CConstaterende datwijchen
Koppel je AI →
Document · PDF

Valendrieseweg en Heumenseweg Wijchen_Toelichting.pdf

Raad openbaar Wijchen 28 september 2023, gemeente wijchenBij agendapunt: 65584 Beslisnota bestemmingsplan Valendrieseweg en Heumenseweg Wijchen13.893 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

De archeologische verwachting voor resten uit het Neolithicum – Middeleeuwen voor dit deel van het plangebied blijft bestaan. Archeologische resten worden met name verwacht in de vorm van grondsporen. Door verbruining worden deze grondsporen verwacht onder de Bw-horizont, vanaf een diepte van circa 80 cm -mv. Deze resten worden mogelijk bedreigd door toekomstige bouwwerkzaamheden. Om vast te stellen of er daadwerkelijk behoudenswaardige archeologische resten aanwezig zijn in het plangebied, is er in principe een inventariserend veldonderzoek, karterende/waarderende fase nodig. Omdat er voornamelijk grondsporen worden verwacht, kan dit onderzoek het best worden uitgevoerd als een proefsleuvenonderzoek op basis van een door de bevoegde overheid goedgekeurd Programma van Eisen (PvE). Echter, eerdere proefsleuvenonderzoek in het zandgebied rondom de Valendrieseweg (op het naastgelegen perceel en op de campus en het sportcentrum aan de Oosterweg) hebben niet tot het aantreffen van behoudenswaardige vindplaatsen geleid. Mogelijk komt dit doordat vindplaatsen toch zijn aangetast door grondbewerking en verbruining. Dus, alhoewel er op basis van de landschappelijke situering en de daadwerkelijke vondsten in de omgeving sprake is van een hoge archeologische verwachting, is de verwachting op het aantreffen van behoudenswaardige vindplaatsen wat Econsultancy betreft lager.

Het gaat echter te ver om de verwachting helemaal op te geven. In het kader van de voorgenomen herontwikkeling en de daarbij benodigde bestemmingsplanwijziging adviseert Econsultancy om de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie 2’ voor het noordelijke deel van het plangebied te wijzigen in ‘Waarde – Archeologie 3’ conform het bestemmingsplan Buitengebied Wijchen. Dit betekent dat archeologisch onderzoek in de toekomst nodig is bij vergunningplichtige bodemingrepen groter dan 1000 m2 in plaats van de huidige 120 m2. 5.7.4 Conclusie Conform het advies van het archeologisch bureau is de woning aan de Heumenseweg 202 beoogt ter plekke van voormalige onderkelderde veestal. Daarmee is een vervolgonderzoek niet noodzakelijk. Aan de Valendrieseweg is voor het gebied de dubbelbestemming 'Waarde - archeologie 3' toegekend. Het aspect archeologie vormt daarmee geen belemmering voor het planvoornemen.

34

bestemmingsplan Valendrieseweg en Heumenseweg Wijchen

5.8

Cultuurhistorie

Per 1 juli 2016 is de Erfgoedwet in werking getreden. In een bestemmingsplan dient op grond van het Bro artikel 3.1.6. een beschrijving te worden opgenomen hoe met de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten monumenten, rekening is gehouden. Ook de facetten historische bouwkunde en historische geografie dienen te worden meegenomen in de belangenafweging. Hierbij gaat het om zowel beschermde als niet formeel beschermde objecten en structuren. 5.8.1 Regeling Om cultuurhistorische waarden in de gemeente te borgen hanteert de gemeente Wijchen het paraplubestemmingplan 'Parapluplan Cultuurhistorie Wijchen' (vastgesteld op 3 mei 2017). In het parapluplan is voor een deel van het plangebied de dubbelbestemming 'Waarde - Cultuurhistorisch waardevol gebied' opgenomen. Deze dubbelbestemming is opgenomen voor gronden bestemd voor het behoud, beheer en versterking van de cultuurhistorische waarden. Deze dubbelbestemming stelt voor uitsluitend de agrarische bestemmingen de voorwaarde voor het verlenen van een omgevingsvergunning dat de werkzaamheden geen onevenredige aantasting tot gevolg mogen hebben van de cultuurhistorische waarden wanneer de benodigde werkzaamheden voor beoogd planvoornemen plaatsvinden. 5.8.2 Planlocaties Enkel de kavel aan de Valendrieseweg is gelegen in cultuurhistorisch waardevol gebied.

Voor de andere planlocatie Heumenseweg geldt dat niet.

