CConstaterende datwijchen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 5: Bijlagen bij de toelichting

Raad openbaar Wijchen 26 juni 2025, gemeente wijchenBij agendapunt: 149201 Beslisnota Vaststellen bestemmingsplan Kamperen en Parkeren Groene Heuvels21.848 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Bijlage 2: Evenementen op De Groene Heuvels Met het bestemmingsplan “Parapluplan Evenementen De Groene Heuvels, Ewijk” wordt het organiseren van evenementen juridisch-planologisch mogelijk gemaakt op het recreatiegebied De Groene Heuvels. In de planregels is een evenement gedefinieerd als een voor het publiek toegankelijke verrichting van vermaak (zoals een herdenkingsplechtigheid, een braderie, een optocht, een feest, muziekvoorstelling of wedstrijd op of aan de weg en een straatfeest of een buurtbarbecue) (artikel 1.7). Opeenvolgende evenementen die gedurende aaneengesloten dagen plaatsvinden en gebruik maken van dezelfde voorzieningen, worden beschouwd als één evenement bestaande uit meerdere evenementendagen. Onder een evenementendag wordt verstaan een dag waarop een evenement plaatsvindt voor een periode van 24 uur aansluitend, wat betekent dat de periode over twee kalenderdagen verspreid kan zijn. Aankomst- en vertrekdagen (zonder versterkt muziekgeluid) en op- en afbouwdagen worden niet beschouwd als een evenementendag (artikel 1.9). In de planregels is onderscheid gemaakt tussen een viertal evenementencategorieën (artikel 1.8): • Categorie 1 betreft evenementen met zeer beperkt versterkt geluid (zoals een spreekinstallatie) ter ondersteuning van het evenement, zoals een (hardloop)wedstrijd, obstakelrace, rommelmarkt of fair. •

Categorie 2 betreft evenementen met beperkt versterkt geluid waarbij kamperen is toegestaan, zoals een themabraderie, vakbeurs, kampeerdemo dagen, vakantiebeurs, introductiekamp of filmfestival.

•

Categorie 3 betreft evenementen met podia en versterkt geluid, zoals concerten en festivals.

•

Categorie 4 betreft evenementen met podia en versterkt geluid waarbij kamperen is toegestaan, zoals Down The Rabbit Hole en andere kampeerfestivals.

Artikel 4.1 van de planregels “Parapluplan Evenementen De Groene Heuvels, Ewijk” luidt als volgt: “4.1 Overige zone - evenementenzone 1 Ter plaatse van de gebiedsaanduiding “overige zone - evenementenzone 1” zijn de gronden tevens bestemd voor evenementen, onder de voorwaarde dat: a.

per onderscheiden evenement voldaan wordt aan de in de onderstaande tabel opgenomen eisen en normen: Evenementencategorie

Onderwerp

Cat. 1

Cat. 2

Cat. 3

Cat. 4

Maximaal aantal bezoekers gelijktijdig aanwezig per evenementendag

15.000

25.000

30.000

60.000

Kamperen toegestaan

Nee

Ja

Nee

Ja

Maximaal aantal bezoekers gelijktijdig aanwezig bij kamperen

0

2.000

0

60.000

Maximaal aantal evenementen per kalenderjaar

3

2

1

2

Maximaal aantal evenementendagen per evenement

2

4

1

4

Maximaal aantal evenementendagen per kalenderjaar Maximaal aantal op- en afbouwdagen per evenement Maximale duur van versterkt geluid per evenementendag

18 (voor cat. 1, 2, 3 en 4 samen)

4

14

16

28

3 uur

11 uur

11 uur

24 uur

1

Maximale eindtijd

23.00 uur

23.00 uur 1

01.00 uur

05.00 uur 1

Geluidsnormen dagperiode (07.00 tot 19.00 uur) 2 3

-

45 dB(A) 65 dB(C)

70 dB(A) 95 dB(C)

70 dB(A) 95 dB(C)

Geluidsnormen avondperiode (19.00 tot 23.00 uur) 2 3

-

45 dB(A) 65 dB(C)

70 dB(A) 95 dB(C)

70 dB(A) 95 dB(C)

Geluidsnormen nachtperiode (23.00 tot 07.00 uur) 2 3

-

-

-

50 dB(A) 75 dB(C)

1 Kamperen niet meegerekend 2 Langtijdgemiddeld beoordelingsniveau exclusief meteocorrectieterm 3 Monitoring van de dB(A) en dB(C) waarden vindt plaats op basis van de gemiddelde waarde over 5 minuten.”

2

11-05-2023

Notitie ‘Effect uitbreidingsplannen op de waterhuishouding van de Groene Heuvels’

Versie D3 Auteur Sjors Busink Projectnummer 51011065 Onderwerp Effect uitbreidingsplannen op de waterhuishouding van de Groene Heuvels Klant MOJO Concerts B.V.

1.

Inleiding

1.1

Aanleiding

Projectleider Alexander Veenstra

Leisurelands heeft plannen om het aantal evenementen op recreatiepark de Groene Heuvels uit te breiden. Hiervoor moet het bestemmingsplan aangepast worden. Het nieuwe bestemmingsplan moet ruimte bieden voor maximaal 8 evenementen per jaar. De evenementen variëren in omvang van kleine eendaagse evenementen tot grote meerdaagse festivals. Binnen het huidige bestemmingsplan is deze uitbreiding niet mogelijk en daarom is aanpassing nodig. Hiervoor moet een bestemmingsplanwijzigingsprocedure worden doorlopen. Onderdeel hiervan is het thema water. De evenementen leiden, afhankelijk van de grootte van het evenement, tot een tijdelijke toename van verhard oppervlak. Tijdens een vooroverleg heeft Waterschap Rivierenland (WSRL) vraagtekens gezet bij de tijdelijkheid van de verharding. Daarom heeft WSRL de initiatiefnemer gevraagd een voorstel te doen voor watercompensatie. Hierbij is meegegeven uit te gaan van een gemiddeld evenement en voor dit oppervlak de vereiste hoeveelheid oppervlaktewater te graven. Doel van deze notitie is het in beeld brengen van de effecten van de uitbreidingsplannen op de waterhuishouding.

1.2

Plangebied

Het recreatiegebied De Groene Heuvels is gelegen ten westen van Beuningen en ligt ten zuiden van de Ficarystraat. Centraal gelegen in het plangebied bevindt zich een recreatieplas ‘De Groene Heuvels’. In figuur 1 is een totaaloverzicht van het plangebied tijdens een meerdaags evenement opgenomen. De totale omvang van het plangebied, inclusief de waterplas, is circa 210 hectare.

Sweco

Postbus 485

Sweco Nederland B.V.

Sjors Busink

NL 6800 AL Arnhem

Handelsregister 30129769

Adviseur stedelijk water

Netherlands

Statutair gevestigd te De Bilt

sjors.busink@sweco.nl

T +31 88 811 6600

M +31 6 23502116

www.sweco.nl

Document referentie NL23-648800269-50261 1/12

11-05-2023 Versie D3 Projectnummer 51011065 Onderwerp Effect uitbreidingsplannen op de waterhuishouding van de Groene Heuvels

Figuur 1

1.3

Overzicht plangebied tijdens een meerdaags evenement

Watersysteem

In figuur 2 zijn twee uitsneden van de legger van Waterschap Rivierenland weergegeven. Centraal gelegen in het plangebied ligt recreatieplas ‘De Groene Heuvels’. Om de recreatieplas liggen verschillende kleine slootjes (secundair en tertiaire wateren) en watergangen (primair) van het waterschap.

Document referentie NL23-648800269-50261

2/12

11-05-2023 Versie D3 Projectnummer 51011065 Onderwerp Effect uitbreidingsplannen op de waterhuishouding van de Groene Heuvels

Figuur 2

1.4

Uitsneden legger Waterschap Rivierenland

Leeswijzer

De opbouw van deze notitie is als volgt:    

hoofdstuk 2 bestaat uit een beschrijving van het toekomstig gebruik; hoofdstuk 3 bestaat uit een beschrijving van de effecten van het toekomstig gebruik op de waterhuishouding; hoofdstuk 4 gaat in op het beleid van Waterschap Rivierenland; hoofdstuk 5 staat de conclusie beschreven.

Document referentie NL23-648800269-50261

3/12

2.

