CConstaterende datWestvoorne
Koppel je AI →
Document · PDF

21 06 Monitor sociaal domein

Commissie IZ & Middelen 15 juni 2021, gemeente WestvoorneBij agendapunt: Monitor sociaal domein11.042 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Monitor Sociaal domein 2020 Westvoorne

1

Inhoudsopgave 1. Inleiding …………………………………………………………………….. 1.1 Bronnen…………………………………………………………………. 1.2 Omvang monitor……………………………………………………….. 1.3 Managementinformatie………………………………………………… 1.4 Leeswijzer………………………………………………………………. 2. Wet maatschappelijke ondersteuning…………………………………. 2.1 Algemene ontwikkelingen ……………………………………………. 2.2 Aantallen………………………………………………………………… 2.3 Uitgaven…………………………………………………………………. 2.4 Klachten en bezwaarschriften………………………………………… 2.5 Cliëntervaringsonderzoek…………………………………………… 3. Jeugdwet……………………………………………………………………. 3.1 Algemene ontwikkelingen …………………………………………….. 3.2 Aantallen………………………………………………………………… 3.3 Uitgaven………………………………………………………………… 3.4 Klachten en bezwaarschriften………………………………………… 3.5 Cliëntervaringsonderzoek ….………………………………………… 4. Participatiewet en minimabeleid……………………………………….. 4.1 Algemene ontwikkelingen……………….……………………………. 4.2 Aantallen…………………………………………………..……………. 4.3 Uitgaven………………………………………………………………… 4.4 Klachten en bezwaarschriften………………………………………… 4.5 Cliëntervaringsonderzoek ….………………………………………… 5. Overig……………………………………………………………………….. 5.1 Statushouders……………………………………………………………. 5.2 Slachtofferhulp………………………………………………………….. 5.3 Zorgregisseur……………………………………………………………. 6. Conclusie en blik op 2021…………………………………………………

pagina 3 3 3 3 3 4 4 5 13 14 14 18 18 20 27 29 29 32 32 32 37 40 40 42 42 42 43 44

2

1. Inleiding Sinds 2015 zijn gemeenten verantwoordelijk voor uitvoering van de Wmo, Jeugdwet en Participatiewet. Met de Monitor Sociaal domein wordt de stand van zaken van het gebruik van deze drie wetten in kaart gebracht. De monitor beoogt zodoende inzicht te geven in de prestaties, informatie te leveren aan de gemeenteraad en burgers en is een middel om eventueel te signaleren of bij te sturen op het gevoerde beleid. In de monitor wordt gerapporteerd over het jaar 2020 op financieel en uitvoerend vlak. Van belang is daarbij dat genoemde cijfers niet op zichzelf staan en duiding vereisen. Er wordt getracht om deze duiding zoveel mogelijk te geven op overzichtelijke wijze.

1.1 Bronnen De gebruikte bronnen voor het opstellen van deze monitor zijn waarstaatjegemeente.nl, CBS, Eurostat, de burgerlijke stand, de managementrapportages team WIS, de jaarlijkse plaatsingsgegevens van JeugdzorgPlus, het Nederlands Jeugdinstituut, de cliënttevredenheidsonderzoeken Wmo, Jeugdwet en Participatiewet, de Dementiemonitor Zuid-Hollandse Eilanden, diverse jaarverslagen en de wekelijks verstrekte dashboards vanuit Hellevoetsluis.

1.2 Omvang monitor In de monitor wordt met name gekeken naar het gebruik van maatwerkvoorzieningen. Maatwerkvoorzieningen bieden ondersteuning afgestemd op wensen, persoonskenmerken, mogelijkheden en specifieke behoeftes van een individu. Naast deze maatwerkvoorzieningen biedt de gemeente ook algemene voorzieningen; voorzieningen die openbaar toegankelijk zijn. Deze algemene voorzieningen komen niet aan bod in de monitor.

1.3 Managementinformatie De gemeente Hellevoetsluis verzorgt vanaf 2007 de uitvoering van de Wmo en Jeugdwet voor Westvoorne. De gemeente Hellevoetsluis is als gevolg daarvan verantwoordelijk voor de inhoud en de kwaliteit van de uitvoering en voor het voorzien van Westvoorne van de benodigde managementinformatie. De samenwerking is geformaliseerd in een dienstverleningsovereenkomst. Met de in 2020 nieuw overeengekomen dienstverleningsovereenkomst wordt beoogd de samenwerking te bestendigen en tevens op diverse punten te verbeteren. Een deel van de informatie wordt via wekelijkse dashboards verstrekt. Deze dashboards worden vanaf augustus 2019 verstrekt. Voor augustus 2019 was er nauwelijks sprake van informatievoorziening over de uitvoering vanuit Hellevoetsluis. Een en ander maakt dat een vergelijking van 2020 met 2019 slechts beperkt kan worden gemaakt. Een vergelijking tussen 2020 en de komende jaren zal naar verwachting steeds beter lukken. Gegevens over de uitvoering en financiën van de Participatiewet worden in Westvoorne verwerkt en bijgehouden.

1.4 Leeswijzer De in de monitor genoemde aantallen en bedragen zien op de gemeente Westvoorne tenzij anders is aangegeven.

3

2. Wet maatschappelijke ondersteuning Onderstaand wordt eerst in kaart gebracht welke vormen van zorg en ontwikkelingen in 2020 hebben plaatsgevonden, vervolgens wordt de Wmo aan de hand van aantallen in kaart gebracht, daarna aan de hand van uitgaven. Tot slot komen de resultaten van het cliëntervaringsonderzoek aan bod.

2.1 Begrippen en algemene ontwikkelingen Begrippen De aangeboden vormen van zorg zijn onder te verdelen in drie categorieën: - Begeleiding Hieronder valt: individuele ondersteuning, groepsgewijze ondersteuning, kortdurend verblijf, beschermd wonen, kortdurend verblijf, ondersteuning participatie, ondersteuning zelfredzaamheid en vervoer dagbesteding. - Hulp bij huishouden - Hulpmiddelen Hieronder vallen: rolstoelvoorzieningen, vervoersvoorzieningen1 en woonvoorzieningen.

Algemene ontwikkelingen In 2019 werd een toename van cliënten waargenomen voor maatwerkvoorzieningen, met name voor hulp bij huishouding. Een belangrijke oorzaak daarvan is gelegen is de invoering van het abonnementstarief ter vervanging van de inkomens- en vermogensafhankelijke eigen bijdrage. Eerder werd enerzijds naar inkomen en vermogen van cliënten gekeken en anderzijds tevens naar de mate, soort en kosten van de gebruikte voorzieningen. Het abonnementstarief rekent met een maximaal vast bedrag (in 2020 € 19,00) per vier weken ongeacht inkomen, vermogen en mate van verzochte ondersteuning. Als gevolg daarvan is het voor inwoners in hogere inkomens- en vermogensklassen aantrekkelijker geworden een beroep te doen op de Wmo. Voor 2020 is te zien dat deze trend zich heeft doorgezet: het aantal Wmo-cliënten is gestegen en met name bij hulp met huishouding stijgt het aantal fors, zeker ook bij inwoners die dit eerder zelf organiseerden. Daarnaast neemt het aantal ouderen toe als gevolg waarvan het aandeel van inwoners met chronische ziekten en dementie toeneemt. Ook zet de trend zich voort dat ouderen steeds langer in de eigen omgeving blijven wonen. Gemeenten staan daardoor voor de opgave de zorg meer en meer in de eigen omgeving te organiseren. De toenemende vraag naar ondersteuning maakt dat er meer financiële druk op de gemeentelijke begroting staat.

De stijging van de lonen in de huishoudelijke hulp leidt tot extra druk op de begroting.

COVID-19 Als gevolg van de coronacrisis hebben dagbestedingsactiviteiten enige tijd stil gelegen. Er zijn naar mate de crisis vorderde signalen ontvangen vanuit de uitvoering, het gebiedsteam en de zorgregisseur dat het werk moeilijker werd. De uitvoering werd bemoeilijkt door de maatregelen, zo was het lastiger achter de voordeur te komen bij cliënten en moeilijker om 1

Met vervoersvoorzieningen worden bedoeld hulpmiddelen zoals scootmobielen en aangepaste fiets(onderdelen). 4

multidisciplinaire overleggen te organiseren. Daarnaast hebben zich op financieel gebied bijzonderheden voor gedaan. Er zijn afspraken gemaakt over inkomstenderving, compensatiekosten, meerkosten en inhaalzorg waarbij de gemeente de richtlijnen van de VNG in acht heeft genomen.

2.2 Aantallen Ontwikkeling bevolkingssamenstelling en totalen Hoewel ouder worden niet betekent dat er ook zorg of ondersteuning nodig is, neemt de zorgvraag in het algemeen genomen wel toe naar mate de leeftijd hoger wordt. Onderstaand een tabel met de leeftijdsopbouw voor 2020 van de gemeente Westvoorne (gespecificeerd naar kern en leeftijd). Leeftijd Oostvoorne Rockanje Tinte 0-9 651 483 41 10-19 820 672 64 20-29 630 570 57 30-39 710 531 42 40-49 952 795 83 50-59 1.228 1.152 122 60-69 1.178 1.037 92 70-79 990 844 42 80-89 535 367 20 90+ 122 75 1 Totaal 7.816 6.526 564 Bron: burgerzaken gemeente Westvoorne

Westvoorne 1.041 1.552 1.280 1.254 1.786 2.501 2.301 1.896 949 221 14.906

Percentage bevolking 7,0% 10,4% 8,6% 8,4% 12,0% 16,8% 15,4% 12,7% 6,4% 1,5% 100%

Tevens onderstaand een tabel met de ontwikkeling van de demografische druk, dat wil zeggen de mate waarin werkenden voorzien in het onderhoud van niet werkenden. Groene druk is het aantal jongeren dat wordt onderhouden door werkenden in de populatie en grijze druk is het aantal ouderen dat wordt onderhouden door werkenden in de populatie.