Figuur 14

Uitsnede Parapluplan Cultuurhistorie Wijchen

De gemeente Wijchen heeft een cultuurhistorische inventarisatie uitgevoerd (RAAP-rapport 3040, september 2015). Op de navolgende afbeelding is een uitsnede van de inventarisatiekaart weergegeven.

bestemmingsplan Valendrieseweg en Heumenseweg Wijchen

35

Figuur 15 Uitsnede Uitsnede inventarisatiekaart van cultuurlandschappen, landschapselementen en bouwkunst (RAAP-rapport 3040) Uit de inventarisatiekaart kan worden afgeleid dat binnen het plangebied het historische landschap droge kampontginning op rivierduin of dekzandrug aanwezig is. Het agrarisch karakter van het plangebied blijft behouden, door gedeelten van het gebied als open grasland te behouden. Deze openheid is vastgelegd in het landschapsplan (zie ook 3.5.2). Binnen het plangebied zijn geen fysieke cultuurhistorische elementen meer aanwezig. In het plangebied zijn geen monumentale panden aanwezig zoals vastgelegd door Rijk, provincie of gemeente. Ook in de nabije omgeving zijn geen (Rijks)monumenten die aangetast worden door het planvoornemen. Geconcludeerd kan worden dat het aspect cultuurhistorie geen belemmering vormt voor het planvoornemen.

5.9

Natuur

5.9.1 Beschermde gebieden Gezien de relatief grote afstand tot het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied (8,2 kilometer) is het voor de meeste effecten redelijkerwijs uit te sluiten dat negatieve effecten ontstaan op Natura 2000-gebieden als gevolg van de voorgenomen plannen. Om aan te tonen dat het plan niet leidt tot significant negatieve effecten is een stikstofberekening uitgevoerd. Daartoe zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: In het kader van stikstof is een tijdelijke realisatiefase (sloop, bouw) en gebruiksfase aan de orde; Voor het planvoornemen bestaat in de realisatiefase uit het slopen van de bebouwing aan de Heumenseweg 202 en het realiseren van 3 woningen aan de Heumenseweg 202 en Valendrieseweg; De gebruiksfase bestaat enkel uit emissies ten aanzien van verkeer, de woningen worden immers gasloos

36

bestemmingsplan Valendrieseweg en Heumenseweg Wijchen

uitgevoerd; In Bijlage 8 is de output van de Aerius berekening toegevoegd. Hieruit is gebleken dat er tijdens de gebruiksfase geen significante stikstofeffecten optreden op nabijgelegen Natura 2000 gebieden. Gehanteerde uitgangspunten zijn daarbij dat er gemiddeld verkeersbewegingen per woning en naar de opslag worden gegenereerd zoals opgenomen in paragraaf 5.11 Verkeer en parkeren, waarbij het verkeer op de locatie Heumenseweg is doorgerekend tot de hoofdweg (Graafseweg) en het verkeer van en naar de locatie Heumenseweg is doorgerekend tot aan de aansluiting Heumenseweg. In Bijlage 9 is de output van de Aerius berekening toegevoegd van de gebruiksfase. Hieruit is gebleken dat er tijdens de bouwfase geen significante stikstofeffecten optreden op nabijgelegen Natura 2000 gebieden. Naast het bouwen zijn er ook sloopwerkzaamheden aan de orde. Er wordt aangenomen dat daartoe er een sloopkraan gedurende 5 dagen aan het werk is en een graver ca. 10 dagen; Het bouwverkeer wordt ingeschat op ca. 50 zware vrachtbewegingen en 20 lichte verkeersbewegingen voor de sloop en tijdens de bouw ca. 25 zware verkeersbewegingen en 50 lichte verkeersbewegingen per woning. Voor de bouwwerkzaamheden van vrijstaande woninge wordt op basis van de handreiking van het ministerie uitgegaan van een emissie van 3 kg NOx per woning.

Uit het voorgaande kan worden afgeleid dat het aspect gebiedsbescherming geen belemmering vormt voor het planvoornemen, zelfs niet als in één jaar alle sloop- en bouwactiviteiten zouden plaatsvinden. Terzijde wordt opgemerkt dat de beëindiging van het houden van paarden op de locatie Heumenseweg tot een afname zal leiden die een veelvoud is van de stikstoftoename in de bouw- en gebruiksfase. GNN en GO: De voorgenomen plannen hebben door de afstand en de relatief kleinschalige aard van de werkzaamheden geen (significant) negatief effect op de wezenlijke kenmerken en waarden van het NNN en de GO. 5.9.2

Beschermde soorten

5.9.2.1 Heumenseweg 202 Quickscan flora en fauna: Om in beeld te brengen of de ontwikkeling in strijd is met natuurwetgeving en hoe eventuele strijdigheid met de wet voorkomen kan worden, is door een quickscan flora en fauna uitgevoerd. Het rapport is bijgevoegd als Bijlage 10 bij deze toelichting, hierin wordt het volgende geconcludeerd: Op basis van de onderhavige quickscan Wet natuurbescherming dient voor de uitvoering van de sloopwerkzaamheden ter plaatse middels aanvullend onderzoek duidelijkheid te worden verkregen omtrent de aan- of afwezigheid van verblijfplaatsen van de steenuil in de slopen schuren. Ten aanzien van algemene broedvogels kunnen overtredingen worden voorkomen door de sloop en het bouwrijp maken uit te voeren buiten het broedseizoen (globaal periode maart-half augustus) of door voorafgaand aan de werkzaamheden een controle op afwezigheid van broedgevallen uit te voeren. Verder wordt vanwege de ligging op een mogelijke trekroute van de rugstreeppad tussen geschikte overwinteringsplaatsen en voortplantingsplaatsen tezamen met het snel koloniserende vermogen van de soort, geadviseerd het bouwterrein tijdens de werkzaamheden af te zetten met amfibieënschermen en eventueel aanwezige amfibieën buiten het terrein te verplaatsen.

