Bijlage bij motie WL buurttuintjes Roadmap buurttuin ontwikkelen
Tekst van het document
Roadmap voor gemeenten
IN 10 STAPPEN initiatieven van bewoners voor een buurttuin ondersteunen
1
2
3
4
5
6
7
TIPS Inclusief rttuin voor buu emers initiatiefn
8
9
10
1 / 29
Belangrijkste lessen voor gemeenten [1]
Buurttuinen kunnen veel betekenen voor bewoners en gemeenten, bijvoorbeeld bijdragen aan het realiseren van beleidsdoelen voor een gezonde en sociale leefomgeving.
[2]
Maak als gemeente duidelijk hoe initiatieven bij hen kenbaar gemaakt kunnen worden. En welke informatie de gemeente nodig heeft om het initiatief op een goede manier in behandeling te kunnen nemen, bijvoorbeeld door een puntenlijstje bij de contactinformatie.
[3]
Een groot buurttuininitiatief kan raken aan vele beleidsterreinen binnen de gemeente in het ruimtelijke en sociale domein. Buurttuin initiatiefnemers zijn gebaat bij interne afstemming van gemeenteambtenaren.
[4]
Een vaste contactpersoon voor initiatiefnemers is van cruciaal belang voor het soepel laten lopen van de ontwikkeling van een buurttuin bewonersinitiatief. Deze persoon kan initiatiefnemers aan het begin van het proces informeren wat zij kunnen verwachten (qua stappen, tijdspad, rollen en ondersteuning van de gemeente en waaraan een plan moet voldoen). Zie ook de ‘checklist contactpersoon gemeente’.
[5]
De houding en communicatie van ambtenaren bij de gemeente naar buurttuin initiatiefnemers kan een groot verschil maken. Een positieve, oplossingsgerichte houding, meedenken in mogelijkheden, ondersteuning bieden, bewoners serieus nemen als samenwerkingspartner (reageren op email), waarderen en een sparring- en netwerkpartner zijn, kan leiden tot meer vertrouwen en meer initiatieven.
2 / 29
Waarom deze Roadmap? Buurttuinen kunnen veel betekenen voor bewoners1. Verblijven in het groen heeft een positieve invloed op welzijn en gezondheid2, ook van ouderen3 en kinderen4. Kinderen steken de handen uit de mouwen1 en ontwikkelen zich in het groen 4,5. Bewoners ontmoeten andere bewoners waardoor vertrouwdheid opgebouwd kan worden1,6. Groen kan ook hittestress verminderen. Voor gemeenten kunnen buurttuinen leiden tot meer betrokkenheid van bewoners, ook van bewoners die niet eerder betrokken zijn geweest bij ontwikkelingen in de buurt, en tot een verbeterde relatie van de buurt met de gemeente, een basis voor afstemming in de toekomst1. Buurtbewoners kunnen soms ook onderhoudstaken in de publieke groene ruimte overnemen7. Buurttuinen kunnen ook diverse beleidsdoelen tot uitvoering brengen, zoals bijdragen aan een sterke, gezonde en sociale samenleving, een gezonde leefomgeving, het verkleinen van gezondheidsachterstanden, domeinoverstijgend werken en inzetten op preventie op wijkniveau vanuit de bewoners. Bij gemeenten is er dan ook interesse voor buurttuin bewonersinitiatieven. Over het ondersteunen van de ontwikkeling hiervan leven ook veel vragen.
Wat zijn verwachtingen van bewoners? Op welke wijze kunnen bewoners, voor wie de drempel om mee te doen hoog is, betrokken worden? En hoe kunnen beheer en sociale activiteiten geborgd worden? Om deze en andere vragen van gemeenten te beantwoorden beschrijft deze Roadmap buurttuinervaringen in meerdere gemeenten. De wijze waarop een gemeente georganiseerd is, is erg belangrijk in het bevorderen van bewonersinitiatieven8,9.
Hoe kan een gemeente een buurttuininitiatief van bewoners ondersteunen?
Elk initiatief ontwikkelt zich op een eigen wijze in verschillende stappen. Verschillende stappen vragen om andere ondersteuning van gemeenten8,10. We beschrijven in deze roadmap tien stappen in de ontwikkeling van een buurttuin, bewonersvragen bij deze stappen en manieren waarop gemeenten op deze vragen kunnen reageren en het bewonersinitiatief kunnen ondersteunen. Ook valkuilen voor bewoners en gemeenten komen aan bod. Aan het einde van het document is een checklist opgenomen voor een contactpersoon van een initiatief bij de gemeente. Deze ondersteunt in tien stappen een soepel verloop van de ontwikkeling van een grote buurttuin. De beschrijvingen zijn
gebaseerd op contacten met bewoners en gemeenteambtenaren betrokken bij buurttuinen in de gemeenten Wijchen, Druten en Oss; op beschreven buurttuin ervaringen in de gemeenten Almere 7,12,13, Groningen8 en Barendrecht 5; op uitwisselingen in het leernetwerk van het ZonMw programma Gezonde Leefomgeving Integrale Aanpak (GLIA)14 en op onderzoek naar burgerinitiatieven en participatie 9,11,12,15,16,17. Hieruit kwam naar voren dat stappen en volgorde van stappen verschillen per initiatief 8.
DNA van buurttuin bewonersinitiatieven 8,10,11
Buurttuininitiatieven zijn een soort organisaties, ieder uniek: soms los-vast, soms als collectief en soms als rechtspersoon georganiseerd. Ze bestaan grotendeels uit vrijwilligers met een gezamenlijke missie. Zij zetten zich in vanuit een persoonlijke motivatie, zoals meer contacten in de buurt of kinderen kennis laten maken met natuur. Het zijn vaak ‘doeners’. Sommigen zijn ‘amateur’, vaak is er ervaring. Sociale banden zijn vaak belangrijk voor hen, de tuin is soms een middel hiertoe. Het opzetten vraagt om een kartrekker/aanjager. Ondersteuning die ze nodig hebben wisselt (geld, expertise, netwerk). Buurttuininitiatieven zijn altijd in ontwikkeling, bijvoorbeeld met nieuwe leden of nieuwe samenwerkingspartners.
3 / 29
10 STAPPEN voor een soepel verloop van de
TIP!
ontwikkeling van een buurttuin bewonersinitiatief
1
STAP 1 Eerste contact gemeente en bewoner/ initiatiefnemer(s)
2 STAP 2 Eerste gesprek contactpersoon en initiatiefnemer
STAP 4 Tweede check haalbaarheid – eerste tekening buurttuinontwerp
3
STAP 3 Eerste inschatting haalbaarheid ‘willen we dit als gemeente?’
4
STAP 7 Concretiseren tuinontwerp met betrokkenen STAP 6 Integraal advies van gemeente over ontwerp buurttuin
6 5
7
Klik op de STAP die je interesse heeft
STAP 8 Omgevingsvergunning, als die niet te vermijden is
8
9
STAP 9 Bruikleenovereenkomst grond gemeente en bewoners
10
STAP 10 Voortbestaan/ doorontwikkeling van de tuin
STAP 5 Intentieverklaring
Direct naar de checklist voor gemeentecontactpersoon met stap 1-10 4 / 29
Vragen van buurttuininitiatiefnemers STAP 6
STAP 1
! Gemeente integraal advies van beleidsadviseurs Gebiedsinrichting, wat is het en waarvoor is het?
STAP 3
! Met wie bij de gemeente kunnen we contact opnemen?
! Waarom krijgen we zulke verschillende reacties vanuit de gemeente?
STAP 8 ! In welke situaties zijn een omgevingsvergunning en/of meldingen nodig?
STAP 7 STAP 2
! Hoe kunnen we meer bewoners betrekken bij de ontwikkeling van de buurttuin?
STAP 4
! Wat vinden jullie van dit idee, wil de gemeente dit? Is het idee haalbaar?
! Wat vinden jullie inhoudelijk van dit eerste plan/concept?
! Wat is een geschikte plek voor een buurttuin?
! Op welke wijze kunnen we bewoners die misschien een hogere drempel ervaren om mee te doen (ouderen, gezinnen met weinig geld) betrekken in de ontwikkeling van de buurttuin?
! Wat is en waarvoor dient een intern vooronderzoek door de gemeente?
! Mag deze gemeentegrond gebruikt worden voor een buurttuin?
! Is een omgevingsvergunning nodig?
! Politiek/bestuurlijk draagvlak, waarom en hoe?
STAP 9 ! ‘Bruikleenovereenkomst grond gemeente en bewoners’ – wat is hiervoor nodig en wat moet je hierin opnemen?
! Tips voor het concretiseren van het tuinontwerp (praktische lessen, beweegvriendelijke tuin, zonbescherming, biodiversiteit, drinkwater)?
! Hoe zorgen we voor een goed participatieproces voor een omgevingsvergunning?