5

De levensverwachting wordt in onderstaande grafiek en tabel weergegeven. De grafiek geeft de meest recente cijfers voor de EU en landelijk (2019) en de tabel geeft de meest recente cijfers voor Westvoorne (2016). Uit de grafiek volgt dat de levensverwachting nog altijd stijgend is. Wanneer dat wordt afgezet tegen de levensverwachting qua leeftijd in de tabel is te zien dat de levensverwachting in de gemeente bovengemiddeld hoog is. Naar verwachting is deze nog hoger nu het cijfers van 2019 voor Nederland en van 2016 voor Westvoorne betreffen. Actuele cijfers van Westvoorne liggen daarom waarschijnlijk nog hoger.

6

Levensverwachtin g Nederland – mannen – vrouwen Westvoorne – mannen – vrouwen Bron: CBS

Bij geboorte 81,5 80,5 83,6 82,4 80,0 84,9

Bij 65 jaar 20,1 18,8 21,2 20,6 18,6 22,5

Te zien is dat de vergrijzing langzaam toeneemt alsook de levensverwachting. Deze twee ontwikkelingen zullen er hoogstwaarschijnlijk voor zorgen dat de trend van toenemend Wmo gebruik zich blijft doorzetten. Onderstaand eerst een globaal overzicht van de voorzieningen met ook een vergelijking van het gebruik ten opzichte van 2018 en 2019, daarna een overzicht van het gebruik van de regiotaxi en vervolgens meer specifieke tabellen en cirkeldiagrammen met het gebruik per voorziening. Uit het globale verbruik volgt dat drie soorten begeleiding fors zijn toegenomen en dat de aanvragen voor hulp bij huishouding aanzienlijk omhoog zijn gegaan in 2020. Voor het gebruik van rolstoelen, vervoers- en woonvoorzieningen zijn geen noemenswaardige wijzigingen waar te nemen. Voorziening Begeleiding Hulp bij huishouding Rolstoelvoorziening Vervoersvoorziening Woonvoorziening

Per 1-1-2018 107 260 158 85 23

Per 1-1-2019 108 260 148 86 22

Per 24-12-2019 108 337 146 105 22

Per 28-12-2020 103 362 153 114 23 7

Totaal

633

624

718

755

Onderstaand een kort overzicht van het gebruik van collectief vraagafhankelijk vervoer. Regiotaxi op basis van een Wmo indicatie 75 plussers totaal

2020 380 49 429

Gebruik voorzieningen begeleiding Soort begeleiding Groepsgewijze ondersteuning Ondersteuning participatie basis Ondersteuning participatie basis inclusief vervoer Ondersteuning participatie extra Ondersteuning participatie specialistisch Ondersteuning zelfredzaamheid basis Ondersteuning zelfredzaamheid basis Professionele instelling Ondersteuning zelfredzaamheid extra Ondersteuning zelfredzaamheid extra Informele hulpverlener Ondersteuning zelfredzaamheid extra Professionele instelling Ondersteuning zelfredzaamheid extra Professionele ZZP Ondersteuning zelfredzaamheid specialistisch Respijt- en spoedzorg - 24 uurs zorg maandag t/m vrijdag 00:00 - 24:00 Respijt- en spoedzorg - 24 uurs zorg zaterdag, zondag en feestdagen 00:00 - 24:00 Vervoer dagbesteding Vervoer dagbesteding GGZ Vervoer dagbesteding GHZ Vervoer dagbesteding rolstoel GHZ Vervoer Wmo begeleiding - dagbesteding (in km) Totaal

2019 3 4 1 54 3 10 4 37 1 1 1 5 1

2020 6 6 0 103 3 7 2 60 0 1 1 22 0

1 39 3 1 1 4 174

0 61 4 2 4 5 287

8

Aanbieder Antes ASVZ Attenza B.V. Boba Careyn (WMO) Catharina Stichting (WMO) De Vier Gewesten B.V. (DVG) DirectZorg Home Instead Zuid-Hollandse Eilanden B.V. Impegno Jan Arends B.V. (WMO) Parnassia Groep Stichting Gemiva-SVG Groep Stichting Humanitas voor Dienstverlening aan Mensen met een Hulpvraag Stichting Pameijer Stichting Zuidwester SVB sociale verzekeringsbank Zorgboerderij Land-Goed (WMO) Totaal

2019 12 4 2 1 36 64 4 3 0 2 1 0 3 0 18 2 9 12 173

2020 0 7 0 2 63 96 5 8 2 4 2 23 6 5 32 6 5 20 286

Uit bovenstaande tabellen volgt dat er een forse stijging is van begeleiding aan dementerenden en inwoners die gebruiken maken van de geestelijke gezondheidszorg. Voor beide groepen past dit in een landelijke trend van toename. Als gevolg van toenemende vergrijzing en het langer thuiswonen, hebben inwoners meer zorg in de eigen omgeving nodig. Ook voor de inwoners met psychische problematiek geldt dat minder snel wordt overgegaan tot opname en inwoners langer zorg in eigen omgeving ontvangen. Het is niet uit te sluiten of de toename deels ook een verband heeft met de coronacrisis. Betaalvorm: zorg in natura en PGB

Aantal dossiers per betaalvorm PGB; 6; 2%

ZIN; 277; 98%

Gebruik voorzieningen hulp bij huishouding 9

Soort hulp Huish. onderst. 4 Informele hulpverlener Huish. onderst. 4 Prof. instelling Huish. onderst. 4 Prof. ZZP Huishoudelijke ondersteuning 1 Huishoudelijke ondersteuning 2 Huishoudelijke ondersteuning 3 Huishoudelijke ondersteuning 4 HV2 Totaal

2019 9 2 3 252 72 3 6 1 348

2020 9 3 2 570 132 8 12 0 736

Er is een forse stijging waar te nemen van de twee lichtste vormen van huishoudelijke ondersteuning. Niveau 1 houdt in dat de cliënt zelf de regie heeft over zijn/haar huishouden en aangeeft wat er nodig is in huis. Bij niveau 2 is hulp nodig bij de organisatie van het huishouden. De hulp neemt over wat de cliënt zelf niet meer kan en geeft eventueel advies. De forse stijging is te verklaren door de invoering van het abonnementstarief, de vergrijzing en het feit dat ouderen langer thuis blijven wonen. Aanbieder

2019

Actief HuisZorg B.V. Royal Topzorg B.V. Stichting Curamare SVB sociale verzekeringsbank Thuiszorg DAT B.V. T-Zorg zorgkantoor (WMO) Totaal

1 1 12 26 14 28 266 348

2020 0 4 43 86 14 60 529 736

Betaalvorm: zorg in natura en PGB

Aantal dossiers per betaalvorm PGB 14 2%

ZIN 722 98%

Gebruik voorzieningen hulpmiddelen 10

Rolstoelvoorziening Rolstoel HBW - Incidenteel Aandrijf/trapond. LB Rolstoel HBW - Semi Permanent Rolstoel HBW - Permanent Rolstoel HBW - Actief Permanent Rolstoel Elektrisch Totaal

2019

2020

Vervoersvoorziening Toevoeging Aandrijf- of trapondersteuning Aandrijf/trapond. HB tbv tweewielfiets Scootmobiel Fiets BTW hoog (2-wielfiets en -tandem) Fiets BTW laag (driewielfiets/tandem en HB) Zitje Vervoersvoorziening CVV WMO CVV Wmo-tarief Overige vervoersvoorziening Vervoerskostenvergoeding Vervoersvoorzieningvergoeding Totaal

2019

Woonvoorziening Huur Bad/Douche/Toiletvoorz. BTWH Huur Bad/Douche/Toiletvoorz. BTWL Tillift (Passief en Actief) Overige woonvoorzieningen Traplift Totaal

2019

76 23 24 19 38 20 200

80 22 26 17 36 20 201 2020

6 6 81 3 15 1 1 1 2 5 1 123

7 8 89 4 16 1 1 1 1 5 0 133 2020

3 10 15 1 1 30

2 16 12 1 1 32

11

Verhouding voorzieningen

Verhouding rol-vervoers en woonvoorzieningen woon 32 9%

vervoer 133 36%

rolstoel 201 55%

Mantelzorgers In 2020 hadden 356 mensen een mantelzorgpas in Westvoorne ten opzichte van 320 in 2019. Dit betreffen de geregistreerde mantelzorgers en de kans is reëel dat de groep mantelzorgers groter is maar niet geheel bij de gemeente in beeld is. De Voornse gemeenten hebben een actieplan mantelzorg opgesteld speciaal om te faciliteren dat mantelzorgers zoveel als mogelijk worden ondersteunt en ter voorkoming van overbelasting. Stichting MEE en SBO zijn in Westvoorne verantwoordelijk het bereiken van de mantelzorgers. Beide partijen voorzien in ondersteuning van mantelzorgers. Stichting MEE is ketenpartner en is aangesloten bij diverse soorten netwerken om mantelzorgers in beeld te krijgen. Zo onderhoudt Stichting MEE bijvoorbeeld contacten met scholen. Ook verspreidt Stichting MEE nieuwsbrieven, adverteert zij en onderhoudt zij sociale media kanalen om de doelgroep te bereiken. Daarnaast organiseert Stichting MEE de dag van de mantelzorger en de week van de jonge mantelzorger. Verder registreert Stichting MEE de mantelzorgers ten behoeve van de mantelzorgwaardering. Onderstaand nog enkele regionale en landelijke cijfers met betrekking tot mantelzorgers van dementerenden. De meest gebruikte vormen van professionele ondersteuning en zorg in de regio zijn casemanagement (93%), hulp bij huishouden (46%) en groepsactiviteiten voor naaste (46%).