Toekomstig gebruik

De evenementen leiden in de voorbereiding, tijdens en bij de afbouw van het evenement tijdelijk tot een toename van het verhard oppervlak. De omvang, duur en inrichting variëren per evenement. De ‘omvang’ is het percentage grondgebruik en de ‘duur’ is het aantal dagen dat nodig is voor de op- en afbouw. Om onderscheid te maken tussen de verschillende evenementen, zijn vier categorieën gedefinieerd.

11-05-2023 Versie D3 Projectnummer 51011065 Onderwerp Effect uitbreidingsplannen op de waterhuishouding van de Groene Heuvels

Elk evenement bestaat uit een evenementen- en een parkeerterrein. Alleen bij meerdaagse evenementen komt hier een kampeerterrein bij. Het totaaloppervlak van alle terreinen is circa 173 ha groot, waarvan:   

23 ha voor het evenemententerrein; 85 ha voor het parkeerterrein; 65 ha voor het kampeerterrein.

In figuur 3 zijn het ruimtegebruik en de indeling voor de verschillende type evenementen en het bijbehorend ruimtegebruik en de indeling voor parkeer- en kampeerterreinen weergegeven. In onderstaande paragrafen volgt een uitgebreidere toelichting op de verschillende categorieën.

1)

2)

3)

4)

Figuur 3

2.1

Verbeelding gebruik plangebied per categorie, met daarin het ruimtegebruik en inrichting voor het evenemententerrein (groen), het parkeerterrein (blauw) en het kampeerterrein (beige).

Evenemententerrein

Het totale evenemententerrein is circa 23 ha groot. In figuur 4 is een overzicht weergegeven van een categorie 4 evenement.

Document referentie NL23-648800269-50261

4/12

11-05-2023 Versie D3 Projectnummer 51011065 Onderwerp Effect uitbreidingsplannen op de waterhuishouding van de Groene Heuvels

Figuur 4

Overzicht evenemententerrein tijdens een categorie 4 evenement.

Per type evenement worden diverse tijdelijke bouwwerken geplaatst. Deze bouwwerken bestaan uit: (podium)tenten, kantoren, service-voorzieningen en houten vloerdelen. Ook worden er rijplaten toegepast om de locaties van de bouwwerken te bereiken. In tabel 1 is een overzicht weergegeven van de verschillende categorie evenementen en de daarbij behorende kengetallen voor de duur van het evenement, de oppervlaktes, het grondoppervlak en het aantal evenementen. Hierbij gaat het om maximale aantallen en dus een worst-case scenario per categorie evenement. In de praktijk liggen de aantallen en percentages lager vanwege de op- en afbouwperiode. Tabel 1 Gegevens evenemententerrein per categorie EvenementenDuur Oppervlak tijdelijke Oppervlak terrein bouwwerken(tenten, verharding vloerdelen, overig) (alleen rijplaten) (in dagen) (in m2) (in m2) Categorie 1 4 380 20 Categorie 2 12 6.175 325 Categorie 3 16 11.875 625 Categorie 4 28 19.000 1.000

2.2

Grondoppervlakte Aantal evenementen (in % t.o.v. totaal) 0,17 2,83 5,43 8,70

3 2 1 2

Parkeerterrein

Het parkeerterrein is maximaal 85 ha groot. Voor de hoofdroutes zullen rijplaten in banen (circa 3 m breed) worden gelegd. In figuur 5 zijn de door Leisurelands aangegeven routes met rijplaten weergegeven. Rijplaten hebben als functie om de bestaande situatie zoveel mogelijk in stand te houden en zorgen ervoor dat het terrein minder wordt dichtgereden. Tijdens de categorie 4 betreft dit maximaal 7.000 m². In tabel 2 is een overzicht hiervan opgenomen.

Document referentie NL23-648800269-50261

5/12

11-05-2023 Versie D3 Projectnummer 51011065 Onderwerp Effect uitbreidingsplannen op de waterhuishouding van de Groene Heuvels

Figuur 5

Overzicht parkeerterrein bij een categorie 4 evenement, met in blauwe lijnen aangegeven de rijplatenbanen.

Tabel 2 Gegevens parkeerterrein per categorie Parkeerterrein Duur Oppervlak verharding (in dagen) (rijplaten) (in m2) Categorie 1 4 500 Categorie 2 8 1.500 Categorie 3 10 2.500 Categorie 4 21 7.000

2.3

Grondoppervlakte Aantal (in % t.o.v. totaal) evenementen 0,06 3 0,18 2 0,29 1 0,82 2

Kampeerterrein

Het kampeerterrein is maximaal 65 ha groot. Alleen bij categorie 2 en 4 evenementen is het mogelijk om een kampeerterrein in te richten. Dat kan maximaal 2 keer per jaar.

Figuur 6

Kampeerterrein, met in blauwe lijnen aangegeven de rijplatenbanen. In rood is globaal het complete kampeerterrein weergegeven.

Document referentie NL23-648800269-50261

6/12

Voor het kampeerterrein worden enkele rijplaten (maximaal 3 m breed) in banen gelegd om de badhuizen te bereiken. De rijplaten vormen circa 35% van de totale infrastructuur op het kampeerterrein. De badhuizen bestaan uit tentstructuren. In tabel 3 is een overzicht hiervan opgenomen. Tabel 3 Kampeerterrein

Categorie 1 Categorie 2 Categorie 3 Categorie 4

Gegevens kampeerterrein per categorie Duur Oppervlak tijdelijke Oppervlak verharding (in dagen) bouwwerken (tenten, (alleen rijplaten) vloerdelen, overig) (in m2) (in m2) 8 750 500 14 7.500 3.900

Document referentie NL23-648800269-50261

11-05-2023 Versie D3 Projectnummer 51011065 Onderwerp Effect uitbreidingsplannen op de waterhuishouding van de Groene Heuvels

Grondoppervlakte (in % t.o.v. totaal)

0,19 1,75

7/12

3.

Wat is het effect op het watersysteem?

In de voorgenomen plannen is in de tabellen (1 tot en met 3) aangegeven welk percentage oppervlak van het totale oppervlak tijdelijk verhard is. Met uitzondering van de categorie 4 evenementen gaat het hier om 0 – 5 % van het totale oppervlak per terrein. Ter vergelijking: in een woonwijk ligt dit percentage in het algemeen boven de 50%. De hoeveelheid verharding ten opzichte van het totale oppervlak is dus (zeer) beperkt. Bij hevige neerslag kan dus nog steeds het grootste gedeelte van het hemelwater in de bodem infiltreren.

11-05-2023 Versie D3 Projectnummer 51011065 Onderwerp Effect uitbreidingsplannen op de waterhuishouding van de Groene Heuvels

Bovendien liggen de voorzieningen verspreid over het terrein, waardoor clusters van verhard oppervlak worden voorkomen. Ook is hierbij de afstand van de voorzieningen tot het oppervlaktewatersysteem tientallen meters. Dit betekent dat hemelwater dat niet kan infiltreren, deze afstand moet overbruggen voordat het in het oppervlaktewatersysteem terechtkomt. In het bijzonder voor het parkeer- en kampeerterrein geldt dat de verharding verdeeld is over de gehele ruimte die hiervoor is bestemd. Dit betekent dat het hemelwater in de naastgelegen onverharde oppervlakken kan infiltreren. De impact van het evenemententerrein op het watersysteem is naar verwachting het grootst, omdat hier in vergelijking met het parkeer- en kampeerterrein de meeste voorzieningen liggen. Aan de hand van een rekenvoorbeeld is het effect hiervan op het watersysteem kwantificeerbaar gemaakt. Hierbij hebben we de volgende uitgangspunten gehanteerd:    

een neerslagbui van 70 millimeter; een verhard oppervlak van 20.000 m2 (categorie 4); directe afstroming richting de waterplas; een oppervlakte van de waterplas van minimaal 23,7 hectare.

Bij deze uitgangspunten stroomt maximaal 1.400 m3 (20.000 m2 * 0,007 m) hemelwater af richting de waterplas. Dit leidt tot een theoretische peilstijging van 0,006 meter.

Document referentie NL23-648800269-50261

8/12

4.

Wat zeggen de beleidsregels?

Volgens de beleidsregel 5.16 “nieuwe lozingen vanaf verhard oppervlak” van het waterschap is de definitie van verhard oppervlak, “alle oppervlakken die voor nieuwbouw, wegen, etc., verhard worden. Hierdoor kan het hemelwater ter plaatse niet langer in de (voorheen onverharde) grond infiltreren. Daardoor treedt er een versnelde afvoer van het hemelwater op”.