STAP 10
! Hoe kan de tuin bewaterd worden?
STAP 5
TIP! ! klik door naar het antwoord op de vraag die je interesse heeft
2
3
4
! Hoe kunnen we gemeente en andere organisaties betrokken houden bij de buurttuin?
! Hoe kunnen we de samenwerking organiseren?
! Wat is een intentieverklaring en waarom is die nodig?
1
! Hoe kunnen we bewoners betrokken houden?
! Hoe kunnen de kosten van de buurttuin gedekt worden?
5
6
7
8
9
10
5 / 29
STAP 1 - Eerste contact gemeente en bewoner/initiatiefnemer(s)
1
DOEL: ALS GEMEENTE DUIDELIJK MAKEN WAAR EEN INITIATIEFNEMER ALS EERSTE TERECHTKAN EN ZORGEN VOOR ÉÉN HELDERE CONTACTPERSOON
In sommige gemeenten wordt de taak van verbinder van sociaal-ruimtelijk belegd bij zowel een ambtenaar in het sociale domein als een ambtenaar bij ruimtelijke ordening (RO). Zij weten elkaar te vinden en kunnen beide een aanspreekpunt voor collega’s zijn en wellicht ook voor initiatiefnemers wanneer een initiatief, zoals een buurttuin, beide domeinen bestrijkt. Vaak weten ze elkaar niet te vinden. Verschillende werkwijzen, tijdspaden en taal spelen hierbij een rol, bijvoorbeeld met name beoordelen of ook faciliteren en informeren.
VRAAG VAN INITIATIEFNEMER
Met wie bij de gemeente kunnen we contact opnemen? Voor een succes is het belangrijk dat de gemeente snel zorgt voor één heldere contactpersoon. Maak als gemeente intern en extern duidelijk waar een bewoner als eerste terecht kan. Is dat bijvoorbeeld een adviseur openbare ruimte, de wijkmanager, of een online loket? In Wijchen kunnen bewoners een groeninitiatief melden via de app van buitenbeter.nl. Deze wijze van aanmelden werd onder de aandacht gebracht in de lokale krant en staat ook op de webpagina www.wijchen.nl/meehelpen-aan-groenonderhoud. In Nijmegen is er de webpagina Buurtmoestuin aanleggen Gemeente Nijmegen. Voorkom dat een bewoner gaat shoppen bij meerdere afdelingen, door direct te communiceren wie de centrale contactpersoon is.
Idealiter wordt de rol van eerste contactpersoon van de buurttuin belegd bij een ambtenaar die de weg weet in de diverse ruimtelijke teams (beleid, voorbereiding en uitvoering) en procedures, en ook op de hoogte is van de sociaalmaatschappelijke beleidsdoelen. Dat is wellicht (te) veel gevraagd en in dat geval kunnen ook andere ambtenaren bij het initiatief betrokken worden. Wanneer bijvoorbeeld de eerste contactpersoon onderdeel is van het ruimtelijke domein, kan een beleidsadviseur in het sociaal domein als tweede contactpersoon meedenken en zo de sociaal maatschappelijke gemeentelijke beleidsdoelen en ambities inbrengen en de inzet hierop waarderen en stimuleren. Een buurttuin kan binnen het sociaal domein verschillende adviseurs raken, denk aan gezondheid, leefbaarheid, jeugd en WMO.
Een vaste eerste contactpersoon bij de gemeente zorgt voor duidelijkheid voor de initiatiefnemers 8,9 en daardoor een soepeler ontwikkelingsproces, zie hiervoor ook de checklist. Deze persoon kan bewoners informeren over nodige stappen in de ontwikkeling van een buurttuin en wat zij hierbij kunnen verwachten. Bijvoorbeeld hoeveel tijd sommige beslissingen vragen, welke verschillende afdelingen van de gemeente betrokken zullen worden, welke rol deze afdelingen hebben (bijvoorbeeld toepassen van wetten en regels 8,13), welke rol de contactpersoon zelf zal nemen (bijvoorbeeld faciliterend/leidend, het initiatief door de bureaucratie loodsen13, adviserend8, subsidiërend) en welke rol verwacht wordt van de initiatiefnemer. Zie ook de ‘checklist contactpersoon gemeente’ voor een initiatief voor een grote buurttuin.
1
2
3
4
Naast één of meerdere contactpersonen, zou in de gemeente ook een projectgroep gestart kunnen worden voor initiatieven zoals een buurttuin. Dit soort initiatieven vragen binnen een gemeente om afstemming van het ruimtelijke en sociale domein. Er zijn ook andere opgaven en landelijke ontwikkelingen waarvoor een projectgroep sociaal-ruimtelijk zinvol zou kunnen zijn, zoals klimaatverandering, hittestress, koelte-ongelijkheid, IZA (Integraal Zorgakkoord), GALA (Gezond en Actief Leven Akkoord), Woonzorgvisie, Omgevingswet, etc.
5
6
7
8
9
10
6 / 29
STAP 2 - Eerste gesprek contactpersoon en initiatiefnemer
2
DOEL: ELKAAR LEREN KENNEN, IDEE VERKENNEN, VERWACHTINGEN VERHELDEREN, VERVOLG BESPREKEN
beleidskaders/ambities, om verwachtingen van de rol van de gemeente te bespreken en om na te gaan of er nog vragen beantwoord moeten worden om de haalbaarheid te kunnen beoordelen. Als de gemeente op basis van deze informatie besluit het idee te willen, informeert de contactpersoon de initiatiefnemers hierover en legt ook uit dat willen nog niet kunnen is: de volgende stap is dat initiatiefnemers en verschillende personen binnen de gemeente uit zoeken of het idee haalbaar is. Dit vraagt om duidelijkheid op meerdere aspecten (zie checklist stap 4) en het maken van afspraken over wie wat uit gaat zoeken.
VRAAG VAN INITIATIEFNEMER
Wat vinden jullie van dit idee, wil de gemeente dit? Is het idee haalbaar? De contactpersoon maakt in samenspraak met collega’s een eerste inschatting of de gemeente het initiatief in behandeling wil nemen. Een quickscan. Om deze inschatting te maken kan de contactpersoon de volgende vragen stellen over het idee: van wie is het initiatief (persoon/bedrijf/maatschappelijk initiatief), voor wie, met wie, is er draagvlak in de buurt, wie is of zijn de kartrekker(s)? Wat is het idee, waar? Wat verwacht je hier zelf in te doen en wat verwacht je van de gemeente of anderen? Wie betaalt de kosten? Plannen voor plaatsen van een bouwwerk? Mogelijke bijdrage aan sociaal maatschappelijke doelen?
VRAAG VAN INITIATIEFNEMER
Wat is een geschikte plek voor een buurttuin? Wanneer nog niet duidelijk is wat een geschikte plek is, spreken de contactpersoon en de initiatiefnemer af wie dit uit gaat zoeken, de initiatiefnemer of de gemeente. Het werkt waarschijnlijk het snelst wanneer de initiatiefnemer een concreet voorstel doet voor één of evt. twee geschikte plekken in de gemeente.
Voor zowel initiatiefnemer als gemeente is het aan te raden dat de gemeente duidelijk aangeeft waaraan een initiatief moet voldoen om goedgekeurd te worden. Of verder in behandeling wordt genomen. Gemeente Nijmegen geeft bijvoorbeeld op de website Buurtmoestuin aanleggen Gemeente Nijmegen aan dat zij de voorgestelde locatie en het buurt(moes) tuin plan beoordelen. Zij geven daarbij een lijstje punten van gegevens om op te nemen in dit plan. Zo een lijstje geeft de gemeente de mogelijkheid om deze plannen aan te laten sluiten bij de vorm en inhoud van gemeentelijke processen.
De Buurttuinen in Oss laten zien dat buurttuinen verschillende vormen en maten kunnen hebben, waardoor veel plekken geschikt zijn. Omdat er meestal voedsel geteeld gaat worden is het belangrijk dat de bodem gezond is: voldoende voedingsstoffen en geen vervuiling (door nabijheid van drukke weg of rails). De gemeente of het kadaster kan inzicht geven in historisch gebruik van de bodem. Ook kan in laboratoria bodemonderzoek uitgevoerd worden (zie internet voor opties) 7. Indien er twijfel is over de bodem maar de locatie geschikt is kan tuinieren in bakken overwogen worden. Een plek in de buurt van huizen kan zorgen voor toezicht 7. Een factor die ook mee kan wegen is of op de plek bomen gekapt zouden moeten worden.
