Wijchen _ Beleidsplan water en riolering_def
Tekst van het document
Beleidsplan Water en Riolering Wijchen | 2023-2027
Samen werken aan een toekomstgericht en klimaatbestendig watersysteem
Klik op de Home button om te beginnen
Foto: Natuurvriendelijke oever Wijchens Meer
Inleiding
Aanleiding Voor u ligt het beleidsplan Water en Riolering voor de periode 2023 2027. In dit beleidsplan leggen we onze ambities en doelen voor ons watersysteem vast en geven we nadere invulling aan onze watertaken en zorgplichten. Dit beleidsplan vervangt het huidige Gemeentelijk RioleringsPlan (GRP) 2018 – 2022. Iedere vijf jaar stellen we het plan opnieuw op. Dat geeft ons de kans om nieuwe ontwikkelingen in beleid op te nemen en vooruitstrevend te blijven in de manier waarop wij met onze watertaken omgaan. Een belangrijke wijziging in dit plan komt met de invoering van de Omgevingswet. Met de inwerkingtreding vervalt de verplichting om een GRP op te stellen. Het nieuwe beleidsplan wordt dan opgenomen onder de Omgevingswet en vormt de input voor de omgevingsvisie, omgevingsprogramma’s en het omgevingsplan. Doel van dit beleid Het (afval)watersysteem heeft een aantal belangrijke functies: • Het beschermen van de volksgezondheid; • Het schoonhouden van de bodem en het oppervlaktewater; • Het verminderen van overlast en het voorkomen van schade door hevige regenval; • Het voorkomen en beperken van structureel nadelige gevolgen van te hoge- of te lage grondwaterstanden
Samenvatting
Met dit beleid zorgen we ervoor dat deze functies gewaarborgd blijven. We dragen zo bij aan een veilige en gezonde leefomgeving, nu en in de toekomst. Leeswijzer Dit document is opgemaakt als een interactieve pdf. Via de icoontjes aan de linkerzijde navigeert u door de verschillende onderdelen van dit beleid: Wat willen we bereiken? Waar staan we nu? Wat gaan we doen? Wat is daarvoor nodig? Bijlagen
Via de knoppen aan de onderzijde navigeert u door de verschillende onderdelen per hoofdstuk. Via Home komt u terug op deze pagina.
Colofon
Bestuurlijke samenvatting Samen werken aan een toekomstgericht en klimaatbestendig watersysteem Met de invoering van de Omgevingswet vervalt de verplichting van het opstellen van een (verbreed) Gemeentelijk RioleringsPlan (vGRP). Met dit Beleidsplan Water en Riolering (Bwr) sorteren we voor op komst van de Omgevingswet. Tegelijkertijd geven we ook invulling aan onze zorgplichten en geven we een financiële onderbouwing van de rioolheffing. Hiermee voldoen we aan alle eisen van de Wet Milieubeheer en fungeert dit Bwr tot de invoering van de Omgevingswet als vGRP. Na de invoering vormt dit Bwr de input voor de omgevingsvisie, omgevingsprogramma’s en het omgevingsplan. We zetten in dit beleid onze ambities en doelen uit het vGRP 20182022 voort. Uit de evaluatie blijkt dat we goed op koers liggen en er geen aanleidingen zijn onze ambities te veranderen. Een speerpunt voor de komende jaren is de focus op een integrale aanpak. De schaarse ruimte, complexiteit van de opgaven en het (gebiedsgericht) samenwerken als doel van de Omgevingswet vraagt hierom. Zo houden we ons watersysteem ondanks de uitdagingen die klimaatverandering met zich meebrengt haalbaar en betaalbaar. De maatregelen voor de komende planperiode zijn bepaald door de huidige situatie te toetsen aan de doelstelling die we in afstemming met de andere gemeenten uit de samenwerking en het waterschap hebben bepaald.
Samenvatting
Maatregelen betreffen fysieke-, onderzoeks- en communicatiemaatregelen. Deze zijn gericht op het integraal werken aan de openbare ruimte, integraal werken en het in balans brengen en houden van de waterstromen. Dit zijn de pijlers van onze werkwijze. We hebben middelen nodig om invulling te geven aan onze (verbrede) zorgplichten voor afvalwater, hemelwater, grondwater en oppervlaktewater. Middelen bestaan uit personele- en financiële middelen. De financiering van de zorgplichten is een gesloten circuit. Het benodigde geld halen we op via de rioolheffing. Het beleid dat we met dit Bwr voeren heeft een direct effect op de lange termijn financiering van de uitvoer van onze zorgplichten en daarmee op (de hoogte van) de rioolheffing. Ons uitgangspunt bij het bepalen van het tarief is dat we een solide beleid voeren, waarin inkomsten en uitgaven op een lange termijn in balans zijn en waarin we doelmatig omgaan met de beschikbare middelen.
Colofon
Colofon
Dit is een uitgave van de gemeente Wijchen Beeld, tekst en opmaak door TAUW Foto’s afkomstig uit de beeldbank van de gemeente
Gemeente Wijchen Oscar Peters Michel Megens Ben Winnemuller Liliane Nagelhout Kasteellaan 27 6602 DB Wijchen Postbus 9000 6600 HA Wijchen T + 31 88 432 70 00 E gemeente@wijchen.nl
TAUW bv Monique de Groot Gwendolijn Vugs Joren Zwaan Astrid Wentzel Handelskade 37 Postbus 133 7400 AC Deventer T + 31 57 06 99 91 1 E info@tauw.com
© September 2022
Samenvatting
Colofon
Wat willen we bereiken? Zorgplichten Dit hoofdstuk beschrijft wat wij willen bereiken. Op deze pagina geven we eerst de algemene doelstellingen zoals die zijn vastgelegd in de zorgplichten. Zorgplichten De gemeentelijke zorgplichten voor stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater zijn opgenomen in de Wet milieubeheer en de Waterwet. Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet is dit opgenomen in artikel 2.16 Ow (lid1a). In de bijlage zijn de wettelijke kaders opgenomen. Afvalwater Vanuit de Wet milieubeheer (artikel 10.33) hebben wij de verplichting een voorziening aan te bieden voor het inzamelen en transporteren van stedelijk afvalwater. Hemelwater Iedere terreineigenaar is volgens artikel 3.5 van de Waterwet verantwoordelijk voor het verwerken van het hemelwater op het eigen terrein. Pas als dit redelijkerwijs niet mogelijk is (door grondwaterstanden en/of infiltratiecapaciteit) heeft de gemeente de verantwoordelijkheid voor het inzamelen en verwerken van dit hemelwater, mits doelmatig (zie bijlage 8 voor de definitie). Grondwater Iedere terreineigenaar is volgens artikel 3.6 van de Waterwet verantwoordelijk voor de ontwatering van het eigen terrein. Pas als dit redelijkerwijs niet mogelijk is treft de gemeente maatregelen in openbaar gebied, mits doelmatig en dit geen taak is van waterschap of provincie. Het gaat hierbij om situaties waarbij de gevolgen van de
Zorgplichten
Ambitie
Afvalwater
grondwaterstanden een terugkerend schadelijk karakter hebben. Oppervlaktewater Het oppervlaktewatersysteem nemen we mee in dit beleidsplan omdat het samenhangt met de zorgplichten voor afval-, hemel-, en grondwater. De kosten voor de instandhouding van het oppervlaktewatersysteem brengen we ook ten laste van de rioolheffing. De zorg voor het oppervlaktewater valt in beginsel onder de verantwoordelijkheid en toezicht van het waterschap. Op basis van hydrologisch belang maken we onderscheid tussen watergangen. Primaire watergangen (A-status) vallen onder het beheer van het waterschap. De watergangen met B- of C-status vallen onder het beheer van de aangrenzende perceeleigenaren (primair ligt het beheer bij de eigenaar van het perceel waarop de Ben/of C-watergang ligt). Vaak is dit de gemeente. Ook (semi)open water ten behoeve van waterberging valt doorgaans onder het beheer van de gemeente. Klimaatadaptatie Het toepassen van klimaatadaptatie (het aanpassen van ons watersysteem aan het veranderende klimaat) is verweven in ons werk. In dit plan zijn alle onderdelen die te maken hebben met klimaatadaptatie daarom voorzien van een icoon. Zo maken we duidelijk hoe wij omgaan met extreme weergebeurtenissen door het veranderende klimaat.
