting ultimo 2026 het eigen vermogen van Tomingroep BV weer boven het niveau van het gestorte kapitaal. Daarmee betreft dit geen duurzame waardedaling waardoor de huidige boekwaarde gehandhaafd kan blijven. Ook is door de deelnemende gemeenten een garantstelling afgegeven aan het Werkvoorzieningschap voor de jaren 2026 en 2027.
Vlottende Activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Banksaldi Rekening-courantverhoudingen met niet financiële instellingen Overige vorderingen
467 5.547 102 6.116
348 4.474 28 4.850
De rekening-courantverhoudingen met niet financiële instellingen betreft een rekening-courantverhouding met Tomingroep BV.
Het Werkvoorzieningsschap Tomingroep is verplicht om het saldo van liquide middelen boven het drempelbedrag bij de Rijksoverheid onder te brengen. Het drempelbedrag voor het werkvoorzieningschap Tomingroep bedraagt € 1.000.000. Het werkvoorzieningsschap Tomingroep heeft per 31-12-2025 geen middelen ondergebracht in de schatkist bij de Rijksoverheid. Schatkistbankieren Kwartaalcijfer gemiddeld op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Ruimte onder het drempelbedrag Overschrijding van het drempelbedrag
Kwartaal 1
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
687
916
924
646
313
84
76
354
0
0
0
0
De liquide middelen van Tomingroep BV en de onderliggende entiteiten zijn niet meegenomen in bovenstaande berekening. Dit omdat er daar alleen middelen worden aangehouden om aan de lopende verplichtingen te voldoen. Het gemiddelde saldo over 2025 voor Tomingroep BV is € 4.175.509 Overlopende activa De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkering met een specifiek bestedingsdoel Overige nog te ontvangen bedragen en vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen
113 113
1.022 1.022
Pagina | 21
Toelichting op de balans per 31 december 2025
(x € 1.000)
31-dec-25
31-dec-24
Algemene reserve Bestemmingsreserve Gerealiseerd resultaat
1.879 4.631 3.050
1.879 5.549 2.682
Totaal
9.560
10.110
Eigen Vermogen Het in de balans opgenomen eigen vermogen bestaat uit de volgende posten:
Het verloop van het eigen vermogen gedurende het boekjaar is hieronder weergegeven:
Saldo per 1 januari Resultaatbestemming voorgaand boekjaar Onttrekking Gerealiseerd resultaat 2025 Saldo per 31 december
Algemene Bestemmings Gerealiseerd reserve reserve resultaat 1.879 5.549 2.682 0 2.682 -2.682 -3.600 0 0 3.050 1.879 4.631 3.050
Totaal 10.110 0 -3.600 3.050 9.560
Resultaat bestemming 2024 Het resultaat over 2024 bedraagt € 2.681.773 positief. Het positieve resultaat is toegevoegd aan de bestemmingsreserve ter dekking van tekorten van het Werkvoorzieningsschap en/of Tomingroep BV. Bestemmingsreserve Aan de bestemmingsreserve is € 3.600.000 onttrokken voor de exploitatiebijdrage aan Tomingroep BV. Het resultaat over 2024, groot € 2.681.773, is toegevoegd aan de bestemmingsreserve Voorstel tot bestemming van het resultaat over het boekjaar 2025 Het gerealiseerde resultaat over 2025 bedraagt € 3.049.808 positief. Voorgesteld wordt dit positieve resultaat toe te voegen aan de bestemmingsreserve. Voorzieningen Voorziening RVU Saldo per 1 januari 2025
0
Dotatie
269
Onttrekking Saldo per 31 december 2025
0 269
In 2025 is een voorziening gevormd voor de regeling vervroegde uittreding. De commissie BBV heeft namelijk in 2025 haar standpunt omtrent de RVU gewijzigd en adviseert nu wel een voorziening op te nemen voor WSW-medewerkers die gebruikmaken van de RVU. De voorziening is berekend als zijnde de toekomstige RVU-uitkeringen van de bestaande deelnemers per 31 december 2025 verhoogd met de van toepassing zijnde sociale lasten en bedraagt € 268.638. Het betreft een boekhoudkundige voorziening voor reeds bestaande verplichtingen waarbij de lasten van die bestaande verplichting naar voren worden gehaald. Het betreft derhalve geen nieuwe niet eerder begrootte uitgaven.