Voor beschermde soorten behorend tot de overige soortgroepen zijn overtredingen ten aanzien van de Wet natuurbescherming wegens het ontbreken van geschikt habitat, het ontbreken van sporen en/of vanwege een vrijstelling bij ruimtelijke ontwikkeling niet aan de orde. Wel dient rekening te worden gehouden met de zorgplicht voor algemene grondgebonden zoogdieren en amfibieënsoorten. Ten aanzien van beschermde gebieden of houtopstanden worden geen bezwaren verwacht. Nader onderzoek steenuil: Naar aanleiding van de conclusies uit de quickscan flora en fauna is een aanvullend onderzoek verricht naar de steenuil. Dit rapport is bijgevoegd als Bijlage 11 bij deze toelichting.

bestemmingsplan Valendrieseweg en Heumenseweg Wijchen

37

Het onderzoek heeft uitgewezen dat: Op basis van onderhavig onderzoek zijn negatieve effecten ten aanzien van nest- en rustplaatsen van de steenuil bij de voorgenomen plannen niet aan de orde. Hierbij geldt wel dat verstorende sloop-werkzaamheden en bouwrijp maken binnen 125 meter van de nestlocatie dient plaats te vinden buiten het broedseizoen van de steenuil (buiten periode februari-eind juli). Op deze wijze leidt de ontwikkeling niet tot overtreding van de Wet natuurbescherming ten aanzien van de steenuil. 5.9.2.2 Valendrieseweg Quickscan flora en fauna: Om in beeld te brengen of de ontwikkeling in strijd is met natuurwetgeving en hoe eventuele strijdigheid met de wet voorkomen kan worden, is door een quickscan flora en fauna uitgevoerd. Het rapport is bijgevoegd als Bijlage 12 bij deze toelichting, hierin wordt het volgende geconcludeerd: Op basis van onderhavige quickscan wordt vervolgonderzoek naar het voorkomen van verschillende soortengroepen niet noodzakelijk geacht. Tevens is er geen sprake van het indienen van een ontheffingsaanvraag voor overtreding van verbodsbepalingen in de Wet natuurbescherming ten aanzien van het verstoren van vaste rust- en verblijfplaatsen. Negatieve effecten op het foerageergebied van de das zijn op basis van de huidige ontwerptekening niet aan de orde.

Hierbij geldt wel dat ontoegankelijke hekken rondom de percelen voorkomen dienen te worden om het foerageergebied voor de das toegankelijk te houden. Overtredingen ten aanzien van algemene broedvogels kunnen op voorhand worden voorkomen door bouwrijp maken uit te voeren buiten het broedseizoen of voorafgaand aan de werkzaamheden een inspectie uit te voeren op afwezigheid van broedvogels. Verder dient te allen tijde de zorgplicht in acht te worden genomen. Met betrekking tot beschermde gebieden worden geen bezwaren voorzien ten aanzien van de uitvoering van de voorgenomen plannen. In de quickscan is ook de zuidzijde van de Valendrieseweg meegenomen. Echter, dit deel maakt geen onderdeel uit van het plangebied. Buiten het plangebied is nog wel bekend dat er een steenuil huist in een boom. Omdat door de realisatie van het landschapsplan het foerageergebied beter zal worden, zal dit geen negatieve gevolgen hebben p de in stand houding. 5.9.3 Conclusie Het aspect natuur vormt geen belemmering voor het planvoornemen. De steenuil komt overigens wel op enige afstand ten oosten van de planlocatie voor. Door toevoeging van hagen, bomen en zowel meer intensief gemaaid gras als weelderig, extensief beheerd gras en struweel, nemen de fourageermogelijkheden voor de uil in het plangebied toe.

Voor wat betreft het aspect 'natuurinclusief bouwen' hanteert de gemeente beleid dat stimulerend is voor initiatiefnemers. Bij de verdere uitwerking van de bouwplannen zal initiatiefnemer hierop gewezen worden. De uitgewerkte landschapsplaanen voor beide locaties houden hier reeds rekening mee.

5.10

Leidingen

Door het plangebied aan de Heumenseweg 202 en aan de Valendrieseweg lopen geen boven- en/of ondergrondse leidingen. Er is op dat gebied derhalve geen sprake van bijbehorende (planologische) beschermingszones en/of belangen van derden op dit punt. Het aspect leidingen vormt geen belemmering voor het plan.