Hemelwater
Grondwater
Oppervlakte water
Wat willen we bereiken? Ambitie We streven er naar de vier waterstromen in samenhang te bekijken: • stedelijk afvalwater • hemelwater (regenwater) • grondwater • oppervlaktewater Met dit beleid willen we een duurzame toekomstgerichte en klimaat bestendige inrichting van de openbare ruimte behouden én realiseren. Het bodem- en watersysteem zijn sturend in onze planvorming. Het is hierbij belangrijk dat dit doelmatig en betaalbaar gebeurt. Wij zien het integraal werken aan de openbare ruimte, gebiedsgericht werken en het in balans brengen en houden van de waterstromen als essentieel om dit te bereiken. Hoe wij invulling geven aan de zorgplichten is uitgewerkt in dit beleidsplan. Door op onderstaande knoppen te drukken navigeert u digitaal door de verschillende watertaken. Regionale samenwerking Dit beleidsplan is het resultaat van een gezamenlijke inspanning van de gemeenten Beuningen, Heumen, Wijchen, Druten, West Maas en Waal, Nijmegen en in goed overleg met het waterschap Rivierenland. Nijmegen heeft hierbij alleen deelgenomen aan het gezamenlijke deel. Samen werken is efficiënter en geeft de mogelijkheid om van elkaar te leren. Waar mogelijk hanteren we dezelfde uitgangspunten en waar we kansen zien zoeken we de samenwerking. Het vertrekpunt in de samenwerking is vastgelegd in onze regionale visie op de waterketen:
Zorgplichten
Ambitie
Afvalwater
“Voor blijvend doelmatige en klimaatbestendige inrichting, beheer en gebruik van de (afval)waterketen richten we ons op aanpassing en vernieuwing van de uitvoering van afval-, hemel-, oppervlakte- en grondwatertaken, in balans met de omgeving.” Samenwerking in de planperiode In 2011 hebben rijk, provincies, gemeenten en waterschappen in het Bestuursakkoord Water afgesproken om in de (afval)waterketen de kostenstijging terug te dringen, de kwaliteit te verbeteren en de kwetsbaarheid te verminderen. Samenwerking is een belangrijke pijler binnen het bestuursakkoord. Het heeft geleid tot het oprichten (2015) van de Werkeenheid Regio Nijmegen WRN (gemeenten Beuningen, Druten, Heumen, West Maas en Waal (sinds 2018), Wijchen, Berg en Dal, Nijmegen en waterschap Rivierenland) waarin onder andere de Regionale Klimaatadaptatie Strategie (RAS) is opgesteld. Voor wat betreft klimaatadaptatie neemt de gemeente West Maas en Waal deel aan WRN. Voor het onderdeel waterketen neemt West Maas en Waal samen met negen andere gemeenten en waterschap Rivierenland deel aan Samenwerkende Netwerken Rivierenland (SNR). Het waterschap heeft in samenwerking met de gemeenten de nota ‘Samen door één buis’ opgesteld. Dit document biedt praktische handvatten en uitgangspunten voor de samenwerking op het gebied van afval- en hemelwater tussen gemeenten en het waterschap.
In het hoofdstuk ‘Wat gaan we doen’ beschrijven we onze gezamenlijke inspanningen voor de komende planperiode.
Hemelwater
Grondwater
Oppervlakte water
Wat willen we bereiken? Doelen afvalwater We beschermen de volksgezondheid en de leefomgeving door stedelijk afvalwater in te zamelen en naar de rioolwaterzuivering te transporten of lokaal te zuiveren. Technische staat • De voorzieningen voor inzameling, transport en zuivering van stedelijk afvalwater verkeren in een zodanige technische staat dat deze kunnen functioneren waarvoor ze zijn aangelegd. • Het beheer van de afvalwatervoorzieningen doen wij risicobewust • Afvalwater kan ongehinderd afstromen. Bedrijfszekerheid • De bedrijfszekerheid van het gehele rioolsysteem is gewaarborgd en we beperken hiermee de kans op calamiteiten. Nieuwe aanleg • Voldoen aan wet- en regelgeving. • Toekomstgericht beleid voeren en vooruitstrevend omgaan met de zorgplichten Vuiluitworp • De vuiluitworp vanuit het afvalwatersysteem via overstorten naar oppervlaktewater in het geval van (hoos)buien is beperkt.
Aansluitingen en wijze van inzameling • Op het afvalwatersysteem zitten nagenoeg geen aansluitingen die de doelmatigheid van inzameling, transport en zuivering belemmeren. • Huishoudelijk afvalwater in het buitengebied op doelmatige wijze verwerken • Er is zicht op omvang en samenstelling van bedrijfsafvalwater op het openbaar stelsel. Met de omgevingsdienst maken wij hierover afspraken qua vergunningverlening en handhaving.
Gewenste situatie in 2050 (uit: Visie op de waterketen) • Het volledige proces van inzameling en zuivering is energieneutraal en is qua grondstoffen(terugwinning) zelfs winstgevend. • De invloed op het milieu en de leefomgeving vanuit stedelijk afvalwater is verwaarloosbaar. • Voor specifieke stoffen, zoals medicijnresten en nanoplastics, wordt een brongerichte benadering toegepast. Deze afvalwaterstromen worden daarom zoveel mogelijk gescheiden ingezameld en behandeld.
De doelen zijn in de bijlage 4 uitgewerkt
Zorgplichten
Ambitie
Afvalwater
Hemelwater
Grondwater
Oppervlakte water
Wat willen we bereiken? Doelen hemelwater Technische staat • De voorzieningen voor inzameling, berging, infiltratie en/of transport van hemelwater verkeren in een zodanige technische staat, dat deze kunnen functioneren waarvoor ze zijn aangelegd. • Het beheer van de hemelwatervoorzieningen doen wij risicobewust. Afvoercapaciteit • We hebben aandacht voor bestaand gebied waar sprake is van wateroverlast en nemen, als dat nodig is, passende maatregelen. Bij herinrichting of nieuwe aanleg ontwerpen we de openbare ruimte zo dat er op privaat terrein geen problemen ontstaan door water vanaf de openbare ruimte. • Waar mogelijk maatregelen meenemen met geplande werkzaamheden (werk-met-werk maken).
Gewenste situatie in 2050 (uit: Visie op de waterketen) • Iedere perceeleigenaar is zich bewust van de eigen verantwoordelijkheid voor het verwerken van het hemelwater dat op het eigen terrein valt. • Afvalwater en hemelwater worden afzonderlijk van elkaar ingezameld, getransporteerd en verwerkt. • Bij het gebruik en de inrichting van de openbare en private ruimte wordt rekening gehouden met klimaatadaptatie. Hoewel hinder en overlast in de toekomst wellicht vaker moeten worden geaccepteerd, zijn schade en letsel geminimaliseerd. • De verschillende functies voor de openbare ruimte vormen geen belemmering voor elkaar. Het volledige proces van inzameling en zuivering is energieneutraal en is qua grondstoffen(terugwinning) zelfs winstgevend.
Scheiden hemelwater en afvalwater • Vuilwater zoveel mogelijk scheiden van hemelwater. • Hemelwater verwerken zoals voorgeschreven in de voorkeursvolgorde voor het verwerken van hemelwater. Aansluitingen en wijze van inzameling • Er wordt geen vuilwater op het hemelwatersysteem geloosd. • Particulieren zijn verantwoordelijk voor het inzamelen en verwerken van regenwater dat op hun terrein valt. • We zorgen voor de inzameling van hemelwater van particulieren wanneer zij het hemelwater niet op eigen terrein kunnen verwerken (bergen en infiltreren), mits doelmatig. Foto: Wadi Huurlingsedam
De doelen zijn in de bijlage 4 uitgewerkt
Zorgplichten
Ambitie
Afvalwater
Hemelwater
Grondwater
Oppervlakte water
Wat willen we bereiken? Werkwijze hemelwater verwerken Voorkeursvolgorde Bij elke ingreep in de leefomgeving wegen we af hoe we water zo hoog mogelijk in de voorkeursvolgorde kunnen verwerken (zie figuur). Immers: hoe meer water we weten vast te houden of te bergen, hoe minder last we hebben van droogte en hoe minder we onze pompen en gemalen hoeven in te zetten en hoe hoger het rendement is van de RWZI's. Het afvoeren van regenwater is de laatste stap en de minst gewenste oplossing. Liever natuurlijk en bovengronds Bij elke stap in het model kiezen we waar mogelijk voor een natuurlijke en bovengrondse verwerking, (zoals vasthouden in een retentie of afvoer naar oppervlaktewater). Dit ziet er aantrekkelijker uit, is beter te combineren met andere maatschappelijke functies en opgaven, goed voor bewustwording en eenvoudiger in beheer en handhaving. Ondergrondse maatregelen treffen we alleen bij beperkte ruimte of als gevolg van een kosten-baten analyse. Bestaande ondergrondse voorzieningen (zoals infiltratiekratten) wijzigen we bij onderhoud waar mogelijk door bovengrondse oplossingen.
