CConstaterende datWestvoorne
Koppel je AI →
Document · PDF

22 03 02 brief college gebiedsagenda Stikstof 0.1 bijlage

Gemeenteraad 23 maart 2022, gemeente WestvoorneBij agendapunt: Ingekomen stukken12.906 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Voor de habitattypen waar wel genoeg data beschikbaar is blijkt dat met name voor meerdere subtypen van grijze duinen en vochtige duinvalleien de voedselrijkdom niet op orde is, en dat dit met name wordt veroorzaakt door een teveel aan stikstof. Mede hierdoor en door gebrek aan dynamiek is op veel plekken in het gebied een intensief beheer nodig om grijze duinen en vochtige duinvalleien in stand te houden. Voor vochtige duinvalleien liggen er mogelijk ook knelpunten in de vochttoestand, maar daarvan zijn geen meetgegevens beschikbaar. Veel habitattypen kennen een te kleine omvang voor een goede structuur en functie om zichzelf in stand te houden. Daarnaast is het gebrek aan begrazing met konijnen is een knelpunt in de grijze duinen. Witte en grijze duinen kennen daarnaast een gebrek aan dynamiek, er zijn niet voldoende stuifplekken aanwezig en voor witte duinen ontbreekt in verschillende deelgebieden ook een verstuivende zeereep. De vochtige duinvalleien kennen naast een te geringe functionele omvang ook vergrassingsproblemen, wat er indirect weer op wijst dat er een teveel aan voedingsstoffen in het systeem aanwezig is. Daarnaast spelen voor meerdere habitattypen problemen met exoten. Duinen Goeree is aangewezen voor vier habitatrichtlijnsoorten: nauwe korfslak, noordse woelmuis, grijze zeehond en gewone zeehond.

Het leefgebied van de nauwe korfslak lijkt op orde, hoewel er weinig recente informatie beschikbaar is. Voor de Noorse woelmuis wordt niet voldaan aan de doelen voor behoud van leefgebied en verbetering van kwaliteit. De omvang van het leefgebied is voldoende, maar de kwaliteit wordt beoordeeld als matig. De populaties van de grijze en gewone zeehond zijn toegenomen, maar het leefgebieden zijn mogelijk niet op orde. Voor beide soorten geldt dat de omvang van het rustgebied voldoende is, maar de omvang aan foerageergebied is 28 Gebiedsagenda0.1 GGA Stikstof Duinen-Eilanden

afgenomen en niet bekend is of dit nog voldoende is. De kwaliteit van het leefgebied wordt beoordeeld als matig. Voor de strandplevier, aangewezen als broedvogel, worden het oppervlak aan broedgebied en foerageergebied als voldoende beoordeeld. Met het afsluiten van belangrijke broed- en foerageergebieden is de rust voor de strandplevier toegenomen. Hier zijn echter nog verbeteringen mogelijk. Daarom wordt de kwaliteit van het leefgebied vooralsnog als matig beoordeeld. De hoeveelheid beschikbaar leefgebied van voldoende kwaliteit resulteert niet direct in hoog broedsucces, maar dit komt waarschijnlijk mede door exogene factoren als storm en overspoeling. De leefgebieden van niet-broedvogels lijken voor zover bekend te voldoen (Tabel 3C). Voor alle soorten is voldoende rust een belangrijk aandachtspunt. Verstoring komt voornamelijk voor door recreanten. Voor Bontbekplevier, Rosse Grutto, Tureluur worden de instandhoudingsdoelen bij lange na niet gehaald binnen N2000-begrenzing van DGKH. Er vindt ook veel uitwisseling plaats met N2000-gebied Voordelta. Tureluur voldoet in de Voordelta ook niet aan de doelstelling en Rosse Grutto voldoet exact aan de doelstelling in de Voordelta.

Tabel 3A: Vergelijking oppervlakte noodzakelijk voor SvI, oppervlak zoals opgenomen in de habitattypenkaart die de WUR heeft gebruikt en het huidig oppervlak op basis van de habitattypenkaart in Duinen Goeree & Kwade Hoek. De laatste kolom geeft de opgave weer om de SvI te bereiken.

Habitattype

H1110B

Kartering 2008 (ha)

Habitattypenkaart v10 (ha)

85

85

183

262

5,4

9,9

H1140A H1140B H1310A

Theoretisch doel (ha)

85

Opgave o.b.v. habitattypenkaart v10 [ha] -

269 50 5,4

57 -

Opgave op basis van recente inzichten Door aanzanding (vrijwel) geen areaal meer aanwezig. Wel een opgave Exacte opgave niet bekend doordat huidig areaal niet goed bekend is Geen opgave Exacte opgave niet bekend doordat huidig areaal niet goed bekend is Exacte opgave niet bekend doordat huidig areaal niet goed bekend is Geen opgave, ruim voldoende areaal aanwezig Exacte opgave niet bekend doordat huidig areaal niet goed bekend is Exacte opgave niet bekend doordat huidig areaal en effect van maatregelen niet goed bekend is

H1310B

17

9,3

17

7,7

H1330A

174

185

190

5

H2110

31

29

29

-

H2120

85

28

72

44

H2130A

86

89

95

6

H2130B

189

211

204

-

Geen opgave

8

Exacte opgave niet bekend doordat huidig areaal niet goed bekend

H2130C

15

9

17

29 Gebiedsagenda0.1 GGA Stikstof Duinen-Eilanden

H2160

305

258

260

2

H2170

-

-

0,2

0,2

H2180C

?