38

bestemmingsplan Valendrieseweg en Heumenseweg Wijchen

5.11

Verkeer en parkeren

Voor het berekenen van de verkeersgeneratie en het bepalen van de parkeerbehoefte wordt gebruik gemaakt van de normen uit publicatie 381 van het CROW. Op basis van het Parkeerbeleidsplan gemeente Wijchen (2020), wordt gebruik gemaakt van de maximumnormen voor rest bebouwde kom in een matig stedelijk gebied. Aangezien het hier gaat om een kleinschalige ontwikkeling wordt maatwerk verricht. 5.11.1 Verkeer en parkeren Heumenseweg 202 De totale verkeersgeneratie bij de realisatie van drie nieuwe woningen is beperkt. Om de verkeersgeneratie van en naar het plangebied te bepalen is gebruik gemaakt van de maximumnormen van het CROW voor 3 vrijstaande koopwoningen in de rest bebouwde kom in een matig stedelijk gebied. Uitgaande van de CROW-normen bedraagt de gemiddelde verkeersgeneratie per weekdaggemiddelde: Koop, vrijstaand: 8,6 * 3 woningen = 25,8 verkeersbewegingen Als gevolg van de statische opslag (caravans) worden gemiddeld maximaal 6 verkeersbewegingen per etmaal verwacht. De totale verkeersgeneratie bedraagt daarmee gemiddeld 32 verkeersbewegingen per weekdag. De capaciteit van de Heumenseweg is ruim voldoende om deze verkeersgeneratie te kunnen verwerken. Te meer omdat deze af neemt door de sanering van het agrarisch bedrijf en er reeds één woning aanwezig is In het landschapsplan is weergegeven dat de inritten zorgdragen voor een goede ontsluiting op het perceel.

Het planvoornemen leidt niet tot negatieve effecten op de verkeersafwikkeling en de verkeersveiligheid. Op basis van het Parkeerbeleidsplan gemeente Wijchen (2020) kan gebruik worden gemaakt van CROW-normen. De daadwerkelijke parkeerbehoefte is met name afhankelijk van de levensstandaard van de toekomstige gebruikers. Aangezien het gaat om zeer ruime percelen, is op eigen terrein zonder meer voldoende ruimte om per woning voldoende parkeerplaatsen te realiseren. Daarbij kan een perceel worden voorzien van meerdere parkeerplaatsen op eigen terrein om te kunnen voorzien in de eigen parkeerbehoefte. De bewoners van de toekomstige woningen kunnen daarbij naar eigen inzicht parkeerplaatsen inrichten, afhankelijk van de behoefte van de betreffende bewoner(s). Daarbij wordt de gemeentelijke vereiste om 100% van de parkeerbehoefte op eigen terrein te realiseren in acht genomen. Daarmee wordt voldaan aan de parkeerbehoefte en voldoet het plan aan het Parkeerbeleidsplan gemeente Wijchen. In het bestemmingsplan wordt uitgegaan van de aanleg van 2 parkeerplaatsen per woning, met voldoende ruimte om een derde auto ook op eigen terrein te kunnen parkeren. Op het landschapsplan zijn deze parkeerplaatsen indicatief ingetekend.

5.11.2 Valendrieseweg Om de verkeersgeneratie van en naar het plangebied te bepalen is gebruik gemaakt van de maximumnormen van het CROW voor 1 vrijstaande koopwoning in de rest bebouwde kom in een matig stedelijk gebied. Uitgaande van de CROW-normen bedraagt de gemiddelde verkeersgeneratie per weekdaggemiddelde: Koop, vrijstaand: 8,6 verkeersbewegingen De totale verkeersgeneratie bedraagt daarmee gemiddeld 9 verkeersbewegingen per weekdag. De capaciteit van de Valendrieseweg is ruim voldoende om deze verkeersgeneratie te kunnen verwerken. In het landschapsplan is weergegeven dat de inritten zorgdragen voor een goede ontsluiting op het perceel. Het planvoornemen leidt niet tot negatieve effecten op de verkeersafwikkeling en de verkeersveiligheid. Op basis van het Parkeerbeleidsplan gemeente Wijchen (2020) kan gebruik worden gemaakt van CROW-normen. De daadwerkelijke parkeerbehoefte is met name afhankelijk van de levensstandaard van de toekomstige gebruikers. Aangezien het gaat om een zeer ruim perceel, is op eigen terrein zonder meer

bestemmingsplan Valendrieseweg en Heumenseweg Wijchen

39

voldoende ruimte om voldoende parkeerplaatsen te realiseren. Daarbij kan het perceel worden voorzien van meerdere parkeerplaatsen op eigen terrein om te kunnen voorzien in de eigen parkeerbehoefte. De bewoners van de toekomstige woning kunnen daarbij naar eigen inzicht parkeerplaatsen inrichten, afhankelijk van de behoefte van de betreffende bewoner(s). Daarbij wordt de gemeentelijke vereiste om 100% van de parkeerbehoefte op eigen terrein te realiseren in acht genomen. Daarmee wordt voldaan aan de parkeerbehoefte en voldoet het plan aan het Parkeerbeleidsplan gemeente Wijchen. In het bestemmingsplan wordt uitgegaan van de aanleg van 2 parkeerplaatsen per woning, met voldoende ruimte om een derde auto ook op eigen terrein te kunnen parkeren. Op het landschapsplan zijn deze parkeerplaatsen indicatief ingetekend. 5.11.3 Conclusie Uit het bovenstaande kan worden concluderend dat het aspect verkeer en parkeren geen belemmering oplevert voor het planvoornemen.