Dit maakt de voorziening zichtbaar en is doorgaans goedkoper in aanleg en onderhoud.
Bron afbeelding: Grote opgaven in een beperkte ruimte, Planbureau voor de Leefomgeving (2021)
Zorgplichten
Ambitie
Afvalwater
Hemelwater
Grondwater
Oppervlakte water
Wat willen we bereiken? Risicoanalyse hemelwater – Hinder, overlast en schade Inschatten van ernst Teveel water kan tot problemen leiden. Als hulpmiddel om de ernst van een overlastsituatie in te schatten gebruiken we de risicoanalyse zoals hiernaast opgenomen. Relevant hierbij zijn de frequentie van de overlast en het effect daarvan. Factoren die belangrijk zijn om het effect te bepalen zijn begaanbaarheid van wegen, de gezondheid van bewoners en de overlast op particulier terrein of gebouw.
We maken hierbij onderscheid tussen: • Door piekneerslag last van afvalwater *
•
Door piekneerslag water op wegen
•
Door piekneerslag water in panden
We proberen iedere overlast-situatie gelijk te behandelen, maar in de praktijk is geen situatie gelijk en vraagt telkens om maatwerk. De risicoanalyse is niet leidend. In de risicoanalyse is de volgende koppeling gemaakt tussen de mate van overlast en de mate van acceptatie en de bijbehorende urgentie.
Voor de gemeenten Wijchen en Druten geldt dat er een specifieke beoordelingssystematiek is vastgesteld, deze is op verzoek in te zien.
*Gehanteerde piekbuien: T= 2 – 20 mm / T = 10 – 35 mm / T = 100 – 70 mm
Zorgplichten
Ambitie
Afvalwater
Hemelwater
Grondwater
Oppervlakte water
Wat willen we bereiken? Doelen grondwater Technische staat • De voorzieningen voor inzameling en verwerking van overtollig grondwater verkeren in een zodanige technische staat dat deze kunnen functioneren waarvoor ze zijn aangelegd. • Het beheer van de grondwatervoorzieningen doen wij risicobewust Regierol • Ten aanzien van het grondwater hebben we een heldere regiefunctie. Voor vragen over grondwater en grondwaterproblematiek zijn wij aanspreekpunt voor inwoners en bedrijven. Grondwater over- en onderlast • De aanwezige structurele grondwateronderlast (droogte) wordt beperkt, voor zo ver dit redelijkerwijs kan én valt binnen de verantwoordelijkheid van gemeente. • Daar waar grondwater niet voldoet aan de gewenste ontwateringsdiepte en er sprake is structurele nadelige gevolgen door een te hoge- of te lage grondwaterstand, nemen we maatregelen in de openbare ruimte, mits doelmatig en geen taak van waterschap of provincie.
Nieuwe aanleg • Bij nieuwbouw hanteren we eisen ten aanzien van de aanleghoogte van gebouwen, wegen en groen. Dit kan per plan verschillen en betreft soms maatwerk. • Bij nieuwbouwontwikkelingen houden we rekening met grondwaterstanden om tot een robuuste inrichting te komen. Een initiatief mag niet leiden tot nadelige effecten op de waterhuishouding binnen de omgeving. Natuurlijke grondwaterstanden vormen het vertrekpunt van de ruimtelijke ingreep. Gewenste situatie in 2050 (uit: Visie op de waterketen) • Het beheer is aangepast aan de veranderende grondwaterstanden en stroming. Het beperken van schade en overlast is een samenspel van burgers en overheid. • Omdat de prioritering voor gebruik van oppervlaktewater uit de grote rivieren in perioden van droogte op het westen is gericht, zijn de lokale omgeving en het beheer daar op ingericht. • De vanuit het westen optredende verzilting in het diepere grondwater is effectief aangepakt, bijvoorbeeld via infiltratie van hemel- en oppervlaktewater. • Waterbeheerders werken als één geheel om alle partijen van voldoende water te voorzien.
De doelen zijn in de bijlage 4 uitgewerkt
Zorgplichten
Ambitie
Afvalwater
Hemelwater
Grondwater
Oppervlakte water
Wat willen we bereiken? Werkwijze grondwater Aanleghoogte We hanteren eisen ten aanzien van de aanleghoogte van gebouwen, wegen en groen. We gebruiken in beginsel de landelijke ontwateringscriteria* maar wijken hier indien naadzakelijk vanaf in gebieden die te maken hebben met hoge grondwaterstanden. Hiervoor geldt dat we waar nodig en/of mogelijk maatwerk toepassen. De landelijke richtlijnen voor minimale ontwatering zijn: • Woningen zonder kruipruimte 0,5 m¹ • Woningen met kruipruimte 1,0 m¹ • Tuinen en groenvoorzieningen 0,5 m¹ • Stroomwegen 1,0 m¹ • Gebiedsontsluitingswegen en erftoegangswegen 0,7 m¹ In de komende planperiode gaan we de ontwateringscriteria op gebiedsniveau uitwerken. Zie hoofdstuk: ‘Wat gaan we doen’. Bronneringswater lozen op de riolering Het waterschap en de provincie zijn bevoegd gezag voor tijdelijke grondwateronttrekkingen. Bijvoorbeeld bij bouwwerkzaamheden. Bij lozing van bronneringswater is toestemming van het bevoegd gezag nodig. We hanteren de volgende voorkeursvolgorde bij het toetsen van lozingsverzoeken voor lozen op de riolering. Bij lozen op de riolering is de gemeente bevoegd gezag: 1. 2. 3. 4. 5.
Voorkomen van bronneringswater Retourbemaling in de grond Lozing op het oppervlaktewater Lozing op de hemelwaterriolering Lozing op de gemengde riolering
Beoordelingscriteria structurele grondwateroverlast. Burgers en bedrijven zijn in eerste instantie zelf verantwoordelijk voor de gevolgen van overtollig grondwater of een lage grondwaterstand. Wanneer er sprake is van structurele grondwateroverlast kan de gemeente maatregelen nemen, mits dat doelmatig is en geen taak is van de provincie of het waterschap. Het effect van peilstijgingen in de rivieren op lokale grondwaterstanden is nadrukkelijk geen gemeentelijke aangelegenheid. De gemeentelijke taakopvatting ten aanzien van ‘structurele overlast’ met ‘nadelige gevolgen’ is als volgt. De overlast dient: • Wederkerend te zijn en gemeld (ten minste jaarlijks geregistreerd). • Én gedurende langere tijd voor te komen (tenminste één maand continu). • Én niet tijdelijk te zijn (tenminste twee jaar). • Én stabiel of toenemend te zijn. Met nadelige gevolgen bedoelen we: • Chronische gezondheidsklachten. • Schade aan gebouwen of infrastructuur. • Het niet meer mogelijk zijn van de primaire functie vanuit het bestemmingsplan. In de komende planperiode gaan we bovenstaande definities verder uitwerken tot een ‘beslisboom grondwater over- en onderlast’. Zie hoofdstuk: ‘wat gaan we doen’.
*ontwateringscriteria gelden ten opzichte van de gemiddeld hoogste grondwaterstand (GHG) ten opzichte van het aanlegpeil voor vloeren is dit t.o.v. bovenkant vloer en voor wegen t.o.v. de kruin van de weg.
