Notulen verzamelcommissie 19 juni 2024
Tekst van het document
TRANSCRIPT VAN DE VERZAMELCOMMISSIE VAN GEMEENTE WESTLAND d.d. 19 juni 2024
1.
Opening en mededelingen De voorzitter: Goedenavond dames en heren. Van harte welkom bij deze verzamelcommissie van 19 juni 2024. Een aantal mededelingen. De heer Van der Wel van de ChristenUnie-SGP is verhinderd. Burgemeester Arends is verhinderd en het is niet nodig denk ik zo te zien, maar ik wil toch even melden dat bij deze brede commissievergaderingen de zitplaatsen tegenwoordig anders verdeeld worden. Dat gaat naar rato van het aantal raadszetels vanaf heden. Nogmaals, het is nu niet nodig zo te zien. We hebben nog meer dan genoeg plek in de ring. Maar voor een volgende keer is dat wel zeker aan de orde.
2.
Mededelingen van de portefeuillehouder De voorzitter: Mededelingen van de portefeuillehouders. Ik heb geen seintjes gekregen, dus dat gaat goed.
3.
Vaststellen van de agenda De voorzitter: Agendapunt 3, het vaststellen van de agenda. Iemand over de agenda van vanavond? En zo niet, dan gaan we dat doen. Dank u wel.
4.
Spreekrecht voor burgers De voorzitter: Er hebben zich geen insprekers gemeld vanavond, tot vijf minuten geleden niet in ieder geval. Iemand nog behoefte om ... Nee ook niet. Dank u wel.
5.
Voorstel tot vaststelling van de Jaarrekening De voorzitter: Dan gaan we naar agendapunt 5, het voorstel tot vaststelling van de Jaarrekening 2023. Wellicht kent u de procedure. U heeft allen de gelegenheid gehad om dertig vragen per fractie alvast te stellen. Die antwoorden zijn ook uw kant opgekomen. Ik zou eigenlijk nu willen starten met een rondje van een vraag of drie. Wellicht dat u nog dat niet nodig heeft, maar in ieder geval in de eerste ronde maar even drie vragen, even kijken hoe ver we komen. Dan begin ik aan de rechterkant. De heer Kester, GBW. De heer Kester: Dank u wel voorzitter. Wij hebben onder andere een vraag gesteld over de aansluiting van het resultaat vanuit de exploitatie naar de balans. Daar hebben wij een antwoord op gekregen en waarvoor dank. Daar wordt verwezen naar het eigen vermogen van de gemeente. Daar wordt onder andere verwezen naar de pagina's 218 tot 226. Dus ik heb dat ook even getracht te volgen. Maar helaas moet ik constateren in de balans wordt uiteindelijk het eigen vermogen ultimo 2023 gesloten met 270.694.000 euro en de onderliggende specificatie, die geeft een saldo aan van 266.883 euro. Dus mijn vraag even heel kort is: kan het verschil worden toegelicht? En de volgende vraag daarbij is: is de onderliggende specificatie de juiste of is de balans niet in evenwicht? Dat is vraag één.
Zal ik de volgende vraag meteen doen? Die gaat over … Wij hebben ook een vraag gesteld graag een uitgebreide toelichting op de fiscale status van de kostenplaats, dat betreft het hotel, te onderscheiden in omzet- en vennootschapsbelasting. In het antwoord woord gegeven: dit is besproken tijdens de aankoop. Maar volgens mij schrijdt de tijd voort en worden er nu vragen gesteld bij deze Jaarrekening en niet bij de aanvang van het hotel. Dus ik ben niet of wij zijn niet zo heel erg gelukkig met dit
antwoord. Dat is één. Dan vervolgens wordt er gezegd vennootschapsbelasting is niet van toepassing, omzetbelasting op de huidige dienstverlening door Fletcher is nog onderwerp van gesprek met de Belastingdienst. Toen kreeg ik een terugkijk of een terugblik op wat er op dit moment ook nog loopt binnen de Jaarrekening. Dat betreft oude aanslagen vennootschapsbelasting die nog niet vastgesteld zijn van uit mijn hoofd vanaf 2017. Dus als we hier dezelfde kant mee uitgaan, dan baart dat ons ook ernstig zorgen, dus wij zouden graag willen weten: waarom is hier nog geen besluit over genomen? Want bij mijn weten zo ingewikkeld is dit niet. Dat waren op dit moment even de twee vragen. De voorzitter: Oké. U kunt altijd eventueel in de tweede ronde nog verder. Ik kijk maar even de kring rond. Nee, we komen zo. De heer Van Harmelen, ChristenUnie-SGP. De heer Van Harmelen: Ja, deze doet het wel. Ja, ik had een drietal vraag. Allereerst wil ik het college bedanken voor het beantwoorden van al de vragen. Maar de vraag vijf van ons, dat gaat over, ik zal hem even voorlezen. De gemeente heeft in 2023 per saldo 1 miljoen besteed aan volkshuisvesting en 158.000 euro aan de huisvesting van arbeidsmigranten. En dat staat allemaal op pagina 39.
