CConstaterende datwijchen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1: Notitie Besluitvorming criteriasets en weging Wijchense visie voor wind- en zonne-energie

Raad openbaar Wijchen 30 mei 2024, gemeente wijchenBij agendapunt: 241973 Beslisnota Criteria Visie op wind- en zonne-energie Wijchen11.378 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

NOTITIE

Onderwerp Project Opdrachtgever Projectcode Status Datum Referentie Auteur(s)

Gecontroleerd door Goedgekeurd door

Besluitvorming criteriasets en weging Wijchense visie voor wind- en zonne-energie Gemeente Wijchen 141191 Definitief 02 14 mei 2024 141191/24-006.985 L.F. de Visser-Bleijenberg MSc M.F.B. van der Werf MSc M.F.B. van der Werf MSc

Paraaf

Bijlage(n)

I

Aan

Gemeente Wijchen -

Kopie

Verslag raadpleging Bea Schouten

In deze notitie presenteren we u de criteriasets waar u een besluit over neemt. Dit zijn criteriasets voor de beoordeling van gebieden voor wind- en zonne-energie in een multicriteria-analyse. In hoofdstuk 1 wordt ingegaan op de aanleiding en relevantie van de visie. In hoofdstuk 2 leest u het gemeentelijke beleidskader. In hoofdstuk 3 de resultaten van de raadpleging van bewoners, bedrijven en overige stakeholders, waarvan in bijlage I een uitgebreid verslag is opgenomen. In hoofdstuk 4 introduceren we u de Wijchense milieukaart. In hoofdstuk 5 leest u hoe vanuit de raadpleging criteria zijn voortgekomen en introduceren we de criteriasets. In hoofdstuk 6 leest u hoe het proces er na uw besluit uit ziet om te komen tot een visie op wind- en zonne-energie in de gemeente Wijchen.

1

INTRODUCTIE

De energietransitie is in volle gang. Om de doelen van het Klimaatakkoord te halen heeft Nederland met Europa afgesproken om in 2030 minimaal 55 % minder broeikasgassen uit te stoten. Dit wordt onder andere bereikt met energiebesparing, zonnepanelen en windturbines. Het laaghangende fruit is voor een groot deel geplukt waardoor de verduurzaming van onze energievoorziening steeds uitdagender wordt. Daar komt bij dat het elektriciteitsnet vol raakt wat het aansluiten van extra zonnepanelen bemoeilijkt. Dit wordt ook gemerkt in Wijchen. De duurzame energieopwekking bestaat nu nog voor het overgrote deel uit zonne-energie op daken en zonnepark Kampbroek. Daarnaast zijn er plannen voor zonnepark Bankhoef en energiepark Bijsterhuizen. Zonne-energie zorgt echter voor een grote piek in het elektriciteitsnet midden op de dag als de zon schijnt, waardoor het net snel vol zit. Wijchen heeft nu samen met de andere

Witteveen+Bos Raadgevende ingenieurs B.V. Leeuwenbrug 8 | Postbus 233 | 7400 AE Deventer | +31 (0)570 69 79 11 | www.witteveenbos.com | KvK 38020751

gemeenten in de regio het verzoek gekregen van de RES-regio om te kijken of de verhouding tussen zonneenergie en windenergie verbeterd kan worden. Daarom onderzoekt Wijchen de mogelijkheden voor duurzame energie in de gemeente in de gebieden die als mogelijk geschikt uit een regionaal plan-MER onderzoek zijn gekomen. Vanwege een inpassingsplan voor het windpark A50, in een van die mogelijk geschikte gebieden, waarover de provincie bevoegd gezag is en op moet reageren, is de urgentie groot. Wijchen heeft tot de zomer om te beleid te komen, daarna zal de provincie gaan beslissen over het inpassingsverzoek. Wijchen wil de regie zelf in handen houden en daarom een visie opstellen (met een multicriteria-analyse als basis). Deze visie beschrijft waar wind- en zonne-energie passend is, aan welke voorwaarden initiatiefnemers van grootschalige zonne- en windenergieprojecten moeten voldoen en welke rol de gemeente neemt bij wind- en zonneparken. In de afgelopen maanden is uitgezocht wat inwoners en belanghebbende organisaties belangrijk vinden (stap 1). In dit document wordt u geïnformeerd over welke criteria uit de raadpleging naar voren zijn gekomen, en hoe deze worden gebruikt in de multicriteria-analyse, stap 2. In afbeelding 1.1 is het proces richting de visie visueel weergegeven.

Afbeelding 1.1 Overzicht van de processtappen

2

KADER GEMEENTELIJK BELEID

Allereerst is binnen de gemeentelijke werkorganisatie onderzocht welke voorwaarden de huidige beleids- en visiestukken van de gemeente al stellen aan wind- en zonne-energie. Deze vormen een belangrijk kader voor de ontwikkeling van wind- en zonne-energie in de gemeente.

2 | 19

Witteveen+Bos | 141191/24-006.985 | Definitief 02

2.1

Duurzame energie

Lokale Energiestrategie (LES) De Lokale Energiestrategie (LES) Wijchen is een update van het Energieplan Samen duurzaam naar Wijchen uit 2018. Deze update was nodig vanwege nieuwe nationale en internationale doelen (herziening Klimaatwet, Europese Green Deal) en problemen rondom netcongestie. Wijchen volgt het landelijke doel van 55 % CO2reductie in 2030 ten opzichte van het niveau in 1990, en CO 2-neutraal in 2050. De LES dient als een routekaart om deze doelen te bereiken. Het beschrijft een gemeente-specifiek verhaal en beschrijft hoe de gemeente om zal gaan met ontwikkelingen die op ons afkomen. Hierbij wordt inzicht geboden in de huidige situatie, de mogelijke routes en een voorkeursroute om de CO2-doelstellingen te behalen. Uit de analyse van de huidige situatie blijkt dat Wijchen nog niet veel CO2-reductie heeft bereikt ten opzichte van het niveau in 1990. De huidige afspraken en ontwikkelingen zijn niet genoeg om de doelen voor 2030 en 2050 te behalen. Om die doelen te behalen is duurzame energie nodig. Het gat tussen de huidige afspraken en energieneutraliteit in 2050 is naar schatting 1.185 TJ. Als enkel zonne- en windenergie de opgave van 1.185 TJ zouden vervullen met een gelijke verdeling tussen zon en wind, zijn ongeveer 9 grote windmolens en 80 hectare aan zonnevelden en zon op dak nodig.

De gemeente kan de problemen op het gebied van netcongestie verminderen door in te zetten op een goede combinatie van zonne- en windenergie. De gemeente sluit voor haar toekomstige duurzame energieplannen aan bij landelijk beleid, waaronder de landelijke normen voor geluid en veiligheid. Deze normen zijn onderbouwd met wetenschappelijk onderzoek en beschermen de leefomgeving tegen ongewenste effecten. Daarnaast vindt de gemeente het belangrijk om milieu volwaardig mee te nemen in haar visie. Hiervoor gebruikt zij het onafhankelijke regionale planMER dat namens de Groene Metropoolregio (GMR) Arnhem-Nijmegen in 2023 is uitgevoerd in het kader van de RES. Gedragscode windenergie In het afgelopen najaar en winter is de Gedragscode Windenergie Wijchen geëvalueerd. In deze evaluatie is gesproken over het opnemen van de belangrijkste pijlers uit de gedragscode als onderdeel van de Wijchense visie voor wind en zon. Daarnaast wordt benoemd dat duurzame energie opgenomen moet worden in het participatiebeleid van de gemeente en dat de landelijke gedragscode voor windenergie mogelijk passend is. Specifiek voor de beleidsvisie duurzame opwekking wordt vanuit de evaluatie geadviseerd: - neem regels op voor participatie.

Denk hierbij aan: · het opnemen van duidelijke kaders over bijvoorbeeld een doelstelling; · het meenemen van een zo breed mogelijke groep inwoners; · streef naar acceptatie waarbij bewoners het belang van duurzame energie zien en dit af kunnen wegen tegen de effecten; · de omarming van de gedragscode door omwonenden; - beschrijf de rol die de gemeente wil vervullen in duurzame energieprojecten: · voorkom grondspeculatie met bijvoorbeeld de Wet Voorkeursrecht of gesocialiseerde grondvergoeding; · ontwikkel zelf parken of voer een maatschappelijke tender uit; · denk na over hoe communicatie vormgegeven moet worden; - beschrijf de gewenste samenwerking met de provincie in de visie: · beschrijf de gewenste rolverdeling tussen gemeente en provincie; · denk na hoe omgegaan wordt met het maatwerk dat de concept landelijke AMvB mogelijk maakt; · denk na over hoe de gemeente om wil gaan met de provinciale windladder; - beschrijf de inspanningsverplichting rondom financiële participatie: · wie kan er participeren? · welke maatschappelijke doelen kunnen bereikt worden? · in welke mate kan men participeren?