Pagina | 22
Toelichting op de balans per 31 december 2025
(x € 1.000)
31-dec-25
31-dec-24
1.050 350
1.400 350
700
1.050
Vaste schulden met een rentetypische looptijd langer dan één jaar Onderhandse leningen binnenlandse bedrijven Saldo per 1 januari Aflossingen Saldo per 31 december
De deelnemende gemeenten staan garant voor de betaling van rente en aflossing op basis van art. 27, lid 3 van de Gemeenschappelijke Regeling Tomingroep. Het verloop van de onderhandse geldleningen is als volgt: Saldo per Nieuwe Aflossingen Saldo Rentelast 1-1-2025 leningen 31-12-2025 begrotingsjaar Verstrekt door leningnr Tomingroep BV 3 1.050 0 350 700 8 1.050
0
350
700
8
Het gemiddeld gewogen rentelastpercentage bedraagt voor 2025 0,9%. De totale rentelast voor het jaar 2025 met betrekking tot deze vaste schulden met een looptijd langer dan één jaar bedraagt € 8.033 De leningen zijn verstrekt binnen het concern. Het in 2026 af te lossen bedrag is € 350.000. Bij het afsluiten van de leningen zijn geen zekerheden verstrekt. Schulden aan financiële instellingen Saldo per 1 januari
3.000
0
Opnamen Aflossingen
3.000 3.000
3.000 0
Saldo per 31 december
3.000
3.000
Saldo per Nieuwe Aflossingen Saldo 01-jan-25 leningen 31-12-2025 Verstrekt door BNG Bank
leningnr 40.117867
3.000
3.000
3.000
3.000
Rentelast begrotingsjaar 81
3.000
3.000
3.000
3.000
81
Bij BNG Bank is een lening van € 3.000.000,00 afgesloten met een (gemiddeld gewogen) rentepercentage van 2,58% en een looptijd tot 29 december 2027. Aflossing geschiedt ineens op einde looptijd. Aan BNG Bank zijn hierbij geen aanvullende zekerheden verstrekt. De lening is gepresenteerd als vaste schuld omdat de rentetypische looptijd langer bedraagt dan 1 jaar.
Pagina | 23
Toelichting op de balans per 31 december 2025
(x € 1.000)
0 31-dec-25
31-dec-24
Vlottende passiva Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Overige schulden Crediteuren Nog te betalen belastingen, sociale lasten Overige schulden
53 599 30
203 468 31 683
702
1.045
338
Overlopende passiva
Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume.
De overige overlopende passiva betreffen vooruitontvangen en vooruitbetaalde posten. Dit betreft voornamelijk de vooruit ontvangen rijksbijdrage van de gemeenten die vanwege de onderrealisatie voor een deel terugbetaald moet worden. Ultimo 2025 is € 352.730 euro rijksbijdrage vooruitontvangen voor 2026, en € 300.843 euro rijksbijdrage nog terug te betalen.
Niet uit de balans blijkende rechten en verplichtingen Het werkvoorzieningschap heeft zich verplicht om het eigen vermogen van Tomingroep BV aan te zuiveren middels extra exploitatiebijdragen in 2026 die volgens begroting leiden tot een voldoende eigen vermogen ultimo 2026. Daaraast heeft het werkvoorzieningschap Tomingroep BV een garantie verstrekt om de BV tot 31 december 2027 van voldoende liquiditeit te voorzien middels een garantstelling van maximaal € 7,6 miljoen in 2026 en € 7,6 miljoen in 2027. Daar tegenover hebben de deelnemende gemeenten zich garant gesteld voor eventueel benodigd aanvullend kapitaal voor het werkvoorzieningschap van maximaal € 7,6 miljoen in 2026 en nogmaals maximaal € 7,6 miljoen in 2027. Eventueel niet opgevraagd kapitaal in enig boekjaar kan na het verstrijken van het boekjaar niet alsnog worden opgevraagd. In de balans zijn conform artikel 49 BBV niet de verplichtingen inzake het opgebouwde verlof en het vakantiegeld over de periode juni tot en met december tot uitdrukking gebracht. De waarde van het opgebouwde verlof bedraagt € 889.550; de waarde van het vakantiegeld is € 702.510 De verplichting wordt in de toekomst gedekt door de Rijksbijdrage. Het werkvoorzieningsschap Tomingroep heeft bij de BNG een rekening courant kredietfaciliteit beschikbaar van € 1.500.000.