We hebben gevraagd naar een specificatie hiervan en wat hiervan besteed is en van de Rijksoverheid ontvangen aan en voor de starters, statushouders, vluchtelingen, Oekraïners en overigen en natuurlijk de arbeidsmigranten, inclusief het aantal begroot en gerealiseerd. Daar hebben we eigenlijk helemaal geen antwoord op gekregen. Dus wij ontvangen graag nog een specificatie oftewel antwoord op het eerste deel van vraag 5 en dat hoeft niet vanavond. Dat mag ook schriftelijk, want ik kan me voorstellen dat dat niet helemaal paraat is op dit moment. Dan hebben we nog een vraag over vraag elf, onze vraag elf dan. Dat gaat over de inburgering. De vraag was: de meeste intakes worden afgenomen binnen de daarvoor gestelde termijn. Bij hoeveel procent lukte dat niet binnen de termijn en wat is daarvan de reden? Dat antwoord is dan bij 40 procent van de inburgeraars is het niet gelukt binnen de daarvoor gestelde termijn een intake af te nemen. Als reden wordt aangegeven het administratieve proces vergt veel inspanning en intern wordt gewerkt aan verbetering van dit proces. Ja, we begrijpen dat antwoord niet helemaal, dus we willen graag daar een toelichting op hebben en we vinden het percentage nogal erg hoog. En dan de laatste vraag, dat gaat over onze vraag 18 en dat gaat over de lasten van de afvalinzameling. Die zijn 1 miljoen lager dan begroot, maar 1,6 miljoen hoger dan in 2022.
Kan het college een specificatie geven van deze 1,6 miljoen. Hoeveel meer of minder plastic is er in 2023 gescheiden ten opzichte van 2022? Daar hebben we antwoord op gekregen, maar die eerste vraag niet. Dus we kunnen uit het antwoord niet opmaken of de kosten van het nieuwe afvalbeleid zijn toe- of afgenomen. Kan het college ons duidelijk maken wat de totale kosten zijn onder het oude systeem en wat de totale kosten zijn onder het nieuwe systeem? Tot zover. De voorzitter: Dank u wel. Ik ga even terug naar LPF. De computer is opgestart, begrijp ik. De heer Van Koppen. De heer Van Koppen: Heel goed, voorzitter. Dank u wel. Ik moet natuurlijk de top drie nog even maken uit alle vragen die we hadden. Nee, eerst vraag veertien van ons. Dat was een vraag over de begraafplaatsen. De vraag hadden we daar gedaan of gesteld van begrafenis en crematies, is er al zicht op een crematorium? Welke resultaat is er bereikt? En dan krijgen we als antwoord dat er heel veel overledenen zijn, maar minder begrafenissen. Jam dat was juist de vraag of er al zicht is op een crematorium, maar dat wordt verder helemaal niet genoemd. Dus is daar zicht op? Omdat we juist die trend zien dat er meer overledenen zijn in Westland, maar het aantal begrafenissen juist daalt. Dat is één. Twee, is onze vraag nummer achttien.
We hadden daar in eerste instantie een vraag gesteld en dat was heel simpel, dat was op een pagina over wat het gekost had. Wij zagen grote verschillen waar te nemen. Toen vroegen we waar komen al die grote verschillen
vandaan. Die hadden we gesteld, die vraag. Dan krijgen we vanuit de organisatie terug via de griffie van kunnen jullie dat specificeren. Dan hebben we dat helemaal gespecificeerd van we zien verschil en dat verschil en waar ligt het aan en wat sub-vragen allemaal opgesteld en dan krijgen we terug: ja, wat we begroot hebben en wat we betaald hebben, dat wat er verschil ertussen zit, dat noemen we het prijsverschil. Ja, dat snappen we, maar al die sub-vragen waar om gevraagd is, die worden verder niet behandeld. Komt dat door personeel, komt dat door, nou ja en al die vragen hebben we daarin gesteld, waardoor het mogelijk zou kunnen komen, maar nu wordt het in de algemeenheid afgedaan met het verschil tussen wat we betaald hebben en wat het kost, dat is het prijsverschil. Dat is de tweede, dus hoe zit dat, die specificatie graag. En de laatste, dat was onze vraag 23. Daar hadden we 2,5 miljoen dubieuze debiteuren. Dat is fors en dat wordt verder niet toegelicht. Dus ja, een fors bedrag om even af te schrijven gewoon als verliespost. Wij willen graag weten, die dubieuze debiteuren, op welke posten heeft dit betrekking? Dat waren ze. De voorzitter: Oké. Dank u wel. Dan gaan we weer verder in de kring. De heer De Gier, PvdA. De heer De Gier: Dank voorzitter. Ja, even kijken. Drie vragen. De eerste vraag, uitvoering van de Woonvisie lijkt wat achter te blijven.
