Bijlage 1: regels en motivering
Tekst van het document
Artikel 7 1.
2.
Aanvraagvereisten
De aanvraagvereisten, bedoeld in paragraaf 22.5.2, zijn van overeenkomstige toepassing op een omgevingsvergunning die is vereist op grond van dit plan. In het bijzonder geldt dat: a. het bepaalde in artikel 22.284 van toepassing is op een aanvraag om omgevingsvergunning voor een aanlegactiviteit in dit plan; en b. het bepaalde in 22.286 van toepassing is op een aanvraag om omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit in dit plan. In aanvulling op het bepaalde onder 1 worden bij de aanvraag om omgevingsvergunning die gegevens en bescheiden overlegd die naar het oordeel van het bevoegde gezag noodzakelijk zijn voor een toets aan de beoordelingsregels.
TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22j Valendrieseweg 301 Wijchen
63
Artikel 8
Anti-dubbeltelregel
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
Artikel 9
Toepassingsbereik
De regels van dit hoofdstuk zijn van toepassing op alle gronden binnen het TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22j Valendrieseweg 301 Wijchenzoals opgenomen in het GML-bestand met identificatienummer NL.IMRO.0296.TAMALVValendr301-VG01.
64
TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22j Valendrieseweg 301 Wijchen
Hoofdstuk 4 Artikel 10
Regels ter bescherming van waarden en objecten Waarde - Archeologie 2
10.1 Voorrangsregeling De regels in dit artikel hebben voorrang op de regels in hoofdstuk 2 en 3. 10.2 Toepassingsbereik De regels van dit artikel zijn van toepassing op de locatie die in het GML-bestand met identificatienummer NL.IMRO.0296.TAMALVValendr301-VG01 is aangewezen als Waarde - Archeologie 2. 10.3 Functieomschrijving Een locatie die is aangewezen als Waarde - Archeologie 2 heeft mede als functie het behoud en bescherming van waardevolle verwachte archeologische informatie in de bodem. Het gaat hierbij om AMK terreinen, archeologische vindplaatsen en oude woongronden, inclusief een zone van 50 m rondom deze gebieden. 10.4 Bouwactiviteit 10.4.1 Aanvullende aanvraagvereisten 1. Bij de aanvraag om omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 van dit omgevingsplan voor het oprichten van een bouwwerk groter dan 120 m² dient de aanvrager een rapport te overleggen, waarin de archeologische waarden van de gronden, waarop de aanvraag betrekking heeft, naar het oordeel van het bevoegd gezag in voldoende mate zijn vastgesteld. 2. In afwijking van het gestelde onder a hoeft de aanvrager van een omgevingsvergunning geen rapport als bedoeld onder a te overleggen, indien: a.
de aanvraag om omgevingsvergunning betrekking heeft op het vervangen van bestaande bebouwing (waaronder bestaande ondergrondse kelders), waarbij de oppervlakte aan bebouwing niet wordt uitgebreid en de bestaande fundering wordt benut; b. de aanvraag om omgevingsvergunning betrekking heeft op het uitbreiden van bestaande bebouwing tot maximaal 2,5 m uit de bestaande fundering; c. de aanvraag om omgevingsvergunning betrekking heeft op het bouwen in de bodem tot een diepte van 0,30 m onder het bestaande maaiveld; d. naar oordeel van het bevoegd gezag de archeologische waarde van de gronden in andere beschikbare informatie afdoende is vastgesteld. 10.4.2 Aanvullende vergunningvoorschriften Indien uit het onder 10.4.1 onder 1 genoemde rapport of uit de beschikbare informatie als bedoeld in 10.4.1 onder 2 sub d, blijkt dat de archeologische waarden van de gronden door het oprichten van het vergunde bouwwerk zullen worden verstoord, kan het bevoegd gezag één of meerdere van de volgende voorwaarden verbinden aan de omgevingsvergunning: a. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor de archeologische waarden in de bodem kunnen worden behouden; b. de verplichting tot het doen van opgravingen; c.
de verplichting de activiteit die tot een bodemverstoring leidt, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg die voldoet aan bij die voorschriften te stellen kwalificaties; d. de verplichting om na beëindiging van de werken en werkzaamheden een verslag uit te brengen waaruit blijkt op welke wijze met de archeologische waarden is omgegaan.
TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22j Valendrieseweg 301 Wijchen
65
10.5 Aanlegactiviteit 10.5.1 Vergunningplicht Het is verboden om zonder omgevingsvergunning de volgende aanlegactiviteiten uit te voeren, te doen of te laten uitvoeren: a. grondwerkzaamheden, zoals afgraven, egaliseren, frezen, scheuren van grasland, diepploegen, aanbrengen van oppervlakteverhardingen, aanleg van drainage, verwijderen van funderingen en aanleg of rooien van bos, boomgaard, boom- of fruitteelt of diepwortelende beplanting. b. graven, dempen, dan wel verdiepen, vergroten of anderszins herprofileren van waterlopen, sloten en greppels; c. aanleggen van leidingen. 10.5.2 Uitzondering vergunningplicht Het verbod van 10.5.1 geldt niet voor aanlegactiviteiten: a. in het kader van archeologisch onderzoek en archeologische opgravingen, mits deze worden verricht door een ter zake deskundige als bedoeld in de Kwaliteitsnorm voor de Nederlandse Archeologie; b. voor aanlegactiviteiten in het kader van het normale beheer en onderhoud, met inbegrip van onderhoudsen vervangingswerkzaamheden van bestaande bestratingen, drainage, kabels, leidingen en beplantingen voor zover deze werkzaamheden zich beperken tot reeds geroerde gronden; c. voor aanlegactiviteiten in het kader van het normale agrarische gebruik, waaronder de aanleg van teeltondersteunende voorzieningen; d.
voor zover het aanlegactiviteiten in de bodem betreft tot een diepte van 0,30 m onder het bestaande maaiveld; e. voor zover het werkzaamheden in de bodem betreft over een maximale oppervlakte van 1000 m 2; f. voor zover het aanlegactiviteiten in de bodem betreft binnen een afstand van maximaal 2,5 m uit een bestaande fundering van een bestaand bouwwerk; g. voor aanlegactiviteiten die op het moment van het van kracht worden van dit artikel legaal in uitvoering zijn of legaal kunnen worden uitgevoerd krachtens een voor dat tijdstip geldende dan wel aangevraagde vergunning. 10.5.3 Aanvraagvereisten 1. Bij de aanvraag om omgevingsvergunning dient de aanvrager voor de toetsing aan dit omgevingsplan in ieder geval een rapport te overleggen waarin de archeologische waarde van het terrein dat blijkens de aanvraag zal worden verstoord naar het oordeel van burgemeester en wethouders in voldoende mate is vastgesteld. 2. Een rapport als bedoeld onder 1 is niet noodzakelijk indien naar het oordeel van het bevoegd gezag de archeologische waarde van de gronden in andere beschikbare informatie afdoende is vastgesteld. 3.
Indien het rapport bedoeld onder 1 of andere beschikbare informatie als bedoeld onder 2 daartoe aanleiding geeft, dient op advies van een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg, die voldoet aan door het bevoegd te stellen kwalificaties zonodig archeologisch vervolgonderzoek plaats te vinden. 10.5.4 Beoordelingsregels De omgevingsvergunning wordt alleen verleend voor zover de archeologische waarden niet onevenredig worden aangetast, 10.5.5 Voorschriften Het bevoegd gezag kan aan de omgevingsvergunning de verplichting verbinden tot het treffen van technische maatregelen waardoor de archeologische waarden in de bodem kunnen worden behouden.
66
TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22j Valendrieseweg 301 Wijchen
Artikel 11
Waarde - Cultuurhistorisch waardevol gebied
11.1 Voorrangsregeling De regels in dit artikel hebben voorrang op de regels in hoofdstuk 2 en 3. 11.2 Toepassingsbereik De regels van dit artikel zijn van toepassing op de locatie die in het GML-bestand met identificatienummer NL.IMRO.0296.TAMALVValendr301- VG01 is aangewezen als Waarde - Cultuurhistorisch waardevol gebied. 11.3 Functieomschrijving 1. Een locatie die is aangewezen als Waarde - Cultuurhistorisch waardevol gebied heeft mede als functie het behoud, beheer en versterking van de cultuurhistorische waarden van de cultuurhistorisch waardevolle gebieden. 2. De cultuurhistorisch waardevolle gebieden als bedoeld in 1 betreffen de gebieden die zijn opgenomen in de Cultuurhistorische waarderingskaart, zoals deze opgenomen in bijlage 2 bij de regels bij dit plan, en zijn aangeduid als cultuurlandschappelijke waardering zeer hoog, hoog en middelhoog. De waardering van deze gebieden is gebaseerd op de beleidsnota 'Samen in verscheidenheid' en in bijlage 3 nader beschreven. a. Onder de gebieden zoals genoemd in 2 bevinden zich ook de oude bebouwingslinten en de belangrijkste (historische) doorgaande wegen en waterlopen.