5.12

Water

Op basis van de Wro en het Bro is de watertoets verplicht bij bestemmingsplannen, inpassingsplannen, buitenplanse omgevingsvergunningen en, buiten toepassing verklaringen van beheerverordeningen. Voor overige plannen dient een watertoets te worden uitgevoerd op basis van het nationaal bestuursakkoord water. De watertoets is bedoeld om ruimtelijke plannen meer waterbestendig te maken, waarbij wateraspecten vroegtijdig en expliciet worden meegenomen in ruimtelijke plannen en bij locatiekeuzen. Het Bro regelt de verplichte waterparagraaf in de toelichting bij genoemde ruimtelijke plannen en het overleg met de waterbeheerder (wateradvies). De waterparagraaf beschrijft de wijze waarop rekening wordt gehouden met eventuele gevolgen van het ruimtelijk plan voor de waterhuishouding. De waterparagraaf geeft een beschrijving van beleidsuitgangspunten, waterhuishoudkundige situatie en wateropgaven in het plangebied, (motivatie van) meest geschikte oplossingen en ruimtelijke consequenties daarvan. Indien aan de orde is tevens het advies van het waterschap in de waterparagraaf verwerkt. 5.12.1 Beschrijvingvan het watersysteem In deze paragraaf wordt de huidige situatie van het watersysteem ter plekke omschreven. Geomorfologie en grondwatersysteem: Het plangebied aan de Valendrieseweg kent een maaiveldhoogte van tussen ca. 8 en 9 meter +N.A.P. (op basis van actueel hoogtebestand Nederland).

De grondwaterstand bedraagt regionaal gezien circa 7,5 m+NAP. Regionaal gezien is de stromingsrichting van het freatisch grondwater zuidwestelijk.. Het maaiveld van de locatie Heumenseweg ligt op circa 9,4 m +NAP. De grondwaterstand van het eerste watervoerende pakket bedraagt regionaal gezien circa 7,5 m +NAP. De bodem op de planlocatie Heumenseweg 202 bestaat uit Holtpodzolgronden; grof zand aan de Valendrieseweg hoge bruine enkeerdgronden; grof zand .

40

bestemmingsplan Valendrieseweg en Heumenseweg Wijchen

Figuur 16

Bodemkaart van NL (bron: Atlas van de Leefomgeving) met ligging planlocatie

Oppervlaktewatersysteem: Er zijn geen waterlopen binnen of in de nabijheid van beide planlocaties gelegen. Het dichtstbijzijnde oppervlaktewater is op meer dan 100 m uit de planlocaties gelegen. Dit is relevant i.v.m. bergingseisen bij infiltratie van hemelwater (Keur Waterschap Rivierenland 2014). De locaties Valedrieseweg en Heumenseweg liggen in peilvak CIT008, waar geen peilbeheer geldt. Natuurwaarden De planlocaties liggen binnen een zone met specifieke ecologische doelstellingen (vastgelegd in de Omgevingsverordening Gelderland). Het gaat om de aanwezigheid van speciale waterecologie in het gebied tussen Wijchen en Heumen. Dit is vastgelegd in artikel 4.9 van de Omgevingsverordening (zie ook paragraaf 4.2.2). 5.12.2 Beleid Europese Kaderrichtlijn Water (2000): Met ingang van december 2000 is de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) van kracht. In de Kaderrichtlijn worden kwaliteitseisen gesteld gericht op het beschermen en verbeteren van de aquatische ecosystemen (verplichtingen per stroomgebied). Deze richtlijn stelt als norm dat oppervlaktewater binnen 15 jaar na inwerkingtreding moeten voldoen aan een ‘goede ecologische toestand’ (GET). Voor kunstmatige wateren, zoals de meeste stadswateren, geldt dat de oppervlaktewateren minimaal moeten voldoen aan een ‘goede ecologisch potentieel’(GEP). Inmiddels zijn de GEP-normen per stroomgebied uitgewerkt.

Waterwet: Op 22 december 2009 is de Waterwet in werking getreden. Kort samengevat regelt de Waterwet het beheer van

bestemmingsplan Valendrieseweg en Heumenseweg Wijchen

41

oppervlaktewater en grondwater. De Waterwet biedt instrumenten om het waterbeheer op een doeltreffende en doelmatige manier op te pakken. Ook vervangt de Waterwet een groot aantal wetten op het gebied van water. Hieruit is op rijksniveau een Nationaal Waterplan ontwikkeld. Dit plan bevat de hoofdlijnen van het nationale waterbeleid en de daartoe behorende aspecten van het nationale ruimtelijke beleid. De provincie Gelderland heeft een Regionaal Waterplan opgesteld. De bedoeling is dat op basis van deze structuurvisies plannen van de Waterwet doorwerken in de ruimtelijke ordening en ervoor zorgen dat de waterbelangen op een goede manier worden geborgd. De op 1 januari 2008 ingevoerde Wet gemeentelijke watertaken is opgenomen in de Waterwet. Door deze wetgeving kunnen gemeenten een verbrede zorgplicht op zich nemen. Deze wetgeving maakt het mogelijk om rioolheffing te heffen voor zuiveringstechnisch werk dat door de gemeente (of waterschap/derde) wordt beheerd op grond van de Gemeentewet. Nationaal Waterplan 2016-2021: Het nationaal waterbeleid voor de komende jaren is in 2015 vastgesteld door het kabinet in het Nationaal Waterplan 2016-2021. Het Rijk streeft naar een duurzaam en klimaatbestendig waterbeheer en heeft de ambitie om de komende decennia te investeren in bescherming tegen overstromingen en in de zoetwatervoorziening.