Hoewel het wel goed is dat het percentage sociale huur afgelopen jaar is gestegen naar 18 procent volgens de Jaarrekening kan je ook zien dat over de afgelopen 4 jaar het eigenlijk maar 12,5 procent is. Elke keer als ik daarna vraag dan wordt er geschermd van ja, we hebben nou eenmaal in De Westlandse Zoom afspraken gemaakt dat daar geen sociale huur bij zou zitten. Dus mijn vraag is eigenlijk van wat is het percentage als je ONW en De Westlandse Zoom buiten beschouwing laten. Hoeveel procent sociale huur hebben we dan en voldoen we dan wel aan de Woonvisie? De tweede vraag. Ik had die vraag gesteld over afval, maar ik zie in andere beantwoordingen dat dat ook over de zwembaden gaat, dat je … Daar storten we geld, zowel in voorzieningen als in reserve en dat is allemaal bedoeld voor egalisatie. Dan denk ik van ja nu hebben we dus bij die twee dingen in ieder geval, maar volgens mij op meer plaatsen hebben we dan reserves en voorzieningen allemaal met hetzelfde doel en kunnen we dat niet tot één iets terugbrengen? En hoe komen we daar in de toekomst nou ooit vanaf? Want het blijft natuurlijk onduidelijk waarom het nou de ene keer in een reserve wordt gestort en andere keer in een voorziening, et cetera. De derde vraag.
Ik maak me al een tijd zorgen, maar als De Veiling straks gesloopt wordt, is er in ieder geval een zorg minder van wij hebben nou die exploitatie van De Noviteit en De Veiling overgenomen. En ik zie wel in de Jaarrekening en in de beantwoordingen opgenomen dat er allemaal extra kosten zijn qua investeringen, dat er een toiletgebouw opgeknapt moet worden, et cetera, et cetera. Maar hoeveel kost nou eigenlijk het feit dat wij dat zelf zijn gaan exploiteren? Want we hebben volgens mij de afgelopen twintig jaar altijd heel veel commentaar gehad op die stichtingen dat ze die exploitatie niet rond kregen, maar volgens mij doen we het nu zelf en krijgen we het ook niet rond, dus hoeveel kost dat nu? Om het maar even bij drie vragen te houden. De voorzitter: Heel goed. Dank u wel. Nee, de heer Plomp niet. De heer Bakker, VVD. De heer Bakker: Ja, ik houd het bij één vraag. Bij 5B, VVD 5B en dat gaat over de beantwoording van die vraag staat Westlanders van 23 jaar en ouder moeten onder andere voor cultuurbeoefening terecht kunnen in De Naald. Hiermee wordt toch indirect het belang van De Naald voor Westland aangegeven, wat de Westlandse VVD betreft. Dan zou je daar een aantal politieke vragen over kunnen stellen. Doen we niet. Dat komt later. Dit blijkt ook uit het rapport. En nu horen wij van het college dat er opnieuw een gesprek aangegaan wordt.
Kan het college de eerdere uitkomsten van de projectgroep en de stedenbouwkundige verkenning delen met de raad, zodat we die ook nog mee kunnen nemen hierin? Dat is de enige en de rest is politiek. Dat doen we een andere keer. De voorzitter: Oké, dank u wel. De heer Eeltink, CDA.
De heer Eeltink: Eén vraag. De rest speel ik door naar mijn collega's. Het ging over de 1.360.000 die we hebben gespendeerd aan de chalets die opgeslagen staan in De Lier. Dat is de CDA vraag 25. Daar was onze vraag: heeft die 1.360.000 alleen betrekking op de aanschafwaarde en niet op de kosten voor bewaking, opslag en ga zo door? Daar hebben wij inderdaad gehoord dat dat inderdaad de aanschafwaarde is, maar dat levert wel de vraag op van en wat omvatten dan die meerdere kosten voor opslag, bewaking en hoe moeten we dat zien? Wordt daar afgeschreven op die chalets nu ze daar al een tijdje in de opslag staan? De voorzitter: Oké, dank u. En aan welke collega kan ik dan het woord geven? de heer Chafiâ. De heer Chafiâ: Ja, dat was een vraag, dus we hebben er nog twee over als ik het goed heb. Onze vraag 3 gaat over de wegenprojecten. Er staat inderdaad in de Jaarrekening aangegeven dat een aantal wegenprojecten vertraagd zijn of niet door zijn gegaan en dat er daarmee 1.233.000 euro voordeel is, maar vervolgens wordt er daarvan maar 0,765 miljoen, dus dat is bijna een vijftal minder in een reserve gestopt. Daar hebben we uitgebreide vragen over gesteld. En daar is een vrij beroerd antwoord opgekomen.