De contactpersoon zorgt ervoor dat verschillende personen bij de gemeente geïnformeerd worden over het initiatief (zie checklist stap 3 voor suggesties voor personen om te informeren). Bijvoorbeeld door middel van een presentatie door de initiatiefnemers. Dit om na te gaan of het idee past binnen
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
7 / 29
In Wijchen waren de volgende stappen nodig voor het krijgen van toestemming voor gebruik van gemeentegrond voor een grote buurttuin: eerste inschatting haalbaarheid, gemeente intern vooronderzoek, intentieverklaring (mogelijk is goedkeuring in een vergadering van het college nodig), gemeente integraal advies, ontwerptekening, omgevingsvergunning inclusief vooraanvraag (met reactietermijnen van maximaal 8-14 weken) en grondgebruikovereenkomst. Voor een klein initiatief kan een grondgebruikovereenkomst volstaan, zie ook stap 9.
DE PRAKTIJK IN WIJCHEN
In Wijchen bleek de beleidsadviseur Grondzaken niet de goede eerste ingang voor bewoners om de vraag naar een geschikte buurttuinlocatie neer te leggen. De vraag werd teruggelegd: wat denken jullie dat een goede plek is en wie is de eigenaar van die plek? De taak van het zoeken van een geschikt stuk grond lag hier dus bij de initiatiefnemers van de buurttuin. Vanuit ruimtelijke ordening was behoefte aan meer specifieke vragen en een uitgewerkt plan. Om zo te weten bij welk team deze vragen neer te leggen. Hun eerste reacties waren: er is ruimte, wat zijn de gevolgen voor de ruimte? Het is groen en het blijft groen. Wat zijn de kosten en baten? Zadelen we de gemeente niet op met heel veel werk? Het is binnen verschillende teams niet heel gebruikelijk om op deze manier samen te werken met een (wat groter) burgerinitiatief. Daarom is/was het onduidelijk wat er van hen verwacht werd. Vanuit RO was er het verlangen om wel te adviseren, maar niet de kar te trekken. Tegelijkertijd was de vraag wat je wel/niet kan verwachten van een bewonersinitiatief.
VRAAG VAN INITIATIEFNEMER
Politiek/bestuurlijk draagvlak, waarom en hoe? Wethouders die enthousiast zijn voor een buurttuin kunnen hierop sturen in hun gemeente. Het is voor wethouders fijn als dit binnen hun ambtstermijn gerealiseerd kan worden. Het is raadzaam bewoners met hun idee in contact te brengen met wethouders, als zij dit contact zelf niet opzoeken. In Wijchen presenteerden initiatiefnemers hun idee aan wethouders, tagden hen in berichten op sociale media en nodigden hen uit voor de opening. Deze wethouders gingen op bezoek bij buurttuinen en een enthousiaste wethouder in Oss, adviseerden een intentieverklaring te organiseren en waren aanwezig bij de ondertekening van de intentieverklaring. Dat de gemeente meedoet, kan ook belangrijk zijn voor lokale partijen en het draagvlak bij hen vergroten.
VRAAG VAN INITIATIEFNEMER
Mag deze gemeentegrond gebruikt worden voor een buurttuin? De contactpersoon van de gemeente kan de initiatiefnemers informeren dat de volgende factoren bepalen of een buurttuin gerealiseerd mag worden op een bepaalde plek: • het bestemmings-/omgevingsplan; • of deze aangepast moeten worden; • regels en beleid van gemeente, provincie, het Rijk en waterschap. Op omgevingswet.overheid.nl/regels-op-de-kaart is te vinden wat er op een locatie wel of niet mag. Als een initiatief zich in de beschermingszone van een hoogwaterkering en/of het binnendijkse oppervlaktewater bevindt, is het ook nodig om het waterschap bij het initiatief te betrokken en kan zelfs een vergunning bij het waterschap nodig zijn.
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
8 / 29
STAP 3 - Eerste inschatting haalbaarheid ‘willen we dit als gemeente?’
3
DOEL: EERSTE INSCHATTING MAKEN OF DE GEMEENTE HET IDEE VERDER IN BEHANDELING WIL NEMEN, VERVOLG BESPREKEN
groep (ruimtelijk en sociaal) binnen de gemeente zou meer gedeeld eigenaarschap kunnen ontstaan. Een contactpersoon zou initiatiefnemers ook kunnen informeren dat een ja van één ambtenaar binnen de gemeente nog niet een ja van alle personen in een gemeente betekent. Een buurttuin raakt aan veel verschillende beleidsterreinen van personen in een gemeente. Veel personen zullen reageren vanuit de eigen achtergrondkennis, bijvoorbeeld dat er veel parkeerklachten in een gebied zijn.
VRAAG VAN INITIATIEFNEMER
Waarom krijgen we zulke verschillende reacties vanuit de gemeente? Idealiter ervaren initiatiefnemers grote betrokkenheid van alle personen in de gemeente waarmee zij te maken krijgen. In de realiteit ervaren zij dat de mate van betrokkenheid, meedenken en formaliteit van reacties per ambtenaar verschilt 10. Een contactpersoon kan initiatiefnemers informeren dat verschillende ambtenaren verschillende rollen hebben, bijvoorbeeld toetsen op bestemmingsplan, subsidie geven, eigenaar locatie, facilitator, beoordelen etc. Een contactpersoon kan ook informeren dat initiatiefnemers mogelijk meer inhoudelijke betrokkenheid zullen ervaren vanuit ambtenaren in het sociale domein, omdat buurttuinen vaak sociale doelen hebben8. Hierbij kan een rol spelen dat een ambtenaar vanuit RO gewend is dat de gemeente het zeggenschap heeft over de inrichting van de openbare ruimte8. Vanuit RO worden andere doelen behartigd dan vanuit sociaal. Als het doel van het initiatief ontmoeten/gezondheid is, zal er vanuit dit beleidsterrein logischerwijs meer draagvlak zijn. Een collega vanuit RO is verantwoordelijk om te letten op bijvoorbeeld milieueisen, verkeer en voorkomen van overlast en zal zich dus vooral daar op richten. Er zijn ook afdelingen binnen een gemeente die een meer formele werkwijze hebben, bijvoorbeeld voor het aanvragen van een omgevingsvergunning.
Realiteit is ook dat initiatiefnemers soms geen of ronduit ontmoedigende eerste reacties krijgen, zoals: een puls slaan voor watertappunten is niet mogelijk, i.p.v. meedenken met de vraag ‘hoe krijgen we water in de tuin in droge periodes?’ Mogelijk dat een contactpersoon ontmoediging van initiatiefnemers kan voorkomen door als tussenpersoon zo nodig collega’s uit te nodigen om mee te denken in mogelijkheden 8,16, een faciliterende en ondersteunende houding aan te nemen; bewoners serieus, oplossingsgericht en meedenkend16 te benaderen, een sparring- en netwerkpartner te zijn 8,10. Dit kan tot meer vertrouwen en meer initiatieven leiden8. Het is belangrijk dat de contactpersoon zich binnen de gemeente in deze rol gesteund voelt, bijvoorbeeld vanuit het eigen team of een andere ambtenaar met bewonersinitiatieven als beleidsterrein. Het is ook nodig dat contactpersonen hier tijd aan kunnen besteden.
Initiatiefnemers ervaren soms ook verwarring doordat de ene ambtenaar van de gemeente niet op de hoogte is van wat er met een andere ambtenaar besproken is8. Idealiter treedt de gemeente volgens initiatiefnemers op als één geheel16 en informeren betrokkenen bij een initiatief elkaar, zodat initiatiefnemers wat minder ‘hokjes en eilandjes’ ervaren. Door een project-
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
9 / 29
STAP 4 - Tweede haalbaarheidscheck eerste buurttuinontwerp
4
DOEL: TWEEDE HAALBAARHEIDSCHECK VAN HET EERSTE TUINONTWERP DOOR DE GEMEENTE DOOR TE VRAGEN OM EEN REACTIE VANUIT HET TEAM GEBIEDSINRICHTING EN OM EEN OMGEVINGSVERGUNNINGCHECK BIJ HET OMGEVINGSLOKET
VRAAG VAN INITIATIEFNEMER
Wat is een intern vooronderzoek door de gemeente en waar dient het voor? De gemeente Wijchen heeft een intern vooronderzoek uitgevoerd om de initiatiefnemers inzicht te geven in mogelijke bezwaren. Het beleidsteam gebiedsinrichting (in andere gemeenten mogelijk een andere naam) heeft aan de hand van een eigen checklist gereageerd op de eerste tekening van de buurttuin en punten aangegeven om rekening mee te houden in een volgend meer gedetailleerd ontwerp. Verschillende personen hebben akkoord gegeven en/ of aandachtspunten aangedragen ten aanzien van de huidige inrichting, het betrekken van belanghebbenden, groen- en waterhuishoudkundige aspecten, verkeer (parkeren), hondenbeleid, archeologie, grondzaken inclusief grondgebruikovereenkomst en de ligging van kabels, leidingen en riool.