Zorgplichten
Ambitie
Afvalwater
Hemelwater
Grondwater
Oppervlakte water
Wat willen we bereiken? Doelen oppervlaktewater Berging- en of afvoercapaciteit • Het oppervlaktewater heeft een belangrijke functie als berging voor overtollig hemelwater, waarmee ‘water-op-straat’ situaties of schade zoveel mogelijk wordt verminderd. Water(bodem)kwaliteit • De gemeente spant zich in om bij het treffen van maatregelen de waterkwaliteit in stand te houden of te bevorderen, het waterschap is primair verantwoordelijk voor de oppervlaktewaterkwaliteit. • De gemeente zet in op het vergroten van de belevings- en gebruikswaarde van het oppervlaktewater voor inwoners en bezoekers. We geven op een zo natuurlijk mogelijke manier vorm aan stedelijk oppervlaktewater. • Door een toepassing van de juiste inrichting vergroten we de chemische, biologische en fysische kwaliteit van het oppervlaktewater. Gelijktijdig vergroten we hiermee de ruimtelijke inpassing en de belevingswaarde van het water.
houden we de wateren bereikbaar en zorgen we voor obstakelvrije (doorgaande) onderhoudspaden in het openbaar gebied. Gewenste situatie in 2050 (uit: Visie op de waterketen) • Het oppervlaktewatersysteem is van goede kwaliteit en minder kwetsbaar voor de gevolgen van klimaatverandering. • De inrichting, het beheer en het gebruik van het watersysteem is klimaatbestendig (regenwater-, droogte- en hittebestendig). • Overheid en bewoners spannen zich maximaal in om schade te voorkomen, zijn zich bewust van ieders verantwoordelijkheid en participeren in het zoeken naar oplossingen.
Relatie oppervlaktewater met hemelwater en grondwater • We voorkomen (binnen onze beleidsverantwoordelijkheid) dat door niet goed functionerend oppervlaktewater toekomstige hemelwater en grondwater over- of onderlast ontstaat. Beheer en onderhoud • Indien mogelijk verwijderen we bij groot onderhoud beschoeiing door een natuurvriendelijk ingerichte oever. • Voor een goed watersysteem is onderhoud belangrijk, hiervoor
Foto: A-watergang Huurlingsedam
De doelen zijn in de bijlage uitgewerkt
Zorgplichten
Ambitie
Afvalwater
Hemelwater
Grondwater
Oppervlakte water
Waar staan we nu? Inleiding In dit hoofdstuk beschrijven we wat we hebben en waar we nu staan. Met de evaluatie kijken we terug op de afgelopen planperiode: welke maatregelen zijn uitgevoerd, wat hebben we bereikt en waar liepen we tegenaan. Onder areaal laten we met eenvoudige illustraties zien hoe ons rioolstelsel is opgebouwd; wat hebben we aan rioolbuizen, gemalen, overstorten, pompen etc. De illustraties geven ook een mooi beeld van hoe ons hele watersysteem met elkaar samenhangt. Tot slot geven we met Toets huidige situatie aan in hoeverre de huidige stand van zaken van onze rioleringszorg voldoet aan de kwaliteit zoals we deze voor ogen hebben; onze uitgangspunten en normen. In de bijlage 4 hebben wij deze toetsing van de huidige situatie in ‘stoplicht’ vorm toegevoegd aan de uitgangspunten en normen door bij ieder doel een indicatie te geven over de voortgang. Loopt goed Blijvend aandacht nodig Actie nodig Foto: Wadi Groenewoudseweg
Evaluatie
Areaal
Toets huidige situatie
Waar staan we nu? Evaluatie Beleid De beleidskaders en maatregelen uit het vorige beleidsplan vormen de basis voor hoe wij invulling geven aan de rioleringszorg. In de praktijk geven wij nog geen invulling aan risicobewust beheer. Personele inzet Door het ambtelijk samenvoegen van gemeente Druten en Wijchen is het lastiger geworden om de benodigde personele capaciteit per gemeente in kaart te brengen. In de praktijk blijkt het beoogde schaalvoordeel qua kosten en capaciteit weinig verschil te maken. Op dit moment wordt de beschikbare personele capaciteit als te krap ervaren. Waar mogelijk besteden we zoveel mogelijk taken uit. Financieel We hebben de afgelopen planperiode ingezet op onderzoek en planvorming. Hoewel, als beleid is vastgesteld, zijn we in de praktijk nog niet overgegaan op risicobewust beheer. De vervangingsmaatregelen waren in de afgelopen planperiode gebaseerd op theoretische levensduur, de uitvoering is echter achtergebleven bij de programmering. De structurele lasten waren hiermee lager dan voorzien. Hierdoor zijn de voorzieningen gegroeid. We hebben een eerste aanzet gegeven om de financiën met Druten te harmoniseren. Afvalwater We hebben 1 gezamenlijk beheersysteem met Druten. Het beheersysteem is nagenoeg compleet (98%); de meeste revisies zijn verwerkt.
Door conversies van het beheerpakket zijn niet alle gegevens beschikbaar, dit wordt op korte termijn bijgewerkt. We hebben nog geen gemeentedekkend beeld van de kwaliteit van ons stelsel middels rioolinspecties. Alle uitgevoerde inspecties zijn
Evaluatie
Areaal
beoordeeld en de benodigde maatregelen zijn uitgevoerd en/of ingepland op basis van theoretische levensduur. Het algemene beeld van de kwaliteit is dat deze voldoende is. De afgelopen planperiode hebben wij voor de volgende kernen een BRP of SSW opgesteld; Batenburg, Hernen, Bijsterhuizen Balgoij, Bergharen en Niftrik. Daarnaast is het denkstappenmodelonderzoek in 2022 opgestart. Waarschijnlijk leidt het denkstappenonderzoek nog tot aanvullende maatregelen. Hemelwater We hebben enkele hevige buien gehad, maar deze hebben slechts sporadisch geleid tot meldingen van wateroverlast. Bij werkzaamheden betrekken we bewoners zoveel mogelijk om het waterbewustzijn te vergroten. In samenloop met weg/rioolreconstructies hebben we verhard oppervlak afgekoppeld. Daarnaast hebben wij stelselaanpassingen in Hernen uitgevoerd om daarmee de risico's op overlast en schade te verkleinen. In 2021 hebben we de Maaiveldanalyse (stresstest) uitgevoerd, waaruit blijkt dat onze gemeente geen urgente knelpunten kent qua wateroverlast. Grondwater De afgelopen planperiode hebben we enkele meldingen van hoge grondwaterstanden ontvangen. Dit bleek echter het gevolg van hoge waterstanden in de rivieren. Oppervlaktewater Het beheer en onderhoud aan waterpartijen (inclusief baggeren) is uitgevoerd. In 2021 hebben wij een nieuw baggerplan opgesteld.
Toets huidige situatie
Waar staan we nu? Areaal Het gehele rioolstelsel met alle objecten en voorzieningen is een kapitaalgoed. De totale vervangingswaarde is afgerond EUR 158 miljoen (peildatum mei 2022). In onze beheerpakketten houden we alle gegevens over de riolering bij. De tabel hiernaast geeft een overzicht van ons systeem aan leidingen, pompen en gemalen. Via de knoppen aan de onderzijde van de pagina vindt u meer informatie over de verschillende onderdelen van de riolering: •
Riolering onder vrij verval
•
Mechanische riolering
•
Infiltratievoorzieningen
•
Drainage
Object
Evaluatie
Areaal
vervangingswaarde [EUR x mln.]
Vrijvervalriolering
143,2
Druk- vacuüm- en persleidingen
3,8
Gemalen en randvoorzieningen
6,4
Pompunits en IBA’s
4,6
Totaal
158,0
Toets huidige situatie
Waar staan we nu? Areaal – Vrij vervalriolering Onderstaande afbeelding laat het principe van vrijvervalriolering zien. Vrijverval wil zeggen dat het water onder invloed van zwaartekracht kan wegstromen. De vrijvervalriolering is onder te verdelen in een (verbeterd) gemengd of (verbeterd) gescheiden stelsel.
Evaluatie
Areaal
De grafiek hieronder toont de leeftijdsopbouw van het vrijvervalstelsel (Bron: RBP Wijchen – km riool per tijdvak). Het rioleringssysteem is in andere plannen gedetailleerd weergegeven, waaronder ook een overzicht van de overstorten. In bijlage 3 is een overzicht van de betreffende plannen gegeven.
Toets huidige situatie Klik hier om terug te gaan naar de pagina Areaal
Waar staan we nu? Areaal –Mechanische riolering Druk- en vacuümriolering zijn een vorm van mechanische riolering. Afvalwater wordt dan door een pomp in een kleine rioolleiding geperst of gezogen en uiteindelijk naar de rioolwaterzuivering afgevoerd. Iedere woning of verzameling van woningen heeft een eigen pomp- of vacuümput.
