01. Bestemmingsplan Het Achtererf - Nieuw-Loosdrecht (29-09-2021) concept
Tekst van het document
Bestemmingsplan
Het Achtererf – Nieuw-Loosdrecht
Oktober 2021
Status: Concept
Bestemmingsplan Het Achtererf – Nieuw-Loosdrecht Concept
Bestemmingsplan “Het Achtererf – Nieuw-Loosdrecht”
Plannaam:
Het Achtererf – Nieuw-Loosdrecht
Plantype:
Bestemmingsplan
Status:
Concept
IMRO-nummer: NL.IMRO.1696.BP8100Aerf2020-on00
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
1
Bestemmingsplan Het Achtererf – Nieuw-Loosdrecht Concept
TOELICHTING
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
2
Bestemmingsplan Het Achtererf – Nieuw-Loosdrecht Concept
INHOUDSOPGAVE HOOFDSTUK 1 INLEIDING ................................................................................... 5 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5
AANLEIDING ............................................................................................................................................... 5 LIGGING VAN HET PLANGEBIED ....................................................................................................................... 5 DE BIJ HET PLAN BEHORENDE STUKKEN ............................................................................................................. 5 HUIDIG PLANOLOGISCH REGIEM ...................................................................................................................... 6 LEESWIJZER ................................................................................................................................................ 7
HOOFDSTUK 2 2.1 2.2 2.3
BESCHRIJVING PLANGEBIED .............................................................. 8
HUIDIGE SITUATIE ........................................................................................................................................ 8 GEWENSTE SITUATIE ..................................................................................................................................... 8 VERKEER EN PARKEREN ............................................................................................................................... 12
HOOFDSTUK 3 BELEIDSKADER ........................................................................... 15 3.1 3.2 3.3
RIJKSBELEID .............................................................................................................................................. 15 PROVINCIAAL BELEID .................................................................................................................................. 18 GEMEENTELIJK BELEID................................................................................................................................. 20
HOOFDSTUK 4 MILIEU-EN OMGEVINGSASPECTEN ................................................... 24 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 4.7 4.8 4.9
GELUID .................................................................................................................................................... 24 BODEM.................................................................................................................................................... 25 LUCHTKWALITEIT ....................................................................................................................................... 28 EXTERNE VEILIGHEID ................................................................................................................................... 29 MILIEUZONERING ...................................................................................................................................... 30 GEUR ...................................................................................................................................................... 34 ECOLOGIE................................................................................................................................................. 35 ARCHEOLOGIE & CULTUURHISTORIE .............................................................................................................. 37 BESLUIT MILIEUEFFECTRAPPORTAGE .............................................................................................................. 39
HOOFDSTUK 5 WATERASPECTEN........................................................................ 41 5.1 5.2
VIGEREND BELEID....................................................................................................................................... 41 WATERPARAGRAAF .................................................................................................................................... 43
HOOFDSTUK 6 JURIDISCHE ASPECTEN EN PLANVERANTWOORDING .............................. 44 6.1 6.2 6.3
INLEIDING................................................................................................................................................. 44 OPZET VAN DE REGELS ................................................................................................................................ 44 VERANTWOORDING VAN DE REGELS............................................................................................................... 45
HOOFDSTUK 7 ECONOMISCHE UITVOERBAARHEID ................................................... 48 HOOFDSTUK 8 INSPRAAK, VOOROVERLEG EN ZIENSWIJZEN ........................................ 49 8.1 8.2 8.3
VOOROVERLEG .......................................................................................................................................... 49 PARTICIPATIE ............................................................................................................................................ 49 ZIENSWIJZEN............................................................................................................................................. 49
BIJLAGE BIJ DE TOELICHTING ................................................................................. 50 BIJLAGE 1 BIJLAGE 2 BIJLAGE 3 BIJLAGE 4 BIJLAGE 5
VERKEERSONDERZOEK......................................................................................................................... 50 AKOESTISCH ONDERZOEK WEGVERKEERSLAWAAI ...................................................................................... 51 VERKLARING VAN GEEN BEZWAAR ......................................................................................................... 52 BODEMONDERZOEK NIEUW LOOSDRECHTSEDIJK 87 ................................................................................. 53 PLAN VAN AANPAK BODEMSANERING NIEUW LOOSDRECHTSEDIJK 87........................................................... 54 BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
3
Bestemmingsplan Het Achtererf – Nieuw-Loosdrecht Concept BIJLAGE 6 BIJLAGE 7 BIJLAGE 8 BIJLAGE 9 BIJLAGE 10 BIJLAGE 11 BIJLAGE 12 BIJLAGE 13
BODEMONDERZOEK NIEUW LOOSDRECHTSEDIJK (ACHTER 75 EN 85) ........................................................... 55 BODEMONDERZOEK NIEUW LOOSDRECHTSEDIJK (ACHTER 73) .................................................................... 56 AKOESTISCH ONDERZOEK INDUSTRIELAWAAI............................................................................................ 57 STIKSTOFONDERZOEK.......................................................................................................................... 58 QUICKSCAN NATUURWAARDENONDERZOEK ............................................................................................ 59 ARCHEOLOGISCH ONDERZOEK............................................................................................................... 60 AANMELDNOTITIE VORMVRIJE M.E.R.-BEOORDELING ................................................................................ 61 REACTIENOTA ................................................................................................................................... 62
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
4
Bestemmingsplan Het Achtererf – Nieuw-Loosdrecht Concept
HOOFDSTUK 1 1.1
INLEIDING
Aanleiding
Het voorliggende bestemmingsplan heeft betrekking op het terrein achter de woningen aan de Nieuw Loosdrechtsedijk nummers 73 t/m 87 (oneven) te Nieuw-Loosdrecht. Het voornemen is om ter plaatse de bestaande aanwezige bebouwing te slopen om een woonbuurt te realiseren met 36 woningen (Het Achtererf). Het gaat hierbij om een gevarieerd woningbouwprogramma bestaande uit vier rijwoningen, acht twee-onderéén-kapwoningen, zes vrijstaande woningen en een kleinschalig appartementengebouw met zes seniorenwoningen en 12 sociale huurappartementen. Voorgenomen ontwikkeling is niet in overeenstemming met het geldend bestemmingsplan “Kernen Ankeveen, Kortenhoef en Nieuw-Loosdrecht”, omdat op basis van het bestemmingsplan ter plaatse geen woningbouw is toegestaan. Om de voorgenomen woningbouwontwikkeling mogelijk te maken is een bestemmingsplanherziening noodzakelijk. Voorliggend bestemmingsplan voorziet in de gewenste juridisch planologische kaders, waarbij zal worden aangetoond dat de in dit bestemmingsplan beoogde ontwikkeling in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening.
1.2
Ligging van het plangebied
Het plangebied betreft het terrein achter de woningen aan de Nieuw Loosdrechtsedijk nummers 73 t/m 87 (oneven) te Nieuw-Loosdrecht. De ligging van het plangebied (rode contour) in Nieuw-Loosdrecht is indicatief weergegeven in afbeelding 1.1.
Afbeelding 1.1: Ligging van het plangebied (Bron: PDOK)
1.3
De bij het plan behorende stukken
Het bestemmingsplan ‘Het Achtererf – Nieuw-Loosdrecht’ bestaat uit de volgende stukken: • •
verbeelding (tek.nr. NL.IMRO.1696.BP8100Aerf2020-on00) en een renvooi; regels en bijbehorende bijlagen.
Op de verbeelding zijn de bestemmingen van de in het plan begrepen gronden weergegeven. In de regels zijn bepalingen opgenomen om de uitgangspunten van het plan zeker te stellen. Het plan gaat vergezeld van een toelichting. De toelichting geeft een duidelijk beeld van het bestemmingsplan en van de daaraan ten grondslag liggende gedachten maar maakt geen deel uit van het juridisch bindende deel van het bestemmingsplan. BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
5
Bestemmingsplan Het Achtererf – Nieuw-Loosdrecht Concept
1.4
Huidig planologisch regiem
1.4.1
Algemeen
Het plangebied ligt binnen de begrenzing van het bestemmingsplan ‘Kernen Ankeveen, Kortenhoef en NieuwLoosdrecht’. Dit bestemmingsplan is vastgesteld op 27 september 2012 door de gemeenteraad van de gemeente Wijdemeren. In afbeelding 1.2 is een uitsnede van de verbeelding van het geldende bestemmingsplan weergegeven. Hierin is het plangebied indicatief aangegeven met de rode omlijning.