3 | 19

Witteveen+Bos | 141191/24-006.985 | Definitief 02

-

borg de belangen van natuur en landschap, kijk hierbij naar wat landelijke organisaties zoals de Natuur en Milieufederatie en NedZero adviseren.

Zonnevisie In 2020 hebben gemeenten Wijchen en Druten een Beleidsvisie voor zonne-energie opgesteld. In deze visie wordt beschreven welke gebieden onder welke voorwaarden in aanmerking kunnen komen voor zonnepanelen of een zonneveld. Hierin is het grondgebied van de gemeente in vijf klassen verdeeld: 1 gebouwgebonden zonnepanelen op daken en gevels mag; 2 grond- of watergebonden zonnepanelen binnen stedelijk gebied mag, hiervoor is beperkte landschappelijke inpassing nodig; 3 grond- of watergebonden zonnepanelen nabij bestaand stedelijk gebied mag niet, behalve als er door bewoners initiatief wordt genomen. Dit bewijst dat het geaccepteerd wordt door de nabije omgeving; 4 grond- of watergebonden zonnepanelen in het buitengebied mag, behalve als ze niet passen bij de schaal en de maat van het landschapstype of afbreuk doen aan omgevingskenmerken; 5 grond- of watergebonden zonnepanelen nabij de rivierduinen mag niet, behalve als er specifieke omstandigheden zijn. Binnen de klassen is ruimte voor maatwerk. Landelijke aanscherping zonneladder In december 2023 hebben het Rijk, Interprovinciaal Overleg, Vereniging van Nederlandse Gemeenten, Unie van Waterschappen en Netbeheer Nederland besloten dat zonne-energie in landbouwgebied lager in de voorkeursvolgorde komt te staan.

De overheden hebben in het bestuursakkoord afgesproken te gaan sturen langs de volgende vier treden voor de opwek van zonne-energie zoals al opgenomen in de NOVI voorkeursvolgorde zon: Trede 1: Zonnepanelen op daken en gevels Trede 2: Onbenutte terreinen in bebouwd gebied Trede 3: Onbenutte terreinen in landelijk gebied Trede 4: Landbouw- en natuurgronden De afspraak is gemaakt om daarbij trede 1 t/m 3 van de zonne-ladder te stimuleren en zo slim mogelijk te combineren met ruimtelijke en maatschappelijke opgaven. Het nakomen van de RES-afspraken blijft daarbij het uitgangspunt. Er zijn uitzonderingen mogelijk voor zonne-energie op landbouwgrond (trede 4): a) de slimme combinatie van een zonnepark met een agrarische functie (agri-PV), b) gronden in transitie of die minder geschikt zijn voor landbouwgrond, en c) als het een oplossing biedt voor netcongestie dan wel bijdraagt aan efficiënter gebruik van het elektriciteitsnetwerk. Provincie Gelderland werkt aan het vastleggen van deze regels in haar Omgevingsverordening. Dit heeft ook consequenties voor de zonnevisie van gemeenten Wijchen en Druten: de voorwaarden voor klasse 4 van de zonnevisie zijn aangescherpt.

2.2

Cultuurhistorie

‘Samen in verscheidenheid’ is de beleidsnota cultuurhistorie voor de gemeenten Beuningen, Wijchen, Heumen en Druten. Het doel van de nota is het versterken van de positie van cultuurhistorie binnen ruimtelijke ordening, toeristisch-recreatief beleid en erfgoededucatie. Een groot deel van de gemeente Wijchen is aangewezen als cultuurhistorisch waardevol. Voor een ruimtelijke ontwikkeling is het verplicht om onderzoek te doen naar de cultuurhistorische waarden van een gebied, en hoe de ontwikkeling deze beïnvloed. Deze onderzoeken worden beoordeeld door ambtenaren en experts.

4 | 19

Witteveen+Bos | 141191/24-006.985 | Definitief 02

2.3

Landschap en natuur

Beleidsplan Natuur en Biodiversiteit gemeente Wijchen (2020) In 2020 heeft de gemeente Wijchen een Beleidsplan Natuur en Biodiversiteit laten opstellen. In het plan wordt beschreven hoe de gemeente om wil gaan met dit thema, wat de gemeente wil bereiken, waarom de gemeente zich hiervoor inzet en hoe dat vormgegeven gaat worden. Het beleidsplan stelt vijf speerpunten op. Deze zijn: 1 transitie naar ecologisch beheer; 2 biodiversiteit als integraal duurzaamheidsthema; 3 natuurlijke bestrijding overlastgevende soorten; 4 versterken groenblauw netwerk; 5 stimuleren van initiatieven en samenwerking. Vooral speerpunt 2 is relevant voor het ontwikkelen van wind- en zonne-energie. Er liggen namelijk kansen in het combineren van biodiversiteit en zonne-energie, als er bij de aanleg van een zonnepark rekening wordt gehouden met doorlating van licht en regenwater en ecologisch beheer van het terrein. In de gemeentelijke zonnevisie is opgenomen dat landschappelijke inpassing verplicht is en dat door het aanleggen van natuur- en landschapselementen een ecologische meerwaarde verkregen moet worden. Landschapsontwikkelingsplan Beuningen, Druten en Wijchen (2006) In samenwerking met gemeenten Druten en Beuningen heeft de gemeente Wijchen onderzoek gedaan naar belangrijke karakteristieken van het landschap.

Hierin is onderzocht hoe het huidige landschap in elkaar zit, en waar het landschap nog versterkt moet worden. Er wordt onderscheid gemaakt tussen de rivierduinen, oude oeverwallen, het kommenlandschap en de uiterwaarden. In de landschapsvisie die op basis van dit onderzoek is opgesteld zijn landschappelijke randvoorwaarden opgenomen voor de ontwikkeling van windmolens: - windenergie is belangrijk, maar heeft ook veel invloed op het landschap; - windmolens moeten bijdragen aan de landschapsstructuur en identiteit van het landschapstype. Uitgangspunt hierbij is dat windmolens niet passen in kleinschalige landschappen; - met het plaatsen van windmolens ontstaat er een nieuwe laag in het landschap. Als deze laag aansluit bij belangrijke richtingen in het gebied is dit het minst verstorend en vormt ze van veraf een markante lijn. Windmolens in een rij van west naar oost kunnen in dit rivierengebied de lengterichting van het landschap benadrukken. Dit is het meest geschikt in het grootschalige kommenlandschap; - de locatiekeuze moet ook regionaal passen; - met een beeldkwaliteitsstudie moeten ruimtelijke effecten worden onderzocht.

2.4

Gebruik door Defensie

Defensie heeft twee gebieden binnen de gemeente die gebruikt worden door Defensie. In deze gebieden moet getoetst worden of een plan niet belemmerend werkt voor het gebruik. Laagvliegroute VO In het westen van de gemeente loopt een laagvliegroute voor training. Deze laagvliegroute wordt zo’n 20 uur per jaar gebruikt. Deze route is uitgezet aan de hand van punten met een buffer eromheen. Laagvlieggebied GLV9 Dit laagvlieggebied, eveneens aan de westkant van de gemeente, wordt gebruikt door Defensie om te oefenen met laagvliegen. Defensie verwacht dat het aantal helikopterbewegingen in de laagvlieggebieden structureel toeneemt en heeft daarom de behoefte dat de juridisch-planologische status van deze gebieden beter geborgd is. In het onderzoeksvoorstel voor het Nationaal Programma Ruimte voor Defensie benoemt Defensie concreet dat Laagvlieggebied Maas-Waal qua omvang een geschikt gebied is voor laagvliegen, mits er niet een groot

5 | 19

Witteveen+Bos | 141191/24-006.985 | Definitief 02

deel afvalt door onder andere windmolens. Dit wil Defensie bereiken door een strenger juridischplanologisch regime voor ruimtelijke ontwikkelingen. In het regionale plan-MER is beschreven dat de hoogtebeperkingen in de wet nog niet zo duidelijk zijn geformuleerd dat er verwacht wordt dat er een nee, tenzij principe van toepassing is. Het nieuwe milieuonderzoek van Defensie en de aanwijzing van Defensie als nationaal belang maakt dat in de visie uitgegaan wordt van een nee, tenzij principe voor het laagvlieggebied. Over de laagvliegroute VO wordt in het onderzoeksvoorstel niet gesproken. Dit gebied blijft in de ja, mits categorie vallen.

