2024.11.14 Gemeente Wijdemeren Gemeenteraad
Tekst van het document
Dus het gaat er even om van, op welke onderbouwing stoelt nu dit nieuwe coalitieakkoord? Hoe blij ik ook ben met het nieuwe college daarin. De voorzitter: Laten we de wethouder daar, want vorige vergadering hadden we het inderdaad over het coalitieakkoord, toen zat toch niet die financiële onderbouwing daarbij, maar het is nu ook eigendom, eigenaarschap ligt nu ook bij het college voor dit voorstel, dus laat de wethouder daar zo dadelijk op reageren. Gaat u verder. De heer Goetheer: Zeker. Dan ga ik even naar de moties daarin. De herinneringsboom, ik hoop nog steeds dat de boom nummer 301 tot en met 305 is. Dat het gewoon extra bomen zijn, dat we een beetje met een groene partij erin, dat dat iets extra's wordt. En dat het niet gewoon voor een van de 90 procent herplantingsplichten is. Terwijl ja, als we iets van centen hadden dan zou het toch fijn zijn om daar 100 procent ooit eens van te maken. En het liefst 101 procent, want dan zijn we goed bezig. Oordeel, oké. Dan M-7-3, Veel handen maken
licht werk. Ik vind hem eigenlijk wel sympathiek daarin. Bij mij achter is zo'n speeltuintje. Ik denk dat het daar super fijn zou zijn als daar iets van een bak zou zijn daarin. Ik vind hem wel moeilijk om met de reactie, want ik dacht ook wel van, hoe zit dat dan met GAD en de GFT-bakken. Dus om heel eerlijk te zijn weet ik hem gewoon nog niet helemaal. Ik vind het zeer sympathiek. En ik zou denken van, hoe kunnen we dit wel verzorgen op sommige plekken. Maar bij het speeltuintje bij mij achter zou die zeer welkom zijn. Maar dan is het puur eigenbelang ook weer. Waterprogramma ga ik zeker in mee. Dank voor de opzet daarin. Zeker in zo'n waterrijke gemeente zoals die van ons, laten we daar echt wat doen. En ik zag het ook als een oproep. En ja, ik verwacht niet van een wethouder dat hij alle ouders of de ouderraad, maar laten we gewoon een sessie organiseren waarbij alle betrokkenen aanwezig zijn. Ik denk dat het, tenminste zo las ik hem. Ook Cultuurweek ga ik dan niet in mee, omdat ik toch echt denk van, gemeente Hilversum, laten we echt daarop aanhaken. Gouden Greep, ik blijf het een heel sympathiek voorstel vinden en heel mooi hoe het eruit zag. Ik dacht echt, dit gaat echt een aanwinst zijn voor het plassengebied. Wat schitterend, wat mooi dat dit vanuit de gemeenschap eigenlijk ook naar voren komt. Een prijsvraag, een prijs, noem allemaal maar op.
En nu weet ik niet eens wat de status eigenlijk is daarin. En dat is me nog steeds niet. Dus ik ga hem steunen, maar ik weet niet precies hoe het daarin is. En de hiep hiep hoera, zeker een leuk idee en die steun ik zeker. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we tenslotte in de tweede termijn van de zijde van de raad naar de heer De Kruijff van de VVD. De heer De Kruijff: Voorzitter, dank u wel. Ook dank aan het college voor de beantwoording. Leuk om ook een aantal van de wethouders die nog een aantal weken geleden hier zaten, nu van die plek te zien. En volgens mij heeft de heer Zagt een record gehaald in snelste beantwoording in zijn wethouderschap. Dus, wethouder Zagt, mijn complimenten. De andere wethouders hebben een hele goede invloed op u. Nee, nee, dat was oprecht een compliment hoor. Wethouder Zagt heeft het hartstikke goed gedaan. Voorzitter, ik ga even de amendementen en de moties door. Het amendement over de regentonnen, daar is veel over gezegd. Het zijn uiteindelijk keuzes. Wij streven ook naar om iets met die klimaatverandering te doen. Maar hier gaat onze prioriteit niet naar uit. Wij zullen dit amendement niet steunen. Ook onder verwijzing naar de regeling, die weliswaar voor grotere groepen is bedoeld, maar uiteindelijk zien we ook een verantwoordelijkheid in de buurten zelf. Motie 7-2, voorzitter, die hebben we mede ingediend, zullen we steunen.