Gemiddeld besteedt men 55 uur per week aan mantelzorg en 57% staat er alleen voor bij de zorg voor de naaste.

Mantelzorgers dementerenden

Regionaal

Landelijk 12

Dag en nacht zorg/dagelijkse zorg Gevoel van zwaar, zeer zwaar of overbelast Minder sociale contacten Eenzaamheid Hulp van omgeving na verzoek daartoe Ongevraagde hulp uit sociale omgeving Begrip voor situatie naaste Aandeel vrouw Jonger dan 65 jaar

69% 56% 33% 16% 80% 34% 83% 75% 47%

52% 53% 32% 23% 81% 35% 80% 68% 53%

Bron: Dementiemonitor Zuid-Hollandse Eilanden

2.3 Uitgaven Onderstaand een financieel totaaloverzicht uitgesplitst naar onderdeel en vervolgens het betreffende onderdeel uitgediept. Onderdeel

Begroot 2020

Inkooptaken Voorne Lokale taken (o.a. mantelzorgcompliment en cliëntondersteuning) Lokale taken Wmo (o.a. voorzieningen en kosten uitvoering) Totaal

€ 912.758,-

Werkelijk 2020 € 872.232,-

Werkelijk 2019 € 936.675,-

Werkelijk 2018 € 524.240,-

€ 206.373,-

€ 154.730,-

€ 211.723,-

€ 246.680,-

€ 1.854.345,€ 2.973.476,-

€ 1.910.381,€ 2.937.344,-

€ 1.651.084,€ 2.799.482,-

€ 1.490.911,€ 2.261.831,-

Inkooptaken Voorne De kosten voor extramuraal ZIN geven de kosten weer voor de hulp bij huishouding waar sinds 2019 het abonnementstarief is ingevoerd.

Extramuraal ZIN Intramuraal ZIN PGB (trekkingsrecht) Totaal

Begroot 2020

Werkelijk 2020

€ 812.758,€ 25.000,€ 75.000,912.758,-

€ 820.825,€ 0,€ 51.500,€ 872.232,-

Werkelijk 2019 € 869.676,€ 0,€ 67.000,€ 936.675,-

Werkelijk 2018 € 448.444,€ 0,€ 75.796,€ 524.240,-

Lokale taken De kosten voor het mantelzorgcompliment zijn gestegen als gevolg van het toegenomen aantal mantelzorgers dat in beeld is bij de gemeente alsmede door de stijgende kosten in uitbesteding. Per 2021 is ervoor gekozen de mantelzorgcompliment niet langer door een derde partij te laten verzorgen hetgeen op termijn kosten zal besparen. In 2021 zal ook sprake zijn van uitloop in kosten om de overgang soepel te laten verlopen voor mantelzorgers. De posten Ouderen cliëntondersteuning en MEE zijn samengevoegd zodat onder deze post zowel de ondersteuning door SBO als door MEE valt. De hulpverlening die MEE verleent aan jeugdigen is ondergebracht in de kostenpost die ziet op het gebiedsteam. De wijzigingen in de budgetten betreffen zodoende enkel een administratieve kwestie. 13

Begroot 2020 Collectieve zorgverzekering Mantelzorgcomplim ent Ouderen cliëntondersteuning Inloop GGZ MEE cliëntondersteuning (incl. Jeugdzorg) Lokaal risicobudget Totaal

Werkelijk 2020

Werkelijk 2019

€ 0,-

€ 0,-

€ 0,-

Werkelijk 2018 € 43.914,-

€ 40.973,-

€ 42.584,-

€ 33.395,-

€ 27.075,-

€ 113.400,-

€ 90.500,-

€ 24.182,-

€ 23.332,-

€ 0,€ 0,-

€ 0,€ 0,-

€ 25.000,€ 64.852,-

€ 39.064,€ 64.852,-

€ 52.000,€ 206.373,-

€ 21.646,€ 154.730,-

€ 64.294,€ 211.723,-

€ 48.443,€ 246.680,-

Lokale taken Wmo Er is een toename voor woonvoorzieningen, vervoersvoorzieningen en hulp bij huishouden. Dit heeft mede te maken met de toenemende vergrijzing binnen de gemeente en de stijgende levensverwachting. Daarnaast speelt de wijziging in de eigen bijdrage een rol (zie paragraaf 2.1). De kosten voor Algemene voorzieningen zijn met name gestegen als gevolg van de verstrekte subsidie van € 12.840,- aan de Dorpshuiskamer, maar paste wel binnen budget. De toegenomen kosten voor de uitvoering door Hellevoetsluis valt naast de toegenomen aantallen te verklaren door het feit dat de dienstverleningsovereenkomst is herzien na onderzoek door Berenschot. De in rekening gebrachte tarieven zijn gebaseerd op landelijke gemiddelden.

Woonvoorzieningen Vervoersvoorziening en Hulp bij huishouden Eigen bijdragen Algemene voorzieningen PGB Eerstelijnsloket (kosten uitvoering Hellevoetsluis) Totaal

Begroot 2020

Werkelijk 2020

Werkelijk 2018

€ 144.000,€ 476.170,-

Werkelijk 2019 € 123.745,€ 435.027,-

€ 120.000,€ 463.706,€ 735.000,-/- € 52.274,€ 87.913,-

€ 802.464,-/- € 66.018,€ 84.912,-

€ 705.916,-/- € 130.387,€ 69.879,-

€ 694.519,-/- € 237.016,€ 79.193,-

€ 50.000,€ 450.000,-

€ 50.268,€ 418.584,-

€ 53.004,€ 393.900,-

€ 61.757,€ 413.007,-

€ 1.854.345,-

€ 1.910.381,-

€ 1.651.084,-

€ 1.490.911,-

€ 127.499,€ 351.952,-

2.4 Klachten en bezwaarschriften Er zijn drie klachten ontvangen waarvan er inmiddels twee zijn afgehandeld en één is aangehouden. Laatstgenoemde klacht is aangehouden in afwachting van een persoonlijk gesprek. Klager heeft geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid om bezwaar te maken maar desondanks heeft de gemeente de klacht wel in behandeling genomen. Er zijn daarnaast geen bezwaarschriften behandeld in de bezwaarcommissie. 14

2.5 Cliëntervaringsonderzoek Met het cliëntervaringsonderzoek legt de gemeente verantwoording af over het uitgevoerde Wmo-beleid aan de gemeenteraad en aan inwoners conform de wettelijke verplichting van artikel 2.5.1 van de Wmo. Er is gebruik gemaakt van de landelijke, standaard vragenlijst zoals opgesteld door de VNG. Deze vragenlijst is aangevuld met vragen over de volgende onderwerpen: het keukentafelgesprek, ervaringen met de geboden ondersteuning, mantelzorg en eenzaamheid. De ondervraagden betreffen cliënten die in 2020 hulp hebben ontvangen. De resultaten zijn overwegend positief. Zorgelijk zijn de resultaten omtrent eenzaamheid en mantelzorgbelasting. De hoogte van respons is wederom omhoog gegaan, wat een realistischer beeld geeft van de ervaringen van cliënten. Gemiddeld geven cliënten de gemeente een cijfer 8 (2019: 8 en 2018: 7,6) voor de manier waarop zij geholpen zijn bij het aanvragen van ondersteuning. Onderstaand treft u de resultaten van het onderzoek aan.

Respons Responspercentage blijft stijgen, wat maakt dat de uitkomsten van het onderzoek betrouwbaarder worden.

Verzonden vragenlijsten Bruikbare vragenlijsten Responspercentage

2020 455 280 62%

2019 262 134 51%

2018 298 136 45,6%

2017 229 91 40%

2016 745 123 17%

Contact met de gemeente Over het algemeen zijn cliënten positief over het contact met de gemeente. De bekendheid met een cliëntondersteuner blijft aan de lage kant. Cliënten die wisten waar te zijn vonden dat zij snel zijn geholpen zich serieus genomen voelden vonden dat samen naar oplossingen werd gezocht op de hoogte zijn van cliëntondersteuner

2020 78% 74% 86% 81%

2019 82% 76% 94% 88%

2018 73% 73% 81% 76%

2017 86% 78% 83% 80%

2016 75% 70% 82% 80%

31%

38%

28%

36%

24%

Mening over kwaliteit Cliënten zijn net als voorgaande jaren positief over de kwaliteit van de zorg en/of ondersteuning die zij krijgen. Cliënten die van mening zijn dat de zorg/ondersteuning goed is de zorg/ondersteuning passend is

2020 84% 84%

2019 86% 88%

2018 80% 81%

2017 77% 77%

2016 69% 66%

15

Resultaat zorg/ondersteuning De zorg en/of ondersteuning wordt door cliënten nog altijd als positief ervaren. De zelfredzaamheid van cliënten wordt vergroot door de zorg en/of ondersteuning. Cliënten die door de zorg/ondersteuning beter dingen kunnen doen zich beter kunnen redden een betere kwaliteit van leven ervaren

2020 78% 85% 77%

2019 80% 83% 84%

2018 76% 82% 67%

2017 78% 87% 72%

2016 63% 67% 65%

Keukentafelgesprek Ten opzichte van eerdere jaren is het aantal cliënten dat een keukentafelgesprek heeft gehad sterk gedaald. Hoogstwaarschijnlijk kan deze daling worden verklaard door de maatregelen rondom de coronacrisis.