Afbeelding 2.1 Overzichtskaart van het laagvlieggebied GLV9 Maas en Waal en laagvliegvliegroute VO

2.5

Autonome ontwikkelingen

Sinds 2020 werkt de gemeente aan plannen voor de uitbreiding van bedrijventerrein Bijsterhuizen. Eind 2023 is een concept ontwerp-omgevingsplan opgesteld, waar nader onderzoek naar gedaan wordt. Rond dit bedrijventerrein wordt ook sinds 2020 gewerkt aan een energiepark met onder andere drie windmolens en mogelijk een zonnepark. Daarnaast bouwt gemeente Wijchen ook 3.000 woningen. Dit gebeurt grootschalig met de plannen Huurlingsedam, Tussen Kasteel en Wijchens Meer, Wijchen West, Kraanvogel, Kerkenweide en Balgoij-West. Deze ontwikkelingen worden gezien als autonome ontwikkeling en de gebieden worden niet meer onderzocht als mogelijk geschikt gebied voor wind- of zonne-energie.

3

RESULTATEN RAADPLEGING

Uitgangspunt voor de raadpleging van bewoners, berdrijven en overige stakeholders is amendement 1, horende bij de openbare raadsvergadering van 1 februari 2024. Hiermee is opdracht gegeven om naar

6 | 19

Witteveen+Bos | 141191/24-006.985 | Definitief 02

criteria te zoeken voor ten minste zeven thema’s: goede ruimtelijke ordening (onder de Omgevingswet wordt dit een evenwichtige toedeling van functies aan locaties genoemd), toekomstvastheid, leefomgeving, belastbaarheid van het gebied voor omwonenden, natuur, landschappelijke inpassing en financiële participatie van direct aanwonenden. Deze thema’s zijn voorgelegd aan bewoners, bedrijven en professionele stakeholders. Een interpretatie van de thema’s en een verslag van de raadpleging is opgenomen in bijlage I.

3.1

Raadpleging bewoners

Tijdens twee bewonersavonden en met een vragenlijst is aan bewoners gevraagd wat zij belangrijk vinden bij het ontwikkelen van grootschalige zonne- en windenergie. In onderstaande paragrafen worden de belangrijkste uitkomsten kort opgesomd. Uitkomsten bewonersavonden - bewoners spreken uit bezorgd te zijn over de impact die windmolens hebben op hun gezondheid en de leefomgeving. Effecten van geluid en slagschaduw worden benoemd; - bewoners spreken uit bezorgd te zijn om de impact die windmolens hebben op het landschap en de natuur. Vanwege de kwetsbare status van de natuur in Nederland adviseren ze om natuurgebieden vooraf uit te sluiten. Ze vragen verder om het landschap goed mee te nemen. Er zijn veel beschermde landschapselementen aanwezig zoals de Eendenkooi en stads- en dorpsgezichten. Daarnaast heeft het landschap recreatieve waarde; - efficiënt gebruik van ruimte is belangrijk voor bewoners. Energieopwekking moet bij voorkeur in de buurt van snelwegen en industrie. Wel vinden bewoners dat de opeenstapeling van overlast in overweging genomen moet worden; - bewoners willen zo vroeg mogelijk geïnformeerd worden over een initiatief, en betrokken worden bij de behandeling.

Uitkomsten vragenlijst - 79 % van de vragenlijstinvullers ziet mogelijkheden voor windenergie in de gemeente Wijchen; - 73 % van de vragenlijstinvullers ziet mogelijkheden voor zonne-energie; - bewoners zijn blij dat de gemeente voorwaarden onderzoekt, en roepen op om bij een project te kijken naar draagvlak in de omgeving; - 66 % van de vragenlijstinvullers geeft de voorkeur aan één project op één plek, zodat de overlast ook op één plaats blijft; - 66 % van de vragenlijstinvullers geeft de voorkeur aan een plek waar al veel geluid is, zoals bij industrie of wegen; - 56 % van de vragenlijstinvullers vindt wind- of zonne-energie het beste passen in het landschap bij snelwegen; - 57 % van de vragenlijstinvullers vindt wind- of zonne-energie het beste passen bij industrie; - 53 % van de vragenlijstinvullers vindt dat het geld dat verdiend wordt met de windmolens, moet worden uitgegeven aan de leefbaarheid in de gemeente; - 58 % en 61 % van de vragenlijstinvullers vindt het belangrijkst dat er afstand gehouden wordt tot woningen, en dat overlast wordt tegengegaan, maar geven tegelijkertijd aan dat natuur en landschap niet vergeten moet worden.

3.2

Raadpleging bedrijven, ondernemers en professionele stakeholders

Bedrijven, ondernemers en professionele stakeholders1 is gevraagd wat zij belangrijk vinden bij een plan voor duurzame energie. In bijlage I is hier een volledig verslag van te vinden. Belangenorganisaties voor natuur en landschap zijn actief benaderd, maar hebben tot op heden nog geen input geleverd. De komende periode wordt geprobeerd nog wel input op te halen. 1

Met de professionele stakeholders worden ZLTO, Liander, Windunie, Energie Samen bedoeld.

7 | 19

Witteveen+Bos | 141191/24-006.985 | Definitief 02

De meest aangedragen punten zijn: - de problemen op het elektriciteitsnet zijn belemmerend voor de werkzaamheden en ambities van bedrijven en ondernemers. Het is lastig voor een bedrijf uit te breiden, omdat een netaansluiting niet altijd mogelijk is. Daarnaast is het niet altijd mogelijk om energie van zonnepanelen terug te leveren waardoor investeringen niet uitkunnen; - bedrijven, ondernemers en professionele stakeholders hebben interesse in lokale afname. Dit is de aanleg van een elektriciteitskabel direct naar een bedrijf dat veel energie gebruikt; - grootverbruikers van energie belasten het elektriciteitsnet. Lokale afname door grootverbruikers zorgt ervoor dat capaciteit voor afname vrijkomt. Dit creëert mogelijk ruimte op het elektriciteitsnet voor woningbouw; - bedrijven en ondernemers roepen op om te reflecteren op de Gedragscode. In het verleden werkte dit erg vertragend; - bedrijven roepen op om de landelijke normen te hanteren; - de koppeling van zon en wind wordt gezien als belangrijk; - professionele stakeholders onderschrijven het belang van alternatieve oplossingen voor een netaansluiting. Door netcongestie is een ‘gewone’ netaansluiting niet altijd mogelijk; - bedrijven, ondernemers en professionele stakeholders vinden draagvlak essentieel. Met financiële participatie kan mogelijk draagvlak vergroot worden.

Bedrijven en ondernemers zien mogelijkheid om te investeren. Daarnaast kan draagvlak gecreëerd worden met voorwaarden over afstanden tot woningen en regels rondom slagschaduw en verlichting; - zonnevelden zijn lastig aansluitbaar, en gebruiken ruimte inefficiënt.

4

MILIEUKAART WIJCHEN

Startpunt van het onderzoek naar geschiktheid van gebieden is de uitkomst van het onafhankelijke planMER voor de RES-regio GMR Arnhem-Nijmegen. In dit milieuonderzoek is onderzocht welke gebieden niet geschikt, mogelijk geschikt en geschikt zijn voor wind- en zonne-energie. Tijdens de bewonersavonden en in gesprekken met de ambtelijke organisatie zijn verschillende criteria naar voren gekomen die kunnen worden gebruikt om het in 2023 uitgevoerde regionale plan-MER aan te vullen met Wijchense milieu-informatie. Daarnaast heeft de Commissie mer advies op het regionale plan-MER uitgebracht en aangegeven dat de effecten van wind en zon op het landschap en natuur in de regio nog onvoldoende gedetailleerd zijn onderzocht (Commissie mer, 2023. Kenmerk: 3679). De ingebrachte informatie uit de raadpleging is gebruikt om de regionale milieukaart aan te vullen met Wijchense informatie. De beoordeling van gebieden op deze kaart is samengevat in de begrippen ‘Geschikt’, ‘Mogelijk geschikt’, en ‘Niet geschikt’. De betekenis van deze begrippen is in tabel 4.1 uitgelegd.

Tabel 4.1 Tabel met uitleg van de termen ‘Geschikt’, ‘Mogelijk geschikt’ en ‘Niet geschikt’ Term

Uitleg

Geschikt

Een windpark of zonneveld in dit gebied is vanuit milieu kansrijk om verder te verkennen. Er worden vanuit milieu beperkt negatieve effecten verwacht.