Motie 7-3 zullen wij niet steunen, onder verwijzing naar de appreciatie van het college. Motie 7-4, dat is het waterprogramma. Daar hebben mevrouw IJsbandij en ik al even een interruptiedebatje over gehad. Ik begrijp dat er een toezegging van de wethouder is. Onder verwijzing naar de appreciatie die eerder is gegeven, zou een gewijzigde motie, denk ik, niets veranderen. Maar volgens mij is de wethouder gevraagd om daar toch nog in tweede termijn even op terug te komen. Wij zijn voornemens deze motie in ieder geval niet te steunen. Dan de motie 7-5, de Cultuurweek. Verwijzing naar het college, niet initiëren, maar faciliteren. Vond ik een hele mooie van de wethouder. Dus daar gaan we in mee. Dus in de huidige vorm zullen we de motie niet steunen. En motie 7-6, De Gouden Greep, in de uitvoering, begrijpen wij als een overbodige motie. Dus die zullen wij ook niet steunen. En dan tot slot, voorzitter, motie 7-7, de hiep hoera, die hebben we mede ingediend, die zullen wij steunen. En mocht er enige twijfel zijn bij de heer Nienhuis of wij de begroting zullen steunen, wij zullen de begroting steunen. De voorzitter: Dank. Dan zijn we daarmee aan het einde van de tweede termijn van de zijde van de gemeenteraad. Gaan wij meteen door naar de tweede termijn van de zijde van het college. Er zijn nog een aantal, een heel beperkt aantal vragen nog blijven liggen.
En misschien dat het college nog, naar aanleiding van discussies over enige moties, nog wel een overweging of iets dergelijks heeft. Er was één vraag bij mij blijven liggen en dat is artikel 1, een bordje. De heer Roosenschoon beweert dat er hier ooit een bordje heeft
gehangen met de tekst van artikel 1 van de Grondwet. Wij hebben dat nagezocht. Mijn meest naaste medewerker is zelfs met een van de bodes volgens mij de kelder ingegaan om te zoeken naar dit bordje. Dit is niet aangetroffen. Dus als u vraagt van, wilt u dat terughangen, we kunnen het niet vinden. Oude foto's, we hebben het niet. Niemand weet of er hier ooit een bordje heeft gehangen. Maar laat onverlet dat wij allemaal artikel 1 steunen. Daar heb ik geen bordje voor nodig. En ik stel voor, ik zie ook in sommige gemeenteraden discussies over vlaggen en dat soort dingen. Ik stel voor dat we dat hier niet verder uitdiscussiëren. Ik ga u ook geen toezegging doen om een bordje hier op te hangen. Want er is geen twijfel over dat we artikel 1, dat dat hier ook geldt en dat we dat steunen. Mijnheer Roosenschoon. De heer Roosenschoon: Ja, toch even een opmerking. Ik maak bezwaar tegen de term beweren. Het is gewoon een vaststaand feit. Ik kan u laten zien waar het stond. Dat is namelijk op die pilaar die daar staat, boven het aanmeldbord. Het is een roestvrijstalen plaquette geweest met daarop de tekst van artikel 1. En dat is bij degenen die al langer in de gemeente zijn uitdrukkelijk bekend. De voorzitter: Ik kijk even naar de heer Voigt, want als iemand het zou moeten weten, is dit correct? De heer Voigt: Wat de heer Roosenschoon zegt klopt als een bus.
