21 11 08 brief college visitatietraject VNG bijlage
Tekst van het document
o
Ontwikkelingen gebruik Wmo: door het ontbreken van een gedeelte van de data bij Hellevoetssluis en Westvoorne kan alleen voor Brielle de ontwikkeling worden gezien. In Brielle daalt het gebruik van hulpmiddelen en diensten tussen 2015 en 2019. Tussen 2016 en
26
o
o
2020 stijgt wel de ondersteuning thuis van 4 per 1000 inwoners (eerste helft 2016) tot 7 per 1000 inwoners in de eerste helft van 2020. Ook het hulp bij huishouden zet een stijging in: van 16 per 1000 inwoners in de tweede helft van 2018, tot 22 in de eerste helft 2020. Mantelzorg: 14,7 procent van de volwassen inwoners van Hellevoetsluis geeft in 2016 aan mantelzorg te verlenen, naast 11,5 procent in Brielle en 12,8 procent in Westvoorne. Dat is iets lager dan de 15,7 en 16,5 voor gemeenten uit de controlegroepen ‘tussen de 25.000 en 50.000 inwoners’ respectievelijk ‘minder dan 25.000 inwoners’. Beschermd wonen: Hellevoetssluis, Brielle en Westvoorne behoren tot de beschermd wonen-regio Nissewaard. In deze regio maken 1,1 inwoners per 1000 inwoners gebruik van een beschermd wonen-voorziening. Dat is lager dan het landelijk gemiddelde van 2,0 inwoners per 1000.
27
5.
Participatie
o
Ontwikkeling hoeveelheid inwoners met bijstand: is te zien in de onderstaande grafiek. In de eerste helft van 2020 is duidelijk het effect van de coronacrisis te zien. Hellevoetssluis en Brielle zien geen scherpe stijging in deze cijfers.
o
Gebruik re-integratievoorzieningen: het aantal re-integratievoorzieningen bereikt in Hellevoetssluis en Brielle een kleine piek in de periode 2017-2018 en neemt dan af tot respectievelijk 15,9 en 6,8 per 1000 inwoners in de tweede helft 2019. Dat is onder het landelijke gemiddelde van 17,6. In Westvoorne is het niveau constant laag rond de 5 tot 7.
28
6 Begroting & realisatie sociaal domein 2019 Zie onderstaande tabel voor de realisatie van Hellevoetsluis in 2019 op basis van IV3-cijfers.
Afwijkende realisatie ten opzichte van de controlegroepen: o
Ten opzichte van de controlegroepen geven alle gemeenten minder uit aan bijna alle taakvelden. o Hier zijn drie uitzonderingen op: Westvoorne geeft meer uit aan maatwerkvoorzieningen 18-, Hellevoetssluis geeft meer uit aan begeleide participatie en Brielle geeft meer uit aan samenkracht en burgerparticipatie. Afwijkende ontwikkeling 2017-2019 ten opzichte van de controlegroepen: o
Brielle en Westvoorne zien in de periode 2017-2019 een stijging van de totale uitgaven in het sociaal domein, vooral ten gevolge van meer uitgaven aan maatwerkdienstverlening 18-. De uitgaven van Hellevoetssluis blijven grotendeels stabiel.
Lasten per inwoner per taakveld 2019 - Gemeenten Brielle, Hellevoetsluis, Westvoorne Gemeente Brielle
Gemeente Hellevoetsluis
Gemeente Westvoorne
Nederland
42
COROPgebied GrootRijnmond 114
6.1 Samenkracht en burgerparticipatie 6.2 Wijkteams
127
59
51
1
32
98
59
6.3 Inkomensregelingen 6.4 Begeleide participatie
258
341
167
642
456
14
216
5
105
137
6.5 Arbeidsparticipatie
12
8
9
84
53
6.6 Maatwerkvoorziening (WMO)
26
26
8
33
40
6.71 Maatwerkdienstverlening 18+ 6.72 Maatwerkdienstverlening 18-
101
10
156
215
188
169
172
257
190
251
6.81 Geescaleerde zorg 18+
2
0
0
128
135
6.82 Geescaleerde zorg 18Totaal
2 762
0 833
0 676
44 1653
42 1479
118
29
Bijlage III – Bekostigingssystematieken1 Voor de bekostiging van de Jeugdhulp zijn een aantal systematieken die toegepast kunnen worden met ieder eigen voor- en nadelen en een eigen prikkelwerking. Afhankelijk van de visie van de gemeente als ook de mogelijkheden om de bijbehorende prikkelwerking te beantwoorden, kan de keuze gemaakt worden uit een van de volgende systematieken: Functiebekostiging Als gemeente bekostig je een aantal functies die (een deel van) de zorg kunnen verlenen ongeacht de specifieke vraag op een gegeven moment. Deze vorm van bekostiging wordt door veel gemeenten gehanteerd bij de bekostiging van wijkteams die vaak naast de toegang (staat hier los van) ook enkelvoudige zorgvragen oppakken (of bij spoed en hoogspecialistische zorg). Afhankelijk van de wijze waarop de gemeente deze wijkteams heeft georganiseerd (als onderdeel van de gemeente of in een aparte entiteit) heeft de gemeente hier meer of minder invloed. Voordeel: - Relatief grote (directe) invloed van de gemeente op het aanbod van lichte, enkelvoudige zorg Nadeel: - Risico (bijv. t.a.v. capaciteit) ligt bij de gemeente - Gericht op de populatie en niet op afzonderlijke ondersteuning. Sturing op kwaliteit is niet verankerd in de bekostiging.