Mogelijk geschikt

Een windpark of zonneveld in dit gebied zal naar verwachting negatieve milieueffecten veroorzaken. Nader onderzoek moet laten zien of maatregelen genomen kunnen worden om effecten te verminderen en dit gebied geschikt te maken.

Niet geschikt

Een windpark of zonneveld in dit gebied zal naar verwachting sterk negatieve milieueffecten veroorzaken. Maatregelen om effecten te verminderen zijn maar beperkt inzetbaar, deze gebieden zijn weinig kansrijk.

8 | 19

Witteveen+Bos | 141191/24-006.985 | Definitief 02

Uitsluiting van Gelders Natuurnetwerk In het regionale plan-MER zijn niet alle gebieden van het Gelders Natuurnetwerk uitgesloten voor de opwek van duurzame energie. Voor een deel van het Gelders Natuurnetwerk heeft de provincie in haar omgevingsbeleid namelijk opgenomen dat hier geen windmolens kunnen komen, behalve onder strikte voorwaarden (mogelijk geschikt). Voor sommige gebieden in het netwerk laat de provincie ruimte, omdat de natuurkwaliteit in die gebieden niet zo goed is en omdat ze in provinciale voorkeursgebieden voor duurzame energie liggen, zoals bijvoorbeeld langs snelwegen (geschikt). In de raadpleging is door bewoners en ambtenaren genoemd dat duurzame energie in Gelders Natuurnetwerk in Wijchen niet wenselijk is (zie paragraaf 2.3 en 3.1). Dit komt omdat er weinig natuurnetwerk is, en de kwaliteit verslechtert. Daarom is het belangrijk om het Gelders Natuurnetwerk te beschermen en wordt wind- en zonne-energie in het hier uitgesloten (niet geschikt, zie afbeelding 4.1). De groene ontwikkelingszone wordt niet bij voorbaat uitgesloten.

Afbeelding 4.1 Overzichtskaart met Gelders Natuurnetwerk. Daarnaast is ook de Groene ontwikkelingszone opgenomen, dit gebied komt overeen met de Wijchense plannen voor de Ecologische Hoofdstructuur of het Groenblauwe netwerk

Omgang met laagvlieggebied In paragraaf 2.4 is beschreven dat de activiteiten van Defensie in laagvlieggebied Maas en Waal naar verwachting intensiveren. De beoordeling van het effect van windenergie op het laagvlieggebied Maas en Waal wordt daarom aangepast naar mogelijk geschikt (zie afbeelding 2.1). Voor zonne-energie wordt geen effect verwacht, dit gebied wordt niet uitgesloten.

9 | 19

Witteveen+Bos | 141191/24-006.985 | Definitief 02

Omgang met cultuurhistorie Tijdens de bewonersavonden is aangegeven dat de Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed (RCE) een richtafstand van 1,8 km aanhoudt tot beschermde dorps- en stadsgezichten Wijchen, Leur en Batenburg (zie afbeelding 4.2). Het RCE adviseert om binnen dit gebied nader onderzoek uit te voeren naar effecten van windenergie op de cultuurhistorische waarde van een beschermd stads- of dorpsgezicht. Daarnaast is in gemeente Wijchen het Parapluplan Cultuurhistorie van kracht. In dit parapluplan is geïnventariseerd welke cultuurhistorische waarden in de gemeente beschermt moeten worden. Voor ruimtelijke ontwikkelingen in het gebied waar het parapluplan geldt moet onderzoek plaatsvinden naar de effecten van duurzame energie op cultuurhistorische waarden. Deze twee aspecten zijn voor een regionale afweging niet in beeld gebracht, en worden daarom toegevoegd op de Wijchense kaart. De zone van 1,8 km rondom de dorps- en stadsgezichten krijgt de beoordeling ‘geschikt’, omdat met landschappelijke inpassing goed rekening gehouden kan worden met zichtlijnen en cultuurhistorische waarden. Bij concrete projecten dient dit onderzocht te worden. Daarnaast is een zone van 753 m rondom het centrum van Eendenkooi Batenburg aangemerkt als afpalingsrecht. In deze zone mogen geen activiteiten plaatsvinden die de functie van de Eendenkooi Batenburg kunnen belemmeren.

Deze zone, die deels buiten het GNN-gebied valt, wordt aangemerkt als ‘mogelijk geschikt’. Het deel van de zone binnen het GNN-gebied is uitgesloten.

Afbeelding 4.2 Overzichtskaart cultuurhistorisch elementen

Aanpassing zonneladder Voor zonne-energie zijn de aangescherpte landelijke regels rondom zonne-energie doorgevoerd in de Wijchense milieukaart. Zonne-energie in landbouw- en natuurgebied komt lager in de voorkeursvolgorde te staan (mogelijk geschikt).

10 | 19

Witteveen+Bos | 141191/24-006.985 | Definitief 02

Milieukaarten gemeente Wijchen In onderstaande afbeeldingen 4.3 en 4.4 zijn de aanpassingen aan de regionale milieukaart doorgevoerd. Dit levert een milieukaart op die rekening houdt met de lokale situatie in Wijchen en de uitkomsten van de raadpleging. Afbeelding 4.3 geeft weer welke gebieden geschikt en mogelijk geschikt zijn voor windmolens. Het uitgangspunt is een ashoogte van 120 m. Bij grotere windmolens zal de ruimte die geschikt of mogelijk geschikt is waarschijnlijk afnemen, omdat bijvoorbeeld een grotere afstand tot woningen nodig is om te voldoen aan de geluidsnormen. Op afbeelding 4.4 is te zien welke gebieden mogelijk geschikt zijn voor zonnevelden. Sommige gebieden worden niet onderzocht en zijn daarom ook niet beoordeeld. Dit zijn gebieden waar gebouwen en infrastructuur aanwezig zijn. Fysiek is de ruimte al in gebruik, en vanuit wetgeving gelden hier regels voor de veiligheid. In deze gebieden kan hierdoor geen vergunning aangevraagd worden. Voor zonne-energie zijn geen gebieden als geschikt aangemerkt. De aangescherpte zonneladder en problemen met netcongestie maken dat er meer onderzoek gedaan moet worden voordat de gebieden geschikt genoemd kunnen worden.

Afbeelding 4.3 Wijchense milieukaart voor windenergie (gebaseerd op een windmolen met ashoogte van 120 m en tiphoogte van 180m)

11 | 19

Witteveen+Bos | 141191/24-006.985 | Definitief 02

Afbeelding 4.4 Wijchense milieukaart voor zonne-energie

5

BEPALEN CRITERIASETS EN MCA

Bij het opstellen van een visie voor zon en wind komen veel belangen kijken. Het is op de meeste plekken niet mogelijk om geen effecten te veroorzaken. Daarom is een afweging nodig. Een MCA is een manier om objectief gebieden te onderzoeken en te wegen aan de hand van criteria. De uitkomst is een gewogen beoordeling van verschillende zoekgebieden voor windenergie en zonne-energie. Vanuit de raad is meegegeven dat in de visie aandacht besteed moet worden aan een zevental onderwerpen (zie bijlage I). Deze onderwerpen komen zoveel mogelijk terug in de criteriasets. Sommige criteria, onderwerpen of voorwaarden die benoemd werden door bewoners, de gemeente, stakeholders of de raad komen niet terug in de MCA. Dat komt omdat deze voorwaarden geen ruimtelijke component hebben. Deze voorwaarden worden later toegevoegd in de visie. In hoofdstuk 6 wordt hier nader op ingegaan. De criteriasets zijn van toepassing op zonne-energie en windenergie. Vanuit de raadpleging is geen duidelijk onderscheid naar voren gekomen in criteria voor windenergie ten opzichte van criteria voor zonne-energie. Wel worden soms andere afstanden aangehouden, doordat de beleving van het landschap door windenergie over een grotere afstand kan worden beïnvloed dan voor zonne-energie.