Het werkvoorzieningschap verhuurt vrijwel al haar panden aan Tomingroep BV, deze huur wordt berekend met en een huurpercentage van 8% van de WOZ-waarde. Het pand aan de Oscar Romerolaan wordt verhuurd aan een derde. Voor 2026 is in de begroting € 1.150.000 opgenomen hetgeen in lijn ligt met de te verwachten huur.
Gebeurtenissen na balansdatum Er hebben zich na balansdatum geen significante gebeurtenissen voorgedaan.
Pagina | 24
Toelichting op overzicht van baten en lasten in de jaarrekening over 2025 (x € 1.000)
Realisatie
Begroting
Realisatie
2025
2025
2024
1.135 3.745 0
1.120 3.574 0
1.151 3.810 0
4.880
4.694
4.961
Overige bedrijfsopbrengsten Hieronder is de vergoeding van Tomingroep BV opgenomen: Huur gebouwen en installaties etc. Detacheringsvergoeding Overige opbrengsten
De detacheringsvergoeding bestaat uit een detacheringsvergoeding voor WSW medewerkers, die werkzaam zijn bij Tomingroep BV.
Lonen, salarissen en sociale lasten WSW-personeel Loonkosten WSW-werknemers Totale loonkosten WSW
14.559 14.559
14.030 14.030
14.644 14.644
Sociale lasten WSW Pensioenpremies WSW
2.593 1.269 3.862 -30 3.831
2.521 1.178 3.699 -45 3.654
2.592 1.258 3.850 -81 3.769
168 0 381 96 645
170 15 240 -50 375
160 8 429 124 720
19.036
18.060
19.134
Ziekengelden Totaal sociale lasten Wsw Bedrijfsgeneeskundige zorg Studiekosten Vervoerskosten Wsw Overige personeelskosten Totaal overige personeelskosten Wsw
Totaal Lonen, salarissen en sociale lasten Wsw-personeel
De totale loonkosten van het Wsw personeel zijn ruim € 0,5 miljoen hoger dan begroot. In de begroting is rekening gehouden met een hogere gemiddelde bezetting dan de realisatie. Begroot aantal is 499,6 SE tegen werkelijk 472,2 SE. Ook kwam de gemiddelde loonstijging hoger uit dan begroot. In de begroting was rekening gehouden met een loonstijging van 2,2%, in werkelijkheid was de stijging 3,8%. Onder overige personeelskosten vallen onder meer werkkleding, arbo voorzieningen en verstrekte vergoedingen personeel en jubilea. Deze vallen hoger uit dan begroot doordat er wel kosten zijn gemaakt terwijl er negatief begroot was. Afwijking van de begrootte vervoerskosten is ook toe te schrijven aan het feit dat deze te laag begroot waren (zie vergelijk realisatie 2024).
Pagina | 25
Toelichting op overzicht van baten en lasten in de jaarrekening over 2025 (x € 1.000)
Realisatie
Begroting
Realisatie
2025
2025
2024
Aantal WSW-ers (personen; gemiddeld) Aantal SE's (in loondienst)
592,3 472,2
580 499,6
646,2 514,9
Aantal SE's (gemiddeld gerealiseerd, incusief Begeleid Werken)
510,4
536,6
555,7
Loonkosten per SE ( x €1,-) Verhouding van sociale lasten/lonen WSW-ers ( in % )
40.313 26,3
36.147 26,0%
37.157 25,7
735
609
808
SE = standaardeenheid Kosten Begeleid werken ( x €1.000)
De kosten begeleid werken betreffen loonkostensubsidie en begeleidingskosten voor sw-geïndiceerden die niet in dienst zijn bij het Werkvoorzieningschap Tomingroep. Afschrijvingen op materiele vaste activa met economisch nut
380
520
424
Totaal afschrijvingen
380
520
424
Onderhoudskosten Verzekeringen en belastingen Dienstverlening Tomingroep BV Diverse overige bedrijfslasten
0 54 2.633 317
48 111 2.174 169
8 55 2.545 351
Totaal overige bedrijfskosten
3.003
2.501
2.959
Overige bedrijfskosten
De post dienstverlening Tomingroep BV is hoger dan begroot door € 396.072 aan Tomingroep BV doorgegeven rijkssubsidie basisfinanciering bedrijfskosten sociale werkbedrijven voor de uitvoering van de WsW-taken. In de begroting is ook opgenomen een post onvoorzien van 1%, realisatie daarvan is verantwoord onder de diverse overige bedrijfslasten. Dit verklaart de afwijking van deze post t.o.v. de onder deze noemer begrootte kosten.
