CConstaterende datwijchen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3: Bijlagen bij de toelichting

Raad openbaar Wijchen 2 maart 2023, gemeente wijchenBij agendapunt: 77383 Beslisnota vaststellen bestemmingsplan Leemweg 112 Wijchen22.701 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

2022 Historisch onderzoek Leemweg 112 te Wijchen

MM22027 Montferland Milieu B.V. 14-3-2022

Montferland Milieu B.V. Zeddamseweg 77 7041 CN ‘s-Heerenberg Tel: 0314-640414 info@montferlandmilieu.nl www.montferlandmilieu.nl

TITELBLAD

Projectnaam Projectnummer

Leemweg 112 te Wijchen MM22027

Kadastrale gemeente

WCN00

Sectie - nummer(s)

H4928

Aanleiding

Versienummer

Bestemmingsplanwijziging

1

Status

Definitief

Datum

14-03-2022

Plaats

‘s-Heerenberg

Opsteller

Montferland Milieu B.V.

INHOUDSOPGAVE

1.

INLEIDING ...................................................................................................................................................... 3 1.1

Achtergrond .......................................................................................................................................... 3

1.2

Betrouwbaarheid .................................................................................................................................. 3

1.3

Onafhankelijkheid ................................................................................................................................. 3

1.4

Leeswijzer ............................................................................................................................................. 3

2.

VOORONDERZOEK ......................................................................................................................................... 4 2.1

Geraadpleegde bronnen ....................................................................................................................... 4

2.2

Huidige situatie ..................................................................................................................................... 4

2.3

Historie ................................................................................................................................................. 5

2.4

Verdachte activiteiten .......................................................................................................................... 6

2.5

Bodemkwaliteitskaart ........................................................................................................................... 6

2.6

Asbest ................................................................................................................................................... 6

2.7

PFAS ...................................................................................................................................................... 6

2.8

Voorgaande onderzoeken .................................................................................................................... 7

2.9

Geohydrologie ...................................................................................................................................... 7

2.10

Locatie inspectie ................................................................................................................................... 7

2.11

Conclusie vooronderzoek ..................................................................................................................... 7

3.

CONCLUSIE .................................................................................................................................................... 8 3.1

Algemeen .............................................................................................................................................. 8

3.2

Conclusie en aanbevelingen ................................................................................................................. 8

BIJLAGEN BIJLAGE 1 BIJLAGE 2 BIJLAGE 3 BIJLAGE 4 BIJLAGE 5

Topografische kaart Kadastrale kaart met gegevens Situatietekening Informatie vooronderzoek Projectfoto’s

1.

INLEIDING

1.1 Achtergrond In opdracht van de initiatiefnemer heeft Montferland Milieu B.V. een historisch onderzoek verricht aan de Leemweg 112 te Wijchen (gemeente Wijchen). Het historisch onderzoek is uitgevoerd in het kader van een voorgenomen bestemmingsplanwijziging. In het onderzoek wordt vastgesteld of er in het verleden bodembedreigende activiteiten hebben plaatsgevonden die aanleiding geven tot het uitvoeren van een verkennend bodem- en/of asbestonderzoek. 1.2 Betrouwbaarheid Het vooronderzoek is uitgevoerd conform de Nederlandse Norm NEN5725 (NEN 5725:2017 nl 'Bodem Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van vooronderzoek bij verkennend en nader onderzoek'). Voor de informatie is Montferland Milieu B.V. afhankelijk van bronnen en beschikbare gegevens. De conclusies zijn dan ook gebaseerd op deze gegevens. Ondanks de zorgvuldigheid waar het onderzoek mee is uitgevoerd, is het altijd mogelijk dat plaatselijk de conclusie niet voldoet vanwege het ontbreken van gegevens, 1.3 Onafhankelijkheid Tussen Montferland Milieu B.V. en de opdrachtgever is geen sprake van een relatie, die de onafhankelijkheid en de integriteit zouden beïnvloeden en/of haar werkzaamheden zou kunnen belemmeren. 1.4 Leeswijzer In hoofdstuk 2 is de historische informatie beschreven. Aan de hand van deze gegevens zijn in hoofdstuk 3 de conclusies en aanbevelingen gedefinieerd.

MM22027

3

2.

VOORONDERZOEK

2.1 Geraadpleegde bronnen Voor aanvang van het bodemonderzoek zijn de (historische) gegevens, die relevant zijn voor het onderzoek, verzameld. In bijlage 4 is de informatie van het vooronderzoek opgenomen. Bij het vooronderzoek zijn de volgende bronnen geraadpleegd: informatie van de opdrachtgever informatie uit het provinciaal informatiesysteem informatie van de gemeente/omgevingsdienst informatie van de website topotijdreis.nl informatie van de website bodemloket.nl informatie van de website DINOloket.nl informatie van de website ruimtelijkeplannen.nl 2.2 Huidige situatie De onderzoekslocatie is gelegen aan de Leemweg 112 te Wijchen (gemeente Wijchen). De locatie is kadastraal bekend als gemeente WCN00, sectie H, nummer(s) 4928. De totale onderzoekslocatie heeft een oppervlakte van circa 6.500 m2. In bijlage 1 is de topografische kaart weergegeven. Bijlage 2 bevat de kadastrale kaart met kadastrale gegevens en in bijlage 3 is de situatietekening weergegeven. De onderzoekslocatie is gelegen in het buitengebied van Wijchen. Het perceel is in gebruik ten behoeve van maatschappelijke doeleinden. De initiatiefnemer is voornemens de bestemming te wijzigen.

Figuur 1: Weergave ruimtelijkeplannen.nl

MM22027

4

2.3 Historie Informatie van de gemeente/omgevingsdienst Er zijn geen relevante gegevens van de historie van het terrein bekend welke van invloed zouden kunnen zijn op de onderzoeksstrategie. Op de locatie hebben zich in het verleden, voor zover bekend, geen calamiteiten voorgedaan. Informatie van de website topotijdreis.nl Uit historisch kaartmateriaal is gebleken dat het perceel vanaf 1960 bebouwd is geraakt. Vanaf eind jaren 90 is de huidige bebouwing weergeven. De historische kaarten uit 1900 en 1950 zijn enigszins verschoven en geven geen goed beeld van de locatie.

Figuur 3: Historische kaart (1900)

Figuur 4: Historische kaart (1950)

Figuur 5: Historische kaart (1970)

Figuur 6: Historische kaart (2000)

Informatie van de website bodemloket.nl Uit informatie van het bodemloket blijkt dat er geen historische activiteiten bekend zijn die van invloed kunnen zijn op de onderzoeksstrategie.

Figuur 7: Weergave bodemloket.nl

MM22027

5

2.4 Verdachte activiteiten Het voormalige gebruik van de onderzoekslocatie is altijd maatschappelijk geweest. Er zijn verder geen relevante gegevens van de historie van het terrein bekend welke van invloed zouden kunnen zijn op de onderzoeksstrategie. 2.5 Bodemkwaliteitskaart De onderzoekslocatie is gelegen binnen de bodemkwaliteitszone "Overig gebied”, van het gebied waarvoor de gemeenten Berg en Dal, Beuningen, Druten, Heumen en Wijchen gezamenlijk een “Bodemkwaliteitskaart 1 april 2020” hebben opgesteld. Bodemkwaliteitskaart: Bodemfunctieklasse Ontgravingsklasse bovengrond Ontgravingsklasse tussenlaag Ontgravingsklasse ondergrond Toepassingsklasse bovengrond Toepassingsklasse tussenlaag Toepassingsklasse ondergrond

Overig (landbouw/natuur) Landbouw/natuur Landbouw/natuur Landbouw/natuur Landbouw/natuur Landbouw/natuur Landbouw/natuur

2.6 Asbest Volgens de asbestdakenkaart van de provincie Gelderland is de locatie verdacht (paars) op het voorkomen van asbesthoudende dakplaten. Er zijn geen gegevens bekend omtrent eventuele verhardingslagen, dempingen of andere verdachte activiteiten.