Evaluatie
Areaal
Toets huidige situatie Klik hier om terug te gaan naar de pagina Areaal
Waar staan we nu? Areaal – Infiltratievoorzieningen Infiltratie is het laten wegzakken van hemelwater in de bodem. Door het aanleggen van infiltratiesystemen kan regenwater beter in de grond zakken en houden we meer water vast. Zie ook onze voorkeursvolgorde voor het verwerken van hemelwater
Foto: Wadi’s Huurlingsedam fase 2
Evaluatie
Areaal
Toets huidige situatie Klik hier om terug te gaan naar de pagina Areaal
Waar staan we nu? Areaal – Drainage Drainage is het afvoeren van overtollig grondwater via een systeem van ondergrondse waterinlatende buizen. We passen dit met name toe in gebieden met (te) hoge grondwaterstanden. Ook het aanleggen van extra oppervlaktewater kan via peilbeheer zorgen voor het verlagen van de grondwaterstand. Als het nodig is zetten we drainage in wanneer de grondwaterstanden te hoog zijn. Dit doen we beperkt om de effecten door droogte niet te versterken. Daarnaast is het ook niet overal toegestaan om drainage toe te passen. Op grote schaal streven we naar het natuurlijk beheersen van grondwater. Zie ook onze voorkeursvolgorde voor het verwerken van hemelwater Vanwege de bodemopbouw in combinatie met de grondwaterstanden is drainage van de openbare ruimte niet nodig. Wij hebben daarom geen drainage in eigendom en beheer.
Evaluatie
Areaal
Toets huidige situatie Klik hier om terug te gaan naar de pagina Areaal
Wat gaan we doen? Inleiding In het hoofdstuk ‘Wat willen we bereiken’ hebben we onze doelen voor afval-, hemel-, grond,- en oppervlaktewater gepresenteerd. In de bijlage hebben we per doelstelling onze voortgang aangegeven. Waar nodig nemen we (extra) maatregelen om onze doelen te halen. In dit hoofdstuk benoemen we deze. We hebben de maatregelen gesplitst naar type maatregelen en acties gericht op: • Fysieke maatregelen • Communicatie en participatie • Onderzoeksmaatregelen We beschrijven ook onze speerpunten en hoe wij onze rol als gemeente zien: Speerpunten We streven de komende jaren ernaar • meer integraal te werken; • het zetten van stappen naar een risicobewust beheer en onderhoud en; • bewust te werken vanuit onze rollen als lokale overheid.
Fysieke maatregelen Dit zijn de maatregelen die we concreet in uitvoering gaan brengen. Het betreffen: • Beheer- en onderhoudsmaatregelen • Verbetermaatregelen • Vervangingsmaatregelen Onderzoeksmaatregelen We geven aan op welke onderzoeken we ons richten en met welk doel. We maken hierbij onderscheid naar onderzoeken die we zelfstandig op pakken en onderzoeken die gezamenlijk oppakken. Communicatie en participatie We beschrijven hoe we verbinding zoeken met onze bewoners en bedrijven.
Rollen Afhankelijk van de opgave kiezen wij onze rol. We realiseren zelf maatregelen, stellen regulering in, werken samen vanuit ieders verantwoordelijkheid en/of helpen onze bewoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties zelf maatregelen te treffen.
Speerpunten
Rollen
Fysieke maatregelen
Communicatie en participatie
Onderzoek
Wat gaan we doen? Speerpunten Integraal werken Een speerpunt in onze werkwijze voor de komende jaren is de focus op een integrale aanpak. De schaarse ruimte, complexiteit van de opgaven en het samenwerken als doel van de Omgevingswet vraagt hierom. Bodem en water vormen de leidende principes van de ruimtelijke inrichting, overige thema’s zijn hierop aansluitend of volgend. Het natuurlijke bodem- en watersysteem is sturend bij het bepalen van inrichtingsmaatregelen. We benaderen water dan ook multifunctioneel. Aan- en afvoer zijn geen gescheiden onderwerpen. Klimaatadaptief Onderdeel van integraal werken is dat (conform de richtlijnen van het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie) alle nieuwe ontwikkelingen en herinrichtingen klimaatbestendig, toekomstgericht, waterrobuust en duurzaam worden uitgevoerd. Risicobewust werken Met het vorige beleidsplan, voor de planperiode 2018 – 2022, is de regionale visie op de waterketen vastgesteld. In deze visie is onder ander opgenomen dat we werken op basis van assetmanagement en dit doen vanuit een risico-benadering in plaats van normen. Voor het beheer van de assets wordt gebruik gemaakt van een geautomatiseerd systeem (beheerpakket). In het beheerpakket zijn de vaste en variabele gegevens van de assets opgenomen. Daarnaast is het beheerpakket in staat planningen en begrotingen op strategisch niveau te genereren.
Speerpunten
Rollen
Omdat in het begin van deze planperiode een samenvoeging met de ambtelijke organisatie van Druten op stapel stond, is gewacht om het beheerpakket van Wijchen hier al op in te richten. De harmonisatie en het opwaarderen van het gezamenlijke beheerpakket heeft meer tijd in beslag genomen dan was voorzien. Hierdoor kon voor de komende planperiode, voor de vrijverval leidingen, het beheersysteem nog niet ingericht worden vanuit een risico-benadering. Voor de komende planperiode (2023 – 2027) is daarom uitgegaan van de werkwijze zoals gehanteerd in de huidige planperiode (2018 – 2022), met dien verstande dat de technische levensduur van de vrij vervalriolering is verruimd naar 68 jaar. Voor de bekostiging uit de Voorziening riolering maakt dit overigens voor de komende planperiode niets uit. Op korte termijn wordt het beheersysteem voor de riolering ingericht op risico-benadering van de assets. Aansluitend wordt inzichtelijk gemaakt wat de gevolgen zijn van risico-benadering in relatie tot het Integraal Beheer van de Openbare Ruimte (IBOR). Naar verwachting is dit in de loop van 2023 gereed. Dit betekent dat een en ander qua financiële gevolgen op z’n vroegst in de begroting van 2024 kan worden doorgevoerd.
Fysieke maatregelen
Communicatie en participatie
Onderzoek
Wat gaan we doen? Rollen Traditioneel heeft de waterbeheerder een realiserende en regulerende rol op zich genomen (links in het figuur). Dit wil zeggen dat de waterbeheerder zelfstandig aan de realisatie werkt van een goed functionerend watersysteem. Waar nodig wordt goed gebruik van de riolering en het watersysteem afgedwongen via regelgeving. De laatste jaren is een verschuiving gaande naar een nieuwe werkwijze. Samenwerking en het faciliteren van de gemeenschap staat steeds meer centraal (de rechterhelft van het figuur). Denk aan samenwerking met in- en externe partijen om integrale plannen te maken. Of het werken aan bewustwording bij bewoners over goed rioolgebruik. De burger stimuleren om mee te denken en proactief omgaan met hun ideeën. Klik op de knop ‘fysieke maatregelen’ en 'Onderzoek' om te lezen welke maatregelen we willen treffen vanuit onze rol als realiserende overheid. Klik op de knop ‘communicatie en participatie’ om te lezen hoe we invulling geven aan onze ondersteunende en samenwerkende rol.
Speerpunten
Rollen
Fysieke maatregelen
Communicatie en participatie
Onderzoek
Wat gaan we doen? Fysieke maatregelen Fysieke maatregelen zijn nodig om onze ambitie tot uitvoering te brengen. Deze fysieke maatregelen zijn onder te verdelen in: Beheer- en onderhoudsmaatregelen We houden de bestaande infrastructuur op een kwalitatief goed niveau door het uitvoeren van beheer- en onderhoudsmaatregelen. Waar mogelijk kiezen wij voor levensduur verlengende maatregelen. Vervangingsmaatregelen We houden de bestaande infrastructuur ook op een kwalitatief voldoende niveau door te zorgen voor tijdige vervanging om storingen te minimaliseren. De vervangingsmaatregelen van de vrijvervalriolering zijn cyclisch bepaald op basis van aanleg jaar en technische levensduur (68 jaar). Daadwerkelijke vervanging vindt plaats op basis van inspectieresultaten en onze risicobewuste strategie. Hierbij zoeken we waar mogelijk aansluiting bij de integrale planning van IBOR en maken wij tevens de afweging tussen vervangen of relinen (instandhouden). Voor de gemalen en randvoorzieningen zijn de maatregelen voor de planperiode concreet bepaald. De overige vervangingen zijn eveneens cyclisch bepaald op basis van aanleg jaar en technische levensduur. De technische levensduur is hierbij gedifferentieerd naar type object en/of onderdeel van het object.