Op het moment dat we vragen waar komt dat verschil vandaan en waarom zijn deze keuzes gemaakt en er staat ja, de projecten hebben wat langer geduurd, dan is dat geen antwoord op de vraag. Dus ik zou hier de vraag nog een keer willen neerleggen. Waar komt dat verschil vandaan? Waarom is dat op deze manier in de reserve gestort en om welke projecten gaat het? Want dat staat niet gedefinieerd. En dan nog de derde vraag. Die heeft te maken met de ombudsman. Die staat in de Jaarrekening benoemd, maar ook in de Kadernota. Wat we in een Jaarrekening ziet staan, is dat er in 2023 diverse scenario's zijn uitgewerkt en dat daarbij is besloten dat daar verder niets is uitgekomen, maar in de Kadernota zien we hier vervolgens wel iets over terug. Die vraag hebben we gesteld. Er werd financieel ingegaan op wat dat dan betekent, maar er wordt niet ingegaan op waarom is er bij de Jaarrekening aangegeven dat de scenario's zijn uitgewerkt, maar er niks mee is gedaan en waarom vinden we dit vervolgens toch wel terug in de post van 150.000 in de Kadernota. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. En dan ten slotte de heer Duijsens, Westland Verstandig. De heer Duijsens: Ja, dank u wel. Even kijken. Ik begin bij onze vraag 28. Daar hadden we gevraagd van goh, hoe komt je nou in 2023 tot 965 fte.
En dan verbaast het wat het antwoord daarop, daar wordt een beetje de indruk, nee het wordt zelfs zo geschreven van dat die 965 fte, die sluiten aan op het beschikbaar gestelde personeelsbudget, dus wordt nou eerst het personeelsbudget vastgesteld en gaan we uit van, wat is het gemiddeld, 80.000 euro aan fte en zo kom je op het aantal? Want als je dan ziet hoeveel aantallen er waren, dan is er opmerkelijk minder, dus dan moet op dat P-budget moet een flink bedrag, en dat is ook zo, in 2023 zijn overgehouden. Dus de vraag is: hoe wordt dat nou bekeken, dat aantal fte? Omdat we ieder jaar zien we dat er los van de niet vervulde vacatures ieder jaar, zien we dat er minder fte zijn ingezet in het betreffende jaar, jaar in, jaar uit zou ik bijna willen zeggen dan in de begroting zijn opgenomen. En dan zou je denken dan moet daar wat ruimte zitten als we ergens dringend geld voor andere dingen nodig hebben. Dan bij vraag 21, daar staat dat voor de Berkenflat 2 een bedrag ontvangen is in 2022, maar dat is in 2023 geboekt blijkbaar voor het project Berkenflat 2 van 2 ton. Vraag is: is dat voor de kosten die de gemeente maakt of iets dergelijks? Dus dat is blijkbaar een subsidie van het Rijk of van de Provincie. Of wordt dat doorgespeeld naar Arcade dan wel naar de Berkenflat stichting. En de derde vraag is hetzelfde. Vraag 18.
Er is 157.000 uitgegeven voor de huisvesting van tijdelijke opvang arbeidsmigranten. Je zou denken van dan hebben we toch één bed ergens van de grond gekregen, maar dat is niet zo, want dat is dan weer kosten voor beleid, begeleiding, initiatieven en projecten. En ik vraag me dan af, ik vind het knap als dat in 2023 is uitgegeven, want volgens mij behalve een bezwaarschrift tegen het advies van de adviescommissie alsnog ongegrond verklaren, is op
het gebied van die arbeidshuisvesting in 2023 weinig vanuit het college aan geld uitgegeven kunnen worden. Tot zover. De voorzitter: Oké. Dank u wel. Dan gaan we maar voor de eerste antwoorden ik denk naar wethouder Van der Stee. Vergeet uw kaartje niet, want anders kunt u waarschijnlijk niet, bent u niet te horen voor de commissieleden en voor de geïnteresseerden thuis. De heer Van der Stee: Voorzitter, dank u wel. Een aantal vragen die bij mij horen naar aanleiding van de technische beantwoording. Ik heb een aantal heel specifieke vragen gekregen van de heer Kester van de aansluiting resultaat balansverschiltoelichting en is het dan in evenwicht. U ging heel snel met een heleboel specifieke vragen en ik moet u eerlijk zeggen, die kan ik zo niet beantwoorden. Ik kijk even nog naar mijn computer of er inmiddels vanaf de tribune ook een antwoord is, maar die heb ik nog niet, dus ik zou dat graag schriftelijk willen beantwoorden. Dat geldt ook ten aanzien van de fiscale regeling van het hotel. Die moet ik uitzoeken. En op uw derde vraag, u had op een gegeven moment dat u zich ernstig zorgen maakte over de oude aanslagen van de vennootschapsbelasting. Wij hebben al goed nieuws. Wij zijn eruit met de Belastingdienst, alleen wij moeten het nog berekenen. Het ziet ernaar uit dat dus die aanslagen herberekend zullen gaan worden van de afgelopen jaren vanaf 2016.
