Toelichting Parallelweg ong. Batenburg
Tekst van het document
BESTEMMINGSPLAN ‘Parallelweg ong., Batenburg’
TOELICHTING 11 APRIL 2023 STATUS: VASTGESTELD
Gemeente Wijchen Bestemmingsplan ‘Parallelweg ong., Batenburg’
Gegevens adviesbureau Naam
: Rose en de Bie
Adres
: Torenstraat 34
Postcode
: 5473 EL
Plaats
: Heeswijk-Dinther
Telefoon
: 0413 291 218
Internet
: www.roseendebie.nl
Bestemmingsplan ‘Parallelweg ong., Batenburg’ – 11 april 2023
2
Inhoudsopgave 1.
Inleiding........................................................................................................................................... 5 1.1 Aanleiding ..................................................................................................................................... 5 1.2 Plangebied ..................................................................................................................................... 5 1.3 Vigerend bestemmingsplan.......................................................................................................... 7
2.
Planbeschrijving ............................................................................................................................ 10 2.1 Toekomstige situatie ................................................................................................................... 10 2.2 Stedenbouw ................................................................................................................................ 10 2.3 Duurzaamheid ............................................................................................................................. 14 2.4 Landschap ................................................................................................................................... 15 2.5 Verkeer en parkeren ................................................................................................................... 16
3.
Beleidskader .................................................................................................................................. 18 3.1 Rijksbeleid ................................................................................................................................... 18 3.2 Provinciaal beleid ........................................................................................................................ 19 3.3 Gemeentelijk beleid .................................................................................................................... 21
4.
Milieuhygienische aspecten …………………………………………………………………………………………………….25 4.1 Algemeen .................................................................................................................................... 26 4.2 Akoestiek ..................................................................................................................................... 26 4.3 Archeologie en cultuurhistorie.................................................................................................... 27 4.4 Bedrijven en milieuzonering ....................................................................................................... 31 4.5 Bodem ......................................................................................................................................... 32 4.6 Externe Veiligheid ....................................................................................................................... 33 4.7 Natuur ......................................................................................................................................... 37 4.8 Kabels en leidingen ..................................................................................................................... 39 4.9 Luchtkwaliteit ..............................................................................................................................
39 4.10 Water ........................................................................................................................................ 42 4.11
Geur ..................................................................................................................................... 42
4.12
Milieueffectrapportage (M.e.r.)........................................................................................... 51
4.13
Volksgezondheid . ............................................................................................................... 52
4.14
Straling ................................................................................................................................. 53
5. Toelichting, verbeelding en regels .................................................................................................... 55 5.1 Algemeen .................................................................................................................................... 55 5.2 Toelichting op de regels .............................................................................................................. 55 Bestemmingsplan ‘Parallelweg ong., Batenburg’ – 11 april 2023
3
6. Uitvoeringsaspecten ......................................................................................................................... 57 6.1 Economische haalbaarheid ......................................................................................................... 57 6.2 Overleg en maatschappelijke haalbaarheid ................................................................................ 57 7.
Bijlagen .......................................................................................................................................... 59
Bestemmingsplan ‘Parallelweg ong., Batenburg’ – 11 april 2023
4
1. Inleiding 1.1 Aanleiding In september 2020 heeft het college van B&W het principeverzoek van de initiatiefnemer voor het realiseren van een levensloopbestendige woning aan Parallelweg ong. in Batenburg beoordeeld. Op 1 december is per brief aan de initiatiefnemer medegedeeld dat het college van B&W in principe medewerking wil verlenen aan het verzoek. De initiatiefnemer is gevraagd om binnen 6 maanden na verzending van het principebesluit een conceptontwerpbestemmingsplan in te dienen dat de gemeente vervolgens kan toetsen en in procedure kan brengen. Onderhavig bestemmingsplan strekt hiertoe. 1.2 Plangebied Het plangebied is gelegen aan de Parallelweg in Batenburg en is circa 1025 m2 groot. Het perceel is kadastraal bekend gemeente Batenburg, sectie D, nummer 559. Het plangebied is in gebruik als tuin bij de woning gelegen aan Grootestraat 14. De luchtfoto hieronder geeft de locatie van het plangebied (blauw gearceerd) weer.
Batenburg
De afbeelding hieronder geeft de kadastrale situatie weer. Zie het rode pijltje voor de locatie van het plangebied.
Bestemmingsplan ‘Parallelweg ong., Batenburg’ – 11 april 2023
5
De afbeelding hieronder geeft de huidige situatie ter plaatse weer.
Het plangebied wordt aan de noordzijde begrensd door de Parallelweg, aan de oostzijde door Parallelweg 6 (woning met tuin), aan de zuidzijde door de Ringdijk en aan de westzijde door Parallelweg 4 (woning met tuin).
Bestemmingsplan ‘Parallelweg ong., Batenburg’ – 11 april 2023
6
1.3 Vigerend bestemmingsplan Ter plaatse van het plangebied vigeert het bestemmingsplan ‘Batenburg’. Dit bestemmingsplan is vastgesteld door de gemeenteraad van Wijchen d.d. 10 november 2011. De huidige enkelbestemming van het gehele plangebied is ‘Wonen - Beeldbepalend’. Gronden met die bestemming op onderhavige locatie zijn bestemd voor: • • •
woondoeleinden; behoud, beheer en herstel van de cultuurhistorische waarden van het beschermde stadsgezicht van Batenburg; een en ander met bijbehorende voorzieningen.
Ingevolge de regels is het niet toegestaan om het bestaande aantal woningen per bouwperceel te vergoten. In onderhavige situatie is geen sprake van een bestaande woning. In het plangebied is verder sprake van de dubbelbestemming ‘Archeologisch waardevol gebied’. Dit betekent dat bij een te bebouwen oppervlak groter dan 60 m2 archeologisch onderzoek nodig is. Onderzoek is ook nodig als er bodemingrepen dieper dan 30 cm plaatsvinden over een oppervlak groter dan 60 m2. Ophogingen tot 2 m zijn toegestaan, deze zullen door zetting e.d. niet voor een significante verstoring van het eventueel aanwezige archeologische bodemarchief zorgen. In het plangebied is verder deels sprake van de dubbelbestemming Waterstaatsdoeleinden. Deze gronden zijn behalve voor de aldaar voorkomende andere bestemming(en), primair bestemd voor: • •
•
bescherming, het instandhouden, het beheer en het onderhoud van de rivierwaterkering; het beheer en het onderhoud van de watergangen en/of retentievoorzieningen met de bijbehorende voorzieningen, zoals bermen, schouwpaden en beschoeiing, kunstwerken, bruggen en andere waterwerken; één en ander met inachtneming van de Keur van het Waterschap.
Hieronder is een uitsnede van de verbeelding ter hoogte van het plangebied met de legenda van het vigerende bestemmingsplan weergegeven.
Bestemmingsplan ‘Parallelweg ong., Batenburg’ – 11 april 2023
7
Verder is ter plaatse van het plangebied nog het paraplubestemmingsplan ‘Cultuurhistorie Wijchen’ van kracht dat op 3 mei 2017 door de gemeenteraad van Wijchen is vastgesteld. Conform dit bestemmingsplan geldt op de locatie de dubbelbestemming ‘Waarde – Cultuurhistorisch waardevol gebied’. Met dit bestemmingsplan en de opgenomen dubbelbestemming is een vergunningsplicht van kracht geworden voor bepaalde werken, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden. Hieronder is een uitsnede van www.ruimtelijkeplannen.nl opgenomen ter hoogte van het plangebied. Het rode pijltje geeft de ligging van het plangebied aan.