Speerpunten
Rollen
Verbetermaatregelen Verbetermaatregelen zijn er op gericht het totale systeem beter te laten functioneren. In de planperiode is rekening gehouden met de volgende type verbetermaatregelen: • Maatregelen naar aanleiding van het BRP/SSW en optimalisatie van het watersysteem. • Uitbreiding van de hemelwaterberging Woezik als uit het onderzoek van 2022 blijkt dat dit noodzakelijk is. • Maatregelen uit het denkstappenmodel. Deze maatregelen moeten we nog nader bepalen, maar pakken we in de planperiode op. • Jaarlijks afkoppelen van verhard oppervlak in samenloop met reconstructies van de openbare ruimte. • In 2021 hebben we de Maaiveldanalyse (stresstest) uitgevoerd, waaruit blijkt dat onze gemeente geen urgente knelpunten kent qua wateroverlast. Klik hier voor het overzicht van de fysieke maatregelen zoals die nu gepland staan
Fysieke maatregelen
Communicatie en participatie
Onderzoek
Wat gaan we doen?
Uitbreiding hemelwaterberging Woezik (Team Gebiedsinrichting) Maatregelen Denkstappenmodel Wijchen (Team Gebiedsinrichting) Verbetermaatregelen Bergharen n.a.v. BRP/SSW (Team Gebiedsinrichting) Verbetermaatregelen Balgoij n.a.v. BRP/SSW (Team Gebiedsinrichting) Afkoppelen verhard oppervlak (Team Gebiedsinrichting)
Speerpunten
Rollen
Fysieke maatregelen
Communicatie en participatie
Onderzoek
2027
2026
2025
2024
2023
Planningsoverzicht fysieke maatregelen
Wat gaan we doen? Communicatie en participatie We vinden het belangrijk dat mensen zelf bewust zijn van water en de kansen en risico’s die dat met zich meebrengt. In het verlengde hiervan moeten onze inwoners weten waarvoor ze zelf verantwoordelijk zijn. We merken dat niet iedereen dit waterbewustzijn heeft en dat is zorgelijk. Aan een watersysteem in balans dient iedereen een steentje bij te dragen. We werken aan het creëren van waterbewustzijn in onze gemeente. We doen dat op de volgende manier: 1. Binnen de Werkeenheid Regio Nijmegen ontwikkelen wij aan de hand van bovengenoemde doelstellingen een passend pakket aan communicatiemiddelen dat elke gemeente kan inzetten om het waterbewustzijn van inwoners te vergroten. 2. Bij ingrepen in de fysieke leefomgeving zoeken we contact met omwonenden. We proberen inwoners zelf ook voor eigen rekening maatregelen te laten nemen die goed zijn voor het watersysteem. Denk aan afkoppelen van de regenpijp, het weghalen van tuintegels of het aansluiten van een regenton. 3. Op de website van verschillende gemeenten is informatie beschikbaar over de mogelijkheden op het eigen terrein en het goed gebruiken van de riolering. 4. De gemeente werkt als loketfunctie voor bewoners. Mensen kunnen met vragen bij ons terecht. Waar nodig en mogelijk helpen we ze verder.
Speerpunten
Rollen
Fysieke maatregelen
Communicatie en participatie
Onderzoek
Wat gaan we doen? Onderzoeksmaatregelen Gezamenlijk
Individueel
Ontwateringscriteria op gebiedsniveau uitwerken
Opstellen reinigings- en inspectieplan
Opstellen beslisboom en grenswaarden grondwater over- en onderlast
Digitaliseren huisaansluitingen
Opstellen toetsingskader grondwater met afwegingen voor vasthouden/afvoeren en impact particuliere ingrepen op grondwaterstand
Onderzoek kwaliteit pers- drukleidingen incl. bekabeling
Toekomst grondwatermeetnet bepalen (Bro-loket)
Onderzoek invulling hemelwater en aansluitverordening
Uitwerken van eisen bij verwerken hemelwater op eigen terrein bij nieuwbouw, gedifferentieerd naar omvang ontwikkeling, gebiedsgericht en toepassing hemelwaterverordening
Onderzoek functioneren, verwerken, vervuiling e.d. wadi
Onderzoek bouwkundige staat bergbezinkbakken Onderzoek inventarisatie profielen C-watergangen
Afstemmen type buien dat we gebruiken als basis voor toetsing en berekening. Samenwerking in de waterketen & Communicatie via WRN
Inrichten BRO grondwatermeetnet Onderzoek klimaatbestedig maken openbare ruimte Onderzoek Verbetermaatregelen Niftrik BRP/SSW Onderzoek noodzaak uitbreiding hemelwaterberging Zesweg Onderzoek ombouw mechanische riolering naar vrijverval Onderzoek waterkwaliteitspoor n.a.v. BRP/SSW Onderzoek H2S inprikpunten mechanische riolering Opstellen Bwr 2028-2032 Onderzoek naar foutieve lozingen Actualiseren plannen BRP's/SSW's Aanschaf en implementatie nieuw beheerpakket
Speerpunten
Rollen
Fysieke maatregelen
Communicatie en participatie
Onderzoek
Wat is daarvoor nodig? Inleiding Om aan onze zorgplichten te voldoen zijn middelen nodig. Middelen bestaan zowel uit personele middelen als financiële middelen. Het bedrag dat nodig is om de taken uit te voeren komt uit de rioolheffing. Iedereen in de gemeente die baat heeft bij onze inspanning, draagt daar ook financieel aan bij. De inkomsten uit de rioolheffing worden alléén besteed aan de taken beschreven in dit plan.
Dit hoofdstuk is als volgt opgebouwd: Personeel & Organisatie waarin we de benodigde en beschikbare personele middelen beschrijven. Inkomsten waarin we beschrijven hoe de rioolheffing is opgebouwd, welke overige inkomsten we hebben en hoeveel geld we momenteel beschikbaar hebben in onze voorzieningen. Lasten waarbij we onderscheid maken tussen exploitatielasten en vervangings- en verbeteringsinvesteringen. Kostendekkingsberekening die is uitgevoerd waarin we lasten en inkomsten met elkaar hebben vergeleken en hebben bepaald wat het effect hiervan op een voorziening is. Heffingstarief - Om een positief saldo van de voorziening te behouden is een nieuwe tariefbepaling doorgerekend.
Foto: Wadi CPO Rivierduin
Personeel & Organisatie
Inkomsten
Lasten
Kostendekking
Scenario’s
Tariefbepaling
Wat is daarvoor nodig? Personeel en organisatie Om indicatief inzicht te krijgen in de benodigde middelen heeft Stichting RIONED een rekentool ontwikkeld. Met behulp van deze rekentool is bij de oprichting van de Werkorganisatie Druten Wijchen (WDW) een analyse gemaakt voor de benodigde personele inzet voor de (WDW). Deze analyse is geactualiseerd op basis van het nieuwe beheerplannen, zoals opgenomen in het beleidsplan. In de rekentool is geen rekening gehouden met de regionale samenwerking en beperkt met klimaatadaptatie (alleen het onderdeel wateroverlast). In de tabel zijn de resultaten van de rekentool opgenomen. In de linkerkolom staat de theoretisch benodigde bezetting met als uitgangspunt dat de gemeente alle taken in eigen beheer uitvoert en geen externen inhuurt. In de rechterkolom staat de werkelijke benodigde bezetting voor WDW op basis van een inschatting wat wij zelf oppakken en wat we extern uitbesteden. De personele inzet nodig voor het in uitvoering brengen van investeringen (projecten) maken als VAT-kosten onderdeel uit van de investeringsbedragen (zowel vervangingen als verbeteringen).
We berekenen conform de begrotingssystematiek (en BBV) overhead over personele inzet extracomptabel toe aan de rioolheffing.
Omschrijving
Alles in eigen beheer [fte]
Situatie WDW [fte]
Planvorming, onderzoek en facilitair
5,15
2,45
Onderhoud
11,60
1,20
Investeringen
5,80
2,30
-
0,45
22,55
6,40
Regionale samenwerking Totaal
De personele bezetting wordt als krap ervaren. We krijgen er steeds meer organisatorische taken bij en de voorwaardenscheppende en controlerende taken bij ruimtelijke ontwikkelingen vragen om meer eigen inzet dan voorzien. Dit blijft een aandachtspunt voor de toekomst. Bij de volgende financiële actualisatie houden wij dit opnieuw tegen het licht.