13

?

?

H2190A

3

2,2

3,1

0,9

H2190B

22

14

23

9

H2190C

31

21

32

11

H2190D

7,9

6,5

8,2

1,7

H6430B

22

6,1

22

15,9

is, areaal in Middel- en Oostduinen is mogelijk onderschat Opgave is groter als gevolg van uitgevoerde herstelmaatregelen voor open duin. Hier wordt pas invulling aan gegeven als daar ruimte voor is. Het habitattype kent immers een ten gunste van formulering. Geen opgave Opgave als vegetaties langs infiltratiegeulen niet worden meegenomen Exacte opgave niet bekend doordat huidig areaal niet goed bekend is, areaal in Middel- en Oostduinen is mogelijk onderschat Opgave doordat potenties in Middel- en Oostduinen minder groot zijn dan gedacht Opgave indien vegetaties langs infiltratiegeulen niet worden meegenomen Exacte opgave niet bekend doordat huidig areaal niet goed bekend is

Tabel 3B. Overzicht van de kwaliteitsparameters per habitattype: groen= overwegend goed, geel = goed-matig, oranje = overwegend matig en rood= overwegend slecht). Abiotische randvoorwaarden en structuur en functie kleuren indien niet op orde ‘rood’ als het areaal ook is afgenomen, en oranje indien het areaal stabiel is of is toegenomen. Kwaliteitsparameters Habitattype

Vegetatie

Typische soorten (# deelgebieden)

H1110B

100% onbekend

Slecht (1)

Abiotische randvoorwaarden

Structuur en functie

Onbekend, waarschijnlijk onvoldoende diep water aanwezig

Onbekend

H1140AB

98% onbekend 2% goed

Goed (2)

Onbekend

Fysische processen lijken op orde. Onbekend of structurerende elementen zoals velden met schelkokerwormen en mosselbanken aanwezig zijn

H1310A

81% goed 19% matig

Goed (1) *

Onbekend, verandering dynamiek heeft mogelijk invloed

Op orde

H1310B

99% goed 1 % matig

Goed (1)

Onbekend, verandering dynamiek heeft mogelijk invloed

Op orde

30 Gebiedsagenda0.1 GGA Stikstof Duinen-Eilanden

Kwaliteitsparameters Typische soorten (# deelgebieden)

Abiotische randvoorwaarden

Structuur en functie

H1330A

92% goed 8% matig

Goed (1)

Onbekend, verandering dynamiek heeft mogelijk invloed

Hoge delen groeien dicht met duindoorn. Geen complete zonering met aansluiting op H1320.

H2110

86% goed 14% matig

Goed (1) *

Onbekend

Op orde, rust voor strandplevier is een aandachtspunt

Onbekend

Dynamiek: stuifplekken en verstuivende zeereep (in Kwade Hoek is dit wel op orde, maar ook hier neemt struweel toe, mogelijk door te weinig saltspray)

Habitattype

Vegetatie

H2120

98% goed 2% matig

Matig (3) Goed (2)

97% goed 2% matig 1 % onbekend

Goed (2) Matig (3)

H2130B

62% onbekend 36% goed 2% matig

Goed (2) Matig (2) Slecht (1)

H2130C

93% onbekend 7% goed

H2130A

Onbekend, vergrassing en verbraming indiceren te hoge voedselrijkdom. Lokaal speelt ontkalking een rol (overgang naar subtype B)

Dynamiek: stuifplekken Begrazing door konijnen Exoten

Onbekend, vergrassing en verbraming indiceren te hoge voedselrijkdom

Begrazing door konijnen Exoten

Matig (1) Slecht (1)

Voedselrijkdom (stikstof)

Begrazing door konijnen Onduidelijkheid over aanwezigheid humuslaag Exoten

H2160

70% goed 27% matig 3% onbekend Achteruitgang in kwaliteit door overwoekering met braam, instorten van struwelen en veroudering (successie).

Goed (6) *

Onbekend

Exoten (lokaal)

H2170

n.v.t.

n.v.t.*

Onbekend)

Optimale functionele omvang

H2180C

87% matig 13% goed

Goed (1) Slecht (3) *

Onbekend

Optimale functionele omvang Aandeel dikke levende en dode bomen beperkt Exoten

H2190A

42% goed 42% matig 6% onbekend Watercrassula

Matig (2) Goed (1) Slecht (1)

Vochttoestand onbekend Voedselrijkdom onbekend (ganzen)

Optimale functionele omvang

H2190B

99% goed 1% onbekend Watercrassula

Goed (1) Matig (1) Slecht (1)

Voedselrijkdom (stikstof) Vochttoestand onbekend

Te hoog aandeel grassen Optimale functionele omvang

H2190C

82% onbekend 17% goed 1% matig

Goed (2)

Voedselrijkdom (stikstof en fosfaat) Vochttoestand onbekend

Te hoog aandeel grassen Optimale functionele omvang

31 Gebiedsagenda0.1 GGA Stikstof Duinen-Eilanden

Kwaliteitsparameters Habitattype

Vegetatie

Typische soorten (# deelgebieden)