Figuur 8: Weergave asbestdakenkaart 2.7 PFAS Er zijn geen specifieke aanwijzingen voor de aanwezigheid van PFAS ter plaatse van de onderzoekslocatie. Atmosferische depositie kan de enige (beperkte) bron van PFAS-verontreiniging op het de locatie zijn. Van atmosferische depositie is bekend dat dit beperkt tot verhoogde PFAS-gehaltes bevat voornamelijk in de bovengrond.

MM22027

6

2.8 Voorgaande onderzoeken Op en in de nabije omgeving van de onderzoekslocatie hebben voorzover bekend geen voorgaande bodemonderzoeken plaatsgevonden. In de directe omgeving van de projectlocatie zijn geen relevante bodemverontreiniging aanwezig die eventueel invloed hebben op de onderzoeksstrategie.

Figuur 9: Voorgaande onderzoeken

Figuur 10: Verontreinigings- saneringscontouren

2.9 Geohydrologie Op basis van de geologische overzichtskaarten en grondwaterkaart van Nederland kan het volgende beeld van de bodemopbouw worden geschetst. Het maaiveld bevindt zich volgens het Actueel Hoogtebestand Nederland op een hoogte van circa 10,0 m +NAP. De gemiddelde stand van het freatisch grondwater bedraagt ± 6,0 m +NAP, waardoor het grondwater zich op ± 4,0 m -mv zou bevinden. Uit de grondwaterkaarten van TNO blijkt dat de regionale grondwaterstromingsrichting westelijk is gericht. De lokale grondwaterstromingsrichting kan plaatselijk worden beïnvloed door sloten, beken, rivieren, rioleringen, onttrekkingen e.d.

Figuur 11: Weergave AHN

Figuur 12: Weergave grondwaterstromingsrichting

2.10 Locatie inspectie Bij de locatie inspectie zijn geen bijzonderheden waargenomen. De onderzoekslocatie werd aangetroffen zoals op basis van het vooronderzoek kon worden verwacht. De asbestverdachte schuur heeft in de huidige situatie een metalen golfplaten dak. Zie bijlage 5. 2.11 Conclusie vooronderzoek De onderzoekslocatie is op basis van het vooronderzoek onverdacht op het voorkomen van bodemverontreinigingen. De onderzoekslocatie is eveneens onverdacht op het voorkomen van asbest en/of PFAS in de bodem.

MM22027

7

3.

CONCLUSIE

3.1 Algemeen In opdracht van de initiatiefnemer heeft Montferland Milieu B.V. een historisch onderzoek verricht aan de Leemweg 112 te Wijchen (gemeente Wijchen). Het historisch onderzoek is uitgevoerd in het kader van een voorgenomen bestemmingsplanwijziging. 3.2 Conclusie en aanbevelingen Uit het uitgevoerde historisch onderzoek kan het volgende worden geconcludeerd: ▪ Er hebben geen bodembedreigende activiteiten plaatsgevonden. ▪ Op basis van dit onderzoek kan worden gesteld dat geen vervolgonderzoek volgens de NEN5740/NEN5707 behoeft te worden uitgevoerd.

Standaard slotopmerking: Opgemerkt wordt dat wij slechts een adviserende taak hebben en dat het bevoegd gezag de noodzaak tot de uitvoering van verkennend, nader of aanvullend onderzoek vaststelt. Vermeld dient tevens te worden dat op basis van voorliggend onderzoek geen conclusies kunnen worden getrokken omtrent de bodemkwaliteit van andere terreindelen of aangrenzende percelen. Eventueel vrijkomende grond kan niet zondermeer in het grondverkeer worden opgenomen. Mocht de grond naar elders worden getransporteerd, dient te worden nagegaan in hoeverre de kwaliteit van de af te voeren grond overeenstemt met de verwerkingsmogelijkheden die voor de betreffende stort- c.q. hergebruikslocatie gelden. Deze zijn geformuleerd in het Besluit bodemkwaliteit. Aanbevolen wordt dan ook de eindverwerkingslocatie in overleg met het bevoegd gezag vast te stellen. Mocht grondwater onttrokken worden t.b.v. bemaling, dient bekeken te worden in hoeverre de grondwaterkwaliteit de lozingsnormen overschrijdt.

MM22027

8

BIJLAGE 1: Topografische kaart

Topografische kaart

A4

Bodemonderzoek: Leemweg 112 te Wijchen

SCHAAL:

PROJECTNUMMER: MM22027

GETEKEND: AEL DATUM: 24-1-2022

BIJLAGE: 1

BIJLAGE 2: Kadastrale kaart met gegevens

Kadastrale kaart

Kadastraal object Kadastrale gemeente:

WCN00

Sectie:

H

Perceel:

4928

A4

Bodemonderzoek: Leemweg 112 te Wijchen

SCHAAL:

PROJECTNUMMER: MM22027

GETEKEND: AEL DATUM: 14-3-2022

BIJLAGE: 2

BIJLAGE 3: Situatietekening

Situatietekening

Legenda Bebouwing Locatiegrens

A4

Bodemonderzoek: Leemweg 112 te Wijchen

SCHAAL:

PROJECTNUMMER: MM22027

GETEKEND: AEL DATUM: 14-3-2022

BIJLAGE: 3

BIJLAGE 4: Informatie vooronderzoek

Leemweg 112 te Wijchen Omgevingsrapportage

Pagina 1 van 7

-

24-01-2022

Inhoudsopgave Voorblad Inhoudsopgave Inleiding Kaarten Disclaimer Toelichting

Pagina 2 van 7

-

24-01-2022

De provincie Gelderland en de twee grote Gelderse gemeenten Arnhem en Nijmegen zijn in het kader van de Wet bodembescherming (Wbb) aangewezen als de instanties die toezien op het saneren van verontreinigde bodem en het voorkomen van nieuwe bodemverontreiniging (. Zij sturen de bodemsaneringsoperatie en voeren zelf bodemsaneringen uit en beoordelen plannen en saneringen die door anderen (bedrijven, particulieren en gemeenten) worden uitgevoerd. Hierbij kan de provincie juridische en financiële instrumenten inzetten. In dit kader worden bodemgegevens verzameld in het bodeminformatiesysteem (BIS) van de provincie.

In deze rapportage treft u gegevens aan die afkomstig zijn uit het BIS van de provincie Gelderland. Hiermee krijgt u een indruk van de aan- of afwezigheid van gegevens over mogelijke bodemverontreiniging in het geselecteerde gebied. De twee grote gemeenten hebben hun eigen BIS. Gegevens van die gemeenten worden niet in deze rapportage weergegeven. Het ontbreken van gegevens in het BIS of deze rapportage wil niet zeggen dat er geen bodemverontreiniging op een perceel of in een gebied aanwezig is.

De provincie zal aansturen op sanering van alle historische verontreinigingen (ontstaan voor 1987) die risico’s veroorzaken (dit zijn de spoedlocaties die tot de werkvoorraad van de provincie behoren). In het rapport wordt per locatie aangegeven (Vervolg Wbb-traject) of een locatie nog tot de werkvoorraad behoort en welke vervolg in dat kader wordt verwacht.

Dit rapport bestaat uit vier delen: 1. Deze pagina bevat een tekening van het geselecteerde gebied. 2. Informatie over het geselecteerde gebied, per locatie gegroepeerd De in het bodeminformatiesysteem van de provincie Gelderland aangetroffen informatie over locaties die zich binnen het geselecteerde gebied bevinden. 3. Disclaimer 4. Toelichting op de rapportage. Hier vindt u de uitleg van de gegevens die in dit rapport zijn vermeld.

Als u vragen heeft over de in dit rapport vermelde gegevens dan kunt u contact opnemen met de provincie Gelderland via https://www.gelderland.nl/Contact door het invullen van een vragenformulier. Dit wordt automatisch toegezonden aan het PROVINCIELOKET of te bellen naar 026 – 359 99 99.