11-05-2023 Versie D3 Projectnummer 51011065 Onderwerp Effect uitbreidingsplannen op de waterhuishouding van de Groene Heuvels

In deze beleidsregel is bij de definitiebepaling van ‘nieuw verhard oppervlak’ verder geen onderscheid gemaakt in permante en tijdelijke verharding. Het is daarom niet duidelijk of en in welke mate de bouwwerken en rijplaten als ‘nieuw verhard oppervlak’ moeten worden beschouwd. Tenslotte is in beleidsregel 5.16 aangegeven dat bij halfverhard oppervlak de benodigde bergingscapaciteit kan worden teruggebracht, afhankelijk van de aard van de verharding. Deze situaties zullen afzonderlijk moeten worden bepaald en berekend. In onderstaande paragrafen gaan we uitgebreider in of hier sprake is van verhard oppervlak en geven we duiding aan het begrip ‘tijdelijkheid’.

4.1

Type verharding

Bouwwerken, zoals houten vloerdelen, tentstructuren, kantoorunits, afzetcontainers en podiumstructuren zijn allemaal boven het maaiveld afgewerkt of ze steken in ieder geval een stukje boven de grond uit. In figuur 7 zijn praktijkvoorbeelden weergegeven van vlondervloeren, tentstructuren, kantoorunits, afzetcontainers en podiumstructuren, waarbij het bouwwerk boven maaiveld is afgewerkt. Zoals in figuur 6 te zien is, kan hemelwater dat op bouwwerken valt voor een groot deel alsnog onder deze bouwwerken infiltreren. Dit roept vragen op of en in welke mate sprake is van verhard oppervlak.

Figuur 7

Voorbeelden vlondervloeren, tentstructuren, cassettevloer kantoorunits, afzetcontainers en podiumstructuren.

Naast de bouwwerken worden er ook rijplaten aangelegd. Hiervoor geldt wel dat het hemelwater niet direct in de bodem kan infiltreren. Echter, kunnen in bepaalde situaties de rijplaten juist ook een barrière vormen tegen afstroming van hemelwater.

Document referentie NL23-648800269-50261

9/12

4.2

Tijdelijkheid

De bouwwerken en de rijplaten zullen alleen bij de op- en afbouw en tijdens een evenement aanwezig zijn. Zoals eerder aangegeven, is in beleidsregel 5.16 geen onderscheid gemaakt tussen permanente en tijdelijke verharding.

11-05-2023 Versie D3 Projectnummer 51011065 Onderwerp Effect uitbreidingsplannen op de waterhuishouding van de Groene Heuvels

Het aantal dagen met bouwwerken en rijplaten op het evenemententerrein is maximaal 108 dagen (zie aantallen tabel 1). Het aantal dagen met bouwwerken en rijplaten voor het parkeer- en kampeerterrein is korter, omdat met name tijdens het evenementenseizoen de materialen elders worden ingezet en per week worden verhuurd. Dat geldt ook voor de huur en beveiliging van rijplaten. Leisurelands wil de kosten hiervoor zo laag mogelijk houden en zal daarom de huur van materialen en rijplaten tot een minimum beperken. In totaal zijn de bouwwerken op het parkeer- en kampeerterrein maximaal 80 dagen in het jaar aanwezig. De rijplaten zijn maximaal 25 dagen in het jaar aanwezig. Met de bevindingen, beschreven in paragraaf 3.1, is de verwachting dat alleen bij een categorie 4 evenement, het risico bestaat dat de bouwwerken en rijplaten tot versnelde afvoer van hemelwater richting het oppervlaktewater leiden. Een categorie 4 evenement vindt maximaal twee keer per jaar plaats.

Document referentie NL23-648800269-50261

10/12

5.

Conclusie

Uit deze notitie en de hiervoor uitgevoerde analyse blijkt dat:   

de verwachte impact op het watersysteem minimaal is; de in de beleidsregels gegeven definitie van verhard oppervlak niet aansluit bij de toegepaste voorzieningen (bouwwerken en rijplaten); er in de beleidsregels geen richtlijnen opgenomen zijn voor tijdelijke verharding.

11-05-2023 Versie D3 Projectnummer 51011065 Onderwerp Effect uitbreidingsplannen op de waterhuishouding van de Groene Heuvels

De conclusie hieruit is dat er een maatwerkoplossing nodig is. Leisurelands gaat hierover graag in gesprek met het waterschap.

Document referentie NL23-648800269-50261

11/12

11-05-2023 Versie D3 Projectnummer 51011065 Onderwerp Effect uitbreidingsplannen op de waterhuishouding van de Groene Heuvels

Projectnummer

Handelsregister 30129769 Effect uitbreidingsplannen op de waterhuishouding van de Groene Heuvels 51011065

Klant Versie

MOJO Concerts B.V. D3

Datum Auteur Document referentie

11-05-2023 Sjors Busink NL23-648800269-50261

Sweco Nederland B.V. Onderwerp

Document referentie NL23-648800269-50261

Gecontroleerd door

Siebe Houtsma

Vrijgegeven door

Ron Buitelaar

12/12

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk Toetsing in het kader van de Wet natuurbescherming

I. Hille Ris Lambers J.T.B. Cardinaals F. van Vliet

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk Toetsing in het kader van de Wet natuurbescherming I. Hille Ris Lambers, J.T.B. Cardinaals, F. van Vliet Status uitgave: definitief V2 Rapportnummer:

21-271

Projectnummer:

21-0802

Datum uitgave:

14 september 2022

Projectleider:

drs. ing. I. Hille Ris Lambers

Tweede lezer:

J.T.B. Cardinaals (MSc)

Naam en adres opdrachtgever:

Leisurelands Westervoortsedijk 73-LB 6827 AV Arnhem

Referentie opdrachtgever:

Opdrachtverlening dd. 22 maart 2022

Akkoord voor uitgave:

drs. F. van Vliet

Paraaf: Graag citeren als: Hille Ris Lambers, I., J.T.B. Cardinaals, F. van Vliet, 2022. Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk. Toetsing in het kader van de Wet natuurbescherming. Bureau Waardenburg Rapportnr. 21-271. Bureau Waardenburg, Culemborg. Trefwoorden: beschermde soorten, inventarisatie dassen, effecten van evenementen, stikstofberekening. Bureau Waardenburg bv is niet aansprakelijk voor gevolgschade, alsmede voor schade welke voortvloeit uit toepassingen van de resultaten van werkzaamheden of andere gegevens verkregen van Bureau Waardenburg bv. Opdrachtgever hierboven aangegeven vrijwaart Bureau Waardenburg bv voor aanspraken van derden in verband met deze toepassing. © Bureau Waardenburg bv / Leisurelands Dit rapport is vervaardigd op verzoek van opdrachtgever en is zijn eigendom. Niets uit dit rapport mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden d.m.v. druk, fotokopie, digitale kopie of op welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de opdrachtgever hierboven aangegeven en Bureau Waardenburg bv, noch mag het zonder een dergelijke toestemming worden gebruikt voor enig ander werk dan waarvoor het is vervaardigd. Lid van de branchevereniging Netwerk Groene Bureaus.

Het kwaliteitsmanagementsysteem van Bureau Waardenburg bv is gecertificeerd door EIK Certificering overeenkomstig ISO 9001:2015. Bureau Waardenburg bv hanteert als algemene voorwaarden de DNR 2011, tenzij schriftelijk anders wordt overeengekomen.

Bureau Waardenburg, Varkensmarkt 9 4101 CK Culemborg, 0345 51 27 10, info@buwa.nl, www.buwa.nl

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

2

Voorwoord Leisurelands is voornemens om middels een bestemmingsplan wijziging procedure meer evenementen mogelijk te maken in het recreatiegebied De Groene Heuvels in Ewijk. Ten behoeve van de bestemmingswijziging heeft Leisurelands Bureau Waardenburg opdracht gegeven na te gaan in hoeverre hiervan effecten op beschermde soorten en Natura 2000gebieden beoordeeld in het kader van de Wet natuurbescherming. Voor zover negatieve effecten aan de orde zijn, zijn maatregelen aangegeven om negatieve effecten op beschermde soorten en Natura 2000-gebieden te voorkomen of te verzachten. Onderhavige rapportage vormt het verslag van de bevindingen van zowel het oriënterend onderzoek (quick scan) als nader onderzoek naar dassen met cameravallen in 2021. Het verslag van het nader onderzoek naar dassen is opgenomen in Bijlage II. De bevindingen zijn vertaald naar randvoorwaarden voor de evenementen. Indien deze worden opgevolgd is het mogelijk evenementen plaats te laten vinden zonder dat overtreding van verbodsbepalingen ten aanzien van beschermde soorten plaatsvindt. In 2022 is conform deze randvoorwaarden gehandeld ter voorbereiding op het evenement Down The Rabbithole 2022. De bevindingen van het benodigde onderzoek in 2022 is in deze versie van het rapport gebruikt ter onderbouwing van de veldresultaten uit 2021 en zijn opgenomen als bijlage.