Abiotische randvoorwaarden

Structuur en functie

H2190D

79% goed 21% matig Watercrassula

Matig (2) Slecht (2)

Vochttoestand onbekend Voedselrijkdom onbekend

Te hoog aandeel grassen Optimale functionele omvang

H6430B

100% goed

Goed (1) Matig (1)

Onbekend

Optimale functionele omvang dominantie ruigtekruiden onbekend

*Te weinig (relevante) soorten om over het kwaliteitsaspect typische soorten te oordelen Tabel 3C. Overzicht van de doelstellingen en trends van de niet-broedvogels van Duinen Goeree & Kwade Hoek en de restopgave om aan deze doelstelling te voldoen. De doelstelling is een seizoensgemiddelde, tenzij anders aangegeven. De huidige situatie betreft het gemiddelde over de afgelopen 5 seizoenen Aantal

Leefgebied

Code

Soort

Doel

Huidige Trend (korte/ situatie middellange termijn) Oppervlakte

A005

Fuut

60

16

Niet aantoonbaar/ negatief

Onvoldoende Onbekend

Of er een opgave is, is vooralsnog niet te definiëren. Te bepalen in samenhang met Voordelta

A017

Aalscholv 250 er

90

Niet aantoonbaar/ niet aantoonbaar

Onvoldoende Onbekend, mogelijke onvoldoende (slaapplaats)

Of er een opgave is, is vooralsnog niet te definiëren. De oorzaak voor de aantalsontwikkeling of er een oorzaak in het gebied ligt is niet bekend.

A034

Lepelaar

20

51

Niet aantoonbaar/ zeer positief

Voldoet

Voldoet

Geen, draagkracht voldoet

A043

Grauwe gans

240

157

Negatief/ stabiel

Voldoet

Voldoet

Geen, draagkracht lijkt te voldoet

A045

Brandgan 110 s (foerager en)

395

Positief/ positief

Voldoet

Voldoet

Geen, draagkracht voldoet

Brandgan 32400 s (max) (slaappla ats)

5120

Niet aantoonbaar/ negatief

Voldoet

Onbekend

Of er een opgave is, is vooralsnog niet te definiëren. De oorzaak voor de aantalsontwikkeling of er een oorzaak in het gebied ligt is niet bekend

Bergeend 280

551

Positief/ positief

Voldoet

Voldoet

Geen, draagkracht voldoet

A048

Kwaliteit

Restopgave

32 Gebiedsagenda0.1 GGA Stikstof Duinen-Eilanden

Aantal Doel

Leefgebied

Huidige Trend (korte/ situatie middellange termijn) Oppervlakte

Code

Soort

Kwaliteit

Restopgave

A052

Wintertal 530 ing

528

Niet aantoonbaar/ niet aantoonbaar

Voldoet

Onbekend, mogelijk onvoldoende waardoor vogels uitwijken naar de Voordelta

Of er een opgave is, is vooralsnog niet te definiëren. De oorzaak voor de aantalsontwikkeling of er een oorzaak in het gebied ligt is niet bekend

A054

Pijlstaart

200

162

Niet aantoonbaar/ stabiel

Voldoet

Onbekend, mogelijk onvoldoende waardoor vogels uitwijken naar de Voordelta

Of er een opgave is, is vooralsnog niet te definiëren. De oorzaak voor de aantalsontwikkeling of er een oorzaak in het gebied ligt is niet bekend

A056

Slobeend 20

21

Niet aantoonbaar/ positief

Voldoet

Voldoet

Geen, draagkracht voldoet

A130

Scholekst 790 er

819

Stabiel/ stabiel

Voldoet

Voldoet

Geen, draagkracht voldoet. Rust is een aandachtspunt.

A132

Kluut

180

185

Positief/ positief

Voldoet

Voldoet

Geen, draagkracht voldoet. Rust is een aandachtspunt.

A137

Bontbekplevier

130

106

Stabiel/stabiel

Voldoet

Onbekend, mogelijk onvoldoende waardoor vogels uitwijken naar de Voordelta

Of er een opgave is, is vooralsnog niet te definiëren. De oorzaak voor de aantalsontwikkeling of er een oorzaak in het gebied ligt is niet bekend. Rust is een aandachtspunt.

A141

Zilverplev 130 ier

205

Negatief/ positief

Voldoet

Onbekend, mogelijk onvoldoende waardoor vogels uitwijken naar de Voordelta

Of er een opgave is, is vooralsnog niet te definiëren. De oorzaak voor de aantalsontwikkeling of er een oorzaak in het gebied ligt is niet bekend. Rust is een aandachtspunt.

A144

Drieteen- 80 strandlop er

326

Zeer positief/ zeer positief

Voldoet

Voldoet

Geen, draagkracht voldoet. Rust is een aandachtspunt.

A149

Bonte 800 strandlop er

1350

Niet aantoonbaar/ stabiel

Voldoet

Voldoet

Geen, draagkracht voldoet. Rust is een aandachtspunt.

