Perspectiefnota Wijchen 2026 (GEWIJZIGDE VERSIE) - ter vaststelling
Tekst van het document
Perspectiefnota 2026
Pagina | 2| Perspectiefnota 2026
Voorwoord De Perspectiefnota 2026 is de eerste stap in het begrotingsproces. Deze stap wordt gevolgd door het opstellen van de Programmabegroting 2027-2030. Deze Perspectiefnota wordt behandeld in de gemeenteraad van 9 juli 2026. De Programmabegroting wordt op 5 november 2026 behandeld. Naast de vooruitblik op het meerjarenperspectief 2027-2030, stellen we in deze Perspectiefnota een bijstelling voor over het lopende jaar 2026, door middel van een begrotingswijziging. Input voor deze begrotingswijziging komt uit de Programmarapportage van mei en uit de actualisatie van de onderwerpen in deze Perspectiefnota. Tot slot is de meicirculaire van het Rijk integraal verwerkt in deze nota. Onzekerheid gemeentefonds, opschuivend ravijn Er is nog steeds sprake van een aanzienlijke onzekerheid op onze grootste inkomstenbron. Hoewel de negatieve gevolgen van het ‘ravijnjaar 2026’ zijn verzacht met het uitbrengen van de Voorjaarsnota 2025 van het Rijk, worden gemeenten vanaf 2028 structureel nog altijd stevig gekort in de algemene uitkering. De verwachting is wel dat het Rijk in de Voorjaarsnota 2027 compensatie zal geven op basis van het rapport van de Deskundigencommissie Hervormingsagenda Jeugd, dat begin 2027 zal volgen. Daar kunnen we echter begrotingstechnisch niet op vooruitlopen.
Aan de kostenkant blijven we realistisch ramen en gaan we geen stelposten opnemen voor mogelijke besparingen, die niet concreet zijn. Nieuwe bestuursperiode: Samen werken aan morgen Ondanks de onzekerheden over de hoogte van de algemene uitkering, blijft Wijchen een stabiele koers uitzetten. In het nieuwe coalitieakkoord staan de ambities beschreven voor een levendig, sociaal, veilig en toekomstbestendig Wijchen. Een gemeente waar iedereen prettig kan wonen, werken en leven. Beleidsinhoudelijk en financieel gaan we dit akkoord vertalen vanaf de Begroting 2027. Wijchen staat voor robuust financieel beleid. Wanneer het Rijk ons kort, zullen we de begroting daarop moeten aanpassen. Conform het advies van de VNG richten we ons op een structureel sluitende begroting 2027 en maken we de tekorten vanaf 2028 zichtbaar in het meerjarenperspectief. Met voorliggende cijfers is het op dit moment niet nodig maatregelen in te zetten om tot een sluitende begroting te komen. Het eerstvolgende begrotingsjaar 2027 is structureel sluitend. De jaren daaropvolgend laten een overbrugbaar tekort zien. Vervolgproces richting Begroting 2027 We zorgen ervoor dat we een sluitende begroting voor het jaar 2027 aanbieden en houden het tekort vanaf 2028 beperkt. We willen de inzet van de algemene reserve op het begrotingstekort zo laag mogelijk houden.
Ondertussen wachten we de vervolggesprekken tussen het Rijk en de VNG af over het terugdraaien van de kortingen in het gemeentefonds. We onderzoeken richting de begroting de mogelijkheid om de bouwlegestarieven meer kostendekkend te maken. Daarbij kijken we ook naar het eventueel differentiëren van de tarieven. Vanwege het negatieve meerjarenperspectief zijn we terughoudend met het opstarten van structureel nieuw beleid, maar kijken we naar wat er wel kan. We doen dat met ambitie, realisme en vertrouwen in de kracht van onze inwoners. Namens het College van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Wijchen, Geert Gerrits, Wethouder financiën
Pagina | 3| Perspectiefnota 2026
Inhoudsopgave
Voorwoord ................................................................................................... 3 Uitgangspunten ............................................................................................ 5 Samenvatting en doorkijk Begroting 2027 ....................................................... 6 Structureel meerjarenperspectief ................................................................... 7 4.01 4.02 4.03 4.04 4.05 4.06 4.07 4.08 4.09 4.10 4.11 4.12 4.13
Meicirculaire .......................................................................................... 8 BUIG ...................................................................................................11 Jeugd ..................................................................................................12 WMO ...................................................................................................14 Gemeenschappelijke regelingen ..............................................................15 OZB-inkomsten .....................................................................................17 Klimaatmiddelen ...................................................................................18 Uitgangspunten tarieven en leges ............................................................19 Kapitaallasten .......................................................................................20 Overige mutaties bestaand beleid ............................................................20 Mutaties uit de Programmarapportage mei 2026 .......................................21 Inzet surplus algemene reserve ..............................................................21 Nieuw beleid .........................................................................................21 Incidenteel
meerjarenperspectief...................................................................22 MIO (Meerjaren Investerings Overzicht) .........................................................23
Bouwgrondexploitaties .......................................................................................26 Totaalbeeld .................................................................................................27 Provinciaal toezicht ......................................................................................28 Budgetmutaties structureel bestaand beleid ....................................................29 Nieuw beleid structureel ...............................................................................38 Posten incidenteel .......................................................................................41 Incidenteel totaalbeeld .................................................................................46 Samenvatting begrotingswijziging per programma...........................................49
Pagina | 4| Perspectiefnota 2026
Uitgangspunten Conform onze financiële verordening en de nota Financieel rekentechnische uitgangspunten, stellen we de Begroting 2027 op met onderstaande uitgangspunten. Net zoals we bij deze Perspectiefnota de uitkomsten van de meicirculaire hebben meegenomen in de afwegingen, doen we dat in de Begroting met de uitkomsten van de septembercirculaire. • • • • •
•
•
We houden in onze structurele begroting een buffer aan voor onvoorziene kosten. Als we onze budgetten overschrijden moeten we dat binnen het programma zelf opvangen. Structurele tekorten vangen we op door blijvende maatregelen te treffen. Tekorten die eenmalig ontstaan vangen we op door incidentele maatregelen te treffen. Als we nieuwe beleidstaken en geld krijgen van de rijksoverheid, dan labelen we die één op één voor het doel. Wij streven ernaar om de uitvoering van de nieuwe taken te betalen met deze middelen. Met de gelabelde gelden worden ook de organisatie- en uitvoeringskosten binnen de Werkorganisatie Druten Wijchen structureel gedekt. Als we de Perspectiefnota of Begroting bespreken, wegen we af welke extra uitgaven nuttig en nodig zijn en wat het belangrijkst is. Buiten deze beslissingsmomenten kan geen extra incidenteel of structureel geld uitgegeven worden. Behalve als de gemeenteraad daar akkoord voor geeft. We rekenen in de Perspectiefnota met de indexpercentages uit de meicirculaire en stellen dit in de Begroting bij op basis van de septembercirculaire, wanneer dit significant afwijkt t.o.v. de meicirculaire. De indexpercentages uit de meicirculaire 2026 bedragen: Contractindex (prijs bruto binnenlands product) Loonvoet sector overheid
•
•
•
2027
2028
2029
2030
2,50%
2,90%
2,50%
2,60%
4,20%
4,00%
3,60%
3,50%
We rekenen rente toe aan de activa volgens de door de BBV voorgeschreven omslagrente. Voor het gehele meerjarenperspectief gaan we op dit moment uit van 1,5% omslagrente in de kapitaalslasten. Bij de Begroting 2027 actualiseren we het omslagpercentage. We accepteren een niet sluitende begroting in het eerste begrotingsjaar, als dat in het verloop van de vier jaren in het meerjarenperspectief wel tot stand wordt gebracht. Waar nodig zetten het surplus van de algemene reserve in om een structureel tekort te dekken. We vinden dit, vanuit een financieel robuuste gedachte, echter geen uitgangspunt om te handhaven voor de middellange, tot lange termijn.
