Bijlage 1. Perspectiefnota 2022
Tekst van het document
Perspectiefnota 2022
Pagina | 2| Perspectiefnota 2022
Voorwoord De Perspectiefnota 2022 is de eerste stap in het begrotingsproces. Deze stap wordt gevolgd door het opstellen van de Programmabegroting 2023, met het meerjarenperspectief t/m 2026. Deze Perspectiefnota wordt behandeld in de raad van 7 juli 2022. De Programmabegroting wordt op 10 november 2022 vastgesteld. Naast de vooruitblik op het meerjarenperspectief 2023-2026, stellen we ook voor het lopende jaar 2022 een bijstelling voor middels een begrotingswijziging. Input voor deze begrotingswijziging komt uit de Programmarapportage mei en actualisatie van de onderwerpen in deze Perspectiefnota. Samen verschil maken Onlangs heeft het college haar nieuwe coalitieakkoord gepresenteerd. In het akkoord met de titel “Samen verschil maken”, heeft het college haar ambities verwoord voor de periode 2022-2026. In de basis wil het college er zijn voor de inwoners, de koers vasthouden en een teamspeler in de regio zijn. Kort gezegd betekent dit dat Wijchen een financieel gezonde gemeente blijft met een hoog voorzieningenniveau tegen beperkte lasten. Dit alles vanuit een inclusieve visie waarbij inwoners, instellingen, bedrijven en partners in de regio worden uitgenodigd om samen ambities te realiseren. Begroting 2022-2026: financieel structureel sluitend De doelstelling van het begrotingsproces is te komen tot een sluitend structureel perspectief.
Dit niet alleen vanuit gezond financieel beleid en beheer, maar ook om onder repressief toezicht van de provincie te blijven. Wij constateren dat het gehele structurele meerjarenperspectief sluitend is. Ten opzichte van de Begroting 2022 zien we een flinke toename van de algemene uitkering. Hier staan ook hogere loon- en prijsindexaties tegenover, maar onder aan de streep presenteren we een ruim positief begrotingssaldo. We stellen vast dat de hoogte van de algemene uitkering op basis van Rijksbeleid de laatste jaren behoorlijk fluctueert. Daarbij zien we de ruimte van 2026 behoorlijk afnemen, waardoor we terughoudend moeten blijven met het aangaan van structurele verplichtingen. In deze Perspectiefnota presenteren we in hoofdstuk 13 nieuwe beleidsvoornemens voor 2023 en verder. Deze voornemens wegen we bij de begrotingsbehandeling integraal af tegen het financieel perspectief, waarbij initiatieven op basis van het nieuwe coalitieakkoord nog aan deze lijst worden toegevoegd. Daarbij hebben we ook oog voor de gevolgen voor de ambtelijke organisatie en de mogelijkheden voor het inwisselen van bestaand beleid voor nieuw beleid. WDW De Werkorganisatie Druten Wijchen (WDW) is vanaf 2018 voor de beide gemeenten de uitvoeringsorganisatie. De afgelopen collegeperiode is de WDW erin geslaagd het collegeprogramma mede tot uitvoering te brengen.
We zagen gedurende de jaren wel knelpunten ontstaan, waar we nu op willen anticiperen voor de komende collegeperiode. Er wordt steeds meer gevraagd van onze ambtenaren in een periode van arbeidskrapte. De vraag komt voort uit nieuwe wettelijke taken, extra maatschappelijke opgaven en ambities t.a.v. de kwaliteit van dienstverlening. Om hierop bij te sturen stellen we voor in 2022 incidenteel extra geld beschikbaar te stellen en samen met het Bestuur van de WDW tot een Integraal plan te komen voor de komende periode. Het eerste concept van dit plan sturen we mee als bijlage en gaan we de komende tijd verder uitwerken. Jeugd / Wmo nieuw De afgelopen jaren hebben we onder andere geïnvesteerd in het goed in beeld krijgen van het gebruik en de daarmee gepaard gaande kosten op het gebied van de Jeugdzorg en WMO nieuw. Bij de Begroting 2022 hebben we de budgetten nog behoorlijk bij moeten
Pagina | 3| Perspectiefnota 2022
stellen aan de hand van het gebruik in 2021. We zien nu bij de nulmeting 2022 een licht positiever beeld en stellen voor de budgetten daarop bij te stellen. Daarbij stellen we voor met het structureel inzetten van schoolmaatschappelijk werk, de specialistische ondersteuning van huisartsen en de ontwikkeling van het steunpunt, de druk te verminderen op individueel maatwerk. Op deze wijze sturen we het zorggebruik. Hiermee geven we verdere invulling aan preventie en kortdurende ondersteuning vanuit het sociaal wijkteam. Zie ook de beslisnota ‘Structurele extra inzet preventie jeugd en regieteam’ (Z75650), die uitvoering geeft aan de motie Vroegtijdige signalering jeugdhulp. Onrustige tijden Deze perspectiefnota is uitgewerkt in een periode van maatschappelijk onrustige tijden, met als gevolg daarvan financiële onzekerheden. We lijken uit de coronacrisis te komen, maar het is moeilijk in te schatten wat de lange termijn gevolgen hiervan zijn. We gaan ervan uit dat we geen direct financieel nadeel ondervinden. Het is echter moeilijk in te schatten wat de crisis betekent voor de (lokale) economie op de langere termijn. Momenteel hebben we ook te maken met een vluchtelingenstroom uit Oekraïne. Met vereende krachten werken we aan oplossingen, zoals het uitkeren van leefgeld en beschikbaar stellen van leefruimte.
Daarnaast zijn er onzekerheden voor de lange termijn over onze grootste inkomstenbron, namelijk de algemene uitkering. De herverdeling van de algemene uitkering is nu verwerkt in de meicirculaire, maar een evaluatie over drie jaar is aangekondigd, wat weer tot wijzigingen kan leiden. Daar komt bij dat vanaf 2026 de opschalingskorting (vooralsnog) weer in gaat, die nu tot dat moment is uitgesteld. Ook het accres is vanaf 2026 beduidend lager. Om gemeenten meer zekerheid te geven over de financiële ruimte voor 2026 en daarna is een contourennota aangekondigd. Met deze contourennota wordt beoogd duidelijkheid te geven over de hoofdrichting, zodat de verdere uitwerking van een toekomstbestendige en stabiele financieringssystematiek kan worden ingevuld. De verwachting is dat hier binnenkort meer over bekend zal zijn. Ook op het gebied van de jeugdzorg is nog veel onduidelijk ten aanzien van landelijke compensatie voor de oplopende kosten. Voor 2023 zijn de extra middelen nu vrijgegeven, maar het lange termijn beeld is nog onzeker. Als laatste worden we op verschillende vlakken geconfronteerd met flinke prijsstijgingen. Daarvan is het nu moeilijk in te schatten of deze structureel of tijdelijk van aard zijn. We volgen in deze Perspectiefnota aan de kostenkant de indexpercentages uit de circulaire.
We zien risico’s voor de grotere bouwgrond- en investeringsprojecten die in uitvoering en voorbereiding zijn. Daar nemen we voor 2022 een stelpost van € 1 miljoen voor op. Voor de nog op te starten investeringsprojecten nemen we een stelpost op voor hogere kapitaalslasten oplopend naar € 345k vanaf 2024. Bij de Begroting herijken we dit en werken we ook de gevolgen voor de bouwgrondexploitaties uit in het risicoprofiel. Dit kan dan leiden tot een grotere claim op de algemene reserve voor tegenvallers binnen de bouwgrondresultaten. Vervolgproces richting Begroting 2023 Bij de Begroting 2023 actualiseren we de meerjarenramingen. Daarbij betrekken we de uitkomsten van de septembercirculaire. Met de hiervoor beschreven onzekerheden, zijn we terughoudend bij het beoordelen van nieuw beleid. We gaan duurzaam om met de Wijchense middelen en zullen dan ook komen met bestedingsvoorstellen waarmee we een financieel robuuste gemeente blijven.