Pagina 3 van 7

-

24-01-2022

Binnen het aangegeven zoekgebied is geen informatie aangetroffen.

Pagina 4 van 7

-

24-01-2022

Pagina 5 van 7

-

24-01-2022

De bodeminformatie die u in deze rapportage aantreft is met zorg door gemeenten of provincie in het bodeminformatiesysteem ingevoerd. Toch kan het voorkomen dat informatie is verouderd, onvolledig is of onjuistheden bevat. De provincie Gelderland is niet aansprakelijk voor enigerlei schade die het directe of indirecte gevolg is van of in verband staat met het gebruik van deze informatie. Het ontbreken van gegevens in het BIS of deze rapportage wil niet zeggen dat er geen bodemverontreiniging op een perceel of in een gebied aanwezig is. Deze rapportage bevat geen gegevens van de twee grote gemeenten in de provincie Gelderland die zelf bevoegd gezag Wet bodembescherming zijn (Arnhem en Nijmegen). Als u fouten of onvolkomenheden in de rapportage aantreft kunt u ons helpen door dit te melden via https://www.gelderland.nl/Contact door het invullen van een vragenformulier. Dit wordt automatisch toegezonden aan het PROVINCIELOKET of te bellen naar 026 – 359 99 99.

Pagina 6 van 7

-

24-01-2022

Toelichting Locatie Algemene gegevens waaronder de locatie in het BIS bekend is. Daarnaast wordt aangegeven of de locatie betrekking heeft op een verontreiniging die na 1 januari 1987 is ontstaan (een zorgplicht geval dat onmiddellijk ongedaan gemaakt moet worden/zijn).

Status In de wet bodembescherming wordt onderscheid gemaakt tussen ernstige en niet ernstige verontreinigingen. Bij ernstige verontreinigingen wordt vervolgens beoordeeld of bij het huidige gebruik er mogelijke risico’s aanwezig zijn. Op basis van de beschikbare gegevens wordt de verontreinigingssituatie zo goed mogelijk ingeschat en vermeld onder het veld ‘beoordeling’. Pas als de verontreiniging voldoende is onderzocht wordt de conclusie vastgelegd in een formeel besluit. Dit is onder het veld ‘Beschikking’ aangegeven.

Sanering In een saneringsplan wordt aangegeven hoe de sanering wordt uitgevoerd. Dit kan voor een beperkt deel van het terrein gelden (deelsanering) of in verschillende fasen worden uitgevoerd. Als het bevoegd gezag een termijn heeft afgegeven voor het starten van de sanering dan wordt dat hier vermeld. Indien wordt ingestemd met het eindresultaat van de sanering (vastgelegd in een evaluatierapport) wordt ook de einddatum van de sanering ingevuld.

Uitgevoerde onderzoeken Een lijst van rapporten die betrekking hebben op de locatie. Deze rapporten worden in het geval van ernstige verontreiniging beoordeeld door het bevoegd gezag Wbb.

(Mogelijk) Verontreinigende activiteiten Dit is een overzicht van bekende historische (bedrijfs)activiteiten die op de locatie aanwezig zijn geweest en mogelijk bodemverontreiniging veroorzaakt hebben. Deze potentiële verontreinigingsbronnen vormen het zogenaamde. Historisch Bodem Bestand (HBB).

Besluiten Op basis van de aangeleverde rapporten doet het bevoegd gezag uitspraak over de mate van verontreiniging (ernst), de spoedeisendheid van saneren (spoed), te nemen maatregelen voor, na en tijdens sanering, saneringsplannen en de uitvoering van de sanering (evaluatie). In dit overzicht worden de door de provincie Gelderland genomen besluiten vermeld.

Saneringscontouren Indien sprake is van een deelsanering of verschillende fasen dan worden meerdere contouren vermeld. Per fase of deel wordt aangegeven welke saneringsvariant voor de boven- of ondergrond uiteindelijk is uitgevoerd.

Zorgmaatregelen/gebruiksbeperkingen Als na sanering nog verontreiniging is achtergebleven zijn maatregelen genomen om blootstelling aan of verspreiding van deze (rest)verontreiniging te voorkomen. Deze maatregelen worden in het BIS geregistreerd. Het bevoegd gezag houdt toezicht op het in standhouden van deze maatregelen.

Pagina 7 van 7

-

24-01-2022

ca 850 m2

'verwijderen' maatschappelijke bestemming, geen bebouwingsmogelijkheid ivm aanwezigheid 'heuvel'

'verwijderen' maatschappelijke bestemming, geen bebouwingsmogelijkheid ivm aanwezigheid 'ven'

toevoegen bestemming, ca 850 m2

bouwwerk

eg w d el v n ne r U

e Le

35

m

112

WCN00H 04928G0000

18

124

eg

w

Veenseweg

17

121

BIJLAGE 5: Projectfoto’s

Advies Bodem

Aan

Werkorganisatie Druten Wijchen T.a.v. de heer K. Gommer Registratienummer / datum

W.Z22.104745.01/27 juni 2022 Opgesteld door, telefoonnummer

Rob Segers, 024-7517814. Tweede lezer

Bart Merkens Onderwerp

Bodemadvies Leemweg 112 te Wijchen

CONCLUSIE Op basis van de beoordeling van het ingediende historsiche onderzoek en de overige gegevens kan geconcludeerd worden dat de bodem binnen de planlocatie geschikt is voor het beoogde gebruik. De resultaten van het historisch bodemonderzoek zijn correct opgenomen in de bodemparagraaf 4.1.1 van het bestemmingsplan. Er zijn geen aanvullende maatregelen noodzakelijk.

Advies Bodem

Vervolgvel

1

BIJLAGE: BEOORDELING Adviesvraag Op verzoek van gemeente Wijchen heeft de ODRN een beoordeling uitgevoerd voor de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem voor de planlocatie op Leemweg 112 te Wijchen, kadastraal gemeente Wijchen, sectie H, perceelnr. 4928. Bij de beoordeling zijn de volgende documenten gebruikt: - Historisch onderzoek, Montferland Milieu, Leemweg 112 te Wijchen, projectnummer MM22027, 14 maart 2022; - Concept Bestemmingsplan Leemweg 112 gemeente Wijchen, Buro SRO projectnummer 56.90.39, d.d. maart 2022; - Verbeelding Tekening Bestemmingsplan Leemweg 112 gemeente Wijchen, Buro SRO projectnummer 56.90.39, d.d. 30 maart 2022. De documenten zijn ingediend in het kader van een aanvraag voor een wijziging van het bestemmingsplan. De beoordeling beperkt zich tot de planlocatie waarop de aanvraag betrekking heeft. Beoordeling historisch vooronderzoek Uit de beoordeling blijkt dat het (QuickScan) vooronderzoek voldoende inzicht geeft om te beoordelen dat er voor de kwaliteit van de bodem geen milieuhygiënische bezwaren bestaan voor de voorgenomen ontwikkeling. Aanvullend bodemonderzoek wordt niet noodzakelijk geacht. Beoordeling bestemmingsplan Regels voor bodem bij ruimtelijke plannen zijn opgenomen in de Besluit ruimtelijke ordening (Bro), Algemene wet bestuursrecht en Nota bodembeheer. De resultaten van het onderzoek zijn hieraan getoetst.

In opdracht van montferland Milieu B.V. heeft zij historisch onderzoek verricht naar mogelijke bronnen van bodemverontreniging bij de Leemweg 112 te Wijchen. Deze zijn niet gevonden. Het effect op het bodemrisico is bij het huidige gebruik als grasland/tuin te verwaarlozen. Derhalve is een verkennend bodemonderzoek in het kader van een wijziging van het bestemmingsplan niet noodzakelijk. De resultaten van het historisch bodemonderzoek zijn correct opgenomen in de bodemparagraaf 4.1.1 van het bestemmingsplan.