Afbeelding 1.2: Uitsnede verbeelding bestemmingsplan (Bron: Ruimtelijkeplannen.nl)
1.4.2
Beschrijving bestemmingen en aanduidingen
Het plangebied heeft op basis van het gelden bestemmingsplan ‘Kernen Ankeveen, Kortenhoef en NieuwLoosdrecht’ de bestemmingen ‘Agrarisch’, ‘Tuin’, ‘Verkeer – Verblijfsgebied’, ‘Wonen’, ‘Water’, ‘Waarde – Archeologie – 3’, ‘Waarde – Archeologie 4’ en ‘Waarde – Archeologie – 5’. Daarnaast geldt ter plaatse de gebiedsaanduiding ‘geluidzone’. Hierna wordt kort ingegaan op de geldende (dubbel)bestemmingen en de gebiedsaanduiding. ‘Agrarisch’ De voor ‘Agrarisch’ aangewezen gronden zijn bestemd voor de uitoefening van een grondgebonden veehouderijbedrijf en het behoud en het beheer van landschaps-, natuur- en cultuurhistorische waarden. Tevens zijn bedrijfswoningen en bij de bestemming behorende voorzieningen toegestaan. Binnen de bestemming geldt dat gebouwen en overkappingen enkel binnen een bouwvlak mogen worden gebouwd. Voor het bouwvlak in het plangebied geldt dat de goothoogte van gebouwen en overkappingen ten hoogste 6 meter mag bedragen. Daarnaast gelden voor aan- en uitbouwen en bijgebouwen alsmede voor bouwwerken, geen gebouwen en geen overkappingen zijnde een aantal bouwregels. ‘Tuin’ De voor ‘Tuin’ aangewezen gronden zijn bestemd voor tuinen behorende bij de op de aangrenzende gronden gelegen hoofdgebouwen en verharde paden en erfontsluitingswegen. ‘Verkeer – Verblijfsgebied’
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
6
Bestemmingsplan Het Achtererf – Nieuw-Loosdrecht Concept De voor ‘Verkeer – Verblijfsgebied’ aangewezen gronden zijn onder andere bestemd voor verblijfsgebied met een functie voor verblijf, verplaatsing en gebruik ten dienste van de aangrenzende bestemmingen, voorzieningen ten behoeve van afvalinzameling, fietsenstalling, wachtruimten en bij deze bestemming behorende voorzieningen, zoals speel- en recreatieve voorzieningen, reclame-uitingen, groen, parkeervoorzieningen, bergbezinkbassins, overkappingen voor winkelwagens, nutsvoorzieningen en water. ‘Wonen’ De voor ‘Wonen’ aangewezen gronden zijn hoofdzakelijk bestemd voor het wonen, al dan niet in combinatie met ruimte voor bed & breakfast of aan-huis-verbonden beroepen en kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten. Hoofdgebouwen (de woningen) dienen binnen het bouwvlak te worden gebouwd. Ter plaatse van het plangebied zijn geen bouwvlakken opgenomen. ‘Water’ De voor ‘Water’ aangewezen gronden zijn hoofdzakelijk bestemd voor water ten behoeve van de waterhuishouding en bruggen. ‘Waarde – Archeologie – 3’, ‘Waarde – Archeologie - 4’ en ‘Waarde – Archeologie – 5’ De voor 'Waarde - Archeologie - 3', ‘Waarde – Archeologie - 4’ en 'Waarde - Archeologie – 5’ aangewezen gronden zijn - behalve voor de andere aldaar voorkomende bestemming(en) - mede bestemd voor de bescherming en veiligstelling van archeologische waarden.
Op gronden met deze dubbelbestemmingen mogen ten behoeve van de bestemming uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde worden gebouwd met een bouwhoogte van ten hoogste 4 meter. Binnen de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie - 3' geldt een archeologische onderzoeksplicht indien een voorgenomen ontwikkeling een oppervlakte van 100 m² of meer bedraagt en dieper van 35 cm de grond verstoord. Binnen de dubbelbestemming ‘Waarde - Archeologie - 4' geldt de onderzoeksplicht bij een oppervlakte van meer dan 500 m² en een diepte van meer dan 40 cm. Binnen de dubbelbestemming ‘Waarde - Archeologie - 5' geldt de onderzoeksplicht bij een oppervlakte van meer dan 2.500 m² en een diepte van meer dan 40 cm. ‘Gebiedsaanduiding geluidzone’ Ter plaatse van de gebiedsaanduiding Geluidzone zijn nieuwe geluidsgevoelige bestemmingen uitsluitend toelaatbaar met inachtneming van de maximaal toelaatbare geluidswaarden volgens de Wet Geluidhinder.
1.4.3
Strijdigheid
Het voornemen bestaat om binnen het plangebied een woonbuurt te realiseren met 36 woningen en bijbehorende tuinen, bouwwerken en infrastructuur. Vanwege het ontbreken van de juiste bouw- en gebruiksregels is een bestemmingsplanherziening noodzakelijk. Dit bestemmingsplan voorziet hierin.
1.5
Leeswijzer
Na deze inleiding wordt in hoofdstuk 2 ingegaan op de huidige en gewenste situatie in het plangebied. In hoofdstuk 3 wordt ingegaan op het beleidskader. Hierin wordt het beleid van het Rijk, de provincie NoordHolland en de gemeente Wijdemeren beschreven. In hoofdstuk 4 passeren alle relevante milieu- en omgevingsaspecten de revue. Hoofdstuk 5 gaat in op de wateraspecten waaronder de watertoets. In de hoofdstukken 6 en 7 wordt respectievelijk ingegaan op de juridische aspecten/planverantwoording en de economische uitvoerbaarheid van het project. Hoofdstuk 8 gaat in op de inspraak en het vooroverleg.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
7
Bestemmingsplan Het Achtererf – Nieuw-Loosdrecht Concept
HOOFDSTUK 2 2.1
BESCHRIJVING PLANGEBIED
Huidige situatie
Het plangebied betreft het terrein achter de woningen aan de Nieuw Loosdrechtsedijk nummers 73 t/m 87 (oneven) te Nieuw-Loosdrecht. Ter plaatse vormt de Nieuw-Loosdrechtsedijk de verbindingsweg tussen de kernen Muyenveld, Boomhoek en Nieuw-Loosdrecht. De Nieuw-Loosdrechtsedijk betreft tevens de belangrijkste structuurdrager in het gebied als de centrale weg waaraan lintbebouwing is gesitueerd. In de omgeving van het plangebied is sprake van relatief intensieve bebouwing van voornamelijk woningen en gefragmenteerd een aantal bedrijfspercelen. Het plangebied is ingesloten tussen de lintbebouwing een de Nieuw Loosdrechtsedijk (noord- en westzijde) en een woonwijk (oostzijde). Aan de zuidzijde is de Tjalk aanwezig. Het plangebied betreft grotendeels een onbebouwd weiland met verspreid een aantal verouderde schuren. De luchtfoto in afbeelding 2.1 geeft een goed beeld van de huidige situatie in het plangebied.