De voorzitter: Oké, dan, wij hebben het niet meer aangetroffen, we hebben het overal gezocht. En ik weet niet of het nu heel zinvol is om dat hier, laten we dan in het presidium inderdaad kijken, als u daar iets wilt, om daar eens te kijken van, is dat zinvol, op welke wijze draagt dat bij? Laat onverlet dat we het allemaal steunen en dat we er ons ook allemaal aan dienen te houden. Dat wat betreft nog de overgebleven vraag aan mij. Dan kijk ik even naar de wethouders, in welke volgorde we dat gaan doen. De heer Zagt? Mijnheer Zagt De heer Zagt: Volgens mij, voorzitter, heb ik één punt, specifiek het punt van de heer Goetheer, over het inhuurbudget. Ik heb ook nog even gekeken wat er als onderlegger bij de begrotingswijziging staat. Dat is zeker ook gepasseerd en ik ga ook verder er op in, maakt u zich niet ongerust. De grote afweging was wel dat wij tijdens de gesprekken met de heer Van Bokhoven de informatie via de organisatie kregen hoe het stond met het lopende budget 2024. Volgens mij heb ik vorige keer ook gezegd dat die informatie met u gedeeld wordt in de najaarsnota. Daar stond nog niet met zoveel woorden iets over in de RIB die we vooraf hebben gestuurd. Maar die najaarsnota hebben we in het college vastgesteld deze week, dus die krijgt u zeer binnenkort. Die staat in december op de agenda. Dat rechtvaardigt in de ogen van de coalitie een besparing op inhuur.
Daarnaast de ervaring dat de staande organisatie veel taken, veel effort verricht in het kader van de herindeling. En daardoor soms voor hetgeen wat dat mensen eigenlijk zouden doen, dat anderen dat moeten doen, dat er soms voor ingehuurd wordt. Wij hebben toen gezegd, het staat ook in de begroting trouwens, dat wij kosten in dit kader ten laste willen brengen van de algemene reserve. Dan wel ten laste van het frictiebudget. Het frictiebudget krijgen we pas voor het eerst in het laatste jaar voor de herindeling, dus in 2026. Maar zowel dit jaar als volgend jaar verwachten wij al heel veel kosten in dat kader te maken. Daarmee creëer je dus ook ruimte, of ruimte in het inhuurbudget, dan wel rechtvaardig een verlaging. Tevens is natuurlijk aan de orde wat de burgemeester ook al zei, het is ook gewoon richtinggevend, het is ook gewoon taakstellend waar je op moet koersen. En wat we, afrondend, wat we zo net even in de schorsing met elkaar bespraken, mijnheer Goetheer, natuurlijk ga ik zelf ook even kijken hoe dat zich nou verhoudt tot de jaarrekening ‘23 en die van ‘22. Daar heb ik inmiddels ook wel behoefte aan. De voorzitter: Mijnheer Goetheer.
De heer Goetheer: Dank u wel, voorzitter. Op het eerste stuk wat de wethouder zegt van, in de najaarsnota komt er dus nog iets naar ons toe. Dus we moeten nu een besluit nemen die wij als raadsleden op informatie die wij gewoon nog niet weten en die we ook niet in de RIB over de najaarsnota al hebben kunnen lezen. Want op het moment dat dat zo'n substantieel bedrag is dan zou je eigenlijk wel verwachten dat ook in die RIB daar al wel een verwijzing naar was gemaakt. Maar wat wordt er gedaan? Naar de Oekraïnegelden wordt verwezen, wordt structureel iets benoemd, maar nergens lees ik van, weet je hierin blijft heel veel ruimte daarin. We hebben net ook de jaarrekening samen, ik heb u net ook nog via WhatsApp de foto ervan toegestuurd, waarin dat ook duidelijk is. Dus we kunnen ook gewoon de conclusie wel gezamenlijk nu trekken dat in de jaarrekening 2023 een overschrijding is op salariskosten en op in inhuurbudget. Dus dat daar geen enkele rechtvaardiging is vanuit afgelopen jaren om die door te trekken. Dan, zoals ook in mijn betoog in eerste termijn, dit college heeft bijzonder veel ambities, heeft investeringen voor 80 miljoen in de komende twee jaar. Heel veel extra werk wat op ons afkomt, op de dienstverlening willen we veel gaan doen, willen allemaal zaken gaan oppakken.