VRAAG VAN INITIATIEFNEMER
Wat vinden jullie inhoudelijk van dit eerste plan/concept? Na een positieve eerste inschatting van de haalbaarheid kan de gemeente bewoners vragen om hun ideeën te concretiseren in een eerste plan op papier. Een startnotitie. Dit kan ook tegemoet komen aan de behoefte van andere betrokken partijen, zoals scholen. In Wijchen presenteerden initiatiefnemers hun idee aan beleidsadviseurs vanuit gezondheid en vanuit groenbeheer, en aan een wijkbeheerder (voorbereiding en uitvoering). Vanuit ruimtelijke ordening was vooral behoefte aan een tekening van het idee. De kartrekker heeft op verzoek een eerste tekening gemaakt, hoewel ze hier graag meer bewoners bij hadden willen betrekken.
ERVARINGEN IN WIJCHEN
In de reactie vanuit het team gebiedsinrichting misten initiatiefnemers waardering voor de sociale doelen van de buurttuin. De eerste tekening leek meer aandacht gekregen te hebben dan het uitgebreide projectplan dat initiatiefnemers schreven. Sommige reacties leken ook afhoudend/afkeurend/niet bedoeld voor de initiatiefnemers zelf. De contactpersoon kan dit soort reacties wellicht voorkomen door bij het versturen van de checklist collega’s erop te attenderen dat de reacties met de initiatiefnemers gedeeld gaan worden.
ERVARINGEN IN OSS
Maak een tekening niet te complex en concreet, maar houd ruimte voor een flexibele invulling, omdat er in de praktijk hobbels kunnen zijn zoals onvoldoende geld beschikbaar, onvoldoende uitvoerende vrijwilligers, of een beter idee. In veel tuinen wijkt de realiteit af van de oorspronkelijke tekening en is de tuin organisch gegroeid naar wat het beste past bij bewoners en buurt. TIP! Ook keek en schetste een stedenbouwkundig ontwerpster van de gemeente een uurtje mee na een eerste opzet van de initiatiefnemers. Hiermee werden snel (on)mogelijkheden verduidelijkt en het maakte de tekening ook duidelijker voor beoordelende ambtenaren.
1
2
3
De contactpersoon kan initiatiefnemers voorafgaand aan de check: • informeren dat vanuit het ruimtelijk domein vooral een eerste reactie op de tekening te verwachten is; • laten weten dat vanaf het moment dat een initiatief duidelijk kan rekenen op brede (college)steun, initiatiefnemers meer meedenkende reacties vanuit de gemeente kunnen verwachten.
4
5
6
7
8
9
10
10 / 29
VRAAG VAN INITIATIEFNEMER
Is een omgevingsvergunning nodig? De contactpersoon kan initiatiefnemers ook adviseren om een eerste check te doen of en wanneer een omgevingsvergunning nodig is voor de ideeën voor nieuw toe te voegen inrichting, zoals een grondwaterpomp, berging voor gereedschap, overkapping, hekwerken, verhoogde plantenbakken, compostbak en bankjes. Dit door contact op te nemen met het omgevingsloket van de gemeente. Een omgevingsvergunning vraagt tijd en brengt kosten met zich mee. De contactpersoon kan binnen de gemeente ook informeren welke ruimte er is om hier flexibel in te zijn en zoveel mogelijk door de vingers te zien, om zo bij te dragen aan een voorspoedige ontwikkeling van het buurttuininitiatief.
VRAAG VAN INITIATIEFNEMER
Hoe zorgen we voor een goed participatieproces voor een omgevingsvergunning? Bij een aanvraag voor een omgevingsvergunning wordt gevraagd om een verslag van een goed doorlopen participatieproces. Met participatie wordt hier bedoeld dat initiatiefnemers over hun plan in gesprek zijn gegaan met bewoners en anderen die iets van het initiatief zullen gaan merken, de belanghebbenden. Dit resulteert in betere plannen, meer steun, uiteindelijk vlottere procedures, en input voor gemeenteraad of college voor een goed afgewogen besluit 18. Ook de omgevingswet vraagt om participatie. De gemeente Wijchen heeft een participatiewijzer voor initiatiefnemers gemaakt met tips over het voorbereiden en opvolgen van gesprekken met belanghebbenden, zie www.wijchen.nl/participatie-en-de-omgevingswet. Gemeente Wijchen wil initiatiefnemers in de toekomst aanvullend faciliteren over het voeren van een Omgevingsdialoog, inclusief een stappenplan. Het RIVM ontwikkelde ook een stappenplan voor het betrekken van bewoners bij het inrichten van een gezonde leefomgeving [15 p.13].
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11 / 29
STAP 5 – Intentieverklaring
5
DOEL: BREED DRAAGVLAK VOOR INITIATIEF AANTONEN DOOR VOORBEREIDEN EN TEKENEN VAN INTENTIEVERKLARING
Belangrijk daarbij is welke vraag wordt gesteld aan de omwonenden. Een positieve invalshoek helpt: ‘wij starten hier een buurttuin, heeft u ook interesse en doet u mee?’ De vraag: ‘wij willen een buurttuin starten, bent u het daarmee eens?’ leidt vaker tot bezwaren omdat de bevraagde het idee krijgt aangereikt het er niet mee eens te mogen zijn.
VRAAG VAN INITIATIEFNEMER
Wat is een intentieverklaring en waarom is die nodig?
In Almere vroeg de gemeente om een handtekeningenlijst waarop buurtbewoners aangaven het eens te zijn met het buurttuininitiatief, voordat de gemeente akkoord ging 7.
Voor een grote buurtuin kan een intentieverklaring wenselijk zijn. Een intentieverklaring is een document dat getekend wordt door verschillende betrokken organisaties en bewoners, waarmee deze aangeven dat zij zullen doen wat binnen hun mogelijkheden ligt om de gezamenlijke ambitie te realiseren. Het document laat zien aan belanghebbenden binnen en buiten de gemeente dat er draagvlak is voor een initiatief. Dit kan bijdragen aan medewerking van personen binnen de gemeente. De intentieverklaring heeft ook een publicitaire functie (bijvoorbeeld foto van feestelijke ondertekening in de krant) en is een middel voor publieke verantwoording. De gemeente kan de initiatiefnemer ondersteunen door het aandragen van organisatie contacten, of bijvoorbeeld door de intentieverklaring professioneel vorm te geven.
In Wijchen werd de verklaring ondertekend door Stichting Wijchen Gezond, Stichting Weijkpark, tuinderij Sfeer van Willems, leefbaarheidsgroep Wijchen Noord, basisschool, groencollege, academische werkplaats publieke gezondheid, Gelderse Sport Federatie, welzijnsorganisatie, zorggroep, GGD, gemeente en de buurttuin projectgroep.
In Wijchen was het voor ondertekening van de intentieverklaring nodig dat: 1. er geen onoverkomelijke bezwaren waren vanuit het gemeente interne vooronderzoek door het team gebiedsinrichting; 2. het college akkoord ging met de opgestelde verklaring en ondertekening hiervan. Een besluit door het college laten nemen kan een lange doorlooptijd hebben. Voor een kleine buurttuin volstaat meestal een gebruikersovereenkomst, zoals in Oss gebruikelijk is. Daar is goede ervaring opgedaan met de actie van initiatiefnemers om vooraf bij direct omwonenden langs te gaan om hun initiatief toe te lichten. Daarmee wordt draagvlak gecreëerd, krijgt men inzicht in eventuele bezwaren en het kan ook leiden tot nieuwe deelnemers.
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
12 / 29
STAP 6 - Integraal advies over het buurttuinontwerp
6
DOEL: AANDACHTSPUNTEN VOOR BUURTTUINONTWERP GEVEN
VRAAG VAN INITIATIEFNEMER
‘Een integraal advies van beleidsadviseurs Gebiedsinrichting, wat is het en waarom is dat nodig?’ In deze stap gaven beleidsadviseurs gebiedsinrichting, in reactie op ontwerpuitgangspunten van de buurttuintrekker, aandachtspunten om mee te nemen in het volgende ontwerp. Dit integrale advies beschreef in Wijchen aandachtspunten met betrekking tot bouwwerken en beplanting ten opzichte van het riool en kabels, fietsen door de tuin en parkeren, eventuele omgevingsvergunningplicht van een overkapping, archeologisch onderzoek, keuringen en onderhoud van eventuele speel- of klimelementen zoals een blotevoetenstruinpad, schoolstiltezone, water in de pantry, bewatering van de tuin, aanleg van elektriciteit, verankering van meubilair, afvalbakken en onderhoud van grote bomen.
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
13 / 29
STAP 7 – Concretiseren tuinontwerp met betrokkenen
7
DOEL: CONCREET TUINONTWERP OP BASIS VAN KENNIS, KUNDE EN WENSEN VAN BETROKKENEN
hoe je daarmee omgaat. Bewoners in bijeenkomsten beginnen vaak met het benoemen van de ‘beren’ die ze op de weg zien. In Wijchen viel op dat bewoners vervolgens constructief meedachten en wilden meedoen: ‘eerst beren, dan inspiratie’.