Pagina | 5| Perspectiefnota 2026
Samenvatting en doorkijk Begroting 2027 De gemeente Wijchen heeft evenals andere gemeenten financiële uitdagingen in het meerjarenperspectief. Vorig jaar is het ravijn voor de jaren 2026 en 2027 door het Rijk deels gedempt. Daarmee is het tekort verschoven naar 2028 en verder. 1)
Samenvatting structureel perspectief (x € 1.000.000)
Structureel perspectief
2026
2027
2028
2029
2030
Vertrekpunt: Begroting 2026
0,7
0,6
-0,6
-0,6
0,5
Meicirculaire
-0,8
-0,1
0,2
0,0
0,4
Kostenontwikkelingen Nieuw beleid
0,2 0,0 -0,1
-0,6 0,2 -0,1
-0,8 0,0 -0,2
-0,8 0,0 -0,2
-1,1 0,0 -0,9
Structureel saldo Perspectiefnota 2026
0,0
0,0
-1,3
-1,6
-1,1
Inzet surplus algemene reserve
Met bovenstaande structurele begrotingssaldi is er geen directe noodzaak tot het treffen van maatregelen op de korte termijn. Richting 2028 is er voldoende tijd om het huidige structurele tekort op te lossen. Daarbij blijven we met de VNG druk zetten op het Rijk om de kortingen die nog steeds bestaan, terug te draaien en gemeenten te compenseren voor de tekorten op de jeugdzorg. Daarnaast is de algemene reserve voldoende gevuld om een structureel tekort tijdelijk op te vangen. Hoewel de tekorten vanaf 2028 met de kennis van nu overkomelijk zijn, blijven we richting de Begroting 2027 terughoudend omgaan met nieuw beleid. Richting de begroting verwerken we het nieuwe coalitieakkoord. We onderzoeken ook de mogelijkheid om de bouwlegestarieven meer kostendekkend te maken. Daarbij kijken we naar het eventueel differentiëren van de tarieven. De Deskundigencommissie Hervormingsagenda Jeugd zal begin 2027 een uitspraak doen naar de haalbaarheid van de ingeboekte besparingsmogelijkheden door het Rijk. Het kabinet heeft bevestigd dat het advies zwaarwegend en maatgevend zal zijn. Het ligt daarmee voor de hand dat compensatie in de Voorjaarsnota 2027 zal volgen. De uitkomsten daarvan worden voor gemeenten vertaald in de meicirculaire 2027.
In de Perspectiefnota 2027 wegen we de beoogde OZB-stijging vanaf 2028 dan ook af en nemen bij die afweging ook mee of en op welke wijze tariefdifferentiatie wordt toegepast tussen woningen en niet woningen.
Pagina | 6| Perspectiefnota 2026
Structureel meerjarenperspectief Met het vaststellen van de Begroting 2026 heeft de raad de startpositie bepaald voor de meerjarenbegroting 2026-2030. Alle structurele mutaties ten opzichte van de huidige begroting geven we samenvattend weer in onderstaande tabel, met de verwijzing naar het thema waarin we de mutatie toelichten. In de kolom ‘omvang’ presenteren we per thema de totale omvang van het budget in de begroting 2026. Vervolgens nemen we onder de jaartallen 2026 t/m 2030 per jaarschijf de mutaties op t.o.v. de huidige begroting. 2)
Structureel perspectief (x € 1.000)
Omvang Hfst. Structureel perspectief
2026
Mutatie t.o.v. Begroting 2026 2026
2027
2028
2029
2030
Begrotingsresultaat 2026
729
623
-613
-582
510
Raadsbesluit kinderraad
-15
0
0
0
0
Actuele begroting 2026
714
623
-619
-582
510
-849
-55
292
37
408
0
-15
-58
-33
-16
979
200
172
168
101
-299
-357
-367
-377
-395
0
-177
-178
-179
-187
331
361
381
391
412
0
-69
-66
-63
-65
4.01
Meicirculaire
93.432
4.01
Prijscompensatie meicirculaire
4.02
BUIG
4.03
Jeugd hoeveelheidseffect
4.03
Jeugd prijseffect
4.04
WMO hoeveelheidseffect
4.04
WMO prijseffect
4.05
Gemeenschappelijke regelingen
55.586
-130
-72
-417
-486
-681
4.06
OZB-inkomsten
13.220
55
55
101
106
124
4.07
Klimaatmiddelen
0
0
0
0
0
4.08
Uitganspunten tarieven en leges
0
0
0
0
0
4.09
Kapitaallasten
96
35
34
27
23
4.10
Budgetruimte bestaand beleid
10
5
31
31
31
4.10
Uitzettingen bestaand beleid
-26
-553
-459
-465
-471
4.11
Prorap mei overige afwijkingen
-811
0
0
0
0
4.12
Inzet surplus algemene reserve
0
200
0
0
0
Saldo structureel bestaand beleid
70
180
-1.154
-1.425
-206
4.13
Nieuw beleid Perspectiefnota
-50
-146
-166
-166
-166
4.13
Nieuw beleid, stelpost IHP kapitaallasten
0
0
0
0
-750
Structureel saldo incl. nieuw beleid
20
34
-1.319
-1.591
-1.123
15.157 19.964
11.668
4.456
Uit bovenstaande tabel valt op te maken dat de jaarschijven 2026 en met 2027 structureel sluitend zijn, maar vanaf 2028 verwachten we een structureel begrotingstekort.
Pagina | 7| Perspectiefnota 2026
4.01 Meicirculaire Jaarlijks verschijnen meestal drie circulaires. Mei geeft de vertaling van de Voorjaarsnota van de rijksoverheid, september van de Miljoenennota en december rondt het uitkeringsjaar zoveel mogelijk af. Accres In de meicirculaire 2026 is een nieuwe raming voor het accres 2026 en verder opgenomen. Deze raming is gebaseerd op de actuele raming van de ontwikkeling van het Bruto Binnenlands Product (bbp) door het Centraal Planbureau (CPB; CEP 2026). Ten opzichte van de septembercirculaire is het accres positief bijgesteld vanwege loonen prijsontwikkelingen. BTW compensatiefonds Gemeenten kunnen op een groot deel van de gemeentelijke taken btw kosten terugvragen in het zogeheten BTW-compensatiefonds (BCF). Dit wordt betaald door alle gemeenten vanuit een korting op het gemeentefonds. Het BTW-compensatiefonds (BCF) heeft een plafond. Blijven we met alle gemeenten samen onder dat plafond, dan wordt het gemeentefonds daar mee aangevuld. Gemeenten zijn in 2025 € 215 miljoen onder dit plafond gebleven. In de septembercirculaire 2025 werd hier door het Rijk al een voorschot van € 428 miljoen op uitbetaald. De definitieve afrekening BCF bedraagt daarmee nu € 213 miljoen lager. Dit bedrag wordt in 2026 incidenteel onttrokken aan het gemeentefonds. Structureel houden we hierdoor ook rekening met een lagere jaarlijkse afrekening van € 100k.
Korting op WOZ-waarden We zien in deze algemene uitkering een behoorlijke korting op de algemene uitkering in verband met de gestegen WOZ-waarden in Wijchen. In Wijchen zijn de woningen gemiddeld met 15% in waarde gestegen, meer dan gemiddeld in Nederland. Het Rijk stelt dat gemeenten met hoge WOZ waarden in staat zijn om meer inkomsten te genereren uit de OZB en kort daarmee de algemene uitkering. Ondanks de accresstijging waarmee het gemeentefonds op totaalniveau voor Nederland toeneemt, is hierdoor de stijging van het vrij besteedbare saldo van het gemeentefonds de komende jaren beperkt voor Wijchen. Taakmutaties In de circulaire zijn diverse taakmutaties opgenomen. Dit houdt in dat het Rijk voor specifieke taken meer, of minder geld beschikbaar stelt. In onderstaande tabel laten we zien welke onderwerpen dit betreft. De bedragen voegen we toe aan de budgetten. 3)
Verloop Algemene Uitkering (x € 1.000)
Stand septembercirculaire 2025 Stand meicirculaire 2026 Saldo Taakmutaties Uitstel vervanging abonnementstarief Wmo Huishoudelijke hulp uit Wmo Vangnet m.b.t. huishoudelijke hulp Kinderopvang pleegouders Wet handhaving sociale zekerheid Alleenverdienersproblematiek IBO Problematische schulden Aanvullende ondersteuning lokale energiehulp Re-integratiedienstverlening gericht op jongeren Ondersteuning lokale politieke partijen
Pagina | 8| Perspectiefnota 2026
2026 93.367 92.732 -635
2027 94.784 96.555 1.772
2028 94.896 95.086 190
2029 98.433 95.977 -2.456
2030 102.494 100.292 -2.202
0 0 0 -24 -12 -46 -40
-507 0 0 -25 -3 0 0
0 0 0 0 -3 0 0
0 3.283 -980 0 -4 0 0
0 3.437 -1.026 0 -4 0 0
-38
0
0
0
0
-20 -17
-20 0
-20 0
-20 0
-25 0
2026 Compensatie decentrale overheden klimaat- en energiebeleid (CDOKE) Gemeentelijke antidiscriminatie voorzieningen Participatie – nieuw beschut werk Armoedebestrijding kinderen Totaal taakmutaties Mutatie gemeentefonds vrij besteedbaar Indexatie budgetten conform meicirculaire 2026 Mutatie vrij besteedbaar na indexering kostenkant
2027
2028
2029
2030
0
-1.327
0
0
0
0 -17 0 -214
-6 70 -9 -1.827
0 134 -9 102
0 223 -9 2.493
0 237 -9 2.610
-849
-55
292
37
408
0
-15
-58
-33
-16
-849
-70
234
4
392
Toelichting op de taakmutaties Abonnementstarief WMO De afschaffing van het abonnementstarief wordt met een jaar uitgesteld naar 2028. Voor het jaar 2027 wordt hiervoor € 225 miljoen toegevoegd aan het gemeentefonds. We gingen ervan uit dat dit besparingen zou opleveren. Hiervoor hadden we gelijk aan de uitname uit het gemeentefonds de lasten verlaagd. Voor 2027 verhogen we nu weer de lasten. Huishoudelijke hulp Vanaf 2029 wordt huishoudelijke hulp als maatwerkvoorziening geschrapt binnen de Wmo, waarvoor € 1,4 miljard aan het gemeentefonds wordt onttrokken. Concreet moet er nog uitgewerkt gaan worden welke gevolgen dit heeft voor onze uitvoering. We gaan er op voorhand vanuit dat we de kosten met hetzelfde bedrag kunnen verlagen als waarmee de algemene uitkering nu wordt gekort. Huishoudelijke hulp, Vangnetregeling Tegelijk wordt € 430 miljoen toegevoegd als vangnet voor mensen die deze hulp niet zelf kunnen regelen. Per saldo is sprake van een korting van € 1 miljard op de huishoudelijke hulp. Voor Wijchen gaan we uit van een budgettair neutraal effect. De lasten Huishoudelijke hulp zullen dalen, maar de vergoedingen in de bijzondere bijstand gaan vermoedelijk omhoog.