Dus mijn stelling blijft, het lijkt alsof er meer werk op ons af gaat komen, zeker met de fusie ook, in plaats van minder. En de afgelopen jaren hebben we al steeds met een richtlijn van 10 procent van ons salarishuishouding dat we dat uitgeven aan inhuur, zijn we ieder jaar ver overheen gegaan. Dan nu opeens moet er een besparing op komen. En ik weet ook wel, in het lopende jaar ergens zullen we echt wel dat half miljoen gaan vinden op enige post. Maar de vraag is, op deze post, waar deze coalitie nu op inzet, daar heb ik mijn twijfels bij en de onderbouwing die ik krijg is er eigenlijk niet. De voorzitter: Helder. Dank u wel. Mijnheer Zagt, gaat u verder. De heer Zagt: Wij zullen nog zien hoe het zich tot de afgelopen jaren verhoudt. Dat ga ik na. En wat wel een groot verschil is, of verschil, wat misschien ook wel een beetje helpt. We hebben met elkaar natuurlijk al die onderhouds- en beheerplannen vastgesteld in de vele projecten. Maar daarbij is wel de inzet van projectleiding en dergelijke allemaal bijgeraamd, ingeraamd. Dat is een groot verschil ook met het verleden. Dus dat kan wel helpen. Want toen wij op enig moment constateerden, u bent er ook bij geweest. Ik meen in 2021 dat ik nog samen met de Partij van de Arbeid een amendement heb gemaakt in november om het inhuurbudget te verhogen. Destijds hadden we een inhuurbudget van 80.000 euro in de begroting.
En dat werd fors overschreden. Toen hebben wij, toen we het financiële herstelplan vast gingen stellen en in aanloop daar naartoe gezegd, zo komen we er niet. Wij zullen echt middelen moeten hebben, mensen en dus middelen om te realiseren wat we willen, om de boel op orde te krijgen. Gelukkig zijn we er ook inmiddels wel in geslaagd om wat meer op orde te komen en groeit het ook wat naar elkaar toe met bezetting en daarna navenant soms ook lagere inhuur. Een punt, voorzitter. De voorzitter: Dank. Dan gaan we naar wethouder Van Rijn. In ieder geval over de weidevogels in de Horn- en Kuijerpolder. Mevrouw Van Rijn: Dank u wel, voorzitter. Was ik een beetje bewust vergeten in de hoop dat ik nog een tweede keer mocht optreden vanavond. Nee hoor, ik was hem per ongeluk vergeten, mijnheer Roosenschoon. De heer Roosenschoon vroeg of het college bij de provincie een verzoek heeft gedaan voor een hertelling van de weidevogels. Dat antwoord is volgens mij kort en krachtig. Dat antwoord is nee. Dan de ChristenUnie, even kort, en dat ging over 400 jaar ‘s-Graveland, is er ook heel erg blij mee. Volgens mij is iedereen nu ook medeindiener. Maar u gaf wel aan, het college heeft gezegd met een voorstel te komen met een uitgewerkte begroting en plannen. Dat is niet het idee. Zoals u weet, voor de bespreking van de najaarsnota is in december.
Ik hoop dat we de organisaties en het college een beetje lucht kunnen geven om wel met een voorstel te komen voor een budget en voor inzet. Maar laten we vooral ruimte houden om die initiatieven
later, gezamenlijk met de drie initiërende bewegingen die zich rondom dit evenement bezighouden, dan met elkaar in te vullen. Dus er komt geen uitgewerkt plan met allerlei projectbegrotingen. Dat is niet de bedoeling. Dat wilde ik nog even meegeven, voorzitter. En dat was hem, denk ik, voor nu. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar mevrouw Wind. Had u nog? Nee? Nee? Niemand wil iets weten? En de heer Kea? Wethouder Kea. De heer Kea: Volgens mij ligt er de vraag nog van mevrouw IJsbrandij of bij een gewijzigde tekst onze positie anders zou zijn. Ik denk dat ik gewoon blijf bij mijn toezegging om het bij het eerstvolgende overleg met de schoolbesturen ter tafel te brengen en dan te zien hoe het gaat. De voorzitter: Dank, en die toezegging staat ook genoteerd. Dank, dan zijn we daarmee ook aan het einde van de tweede termijn van de zijde van het college. En dan kunnen wij volgens mij, ik kijk even rond, kunnen wij overgaan tot de besluitvorming. Dat is het geval. Wat we dan gaan doen, gaan wij eerst stemmen over het amendement dat voor ligt. Dan gaan wij stemmen over een tweetal raadsvoorstellen en dan over de zes op tafel liggende moties. Ja? Dan gaan we gewoon over tot de besluitvorming. We gaan naar het amendement A7-1, het amendement Pronk cum annexis, over de regenton. Wie is, heeft iemand behoefte nog aan een stemverklaring? Dat is niet het geval.