Het oriënterend onderzoek in 2021 is uitgevoerd door Jasper Cardinaals, Ingrid Hille Ris Lambers en Fleur van Vliet. Het nader onderzoek naar dassen in 2021 werd uitgevoerd door Jasper Cardinaals. De projectleiding en rapportage is uitgevoerd door Ingrid Hille Ris Lambers. Voor Leisurelands heeft Maarten van Lokven (Mojo) input geleverd in het project. Wij danken hem voor de begeleiding en prettige samenwerking. Disclaimer De studie betreft een beoordeling van de huidige aanwezigheid van beschermde soorten. Deze beoordeling is gebaseerd op oriënterend veldonderzoek, nader onderzoek (naar dassen) en deskundigenoordeel. Veldonderzoek is altijd een momentopname. Bureau Waardenburg waarborgt dat het onderzoek is uitgevoerd door deskundige onderzoekers volgens de gangbare standaardmethoden. Het bureau is niet aansprakelijk voor waarnemingen van soorten door derden en waarnemingen die na afronding van de studie bekend worden gemaakt.

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

3

Inhoud 1

2

3

4

5

6

7

Voorwoord

3

Inleiding

6

1.1

Doel

6

1.2

Toetsingskader soortenbescherming

6

1.3

Toetsingskader gebiedenbescherming

7

1.4

Houtopstanden

8

1.5

Natuurnetwerk Nederland

8

1.6

Verantwoording

9

Te houden evenementen in recreatiegebied De Groene Heuvels

10

2.1

Beschrijving recreatiegebied De Groene Heuvels

10

2.2

Toekomstig gebruik

11

Betekenis van het plangebied voor beschermde soorten planten en dieren

12

3.1

Planten

12

3.2

Ongewervelden

12

3.3

Vissen

12

3.4

Amfibieën

13

3.5

Reptielen

13

3.6

Grondgebonden zoogdieren

13

3.7

Vleermuizen

18

3.8

Vogels (inclusief soorten met een jaarrond beschermd nest)

20

Effecten op beschermde soorten en beoordeling Wnb

22

4.1

Planten

22

4.2

Ongewervelden

22

4.3

Amfibieën

22

4.4

Grondgebonden zoogdieren

23

4.5

Vleermuizen

24

4.6

Vogels (inclusief soorten met een jaarrond beschermd nest)

25

Toetsing aan gebiedenbescherming

26

5.1

Ligging ten opzichte van Natura 2000-gebieden

26

5.2

Betekenis van het plangebied voor soorten van Natura 2000-gebieden

26

5.3

Effecten en beoordeling Wnb

27

Toetsing aan provinciaal en gemeentelijk natuurbeleid

28

6.1

Toetsing aan provinciaal beleid

28

6.2

Toetsing aan gemeentelijk natuurbeleid

29

Beoordeling en conclusies

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

31

4

7.1

Beoordeling Wet natuurbescherming - onderdeel soortenbescherming

31

7.2

Beoordeling Wet natuurbescherming - onderdeel gebiedenbescherming

31

7.3

Toetsing aan het provinciaal en gemeentelijk beleid

31

7.4

Conclusies

32

7.5

Randvoorwaarden (Wnb – onderdeel soortenbescherming)

32

Literatuur Bijlage I

33 Wettelijk kader

34

7.6

Inleiding

34

7.7

Algemene bepalingen

34

7.8

Natura 2000-gebieden

35

7.9

Soorten

37

7.10 Houtopstanden

39

Bijlage II

Dassenonderzoek 2021

Bijlage III

Onderzoek dassen en vogels 2022

Bijlage IV

Effectenindicator

Bijlage V

Kernkwaliteiten Rivierduinengordel Overasselt – Bergharen

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

5

1 Inleiding 1.1

Doel Leisurelands wil het houden van evenementen in recreatiegebied de Groene Heuvels planologisch regelen. Hiervoor is een bestemmingsplanwijziging nodig. Bij het vaststellen van het bestemmingsplan en de daaruit volgende toename van de gebruiksintensiteit van het terrein moet rekening worden gehouden met het huidige voorkomen van beschermde soorten planten en dieren en beschermde natuurgebieden in het plangebied en/of in de invloedssfeer daarvan. Voorliggende rapportage doet verslag van de functie van het plangebied voor beschermde soorten, eventuele effecten ten gevolge van de veranderende gebruiksintensiteit van het terrein en de daaruit volgende randvoorwaarden om overtreding van verbodsbepalingen te voorkomen. Dit verslag is opgesteld op basis van ecologisch onderzoek dat in 2021 is uitgevoerd en wordt verder onderbouwd met veldgegevens uit het voorjaar van 2022. Dit rapport beschrijft het wettelijk kader (§1.2, 1.3, 1.4, 1.5), de methodiek (§1.6), het plangebied (§2.1) en de voorziene evenementen (§2.2). Het voorkomen van beschermde soorten is in beeld gebracht (§3.1 tot en met §3.8) en in hoofdstuk 4 zijn mogelijke effecten beschreven (§4.1 tot en met §4.8). In hoofdstuk 5 wordt de uitbreiding getoetst aan gebiedenbescherming.

In hoofdstuk 6 wordt de ligging ten opzichte van gebieden beschreven die op grond van gemeentelijk beleid en provinciaal beleid (GNN) zijn beschermd. In hoofdstuk 7 zijn effecten getoetst aan wetgeving en beleid en worden conclusies en randvoorwaarden gegeven.

1.2

Toetsingskader soortenbescherming Bij toepassing van het onderdeel soortenbescherming van de Wnb worden drie beschermingsregimes onderscheiden: Beschermingsregime soorten Vogelrichtlijn, Beschermingsregime soorten Habitatrichtlijn en Beschermingsregime andere soorten. De das is een soort van Beschermingsregime andere soorten. Voor das gelden geen vrijstellingen bij ruimtelijke ontwikkeling of evenementen. Een ontheffing kan nodig zijn als de werkzaamheden leiden tot overtreding van verbodsbepalingen van de Wnb. Ook kleine marterachtigen zoals wezel, bunzing en hermelijn zijn soorten van Beschermingsregime andere soorten. Omdat kleine marterachtigen in de provincie Gelderland niet zijn vrijgesteld zijn ze eveneens relevant bij het organiseren van evenementen. Bij het houden van evenementen moet rekening worden gehouden met het huidige voorkomen van beschermde soorten planten en dieren op het voorziene evenemententerrein. Als de te houden evenementen naar verwachting leiden tot het overtreden van verbodsbepalingen betreffende beschermde soorten, zal moeten worden nagegaan of een vrijstelling geldt of dat een ontheffing moet worden verkregen. De Wnb onderscheidt bij de bescherming van soorten drie beschermingsregimes:

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

6

• • •

Beschermingsregime soorten Vogelrichtlijn (Wnb § 3.1), Beschermingsregime soorten Habitatrichtlijn (Wnb § 3.2)1 en Beschermingsregime andere soorten (Wnb § 3.3).

Voor een aantal soorten vallend onder ‘Beschermingsregime andere soorten’ heeft de provincie een vrijstelling verleend voor handelingen in het kader van de ruimtelijke inrichting of ontwikkeling van gebieden (Wnb Art 3.10 lid 2a). In dit rapport wordt onderscheid gemaakt in ‘vogels’, soorten Habitatrichtlijn (Wnb § 3.2) en ‘andere soorten’ (Wnb § 3.3). Als de voorgenomen ingreep leidt tot het overtreden van verbodsbepalingen betreffende beschermde soorten, is nagegaan of een vrijstelling geldt of dat een ontheffing moet worden verkregen voordat de evenementen gaan plaatsvinden (zie Hoofdstuk 2).