Keukentafelgesprek gehad Tevreden over gekozen oplossing Ontevreden over gekozen oplossing

2020 27% 89% 2%

2019 79% 90% 7%

2018 60% 82% 8%

2017 47% 73% 19%

2016 36% 19% 32%

Mantelzorg Het vertrouwen in de belastbaarheid van de mantelzorgers is groot, maar het percentage dat de zorg een beetje of niet aan kan, is niettemin aanzienlijk.

Aanwezigheid mantelzorger Mantelzorger lijkt het aan te kunnen Mantelzorger lijkt het grotendeels aan te kunnen Mantelzorger lijkt het een beetje aan te kunnen Mantelzorger lijkt het niet aan te kunnen

2020 43% 44% 46%

2019 45% 28% 58%

2018 50% 44% 42%

2017 65% 49% 44%

2016 onbekend 56% onbekend

9%

9%

10%

7%

onbekend

0%

5%

4%

0%

19%

Eenzaamheid De cijfers omtrent eenzaamheid zijn aanhoudend hoog. Voor 2020 wordt corona als grote oorzaak genoemd waardoor isolement is ontstaan. Veel cliënten ervaren het alleen zijn als reden voor eenzaamheid. Zij zijn alleenstaand, hebben weinig familieleden en te maken met het verlies van een partner. Een groot deel van de cliënten geeft aan dat zij geen netwerk, sociale contacten of vrienden hebben. Inwoners lijken niet erg bekend met de optie om hulp van de gemeente te kunnen verkrijgen bij eenzaamheid. De gemeente zal daar nader op in gaan zetten.

Nooit eenzaam

2020 41%

2019 61%

2018 45%

2017 44% 16

Soms eenzaam Meestal eenzaam Altijd eenzaam Bekend met mogelijkheid ondersteuning gemeente

53% 4% 2% 38%

30% 7% 2% 34%

49% 6% 0% 33%

47% 6% 3% 36%

Open vraag Aan cliënten is in een open vraag gesteld of zij opmerkingen hebben over de zorg of ondersteuning. Veel cliënten geven aan tevreden te zijn over de huidige hulp; alles is goed geregeld en verloopt prima. Diverse cliënten geven aan graag een uitbreiding van de huishoudelijke hulp te wensen omdat deze nu niet aan alles toekomt. Opgemerkt wordt dat het aan de zorgaanbieder is te bepalen hoeveel uren nodig zijn nu wordt geïndiceerd op resultaat en niet op aantal uren. Het grootste deel van de cliënten is evenwel tevreden over de geboden huishoudelijke hulp, de leveringen van hulpmiddelen en woningaanpassingen. Verder geven enkele cliënten aan dat de vele wisselingen in personeel en tijden onprettig zijn. Ook geven sommige cliënten aan dat de hulpaanvraag moeizaam is verlopen.

17

3. Jeugdwet Onderstaand wordt eerst in kaart gebracht welke vormen van hulp zijn verleend en welke ontwikkelingen in 2020 hebben plaatsgevonden, vervolgens wordt de Jeugdwet en lokale jeugdhulp aan de hand van aantallen in kaart gebracht, daarna aan de hand van uitgaven. Tot slot komen de resultaten van het cliëntervaringsonderzoek aan bod.

3.1 Algemene ontwikkelingen Het aantal kinderen en jongeren tot 23 jaar dat in 2020 jeugdhulp, jeugdbescherming of jeugdreclassering heeft ontvangen bedraagt landelijk gezien bijna 10%. In 2019 lag dit percentage landelijk nog op 13%. Voor jeugdhulp gaat het landelijk gezien om 417.000 kinderen ten opzichte van 431.000 kinderen in 2019. De duur van afgesloten jeugdhulp trajecten is gestegen van 360 dagen in 2019 naar 391 dagen in 2020. Het aantal jongeren in JeugdzorgPlus (gesloten jeugdzorg) is landelijk gezien in 2020 met 18% afgenomen ten opzichte van 2019. JeugdzorgPlus is onderverdeeld in vijf regio’s, waarvan Westvoorne valt onder de regio Zuid-West. In de regio Zuid-West is de daling zelfs 30%. Onderstaande tabellen geven de aantallen plaatsingen en aantallen jeugdigen weer op landelijk en regionaal gebied.

Bron: jaarlijkse plaatsingsgegevens JeugdzorgPlus

Bron: jaarlijkse plaatsingsgegevens JeugdzorgPlus

Dit aantal is al langer dalend en lijkt het gevolg te zijn van enerzijds beter beleid bij gemeenten en jeugdzorginstellingen en anderzijds van inzet op alternatieve en beter passende vormen van zorg. Daarbij wordt wel de kanttekening geplaatst dat de aanzienlijke afname mogelijk ook deels door de coronacrisis zou kunnen worden verklaard. Als gevolg van de coronacrisis zijn jongeren mogelijk minder goed in beeld gekomen bij hulpverleners.

18

Op het gebied van pleegzorg is te zien dat het aantal 18-plussers in de pleegzorg is gestegen als gevolg van beleid dat plaatsingen tot 21 jaar mogelijk maakt.2 Regionaal is in opdracht van het algemeen bestuur van de GRJR is in 2020 een gezamenlijke visie ontwikkeld: Nabij en passend; Regiovisie Jeugdhulp Regio Rijnmond. De visie heeft tot doel om de hulp aan kwetsbare kinderen en gezinnen verder te versterken. Het is de bedoeling om kansen en mogelijkheden te benutten door te investeren in een sterke lokale infrastructuur, een betere aansluiting van de regionale en lokale infrastructuur en te kiezen voor het leren en ontwikkelen vanuit partnerschap. De redenen om te komen tot een visie zijn uiteenlopend: een toename van de kosten en discussie over de oorzaak van de stijgende kosten, behoefte aan grip en lokale sturing op kwaliteit vanuit gemeenten, de ambitie om hulp af te bouwen indien mogelijk, gesignaleerde wachtlijsten met diverse gevolgen en de behoefte aan completere informatievoorziening. In de tweede helft van 2020 is er in de GRJR formatie uitbreiding gerealiseerd voor de informatievoorziening en is een dashboard me sturingsinformatie ontworpen. Naar verwachting krijgen gemeenten in 2021 gefaseerd toegang tot dit dashboard.

Verder is binnen de GRJR besloten de contracten met aanbieders te verlengen tot en met 2022 onder de voorwaarden dat tijdig wordt gedeclareerd, wachttijden worden aangepakt, BSN te verstrekken bij informatie over wachttijden en geen hulp te verlenen voor toewijzing. Voor 2023 is een nieuwe aanbesteding nodig. Als uitwerking van de regiovisie zal een deel van de daghulp/-besteding (perceel D) en ambulante hulp (perceel E) lokaal worden ingekocht in plaats van regionaal. Het Centrum voor Jeugd en gezin heeft voor de regio Rotterdam-Rijnmond een top zes van signalen in kaart gebracht die aandacht verdienen. Het betreft (complexe) scheidingen, opvoedproblemen, school(ziekte)verzuim, wachtlijsten, overgewicht en schermgebruik en sociale media.

COVID-19 De coronacrisis heeft uiteenlopende gevolgen op het gebied van de jeugdzorg gehad: moeilijker of geen contact met betrokkenen, stijgende werkdruk en grotere zorgen om jeugdigen. Naast grotere zorgen om de jeugdigen wegens het gebrek aan zich achter de voordeur, zijn er ook positieve geluiden ontvangen van gezinnen met veerkracht en creativiteit. Daarbij werden sommige aanbieders door de coronacrisis gestimuleerd om alternatieve vormen van hulverlening te ontwikkelen. Zo heeft Veilig Thuis een chatfunctie ingevoerd. De crisis heeft een effect op de afname van in- en uitstroom gehad. Er is een afname van ambulante jeugdzorg en huisartsbezoeken en door uitgestelde behandelingen daalde ook de uitstroom. Voor deze effecten spelen ook personele en financiële problemen van aanbieders mogelijk een rol.3 Opgemerkt wordt dat niet duidelijk is welk deel van de wijzigingen op in- en uitstroom kunnen worden toegeschreven aan de coronacrisis en welk deel aan andere factoren.

2 3

CBS Nederlands Jeugdinstituut en CBS 19

Verder is vanaf de zomer een forse toename gemeld van jeugdigen die met spoed hulp nodig hebben vanwege zeer ernstige, vaak psychiatrische klachten. Deze kinderen zijn voorgegaan op de regulier wachtende kinderen. Eind 2020 hebben aanbieders de noodklok geluid over de lange wachttijden. Voor de GRJR werd pas in het laatste kwartaal van 2020 duidelijk dat de wachtlijsten aan het oplopen waren als gevolg van de oplopende hulpvraag door de tweede lockdown. De GRJR heeft op dat moment ook moeten constateren dat de uitgaven hoger waren dan begroot. De hogere uitgaven vinden hun oorzaak met name in de uitgaven voor landelijk gecontracteerde partijen en in opdracht Hulp met langdurig verblijf. Daarnaast is de hulp zoveel als mogelijk gecontinueerd of in aanpaste vorm aangeboden. Aanbieders kunnen voor eventuele meerkosten compensatie vragen die worden beoordeeld conform landelijke richtlijnen. Van omzetderving is regionaal nagenoeg geen sprake gebleken; aanbieders hebben hun hun vaak kunnen voortzetten. LTA-aanbieders hebben wel omzetderving gemeld, deze worden afgehandeld conform landelijke afspraken. Op lokaal gebied heeft het CJG een corona-crisisteam geformeerd wat later overging in een corona-adviesteam. Door alle maatregelen heeft het CJG keuzes moeten maken in welke dienstverlening door kon gaan en hoe deze door kon gaan.