VRAAG VAN INITIATIEFNEMER
Hoe kunnen we meer bewoners betrekken bij de ontwikkeling van de buurttuin?
ERVARINGEN IN OSS EN WIJCHEN
In Oss is de ervaring om bij bewonersbijeenkomsten eerst een plenaire toelichting te geven, waarna in kleine groepen de vragen en eventuele beren worden besproken, met in iedere groep een vertegenwoordiger van de gemeente/ initiatiefnemers. Daarmee wordt, na eerdere slechte ervaringen, voorkomen dat een enkele ‘tegenstander’ plenair de hele zaal kan meekrijgen. Binnen kleine groepen is er meer ruimte voor nuancering bij tegenspraak, soms ook door medebewoners die hun argumenten vóór het initiatief beter durven te uiten (of daartoe worden uitgenodigd door de gespreksleider). In Wijchen zijn naast drie informatieavonden ook vier tuinontwerpbijeenkomsten georganiseerd. Hierin hebben de kerngroep, geïnteresseerde bewoners en andere samenwerkingspartners (hovenier, buitenBSO, wijkbeheerder, beleidsadviseur) in stappen het tuinontwerp definitief gemaakt. Ook zijn bewoners en samenwerkingspartners een avond bij elkaar gekomen om in gesprek te gaan over sociale activiteiten in de tuin.
Gemeenten spelen hierin meestal geen actieve rol, maar kunnen initiatiefnemers hierbij adviseren. De bewonerskerngroep kan buurtbewoners op verschillende manieren informeren over de buurttuinplannen en uitnodigen om mee te denken en helpen in de tuinontwikkeling. Ze kunnen geïnformeerd worden via diverse media, zoals huis-aan-huis flyers, Facebook, lokale krant, eigen nieuwsbrief en berichten in nieuwsbrieven van samenwerkingspartners (bijvoorbeeld basisschool, woonzorginstelling en wijkvereniging), eigen website of pagina op website van partners. Ook kan de kerngroep bewonersbijeenkomsten organiseren om met bewoners in gesprek te gaan. Door deze op verschillende locaties te organiseren (school, wijkvereniging) kan je verschillende bewoners bereiken. Belangrijk is om tijdens deze bijeenkomsten zorgen van bewoners te erkennen. Het helpt om je voor te bereiden op zorgen die je kan verwachten op basis van andere buurttuinervaringen. Zo kan je zorgpunten en hoe je hiermee om zal gaan al onderdeel maken van een presentatie.
VRAAG VAN INITIATIEFNEMER
Op welke wijze kunnen we bewoners die misschien een hogere drempel ervaren om mee te doen (ouderen, gezinnen met weinig geld) betrekken in de ontwikkeling van de buurttuin?
Vaak gehoorde zorgen over buurttuinen zijn ongedierte zoals ratten en muizen, vandalisme, hangjongeren en verwaarlozing van de tuin. Het helpt om bijvoorbeeld te kunnen vertellen dat er andere, lang lopende buurttuinen zijn waar hiermee weinig problemen zijn. En om te erkennen dat vandalisme weliswaar niet 100% voorkomen kan worden, maar ook aan te geven
1
2
3
4
Sommige bewoners zullen bij een wijkbrede uitnodiging niet over de drempel stappen om mee te praten over de ontwikkeling van een buurttuin. Hoe kan hun stem ook worden gehoord, zodat de buurttuin ook voor hen aantrekkelijk en toegankelijk wordt? Hoe kom je met hen in gesprek?
5
6
7
8
9
10
14 / 29
Wensen voor een buurttuin van gezinnen met weinig geld in Wijchen Aandachtspunten, ideeën en initiatieven die naar voren kwamen in gesprekken (twee bijeenkomsten) met in totaal elf ouders met ervaring met weinig te besteden hebben als gezin: • Financiële toegankelijkheid: een eigen bijdrage van 15 euro per jaar voor een eigen tuintje is prima, maar 15 euro per persoon voor een barbeque vragen is te veel. • Vaste, verplichte tuinmomenten zijn soms niet haalbaar voor mensen met medische klachten. • Betrek jongeren en een maatschappelijk werker. • Speelplek voor jonge kinderen (zand en water). • Zelf buiten koffiemomenten voor ouderen willen organiseren. • Deelname aan tuinontwerp bijeenkomsten.
Een gemeente kan initiatiefnemers adviseren hiervoor contact op te nemen met maatschappelijke partners zoals de Welzijnsorganisatie. Een sociaal werker kent vaak sleutelpersonen in een wijk die vertrouwd worden door bijvoorbeeld jongeren, bewoners met weinig geld, of bewoners met een migratieachtergrond. Een sociaal werker kan initiatiefnemers met deze sleutelpersonen in contact brengen, bijvoorbeeld een vrijwilliger bij de Voedselbank of jongerenwerker. Deze vertrouwde sleutelpersonen kunnen mensen uitnodigen om mee te denken en praten over de ontwikkeling van een buurttuin, zodat deze ook zo veel mogelijk aansluit bij hun wensen. In Wijchen is via een gastvrouw van de wijkvereniging gesproken met oudere bezoekers. En de coördinator Welzijn van een woonzorginstelling nodigde oudere bewoners uit om mee te denken. Via een gezinspanel van het Radboudumc hebben ouders meegedacht die relatief minder te besteden hebben met hun gezin.
Wensen voor een buurttuin van ouderen in Wijchen Uit gesprekken met in totaal tien ouderen (twee bijeenkomsten met vijf zelfstandig en vijf begeleid wonende ouderen) kwamen een aantal behoeften, ideeën en initiatieven naar voren: • Orde (goed onderhoud, toezicht, omheining). • Faciliteiten zoals toilet, zitplaatsen met armleuning, verhoogde moestuinbakken. • Rust, maar ook reuring/activiteiten. • Activiteiten zoals koffiemomenten buiten de bestaande momenten, wandelen door de tuin. Begeleiding van vrijwilligers kan de drempel verlagen om naar de tuin toe te gaan en deel te nemen aan activiteiten. • Zelf persoonlijk flyers voor de opening van de tuin willen verspreiden in de woonzorginstelling. • Interessantere tuinnaam, zoals De Klaproos, De Vrolijke Prei, Bietje bij Bietje, Buitenlust.
1
2
3
Een aantal ouderen en ouders hebben zich na de gesprekken aangemeld voor een eigen tuintje (op hoogte). De ervaring was dat door open over de buurttuin in gesprek te gaan bewoners betrokken raakten. Als de buurttuin gerealiseerd is kunnen er ook activiteiten georganiseerd worden met en specifiek voor ouderen of gezinnen.
VRAAG VAN INITIATIEFNEMER
Tips voor het concretiseren van het tuinontwerp (praktische lessen, beweegvriendelijke tuin, zonbescherming, biodiversiteit, drinkwater)? Het komen tot een buurttuinontwerp is een proces dat initiatiefnemers doorlopen met belanghebbenden: bewoners en partnerorganisaties zoals een hovenier of ervaren tuinder en een gemeentelijke wijkbeheerder. De contactpersoon kan de initiatiefnemers hierbij de volgende tips geven.
4
5
6
7
8
9
10
15 / 29
Praktische lessen uit Wijchen •
• •
sociale activiteiten. Aandachtspunten hierbij zijn dat drinkwater niet bedoeld is voor bewatering van de tuin en dat tuinafvalwater niet de grond in mag gaan. Is er op de plaats van de tuin geen riolering aanwezig dan kunnen kosten voor het aanleggen hiervan en betalen van leges enorm oplopen. Dit geldt ook voor een drinkwaterleiding, een eigen aansluiting is kostbaar. Vitens kan gevraagd worden of zij bereid zijn een drinkwatertappunt te installeren, bekostigen en onderhouden. Op deze kaart vind je de al bestaande watertappunten.
Voor de realisatie van de buurttuin was het nodig om een voetbalveld te verplaatsen. Zowel bewoners als voetballers bij de Gelderse Sport Federatie adviseerden om het voetbalveld evenwijdig aan een pad/ straat/hek/gebouw te plaatsen en niet schuin ‘dat voetbalt niet lekker’. Ook wordt een hekwerk tegen rondvliegende ballen aangelegd. Leerlingen van het groencollege en een hovenier hebben een digitaal ontwerp gemaakt. Een parkeerplek opnemen voor auto’s of fietsen van tuinbezoekers.
Een beweegvriendelijke tuin
VRAAG VAN INITIATIEFNEMER
Hoe kan de tuin bewatert worden?