Kinderopvang pleegouders Bij Voorjaarsnota 2025 is door de Rijksoverheid extra geld beschikbaar gesteld als bijdrage voor de kosten die pleegouders maken voor kinderopvang en buitenschoolse opvang van hun pleegkinderen. Deze bijdrage is bedoeld voor alle pleegouders die gebruik maken van (vormen van formele) kinderopvang en buitenschoolse opvang (bso), ook in het vrijwillig kader. Pleegouders betalen nu een eigen bijdrage in de kosten van kinderopvang en buitenschoolse opvang; dit zijn kosten die overblijven na het ontvangen van de eventuele kinderopvangtoeslag. Gemeenten en pleegzorgaanbieders spreken met elkaar af hoe pleegouders aanspraak kunnen maken op deze bijdrage. Wet handhaving sociale zekerheid Het wetsvoorstel handhaving sociale zekerheid treedt per 1 januari 2027 in werking. De uitvoeringsconsequenties voor gemeenten zijn inzichtelijk gemaakt met twee artikel 2onderzoeken. Het ene onderzoek richtte zich op nieuwe of gewijzigde taken in het wetsvoorstel handhaving sociale zekerheid en onderliggende besluiten. Het andere onderzoek richtte zich specifiek op wijzigingen voor het (tussentijdse)
Pagina | 9| Perspectiefnota 2026
maatregelenbesluit. Mede op basis van de uitkomsten van deze onderzoeken ontvangen gemeenten een bijdrage in de uitvoeringskosten van het wetsvoorstel handhaving sociale zekerheid. Het betreft een incidentele bijdrage voor 2026 van € 6,6 miljoen en een structurele jaarlijkse bijdrage van € 1,8 miljoen vanaf 2027. Alleenverdienersproblematiek Op basis van de wet tijdelijke regeling alleenverdienersproblematiek verstrekken gemeenten in de periode 2025-2027 een vaste tegemoetkoming aan alleenverdienershuishoudens die door een ongunstige samenloop van regelingen te weinig toeslagen ontvangen en hierdoor een inkomen onder het bestaansminimum hebben. IBO Problematische schulden Het kabinet voert een pakket aan maatregelen in om problematische schulden aan te pakken. Aanvullende ondersteuning lokale energiehulp Het beoogde doel van deze uitkering is om gemeenten de mogelijkheid te bieden om de bestaande lokale aanpak van energiearmoede te intensiveren. Om gemeenten te helpen, hebben het ministerie van SZW, de Stichting Tijdelijk Noodfonds Energie (TNE) en de VNG samengewerkt aan een portaal dat op een zorgvuldige en veilige wijze contactgegevens van aanvragers bij het TNE, die hiervoor toestemming hebben gegeven, beschikbaar stelt aan gemeenten.
In combinatie met de ontvangen data maakt dit het mogelijk huishoudens met een hoge energierekening en een laag inkomen gericht te benaderen, passende ondersteuning te bieden en daarbij gebruik te maken van het bestaande lokale hulpaanbod. Re-integratiedienstverlening gericht op jongeren Er wordt structureel extra budget beschikbaar gesteld gericht op de arbeidsinschakeling van jongeren tot 27 jaar. Het gaat om middelen voor individuele gemeenten voor het ondersteunen van jongeren bij of gericht op arbeidsinschakeling. Ondersteuning lokale politieke partijen Op de huidige begroting van het ministerie van BZK is € 8,2 miljoen in 2026 beschikbaar voor de subsidiëring van decentrale politieke partijen. Dit is onderdeel van het wetsvoorstel Wet op de politieke partijen (Wpp). Omdat deze wet nog niet in werking is getreden, ontbreekt momenteel de vereiste wettelijke grondslag om deze middelen uit te keren. De leden Clemminck – Tijs van der Brink hebben een amendement op de Ontwerpbegroting 2026 ingediend aangaande ondersteuning lokale politieke partijen. Dit amendement betreft een incidentele overboeking van de begroting van BZK naar het gemeentefonds van € 5,5 miljoen in 2026.
Met verstrekking van deze middelen aan gemeenten middels een decentralisatie-uitkering, worden gemeenten in de gelegenheid gesteld om politieke partijen die een zetel hebben in de gemeenteraad te ondersteunen. De verdeling van deze middelen is gebaseerd op het totaal aantal zetels in de gemeenteraad maal het bedrag per zetel. Het bedrag per zetel is afhankelijk van het inwoneraantal van de gemeente. Compensatie decentrale overheden klimaat- en energiebeleid (CDOKE) Voor 2027 is geld beschikbaar gesteld aan gemeenten om uitvoering te kunnen geven aan hun taken op het gebied van klimaat- en energiebeleid. Wij gaan er nog altijd vanuit dat deze middelen structureel aan het gemeentefonds worden toegekend. Gemeentelijke antidiscriminatievoorzieningen Gemeenten en hun antidiscriminatievoorzieningen (ADV’s) werken samen als het gaat om de preventie van discriminatie op lokaal niveau. Voor de kerntaken van de ADV’s krijgen gemeenten sinds 2009 structureel geld via de algemene uitkering van het
Pagina | 10| Perspectiefnota 2026
gemeentefonds. Gemeenten krijgen in 2027 (net als in 2024, 2025 en 2026) middelen om méér aan preventie te kunnen doen. Participatie De omvang van de integratie-uitkering participatie wijzigt als gevolg van toekenning van loon- en prijsbijstelling 2026. Verder is de verdeling van de Rijksbijdrage beschut werk geactualiseerd. Dit heeft beperkte invloed op onze bijdragen hiervoor. De verdeling van de Rijksbijdrage op de WSW-middelen vanaf 2026 is eveneens geactualiseerd, gebaseerd op de gerealiseerde omvang van de sociale werkplaatspopulatie in 2025 Armoedebestrijding kinderen Er is structureel geld beschikbaar gesteld voor de bestrijding van de gevolgen van armoede onder kinderen. 4.02 BUIG De wet BUIG bestaat uit een aantal regelingen, waarvan de bijstand (uitkeringen participatiewet) het grootste deel beslaat. Hiervoor ontvangen we van het rijk het budget BUIG. Dit budget wordt berekend via een objectief verdeelmodel. Het rijk hanteert het uitgangspunt dat voor alle gemeenten samen een toereikend macrobudget wordt vastgesteld. Voor deze begroting gaan we uit van het laatst bekende macrobudget en verhogen dat meerjarig met dezelfde groei die we inschatten voor de aantallen cliënten aan de kostenkant. We gaan er ook vanuit dat de mutatie en 2,5% indexering van de uitkeringen vertaald worden in een evenredige stijging van de Rijksuitkering. 4)
Aantallen bijstandsontvangers
Stand 1 januari Reguliere in/uitstroom Stand 31 december
2026 746 10 756
2027 756 10 766
2028 766 10 776
2029 776 10 786
2030 786 10 796
We zijn gestart in 2026 met 746 bijstandsgerechtigden. In het eerste kwartaal is er een daling in het bestand opgetreden. De middellange termijn prognose kent veel onzekerheden door nationale en internationale onzekerheden. Hierdoor houden we vooralsnog vast aan de verwachting van een lichte groei van het bijstandsvolume. Daarnaast stijgen de gemiddelde kosten per bijstandsgerechtigde door indexering. 5)
Resultaat BUIG, exclusief effect gemeentefonds.