Er is prioriteit gegeven aan de jongste kinderen (eerste 1000 dagen), zwangeren, kwetsbare kinderen en het Rijksvaccinatieprogramma. Voor het Rijksvaccinatieprogramma zijn de vaccinatiedagen, normaal gesproken tweemaal per jaar, geannuleerd en zijn deze kinderen uitgenodigd op de consultatiebureaus voor inenting. Dienstverlening op locatie werd aangepast om aan de regelgeving te voldoen en overige dienstverlening is zoveel als mogelijk telefonisch of via beeldbellen voortgezet (zoals consulten, cursussen of themabijeenkomsten). Het CJG heeft daarnaast een deel van haar personeel uitgeleend aan de GGD.

3.2 Aantallen Onderstaand eerst een globaal overzicht van het aantal dossiers in 2018, 2019 en 2020 en vervolgens meer specifieke tabellen met het gebruik ingedeeld naar soort zorg en aanbieder en verwijzer. Daarnaast een tabel met de aantallen en reden van in- en uitstroom, een overzicht van het bereik van het CJG, een overzicht van de vaccinatiegraad van het Rijksvaccinatieprogramma en een cirkeldiagram met de verdeling van zorg naar landelijk, regionaal en lokaal. Verder nog enkele cijfers van Veilig Thuis Rotterdam-Rijnmond. Opgemerkt wordt dat aantallen dossiers niet gelijk staat aan het aantal jeugdigen nu het mogelijk is dat één jeugdige meerdere vormen van zorg nodig heeft.

Jeugdwet

Per 1-1-2018 102

Per 1-1-2019 125

Per 24-12-2019 131

Per 28-12-2020 208

20

Soort zorg - lokaal A; Pleegzorg A-specifieke toewijzing (cat. 55) B1: Opname (GR) B2: Opname (GR) gesloten jeugdhulp B3: Opname (GR) met behandeling B4: Opname (GR) gedwongen opname Begeleiding individueel licht Begeleiding individueel licht informele hulp Begeleiding individueel licht professioneel Begeleiding individueel middel Begeleiding individueel middel informele hulp Begeleiding individueel middel professioneel Begeleiding individueel zwaar Begeleiding individueel zwaar informele hulp Begeleiding individueel zwaar professioneel Behandeling Behandeling professioneel Behandeling speciaal C1: Langdurig verblijf (GR) gezinshuis C2: Langdurig verblijf (GR) training zelfstandig wonen C3: Langdurig verblijf (GR) open residentieel D; Steun, hulp of behandeling (GR) Dagbehandeling Dagbesteding middel Dagbesteding niveau middel Dagbesteding niveau zwaar Dagbesteding zwaar Dagopvang kinddagcentrum Diagnostiek Dyslexie behandeling 1/6 traject Dyslexie behandeling volledig traject Dyslexie diagnostiek E; Ambulante hulpverlening in thuissituatie (GR) GGZ Gebiedsteam GRJR – informeel GRJR – professioneel Groepsgewijze begeleiding professioneel H: Laag frequente medicatie (geen perceel, maar product) Inzet GGZ via lokaal gebiedsteam Inzet J&O via lokaal gebiedsteam J&O – flexibele schil – licht (20-40 uur) J&O – flexibele schil – zwaar (72-124 uur) J&O – specialistische hulp (BeO)

J&O minder dan 40 uur Jeugdzorg JGGZ JGGZ – L-multisysteem therapie Logeervoorziening professioneel (zwaar) Logeervoorziening zwaar (incl. NHC/NIC) Opt-out Preventief/Basis GGZ intensief Preventief/Basis GGZ kort Vervoer Vervoer dagopvang kinddagcentrum Vervoer op maat (in km) Vervoer sociaal netwerk (in km) Totaal

2019

2020 20 2 1 4 6 1 3 4 4 15 2 4 12 1 3 3 3 1 1 3 1 6 3 5 1 1 2 3 2 9 16 22 118 6 1 1 1 15 20 24 1 2 1 6 1 1 2 5 1 5 1 3 2 3 2 386

11 8 1 0 1 0 2 2 0 8 2 1 22 0 0 17 5 0 0 0 1 2 0 2 0 0 1 6 0 0 21 2 26 0 2 1 0 22 18 8 1 0 1 0 0 0 4 2 0 0 0 0 4 4 0 208

21

Passend in de landelijke trend is te zien dat de ambulante hulpverlening flink is gedaald in 2020. Regionaal Aantal cliënten in zorg Gemiddeld weekbudget Gemiddelde indicatieduur in dagen

Aanbieder

ASVZ Boba Curium Coach-Point De Vier Gewesten B.V. De Viersprong DirectZorg Educto/Leestalent Enver Erasmus UMC Rotterdam E-vizier B.V. GGZ Delfland locatie De Draeck Hink Stap Sprong Horizon LPC/SBD Schoolbegeleidingsdien t Centr Ned M4Care Mentaal Beter Mentor Plus Parnassia Groep Prokino Punt Autisme Regionaal instituut voor dyslexie Schakenbosch Zorg voor Jeugdigen B.V. Stichting Gemiva-SVG Groep Stichting Humanitas voor Dienstverlening aan Mensen met een Hulpvraag Stichting Ipse de Bruggen Stichting Pameijer Stichting Timon Stichting Yulius Stichting Zuidwester SVB

A 2.138 247 569

B 932 2.540 210

Verwijzing via: Gemeente Gecertificeerd e instelling 202 201 2020 2019 0 9

C 333 1.227 290

Huisarts ‘2 0

D 970 707 215

‘19

Jeugdart s ‘20 ‘19

E Totaal 9.320 12.362 232 290

Medisch Overig specialist ‘2 ‘19 ‘2 ‘1 0 0 9

Totaal ‘20

‘19

5 1 2 1 3 2 14 -

4 3 5 7 31 -

1 8 -

2 1 18 -

-

1 -

-

-

4

2 2

1 1 -

2 1 2 7 5 -

5 2 2 1 4 2 23 4

2 7 2 3 2 7 14 54 2

4 -

20 -

-

-

-

-

-

-

1

3

-

5 -

4 1

25 3

13 -

1 -

2 1 -

2 -

1 -

-

-

-

-

-

-

2

16 1 -

3 2

8 2 2 3 5 -

15 1 1 9 3 5

3 -

1 2 5 3 -

5 19 -

4 5 69 -

2 -

5 1 -

1 4 -

4 -

-

5 2 5 1 1

8 10 2 29 5 -

25 15 1 93 3 4 6

-

-

-

2

-

-

-

-

-

-

-

-

-

2

-

1

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

1

1

2

1

-

-

-

-

-

-

-

-

-

2

2

12

9

-

-

-

-

-

-

-

-

-

8

12

17

1 2 5 6 16

1 3 6 16

1 2 -

4 2 2 -

13 -

13 -

-

-

3 -

2 -

1

2 2 17

2 4 21 6 17

5 22 10 33

22

ThuisTeamJeugd

-

-

-

-

11

9

-

-

-

-

-

11

12

3 VIGzorgt B.V. William Schrikker Pleegzorg Totaal

-

1 -

-

1 3

-

-

-

-

-

-

-

-

-

2 3

108

146

19

48

49

10 1

2

6

13

16

3

69

19 4

386

Reden Afwijzing aanvraag Eenmalige voorziening Herindicatie Intrekking aanvraag Invoerfout JW315 bericht N.v.t. Nieuwe indicatie/voorziening Op verzoek klant Overige redenen Verhuizing cliënt Totaal

Aantal Instroom 2020 2019 29 1 12 1 1 5 58

Uitstroom 2020 2019

1 40 3 12 1 1 1 59

41 4 1 1 12 1 1 5 1 67

1 27 6 11 2 1 48

CJG –bereik regio Rotterdam Rijnmond en Westvoorne Contactmomenten 0-4 jaar - Westvoorne Contactmomenten 4-18 jaar - Westvoorne No-show - Westvoorne CJG – specifiek bereik – regio Rotterdam Rijnmond Geboortecontactmoment Contactmoment 3 weken Contactmoment 8 weken Contactmoment 3 maanden Contactmoment 5 maanden Contactmoment 11 maanden Contactmoment 14 maanden Contactmoment 2 jaar Contactmoment 3 jaar Contactmoment groep 2 Contactmoment groep 7 Contactmoment klas 2 VO Totaal gecorrigeerd

Totaal 2020 2019

2020 94,0% 97,2% 64,4% 63,9% 9,1% -

70 5 13 2 21 1 2 10 1 125

2 67 9 23 1 3 2 107

2019 97,1% 80,4% 11,6% -

2020 98,9% 99,2% 98,6% 97,3% 96,9% 96,8% 97,1% 73,6% 88,0% 86,4% 32,0% 54,7% 87,0%

23

Vaccinatiegraad Rijksvaccinatieprogramma

De vaccinatiegraad ligt regionaal ongeveer gelijk aan de landelijke cijfers. Vanuit de WHO is minimaal 90% als doelstelling gesteld. Behalve voor schoolgaande kinderen wordt dit ruim gehaald. De regionale cijfers worden grotendeels bepaald door de vaccinatiegraad in Rotterdam. Het is bekend dat de vaccinatiegraad in grote steden al jaren lager is dan elders zodat het aannemelijk is dat de gemeente Westvoorne goed scoort. Verdeling zorg lokaal, regionaal en landelijk

verdeling lokaal/regionaal Landelijk 8 4% Regionaal 64 31%

Lokaal 136 65%

24

VTRR – aantallen regionaal, per soort en per gemeente

25

26

3.3 Uitgaven De zorg en ondersteuning voor de jeugd is onderverdeeld in delen: het preventieve aanbod, het lokale aanbod voor Jeugdhulp, welke vanuit het gebiedsteam wordt georganiseerd en de zwaardere, specialistische Jeugdhulp welke vanuit de Gemeenschappelijke regeling Jeugdhulp Rijnmond (GRJR) wordt georganiseerd. Onderstaand eerst een financieel totaaloverzicht uitgesplitst naar lokaal en regionaal en vervolgens een toelichting op lokaal en regionaal. Onderdeel Lokale taken GRJR Totaal

Begroot 2020 € 1.562.594,€ 2.471.735,€ 4.034.329,-

Werkelijk 2020 € 1.484.554,€ 2.739.445,€ 4.223.999,-

Werkelijk 2019 € 1.303.521,€ 3.087.242,€ 4.390.763,-

Werkelijk 2018 € 1.036.643,€ 3.107.452,€ 4.144.095,-

Lokale jeugdhulp Onderstaande tabel geeft weer wat de lokale uitgaven via het gebiedsteam zijn geweest in 2019 en 2018. Er is sprake van een aanzienlijke stijging van de kosten voor extramurale zorg. Te zien is ook dat er minder onvoorziene kosten in 2019 dan in 2018 zijn geweest onder de post Risicobudget en Diverse. Daarnaast zijn de kosten Formatie contractmanagement tot en met 2018 voldaan uit de gemeentefondsuitkering en per 2019 naar personeelszaken gegaan.