Wie is voor deze motie? Dat zijn de fracties van ChristenUnie, D66, amendement. Ik ga de heer Nienhuis napraten. Dat is de fractie van ChristenUnie, D66, Groep Goetheer en DorpsBelangen. Daarmee is dit amendement verworpen. Dan gaan wij naar de besluitvorming over de twee raadsvoorstellen zoals die voorliggen. En dan gaan we eerst naar het raadsvoorstel over de begroting 2025. Wenst iemand een stemverklaring vooraf? Dat is niet het geval. Wie is voor de begroting 2025? Dat is met algemene stemmen aangenomen. Dan is de begroting 2025 aangenomen. Dan is er ook meteen een eerste begrotingswijziging 2025. Eerste begrotingswijziging. Wenst iemand een stemverklaring over de begrotingswijziging? Mijnheer Goetheer. De heer Goetheer: Dank u wel, voorzitter. Ik zal de eerste begrotingswijziging steunen, maar ik heb onvoldoende vertrouwen in de onderbouwing voor de verlaging van het inhuurbudget. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Kaper. Mevrouw Kaper: Wij sluiten ons aan bij de heer Goetheer en zien ook uit naar de antwoorden van de wethouder vanwege de jaarrekening. De voorzitter: Dank u wel. Dan breng ik in stemming de eerste begrotingswijziging 2025-2028. Wie is er voor deze begrotingswijziging? Dat is met algemene stemmen aangenomen. Dank daarvoor. Dan gaan we naar de moties. Dan gaan we naar de moties.
Dan gaan we naar motie M-7-2, de Herinneringsboom of bomen, Nienhuis- De Kruijff. Iemand een stemverklaring? Niet het geval Wie is er voor deze motie? Dan is die motie met algemene stemmen aanvaard. Dan gaan we naar motie M-7-3, de motie Nienhuis over Vele handen maken licht werk. Wens iemand een stemverklaring? Dat is niet het geval. Stemming. Wie is er voor deze motie? Dat is het CDA en de Groep Goetheer. Daarmee is deze motie verworpen. Dan gaan we naar motie M7-4, IJsbrandij- Roosenschoon, Waterprogramma voor alle kinderen op de basisschool. Wens iemand een stemverklaring? Mevrouw IJsbrandij. Mevrouw IJsbrandij: Ik wil graag een hoofdelijke stemming.
De voorzitter: U wilt een hoofdelijke stemming, dat mag altijd. Dan, mevrouw Nuissl, dat is echt…Dan gaan wij ons even klaarmaken voor de hoofdelijke stemming. Wat heb ik mijn? We gaan naar de hoofdelijke stemming over motie M-7-4, Waterprogramma voor alle kinderen op de basisschool. Ik verzoek u enkel te zeggen voor of tegen nadat ik uw naam heb afgeroepen. En de griffier zal turven voor en tegenstanders. En dan begin ik bij nummer 12, mevrouw Nuissl. Mevrouw Nuissl-Wendt: Tegen. De voorzitter: Mijnheer Poels. Mevrouw Pronk. Mevrouw Pronk: Voor. De voorzitter: Mevrouw Rademaker. Mevrouw Rademaker: Tegen. De voorzitter: Mijnheer Roosenschoon. De heer Roosenschoon: Voor. De voorzitter: Mevrouw Rooimans. Mevrouw Rooimans: Tegen. De voorzitter: Mevrouw Snel. Mevrouw Snel: Tegen. De voorzitter: Mijnheer Voigt. De heer Voigt: Voor. De voorzitter: Mevrouw Abrahamse. Mevrouw Abrahamse: Tegen. De voorzitter: Mijnheer Van Balen. De heer Van Balen: Tegen. De voorzitter: Mijnheer Goetheer. De heer Goetheer: Voor. De voorzitter: Mijnheer Goossen. De heer Goossen: Tegen. De voorzitter: Mijnheer De Graaf.