Afbeelding 2.1: Luchtfoto plangebied (Bron: PDOK)
2.2
Gewenste situatie
2.2.1
Voorgenomen ontwikkeling
Het voornemen is om ter plaatse van het plangebied een woonbuurt te realiseren met 36 woningen. Het gaat hierbij om een gevarieerd woningbouwprogramma met vier rijwoningen, acht tweekappers, zes vrijstaande woningen en een kleinschalig appartementengebouw met zes seniorenwoningen en 12 sociale huurappartementen. In afbeelding 2.2 is een situatietekening opgenomen van de beoogde situatie. Deze wordt aansluitend toegelicht.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
8
Bestemmingsplan Het Achtererf – Nieuw-Loosdrecht Concept
Afbeelding 2.2: Beoogde situatie projectgebied (Bron: H en E Architecten)
De grondgebonden woningen (vrijstaande woningen, tweekappers en rijwoningen) worden voorzien van twee bouwlagen met een kap (al dan niet met afgeknotte daken). Het kleinschalige appartementengebouw wordt voorzien van drie bouwlagen. Hierdoor zullen de woningen en het appartementengebouw zich ruimtelijke gezien goed voegen bij de in de omgeving aanwezige gebouwen. De woningen worden ontsloten via een nieuw aan te leggen ontsluitingsweg die aan de zuidzijde aansluit op de Tjalk1. Ook wordt deze ontsluitingsweg aangesloten op de Tjotter ter plaatse van de woonwijk ten oosten van het plangebied. Het uitgangspunt is om deze aansluitingen qua uitstraling en gebruik onderschikt te maken aan de (hoofd)ontsluitingsweg, met als doel dat het (auto)verkeer de beoogde woonbuurt zal bereiken en verlaten via de Tjalk. Daar waar sprake is van aansluiting op de ten oosten gelegen woonwijk gaat het uitsluitend om fietsers en voetgangers. In afbeelding 2.3 is een 3D-imressie opgenomen van de beoogde situatie.
1
Samenhangend met voorgenomen ontwikkeling zal bij de Tjalk een trottoir aangelegd worden. Hiermee is ook vanaf de Tjalk het
plangebied beter en veiliger bereikbaar voor bijvoorbeeld voetgangers.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
9
Bestemmingsplan Het Achtererf – Nieuw-Loosdrecht Concept
Afbeelding 2.3: 3D-impressie beoogde situatie plangebied (Bron: H en E Architecten)
De beoogde woonbuurt krijgt zijn eigen hedendaagse identiteit met een ruime opzet van de woningen ten opzichte van elkaar en ten opzichte van de bestaande omliggende bebouwing. Verder voorziet het plan in een groene openbare ruimte. Er is gezocht naar manieren om de buitenruimte van Het Achtererf zoveel mogelijk natuurwaarden mee te geven met aandacht voor vogels, vlinders en insecten. Bijvoorbeeld in de vorm van nestkasten in de bestaande bomen en een vlinderhotel in de bloemenweide. Het is de bedoeling om de nieuwe bebouwing een kleinschalige erfsfeer te geven en het te verbinden met het omliggende landschap, het slagenlandschap. Daarnaast is het gewenst om binnen de woonbuurt een groene opslagplaats voor regenwater (wadi) te realiseren. VERHARDING Het streven is om zo min mogelijk verhard oppervlak in het gebied te realiseren om zo regenwater langer vast te kunnen houden. Er is vanzelfsprekend rekening gehouden met toegang voor hulpdiensten, vuilniswagen en auto’s. GROEN Door het openbare gebied met elkaar te verbinden kan het maximale uit het openbaar groen worden gehaald. De groene gebieden vormen een geheel waar de toegangsweg met half open verharding doorheen gaat. De wadi2 ligt midden in het gebied omgeven door knotwilgen en krijgt de vorm van een rechte strook, zoals het verkavelingspatroon in het oude landschap.
2.2.2
Duurzaamheid en klimaatadaptie
De voorgenomen ontwikkeling biedt kansen om zoveel mogelijk duurzaamheidsmaatregelen toe te passen. Gasloos De overheid wenst om geen gebruik meer te maken van gas. Dit onder meer vanwege de wens om de globale temperatuurstijging te beperken en de CO2 uitstoot te verminderen, maar ook vanwege het feit dat gas een eindig product is en de gevolgen die de gaswinning heeft voor de directe omgeving. In voorliggend geval wordt de nieuwe bebouwing, conform de huidige wetgeving, dan ook niet op het aardgasnetwerk aangesloten.
2
Een wadi is een laag gelegen gebied waar het regenwater zich bij overvloedige regenval kan verzamelen, en dat zo dienstdoet als een buffer om overbelasting van het waterafvoernetwerk en overstroming te vermijden.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
10
Bestemmingsplan Het Achtererf – Nieuw-Loosdrecht Concept Duurzaam bouwen Bij de ontwikkeling van de woningen staat het respect voor mens en milieu voorop. Duurzaam bouwen gaat niet alleen over een laag energieverbruik, maar ook over: gebruik van duurzame materialen die rekening houden met het milieu en de gezondheid van bewoners en gebruikers; • • • •
een gezond woonmilieu en een gezonde woonomgeving; prettige en leefbare huizen, gebouwen, wijken en steden; duurzaam slopen, materialen die vrijkomen hergebruiken; verantwoord watergebruik.
Klimaatbestendig inrichten van de buurt Duurzaam waterbeheer moet voorkomen dat er wateroverlast ontstaat en regenwater vervuilt. Door veel verharde oppervlakken loopt regenwater niet gemakkelijk in de grond. De nadruk ligt daarom op maatregelen die water vasthouden waardoor wateroverlast wordt voorkomen. In dit plan wil de gemeente dat bereiken door hemelwater, dat op de woningen en wegen valt, niet af te voeren op het aanwezige gemengde rioolstelsel. Als uitgangspunt van het plan geldt dat al het regenwater via infiltratie in de bodem zal worden opgenomen. Conform de ‘Nota Klimaatadaptatie’ dient 40 millimeter per m 2 verhardvloeroppervlak binnen het eigen perceel worden geborgd, geïnfiltreerd en/of hergebruikt. Hiertoe is een voorwaardelijke verplichting opgenomen in de regels van het voorliggend bestemmingsplan. Het vuilwater zal op de bestaande gemeentelijke riolering worden afgevoerd. Duurzame mobiliteit Jaarlijks neemt het aantal elektrische auto’s sterk toe. De gemeente Wijdemeren faciliteert deze groei. Om aan de toekomstige laadbehoefte te voldoen, is een versnelling in het plaatsen van laadpalen in de openbare ruimte nodig. Hiertoe is het ‘Laadpalenbeleid’ opgesteld. Dit beleid is opgesteld om deze versnelling mogelijk te maken. Dit doet de gemeente door de drempels te verlagen die aanvragers van laadpalen in de openbare ruimte ervaren.
Met voorliggend plan wordt ingespeeld op de toenemende vraag naar laadpalen. Binnen het plangebied zijn in het openbaargebied in ieder geval twee laadplaatsen ‘gereserveerd’.
2.2.3
Crisis- en herstelwet
2.2.3.1 Algemeen De kern van de Crisis- en herstelwet is dat met snelle en zorgvuldige procedures doelgericht wordt gewerkt aan werkgelegenheid en duurzaamheid. Ten tijde van het opstellen van de wet was het bedoeld als maatregel om sneller en sterker uit de recessie te komen. Vanaf 25 april 2013 heeft de wet echter een permanent karakter gekregen. De procedurele maatregelen bestaan onder meer uit de beperking van het beroepsrecht van bestuursorganen, verruiming van het passeren van gebreken in een besluit en invoering van het relativiteitsvereiste in beroep. Naast de procedurele maatregelen zijn er ook specifieke wijziging aangebracht met het doel om de procedure te versnellen. Deze maatregelen bestaan uit een versnelde behandeling van de zaak (rechtbank/Raad van State), geen pro-forma beroep, verkorte adviestermijnen en versnelde uitspraak (binnen 6 maand).
2.2.3.2 Toetsing van het initiatief aan Crisis- en herstelwet Op de voorgenomen ontwikkeling is, als zelfstandig project, het toepassen van de vereenvoudigde procedure zoals opgenomen in de Crisis- en herstelwet mogelijk. Dit vanwege het feit dat aan het minimaal en maximaal aantal woningen zoals genoemd in hoofdstuk 2 afdeling 6 van de Chw, wordt voldaan. In de publicatie van dit bestemmingsplan wordt de toepassing van de crisis- en herstelwet expliciet vermeld.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
11
Bestemmingsplan Het Achtererf – Nieuw-Loosdrecht Concept
2.3
Verkeer en parkeren
2.3.1
Algemeen
Bij het opstellen van bestemmingsplannen moet rekening worden gehouden met de verkeersgeneratie en de parkeerbehoefte die ontstaat als gevolg van de nieuwe ontwikkeling. De planologische wijziging van dit plan leidt tot een verhoging van de verkeersgeneratie en de parkeerbehoefte. Ten behoeve van het voornemen is door Roelofs Groep een verkeersonderzoek uitgevoerd in het kader van de verkeerseffecten (zie bijlage 1 bij deze toelichting). De aspecten parkeren en verkeer en de kern van het onderzoek worden in onderstaande tekst nader beschreven.