A157

Rosse grutto

31

Zeer negatief/ negatief

Voldoet

Onbekend, mogelijk onvoldoende

Of er een opgave is, is vooralsnog niet te definiëren. De oorzaak

130

33 Gebiedsagenda0.1 GGA Stikstof Duinen-Eilanden

Aantal Code

Soort

Doel

Leefgebied

Huidige Trend (korte/ situatie middellange termijn) Oppervlakte

Kwaliteit

Restopgave

waardoor vogels uitwijken naar de Voordelta

voor de aantalsontwikkeling of er een oorzaak in het gebied ligt is niet bekend. Rust is een aandachtspunt.

A160

Wulp

420

543

Stabiel/ positief

Voldoet

Voldoet

Geen, draagkracht voldoet. Rust is een aandachtspunt.

A162

Tureluur

390

121

Negatief/ negatief

Voldoet

Onbekend, mogelijk onvoldoende

Of er een opgave is, is vooralsnog niet te definiëren. De oorzaak voor de aantalsontwikkeling of er een oorzaak in het gebied ligt is niet bekend. Rust is een aandachtspunt.

Maatregelen In onderstaande tabel zijn de (no regret) maatregelen voor de komende jaren samengevat. Deze maatregelen zijn afgestemd met de terrein-beherende organisaties Natuurmonumenten en ZuidHollands Landschap. Naast deze geplande maatregelen, is al een aantal maatregelen in gang gezet en worden gesprekken gevoerd over vervolg maatregelen binnen de gebiedsgerichte aanpak stikstofproblematiek voor de regio Zuid-Hollandse eilanden. In de komende jaren is ingezet op voortzetten maatregelen uit vigerend beheerplan, onderzoek, en ‘no regret’-maatregelen. Tabel 4: Overzicht maatregelen korte termijn. De kosten en dekkingsbron worden nog met de beheerder vastgesteld. Kosten Maatregel

Categorie

Financieringsbron

t/m 2025

Ontwikkelingsbeheer van voormalige PAS projecten: maaien en afvoeren + kleinschalig verwijderen van struweel Beheer

PM

PM

Baggeren/schonen + wegvangen uitgezette vis

Beheer

PM

PM

Beweidingsbeheer (schapen/runderen)

Beheer

PM

PM

Monitoring van soorten, habitattypen, effectiviteit van beheer en abiotiek Grootschalig verstuivingsproject (aanbrengen van kerven in zeereep)

Intensivering regulier SNL-beheer

Verwacht effect

Kwaliteitsverbetering

Kwaliteitsverbetering Kwaliteitsverbetering

Snel en effectief bijsturen van beheer Onderzoek

PM

PM Kwaliteitsverbetering

Beheer

Beheer

PM

PM

PM

PM

Afvoeren stikstof uit systeem, continu op peil houden van kwaliteit

34 Gebiedsagenda0.1 GGA Stikstof Duinen-Eilanden

Exotenbeheer

Beheer

PM

PM

Kwaliteitsverbetering

Conclusies doelrealisatie PM voor dit gebied. Analyse verwacht Q1 2022. - Tabel 5A: Conclusie natuurdoelanalyse voor habitattypen. - Tabel 5B: Conclusie natuurdoelanalyse voor habitatrichtlijn- en vogelrichtlijnsoorten. 2. Factsheet Voornes Duin Voornes Duin is een duingebied met hoog kalkgehalte op de kop van het Zuid-Hollandse eiland Voorne-Putten. Het gebied heeft een oppervlakte van ca. 1432 ha (figuur 1).

Figuur 1: Begrenzing Voornes Duin. Bron: www.natura2000.nl Het gebied is aangewezen als Vogel- en Habitatrichtlijngebied voor de instandhoudingsdoelen in tabel 1. In de natuurdoelanalyse (Van den Broek et al. 2021) is uitgewerkt welk oppervlakte habitattypen nodig is voor een evenredige bijdrage aan de landelijk gunstige staat van instandhouding (theoretische opgave). Deze opgave is toegevoegd aan tabel 1. Tabel 1: Uitwerking instandhoudingsdoelen Voornes Duin. Code

Habitattype

Doelstelling

Theoretische opgave

H2120

Witte duinen

Behoud oppervlakte en kwaliteit

23,33

H2130A

Grijze duinen (kalkrijk)

Uitbreiding oppervlakte en verbetering kwaliteit

75,72

H2130B

Grijze duinen (kalkarm)

Uitbreiding oppervlakte en verbetering kwaliteit

0,15

H2130C

Grijze duinen (heischraal)

Uitbreiding oppervlakte en verbetering kwaliteit

0,96 35

Gebiedsagenda0.1 GGA Stikstof Duinen-Eilanden

H2160

Duindoornstruwelen

Behoud oppervlakte en kwaliteit. Enige achteruitgang in oppervlakte ten gunste van habitattype H2120 Witte duinen, H2130 Grijze duinen of H2190 Vochtige duinvalleien is toegestaan

H2170

Kruipwilgstruwelen

Behoud oppervlakte en kwaliteit. Enige achteruitgang in oppervlakte ten gunste van habitattype H2190 Vochtige duinvalleien is toegestaan

70,99

Duinbossen (droog)

Behoud oppervlakte en verbetering kwaliteit. Enige achteruitgang in oppervlakte ten gunste van habitattype H2130 Grijze duinen of H2190 Vochtige duinvalleien is toegestaan