Digitale Watertoets Res ultaat van de check gedaan op 15-03-2022

Digitale watertoets De watertoets helpt u om aan de hand van de locatie van uw ruimtelijke plan en een aantal vragen te toets en of u de belangen van het Waters chap raakt. Indien dit het geval is krijgt u teks t en uitleg over het vervolg proces .

VOOR DE ACTIVITEIT DIGITALE WATERTOETS IS OP BASIS VAN DE GEGEVEN ANTWOORDEN NODIG: 1.

Normale procedure

2.

Korte procedure

OP BASIS VAN ONDERSTAANDE LOCATIE

15-03-2022, 09:03

P agina 1 van 9

https://dewatertoets.nl

Digitale Watertoets VRAGEN EN ANTWOORDEN UIT DE CHECK 1.

Gaat het plan uits luitend over functiewijziging van bes taande bebouwing zonder fys ieke aanpas s ing van bebouwing en ruimte? nee

2.

Is het totale plangebied groter dan 3500 m² ? nee

3.

Gaat het plan over activiteiten die kunnen leiden tot verontreiniging van het oppervlaktewater? (Bij twijfel: vink 'ja' aan) nee

4.

a_watergangen nee

5.

a_watergangen_zone nee

6.

b_watergangen_met_zonering nee

7.

c_watergangen_met_zonering nee

8.

buitenbes chermings zone_waterkering nee

9.

kern_en_bes chermings zone_waterkering nee

10.

pers leidingen nee

11.

rioolgemaal nee

15-03-2022, 09:03

P agina 2 van 9

https://dewatertoets.nl

Digitale Watertoets 12.

rioolwaterzuivering nee

13.

Wegen nee

15-03-2022, 09:03

P agina 3 van 9

https://dewatertoets.nl

Digitale Watertoets DETAILS 1.

Normale procedure Wateradvies Normale procedure Uit de watertoets blijkt dat u de gangbare watertoets procedure moet volgen. Dit betekent dat er nader overleg plaats moet vinden met Waters chap Rivierenland. Het waters chap wil vroegtijdig met u meedenken, u informeren en u advis eren over de waterhuis houdkundige as pecten van uw plan. Het waters chap beoordeelt of het waterbelang voldoende gewaarborgd is . Deze uitgangs puntennotitie is onderdeel van de watertoets procedure.

Wat moet ik doen? Deze uitgangs puntennotitie vormt de s tart voor uw overleg met het waters chap. De notitie is automatis ch opges teld op bas is van uw antwoorden en uw ingetekende plangebied. Waters chap Rivierenland geeft in deze uitgangs puntennotitie aan welke wateras pecten van belang zijn voor uw ruimtelijke plan. De gemeente draagt ook zorg voor as pecten van de waterhuis houding. Daarom is het belangrijk om uw plan ook met hen af te s temmen. U kunt contact opnemen met uw accountmanager van Waters chap Rivierenland voor overleg. U vindt deze contactgegevens hier: https ://www.waters chaprivierenland.nl/accountmanagers -waters chap-rivierenlandgemeente

Beleid Waterschap Rivierenland Het waterbeheerprogramma is bepalend voor het beleid van Waters chap Rivierenland en wordt iedere zes jaar geactualis eerd. Het plan omvat alle watertaken van het waters chap op gebied van waterveiligheid, afvalwaterzuivering, s choon en voldoende water. Daarnaas t bes chikt het waters chap over een verordening: de Keur. In de Keur s taan regels voor de bes cherming van onder andere waterkeringen, watergangen en bijhorende kuns twerken. In de Alblas s erwaard en de Vijfheerenlanden beheert het waters chap ook wegen buiten de bebouwde kom (geen Rijks - of provinciale wegen). Hier is de Keur ook op van toepas s ing. De werkzaamheden in of nabij de watergangen, waterkeringen en wegen in beheer bij het waters chap worden getoets t aan de regels in de Keur. Voor het uitvoeren van werkzaamheden kan een watervergunning nodig zijn.

Klimaatadaptatie Water en ruimtelijke ordening zijn onlos makelijk met elkaar verbonden, zeker in ons veranderende klimaat. Extreme buien worden s teeds vaker afgewis s eld met perioden van droogte. We blijven ernaar s treven om voldoende water van voldoende kwaliteit bes chikbaar te hebben. Het waters chap heeft s amen met de gemeenten de taak om te zorgen voor een klimaatbes tendige inrichting van onze leefomgeving. Dit kunnen we niet alleen. U kunt een bijdrage leveren door uw plan zo klimaatbes tendig mogelijk in te richten. Denk bijvoorbeeld aan groene daken of natuurvriendelijke oevers . De kwaliteit van de leefomgeving of de biodivers iteit kan zo worden vergroot. Op de webs ite https ://bouwadaptief.nl/ kunt u zich laten ins pireren door klimaatadaptatieve projecten en vindt u een overzicht van mogelijke maatregelen.

15-03-2022, 09:03

P agina 4 van 9

https://dewatertoets.nl

Digitale Watertoets Grondwater Waters chap Rivierenland is verantwoordelijk voor het waterpeil in s loten en vaarten. Dit peil heeft indirect effect op het grondwaterpeil. Gemeenten moeten overlas t door te veel of te weinig grondwater beperken. Particulieren zijn verantwoordelijk voor het grondwater op hun perceel.

Drooglegging Drooglegging is de maat waarop het maaiveld, het s traatniveau of het bouwpeil boven het oppervlaktewaterpeil ligt. We advis eren voor het maaiveld een drooglegging van 0,70 meter, voor het s traatpeil een drooglegging van 1,00 meter en voor het bouwpeil een drooglegging van 1,30 meter. Z o voorkomt u overlas t door grondwater. We advis eren om onderzoek te doen in gebieden waar overlas t door grondwater bekend is of waar hoge grondwaters tanden voorkomen. U kunt maatregelen nemen om overlas t te voorkomen. Voorbeelden van maatregelen zijn het ophogen van het maaiveld of bouwen zonder kruipruimte.

Infiltreren Het is wens elijk dat uw plan grondwaterneutraal is . Dit kan door hemelwater te infiltreren. U houdt zo water vas t voor drogere perioden. Dit kan alleen in gebieden waar de grondwaters tanden en de bodemopbouw dat toelaten. Het zijn de hogere gronden met een goede doorlatendheid. Onze accountmanager kan u hierover advis eren. Met een infiltratieonderzoek kunt u (laten) onderzoeken of en op welke wijze infiltratie kan plaats vinden.

Watercompensatie Aanleg van nieuw verhard oppervlak leidt tot vers nelde afvoer van hemelwater naar watergangen. Om te voorkomen dat hierdoor wateroverlas t onts taat, kan aanleg van extra waterberging noodzakelijk zijn. Z o wordt het verlies van berging in de bodem gecompens eerd. Het is mogelijk dat u voor een eenmalige vrijs telling van de compens atieplicht in aanmerking komt. De eenmalige vrijs telling geldt bij een toename in verharding van minder dan 500 m² in s tedelijk gebied en minder dan 1500 m² in landelijk gebied. Z o voorkomen we dat individuele bewoners moeten compens eren voor voorzieningen zoals s erres , tuins chuurtjes , etc. Op s ommige locaties is het onwens elijk om de vrijs telling in te zetten, omdat bijvoorbeeld de waterhuis houdkundige s ituatie dan zou vers lechteren. Compens erende waterberging is dan wel nodig. Bes preek dit met de betreffende accountmanager van het waters chap. Is de toename in verharding groter dan 500 m² in s tedelijk gebied of groter dan 1500 m² in landelijk gebied dan is het mogelijk dat de vrijges telde oppervlaktes in mindering worden gebracht. Neemt in uw plan de verharding bijvoorbeeld toe met 600 m² in s tedelijk gebied, dan hoeft u met de vrijs telling maar voor 100 m² te compens eren. We gaan ervan uit dat gemeenten en organis aties deze vrijs telling op een eerder moment binnen ons beheergebied hebben ingezet.