2.3.2
Parkeerbehoefte
De beleidsregel ‘Parkeernormen gemeente Wijdemeren’ d.d. 31-03-2015 bevat de gemeentelijke parkeernormering. Parkeervoorzieningen moeten in eerste instantie op het erf c.q. binnen het planperceel worden aangebracht. In voorliggend initiatief leidt dit tot de volgende parkeerbehoefte: Type woning Vrijstaande woningen (koop) Twee-onder-een-kap woning (koop) Rijtjeswoning Appartementen sociaal (koop/huur) Appartementen vrije sector (koop)
Aantal 6 8 4 12 6
parkeerbehoefte (1,6*6=) 9,6 (1,6*8=) 12,8 (1,4*4=) 5,6 (1,3*12=) 15,6 (1,3*6=) 7,8 Totaal: 51,4
De totale parkeerbehoefte van het initiatief is afgerond 52 parkeerplaatsen. Hierbij is voor de 12 sociale appartementen uitgegaan van de functie worst-case functie van ‘koop’ Omdat de planontwikkeling alleen de functie ‘wonen’ betreft is dubbelgebruik niet mogelijk, waarmee de feitelijke parkeervraag ook 52 parkeerplaatsen is. Het plangebied kent de volgende parkeervoorzieningen: • • • • • • • •
haaksparkeervakken (openbaar) haaksparkeervakken (elektrisch) haaksparkeervakken rijtjeswoningen (4x) (privé) langsparkeervakken (openbaar) vrijstaande woning (6x) met dubbele oprit (privé) 2-onder-1-kapwoning (2x) met lange oprit (privé) 2-onder-1-kapwoning (2x) met dubbele oprit (privé) 2-onder-1-kapwoning (2x) met enkele oprit (privé) totaal beschikbare parkeercapaciteit
= 29,0 parkeerplaatsen = 2,0 parkeerplaatsen = 4,0 parkeerplaatsen = 6,0 parkeerplaatsen = 12,0 parkeerplaatsen = 4,0 parkeerplaatsen = 4,0 parkeerplaatsen = 4,0 parkeerplaatsen + = 65,0 parkeerplaatsen
Met bovenstaand aantal parkeerplaatsen kent het plangebied in totale zin ruim voldoende parkeercapaciteit. Hierbij is ook rekening gehouden met de berekeningsaantallen per parkeerplaats uit de gemeentelijke beleidsregel. Binnen het plangebied moet de parkeerbehoefte van het appartementencomplex en de parkeerbehoefte van bezoekers van de woningen (0,3 parkeerplaats per woning) openbaar toegankelijk zijn. Totaal komt dit neer op het volgende aantal openbare parkeerplaatsen: • • • • •
6 vrijstaande woningen (koop) * 0,3 parkeerplaats 8 twee-onder-een-kap woning (koop) * 0,3 parkeerplaats 4 rijtjeswoning (koop) * 0,3 parkeerplaats 12 appartementen sociaal (koop/huur) * 1,3 parkeerplaats 6 appartementen vrije sector (koop) * 1,3 parkeerplaats totaal aantal openbare parkeerplaatsen
= 1,8 parkeerplaatsen = 2,4 parkeerplaatsen = 1,2 parkeerplaatsen = 15,6 parkeerplaatsen = 7,8 parkeerplaatsen + = 28,2 parkeerplaatsen
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
12
Bestemmingsplan Het Achtererf – Nieuw-Loosdrecht Concept Met de aanwezige 35 openbare parkeerplaatsen (29x haaksparkeerplaats en 6x langsparkeerplaats) voldoet het initiatief ook aan de benodigde openbare parkeercapaciteit van (afgerond) 28 parkeerplaatsen. De parkeercapaciteit is beschikbaar binnen een acceptabele loopafstand van de functie van wonen, namelijk 100 meter. In afbeelding 2.4 is een situatietekening opgenomen waarop de parkeerplaatsen staan ingetekend.
Afbeelding 2.4: Parkeren (Bron: H en E Architecten)
Gelet op het vorenstaande voorziet het plan in voldoende parkeercapaciteit om het parkeren binnen het plangebied op te vangen.
2.3.3
Verkeersgeneratie
Om de verkeersgeneratie van het initiatief te berekenen is gebruik gemaakt van de kencijfers voor verkeersgeneratie, zoals opgenomen in CROW publicatie 381. Voor de aanwezige functies is hierbij uitgegaan van het ‘minimale kencijfer’ voor de ‘schil’ in ‘weinig stedelijk’ gebied. Dit uitgangspunt komt overeen met de gemeentelijke beleidsregel voor parkeernormering, waarbij voor de parkeernormen voor locaties in de ‘kern’ ook is gekozen voor het ‘minimum’. De parkeerbehoefte heeft immers een directe relatie met de mobiliteitsbehoefte (verkeersgeneratie). Voor de 12 sociale huur appartementen is vanuit een worst-case benadering uitgegaan van de functie ‘koop, appartement, goedkoop’ in plaats van sociale huurappartementen. Voor de zes appartementen in de vrije sector is het kencijfer voor de functie ‘koop, appartement, duur’ gehanteerd. Type woning Vrijstaande woningen (koop) Twee-onder-een-kap woning (koop) Rijtjeswoning Appartementen sociaal (koop/huur) Appartementen vrije sector (koop)
Aantal 6 8 4 12 6
verkeersgeneratie (7,7*6=) 46,2 (7,3*8=) 58,4 (6,9*4=) 27,6 (5,0*12=) 60,0 (5,5*6=) 33,0 Totaal: 225,2
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
13
Bestemmingsplan Het Achtererf – Nieuw-Loosdrecht Concept Per saldo leidt het planvoornemen voor ‘Het Achtererf’ tot een toename van afgerond 225 verkeersbewegingen per etmaal. Op basis van het verkeersonderzoek volgen de volgende conclusies: •
verkeersontsluiting: het plangebied kent met de Tjalk richting de Nieuw-Loosdrechtsedijk en richting de Rading goede ontsluitingsmogelijkheden voor gemotoriseerd verkeer. Dit geldt ook voor de ontsluitingsmogelijkheden voor fietsers en voetgangers. Het plangebied is in de basis goed bereikbaar, waarbij een trottoir langs de Tjalk ten westen van het plangebied meerwaarde heeft;
•
verkeersafwikkeling: in de plansituatie kent de Tjalk ten westen van het plangebied een geprognotiseerde intensiteit van 2.510 mvt/etmaal en ten oosten 2.465 mvt/etmaal. De Tjalk heeft ruim voldoende capaciteit om te voorzien in een acceptabele verkeersafwikkeling;
•
verkeersveiligheid: op basis van de geringe verkeerstoename, weginrichting en rijsnelheden zijn er op het omliggende wegennet geen onaanvaardbare verkeersveiligheidsrisico’s.
2.3.4
Conclusie
Gelet op het vorenstaande vormt het aspect ‘verkeer en parkeren’ geen belemmering voor de voorgenomen ontwikkeling.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
14
Bestemmingsplan Het Achtererf – Nieuw-Loosdrecht Concept
HOOFDSTUK 3
BELEIDSKADER
Dit hoofdstuk beschrijft, voor zover van belang, het rijks-, provinciaal- en gemeentelijk beleid. Naast de belangrijkste algemene uitgangspunten worden de specifieke voor dit plangebied geldende uitgangspunten weergegeven.
3.1
Rijksbeleid
3.1.1
Nationale Omgevingsvisie (NOVI)
3.1.1.1 Algemeen Nederland staat voor grote uitdagingen die van invloed zijn op onze fysieke leefomgeving. Complexe opgaven zoals verstedelijking, verduurzaming en klimaatadaptatie zijn nauw met elkaar verweven. Dat vraagt een nieuwe, integrale manier van werken waarmee keuzes voor onze leefomgeving sneller en beter gemaakt kunnen worden. De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) zorgt voor een gezamenlijke aanpak die leidt tot een duurzaam perspectief voor onze leefomgeving. Dit is nodig om onze doelen te halen en is een zaak van overheid en samenleving.