Dat valt in ons voordeel uit, maar de precieze bedragen hoop ik na de zomer in het najaar te weten, want er moeten opnieuw berekeningen door ons en de Belastingdienst gedaan worden. Dus ik had ook de nodige zorgen, maar de zorgen zijn al iets minder ernstig. Maar ik ga pas de zorgen helemaal verminderen als ik de uitkomsten zeker weet. Die verwachten we dus in het najaar. Voorzitter, dat even op die drie vragen. Dus ik doe een deel bij u schriftelijk. Dan ten aanzien van een vraag die werd gesteld door de heer De Gier over hoe zit het nou, ik zie bij allerlei posten reserves en voorzieningen en dat ook soms voor hetzelfde. Dat heeft te maken, hebben we het laatst ook al een keer volgens mij hier gehad over het afval, waarom we voor het één een voorziening hebben en voor het andere een reserve. We hebben het ook gehad bij OBWZ. Daar hebben we op een gegeven moment een voorziening voor de mogelijke verliezen die gekwantificeerd zijn. Daarvan hebben we nu bij het voorstel ook dat we een reserve maken, omdat er een aantal dingen niet exact te berekenen zijn. Bij voorzieningen mogen wij exact berekenen welke risico's er zijn en daar tref je een voorziening voor. Die zijn te kwantificeren. Die zijn ter hoogte van een bepaald bedrag.
Bij reserves weten we dat we een plan hebben of we weten dat er nog dingen aankomen waarvan we zeggen van oké, dat weten we niet precies wat het is, maar we maken er een reserve voor en daar kunnen we dat later van betalen. En voor die reserve-uitgaven zullen we ook altijd bij u in de raad weer terugkomen. Dus bij de voorzieningen en ik kan u nog anders verwijzen naar de Nota reserves en voorzieningen, daar hebben we dus echt de risico's op een gegeven moment gekwantificeerd en dat heeft ook te maken met BBV-regels. Als ik dan kijkt naar het verhaal van OBWZ en OMW, daar blijkt dus dat gewoon een aantal zaken die wij nu zien rondom stikstof, dat zien we als een serieus risico, die mogen we niet in de voorziening doen, die mogen we ook niet kwantificeren, want die is niet te kwantificeren, dus daarom hebben we de vrijval nu overgezet naar een reserve voor de mogelijke tegenvallers dus die we nog niet weten. Ik hoop dat daarmee een stukje duidelijkheid voor u is. De heer De Gier: Voorzitter. Misschien kan de wethouder dan ook vertellen of als er dan een project problemen oplevert, dus een van die risico's wordt waar of OBWZ dan ook kan aangeven van we halen het niet, want dit komt door de stikstof en dat komt door rente of andere bouwrisico's of wat dan ook. Want ja, de ene komt uit de ene en de andere komt uit de andere. De heer Van der Stee: Voorzitter, een duidelijke vraag.
Wij proberen dat altijd wel in het jaarverslag altijd op te nemen. Ook bij de GREX, die weliswaar niet openbaar is, nemen we daar ook de zaken in mee en ik kan dat
ook toelichten. Sowieso worden de grote afwijkingen altijd in de Jaarrekening opgenomen en dus ook aan u op die manier verteld. Ja, en als u daar nog specifiek op in wil gaan, dat kan ik wel doen, maar zeker ten aanzien van de GREX en bepaalde voorzieningen, daar zit natuurlijk geheimhouding op, dus die cijfers die geven we niet, maar die vragen wil ik gerust nog op een ander moment beantwoorden. Maar in principe de grote afwijkingen en zeker als ze ook hebben voorgevallen, want dan is het inmiddels een vaststaand feit, dan staat het netjes in de Jaarrekening en in het verslag. Voorzitter, dan was er nog een vraag voor mij rondom de twee ton van de Berkenflat. En ik ga even kijken, want we hebben volgens mij een subsidie binnen gekregen die we voor … Nee, ik moet het anders formuleren. Er zijn regelmatig voor allerlei woonprojecten subsidies, hetzij vanuit het Rijk hetzij vanuit de Provincie. Volgens mij is deze twee ton ook een subsidie die we alvast hebben aangevraagd voor het project. Ik weet uit mijn hoofd niet en ik krijg ook nog niet het signaal vanuit de organisatie hoe de voorwaarden zijn en of dat voor onze kosten is of voor de gezamenlijke kosten of door wie dat betaald is. Dus ik doe die ook nog even bij u schriftelijk af. Dat waren volgens mij mijn vragen, voorzitter. De voorzitter: Oké. Dan gaan wij … Oh, de heer Van Koppen.