Bestemmingsplan ‘Parallelweg ong., Batenburg’ – 11 april 2023
8
Het initiatief past niet in het vigerende bestemmingsplan. Er is wel sprake van ‘wonen’ als gebruik, maar er zijn geen bouwmogelijkheden toegelaten. Om het planvoornemen mogelijk te maken (de realisatie van een levensloopbestendige woning) is een herziening van het bestemmingsplan nodig of een ander ruimtelijk besluit dat het planvoornemen mogelijk maakt. Gekozen is voor een bestemmingsplanherziening, dit bestemmingsplan is daarvoor opgesteld. 1.4 Leeswijzer Dit bestemmingsplan bevat 6 hoofdstukken. Na dit inleidende hoofdstuk zal in hoofdstuk 2 de toekomstige situatie meer gedetailleerd uiteengezet worden. In de hoofdstukken 3 en 4 komen het beleid en de randvoorwaarden die in acht moeten worden genomen aan bod. Hoofdstuk 5 gaat in op de systematiek van het bestemmingsplan, hoofdstuk 6 bevat de uitvoeringsaspecten (haalbaarheid).
Bestemmingsplan ‘Parallelweg ong., Batenburg’ – 11 april 2023
9
2. Planbeschrijving 2.1 Toekomstige situatie Ter plaatse van het plangebied is het de bedoeling een levensloopbestendige woning te realiseren. Het perceel ligt binnen het bebouwd stedelijk gebied van de kern Batenburg. Batenburg is wettelijk toegewezen als Beschermd Stadsgezicht. Het perceel heeft een oppervlak van ca. 1025 m2. Het lange- en relatief smalle perceel is met de lange zijde zuidoost gericht. De korte zijde loopt parallel aan de bestaande Parallelweg die grotendeels met woningen is bebouwd. Het idee is om het perceel geheel voor woondoeleinden te bestemmen en hiervan circa 500 m2 (gelegen aan de straatzijde) te gebruiken voor bebouwing en verharding en de resterende oppervlakte (aan de dijkzijde (Ringdijk)) te gebruiken als tuin. De afbeelding hieronder illustreert deze kavelinvulling.
Schetsmatige invulling perceel Het gaat hier om de ontwikkeling van een duurzame en levensloopbestendige woning. Een enkelvoudig volume met een zadeldak. Alle functies zijn op de begane grond gesitueerd. Aan de straatzijde worden een (heem-)voortuin, de paden/ toegangen tot de woning en 3 parkeerplaatsen in graskeien (met 1-E-aansluitcontact) op eigen terrein aangelegd. Aan de achterzijde wordt een terras met open verharding ingericht welke direct in contact staat met de tuin. 2.2 Stedenbouw 2.2.1 Beschermd stadsgezicht Batenburg Batenburg is als een beschermd stadsgezicht aangewezen. In de aanwijzing van het beschermd stadsgezicht is de volgende toelichting opgenomen: “Batenburg, gelegen in het land van Maas en Waal aan de noordelijke oever van de rivier de Maas, is één van de oudste stadjes van Gelderland. Als vesting met grachten omringd, gelegen aan de grens van Brabant, heeft het een belangrijke rol gespeeld in de historie van de streek. De burcht, die ongetwijfeld de kiem vormt waaruit de plaats is ontstaan, is thans een
Bestemmingsplan ‘Parallelweg ong., Batenburg’ – 11 april 2023
10
schilderachtige, door grachten omgeven ruïne aan de noordelijke periferie van bet stadje. Ofschoon de grachten reeds lang zijn verdwenen en de eenvoudige bebouwing geenszins aan een stad doet denken, heeft de plattegrond, hoe bescheiden ook van vorm, een min of meer stedelijke allure. Duidelijk manifesteert de plaats zich ook nu nog als zelfstandig element in het landschap. Binnen de verdwenen wallen waar thans de Ringdijk, Molendijk en stadswal gelegen zijn heeft zij een geheel eigen stramien. De hoofdstraat is de oost-west midden door de plaats lopende Grote straat, die aan weerszijden met geschoren linden is beplant. De bebouwing aan twee kanten heeft door de schaal een min of meer steeds karakter. De panden Grote straat 6-8, 13, 15, 23, en 30-32 zijn van oudheidkundige waarde. Aan de zuidzijde evenwijdig aan de Grote straat ligt de Achterstraat, thans Parallelweg geheten, met haaks daarop in het midden de Kruisstraat. In noordelijke richting kruist deze de Grote straat vervolgens de Kerkstraat en komt ter hoogte van de ruïne uit op de Stadswal en de Waldijk. De viersprong Kerkstraat-Kruisstraat is tot een karakteristiek driehoekig pleintje verwijd.
Aan de westkant van dit pleintje is de Nederlands-Hervormde kerk gelegen, een uit de Middeleeuwen daterend gebouw waarvan na de verwoesting in de tachtigjarige oorlog alleen het driebeukige schip en de ingebouwde massieve torenstomp werden hersteld. Voorts ligt aan de noordzijde een drietal waardevolle Gelderse boerderijtjes: Kerkstraat 9, 11 en Kruisstraat 8. Tezamen met de oude waterpomp midden op het pleintje, de geschoren linden langs de bebouwing en het hoge geboomte op het kerkhof rondom de kerk, maken zij deze ruimte tot het meest rustieke gedeelte van het oude stadje. Voor het oudheidkundige karakter van Batenburg zijn ook de panden Kerkstraat 1, 3, Kruisstraat 15 en Waldijk 9 nog van belang. De overige niet met name genoemde woningen, waaronder een aantal vrij nieuwe van de Molen- en Waldijk, passen zich over het algemeen door hun schaal en eenvoudige architectuur goed bij de oude bebouwing aan. Voor bet behoud van bet aspect van Batenburg, dat in zijn landelijke eenvoud zowel ten aanzien van de bebouwing, als door de stedebouwkundige aanleg betekenis heeft onder de Gelderse steden, zijn de noordelijk aangrenzende onbebouwde kasteelterreinen onontbeerlijk. De relatie van de ruïne tot deze terreinen is nog ongeschonden. Omsloten door de Molendijk, Hoefweg en Bredeweg is dit landschappelijke terrein mede in het beschermde gebied opgenomen.
De fraaie standerdmolen op de splitsing Molendijk en Hoefweg vormt hierin een markant monument. Uiteraard impliceert de bescherming niet, dat alle delen van het omlijnde gebied voor bet oudheidkundige karakter van even groot belang zijn. De aard van de te nemen stedebouwkundige maatregelen zal dan ook afhankelijk zijn van de waarde van die elementen, die het historische aspect van de plaats bepalen.” Het plangebied ligt in het beschermd stadsgezicht Batenburg. Het gedeelte van de Parallelweg waar de locatie zich bevindt wordt gekenmerkt door individuele woningen op wat smallere percelen aan de zuidzijde. Aan de noordzijde bevinden zich de achterkanten van de woningen aan de Grotestraat. Aan de zuidzijde van de Parallelweg (zijde Ringdijk) bestaan de woningen uit 1 bouwlaag met kap. Afwisselend zijn gebouwen evenwijdig of haaks op de straat gesitueerd, afhankelijk van de breedte van het perceel. Hieronder zijn een aantal beelden van de bebouwing en sfeer aan de Parallelweg opgenomen.
Bestemmingsplan ‘Parallelweg ong., Batenburg’ – 11 april 2023
11
Bestemmingsplan ‘Parallelweg ong., Batenburg’ – 11 april 2023
12
De Parallelweg is een rustig dorps woonstraatje, met veelal jaren ‘50 en ‘60 bebouwing met een traditionele uitstraling. Het bouwplan moet zich voegen in het beschermd stadsgezicht Batenburg en in de opzet, het karakter en de bebouwing aan de Parallewel. 2.2.2 Stedenbouwkundige uitgangspunten voor het plangebied Het bebouwingvlak voor de woning wordt met de korte zijde op de straatzijde georiënteerd en met de lange zijde in het verlengde van het diepe perceel, zoals voor de meeste gebouwen aan deze zijde van de straat aan de orde is. De woning voldoet zowel aan de gemeentelijke behoeftewens (woonvisie) alsook aan de gestelde duurzaamheidaspecten. Het voorstel qua maatvoering voor wat betreft het oppervlak van de woning is circa 8 x 12 meter1. Deze maatvoering komt nagenoeg overeen met de andere woonbebouwingen aan de Parallelweg. Voor de woning is een afwerking in hout voorzien, eventueel met een stenen plint. Door de toepassing van donkere gevels en donkere dakbedekking, manifesteert het gebouw zich terughoudend en gaat het op in het groen rondom de woning. De beleving van de relatief smalle en langgerekte kavel is een belangrijk uitgangspunt bij het ontwerp. In onderhavige situatie is het voorstel om de levensloopbestendige woning met een tussenafstand van circa 3 m, tegen de westzijde van de lange erfgrens aan te schuiven.