3.1.1.2 Vier prioriteiten Aan de hand van een toekomstperspectief op 2050 brengt de NOVI de langetermijnvisie in beeld. Op nationale belangen wil het Rijk sturen en richting geven. Dit komt samen in vier prioriteiten. 1. Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie Nederland moet zich aanpassen aan de gevolgen van klimaatverandering. In 2050 is Nederland klimaatbestendig en waterrobuust. Dit vraagt om maatregelen in de leefomgeving, waarmee tegelijkertijd de leefomgevingskwaliteit verbeterd kan worden en kansen voor natuur geboden kunnen worden. In 2050 heeft Nederland daarnaast een duurzame energievoorziening. Dit vraagt echter om ruimte. Door deze ruimte zoveel mogelijk te clusteren, wordt versnippering van het landschap voorkomen en wordt de ruimte zo efficiënt mogelijk benut. Het Rijk zet zich in door het maken van ruimtelijke reserveringen voor het hoofdenergiesysteem op nationale schaal. 2. Duurzaam economisch groeipotentieel Nederland werkt toe naar een duurzame, circulaire, kennisintensieve en internationaal concurrerende economie in 2050. Daarmee kan ons land zijn positie handhaven in de top vijf van meest concurrerende landen ter wereld. Er wordt ingezet op een innovatief en sterk vestigingsklimaat met een goede quality of life. Belangrijk is wel dat onze economie toekomstbestendig wordt, oftewel concurrerend, duurzaam en circulair. 3.
Sterke en gezonde steden en regio's Er zijn vooral in steden en stedelijke regio's nieuwe locaties nodig voor wonen en werken. Het liefst binnen de bestaande stadsgrenzen, zodat de open ruimten tussen stedelijke regio's behouden blijven. Dit vraagt optimale afstemming op en investeringen in mobiliteit. Dit betekent dat voorafgaand aan de keuze van nieuwe verstedelijkingslocaties helder moet zijn welke randvoorwaarden de leefomgevingskwaliteit en -veiligheid daar stelt en welke extra maatregelen nodig zijn wanneer er voor deze locaties wordt gekozen. Zo blijft de gezondheid in steden en regio's geborgd. 4. Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied Er ontstaat een nieuw perspectief voor de Nederlandse landbouwsector als koploper in de duurzame kringlooplandbouw. Een goed verdienpotentieel voor de bedrijven wordt gecombineerd met een minimaal effect op de omgevingskwaliteit van lucht, bodem en water. In alle gevallen zetten we in op ontwikkeling van de karakteristieke eigenschappen van het Nederlandse landschap. Dit BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
15
Bestemmingsplan Het Achtererf – Nieuw-Loosdrecht Concept vertegenwoordigt een belangrijke cultuurhistorische waarde. Verrommeling en versnippering, bijvoorbeeld door wildgroei van distributiecentra, is ongewenst en wordt tegengegaan.
3.1.1.3 Afwegingsprincipes De druk op de fysieke leefomgeving in Nederland is zo groot, dat belangen soms botsen. Het streven is combinaties te maken en win-win situaties te creëren, maar dit is niet altijd mogelijk. Soms zijn er scherpe keuzes nodig en moeten belangen worden afgewogen. Hiertoe gebruikt de NOVI drie afwegingsprincipes: 1. Combinatie van functies gaan voor enkelvoudige functies. In het verleden is scheiding van functies vaak te rigide gehanteerd. Met de NOVI wordt gezocht naar maximale combinatiemogelijkheden tussen functies, gericht op een efficiënt en zorgvuldig gebruik van onze ruimte; 2. Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal. Het verschilt tussen gebieden wat de optimale balans is tussen bescherming en ontwikkeling en tussen concurrentiekracht en leefbaarheid. Sommige opgaven en belangen wegen in het ene gebied zwaarder dan in het andere; 3. Afwentelen wordt voorkomen. Het is van belang dat de leefomgeving zoveel mogelijk voorziet in mogelijkheden en behoeften van de huidige generatie inwoners, zonder dat dit ten komst gaat van die van toekomstige generaties.
3.1.1.4 Toetsing van het initiatief aan de NOVI De NOVI laat zich niet specifiek uit over dergelijke kleinschalige ontwikkelingen. Het betreft een ontwikkeling waarbij geen nationale belangen in het geding zijn en er is geen sprake van enige belemmering met betrekking tot de prioriteiten zoals verwoord in de NOVI. Geconcludeerd wordt dat de NOVI geen belemmering vormt voor de in dit wijzigingsplan besloten ontwikkeling.
3.1.2
Ladder voor duurzame verstedelijking
3.1.2.1 Algemeen De ladder voor duurzame verstedelijking is per 1 oktober 2012 als motiveringseis in het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.1.6, lid 2) opgenomen. Op 1 juli 2017 is de Ladder in het Besluit ruimtelijke ordening gewijzigd. Aanleiding voor de wijziging waren de in de praktijk gesignaleerde knelpunten bij de uitvoering van de Ladder en de wens om te komen tot een vereenvoudigt en geoptimaliseerd instrument. Doel van de ladder voor duurzame verstedelijking is een goede ruimtelijke ordening door een optimale benutting van de ruimte in stedelijke gebieden. Hierbij geldt een motiveringsvereiste voor het bevoegd gezag als nieuwe stedelijke ontwikkelingen planologisch mogelijk worden gemaakt. Teneinde een ontwikkeling adequaat te kunnen toetsen aan de ladder is het noodzakelijk inzicht te geven in de begrippen ‘bestaand stedelijk gebied’ en ‘stedelijke ontwikkeling’. In de Bro zijn in artikel 1.1.1 definities opgenomen voor: bestaand stedelijk gebied: ‘bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca, alsmede de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur’.
stedelijke ontwikkeling: ´ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen.´ Bij het beschrijven van de behoefte dient te worden uitgegaan van het saldo van de aantoonbare vraag naar de voorgenomen ontwikkeling (de komende tien jaar, zijnde de looptijd van het bestemmingsplan) verminderd met het aanbod in planologische besluiten, ook als het feitelijk nog niet is gerealiseerd (harde plancapaciteit).
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
16
Bestemmingsplan Het Achtererf – Nieuw-Loosdrecht Concept 3.1.2.2 Toetsing aan de ladder voor duurzame verstedelijking In onderstaande tekst wordt de ontwikkeling getoetst aan de ladder voor duurzame verstedelijking. Is sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling? Of sprake is van een stedelijke ontwikkeling wordt bepaald door de aard en omvang van de ontwikkeling in relatie tot de omgeving. Voor woningbouwlocaties geldt bijvoorbeeld vanaf twaalf woningen dat sprake is van een stedelijke ontwikkeling die Ladderplichtig is. Uit Afdelingsjurisprudentie blijkt dat de vraag wanneer sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling in grote mate casuïstisch wordt beantwoord. Zo heeft de Afdeling uitgemaakt dat de bouw van 11 woningen niet als stedelijke ontwikkeling wordt gezien. De Afdeling is van oordeel dat gelet het aantal woningen dat het plan mogelijk maakt, het plan niet voorziet in een woningbouwlocatie of andere stedelijke ontwikkeling als bedoeld in artikel 1.1.1 eerste lid, aanhef en onder i van het Bro. Artikel 3.1.6, tweede lid, van het Bro is dan ook niet van toepassing (ABRvS 16 september 2015; ECLI:NL:RVS:2015:2921). De in dit bestemmingsplan besloten ontwikkeling gaat uit van het toevoegen van 36 woningen. Gelet op het feit dat er meer dan 11 woningen worden gerealiseerd, wordt geconcludeerd dat sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling.