De heer Van Koppen: Voorzitter, is mijn vraag over dubieuze debiteuren niet voor wethouder Financiën denk? Niet? De heer Van der Stee: Ik ben misschien dubieus, maar u heeft helemaal gelijk. Sorry dat ik u even vergat. Ja, de voorziening is voor het geval van de debiteuren die dus niet betalen, bestaat uit twee delen. Een risicovolle debiteuren waar een probleem is, die zijn vaak voor 100 procent voorzien en deel twee is op basis van ervaringscijfers van daadwerkelijke boekingen wordt over de resterende debiteurrekening een bedrag opgenomen wat lang erop staat. In het verleden heeft u volgens mij ook wel eens van ons een lijst gehad achter het slotje. Als u daar behoefte aan heeft, dan moeten we die nog even voor u maken, maar die blijft in ieder geval achter het slotje, zoals in het verleden ook geweest is. Maar ik zie u al knikken. De heer Van Koppen: Graag, want er staat dat hij tweemaal per jaar wordt geactualiseerd en hij is van 1,7 miljoen naar 2,5 miljoen, dus er is ineens 7 ton bijgekomen. Dat is best wel een fors bedrag. Dan zouden we wel graag willen weten inderdaad waar dat vandaan komt. De heer Van der Stee: Gaan we voor u regelen. De voorzitter: Ja, oké. Dank u. We gaan naar de volgende. De heer wethouder Ferwerda. En ook even een pasje mee. Ja. De heer Ferwerda: Ja, dank u wel voorzitter. Dank u wel voor de vragen stellen.
Ik heb er een aantal gehoord waar ik graag antwoord op geef. Eén van de LPF gaat over hoe kijkt u naar begraven en wat wilt u met crematoria eventueel. In 2025 gaan we dat helemaal onderzoeken van begin tot het eind, de kosten, wat we ermee willen en wat de mogelijkheden zijn. Crematorium is één, maar er zijn nog meerdere varianten en vormen die we aan het onderzoeken zijn. We zijn ook met de uitvaartbranche aan het praten al wat er wenselijk is en wat zij wenselijk achten. En ik ben het met u eens dat er wel iets moet gebeuren om te zorgen dat we onze eigen faciliteiten ook optimaal gaan gebruiken en daar strekt dat onderzoek zich toe en daar hebben zich ook al partijen gemeld die met ons daarover willen praten. Dus ik denk dat we in de loop van volgend jaar daar een mooi plan aan de raad voor kunnen leggen. De PvdA, die stelde een aantal vragen. Wat is exact het percentage als we ONW en OBZW uit alle andere plannen halen ten aanzien van sociaal. Dat heb ik niet paraat. Dat kunnen we misschien in percentages uitdrukken. Maar ik was blij met uw constatering dat we de afgelopen jaren echt omhoog aan het gaan zijn en volgens mij is dat de doelstelling van uw vraag om dat
met elkaar te constateren en dat we ook op sommige plekken, ook in het ONW-gebied, ook in het OBWZgebied, maar ook bijvoorbeeld in Poeldijk recent nog hebben besloten om verder te gaan met sociale woningen. En daar is de raad ook blij mee geweest destijds. De Noviteit, hoeveel kost dat. We hebben de pech gehad en dat ligt niet aan of wij het exploiteren of iemand anders het exploiteert, als het ons pand is en zij zitten erin en de kachel gaat kapot en je hebt afgesproken dat wij daarvoor verantwoordelijk zijn, dan hadden hoe dan ook die kosten onze kant opgekomen. Dus in dit geval hebben we een aantal tegenslagen gehad in De Noviteit, ad hoc een reparatie moeten uitvoeren. Ja en dat zie je terug in de Jaarrekening. En de bedoeling was eigenlijk om eerder al van De Noviteit een plan klaar te hebben wat gaan we daarmee doen en hoe gaan we zorgen dat we dat netjes wegzetten, maar zoals u ook weet, is hier in de raad een greep uit De Noviteit gehaald voor de duur van een jaar, waardoor we dat plan nog niet hebben kunnen ontwikkelen. De VVD vroeg naar het rapport rondom WestlandTheater De Naald. Volgens mij heeft u dat gister ontvangen. Als dat niet zo is, hoor ik dat graag. En hebben wij ook aangekondigd samen met mijn collega van Cultuur dat we graag in gezamenlijkheid met u daar het gesprek over gaan voeren en plannen daar kort na het zomerreces al een bijeenkomst voor.