27

Onderdeel Jeugd en opvoedhulp Jeugd AWBZ GGZ Gezondheids- en verslavingspreventie Jeugd lokaal (m.n. jeugdwerk) JGZ uniform deel 0-19 (rijksvaccinatieprogramma ) JGZ maatwerk deel 0-19 (aanvullend pakket) Lokaal risicobudget jeugd Beleid jeugd en gezin (m.n. huisvesting CJG en schoolmaatschappelijk werk) Totaal

Begroot 2020 874.396,0 0 € 17.000,-

Werkelijk 2020 866.660,0 0 € 11.499,-

Werkelijk 2019 € 232.950,€ 446.223,€ 0,€ 11.745,-

Werkelijk 2018 € 252.690,€ 211.329,€ 3.476,€ 10.035,-

€ 225.983,-

€ 170.789,-

€ 170.004,-

€ 174.907,-

€ 266.000,-

€ 265.300,-

€ 266.500,-

€ 226.200,-

€ 32.500,-

€ 32.500,-

€ 31.953,-

€ 30.800,-

€ 10.000,€ 136.715,-

€ 0,€ 137.806,-

€ 4.448 € 139.698,-

€ 7.000,€ 120.206,-

€ 1.562.594,-

€ 1.484.554,-

€ 1.303.521,-

€ 1.036.643,-

De posten Jeugd AWBZ en Jeugd GGZ zijn samengevoegd met de post Jeugd en opvoedhulp, hetgeen ook de wijzigingen op die posten verklaart.

GRJR De GRJR wordt middels een jaarlijkse bijdrage van de 15 deelnemende gemeenten gefinancierd. Vanwege de begrotingscyclus van de GRJR worden deze bedragen al vroeg ingeschat en later gecorrigeerd middels een vlaktaks welke in rekening wordt gebracht in de jaren erop. In onderstaande tabel worden de begrote en aanvankelijk betaalde bedragen weergegeven en vervolgens de vlaktaks die het jaar erop in rekening is gebracht teneinde een volledig beeld van de kosten te verkrijgen. Onderdeel

Begroot 2020

Werkelijk 2020 € 2.535.935,-

Werkelijk 2019 € 864.095,-

Werkelijk 2018 € 949.412,-

Jeugd & opvoedhulp Jeugd & opvoedhulp vlaktaks Zorg in natura Vlaktaks GGZ GGZ verrichte diensten Vlaktaks GGZ Totaal

€ 2.237.798,€ 233.937,-

€ 203.510,-

€ 181.173,-

€ 149.466,-

€ 0,€ 0,€ 0,€ 0,-

€ 0,€ 0,€ 0,€ 0,-

€ 67.537,€ 18.744,€ 1.530.878,€ 0,-

€ 71.042,€ 16.607,€ 1.648.018,€ 3.476,-

€ 0,€ 2.471.735,-

€ 0,€ 2.739.445,-

€ 424.815,€ 3.087.242,-

€ 269.431,€ 3.107.452,-

De posten die zien op de GRJR zijn samengevoegd. Op de post Jeugd & opvoedhulp vlaktaks wordt niet de reguliere vlaktaks geboekt; deze is verwerkt in de reguliere bijdrage aan de GRJR die wordt geboekt op de post Jeugd & opvoedhulp. Wel is hier de harde 28

afrekening van de vlaktaks geboekt als gevolg van wijziging van het systeem van vlaktaks (afrekening over twee jaar in plaats van over drie jaar) die heeft geresulteerd in een eenmalige afrekening. Verder wordt op deze post de definitieve eindafrekening 2019 geboekt. Voor een zuiver beeld van de kosten over 2020 zou aldus de post Jeugd & opvoedhulp moeten worden vermeerderd met de post Jeugd & opvoedhulp vlaktaks over 2021 waarin de definitieve afrekening over 2020 zal worden verwerkt. De bijdrage aan de GRJR wordt aan de hand van voorlopige productiecijfers op voorhand berekend. Dit bedrag wordt bijgesteld na definitieve verantwoording door aanbieders. In de bijdrage zit tevens de bijdrage aan het transformatiefonds verwerkt en de meerkosten corona. De meerkosten corona zien op kosten voor beschermingsmiddelen, huurpenningen voor extra locaties om voldoende afstand realiseren, extra inzet personeel en het beschikbaar stellen van quarantaineopvang. De GRJR hanteert een vlaktakssystematiek waarbij over- of onderproductie van voorliggende jaren later wordt afgerekend. Dit is nodig omdat vooraf inleg noodzakelijk is om de zorg te kunnen financieren terwijl de kosten op dat moment nog niet duidelijk zijn. In 2020 is besloten om de afrekening van voorgaande jaren te wijzigen van drie naar twee jaren.

Dit had tot gevolg dat in 2020 een harde afrekening plaatsvond om af te rekenen tot en met 2018. Per 2021 wordt afgerekend over 2019 en 2020 enzovoorts.

3.4 Klachten en bezwaarschriften Er is één klacht ontvangen die in onderling overleg met de gemeente naar tevredenheid is opgelost. Het is niet tot een officiële klacht via de klachtencommissie gekomen. Er is daarnaast één bezwaarschrift behandeld in de bezwaarcommissie met als uitkomst dat het bezwaar ongegrond was.

3.5 Cliëntervaringsonderzoek Het cliëntervaringsonderzoek met betrekking tot de Jeugdwet is verplicht maar vormvrij en heeft dus geen vaste vragen. De gebruikte vragenlijst behelst vragen over contact met de gemeente, kwaliteit van de hulp en de resultaten. De vragen zijn gesteld aan kinderen tussen 12 en 18 jaar en aan ouders met kinderen tot 16 jaar. Dit is het tweede jaar op rij dat de ervaringen met de Jeugdwet zijn onderzocht zodat voor het eerst een vergelijking kan worden gemaakt. Helaas is het responspercentage nog laag ondanks dat er sprake is van continu meten, dat wil zeggen metingen gedurende het jaar zodat de meting recent na de hulpaanvraag plaatsvindt. Vanwege de lage respons dient men zich te realiseren dat de uitkomsten wellicht afwijken van de ervaringen van de doelgroep. Onderstaand treft u de resultaten van het onderzoek aan en onder het kopje ‘Overig’ treft u het resultaat aan van het in opdracht van het CJG uitgevoerde cliëntervaringsonderzoek naar hun dienstverlening.

29

Respons Responspercentage is laag. De lage respons maakt ook dat mogelijk geen realistisch beeld ontstaat over de ervaringen van de totale doelgroep.

Verzonden vragenlijsten Bruikbare vragenlijsten - ingevuld door kinderen - ingevuld door ouders Responspercentage

2020 115 16 2

2019 104 17 6

14 14%

11 16%

Contact met de gemeente In 2020 hebben meer cliënten een gesprek gehad met een jeugdconsulent. Opvallend is dat minder cliënten op de hoogte waren dat zij bij de gemeente terecht kunnen voor hulp. Cliënten die een gesprek hebben gehad vooraf wisten dat ze bij de gemeente terecht konden hulp hebben ontvangen binnen 4 weken in gesprek konden de wachttijd langer vonden dan verwacht

2020 75% 33%

2019 50% 63%

67% 45% 20%

77% 54% 17%

Besproken onderwerpen Onderstaand een overzicht van onderwerpen die zijn besproken tijdens het gesprek. Respondenten gaven aan dat financiën en werk en activiteiten niet werden besproken maar dat daar in de meeste gevallen ook geen behoefte aan was. Onder de categorie ‘anders’ valt onder meer school, probleem kind en informatie. Besproken onderwerpen gezinssituatie mentale gezondheid woonsituatie werk en activiteiten sociale relaties fysieke gezondheid anders

2020 50% 58% 17% 0% 17% 17% 33%

2019 24% 12% 6% 6% 6% 0% 24%

Mening over kwaliteit 67% van de cliënten hebben daadwerkelijk hulp ontvangen na de hulpvraag. Cliënten zijn gematigd tevreden over het gesprek voorafgaand aan de hulpverlening.