Wat is het ruimtelijk verzorgingsgebied? Wanneer sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling, moet de toelichting van het bestemmingsplan een beschrijving van de behoefte aan de woningen die mogelijk worden gemaakt bevatten. De behoefte moet worden bepaald binnen het ruimtelijk verzorgingsgebied van de woningbouwontwikkeling. De aard en omvang van de ontwikkeling zijn leidend voor het schaalniveau waarop de ruimtebehoefte moet worden afgewogen. Het ruimtelijk verzorgingsgebied kan gelet op de lokale behoefte worden beperkt tot de gemeente Wijdemeren. Beschrijving van de behoefte aan de voorgenomen ontwikkeling In 2010 is door de Provinciale Staten van Noord-Holland de provinciale woonvisie 'Goed wonen in NoordHolland 2010-2020' vastgesteld. Voor de uitvoering van de woonvisie zijn door de regio’s in de provincie met de provincie Regionale Actieprogramma's Wonen (RAP's) ontwikkeld. In het Regionaal Actieprogramma Wonen Gooi- en Vechtstreek 2016-2020 (2017) is de regionale behoefte aangetoond en regionaal afgestemd. Tot 2030 zijn binnen de regio waartoe de gemeente Wijdemeren behoort nog 9.250 nieuwbouwwoningen nodig, dit zijn in de periode 2015 tot 2020 750 nieuwbouwwoningen per jaar en de tien daaropvolgende jaren 550 nieuwbouwwoningen per jaar. Belangrijke thema’s binnen de regio zijn beschikbaarheid en betaalbaarheid.
De volgende punten zijn aansluitend hierop of aanvullend hierop het meest van belang, op basis van regionaal en gemeentelijk woonbeleid (zie ook paragraaf 3.3.2): • • • •
Minimaal 1/3e betaalbaar (huur tot € 710 en koop tot € 180.000) en minimaal 2/5e deel gestapelde bouw. Waar mogelijk inzetten op het middensegment (huur van € 710 tot € 850 euro); Rekening houden met variatie, duurzaamheid en levensloopbestendigheid; Stevig inzetten op verjonging van de kleine kernen door het vasthouden en aantrekken van jongeren. Prioriteit geven aan starters en doorstromers uit de buurt en dit vastleggen; Strategisch inzetten bij nieuwbouw (tekorten, leefbaarheid, doorstroming en duurzaamheid).
Het voorliggende bestemmingsplan voorziet in het toevoegen van 36 woningen. Het gaat hierbij om een gevarieerd woningbouwprogramma met vier rijwoningen, acht twee-onder-één-kapwoningen, zes vrijstaande woningen en een kleinschalig appartementengebouw met zes seniorenwoningen en 12 sociale huurappartementen. Een derde deel van de beoogde woningen (12 stuks) betreft sociale huur. Daarnaast bestaat de helft van het woningbouwprogramma (18 stuks) uit appartementen (gestapelde bouw).
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
17
Bestemmingsplan Het Achtererf – Nieuw-Loosdrecht Concept Bij de realisatie wordt tevens rekening gehouden met duurzaamheid (gasloos bouwen en eventueel toepassing van zonnepanelen) en levensloopbestendigheid (met name appartementen zijn bewoonbaar voor bewoners in verscheidende levensfasen). Gelet op het vorenstaande draagt het plan bij aan de ambities ten aanzien van betaalbaarheid van woningen, het toevoegen van appartementen, het inzetten op onder meer het goedkope en middensegment, het rekening houden met variatie, duurzaamheid en levensloopbestendigheid en het aantrekken van starters en doorstromers. Resumerend wordt dan ook gesteld dat het plan zowel voorziet in de kwantitatieve als kwalitatieve behoefte. Ligt de stedelijke ontwikkeling in bestaand stedelijk gebied? Als de woningbouwontwikkeling voorziet in een behoefte en gepland is binnen bestaand stedelijk gebied dan wordt voldaan aan de Ladder. Zoals aangegeven voorziet het plan in de kwantitatieve en kwalitatieve woningbehoefte in de gemeente Wijdemeren. Daarnaast is het plangebied gelegen binnen de kern Nieuw-Loosdrecht. Hiermee is sprake van een ontwikkeling binnen bestaand stedelijk gebied. Nadere motivering op dit onderdeel is dan ook niet noodzakelijk. Conclusie Gelet op het vorenstaande wordt gesteld dat sprake is van een behoefte en de ontwikkeling binnen bestaand stedelijk gebied plaatsvindt.
Hiermee voldoet het voornemen aan de ‘Ladder voor duurzame verstedelijking’.
3.1.3
Conclusie toetsing aan het rijksbeleid
Geconcludeerd wordt dat het relevante ruimtelijke ordeningsbeleid op rijksniveau de in dit bestemmingsplan besloten ontwikkeling niet in de weg staat.
3.2
Provinciaal beleid
Het provinciaal beleid is verwoord in tal van plannen. Het belangrijkste plan betreft de Structuurvisie NoordHolland 2050 en de daarbij behorende Provinciale Ruimtelijke Verordening.
3.2.1
Omgevingsvisie Noord-Holland 2050
3.2.1.1 Algemeen Op 19 november 2018 is door de Provinciale Staten van Noord-Holland de Omgevingsvisie Noord-Holland 2050 vastgesteld. Hierin is de visie op de fysieke leefomgeving beschreven. De Omgevingsvisie wil zorgen voor balans tussen economische groei en leefbaarheid. Zo kunnen we voor toekomstige generaties het welvaarts- en welzijnsniveau in Noord-Holland op een hoog niveau houden. Dit betekent dat in Noord-Holland een basiskwaliteit van de leefomgeving wordt gegarandeerd; de ruimte voor economische ontwikkeling wordt altijd in samenhang met dit uitgangspunt beschouwd. Duurzame economische ontwikkeling is nodig voor de werkgelegenheid en daarmee voor de bestaanszekerheid van inwoners; de provincie Noord-Holland wil ook in de toekomst een provincie zijn voor iedereen zodat de provincie sociaal-inclusief kan worden gehouden. Maar ook om de grote investeringen op te brengen die nodig zijn voor onder meer de transitie naar een duurzame-energiehuishouding, de overgang naar een circulaire economie en het behoud van het karakteristieke landschap. In de wetenschap dat de wereld waarmee Noord-Holland is verbonden continu verandert, geeft deze visie enerzijds richting en daarmee houvast naar een onbekende toekomst, en anderzijds voldoende ruimte en handelingsperspectief om te anticiperen op nieuwe ontwikkelingen. Er wordt dus geen eindbeeld voor 2050 gepresenteerd.
Deze visie laat in algemene zin wel zien wat onze ontwikkelprincipes zijn voor de hele provincie om een hoge leefomgevingskwaliteit te bieden. Deze principes zijn overkoepelend: ze gelden voor de hele BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
18
Bestemmingsplan Het Achtererf – Nieuw-Loosdrecht Concept provincie. Hierbij komen de thema’s gezondheid, veiligheid, klimaatadaptatie en landschap aan bod, alsook een aantal generieke principes voor het gebruik van de fysieke leefomgeving. Daarnaast worden vijf samenhangende bewegingen geschetst: bewegingen die laten zien hoe wordt omgegaan met opgaven die op de samenleving afkomen en die de provincie wil faciliteren. Dat wordt gedaan door een aantal ontwikkelprincipes en randvoorwaarden mee te geven om de beweging naar de toekomst te kunnen maken. Het gaat om de volgende vijf bewegingen: 1.
2.
3.
4. 5.
Dynamisch schiereiland – hier is het benutten van de unieke ligging leidend waarbij de kustverdediging voorop staat en waar toeristische en recreatieve kansen benut kunnen worden en natuurwaarden worden toegevoegd. Metropool in ontwikkeling – hierin beschrijven we hoe de Metropoolregio Amsterdam steeds meer als één stad gaat functioneren en dat de reikwijdte van de metropool groter wordt. Door het ontwikkelen van een samenhangend metropolitaan systeem vergroten we de agglomeratiekracht. Sterke kernen, sterke regio’s – deze beweging gaat over de ontwikkeling van centrumgemeenten die daarmee het voorzieningenniveau in de gehele regio waarin ze liggen vitaal houden en de kernen hun herkenbare identiteit behouden. Nieuwe energie – in deze beweging gaat het over het benutten van de economische kansen van de energietransitie en circulaire economie. Natuurlijk en vitaal landelijke omgeving – deze beweging gaat over het ontwikkelen van natuurwaarden in combinatie met het versterken van de (duurzame) agrifoodsector.