200,33

Duinbossen (vochtig)

Behoud oppervlakte en kwaliteit. Enige achteruitgang in oppervlakte ten gunste van habitattype H2130 Grijze duinen of H2190 Vochtige duinvalleien is toegestaan

173,29

H2180C

Duinbossen (binnenduinrand)

Behoud oppervlakte en kwaliteit. Enige achteruitgang in oppervlakte ten gunste van habitattype H2130 Grijze duinen of H2190 Vochtige duinvalleien is toegestaan

H2190A

Vochtige duinvalleien (open water)

Behoud oppervlakte en kwaliteit

32,85

H2190B

Vochtige duinvalleien (kalkrijk)

Uitbreiding oppervlakte en verbetering kwaliteit

57,87

H2190C

Vochtige duinvalleien (ontkalkt)

Behoud oppervlakte en kwaliteit

0,003

H2190D

Vochtige duinvalleien (hoge moerasplanten)

Behoud oppervlakte en kwaliteit

3,00

H6430B

Ruigten en zomen (harig wilgenroosje)

Behoud oppervlakte en kwaliteit

0

H7210

Galigaanmoerassen

Behoud oppervlakte en kwaliteit

0

Code

Habitatsoort

Doelstelling

H1014

Nauwe korfslak

Behoud omvang en kwaliteit leefgebied voor behoud populatie

H1340

Noordse woelmuis

Uitbreiding omvang en verbetering kwaliteit leefgebied voor uitbreiding populatie

H1903

Groenknolorchis

Uitbreiding omvang en behoud kwaliteit biotoop voor uitbreiding populatie

Code

Broedvogel

Doelstelling

A008

Geoorde fuut

Behoud omvang en kwaliteit leefgebied met een draagkracht voor een populatie van tenminste 5 paren.

A017

Aalscholver

Behoud omvang en kwaliteit leefgebied met een draagkracht voor een populatie van tenminste 1.100 paren

A026

Kleine zilverreiger

Behoud omvang en kwaliteit leefgebied met een draagkracht voor een populatie van tenminste 15 paren

A034

Lepelaar

Behoud omvang en kwaliteit leefgebied met een draagkracht voor een populatie van tenminste 110 paren

H2180A

H2180B

136,06

0,27

36 Gebiedsagenda0.1 GGA Stikstof Duinen-Eilanden

3.1.2 Systeemanalyse Uit de landschapsecologische systeemanalyse (Van den Broek et al., 2021) volgen onderstaande generieke knelpunten: • PM. Knelpunten worden niet expliciet genoemd in LESA -> n.t.b. uit samenvatting (is nog niet opgeleverd). Daarnaast zijn er specifieke knelpunten voor individuele doelen (Tabel 2). Verdere uitleg wordt gegeven bij onderdeel 3.1.3. Huidige staat van instandhouding. Tabel 2. Samenvatting van de knelpunten per aangewezen doelstelling. Code H2120

Habitattype Witte duinen

Knelpunten Abiotiek onbekend Dynamiek: onvoldoende verstuivende zeereep (uitgezonderd Breedewater) Functionele omvang voldoet niet

H2130A

Grijze duinen (kalkrijk)

Voedselrijkdom te hoog vanwege te veel stikstof. Te weinig begrazing door konijnen. Onvoldoende aanwezigheid van stuifplekken. Intensief beheer nodig om verruiging tegen te gaan.

H2130B

Grijze duinen (kalkarm)

Abiotiek onbekend Te weinig begrazing door konijnen. Intensief beheer nodig om verruiging tegen te gaan. Opslag van exoten (Amerikaanse vogelkers)

H2130C

Grijze duinen (heischraal) Voedselrijkdom te hoog, te veel stikstof. Lokaal te nat (GVG) Te weinig begrazing door konijnen. Onduidelijkheid over aanwezigheid humuslaag.

H2160

Duindoornstruwelen

Ondanks onbekende abiotiek en aandeel exoten zijn er geen knelpunten. Er is voldoende areaal. De theoretische opgave die er ligt is een gevolg van het actief verwijderen van duindoorn tgv H2120, H2130 en H2190 (passend binnen de IHD)

H2170

Kruipwilgstruwelen

Abiotiek onbekend Functionele omvang niet op orde

H2180A

Duinbossen (droog)

Abiotiek onbekend Aantal dikke levende/dode bomen te laag, doordat het bos jong is

H2180B

Duinbossen (vochtig)

Lokaal te nat (GVG) en lokaal te droog (GLG) (noorden) Aantal dikke levende/dode bomen te laag doordat het bos jong is Te weinig open plekken

H2180C

Duinbossen (binnenduinrand

Aantal dikke levende/dode bomen te laag, doordat het bos jong is Te weinig open plekken

H2190A

Vochtige duinvalleien (open water)

H2190B

Vochtige duinvalleien (kalkrijk)

Vochttoestand in midden en zuiden niet op orde (GVG te diep) Functionele omvang niet op orde De waterkwaliteit is niet goed in Quackjeswater en Breede Water door guanotrofiering. Die zou een knelpunt kunnen zijn. De vraag is echter of die kwaliteit ten tijde van aanwijzing wel voldeed voor H2190A. Immers ook toen was de aalscholverkolonie aanwezig. Voedselrijkdom te hoog, te veel stikstof Functionele omvang niet op orde Vergrassing/verruiging