Exploitatiebijdrage Exploitatiebijdrage Tomingroep BV
3.600
3.600
3.000
Totaal exploitatiebijdragen
3.600
3.600
3.000
De exploitatiebijdrage is conform de initiële begroting verschaft aan Tomingroep BV ter uitoefening van de bedrijfsvoering van het Werkvoorzieningsschap in aanvulling op overeengekomen detacheringvergoeding volgens jaarcontract 2025 tussen genoemde partijen.
Pagina | 26
Toelichting op overzicht van baten en lasten in de jaarrekening over 2025 (x € 1.000)
Realisatie
Begroting
Realisatie
2025
2025
2024
Omvang rijksvergoeding WSW
20.769
19.618
21.097
SE's gesubsidieerd Subsidie per SE (x € 1)
510,4 40.692
536,6 36.537
555,7 37.960
1.733
1.558
1.963
Rijksvergoeding WSW
Subsidieresultaat
Het subsidieresultaat is berekend door de omvang van de rijksvergoeding WSW te verminderen met de totale loonkosten van het WSW-personeel
Overige subsidie
470
0
0
Onder de post Overige subsidie is in 2025 de bijdrage opgenomen voor de basisfinanciering bedrijfskosten sociale werkbedrijven die de gemeenten in 2025 hebben ontvangen van het Rijk en geheel toegekend hebben aan Tomingroep ten behoeve van de uitvoering van WsW-taken groot €396.072. Aangezien uitvoering van deze taken feitelijk plaatsvindt in Tomingroep BV heeft het Werkvoorzieninschap Tomingroep deze geheel aan haar uitgekeerd. Deze uitkering is onder de overige bedrijfskosten verantwoord. Ook is onder deze post opgenomen € 74.000 impulsgelden sociale infrastructuur die Tomingroep ontvangt ter demping van de kosten gemaakt ter invulling van de aanbevelingen uit de mid-term review. In 2025 was er geen sprake van incidentele baten of lasten welke in de jaarrekening verantwoord zijn. Overzicht structurele toevoegingen en ontrekkingen aan de reserves Toevoeging aan de reserves Programma uitvoering WSW Algemene dekkingsmiddelen Totaal
Raming begrotingsjaar -3.600 0 -3.600
Waarvan Realisatie structureel begrotingsjaar -3.000 -3.600 0 0 -3.000 -3.600
Waarvan structureel -3.000 0 -3.000
Sinds 2024 wordt jaarlijks door het Werkvoorzieningsschap een exploitatiebijdrage aan Tomingroep BV begroot. Deze expoitatiebijdrage wordt jaarlijks onttrokken aan de bestemmingsreserve.
Pagina | 27
Voorstel tot bestemming van het resultaat over het boekjaar 2025 Het dagelijks bestuur stelt voor aan het algemeen bestuur het gerealiseerde resultaat € 3.049.808 als volgt te bestemmen: Toevoegen aan de bestemmingsreserve die ter dekking van tekorten van het Werkvoorzieningsschap en/of Tomingroep BV is gevormd.