Alle vijf bewegingen hebben een economische drijver. Van de kansen die de kusten bieden voor toeristischrecreatieve ontwikkeling in Dynamisch schiereiland tot de economische mogelijkheden die de transitie naar duurzame energie bieden voor de ‘draaischijven’ Den Helder en NZKG. De bewegingen verbinden deze economische kansen aan het versterken van de leefbaarheid, juist met het oog op duurzame economische groei. Bijvoorbeeld door de ontwikkeling van het metropolitane landschap nadrukkelijk onderdeel te maken van het gehele metropolitane systeem, inclusief de verstedelijking, alsook om de agrifoodsector te ondersteunen als partner om de biodiversiteit te vergroten.
3.2.1.2 Toetsing van het initiatief aan de Provinciale Omgevingsvisie Het voornemen voorziet in het realiseren van 36 woningen, bestaande uit 18 grondgebonden woningen en 18 appartementen. De ontwikkeling is passend bij de rol van de kern en voorziet in de vraag op basis van de meest actuele cijfers (zie ook paragrafen 3.1.2 en 3.3.2 van deze toelichting). Als gevolg van het voornemen wordt bijgedragen aan de diversiteit en variatie binnen woonmilieus en de leefbaarheid in de kern. Geconcludeerd wordt dat de ‘Omgevingsvisie Noord-Holland 2050’ zich niet verzet tegen de voorgenomen ontwikkeling.
3.2.2
Omgevingsverordening NH 2020
3.2.2.1 Algemeen Aanvullend op de reeds vastgestelde Omgevingsvisie NH2050, zijn belangrijke onderwerpen uit de Omgevingsvisie verankerd in de nieuwe Omgevingsverordening Noord-Holland. De Omgevingsverordening is op 22 oktober 2020 vastgesteld. De omgevingsverordening is van toepassing op bestemmingsplannen, beheersverordeningen, wijzigings- en uitwerkingsplannen en omgevingsvergunningen waarbij wordt afgeweken van het bestemmingsplannen als bedoeld in artikel 2.12 lid 1 onderdeel a onder 3 of lid 2 van de Wabo.
3.2.2.2 Toetsing van het initiatief aan de Omgevingsverordening NH 2020 In voorliggend geval is uitsluitend artikel 6.3 (nieuwe stedelijke ontwikkeling) van toepassing. Hierna wordt nader op dit artikel ingegaan. BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
19
Bestemmingsplan Het Achtererf – Nieuw-Loosdrecht Concept Artikel 6.3 Nieuwe stedelijke ontwikkeling 1. Een bestemmingsplan kan uitsluitend voorzien in een nieuwe stedelijke ontwikkeling als deze ontwikkeling in overeenstemming is met de binnen de regio gemaakte schriftelijke afspraken. 2. Gedeputeerde staten stellen nadere regels aan de afspraken bedoeld in het eerste lid. In de verordening is het begrip ‘stedelijke ontwikkeling’ als volgt gedefinieerd: ontwikkeling als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid onder i, van het Besluit ruimtelijke ordening. In het Besluit ruimtelijke ordening is het begrip ‘stedelijke ontwikkeling’ nader gedefinieerd als: ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen. Toetsing van het initiatief aan artikel 5a van de Omgevingsverordening NH 2020 De in voorliggend plan besloten ontwikkeling betreft een nieuwe stedelijke ontwikkeling. De ontwikkeling is in overeenstemming met de gemeentelijke en regionale woonvisie en daarmee met de binnen de regio gemaakte schriftelijke afspraken (zie paragraaf 3.3.2). Vermeld wordt dat afstemming binnen de regio heeft plaatsgevonden, met opname op de provinciale woningbouwcapaciteitenlijst.
Geconcludeerd wordt dat voorliggende ontwikkeling in overeenstemming is met artikel 6.3 van de Omgevingsverordening NH 2020.
3.2.3
Conclusie toetsing aan het provinciaal beleid
Geconcludeerd wordt dat de in dit voorliggende bestemmingsplan besloten ontwikkeling in overeenstemming is met de provinciale beleidsambities zoals verwoord in de Structuurvisie Noord-Holland 2050 en verankerd in de Provinciale Ruimtelijke Verordening.
3.3
Gemeentelijk beleid
3.3.1
Structuurvisie Wijdemeren
3.3.1.1 Algemeen In 2012 heeft de gemeenteraad van Wijdemeren de Structuurvisie Wijdemeren vastgesteld. In het document is aan hand van verschillende aspecten een huidige ruimtelijke structuur en een visie voor de gehele gemeente opgesteld. De structuurvisie gaat op in op de ruimtelijke structuur voor een periode van 10 tot 40 jaar. Het speerpunt in het gemeentelijk beleid is gelegen in het versterken van de toeristisch-recreatieve positie van Wijdemeren in het Groene Hart. In voorliggend geval is het onderdeel ‘wonen’ van belang.
3.3.1.2 Visie Huidige situatie Ankeveen, Kortenhoef, Nederhorst den Berg en Nieuw-Loosdrecht zijn de grotere plaatsen in de gemeente. Wijdemeren bestaat uit kernen die zijn ontstaan aan de linten. Daarnaast concentreert de bebouwing zich vooral in de linten. Hier zijn over het algemeen de woningen uit het duurdere segment te vinden. Knelpunten: 1. Stagnatie in de woningmarkt: De woningmarkt functioneert niet optimaal en dit heeft tot gevolg dat in het algemeen de keuzemogelijkheden voor woningzoekenden te beperkt zijn. Doorstroming is beperkt, omdat mensen die door te verhuizen geschikte woningen voor andere woningzoekenden vrij kunnen maken, door het gebrek aan keuzemogelijkheden niet verhuizen. BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
20
Bestemmingsplan Het Achtererf – Nieuw-Loosdrecht Concept 2. Bouwproductie onevenwichtig: Een te kleine, “schoksgewijze” bouwproductie (pieken en dalen) die bovendien eenzijdig kan worden genoemd (relatief veel eengezinskoopwoningen), draagt niet bij aan een verbetering van de reeds beschreven situatie. 3. Voorraad past onvoldoende bij vraag > doelgroepen in de knel: De woningvoorraad bestaat vooral uit eengezinswoningen, met name in de koopsector. De voorraad past onvoldoende bij de woonwensen op korte en lange termijn. Dit levert knelpunten op voor: • Jongeren: Er is een blijvende behoefte aan passende woningen onder jongeren. • Ouderen: De gemeente heeft een behoorlijk oude leeftijdsopbouw en krijgt in de toekomst te maken met vergrijzing. De meerderheid van de ouderen in Wijdemeren wil zo lang mogelijk zelfstandig blijven wonen, ook als er onverhoopt zorg nodig is. Pas op latere leeftijd (75+) komen alternatieven in beeld: aanleunwoningen, verzorgings- of verpleeghuis. Op dit moment is een tekort aan passende huisvesting voor deze doelgroep, en dat tekort loopt de komende jaren verder op als geen passend antwoord wordt gevonden. • Mensen met fysieke/verstandelijke beperkingen: Bijzondere aandacht is nodig voor mensen met fysieke/verstandelijke beperkingen. Er is een toenemende behoefte aan kleinschalige woonvormen waar wonen, zorg en welzijn worden gecombineerd.
De nadruk ligt hierbij op zelfstandige (levensloopbestendige) woningen, al dan niet met (thuis)zorg. In deze woningen kunnen mensen in principe lang zelfstandig blijven wonen. Een goed pakket van welzijn en zorg moet dan echter wel voorhanden zijn op het moment dat daar behoefte aan ontstaat. Visie De gemeente heeft als uitgangspunt voor de structuurvisie geformuleerd: ‘een beperkte ontwikkeling met behoud van het goede’. De gemeente hecht sterk aan het belang van openheid en landschappelijke kwaliteit. Bouwplannen buiten Bestaand Bebouwd Gebied worden getoetst aan strenge kwalitatieve criteria. Belangrijke voorwaarden zijn dat wonen en landschap met elkaar worden verbonden en elkaar versterken en dat de bouwplannen aansluiten bij de landschappelijke context en de cultuurhistorie. Te denken valt aan het recreatief ontsluiten van het landschap, het maken van doorzichten naar het water en het maken van openbare ruimte aan het water. Nieuwbouw is dorps van karakter en schaal. Het percentage sociale woningbouw in bouwprojecten is in principe 33% (1/3e), waarmee tegemoet wordt gekomen aan de woonvisie.