Cliënten die tevreden zijn over Contact met gesprekspartner

2020 58%

2019 57% 30

Wijze van luisteren Deskundigheid medewerker Gekozen oplossing/advies

67% 55% 58%

63% 60% 51%

Cliënten geven de gemeente een cijfer van 6,0 (2019: 5,1) als het gaat om de hulp bij het aanvragen van jeugdhulp. Zo’n 70% (2019: 38%) moest langer dan zes weken wachten alvorens de hulp daadwerkelijk startte en veelal was het wachten ook langer dan verwacht. Ervaring duur gesprek tot start hulp Korter dan verwacht Zolang als verwacht Langer dan verwacht Te lang

2020

2019

0% 30% 20% 50%

25% 33% 17% 25%

Cliënten zijn tevreden over de kwaliteit van hulp hoewel de samenwerking met derden verslechterd lijkt te zijn. Zij geven de gemeente hiervoor een cijfer 7,6 (2019: 8). Cliënten die tevreden zijn over Omgang met hulpverlener Invloed op gekozen de behandeling Hulp bij vragen/problemen Wijze van samenwerking met derden

2020 100% 78% 80% 44%

2019 85% 83% 77% 75%

Resultaat hulp De hulp heeft vaak tot gevolg dat de jeugdige zich beter voelt.

Cliënten die door de hulp zich beter voelen (eigen mening) Cliënten die door de hulp zich beter voelen (mening ouders) Ouders die ervaren dat zij en hun kind een betere kwaliteit van leven hebben Positieve mening over bereikte resultaten

2020 67%

2019 69%

66%

77%

50%

34%

60%

85%

Open vraag Een aantal cliënten heeft aangegeven dat het te lang duurt voordat hulp wordt geboden. Ook geven twee cliënten aan dat zij het idee hebben dat de verantwoordelijk tussen instanties wordt doorgeschoven en dat men van het kastje naar de muur wordt gestuurd wanneer er geen oplossing is. Verder wordt de hulp gewaardeerd en is men van mening dat goed rekening wordt gehouden met de leeftijd en de persoonlijke omstandigheden van het kind. Overig Cliëntervaringsonderzoek in opdracht van het CJG toont aan dat opvoeders en jongeren het CJG in de regio met een cijfer van 7,8 beoordelen.

31

4 Participatiewet en minimabeleid Onderstaand wordt eerst in kaart gebracht welke ondersteuning er vanuit welke regeling is geboden en welke ontwikkelingen in 2020 zijn te signaleren, vervolgens worden de aantallen in kaart gebracht en daarna de uitgaven. Tot slot komen de klachten en bezwaarschriften aan bod.

4.1 Algemene ontwikkelingen Het aantal uitkeringsgerechtigden is in 2020 ten opzichte van 2019 en 2018 nagenoeg gelijk gebleven. De enige uitzondering daarop is de Tozo. Tozo lijkt een groot financieel effect te hebben, maar wordt volledig gecompenseerd door het Rijk.

COVID-19 De verwachting was dat als gevolg van de coronacrisis veel mensen hun baan zouden verliezen en een beroep op een uitkering zouden doen. Deze voorspelde instroom is evenwel uitgebleven. Vanaf maart 2020 kon een beroep worden gedaan op de Tijdelijke Overbruggingsregeling Zelfstandige Ondernemers (Tozo). Tozo kan worden aangevraagd als aanvullende uitkering voor levensonderhoud en/of als lening voor bedrijfskapitaal.

4.2 Aantallen Onderstaand eerst een globaal overzicht met ook een vergelijking van het gebruik ten opzichte van 2018 en een grafiek met de aantallen uitkeringsgerechtigden in de periode van 2017-2020. Vervolgens volgen meer specifieke gegevens met het gebruik per regeling. Uitkering Participatiewet Ioaw/Ioaz Bbz Doelgroepenregister (loonkostensubsidie ) Tozo Totaal

Aantal 2020 101 9 1 5

Aantal 2019 103 9 1 4

Aantal 2018 101 9 1 4

44 160

113

111

32

Participatiewet, Ioaw/Ioaz4 en Bbz5 Onderstaand grafieken met de reden van instroom, de uitkeringsduur en de leeftijdsopbouw van de uitkeringsgerechtigden. Er zijn geen Ioaz uitkeringen geweest. Daarnaast een tweetal tabellen met aantallen van in- en uitstroom.

4

Ioaw: Inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers, Ioaz: Inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte zelfstandigen. 5

Bbz: Besluit bijstandverlening zelfstandigen. 33

34

Instroom Participatiewet Ioaw/Ioaz Bbz Doelgroepenregister (loonkostensubsidie)

Aantal 2020 24 4 0 3

Aantal 2019 42 2 1 2

Aantal 2018 33 4 2 2

Uitstroom Participatiewet Ioaw/Ioaz Bbz Doelgroepenregister (loonkostensubsidie)

Aantal 2020 25 4 0 3

Aantal 2019 49 2 2 2

Aantal 2018 40 7 1 0

Tozo Tozo bestaat uit twee delen. Enerzijds omvat Tozo een inkomensondersteunende maatregel ingesteld om de financiële gevolgen van de coronacrisis te ondervangen. Deze uitkering is afhankelijk van inkomen en huishouden; er is een partnerinkomenstoets. Tozo hoeft door de uitkeringsgerechtigde niet te worden terugbetaald, behalve indien de betreffende ondernemer inkomsten boven het sociaal minimum heeft. Tozo kan ook als lening voor bedrijfskapitaal worden verzocht. De maximale hoogte van de lening betreft € 10.157,-. Tozo is onderverdeeld in Tozo 1, 2 en 3 in 2020. Tozo 1 ziet op de maanden maart, april en mei 2020. Tozo 2 ziet op de maanden juni, juli, augustus en september 2020 en Tozo 3 ziet op oktober, november en december 2020. Er zijn 231 gevallen van instroom geweest en 190 gevallen van uitstroom. Onderstaande grafiek geeft het aantal Tozo uitkeringen voor inkomensondersteuning weer.

35

Re-integratie en sociale werkvoorziening Onderstaand de lopende trajecten ten behoeve van re-integratie en de mate van succes in doorstroom naar werk. Traject

Totaal 2020

Uitstroom naar werk 2020

Totaal 2019

Uitstroom naar werk 2019

Totaal 2018

Uitstroom naar werk 2018

24 4

4 0

41 5

17 1

47 0

10 0

2 2 1 6 17 56

0 0 0 1 3 8

2 0 3 5 10 66

0 0 0 0 18

4 2 4 4 3 64

1 2 0 14

Maatwerkt Werkgeversteam Hellevoetsluis Voorne Putten Werkt Loonkostensubsidie Jobcoaching Doelgroepenregister Overig Totaal

Voor de sociale werkvoorziening zijn per 2020 drie nieuwe beschut werplekken gerealiseerd en opgevuld. Het aantal geplaatste personen in een sociale werkvoorziening is al enige jaren redelijk stabiel: Jaar 2020 2019 2018 2017

Aantal 14 16 19 19

36

Minimaregelingen en bijzondere bijstand Voor het minimabeleid dient onderscheid te worden gemaakt tussen drie varianten: gemeentelijk beleid, rijksbeleid en het kwijtschelden van gemeentelijke belastingen. Onder het gemeentelijk beleid vallen: de individuele inkomenstoeslag, het kindpakket, het participatiepakket en de bijdrage aan de collectieve zorgverzekering. Voor het kindpakket bestaan indien nodig extra’s: bijdrage voor peuterspeelzaal, fiets en zwemdiploma A. onder het rijksbeleid vallen bijzondere bijstand en leenbijstanden. Regeling

Begroot 2020

Individuele inkomenstoeslag Kindpakket Participatiepakket Bijdrage collectieve zorgverzekering Bijzondere bijstand Leenbijstanden Totaal

57

Werkelijk 2020 55

Werkelijk 2019 57

Werkelijk 2018 54

38 30 98

29 20 81

38 33 96

47 19 107

86 4 313

65 3 253

92 4 320

92 4 323

Schuldhulpverlening Schuldhulpverlening is erop gericht om inwoners met schulden of het ontstaan daarvan bij te staan. Getracht wordt vroegtijdig te signaleren opdat wordt voorkomen dat schulden ontstaan of een problematische schuldensituatie ontstaat. In deze preventieve fase zet de gemeente budgetcoaches in en wordt geholpen met het verkrijgen van inzicht in de financiële situatie en het treffen van één of meerdere betalingsregelingen. Indien er reeds sprake is van een problematische schuldensituatie kan een minnelijk schuldsaneringstraject wordt gestart. Westvoorne werkt hiervoor samen met de Kredietbank Rotterdam. Voor zover geen minnelijke regeling kan worden bereikt, kan de gemeente helpen met het indienen van een verzoek tot toelating in de Wet schuldsanering natuurlijke personen. 2020 Aantal intakes Aantal bewindvoering Actieve dossiers Beëindigde dossiers

2019 4 29 15 5

2018 10 35 15 3

8 35 0 0

Debiteuren Debiteuren Participatiewet Ioaw/Ioaz Bbz Tozo Re-integratie Bijzondere bijstand Totaal Waarvan moeilijk inbaar

2020

2019 22 0 4 28 0 24 78 20

2018 32 1 3 1 31 68 32

20 1 2 1 45 87 34 37

4.3 Uitgaven Onderstaand een financieel totaaloverzicht uitgesplitst naar regeling en vervolgens de betreffende regelingen uitgediept. Regeling Participatiewet Ioaw/Ioaz Bbz Reintegratiebudget Sociale werkvoorziening Minimabeleid Totaal

Inkomsten 2020 Uitgaven 2020 € 1.676.366,€ 1.598.339,€ 120.699,€ 120.699,€ 34.822,€ 42.938,€ 100.084,€ 86.961,-

Resultaat 2020 € 78.027,€ 0,-/- € 8.116,€ 13.123,-

Resultaat 2019 € 129.197,€ 0,€ 4.928,€ 33.951,-

€ 55.454,-

€ 56.704,-

-/- € 1.250,-

€ 913,-

€ 228.770,€ 2.216.195,-

€ 199.662,€ 2.105.303,-

€ 29.108,€ 110.892,-

€ 19.002,€ 187.991,-

Participatiewet Op de Gebundelde uitkering is sprake van een overschot van € 37.862,00. De bruto kostprijs van een uitkering bedroeg € 15.310,- in 2020 (2019: € 14.716,00 en 2018: € 14.310,00).