1.3

Toetsingskader gebiedenbescherming De toetsing aan gebiedenbescherming omvat een beschrijving van de resultaten van verkennend onderzoek naar de effecten op nabijgelegen Natura 2000-gebieden. De centrale vraag van deze toetsing is: bestaat er een reële kans op significante negatieve effecten op Natura 2000-gebieden of kan het optreden van significant negatieve effecten op Natura 2000-gebieden met zekerheid worden uitgesloten? De uitkomsten van het onderzoek kunnen als volgt zijn: • Er treden met zekerheid geen effecten op; er zijn geen aanvullende maatregelen nodig om effecten te beperken. Wel wordt aanbevolen de conclusies van dit onderzoek aan het bevoegd gezag voor te leggen. • Significant negatieve effecten kunnen niet worden uitgesloten. Voor activiteiten die (mogelijk) een significant effect hebben is een vergunning nodig, die kan worden aangevraagd op basis van een “passende beoordeling” (zie Bijlage 1) en na het doorlopen van de ADC-toets2. Vooroverleg met het bevoegd gezag is noodzakelijk. • Er zijn (mogelijk) wel effecten, maar die zijn beperkt en zeker niet significant. In dit geval bepaalt het bevoegd gezag of er vergunning nodig is. In de vergunningsvoorschriften kunnen maatregelen worden opgelegd om negatieve effecten te verminderen of te voorkomen. Deze maatregelen zijn niet nodig om significante effecten te voorkomen.

De effecten van het project zijn getoetst aan de instandhoudingsdoelen die voor Natura 2000-gebied Rijntakken (2 km van plangebied). Andere Natura 2000-gebieden op meer dan 15 km van het plangebied. Als (significant) negatieve effecten op deze gebieden kunnen worden uitgesloten zijn effecten op verder weg gelegen gebieden op grond van de afstand eveneens uit te sluiten.

1 Dit betreft soorten van de Habitatrichtlijn, het Verdrag van Bern en het Verdrag van Bonn met uitzondering van vogels. Vogels vallen onder Beschermingsregime soorten Vogelrichtlijn. Brochure: Soortenbescherming bij ruimtelijke ingrepen. Ministerie van EZ, versie 1.3 december 2016. 2 ADC-toets: toets op Alternatieven, Dwingende reden van groot openbaar belang, Compensatie.

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

7

1.4

Houtopstanden De Wet natuurbescherming beschermt houtopstanden met een oppervlakte van minimaal 10 are (1.000 m2) en rijbeplantingen die bestaan uit meer dan 20 bomen (art. 1.1). Ten behoeve van de evenementen worden geen houtopstanden gekapt. De regels ten aanzien van houtopstanden zijn dus niet van toepassing.

1.5

Natuurnetwerk Nederland Het Natuurnetwerk Nederland (kortweg: NNN) is een Nederlands netwerk van bestaande en nieuw aan te leggen natuurgebieden. In het NNN liggen: • bestaande natuurgebieden, waaronder de 20 nationale parken; • gebieden waar nieuwe natuur wordt aangelegd; • landbouwgebieden, beheerd volgens agrarisch natuurbeheer; • ruim 6 miljoen hectare grote wateren: meren, rivieren, de kustzone van de Noordzee en de Waddenzee; • alle Natura 2000-gebieden. Voor gebieden die zijn begrensd binnen het NNN, ecologische verbindingszones en gebieden met agrarisch natuurbeheer, geldt een planologisch beschermingsregime. Ingrepen in deze gebieden zijn alleen toegestaan als ze geen negatieve effecten hebben op deze gebieden, of als negatieve effecten kunnen worden tegengegaan door het nemen van mitigerende maatregelen. Heeft een ingreep wel een significant negatief effect op de wezenlijke kenmerken en waarden van een gebied dat behoort tot het NNN, dan geldt het ‘nee, tenzij-regime’. Een project kan dan alleen doorgaan als er geen reële alternatieven zijn en als sprake is van een groot openbaar belang. Als een ingreep wordt toegestaan moet de schade zoveel mogelijk worden beperkt door mitigerende maatregelen en moet de resterende schade door de initiatiefnemer worden gecompenseerd.

Dit beschermingsregime is verankerd in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR)¬/Besluit Algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) en in de Omgevingsverordening. In de provincie Gelderland heet het NNN: Gelders Natuur Netwerk. Voor de voorziene uitbreiding van evenementen is een toets uitgevoerd die antwoord geeft op de volgende vragen: • Bevindt het plangebied zich nabij het GNN? • Wat zijn de wezenlijke kenmerken en waarden van het NNN ter plaatse? • Is er sprake van een significante aantasting van die wezenlijke kenmerken en waarden • Wat zijn de mogelijkheden om een eventuele aantasting te beperken? • Is er een noodzaak voor de compensatie van een eventuele aantasting van het NNN? De toetsing die in hoofdstuk 6 wordt doorlopen betreft de oriëntatiefase van de ‘Nee, tenzij toets’.

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

8

1.6

Verantwoording Bronnenonderzoek Als basis voor het onderzoek naar beschermde soorten zijn eerdere onderzoeksrapporten ten behoeve van evenementen op de locatie gebruikt. Deze zijn opgenomen in de literatuurlijst. Daarnaast is de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) in november 2021 bevraagd om waarnemingen die tot dan toe bekend zijn mee te nemen in het onderzoek. Als zoekgebied is gekozen voor een gebied met een straal van circa 3 kilometer rondom het plangebied, waarbij gericht gezocht is naar beschermde soorten die de afgelopen 5 jaar zijn waargenomen. Veldonderzoek In de periode mei-augustus 2021 is het plangebied en directe omgeving onderzocht op de aanwezigheid van beschermde soorten. Het plangebied inclusief directe omgeving vormt het onderzoeksgebied. Voor detailinformatie inzake de methodiek van het dassenonderzoek wordt verwezen naar Bijlage 2. Het veldonderzoek in 2021 is aangevuld met de velddata uit het onderzoek dat in 2022 is uitgevoerd ter voorbereiding op het evenement Down The Rabbithole (Bijlage III). Medewerkers Het veldonderzoek is uitgevoerd door J.T.B. (Jasper) Cardinaals, I. (Ingrid) Hille Ris Lambers en F. (Fleur) van Vliet. Verslaglegging heeft plaatsgevonden door I. Hille Ris Lambers, projectleider bij Bureau Waardenburg. Deze onderzoekers zijn door opleiding, werkervaring en zelfstudie gekwalificeerd voor de door hun uitgevoerde werkzaamheden.

Het project is uitgevoerd volgens het kwaliteitshandboek van Bureau Waardenburg. Het kwaliteitsmanagementsysteem van Bureau Waardenburg is door Certiked ISO gecertificeerd overeenkomstig BRL 9990:2001 / ISO 9001:2008. De conclusie in dit rapport is gebaseerd op inventarisatiegegevens van 2021 en 2022. De gegevens zijn ten minste houdbaar tot 2024. Indien de in dit rapport beschreven ingreep wijzigt dan wel wordt uitgevoerd na 2024 kan een actualisatie van het onderzoek nodig zijn.

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

9

2 Te houden evenementen in recreatiegebied De Groene Heuvels 2.1

Beschrijving recreatiegebied De Groene Heuvels De evenementen zijn voorzien op recreatiegebied De Groene Heuvels. Dit betreft een parkachtig gebied rondom een voormalige zandwinplas. Op het terrein komen verschillende terreintypen voor: grazige vegetaties, struweel, verharding, bos / opgaande beplanting en open water. Aan de zuidzijde (ten zuiden van de Laarsdijk) bevindt zich een vakantiepark genaamd ’t Broeckhuijs. Ten zuiden van dat vakantiepark ligt een brede wetering, genaamd Nieuwe Wetering. Ten zuidoosten van De Groene Heuvels ligt de A50. De Ficarystraat loopt van noordwest naar zuidoost bovenlangs het recreatiegebied. Aan de noordzijde van de Ficarystraat liggen enkele populierenpercelen parallel aan de A50. Aan vrijwel alle zijden van het recreatiegebied liggen verder agrarische percelen (graslanden en akkers).

Figuur 1.

Met de rode lijn is de begrenzing van het plangebied aangegeven. Het zwart omlijnde

gebied geeft aan waar zich het zwaartepunt van bezoekersdruk, activiteiten en geluidsbelasting bevindt ten tijde van evenementen (festivalterrein).