3.3.1.3 Toetsing aan de Structuurvisie Wijdemeren Binnen de ontwikkeling is van aantasting van de openheid en de landschappelijke kwaliteit, vanwege de locatie binnen bestaand bebouwd gebied, geen sprake. Zoals in de visie aangegeven is vraag naar passende woningen voor onder meer jongeren en ouderen. Binnen het voornemen worden daarom naast de twee-onder-één-kapwoningen en vrijstaande woningen, 18 appartementen en 4 rijwoningen gerealiseerd, passend bij de vraag van de vermelde verscheidende doelgroepen. De appartementen zijn levensloopbestendig en worden onderverdeeld in sociale huurwoningen (12) en woningen in de vrije sector (6). Door het realiseren van 12 sociale huurwoningen wordt voldaan aan het gewenste percentage (33%) aan sociale huurwoningen. De te realiseren bebouwing wordt qua karakter en schaal stedenbouwkundig aangesloten op de bestaande bebouwing en kenmerken in de omgeving. Hierdoor zal de bebouwing zich goed voegen in de aanwezige bebouwingstructuren. Gezien het vorenstaande wordt geconcludeerd dat het voornemen aansluit bij de beleidsuitgangspunten zoals genoemd in de ‘Structuurvisie Wijdemeren’.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
21
Bestemmingsplan Het Achtererf – Nieuw-Loosdrecht Concept 3.3.2
Woonvisie Wijdemeren 2016-2020
3.3.2.1 Algemeen Met de Woonvisie Wijdemeren 2016-2020 geeft de gemeente Wijdemeren vorm en kleur aan het volkshuisvestelijk beleid in Wijdemeren. Deze lokale woonvisie staat niet op zich, maar moet in samenhang worden gezien met de, eveneens recent geactualiseerde, regionale woonvisie Gooi en Vechtstreek 2016-2030. Samen vormen deze woonvisies het volkshuisvestingsbeleid voor de komende jaren.
3.3.2.2 Doelstelling en beleid De belangrijkste doelstelling van het woonbeleid is om de woningvoorraad, nu en in de toekomst, zo goed mogelijk af te stemming op de woonwensen van de inwoners van Wijdemeren. Speerpunten zijn: 1. Leefbare kleine kernen 2. Diverse woningvoorraad met kwaliteit 3. Strategische inzet van nieuwbouw Elk speerpunt wordt hierna kort toegelicht. Leefbare kleine kernen Wijdemeren wil de komende jaren stevig inzetten op verjonging van de kleine kernen door het vasthouden en aantrekken van jongeren, zodat een evenwichtige bevolkingssamenstelling gewaarborgd blijft. De focus ligt op jongeren en jonge gezinnen die nu al in de gemeente wonen of hiermee een (sociale of economische) binding hebben. Deze groep wilt de gemeente zo veel mogelijk faciliteren wanneer zij een woonwens in de gemeente hebben. Daarnaast richt de gemeente zich op jongeren vanuit de regio. Diverse woning voorraad met kwaliteit De doelstelling voor woningvoorraad van Wijdemeren de komende jaren is: meer variantie, duurzamer en levensloopbestendiger. Concreet houdt dit in meer kleinere, betaalbare en gestapelde woningen, meer groene energielabels (label B en hoger) en aanpassen van de woningvoorraad voor de ouder wordende bevolking. Strategische inzet van nieuwbouw Nieuwbouw is een krachtig, maar ook kostbaar instrument.
Nieuwbouw moet daarom altijd strategisch worden ingezet met oog voor de effecten op de gehele lokale woningmarkt (zoals doorstroming en leefbaarheid) en voor specifieke doelgroepen (zoals jongeren en senioren). Deze doelstelling dient te worden behaald door: 1. Bij nieuwe woningbouwplannen uitgaan van minimaal 1/3 betaalbare woningen en 2/5 deel gestapelde bouw. Bij nog beïnvloedbare bestaande woningbouwplannen streven naar minimaal 1/3 betaalbare woningen en 2/5 deel gestapelde bouw, binnen ruimtelijke, financiële en juridische mogelijkheden die daar voor zijn. 2. Samen met de woningcorporaties de mogelijkheden voor herstructurering in kaart brengen. 3. Bij eerste verhuur nieuwbouw prioriteit geven aan starters en doorstromers uit de buurt en dit vastleggen in project specifieke toewijzingsregels. 4. In nieuwe bestemmingsplannen het aandeel sociale huur (en wanneer mogelijk ook middeldure huur) vastleggen.
3.3.2.3 Toetsing van het initiatief aan de gemeentelijke woonvisie Door het plan worden 36 woningen aan de bebouwde kom van Nieuw Loosdrecht toegevoegd. Het gaat hierbij om een gevarieerd woningbouwprogramma met vier rijwoningen, acht twee-onder-één-kapwoningen, zes
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
22
Bestemmingsplan Het Achtererf – Nieuw-Loosdrecht Concept vrijstaande woningen en een kleinschalig appartementengebouw met zes seniorenwoningen en 12 sociale huurappartementen. Een derde deel van de beoogde woningen (12 stuks) betreft sociale huur. Daarnaast bestaat de helft van het woningbouwprogramma (18 stuks) uit appartementen (gestapelde bouw). Gezien het vorenstaande wordt geconcludeerd dat de voorgenomen ontwikkeling in overeenstemming is met het gemeentelijk woonbeleid.
3.3.3
Welstandsnota Wijdemeren (2013)
3.3.3.1 Algemeen In de Welstandsnota Wijdemeren staan de randvoorwaarden en uitgangspunten voor de ruimtelijke kwaliteit van de gemeente. De Welstandsnota is van toepassing op omgevingsvergunningplichtige bouwwerken. In de nota is sprake van de volgende welstandscriteria: 1. sneltoetscriteria voor ‘veel voorkomende bouwwerken’, zoals aan- en uitbouwen, bijgebouwen, overkappingen en dakkappellen (absolute criteria). 2. gebiedsgerichte criteria, voor bouwwerken die niet onder 1 vallen, deze beschrijven de samenhang en het karakter van een bepaald gebied waaruit een reeks aandachtspunten of beoordelingscriteria volgen. Ook worden eventueel aanwezige bijzondere kwaliteiten van een gebied aangegeven en de benodigde extra inspanningen voor het handhaven van deze basiskwaliteiten (relatieve criteria, met ruimte voor een beoordeling). 3. algemene criteria, wanneer de gebiedsgerichte criteria ontoereikend of te beperkend zijn: bouwplan voldoet aan redelijke eisen van welstand, maar niet aan de gebiedsgerichte criteria. Een bouwplan kan geheel op het eigen architectonische vakmanschap worden beoordeeld. Dit is van toepassing op onverwachte, experimentele of opvallende bouwwerken.
Als stelregel geldt dat er hogere eisen aan het vermogen van het bouwwerk worden gesteld om een indruk achter te laten op de omgeving en het architectonisch vakmanschap naarmate het bouwwerk zich sterker van zijn omgeving onderscheidt. In voorliggend geval wordt nader ingegaan op de gebiedsgerichte criteria. Er zijn vijf welstandsregiems mogelijk: beschermd regiem (het door het Rijk aangewezen beschermde dorpsgezicht), het bijzondere regiem waar extra inspanning ten behoeve van de ruimtelijke kwaliteit gewenst is, het reguliere regiem waar de basiskwaliteit moet worden gehandhaafd, het beperkt regiem waarbij een beperkt aantal criteria van toepassing is en het welstandsvrije gebied. Ter plaatse van het plangebied geldt het bijzonder en regulier regiem. Voor het bijzonder regiem wordt onder meer getoetst op een heldere gevelgeleding en een zorgvuldige architectonische uitwerking en materialisering. Voor het regulier regiem wordt onder meer beoordeeld op het behoud van samenhang binnen de rijen en clusters.