Pagina | 4| Perspectiefnota 2022
Inhoudsopgave
Voorwoord ...................................................................................................... 3 Uitgangspunten ............................................................................................... 6 Structureel meerjarenperspectief....................................................................... 7 3.01 3.02 3.03 3.04 3.05 3.06 3.07 3.08 3.09 3.10 3.11 3.12
Meicirculaire ............................................................................................. 8 BUIG ....................................................................................................... 9 2d’s Jeugd en Wmo nieuw .........................................................................10 WMO Klassiek ..........................................................................................14 Bouwleges ...............................................................................................16 Gemeenschappelijke regelingen .................................................................16 Werkorganisatie Druten Wijchen ................................................................17 OZB-inkomsten ........................................................................................17 Uitgangspunten tarieven en leges ...............................................................18 Kapitaallasten ..........................................................................................19 Prijscompensatie ......................................................................................19 Kostenuitzettingen ...................................................................................21
Incidenteel meerjarenperspectief ......................................................................22 Corona ..........................................................................................................23 MIO (Meerjaren Investerings Overzicht) ............................................................25 Bouwgrondexploitaties .......................................................................................28 Totaalbeeld ....................................................................................................29 Provinciaal toezicht .........................................................................................30 Budgetmutaties structureel ..............................................................................31 Effecten uit Programmarapportage mei ..........................................................34 Posten incidenteel .......................................................................................36 Incidenteel totaalbeeld .................................................................................41 Gewenst nieuw beleid (nog niet toegekend) ....................................................43 Samenvatting per programma ......................................................................48
Pagina | 5| Perspectiefnota 2022
Uitgangspunten Conform onze financiële verordening en het huidige coalitieakkoord gaan we uit van onderstaande uitgangspunten bij het opstellen van de Begroting 2023. We houden in onze structurele begroting minimaal € 250.000 als buffer aan voor onvoorziene kosten. Als we onze budgetten overschrijden moeten we dat binnen het programma zelf opvangen. Structurele tekorten vangen we op door blijvende maatregelen te treffen. Tekorten die eenmalig ontstaan vangen we op door incidentele maatregelen te treffen. De winst die we maken door percelen bouwgrond te verkopen op bedrijvenpark Bijsterhuizen gaat naar de algemene reserve. De reserve Bouwgrondexploitatie is onderdeel van de algemene reserve. Als we nieuwe beleidstaken en geld krijgen van de rijksoverheid, dan labelen we die één op één voor het beoogde doel. Wij streven ernaar om de uitvoering van de nieuwe taken te betalen met deze middelen. Met de gelabelde gelden worden ook de organisatie- en uitvoeringskosten binnen de Werkorganisatie Druten Wijchen structureel gedekt. We kunnen alleen structureel nieuw beleid starten als er structureel extra geld is, of als we oud beleid inruilen voor het nieuwe beleid. Als we de Perspectiefnota of Begroting bespreken, wegen we af welke extra uitgaven nuttig en nodig zijn en wat het belangrijkst is.
Buiten deze beslissingsmomenten kan geen extra incidenteel of structureel geld uitgegeven worden. Behalve als de gemeenteraad daar akkoord voor geeft.
Pagina | 6| Perspectiefnota 2022
Structureel meerjarenperspectief Met het vaststellen van de Begroting 2022 heeft de raad de startpositie bepaald voor de meerjarenbegroting 2023-2026. Eventuele raadsbesluiten die van invloed zijn op het begrotingssaldo nemen we mee in onderstaande tabel. Vervolgens ziet u een samenvatting van de financiële effecten per thema uit dit hoofdstuk 3. 1)
Structureel perspectief (x € 1.000)
Hfst. Structureel perspectief
2022
2023
2024
2025
2026
Begroting 2022
2.672
1.236
469
956
1.247
Amendementen bij begroting 2022
-164
-164
-164
-164
-164
91
7
0
0
0
2.599
1.079
305
792
1.083
1.608
4.375
7.722
9.635
4.780
0
-163
-136
-107
-76
468
280
290
425
461
3.04 WMO Klassiek
0
-246
-285
-273
-261
3.05 Bouwleges
0
0
0
0
0
3.06 Gemeenschappelijke regelingen
-386
-640
-657
-870
-1.136
3.07 Werkorganisatie Druten Wijchen
0
Pm
Pm
Pm
Pm
-63
34
118
253
318
0
0
0
0
0
364
41
47
44
4
-1.000
-1.069
-1.713
-2.529
-3.440
21
-35
-123
-100
-103
3.611
3.656
5.568
7.270
1.630
Decembercirculaire 2021 Startpositie 2022 t/m 2026 3.01 Meicirculaire 3.02 BUIG 3.03 2d’s Jeugdzorg en Wmo nieuw
3.08 OZB-inkomsten 3.09 Uitgangspunten tarieven en leges 3.10 Kapitaallasten 3.11 Prijscompensatie 3.12 Budgetmutaties op bestaand beleid Saldo structureel bestaand beleid
Pagina | 7| Perspectiefnota 2022
3.01 Meicirculaire Jaarlijks verschijnen meestal drie circulaires. Mei geeft de vertaling van de Voorjaarsnota van de rijksoverheid, september van de vertaling van de Miljoenennota, december rondt het uitkeringsjaar zoveel mogelijk af. De meicirculaire 2022 is een dag later verschenen op 1 juni. Deze circulaire bevat informatie over de invoering van de nieuwe verdeling van het gemeentefonds per 1 januari 2023 en de actualisatie van het accres op basis van de Voorjaarsnota 2022. Nieuw verdeelmodel Hoofddoel voor een nieuw verdeelstelsel was om dat eenvoudig en uitlegbaar te maken en een betere aansluiting realiseren bij de noodzakelijke kosten die gemeenten maken (dat was vooral nodig in het sociaal domein). De indeling van de clusters is logischer en globaler gemaakt en het aantal maatstaven is gehalveerd. Het ingroeipad, waarmee de gemeenten naar de nieuwe verdeling ingroeien, wordt beperkt tot 3 jaar. Het maximale positieve of negatieve effect is in 2023 € 7,50 per inwoner en in 2024 en 2025 € 15 per inwoner. Het maximale positieve of negatieve effect in 2025 bedraagt hierdoor € 37,50 per inwoner. Voor Wijchen is het positieve effect van de herverdeling € 27,28 per inwoner, wat overeenkomt met € 1.125k Accres Via de normeringsystematiek ‘samen trap op en samen de trap af’ wordt de algemene uitkering van het gemeentefonds geïndexeerd, ook wel het accres genoemd.
De hoogte van de algemene uitkering is daarmee afhankelijk van de landelijke Rijksuitgaven. Het accres ontwikkelt zich t/m 2025 in een behoorlijk stijgende lijn, mede ook door de hoge loon- en prijsontwikkeling. Daarnaast is ook de opschalingskorting opgeschort t/m 2025. Het kabinet heeft aangegeven dat het accres voor 2026 niet is berekend, maar vast is gezet op een taakstellende plus van € 840 miljoen ten opzichte van de septembercirculaire 2021. Dat betekent dat we vanaf 2026 t.o.v. de jaren ervoor beduidend minder geld ontvangen in de algemene uitkering. Belastinggebied In het op 15 december 2021 verschenen coalitieakkoord ‘Omzien naar elkaar, vooruitkijken naar de toekomst’ zijn de belangrijkste plannen voor de kabinetsperiode opgenomen. Tot 2026 lijkt er volgens het coalitieakkoord aan het eigen belasting– gebied van de lokale overheden niets te veranderen. Wel is aangegeven dat er de komende jaren zal worden gewerkt aan een nieuwe financierings– systematiek voor de periode na 2025, waarbij ook alternatieven voor onder andere de onroerende– zaakbelasting worden betrokken. Compensatie Jeugdzorg Bij de meicirculaire vorig jaar is de compensatie Jeugdzorg voor 2022 vrijgegeven en hebben we een stelpost opgenomen voor de jaren vanaf 2023. In deze meicirculaire wordt de compensatie weer voor maar één jaar concreet toegekend. We blijven de lijn hanteren van 75% vanaf 2024.
Het kabinet gaat de komende tijd met gemeenten en andere relevante partijen verder in gesprek over de Hervormingsagenda Jeugd, die moet bestaan uit een combinatie van een set van kostenbesparende maatregelen en een financieel kader waarmee een structureel houdbaarder jeugdstelsel wordt gerealiseerd. Bij het afsluiten van de Hervormingsagenda zal het kabinet ook besluiten over de extra middelen voor 2024 en verder die aan gemeenten beschikbaar gesteld worden. Het advies van de Arbitragecommissie c.q. de Commissie van Wijzen vormt het uitgangspunt. Het Rijk geeft daarbij aan dat de beoogde landelijke bezuiniging van € 500 miljoen een verantwoordelijkheid van de het Rijk is, dus niet van gemeenten. Landelijke maatregelen moeten deze bezuiniging vormgeven, waarbij het risico van het niet realiseren bij het Rijk ligt.