Hierdoor vouwt de groene kavel zich zo breed mogelijk om de woning heen en de ruimtelijke openheid vanaf de dijk naar de stad wordt hiermee versterkt. Op het meer ingesloten en intieme deel van de kavel, kan een gelijkvloers liggend terras op het zuidoosten worden gerealiseerd.
Het op de verbeelding opgenomen bouwvlak is groter, zodat binnen de voor bebouwing geschikte zone geschoven kan worden met de precieze positionering van de bebouwing.
1
Bestemmingsplan ‘Parallelweg ong., Batenburg’ – 11 april 2023
13
2.3 Duurzaamheid Aan de hand van de GPR-gebouw systematiek is door de initiatiefnemer van dit bestemmingsplan invulling gegeven aan de duurzaamheidsambities van de ontwikkeling. Wanneer de standaardeisen (bouwbesluit) worden berekend aan de hand van de GPRgebouw systematiek is de score een voldoende, namelijk een 6 tot 6,5 per thema. De duurzaamheidsambities van de initiatiefnemer liggen voor de verschillende thema’s qua score als volgt: 1. Energie: 8; 2. Milieu: 7/ 7,5; 3. Gezondheid: 7,5; 4. Gebruikskwaliteit: 7,5; 5. Toekomstwaarde: 7,5. De overall-uitkomst betreft een score die bovengemiddeld is. Hieronder wordt aangegeven met welke maatregelen tot deze score gekomen wordt. 1. Het gaat om een gasloze woning met een EPC van 0. 2. Als warmteopwekker is een warmtepomp (mogelijk een lucht-water warmtepomp) gekozen, met een gekoppelde warmteafgifte door middel van vloerverwarming. 3. Voor warm-tapwater wordt er daarnaast gebruik gemaakt van een zonneboiler en een 3terugwinninginstallatie voor douchewaterwarmte. 4. Een ventilatiesysteem met mechanische toe- en afvoer. 5. Er worden PV-panelen (zonnepanelen) toegepast. Het zonontvankelijke dakoppervlak (ca. 70 m2) voldoet om de uitgangspunten van de gestelde waarde te realiseren; 6. Er worden hoge isolatiewaarden toegepast voor dak, vloer en buitenwanden, conform de passief bouwmethode; 7.
Om de effectiviteit van de duurzaamheidmaatregelen te verhogen, wordt extra aandacht geschonken aan de bouwkundige techniek van de woning. Dat is een belangrijke stap van de Trias Energetica. Het beperken van het energieverbruik door verspilling is o.a. tegen te gaan door goede isolatie van de gehele buitenschil en vloeren. Bovenstaande toepassingen hebben grote invloed op het bouwkundig- en installatietechnisch ontwerp. Door de hoge isolatiewaarde worden de dak en gevel-pakketten dikker en zal de PVinstallatie (zonnepanelen) een relevant deel van het dakoppervlak bedekken. 8. Emissiereductie. We kunnen een bijdrage leveren aan de vereiste algemene C02-ambities en zetten in op de reductie van broeikasgassen door veel Europees FSC- gecertificeerd hout (ca. 90 %) in het gehele ontwerp toe te passen. De voordelen van hout zijn er niet alleen op het vlak van een warme uitstraling maar levert ook een betere akoestiek, betere geluidisolatie en een goede vochtregulering t.o.v. steenachtige materialen. De in het casco ontworpen binnengevel- en houten scheidingswanden worden geïsoleerd met natuurlijke isolatiematerialen o.a. met cellulose of met houtvezel. Hiermee creëren we een luchtdicht maar damp-open bouwsysteem, essentieel voor gezond wonen. De reductie met een houten basisconstructie in CO2 is aanzienlijk ten opzichte van de
Bestemmingsplan ‘Parallelweg ong., Batenburg’ – 11 april 2023
14
reguliere constructies met beton- en steenachtige, namelijk meer dan 50 procent. NB: Ook met de toepassing van een warmtepomp wordt de C02-uitstoot, t.o.v. een gasgestookte installatie, gereduceerd tot wel 30 tot 45%; 9. Circulair materiaalgebruik: Op dit moment wordt 97% van het bouw- en sloopafval hergebruikt. Het ontwerp, de uitvoering en realisatie van deze woning is gericht op reduceren van de CO2-reductie conform de Transitieagenda Circulaire Bouweconomie. Het gebruik van circulaire bouwproducten is een belangrijk uitgangspunt bij ontwerp en uitvoering. Een ontwerp op basis van veel FSC-hout (Hernieuwbare grondstoffen) draagt in hoge mate bij aan een duurzaam bouwwerk. 10. Ook is all-electric het vertrekpunt voor de realisatie. De woning wordt zonder gasaansluiting opgeleverd en wekt, voor bewoning en voor een laadpunt voor E-voertuig, zelf duurzame energie op. Uit een voorlopige berekening blijkt dat we voor huishouding van 2 personen, een E-voertuig, een warmtepomp en het koken een jaarvermogen moeten opwekken tussen de 8.500- en 9.500kWh. Dit resulteert in de plaatsing van ca. 35 panelen (Wp-400) met een totaal oppervlak van ca. 52,5m2 op een gegeven dakvlak van ca. 70m2. De bewoner heeft in beginsel extra dakvlakruimte beschikbaar om eventueel het niveau op te schalen met een aantal zonnepanelen en kan dus zelf beslissen over de eventuele extra energieopwekking. 11.
Water: Het rioleringssysteem wordt gescheiden aangelegd in een vuil- en een grijswaterriool. Het hemelwater wordt via het grijswaterriool afgevoerd naar een opvangreservoir en vervolgens naar een watereinigingsysteem geleid voor het gebruik van douchewater, wasmachinewater en e.v. tuinwater. Een dergelijk systeem spaart leidingwater en energie. Overtollig grijs water uit het reservoir wordt via een overlaat afgevoerd naar de in de tuin gelegen wadi. Paden, opritten en terrassen worden in een open bestratingtype gerealiseerd. 12. Andere energiebesparende voorzieningen zijn o.a.: afsluitbare individuele gebruiksruimten, kierdichtingen en energiezuinige buitenverlichting. De aanleg van een E-aansluitpunt voor E-voertuigen draagt indirect bij aan het duurzaamheidbeeld. 13. Ecologisch perceelsgebruik. Het ca. 1000 m2 perceel zal door een tuinarchitect op een ecologische wijze worden vormgegeven en ingericht. Deze aanpak versterkt het duurzame karakter van de projectomgeving. Rondom de woning (ca. 500m2) zal het groen worden ingericht als een heemtuin en het deel tegen de Ringdijk (ca. 500m2) wordt o.a. ingericht met o.a. een moestuin, hoogstamboomgaard en een wadi/grijswaterreservoir. 2.4 Landschap Door Kruitkok Landschapsarchitecten is een landschappelijk inpassingsplan gemaakt voor de ontwikkeling. Het landschappelijk inpassingsplan is bijgevoegd bij deze toelichting (bijlage 1).
In het landschappelijk inpassingsplan zijn twee varianten ontworpen. Het gaat om een variant die uitgaat van de situering van de woning op het midden van het perceel en die uitgaat van de situering op 3 meter van de westelijke perceelsgrens (met Parallelweg nr. 4). Hieronder is het schetsontwerp behorende bij de eerste variant opgenomen.