De cultuurhistorische waarden van deze gebieden bestaan uit: de mate van visueel-ruimtelijke relatie met de (agrarische) percelen en het onderscheid daarin tussen de verschillende landschapstypen (open, half-open of gesloten); de overwegend agrarische oorsprong van de bebouwing in de linten; de maat en schaal van de bebouwing; de variatie van rooilijnen en bouwmassa's langs de linten; de compactheid van de bebouwingsensembles op de afzonderlijke percelen; hoofdgebouwen die gericht zijn op de bebouwingslinten; een herkenbaar onderscheid in situering en massa tussen hoofd- en bijgebouwen. 11.4 Maatwerkvoorschrift Burgemeester en wethouders kunnen met een maatwerkvoorschrift en gelet op het bepaalde in 11.3 nadere eisen stellen ten aanzien van de situering, de oppervlakte en de (goot)hoogte van bebouwing. 11.5 Aanlegactiviteit 11.5.1 Vergunningplicht Het is verboden om zonder omgevingsvergunning de volgende aanlegactiviteiten te verrichten: a. het aanbrengen van (half-)verhardingen; b. het rooien of vellen van houtgewas; c. afgraven, vergraven, ophogen en egaliseren van de bodem; d. graven of dempen van sloten; e. verwijderen van perceelsrandbeplanting; f. aanleggen van wegen of paden; g. wijzigen van perceels- of kavelgrenzen; h. het aanbrengen van hoogopgaande beplanting anders dan het herplanten van gerooide / gevelde houtopstanden; i.
het verwijderen van wegen of paden.
TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22j Valendrieseweg 301 Wijchen
67
11.5.2 Uitzondering vergunningplicht Het verbod van 11.5.1 geldt niet voor aanlegactiviteiten: a. die het normale onderhoud betreffen en/of plaatsvinden in het kader van het normale beheer en gebruik van de gronden b. reeds in uitvoering zijn, dan wel krachtens een verleende vergunning reeds mogen worden uitgevoerd op het tijdstip van het van kracht worden van dit artikel. c. die plaatsvinden ter plaatse van een 'bouwvlak' of ter plaatse van een locaties die zijn aangewezen als een niet-agrarische functie.. 11.5.3 Aanvraagvereisten De aanvrager overlegt bij zijn aanvraag de gegevens en bescheiden die nodig zijn voor de beoordeling als bedoeld in 11.5.4. 11.5.4 Beoordelingsregels De omgevingsvergunning wordt alleen verleend indien de aanlegactiviteiten geen onevenredige aantasting tot gevolg hebben van de cultuurhistorische waarden.
Artikel 12
Algemene aanduidingsregels
12.1 Monumenten 12.1.1 Specifieke bouwaanduiding - rijksmonument Ter plaatse van de aanduiding 'Specifieke bouwaanduiding - rijksmonument zijn de gronden, naast de hier geldende functie, tevens aangewezen voor de instandhouding van de hier aanwezige monumentale waarden en de daaraan ruimtelijk samenhangende monumentale waarden, waaronder de molenbelt. 12.2 Vrijwaringszone - molenbiotoop Nieuwe bebouwing of beplanting is niet toegestaan als daardoor de windvang van de molen wordt beperkt. 12.3 Veiligheidszone - nutsvoorziening 12.3.1 Bouwregels Ter plaatse van de aanduiding "Veiligheidszone - nutsvoorziening" is het verboden kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten op te richten.
68
TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22j Valendrieseweg 301 Wijchen
Hoofdstuk 5 Artikel 13
Overgangsregels Overgangsrecht
13.1 Overgangsrecht bouwwerken 13.1.1 Algemeen Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van dit plan aanwezig of in uitvoering is, danwel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning, en afwijkt van dit plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, a. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; b. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. 13.1.2 Afwijken bij omgevingsvergunning Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van het bepaalde in 13.1.1 een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in 13.1.1 met maximaal 10 %. 13.1.3 Uitzondering Het bepaalde in 13.1.1 is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van dit plan, maar zijn gebouwd zonder omgevingsvergunning en in strijd zijn met het omgevingsplan zoals dat gold voor inwerkingtreding van dit plan. 13.2 Overgangsrecht gebruik 13.2.1 Algemeen Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van dit plan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet.
13.2.2 Strijdig gebruik Het is verboden het met dit plan strijdige gebruik, bedoeld in 13.2.1, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dit plan strijdige gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. 13.2.3 Onderbroken gebruik Indien het gebruik, bedoeld in 13.2.1, na het tijdstip van inwerkingtreding van dit plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. 13.2.4 Uitzondering Het bepaalde in 13.2.1 is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het omgevingsplan voor inwerkingtreding van dit plan.
TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22j Valendrieseweg 301 Wijchen
69
70
TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22j Valendrieseweg 301 Wijchen
Bijlagen bij de regels
TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22j Valendrieseweg 301 Wijchen
71
72
TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22j Valendrieseweg 301 Wijchen
Bijlage 1
Staat van bedrijfsactiviteiten
TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22j Valendrieseweg 301 Wijchen
73
74
TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22j Valendrieseweg 301 Wijchen
Bijlage 2
Cultuurhistorische waarderingskaart
TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22j Valendrieseweg 301 Wijchen
75
76
TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22j Valendrieseweg 301 Wijchen
Bijlage 3
Beleidsnota cultuurhistorie met bijlagen
TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22j Valendrieseweg 301 Wijchen
77
78
TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22j Valendrieseweg 301 Wijchen
TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22j Valendrieseweg 301 Wijchen
79