Op de website van het Kenniscentrum Sport en Bewegen staat een e-book ‘bouwstenen van de beweegvriendelijke leefomgeving’ met verschillende ontwerpprincipes die toepasbaar zijn op een buurttuin. Ook adviseurs van GGD of een (provinciale) sportorganisatie kunnen hierover adviseren, bijvoorbeeld met een checklist voor een beweegvriendelijke omgeving voor ouderen.
De contactpersoon kan de initiatiefnemer met vragen over water verbinden met of wijzen op mensen die hierin kunnen adviseren en meedenken. In Wijchen: een gemeentelijke beleidsadviseur water, een adviseur van de GGD met ervaring met schooltuinen en ook ervaren stadstuinders uit onder meer Oss. Standpunt van de overheid en de drinkwatersector is in beginsel dat een eigen (drink)watervoorziening eerder uitzondering dan regel blijft. In Wijchen was het advies van de beleidsadviseur water aan de initiatiefnemers om eerst te onderzoeken wat het opvangen, bergen en gebruiken van hemelwater kan betekenen voor het nodige water. Dus het regenwater van daken van woningen en gebouwen opvangen, bergen en gebruiken in de tuin (zie internet voor opties). TIPS: Carat / Carat XL regenwatersystemen Waterimpuls regenwatersystemen. Een adviseur van de GGD gaf de volgende tips: er zijn tonnen van 200/500 liter, plastic gaat langer mee, kijk uit voor muggen en stilstaand water, water vanuit tonnen over laten lopen in de grond kan ook. Er zijn subsidies van het waterschap voor het in het grondwater laten lopen van regenwater in plaats van in het riool. In sommige gemeenten kan een beleidsadviseur klimaat hierin meedenken. Mogelijk kunnen hiermee ook duurzaamheidsdoelstellingen bereikt worden.
Bescherming tegen de zon (weren, kleren, smeren) • •
Plekken met schaduw in de tuin (bomen/overkapping/schaduwdoeken) Zonnebrandpalen neerzetten (bijvoorbeeld van aanbieder www.smeerkeeszonnebrandcreme.nl). Aandachtspunt hierbij is wie er zorgt voor het bijvullen en de kosten hiervan. Zie de volgende pagina voor mogelijkheden om dit soort kosten te dragen, bijvoorbeeld jaarlijks een aanvraag doen bij NLdoet (maximaal 350 euro), zoals veel tuinen in Oss doen.
Bijdragen aan biodiversiteit en natuur
De gemeente kan sturen op plantkeuzes, zoals in iedere tuin bij voorkeur een bij en insect vriendelijk deel of bloemborder. En bij hagen om de tuin niet de standaard beukenhaag, maar een gemengde haag met meidoorn, sleedoorn en ander haagplanten om de biodiversiteit te verbeteren. Ook kunnen ‘rommelhoekjes’ in de tuin geweldige vluchtplekken zijn voor de kleinste bewoners van de buurt, zoals vogels, egels, insecten.
Tips uit Oss
Drinkwater in de tuin
Ook bodembedekking kan watergebruik verminderen, bijvoorbeeld door een waterbufferende toplaag of door het ‘mulchen’ van de bodem, wat
Een drinkwatervoorziening kan prettig zijn voor tuinbezoekers en ook bij
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
16 / 29
Mogelijkheden voor het dekken van kosten
helpt om de bodem vochtig te houden, zodat er minder water nodig is en er minder ongewenst kruid groeit. Meerdere initiatieven kozen en kregen uiteindelijk akkoord voor handpompen met een opvangreservoir (teil). Een handpomp zorgt ervoor dat er geen water verspild wordt. De handpomp bestaat dan als extra voorziening naast een regenton, of als solitaire voorziening, als regenwateropvang geen mogelijkheid is. Het kan nodig zijn om melding te maken bij het waterschap van het voornemen om handpompen te plaatsen, zie stap 8 omgevingsvergunning en meldingen.
•
•
VRAAG VAN INITIATIEFNEMER
Hoe kunnen de kosten van de buurttuin gedekt worden?
•
De contactpersoon van de gemeente kan de initiatiefnemers vragen om een schatting van verwachte kosten en informeren over mogelijkheden om deze kosten te dekken. Een eventuele werkgroep/klankbordgroep van bewoners, gemeente en lokale partners kan hierin meedenken. De contactpersoon kan initiatiefnemers informeren na de opstartfase geen structurele financiering vanuit de gemeente te verwachten, tenzij veel onderhoudstaken worden overgenomen.
•
Mogelijke kosten •
•
Opstartkosten: uren van een kartrekker*, aanleg en inrichting inclusief bijvoorbeeld een fietsenstalling, berging voor gereedschap en aanschaf van tuingereedschap, procedurekosten. Jaarlijks terugkerende kosten: compost/mest, onderhoud/vervanging inrichting en gereedschap, zaden/plantmateriaal, koffie/thee/limonade, activiteiten, drukwerk/publiciteit en administratie.
•
* Uit een haalbaarheidsstudie door studenten van Wageningen Universiteit kwam naar voren dat een kartrekker essentieel is voor een wat grotere sociale buurttuin [12]. In buurten met minder sociaaleconomisch kapitaal is het vaak nodig dat dit een betaalde kracht is, totdat één of meerdere actieve bewonersgroepen gevormd zijn. In Wijchen was het mogelijk de kartrekkende initiatiefnemer 2-3 dagen per week te betalen vanuit subsidies (ZonMw, Gala).
1
2
3
4
•
5
Subsidies vanuit lokale, provinciale of landelijke overheid. Deze zijn vaak tijdelijk, zoals de Gala subsidie voor Gezonde Leefomgeving (vanuit gemeenten tot eind 2025). Binnen gemeenten werkt vaak een ambtenaar met ervaring met het aanvragen van subsidies die hierbij kan ondersteunen. Individuele bewoners kunnen vaak geen subsidies ontvangen, hiervoor is een rechtspersoon (bijvoorbeeld vereniging/stichting) nodig. Landelijke fondsen voor maatschappelijke initiatieven zoals FNO zorg voor kansen en het Oranjefonds. Het Oranjefonds financiert onder meer NLdoet dagen (maart) en burendag (september). Het Prins Bernhard Cultuur Fonds is interessant voor verbinding, natuur en educatie. Het waterschap heeft regelingen voor aanleg/ water buffering/ hemelwater afkoppeling. Gemeenten hebben ook vaak een wijkbudget of leefbaarheidsbudget en een bewoner budget, bijvoorbeeld bekend bij een wijkmanager/wijkregisseur [7](zie ook p.13 van de buurtmoestuinhandleiding over financiering). Gemeente Oss heeft een jaarlijks budget begroot voor groene burgerinitiatieven en is meteen duidelijk bij de aanvraag: er is maximaal 5000 euro per initiatief beschikbaar, zolang het budget beschikbaar is. De afdeling groen van een gemeente kan ook gevraagd worden of zij grove bodembewerking willen uitvoeren, zoals het ontdoen van een gebied van gras of boomwortels [7].
Soms kunnen zij ook praktisch bijdragen, bijvoorbeeld een handpomp uit de gemeente opslag. Een gemeente kan ook bereid zijn om geen kosten aan een initiatief door te rekenen voor procedures zoals een aanvraag voor een omgevingsvergunning of de huurprijs voor de grond. Ook samenwerking met lokale organisaties met gedeelde doelen (bijvoorbeeld buitenBSO of Lionsclub) kan middelen of praktische ondersteuning met zich meebrengen, zoals een buurttuinpagina op de website van de wijkvereniging. Basisscholen kunnen interesse hebben om groeneducatie te bieden aan hun leerlingen in een schoolmoestuin en hiervoor soms ook subsidies aanvragen. Gezonde school adviseurs van GGD-en kunnen hierover adviseren en evt. in ondersteunen, maar kunnen ook wijzen op cursus-
6
7
8
9
10
17 / 29
•
•
• •
Stichting of vereniging of anders?
sen en materialen zoals het Handboek schoolmoestuinen. Voor docenten en studenten van groencolleges kan de aanleg van een tuin een mooie praktijkervaring zijn. Initiatiefnemers kunnen bedrijven ook om sponsoring vragen, bijvoorbeeld korting op materialen, of samen acties opzetten, bijvoorbeeld een tuinschepje voor elke tien likes op Facebook[7]. De mogelijkheid bieden om als ‘vriend van de tuin’ financieel bij te dragen. Evt. kunnen deze ‘vrienden’ zichtbaar worden gemaakt in de tuin met een naambordje op een vriendenzuil. Een kleine bijdrage van tuingebruikers vragen. Bedrijven/organisaties tegen vergoeding een actieve team dag bieden in de buurttuin.