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

10

2.2

Toekomstig gebruik Informatie over de evenementen die zijn voorzien, is aangeleverd door Leisurelands. Jaarlijks vinden er evenementen plaats van verschillende categorieën (zie tabel), hoofdzakelijk in de periode mei- september. Tabel. 2.1 Overzicht voorziene evenementen Categorieën

Maximum aantal bezoekers

Categorie 1

15.000

Categorie 2

25.000

Categorie 3

30.000

Categorie 4

60.000

Tijdens evenementen zullen binnen het rood omlijnde gebied (plangebied) podia, horecafaciliteiten en ontsluitingsroutes gebruikt worden en zijn worden terreinen gebruikt voor de crew en parkeerplaatsen. Bij evenementen uit categorie 2, 3 en 4 is voorzien dat parkeren plaatsvindt buiten het recreatiegebied, op de agrarische percelen aan de westzijde en noordzijde van het recreatiegebied. Bij evenementen uit categorie 2 en 4 is voorzien dat kamperen plaatsvindt. De categorie 4 evenementen duren meerdere dagen en gaan gedurende enkele nachten door tot 5u in de ochtend. De evenement uit de andere categorieën stoppen om 23u of mogelijk om 01u (op vrijdag of zaterdag). In het blauw omlijnde deel (festivalterrein) worden podia, dansvloeren, faciliteiten zoals toiletten en EHBO-posten en horecavoorzieningen geplaatst en zal het versterkt geluid ten gehore worden gebracht. Binnen dit deel is het zwaartepunt van de bezoekersdruk, geluidsbelasting en verlichting voorzien. Binnen het rood omlijnde gebied vinden de volgende activiteiten plaats: - aan- en afvoer van materialen, aanbrengen bebording en faciliteiten (zoals toiletten); - parkeerplaatsen; - kampeerterreinen; - betreding; - plaatselijk aanbrengen van enige verlichting. Bij de beoordeling van effecten is ervan uitgegaan dat: - beplantingen en struweel binnen het blauw omlijnde deel worden afgezet met linten en hekwerken.

- betreding uitsluitend plaatsvindt op grazige vegetaties, daarvoor ingerichte open ruimtes te midden van beplantingen en op de (zand)stranden en beplantingen gevrijwaard blijven van betreding en activiteiten. - wordt gehandhaafd op bovenstaande uitgangspunten door productiemedewerkers.

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

11

3 Betekenis van het plangebied voor beschermde soorten planten en dieren 3.1

Planten Uit de ruime omgeving van het plangebied (het rood omlijnde gebied in figuur 1) zijn twee waarnemingen van beschermde planten bekend. Het betreft knolspirea en grote bosaardbei (NDFF). Beide waarnemingen zijn gedaan op meer dan een kilometer afstand van recreatiegebied De Groene Heuvels. Uit het recreatiegebied zelf zijn geen waarnemingen van beschermde plantensoorten bekend. Op grond van het veldbezoek is een inschatting verkregen van de aanwezige vegetatietypen. Tijdens het veldbezoek is vastgesteld dat recreatiegebied De Groene Heuvels in potentie geschikte groeiplaatsen biedt aan de genoemde beschermde plantensoorten. Geschikte groeiplaatsen voor de knolspirea zijn de wat ruigere oevers (niet de oevers die intensief beheerd en betreden worden ) van de zandwinplas. Deze terreindelen liggen op de grens van het plangebied of net daarbuiten. Deze potentiële groeiplaatsen liggen buiten het gebied dat betreden als gevolg van het evenement. Geschikte groeiplaatsen voor de grote bosaardbei bevinden zich buiten het plangebied in de delen met opgaande beplanting (ten oosten van de zandwinplas). Groeiplaatsen voor overige beschermde planten ontbreken.

3.2

Ongewervelden Uit de ruime omgeving van het plangebied is één waarneming van een beschermde ongewervelde bekend; het betreft de grote vos (een vlinder, de waarneming betrof een imago, geen rups). De waarneming is gedaan op ongeveer één km ten noordwesten van het plangebied. De grote vos is een zeldzame soort. De vlinders zijn erg mobiel; een waarneming van een vlinder is moeilijk te relateren aan zijn voortplantingsplaats. Bronpopulaties in de wijde omgeving ontbreken. De grote vos heeft iep, zoete kers en diverse wilgensoorten als waardplant. Omdat deze soorten verspreid voorkomen in de beplanting binnen het plangebied kan niet worden uitgesloten dat de grote vos zich voortplant binnen het plangebied. Voor andere beschermde ongewervelden komen in het plangebied geen geschikte voortplantings- of verblijfplaatsen voor. Bronpopulaties in de omgeving ontbreken en het terrein biedt geen geschikt leefgebied. Het voorkomen van andere beschermde ongewervelden dan de grote vos is uitgesloten.

3.3

Vissen Uit de ruime omgeving (ten noordwesten van het plangebied) zijn enkele waarnemingen van de grote modderkruiper bekend (NDFF). De waarnemingen zijn gedaan op minimaal 500 m afstand van het plangebied. De grote modderkruiper is een vrij zeldzame soort in delen van het rivierengebied. De soort heeft voorkeur voor verlandende wateren. Vaak zijn het waterpartijen die in verbinding met de rivieren hebben gestaan. De zwemplas is niet

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

12

geschikt voor de grote modderkruiper omdat hierin andere vissoorten voorkomen en de plas niet verlandend is. Het voorkomen van de grote modderkruiper en andere beschermde vissen is uitgesloten.

3.4

Amfibieën Uit de ruime omgeving van het plangebied zijn waarnemingen van gewone pad, kleine watersalamander, bastaardkikker, bruine kikker en meerkikker bekend (NDFF). Dit zijn allen soorten van het 'Beschermingsregime andere soorten' waarvoor een vrijstelling geldt in de provincie Gelderland bij ruimtelijke ontwikkelingen. Binnen het plangebied komt geschikt leefgebied voor deze algemeen voorkomende soorten amfibieën voor. De meerkikker en gewone pad kunnen de begroeide onderwatertaluds van de zandwinplas gebruiken voor de voortplanting. De bruine kikker en kleine watersalamander kunnen tot voortplanting komen in watervoerende sloten tussen de agrarische graslandpercelen. Deze algemene soorten hebben hun voortplantingsperiode tussen maart en juli. Na de voortplantingsperiode verblijft een deel van de genoemde soorten in landhabitat (in muizengangen of onder pollen beplanting). In de graslandpercelen zullen met name de oevers door amfibieën worden gebruikt om te foerageren in de nacht en schemering. In het recreatiegebied zullen vooral de oevers en de beplanting gebruikt worden als foerageergebied. Op het moment dat evenementen plaatsvinden, bevinden amfibieën zich deels in (voortplantings)water (voortplantingshabitat), deels in verblijfplaatsen op land (landhabitat).

In de schemering en nacht komen amfibieën uit schuilplaatsen in landhabitat en gaan op jacht naar insecten en ongewervelden. Van niet-vrijgestelde amfibieën ontbreken bronpopulaties in de omgeving. Op grond van verspreidingsgegevens (NDFF) en het veldonderzoek wordt geconcludeerd dat het plangebied géén betekenis heeft voor andere beschermde amfibieënsoorten.

3.5

Reptielen Uit de ruime omgeving zijn geen waarnemingen van beschermde reptielen bekend (NDFF, 2021). Op grond van het ontbreken van waarnemingen en geschikt leefgebied, is het voorkomen van beschermde reptielen uitgesloten.

3.6

Grondgebonden zoogdieren Uit de ruime omgeving van het recreatiegebied zijn waarnemingen van aardmuis, bosmuis, bunzing, das, dwergmuis, dwergspitsmuis, eekhoorn, egel, haas, huisspitsmuis, konijn, ree, rosse woelmuis, veldmuis, vos en wezel bekend (NDFF, 2021). Uit het aanvullend onderzoek in 2022 blijkt dat het plangebied ook een functie heeft voor steenmarter (Bijlage III). Het plangebied vormt (geschikt) leefgebied voor de genoemde soorten en kan daarnaast ook (onderdeel van) leefgebied vormen voor bijvoorbeeld hermelijn, woelrat, rosse woelmuis, gewone bosspitsmuis.