Populatiebekostiging Bij populatiebekostiging stelt de gemeente een bedrag per inwoner beschikbaar (dat per ‘type’ inwoner nog wel kan verschillen) waarvoor alle afgesproken zorg geleverd moet worden, onafhankelijk van het daadwerkelijk gebruik van deze zorg. Van deze vorm van bekostiging is bijvoorbeeld sprake bij de huisartsenzorg. Deze vorm brengt daarnaast ook positieve en negatieve prikkelwerking met zich mee die vraagt om aanvullende afspraken om zodoende bijvoorbeeld wachtlijsten te voorkomen. Voordeel: - Werkt het beste bij zorg met een preventief karakter en zorg waar een heldere diagnose niet op de voorgrond staat Nadeel: - Weinig grip op de geleverde kwaliteit van zorg - Niet geschikt voor specialistische zorg Prikkelwerking: - Stimulans voor de zorgaanbieder tot doelmatig werken (+) - Stimulans voor de zorgaanbieder om in te zetten op preventie (+) - Risico op onderbehandeling (-) - Risico op wachtlijsten (-) Productiebekostiging (PxQ) Bij productiebekostiging betaald de gemeente een afgesproken prijs (P) maal het aantal keer dat een betreffend product/dienst (Q) is geleverd. Deze vorm van bekostiging sluit het beste aan bij de bekostiging die voorafgaand aan de decentralisaties voor een aantal zorgvormen werd gehanteerd (ambulante AWBZ, delen van de jeugdhulp) en is door veel gemeenten in eerste instantie overgenomen.
Deze bekostigingsvariant kan in verschillende situaties nog aangevuld worden met budgetplafonds Voordeel: - De bekostiging is eenvoudig en ook begrijpelijk voor cliënten Nadeel: - Administratieve lasten relatief hoog (verplichte urenadministratie) - (Bij budgetplafonds) risico op wachtlijsten Prikkelwerking: - Stimulans voor de zorgaanbieder om productie te draaien (meer cliënten, langere en/of intensievere trajecten, etc.) (-)
1
Dit betreft een snelle uiteenzetting van verschillende varianten, zonder volledigheid na te streven. Voor een uitgebreidere toelichting op perverse prikkels en mitigerende maatregelen zie de website van de VNG (via https://vng.nl/files/vng/toelichting-bekostigingsmodellen.pdf).
30
Resultaatsbekostiging De gemeente betaald niet voor de producten/diensten die feitelijk worden geleverd maar voor de resultaten die worden behaald, vaak in de vorm van een bedrag per traject. Daarbij komt het overigens zelden voor dat de vergoeding gekoppeld is aan de mate waarin het afgesproken resultaat behaald is. Voordeel: - Administratieve lasten kunnen relatief laag gehouden worden Nadeel: - Het formuleren van resultaten, en vervolgens meten, is lastig Prikkelwerking: - Stimulans voor de zorgaanbieder om effectiever te werken (+) - Stimulans voor de zorgaanbieder om samen te werken met andere zorgaanbieders (+) - Stimulans voor de zorgaanbieder om bepaalde trajecten niet langer aan te bieden (-)
31
Bijlage IV – Voorbeelden van sturingsmogelijkheden Hieronder zijn een aantal suggesties van sturingsmogelijkheden opgenomen waar gemeenten Helletvoetsluis, Brielle en Westvoorne op korte termijn mee zouden kunnen starten. Analyse tien duurste gezinnen Aantal geïndiceerde jeugdhulptrajecten per onderwijslocatie Percentage recidieven per aanbieder (herhaald beroep) Gemiddelde doorlooptijd per cliënt per aanbieder Gemiddelde wachttijd bij aanbieders Factuurgedrag per aanbieder Analyseer aanbieders met ontbrekende verwijzers Analyseer schooluitvaltrajecten in relatie met jeugdhulptrajecten
Bijlage V – Gesprekspartners
Gemeenten Hellevoetsluis, Brielle en Westvoorne Bert van Ravenhorst, wethouder Sociaal Domein Ronald Liplijn, consulent financiële planning & control Kelly van de Laar, strategisch beleidsadviseur Hans van der Velde, wethouder Sociaal Domein Yvonne Wildschut, strategisch adviseur Sociaal Domein Kees van der Plas, concerncontroller Wilbert Borgonjen, wethouder Sociaal Domein Zakia Belcaid, financieel consulent Anja van der Graaff, beleidsadviseur Sociaal Domein
Samenstelling visitatiecommissie Marjanne Sint, voorzitter commissie Marco Pastors, lid commissie Dave Ensberg, lid commissie
Adviseurs van de commissie Jelmer Staal, inhoudelijk/gemeentelijk expert Merel Venhuizen, consultant AEF Jonas van Leeuwen, consultant AEF Annette van den Bosch, Movisie Yannick Methorst, projectleider Visitatiecommissie Nouchka van Winkoop, toehoorder BZK
Bijlage VI – Bestuurlijke reactie X Hier voegt de vormgever de bestuurlijke reactie van de gemeenten in.