12 | 19

Witteveen+Bos | 141191/24-006.985 | Definitief 02

Tabel 5.1 Woordenlijst Woord

Uitleg

multicriteria-analyse (MCA)

een methode die helpt om beslissingen te nemen. Verschillende criteria krijgen een weging en aan de hand hiervan worden alternatieven, in dit geval gebieden, gerangschikt

criterium

regel waar een gebied op beoordeeld wordt

criteriaset

verzameling van criteria. Gezamenlijk vormen de criteria de input voor de MCA

weging

het belang dat een criterium meekrijgt

5.1

Werkwijze MCA

In afbeelding 5.1 is de werkwijze voor de MCA schematisch weergegeven. In de MCA worden gebieden onderzocht waar duurzame energie opgewekt kan worden. Dit startpunt zijn gebieden die op de Wijchense milieukaart een beoordeling ‘mogelijk geschikt’ en ‘geschikt’ hebben gekregen. Gebieden die een groene kleur hebben gekregen zijn kansrijker. In stap 1 wordt de Wijchense milieukaart verdeelt in zoekgebieden die zich concentreren in en om de groene vlekken. Dit zijn de kansrijke gebieden waar de MCA zich op richt. Ook gele gebieden (mogelijk geschikt) rondom deze vlekken worden onderzocht. Door meer ruimte te bieden in een zoekgebied kan later een betere afweging gemaakt worden voor precieze locaties van duurzame energie. In het plaatje bij stap 1 (zie afbeelding 5.1) is deze stap indicatief weergegeven. De grijze gebieden (niet geschikt) en gebieden die niet op de kaart zijn ingekleurd worden niet onderzocht. In stap 2 van de MCA wordt berekend per gebied wat het effect is van de criteria die de raad vaststelt. Dit effect wordt vertaald in een score, deze scores worden met de weging bij elkaar opgeteld (stap 3). Hiermee ontstaat een voorkeursvolgorde van gebieden (stap 4). De gebieden die hoog scoren, passen het beste bij de visie van de gemeente.

Afbeelding 5.1 Schematisch, indicatief overzicht van de MCA-stappen

5.2

Twee criteriasets met verschillende ruimtelijke uitkomsten

Tijdens de raadpleging is naar voren gekomen dat het allerbelangrijkste thema voor bewoners is dat de leefbaarheid gewaarborgd wordt. Om dit thema een plek te geven binnen de criteriasets worden twee opties aangedragen:

13 | 19

Witteveen+Bos | 141191/24-006.985 | Definitief 02

-

afstand houden tot woningen of woonkernen; het combineren van duurzame energie met industrie en snelweg; plekken waar al overlast is.

Deze twee opties vormen de basis van de criteriasets die in paragrafen 5.2.1 en 5.2.2 worden toegelicht. Bewoners vinden leefomgeving het belangrijkste thema, en zien dat graag ingevuld met een criterium waarin afstand tot woningen of woonkernen onderzocht wordt. Bedrijven geven aan dat ze graag windenergie opwekken op hun terreinen, maar dat dit toch ook in de buurt van woonkernen is. Bewoners geven daarnaast ook aan dat energie opgewekt moet worden in gebieden waar energie verbruikt wordt. Deze twee opties liggen aan de basis van de twee criteriasets en geven een grove tweedeling in typen gebieden weer die in aanmerking kunnen komen voor duurzame energie: gebieden in het buitengebied waarbij effecten verwacht kunnen worden op het landschap, en gebieden bij industrie en snelwegen waarbij effecten verwacht kunnen worden op grotere groepen omwonenden. De criteriasets in paragrafen 5.2.1 en 5.2.2 sturen met hun weging op een prioritering van deze gebieden.

5.2.1

Criteriaset 1: opwek bij gebruik en infrastructuur

Criteriaset 1 geeft invulling aan leefbaarheid door opwek te combineren met gebieden waar al veel verstoring is. In de buurt van industrieterreinen en snelwegen is al veel geluidbelasting, waardoor het omgevingslawaai beperkt toeneemt. Daarnaast wordt het landschap al onderbroken door grootschalige verstoringen, waardoor extra verstoring de beleving minder aantast. Opwek in de buurt van gebruikers geeft ook invulling aan goede ruimtelijke ordening. Industrie en infrastructuur maakt veel gebruik van energie, waardoor de functie bij het gebied past. Met deze keuze kunnen gebieden met natuurwaarden, gebieden waar het landschap beleefbaar is, en gebieden waar stilte verstoord kan worden door windmolens ontzien worden. In criteriaset 1 krijgen gebieden die dicht bij (grootschalig) energiegebruik en infrastructuur liggen de hoogste weging (3). Ook een efficiënt energiesysteem, waarbij wind en zon samen opgewekt worden, krijgt deze weging. Gebieden waar bekende waarden aanwezig zijn in het buitengebied krijgen een weging 2. Dit zijn huidige natuurgebieden, gebieden met veel biodiversiteit en landschappen. Overige genoemde criteria vanuit de raadpleging krijgen een weging 1. Uitleg tabel In tabellen 5.2 en 5.3 worden de twee criteriasets toegelicht. In kolom ‘weging’ wordt aangegeven hoeveel prioriteit het criterium krijgt.

Dit is in 3 klassen verdeelt: een weging 1, weging 2 en weging 3. Binnen een klasse tellen alle criteria vergelijkbaar mee. Kolom ‘thema’ laat zien onder welk onderwerp het criterium valt. Hierin komen de onderwerpen terug die door de raad in amendement 1 zijn vastgesteld. In kolom ‘criterium’ is het criterium beschreven. Hierin wordt een object of gebied benoemd, eventueel een toetsingsafstand en een manier van kwantificeren. In kolom ‘argument’ wordt toegelicht waar dit criterium vandaan komt en waarom het belangrijk is om te onderzoeken. Hierin wordt ook verwezen naar de raadpleging of het beleid van gemeente Wijchen.

Tabel 5.2 Criteriaset 1: opwek bij gebruik en infrastructuur Weging

Thema

Criterium

Argument

3

Leefomgeving, goede ruimtelijke ordening

Percentage zoekgebied binnen 400 m van industrie, spoor of snelweg

Bewoners geven aan dat er een koppeling moet zijn van windmolens en zonnevelden met al sterk verstoorde gebieden zoals industrie of snelweg. Dit past ook in het Landschapsontwikkelplan waarin eerder al zoekgebieden rondom snelwegen zijn aangewezen. Een beleefbare koppeling kan alleen op het moment dat de windmolens of zonnevelden direct aansluiten aan industrie of infrastructuur. Dit is vertaald naar een vuistregel van 400 m.

14 | 19

Witteveen+Bos | 141191/24-006.985 | Definitief 02

Weging

Thema

Criterium

Argument

3

Participatie

Aantal grootverbruikers binnen 2 km

Bewoners geven aan dat de lusten en lasten van duurzame opwek bij grootverbruikers moeten vallen. Dit zijn bijvoorbeeld bedrijven die interesse kunnen hebben in lokale afname van stroom. Ondernemers geven aan interesse te hebben in lokale afname. Dit kan alleen als een grootverbruiker zich in de nabije omgeving van een windpark of zonneveld bevindt. Dit is vertaald naar een vuistregel van 2 km.

3

Goede ruimtelijke ordening

Percentage zoekgebied dat voor zowel wind als zon geschikt is

Bewoners geven aan dat ze graag op één plek zowel zonne- als windenergie opgewekt willen zien. Op deze manier is de totale hinder lager. Daarnaast biedt het mogelijkheden voor cable pooling en efficiënter ruimtegebruik. Dit is ook benoemd in de raadpleging.

3

Belastbaarheid van het gebied

Aantal grote ruimtelijke ontwikkelingen binnen 2 km van het zoekgebied

Vanuit de gemeente en bewoners bestaat de wens om te voorkomen dat er veel grote ontwikkelingen in korte tijd in één gebied plaatsvinden. Om dit te toetsen wordt een vuistregel van 2 km gehanteerd.

2

Leefomgeving

Aantal woningen binnen 45 dB geluidscontour (voor wind) of aantal woningen binnen 500 m (voor zon) per hectare zoekgebied

In dit criteriaset wordt prioriteit gegeven aan gebieden die al sterk verstoord zijn. Dit betekent niet dat er geen rekening gehouden kan worden met woningen. Dit kan bijvoorbeeld door het kiezen van gebieden waar toch zo min mogelijk woningen aanwezig zijn binnen korte afstand. Voor bewoners is een maximaal geluidsniveau van 45 dB een belangrijke wens voor windenergie. Voor zonnevelden wordt een vuistregel van 500 m aangehouden.

2

Natuur

Percentage van het zoekgebied dat binnen 400 m van natuurgebied ligt

Bewoners zien graag dat de natuur zo min mogelijk verstoord wordt. Verstoring van natuur kan over grotere afstanden plaatsvinden. Hiervoor wordt een richtafstand van 400 m aangehouden.

2

Natuur

Percentage zoekgebied dat overlapt met een hoog of middelhoge score op de natuurpuntenkaart

Volgens bewoners en het Beleidsplan natuur en biodiversiteit moet er worden gelet op het effect van energieopwekking op biodiversiteit. Voor het beleidsplan is een natuurpuntenkaart voor de gemeente Wijchen ontwikkeld, waarin de mate van biodiversiteit in de gemeente getoond wordt. In gebieden met een hoge biodiversiteit is het effect van energieopwekking op soorten waarschijnlijk groter.