x € 1.000
2026
2027
2028
2029
2030
Begrotingssaldo BUIG actueel
-1.302
-1.328
-1.359
-1.416
-1.416
Opbrengsten BUIG Perspectiefnota
13.389
13.902
14.432
14.980
15.546
Kosten BUIG Perspectiefnota
15.157
15.800
16.412
17.042
17.695
Saldo BUIG Perspectiefnota
-1.769
-1.898
-1.980
-2.062
-2.148
1.446
770
793
814
833
-323
-1.129
-1.186
-1.248
-1.315
979
200
172
168
101
Vangnetuitkering (verantwoording T+1) Saldo Perspectiefnota Mutatie Structureel t.o.v. Begroting
In het begin van oktober maakt het ministerie de definitieve hoogte van de BUIG uitkering 2026 en het voorlopige budget 2027 aan gemeenten bekend. Met de voorliggende tekorten op de regeling komen we in aanmerking voor een uitgebreid Vangnetuitkering. Met de Vangnetuitkering worden gemeenten
Pagina | 11| Perspectiefnota 2026
gecompenseerd, wanneer zij niet uitkomen met het Rijksbudget. Bij een uitgebreid vangnet wordt het als volgt gecompenseerd: De eerste 5% ten opzichte van het rijksbudget is voor rekening van de gemeente. Het tekort tussen de 5% en 10% wordt voor 50% gecompenseerd en het tekort boven de 10% wordt volledig gecompenseerd. We hebben in bovenstaande tabel een berekening gemaakt van de verwachte hoogte van de Vangnetuitkering. De uitkering ontvangen we een jaar nadat het tekort optreedt. Hierdoor is het vangnet in 2026 is hoger dan vanaf 2027, omdat het tekort in 2025 relatief hoger was. 4.03 Jeugd Dit thema behandelt het geactualiseerd meerjarenperspectief van het onderdeel Jeugd in de begroting 2026 van de gemeente Wijchen. Dit geactualiseerde meerjarenperspectief vloeit voort uit de Nulmeting 2026. Grip en sturing Met de jaarlijkse Nulmeting verkrijgen we vroegtijdig integraal inzicht in de actuele zorgpopulatie, te verwachten trends in zorggebruik en de daaraan gerelateerde kosten. Naast de duiding van het jaarbeeld 2025, nemen we hier ook de definitieve tarieven 2026 in mee, maken we cliënt- specifieke prognoses en verdiepende analyses. Middels de Programmarapportage mei 2026, het monitorverslag en de informatieavond Jeugd en WMO in juni nemen wij u mee in de resultaten van de Nulmeting 2026 en het effect hiervan op de budgetten.
Door het periodiek monitoren en analyseren van het zorggebruik hebben we grip. Doordat we de gebruikersvragen kennen, kunnen we een passend vrij toegankelijk aanbod beschikbaar hebben of ontwikkelen. Waar mogelijk verminderen of voorkomen we de vraag naar individueel maatwerk. Op deze wijze beïnvloeden we het zorggebruik. Beinvloedbaarheid zorggebruik Er is een onderscheid tussen te beïnvloeden zorggebruik en zorggebruik waar we als gemeente nauwelijks tot geen invloed op hebben. De categorieën zorg waar de beïnvloedingsmogelijkheden van de gemeente minimaal zijn, betreft met name jeugdhulp met verblijf, landelijke transitie arrangementen en opgelegde zorg. In deze categorieën zorgt een kleine groep jeugdigen met zware zorg voor een relatief groot deel van de totale kosten van Jeugd. Geactualiseerd meerjarenperspectief In onderstaande tabel ziet u de totaalbudgetten 2026 en de meerjarige bijstelling van de Jeugd- budgetten (bedragen x € 1.000): Jeugd x € 1.000 Dagbehandeling Verblijf Ambulant GGZ zorg Bescherming/reclassering PGB Overig Totaal
2026 primitief 2026 begroot Actualisatie Mutatie 2026 Mutatie 2027 Mutatie 2028 Mutatie 2029 Mutatie 2030 1.314 1.295 19 7 7 8 8 5.164 5.707 -544 -383 -392 -400 -409 6.077 5.954 123 -209 -213 -221 -238 4.005 4.009 -4 -42 -43 -40 -42 1.330 1.242 88 79 81 83 84 162 162 0 -2 -2 -2 -2 1.912 1.895 18 14 15 16 16 19.964 20.263 -299 -534 -545 -555 -582 Waarvan hoeveelheidseffect Waarvan prijseffect Totaal
-299 0 -299
-357 -177 -534
-367 -178 -545
-377 -179 -555
-395 -187 -582
Op totaalniveau betreft dit een structurele negatieve bijstelling vanaf 2026, hoofdzakelijk veroorzaakt door het hoeveelheidseffect bij de categorieën verblijf en ambulant. Dit lichten we verderop in dit thema toe. Daarnaast zien we vanaf 2027 een prijseffect. Het
Pagina | 12| Perspectiefnota 2026
verwachte regionale indexpercentage 2027 ad +3,59% is hoger dan het indexpercentage waar in de primitieve begroting 2026 mee is gerekend. Het verwachte negatieve resultaat 2026 egaliseren we via de programmarapportage mei 2026 met de reserve Jeugd. Deze reserve is bedoeld voor het egaliseren van (verwachte) jaarresultaten Jeugd. Meerjarenperspectief per categorie In het thema Jeugd van de Programmarapportage mei 2026 en het eerste monitorverslag van 2026 is per onderdeel uitvoerig toegelicht hoe het zorggebruik zich in 2026 ontwikkelt en wat het effect daarvan is op de kosten. In deze paragraaf zoomen we nog even extra in op het meerjarig beeld. Verblijf Bij jeugdhulp met verblijf zien we in 2026 een groter financieel nadeel. Dit komt vooral door de inzet van zeer specialistische zorg voor één jeugdige. Deze zorg stopt naar verwachting halverwege 2026, omdat deze jeugdige overgaat naar de Wet langdurige zorg (Wlz). Daarnaast zorgen ook andere ontwikkelingen voor hogere kosten, zowel in 2026 als in de jaren daarna. Het gaat om de oorzaken die genoemd zijn in de Prorap mei: de duurdere verblijfsproducten, het effect van de essentiële functies en nieuwe instroom. Een deel van deze nieuwe instroom komt door een verschuiving vanuit de Landelijke Transitie Arrangementen (LTA). Ambulant Bij ambulante jeugdhulp zien we vanaf 2027 een financieel nadeel.
Dit komt door de nieuwe begeleidingsproducten die sinds 2025 worden ingezet en nog niet waren opgenomen in de begroting. Het gaat om 1-op-1 begeleiding die aanvullend wordt ingezet naast verblijf. Bij reguliere en specialistische begeleiding zien we juist een afbouw in de komende jaren. Vanuit de Hervormingsagenda gaat het sociaal team een deel van de begeleiding zelf bieden. Hierdoor verwachten we minder inzet van reguliere en specialistische begeleiding door zorgaanbieders. GGZ Bij GGZ zien we meerjarig zelfde ontwikkeling als in 2026. Verder geen bijzonderheden te melden. Bescherming / Reclassering Bij GGZ zien we meerjarig zelfde ontwikkeling als in 2026. Verder geen bijzonderheden te melden. Inhoudelijke ontwikkelingen - Regionale Winstwaarschuwing kostenstijging Jeugd vanaf 2025 wordt concreet. In de begroting 2025 kondigden we in de vorm van een winstwaarschuwing al aan dat de kosten van de jeugdzorg zouden blijven stijgen. We zien nu deze winstwaarschuwing verder concreet worden in de vorm van verschuiving naar en instroom in de duurdere zorgvormen (verblijf) van de essentiële functies. - Beheers en verbetermaatregelen: Lokale aanpak Hervormingsagenda. We wilden in 2026 beginnen met het inzetten van (basis)hulp binnen het Sociaal Team. Er moeten nog een paar bestuurlijke keuzes worden gemaakt, onder andere over de juridische inrichting van de Sociaal Teams.