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

13

Soorten met een vrijstelling van overtreding verbodsbepalingen bij ruimtelijke ingrepen Aardmuis, bosmuis, dwergmuis, dwergspitsmuis, egel, haas, huisspitsmuis, konijn, ree, rosse woelmuis, woelrat, veldmuis, vos zijn zoogdieren van het 'Beschermingsregime andere soorten' waarvoor een vrijstelling geldt voor overtreding van verbodsbepalingen bij ruimtelijke ingrepen. Van de genoemde soorten zal alleen de veldmuis verblijfplaatsen op het evenemententerrein hebben. Tijdens het veldbezoek zijn gangen gezien in de grazige vegetaties. Op de agrarisch graslandpercelen zijn tijdens diverse veldbezoeken foeragerende buizerds gezien. Veldmuizen vormen in de winter een belangrijk onderdeel van het menu van buizerds. Soorten zoals egel, bosmuis, en woelrat verblijven dieper in bosschages, onder stronken of in oeverbeplanting. Voor deze soorten is de daar aanwezige dekking (en foerageermogelijkheden) van belang. De grazige vegetaties in het recreatiegebied vormen voor deze soorten hooguit foerageergebied (zonder wezenlijke betekenis) als onderdeel van een groter leefgebied. Eekhoorn Eekhoornnesten zijn aangetroffen aan de zuidoostelijke zijde van de zwemplas. Voor eekhoorns heeft de beplanting in het gehele plangebied betekenis als foerageergebied.

Omdat aan de zuidoostelijke zijde een groot oppervlak dichte beplantingen staat en dit een relatief rustig deel is, kan gesteld worden dat dit deel van betekenis is als leefgebied met wezenlijke betekenis.

Figuur 3.1

Op 1 maart 2020 aangetroffen eekhoornnesten.

Steenmarter Uit camerabeelden van het voorjaar 2022 blijkt dat het plangebied gebruikt wordt door steenmarter (Bijlage III). Steenmarters gebruiken de faunapassage onder de A50 waardoor

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

14

het leefgebied zowel delen ten oosten als ten westen van de A50 beslaat. Verblijfplaatsen zijn bij geen van het veldonderzoek aangetoond en (camera)waarnemingen van steenmarter beperken zich tot de faunapassage. Vermoedelijk maakt het recreatieterrein een beperkt deel uit van het leefgebied van steenmarter en bevinden verblijfpaatsen zich buiten het plangebied. Das In het verleden is verschillende malen onderzoek gedaan naar das om de functie van het plangebied voor deze soort in kaart te brengen (Tauw, 2018; Bolt, 2019a en b; Bureau Waardenburg 2019/2020). Burchten bevinden zich zowel binnen als buiten het plangebied (Kaart 3.2). In maart 2021 heeft een inventarisatie plaatsgevonden van dassenburchten (zie Bijlage IV). Bij deze inventarisatie is een nieuwe burcht in de beplanting midden in het recreatiegebied aangetroffen. Figuur 3.1 geeft een overzicht van dassenburchten waar activiteit is waargenomen. Zie bijlage II voor het volledige onderzoek. Vanwege voorgenomen snoei op het evenemententerrein zijn in november 2021 opnieuw camera’s geplaatst bij burcht 4 (zie figuur 3.2) in de periode 7 tot en met 14 november. In het onderzoek van november 2021 zijn geen dassen bij deze burcht waargenomen, wel acht verschillende (loslopende) honden.

Uit de resultaten blijkt dat burcht 4 midden op het festivalterrein zijn functie als bijburcht in de loop van 2021 heeft verloren en niet van betekenis is voor dassen. Voorafgaand aan de kap van struweel heeft afstemming plaatsgevonden met de provincie Gelderland als bevoegd gezag van de Wnb. De provincie Gelderland heeft geoordeeld dat de voorgenomen kap van het struweel niet zou leiden tot overtreding van verbodsbepalingen. Nadat met het cameraonderzoek van november opnieuw werd aangetoond dat de burcht niet van betekenis was voor dassen, heeft kap in de tweede helft van november 2021 plaatsgevonden. In het voorjaar van 2022 was de burcht nog steeds niet in gebruik duur das. De burchtlocatie is door de kap ongeschikt bevonden voor das (Bijlage III). Uit diverse veldbezoeken in de periode 2019-2022 blijkt dat de dassen van de Groene Heuvels gebruik maken van een faunapassage onder de A50. Deze faunapassage leidt naar uitgestrekt agrarisch gebied (akkers, graslanden) waar foerageergebied ongelimiteerd aanwezig is. De wissel (zie foto) laat zien dat de faunapassage een vaste looproute vormt voor de dassen van de Groene Heuvels. In 2022 is een cameraval geplaatst bij de faunapassage. Uit de beelden blijkt dat deze passage inderdaad in gebruik is door das (Bijlage III).

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

15

De wissel richting de faunapassage onder de A50 (parallel aan de Nieuwe Wetering) laat zien laat dassen regelmatig gebruik maken van deze route. Foto dd. 23 februari 2022.

Kleine marterachtigen Tijdens de dasseninventarisatie (mei – juni 2021) is eenmalig een bunzing (op camerabeelden) waargenomen in een konijnenburcht (met konijn als prooi). Een wezel is tijdens één van de veldbezoeken passerend in het recreatiegebied waargenomen. Ook in

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

16

het cameravalonderzoek in 2022 is bunzing op camera waargenomen (Bijlage III). Naast bunzing en wezel kan ook hermelijn voorkomen binnen het plangebied. Alle drie de genoemde soorten gebruiken (muizen)gangen en holten onder stronken op verborgen en rustige plekken als verblijfplaats. Het territorium van kleine marterachtigen kan duizenden ha omvatten en daarbinnen hebben kleine marterachtigen vaak meerdere verblijfplaatsen (Bouwens, 2017). Als voortplantingsplaats kiezen ze voor goed verscholen plekken met veel dekking van bijvoorbeeld braamstruweel. Omdat vooral op en rondom het recreatiegebied veel honden loslopen, kan worden aangenomen dat kleine marterachtigen op deze plekken geen jongen groot brengen. De rest van het plangebied en andere terreinen rondom het recreatiegebied bieden op afgelegen delen wel veilige dekking en waardoor kleine marterachtigen daar voortplantingsplaatsen in gebruik kunnen hebben in de periode maart – augustus. De voedselbeschikbaarheid van het gehele gebied is goed: dankzij de aanwezigheid van oevers, bos met ondergroei en graslandjes op kleigrond komen er muizen, amfibieën, insecten en vogels voor. Bovendien zijn in de terreindelen met beplanting veel schuilplekken en plekken met reliëf aanwezig waardoor het aannemelijk is dat kleine marterachtigen het plangebied gebruiken als foerageergebied.

De grazige vegetaties waarop evenementen plaatsvinden zullen onderdeel (zonder wezenlijke betekenis) vormen van het leefgebied.

Figuur 3.2

Op 1 maart 2020 aangetroffen dassenburchten.

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

17

3.7

Vleermuizen Uit de ruime omgeving zijn waarnemingen van gewone dwergvleermuis, gewone grootoorvleermuis, watervleermuis, laatvlieger en rosse vleermuis bekend. Uit het plangebied zelf is een waarneming van drie foeragerende watervleermuizen bekend en een foeragerende gewone dwergvleermuis (NDFF, 2021). Verblijfplaatsen Er staan gebouwen op de locatie van paviljoen Het Buitenhuis. Gebouwbewonende vleermuizen zouden hierin verblijfplaatsen kunnen hebben. Tijdens het veldwerk op 1 maart 2020 zijn bomen in het recreatiegebied waargenomen met holten en spleten (zie figuur 3.3). Omdat het aantal bomen in het recreatiegebied groot is en een deel van de bomen relatief oud is, kan niet uitgesloten dat incidenteel in de bomen in het plangebied verblijven.

Boom met holten in het plangebied. Foto dateert van het veldbezoek december 2019.

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

18

Figuur 3.3

Op 1 maart 2020 aangetroffen (in potentie voor vleermuizen geschikte) holten in bomen.