Bestemmingsplan ‘Parallelweg ong., Batenburg’ – 11 april 2023
15
Voor de analyse die heeft geleid tot bovenstaand schetsontwerp wordt verwezen naar het landschappelijk inpassingsplan zoals opgenomen als bijlage bij deze toelichting (bijlage 1). 2.5 Verkeer en parkeren Verkeer Het plangebied ligt in de bebouwde kom van Batenburg, aan de Parallelweg. De Parallelweg is een smalle weg welke slechts is bedoeld voor bestemmingsverkeer, waar een snelheidsregime geldt van maximaal 30 km/ uur. Aan de weg zijn alleen achter- en overtuinen van de woningen aan de Grootestraat en woningen gelegen. De weg nodigt niet uit om hard te rijden, maar juist stapvoets. De weg is van voldoende breedte om het perceel waaruit het plangebied bestaat goed op- en af te kunnen rijden. Het toevoegen van een woning leidt tot geringe extra verkeersgeneratie. Het gaat in de nieuwe situatie (conform CROW) om een toename van 8,6 (afgerond 9) verkeersbewegingen per dag. Problemen zijn – ook al gaat het hier om een smalle weg met lage verkeersintensiteit - door deze geringe toename niet te verwachten. Om de nieuwe woning in het plangebied conform de inrichtingsschets goed te kunnen ontsluiten is het niet nodig een nieuwe inrit aan te leggen/ een uitwegvergunning aan te vragen. Het plangebied is reeds voorzien van een inrit. Deze zal conform de inrichtingsschets wel moeten worden veranderd.
Parkeren Op basis van het gemeentelijke parkeerbeleid (Parkeerbeleidsplan gemeente Wijchen) en de daarbij behorende parkeernormen geldt voor onderhavige ontwikkeling (koopwoning, vrijstaand, matig stedelijk (Batenburg), rest bebouwde kom) dat 2,6 parkeerplaatsen voor
Bestemmingsplan ‘Parallelweg ong., Batenburg’ – 11 april 2023
16
auto’s gerealiseerd moeten worden per woning. Dit is passend op eigen terrein, waar drie parkeerplaatsen worden aangelegd. Per auto/ parkeerplaats is 2,5 x 5 meter beschikbaar. Voldaan wordt aan het gemeentelijke parkeerbeleid
Bestemmingsplan ‘Parallelweg ong., Batenburg’ – 11 april 2023
17
3. Beleidskader 3.1 Rijksbeleid 3.1.1 Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR)/ Barro/ Rarro De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte, volgt de Nota Ruimte op. Het Rijk heeft de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) op 14 maart 2012 vastgesteld, met het daarbij behorende Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) en een wijziging van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). Met de SVIR heeft het Rijk een andere sturingsfilosofie vastgesteld, waarbij zij zich scherper dan voorheen richt op de nationale belangen. In deze structuurvisie, die diverse rijksnota’s vervangt, staan de plannen van het Rijk voor ruimte en mobiliteit. Er wordt aangegeven in welke infrastructuurprojecten het Rijk de komende tijd wil investeren en op welke wijze de bestaande infrastructuur beter benut kan worden. Provincies en gemeenten krijgen in de plannen meer bewegingsvrijheid op het gebied van ruimtelijke ordening. Onder het motto ‘Nederland concurrerend, bereikbaar, leefbaar en veilig’ streeft het kabinet tot 2028 (middellange termijn) naar de volgende drie hoofddoelstellingen: • • •
Het vergroten van de concurrentiekracht van Nederland door het versterken van de ruimtelijk-economische structuur van Nederland; Het verbeteren, in standhouden en ruimtelijk zekerstellen van de bereikbaarheid waarbij de gebruiker voorop staat; Het waarborgen van een leefbare en veilige leefomgeving waarin unieke natuurlijke en cultuurhistorische waarden behouden zijn.
Voor de drie Rijksdoelen worden door het Rijk 13 onderwerpen van nationaal belang benoemd. Hiermee geeft het Rijk aan waarvoor het verantwoordelijk is en waarop het resultaten wil boeken. Om de 13 nationale belangen door te laten werken in ruimtelijke plannen van lagere overheden zijn naast de SVIR het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro, 2014) en de Regeling algemene regels ruimtelijke ordening (Rarro, 2014) in werking getreden. Ten aanzien van onderhavige plangebied geldt dat de ontwikkeling geen specifieke betrekking heeft op de nationale belangen die in het Barro of Rarro worden genoemd. 3.1.2 Ladder voor duurzame verstedelijking Plannen die een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maken moeten worden getoetst aan de ladder voor duurzame verstedelijking, de laddertoets. De laddertoets geldt alleen voor nieuwe stedelijke ontwikkelingen. Beoordeeld moet dan worden of sprake is van een nieuw beslag op de ruimte. Daarvan is in het beginsel sprake als het nieuwe ruimtelijke besluit meer bebouwing mogelijk maakt dan er op grond van het voorheen geldende planologische regime aanwezig was, of kon worden gerealiseerd. Daarnaast volgt uit jurisprudentie dat wanneer het om een functiewijziging gaat, moet
Bestemmingsplan ‘Parallelweg ong., Batenburg’ – 11 april 2023
18
worden beoordeeld of er sprake is van een naar aard en omvang zodanige functiewijziging, dat desalniettemin gesproken kan worden van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Daarbij moet ook het ruimtebeslag betrokken worden. Vervolgens moet de behoefte aan de ontwikkeling worden gemotiveerd. In artikel 1.1.1 onder i van het Bro is een nadere omschrijving van het begrip stedelijke ontwikkeling vastgelegd. Als stedelijke ontwikkeling wordt genoemd: 'ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen.' In het Bro is geen ondergrens voor de minimale omvang vastgelegd. Of er sprake is van een stedelijke ontwikkeling wordt bepaald door de aard en omvang van de ontwikkeling in relatie tot de omgeving. Voor woningbouwlocaties geldt o.b.v. jurisprudentie dat vanaf 12 woningen sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. In onderhavige situatie gaat het om de toevoeging van één nieuwe woning, dit betekent dat het initiatief geen stedelijke ontwikkeling is zoals is bedoeld in het Bro. Om die reden hoeft de behoefte en invulling ervan – in het kader van de ladder voor duurzame verstedelijking niet nader gemotiveerd te worden. Met dit bestemmingsplan wordt voldaan aan de ladder voor duurzame verstedelijking.
3.2 Provinciaal beleid 3.2.1 Omgevingsvisie Gaaf Gelderland Provinciale staten hebben op 19 december 2018 de nieuwe Omgevingsvisie vastgesteld. De Omgevingsvisie gaat over ‘Gaaf Gelderland’. ‘Gaaf’ is een woord met twee betekenissen. ‘Gaaf’ betekent ‘mooi’ en gaat over wat – historisch en landschappelijk gezien - heel en mooi en ongeschonden is. Het beschermen waard! Maar ‘Gaaf’ verwijst ook naar dat wat ‘cool’ en nieuw en vernieuwend is; aantrekkelijk voor nieuwe generaties. Het ontwikkelen waard! Beide kanten zijn van toepassing op Gelderland en onlosmakelijk verbonden met de Gelderlanders. Beide aspecten zijn dan ook opgenomen in de Gelderse Omgevingsvisie. Er wordt in benoemd wat voor Gelderlanders van waarde is en wat ze willen beschermen. En: ze geven richting aan wat ze willen en ook moeten veranderen en ontwikkelen. Zo kunnen ze met overtuiging en in vertrouwen de provincie doorgeven aan volgende generaties. Een Gelderland van en voor ons allemaal en voor de kinderen van de toekomst is het idee. Om Gelderland in de toekomst ‘gaaf’ te kunnen houden, dan moet daar nu wat voor gedaan worden. Er is sprake van grensoverschrijdende ontwikkelingen die ook Gelderland raken.
Het energievraagstuk, klimaatverandering, uitputting van grondstoffen, kwetsbare biodiversiteit, verdere verstedelijking in combinatie met krimp, toenemende mobiliteit op de weg en in de lucht, digitalisering, internationalisering. Uitdagingen die om antwoorden vragen. Om met deze thema’s aan de slag te kunnen gaan heeft Gelderland haar inwoners, bedrijven, organisaties, en overheden nodig.