Z ij hebben hier dan geen recht meer op hebben. U kunt contact opnemen met de afdeling vergunningen (vergunningen@ws rl.nl) van het waters chap om deze vrijs telling aan te vragen. U moet compens erende maatregelen nemen als u niet in aanmerking komt voor de vrijs telling of als u de vrijges telde oppervlaktes overs chrijdt. U zult daarover nadere afs praken moeten maken. Bes preek dit met uw accountmanager van het waters chap. Berekenen benodigde watercompens atie De benodigde ruimte voor waterberging wordt berekend op bas is van de toename van verhard oppervlak, maatgevende regenbuien en de maximaal toelaatbare peils tijging in de watergangen. De 15-03-2022, 09:03

P agina 5 van 9

https://dewatertoets.nl

Digitale Watertoets vuis tregel is dat er 436m³ waterberging nodig is per hectare nieuw verhard oppervlak. De maximaal toelaatbare peils tijging bedraagt 0,20 meter in het gebied Alblas s erwaard en Vijfheerenlanden. In de res t van het beheergebied van Waters chap Rivierenland geldt een maximaal toelaatbare peils tijging van 0,30 meter. Dit geldt voor plannen met een toename van verhard oppervlak tot 5.000 m2. De vuis tregel geldt alleen bij waterberging in open water en als er geen s prake is van complicerende zaken (bijvoorbeeld kwel). In s tedelijk gebied kan waterberging ook worden gerealis eerd via een waterbergings bank (indien bes chikbaar). Plannen met een toename van het verhard oppervlak in s tedelijk gebied tot 1500 m2 komen hiervoor in aanmerking. Voor plannen met meer dan 5000m² extra verharding wordt een aparte berekening gevraagd. Dit geldt ook voor plannen die waterhuis houdkundig complex zijn. Hierbij worden de volgende berekenings uitgangs punten gehanteerd: • De maatgevende afvoer door de watergangen is 1,5 l/s /u. Dit is ook de afvoer die de watergangen in het landelijk gebied nog net aankunnen. • Bij een regenbui die eenmaal per 100 jaar kan voorkomen met 10% ops lag vanwege de klimaatverandering (T=100+10%) mag er geen inundatie optreden.

• Bij een regenbui die eenmaal per 10 jaar optreedt met 10% ops lag vanwege klimaatverandering (T=10+10%) moet er voor het s traatpeil nog een drooglegging van 1,00 m zijn ten opzichte van zomerpeil. Voorkeurs volgorde aanleg watercompens atie Bij de keuze van het s oort bergings voorziening hanteert het waters chap de voorkeurs volgorde vas thoudenbergen-afvoeren: • Hergebruik en/of vas thouden Hierbij wordt het hemelwater binnen het plangebied verzameld en komt niet (direct) in het oppervlaktewater terecht. Dit kan bijvoorbeeld met groene polderdaken en wadi’s . Het ontwerp-, beheer- en onderhouds as pect s pelen een belangrijke rol bij deze voorzieningen. De initiatiefnemer dient aantoonbaar te maken dat de gerealis eerde berging kan blijven functioneren. Op hoge zandgronden met een lage grondwaters tand heeft infiltratie onze voorkeur. De gemiddelde hoogs te grondwaters tand (GHG) komt niet hoger dan 50 cm onder het maaiveld. U kunt de attentiekaart infiltratie met daarop kans rijke gebieden voor infiltratie bij onze accountmanager opvragen. Buiten deze gebieden is infiltratie ook mogelijk, zolang de gemiddelde hoogs te grondwaters tand niet hoger komt dan 50 cm onder maaiveld. In kwelgevoelige gebieden hanteren we de gemiddeld hoogs te s tijghoogte, omdat het grondwater in de winter (als de riviers tanden hoog zijn) hoger onder het maaiveld komt.

De gemiddeld hoogs te s tijghoogte mag niet hoger komen dan 50 cm onder maaiveld. Infiltratie vindt bij voorkeur plaats in de openbare ruimte (openbaar groen, bermen, etc.). In overleg met de accountmanager kan hiervan worden afgeweken. • Bergen Onder bergen vers taan we de opvang van hemelwater in het oppervlaktewater. Het hemelwater van het plangebied wordt opgevangen in het oppervlaktewater. Hier heeft het graven van nieuw oppervlaktewater de voorkeur boven het vergroten van bes taand water. Bij gebruik van bes taand water gaat de voorkeur uit naar watergangen die niet door Waters chap Rivierenland worden onderhouden. In het algemeen geldt dat compens atie in B-watergangen de voorkeur heeft boven compens atie in A-watergangen. Als de aanvrager kan aantonen dat compens atie in een B- of A-water redelijkerwijs niet mogelijk is , kan het waters chap ook compens atie in bes taande of nieuwe C-wateren toelaten. Bij aanleg of aanpas s ing van watergangen is het van belang rekening te houden met de bereikbaarheid voor onderhoud, in- en uitlaatplaats en voor maaiboten en ops lagmogelijkheden voor s lootvuil en kroos . Om water van voldoende waterkwaliteit te houden (of krijgen), is ook het zelfreinigend vermogen van het 15-03-2022, 09:03

P agina 6 van 9

https://dewatertoets.nl

Digitale Watertoets waters ys teem van belang. Dit wordt bevorderd door rekening te houden met voldoende waterdiepte (s treven is 1 meter of juis t droogvallend) en voldoende oevervegetatie (taluds chuinte minimaal 1:2 of flauwer). Hierbij wordt hemelwater afgevoerd via de riolering. • Afvoeren Hierbij wordt hemelwater afgevoerd via de riolering. Waterkwaliteit Hieronder volgt een aantal algemene aandachts punten die gelden voor vers chillende ruimtelijke ontwikkelingen: • Gebruik geen uitlogende materialen zoals zink of koper. Z o komen deze materialen niet in de s loot terecht. Gebruikt u wel uitlogende materialen, dan mag het dakwater niet rechts treeks op de s loten worden geloos d. • Bladeren van bladverliezende bomen langs het water komen vaak in het water terecht. Dit kan de waterkwaliteit negatief beïnvloeden. U kunt de hoeveelheid bladafval in de watergang beperken door rekening te houden met de plaats ing van bomen. • Neem de ecologis che waarde mee in het ontwerp van een watergang, wadi, etc. Door aandacht te hebben voor de ecologis che waarde, vergroot u deze zonder al te veel moeite.

Waar moet ik op letten? Achtergrondinformatie

15-03-2022, 09:03

P agina 7 van 9

https://dewatertoets.nl

Digitale Watertoets DETAILS 2.

Korte procedure Wateradvies Gering Waterschapsbelang Op grond van het Bes luit Ruimtelijke Ordening moet in de toelichting van ruimtelijke plannen een waterparagraaf worden opgenomen. Hierin wordt bes chreven hoe rekening is gehouden met de gevolgen van het plan voor de taken en belangen van het waters chap. Uit de ingevoerde gegevens volgt dat er s prake is van een ruimtelijk plan dat een geringe invloed heeft op de taken en belangen van het waters chap. In deze fas e van de planvorming (bes temmings plan) kan volgens het waters chap worden vols taan met dit automatis ch gegeneerd wateradvies .

Wat moet ik doen? Beleid van Waterschap Rivierenland Met ingang van 27 november 2015 is het Waterbeheerprogramma 2016-2021 “Koers houden, kans en benutten” bepalend voor het waterbeleid. Dit plan gaat over het waterbeheer in het hele rivierengebied en het omvat alle watertaken van het waters chap: waterkeringen, waterkwantiteit, waterkwaliteit, wegen en waterketen. Daarnaas t bes chikt het Waters chap Rivierenland over een verordening: de Keur voor waterkeringen en wateren. Hierin s taan de geboden en verboden die betrekking hebben op watergangen en waterkeringen. Voor het uitvoeren van werkzaamheden kan een vergunning nodig zijn. De werkzaamheden in of nabij de watergangen en waterkeringen worden getoets t aan de beleids regels .