Voor een duurzaam en klimaatbestendig watersysteem is het van belang bij ruimtelijke ontwikkelingen rekening te houden met waterhuishoudkundige eisen op korte termijn. Waterbeheerprogramma 2022-2027 "Versterken. Verbinden. Vergroenen" Met dit programma blijft het Waterschap Rivierenland op koers om het rivierengebied veilig te houden tegen overstromingen, om voldoende en schoon water te hebben en om afvalwater effectief te zuiveren. Meer dan in eerdere waterbeheerprogramma’s heeft het waterschap aandacht voor klimaatverandering en maatschappelijke thema’s zoals duurzaamheid, energietransitie en biodiversiteit.

Gemeentelijk waterbeleid en waterbeheer: In de Strategische waternota van de gemeente Wijchen zijn de thema’s en uitgangspunten voor duurzaam waterbeheer omschreven. Deze zijn ook onder de alinea met beleidsuitgangspunten samengevat. In het kader van de watertoets moet een vertaalslag worden gemaakt naar de concrete plansituatie. Tevens beschikt de gemeente over een Gemeentelijk rioleringsplan GRP, waarin de gemeente invulling geeft aan haar zorgplicht voor afvalwater, hemelwater en grondwater. Het gemeentelijk waterbeleid is met name gericht op het voorkomen, beperken of tot een aanvaardbaar risico terugbrengen van wateroverlast en schade aan milieu en volksgezondheid. Op grond van de Waterwet (artikel 3.5 en 3.6) heeft de gemeente een zorgplicht voor inzameling en verwerking van overtollig hemel- en grondwater. Perceeleigenaren dienen hemelwater op eigen perceel te verwerken. Indien dit redelijkerwijs niet kan worden verlangd treedt de gemeentelijke zorgplicht in werking. Daarnaast heeft de gemeente een zorgplicht bij het treffen van maatregelen in openbaar gebied om structureel de gevolgen van grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming te voorkomen c.q. te beperken, tenzij dit niet doelmatig is of de verantwoordelijkheid van de provincie of het waterschap. 5.12.3

Planvoornemen in relatie tot waterhuishouding

5.12.3.1 Heumensweg 202 Het plan voorziet in een planologische functiewijziging, waarin het agrarisch gebruik van het plangebied wordt beëindigd en een woonbestemming wordt toegekend. Ten behoeve van de nieuwe te realiseren woningen worden de bestaande agrarische bebouwingen deels gesloopt en verhardingen verwijderd. Hemelwater

42

bestemmingsplan Valendrieseweg en Heumenseweg Wijchen

Het volledige plangebied is momenteel bestemd als agrarisch bouwperceel, met bouwmogelijkheden en mogelijkheden voor het aanbrengen van verhardingen. In de nieuwe situatie wordt het perceel bestemd als wonen met bouwvlakken. Buiten deze bouwvlakken worden de objecten landschappelijk ingepast. In de eindsituatie is sprake van minder mogelijkheden voor het aanbrengen van bebouwing en verhardingen. Daarmee is het planvoornemen niet compensatieplichtig op basis van de Keur. Wel dient het hemelwater, afkomstig van de nieuwe woningen en verhardingen, op zorgvuldige wijze op eigen terrein te worden verwerkt. Er is voldoende ruimte en mogelijkheid op het perceel om waterinfiltrerende voorzieningen te realiseren. De bodem en grondwaterstanden zijn geschikt om hemelwater te laten infiltreren. Grondwater De grondwaterstand fluctueert tussen 7,0 en 7,3 m +NAP. Het maaiveld ligt op 8 tot 9 m +NAP (bron: Algemeen Hoogtebestand Nederland). Daarmee is eveneens een vereiste ontwateringsdiepte verzekerd. Als ontwateringseis geldt dat de GHG niet hoger mag staan dan 1,00 meter onder vloerpeilbegane grond, 0,70 meter onder straatpeil en o,50 meter onder groenvoorzieningen. Afvalwater: De woningen krijgen een individuele aansluiting op de bestaande drukriolering. Op de planlocatie bevindt zich het gemaal met voldoende pompcapaciteit om de nieuwbouw te kunnen aansluiten.