De heer De Graaf: Tegen. De voorzitter: Mijnheer Den Hartog. De heer Den Hartog: Tegen. De voorzitter: Mijnheer Heeren. De heer Heeren: Tegen. De voorzitter: Mevrouw IJsbrandij. Mevrouw IJsbrandij: Voor. De voorzitter: Mevrouw Kaper. Mevrouw Kaper: Voor. De voorzitter: Mijnheer De Kruijff. De heer De Kruijff: Tegen. De voorzitter: En tenslotte mijnheer Nienhuis. De heer Nienhuis: Tegen. De voorzitter: Dank, allen. Dan zijn er zes voor stemmers en dertien tegen stemmers. Daarmee is het amendement, de motie Waterprogramma verworpen. Dan gaan wij naar motie M-7-5, Kunst- en cultuurweek op vervolg. De motie IJsbrandij-Roosenschoon. Wenst iemand een stemverklaring? Dat is niet het geval. Wie is er voor deze motie? Dat is de fractie van DorpsBelangen en de fractie van D66. Daarmee is deze motie verworpen. Gaan wij naar motie M-7-6, De Gouden Greep in uitvoering, IJsbrandij cum annexis. Mevrouw IJsbrandij. Mevrouw IJsbrandij: Ik wil graag een hoofdelijke stemming. De voorzitter: Ja, nou, zeker. We weten nu hoe het moet. Dan kijk ik naar de griffier of zij klaar is voor een hoofdelijke stemming. Dan gaan we weer beginnen en wij beginnen wederom bij mevrouw…Dat was een hele grote verantwoordelijkheid vandaag. Dan beginnen we bij mevrouw Nuissl. Mevrouw Nuissl-Wendt: Tegen. De voorzitter: Dank. Poels. De heer Poels: Tegen. De voorzitter: Pronk. Mevrouw Pronk: Voor.
De voorzitter: Rademaker. Mevrouw Rademaker: Tegen. De voorzitter: Roosenschoon. De heer Roosenschoon: Voor. De voorzitter: Rooimans. Mevrouw Rooimans: Tegen. De voorzitter: Snel. Mevrouw Snel: Tegen. De voorzitter: Voigt. De heer Voigt: Voor. De voorzitter: Abrahamse. Mevrouw Abrahamse: Tegen. De voorzitter: Van Balen. De heer Van Balen: Tegen. De voorzitter: Goetheer. De heer Goetheer: Tegen. De voorzitter: Goossen. De heer Goossen: Tegen. De voorzitter: De Graaf. De heer De Graaf: Tegen. De voorzitter: Den Hartog. De heer Den Hartog: Tegen. De voorzitter: Heeren. De heer Heeren: Tegen. De voorzitter: IJsbrandij.