Klimaatadaptatie Water en ruimtelijke ordening zijn onlos makelijk met elkaar verbonden, zeker in ons veranderende klimaat. Extreme buien worden s teeds vaker afgewis s eld met perioden van droogte. We blijven ernaar s treven om voldoende water van voldoende kwaliteit bes chikbaar te hebben. Het waters chap heeft s amen met de gemeenten de taak om te zorgen voor een klimaatbes tendige inrichting van onze leefomgeving. Dit kunnen we niet alleen. U kunt een bijdrage leveren door uw plan zo klimaatbes tendig mogelijk in te richten. Denk bijvoorbeeld aan groene daken of natuurvriendelijke oevers . De kwaliteit van de leefomgeving of de biodivers iteit kan zo worden vergroot. Op de webs ite (https ://bouwadaptief.nl/) kunt u zich laten ins pireren door klimaatadaptatieve projecten en vindt u een overzicht van mogelijke maatregelen. Verhard oppervlak Indien u verharding aanbrengt, dient u mogelijk watercompens atie aan te leggen. Voor meer informatie verwijzen we u naar onze webs ite https ://www.waters chaprivierenland.nl/waterberging. Waterkwaliteit Hieronder volgt een aantal algemene aandachts punten die gelden voor vers chillende ruimtelijke ontwikkelingen: • Gebruik geen uitlogende materialen zoals zink of koper. Z o komen deze materialen niet in de s loot terecht. Gebruikt u wel uitlogende materialen, dan mag het dakwater niet rechts treeks op de s loten worden geloos d.

• Bladeren van bladverliezende bomen langs het water komen vaak in het water terecht. Dit kan de waterkwaliteit negatief beïnvloeden. U kunt de hoeveelheid bladafval in de watergang beperken door rekening te houden met de plaats ing van bomen. • Neem de ecologis che waarde mee in het ontwerp van een 15-03-2022, 09:03

P agina 8 van 9

https://dewatertoets.nl

Digitale Watertoets watergang, wadi, etc. Door aandacht te hebben voor de ecologis che waarde, vergroot u deze zonder al te veel moeite. "

Waar moet ik op letten? Achtergrondinformatie

15-03-2022, 09:03

P agina 9 van 9

https://dewatertoets.nl

25-2-2022

QuickScan flora en fauna Leemweg 112, Wijchen

R.J.L. Bijvelds (Rik) ECOLOOG BNL ADVIES Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

Verkennend onderzoek naar de aanwezigheid van vaste rust- en verblijfplaatsen van beschermde flora en fauna, op de locatie: Leemweg 112, Wijchen

BNL advies Telefoonstraat 2 5428 GJ Venhorst T: 06 18 90 46 06 E: info@bnladvies.nl W: www.bnladvies.nl

Projectlocatie:

Leemweg 112 6603 AM Wijchen

Status: Versie: Datum: Auteur:

definitief 22037.QFF 25-2-2022 Ing. R.J.L. Bijvelds (Rik)

© copyright BNL advies 2022 Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of welke wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de auteursrechthebbende. BNL advies kan door opdrachtgever niet aansprakelijk worden gesteld voor schade die voortvloeit uit gebruik van data of gegevens of door toepassing van aanbevelingen en conclusies, die zijn opgenomen in deze rapportage.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

Pagina

Opgesteld door:

1

Colofon:

Inhoud Colofon: ...................................................................................................1 1.

Inleiding .............................................................................................4

2.

Toelichting onderzoekskader .....................................................................5 2.1 Wet natuurbescherming .........................................................................5 2.1.1 Bescherming van gebieden .................................................................5 2.1.2 Bescherming van soorten ...................................................................5 2.1.3 Bescherming van houtopstanden ..........................................................5 2.2 Verordening ruimte ..............................................................................5 Omschrijving plangebied ..........................................................................7 3.1

Algemeen.......................................................................................7

3.2

Voorgenomen ontwikkeling ..................................................................7

3.2.1

Kavel 4928 ................................................................................8

3.2.2

Directe omgeving en beplantingen ....................................................9

3.3

Onderzoeksresultaten beschermde soorten .................................................. 11 4.1

Algemeen..................................................................................... 11

4.2

Soorten vogelrichtlijn ...................................................................... 11

4.2.1 Vogels met jaarrond beschermde nesten .............................................. 11 4.2.2 Vogels met niet- jaarrond beschermde nesten (Categorie 5) ....................... 11 4.2.3 Algemene broedvogels ................................................................... 11 4.2.4 Werken binnen het broedseizoen ....................................................... 12 4.3 Soorten Habitatrichtlijn ....................................................................... 12 4.3.1 Vleermuizen ................................................................................ 12 4.3.2 Overige Habitatrichtlijn soorten ........................................................ 12 4.4 Nationaal beschermde soorten ............................................................... 12 4.4.1 Amfibieën en reptielen .................................................................. 14 4.4.2 Libellen ..................................................................................... 14 4.4.3 Dagvlinders ................................................................................. 14 4.4.4 Vaatplanten ................................................................................ 14 4.4.4 Effectbeoordeling en toetsing ........................................................... 14

2

4.

Vooronderzoek ................................................................................9

Pagina

3.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

5.

Conclusies en aanbevelingen ................................................................... 15 5.1 Soorten Vogelrichtlijn ......................................................................... 15 5.1.1 Vogels met jaarrond beschermde nesten .............................................. 15 5.1.2 Vogels met niet- jaarrond beschermde nesten (Categorie 5) ....................... 15 5.1.3 Algemene broedvogels .................................................................... 15 5.2 Soorten Habitatrichtlijn ....................................................................... 16 5.2.1 Vleermuizen ................................................................................ 16 5.2.2 Overige habitatrichtlijnsoorten ......................................................... 16 5.2.3 Nationaal beschermde soorten .......................................................... 16

3

Conclusie .......................................................................................... 17

Pagina

6.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

1. Inleiding Aanleiding. Op verzoek van de initiatiefnemer, is op maandag 7 februari 2022, een quickscan flora en fauna uitgevoerd in het kader van de Wet natuurbescherming. De ecologische quickscan bestaat uit een veldonderzoek op locatie en bijbehorende verslaglegging. Doel. Doel van deze quickscan is het verkrijgen van informatie over de aanwezigheid van beschermde flora en fauna en dan voornamelijk de aanwezigheid van tijdelijke of vaste rust- en verblijfplaatsen. Deze informatie is nodig ten behoeve van de voorgenomen ontwikkelingen op de locatie: Leemweg 112 te Wijchen. De werkzaamheden betreffen de wijziging van de bestemming van ‘bos’ naar ‘maatschappelijk’ op een oppervlakte van 950 m2. Op- en nabij de kavel en in bomen en aangrenzende beplantingen kunnen beschermde soorten flora en fauna voorkomen welke negatieve effecten kunnen ondervinden van de geplande ontwikkelingen. Door middel van een oriënterend bronnen- en veldonderzoek zal worden onderzocht of de voorgenomen ontwikkelingen kunnen leiden tot een overtreding van verbodsbepalingen voor (potentieel) aanwezige soorten flora en fauna.