Oppervlaktewater Er is geen oppervlaktewater op de planlocatie aanwezig. Het planvoornemen leidt niet tot negatieve effecten op de speciale waterecologische doelstellingen zoals vastgelegd in de Omgevingsverordening Gelderland (zie ook paragraaf 4.2.2). Watertoets: Voor het planvoornemen is de watertoets uitgevoerd. De watertoets is bedoeld om ruimtelijke plannen meer waterbestendig te maken, waarbij wateraspecten vroegtijdig en expliciet worden meegenomen in ruimtelijke plannen en bij locatiekeuzen. De watertoets voor dit plan heeft plaatsgevonden via de Digitale Watertoets (www.dewatertoets.nl) en is bijgevoegd als Bijlage 13 bij deze toelichting. Het bestemmingsplan wordt toegezonden aan het Waterschap Rivierenland. Het waterschapsbelang is voldoende geborgd. De watertoets door de gemeente is uitgevoerd door het conceptplan te beoordelen. Dit is aangepast naar aanleiding van de gemeentelijke reacties. 5.12.3.2 Valendrieseweg Het plan voorziet in een planologische functiewijziging, waarin een nieuwe vrijstaande woning wordt gerealiseerd. Hemelwater Het volledige plangebied is momenteel bestemd als agrarisch bouwperceel zonder bebouwing en verharding. In de nieuwe situatie wordt het perceel bestemd als wonen met bouwvlak. Buiten dit bouwvlak worden de objecten landschappelijk ingepast. In de eindsituatie is sprake van meer mogelijkheden voor het aanbrengen van verhardingen.

Deze verhardingen omvatten ca. 450 m2 . Voor het landelijk gebied geldt een eenmalige vrijstelling van compensatie indien het verhard oppervlak met minder dan 1.500 m2 toeneemt. Daarmee is het planvoornemen niet compensatieplichtig op basis van de Keur. Wel dient het hemelwater, afkomstig van de nieuwe woning en andere bebouwing en verharding op zorgvuldige wijze op eigen terrein te worden verwerkt. Er is voldoende ruimte en mogelijkheid op het perceel om infiltrerende voorzieningen te realiseren. De bodem en grondwaterstanden zijn geschikt om hemelwater te laten infiltreren. Grondwater

bestemmingsplan Valendrieseweg en Heumenseweg Wijchen

43

De grondwaterstand fluctueert tussen 7,0 en 7,3 m +NAP. Het maaiveld ligt op 8 tot 9 m +NAP (bron: Algemeen Hoogtebestand Nederland). Daarmee is eveneens een vereiste ontwateringsdiepte verzekerd. Als ontwateringseis geldt dat de GHG niet hoger mag staan dan 1,00 meter onder vloerpeilbegane grond, 0,70 meter onder straatpeil en o,50 meter onder groenvoorzieningen. Afvalwater: De woning krijgt een individuele aansluiting op de bestaande drukriolering. Op 30 meter afstand van de planlocatie bevindt zich het gemaal met voldoende pompcapaciteit om de nieuwbouw te kunnen aansluiten. Oppervlaktewater Er is geen oppervlaktewater op de planlocatie aanwezig. Het planvoornemen leidt niet tot negatieve effecten op de speciale waterecologische doelstellingen zoals vastgelegd in de Omgevingsverordening Gelderland (zie ook paragraaf 4.2.2). Watertoets: Voor het planvoornemen is de watertoets uitgevoerd. De watertoets is bedoeld om ruimtelijke plannen meer waterbestendig te maken, waarbij wateraspecten vroegtijdig en expliciet worden meegenomen in ruimtelijke plannen en bij locatiekeuzen. De watertoets voor dit plan heeft plaatsgevonden via de Digitale Watertoets (www.dewatertoets.nl) en is bijgevoegd als Bijlage 14 bij deze toelichting. Het bestemmingsplan wordt toegezonden aan het Waterschap Rivierenland. Het waterschapsbelang is voldoende geborgd.

De watertoets door de gemeente is uitgevoerd door het conceptplan te beoordelen. Dit is aangepast naar aanleiding van de gemeentelijke reacties. 5.12.4 Conclusie Realisatie van het planvoornemen leidt niet tot negatieve effecten op de aspecten met betrekking tot de waterhuishouding. Het aspect water vormt daarom geen belemmering voor het voorgenomen initiatief.

44

bestemmingsplan Valendrieseweg en Heumenseweg Wijchen

Hoofdstuk 6 6.1

Juridische regeling

Algemeen

Op de verbeelding is met behulp van de methode uit SVBP 2012 de bestemming van de gronden aangegeven. De bijbehorende bepalingen zijn vervolgens opgenomen in de planregels. De verbeelding brengt de planregels in beeld. De planregels bestaan uit de volgende vier hoofdstukken: 1. Inleidende regels Dit hoofdstuk bestaat uit twee delen. Het eerste deel betreft het artikel 'begripsbepalingen' waarin is toegelicht wat onder bepaalde begrippen wordt verstaan. Het tweede artikel is 'Wijze van meten', waarin is aangegeven hoe de benoemde maatvoering moet worden gemeten. 2. Bestemmingsregels Dit hoofdstuk betreft een nadere verklaring van de bestemmingen die op de verbeelding zijn aangegeven. De gehanteerde bestemmingen zijn in paragraaf 6.2 kort toegelicht. 3. Algemene regels In dit hoofdstuk zijn regelingen opgenomen die zijn bedoeld voor meer dan één bestemming. De gehanteerde algemene bepalingen zijn kort toegelicht in paragraaf 6.3 4. Overgangs- en slotregels Binnen de overgangsbepalingen is geregeld dat bouwwerken en plannen die (legaal) bestaan op het moment dat het bestemmingsplan in werking treedt, maar die in strijd zijn met het bestemmingsplan, mogen worden herbouwd mits er geen veranderingen plaatsvinden in aard en omvang. In de slotregel is de officiële naam van het bestemmingplan genoemd. Deze naam moet worden gebruikt om te verwijzen naar het plan.