Bij de begroting 2027 komen we met een meerjarige financiële prognose Taakstellingen vanuit het Rijk: via de meicirculaire 2025 zijn besparingen vanuit het Rijk opgelegd aan gemeenten als onderdeel van de landelijke hervormingsagenda Jeugd. Het gaat hier om het invoeren van een eigen bijdrage in de jeugdzorg en het sturen op
Pagina | 13| Perspectiefnota 2026
trajectduur. Dit is (in lijn met begrotingsrichtlijnen van de provincie) als taakstelling reeds in de begroting 2025 opgenomen vanaf jaarschijf 2028. 4.04 WMO Dit thema behandelt het geactualiseerd meerjarenperspectief van het onderdeel WMO in de begroting 2026 van de gemeente Wijchen. Dit geactualiseerde meerjarenperspectief vloeit voort uit de Nulmeting 2026. Grip en sturing Met de jaarlijkse Nulmeting verkrijgen we vroegtijdig integraal inzicht in de actuele zorgpopulatie, te verwachten trends in zorggebruik en de daaraan gerelateerde kosten. Naast de duiding van het jaarbeeld 2025, nemen we hier ook de definitieve tarieven 2026 in mee en maken we verdiepende analyses. Middels de Programmarapportage mei 2026, het monitorverslag en de informatieavond Sociaal Domein in juni nemen wij u mee in de resultaten van de Nulmeting 2026 en het effect hiervan op de budgetten. Door het periodiek monitoren en analyseren van het zorggebruik hebben we grip. Doordat we de gebruikersvragen kennen, kunnen we een passend vrij toegankelijk aanbod beschikbaar hebben of ontwikkelen. Waar mogelijk verminderen of voorkomen we de vraag naar individueel maatwerk. Op deze wijze beïnvloeden we het zorggebruik. Beinvloedbaarheid zorggebruik Er is een onderscheid tussen te beïnvloeden zorggebruik en zorggebruik waar we als gemeente nauwelijks tot geen invloed op hebben.
Bij WMO zien we dat er sprake is van vergrijzing, langer thuis blijven wonen, verscherping van toetsing op WLZ-toegang en de aanzuigende werking van het abonnementstarief. Op deze onderdelen hebben we geen invloed op het aantal zorggebruikers, maar kunnen we wel sturen op de juiste grondslag en doorverwijzen naar de Wet langdurige zorg (WLZ) als dit voorliggend is. Geactualiseerd meerjarenperspectief In onderstaande tabel ziet u de totaalbudgetten 2026 en de meerjarige bijstelling van de WMO- budgetten (bedragen x € 1.000): WMO x € 1.000 Huishoudelijke hulp Begeleiding Hulpmiddelen Dagbesteding Woonvoorzieningen PGB Overig Stelpost Eigen bijdragen Totaal
2026 primitief 2026 begroot Actualisatie Mutatie 2026 Mutatie 2027 Mutatie 2028 Mutatie 2029 Mutatie 2030 4.969 4.619 351 382 404 415 434 3.441 3.441 0 -35 -36 -37 -38 1.155 1.155 0 -11 -11 -12 -12 977 997 -20 -36 -33 -29 -29 432 432 0 -4 -4 -4 -5 414 414 0 -4 -4 -4 -4 63 63 0 0 0 0 0 217 217 0 0 0 0 0 11.668 11.337 331 292 314 328 347 Waarvan hoeveelheidseffect Waarvan prijseffect Totaal
331 0 331
361 -69 292
381 -66 314
391 -63 328
412 -65 347
Op totaalniveau betreft dit een positieve bijstelling vanaf 2026, hoofdzakelijk veroorzaakt door het hoeveelheidseffect bij huishoudelijke hulp. Daarnaast zien we vanaf 2027 een prijseffect. Het verwachte regionale indexpercentage 2027 ad +3,59% is hoger dan het indexpercentage waar in de primitieve begroting 2026 mee is gerekend. Het verwachte positieve resultaat 2026 egaliseren we normaliter met de reserve WMO, bedoeld voor het egaliseren van (verwachte) jaarresultaten WMO. Omdat deze reserve al aan het maximale plafond zit, valt het resultaat via de programmarapportage mei 2026 vrij in de algemene middelen.
Pagina | 14| Perspectiefnota 2026
Meerjarenperspectief per categorie In het thema WMO van de Programmarapportage mei 2026 en het monitorverslag van 2026 is per onderdeel uitvoerig toegelicht hoe het zorggebruik zich in 2026 ontwikkelt en wat het effect daarvan is op de kosten. In deze paragraaf zoomen we nog even extra in op het meerjarig beeld. Huishoudelijke hulp Bij huishoudelijke hulp zagen wij in de eerste helft van 2025, geheel tegen de verwachting in, het aantal klanten licht dalen. Dit werd met name veroorzaakt door een verhoogde uitstroom. Verder is er nog steeds sprake van arbeidskrapte waardoor indicaties niet meteen of volledig verzilverd worden. Met onze aanbieders maken we afspraken over de wijze waarop de beschikbare hulpen zo efficiënt mogelijk ingezet kunnen worden. De verwachte groei in uren is in 2025 door deze omstandigheden uitgebleven. In de meerjarige begroting zijn we uitgegaan van een jaarlijkse groei van de in te zetten uren. De ontwikkeling geeft aanleiding tot het neerwaarts bijstellen van de raming. Dit leidt tot een meerjarig voordeel. Dagbesteding Binnen de dagbesteding voor ouderen is sprake van een toename van het gebruik en van een verschuiving van de basis dagbesteding naar de specialistische dagbesteding.
Dit hangt samen met het langer zelfstandig thuis wonen van ouderen en de aangescherpte toegang tot de Wet langdurige zorg, waardoor cliënten met een zwaardere ondersteuningsbehoefte langer binnen de Wmo blijven. Deze ontwikkeling leidt tot een opwaartse druk op de kosten. Inhoudelijke ontwikkelingen - Uitgestelde invoering inkomensafhankelijke bijdrage (naar 2028) Een ontwikkeling die in het meerjarenperspectief een effect gaat hebben is de aangekondigde invoering van een inkomens- en vermogensafhankelijke eigen bijdrage WMO. Deze is wederom met een jaar uitgesteld, naar 2028. Zodra concreet wordt wat dit voor Wijchen betekent en hoe dit zich verhoudt tot de reeds opgenomen stelposten in dit kader, informeren we de raad en actualiseren we de cijfers. - Het kabinet heeft in het coalitieakkoord “Aan de slag” het voornemen uitgesproken om hulp bij het huishouden vanaf 2029 niet langer als maatwerkvoorziening binnen de Wmo aan te merken. Mensen die dat kunnen, zullen in de toekomst zelf moeten betalen voor hun huishoudelijke hulp. Dit voornemen kan op termijn gevolgen hebben voor de wijze waarop deze ondersteuning wordt ingericht en gefinancierd. Vooralsnog betreft het een beleidsvoornemen; nadere uitwerking en besluitvorming moeten nog plaatsvinden. De ontwikkelingen worden gevolgd en waar nodig betrokken bij de verdere beleids- en financiële ramingen.
4.05 Gemeenschappelijke regelingen In onderstaande tabel is de impact van de ingediende Begrotingen 2027 en begrotingswijzigingen 2026 van de gemeenschappelijke regelingen in beeld gebracht. De impact is gebaseerd op de ontwerpbegroting en de zienswijze hierop, zoals het college die heeft vastgesteld. De beslisnota’s over de zienswijzen worden in juni 2026 in de raad behandeld. Voor de toelichting op onderstaande mutaties verwijzen we naar de betreffende stukken.
Pagina | 15| Perspectiefnota 2026
7)
Tabel: Totaalbeeld gemeenschappelijke regelingen conform gemeentelijke zienswijze.
x € 1.000 Mutatie MGR Werkbedrijf Mutatie IRvN Mutatie ODGM Mutatie GGD GGD ontvlechting bedrijfsvoeringstaken VRGZ Mutatie VRGZ Mutatie MARN Mutatie BVO DRAN Mutatie Groene Metropoolregio Mutatie WDW zienswijze Mutatie GR Munitax / BSR Mutatie IBO Totaal mutatie GR’en structureel
2026
2027
2028
2029
2030
373 0 0 0
344 -124 0 0
100 -124 0 0
143 -124 0 0
159 -124 0 0
Pm
Pm
Pm
Pm
Pm
-59 252 -21 5 -680 0 0
-213 0 127 0 -206 0 0
-329 0 142 7 -213 0 0
-278 0 163 15 -405 0 0
-354 0 28 4 -394 0 0
-130
-72
-417
-486
-681
MGR Werkbedrijf Vooral vanwege het ingroeipad van de herverdeling van de toerekening van kosten vanuit de MGR naar de gemeenten, zien we een voordeel in de eerste jaren terug. Bij deze bedragen hebben we de mutatie in loonkostensubsidie gecorrigeerd, omdat de mutatie hierop al in het saldo van BUIG in paragraaf 4.02 is meegenomen. Daarom wijken deze bedragen af van de bedragen in de beslisnota t.a.v. de zienswijze op de begroting van de MGR. IRvN De kostenverhoging van de IRvN is vrijwel volledig toe te schrijven aan het nieuwe MDM beleid. Met het regionaal Mobile Device Management (MDM)-beleid regelen we wat gebruikers met zakelijke apparatuur mogen doen en welke zakelijke toepassingen vanaf privé apparatuur zijn toegestaan. Dit is een regionaal ingestoken beleidsplan, waarmee we de digitale veiligheid vergroten en voldoen aan de regelgeving omtrent cyberbeveiliging. ODGM Vanaf 1 januari 2026 is de Omgevingsdienst Groene Metropool van start gegaan. De ODGM heeft uitstel gevraagd voor het indienen van haar begroting. Eventuele financiële effecten voor Wijchen nemen we in een later stadium op. GGD De incidentele frictiekosten en structurele meerkosten voor de ontvlechting van de bedrijfsvoering met de VRGZ volgen op een later moment en zijn nog niet financieel vertaald in de Ontwerpbegroting 2027.