Voor een groot buurttuin initiatief kan het (daarnaast) nodig zijn dat een buurttuin de vorm van een rechtspersoon aanneemt, zoals een stichting of vereniging [7 p.16]. Een rechtspersoon kan nodig zijn voor het afsluiten van een grondgebruiksovereenkomst met de gemeente, al zijn hier jaarlijkse kosten aan verbonden voor het initiatief. Voor het ontvangen van subsidie is een zakelijke bankrekening vaak een vereiste. Over de keuze om zich als vereniging of als stichting te organiseren kunnen initiatiefnemers advies vragen van een notaris (zie ook www.notaris.nl). De gemeente kan initiatiefnemers ook adviseren om samen te werken met een lokale stichting en onder hun bestaande paraplu te vallen. In Oss bijvoorbeeld vallen buurttuinen onder één stichting (met een ANBI-status), Stadse Boeren Oss. In Wijchen valt de buurttuin onder de stichting Wijchen Gezond.
De factsheets Financiering van groene buurtprojecten en Sociale verdienmodellen van Groen Dichterbij (IVN en partners) bieden tips over onder andere crowdfunding en verkoop van producten.
Klankbordgroep
Voor het ontwikkelen van een groot buurttuininitiatief is het ook zinvol om een werkgroep/klankbordgroep te vormen bestaande uit zowel de kartrekkers/kerngroep van bewoners, gemeentelijke beleidsadviseurs en personen vanuit lokale organisaties10. Zij kunnen de kerngroep met hun kennis en kunde ondersteunen.
VRAAG VAN INITIATIEFNEMER
Hoe kun je de samenwerking organiseren? De contactpersoon kan bij vragen over het organiseren van de samenwerking bewoners wijzen op de volgende informatie over het vormen van een kerngroep van buurtbewoners, een stichting of vereniging en een klankbordgroep waar de gemeente ook deel van kan uitmaken.
Kerngroep van buurtbewoners
Bij veel buurttuininitiatieven vormen (een paar) actief betrokken buurtbewoners een kerngroep die de kar trekt 7. Daarnaast is er vaak een grotere groep van bewoners, die het ook leuk vindt om actief te zijn in de tuin. Deze actieve bewoners kunnen onderling afspraken maken en deze eventueel vastleggen in een document 7. Er kunnen ook kleinere groepen gevormd worden rond een activiteit, bijvoorbeeld een kruidentuin.
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
18 / 29
STAP 8 – Omgevingsvergunning, als die niet te vermijden is
8
DOEL: VOLDOEN AAN BEDOELING VAN DE OMGEVINGSWET
•
VRAAG VAN INITIATIEFNEMER
In welke situaties zijn een omgevingsvergunning en/of meldingen nodig?
Een KLIC-melding. KLIC staat voor Kabels en Leidingen Informatie Centrum. Wanneer er met een machine gegraven gaat worden is het wettelijk verplicht om een graafmelding te doen, om gevaarlijke situaties te voorkomen. Personen die beroepsmatig graven met een machine kunnen deze melding doen. De melder, bijvoorbeeld een hovenier, ontvangt een zipbestand met kabel- en leidinginformatie.
De contactpersoon kan de initiatiefnemer informeren over de situaties waarin een omgevingsvergunning en meldingen nodig zijn. Voor een soepel verloop van het buurttuin ontwikkelingsproces wordt geprobeerd een omgevingsvergunning te vermijden. Een omgevingsvergunning kan nodig zijn voor het plaatsen van een grondwaterpomp, berging voor gereedschap, overkapping, hekwerken, verhoogde plantenbakken, compostbak en bankjes. Op VergunningcheckOmgevingsloket kan dit worden nagegaan. Deze check is een vereiste bij en onderdeel van een aanvraag en moet als bijlage meegestuurd worden. De aanvraagprocedure bestaat uit verschillende stappen, zoals een vooraanvraag, en er zijn reactietermijnen (van 8-14 weken). Ook kan gevraagd worden om schriftelijke verantwoording ten aanzien van de aandachtspunten van het team Gebiedsinrichting, zoals parkeren door bezoekers. En om een verslag van hoe belanghebbenden betrokken zijn in de planvorming (participatie, wettelijk verplicht). Voor meer informatie kan een initiatiefnemer contact opnemen met de gemeente. Meldingen die nodig kunnen zijn: • Een melding bij het waterschap. Voor het plaatsen van één of meerdere (hand)waterpompen is een melding nodig op Vergunningcheck– Omgevingsloket. Dit kan meteen bij de aanvraag voor een omgevingsvergunning meegenomen worden. Het waterschap laat weten of dit akkoord is.
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
19 / 29
STAP 9 – Bruikleenovereenkomst grond gemeente en bewoners
9
DOEL: AFSPRAKEN EN VOORWAARDEN VOOR GRONDGEBRUIK VASTLEGGEN
In de bruikleenovereenkomst kunnen afspraken en voorwaarden voor gebruik beschreven worden, bijvoorbeeld: • wie beheert wat, bijvoorbeeld: snoei grote bestaande bomen, afvalbakken, evt. speeltoestellen; • m.b.t. parkeren van bezoekers en afvoer van groenafval; • niet graven en geen bomen of berging boven kabels; • redenen om de overeenkomst op te zeggen; • wie betaalt de eventuele kosten van het water- en/of elektriciteitsgebruik/verbruik en de aansluiting op het water- en/of elektriciteitsnet; • bij beëindiging van de overeenkomst dient de grond als volgt te worden opgeleverd…
VRAAG VAN INITIATIEFNEMER
Bruikleenovereenkomst grond gemeente en bewoners – wat is hier voor nodig en wat hierin opnemen? De contactpersoon verbindt de initiatiefnemer zo nodig met de passende collega voor het komen tot een grondgebruik overeenkomst. Bij een klein initiatief, bijvoorbeeld bij het participeren in het groenonderhoud in eigen straat of wijk, kan een eenvoudige overeenkomst volstaan. Denk hierbij aan: het onderhouden van een boomspiegel, perkje, groenstrook bij de woning, bijvoorbeeld voor meer kleurrijke planten in plaats van struiken of gazon. In Wijchen wordt na overleg met de wijkbeheerder/groen collega (afhankelijk van de wens) akkoord gegeven. Na akkoord of ondertekening wordt er een tegel met burgerparticipatie bijgeplaatst, zodat de collega’s buiten weten dat zij aan dat stukje groen geen onderhoud hoeven te plegen. Bij een groot initiatief, waarbij de omgeving verandert en mogelijk een nieuwe bestemming krijgt (met invloed op omwonenden), is het nodig om een andere route te bewandelen, via de afdeling grondzaken en gebiedsinrichting. Zij nemen het verzoek door en geven advies over de voorwaarden van de gemeente om de grond in bruikleen te geven, bijvoorbeeld: • akkoord vanuit gemeentelijke afdeling gebiedsinrichting; • ondertekende intentieverklaring (draagvlak); • kosten voor het plan gedekt (evt.
subsidie verleend); • publicatie van de bruikleenovereenkomst; • bewoners georganiseerd als rechtspersoon (stichting/vereniging, zie ook de stap organiseren van samenwerking).
1
2
3
4
Noot van een bewoner die al jarenlang betrokken is bij een buurttuin op gemeentegrond: de afspraken op papier vallen of staan met personen die ervan op de hoogte zijn.
5
6
7
8
9
10
20 / 29
STAP 10 – Voortbestaan en doorontwikkeling van de tuin
10
DOEL: MONITOREN EN ONDERSTEUNEN VAN BUURTTUIN ONTWIKKELINGEN
oefenen) en hoe gemeenteambtenaren aan kunnen sluiten bij deze beweegredenen (complimenten geven, aandacht voor het sociale aspect door een lunch of borrel te organiseren, wethouder uitnodigen om een keer langs te gaan).
VRAAG VAN INITIATIEFNEMER
Hoe kunnen we bewoners betrokken houden?
Een valkuil is het overvragen van bewoners. Bewoners zijn, vaak vrijwillig, betrokken bij een initiatief omdat ze intrinsiek gemotiveerd zijn bijvoorbeeld ‘om iets moois en gezelligs te doen’, of ‘lekker buiten bezig zijn’. Het risico is dat zij afhaken, hun motivatie verliezen, wanneer er van hen te veel taken gevraagd worden die daar niet bij aan sluiten of ‘als werk voelen’, wanneer daar geen activiteiten naast staan die ze leuk vinden en wanneer zij zich niet erkend en gewaardeerd voelen in hun (vrijwillige) inzet voor het algemene belang.