Pagina | 8| Perspectiefnota 2022
Taakmutaties In de circulaire zijn diverse taakmutaties opgenomen. Dit houdt in dat het Rijk voor specifieke taken meer, of minder geld beschikbaar stelt. In onderstaande tabel laten we zien welke onderwerpen dit betreft, waar we de mutaties op de specifieke budgetten verwerken. Stelpost onderuitputting Rijksuitgaven We zien in de uitwerking van deze meicirculaire een flinke stijging van het accres. De stijging is gekoppeld aan hogere rijksuitgaven voor vennootschapsbelasting (Vpb), koppeling AOW aan stapsgewijze verhoging wettelijk minimumloon (WML), inkomensbelasting Box 3 en defensie-uitgaven. Als deze stijging niet plaatsvindt, zal de algemene uitkering weer gekort worden. Voorzichtigheidshalve anticiperen we hierop door een stelpost van 20% op te nemen voor onderuitputting op deze rijksuitgaven. 2) Verloop Algemene Uitkering
(x € 1.000) Stand decembercirculaire 2021 Stand meicirculaire 2022 Saldo
2023 68.817 75.057 6.240
2024 69.526 79.015 9.489
2025 71.042 82.886 11.844
2026 72.309 78.303 5.993
-10 -6 -751
-10 -6
-10 -6
-10 -6
-36
-36
-36
-36
-2.031
-803
-52
-52
-52
Stelpost onderuitputting rijksuitgaven
-414
-1.062
-1.715
-2.157
-1.161
Mutatie vrij besteedbaar
1.608
4.375
7.722
9.635
4.780
Taakmutaties Energietoeslag Inburgering/leerbaarheidstoets Participatie Jeugdzorg Coronasteun Klimaatakkoord Capaciteit Boa Gezond in de stad - /- Totaal taakmutaties
2022 69.509 73.562 4.053
-1.441 -10 -86 -168 -279 -36 -11
3.02 BUIG De wet BUIG bestaat uit een aantal regelingen, waarvan de bijstand (uitkeringen participatiewet) het grootste deel beslaat. Hiervoor ontvangen we van het rijk het budget BUIG. Dit budget wordt berekend via een objectief verdeelmodel. Het Rijk hanteert het uitgangspunt dat voor alle gemeenten samen een toereikend macrobudget wordt vastgesteld. Voor deze begroting gaan we uit van het laatst voorlopig macrobudget en verhogen dat meerjarig met dezelfde groei die we inschatten voor de aantallen cliënten aan de kostenkant. 3)
Tabel: Aantallen bijstandsontvangers.
Stand 1 januari Reguliere in/uitstroom Stand 31 december
2022 687 -17 670
2023 670 3 673
2024 673 7 680
2025 680 11 691
2026 691 15 706
Procentuele groei
-2,5%
0,4%
1,0%
1,6%
2,2%
We zijn gestart in 2022 met 687 bijstandsgerechtigden. In het eerste kwartaal is er een daling in het bestand opgetreden. Ondanks de coronacrisis en de sterk oplopende inflatie is de groei van het bijstandsvolume uit gebleven. De middellange termijn prognose kent veel onzekerheden door nationale en internationale onzekerheden. Hierdoor verwachten
Pagina | 9| Perspectiefnota 2022
wij op termijn weer een lichte groei van de werkloosheid en dus van het bijstandsvolume1. 4)
Tabel: Resultaat BUIG, exclusief effect gemeentefonds.
x € 1.000
2022
2023
2024
2025
2026
Begroting 2022 saldo BUIG
-2
-11
-18
-13
-13
Technische correcties
-4
-6
-7
-11
-15
Begrotingsaldo BUIG actueel
-6
-17
-25
-24
-28
Opbrengsten BUIG Perspectiefnota
10.099
10.149
10.258
10.426
10.648
Kosten BUIG perspectiefnota
10.504
10.613
10.691
10.826
11.014
Saldo BUIG Perspectiefnota 2022
-405
-464
-434
-400
-366
Mutatie loonkostensubsidie bij MGR*
236
284
273
269
262
Inzet reserve BUIG
163 -163
-136
-107
-76
Mutatie t.o.v. Begroting 2022
0
* Nadeel op loonkostensubsidie al opgenomen bij de MGR in het hoofdstuk 3.06. Hoewel de verwachte aantallen bijstandscliënten naar beneden zijn bijgesteld, wordt het resultaat op de begroting BUIG ook naar beneden bijgesteld. Dit komt in eerste instantie omdat het nader voorlopige Rijksbudget 2022 lager is bijgesteld met ruim € 1.018K. Vervolgens laten we de meerjarig verwachte Rijksinkomsten met hetzelfde groeipercentage meegroeien als de aantallen cliënten. Wanneer de groei van de aantallen cliënten daalt, dalen zowel de kosten als de inkomsten. Het saldo BUIG wordt tevens nadelig beïnvloed door de ontwikkelingen die van de MGR opgegeven krijgen ten aanzien van de loonkostensubsidies. De MGR voorziet daarin een behoorlijke stijging. Deze extra kosten hebben we opgenomen als onderdeel van de MGR uitzetting onder het thema Gemeenschappelijke regelingen (3.06). Het verloop van de aantallen bijstandscliënten worden maandelijks gevolgd. In de gebruikelijke rapportages wordt hiervan verslag gemaakt. Het saldo van de reserve BUIG bedroeg per 1-1-2022 € 430k. Het voor 2022 verwachte tekort dekken we af door een onttrekking aan de reserve BUIG. 3.03 2d’s Jeugd en Wmo nieuw Dit thema behandelt het meerjarenperspectief van de totale 2D’s in de begroting 2022 van de gemeente Wijchen.
In 2022 heeft de gemeente Wijchen de contracten voor Wmo en jeugdhulp voor het merendeel ondergebracht bij het ROB (regionaal ondersteuningsbureau) in het Rijk van Nijmegen. Ook Jeugdbescherming en Jeugdreclassering vallen onder de regionale contracten. Dyslexie en welzijn, PGBaanbieders en een klein deel van de Wmo en jeugdhulpcontracten zijn in eigen beheer. Dit betreft lokale spelers of maatwerkcontracten specifiek voor Wijchense inwoners. Daarnaast gaan de 2D’s ook over: eigen bijdrage, mantelzorgwaardering en veilig thuis. Grip en sturing Door het monitoren en analyseren van het zorggebruik hebben we grip. Doordat we de gebruikersvragen kennen, zorgen we voor een vrij toegankelijk aanbod, waardoor we individueel maatwerk verminderen of voorkomen. Door het inzetten van schoolmaatschappelijk werk, de specialistische ondersteuning van huisartsen en de ontwikkeling van het steunpunt verminderen we de druk op individueel maatwerk. Op deze wijze sturen we het zorggebruik. In voorliggende Perspectiefnota wordt structureel verdere invulling gegeven aan preventie en kortdurende ondersteuning 1
Middellangetermijnverkenning 2022-2025 (november 2019) (cpb.nl)
Pagina | 10| Perspectiefnota 2022
vanuit het sociaal wijkteam. Zie ook de beslisnota ‘Structurele extra inzet preventie jeugd en regieteam’ (Z75650), die uitvoering geeft aan de motie Vroegtijdige signalering jeugdhulp. Onderdeel van de huidige begroting 2022 is het door de raad vastgestelde pakket aan beheersmaatregelen ‘Betaalbaarheid van goede zorg’. De taakstelling die hiermee gemoeid is, bedraagt structureel € 226k. Met dit aanvullend pakket is tevens vastgesteld dat het eindpunt van de bezuinigingsopdracht is bereikt en is duidelijk aangegeven dat niet alle zorg door de gemeente beïnvloedbaar is. Beinvloedbaarheid zorggebruik Er is een onderscheid tussen te beïnvloeden zorggebruik en zorggebruik waar we als gemeente nauwelijks tot geen invloed op hebben. De categorieën zorg waar de beïnvloedingsmogelijkheden van de gemeente minimaal zijn, betreft met name jeugdhulp met verblijfszorg, landelijke transitie arrangementen en opgelegde zorg. Juist door deze categorieën zorgt een kleine groep jeugdigen met zware zorg voor een groot deel van de totale kosten van Jeugd. Bij Wmo zien we dat er sprake is van vergrijzing, langer thuis blijven wonen en de aanzuigende werking van het abonnementstarief. Op deze onderdelen hebben we geen invloed op het aantal zorggebruikers, maar kunnen we wel sturen op de juiste grondslag en doorverwijzen naar de wetlangdurige zorg als dit voorliggend is.