Indicatief zijn deze kosten voor Wijchen ruim een ton incidenteel en zo'n € 50.000 structureel. We wachten de begrotingswijziging vanuit de GGD af in de loop van 2026. De ingediende meerjarenbegroting 2027 van de GGD past binnen de bestaande budgetten. VRGZ De conceptbegroting 2027 laat een aanzienlijke stijging van de lasten zien ten opzichte van 2026. De totale lasten nemen toe van circa € 106,5 miljoen in 2026 naar €116,9 miljoen in 2027 (+ €10,4 miljoen, circa +9,8%). Deze stijging wordt met name veroorzaakt door autonome kostenontwikkelingen, inflatie en intensivering van taken, waaronder binnen crisis- en rampenbestrijding. De batenontwikkeling blijft hierbij achter en is deels onzeker. De aanvullende rijksmiddelen voor weerbaarheid zijn onvoldoende om de stijgende lasten en eerdere kortingen volledig te compenseren. Hierdoor ontstaat een structureel financieel spanningsveld. Voor de gemeente Wijchen betekent dit een oplopende financiële bijdrage aan de VRGZ.
Pagina | 16| Perspectiefnota 2026
DRAN Er is sprake van een financieel voordeel de komende jaren. Er is een voordeel op het routevervoer en een verwachte toename van kosten van het vraagafhankelijk vervoer. Voor de raming van het vervoer wordt uitgegaan van een jaarlijkse toename van het jeugdvervoer van 15%, het leerlingenvervoer van 5% en het vraagafhankelijk vervoer van 5%. Dit cumuleert per jaar. Per jaar blijven we volgen of deze raming ook realistisch is. Mogelijk is de toename van het routevervoer aan de hoge kant en kan het omlaag worden bijgesteld. Het voordeel van 2026 houden we vooralsnog achter de hand i.v.m. ontwikkeling van de brandstofprijzen. We monitoren dit en we komen hier in de programmarapportage van November op terug. WDW De begroting 2027 van de WDW is op bestaand beleid opgebouwd en stijgt over het geheel genomen met € 159k ten opzichte van de jaarschijf 2027 uit de meerjarenbegroting 2026 van de WDW. Bij de actualisatie van de budgetten zijn indexaties, structurele afwijkingen uit de jaarrekeningen en autonome ontwikkelingen op bestaand beleid meegenomen. Verder stijgt de bijdrage aan de WDW vanwege indexatie, wat we jaarlijks blijven monitoren op basis van feitelijk afspraken zoals de cao. Munitax / BSR Munitax voert dit jaar voor het laatste onze belastingoplegging uit.
De oplegging 2026 is conform planning uitgevoerd en de ingediende bezwaren zijn in aantal beduidend lager dan voorgaande jaren. De verwachting is dat Munitax de afhandeling van bezwaarschriften dit jaar af kan ronden. Ondertussen wordt bij de BSR de implementatie voorbereid om vanaf 2027 de belastingoplegging voor Wijchen (en de overige aangesloten gemeenten bij Munitax) uit te voeren. Voor de kosten van de implementatie is in de Begroting 2026 een reserve gevormd. Op dit moment verloopt het proces op schema. 4.06 OZB-inkomsten In deze nota gaan we uit van de opgelegde belastingaanslag in 2026. De opbrengsten OZB worden jaarlijks gecorrigeerd met de bijgestelde prijscompensatie en we nemen een toename van jaarlijks 260 woningen mee, wat per jaar zo’n € 90k extra oplevert aan belastinginkomsten. We gaan verder uit van de index percentages uit de meicirculaire. Voor woningen en niet woningen (gebruikers en eigenaren) gelden gedifferentieerde tarieven. De verhouding tussen de tarieven woningen en niet-woningen is ongewijzigd. Richting de Begroting 2028 maken we een afweging of en op welke wijze we de huidige verhouding in de gewenste opbrengsten OZB woningen / niet woningen willen aanpassen. 8)
Meerjarenperspectief inkomsten OZB.
x € 1.000
index %
Totaal Begroting 2026 Basis 2026 (opgaaf Munitax) Opbrengst OZB door Toename woningen Index 2027 Extra verhoging 2028 Index 2028 Index 2029 Index 2030 Perspectiefnota
2026
2027
2028
2029
2030
13.220
13.644
15.124
15.604
16.100
13.275
13.275
13.275
13.275
13.275
92
193
297
403
332
332 1.028 397
332 1.028 397 381
13.275
13.699
15.225
15.710
332 1.028 397 381 408 16.224
55
55
101
106
124
2,50% 7,50% 2,90% 2,50% 2,60%
Mutatie
Pagina | 17| Perspectiefnota 2026
De mutatie leidt tot een voordeel voor het meerjarenperspectief. In bovenstaande cijfers hebben we, conform hetgeen door de gemeenteraad bij de vaststelling van de begroting 2026 is besloten, rekening gehouden met de beoogde extra OZB-verhoging vanaf 2028 van 7,5%. 4.07 Klimaatmiddelen De uitvoering van ons energiebeleid wordt gefinancierd vanuit de gemeentelijke programmagelden duurzaamheid en de regeling voor capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE). De gemeente heeft voor 2026 en verder jaarlijks circa € 130.000 gereserveerd voor het programma Duurzaamheid. Daarnaast ontvangen we jaarlijks zo'n € 950.000 via de tijdelijke regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaat- energiebeleid (CDOKE). Voor de periode tot en met 2030 heeft de minister aangegeven dat gemeenten in ieder geval kunnen rekenen op het bedrag dat zij ook in 2025 in de basisfinanciering hebben ontvangen (circa € 950.000). Ook hebben we (31 december 2025) nog € 1.300.759 CDOKE-gelden op de balans staan van voorgaande jaren, die we nog niet hebben besteed. Als we die resterende middelen over de komende jaren verdelen, leidt dit tot onderstaande middelen voor komende jaren: 10) Beschikbare middelen Klimaat
2027 € 130.261
2028 € 133.261
2029 € 136.218
2030 € 124.701
€ 950.000
€ 950.000
€ 950.000
€ 950.000
€ 263.233
€ 263.233
€ 263.233
€ 263.233
€ 1.343.494
€ 1.356.494
€ 1.349.451
€ 1.337.394
2027 € 800.494
2028 € 826.494
2029 € 819.451
2030 € 807.394
Duurzame elektriciteit
€ 43.000
€ 30.000
€ 30.000
€ 30.000
Duurzame warmte
€ 200.000
€ 200.000
€ 200.000
€ 200.000
Ontzorging totaal inclusief resultaat CDOKE t/m 2025
€ 300.000
€ 300.000
€ 300.000
€ 300.000
€ 1.343.494
€ 1.356.494
€ 1.349.451
€ 1.337.394
Programmagelden Klimaatakkoord gelden (CDOKE) inschatting CDOKE gelden restant 2024, 2025 totaal inclusief resultaat CDOKE t/m 2025
11) Begroting Klimaatmiddelen Energietransitie - overkoepelend
Het betreft hier alleen de structurele klimaatmiddelen, de incidentele middelen vanuit het Rijk zoals de SPUK-energiearmoede en de SPUK voor Lokale Aanpak Isolatie zijn hier niet in verwerkt.