37 Gebiedsagenda0.1 GGA Stikstof Duinen-Eilanden

Code H2190C H2190D

Habitattype Vochtige duinvalleien (ontkalkt) Vochtige duinvalleien (hoge moerasplanten)

H6430B

Harig wilgenroosje

H7210

Galigaanmoerassen

Knelpunten Abiotiek onbekend Functionele omvang niet op orde Vochttoestand in midden en noorden (GVG te diep) Functionele omvang niet op orde Vergrassing Opslag struiken/bomen onbekend Abiotiek onbekend Functionele omvang niet op orde, mede doordat het beheer in begrazingseenheden niet geschikt is voor het habitattype Dominantie ruigtekruiden onbekend Er is weinig tot niets bekend over abiotiek en structuur en functie

Code Habitatrichtlijnsoort Knelpunten H1014 Nauwe korfslak Geen, draagkracht lijkt te voldoen. Het effect van herstelmaatregelen (meer open duin) moet worden gemonitord. H1340 Noordse woelmuis Kwaliteit leefgebied is matig. Peilbeheer en maaibeheer in leefgebied is suboptimaal vanwege tegenstrijdige doelstellingen (flora en recreatie). Ook is er sprake van isolatie en veel concurrentie met andere muizensoorten. H1903 Groenknolorchis Geen, draagkracht lijkt te voldoen

Code Soort A021 Geoorde fuut A017 Aalscholver

A026 Kleine zilverreiger A034 Lepelaar

Knelpunten Ja, draagkracht lijkt onvoldoende. De precieze oorzaak voor de lage aantallen is niet bekend. Mogelijke oorzaken zijn droogte en de afname van rietkragen. Geen in het gebied zelf, draagkracht voldoet, externe factoren lijken afname te veroorzaken: broedsucces loopt terug, mogelijk correlatie met toegenomen visserijdruk in Voordelta Geen in het gebied, draagkracht lijkt te voldoen, oorzaken voor de afname zijn niet bekend, maar zijn vermoedelijk extern gezien de landelijke ontwikkeling. Geen, draagkracht voldoet, aandachtspunt is de effecten van de recent gevestigde (2017) vossenburcht monitoren.

Huidige staat van instandhouding De huidige staat van instandhouding van alle Natura 2000-doelen voor Voornes Duin is samengevat in onderstaande tabellen. De conclusie is dat er in Voornes duin vooral opgaven liggen ten aanzien van kwaliteit (tabel 3B) en minder qua oppervlakte (tabel 3A). Er ligt een ruimtelijke opgave ten aanzien de habitattypen Duinbos droog (H2180A) en vochtig (H2180B) en duinvalleien open water (H2190A), hoewel er voor die habitattypen ook grote verschillen bestaan in de gebruikte kaarten en de theoretische opgave mogelijk wordt beïnvloed door methodologische verschillen. Qua kwaliteit zijn bestaan er veel knelpunten, maar ook veel onzekerheden. Van zeer veel habitattypen is de vegetatiekundige kwaliteit niet gekarteerd. Ook wat betreft de abiotische randvoorwaarden zijn er veel witte vlekken. Voor de habitattypen waar wel genoeg data beschikbaar is, zijn er habitattypen niet op orde door te hoge stikstofdepositie (H2130 en H2190, alle subtypen), door een verstoorde vochttoestand (H2190A, D), een te kleine omvang voor een goede structuur en functie om zichzelf in stand te houden (H2170, H2190A, B, D, H6430B), een gebrek aan begrazing met konijnen (H2130A, B, C) en/of een gebrek aan dynamiek wegens het ontbreken van voldoende stuifplekken (H2120, H2130A, B). Voor soorten is er een opgave voor de Noordse Woelmuis en Geoorde Fuut.

Om de opgaven te kunnen halen zijn maatregelen nodig om het leefgebied te optimaliseren door gerichte maatregelen 38 Gebiedsagenda0.1 GGA Stikstof Duinen-Eilanden

als vernatting en mogelijk het herstellen van rietkragen. Ook spelen externe factoren als de visserijdruk (aalscholver) en migratiepatronen (kleine zilverreiger) mogelijk een rol. Tabel 3A: Vergelijking oppervlakte noodzakelijk voor SvI, oppervlak zoals opgenomen in de habitattypenkaart die de WUR heeft gebruikt en het huidig oppervlak op basis van de habitattypenkaart in Voornes Duin. De laatste kolom geeft de opgave weer om de SvI te bereiken. Ontwikkeling door herstelmaatregelen (20092017) [ha]

Theoretisch doel (ha)

Opgave [ha]

10,77

+16

23,33

Geen

87,01

+63,9

75,72

Geen

-

0,29

Onbekend

0,15

Geen

H2130C

0,9

0,69**

Onbekend

0,96

0,27

H2160

164,4

137,24

-21,1

136,06

20*

1

0,03 (mogelijk meer aanwezig)