Bestemmingsplan ‘Parallelweg ong., Batenburg’ – 11 april 2023
19
Om samen stappen te zetten, is een gezamenlijke horizon nodig: een gedeeld vergezicht, een gedeelde ambitie dat dient als leidraad om te handelen. In de Omgevingsvisie ‘Gaaf Gelderland’ wordt dit vergezicht beschreven: het beeld op de toekomst. Dit beeld is het resultaat van vele vruchtbare gesprekken die Gelderland heeft gehad met partners: inwoners, ondernemers, kennisinstellingen, maatschappelijke organisaties en overheden. Een vergezicht dat het accent legt op wat men samen belangrijk vindt. Een gezond, veilig, schoon en welvarend Gelderland staat daarbij centraal. Dat is het streven. Dat is waar men aan wil werken. Dit doet zij door bij de uitoefening van haar taken de focus te leggen op een duurzaam, verbonden en economisch krachtig Gelderland. Met behulp van zeven ambities – op het terrein van energietransitie, klimaatadaptatie, circulaire economie, biodiversiteit, bereikbaarheid, economisch vestigingsklimaat en op het woon- en leefklimaat – geeft Gelderland hier richting aan. Samen met de vier spelregels: doen, laten, zelf en samen vormt dit het kader waarbinnen wordt gewerkt en afwegingen worden gemaakt. Om de ambities uit de Omgevingsvisie Gaaf Gelderland te kunnen realiseren worden deze uitgewerkt in een omgevingsverordening. De nieuwe omgevingsverordening is nog niet af.
Daarom hebben Provinciale Staten een geconsolideerde omgevingsverordening vastgesteld, die ze aanpassen tot het moment dat de nieuwe omgevingsverordening wordt vastgesteld. Hierin staan de nu geldende regels voor de inrichting van de Gelderse leefomgeving. Aan die regels moet onderhavig plan voldoen. In de volgende paragraaf wordt aan daaraan getoetst. 3.2.2 Omgevingsverordening Gelderland Op 1 februari 2022 is de laatste (geconsolideerde) versie van de Omgevingsverordening Gelderland vastgesteld. De Omgevingsverordening is een van de instrumenten om de ambities uit de Omgevingsvisie te realiseren. Om samen een Gaaf Gelderland te bereiken, legt de provincie bij het uitvoeren van haar taken de focus op een duurzaam, verbonden en economisch krachtig Gelderland. Ze geeft hier richting aan door gezamenlijk zeven samenhangende ambities na te streven op het gebied van energietransitie, klimaatadaptatie, circulaire economie, biodiversiteit, bereikbaarheid; economisch vestigingsklimaat en woonen leefklimaat. In de verordening heeft ze alleen regels opgenomen als dit nodig is om de provinciale ambities waar te maken of wettelijke plichten na te komen. Net als de Omgevingsvisie richt de Omgevingsverordening zich op de inrichting en kwaliteit van de Gelderse leefomgeving.
Ze heeft daarom bijna alle regels op het gebied van ruimtelijke ordening, milieu, natuur, water, verkeer en bodem in deze verordening opgenomen. Alleen de Waterverordeningen (per waterschap) en de Gelderse Vaarwegverordening 2009 zijn (nog) niet in de Omgevingsverordening opgenomen. De Omgevingsverordening heeft daarom de status van: • Ruimtelijke verordening in de zin van artikel 4.1 Wet ruimtelijke ordening: • Milieuverordening in de zin van artikel 1.2 Wet Milieubeheer: • Natuurverordening in de zin van de Wet Natuurbescherming; • Waterverordening in de zin van de Waterwet; • Verkeersverordening in de zin van artikel 57 van de Wegenwet en artikel 2 A van de Wegenverkeerswet.
Bestemmingsplan ‘Parallelweg ong., Batenburg’ – 11 april 2023
20
De wetten waarop de omgevingsverordening is gebaseerd worden opgenomen in de Omgevingswet, die op 1 januari 2023 in werking treedt. Door de provinciale verordeningen die gebaseerd zijn op deze wetten al vast op te nemen in één provinciale Omgevingsverordening, anticipeert de provincie op de situatie onder de Omgevingswet. De Omgevingsverordening bestaat uit kaarten en regels die digitaal voor iedereen zijn ontsloten. Dit maakt het mogelijk dat iedereen voor elke locatie in Nederland kan zien welke mogelijkheden er zijn en welke beperkingen voor een locatie gelden. Iedereen weet daardoor welke regels op een bepaalde locatie gelden en waar zij aan toe is. In de Omgevingsverordening zijn voor de op onderhavige locatie gewenste ontwikkeling regels gesteld. Het gaat om de regels in hoofdstuk 2 Ruimte, afdeling 2.1 Woonlocaties en recreatiewoningen, artikel 2.1 (regionale woonagenda) en 2.2 (instructieregel bestemmingsplan doorwerking regionale woonagenda) die van toepassing zijn. In deze regels wordt gesteld dat gemeentebesturen per regio een regionale woonagenda op moeten stellen, welke Gedeputeerde Staten (als deze in lijn is met de regionale opgave en het provinciale beleid) vervolgens vaststelt. Nieuwe ontwikkelingen die via een bestemmingsplan worden mogelijk gemaakt, moeten passen binnen een door Gedeputeerde Staten vastgestelde regionale woonagenda.
Als (nog) geen regionale woonagenda is vastgesteld of die niet actueel is kunnen ontwikkelingen toch doorgang vinden als ze aan de volgende criteria voldoen: a. er wordt voldaan aan de eisen van de ladder voor duurzame verstedelijking; b. de ontwikkeling past binnen het meest recente provinciale beleid; c. er heeft aantoonbaar regionale afstemming plaatsgevonden over deze ontwikkeling; d. Gedeputeerde Staten stemmen in met deze ontwikkeling. De regio waarvan de gemeente Wijchen onderdeel is heeft een regionale woonagenda vastgesteld: woonagenda subregio Nijmegen e.o. 2020-2030 vastgesteld. De thema’s die behandeld worden in deze woonagenda zijn: 1. Verantwoord versnellen: programmeren en afstellen; 2. Bestaande woningvoorraad en betaalbaarheid; 3. Duurzaam en toekomstbestendig; 4. Huisvesting specifieke doelgroepen. De gemeente Wijchen heeft deze uitgewerkt in haar eigen ‘Lokale uitvoeringsagenda Wonen 2020-2030’. Onderhavige ontwikkeling is passend daarin. Omdat de gemeentelijke woonagenda voldoet aan de regionale woonagenda is het plan ook daarin passend. Er is geen sprake van strijdigheden met de Omgevingsverordening Gelderland. 3.3 Gemeentelijk beleid 3.3.1. Strategische visie Wijchen 2025 De Strategische Visie Wijchen, die in 2007 is vastgesteld, is voor de gemeente een instrument
Bestemmingsplan ‘Parallelweg ong., Batenburg’ – 11 april 2023
21
waarmee vorm en inhoud wordt gegeven aan de verdere ontwikkeling van Wijchen in de komende jaren. De belangrijkste ambities voor 2025 zijn: • • • • • •
verantwoorde en geleidelijke groei van de Wijchense bevolking met behoud van het eigen karakter van Wijchen; gedifferentieerd woningaanbod voor alle lagen in de bevolking: met specifieke aandacht voor starters en ouderen; verhogen kwaliteit en diversiteit woonmilieus; verhogen leefbaarheid: aantrekkelijke, groene en veilige woonomgeving; een compleet voorzieningenaanbod: op winkel- en sociaalmaatschappelijk gebied voor alle Wijchenaren; behoud en verbetering leefbaarheid kleine kernen.