Pagina | 18| Perspectiefnota 2026
4.08
Uitgangspunten tarieven en leges
Reinigingsheffing “De vervuiler betaalt” is een belangrijk uitgangspunt van ons huidige beleid. Hieraan willen we graag vasthouden. De raad is gevraagd om te kijken naar deze en andere uitgangspunten voor de komende jaren. Het Diftar-systeem zetten we voor 2027 voort, waarbij we de huidige grondslagen van de tarieven in stand houden. Dit betekent dat de systematiek van toerekenen van kosten naar vaste en variabele heffing gehandhaafd blijft, evenals het uitgangspunt van 100% kostendekkendheid. Dar heeft aangegeven dat de financiële uitgangspunten waaronder het indexatiebeleid van de afgelopen 12 jaar heeft geleid tot scheefgroei tussen hun kosten en opbrengsten. De afgelopen 2 jaar heeft DAR samen met haar opdrachtgevers en aandeelhouders het financiële beleid onder de loep genomen om het toekomstbestendig te maken. Dit heeft geleid tot herverdeeleffecten en inhaaleffect op de indexering van 3%. Daarnaast gaan we de tariefstelling van de woonzorgcomplexen evalueren. Alleen de wooneenheden in de complexen die aangewezen zijn door het college betalen een vast bedrag voor het aanbieden van hun restafval. Deze regeling is nooit herzien of gewijzigd de afgelopen jaren. Eventueel gewenste aanpassingen kunnen doorgevoerd worden voor vaststelling van de tarieven. We zullen hier bij de begroting op terug komen.
Rioolheffing De rioolheffing wordt geheven ter dekking van de kosten voor water er riolering. De Raad heeft besloten om de rioolheffing 100% kostendekkend te maken, inclusief de btwcomponent. Voor de rioolheffing houden we de huidige heffingsgrondslag in stand (WOZwaarde van een perceel). Het in 2022 vastgestelde Beleidsplan water en riolering 20232027 met bijbehorende Rioolbeheerplan 2023-2027 vormen de basis van de geraamde kosten en daarmee ook voor de hoogte van de rioolheffing. Hondenbelasting De hondenbelasting in Wijchen is kostendekkend, dit principe willen we handhaven. Het saldo van de egalisatiereserve hondenbelasting is nihil. Dat betekent dat de tarieven voor 2027 bepaald zullen worden op basis van de geraamde kosten en het aantal honden, zonder egalisatie vanuit de reserve. Toeristenbelasting De toeristenbelasting is een algemeen dekkingsmiddel. De heffing van de toeristenbelasting vindt plaats op basis van aangifte. Conform raadsbesluit zijn de tarieven voor 2026 vastgesteld op € 2,00 per overnachting, € 1,00 per overnachting op camping/vaste standplaats en € 2,00 per overnachting op een festival. In deze Perspectiefnota is, conform raadsbesluit, ervan uitgegaan dat de tarieven eens in de vijf jaar worden geïndexeerd. Dit op basis van de prijsindex van het bruto binnenlands product over de alsdan verstreken jaren (2026-2030).
Dit betekent dat de tarieven pas in 2029 weer worden verhoogd en dus niet de jaren daarvoor stapsgewijs elk jaar met een paar cent. Dit zorgt ervoor dat ondernemers minder ongemak ervaren van de indexering. Op basis van het bovenstaande is in deze Perspectiefnota gerekend met de navolgende tarieven. 12) Tabel: Tarieven toeristenbelasting.
Tarief per overnachting Tarief overnachting bij festival Tarief per overnachting op campings / vaste standplaats
2026 € 2,00 € 2,00
2027 € 2,00 € 2,00
2028 € 2,00 € 2,00
2029* € 2,30 € 2,30
2030 € 2,30 € 2,30
€ 1,00
€ 1,00
€ 1,00
€ 1,15
€ 1,15
* Zijn voorlopige tarieven inclusief (verwachte) prijsindex bruto binnenlands product 2025 t/m 2029
Pagina | 19| Perspectiefnota 2026
Marktgelden In december 2026 stelt de raad de verordening Marktgelden vast. Als leidraad voor de calculaties gaan we uit van een prijsindex conform meicirculaire, tenzij dit percentage bij de septembercirculaire significant wordt bijgesteld. Daarnaast houden we rekening met de mate waarin de marktgelden kostendekkendheid zijn. Reclamebelasting In Wijchen heffen we reclamebelasting voor het centrumgebied en de bedrijventerreinen Bijsterhuizen en Wijchen-Oost. De reclamebelasting dient ter dekking van specifieke activiteiten van de afgebakende gebieden, welke we via subsidie aan de stichtingen verstrekken. In december 2026 stelt de raad de betreffende verordening vast. Overige legestarieven In december 2026 stelt de raad de Legesverordening vast. Voor de berekeningen hanteren we een prijsindex die overeenkomt met de meicirculaire, tenzij de prijsindex in de septembercirculaire aanzienlijk wordt aangepast. Voor de leges bouwvergunningen onderzoeken we de mogelijkheid om het tarief te verhogen. Uit de begroting 2026 bleek de kostendekkendheid onder 70% te liggen, waardoor er dus wettelijk ruimte is om de opbrengsten te verhogen. We kijken daarbij ook naar mogelijke tariefdifferentiatie. 4.09 Kapitaallasten In onderstaande tabel is op te maken dat de kapitaallasten lager uitvallen dan voorzien in de actuele begroting.
Reden hiervoor zijn het later afronden van een aantal geplande investeringen, zoals de vervangingsinvesteringen Openbare verlichting en wegen in 2025 en het vervallen van de investering bij het Maaswaalcollege. In onderstaande tabel zijn de kapitaallasten verwerkt van alle door de raad besloten investeringsbudgetten. Investeringen waar nog een besluit over genomen moet worden, nemen we op als nieuw beleid. 13) Effect kapitaallasten inclusief rente.
x € 1.000 Begroting 2026 Perspectiefnota Saldo Mutatie Riool- en afvalstoffenheffing Mutatie afschrijvingsreserves Mutatie omslagrente Mutatie structureel
2026
2027
2028
2029
2030
4.456 4.274 182
5.701 6.327 -626
8.594 9.202 -608
9.235 9.846 -611
9.437 9.980 -543
0 -29 -57 96
-1 451 211 35
-1 442 201 34
-1 445 194 27
1 386 179 23
Bovenstaande mutatie betekent een verbetering voor het gehele meerjarenperspectief. 4.10 Overige mutaties bestaand beleid In hoofdstuk 9 zijn de structurele uitzettingen en inkrimpingen ten opzichte van de Begroting 2026 opgenomen op bestaand beleid. Dit betreffen uitzettingen die onontkoombaar zijn, of door areaaluitbreidingen worden veroorzaakt. Daarnaast nemen we een aantal extra opbrengsten op die we structureel verwachten binnen te halen en ramen we budgetruimte af. 14) Structurele mutaties.
Hfst. 9 9
x € 1.000 Budgetruimte Uitzettingen
2026 10 -26
2027 5 -553
2028 31 -459
2029 31 -465
2030 31 -471
Bovenstaande mutatie betekent een verslechtering van het meerjarenperspectief.
Pagina | 20| Perspectiefnota 2026
4.11 Mutaties uit de Programmarapportage mei 2026 In de Programmarapportage van mei zijn alle budgetten 2026 beoordeeld en voorzien van een jaareindeverwachting. Waar de jaareindeverwachting afwijkt van de begroting, hebben we de verschillen benoemd in de programmarapportage. Deze verschillen hebben deels betrekking op de structurele begroting, en deels op incidentele posten uit de begroting. Hieronder nemen we de samenvatting op van de afwijkingen uit de Programmarapportage. Het grootste gedeelte van de afwijkingen maakt onderdeel uit van de thema’s die we in de verschillende paragrafen van dit hoofdstuk hebben uitgewerkt. In onderstaande tabel maken we inzichtelijk hoe en waar we de afwijkingen uit de Programmarapportage in deze Perspectiefnota een plek hebben gegeven. 15) Mutaties Programmarapportage mei 2026
Begroting 2026
723
Jaareindeverwachting Prorap mei
1.114
Afwijkingen t.o.v. de begroting
381
Waarvan op structureel perspectief
184
Waarvan op incidenteel perspectief
300
Waarvan op bouwgrondexploitaties
-103
Afwijkingen op structureel Perspectief: 4.02 BUIG
979
4.03 Jeugd
-299
4.04 WMO
331
4.05 gemeenschappelijke regelingen
-71
4.06 OZB
55
Overige afwijkingen*
-811
Totaal structurele afwijkingen
184
* In tabel 2 van het totaalbeeld komen bovenstaande afwijkingen terug op de verschillende thema’s uit deze Perspectiefnota. De overige afwijkingen (€ -808k) hebben we in de tabel 2 gepresenteerd onder overige afwijkingen prorap mei. Binnen de genoemde € 808k vallen onder andere overschrijdingen op de bijzondere bijstand en lagere inkomsten bouwleges. Een uitgebreide inhoudelijke toelichting op deze posten vind u terug in de Programmarapportage mei. De afwijkingen op het incidentele perspectief vindt u verder terug in hoofdstuk 5. 4.12 Inzet surplus algemene reserve Met de kennis van nu zetten we een beperkt deel van het surplus van de algemene reserve in ter afdekking van het tekort in het structureel perspectief. Met de inzet van € 200k behalen we een structureel sluitend begrotingssaldo. Bij de Begroting 2027 beoordelen we de noodzaak van de inzet opnieuw. Vanaf 2028 nemen we op voorhand geen inzet op uit de algemene reserve, maar maken we de verwachte tekorten expliciet zichtbaar conform advies van de VNG. 4.13 Nieuw beleid In hoofdstuk 10 geven we een overzicht van nieuw beleid. De raad neemt hierover een expliciet besluit bij deze Perspectiefnota. 16) Nieuw beleid
Hfst. 10 10
x € 1.000 Nieuw beleid structureel Nieuw beleid, IHP kapitaallasten
Pagina | 21| Perspectiefnota 2026
2026 -50 0
2027 -146 0
2028 -166 0
2029 -166 0
2030 -166 -750
Incidenteel meerjarenperspectief In onderstaande tabel is het incidenteel meerjarenperspectief weergeven vanaf de Begroting 2026. Voor een nadere onderbouwing van de mutaties, verwijzen we u naar hoofdstuk 11. In hoofdstuk 12 geven we een totaaloverzicht van alle incidentele posten, inclusief de eerder vastgestelde onderwerpen. 17) Incidenteel perspectief.
X € 1.000
2026
2027
2028
2029
2030
Saldo Programmabegroting 2026
-203
-36
-53
0
-8
-194
-53
0
-8
-80
-80
Pm
Pm
Incidentele effecten Programmarapportage Mei 2026
300
Perspectiefnota 2026: Bestaand beleid (hoofdstuk 11)
Bodemsanering Wezelseveldweg Bushaltes Wijchen Bushaltes Wijchen dekking provincie Speelbos park Noord (Sliblaag vijver) Schade aan de gevel bij de Zandloper Saldo bestaand beleid
-60
-8
-179 179 -44 -150 -7
Nieuw beleid (hoofdstuk 11)
Wooncoach Landbouwstructuur - agrarische ondernemers Wijchen Subsidies TPV Haanenbergh en TPV Vormer geluidswanden Akoestische maatregelen sport- en gymzalen Achterlo, MFA Noorderlicht en MFA Suikerberg Voortzetten STORM- aanpak Dementie Mantelzorg Capaciteitsonderzoek binnen- en buitensport accommodaties Benchmark team Toezicht en Handhaving en Openbare Orde en Veiligheid Tijdelijke projectleider maatschappelijke weerbaarheid en veerkracht Ontwikkeling nieuw evenementenbeleid Vervangen verkeersborden en hekwerk 4Daagse Asbestsanering kruipruimte 't Mozaïek Geluidmetingen bij drie evenementen in kasteeltuin 2026 Fietsenstalling centrum Groene kasteeltuin Wijchen met evenementen incidentele kosten
-20 -156 -60 -46
-36
-8
-8
-8
-8
-30 -17 -48
-95
-12 -15 -481 -8 -30
-30
-44
-103
Inzet algemene reserve
813
479
286
Saldo
-94
0
0
Pagina | 22| Perspectiefnota 2026
8 0
0
MIO (Meerjaren Investerings Overzicht) Met dit MIO geven we inzicht in de financiële aspecten van de grote projecten binnen de gemeente Wijchen. Vooral de afdekking van nog niet gedekte projecten, die een keuze noodzakelijk maken in prioritering van projecten, is van belang. Gedekte projecten. Onderstaande tabel geeft een overzicht van projecten die financieel vertaald zijn in de begroting. Daarbij maken we onderscheid in projecten die al door de raad zijn geaccordeerd en projecten die in voorbereiding zijn, maar waarvoor de investeringsbudgetten voor de feitelijke aanvang van het project nog door de raad beschikbaar dienen te worden gesteld. 1)
Nr.
(MIO) Meerjaren Investerings Overzicht (x € 1.000)
Projectnaam Begroot Gedekt Door de raad geaccordeerde projecten
Financieringsbron
Fietspad Balgoij Batenburg
825
825
Afgedekt door kapitaallasten
Fietspad in de Lymen
656
656
Fietsstraat Leemweg
1.815
2.660
Verduurzamen Mozaïek
9.452
9.452
Wijchen West Westwijzer
13.750
13.750
Parkeergarage TKWM
6.150
6.150
AZC
21.000
21.000
Sportvelden Havenweg
8.559
8.559
Sportaccommodaties Havenweg
7.023
7.023
6.350
6.350
Afgedekt door kapitaallasten € 1,8 miljoen is afgedekt door kapitaallasten. Het aanvullende deel ligt voor ter besluitvorming. Kapitaallasten, (deels) afgedekt door lagere nutskosten en subsidie en risicoreserve grote projecten. Afgedekt door kapitaallasten (€ 10,75 miljoen en € 3 miljoen bijdrage derden). Afgedekt door reserve grote projecten (€ 4.305k en vrijval verliesvoorziening € 1.845k) Afgedekt door bijdrage COA Afgedekt uit grondexploitatie Havenweg € 11,5 miljoen) en algemene reserve (€ 3 miljoen) en RSA-reserve (€ 1 miljoen) Afgedekt vanuit grondexploitatie Wijchen West
75.580
76.425
Bovenplanse infra Wijchen West Totaal geaccordeerde projecten
1 2
Gewenste projecten in opstart MFA Hart van Zuid 15.080 Aanpassing Maaswaal 842 college
15.080
Afgedekt door kapitaallasten
842
Afgedekt door kapitaallasten
3
Nieuwbouw zwembad
18.900
Deels
4
Ontwikkeling MFA Hernen
3.300
3.300
5
Kruispunt randweg Noord Aanpak rotonde Bijsterhuizen-N847 Totaal gewenste projecten in opstart
1.500
0
1.000
0
40.622
19.222
6
Pagina | 23| Perspectiefnota 2026
Deels afgedekt door kapitaallasten en reeds gevormde afschrijvingsreserve Afgedekt door kapitaallasten
Gewenste projecten Wensen van het college en wensen en opdrachten van de raad houden de bestuurlijke wereld dynamisch. We blijven dan ook de komende jaren werken aan ideeën en wensen waar nu nog geen concrete besluitvorming over heeft plaatsgevonden. 1. Ontwikkeling MFA Hart van Zuid;
Aanleiding: de voorzieningen in het centrum een impuls geven en nieuwe huisvesting voor de school, heeft prioriteit in IHP-onderwijs. Geraamde investering: € 15,1 miljoen. Status: gebiedsvisie is opgesteld, een voorbereidingskrediet voor het vervolg is aangevraagd.
2. Aanpassing Maas Waal College;
Aanleiding: bouwkundig slechte staat van Leemweg, verduurzaming Veenseweg, samenvoegen op 1 locatie, heeft prioriteit in IHP-onderwijs. Geraamde investering: € 842k Status: voorbereidingskrediet is op 30 maart 2023 vrijgegeven.
3. Nieuwbouw zwembad;
Aanleiding: Een meningsvormende nota is door de raad behandeld met het voorkeursscenario voor nieuwbouw. Na een verkenning met de gemeente Beuningen om een intergemeentelijk zwembad te bouwen, is de uitwerking nu gericht op nieuwbouw in Wijchen. Geraamde investering: € 19 miljoen. Status: Een kredietaanvraag voor een nieuw zwembad in Wijchen is in voorbereiding, na het niet doorgaan van het intergemeentelijke zwembad met Beuningen.
4. Ontwikkeling MFA Hernen; Aanleiding: functioneel verbeteren en verduurzamen, heeft prioriteit in IHP-onderwijs. Geraamde investering: € 3,3 miljoen (uitgaande van nieuwbouw). Status: Nog niet opgestart.
5. Kruispunt randweg Noord; Aanleiding: Door het kruispunt Randweg-Noord – Schoenaker om te vormen tot een kruispunt met verkeerslichten ontstaat er een herkenbaar en verkeerveilig kruispunt dat gebouwd is voor de toekomst. Hiervoor is een investeringsbudget nodig. Dit zijn de geschatte kosten o.b.v. de variantenstudie. Geraamde investering: € 1,5 miljoen Status: Krediet aanvraag in voorbereiding.
6. Aanpak rotonde Bijsterhuizen-N847
Aanleiding: De rotonde heeft voor de toekomst (zowel zonder als met de A50 verbreding) onvoldoende capaciteit om het verkeer te verwerken. Aanpassing van het kruispunt is noodzakelijk om de doorstroming en verkeersveiligheid te waarborgen. Het is ook nodig voor de uitbreiding van bedrijventerrein Bijsterhuizen. Voor Wijchen is de bijdrage 25% van de investeringskosten. Geraamde investering: € 4 miljoen totaal (25% daarvan voor Wijchen) Status: Krediet aanvraag in voorbereiding.