-

0,27

0,24

H2180A

70,7

56,73

- ca 4

70,99

18

H2180B

207,2

206,66

- ca 12

200,33

6

H2180C

178,5

194,00

- ca. 4,5

173,29

-

H2190A

30,8

9,18

Onbekend

32,85

24

H2190B

55,9

47,07

+16,6

57,87

Geen

H2190C

-

1,24

-

0,003

Geen

H2190D

6,3

7,46

-

3,00

Geen

H6430B

Onbekend

0,82

-

0

-

H7210

Onbekend

0,04

0

-

Kaart beheerplan (ha)

Habitattypenkaart V4 (ha)

H2120

34,2

H2130A

69,1

H2130B

Habitat type

H2170

* duindoornstruweel kent een ten gunste van formulering, wat betekent dat het areaal mag afnemen ten gunste van H2120, H2130 en H2190. Deze theoretische opgave wordt alleen ingevuld op het moment dat de andere habitattypen op orde zijn en er nog ruimte resteert. ** ZHL geeft aan dat het areaal in Duinen van Oostvoorne op de habitattypenkaart is onderschat. Tabel 3B. Overzicht van de kwaliteitsparameters per habitattype: groen= overwegend goed, geel = goed-matig, oranje = overwegend matig en rood= overwegend slecht). Abiotische randvoorwaarden en structuur en functie kleuren indien niet op orde ‘rood’ als het areaal ook is afgenomen, en oranje indien het areaal stabiel is of is toegenomen. Kwaliteitsparameters Habitattype

Vegetatie

Typische soorten (# deelgebieden)

H2120

66% onbekend 28% goed 6% matig

Slecht (3) en matig (1)

Onbekend

H2130A

68% goed 31% onbekend >1 % matig

Goed (3) en matig (3)

Voedselrijkdom (stikstof)

H2130B

72% goed 24% onbekend 4% matig

Slecht (2)

Abiotische randvoorwaarden

Voedselrijkdom onbekend; kalkrijkdom

Structuur en functie Dynamiek: verstuivende zeereep (uitgezonderd Breede Water) Functionele omvang Begrazing konijnen Aanwezigheid stuifplekken Intensief beheer nodig om verruiging tegen te gaan Begrazing konijnen Intensief beheer nodig om verruiging tegen te gaan Opslag van exoten (Amerikaanse vogelkers)

39 Gebiedsagenda0.1 GGA Stikstof Duinen-Eilanden

Kwaliteitsparameters Habitattype

Vegetatie

H2130C

59% onbekend 33% goed 9% matig

Slecht (2) en matig (1)

H2160

38% goed 32% onbekend 30% matig

Goed (2) en matig (4) *

75% matig 25% onbekend 60% goed 29% matig 11% onbekend

H2170

Typische soorten (# deelgebieden)

Abiotische randvoorwaarden

Structuur en functie

Voedselrijkdom (stikstof); kalkrijkdom, vochttoestand voldoet lokaal niet (te nat) Onbekend (achteruitgang vegetatiekundige kwaliteit suggereert dat voedselrijkdom mogelijk niet overal op orde is

Begrazing konijnen Onduidelijkheid over aanwezigheid humuslaag Omvang op orde, evenals dominantie struiken en aandeel exoten

Slecht (1) *

Onbekend

Functionele omvang

Slecht (4), goed (1) en matig (1) *

Onbekend

Aantal dikke levende/dode bomen

H2180B

56% onbekend 41% goed 3% matig

Matig (3), goed (2) en slecht (1) *

Overwegend op orde (Aandachtspunt voedselrijkdom) In noorden vochttoestand niet optimaal (GVG te nat en zomergrondwaterstand te droog).

Aantal dikke levende/dode bomen Open plekken

H2180C

74% onbekend 20% goed 6% matig

Goed (2) matig (2) en slecht (1) *

Naar verwachting op orde

Aantal dikke levende/dode bomen Open plekken

H2190A

52% onbekend 34% goed 14% matig

Goed (3) matig (1) en slecht (1)

Vochttoestand in midden en zuiden (GVG te diep)

Functionele omvang

H2190B

67% onbekend 33% goed

Goed (3) matig (1) en slecht (1)

H2190C

95% goed 5% matig

Slecht (3) en matig (1)

H2190D

71% goed 25% onbekend 4% matig

Matig (2) en slecht (3) *

H2180A

Voedselrijkdom (stikstof) aandachtspunt hydrologie is op orde Voedselrijkdom onbekend en vochttoestand onbekend. Kalkrijkdom is merendeels te hoog

Functionele omvang Vergrassing (Opslag struiken/bomen)

Vochttoestand in midden en noorden (GVG te diep)

Functionele omvang (Opslag struiken/bomen od)

Vergrassing

H6430B

100% matig

Matig (2)

Onbekend

Functionele omvang, mede doordat beheer in begrazingseenheden niet geschikt is (Dominantie ruigtekruiden onbekend)

H7210

100% goed

Slecht (2)

Onbekend

Onbekend

Tabel 3C. Overzicht van de doelstellingen, huidige situatie, trend en omvang en kwaliteit leefgebied van habitatrichtlijnsoorten binnen Voornes duin en de restopgave om aan deze doelstelling te voldoen. Aantal