Dit bestemmingsplan maakt een ontwikkeling mogelijk van 1 levensloopbestendige woning op een braakliggende locatie binnen het bebouwde gebied van Batenburg. Het voornemen verbetert de leefbaarheid en ruimtelijke kwaliteit. Het voornemen past hiermee binnen de Strategische Visie Wijchen 2025. 3.3.2 Structuurvisie Wijchen Op 2 juni 2009 heeft de gemeenteraad van Wijchen de structuurvisie vastgesteld. De structuurvisie is op grond van de Wet ruimtelijke ordening opgesteld en bevat het beleid dat de gemeente voor haar grondgebied eerder al had vastgesteld. De eerder in de strategische visie voor de gemeente opgenomen acht strategische opgaven vormen dan ook de rode draad van de structuurvisie. Verder is in de structuurvisie ook rekening gehouden met het eerder vastgestelde sectorale beleid. Onderdeel van de structuurvisie is één integrale kaart. Die kaart is hieronder weergegeven.
Bestemmingsplan ‘Parallelweg ong., Batenburg’ – 11 april 2023
22
Verder is in de structuurvisie voor ieder separaat thema het beleid beschreven en op kaart aangegeven. Hieronder is de kaart behorende bij het thema ‘Wonen’, omdat onderhavig initiatief daarover gaat, weergegeven.
De gemeente geeft in haar structuurvisie in het algemeen aan dat ze nieuwe woningen vooral voorziet in de kern Wijchen. Het gaat dan om de bouwopgave waaraan de gemeente invulling geeft. Verder geeft de gemeente aan dat ze terughoudend om wil gaan met nieuwe woningen in het groen (buitengebied). Aanvullend hierop geldt – in relatie tot onderhavig
Bestemmingsplan ‘Parallelweg ong., Batenburg’ – 11 april 2023
23
initiatief - dat de structurele aanpak van het tekort aan huisvesting voor jongeren, starters en ouderen moet worden opgepakt en dat inbreidingen als deze niet ten koste gaan van de groene en open structuur kunnen worden gefaciliteerd. Voor wat betreft onderhavig initiatief geldt dat het om de realisatie van één nieuwe levensloopbestendige woning in de concentratiecontour woonkern gaat. Het plangebied betreft een overtuin behorende bij de woning aan Grootestraat 14 aan de overzijde van de weg (vandaar ‘over’tuin). Het plangebied is wel groen, maar het gaat hier niet om een groene open structuur zoals bedoeld in de Structuurvisie Wijchen. De toevoeging van een woning op deze plek is met die reden dan ook voorstelbaar. Doordat een levensloopbestendige woning wordt gerealiseerd wordt eveneens invulling gegeven aan de kwalitatieve woonbehoefte zoals geformuleerd in de Structuurvisie Wijchen. Onderhavige ontwikkeling is passend in de Structuurvisie Wijchen. 3.3.3. Woonvisie ‘Thuis in Wijchen’ De woonvisie ‘Thuis in Wijchen’ is in 2017 vastgesteld als kader dat richting geeft aan ontwikkelingen die Wijchen raken op het gebied van woonmilieu. In deze visie wordt omschreven waar de gemeente moet bijsturen, afremmen of juist versnellen om haar doelen op het gebied van wonen te bereiken. Op het gebied van gemeentelijk woonmilieu zijn doelen geformuleerd voor een woningaanbod in balans.
Zo wil de gemeente Wijchen voor starters, jonge gezinnen, (vitale) senioren en mensen met een zorgvraag meer mogelijkheden op de woningmarkt. Dit vraagt om speciale aandacht voor de woonwensen van deze groepen, maar ook om het aanpassen van het huidige aanbod op deze wensen. De gemeente vindt het belangrijk dat er aandacht is voor innovatie en vernieuwing, bijvoorbeeld door voldoende ruimte te bieden voor CPO en andere nieuwe woonvormen. Hierbij legt de gemeente het initiatief bij de starters, jonge gezinnen en vitale ouderen uit de dorpen zelf. Zij ondersteunt initiatiefnemers met haar verbindende rol om partijen samen te kunnen brengen met kennis van bouwmogelijkheden. Onderhavig initiatief valt binnen de structurele aanpak van het tekort aan huisvesting voor starters en ouderen op korte termijn door het realiseren van één levensloopbestendige woning door een particuliere ontwikkelaar. Het plan past binnen de kaders van de Woonvisie ‘Thuis in Wijchen’. 3.3.4 Woonagenda subregio Nijmegen e.o. 2020 – 2030 en lokale uitvoeringsagenda Wonen 2020 – 2030 In de woonagenda Subregio Nijmegen en omstreken is door de gemeenten Berg en Dal, Beuningen, Druten, Heumen, Mook en Middelaar, Nijmegen en Wijchen afgesproken gemeentelijke woningbouwprogramma's in lijn te brengen met de bevolking en woningbehoefteprognose (kwantitatief).
De actuele woningbouwopgave voor Wijchen tot 2030 is 1.430 nieuwe woningen op te
Bestemmingsplan ‘Parallelweg ong., Batenburg’ – 11 april 2023
24
leveren. Regionaal is afgesproken dat dit getal richtinggevend is. Om het huidige woningtekort adequaat aan te pakken moet de gemeente versneld woningen toevoegen aan de voorraad. In de periode 2020 tot 2025 betekent dat 1.070 woningen erbij in Wijchen. In de subregio Nijmegen e.o. is afgesproken dat gemeenten ruim inzetten op nieuwe plannen. Dit is om planuitval en planuitstel op te kunnen vangen. Maar ook om snel te kunnen anticiperen op veranderende omstandigheden in de markt. De afspraak is om tot 130% van de opgave aan plancapaciteit te reserveren. Voor Wijchen betekent dit dat de gemeente plannen maakt voor ruim 1.850 woningen voor de periode tot 2030. Elke gemeente heeft een eigen woonagenda of woonvisie vastgesteld of in afronding. In al deze visies is opgenomen welke lokale thema's er spelen en wat als kwaliteit wordt gezien. Veel thema's spelen binnen de gehele regio, maar het belang en de prioriteit die aan bepaalde thema's wordt gegeven kan per gemeente verschillen. Deze verschillen werken ook door in de woningbouwprogramma´s en de keuzes die daarin worden gemaakt. De gemeentelijke woonagenda's en –visies zijn vertaald in de subregionale woonagenda (kwalitatief). De ambities van de Woonagenda Subregio Nijmegen en omstreken omvatten: • • •
Snel én verantwoord inspelen op woningbehoefte Diversiteit van het woonmilieu versterken Een duurzame en flexibele woningvoorraad
Onderhavige ontwikkeling is zowel kwantitatief als kwalitatief passend in de Woonagenda subregio Nijmegen e.o. 2020 – 2030 en de lokale uitvoeringsagenda Wonen 2020 – 2030. Kwantitatief gezien geldt dat kleinschalige particuliere initiatieven (KPI’s) passend zijn binnen de gemaakte afspraken. Verder is het van belang dat de diversiteit van het woonmilieu wordt versterkt. Onderhavige ontwikkeling realiseert een levensloopbestendige woning. Een woning die in eerste aanleg bedoeld is te gebruiken door een senior, een doelgroep waarvoor specifieke aandacht geldt in het woonbeleid. Dit laatste is via de verbeelding en de regels van dit bestemmingsplan vastgelegd. 3.3.5 Nota Ruimtelijke Kwaliteit Bij de ontwikkeling van onderhavig plan wordt rekening gehouden met de Nota Ruimtelijke Kwaliteit. Er zijn voor de ontwikkeling geen nadere beeldkwaliteitsvereisten uitgewerkt.