2

Landschap

Percentage zoekgebied dat is aangewezen als cultuurhistorisch waardevol gebied met een hoge waardering.

De gemeente heeft een culturele waarderingskaart ontwikkeld die gebruikt wordt voor het toetsen van de impact van ontwikkelingen op cultuurhistorie. In een gebied met een hoge cultuurhistorische waardering is het effect van windmolens of zonnevelden op cultuurhistorische waarden waarschijnlijk groter.

2

Landschap

Percentage zoekgebied binnen open landschap, bij stedelijk of industrieel gebied of gebied langs infrastructuur

In het Landschapsontwikkelingsplan van Wijchen wordt beschreven dat alleen in het grootschalige open landschap de schaal van het landschap passend is voor windturbines. Daarnaast is in een gebied met een hoog stedelijk of industrieel karakter of langs snelwegen de beleving van het landschap dermate aangetast dat hier minder grote effecten verwacht worden. Voor zonnevelden wordt hierbij aangesloten om een koppeling van zonne- en windenergie mogelijk te maken.

1

Natuur

Percentage zoekgebied dat is aangewezen als Groene ontwikkelingszone

De Groene ontwikkelingszone, ecologische hoofdstructuur of het groenblauwe netwerk verbindt gebieden van het natuurnetwerk. Bewoners geven aan dat ze graag zien dat er geïnvesteerd wordt in ecologische verbindingen.

1

Leefbaarheid

Aantal meters fiets- of wandelroutes van waar het windpark of zonneveld dominant zichtbaar is,

Bewoners geven aan dat de natuur en het buitengebied een belangrijke recreatieve functie hebben, en dat ze zorgen hebben dat dit kan worden verstoord.

15 | 19

Witteveen+Bos | 141191/24-006.985 | Definitief 02

Weging

Thema

Criterium

Argument

samen met het percentage zoekgebied dat een recreatieve waarde heeft 1

5.2.2

Landschap

Aantal beschermde dorpsof stadsgezichten binnen 1,8 km

Bewoners maken zich zorgen over het zicht op beschermde dorps- of stadsgezichten. De 1,8 km is een RCE-norm die ook door bewoners en ambtenaren genoemd werd.

Criteriaset 2: opwek landelijk op afstand

Criteriaset 2 geeft invulling aan leefbaarheid door zo veel mogelijk afstand te houden tot woonkernen en huizen. Door bewoners is in de raadpleging veelvuldig aangegeven dat de wens bestaat om 1 km afstand aan te houden tot woonkernen en woningen. Hiermee wordt invulling gegeven aan de zorgen die in de samenleving leven rondom geluid en slagschaduw, en de verandering van de directe omgeving van inwoners. Dit betekent wel dat opwek van duurzame energie plaats vindt in het buitengebied. Hier bevinden zich natuurwaarden, is het landschap behouden gebleven, en wordt gerecreëerd. Door veel rekening te houden met de leefomgeving, kan minder rekening gehouden worden met overige waarden. In dit criteriaset is gekozen om gebieden te ontzien waar vanuit duurzame opwek zichtbaar of beleefbaar zal zijn. Dit geldt voor woonkernen en woningen (weging 3), en gebieden waar gerecreëerd wordt (weging 2). Ook waarden die in de directe omgeving van woonkernen liggen kunnen beschermd worden (beschermde dorps- en stadsgezichten, weging 2). Waar mogelijk kan in de overgebleven gebieden nog gekozen worden voor een gebied met de minste impact op het landschap en de natuur, of de beste koppelkansen voor lokale afname. Deze criteria worden met weging 1 meegenomen.

Tabel 5.3 Criteriaset 2: opwek landelijk op afstand Weging

Thema

Criterium

Argument

3

Leefomgeving

Aantal woonkernen binnen 1 km per hectare zoekgebied

Bewoners geven aan dat ze het liefst zo veel mogelijk rekening houden met de leefomgeving. Ze stellen voor om een afstand aan te houden tot woonkernen om de leefbaarheid goed te houden.

3

Leefomgeving

Aantal woningen, zorginstellingen en onderwijsinstellingen binnen 1 km per hectare zoekgebied

Bewoners geven aan dat er afstand aangehouden moet worden tot woningen, zorginstellingen en onderwijsinstellingen. Een ander veelgenoemd criterium is een geluidsnorm van 45 dB. In de afstand van 1 km wordt ook al rekening gehouden met deze afstand, daarom is dit niet als apart criterium opgenomen.

3

Belastbaarheid van het gebied

Aantal grote ruimtelijke ontwikkelingen binnen 2 km van het zoekgebied

Vanuit gemeente en omwonenden bestaat de wens om te voorkomen dat er veel grote ontwikkelingen in korte tijd in één gebied plaatsvinden. Om dit te toetsen wordt een vuistregel van 2 km gehanteerd.

2

Goede ruimtelijke ordening

Percentage van het zoekgebied dat voor zowel wind als zon geschikt is

Bewoners geven aan dat ze graag op één plek zowel zonne- als windenergie opgewekt willen zien. Op deze manier is de totale hinder lager. Daarnaast biedt het mogelijkheden voor cable pooling en efficiënter ruimtegebruik. Dit is ook benoemd in de raadpleging.

16 | 19

Witteveen+Bos | 141191/24-006.985 | Definitief 02

Weging

Thema

Criterium

Argument

2

Leefbaarheid

Aantal meters fiets- of wandelroutes van waar het windpark of zonneveld dominant zichtbaar is, samen met het percentage zoekgebied dat een recreatieve waarde heeft

Bewoners geven aan dat de natuur en het buitengebied een belangrijke recreatieve functie hebben, en dat ze zorgen hebben dat dit kan worden verstoord.

2

Landschap

Aantal beschermde dorps- of stadsgezichten binnen 1,8 km

Bewoners maken zich zorgen over het zicht op beschermde dorps- of stadsgezichten. De 1,8 km is een RCE-norm die ook door bewoners en ambtenaren genoemd werd.

1

Natuur

Percentage van het zoekgebied dat binnen 400 m van natuurgebied ligt

Bewoners zien graag dat de natuur zo min mogelijk verstoord wordt. Verstoring van natuur kan over grotere afstanden plaatsvinden. Hiervoor wordt een richtafstand van 400 m aangehouden.

1

Natuur

Percentage van het zoekgebied dat overlapt met een hoog of middelhoge score op de natuurpuntenkaart

Volgens bewoners en het Wijchense beleidsplan natuur en biodiversiteit moet er worden gelet op het effect van energieopwekking op soorten. Voor het beleidsplan is een natuurpuntenkaart voor de gemeente Wijchen ontwikkeld, waarin de mate van biodiversiteit in de gemeente getoond wordt. In gebieden met een hoge biodiversiteit is het effect van energieopwekking op soorten waarschijnlijk ook groter.

1

Landschap

Percentage zoekgebied binnen open landschap, bij stedelijk of industrieel gebied of gebied langs infrastructuur

In het Landschapsontwikkelingsplan van Wijchen wordt beschreven dat alleen in het grootschalige open landschap de schaal van het landschap passend is voor windturbines. Daarnaast is in een gebied met een hoog stedelijk of industrieel karakter of langs snelwegen de beleving van het landschap dermate aangetast dat hier minder grote effecten verwacht worden. Voor zonnevelden wordt hierbij aangesloten om een koppeling van zonne- en windenergie mogelijk te maken.

1

Natuur

Percentage zoekgebied dat is aangewezen als Groene ontwikkelingszone

De Groene ontwikkelingszone, ecologische hoofdstructuur of het groenblauwe netwerk verbindt gebieden van het natuurnetwerk. Bewoners geven aan dat ze graag zien dat er geïnvesteerd wordt in ecologische verbindingen.

1

Landschap

Percentage zoekgebied dat is aangewezen als cultuurhistorisch waardevol gebied

De gemeente heeft een culturele waarderingskaart ontwikkeld die gebruikt wordt voor het toetsen van de impact van ontwikkelingen op cultuurhistorie. In een gebied met een hoge cultuurhistorische waardering is het effect van ontwikkelingen op cultuurhistorische waarden waarschijnlijk groter.

1

Participatie

Aantal grootverbruikers binnen 2 km

Bewoners geven aan dat de lusten en lasten van duurzame opwek bij grootverbruikers moeten vallen. Dit zijn bijvoorbeeld bedrijven die interesse kunnen hebben in lokale afname van stroom. Ondernemers geven aan interesse te hebben in lokale afname. Dit kan alleen als een grootverbruiker zich in de nabije omgeving van een windpark of zonneveld bevindt. Dit is vertaald naar een vuistregel van 2 km.