Pagina

4

De quickscan richt zich op het verkrijgen van een geïnformeerd beeld van de mogelijke consequenties vanuit de natuurwetgeving en –beleid. Op basis daarvan worden uitspraken gedaan over de (mogelijke) effecten van de voorgenomen ontwikkeling en de eventueel noodzakelijke vervolgstappen.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

2. Toelichting onderzoekskader 2.1 Wet natuurbescherming Per 1 januari 2017 is de Wet natuurbescherming (Wnb) van kracht. Deze nieuwe wet is een vervanging en samenbundeling van drie voorgaande wetten; de Natuurbeschermingswet 1998, de Boswet en de Flora- en faunawet. Tevens heeft er een decentralisatie van het bevoegd gezag plaatsgevonden: per 1 januari 2017 zijn de provincies verantwoordelijk voor de vergunningen en ontheffingen. De Wnb is op te delen in grofweg drie delen:

2.1.1 Bescherming van gebieden De Wnb richt zich met de bescherming van natuurgebieden uitsluitend op Natura 2000gebieden. Natura 2000 is een Europees netwerk van beschermde natuurgebieden. In Natura 2000-gebieden worden bepaalde diersoorten en hun natuurlijke leefomgeving beschermd om de biodiversiteit te behouden. Invloeden (ook van buitenaf) mogen deze instandhoudingsdoelstellingen niet in gevaar brengen.

2.1.2 Bescherming van soorten De Wnb onderscheidt drie verschillende beschermingsregimes, met elk hun eigen verbodsbepalingen (zie tabel 1). De eerste twee categorieën zijn gebaseerd op de door de Europese Unie opgestelde Vogelrichtlijn (uit 1979) en de Habitatrichtlijn (uit 1992). Het derde beschermingsregime betreft soorten die niet op Europees niveau beschermd zijn, maar wel op landelijk niveau: de Nationaal beschermde soorten (in de wet aangeduid als “andere soorten”). Als bevoegd gezag heeft iedere afzonderlijke provincie (een aantal) algemene soorten uit deze derde categorie vrijgesteld van ontheffingsplicht. Wel geldt altijd voor alle soorten de algemene zorgplicht. Deze zorgplicht houdt in dat men bij werkzaamheden met mogelijk negatief effect op planten en dieren, maatregelen dient te nemen (binnen wat redelijkerwijs van men verwacht kan worden) om onnodige schade aan planten of dieren te voorkomen.

2.1.3 Bescherming van houtopstanden De bescherming van houtopstanden betreft voornamelijk een voortzetting van de Boswet en richt zich op de instandhouding van het bosareaal. Bij houtopstanden groter dan 10 are of 20 rijen bomen en gelegen buiten de bebouwde kom geldt een meldplicht, herplantplicht en mogelijke oplegging van een kapverbod.

2.2 Verordening ruimte

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

Pagina

Naast het Gelders Natuurnetwerk, kan de provincie planologische bescherming aan gebieden toekennen door hen aan te wijzen als “bijzondere provinciale natuurgebieden” of “bijzondere provinciale landschappen”. Hierbij is bijvoorbeeld te denken aan de bescherming van belangrijke weidevogelgebieden. Iedere provincie kan een eigen invulling geven aan bijvoorbeeld compensatie. Het beschermingsregime van overige op provinciaal niveau beschermde gebieden kan sterk verschillen tussen provincies.

5

In de Verordening ruimte is het Natuurnetwerk Nederland (NNN) vastgelegd. Het Natuurnetwerk Nederland (NNN) is een netwerk van groene gebieden, voorheen bekend als de Ecologische Hoofdstructuur (EHS). In Gelderland het ‘Gelders Natuurnetwerk’ genaamd. De gebieden worden beschermd via het planologisch kader. Dit alles is verankerd in de bestemmingsplannen waarin de regels uit de provinciale Verordening ruimte zijn verwerkt. Het ruimtelijke beleid van het Gelders Natuurnetwerk kent het “nee, tenzij” principe en is gericht op ‘behoud, herstel en ontwikkeling van de wezenlijke waarden en kenmerken’.

Pagina

6

Tabel 1. Soortenbescherming en verbodsbepalingen.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

3. Omschrijving plangebied 3.1 Algemeen Het plangebied ligt ten oosten van het centrum van Wijchen, in de gemeente Wijchen, liggende in de provincie Gelderland (zie afbeelding 1).

Afbeelding 1: De projectlocatie ten oosten van het centrum van Wijchen, is globaal weergegeven binnen de rode cirkel. Bron: Kadviewer, datum: 24-02-2022

3.2 Voorgenomen ontwikkeling

Pagina

7

De werkzaamheden betreffen de wijziging van de bestemming van ‘bos’ naar ‘maatschappelijk’ op een oppervlakte van 950 m2 binnen de kavel met kavelnummer 4928 (zie afbeelding 2). Feitelijk wordt de bestemming verlegd van de zuidwestzijde van de bestaande bebouwing naar de noordoostzijde van de bestaande bebouwing. Dit omdat aan de zuidwestzijde van de bestaande bebouwing geen nieuwe bebouwing mogelijk is door de aanwezigheid van de ‘heuvel’. Op- en nabij de kavel en in bomen en aangrenzende beplantingen kunnen beschermde soorten flora en fauna voorkomen welke negatieve effecten kunnen ondervinden van de geplande ontwikkelingen.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

Afbeelding 2: De kavel met kavelnummer 4928 met daarbinnen het nieuwe bestemmingsvlak van 950 m2 ten noordoosten van de bestaande bebouwing, welke bezocht en onderzocht is op de aanwezigheid van beschermde soorten flora en fauna. Bron: Kadviewer, datum: 24-02-2022

3.2.1 Kavel 4928 Kavel 4928 bestaat grotendeels uit bos met enkele poelen/ vijvers en centraal op de kavel is bebouwing aanwezig (zie afbeelding 3 t/m 6). Op- en nabij de kavel kunnen beschermde soorten flora en fauna aanwezig zijn. Waar de bestemming gewijzigd gaat worden bestaat momenteel grotendeels uit parkeerplaats welke gemaakt is met een halfverharding. Bomen hoeven voor de geplande ontwikkeling niet te wijken.

Pagina

8

Beoordeeld moet worden of de geplande werkzaamheden (bestemmingsplanwijziging met mogelijke fysieke werkzaamheden na wijziging: verwijderen beplantingen en opstallen en de bouw van de woningen) een negatief effect hebben op (beschermde) soorten flora en fauna op- en nabij het plangebied. Dit zal afhankelijk zijn van de soorten die voor komen en op welke wijze zij het gebied gebruiken (groeiplaats, voortplantingsplaats, verblijfplaats of foerageerplaats). Elke functie kent een ander beschermingsregime.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

Afbeelding 3 t/m 6: de kavel / locatie op de kavel waarop de ontwikkeling plaat gaat vinden (afb. 3) en direct aangrenzende omgeving (afb. 4 t/m 6). Bron: BNL advies, datum: 07-02-2022

3.2.2 Directe omgeving en beplantingen Aangrenzend aan, en op de te ontwikkelen kavel zijn bomen, heesterbeplanting en kruidachtige begroeiing aanwezig. Tijdens de rondgang dienen de beplantingen nabij de te ontwikkelen kavel goed gecontroleerd te worden op bestaande nesten in bomen en beplantingen. Beoordeeld moet worden of de geplande werkzaamheden een negatief effect hebben op (beschermde) soorten flora en fauna op- en nabij de kavel. Dit zal afhankelijk zijn van de soorten die voor komen, en op welke wijze zij het gebied gebruiken (groeiplaats, voortplantingsplaats, verblijfplaats of foerageerplaats). Elke functie kent een ander beschermingsregime.

3.3 Vooronderzoek Voorafgaand aan het bezoek op de projectlocatie is de NDFF geraadpleegd om te bekijken welke soorten aanwezig zijn in het gebied, om daarop de quickscan aan te passen. De projectlocatie valt binnen het kilometerhok 179-425. Het belangrijkste wat opviel is dat in de directe omgeving (atlasblok van 5x5 km) diverse beschermde soorten flora en fauna voorkomen.