Dat waren de vragen die voor mij waren. Dank u wel voorzitter. De heer De Gier: Voorzitter. De voorzitter: Mijnheer De Gier. De heer De Gier: Mag ik over dat laatste antwoord wat vragen, want we gaan natuurlijk straks de Kadernota behandelen en daar ontbreekt De Naald totaal in. Weliswaar staat er bij de ontwikkeling Verdilaan iets over combineren wonen en cultuur, maar De Naald wordt voor de rest niet genoemd. Is na de zomer niet wat laat, want we zouden toch in de Kadernota daar eigenlijk al wat over willen horen zeggen. De heer Ferwerda: Ja, ik vind na de zomer ruim op tijd. De Kadernota geeft kaders aan voor hoe wij de begroting gaan opwerken. Maar bij de begroting kan de raad nog allerlei momenten benutten om daar een andere richting aan te geven, dus wij denken dat we dat zorgvuldig moeten voorbereiden, dat u even de tijd nodig heeft om dat te doorgronden, dat wij de tijd nodig hebben om dat integraal, een hele Verdilaanontwikkeling en een keus voor een WestlandTheater De Naald op te werken en dat met u door te nemen in een interactieve sessie, dan kunt u daar voldoende energie in stoppen om dat tot een goed einde te brengen. De voorzitter: Oké, dank u wel. Dan gaan we naar wethouder Van Staalduinen. Mevrouw Van Staalduinen: Wat zitten we laag hier. Hij wil niet hoger. Ik had twee vragen van de ChristenUnieSGP.
Ik heb überhaupt heel weinig antwoorden, want alles is wel redelijk specifiek. Die eerste, daar gaf u al van aan dat is een specificatie. Dat is niet nu te geven, dus die komt schriftelijk. En die 40 procent. Ja, ik vermoed dat dat te maken heeft met personeelstekort, maar die wil ik ook even uitzoeken, dus die krijgt u ook schriftelijk. En de chalets zijn ook op dit moment niet uit te zoeken, dus alles komt bij mij schriftelijk terug. De voorzitter: En die laatste vraag was van het CDA over die chalets. Mevrouw Van Staalduinen: Ja, laatste was van het CDA. Vraag 25. De voorzitter: Duidelijk. Dan gaan we naar wethouder Valstar.
De heer Valstar: Ja, dank voorzitter. De vraag van de ChristenUnie-SGP, vraag 5, daar zat alleen het stukje arbeidsmigranten in, dus ik hoop dat ik daarmee off the hook ben en dat mijn collega's dat schriftelijk verder gaan beantwoorden. Dan de vraag van de LPF, 18, dat was ook een deel die in de vraag zat. Daar kan ik in ieder geval wat betreft EBS antwoorden. Die was ook beantwoord in de vraag van GBW, vraag nummer 17. Dat betreft vertraagde facturering vanwege de routewijziging in Monster. Dan het CDA. Waar zit het verschil in van een half miljoen en om welke projecten gaat dat. In principe komt dit alles uit een reserve. Dat betekent dat wat er gebruikt wordt eraf gaat, wat we niet gebruiken teruggaat in de reserve en het verschil van zo'n 500.000 euro, dat verwachten wij snel na ‘23 weer uit te geven. En welke projecten gaat het dan om. Die vertraging, die zit hem onder andere in de HOV, start van het tweede basispakket Gebiedsuitwerking Greenport 3.0, de MFR’s. En dat lijkt mij wel even voldoende afkortingen. Dan Westland Verstandig, vraag 18, dat is de 157.000 euro. Dat betreft inhuur voor externe expertise en ook afhandeling van de aanvragen. En ik weet waar de vraag van de heer Duijsens natuurlijk vandaan komt. Die vindt het allemaal niet snel genoeg gaan en dat ben ik met hem eens. Dus ik zie dat weer als een aansporing om daar snel werk van te maken.
De heer Duijsens: Dat lijkt een antwoord op de vraag, maar is het natuurlijk niet. De vraag is: waaraan is het besteed? De heer Valstar: Aan externe inhuur. De heer Duijsens: Ja, maar er is niks gebeurd. Maar goed … De heer Valstar: Daarom zeg ik, ik heb de heer Duijsens heel goed begrepen. Hij vindt dat het niet snel genoeg gaat en dat ben ik met hem eens. De heer Duijsens: Het is voor het werk wat nog gaat gebeuren waarschijnlijk. De heer Valstar: Er is al heel veel werk gedaan. Er lopen nog steeds aanvragen en daar is de externe inhuur ook mee bezig. Dus uw boodschap is duidelijk. De voorzitter: Oké. En dan ten slotte wethouder Goudswaard in de eerste termijn. De heer Goudswaard: Voorzitter, dank u wel. Volgens mij staan er nog twee vragen voor mij open. Eén vraag gesteld door het CDA, de heer Chafiâ. Gaat over de ombudsman. Zoals bekend opgenomen in het collegewerkprogramma om te kijken of daar een andere vorm voor gevonden kan worden. De eerste discussie is daarvoor gestart in 2023. Daar wordt gewerkt aan een aantal scenario's om de mogelijkheden in beeld te brengen daarvan, als je de keuze überhaupt maakt uiteindelijk om voor welk scenario dan ook, dan zal je daar middelen voor moeten reserveren. Dat is ook de reden dat als wij in ‘24 voor welk scenario dan ook de keuze gaan maken, je in ieder geval budget beschikbaar moet hebben.