6

VERDERE PROCES

In afbeelding 6.1 is nogmaals een visueel overzicht van het proces opgenomen. U besluit in deze raadsvergadering over een criteriaset en haar weging (stap 2). Met de door u gekozen criteriaset worden door middel van een multicriteria-analyse (MCA) gebieden objectief vergeleken. Dit gebeurt in stap 3. Deze

17 | 19

Witteveen+Bos | 141191/24-006.985 | Definitief 02

vergelijking vormt input voor de visie voor wind- en zonne-energie in de gemeente Wijchen. Over deze visie besluit u in de zomer (stap 4).

Afbeelding 6.1 Overzicht van de processtappen

Inhoud van de visie Volgens planning ligt in de raadsvergadering van 2 juli de Visie op wind- en zonne-energie ter besluitvorming voor. Deze visie bevat in ieder geval de volgende onderdelen: MCA Nadat uw raad een criteriaset heeft gekozen wordt hiermee in de Visie op wind- en zonne-energie een MCA uitgevoerd. Deze MCA levert een geografische afbakening van één of meerdere voorkeursgebieden voor wind- en zonne-energie op. Voorwaarden voor wind- en zonne-energie in Wijchen De criteriasets waar u vandaag over besluit, worden gebruikt om gebieden af te wegen. In de raadpleging zijn ook criteria genoemd die algemeen geldend zijn. De visie omschrijft welke voorwaarden de gemeente stelt (of eventueel nader gaat onderzoeken en uitwerken) bij ontwikkelingen op het gebied van grootschalige opwek. Denk aan voorwaarden ten aanzien van: - procesparticipatie; - financiële participatie; - lokaal eigendom; - maatregelen voor minder impact (zoals stilstand tijdens slagschaduw); - landschappelijke inpassing; - de regierol van de gemeente. Na de visie worden deze voorwaarden uitgewerkt in een kader. Opgave In de visie komt een goede afbakening van de opgave in op te wekken wind- en zonne-energie (zon op land en zon op dak). Dit wordt uitgedrukt in benodigde MW per periode, met een doorkijk naar 2050. De Lokale

18 | 19

Witteveen+Bos | 141191/24-006.985 | Definitief 02

Energiestrategie (LES) dient hiervoor als basis. Gekeken wordt onder andere naar het aantal windparken, de omvang en de tijdsplanning. Ook wordt aanvullend ingegaan op de mogelijkheden voor kleine windmolens en zonnepanelen op geluidsschermen. Regierol gemeente Wijchen Het is voor de gemeente belangrijk om de regie te pakken ten aanzien van de ontwikkeling van grootschalige opwek om voorwaarden, zoals bijvoorbeeld lokaal eigendom of participatie, aan ontwikkelingen te kunnen stellen. Het verdient aanbeveling om in navolging van de visie onderzoek te verrichten en een kader (een ‘Green Deal’) op te stellen waarin de voorwaarden voor ontwikkelingen worden uitgewerkt. Op deze manier borgt de gemeente Wijchen dat de regie blijft behouden.

19 | 19

Witteveen+Bos | 141191/24-006.985 | Definitief 02

I BIJLAGE: VERSLAG RAADPLEGING Uitgangspunt van de raadpleging is het amendement van de gemeente. Hierin vraagt de raad om ten minste 7 thema’s mee te nemen in het onderzoek: belastbaarheid van het gebied, natuur, participatiemogelijkheden, leefomgeving, landschappelijke inpassing, toekomstvastheid en een goede ruimtelijke ordening. Deze thema’s gaan voor een deel over vergelijkbare criteria, en zijn samengevat in 5 onderwerpen die als basis dienen voor het onderzoek.

Introductie onderzochte onderwerpen Voor de raadpleging zijn de onderwerpen die door de raad in het amendement zijn vastgesteld geïnterpreteerd. In onderstaande paragrafen is opgeschreven hoe de onderwerpen zijn geïnterpreteerd en terugkomen in de raadpleging. Goede ruimtelijke ordening Goede ruimtelijke ordening gaat om een gedegen onderbouwing van de wijziging van een planologische functie. Onder de Omgevingswet wordt dit principe ‘een evenwichtige toedeling van functies aan locaties’ genoemd. De nieuwe functie van een gebied moet bij de overige functies passen die al in een gebied aanwezig zijn. Er zijn geen concrete criteria waaraan de goede ruimtelijke ordening getoetst kan worden. In literatuur komen onderstaande onderzoeken terug als onderbouwing van een goede ruimtelijke ordening: - functionele inpasbaarheid; is het (milieu-)technisch wenselijk en haalbaar; - doel van de ruimte; past de nieuwe functie bij de planologische functies van de omgeving, nu en in de toekomst (toekomstvastheid); - ruimtelijk rendement; gaat de nieuwe ontwikkeling efficiënt om met de ruimte die beschikbaar is. Leefomgeving Duurzame energie heeft invloed op de leefomgeving. Door geluid, slagschaduw en lichtschittering kunnen omwonenden hinder ervaren van windparken en zonnevelden.

In gebieden waar al veel hinder is, kan hinder de leefbaarheid verder onder druk zetten (belastbaarheid van het gebied). In gebieden waar weinig hinder is, kan de impact als erg groot ervaren worden. Natuur Natuur kan hinder ervaren van duurzame energie. Windturbines kunnen vogels verstoren doordat ze geluid en slagschaduw produceren en de openheid van het landschap visueel verstoren. Daarnaast veroorzaken windturbines slachtoffers onder vogels en vleermuizen door aanvaring en onder vleermuizen door drukverschillen (barotrauma). Het bouwen van windturbines of zonnevelden in natuurgebieden zorgt verder ook voor oppervlakteverlies. Deze effecten kunnen gecompenseerd worden door natuurontwikkeling waardoor de natuur elders een impuls krijgt en biodiversiteit behouden blijft. Duurzame energie kan ook een drager zijn van natuurontwikkeling. Zonnevelden kunnen ruimte bieden voor nieuwe natuur in intensief beheert agrarisch gebied. Dit verhoogt de biodiversiteit. Windenergie beperkt overig gebruik van een gebied. Ook dit kan de natuurkwaliteit van een gebied vergroten. Landschap Landschappelijke inpassing verkleint de impact die een windpark of zonneveld heeft op de omgeving. Voor windparken en zonnevelden kan met een opstelling aangesloten worden bij een landschappelijke structuur als een snelweg of verkavelingspatroon. Landschappelijke inpassing gaat uit van een situatie waarin het

Witteveen+Bos | 141191/24-006.985 | Bijlage I | Definitief 02

huidige landschap behouden en versterkt moet worden. Naast inpassing kan gekeken worden naar aanpassing of transformatie. Aanpassing gaat over een ontwikkeling die aansluit bij de huidige identiteit van een landschap, maar op structuurniveau wijzigingen of aanvullingen voorziet. De ontwikkeling heeft duidelijk invloed. Bij transformatie ontstaat er een compleet nieuwe toekomst voor een gebied, op basis van nieuwe kwaliteiten, structuren en kenmerken. Dit kan wenselijk zijn bij een gebied dat haar huidige functie zal verliezen, en waar een nieuwe functie voor gezocht moet worden. Participatie en meerwaarde Participatie is een breed begrip met verschillende invullingsmogelijkheden. In het onderzoek richten we ons op: - participatie bij het uitwerken van het initiatief, hierbij houden we de Wijchense Participatieladder als uitgangspunt aan; - maatschappelijke meerwaarde, hoe de lasten en lusten van duurzame energie aan elkaar verbonden worden. Een van de mogelijkheden hiervan is financiële participatie van direct aanwonenden.

Uitkomsten vragenlijst In de vragenlijst zijn vragen gesteld die ons inzicht geven in wat Wijchenaren belangrijk vinden, en hoe Wijchenaren zouden kiezen tussen twee uitersten. Deze informatie wordt gebruikt om de raad te adviseren over de weging van criteria. De open vragen geven extra informatie over te onderzoeken criteria. De conclusies uit de vragenlijst zijn in onderstaande paragrafen beschreven. De vragenlijst is ook ingevuld door bewoners uit buurgemeenten. In totaal hebben we 306 ingevulde vragenlijsten ontvangen. De meeste indieners zijn afkomstig uit Batenburg (39), Hernen (47) en Wijchen (96). In afbeelding I.1 is een visuele samenvatting van de resultaten die in onderstaande paragrafen worden beschreven opgenomen.