Beschikbaar deel Gebundelde uitkering t.b.v. Participatiewet Uitgaven Loonkostensubsidie doelgroepenregister Baten debiteurenvorderingen Overschot/tekort

2020 € 1.642.921,-

2019 € 1.666.366,-

2018 € 1.642.921,-

-/- € 1.624.161,-

-/- € 1.529.215,-

-/- € 26.935,-

-/- € 37.187,-

-/- € 1.624.161,-/- € 26.935,-

€ 46.037,-

€ 29.263,-

€ 46.037,-

€ 37.862,-

€ 129.197,-

€ 37.862,-

Ook is sprake van een overschot op de begroting. Begroot 2020 Gebundelde uitkering Baten nieuwe debiteurenvorderinge n Uitvoeringskosten Uitgaven levensonderhoud Afgeboekte debiteurenvorderinge n Totaal

€ 1.710.412,00 € 50.000,00

Werkelijk 2020 € 1.676.366,€ 46.254,-

Werkelijk 2019

Werkelijk 2018

€ 1.666.336,-

€ 1.642.891,-

€ 39.791,-

€ 69.747,-

-/- € 14.420,00 -/- € 1.640.972,00

-/- € 9.383,-

-/- € 21.682,-

-/- € 8.312,-

-/- € 1.619.138,-

-/- € 1.566.402,-

-/- € 1.651.095,-

-/- € 32.000,00

-/- € 25.454,-

-/- € 10.527,-

-/- € 23.709,-

€ 73.020,00

€ 68.645,-

€ 107.515,-

€ 29.521,-

38

Ioaw/Ioaz De bruto kostprijs van een uitkering bedroeg € 12.705,- in 2020 (2019: € 12.513,00 en 2018: € 13.881,00). Begroot 2020 Gebundelde uitkering Uitgaven Ioaw Baten nieuwe debiteurenvorderingen Totaal

€ 127.000,-/- € 127.000,€ 0,-

Werkelijk 2020 € 120.699,-/- € 120.699,€ 0,-

Werkelijk 2019 € 99.059,-/- € 99.121,€ 62,-

Werkelijk 2018 € 141.668,-/- € 141.586,€ 82,-

€ 0,-

€ 0,-

€ 0,-

€ 0,-

Bbz De financiering van de Bbz is met ingang van 2020 gewijzigd. Van verstrekte leningen wordt 75% door het Rijk gefinancierd en de overige 25% is voor risico van de gemeente. In 2020 hebben om deze reden enkele wijzigingen in begrotingsbudgetten plaatsgevonden. Er is sprake van een financieel nadeel ten opzichte van de begroting van € 2.392,-.

Gebundelde uitkering Declarabele uitkering Afrekening voorgaand jaar Baten nieuwe debiteurenvorderingen Declarabele vergoeding diensten Niet declarabele vergoeding diensten Uitgaven Bbz Verstrekte leenbijstand Afgeboekte vorderingen Financiering onderzoeken (vast bedrag) Uitgaven levensonderhoud Uitgaven levensvatbaarheidsonderzoeken Totaal

Begroot 2020 € 3.506,-

Werkelijk 2020 € 12.232,-

€ 9.720,-

€ 18.890,-

€ 0,€ 3.700,-

€ 0,€ 3.700,-

-/- € 13.250,-/- € 9.400,-

€ 31.122,-/- € 11.816,-

-/- € 5.724,-

-/- € 8.116,-

Werkelijk 2019 € 25.763,€ 16.006,€ 11.510,€ 2.344,-

Werkelijk 2018 € 4.846.€ 11.672,€ 22.083,-

-/- € 6.057,-

-/- € 6.684,-

-/- € 2.458,-

-/- € 2.319,-

-/- € 42.181,€ 0,-

-/- € 13.893,-/- € 20.000,-/- € 545,-

€ 4.928,-

-/- € 4.840,-

Tozo Tozo is 100% declarabel bij het Rijk en de gemeente wordt door het Rijk gecompenseerd voor de uitvoeringskosten. Het Rijk verstrekt een voorschot en een eventueel overschot moet retour naar het Rijk.

Toegekend Rijksbudget Uitgaven levensonderhoud Verstrekt bedrijfskapitaal Compensatie uitvoeringskosten Overschot: retour Rijk

2020 € 3.430.017,-/- € 1.385.057,-/- 229.198,-/- € 160.700,€ 1.655.062,-

39

Re-integratie en sociale werkvoorziening Re-integratie

Begroot 2020

Inzet vrijwilligers Re-integratie Lopende verplichtingen Totaal Sociale werkvoorziening Bijdrage exploitatie Beschut werken Totale bijdrage VPWerkt

€ 15.084,€ 85.000,€ 100.084,Begroot 2020 € 36.954,€ 18.500,€ 55.454,-

Werkelijk 2020 € 11.950,€ 56.081,€ 68.031,-

Werkelijk 2019 € 13.187,€ 76.355,€ 7.357,€ 96.899,-

Werkelijk 2018 € 14.713,€ 102.197,€ 26.921,€ 143.830,-

Werkelijk 2020 € 36.954,€ 19.325,€ 56.279,-

Werkelijk 2019 € 10.376,€ 10.376,-

Werkelijk 2018 € 30.489,€ 30.489,-

Het realiseren van de drie nieuwe beschut werplekken heeft tot extra kosten geleid.

Minimabeleid Er sprake van een daling van 13% van de uitgaven. Deze daling kan worden verklaard doordat er minder is besteed gedurende de lockdowns als gevolg waarvan er minder is gedeclareerd. Daarnaast zijn er minder verstrekte leenbijstanden aan statushouders. Regeling Individuele inkomenstoeslag Kindpakket Participatiepakket Bijdrage collectieve zorgverzekering Bijzondere bijstand Leenbijstanden Kwijtschelding gemeentelijke belastingen Totaal

Begroot 2020 € 27.500,€ 20.667,€ 3.000,€ 44.000,-

Werkelijk 2020 € 26.352, € 16.483,€ 1.977,€ 44.777,-

Werkelijk 2019 € 27.765,€ 21.158,€ 3.301,€ 37.888,-

Werkelijk 2018 € 25.936,€ 25.295,€ 1.757,€ 43.914,-

€ 65.000,€ 16.603,€ 55.000,-

€ 54.741,€ 6.843,€ 48.488,-

€ 70.031,€ 16.989,€ 52.082,-

€ 101.978,€ 15.725,€ 51.640,-

€ 231.770,-

€ 199.661,-

€ 229.214,-

€ 266.245,-

Debiteuren Het openstaande bedrag aan debiteuren is fors gedaald indien de Tozo buiten beschouwing blijft. Het totaalsaldo is aanzienlijk hoger vanwege de Tozo kredieten. Debiteuren Participatiewet Ioaw/Ioaz Bbz (excl. Tozo) Tozo Re-integratie Bijzondere bijstand Totaal Waarvan dubieus

2020 € 40.373,€ 0,€ 12.445,€ 236.123,€ 0,€ 32.201,€ 321.142,€ 27.903,-

2019 € 71.876,€ 475,€ 6.739,€ 1.200,€ 47.014,€ 127.304,€ 48.032,-

2018 € 101.835,€ 1.075,€ 20.170,€ 1.200,€ 74.516,€ 198.796,€ 54.555,-

40

4.4 Klachten en bezwaarschriften Er is één klaagschrift ingediend waarover kort na ontvangst bericht is ontvangen dat de klacht als niet verzonden kon worden beschouwd. Daarnaast zijn er zeven bezwaarschriften ontvangen. Eén bezwaar is gegrond verklaard, één deels gegrond en deels ongegrond en één niet ontvankelijk. Eén bezwaar is ingetrokken na herziening en voor nog één bezwaar wordt gewacht op een mogelijkheid tot een fysieke hoorzitting.

4.5 Cliëntervaringsonderzoek In 2020 is besloten om ook voor de Participatiewet een cliëntervaringsonderzoek uit te gaan voeren om meer inzicht te krijgen in succes- en verbeterpunten van de huidige werkwijze. Tevens biedt het onderzoek de mogelijkheid te informeren naar hoe cliënten de dienstverlening in de toekomst zouden willen zien wanneer de gemeenten gefuseerd zijn tot Voorne aan Zee. Het cliëntervaringsonderzoek is niet wettelijk verplicht en daarom vormvrij. Vanwege het relatief lage aantal uitkeringsgerechtigden is gekozen voor een methode met de hoogst verwachte respons; continue meting met telefonische benadering. Om te voldoen aan eisen van de AVG is de doelgroep benaderd via een uitnodigingsbrief met het verzoek zich bij het onderzoeksbureau op te geven voor een telefonisch interview. Er zijn 147 uitnodigingsbrieven verzonden. Deelnemers konden zich aanmelden per e-mail, per Whatsapp of telefonisch. Hierop hebben vijftien cliënten gereageerd. Vervolgens is van zeven cliënten een interview afgenomen. Drie van hen ontvangen een uitkering voor levensonderhoud, twee krijgen begeleiding naar werk (waarvan één ook een uitkering levensonderhoud), één van hen ontvangt een WIA-uitkering, één van hen ontvangt een vergoeding voor huishoudelijke hulp en van de laatste is de aanvraag nog in behandeling. Onderstaand worden de resultaten van de interviews weergegeven.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10220335/2