Code

Soort

H1014

Nauwe korfslak

Theoretisch gekwantificeerd Huidige doel situatie 181875

Voldoet, aantallen onbekend, maar voorkomen is veelvuldig en

Leefgebied/biotoop

Trend

Oppervlakte

Kwaliteit

Onbeken Op orde, maar Op orde d afgenomen door herstelmaatre gelen

Restopgave Geen, draagkracht lijkt te voldoen. Ontwikkeling als gevolg van herstelmaatregelen volgen

40 Gebiedsagenda0.1 GGA Stikstof Duinen-Eilanden

Aantal

Code

Soort

Theoretisch gekwantificeerd Huidige doel situatie

Leefgebied/biotoop

Trend

Oppervlakte

Kwaliteit

Restopgave

wijdversprei d. H1340

Noordse woelmuis

102025

Onbekend

Onbeken Er lijkt d voldoende areaal leefgebied aanwezig

Kwaliteit leefgebied is matig. Peilbeheer en maaibeheer in leefgebied is suboptimaal vanwege tegenstrijdige doelstellingen (voor flora wordt gemaaid). Ook is er sprake van isolatie en veel concurrentie met andere muizensoorten.

Ja, met name de kwaliteit leefgebied en connectiviteit tussen leefgebieden vergroten.

H1903

Groenknol orchis

500

Voldoet

Aantalle n lijken toe te nemen

Maatregelen en gericht beheer vergroten kwaliteit leefgebied waardoor aantallen soort toenemen

Geen, draagkracht voldoet,

Biotoop is toegenomen

Tabel 3D. Overzicht van de doelstellingen, huidige situatie (gemiddelde periode 2014 t/m 2018), trend (middellange termijn| en omvang en kwaliteit leefgebied van de broedvogels binnen Voornes duin en de restopgave om aan deze doelstelling te voldoen. Code

Soort

Aantal Doel

Leefgebied

Restopgave

Huidige situatie

Trend

Oppervlakte

Kwaliteit

2

Negatief

Onvoldoende

Onvoldoende

Ja, draagkracht lijkt onvoldoende. De precieze oorzaak voor de lage aantallen is niet bekend. Mogelijke oorzaken zijn droogte en de afname van rietkragen.

A021

Geoorde fuut >= 5 paren

A017

Aalscholver

>= 1100 1222 paren

Stabiel, maar in In orde 2020 terugval tot 526 paren

In orde

Geen, draagkracht als broedgebied voldoet, externe factoren lijken afname te veroorzaken: broedsucces loopt terug, mogelijk correlatie met toegenomen visserijdruk in Voordelta

A026

Kleine zilverreiger

>= 15 paren

Zeer negatief (2019/2020 geen broedparen meer)

In orde

Geen, draagkracht lijkt te voldoen. Oorzaken voor de afname zijn niet bekend, maar zijn vermoedelijk externe gezien de landelijke ontwikkeling.

13

In orde

41 Gebiedsagenda0.1 GGA Stikstof Duinen-Eilanden

Code

A034

Soort

Lepelaar

Aantal

Leefgebied

Restopgave

Doel

Huidige situatie

Trend

Oppervlakte

Kwaliteit

>= 110 paren

169

Positief

In orde

In orde

Geen, draagkracht voldoet, aandachtspunt effecten recent gevestigde (2017) vossenburcht monitoren.

Maatregelen In onderstaande tabel zijn de (no regret) maatregelen voor de komende jaren samengevat. Deze maatregelen zijn afgestemd met de terrein-beherende organisaties Natuurmonumenten en ZuidHollands Landschap. Naast deze geplande maatregelen, is al een aantal maatregelen in gang gezet en worden gesprekken gevoerd over vervolg maatregelen binnen de gebiedsgerichte aanpak stikstofproblematiek voor de regio Zuid-Hollandse eilanden. In de komende jaren is ingezet op voortzetten maatregelen uit vigerend beheerplan, onderzoek, en ‘no regret’-maatregelen. Tabel 4: Overzicht maatregelen korte termijn. De kosten en dekkingsbron worden nog met de beheerder vastgesteld. Maatregel Ontwikkelingsbeheer van voormalige PAS projecten: maaien en afvoeren + kleinschalig verwijderen van struweel Baggeren/schonen + wegvangen uitgezette vis Beweidingsbeheer (schapen/runderen) Monitoring van soorten, habitattypen, effectiviteit van beheer en abiotiek Kleinschalige verstuivingen

Categorie

Kosten Financieringsbron t/m 2025

Verwacht effect Kwaliteitsverbetering

Beheer

PM

PM

Beheer

PM

PM

Kwaliteitsverbetering Kwaliteitsverbetering Beheer

PM

PM Snel en effectief bijsturen van beheer

Onderzoek

PM

PM

Beheer

PM

PM

Intensivering regulier SNL-beheer

Beheer

PM

PM

Exotenbeheer

Beheer

PM

PM

Kwaliteitsverbetering Afvoeren stikstof uit systeem, continu op peil houden van kwaliteit Kwaliteitsverbetering

Conclusies doelrealisatie PM voor dit gebied. Analyse verwacht voor Q1 2022. - Tabel 5A: Conclusie natuurdoelanalyse voor habitattypen. - Tabel 5B: Conclusie natuurdoelanalyse voor habitatrichtlijn- en vogelrichtlijnsoorten.

42 Gebiedsagenda0.1 GGA Stikstof Duinen-Eilanden

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11287251/1