6.2

Bestemmingen

Binnen dit bestemmingsplan zijn de volgende bestemmingen en dubbelbestemmingen opgenomen: Agrarisch met waarden - 1: De agrarische bestemming uit het vigerende bestemmingsplan is, wat betreft de relevante onderdelen, overgenomen in dit plan. In de nadere detaillering is een koppeling gelegd met de, in de bijlage opgenomen, landschappelijke inpassing. Binnen de woonbestemming is de aanleg en instandhouding van de landschappelijk inpassingen met een voorwaardelijke verplichting gewaarborgd. Wonen- 1: Voor de nieuw op te richten woningen en de bestaande woning en de voor opslagdoeleinden behouden bedrijfsgebouw is de bestemming 'Wonen - 1' opgenomen. De woningen mogen uitsluitend worden opgericht binnen een bouwvlak. De regeling van de woningen en bijgebouwen is afgestemd op recente woonbestemmingen. Ten behoeve van een goede landschappelijke inpassing is in de woonbestemming een voorwaardelijke verplichting voor aanleg binnen 3 jaar na afgifte van een omgevingsvergunning voor (de eerst te bouwen) woning opgenomen. Mocht in de tussentijd een aanpassing van de landschappelijke inpassing noodzakelijk en/of doelmatig zijn, dan kan het bevoegd gezag hiervoor een omgevingsvergunning afgeven.

Waarde - Archeologie 2 en Waarde - Archeologie 3: Deze dubbelbestemmingen zijn overgenomen uit het bestemmingsplan buitengebied op basis van de adviezen zoals die zij opgenomen in de archeologische onderzoeken die voor dit plan zijn uitgevoerd en beschermen de archeologische verwachtingswaarde die voor de gronden binnen het plangebied gelden. Waarde - Cultuurhistorisch waardevol gebied: De dubbelbestemming Cultuurhistorisch waardevol is overgenomen uit het Parapluplan Cultuurhistorie Wijchen.

bestemmingsplan Valendrieseweg en Heumenseweg Wijchen

45

6.3

Algemene regels

De algemene regels omvatten de standaardregels zoals de anti-dubbeltelregel. Voor de regeling binnen dit bestemmingsplan is bovendien het bestaande Wijchense parkeerbeleid opgenomen, als ook de standaard afwijkingsmogelijkheden van de bouwregels.

46

bestemmingsplan Valendrieseweg en Heumenseweg Wijchen

Hoofdstuk 7 Economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid 7.1

Economische haalbaarheid

De ontwikkeling die mogelijk wordt gemaakt betreft een particulier initiatief waarbij alle plankosten voor rekening komen van de initiatiefnemer. De gemeente Wijchen heeft met de initiatiefnemer een anterieure overeenkomst afgesloten, waarin wordt vastgelegd dat de verantwoordelijkheid voor gemaakte kosten betreffende eventuele planschade bij de initiatiefnemer ligt. De exploitatie is op deze manier anderszins verzekerd. Het opstellen van een exploitatieplan is daarom niet nodig. Het plan is economisch uitvoerbaar en heeft verder geen consequenties voor de gemeentelijke kas.

7.2

Maatschappelijke aanvaardbaarheid

Initiatiefnemers hebben hun plannen besproken met omwonenden / belanghebbenden in een omgevingsdialoog, alvorens dat het bestemmingsplan in procedure is gebracht. Daaruit blijkt dat belanghebbenden de plannen aanvaardbaar vinden. Met aangegeven wensen uit de omgeving wordt binnen het redelijke rekening gehouden. De bijlagen Bijlage 15 Verslag participatie Valendrieseweg en Bijlage 16 Verslag participatie Heumenseweg zijn opgenomen met daarin de verslaglegging. 7.2.1 Vooroverleg Artikel 3.1.1 Besluit ruimtelijke ordening (Bro) bepaalt dat burgemeester en wethouders bij de voorbereiding van een bestemmingsplan, waar nodig, overleg plegen met andere betrokken overheden en overheidsdiensten, zoals naburige gemeenten, het waterschap, en de diensten van het Rijk en de provincie. De bedoeling van dit vooroverleg is voornamelijk om de opstellers van het plan tijdig de mogelijkheid te geven het plan desgewenst aan opmerkingen van andere overheden aan te passen. In dit geval zijn er geen directe belangen van het waterschap of provincie in het geding. 7.2.2 Procedure Het ontwerpbestemmingsplan zal gedurende zes weken ter inzage liggen. Na het in procedure brengen van het ontwerpbestemmingsplan heeft een ieder de mogelijkheid om te reageren op dit plan.

bestemmingsplan Valendrieseweg en Heumenseweg Wijchen

47

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=wdwid=050c9391-1619-4f43-aced-913c0e674463