Dus vandaar dat dat opgenomen is bij de Kadernota en ik hoop daarmee uw vraag beantwoord te hebben. Als het gaat om de vraag van Westland Verstandig aangaande de 900, wat was het, 65 fte. En wij vragen middelen aan op werkzaamheden. Dus wij doen dat niet andersom. Het is niet dat wij middelen hebben en wij vullen de werkzaamheden. Wij vragen middelen aan, personele middelen, op de taken die voor ons liggen en uiteindelijk kijken we met elkaar of dat past als je dat bij elkaar optelt binnen het budget wat er is. Maar de volgorde is eerst de taken in beeld en dan kijken hoe we daar en welke personele inzet we daarvoor nodig hebben. Dank u wel.
De heer Duijsens: Goed, maar toch nog even als nabrander. Ik reageer op de beantwoording en als je de beantwoording leest, lijkt het net alsof eerst het bedrag bepaald wordt en daarna pas de fte. Maar ik ben gerustgesteld. De heer Goudswaard: Voorzitter, daarom ook deze toevoeging. Ik kan u daar geen ongelijk in geven. En dit antwoord is de feitelijkheid. Uiteraard kijken we naar de taken en daar richten wij personeelskosten op in. Dank u wel. De voorzitter: Oké, dank u wel. Ik denk dat we nog even een korte tweede termijn ronde gaan maken. Ja, de heer Van Harmelen, ChristenUnie-SGP. De heer Van Harmelen: Dank voorzitter. Ik had dacht ik net nog een vraag gesteld over afvalinzameling en de simpele vraag: kan het college ons duidelijk maken wat de totale kosten zijn van onder het oude systeem en wat de totale kosten zijn van onder het nieuwe systeem. Dank u. De voorzitter: Dank u wel. De computer staat aan bij de heer Kester, GBW. De heer Kester: Sorry voorzitter. Ik werd even afgeleid ergens door. Ik ga toch nog even door op het verloop van het vermogen en dan staan in de Jaarrekening een hele rits reserves genoemd. En je kan daar denk ik bij elke zowat wel een vraag stellen, maar ik heb er toch getracht eentje uit te wippen. En dat is de nieuw te vormen egalisatiereserve deelnemingen grondexploitatie en die is daar begroot op 3.079.000 euro.
En er staat om het risico omtrent deelnemen grondexploitatie in de toekomst te kunnen opvangen is de vorming van een egalisatiereserve deelneming gebiedsontwikkelingen wenselijk. Het voorstel is om de vrijval van de voorziening van 3.079.000 via de resultaatbestemming te storten in deze nieuwe reserve. Tot zover kan ik het volgen, maar wat wij ons afvragen, wat is nou feitelijk de onderbouwing hiervan? Ik bedoel is dit nou toereikend? Hoe is deze nu bepaald? Zou je hier bijvoorbeeld de RISMAN-methode ook op los kunnen laten en zou die eigenlijk ook misschien niet in het risicoregister dienen te komen te staan? Dus even tot zover. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van Koppen, LPF. De heer Van Koppen: Dank u wel voorzitter. Allereerst net bij onze vraag 18 had ik de vraag gesteld en alleen wethouder Valstar die geeft op zijn deel van de vraag antwoord, dus waarvoor dank. Maar er werden door juist toen wij vroeger waar komen de verschillen vandaan werd door hier gevraagd van geef specificaties, dan doen we alle vragen specificeren, dan krijg ik nu dus op één van de tien sub-vragen ongeveer antwoord. Verder hebben we een vraag over onze vraag 4. Dat gaat geloof ik over het groen. Daar staat plannen zijn niet uitgevoerd.
Maar worden de niet uitgevoerde plannen standaard doorgeschoven of worden er ook plannen geschrapt en wat wordt er dan met de communicatie gedaan? Wordt er bekendgemaakt wat er geschrapt wordt bijvoorbeeld? En vraagt 13 van ons, daar staat in het jaarverslag worden er wel in 2024 helemaal geen maatregelen ter verbetering ingevoerd. Maar dan staat daar een opmerking van ja, dit moet in 2024 gebeuren. Maar er staat al bij dat dat niet gaat gebeuren, dus volgens mij klopt dat dan niet. Dat was het. De voorzitter: Oké. Dank u wel. De heer De Gier, PvdA. De heer De Gier: Dank voorzitter. Ik had nog één specifieke vraag en dat gaat over het wooninvesteringsfonds. Ik had daarnaar gevraagd van hoeveel geld zit er dan in dat fonds en zo en toen kreeg ik een antwoord dat het eigenlijk geen fonds is, maar dat het een combinatie van regelingen is, zoals de starterslening en de koopstart en dat daarmee starters worden gestimuleerd om huizen te kopen. Maar waarom heet het dan
wooninvesteringsfonds? En volgens mij hebben we daar wel geld voor gereserveerd. