Kraanvogelstraat fase 1a_Bijlage 8 Archeologisch bureauonderzoek
Tekst van het document
KRAANVOGELSTRAAT 9-15 TE WIJCHEN GEMEENTE WIJCHEN
BUREAU- EN INVENTARISEREND VELDONDERZOEK, KARTEREND BOORONDERZOEK
Opdrachtgever
Projectleider
Klok Wonen B.V.
drs. M. Stoll
Versie Definitief
Postbus 40018 6504AA Nijmegen
Projectnummer
Autorisatie
Datum
Synthegra Rapport S230009
drs. F. Stevens
26-06-2023
Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden Telefoon +31 (0)88 81 81 981, Website: www.synthegra.nl
Versie 2023-01 1 van 35
Project : Kraanvogelstraat 9-15 te Wijchen. Bureau- en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek Projectnummer: S230009
COLOFON Opdrachtgever
: Klok Wonen B.V. te Nijmegen
Project
: Kraanvogelstraat 9-15 te Wijchen
Projectnummer
: S230009
Titel
: Kraanvogelstraat 9-15 te Wijchen. Bureau- en Inventariserend Veldonderzoek, Karterend booronderzoek
Datum
: 26-06-2023
Projectleider
: drs. M. Stoll
Auteurs
: drs. M. Stoll
Autorisatie
: drs. F. Stevens
Druk
: Synthegra B.V., Leusden
Afbeeldingen
: Synthegra B.V., tenzij anders vermeld
ISSN
: 1874-9771
Synthegra B.V. is gecertificeerd voor de BRL 4000 protocollen 4001 t/m 4004 (landbodems) Synthegra B.V. Olmenlaan 6a NL-3833 AV Leusden T: +31 (0)88 81 81 981 E: www.synthegra.nl © Synthegra B.V., 2023
Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden. Versie 2023-01
2 van 35
Project : Kraanvogelstraat 9-15 te Wijchen. Bureau- en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek Projectnummer: S230009
INHOUD ADMINISTRATIEVE GEGEVENS ...................................................................................................................................... 4 SAMENVATTING .................................................................................................................................................................. 5 1
INLEIDING ...................................................................................................................................................................... 8 1.1 1.2 1.3 1.4
2
BUREAUONDERZOEK .............................................................................................................................................. 12 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6 2.7
3
METHODE ................................................................................................................................................................................... 12 LANDSCHAPSGENESE................................................................................................................................................................. 12 HISTORISCHE ONTWIKKELING ................................................................................................................................................. 17 BEKENDE BODEMVERSTORING ................................................................................................................................................ 21 ARCHEOLOGISCHE WAARDEN IN EN RONDOM HET PLANGEBIED ....................................................................................... 21 GESPECIFICEERDE ARCHEOLOGISCHE VERWACHTING ......................................................................................................... 25 ADVIES......................................................................................................................................................................................... 26
INVENTARISEREND VELDONDERZOEK ............................................................................................................ 27 3.1 3.2 3.3 3.4
4
ONDERZOEKSKADER .................................................................................................................................................................... 8 ONDERZOEKSDOEL EN VRAAGSTELLINGEN .............................................................................................................................. 8 LIGGING EN HUIDIGE SITUATIE PLANGEBIED............................................................................................................................ 9 TOEKOMSTIGE SITUATIE PLANGEBIED ................................................................................................................................... 11
METHODE ................................................................................................................................................................................... 27 BESCHRIJVING EN INTERPRETATIE VAN DE BOORGEGEVENS .............................................................................................. 28 ARCHEOLOGISCHE INDICATOREN ............................................................................................................................................ 29 ARCHEOLOGISCHE INTERPRETATIE ........................................................................................................................................ 29
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN ..................................................................................................................... 30 4.1 4.2 4.3
INLEIDING ................................................................................................................................................................................... 30 CONCLUSIES / BEANTWOORDING ONDERZOEKSVRAGEN .................................................................................................... 30 AANBEVELINGEN ....................................................................................................................................................................... 32
BRONNEN ............................................................................................................................................................................ 34 LITERATUUR ............................................................................................................................................................................................ 34 INTERNET (GERAADPLEEGD MAART 2023)...................................................................................................................................... 35
Bijlagen: Bijlage 1: Overzicht van de relevante geologische en archeologische tijdvakken Bijlage 2: Boorprofielen Afbeelding voorblad: Sfeerfoto van het plangebied. Bron: Google Maps.
Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden. Versie 2023-01
3 van 35
Project : Kraanvogelstraat 9-15 te Wijchen. Bureau- en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek Projectnummer: S230009
ADMINISTRATIEVE GEGEVENS Toponiem
Kraanvogelstraat 9-15
Plaats
Wijchen
Gemeente
Wijchen
Provincie
Gelderland
Projectnummer
S230009
Bevoegde overheid
Opdrachtgever
Gemeente Wijchen. Deskundige namens de bevoegde overheid: Ester van der Linden (beleidsadviseur archeologie) Klok Wonen B.V.
Uitvoerende instantie
Synthegra B.V.
Datum uitvoering veldwerk
28-02-2023
Uitvoerders veldwerk
drs. M. Stoll
Onderzoeksmelding (ARCHIS)
5338640100
Datum onderzoeksmelding
27-02-2023
Kaartblad Periode
46B Laat Paleolithicum t/m Nieuwe Tijd
Oppervlakte
Circa 0,5 ha / 5000 m2
Perceelnummer(s)
Kadastrale gemeente Wijchen, sectie I, perceelnummers: 1863, 1815, 1233, 1485, en 1484.
Grondgebruik
Bebouwd
Geologie
Geomorfologie
Formatie van Boxtel, Laagpakket van Delwijnen op Formatie van Beegden, Laag van Wijchen Rivierduin
Bodem
Holtpodzolgrond
Depot
Documentatie en vondsten zullen worden aangeleverd aan het Provinciaal Depot van Gelderland, te Nijmegen.
De onderzoekslocatie wordt omsloten door de volgende coördinaten:
Noordwest:
x 178783
y 425035
Noordoost:
x 178805
y 425035
Zuidwest:
x 178787
y 424988
Zuidoost:
x 178808
y 424989
Centrum:
x 178797
y 425012
Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden. Versie 2023-01
4 van 35
Project : Kraanvogelstraat 9-15 te Wijchen. Bureau- en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek Projectnummer: S230009
Samenvatting Inleiding Synthegra B.V. heeft in opdracht van Klok Wonen B.V. een archeologisch bureauonderzoek in combinatie met een verkennend booronderzoek uitgevoerd op een terrein aan de Kraanvogelstraat 9-15 te Wijchen. De aanleiding voor het onderzoek is de voorgenomen realisatie van een dertigtal woningen. De oppervlakte van het plangebied bedraagt 5000 m2. De toekomstige bodemverstoring bedraagt 1500 m2 met een diepte van enkele meters beneden maaiveld vanwege de heipalen. De bodem zal waarschijnlijk tot ver in het archeologische niveau worden verstoord. Eventueel aanwezige archeologische waarden kunnen daarbij verloren gaan.
Specifieke archeologische verwachting bureauonderzoek Op basis van bovenstaand bureauonderzoek is voor het plangebied een gespecificeerde archeologische verwachting opgesteld. De essentie hiervan is weergegeven in tabel 1. Het plangebied ligt op een rivierduin en holtpodzolgronden. Gezien de ouderdom van de te verwachte afzettingen kunnen in het plangebied vindplaatsen aanwezig zijn vanaf het laat-paleolithicum tot en met de nieuwe tijd. Gezien het archeologisch onderzoek in de omgeving van het plangebied kan er een intact bodemprofiel verwacht worden. Sporen en vondsten uit het Laat-paleolithicum en het Mesolithicum worden in de top van de paleosol verwacht, tussen 150 en 200 cm -Mv. Archeologische resten uit het uit het Neolithicum t/m de IJzertijd zullen zich in de rivierduinafzettingen bevinden, tussen 50 en 150 cm -Mv. In deze rivierduinen kunnen verschillende cultuurlagen aanwezig zijn, die erg dun kunnen zijn (ca. 1cm). Archeologische sporen en vondsten uit de Romeinse Tijd tot de Vroege Middeleeuwen zullen zich in de top van de rivierduinafzettingen bevinden en wellicht in de onderste laag van het eventueel aanwezige plaggendek, tussen 50cm -Mv en 80 cm -Mv. Sporen van de Late Middeleeuwen t/m de Nieuwe Tijd kunnen vanaf het maaiveld tot ca. 50 cm -Mv aanwezig zijn. De bovenste lagen zijn mogelijk afgetopt tot in het C-horizont van de rivierduinafzettingen, tot ca.
1m -Mv.
Veldonderzoek Op basis van het gespecificeerde verwachtingsmodel uit het bureauonderzoek is een verkennend booronderzoek met een boordichtheid van ten minste 6 boringen per hectare uitgevoerd (met een minimum van 4 boringen per hectare). Hiermee is het onderzoek verkennend voor vuursteenvindplaatsen uit de steentijd en karterend voor nederzettingsresten uit de latere perioden. Aangezien het plangebied circa 1000 m2 groot is, zijn verspreid over het plangebied (afbeelding 12) in totaal 3 boringen gezet. Aangezien het plangebied ca. 1000 m2 groot is, zouden er 4 boringen gezet moeten worden, verspreid over het plangebied. Er zijn echter 3 boringen gezet in plaats van de 4 zoals oorspronkelijk gepland. Boring 4 zou in het oostelijke deel van het plangebied plaatsvinden, maar dit deel van het plangebied was niet toegankelijk vanwege een gesloten hek. Vanwege het geringe oppervlak en de terreinomstandigheden (bebouwing, verhardingen, begroeiing etc.) zijn de boringen zo gelijkmatig mogelijk over het plangebied verdeeld. Boring 3 was oorspronkelijk zuidelijker gepland. De boring stootte helaas op een betonplaat, en is naar het noorden verzet (zie afbeelding 12). De exacte boorlocaties zijn ingemeten met een GPS.
Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden. Versie 2023-01
5 van 35
Project : Kraanvogelstraat 9-15 te Wijchen. Bureau- en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek Projectnummer: S230009
Er is geboord met een Edelmanboor met een diameter van 7 cm en een gutsboor met een diameter van 3 cm. De boringen zijn met een Edelmanboor met een diameter van 15cm nageboord. De boringen zijn uitgevoerd tot 200 cm -Mv. Het opgeboorde sediment is verbrokkeld en versneden en geïnspecteerd op de aanwezigheid van archeologische indicatoren. De boringen zijn lithologisch beschreven conform de NEN 51041 en bodemkundig2 geïnterpreteerd.
Archeologische interpretatie veldonderzoek Het natuurlijke bodemtype is in een groot deel van het plangebied intact, op het zuiden na (boring 1). Hier is alleen de oudere bodem intact, de begraven A en C horizonten, de intacte bodem bevindt zich reeds op 40 cm -Mv. Vuursteenvindplaatsen bestaan voornamelijk uit strooiing van fragmenten vuursteen en ondiepe grondsporen, zoals haardkuilen, en bevinden zich in de top van de rivierafzettingen van de Maas en in de onderste laag van de rivierduinafzettingen. Gezien de regionale context is het goed mogelijk dat er prehistorische archeologische resten in dit pakket aanwezig zijn. Nederzettingsresten uit het neolithicum tot en met de nieuwe tijd bestaan niet alleen uit fragmenten aardewerk, maar ook uit diepere sporen zoals paalgaten en afvalkuilen. Deze sporen kunnen tot in de Chorizont (de duinafzettingen) reiken en zijn mogelijk nog intact. Daarnaast is er een dun restant van een esdek aangetroffen, die mogelijk vanaf de Late Middeleeuwen dateert.
Aanbeveling Op grond van de resultaten van het onderzoek wordt voor de voorgenomen ontwikkeling van het plangebied nader archeologisch onderzoek geadviseerd. Dit geldt echter alleen voor de onbebouwde delen (circa 450 m2) van het extra onderzochte deelgebied in het onderhavige onderzoek dat kadastraal bekend staat als perceel 1863, sectie I, kadastrale gemeente Wijchen. De overige percelen ten oosten zijn reeds onderzocht en dat deel is op basis van dat onderzoek vrijgegeven3.
1 Nederlands Normalisatie-instituut 1989. 2 De Bakker en Schelling 1989. 3 Kremer 2013
Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden. Versie 2023-01
6 van 35
Project : Kraanvogelstraat 9-15 te Wijchen. Bureau- en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek Projectnummer: S230009
Afbeelding A: Advieskaart.
Op basis van de resultaten van het booronderzoek is mogelijk een archeologische vindplaats in het plangebied aanwezig. Wanneer de geplande graafwerkzaamheden dieper reiken dan 40 cm beneden maaiveld kunnen eventueel aanwezig archeologische resten verloren gaan en is vervolgonderzoek noodzakelijk. Ter plaatse van de huidige bebouwing is dit niveau waarschijnlijk al verstoord en zijn eventueel aanwezige archeologische resten verdwenen, op uitzondering van de paleosol. Wij adviseren een vervolgonderzoek in de vorm van een proefsleuvenonderzoek (IVO-P), in de vorm van een archeologische begeleiding, om vast te stellen of in het plangebied archeologische resten aanwezig zijn en zo ja, welke waardering hieraan gegeven kan worden. Voor dit proefsleuvenonderzoek, in de vorm van een archeologische begeleiding is een Programma van Eisen (PvE) noodzakelijk dat is goedgekeurd door de bevoegde overheid. In dit PvE wordt de werkwijze en de randvoorwaarden van het proefsleuvenonderzoek vastgelegd. Bovenstaande vormt een selectieadvies. De resultaten van dit onderzoek dienen vooraleerst te worden beoordeeld door de bevoegde overheid (gemeente Wijchen). Deze neemt een definitief selectiebesluit aangaande de vrijgave van het plangebied voor verdere ontwikkeling zoals omschreven in de vergunningsaanvraag.
Er is getracht een zo gefundeerd mogelijk advies te geven op grond van de gebruikte onderzoeksmethoden. De aanwezigheid van archeologische sporen of resten in het plangebied kan nooit volledig worden uitgesloten. Synthegra wil de opdrachtgever er daarom op wijzen dat, indien tijdens de werkzaamheden een (mogelijke) archeologische vondst wordt gedaan dan geldt de wettelijke meldingsplicht, zoals omschreven in artikel 5.10 van de Erfgoedwet bij de minister. Uit praktisch oogpunt kan een dergelijke toevalsvondst bij de gemeente worden gemeld.
Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden. Versie 2023-01
7 van 35
Project : Kraanvogelstraat 9-15 te Wijchen. Bureau- en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek Projectnummer: S230009
1
Inleiding
1.1
Onderzoekskader Synthegra B.V. heeft in opdracht van Klok Wonen B.V. een archeologisch bureauonderzoek4 in combinatie met een verkennend booronderzoek5 uitgevoerd op een terrein aan de Kraanvogelstraat 9-15 te Wijchen. De aanleiding voor het onderzoek is de voorgenomen realisatie van een dertigtal woningen. De oppervlakte van het plangebied bedraagt 5000 m2. De toekomstige bodemverstoring bedraagt 1500 m2 met een diepte van enkele meters beneden maaiveld vanwege de heipalen. De bodem zal waarschijnlijk tot ver in het archeologische niveau worden verstoord. Eventueel aanwezige archeologische waarden kunnen daarbij verloren gaan. Een deel van het plangebied is al onderzocht door Synthegra in 2013, en vervolgens vrijgegeven door de gemeente6. Het perceel ten westen van het plangebied is reeds onderzocht door Archaeological Research en Consultancy (ARC) in 20117, en is vrijgegeven op basis van de verstoringen. De intacte bodemopbouw zou destijds niet verstoord worden door de voorgenomen ontwikkelingen. Het onderhavige onderzoek heeft betrekking op het stuk tussen beiden plangebieden aan de Kraanvogelstraat 9 (ca. 1000m2) dat nog dient te worden onderzocht. Door de voorgenomen graafwerkzaamheden, kunnen eventueel aanwezige archeologische waarden verloren gaan.
Daarom is op basis van het bestemmingsplan, met daarin verwoord het gemeentelijk beleid, in het kader van een bestemmingsplanprocedure voorafgaand aan de graafwerkzaamheden archeologisch onderzoek uitgevoerd. Het plangebied ligt in het parapluplan Cultuurhistorie Wijchen dat is vastgesteld door de gemeente Wijchen op de datum 03-05-20178. Voor het plangebied geldt een dubbelbestemming Waarde – Cultuurhistorisch waardevol gebied. De bevoegde overheid, de gemeente Wijchen, heeft een specifiek archeologisch beleid vastgesteld9 en beschikt over een Archeologische Beleidskaart10. Voor het plangebied geldt een hoge archeologische verwachting. Voor terreinen met een hoge archeologische verwachting geldt, dat een rapport dient te worden overlegd waaruit blijkt dat de archeologische waarde van het terrein in voldoende mate is vastgesteld bij plangebieden groter dan 60 m2. Het onderzoek is uitgevoerd conform de vigerende Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie 4.111. De bevoegde overheid, gemeente Wijchen, zal de resultaten van het onderzoek toetsen en een selectiebesluit nemen aangaande de vrijgave van het plangebied voor verdere ontwikkeling zoals omschreven in de vergunningsaanvraag.
1.2
Onderzoeksdoel en vraagstellingen Het doel van het bureauonderzoek is het opstellen van een gespecificeerde archeologische verwachting aan de hand van bestaande bronnen over bekende of verwachte landschappelijke, historische en archeologische waarden.
4 BO, protocol 4002
5 IVO, protocol 4003 6 Kremer en Leuvering (2013). 7 Verboom-Jansen (2011).
8 www.ruimtelijkeplannen.nl 9 Raap-rapport 1828.
10 Keunen en Jansen (2017) 11 SIKB 2018.
Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden. Versie 2023-01
8 van 35
Project : Kraanvogelstraat 9-15 te Wijchen. Bureau- en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek Projectnummer: S230009
Het doel van het verkennend booronderzoek is het vervolgens toetsen van het opgestelde verwachtingsmodel door de intactheid van de bodemopbouw vast te stellen. De volgende onderzoeksvragen zullen worden beantwoord: 1.
Wat is de opbouw van de ondergrond en is het bodemprofiel intact?
2.
Zijn in het plangebied archeologische vindplaatsen aanwezig of worden deze verwacht?
3.
Indien ja (dan zijn de volgende twee subvragen van toepassing)? a.
Wat is te zeggen over de horizontale en verticale verspreiding van de (verwachte) archeologische waarden?
b. 4.
Wat is de vermoedelijke aard en datering van de (verwachte) archeologische resten?
In hoeverre worden eventueel aanwezige of verwachte archeologische resten bedreigd door de voorgenomen ontwikkeling van het gebied?
1.3
Ligging en huidige situatie plangebied Het plangebied beslaat een oppervlak van circa 0,5 ha / 5000 m2 en is gelegen aan de Kraanvogelstraat te Wijchen (afbeelding 1a). Het plangebied is in gebruik als industrieterrein en is bebouwd met een kantoorruimte (showroom en kantoorruimte) en een garage aan de achterkant van het perceel. Het gebied ligt binnen de bebouwde kom, in het oosten van Wijchen Noord (achter het station). Het voorliggende winkelpand is voorzien van kelder en tot minimaal 2,5 meter beneden maaiveld verstoord. De overige bebouwing is tot circa 90 cm beneden maaiveld verstoord (zie afbeelding 1b en 1c)
Afbeelding 1a: Het plangebied op de meest recente Luchtfoto (2022) (Bron: www.Pdok.nl).
Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden. Versie 2023-01
9 van 35
Project : Kraanvogelstraat 9-15 te Wijchen. Bureau- en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek Projectnummer: S230009
Afbeelding 1b: Bouwtekening van de winkelruimte (bron: gemeentelijk archief)
Afbeelding 1c: Bouwtekening van de loods (bron: gemeentelijk archief)
Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden. Versie 2023-01
10 van 35
Project : Kraanvogelstraat 9-15 te Wijchen. Bureau- en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek Projectnummer: S230009
1.4
Toekomstige situatie plangebied De huidige inrichting zal worden gewijzigd. De huidige opstallen en gebouwen zullen worden gesloopt en vervangen voor nieuwbouw (afbeelding 2). Er komen een dertigtal woningen te staan met bijbehorende tuinen, opbergplaatsen, en parkeerplaatsen. Ten westen van het plangebied komen een reeks woningen te staam, op de hoek van de Kraanvogelstraat. Dit gebied is eerder door ARC vrijgegeven12.
Afbeelding 2: Toekomstige situatie binnen het plangebied. (Bron: opdrachtgever)
12 Verboom-Jansen (2011).
Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden. Versie 2023-01
11 van 35
Project : Kraanvogelstraat 9-15 te Wijchen. Bureau- en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek Projectnummer: S230009
2
Bureauonderzoek
2.1
Methode Tijdens het bureauonderzoek is met behulp van bestaande bronnen een gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel voor het plangebied opgesteld. Dit is gedaan door het raadplegen van voor de archeologie relevante (schriftelijke) bronnen. Voor het bureauonderzoek zijn met name gegevens over bekende archeologische vindplaatsen in en rond het plangebied verzameld. Dit is aangevuld met historisch en fysischgeografisch onderzoek, waarbij informatie over vroeger grondgebruik is verkregen door de analyse van historische kaarten en tevens gegevens over de geologie, geomorfologie en bodem zijn bestudeerd.
2.2
Landschapsgenese Voor het bepalen of, waar en uit welke periode archeologische resten kunnen worden verwacht, zijn de volgende bronnen met betrekking tot de landschapsgenese geraadpleegd: •
Geomorfologische Kaart 1:50.000 (Afbeelding 3)
•
De Paleogeografische Kaart (afbeelding 4)
•
De Zanddieptekaart (afbeelding 5)
•
Bodemkaart 1:50.000 (Afbeelding 6)
•
Digitaal hoogtemodel, Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN) (Afbeelding 7)
•
Relevante achtergrondliteratuur (zie literatuurlijst)
Geo(omorfo)logie en landschap Het plangebied ligt in de bebouwde kom van Wijchen. Wijchen ligt in het rivierengebied tussen de Waal in het noorden en de Maas in het zuiden. Dit gebied is langdurig beïnvloed door sedimentatie van de rivier de Maas, die dikke pakketten grind, zand en klei heeft afgezet. In de ondergrond bevinden zich oude rivierafzettingen van de Maas die behoren tot de Formatie van Beegden, Laag van Wijchen die tijdens het Allerød/ Laat- Weichselien en het Vroeg Holoceen is gevormd (circa 13.900 – 10.640 jaar geleden). De rivieren hadden in deze ijstijd voornamelijk een vlechtend patroon, gekenmerkt door meerdere geulen en een onregelmatige afvoer. In deze periode hebben de rivieren in een brede vlakte een dik pakket zand en grind afgezet (Formatie van Beegden).13 Vanaf het Laat-Glaciaal (circa 15.000 – 11.755 jaar geleden) tot in het Vroeg-Holoceen (circa 11.755 jaar geleden) begonnen de rivieren te meanderen. Op deze zanden en grinden werd een pakket compacte, zandige klei afgezet, de Laag van Wijchen. Deze Laag van Wijchen wordt gevormd door klei die tijdens overstromingen in de riviervlakte werd afgezet en waar vervolgens zand inwaaide. In de laag van Wijchen is ook vaak een humeuze paleosol te herkennen14. De Wijchense rivierduin stamt uit de Jonge Dryas (circa 12.745 – 11.755 jaar geleden).
In deze periode is het tijdelijk heel koud en droog geworden en hebben de rivieren deels weer een vlechtend patroon, zodat een groot deel van de overstromingsvlakte een deel van het jaar droog en onbegroeid is. Zand wordt door de wind weggeblazen en waait elders op. Het rivierduinzand bestaat uit matig gesorteerd, matig grof zand en wordt tot het Laagpakket van Delwijnen van de Formatie van Boxtel gerekend. Verder van de rivier af is fijner zand afgezet, het zogenaamde dekzand. Dit (vaak lemige) zand is kalkloos, fijnkorrelig, goed afgerond, goed gesorteerd en arm aan grind en wordt tot het Laagpakket van Wierden van de Formatie van Boxtel gerekend.15 Dit zand is vanuit het vlechtende Maasdal opgewaaid.
13 Berendsen, 2004. 14 Autin (2008)
15 Berendsen 2004, 190.
Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden. Versie 2023-01
12 van 35
Project : Kraanvogelstraat 9-15 te Wijchen. Bureau- en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek Projectnummer: S230009
Afbeelding 3: Het plangebied, rood en blauw omkaderd, op de Geomorfologische kaart van Nederland 1:50.000. (Bron: www.Pdok.nl).
Afbeelding 4: Het plangebied, rood en blauw omkaderd, op de Paleogeografische kaart (100 n. c.) van Nederland (Bron: www.Pdok.nl).
Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden. Versie 2023-01
13 van 35
Project : Kraanvogelstraat 9-15 te Wijchen. Bureau- en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek Projectnummer: S230009
Op de geomorfologische kaart is het plangebied niet gekarteerd omdat het in de bebouwde kom van Wijchen ligt. Op deze kaart is wel te zien dat zich ten noorden van het plangebied lage rivierduinen (ten dele begraven) bevinden en een golvende dekzandvlakte (afbeelding 3, respectievelijk code 4K20 en 3L5). Volgens het Actueel Hoogtebestand van Nederland16 (AHN, afbeelding 7) ligt het plangebied relatief hoog weergeven met oranjegele kleuren. De oranje-gele structuur komt qua vorm overeen met de rivierduin van de geomorfologische kaart. Deze is overigens ook te zien op de Paleogeografische Kaart van Nederland (afbeelding 4). De onderzoekslocatie ligt naar verwachting op een lage rivierduin. Volgens de Zanddieptekaart is het pleistocene zand hier tussen het maaiveld en 1m -Mv te verwachten (afbeelding 5). Deze bodemopbouw is reeds onderzocht door Synthegra in 2013 in deelgebied 2 tijdens het booronderzoek17. Tijdens dit onderzoek is er tot ca. 180 cm -mv een pakket, matig fijn tot matig grof, zwak tot sterk siltig, zwak roesthoudend zand aangetroffen. Dit pakket wordt geïnterpreteerd als een beddingafzetting van een pleistocene loop van de Rijn. Het wordt gerekend tot de Formatie van Kreftenheye. Op dit zand is een pakket sterk zandige, matig roesthoudende, stevige klei aangetroffen tot ca. 140 cm -Mv.
Deze klei wordt geïnterpreteerd als een overstromingsdek van de Rijn uit het Laat Glaciaal en/of het Vroeg Holoceen en wordt gerekend tot het Laag van Wijchen, dat onderdeel uitmaakt van de Formatie van Kreftenheye. De dikte van het Laag van Wijchen varieert binnen het plangebied van 30 tot 50 cm. Op deze kleilaag is een pakket matig grof, zwak siltig zand aangetroffen tot ca. 50cm -Mv, dat enkele zeer kleine grindjes bevat. Dit zandpakket is geïnterpreteerd als rivierduinzand en wordt gerekend tot het Laagpakket van Delwijnen, dat onderdeel uitmaakt van de Formatie van Boxtel. In enkele boringen is aan de top van het rivierduinzand een 25 tot 45 cm dikke laag matig tot sterk humeus, matig grof zand aangetroffen. Deze laag is geïnterpreteerd als de oorspronkelijke A-horizont (Apb-horizont). Het hoge humusgehalte wijst erop dat de grond is bemest in de tijd dat het gebied een agrarische functie had.
Afbeelding 5: De Zanddieptekaart (Bron: Cohen 2009).
16 www.ahn.nl
17 Kremer en Leuvering (2013).
Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden. Versie 2023-01
14 van 35
Project : Kraanvogelstraat 9-15 te Wijchen. Bureau- en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek Projectnummer: S230009
Bodem Op de bodemkaart is het plangebied niet gekarteerd omdat het in de bebouwde kom van Wijchen ligt. Op grond van de omringende kaarteenheden komt waarschijnlijk een vorstvaaggrond of loopodzolgrond in grof zand in het plangebied voor (afbeelding 6, respectievelijk code Zb30 en cY30). Vorstvaaggronden zijn zandgronden met een ‘vage’ humushoudende bouwvoor (Ap-horizont), door de voortdurende omwerking als gevolg van een hoge biologische activiteit. Onder de bovengrond is een min of meer homogene verbruiningsslaag aanwezig. Door de voortdurende omwerking behoort deze bodem tot de vaaggronden. Dit is dus niet het gevolg van een beperkte periode van bodemvorming. De loopodzolbodems worden afgedekt door een humushoudend eerddek (30 – 50 cm dik) dat ontstaan is door ophoging met plaggenmest. De B-horizont van de loopodzolbodems is geelbruin met een geleidelijk verloop naar een gele C-horizont. Tijdens het vorige onderzoek is er een vorstvaaggrond aangetroffen in deelgebied 2, waarop een dun esdek aanwezig is18. De kans is groot dat het deelgebied 1 een vergelijkbare bodemopbouw kent.
Afbeelding 6: Het plangebied, rood omkaderd, op de Bodemkaart van Nederland 1:50.000. (Bron: www.Pdok.nl).
AHN De hoogte van het maaiveld varieert van circa 8,1 tot 8,2 m +NAP.19 Het plangebied ligt relatief hoog in het gebied, op een rivierduin. Deze rivierduin loopt zeer zichtbaar op de AHN (afbeelding 7) van het zuidoosten naar het noordwesten.
18 Kremer en Leuvering (2013)
19 Hoogteligging van het plangebied op het Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN) in m NAP (Normaal Amsterdams Peil)
geraadpleegd op www.ahn.nl
Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden. Versie 2023-01
15 van 35
Project : Kraanvogelstraat 9-15 te Wijchen. Bureau- en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek Projectnummer: S230009
Afbeelding 7: Het plangebied op het Actueel Hoogtebestand van Nederland (AHN) (Bron: www.ahn.nl).
Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden. Versie 2023-01
16 van 35
Project : Kraanvogelstraat 9-15 te Wijchen. Bureau- en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek Projectnummer: S230009
2.3
Prehistorische en historische ontwikkelingen Voor de historische ontwikkeling is divers kaart- en beeldmateriaal (Afbeelding 6 t/m 10) en relevante achtergrondliteratuur geraadpleegd (zie literatuurlijst). 20 Het dorp Wijchen ligt op de grens tussen het Limburgs zandgebied en het Utrechts-Gelders rivierengebied, op een rivierduin, met in het noorden de Rijn, en in het zuiden de Maas. Het plangebied ligt op de Wijchense rivierduin. Bewoning op deze duin is bekend vanaf de prehistorie, met vondsten op de Wijchense rivierduin vanaf het Gevorderd Jong-Paleolithicum (vanaf 15.000 v. Chr. tot 10.000 v. Chr.) tot het Mesolithicum (10.000 v. Chr. tot 5.300 v. Chr.) 21. Gezien het feit dat deze heuvel zich pas na de koudste fase van het Weichsel ijstijd heeft gevormd, worden vondsten vanaf het Laat Paleolithicum verwacht in de rivierduinafzettingen (Formatie van Boxtel, Laagpakket van Delwijnen). Wel zijn er in de regio al eerdere sporen aanwezig uit het Midden-Paleolithicum, na het Saalien en de ijsbedekking, ca. 150.000-30.000 jaar geleden. Tijdens deze periode volgt de bewoning de afwisseling van glacialen en interglacialen. Deze vondsten liggen echter meer ten oosten van de Wijchense rivierduin22. Binnen het plangebied worden archeologische resten van deze ouderdom in de oudere lagen van de Formatie van Krefteneye verwacht, vanaf ca. 13m -NAP (ca. 21m -Mv)23.
Daarnaast betreft het hier een riviermeander, de kans op bewoning is dus zeer beperkt. Menselijke bewoning in Gelderland speelt voornamelijk vanaf de Bølling-Allerødtijd (14.690 tot 12.850 jaar geleden)24. De eerste jager-verzamelaars in Gelderland waren de Hamburgjagers, de Federmesserjagers, en de Ahrensburgjagers. Op de Wijchense rivierduin worden steentijd vondsten uit het Midden en LaatMesolithicum gedaan, en voornamelijk uit het Neolithicum 25. Er is op enkele honderden meters, op de oostflank van de rivierduin, een nederzetting van de Vlaardingencultuur uit het Neolithicum goed bekend. In een aangrenzend ven werd het afval gestort. Op basis van dit afval is het duidelijk dat er veel wild op het menu stond, en dat er vee werd gehouden. Wijchen blijkt een belangrijk centrum te blijven door het gehele Neolithicum. Uit de Klokbekercultuur (24502000 v. Chr.) zijn drie grafheuvels bekend, die samen een groot cluster vormen. Deze grafheuvels vormden een ankerpunt voor de volgende generaties. Wijchen houdt deze functie als belangrijk centrum aan in de Bronstijd en in de IJzertijd. De Wijchense rivierduin kent een grote concentratie gebouwplattegronden en graven, zoals een twaalftal overstoven gebouwplattegronden van prehistorische boerderijen met akkers in het centrum van Wijchen bewijzen.
Zeker de overgang van de stuifduinen naar de rivierterrassen uit de laatste ijstijd waren ideale locaties voor boeren, aangezien ze droge akkers en grazige weidegebied zochten. Uit de vroege IJzertijd is er ook een vorstengraf bekend, gevonden einde 19 e eeuw op de Wezelscheberg in Wijchen. Het betreft hier een wagengraf met een bronzen situla en een ijzeren zwaard. Er is een duidelijke elite aanwezig in het gebied rondom Wijchen, met wellicht invloeden uit andere regio’s uit Europa, zoals de rinkelringen met Etruskische invloedenvan de ceremoniële wagen verraad. Uit de Romeinse Tijd kent Wijchen verschillende landelijke nederzettingen, en in de buurt van het hedendaagse Wijchen zijn twee (vermoedelijke) villa’s bekend: bij De Pas in Wijchen en p de locaties De Loffert
20 Kadastrale Minuutplans zijn ten behoeve van de belastingheffing vervaardigde kaarten. De opnames zijn gestart in 1811, ten tijde
van Frans bestuur en gecontinueerd tot 1832 (vanaf 1815 onder Nederlands bewind. Het zijn grondbeschrijvingen van de gemeenten met hierop aangegeven de percelen, perceelnummers en gebouwen. 21 Verhoeven, Gubbels en Melenhorst (2022). 22 Ibid. 23 Dinoloket boring B45F0083 24 De informatie uit de volgende 6 paragrafen komt uit Verhoeven, Gubbels en Melenhorst (2022). 25 Van Kampen (2012) Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden. Versie 2023-01
17 van 35
Project : Kraanvogelstraat 9-15 te Wijchen. Bureau- en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek Projectnummer: S230009
en De Wijnakker in Hernen. In Wijchen ligt ook de grootste Romeinse grafheuvel, met een tumulus van 47 meter doorsnede. Tijdens de latere Romeinse tijd, in de laatste decennia van de 4 de eeuw, werd de romeinse villa van WijchenTienakker een wachtpost. Het putgebouw werd omgebouwd tot wachttoren. Wijchen was op dat moment deel van de verenigingsstructuren rondom Nijmegen. In de vijfde eeuw strekte het Romeinse Rijk officieel nog tot de Rijn, maar de grens werd niet meer bewaakt. Frankische bevolkingen trokken het gebied in, zoals de Salische Franken. Vanaf het eind van de 6e eeuw hoort het gebied bij het Frankische Rijk. Ook in de Vroege Middeleeuwen bleef Wijchen een belangrijk regionaal centrum. Zo zijn er verschillende nederzettingen en begraafplaatsen bekend uit zowel de Merovingische als de Karolingische periodes. Desondanks de bevolkingsterugloop in de vijfde en zesde eeuw, wijst het grafveld van Wijchen aan dat niet ontvolkt was. Er zijn tijdens deze periode indicaties doormiddel van bewoningssporen, losse grafvondsten en grafveleden dat er in Wijchen een welvarende gemeenschap aanwezig was, met indicaties van een rijke elite. De naam Wijchen komt vanaf de 12e eeuw voor in de schriftelijke bronnen.
De naam verwijst mogelijk naar een Wih, ofwel een geweide, heilige plaats.26 Ook andere toponymische verklaringen zoals Wijk-hen (afkomstig van vic of vicus) en hene, dat ‘omheining’ betekent, kunnen niet uitgesloten worden. Het is in ieder geval duidelijk dat de nederzetting zich uitbreid, alhoewel de rol als regionaal centrum lijkt af te nemen. Het gebrek aan documentatie over deze periode lijkt hier een reflectie van te zijn. Begin 19e eeuw is op het Minuutplan te zien dat het terrein als bouwland wordt gebruikt. Deze situatie blijft onveranderd tot in 1918 (afbeeldingen 9 en 10). Op dat moment wordt het gebied intensiever bebouwd, en verdwijnt de voorganger van de Kraanvogelstraat (vermoedelijk een simpel pad). In 1950 wordt de Kraanvogelstraat aangelegd zoals we hem nu kennen (afbeelding 11), en in 1978 staan er een aantal gebouwen. Er is sindsdien weinig veranderd.
26 Van Berkel en Samplonius (2006), 499.
Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden. Versie 2023-01
18 van 35
Project : Kraanvogelstraat 9-15 te Wijchen. Bureau- en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek Projectnummer: S230009
Afbeelding 8: Het plangebied op het kadastrale minuutplan uit het begin van de 19e eeuw. (Bron: RCE Beeldbank, MIN05172B02).
Afbeelding 9: Het plangebied op de topografische kaart uit circa 1870 (Bron: www.topotijdreis.nl).
Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden. Versie 2023-01
19 van 35
Project : Kraanvogelstraat 9-15 te Wijchen. Bureau- en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek Projectnummer: S230009
Afbeelding 10: Het plangebied op de topografische kaart uit circa 1918 (Bron: www.topotijdreis.nl).
Afbeelding 11: Het plangebied op de topografische kaart uit circa 1950 (Bron: www.topotijdreis.nl).
Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden. Versie 2023-01
20 van 35
Project : Kraanvogelstraat 9-15 te Wijchen. Bureau- en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek Projectnummer: S230009
Afbeelding 12: Het plangebied op de topografische kaart uit circa 1978 (Bron: www.topotijdreis.nl).
2.4
Bekende bodemverstoring Binnen het plangebied zijn voor zover bekend geen grondroeringen veroorzaakt door saneringen van munitie, bodemverontreinigingen of ondergrondse olietanks, benzinepompinstallaties en dergelijke bekend waardoor archeologische resten mogelijk verloren zijn gegaan.27 Het voorliggende winkelpand is voorzien van kelder en tot minimaal 2,5 meter beneden maaiveld verstoord. De overige bebouwing is tot circa 90 cm beneden maaiveld verstoord (zie afbeelding 1b en 1c).
2.5
Archeologische waarden in en rondom het plangebied In deze paragraaf wordt gekeken of binnen en rond het plangebied archeologische en/of ondergrondse bouwhistorische waarden bekend zijn. Hiervoor is het Archeologisch Informatie Systeem (ARCHIS III) van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) geraadpleegd en in aanvulling daarop de archeologische beleidskaart van de gemeente Wijchen en Achtergrondliteratuur (zie literatuurlijst).
Gemeentelijk beleid Voor het plangebied geldt op basis van de archeologische verwachtingskaart/beleidskaart van de gemeente Wijchen voor het plangebied een hoge archeologische waarde (Afbeelding 10). Het plangebied ligt op de westflank van de rivierduin, waardoor hier archeologische resten vanaf de Steentijd aanwezig kunnen zijn. Het gaat hier specifiek om resten vanaf het Laat-Paleolithicum. Een rivierduin was een hogere en droge plek in het rivierenlandschap, waardoor het gebied zeer geschikt was voor bewoning.
27 www.bodemloket.nl, http://www.explosievenopsporing.nl/veo-bommenkaart/
Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden. Versie 2023-01
21 van 35
Project : Kraanvogelstraat 9-15 te Wijchen. Bureau- en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek Projectnummer: S230009
Afbeelding 10: Het plangebied, rode kader, geprojecteerd op de Archeologische Verwachtingskaart van de gemeente Wijchen, (Bron: gemeente Wijchen).
Monumenten, waarnemingen en onderzoeksmeldingen in (de nabijheid van) het plangebied Er zijn in (de nabijheid van) het plangebied, binnen een straal van 500 m, in ARCHIS III gegevens bekend aangaande bovengrondse cultuurhistorische monumenten, waarnemingen, vondstlocaties, vondstmeldingen en/of zaakidentificaties. Een selectie relevante onderzoeken wordt hieronder besproken. Het plangebied bevindt zich aan de grens van de rivierduin. Ten zuiden bevond zich een ven, de Teersmortel. In de directe omgeving van het plangebied (ca. 50m), aan de Kraanvogelstraat, heeft in 2003 een groot archeologisch onderzoek plaatsgevonden28. Tijdens dit onderzoek zijn vele sporen en vondsten gevonden van het Laat-Paleolithicum t/m de Nieuwe Tijd. Hier bevond zich bovenop de oorspronkelijke pleistocene bodem een prehistorische bewoningslaag, verder voortgezet in het rivierduinzand. Aan de oostkant van dit terrein duikt het rivierduinzand weg nar een natter gebied, met sporen van ontginning. In de rest van het gebied, zijn sporen van bewoning vanaf de prehistorie aanwezig, met een zichtbaar hoogtepunt tijdens de IJzertijd29. Op een vergelijkbaar niveau, op de rand van de rivierduin, is een grafveld uit de IJzertijd gevonden30. Deze graven zijn in het duinzand gevonden, op verschillende dieptes.
In het algemeen schetst dit een beeld van een intensief bewoond gebied tussen het Laat-Paleolithicum en de IJzertijd, en vervolgens tussen de Late Middeleeuwen en de Nieuwe Tijd. De archeologische niveaus bevinden zich zowel in de top van de rivierduinafzettingen, in de rivierduinafzettingen, en in de top van de pleistocene bodem. Het gebied wordt al langer gebruikt voor agrarische activiteiten, en er worden veel verschillende cultuurlagen aangetroffen, voornamelijk in het duinzand.
28 Heirbaut, Hendriks, en Hermsen (2010)
29 Heirbaut, Hendriks, en Hermsen (2010); Van der Meij, Voeten, de Winter, en Dyselinck (2010); Verbeek (2014); Magnée-Nentjes
(2006) 30 Van der Meij, Voeten, de Winter, en Dyselinck (2010); Verbeek (2014). Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden. Versie 2023-01
22 van 35
Project : Kraanvogelstraat 9-15 te Wijchen. Bureau- en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek Projectnummer: S230009
Afbeelding 11: Overzicht van de monumenten, waarnemingen en onderzoeksmeldingen binnen een straal van 200 m van het plangebied, (Bron:Archis3).
Monument
Afstand
39628
Waarde
Complextype/ Omschrijving
Datering
Rijksmonument
Oude molen uit 1799.
Nieuwe Tijd
Tabel 1: Lijst van afgebeelde monumenten (conform de AMK 2014).
Vonds tloca tie
Afstand
Materiaal
Type
Datering
1094959
0m
Keramiek
Gedraaid aardewerk
Romeinse Tij d
1074774
50m
Vuursteen, IJzer, Keramiek, Houtskool
Handgevormd aardewerk, gedraaid aardewerk, kogelpot, pijp, en de rest is ongeïdentificeerd
Paleolithicum – Nieuwe Tijd
1089610
50m
Keramiek
Handgevormd aardewerk
Neolithicum Nieuwe Tijd
1094451
200m
Vuursteen, Keramiek, Kwartstiet, tefriet
Kling, aflag, afslagschrabber, maalsteen, kooksteen, spinklos, handgevormd aardewerk
Neolithicum – Late Middeleeuwen B
1093217
200m
Keramiek
Handgevormd aardewerk geassocieerd met een crematiegraf en bewoning (i nclusief verdediging)
IJzertijd
1081953
200m
Keramiek
Handgevormd aardewerk
IJzertijdRomeinse Tijd
1024603
200m
Keramiek, IJzer
Handgevormd aardewerk, Klokbeker, bijl
Neolithicum – Romeinse Tijd
1084200
300m
Keramiek
Handgevormd aardewerk
Late Brons tijd – Late IJzertijd
Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden. Versie 2023-01
23 van 35
Project : Kraanvogelstraat 9-15 te Wijchen. Bureau- en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek Projectnummer: S230009 Vonds tloca tie
Afstand
Materiaal
Type
Datering
1089609
420m
Grote aantallen keramiek (>5000), 56 stukken metaal, 11 munten, 62 fragmenten vuursteen
Handgevormd aardewerk, gedraaid aardewerk, afslagen
BronstijdRomeinse Tijd
1071788
420m
Keramiek
Onbekend
Late Bronstijd – IJzertijd
Tabel 2: Lijst van afgebeelde objecten/vondstlocaties op de kaart (afbeelding 11).
Zaakidentifi catie
Afstand
Soort onderzoek
Bevindingen
Aanbeveling
2326258100 31
0m (W)
BO IVO-V
Het plangebied ligt op een rivierduin. De oorspronkelijke holtpodzolgronden waren tot in de C-horizont afgetopt, behalve in 2/3 boringen (2 met een intacte bodemopbouw en een met een deels intact B -horizont). Een fragment romeins aardewerk tussen de A en de C -horizont. Het plangebied is echter grotendeel afgetopt, en ter p laatse van de intacte bodem zal het plangebied niet verstoord worden. Er wordt geadviseerd geen vervolgonderzoek te laten uitvoeren.
Geen vervolg.
2417350100 32
0m (O)
BO IVO-K
Natuurlijke vorstvaaggrond in 4 van de 5 boringen nog intact. Er zijn echter g een archeologische indicatoren aangetroffen. Er wordt geadviseerd geen vervolgonderzoek te laten uitvoeren.
Geen vervolg.
2235870100 33
50m (ZW)
DO
Laat Paleolithicum - Nieuwe Tijd
n.v.t.
Vuursteenassemblage op de Kraanvogel, maar onduidelijk of het de Federmess ertraditie of de Ahrensburgtraditie betreft. In de Usselo -bodem. Verder veel sporen en vondsten uit de Prehistorie t/m de Nieuwe Tijd. 2235862100 34
50m (O)
DO
Zie 2326258100
n.v.t.
2325853100
120m (Z)
BO IVO-V
Rivierduinen uit het einde van de laatste IJstijd (Jonge Drias) met zand uit het vlechtende Maasdal. Het plangebied is verstoord tot in het pleistocene bodemprofiel. Gezien het erosieve karakter van de rivierafzettingen van Krefteneheye zijn hieronder ook geen oudere intacte archeologische niveaus te verwachten.
Geen vervolg.
2050833100 35
420m (O)
DO
Zie 2326258100
n.v.t.
2083388100 36
420m (O)
DO
Zie 2326258100
n.v.t.
2275982100 37
200m (ZO)
IVO-P
Grafveld uit de IJzertijd op de flank van de Rivierduin.
Behoud insitu
31 Verboom-Jansen (2011)
32 Kremer en Leuvering (2014)
33 Heirbaut, Hendriks, en Hermsen (2010) 34 Heirbaut, Hendriks, en Hermsen (2010) 35 Heirbaut, Hendriks, en Hermsen (2010) 36 Ibid.
37 Van der Meij, Voeten, de Winter, en Dyselinck (2010)
Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden. Versie 2023-01
24 van 35
Project : Kraanvogelstraat 9-15 te Wijchen. Bureau- en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek Projectnummer: S230009 Zaakidentifi catie
Afstand
Soort onderzoek
Bevindingen
Aanbeveling
Oorspronkelijke Loopodzolgronden gedeeltelijk afgetopt. 2316449100 38
200m (ZO)
DO
Kuilen uit het Neolithicum. Kuilen en paalsporen uit de Midden Bronstijd. Een greppelsysteem omringde de nederzetting uit de Midden-Bronstijd. Enkele vermoedelijke gebouwen/paalsporen uit de vroege IJzertijd. Vanaf de Midden IJzertijd was het plangebied in gebruik als grafveld. Vervolgens enkele kuilen uit de periode Late IJzertijd – Romeinse Tijd. Vervolgens zijn er sporen van landinrichting en landgebruik aanwezig van de Late Middeleeuwen tot d e Nieuwe Tijd.
n.v.t.
2236186100 39
300m (O)
AB
Bewoningsporen en vondsten uit de Late Bronstijd tot de Nieuwe Tijd.
n.v.t.
Tabel 3: Lijst van afgebeelde archeologische onderzoeken onder zaakidentificatienummer.
2.6
Gespecificeerde archeologische verwachting Op basis van bovenstaand bureauonderzoek is voor het plangebied een gespecificeerde archeologische verwachting opgesteld. De essentie hiervan is weergegeven in tabel 1. Het plangebied ligt op een rivierduin en holtpodzolgronden. Gezien de ouderdom van de te verwachte afzettingen kunnen in het plangebied vindplaatsen aanwezig zijn vanaf het laat-paleolithicum tot en met de nieuwe tijd. Gezien het archeologisch onderzoek in de omgeving van het plangebied kan er een intact bodemprofiel verwacht worden. Sporen en vondsten uit het Laat-paleolithicum en het Mesolithicum worden in de top van de paleosol verwacht, tussen 150 en 200 cm -Mv. Archeologische resten uit het uit het Neolithicum t/m de IJzertijd zullen zich in de rivierduinafzettingen bevinden, tussen 50 en 150 cm -Mv. In deze rivierduinen kunnen verschillende cultuurlagen aanwezig zijn, die erg dun kunnen zijn (ca. 1cm). Archeologische sporen en vondsten uit de Romeinse Tijd tot de Vroege Middeleeuwen zullen zich in de top van de rivierduinafzettingen bevinden en wellicht in de onderste laag van het eventueel aanwezige plaggendek, tussen 50cm -Mv en 80 cm -Mv. Sporen van de Late Middeleeuwen t/m de Nieuwe Tijd kunnen vanaf het maaiveld tot ca. 50 cm -Mv aanwezig zijn. De bovenste lagen zijn mogelijk afgetopt tot in het C-horizont van de rivierduinafzettingen, tot ca. 1m -Mv.
38 Verbeek (2014)
39 Magnée-Nentjes (2006)
Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden. Versie 2023-01
25 van 35
Project : Kraanvogelstraat 9-15 te Wijchen. Bureau- en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek Projectnummer: S230009
Periode
Verwach ting
Verwach te kenmerken vindplaats
Diepteligging sporen
laat-paleolithicum – mesolithicum
hoog
Bewoningssporen : tijdelijke kampementen Mobilia : vuurste en artefacten, haardkuilen
Vanaf 150 cm -Mv tot 200 cm -Mv
neolithi cum IJzerti jd
hoog
50 cm -Mv tot 150 cm -Mv
Romeinse Tijd – Vroege Middeleeuwen
hoog
Bewoningssporen: (semi permanente) nederzettingen, sporen van agrarisch/industrieel landgebruik, percelering: cultuurlaag, Mobilia: fragmenten keramiek, glas, metaal, natuursteen, bouwmaterialen
Late MiddeleeuwenNieuwe Tijd
hoog
Tussen 50 cm -Mv tot 80 cm -Mv vanaf maaiveld tot 50 cm -Mv
Tabel 4: Gespecificeerde archeologische verwachting.
2.7
Advies Op basis van het bureauonderzoek is de kans groot dat er binnen het plangebied archeologische vondsten en resten aanwezig zijn. Er wordt dus geadviseerd om een karterend booronderzoek uit te laten voeren, om de bodemopbouw van het plangebied te toetsen en eventueel aanwezige archeologische indicatoren aan te treffen.
Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden. Versie 2023-01
26 van 35
Project : Kraanvogelstraat 9-15 te Wijchen. Bureau- en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek Projectnummer: S230009
3
Inventariserend Veldonderzoek
3.1
Methode Op basis van het gespecificeerde verwachtingsmodel uit het bureauonderzoek is een verkennend booronderzoek met een boordichtheid van ten minste 6 boringen per hectare uitgevoerd (met een minimum van 4 boringen per hectare). Hiermee is het onderzoek verkennend voor vuursteenvindplaatsen uit de steentijd en karterend voor nederzettingsresten uit de latere perioden. Aangezien het plangebied circa 1000 m2 groot is, zijn verspreid over het plangebied (afbeelding 12) in totaal 3 boringen gezet. Aangezien het plangebied ca. 1000 m2 groot is, zouden er 4 boringen gezet moeten worden, verspreid over het plangebied. Er zijn echter 3 boringen gezet in plaats van de 4 zoals oorspronkelijk gepland . Boring 4 zou in het oostelijke deel van het plangebied plaatsvinden, maar dit deel van het plangebied was niet toegankelijk vanwege een gesloten hek. Vanwege het geringe oppervlak en de terreinomstandigheden (bebouwing, verhardingen, begroeiing etc.) zijn de boringen zo gelijkmatig mogelijk over het plangebied verdeeld. Boring 3 was oorspronkelijk zuidelijker gepland. De boring stootte helaas op een betonplaat, en is naar het noorden verzet (zie afbeelding 12). De exacte boorlocaties zijn ingemeten met een GPS. Er is geboord met een Edelmanboor met een diameter van 7 cm en een gutsboor met een diameter van 3 cm. De boringen zijn met een Edelmanboor met een diameter van 15cm nageboord.
De boringen zijn uitgevoerd tot 200 cm -Mv. Het opgeboorde sediment is verbrokkeld en versneden en geïnspecteerd op de aanwezigheid van archeologische indicatoren. De boringen zijn lithologisch beschreven conform de NEN 5104 40 en bodemkundig41 geïnterpreteerd.
Afbeelding 12: Boorpuntenkaart geprojecteerd op de meest recente luchtfoto uit 2022 (bron: www.pdok.nl).
40 Nederlands Normalisatie-instituut 1989. 41 De Bakker en Schelling 1989.
Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden. Versie 2023-01
27 van 35
Project : Kraanvogelstraat 9-15 te Wijchen. Bureau- en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek Projectnummer: S230009
3.2
Beschrijving en interpretatie van de boorgegevens De laagopeenvolging is aan de hand van de boorprofielen bepaald42. Alleen boring 1 is tot 1,20 m -Mv verstoord, boringen 2 en 3 hebben een intacte bodemopbouw. Tot ca. 170 cm -mv (ca. 6,50m +NAP) is er een pakket roodbruine tot grijsbruine, matig zandige, zwak humeuze klei aanwezig. In deze klei zitten plantenresten, en in boring 1 zijn houtskoolsporen aangetroffen. Dit pakket wordt geïnterpreteerd als fluviatiele afzettingen behorende tot een pleistocene loop van de Maas. Deze afzettingen worden tot de Formatie van Beegden, Laag van Wijchen gerekend. Het klei van de Formatie van Beegden, Laag van Wijchen (Maasafzettingen) is iets roder van kleur dan de Formatie van Kreftenheye, Laag van Wijchen (Rijnafzettingen). Hierdoor kan deze laag klei eerder worden geassocieerd met de Formatie van Beegden in plaats van de Formatie van Krefteneye zoals vermeld in eerder uitgevoerd onderzoek. Op de paleogeografische kaart (9000 v. Chr.) (afbeelding 13) is ook duidelijk te zien dat het plangebied eerder onder invloed van de Maas staat dan van de Rijn, de formatie van Beegden omvat afzettingen van de Maas, de formatie van Kreftenheye afzettingen van de Rijn. Ze worden gescheden door een groot hoger gelegen zandgebied.
Door de aanwezigheid van de planten, en de dunte van de A-horizont bovenop deze laag, heeft zich in de klei een B-horizont kunnen ontwikkelen. In boring 1 zijn er in dit pakket houtskoolfragmenten aangetroffen. Deze zijn te vergelijken met de houtskoolbrokjes in de Usselo-bodem. Tijdens het begin van het Allerød (13.900 tot 12.850 jaar geleden) waren er veel bosbranden, waardoor er lokaal houtskoolbrokjes te vinden zijn. Bovenop dit pakket, tot ca. 160 cm -Mv (ca. 6,60m +NAP) is er een dun pakket grijs-oranje sterk siltig zwak grindig zwak humeus matig grof matig afgerond en kalkloos zand aangetroffen. Het zand is hier vrij dun afgezet op de overstromingsvlakte door een laat-pleistocene / vroeg-holocene loop van de Maas. Deze afzettingen worden tot de Formatie van Beegden, Laag van Wijchen gerekend. In de top van dit pakket kan men een humeus A-horizont herkennen, wat aanwijst dat vegetatie zich hier heeft kunnen ontwikkelen.
Afbeelding 13: Paleogeografische kaart van 9000 v. Chr. (bron: Vos, Meulen, Weerts, Bazelmans 2018).
42 bijlage 2
Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden. Versie 2023-01
28 van 35
Project : Kraanvogelstraat 9-15 te Wijchen. Bureau- en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek Projectnummer: S230009
Deze A-horizont is vervolgens tot ca. 60 cm -Mv (ca. 7,60 m +NAP) afgedekt door een pakket oranje-grijs, matig siltig, matig fijn, afgerond zand. Dit pakket wordt geïdentificeerd als rivierduinafzettingen behorende tot de Formatie van Boxtel, Delwijnen laagpakket. Bovenop deze C-horizont is er een Ap/C horizont aanwezig tot 40 cm -Mv (7,80m +NAP). Dit pakket donkerbruingrijs sterk siltig sterk humeus matig fijn afgerond en kalkloos zand wordt gerekend tot de Formatie van Boxtel, het Laagpakket van Delwijnen. Dit pakket is te relateren aan het feit dat dit terrein vroeger voor landbouw werd gebruikt. Dit pakket is verploegd tot in de C-horizont. Deze laag is zeer mogelijk geërodeerd. Vervolgens bevindt zich op deze Ap/C horizont een pakket grijs tot licht oranje-grijs matig siltig grijs matig grindig matig grof matig afgerond kalkloos zand tot aan het maaiveld (8,20m +NAP). Dit pakket wordt geïnterpreteerd als een ophogingslaag.
3.3
Archeologische indicatoren Bij de controle van het opgeboorde bodemmateriaal zijn geen archeologische indicatoren aangetroffen die wijzen op de aanwezigheid van een archeologische vindplaats. Het houtskool in boring 1 dateert zoals eerder vermeld waarschijnlijk uit het Alleröd en zal een natuurlijk oorsprong hebben. Gezien de aanwezigheid van Federmesser of Ahrensburgcultuur vondsten in de buurt, is deze laag echter kansrijk. De concentraties vuursteen kunnen sterk variëren, zoals uit het naastgelegen onderzoek uit 2010 blijkt43, waardoor er ook binnen het plangebied grote verschillen aan concentraties kunnen voorkomen. Het is dus niet mogelijk een vuursteenvindplaats geheel uit te sluiten op basis van dit onderzoek. Hierop bevindt zich een humeuze laag, wellicht het restant van begroeiing of mogelijk van prehistorische landbouw op de paleosol, zoals ook het geval is in het aangrenzend onderzoek ten westen uit 201044. Verder is er een dun restant van een esdek (Ap) aangetroffen. Dit esdek is waarschijnlijk geërodeerd. De hogere ligging van het esdek in de rivierduinafzettingen staat een datering vanaf de Late Middeleeuwen t/m de Nieuwe Tijd toe.
3.4
Archeologische interpretatie Het natuurlijke bodemtype is buiten de locatie van de kelder in een groot deel van het plangebied intact, op het zuidelijke deel na (boring 1). Wat de rest van de bodemopbouw onder het gebouw betreft, is een verstoring tot ca. 60 cm -Mv te verwachten. Hier is alleen de oudere bodem intact, de begraven A en C horizonten. Vuursteenvindplaatsen uit het Laat-Paleolithicum en Mesolithicum bestaan voornamelijk uit strooiing van fragmenten vuursteen en ondiepe grondsporen, zoals haardkuilen, en bevinden zich in de top van de rivierafzettingen van de Maas en in de onderste laag van de rivierduinafzettingen. Gezien de regionale context is het goed mogelijk dat er prehistorische archeologische resten in aanwezig zijn. Nederzettingsresten uit het Neolithicum tot en met de Nieuwe Tijd bestaan niet alleen uit fragmenten aardewerk, maar ook uit diepere sporen zoals paalgaten en afvalkuilen. Deze sporen kunnen tot in de Chorizont (de duinafzettingen) reiken en zijn mogelijk nog intact. Daarnaast is er een dun restant van een esdek aangetroffen, die mogelijk vanaf de Late Middeleeuwen dateert.
43 Heirbaut, Hendriks, en Hermsen (2010) 44 Ibid.
Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden. Versie 2023-01
29 van 35
Project : Kraanvogelstraat 9-15 te Wijchen. Bureau- en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek Projectnummer: S230009
4
Conclusies en aanbevelingen
4.1
Inleiding Het doel van het archeologisch bureauonderzoek was het opstellen van een gespecificeerde archeologische verwachting voor het plangebied. Voor het plangebied gold op basis van het bureauonderzoek een hoge verwachting voor vuursteenvindplaatsen uit het
Laat-Paleolithicum en Mesolithicum en voor
nederzettingsresten uit het Neolithicum tot en met de Nieuwe Tijd. Het doel van het inventariserend veldonderzoek is het toetsen van deze verwachting.
4.2
Conclusies / beantwoording onderzoeksvragen In dit deel worden de onderzoeksvragen uit de inleiding beantwoord. 1. Wat is de opbouw van de ondergrond en is het bodemprofiel intact? Er is sprake van een begraven paleosol (A/B/ C) in de fluviatiele afzettingen van de pleistocene Maas (Formatie van Beegden, Laag van Wijchen). Op dit pakket liggen de duinafzettingen behorende tot Formatie van Boxtel, Laagpakket van Delwijnen. Op pakket is een esdek aanwezig. De oorspronkelijke holtpodzelgrond is hierin verploegd, waardoor er een Ap/C bodemopouw aanwezig is. Deze Ap/C/A/B/C bodemopbouw is in boringen 2 en 3 aanwezig. Mogelijk zijn de rivierduinafzettingen in het plangebied (deels) afgetopt, zoals bewezen door de aangrenzende onderzoeken van ARC en Synthegra. 2. Zijn in het plangebied archeologische vindplaatsen aanwezig of worden deze verwacht? In geen van de boringen zijn indicatoren aangetroffen die wijzen op de aanwezigheid van een archeologische vindplaats. Desondanks is de kans op archeologie niet uit te sluiten, gezien de redelijke intacte bodeopbouw in een gebied met hoge verwachting. Daarnaast is deze methode niet geschikt voor het aantonen van vondstarme vindplaatsen zonder cultuur- of vondstlaag die ook worden verwacht (en in de omgeving zijn aangetoond), op ca. 160 cm -Mv (ca. 6,7m +NAP).
Dit type verwachte archeologische resten zijn lastig aan te tonen doormiddel van booronderzoek. a)
Wat is te zeggen over de horizontale en verticale verspreiding van de archeologische waarden? Sporen en vondsten uit het Laat-paleolithicum en het Mesolithicum worden in de paleosol die is ontwikkeld in de top van de rivierafzettingen van de Maas verwacht (tussen 170 en 160 cm -Mv; 6,50m tot 6,60m +NAP). Archeologische resten uit het uit het Neolithicum t/m de IJzertijd zullen zich in de rivierduinafzettingen bevinden (160 tot 60cm -Mv; 6,60m tot 7,60m +NAP). Archeologische sporen en vondsten uit de Romeinse Tijd tot de Vroege Middeleeuwen zullen zich in de top van de rivierduinafzettingen bevinden, wellicht in de onderste laag van het residuele plaggendek (tussen 90 en 40 cm -Mv; 7,30m tot 7,80m +NAP). Sporen van de Late Middeleeuwen t/m de Nieuwe Tijd kunnen vanaf het maaiveld (8,20m +NAP) aanwezig zijn.
b)
Wat is de vermoedelijke aard en datering van de archeologische resten? Het betreft hier voornamelijk nederzettingsresten met geassocieerde ontginningsresten, en mogelijke inhumaties. Deze resten kunnen dateren vanaf het Laat-Paleolithicum t/m de Nieuwe Tijd.
Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden. Versie 2023-01