Mevrouw IJsbrandij: Voor. De voorzitter: Kaper. Mevrouw Kaper: Voor. De voorzitter: De Kruijff. De heer De Kruijff: Tegen. De voorzitter: Mijnheer Nienhuis. De heer Nienhuis: Tegen. De voorzitter: Dank. Dan gaat de griffier tellen. Wil er nog iemand iets over een persoonlijk feit? Mijnheer Goetheer. De heer Goetheer: Ik heb per ongeluk verkeerd gestemd. En je zou je afvragen dat ik het toch wel zou moeten weten. De voorzitter: You had one job. Dank. Daarmee verandert de stemming niet, maar dit staat wel genoteerd in het verslag voor het nageslacht. Dan kijk ik wat de uitslag is. Dan met vijf stemmen voor, veertien tegen is deze motie verworpen. Dan gaan we naar motie M7-7-7, hiep, hiep, hoera voor ‘s-Graveland. Wenst iemand een stemverklaring? De heer De Kruijff: Ik wens graag een hoofdelijke stemming op deze motie. De voorzitter: Om de feestvreugde te verhogen, gaan we dat gewoon doen, natuurlijk, als iemand dat vraagt. Ik ga kijken of de griffier hier klaar voor is. Dan beginnen we wederom bij mevrouw Nuissl. Mevrouw Nuissl. Mevrouw Nuissl-Wendt: Voor. De voorzitter: Poels. De heer Poels: Voor. De voorzitter: Pronk. Mevrouw Pronk: Voor. De voorzitter: Rademaker. Mevrouw Rademaker: Voor. De voorzitter: Roosenschoon. De heer Roosenschoon: Voor. De voorzitter: Rooimans.
Mevrouw Rooimans: Voor. De voorzitter: Snel. Mevrouw Snel: Voor. De voorzitter: Voigt. De heer Voigt: Tegen. Ik bedoel, voor. De voorzitter: Dat was op tijd gecorrigeerd, dus voor. Abrahamse. Mevrouw Abrahamse: Voor. De voorzitter: Van Balen. De heer Van Balen: Voor. De voorzitter: Daar komt hij, Goetheer. De heer Goetheer: M-7-7 toch? Voor. De voorzitter: Dank. Goossen. De heer Goossen: Voor. De voorzitter: De Graaf. De heer De Graaf: Voor. De voorzitter: Den Hartog. De heer Den Hartog: Voor. De voorzitter: Heeren. De heer Heeren: Voor. De voorzitter: IJsbrandij. Mevrouw IJsbrandij: Voor. De voorzitter: Kaper. Mevrouw Kaper: Voor. De voorzitter: De Kruijff. De heer De Kruijff: Voor.
De voorzitter: En Nienhuis. De heer Nienhuis: Voor. De voorzitter: Dan kijk ik even naar de griffer. Dan zijn er negentien stemmen uitgebracht, waarvan negentien voor. Daarmee is deze motie unaniem aanvaard. 11. Sluiting (De voorzitter sluit de vergadering om 21.29) De voorzitter: En komen we ook tot het einde van deze avond. Ik dank u allen voor het waardige debat. We hebben nog een aantal weken tot 2025 ‘…’ van 80 jaar bevrijding. Mijnheer De Kruijff. Niet alleen van 80 jaar bevrijding, maar hopelijk ook een jaar waar we volop vieren. En ik zie de voorzitter van 400 jaar ‘s-Graveland niet geheel toevallig, denk ik, op de tribune zitten. Waar we een heel mooi feest gaan maken van 400 jaar ‘sGraveland. Ik erger mij stiekem al heel erg aan Hilversum, 600 jaar, zoveel aandacht. En Amsterdam, 750 jaar. En dan erger ik mij dat wij die 400 jaar nog niet heel groot overal hadden staan. Nou, daar gaat hopelijk verandering in komen. Binnenkort spreken we elkaar als bestuur en als gemeentebestuur om daar invulling te geven aan de unaniem aanvaarde motie zojuist. En afgelopen week, kan ik u ook delen, heb ik samengezeten met alle ijsverenigingen in deze gemeente om vooruit te blikken op het ijsseizoen. We hebben met elkaar afgesproken dat er dit jaar een dik pak ijs komt te liggen. Dus dat is geen toezegging, maar wel een hoop die we naar elkaar hebben uitgesproken.
Ik dank u nogmaals allemaal voor het waardige debat vandaag. En ik dank natuurlijk in het bovenal de bodes voor alle goede verzorging vandaag. En natuurlijk de mensen van de organisatie en in het bijzonder van de afdeling financiën voor al het werk dat is verricht. Klein applausje. Ik nodig u allen uit voor de borrel in het overgezellige anker. En ik sluit deze vergadering. Mevrouw Rademaker: En de lijnen staan nu open, burgemeester.