Pagina | 28
Publicatie Wet Normering Topinkomens (WNT) 2025 ALGEMEEN BESTUUR Naam
Functie
Periode
Mevr. H.B. Boudewijnse Mevr. M. Havinga Dhr. M. Mos Dhr. P. Tang Mevr. K. van Werven Mevr. R. van Rijn Dhr. G. van Voorden Dhr. B. Heller
Voorzitter Vice-voorzitter Lid Lid Lid Lid Lid Lid
Dhr. F. de Groot Mevr. J. Lanphen Dhr. I.W.J.K.N. Korte
Lid Lid Alg. directeur
Van 01-01 t/m 31-12 Van 01-01 t/m 31-12 Van 01-01 t/m 30-11 Van 01-12 t/m 31-12 Van 01-01 t/m 31-12 Van 01-01 t/m 31-12 Van 03-03 t/m 13-05 Van 01-01 t/m 02-03 Van 14-05 t/m 31-12 Van 01-01 t/m 31-12 Van 01-01 t/m 31-12 Van 01-01 t/m 31-12
*De leden van het algemeen bestuur worden door de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten in het Werkvoorzieningschap Tomingroep aangewezen voor een tijdvak van vier jaar. Er is geen dienstverband met het Werkvoorzieningschap Tomingroep. Ongeacht het tijdstip van benoeming treden zij af op de dag waarop de zittingsperiode van de raden eindigt. Aftredende leden kunnen opnieuw als lid worden aangewezen. Er is geen dienstverband met het Werkvoorzieningschap. De leden ontvangen geen financiële vergoeding.
Functie
Naam
Periode
Voorzitter
Mevr. H.B. Boudewijnse
Van 01-01 t/m 31-12
Vicevoorzitter
Mevr. M. Havinga
Van 01-01 t/m 31-12
Lid
Mevr. R. van Rijn
Van 01-01 t/m 10-09
Lid
Dhr. B. Heller
Van 10-09 t/m 31-12
De leden van het dagelijks bestuur worden benoemd uit het algemeen bestuur. De zittingsduur van de leden van het dagelijks bestuur is gelijk aan die van het algemeen bestuur.
Pagina | 29
Rechtmatigheidsverantwoording van het Dagelijks Bestuur van het Werkvoorzieningschap Tomingroep De baten en lasten alsmede de balansmutaties moeten getrouw in de jaarrekening 2025 worden opgenomen. Uit het getrouw opnemen van de baten en lasten alsmede de balansmutaties, blijken een drietal rechtmatigheidscriteria niet expliciet. Dit betreffen het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik en oneigenlijk gebruik criterium. In deze rechtmatigheidsverantwoording licht het Dagelijks Bestuur van het Werkvoorzieningschap Tomingroep toe in hoeverre bij de in de jaarrekening 2025 verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium zijn nageleefd. Dit houdt in dat de verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties in overeenstemming zijn met door het Algemeen Bestuur van het Werkvoorzieningschap Tomingroep vastgestelde kaders zoals de begroting en gemeentelijke verordeningen en met bepalingen in de relevante wet- en regelgeving. Bij de waarderingsgrondslagen in de jaarrekening is het door het Algemeen Bestuur van het Werkvoorzieningschap Tomingroep op 28 maart 2025 vastgestelde normenkader van de relevante wet- en regelgeving verder toegelicht. Deze verantwoording hanteert een grensbedrag omdat alleen de van belang zijnde aspecten in de verantwoording hoeven te worden betrokken.
Deze grens is door het Bestuur van het Werkvoorzieningschap Tomingroep bepaald en bedraagt 2% van de totale lasten exclusief toevoegingen aan de reserves en is daarmee op basis van de begroting vastgesteld op € 438.000. De grens wordt jaarlijks achteraf op basis van de werkelijke cijfers (2025: € 535.000) definitief bepaald. Bevindingen rechtmatigheid. Het Dagelijks Bestuur van het Werkvoorzieningschap Tomingroep is van mening dat de in de jaarrekening 2025 verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties bij een aantal onderwerpen voor in totaal € 1,8 miljoen niet rechtmatig tot stand zijn gekomen. Het Dagelijks Bestuur stelt vast dat dit hoger is dan de daarvoor gestelde grens van € 535.000. Van de niet rechtmatig tot stand gekomen verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties is volgens het Dagelijks Bestuur overigens een bedrag van € 1,2 miljoen acceptabel op basis van door het Algemeen Bestuur vastgestelde afspraken. De geconstateerde afwijkingen betreffen: • Het Werkvoorzieningschap Tomingroep heeft, net als in 2024, in 2025 niet volledig voldaan aan de Europese aanbestedingswet. Het drempelbedrag voor leveringen en diensten bedraagt € 221.000 voor vier jaar. Op basis van de 2023, 2024 en 2025 uitgaven, geëxtrapoleerd naar vier jaar, zijn er vier leveranciers geïdentificeerd die potentieel boven het drempelbedrag zouden uitkomen.