Pagina

9

Beoordeeld moet worden door middel van een veldbezoek of beschermde soorten ook mogelijk gebruik maken van het gebied/ aanwezig zijn in het gebied. Gezien de ligging van het perceel en de aanwezigheid van beplantingen in de directe omgeving, was het dus belangrijk om het gebied goed te inventariseren op beschermde vaatplanten/ groeilocaties, aanwezige holtes / mogelijke verblijfplaatsen, voortplantings-, en nestlocaties van zoogdieren en vogelsoorten.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

Pagina

10

Tabel 2. Mogelijk aanwezige amfibieën en zoogdieren in de directe omgeving van het plangebied. Bron: Verspreidingsatlas NDFF Datum: 04-02-2022

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

4. Onderzoeksresultaten beschermde soorten 4.1 Algemeen De kavel en omliggende gronden zijn op maandag 7 februari 2022 visueel geïnspecteerd en gecontroleerd op de (mogelijke) aanwezigheid van beschermde soorten of de nesten/ verblijfslocaties daarvan. Waar tijdens de quickscan vooral op gelet/ naar gezocht is zijn de volgende soorten: -

Nesten in bomen/ beplantingen van vogels in de directe omgeving van het projectgebied Holtes en spleten/ scheuren in bomen (binnen- en aangrenzend aan het plangebied) welke door vogels en zoogdieren gebruikt worden Beschermde plantsoorten op- en rondom de kavel Mogelijke verblijfplaatsen en holen van marterachtigen

4.2 Soorten vogelrichtlijn 4.2.1 Vogels met jaarrond beschermde nesten De bomen op kavel 4928 zijn mogelijk geschikt voor vaste rust- en verblijfplaatsen van vogelsoorten met jaarrond beschermde nesten in bomen. Binnen en rondom het projectgebied zijn tijdens het veldbezoek geen jaarrond beschermde nesten- of sporen van boombewonende broedvogels waargenomen. Op basis hiervan kunnen soorten als boomvalk, buizerd, havik, sperwer, ransuil en wespendief worden uitgesloten van aanwezigheid. Ook voor soorten als de boomvalk en ransuil, zijn geen mogelijke nestlocaties aangetroffen. Deze soorten gebruiken vaak oude kraaien- en eksternesten om te nestelen, deze zijn in de directe omgeving van het plangebied niet aangetroffen.

4.2.2 Vogels met niet- jaarrond beschermde nesten (Categorie 5) Het plangebied is potentieel geschikt als voortplantingsplaats voor vogels met niet jaarrond beschermde nesten (categorie 5 soorten) zoals spechten, boomkruiper, boomklever, kool- en pimpelmees in spechtgaten en overige holten en bosuil in holle bomen. Geschikte nestbomen voor de bosuil zijn in de directe omgeving van het plangebied niet aangetroffen. Ook bomen met spechtgaten zijn nabij de bestemmingswijzigingslocatie niet aangetroffen. Wanneer buiten het broedseizoen (15 maart – 15 augustus) gewerkt wordt (mogelijk bouwen binnen de bestemming maatschappelijk), kunnen geen negatieve effecten ontstaan. Voor deze soorten geldt tijdens de werkzaamheden te allen tijde de zorgplicht.

4.2.3 Algemene broedvogels

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

Pagina

Gezien de geplande ontwikkelingen vormen deze in geen enkele vorm een bedreiging voor deze soorten, wanneer buiten het broedseizoen (15 maart – 15 augustus) gewerkt wordt (eventueel verwijderen van beplantingen). Hiervoor geldt tijdens de werkzaamheden te allen tijde de zorgplicht.

11

Het plangebied is potentieel geschikt als voortplantingsplaats voor algemene vogels. De heesters en bomen binnen en nabij het plangebied zijn een geschikte nestplaats. Dit betreft soorten als zanglijster, houtduif en merel.

4.2.4 Werken binnen het broedseizoen Werken binnen- én buiten het broedseizoen (verwijderen van beplantingen en bouwen van bouwwerken) is enkel mogelijk indien er geen bezette nesten worden verstoord van vogels met niet jaarrond beschermde nesten en nesten van algemene broedvogels. Voorafgaand aan de werkzaamheden kunnen eventuele aanwezige ongebruikte nesten worden verwijderd door een ecoloog. De werkzaamheden dienen te worden uitgevoerd of uitgesteld op aanwijzingen van de ecoloog.

4.3 Soorten Habitatrichtlijn 4.3.1 Vleermuizen In de beplantingen en bomen direct grenzend aan het plangebied zijn geen geschikte openingen/ holen/ spleten en scheuren aangetroffen welke de aanwezigheid van vleermuizen mogelijk zou maken. Nader onderzoek naar de aanwezigheid van vleermuizen in bomen en mogelijke negatieve effecten op deze soorten, wordt dan ook niet nodig geacht.

4.3.2 Overige Habitatrichtlijn soorten Het plangebied is ongeschikt voor overige habitatrichtlijnsoorten die volgens de Habitatrichtlijn beschermd zijn, door de afwezigheid van een geschikt habitat. Gezien de geplande werkzaamheden en de afwezigheid van water/ geschikt habitat is nader onderzoek op overige habitatrichtlijn soorten niet nodig.

4.4 Nationaal beschermde soorten Het plangebied is niet geschikt voor vaste rust- en verblijfplaats en als functioneel leefgebied voor grondgebonden zoogdieren waarvoor in de provincie Gelderland geen vrijstelling geldt zoals de steenmarter, door de afwezigheid van een geschikt habitat en mogelijk geschikte rust- en verblijfplaatsen. Nader onderzoek naar de steenmarter wordt dan ook niet nodig geacht. Het plangebied is geschikt voor vaste rust- en verblijfplaatsen en als functioneel leefgebied voor zoogdieren waarvoor in de provincie Gelderland geen vrijstelling geldt zoals de eekhoorn. Tijdens het veldbezoek zijn sporen in de vorm van nesten (zie afbeelding 7 en 8) aangetroffen in de grove dennen ten oosten van het plangebied. Tijdens het veldbezoek is de eekhoorn zelf niet gezien, maar de bomen binnen en nabij het plangebied horen wel bij het essentieel leefgebied van deze soort. Wanneer fysieke werkzaamheden uitgevoerd gaan worden, denk aan kappen, bouwen of bouwrijp maken, zal een nader onderzocht moeten worden of de geplande werkzaamheden een nadelig effect (kunnen) hebben op de eekhoorn. De bestemmingsplanwijziging zal hier tot dusver gaan nadelig effect op hebben, dit zal dan ook ecologisch gezien doorgang kunnen vinden.

Pagina

12

Het plangebied is potentieel geschikt als vaste rust- en verblijfplaats en als functioneel leefgebied voor algemene soorten als egel, konijn en (spits)muizen waarvoor in Gelderland een provinciale vrijstelling geldt.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

13 Pagina

Afbeelding 7 en 8: mogelijke nesten van de eekhoorn, binnen rode cirkels. Bron: BNL Advies. Datum: 07-02-2022

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

4.4.1 Amfibieën en reptielen Het plangebied (locatie bestemmingsplanwijziging) is ongeschikt voor vaste rust- en verblijfplaatsen voor amfibieën en reptielen waarvoor in de provincie Gelderland geen vrijstelling geldt, door de afwezigheid van geschikt habitat (op de wijzigingslocatie zelf). Nader onderzoek wordt dan ook niet nodig geacht. Wanneer werkzaamheden aan- en nabij de vijvers/ poelen/ vennen plaats gaan vinden, zal beoordeeld moeten worden of nadelige effecten op beschermde soorten amfibieën plaats kunnen vinden.

4.4.2 Libellen Het plangebied is ongeschikt voor vaste rust- en verblijfplaatsen voor Nationaal beschermde soorten libellen door de afwezigheid van een geschikt habitat. Nader onderzoek wordt dan ook niet nodig geacht.

4.4.3 Dagvlinders Het plangebied is ongeschikt voor vaste rust- en verblijfplaatsen voor Nationaal beschermde soorten dagvlinders. Het bronnen- en het veldonderzoek hebben ook geen (mogelijke) aanwezigheid aangetoond. Nader onderzoek wordt dan ook niet nodig geacht.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=wdw&id=1b689fbd-c178-46bd-a5c5-8ecc1d198faa