Gemeenten kunnen hieraan bijdragen en in adviseren. Belangrijk voor het betrokken houden van buurtbewoners is het waarderen, erkennen en daarmee serieus nemen van hun inzet in het initiatief [7]. In Oss bijvoorbeeld vallen alle vrijwilligers onder een algemene verzekering van de gemeente in het geval dat er iets gebeurt tijdens vrijwilligerswerk. Waarderen en erkennen kan ook door het geven van complimenten en bevoegdheden, faciliteiten bieden, kwaliteiten van personen waarderen en activiteiten organiseren[7]. Het organiseren van activiteiten rondom de buurttuin draagt bij aan enthousiasme en motivatie van betrokken bewoners[7]. Zo vertelde een vrijwilliger van een lang draaiende tuin enthousiast over leuke activiteiten als de viering van het langjarig bestaan, het aanleggen van twee tuinpaadjes met naamborden van oud-bestuursleden en de organisatie van een pubquiz voor tuinvrijwilligers en gemeenteambtenaren. De gemeente gaf ook geld voor de aanschaf van een insectenhotel.
Langdurige gemeentelijke processen en vergunningstrajecten kunnen bewoners onbedoeld doen afhaken. Ook kan dit vragen om kennis en vaardigheden die niet elke bewoner heeft die enthousiast is om een buurttuin te organiseren. Duidelijke communicatie vanuit de gemeente over het proces en de door initiatiefnemers te verwachten stappen, kan daarbij erg behulpzaam zijn.
VRAAG VAN INITIATIEFNEMER
Hoe kunnen we gemeente en andere organisaties betrokken houden bij de buurttuin?
Ook zijn er vele activiteiten te bedenken met de buurt, zoals een barbecue, oogstfeest 7 of markt. Het openstaan en vragen naar nieuwe inbreng van anderen kan hierbij helpen[7]. Ontdek wat iemand leuk vindt om te doen en waar het goed in is en waardeer deze kwaliteit. Grote kans dat deze bewoner dit lange tijd wil blijven doen.
Ook nadat een buurttuin is gerealiseerd is het belangrijk dat de gemeente contact houdt met de initiatiefnemers. Dit omdat de ervaring leert dat buurttuinen zich blijven ontwikkelen[8] en omdat er nieuwe ontwikkelingen kunnen spelen in de buurt en omgeving[7]. Personen wisselen waarschijnlijk door de jaren heen, sommigen stoppen, anderen worden gevraagd om mee te doen, of nemen zelf contact op met het initiatief. Bewoners steken vrijwil-
Het ACTIE-model[17] beschrijft verschillende beweegredenen die initiatiefnemers kunnen hebben om in actie te komen (bijdrage leveren aan maatschappij, onderdeel uitmaken van een gemeenschap, invloed kunnen uit-
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
21 / 29
Tot slot
lig vaak veel uren in een buurttuin. Als een gemeenteambtenaar zo nu en dan even checkt hoe het loopt, kweekt dit al veel goodwill. Hierin kan binnen de gemeente ook een rolverdeling worden afgesproken, bijvoorbeeld dat relatiebeheer de rol van de wijkmanager is.
Buurttuinen bieden veel mogelijkheden voor bewoners en gemeenten. Ondersteuning van gemeenten van buurttuin bewonersinitiatieven kan het verschil maken of een buurttuin gerealiseerd wordt of niet. Het realiseren van een grote buurttuin zoals in Wijchen, vraagt ook veel van de kartrekker(s) van het initiatief, bijvoorbeeld tijd voor het doorlopen van procedures om te voldoen aan wet- en regelgeving. Gemeenten kunnen initiatiefnemers ondersteunen met kennis over het te verwachten proces en procedures, kennis over aanvragen van subsidies, kennis van een locatie, met netwerk/contacten, met praktische middelen (een handwaterpomp uit de gemeente-opslag), met aanlegwerkzaamheden, met het geven van subsidie of niet vragen van procedurekosten en grondhuur, met grondgebruik en beheerafspraken (legen van vuilnisbakken, onderhoud van grote bomen), met communicatie over het initiatief en door hierop te sturen.
Een andere optie is jaarlijks samen te blijven komen met de klankbordgroep, inclusief contactpersonen (ruimtelijk en/of sociaal) vanuit de gemeente en betrokken organisaties. In de bijeenkomst kan men samen stilstaan bij gestelde ambities (bijvoorbeeld diversiteit van deelnemers, gezondheid, ontmoeten en educatie), nieuwe maatschappelijke ontwikkelingen waarin de tuin een rol kan spelen, beheer, ervaringen van omwonenden, etcetera. In een gesprek met een al vele jaren door bewoners beheerde tuin op gemeentegrond, kwam naar voren dat het naast het contact houden als groep, goed werkt om een vaste contactpersoon bij de gemeente te hebben aangaande de groenbeheerafspraken. Ook een structurele, jaarlijkse financiële bijdrage van de gemeente voor onderhoud wordt als heel ondersteunend ervaren.
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
22 / 29
Bronnen 1. 2. 3. 4. 5.
Onderzoek ‘Aanpak Gezonde Buurten’. VU Amsterdam. Ruimschoots bewezen: natuur en buitenspelen zijn gezond! Onderzoek ‘Grijs, Groen & Gelukkig’. IVN. Onderzoek ‘Groen doet goed’. IVN. Dermaux, J. en S. de Vries (2023) De waarde van bewonersinitiatieven voor de buurt en haar bewoners. Buurttuin de Kempenaar in Barendrecht uitgelicht. Movisie. 6. Engbersen, R., Gevel van de, M. en E. van Koolwijk (2025) Minder segregatie, meer buitenruimten. Binnenlands Bestuur. Essay. 2025-week 3. 7. Laan, A., Janse van Rensburg, C., Stoltenborg, D., Hoeksma, D. en J. Grit. (2014) Buurtmoestuin? Zo gedaan! Handleiding voor het opzetten van een buurtmoestuin. Wetenschapswinkel van Wageningen UR. 8. Gorter, M. (2016) Het heft in eigen hand: burgerinitiatieven in de openbare ruimte. Bachelorthesis. Rijksuniversiteit Groningen. Het heft in eigen hand: burgerinitiatieven in de openbare ruimte (rug.nl) 9. Hendriks, F. et al., 2014. Loshouden en meemaken: over samenredzaamheid en overheidsparticipatie, Den Haag: Platform31. 10. GroenDichterbij. Factsheet 18. De Ambtenaar. IVN. Factsheets Groen Dichterbij. IVN. 11. Bouwmeester, J., Dees, M., Bevelander, K. et al. Citizens’ initiative for connected healthcare in the Netherlands: a case study using semistructured interviews. Discov Public Health 22, 241 (2025). www.doi.org/10.1186/s12982-025-00640-4 12.
Bastings, F., Koch, H., Lainfiesta Rueda, X., De Rooij, A. & L. Wang (2023) “Growing Together: Evaluating the viability of a community garden in Wijchen Noord.” Report by team of Master students of the Healthy Settings course of Wageningen University. 13. Boonstra, B., Vogel, R. & Slob, A., 2014. Leren van Zelforganisatie in de ontwikkeling van Almere, Delft: TNO. 14. ZonMw programma (2023-2025) Gezonde Leefomgeving Integrale Aanpak (GLIA). ZonMw. 15. Fast, T. en L. den Broeder (2016) Handreiking Bewonersparticipatie bij
1
2
3
4
de inrichting van een gezonde leefomgeving. RIVM. 16. Verhoef, J., Ruitenburg, M., Luttmer, C., Heirweg, D. en S. Andric (2018) Burgerinitiatief: Waar een wil is…. Onderzoek naar de rol van overheidsinstanties bij burgerinitiatieven. 17. Denters, B., Tonkens, E., Verhoeven, I. en J. Bakker (2013) Burgers maken hun buurt. Een praktische handreiking voor professionals zoals wijkambtenaren en buurtopbouwwerkers. Platform 31 18. Gemeente Wijchen (2024) Participatie en co-creatie kader 2035.
Stichting Stadse Boeren Oss
0614919949 Ton Oomen www.stadseboerenoss.nl www.facebook.com/stadseboerenoss
Checklist voor het meenemen van Gezondheid in Ruimtelijke Ontwikkeling
Een contactpersoon vanuit Ruimtelijke Ontwikkeling zou ook aan een beleidsadviseur Gezondheid kunnen vragen om de Checklist Gezonde Ruimtelijke Ontwikkeling, kortweg Check&Grow (een formulier) in te vullen, om te checken en zo nodig te adviseren of en hoe initiatiefnemers gezondheid mee kunnen nemen in de buurttuinontwikkeling. Thema’s die in de checklist aan bod komen zijn: lichaamsbeweging, ontmoeting en inclusie, sociale veiligheid, milieukwaliteit, klimaatadaptatie en samenwerken aan een gezonde leefomgeving. Mogelijk komen adviezen uit deze checklist ook tegemoet aan de vaak sociale drijfveren van initiatiefnemers en aan de wens voor een integrale werkwijze van de gemeente [16]. Download de checklist op www.ruimtegids.eu/chechgrow-hoofd-menu-item