Nulmeting 2022 Met de jaarlijkse Nulmeting 2D’s verkrijgen we vroegtijdig integraal inzicht in de actuele zorgpopulatie, te verwachten trends in zorggebruik en de daaraan gerelateerde kosten. Het resultaat is een geactualiseerde meerjarenbegroting 2022. Met name op het onderdeel Jeugd is deze nulmeting complexer dan voorgaande versies. Dit heeft alles te maken met de Wet wijziging woonplaatsbeginsel, die geïntegreerd is in de Nulmeting 2022. De Nulmeting 2022 leidt tot een positieve bijstelling van het meerjarenperspectief. Middels de programmarapportage mei 2022 bent u reeds op de hoogte gebracht van het effect van deze nulmeting in 2022. In dit thema behandelen we het meerjarig effect van de nulmeting 2022 en wordt gezien als basis voor het financieel meerjarig beeld. Onderdeel van het meerjarig beeld is het door de raad vastgestelde pakket aan beheersmaatregelen ‘Betaalbaarheid van goede zorg’. Taakstellend is structureel € 226k opgenomen om te realiseren d.m.v. regie op de medische verwijsroute, positionering van WMO en Jeugdwet i.r.t. andere wet- en regelgeving en het verplicht eerst inzetten van vrij toegankelijk aanbod. Effect woonplaatsbeginsel Per 01-01-2022 vindt verschuiving plaats van de (financiële) verantwoordelijkheid voor jeugdigen in zorg tussen alle gemeenten. Het precieze werkelijke effect van de Wet wijziging woonplaatsbeginsel is lastig vast te stellen.
Bijvoorbeeld: hoe lang had een ‘vertrekkende’ jeugdige nog in zorg gezeten, met welk zorgpad en wat had dat de gemeente Wijchen dan uiteindelijk gekost? Het effect van de Wet wijziging woonplaatsbeginsel op de lopende begroting van de gemeente Wijchen is wél te bepalen. Dit effect is geïntegreerd in de Nulmeting 2022. Voor de diverse zorgproducten van jeugd is waar mogelijk op cliëntniveau en anders op basis van uitgangspunten het financiële effect bepaald. Wijchen is in dit kader een voordeelgemeente. De twee belangrijkste redenen: Wijchen is volgens de nu bekende gegevens ontvangende gemeente voor 18 jeugdigen in zorg en latende gemeente voor 36 jeugdigen in zorg. Dus de groep die ‘vertrekt’ is groter. Ook pakt de verhouding dure verblijfszorg versus pleegzorg tijdens deze migratie goed uit. Naar verhouding verschuift
Pagina | 11| Perspectiefnota 2022
meer financiële verantwoordelijkheid van met name de dure verblijfszorg naar andere gemeenten. Daarnaast zijn er bij de begroting 2021 meerjarige uitgangspunten bepaald die samenhangen met de Wet wijziging woonplaatsbeginsel. Deze uitgangspunten worden nu herijkt. Het berekende effect woonplaatsbeginsel voor Wijchen ziet er als volgt uit (bedragen x € 1.000): 5)
Tabel: Effect woonplaatsbeginsel
WOONPLAATSBEGINSEL Wijchen als latende gemeente Wijchen als ontvangende gemeente
Actualisatie meerjarige uitgangspunten Afname cliënten verblijfszorg Evenwichtigere verdeling gezinshuizen en afname cliënten JB/JR ondertoezichtstellingen gelinkt aan verblijf
Totale effect woonplaatsbeginsel incl. bijstelling meerjarige uitgangspunten begroting
2022 1.480 -798 682
2023 1.508 -711 797
2024 1.532 -723 809
2025 1.557 -610 947
2026 1.582 -620 962
-127
-255
-255
-255
-255
-250
-377
-381
-385
-385
-45 -422
-90 -722
-90 -726
-90 -730
-90 -730
260
75
83
217
232
Waar Wijchen als latende gemeente optreedt treedt een voordeel op van 1,48 miljoen. Ruim 77% van dit voordeel bestaat uit jeugdigen in gezinshuizen, waar een andere gemeente verantwoordelijk voor wordt. Daarnaast zien we ook voordelen op verblijfszorg inclusief behandeling, ondertoezichtstellingen, voogdij en pleegzorg. Waar Wijchen als ontvangende gemeente optreedt treedt een nadeel op van € 798k. Ruim 79% van deze kosten hebben betrekking op jeugdigen met zorg met verblijf. Daarnaast zien we kosten ontstaan op Jeugd GGZ, jeugdreclassering en pleegzorg. Kijken we naar de meerjarige uitgangspunten die bij de begroting 2021 zijn bepaald dan zien we het volgende: - Afname cliënten verblijfszorg: blijkt minder beïnvloedbaar dan voorheen verwacht. Per saldo heeft het woonplaatsbeginsel wel het verwachte effect op het totaal van de verblijfszorg. Dit uitgangspunt kan vervallen; - Evenwichtigere verdeling gezinshuizen en afname cliënten: blijkt inderdaad het geval. Door de Wet wijziging woonplaatbeginsel is de groep jeugdigen in gezinshuizen niet alleen kleiner geworden, ook zit het grootste aantal in de categorie ‘middel’. Dit uitgangspunt kan vervallen; - JB/JR-ondertoezichtstellingen gelinkt aan verblijf: het uitgangspunt bij de begroting 2021 was dat als verblijf zou afnemen, dat dan ook de ondertoezichtstellingen zouden afnemen als logisch gevolg hiervan. Dat klopt.
Dit uitgangspunt kan vervallen. Jeugd Landelijk is er een aanpassing van de jeugdwet in de maak. We sorteren hierop voor met de Hervormingsagenda jeugd. In de onlangs geschreven kamerbrief van 13 mei jl. worden onder andere de vijf leidende principes beschreven waarop alle hervormingen gebaseerd zullen gaan worden. 1. Passende zorg is beschikbaar voor de meeste kwetsbare kinderen en jongeren. 2. Versterken veerkracht kinderen en gezinnen in hun dagelijkse leven. 3. Minder marktwerking, meer samenwerking en betere inkoop van zorg.
Pagina | 12| Perspectiefnota 2022
4. Verbetering kwaliteit en effectiviteit van jeugdzorg. 5. Jeugdzorg als effectieve samenwerkingspartner. De belangrijkste veranderingen die hierdoor lokaal ontstaan zijn, versterking en verbetering van de toegang met kortdurend ondersteuning en preventief aanbod. De wet wordt aangescherpt, waardoor de ‘wat’ er vergoed dient te worden onder de jeugd wet afgebakend wordt. De regio’s moeten robuuster worden wat waarschijnlijk zal betekenen dat we samen moeten gaan met regio Rivierenland. De regio’s waarbinnen de specialistische jeugdzorg gecontracteerd moet worden dienen gebruik te maken van gestandaardiseerde contracten en moeten een GR worden. Gesloten jeugdzorg moet worden afgebouwd en omgevormd naar kleinschalig wonen. De uitstroom van jeugdzorg moet worden verbeterd. Er moet ingezet worden op het behouden en vergroten van deskundig personeel in de zorg en toegang. Regionaal en lokaal sorteren we al voor op de Hervormingsagenda. We werken al regionaal samen met een regionale verbeteragenda Jeugd. We hebben al gezamenlijke contracten en tarieven en voeren gezamenlijk contractmanagement. We zijn aangesloten op de landelijke en bovenregionale werkgroepen waar alle hervormingszaken aan de orde komen. Wel zullen we naar een nieuwe regionale indeling moeten indien dit zo wordt besloten.