Personeel Personeelen & organisatie Organisatie
Inkomsten
Lasten
Kostendekking
Scenario’s
Tariefbepaling
Wat is daarvoor nodig? Inkomsten Rioolheffing Onze rioolheffing berekenen we als percentage over de WOZwaarde. We maken hierbij onderscheid naar eigenaren en gebruikers, alsook naar woningen en niet-woningen. In de tabel zijn de percentages weergegeven. De totale inkomsten bedragen ca. EUR 4,2 miljoen per jaar. Voor de beeldvorming en eenvoud van de resultaatpresentatie in de rekenmodellen van het beleidsplan, is het percentage over de WOZ vertaald naan een gemiddeld rekentarief per heffingseenheid. Voor 2022 is gerekend met een tarief van EUR 208,76. In 2022 zijn er 20.203 heffingseenheden in Wijchen. In de berekening is geen rekening gehouden met een stijging in het aantal heffingseenheden. Daarnaast hebben wij rekening gehouden met kwijtschelding. Overige inkomsten Vanuit het Rijk wordt een bijdrage beschikbaar gesteld voor de uitvoering van klimaatadaptieve maatregelen, de zogenaamde DPRA impulsgelden. Van de door het Rijk aan de werkregio WRN beschikbaar gestelde impulsgelden van EUR 3.152.000 voor de periode 2021-2023 resteert in 2023 een bedrag van EUR 923.510. Vanaf 2024 is geen Rijksfinanciering meer beschikbaar. Omschrijving Eigenarendeel Gebruikersdeel
Personeel & Organisatie
Voorzieningen Tot en met 2021 hadden wij conform het GRP drie voorzieningen voor toekomstige vervangingen (BBV 44 lid 1d BBV), onderverdeeld naar: rationeel beheer, mechanische riolering en pompinstallaties rioolgemalen. Daarnaast was er een ‘Reserve riolering’. We stellen voor: • De voorziening mechanische riolering en de voorziening pompinstallaties gemalen samen te voegen tot 1 voorziening mechanische riolering voor alle objecten met mechanische onderdelen. • Een nieuwe voorziening in te richten voor de egalisatie van het tarief ‘voorziening voor tariefegalisatie’ (BBV art. 44 lid 2). • De ‘Reserve riolering’ op te heffen en het saldo van EUR 735.000 te verdelen over de voorziening tariefegalisatie en de voorziening rationeel beheer. Deze laatste voorziening gebruiken we alleen voor de vervangingen van vrijvervalriolering. De stand van de voorzieningen per 1 januari 2022 bedragen hiermee: • Voorziening tariefegalisatie (BBV 44.2): EUR 0,175 mln. • Voorziening rationeel beheer (BBV 44.1d): EUR 7,280 mln. • voorziening mechanische riolering (BBV 44.1d): EUR 4,970 mln. Het is niet toegestaan om een negatieve voorziening te hebben.
Percentage op WOZ-waarde 2022 Woning Niet-woning Woning Niet-woning
Inkomsten
0,0373% 0,0884% 0,0193% 0,043%
Lasten
Kostendekking
Scenario’s
Tariefbepaling
Wat is daarvoor nodig? Lasten Exploitatielasten Ten laste van de voorziening tariefegalisatie brengen wij de volgende exploitatielasten: • Kosten voor dagelijks beheer en onderhoud, onderzoeken en planvorming etc. • Personele lasten incl. overhead • Kapitaallasten uit het verleden • Nieuwe kapitaallasten (alleen over verbetermaatregelen) • Dotatie naar spaarvoorzieningen vanaf 2023 - Dotatie voorziening mechanische riolering: EUR 375.000 - Dotatie voorziening rationeel beheer: EUR 1.150.000 - Totale dotatie: EUR 1.525.000 - De vrijval aan kapitaallasten uit het verleden voegen wij als extra dotatie toe aan de voorziening rationeel beheer • BTW over kosten voor: - dagelijks beheer en onderhoud, onderzoeken en planvorming - het afschrijvingsdeel van de kapitaallasten - dotatie aan voorzieningen (totale gehanteerde BTW is 14 %) - niet over de personele lasten In de bijlage is een overzicht opgenomen van alle exploitatielasten.
Vervangingsinvesteringen De gemeente heeft een nieuwe beheerplan opgesteld. Hierin is het volgende opgenomen: • Vrijvervalriolering: Voor de vervanging van vrijvervalriolering is uitgegaan van een cyclische vervanging op basis van aanlegjaar + technische levensduur (68 jaar). Op basis van de kwaliteitsgegevens vanuit inspecties in combinatie met de risicobewuste aanpak moeten we hier in samenspraak met IBOR nog concrete projectenplanningen voor maken. In deze berekening is geen rekening gehouden met levensduurverlengde maatregelen zoals relinen. Er is ook geen rekening gehouden met aanvullend budget voor het vervangen van gemengde riolering door een gescheiden stelsel. • Mechanische riolering: Voor gemalen en randvoorzieningen is op basis van kwaliteitsgegevens een concrete planning opgesteld, voor de overige objecten is uitgegaan van een cyclische vervanging op basis van aanlegjaar + technische levensduur. We zien in de toekomst een vervangingspiek op ons afkomen. De jaarlijkse inspecties en beoordelingen hiervan moeten uitwijzen hoe deze piek er daadwerkelijk uit komt te zien. We gaan alleen vervangen wat ook daadwerkelijk op basis van kwaliteitsmetingen en onze risicobewuste aanpak aan vervanging toe is. In de bijlage is een overzicht opgenomen van alle vervangingsinvesteringen.
Personeel & Organisatie
Inkomsten
Lasten
Kostendekking
Scenario’s
Tariefbepaling
Wat is daarvoor nodig? Kostendekking Uitgangspunten kostendekking In de berekening van de rioolheffing is met de volgende gemeentelijke financiële uitgangspunten rekening gehouden: • Bij de berekening van de rioolheffing is geen rekening gehouden met inflatie • Alle genoemde bedragen zijn prijspeil 2022 • Rente over de voorziening: 0 % • Afschrijving: alleen voor verbetermaatregelen o Rentepercentage over investeringen: 1,5 % o Lineaire afschrijving o start afschrijving in jaar na investering • Voorziening rationeel beheer voor directe onttrekking: vervangingen vrijvervalriolering • Voorziening mechanische riolering voor directe onttrekking: gemalen, pers- en druk- en vacuümleidingen, pompunits, bufferputten, IBA’s, mechanisch elektrische onderdelen van randvoorzieningen, overstortmeting en helofytenfilters
Personeel & Organisatie
Inkomsten
Lasten
Kostendekking
Scenario’s
Tariefbepaling
Wat is daarvoor nodig? Tariefbepaling Ons uitgangspunt bij het bepalen van het tarief is dat we een solide beleid voeren, waarin inkomsten en uitgaven op een lange termijn in balans zijn en waarin we doelmatig omgaan met de beschikbare middelen. Conform het financiële beleid is in 2023 een heffingsstijging van 3,35% nodig om de extra kosten van het nieuwe beleid te kunnen bekostigen. Dit betreft kosten voor: extra kosten baggerplan, externe inhuur en onderzoeksbudget. Daarnaast is in 2024 een stijging van 0,93% nodig voor dekking van de nieuwe kapitaallasten als gevolg van verbetermaatregelen. Verder is geen rekening gehouden met een stijging in de heffing. Klik hier voor een toelichting. Alle bedragen zijn doorgerekend op prijspeil 2022. Het voorgestelde tarief zoals is weergegeven moeten we jaarlijks corrigeren met de optredende inflatie (indexatie). Hiernaast zijn twee grafieken opgenomen, met daarin het verloop van de voorziening mechanische riolering (boven) en voorziening rationeel beheer (onder). De jaarlijkse exploitatiekosten (incl. dotatie) blijft per saldo gelijk en daarmee ook het saldo van de voorziening tariefegalisatie. Deze voorziening dient alleen voor het opvangen van incidentele afwijkingen. Hiervan is geen grafiek opgenomen.