Bestemmingsplan ‘Parallelweg ong., Batenburg’ – 11 april 2023
25
4. Milieuhygiënische aspecten
4.1 Algemeen Bij ruimtelijke ingrepen is het van belang dat sprake is van een verantwoord woon- en leefklimaat. Om die reden moet in een bestemmingsplan aannemelijk worden gemaakt dat aan de milieuwetgeving kan worden voldaan. Het milieubeleid bestaat uit diverse wet- en regelgeving, waarvan een deel ruimtelijk relevant is. Deze milieunormen hebben een indirecte (zonering) en directe (sectorale wetgeving die opgenomen wordt in het bestemmingsplan, zoals de Wet Geluidshinder, Besluit Externe Veiligheid Inrichtingen) werking. In dit hoofdstuk wordt hier nader op ingegaan. 4.2 Akoestiek Beleidskader De Wet geluidhinder geeft aan dat een akoestisch onderzoek moet worden uitgevoerd bij het voorbereiden van de vaststelling van een bestemmingsplan, indien het plan een geluidsgevoelig object mogelijk maakt binnen een geluidszone van een bestaande geluidsbron of indien het plan een nieuwe geluidsbron mogelijk maakt. De Wet geluidhinder bevat geluidsnormen en richtlijnen over de toelaatbaarheid van geluidsniveaus als gevolg van rail- en wegverkeerslawaai, industrielawaai en luchtvaartlawaai. Indien een nieuwe geluidsbron mogelijk wordt gemaakt dient volgens de Wet geluidhinder in beeld gebracht te worden of en welke gevolgen dit heeft voor eventuele naastgelegen geluidsgevoelige objecten.
Onderhavige ontwikkeling wordt voor wat betreft de nieuw toe te voegen woning in het schuurgedeelte van de boerderij als geluidsgevoelig aangemerkt. Consequenties Het plan bevat één nieuw geluidgevoelig object. Wegverkeerslawaai Het plangebied is niet gelegen in een geluidszone van een weg. De Parallelweg en de Rindijk zijn beide 30-km/ uurwegen, welke in het kader van de Wet geluidhinder geen geluidzone hebben. In het kader van de Wet geluidhinder is onderzoek naar de geluidsbelasting ten gevolge van wegverkeer op het nieuwe geluidgevoelige object dan ook niet noodzakelijk. In het kader van een goede ruimtelijke ordening is het wel van belang dat gemotiveerd wordt dat sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Dat is in onderhavige situatie het geval. De verkeersintensiteit van de Parallelweg is laag en er wordt stapvoets gereden. Het is een smalle weg met bebouwing dicht op de straat, waardoor weggebruikers niet worden uitgenodigd om hard te rijden. De verkeersintensiteit op de Ringdijk (achterzijde van het plangebied) is eveneens laag en er is sprake van asfaltverharding dat tot een lagere geluidsuitstraling leidt dan bijvoorbeeld klinkerverharding. Kortom, het is zeer aannemelijk dat de voorkeursgrenswaarde van geluid afkomstig van wegverkeerslawaai op de gevels (48db) niet wordt overschreden. Op basis hiervan kan gesteld worden dat er – v.w.b.
wegverkeerslawaai - in het plangebied sprake van een goed woon- en leefklimaat. Industrielawaai
Bestemmingsplan ‘Parallelweg ong., Batenburg’ – 11 april 2023
26
In de omgeving van het planbied zijn geen bedrijven gelegen. Rondom het plangebied is slechts sprake woningen. Deze functies zijn niet milieubelastend en vormen voor wat betreft geluidshinder geen belemmering voor de ontwikkeling of andersom de ontwikkeling vormt geen belemmering voor deze functies. Rail of luchtverkeerlawaai Er is geen onderzoek naar rail- en luchtverkeerslawaai uitgevoerd, omdat de ontwikkeling niet is gelegen in de geluidszone van een spoorweg of aanvliegroute van een vliegveld. Onderzoek hiernaar is derhalve niet nodig. Geluid vormt geen belemmering voor onderhavige ontwikkeling. 4.3 Archeologie en cultuurhistorie 4.3.1 Archeologie Beleidskader Als wettelijk toetsingskader In Europees verband is het 'Verdrag van Malta' tot stand gekomen. Uitgangspunt van dit verdrag is het archeologisch erfgoed zo veel mogelijk in situ te behouden. Waar dit niet mogelijk is, dient het bodemarchief met zorg ontsloten te worden. Bij het ontwikkelen van ruimtelijk beleid moet het archeologisch belang vanaf het begin meewegen in de besluitvorming. Op 1 september 2007 is de Wet op de Archeologische Monumentenzorg (Wamz) in werking getreden. Deze wet is de Nederlandse uitwerking van het Verdrag van Malta uit 1992. In de Wamz is vastgelegd dat Rijk, provincies en gemeenten in ruimtelijke plannen rekening houden met het aspect 'archeologie'.
De wet beoogt het archeologische erfgoed in hoofdzaak in situ te beschermen. Archeologische beleidskaart Wijchen Gemeenten zijn met de inwerkingtreding van de Wamz in grote mate verantwoordelijk voor hun eigen bodemarchief. De gemeente Wijchen heeft in 2009 een archeologische beleidskaart vastgesteld. Deze kaart vormt de onderlegger voor het Wijchens archeologiebeleid en is het gemeentelijk toetsingsinstrument voor archeologie bij ruimtelijke ontwikkelingen, bouwplannen en andere bodemverstoringen. Consequenties Op de archeologische beleidskaart Wijchen is het plangebied aangewezen als een gebied met een hoge archeologische verwachting. Daarnaast is het plangebied gelegen in een aandachtszone van een archeologische vindplaats. Dit betekent dat archeologisch onderzoek verplicht is bij een ingreep groter dan 60 m2. Aangezien in het planvoornemen voorziet in een ontwikkeling groter dan 100 m2 is archeologisch onderzoek uitgevoerd. Archeologisch vooronderzoek (bureau- en booronderzoek) Voor het plangebied is gekozen voor een archeologisch vooronderzoek dat bestaat uit een bureauonderzoek gecombineerd met een (verkennend en) karterend booronderzoek. Het Bestemmingsplan ‘Parallelweg ong., Batenburg’ – 11 april 2023
27
onderzoek is uitgevoerd door KSP Archeologie. De rapportage van het uitgevoerde onderzoek is als bijlage toegevoegd aan dit bestemmingsplan (bijlage 2). De conclusie van het onderzoek en het eruit voortgekomen advies is hieronder opgenomen. “Conclusie Het doel van het archeologische bureauonderzoek was het opstellen van een gespecificeerde archeologische verwachting voor het plangebied. Op basis van de landschappelijke ligging op de oever van een voormalige Maasmeander die direct ten oosten van het plangebied verwacht wordt, maar de ligging buiten de zone met de oudste mogelijke bewoningfase van Batenburg uit de 11e eeuw heeft het plangebied een middelhoge verwachting voor de periode tussen het ontstaan van de Maasmeander (in de Vroege Middeleeuwen, maar mogelijk al in de Late IJzertijd) en de bedijking/het verlanden van de Maasmeander in de Volle Middeleeuwen (tot 1300). De landschappelijke ligging voorafgaand aan de Late-IJzertijd is onduidelijk.
Als de beddinggordel van de stroomgordel van Huisseling-Demen ter hoogte van het plangebied heeft gelegen, dan kan worden aangenomen dat deze rivierbedding de top van het pleistocene terras (en de eventuele resten van vuursteenvindplaatsen ouder dan de Bronstijd) heeft geërodeerd en dat ter hoogte van de bedding (een actieve waterloop) ook geen bewoning mogelijk was totdat deze bedding verlaten werd op de overgang van de IJzertijd naar de Romeinse tijd. Lokaal is bij archeologisch booronderzoek voor de rioleringswerkzaamheden op een dieper niveau de laag van Wijchen waargenomen, waardoor bovenstaande verwachting voor de steentijd mogelijk niet opgaat. Er zijn echter geen aanwijzingen voor een Holocene rivierloop ouder dan die van Huisseling-Demen, waardoor binnen de Holocene afzettingen geen verwachting op een ouder niveau dat kansrijk is op archeologische vindplaatsen. Gezien de maaiveldhoogte en de onbebouwde positie op historisch kaartmateriaal vanaf het eind van de 18e eeuw lijkt het plangebied sinds de bedijking aan het eind van de Late Middeleeuwen niet binnen de opgehoogde kern van Batenburg te liggen. Het plangebied heeft daarom een lage verwachting voor de periode na de bedijking. Vervolgens is deze verwachting getoetst door middel van een inventariserend veldonderzoek, (verkennende en) karterende fase.