Lokaal zijn we onze toegang en preventie verder aan het verstreken zoals u kunt lezen in de informatienota stand van zaken Wmo jeugdhulp en sociaalwijkteam en de bijlage het monitor verslag. We werken ook lokaal goed samen met onderwijs, huisartsen, welzijn en zorg leveranciers aan de juiste beschikbaarheid en het genoegzame aanbod voor welzijn, zorg en ondersteuning passend bij de landelijke lijn. WMO We verwachten dat de komst van het Wijk GGZ-team in Wijchen invloed gaat hebben op het zorggebruik (begeleiding Wmo). Het team werkt preventief en kan daarmee mogelijk (zwaardere) zorg voorkomen. Omdat het team pas in januari startte, kunnen we dat effect alleen nu nog niet meten. Momenteel loopt, met inzet van een ZonMW-subsidie, een onderzoek naar zinvolle dagactiviteiten voor thuiswonende mensen met dementie. We ontwikkelen een uitvoeringsplan dat in het najaar 2022 gereed moet zijn. Geactualiseerd meerjarenperspectief In onderstaande tabel zijn de volledige kosten voor Jeugd en WMO nieuw weergegeven. Bij onderdeel jeugd is de taakstelling ‘Betaalbaarheid van goede zorg’ opgenomen: 6) Tabel: meerjarenperspectief 2d’s x € 1.000 Totaal Begroting 2022
2022
2023
2024
2025
2026
18.270
18.247
18.393
18.534
18.821
14.308
14.339
14.419
14.369
14.563
-226
-226
-226
-226
-226
14.082
14.113
14.193
14.143
14.337
Raming Perspectiefnota 2022: Jeugdzorg 0-meting Betaalbaarheid van goede zorg Jeugdzorg totaal WMO nieuw 0-meting
3.720
3.854
3.910
3.966
4.023
WMO nieuw totaal
3.720
3.854
3.910
3.966
4.023
TOTAAL 2d's Perspectiefnota 2022
17.802
17.967
18.103
18.109
18.360
468
280
290
425
461
Mutatie
Pagina | 13| Perspectiefnota 2022
Bovenstaand verloop betekent voor het structurele perspectief een verbetering van het gehele meerjarenperspectief. Ontwikkelingen / risico’s Daarnaast zijn er een aantal ontwikkelingen die bovenstaand perspectief nog kunnen beïnvloeden: Onduidelijkheid over structurele compensatie vanuit het Rijk Via de algemene uitkering (septembercirculaire 2021) is voor 2022 macro € 1,3 miljard compensatie toegekend voor de aanpak van de jeugdzorgproblematiek en ter dekking van de tekorten op Jeugdzorg die de gemeenten ervaren. Over de compensatie vanaf 2023 is nog geen duidelijkheid. E.e.a. is afhankelijk van de afspraken tussen het Rijk en de VNG die voortvloeien uit de Hervormingsagenda Jeugd. Voor ontwikkelingen over de inkomsten vanuit het Rijk verwijzen we u naar 3.01, thema meicirculaire. Oekraïne We gaan ervan uit dat de huidige Oekraïne crisis een effect gaat hebben op de 2D’s. We vangen vluchtelingen op en verwachten dat hier mogelijk ook een toename van zorgconsumptie op gaat ontstaan. Dit kunnen we nu nog lastig inschatten. Financiële druk door stijgende kosten Een andere opvallende ontwikkeling is de toenemende druk op de bevolking door het duurder worden van onder andere energiekosten en levensmiddelen. Dit zal ervoor zorgen dat meerdere personen en huishoudens onder financiële druk komen te staan. De ervaring leert dat financiële problemen de zorgconsumptie vergroten.
Corona Corona heeft een groot effect gehad op het gebruik van voorzieningen door inwoners. Zo zagen we een groei in zorgvragen bij jongeren en een rem bij gebruik maken van zorg bij volwassenen. De na-ijleffecten van Corona zijn nog lastig in te schatten. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de effecten van uitgestelde jeugdzorg. Wet Wijziging woonplaatsbeginsel Het effect van de Wet wijziging woonplaatsbeginsel is n.a.v. de momenteel bekende gegevens bepaald. Het kan zijn dat er nog verschuivingen plaatsvinden tussen gemeenten. Dit kan diverse redenen hebben. Denk hierbij aan: achterstanden in de administratieve afhandeling, discussies tussen gemeenten, het afsluiten van nieuwe contracten met aanbieders etc. Volgens de laatste berichten vanuit de regionale projectgroep Woonplaatsbeginsel gaat dit voor de regio om een kleine groep jeugdigen. 3.04 WMO Klassiek Binnen de WMO klassiek zijn de individuele voorzieningen opnieuw beoordeeld. We hebben hierbij de gegevens uit de jaarrekening 2021 en de Programmarapportage mei meegenomen. 7)
Tabel: Mutaties in budgetten WMO klassiek.
x € 1.000 Huishoudelijk Hulp in natura WMO PGB WMO vervoer WMO woning WMO hulpmiddelen Huishoudelijke Hulp in natura, eigen bijdrage WMO Algemeen Inzet egalisatiereserve WMO Mutatie
Pagina | 14| Perspectiefnota 2022
2022 0 0 0 0 -168 0 0 168 0
2023
2024
2025
0 0 -19 0 -227 0 0
0 0 -19 0 -266 0 0
0 0 -19 0 -254 0 0
2026 0 0 -19 0 -242 0 0
-246
-285
-273
-261
Bovenstaande mutatie leidt tot een verslechtering van het meerjarenperspectief. In 2022 kan het nadelige resultaat worden afgedekt uit de egalisatiereserve WMO. Huishoudelijke Hulp in natura In september 2021 heeft uw raad ingestemd met een aantal maatregelen om de hulp bij het huishouden in de toekomst betaalbaar te houden. Een van de maatregelen is de introductie van een nieuw normenkader voor de hulp bij het huishouden. Vanaf 1 november 2021 wordt het nieuwe normenkader toegepast. Er is gekozen voor een geleidelijke en zorgvuldige invoering van het nieuwe normenkader in plaats van een versnelde invoering. Op dit moment is er geen aanleiding tot bijstelling op dit onderdeel. Wel wordt er momenteel onderhandeld over de tariefstelling 2022. Zodra de resultaten hiervan concreet zijn, zullen we hierover rapporteren en waar nodig een voorstel doen om de begroting bij te stellen. WMO PGB (HH) Op dit moment is er geen aanleiding tot bijstelling op dit onderdeel. WMO vervoer Het WMO-vervoer is grotendeels ondergebracht bij de DRAN. De financiële effecten daarvan presenteren we in het thema 3.07 Gemeenschappelijke regelingen. Daarnaast is er ook lokaal WMO-vervoer. We zien een toename van de kosten OpStap, doordat MeerVoormekaar de leasecontracten voor de vervoersmiddelen moet vernieuwen en geconfronteerd wordt met nieuwe leaseprijzen.
Ook de hogere brandstofprijzen en de verhoging van de eigen bijdrage bij schades, leiden tot uitzetting van de kosten. Aanname is dat er een herstel van ritten plaatsvindt na corona. WMO-woningaanpassingen Als gevolg van gestegen materiaal- en personeelskosten zien we de uitgaven van woonvoorzieningen fors stijgen. Dit onderdeel is een openeindfinanciering en afhankelijk van het daadwerkelijk aantal aanvragen. Op dit moment is er geen aanleiding tot bijstelling op dit onderdeel. Wmo hulpmiddelen Op het onderdeel hulpmiddelen zien we bij de Jaarrekening 2021 een tekort optreden. Meerdere redenen zijn aan te wijzen voor dit tekort. Op de eerste plaats is er sprake van een versnelde afbouw van de sterfhuisconstructie van oude naar nieuwe aanbieder. Hierdoor betalen wij eerder de hogere tarieven van de nieuwe aanbieder. Verder blijkt het gemiddelde tarief per hulpmiddel hoger te liggen dan waarmee wij gerekend hebben. Daarnaast is er vanuit het Rijk structureel gekort op dit budget via de septembercirculaire 2021, als gevolg van de nacalculatie mobiliteitshulpmiddelen WLZ. De structureel ingeboekte bezuiniging van € 31k in verband met het terugdringen van niet gebruik van scootmobielen en elektrische rolstoelen is als gevolg van corona niet gerealiseerd. In 2022 krijgen we (daarboven op) te maken met nieuwe tegenvallers.
Als gevolg van de inflatie zal de indexering van de tarieven per 1 juni 2022 fors hoger uitkomen (10% in plaats van 2,62% waarmee in de begroting rekening is gehouden). We verwachten door bovenstaande ontwikkelingen een nadeel van € 168k op dit onderdeel in 2022. Dit effect is structureel, dus ook de kostenraming 2023-2026 wordt met voorliggende Perspectiefnota geactualiseerd. Eigen bijdragen
Op dit moment zijn er geen aanleidingen tot bijstellingen op dit onderdeel. WMO algemeen
Op dit moment zijn er geen aanleidingen tot bijstellingen op dit onderdeel.