Afbeelding I.1 Visuele samenvatting van de resultaten van de vragenlijst

Houding ten opzichte van duurzame energie 20 % van de indieners is tegen windenergie. 79 % vindt windenergie een optie. Van de mensen die windenergie een optie vinden, vindt twee derde het belangrijk dat er strenge voorwaarden gesteld worden, en alleen als mensen die in de buurt wonen geen bezwaar hebben. Deze percentages verschillen sterk per woonkern. Van de indieners vanuit Wijchen is 8 % tegen windenergie. Van de indieners uit Hernen 26 % en van de indieners uit Batenburg 40 %. 27 % van de indieners is tegen zonnevelden. 73 % van de indieners vindt zonnevelden onder voorwaarden een optie.

Witteveen+Bos | 141191/24-006.985 | Bijlage I | Definitief 02

Vragen over zonne-energie Indieners hebben 572 hokjes aangekruist aan mogelijkheden voor de plaatsing van zonnepanelen. 96 % van de indieners vindt dat zonnepanelen op daken en gevels horen. 49 % van de indieners vindt dat zonnepanelen op grote velden geplaatst mogen worden als de grond ook voor iets anders gebruikt kan worden. 26 % vindt dat zonnepanelen op plekken mogen komen waar ook windmolens komen. 15 % vindt dat zonnepanelen op grote landbouwvelden mogen komen. Vragen over windenergie Het grootste aandeel indieners (66 %) kiest ervoor om windmolens samen te brengen op één plek, zodat de overlast ook op één plaats blijft. 20 % kiest voor het verspreiden van windmolens, zodat iedereen evenveel last heeft van de windmolens. Als windmolens geplaatst worden, wil 56 % van de indieners dat er even goed afstand gehouden moet worden van woningen als van natuurgebieden. 39 % geeft prioriteit aan afstand tot woningen. De gemeente kan rekening houden met de huidige leefbaarheid door windmolens te plaatsen op plekken waar al veel geluid is, zoals bij wegen of bij industrie (66 %). 30 % van de indieners wil ervoor zorgen dat mensen die al veel overlast hebben geen extra overlast krijgen door windmolens. In Hernen en Niftrik wordt dit andersom gezien.

Van de indieners uit deze plaats kiest ongeveer 70 % ervoor om ervoor te zorgen dat mensen die al veel overlast hebben geen extra overlast krijgen door windmolens. De meningen zijn verdeeld over wat er gedaan moet worden met het geld dat verdiend wordt met windmolens: 53 % van de indieners wil dat het geld uitgegeven wordt aan de leefbaarheid waarvan een derde kiest voor het gebied rondom windmolens, 31 % dat het geld verdeeld wordt onder mensen die overlast ervaren en 10 % dat het geld verdeeld wordt onder lokale aandeelhouders. De indieners die willen dat het geld verdeeld wordt onder mensen die overlast ervaren komen vooral uit Hernen, Leur en Niftrik. Vragen over wind- en zonne-energie Op de vraag hoe landschap en duurzame energie samengaan geeft 56 % aan dat duurzame energie en snelwegen goed samengaan en 57 % duurzame energie en bedrijven. 6 % geeft aan dat duurzame energie en landschap samen kunnen gaan op een plek waar het landschap toch moet veranderen, bijvoorbeeld in het buitengebied als een boerderij stopt. 44 % geeft aan dat grootschalige duurzame energie en landschap niet samengaan. In de onderbouwing over wat een geschikt gebied zou zijn voor duurzame energie, geeft 39 % aan te kijken naar efficiënt ruimtegebruik en het combineren van gebruiksfuncties. 36 % geeft aan te kijken naar dat de nieuwe functie moet passen bij de huidige functie van een gebied.

23 % geeft aan dat het milieu of de leefomgeving niet sterk achteruit mag gaan. Als laatste is gevraagd welke criteria het belangrijkst zijn voor inwoners. Afstand tot woningen en het tegengaan van overlast komen hier veruit het vaakst naar voren (58 % en 61 %). Als tweede worden criteria afstand tot natuurgebieden (17 %), afspraken over plekken (17 %) en hoe inwoners kunnen meedenken (16 %) benoemd. Overige opgehaalde informatie vanuit bewoners Inwoners zijn blij dat de gemeente vooraf bedenkt welke voorwaarden ze wil stellen. Hierdoor houdt de gemeente controle over wat er gaat gebeuren en krijgen ontwikkelaars niet te veel macht. Ze roepen de gemeente op om als eerste rekening te houden met gezondheid, maar ook de andere milieu-onderwerpen zoals natuur en landschap niet te vergeten. Ook wordt gewaarschuwd voor de plannen van Defensie in de regio. Veel indieners wensen de gemeente succes in dit proces. In de visie moet ruimte zijn om de effecten van besparen of andere energiebronnen op te nemen. Dit kan bijvoorbeeld door de doelstellingen elke 5 jaar te evalueren. De gemeente wordt opgeroepen om geen zonnevelden te plannen op plekken waar geen netaansluiting mogelijk is. Plaats zonnevelden of windmolens op plekken waar veel energie gebruikt wordt, bijvoorbeeld bij industrie, en denk daarbij ook aan netcongestie en alternatieve vormen van energieopslag.

Uitkomsten bewonersavonden In het amendement van de gemeente is besloten dat de gemeente de inwoners vraagt om advies (volgens de Wijchense participatieladder, trede 3). Daarom zijn er in maart een digitale en fysieke bewonersavond gehouden waarbij op de digitale avond ongeveer 60 en op de fysieke avond ongeveer 120 belangstellenden aanwezig zijn geweest. Tijdens de bewonersavonden is verder per onderwerp (zie paragraaf 2.1) nagedacht over criteria.

Witteveen+Bos | 141191/24-006.985 | Bijlage I | Definitief 02

Tijdens de bewonersavonden heeft de gemeente aangegeven waar de visie uit zal bestaan. Daarnaast heeft de gemeente verteld hoe ze de opgehaalde criteria gebruikt om de visie op te stellen. Vervolgens zijn de aanwezigen gevraagd om te adviseren over criteria die onderzocht kunnen worden. Op de avonden is gesproken over de onderwerpen in 3 categorieën: (1) leefomgeving, (2) ruimtelijke ordening en (3) participatie, proces en overige vragen. Hieronder is een korte samenvatting gegeven van de gevoerde gesprekken en ingevulde posters tijdens de bewonersavonden. De samenvatting is beperkt tot de informatie die gaat over criteria en onderzoeken. Tijdens de bewonersavonden zijn ook gesprekken gevoerd over andere zorgen van bewoners rondom deze visie en/of duurzame energie. Om hier een volledig beeld van te geven is een samenvatting van de gesprekken en beschrijving van de posters opgenomen in bijlage I. Leefomgeving Geluid Bewoners hebben zorgen over de effecten van geluidshinder op omwonenden. Ze hebben een sterke voorkeur voor een norm met een maximaal geluidsniveau (van 45 dB), in plaats van een norm die uitgaat van een gewogen gemiddelde zoals de Lden. Daarbij is de wens dat dit getoetst wordt door middel van onafhankelijke en herhaaldelijke metingen, en dat hierin ook aandacht wordt besteed aan de frequentie van het geluid.

Verder willen de bewoners meer aandacht voor en onderzoek naar hoe verschillende geluidsbronnen elkaar beïnvloeden (cumulatie). Dit betreft niet alleen de geluidseffecten van meerdere windturbines, maar ook de effecten van windturbines samen met andere geluidsbronnen zoals snelwegen. Gezondheid Ondanks de huidige onderzoeken van het RIVM zijn er bij bewoners zorgen of geluid niet meer invloed heeft op de gezondheid. De bewoners noemen artikelen van artsen die op eigen initiatief onderzoek hebben gedaan onder hun patiënten en onderzoeken uit Duitsland en Denemarken. De bewoners hebben de voorkeur voor strengere normen (grotere afstand van woonkernen) dan de landelijke normen. Daarnaast hebben ze voorkeur voor de mogelijkheid om windmolens ’s nachts uit te zetten wanneer er een langere periode achter elkaar een hoge piek van geluid wordt verwacht. Op verschillende momenten in de sessies en op verschillende posters werd benoemd dat bewoners een voorkeur hebben voor een afstandsnorm rondom woningen of woonkernen. Slagschaduw Bewoners benoemden de wens om slagschaduw te voorkomen op huizen en tuinen en op plekken waar dieren wonen, bijvoorbeeld in maneges. Daarnaast werd benoemd dat windturbines stilgezet kunnen worden als er slagschaduw optreedt. De wens werd benoemd om bij een concreet initiatief inzichtelijk te maken hoe en wanneer slagschaduw optreedt via een website.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=wdw&id=521ce708-8073-4b28-ba4b-4dc7efb77692