Personeel & Organisatie
Inkomsten
Lasten
Kostendekking
Scenario’s
Tariefbepaling
Wat is daarvoor nodig? Toelichting tariefbepaling Een negatief saldo op voorzieningen is conform BBV niet toegestaan. De planning voor de lange termijn is een indicatie op basis van aanlegjaar en theoretische levensduur. We voeren alleen maatregelen uit indien deze ook daadwerkelijk op basis van kwaliteitsgegevens noodzakelijk zijn. Toelichting voorziening mechanische riolering Het huidige saldo van de voorziening en de jaarlijkse dotatie zijn voldoende om alle onttrekkingen te kunnen dekken. We houden met het opstellen van de daadwerkelijke planning rekening met de beschikbare middelen. Toelichting voorziening rationeel beheer Het huidige saldo van de voorziening en de jaarlijkse dotatie zijn onvoldoende om alle onttrekkingen te kunnen dekken. Vanaf 2041 ontstaat een negatieve voorziening. Dit betekent dat we of meer moeten doteren of minder moeten onttrekken: • Dotatie: Een hogere dotatie leidt tot of een bezuiniging op andere onderdelen (zoals bv de exploitatie) of tot een stijging van de rioolheffing • Onttrekking: Op basis van de leeftijd van het stelsel stijgen de benodigde vervangingsinvesteringen. De kwaliteitsgegevens bepalen de daadwerkelijke planning. Dit leidt tot een verschuiving van de investeringen, maar niet tot een lagere investering. Vooralsnog is uitgegaan van volledige vervanging van het systeem.
Op basis van onze risicobewuste aanpak afgestemd met IBOR, bepalen wij of instandhouding ook mogelijk is. Dit kan
Personeel & Organisatie
Inkomsten
Lasten
zorgen voor een reductie in het investeringsbedrag. Dit werken wij nader uit in onze integrale planning. Tot slot Een aantal verbetermaatregelen is op dit moment nog niet inzichtelijk hiervoor zijn eerst nadere onderzoeken noodzakelijk. Deze maatregelen maken nu geen onderdeel uit van het KDP. Het gaat over mogelijke maatregelen uit het denkstappenmodel en eventuele aanpassingen op de inpriklocaties van de drukriolering. Eventueel benodigd budget vragen wij via een raadsvoorstel aan. Daarnaast brengen de onzekere tijden van dit moment nog een aantal onzekerheden met zich mee; hoe gaat de relatieve lage debetrente zich ontwikkelen? wat zijn de gevolgen van de stijgende prijzen voor materiaal en energie? Vooralsnog stellen wij alleen de benodigde stijging voor op basis van gewijzigd beleid, zoals eerder benoemd (2023: 3,35% + 2024: 0,93% excl. indexatie). Bij de volgende financiële actualisatie de rioolheffing opnieuw te bepalen waarbij we weer meer inzicht hebben in de benodigde verbetermaatregelen, de kwaliteitsplanning, invulling van risicobewust beheer en de impact van inflatie en rentepercentages. Hierbij bepalen we ook hoe om te blijven gaan met de voorziening rationeel beheer.
Kostendekking
Scenario’s
Tariefbepaling
Bijlagen 1.
Regionale visie op de waterketen (WRN)
2.
Wettelijke kaders en zorgplichten
3.
Overzicht overstorten gemengd en VGS
4.
Doelen toetsen aan huidige situatie a.Afvalwater b.Hemelwater c.Grondwater d.Oppervlaktewater
5.
Evaluatie
6.
Exploitatielasten
7.
Vervangingsinvesteringen
8.
Verklarende woordenlijst
B1
B2
B3
B4
B5
B6
B7
B8
Bijlage 1
Visie op de waterketen (WRN)
B1
B2
B3
B4
B5
B6
B7
B8
Regionale visie op de waterketen – Stedelijk afvalwater
Stedelijk afvalwater Het gaat hier om stedelijk afvalwater in de zin van de Wet milieubeheer. Dat komt neer op al het huishoudelijk afvalwater, al dan niet vermengd met ander (afval)water.
Gewenste situatie (2050): • Het volledige proces van inzameling en zuivering is energieneutraal en is qua grondstoffen(terugwinning) zelfs winstgevend. • De invloed op het milieu en de leefomgeving vanuit stedelijk afvalwater is verwaarloosbaar. • Voor Specifieke stoffen, zoals medicijnresten en nanoplastics, wordt een brongerichte benadering toegepast. Specifieke afvalwaterstromen worden daarom zoveel mogelijk gescheiden ingezameld en behandeld.
Ontwikkelingen: • Meer gedeelde verantwoordelijkheid van faciliterende overheid en participerende burgers. • Meer assetmanagement en risico-benadering in plaats van normen. • Specifieke stoffen in afvalwater, zoals nanoplastics en hormoon verstorende stoffen. • Centraal versus decentraal verwerken. • Innovatie.
Het gehele document Visie op de Waterketen is op aanvraag beschikbaar
B1
B2
B3
B4
B5
B6
B7
B8
Regionale visie op de waterketen – Afvloeiend hemelwater
Afvloeiend hemelwater Het gaat hier om afvloeiend hemelwater in de zin van de Waterwet (artikel 3.5). Het betreft neerslag dat via het oppervlak of via leidingen afgevoerd wordt naar de bodem of oppervlaktewater.
Gewenste situatie (2050): • Iedere perceeleigenaar is zich bewust van de eigen verantwoordelijkheid voor het verwerken van het hemelwater dat op het eigen terrein valt. • Afvalwater en hemelwater worden afzonderlijk van elkaar ingezameld, getransporteerd en verwerkt. • Bij het gebruik en de inrichting van de openbare en private ruimte wordt rekening gehouden met klimaatadaptatie. Hoewel hinder en overlast in de toekomst wellicht vaker moeten worden geaccepteerd, zijn schade en letsel geminimaliseerd. • De verschillende functies voor de openbare ruimte vormen geen belemmering voor elkaar.
Ontwikkelingen: • Toenemend bewustzijn van taakverdeling tussen overheid en perceeleigenaar. • Afvalwater en hemelwater worden steeds meer gescheiden van elkaar ingezameld en verwerkt. • Door klimaatverandering valt de neerslag over het jaar steeds ongelijkmatiger. In de toekomst nemen het aantal en de intensiteit van buien toe. • Integrale benadering van de openbare ruimte. • Bij de inrichting van de openbare ruimte zijn functies op elkaar afgestemd.
Het gehele document Visie op de Waterketen is op aanvraag beschikbaar
B1
B2
B3
B4
B5
B6
B7
B8
Regionale visie op de waterketen – Grondwater
Grondwater Dit gaat in op de gemeentelijke zorgplicht voor doelmatige maatregelen in openbaar gebied om structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand te beperken. In eerste instantie is de perceeleigenaar verantwoordelijk voor het verwerken van overtollig grondwater, voor zover redelijkerwijs mogelijk. Infiltrerend hemelwater en oppervlaktewater hebben invloed op de grondwaterstand en –kwaliteit.
Gewenste situatie (2050): • Verdroging in de zomer en vernatting in de winter hebben extremere vormen aangenomen. Het beheer is aangepast aan de veranderende grondwaterstanden en stroming. Het beperken van schade en overlast is een samenspel van burgers en overheid. • Omdat de prioritering voor gebruik van oppervlaktewater uit de grote rivieren in perioden van droogte op het westen is gericht, zijn de lokale omgeving en het beheer daar op ingericht. • De vanuit het westen optredende verzilting in het diepere grondwater is effectief aangepakt, bijvoorbeeld via infiltratie van hemel- en oppervlaktewater. • Waterbeheerders werken als één geheel om alle partijen van voldoende water te voorzien.
Ontwikkelingen: • Periodieke veranderingen in kwel, grondwaterstanden en grondwaterstroming als gevolg van klimaatverandering (onder andere verandering neerslaghoeveelheid en -patroon). • De (rivier)kwel zal langduriger aanwezig zijn in het voorjaar, waardoor meer vernattingschade op zal treden (schimmel, gezondheidsklachten). • Verdroging zal toenemen door lage grondwaterstanden, wat leidt tot stankklachten en vissterfte in oppervlaktewater. In de landbouw leidt dit tot vermindering van de productie. Water vasthouden blijft belangrijk. Er wordt gezocht naar alternatieve regionale aanvulling via lokale watervoorraden.
Het gehele document Visie op de Waterketen is op aanvraag beschikbaar
B1
B2
B3
B4
B5
B6
B7
B8
Regionale visie op de waterketen – Oppervlaktewater
Oppervlaktewater Oppervlaktewater is het geheel van sloten, plassen, vijvers, kanalen, meren, beekjes en rivieren. Oppervlaktewater omvat de leefruimte van veel planten en dieren. Voor een gezonde omgeving hebben mensen gezond en aantrekkelijk oppervlaktewater nodig. Naast het effectief bergen en functioneel aan- en afvoeren van water is de beleving van water een belangrijke pijler in de ruimtelijke ordening. Daarbij richten we ons op het recreatief gebruik (schaatsen, varen, wandelen, kijken, en dergelijke) van water én een goede waterkwaliteit met aansprekende biodiversiteit.