Pagina | 15| Perspectiefnota 2022
3.05 Bouwleges In onderstaande tabel zijn de geprognosticeerde inkomsten bouwleges in beeld gebracht. 8)
Tabel: opbrengsten bouwleges
x € 1.000 Begroting 2022 Hiervan structureel Hiervan incidenteel Perspectiefnota Hiervan reguliere bouwleges Hiervan project bouwleges Mutatie structureel Mutatie incidenteel
2022
2023
2024
2025
2026
825 375 450
825 375 450
825 375 450
825 375 450
825 375 450
1.100 375 725
825 375 450
825 375 450
825 375 450
825 375 450
0 275
0 0
0 0
0 0
0 0
Uitgangspunt is dat de geraamde kosten en legesinkomsten elkaar vrijwel in evenwicht houden. Er is daarmee geen sprake van overdekking van legesopbrengsten. Momenteel zijn we, mede in het kader van de omgevingswet, de kostenonderbouwing aan het actualiseren. Dit kan leiden tot een voorstel met gewijzigde tarieven vanaf 2023. Hierop komen we in de Begroting 2023 terug. Mede vanwege de versnelde woningbouwopgave voorzien we de komende vijf tot tien jaar hogere opbrengsten bouwleges uit projecten. Voorheen werden deze opbrengsten incidenteel in de begroting opgenomen. Aangezien we deze opbrengsten in het gehele voorliggende meerjarenperspectief voorzien, nemen we de opbrengsten volledig structureel mee. Dit houdt wel een risico in op het moment dat het aantal projecten weer af gaat nemen. Zoals in de Programmarapportage reeds gemeld, voorzien we voor 2022 hogere opbrengsten bouwleges. 3.06 Gemeenschappelijke regelingen In onderstaande tabel is de impact van de ingediende Begrotingen 2023 van de gemeenschappelijke regelingen in beeld gebracht. De impact is gebaseerd op de zienswijzen zoals het college die heeft vastgesteld, welke in juni 2022 in de raad behandeld worden. Voor de toelichting op onderstaande mutaties verwijzen we naar de betreffende stukken die voorliggen in de raad. 9)
Tabel: Totaalbeeld gemeenschappelijke regelingen conform gemeentelijke zienswijze.
x € 1.000
2022
2023
2024
2025
2026
Mutatie MGR, inclusief IRvN (76730) Mutatie ODRN (80394) Mutatie GGD (76786) Mutatie VRGZ (78686) Mutatie GR Munitax Mutatie MARN (76655) Mutatie BVO DRAN (79302) Mutatie Groene Metropoolregio (78063) Mutatie WDW (3.07)
-261 -88 -36 36 -25 -12 0 0 -875
-366 -86 -45 37 -11 0 0 -41 -128
-366 -113 -45 37 -11 0 0 -41 -118
-366 -114 -45 37 -11 0 -47 -41 -283
-366 -101 -45 37 -11 0 -150 -41 -459
Totaal incidentele mutatie GR’en Totaal structurele mutatie GR’en
-875 -386
-640
-657
-870
-1.136
Pagina | 16| Perspectiefnota 2022
De cijfers van de ingediende begrotingen nemen we vanaf 2023 mee als structurele gevolgen op bestaand beleid. De incidentele mutatie van de WDW heeft betrekking op de voorgestelde Begrotingswijziging 2022. Zie hiervoor ook hoofdstuk 3.07. 3.07 Werkorganisatie Druten Wijchen De jaarrekening 2021 is met een goedkeurende accountantsverklaring aangeboden aan de raden. Het negatieve resultaat van € 750k is grotendeels veroorzaakt door een eenmalige uitkering, die pas begin 2022 met het vaststellen van het cao-akkoord bekend is geworden. Daarnaast wordt in het jaarverslag 2021 melding gemaakt van een aantal knelpunten in de WDW-organisatie. Deze worden in de Ontwerpbegroting 2023 bondig als volgt neergezet: ‐ Een krappe formatie die, gegeven de bestuurlijke ambities van twee gemeenten en de ambitie van professionalisering van de organisatie, wordt geconfronteerd met een hoge werkdruk met een risico op oververhitting. ‐ Een verhoogd ziekteverzuim dat -los van Covid in 2020/2021- volgens rapportage van de bedrijfsarts eveneens gerelateerd kan worden aan bovenstaand punt. ‐ Een aantal maatschappelijke ontwikkelingen die leiden tot verhoogde inzet op een aantal gebieden zoals handhaving, veiligheid, externe publieke communicatie en verhoogde aanvragen in het sociaal domein.
‐ Een krappe arbeidsmarkt, waardoor de WDW er moeizaam in slaagt een aantal vacatures in te vullen op specifieke plekken in de organisatie. Dit leidt op zijn beurt tot een verhoogde inhuur van personeel en zet druk op de bestaande personeelsbudgetten. De knelpunten zijn overigens niet nieuw. Ook in de begroting 2022 is melding gemaakt van een krappe formatie. Gegeven de financiële situatie van de gemeenten is er toen voor gekozen niet over te gaan tot uitzettingen. In de eerste Bestuursrapportage 2022 van de WDW komt naar voren dat de knellende formatie financiële gevolgen met zich mee brengt. Het niet realiseren van de taakstelling, inzet van extra personeel om het werk verzet te krijgen en een krappe arbeidsmarkt zorgen ervoor dat de kosten niet binnen de vastgestelde begroting gerealiseerd kunnen worden in 2022. De WDW stelt een begrotingswijziging 2022 voor met een extra bijdrage van € 1.350k. Het aandeel van Wijchen daarin bedraagt volgens de verdeelsleutel € 875k. De werkorganisatie heeft de conceptbegroting 2023 vastgesteld en aangeboden aan de gemeenteraden. In de begroting 2023 is aangegeven geen nieuw beleid op te nemen, zodat dit eerst in de Perspectiefnota’s van Druten en Wijchen integraal kan worden afgewogen. Met name vanwege indexering komt de primitieve begroting 2023 van de WDW hoger uit, dan we in Wijchen opgenomen hebben in de meerjarenbegroting.
De bijstelling hebben we opgenomen in paragraaf 3.06. Om tot een structurele oplossing te komen werkt de WDW een Integraal plan vanaf 2023 uit. Het eerste concept heeft het management/ directie met het bestuur van de WDW besproken. Het bestuur heeft daarbij aangegeven verder in gesprek te willen over de inhoud en mogelijke infasering van het plan. Dat gesprek vindt nog plaats. Om de raden tijdens dit proces mee te nemen, sturen we het eerste concept als bijlage bij deze Perspectiefnota mee en presenteren we de contouren van het plan op 21 juni tijdens de informatieavond. Wanneer het bestuur van de WDW het Integrale plan in concept vaststelt, volgt een zienswijze verzoek richting de gemeenteraden. Op basis van deze zienswijze verwerken we de uitkomst in de Begroting 2023. 3.08 OZB-inkomsten In deze nota gaan we uit van de opgelegde belastingaanslag in 2022, zoals in de rapportage van mei is opgenomen. De opbrengsten OZB worden jaarlijks gecorrigeerd met de bijgestelde prijscompensatie en we nemen een toename van jaarlijks 250
Pagina | 17| Perspectiefnota 2022
woningen t/m 2025 mee, wat per jaar € 76k extra oplevert. We gaan uit van de index percentages uit de meicirculaire. 10) Tabel: Meerjarenperspectief inkomsten OZB.
x € 1.000
index %
2022
2023
2024
2025
2026
Totaal Begroting 2022
9.694
9.955
10.192
10.387
10.586
Basis (rapportage mei) Opbrengst OZB door Toename woningen Index 2023 Index 2024 Index 2025 Index 2026 Perspectiefnota 2022
9.631
9.631
9.631
9.631
9.631
69
140
213
242
289
289 250
289 250 258
9.631
9.989
10.310
10.640
289 250 258 234 10.904
-63
34
118
253
318
3,0% 2,5% 2,5% 2,2%
Mutatie
De mutatie leidt vanaf 2023 tot een voordeel voor het meerjarenperspectief. 3.09
Uitgangspunten tarieven en leges
Reinigingsheffing We verkennen de mogelijkheden om te komen tot de Vang-doelstellingen. Het taakveld afval is altijd een dynamisch dossier, maar de huidige crisis maakt het nog complexer. Wij hebben nog steeds het motto “de vervuiler betaalt” hoog in het vaandel en willen dit verder verankeren in de toekomst. Het Diftar-systeem zetten we in 2023 worden voort, waarbij we de huidige grondslagen van de tarieven in stand houden. Dit betekent dat de systematiek van toerekenen van kosten naar vaste en variabele heffing gehandhaafd blijft, evenals het uitgangspunt van 100% kostendekkendheid. In de jaarrekening 2021 hadden we een positief resultaat op het taakveld afval, dat zullen we betrekken bij de afweging van de begroting 2023. De tariefsverhoging op basis van bestaand beleid bedraagt voor 2023 € 4,50 per aansluiting. Rioolheffing De rioolheffing wordt geheven ter dekking van de kosten van de riolering/watertaak. De Raad heeft besloten om de rioolheffing 100% kostendekkend te maken, inclusief de btwcomponent. Ook voor de rioolheffing gebruiken wij het beginsel de vervuiler betaalt en willen we de huidige grondslagen in stand houden. Op dit moment zijn we bezig met een update van het Rioolbeheerplan en het beleidsplan Riolering en Water (voorheen GRP). Bij de begroting zullen we de effecten van het nieuwe plan vertalen in de heffing.
Hondenbelasting De hondenbelasting in Wijchen is kostendekkend, dit principe willen we handhaven. In 2016 is de beleidsnota hondenbeleid vastgesteld. Bij de tariefbepaling voor 2023 wordt ook het saldo van de reserve hondenbelasting betrokken. Toeristenbelasting De toeristenbelasting is een algemeen dekkingsmiddel. Heffing van de toeristenbelasting geschiedt op basis van aangifte. Voor 2022 zijn de tarieven meer dan trendmatig verhoogd, conform de in 2021 door de gemeenteraad vastgestelde nota Toeristenbelasting. Het tarief voor 2022 is daarmee voor een overnachting € 1,50 en voor een overnachting op een vaste standplaats € 0,75. Daarnaast is, eveneens conform
Pagina | 18| Perspectiefnota 2022
de Beslisnota Toeristenbelasting in het financiële meerjarenperspectief vanaf 2024 rekening gehouden met een extra verhoging van deze tarieven naar respectievelijk € 2,00 en € 1,00. Dit onder voorbehoud van een afweging daarvan door de gemeenteraad bij de behandeling van de begroting 2024 te zijner tijd. We verlenen een vrijstelling voor overnachtingen van scouts die op een scoutingterrein overnachten. Het afgeronde tarief wordt in rekening gebracht, conform raadsbesluit. 11) Tabel: Tarieven toeristenbelasting.
x € 1,Tarief per overnachting Tarief per overnachting op campings / vaste standplaats
2022
2023
2024
2025
2026
€ 1,50
€ 1,50
€ 2,00
€ 2,00
€ 2,00
€ 0,75
€ 0,75
€ 1,00
€ 1,00
€ 1,00
Marktgelden In december 2022 stelt de raad de verordening Marktgelden vast. Als leidraad voor de calculaties gaan we uit van een prijsindex conform meicirculaire van 3,0%, tenzij dit percentage bij de septembercirculaire significant wordt bijgesteld. Daarnaast houden we rekening met de mate waarin de marktgelden kostendekkendheid zijn. Reclamebelasting In Wijchen heffen we reclamebelasting voor het centrumgebied en de bedrijventerreinen Bijsterhuizen en Wijchen-Oost. De reclamebelasting dient ter dekking van specifieke activiteiten van de afgebakende gebieden, welke we via subsidie aan de stichtingen verstrekken. In december 2022 stelt de raad de Belastingverordening vast. We houden bij de vaststelling van de tarieven rekening met verrekeningen over vorige boekjaren. Overige legestarieven In december 2022 stelt de raad de Legesverordening vast. Als leidraad voor de calculaties gaan we uit van een prijsindex conform meicirculaire van 3,0%, tenzij dit percentage bij de septembercirculaire significant wordt bijgesteld. 3.10 Kapitaallasten In onderstaande tabel is op te maken dat de kapitaallasten in 2022 behoorlijk lager uitvallen dan begroot en verder in lijn zijn met de bestaande kapitaallasten uit de Programmabegroting 2022.
Vanwege het later afronden van een aantal geplande investeringen, zoals de renovatie van het kasteel en MFA Batenburg, vallen er in de eerste jaarschijf afschrijvingskosten vrij. 12) Tabel: Effect kapitaallasten inclusief rente.
x € 1.000 Begroting 2022 Perspectiefnota 2022 Saldo Effect Riool- en afvalstoffenheffing
Mutatie toerekenbare rente Mutatie structureel
2022
2023
2024
2025
2026
4.461 4.044 417
4.310 4.512 -202
5.067 5.347 -279
5.183 5.449 -266
5.123 5.451 -329
0
38
43
41
39
-53 364
205 41
283 47
269 44
293 4
Bovenstaande mutatie betekent een verbetering voor het gehele meerjarenperspectief. 3.11 Prijscompensatie In de meicirculaire 2022 zijn de indexen aangepast ten opzichte van de septembercirculaire 2021. We hanteren deze index zowel aan de opbrengstkant (algemene uitkering en leges), als de kostenkant. De mutatie van het index percentage
Pagina | 19| Perspectiefnota 2022
betekent aan de kostenkant een nadeel voor het meerjarenperspectief. Het effect op de batenkant is meegenomen in 3.01 meicirculaire. We passen de budgetten vanaf het komende jaar conform regulier beleid aan. Dit jaar nemen we daarnaast voor het huidige jaar 2022 een stelpost op van € 1.000k voor met name hogere bouwkosten in de lopende projecten en het Ibor. In hoofdstuk 6 nemen we het overzicht van de grote investeringen mee, met bedragen die nog niet met de huidige prijsontwikkeling zijn bijgesteld. Vooruitlopend op aangepaste inschattingen nemen we in het meerjarenperspectief een stelpost op voor hogere afschrijvingskosten als gevolg van gestegen bouwkosten. Motie ‘Prijscompensatie bij subsidies’ Bij het vaststellen van de Begroting 2022 heeft de raad een motie aangenomen, waarbij het college opgeroepen wordt in kaart te brengen welke subsidies geïndexeerd worden en criteria voor de toekomst te formuleren. We hanteren in principe al jaren de nullijn voor indexatie van subsidies, waarbij er bij budgetsubsidies wel gekeken wordt naar reële vergoedingen passend bij de subsidiabele activiteiten. Dit heeft dan ook in een aantal gevallen geleid tot bijstelling van de subsidie. Specifiek voor de subsidies aan de bibliotheek en het museum is bij de Programmabegroting 2018 besloten structureel te indexeren.
Zeker gezien de huidige prijsontwikkelingen stellen we voor een deel van de subsidies te gaan indexeren. We onderkennen in onze subsidieverordening vier verschillende subsidies. -
Normsubsidie is uitgezonderd voor structurele indexatie: dit kan beter periodiek via de subsidieregeling worden geregeld, waarbij we op dat moment beoordelen of de normbedragen nog voldoen; Projectsubsidie is uitgezonderd voor structurele indexatie: dit betreft een incidentele subsidie. Dus geen structurele/ cumulatieve prijscompensatie van toepassing; Waarderingssubsidie is uitgezonderd voor structurele indexatie: dit betreft ook een incidentele subsidie. Dus geen structurele/ cumulatieve prijscompensatie van toepassing; De budgetsubsidie stellen we hiermee centraal bij de uitvoering van deze motie. Dit is een subsidie met een structureel karakter. (Zie ASV Artikel 1, lid j voor precieze definitie)
We gaan daarbij niet over op automatisch indexeren, maar beoordelen bij het vaststellen van een meerjarige budgetsubsidies de (hoogte van) de indexatie. We kiezen voor maatwerk per subsidieaanvraag. Het kader voor het te hanteren indexpercentage is maximaal het indexpercentage uit de meicirculaire, opgebouwd voor 75% uit de component loonvoet en 25% uit het percentage bruto binnenlands product. Subsidie aanvragen toetsen we op de gehanteerde index en als daarbij blijkt dat indexeren gerechtvaardigd is, nemen we het financiële effect hiervan mee als kostenuitzetting in de begroting. 13) Tabel: Effect prijs indexatie t.o.v. septembercirculaire 2021.
x € 1.000 Index Programmabegroting 2022 Index Meicirculaire 2022 Mutatie index Mutatie structureel Stelpost grote projecten Totaal mutatie structureel
Pagina | 20| Perspectiefnota 2022
2022
2023
2024
2025
2026
1,5% 3,4% 1,9%
1,6% 3,0% 1,4%
1,9% 2,5% 0,6%
1,6% 2,5% 0,9%
1,6% 2,2% 0,6%
-1.000 0 -1.000
-994 -75 -1.069
-1.398 -315 -1.713
-2.191 -338 -2.529
-3.095 -345 -3.440
3.12 Kostenuitzettingen In hoofdstuk 9 zijn de structurele uitzettingen ten opzichte van de Begroting 2022 opgenomen op bestaand beleid. In hoofdstuk 13 geven we een overzicht van gewenst nieuw beleid, dat we bij de Begroting 2023 integraal willen afwegen. 14) Tabel: Structurele mutaties.
Hfst. 9 13
x € 1.000 Budgetmutaties structureel Nieuw beleid structureel
2022 21 0
2023 -35 Pm
2024 -123 Pm
2025 -100 Pm
2026 -103 Pm
Bovenstaande mutatie betekent een verslechtering van het gehele meerjarenperspectief.
Pagina | 21| Perspectiefnota 2022
Incidenteel meerjarenperspectief In onderstaande tabel is het incidenteel meerjarenperspectief weergeven vanaf de begroting 2022. Vanwege de stelselwijziging op de financiering van het IBOR, nemen we de doorlopende groenprojecten uit 2020 hier op. Voorheen werd dit vanuit de voorziening bekostigd. Na de stelselwijziging brengen we deze kosten ten laste van de egalisatiereserve groen. Dit nemen we hier technisch op, zodat we daar een begrotingswijziging van kunnen maken. Nieuw beleid voor 2022, plus wat daarvan doorloopt in 2023, is meegenomen. Nieuw gewenst beleid vanaf 2023 wegen we af bij de Begroting. Voorbeelden hiervan vindt u terug in hoofdstuk 13. Voor een nadere onderbouwing van onderstaande posten, verwijzen we u naar hoofdstuk 11. In hoofdstuk 12 geven we een totaaloverzicht van alle incidentele posten, inclusief de eerder vastgestelde onderwerpen. 15) Tabel: Incidenteel perspectief.