In het merendeel van het plangebied zijn dikke humeuze lagen waargenomen met stadsafval met daaronder een laag waar de oeverafzettingen vermengd zijn met humeuze lagen. Vermoedelijk is dit het gevolg van verspoeling aan de rand van Maasmeander. In het zuidwesten van het plangebied is de vermoedelijke verspoeling en ophoging minder dik en komen de oeverafzettingen binnen 1 m-mv voor. Hier is een fragment Steengoed aangetroffen uit de periode 1400 – _1600 aan de onderzijde van het ophogingspakket met stadsafval. Hier is een groter deel van de oeverafzetting bewaard gebleven, maar hier is geen intact potentieel archeologisch niveau waargenomen in de top van de oeverafzetting of dieper in de oeverafzetting tot 2,5 m-mv en ook geen archeologische indicatoren die daarop wijzen. De middelhoge archeologische verwachting voor nederzettingen uit de periode Late IJzertijd tot en met Volle Middeleeuwen (tot 1300) kan daarom naar laag worden bijgesteld. Het aangetroffen pakket ophogingsmateriaal, inclusief het fragment Steengoed, past binnen de
Bestemmingsplan ‘Parallelweg ong., Batenburg’ – 11 april 2023
28
middeleeuwse stadsophoging en geeft geen aanleiding tot een verhoging van de lage verwachting voor een huisplaats uit de periode Late Middeleeuwen en Nieuwe tijd. Vanaf ca. 2 m -mv lijkt in de diepere ondergrond een mogelijke overgang naar beddingzand aanwezig te zijn. Waarschijnlijk zal het plangebied daardoor ongeschikt zijn geweest voor bewoning door de aanwezigheid van een actieve rivierloop. Het is onduidelijk of deze rivierloop voor dermate veel erosie gezorgd heeft dat archeologische resten onder het beddingzand aanwezig kunnen zijn. Tijdens een booronderzoek kan geen archeologische vindplaats worden aangetroffen, ten hoogste archeologische indicatoren die wijzen op de aanwezigheid van een archeologische vindplaats. Een waardestelling conform protocol 4003, VS06 is dan ook niet van toepassing. Beantwoording van de onderzoeksvragen Wat is de opbouw van de ondergrond en is het bodemprofiel intact? In het merendeel van het plangebied zijn dikke humeuze lagen waargenomen met stadsafval met daaronder een laag waar de oeverafzettingen vermengd zijn met humeuze lagen Vermoedelijk is dit het gevolg van verspoeling aan de rand van Maasmeander. In het zuidwesten van het plangebied is de verspoeling en ophoging minder dik en komen de oeverafzettingen binnen 1 m-mv voor. Hier is geen intact potentieel archeologisch niveau waargenomen in de top van de oeverafzetting.
Zijn in het plangebied aanwijzingen gevonden voor de aanwezigheid van een archeologische vindplaats? In alle boringen is een ophogingspakket gevonden met baksteenpuin en/of houtskool. Dit is geïnterpreteerd als een ophoging met stadsafval. In boring 1 is een fragment Steengoed aangetroffen uit de periode 1400 – _1600 aan de onderzijde van het ophogingspakket met stadsafval. Wat is te zeggen over de horizontale en verticale verspreiding van de archeologische resten? Het ophogingspakket komt binnen de gehele kern van Batenburg voor. Wat is de vermoedelijke aard en datering van de archeologische resten? Gezien de aard en datering van de fragmenten aardewerk en de ligging binnen een ophogingslaag is het plangebied onderdeel van een zone waar stadsafval terecht is gekomen sinds de periode 1400 tot 1600. Er zijn geen aanwijzingen voor een specifieke huisplaats. Wat is de specifieke archeologische verwachting van het plangebied op basis van het bureauonderzoek en wordt deze door het veldonderzoek bevestigd? Op basis van het bureauonderzoek was een middelhoge archeologische verwachting voor het plangebied opgesteld voor nederzettingenresten vanaf de Late-IJzertijd tot en met de Volle Middeleeuwen (tot 1300). Oudere resten zijn niet geheel uitgesloten, maar bevinden zich niet binnen de ontgravingsdiepte.
Voor de periode na de bedijking heeft het plangebied door de lagere ligging en ontbreken van bebouwing op historische kaartmateriaal een lage verwachting.
Bestemmingsplan ‘Parallelweg ong., Batenburg’ – 11 april 2023
29
Het booronderzoek heeft uitgewezen dat er geen intact potentieel archeologisch niveau uit de periode voorafgaand aan het opbrengen van het ophogingspakket met stadsafval (meer) aanwezig is binnen 2,5 m-mv. De middelhoge verwachting voor archeologische resten vanaf de Late-IJzertijd tot en met de Volle Middeleeuwen (tot 1300) kan daarom naar een lage verwachting worden bijgesteld. Het pakket stadsafval geeft geen specifieke aanwijzing voor een huisplaats binnen het plangebied, waardoor de lage verwachting voor een huisplaats uit de periode na de bedijking niet hoeft te worden bijgesteld. In hoeverre wordt het (potentiële) archeologische niveau bedreigd door de voorgenomen ontwikkeling van het gebied? Aangezien de kans dat een vindplaats binnen het plangebied aanwezig is laag wordt ingeschat, vormen de voorgenomen graafwerkzaamheden geen bedreiging voor het archeologische bodemarchief. Selectieadvies Op grond van de bodemopbouw en het ontbreken van archeologische indicatoren voor een vindplaats adviseert KSP Archeologie geen archeologisch vervolgonderzoek en om in het nieuwe bestemmingsplan geen archeologische dubbelbestemming meer op te nemen ter hoogte van het onderzochte deel van het perceel.
Het archeologisch booronderzoek is veelal uitgevoerd tot 2 m-mv, het is onzeker in hoeverre op grotere diepte nog potentiële archeologische niveaus voor kunnen komen in de top van het pleistocene landschap. Dergelijke resten zijn elders binnen de gemeente Wijchen niet direct beschermd met een dubbelbestemming. Elders in de gemeente komen zones voor waar een lage archeologische verwachting geldt op basis van de Holocene geomorfologie en waar archeologische resten in de top van het pleistocene landschap niet beschermd worden. In die zin wordt het pleistocene niveau niet direct beschermd, met uitzondering van bekende pleistocene opduikingen en rivierduinen. Eventuele dieper gelegen archeologische resten worden bij reguliere bouwwerkzaamheden enkel verstoord door heiwerkzaamheden. In het onderzochte gebied wordt daarom geen verdere archeologische bescherming geadviseerd. Het zuiden van het perceel is niet onderzocht, maar is wel onderdeel van de bestemmingsplanwijziging (zie paragraaf 1.2). Het is niet met zekerheid te stellen dat de bodemopbouw daar vergelijkbaar is met het onderzochte plangebied. Het booronderzoek laat zien dat de zuidwesthoek van het onderzochte gebied al een ander beeld geeft dan de rest van de boringen.
Mogelijk kent deze zone verder van de opgehoogde stadskern een andere bodemopbouw en kunnen hier nog resten voorkomen die samenhangen met de stroomgordel van Huisseling-Demen. Daar wordt geadviseerd om een archeologische dubbelbestemming op te behouden. Voorgesteld wordt om hier een dubbelbestemming “Waarde – Archeologie 2” (ingrepen dieper dan 30 cm-mv toestaan tot en met 120 m ) op te nemen net als het kaartvlak net ten westen van de historische kern van Batenburg. Door de ligging buiten de stadskern is de huidige archeologische dubbelbestemming hier te zwaar. Bovenstaand advies vormt een zogenaamd selectieadvies. KSP Archeologie wijst erop dat dit selectieadvies nog niet betekent dat reeds bodemverstorende activiteiten of daarop