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

19

Foerageergebied Het plangebied vormt zonder twijfel onderdeel van foerageergebied van vleermuizen. Dit kunnen zowel boombewonende soorten zijn als gebouwbewonende dieren die elders verblijfplaatsen hebben. De afwisseling van beplanting (inheemse boomsoorten), bosranden, grazige vegetaties en oevers is voor diverse vleermuissoorten zeer geschikt om langs te foerageren vanwege de luwte die dergelijke structuren bieden en vanwege de grote aantallen insecten die voorkomen rondom de boomkronen. Recreatiegebied De Groene Heuvels als geheel kan van wezenlijke betekenis voor verblijfplaatsen in de omgeving zijn, omdat de agrarische percelen in de omgeving weinig foerageermogelijkheden bieden. Vliegroutes Vleermuizen kunnen beplanting in het recreatiegebied gebruiken als structurerend element in het landschap. Met name de randen van de beplantingen bieden vleermuizen diverse mogelijkheden om het landschap te doorkruisen en voedsel te zoeken. Op diverse plekken zal de beplanting betekenis hebben als vliegroute van vleermuizen. Omdat rondom de gehele plas beplanting aanwezig is, zijn alle delen van de beplanting te bereiken via meerdere zijden en hebben beplantingen in het recreatiegebied geen wezenlijke (beschermde) betekenis als vliegroute.

3.8

Vogels (inclusief soorten met een jaarrond beschermd nest) Ten behoeve van het evenement Down the Rabbit Hole is in maart 2020 door Bureau Waardenburg een onderzoek uitgevoerd naar het voorkomen van jaarrond beschermde nestplaatsen. Daarbij zijn onder andere buizerdnesten aangetroffen. Tijdens de oriënterende veldbezoeken in maart 2020, maart 2021 en maart 2022 zijn diverse nesten in de opgaande beplanting in en rondom het recreatiegebied aangetroffen. Het betrof een havikshorst, twee buizerdnesten, diverse nesten van zwarte kraaien en een aantal holtes die mogelijk in gebruik zijn als broedplek van grote bonte specht. De potentieel in gebruik zijnde buizerdnesten zijn in het voorjaar van 2022 op gebruik onderzocht conform kennisdocument (Bijlage III). Hieruit bleek dat geen van de nesten in het plangebied een functie heeft als broedplek voor buizerd. De havikhorst bleek in maart 2022 dusdanig in verval te zijn geraakt dat gebruik op voorhand kon worden uitgesloten. . Nesten van zwarte kraaien kunnen nog in hetzelfde seizoen, of in het navolgende seizoen in gebruik kunnen worden genomen door buizerd, boomvalk of ransuil. In 2022 is het gebruik van de kraaiennesten onderzocht (Bijlage III). Uit dit onderzoek blijkt dat geen van de kraaiennesten in 2022 een functie had voor soorten anders dan zwarte kraai.

In figuur 3.4 zijn de nesten weergegeven die aangetroffen zijn in het plangebied. Tevens is een aanwezige roekenkolonie aan de Wijksestraat te Bergharen weergegeven. In de beplanting in het recreatiegebied zijn zowel in 2021 als in 2022 nesten waargenomen van kleinere (algemeen voorkomende) vogels zoals van merel en houtduif. Deze nesten zijn niet ingetekend. In het broedseizoen vestigen diverse vogelsoorten zich in beplantingen op het terrein omdat de beplanting geschikt broedbiotoop vormt. Dit kan Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

20

soorten betreffen als heggenmus, roodborst, tuinfluiter, diverse spechten, zwarte kraai. Het merendeel van de vogels broedt in de periode half maart – half augustus. Weidevogels De graslanden in het recreatiegebied worden niet gebruikt door weidevogels of andere grondbroedende soorten zoals graspieper of patrijs. Dagelijks worden vele honden uitgelaten op het recreatiegebied waardoor het ongeschikt is voor soorten die op de grond broeden. De agrarische graslanden die incidenteel bij grote evenementen worden gebruikt (ten behoeve van parkeren en kamperen) zijn niet geschikt voor weidevogels. Zelfs minder kritische soorten als kievit broeden er niet, als neveneffect van de intensieve landbouw (med. R. Lensink op basis van gebiedskennis). Watervogels In de oevers waar riet en andere oevervegetatie groeit, kunnen watervogels zoals fuut, meerkoet en waterhoen tot broeden komen.

Figuur 3.4

Op 1 maart 2020 aangetroffen ‘grote’ nesten.

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

21

4 Effecten op beschermde soorten en beoordeling Wnb Dit hoofdstuk beschrijft de effecten van de voorziene uitbreiding van de evenementen op beschermde soorten. In deze beoordeling zijn ook de resultaten van het onderzoek in het voorjaar van 2022 meegenomen (Bijlage III). Uitgangspunt voor de effectbepaling is de definitie van rust- en verblijfplaatsen die gebruikelijk is om te hanteren in effectbeoordelingen in het kader van toetsingen aan de Wet natuurbescherming. Binnen deze definitie worden met de term ‘rust- en verblijfplaatsen’ aangeduid als ‘díe plekken, die van essentieel belang zijn voor haar levenscyclus en een onmisbaar onderdeel zijn van het habitat1’. Om effecten te voorkomen, zal de functionaliteit van de plekken die als rust- en verblijfplaatsen worden gezien, gewaarborgd moeten zijn.

4.1

Planten De knolspirea die mogelijk binnen de begrenzing van het plangebied voorkomt, groeit niet op terreinen die als gevolg van evenementen betreden worden. Aangezien uitsluitend grazige vegetaties benut worden voor evenementen (en andere beschermde planten niet in het plangebied voorkomen), zijn geen effecten op de knolspirea of andere beschermde planten te verwachten. Overtreding van verbodsbepalingen is niet aan de orde.

4.2

Ongewervelden Evenementen hebben geen effecten op mogelijk in het terrein voorkomende voortplantingsplaatsen van de grote vos. Indien de grote vos zich voortplant in het plangebied, dan zullen rupsen of eitjes zich in opgaande beplanting bevinden. Op dergelijke plekken vindt geen betreding of ander gebruik plaats. Het is uitgesloten dat effecten optreden op eventueel in het terrein aanwezige grote vossen.

4.3

Amfibieën Omdat de evenementen plaatsvinden op de grazige vegetaties van het recreatiegebied (en oevers en beplantingen niet betreden worden), vinden als gevolg van betreding geen effecten op amfibieën plaats. Verlichting in de avonduren zal niet gericht zijn op beplantingen. Omdat amfibieën in beplantingen en oevers foerageren (waar geen betreding en verlichting plaatsvindt) zijn effecten op amfibieën uitgesloten. Ten tijde van de grote evenementen treden op amfibieën in de agrarische percelen (ten behoeve van parkeren en kamperen) evenmin effecten op. Doordat auto’s worden geparkeerd op minimaal een meter van de oevers zijn effecten op amfibieën uit te sluiten. Van overtreding van verbodsbepalingen in de zin van de Wet natuurbescherming is geen sprake.

1 Guidance document on the strict protection of animal species of Community interest under the Habitats Directive 92/43/EEC. Final version, February 2007

Effecten van evenementen op beschermde soorten en gebieden, recreatiegebied De Groene Heuvels te Ewijk

22

4.4

Grondgebonden zoogdieren Omdat de voorziene uitbreiding slechts tot tijdelijke extra verstoring en niet leidt tot extra verhardingen treden geen effecten op op algemene soorten als soorten als veldmuis, egel, bosmuis en woelrat. Vanwege de relatief grote oppervlakten robuuste beplanting die niet worden betreden, ondervinden deze dieren wel verstoring, maar geen verstoring met wezenlijk effect. Dit houdt in dat de verstoring niet zodanig is, dat ze hun verblijfplaatsen definitief verlaten en hangt ook samen met het feit dat de evenementen tijdelijk zijn. Van overtreding van verbodsbepalingen in de zin van de Wet natuurbescherming is geen sprake. Eekhoorns zullen zich tijdens evenementen terugtrekken in het rustige deel van het gebied. Omdat de eekhoorns daar ook hun nesten hebben en in ruime mate foerageergebied aanwezig is, zal deze soort geen verstoring (met wezenlijke invloed) ondervinden. Van overtreding van verbodsbepalingen in de zin van de Wet natuurbescherming is geen sprake. Das Dassen komen al jarenlang voor in het recreatiegebied waar ook al jaren grootschalige muziekevenementen (zoals Down The Rabbit Hole) worden gehouden. Omdat dassen pas vanaf de schemering gaan foerageren, leiden kleinere evenementen (evenementen uit de categorieën 1, 2 en 3) die overdag (en eventueel een deel van de avond) plaatsvinden, niet tot verstoring van dassen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=wdw&id=1652e730-005c-43ab-861d-d70933ea76e9