X € 1.000
2022
2023
2024
2025
2026
Programmabegroting 2022-2025
-453
-249
-21
-8
0
Amendementen
-10
0
0
0
0
-463
-249
-21
-8
0
12
0
0
0
0
-875
0
0
0
0
-31 0 0 0
0 -10 -15 -15
0 0 0 0
0 0 0 0
0 0 0 0
-21
-8
0
Vertrekpunt Perspectiefnota 2022 Effecten Programmarapportage Mei 2021 (hoofdstuk 10) Verhoogde winstneming Bijsterhuizen (4 milj) Winstneming Bijsterhuizen naar algemene res
2.500 -2.500
Perspectiefnota 2022 WDW (3.07) Onontkoombaar (hoofdstuk 11) Plaatsvervangend griffier Regionale adaptatiestrategie Baggerplan Opstellen Woonvisie Nieuw beleid (hoofdstuk 11) Nader onderzoek bestrijding leegstand in het centrum en rol horeca. Kindregeling toegankelijk maken voor kinderen van Oekrainse vluchtelingen Duurzaam bomenbestand Knelpunten geluid wegverkeer Professionalisering beheer MFA's Formatie- uitbreiding juridisch advies WMO, Jeugd en gezondheid Straatcoaches Bibob beleid Cameratoezicht centrum Dekking uit stelpost programmabegroting 2022 Toekomstbestendige warenmarkt Wijchen Onderzoek inwonerspas plus Onderzoek Alverna Heumenseweg Optimalisatie beheer openbare parkeergarages Saldo
Pagina | 22| Perspectiefnota 2022
-15 -11 -20 -13 -17
-22 -20
-33 -42 -3 -12 40 -15 -15 -25 -8 -1.574
-331
Corona Ten tijde van opstellen van deze nota zijn alle maatregelen vanwege corona komen te vervallen. Wel hebben we nog steeds te maken met de gevolgen van de coronacrisis. We beperken ons in deze rapportage alleen tot de financiële gevolgen van corona voor Wijchen. In totaal hebben we verspreid over 2020 en 2021 bijna € 3 miljoen aan compensatie ontvangen voor de financiële gevolgen van corona. Voor een groot deel hebben we dat in die jaren ook ingezet. In onderstaand overzicht laten we zien wat we t/m 2021 besteed hebben en welke bedragen reeds gealloceerd zijn voor besteding in 2022. 16) Tabel: ontvangsten en uitgaven Corona Ontvangen compensatie corona (Bedragen x € 1.000) Saldo 2020 egalisatiereserve corona Steunpakket 3 (decembercirculaire) Steunpakker 4 (maartcirculaire) Amendement raad maatschappelijke organisaties Resultaatbestemming jaarrekening 2020 Subsidieregeling Corona Toegangsbewijzen Wijchen 2021 Septembercirculaire 2021 Decembercirculaire 2021 Totaal coronamiddelen
Uitgaven 2021 (Bedragen x € 1.000) Subsidieregeling Corona Toegangsbewijzen Wijchen 2021 Bijzondere bijstand cadeaukaarten TONK Verkiezingen Jeugdbeleid Begeleiding kwetsbare groepen (AMW) Eenzame ouderen Zorg continuïteit Huur SWT (Corona) Blije Dries Bijdrage outdoor volleybalveld Structuurversterking van economie (inclusief de vrijetijdseconomie) en werkgelegenheid.
733 462 513 87 330 106 496 198 2.925
2021 106 60 78 108 64 19 78 202 15 20 5
SALDO 2021 Egalisatiereserve corona
40 59 50 55 16 20 45 8 30 1.847
Gealloceerd 2022 (Bedragen x € 1.000) Re-integratie Bijzondere bijstand Cultuur transformatieplan Jeugdbeleid (restant 4e steunpakket maartcirc 2021) Algemeen maatschappelijk werk Eenzame ouderen Buurt- en dorpshuizen Compensatie lokale cultuur
2022 141 66 129 93 72 16 19 198
Vrijval schuldhulpverlening, niet benodigd Aanbouw toiletgroep/keuken bij Dorpshuis 't Ballegoyke Vergaderkosten raad Maatschappelijke organisaties Klaar voor de Start Lagere kermisopbrengsten Compensatie lokale cultuur Zwembad
Pagina | 23| Perspectiefnota 2022
Structuurversterking van economie (inclusief de vrijetijdseconomie) en werkgelegenheid. Maatschappelijke organisaties Podiumkunsten jeugd Hulpvragen ondernemers Vergaderkosten raad Mozaïek 2021 Totaal gealloceerd 2022 Nog te besteden corona compensatie
155 39 10 70 15 45 1.068 779
In bovenstaande opstelling maken we inzichtelijk dat we in 2021 € 1.847k middels de egalisatiereserve corona compensatie meenemen ter besteding in 2022. De vervolgtabel 2022 laat zien welke budgetten we al gelabeld hebben, op basis van de decembercirculaire en niet volledig bestede budgetten 2021.
Pagina | 24| Perspectiefnota 2022
MIO (Meerjaren Investerings Overzicht) Met dit MIO geven we inzicht in de financiële aspecten van de grote projecten binnen de gemeente Wijchen. Vooral de afdekking van nog niet gedekte projecten, die een keuze noodzakelijk maken in prioritering van projecten, is van belang. Gedekte projecten. Onderstaande tabel geeft een overzicht van door de raad geaccordeerde projecten, die in 2022 lopen. Vervolgens nemen we de projecten op in deze tabel, de in voorbereiding zijn, maar waarvoor kredietaanvragen nog door de raad dienen te worden vastgesteld. 17) Tabel: (MIO) Meerjaren Investerings Overzicht (x € 1.000)
Nr. 1.
3.
Projectnaam MFA Batenburg Ontwikkeling Hernen/Bergharen Renovatie Kasteel
4.
Ver-nieuwbouw PRO college
3.012
3.012
Totaal lopende projecten
9.262
9.262
Hart van Zuid Ontwikkeling Wijchen West, inclusief school Westwijzer Fietspad Balgoij Batenburg
11.000
11.000
Afgedekt door kapitaallasten
7.000
7.000
Afgedekt door kapitaallasten
750
750
Afgedekt door kapitaallasten
240
240
Afgedekt door kapitaallasten
500
500
Algemene reserve 2021 en 2022
765
765
2.
5. 6. 7. 8.
Begroot 2.950
Gedekt 2.950
Financieringsbron Afgedekt door kapitaalslasten
500
500
2.800
2.800
Afgedekt door kapitaallasten Afgedekt door kapitaallasten
Incidenteel perspectief 2016-2017
10.
Fietspad Ravensteinseweg Revitalisering bedrijventerrein oost Aanpassing Maaswaal college
11.
Verduurzamen Mozaïek
5.240
0
12.
Ontwikkeling MFA Hernen
3.000
3.000
Afgedekt door kapitaallasten Kapitaallasten, (deels) afgedekt door lagere nutskosten en subsidie Afgedekt door kapitaallasten
13.
Ver/nieuwbouw zwembad
4.079
4.079
Nog te bepalen
32.574
27.334
9.
Totaal projecten in opstart
Gewenste projecten Wensen van het college en wensen en opdrachten van de Raad houden de bestuurlijke wereld dynamisch. We blijven dan ook de komende jaren werken aan ideeën en wensen waar nu nog geen concrete besluitvorming over heeft plaatsgevonden. In de begroting 2022 hebben we structurele ruimte gereserveerd om projecten te bekostigen. In bovenstaande tabel is dit ingevuld met de projecten 5 t/m 13. Deze lichten we hieronder kort toe. Bovenstaande bedragen van de projecten in opstart zijn inschattingen, nog voor de huidige prijsontwikkeling die in 2022 gaande is. Vooruitlopend op aangepaste inschattingen nemen we in het meerjarenperspectief een stelpost op voor hogere afschrijvingskosten als gevolg van gestegen bouwkosten. Zie hiervoor 3.11. 5. Ontwikkeling MFA Hart van Zuid (inclusief nieuwbouw Zuiderpad) Aanleiding: de voorzieningen in het centrum een impuls geven, nieuwe huisvesting voor school, heeft prioriteit in IHP-onderwijs. Geraamde investering: € 11.0 miljoen Status: gebiedsvisie is opgesteld, een voorbereidingskrediet voor het vervolg is aangevraagd.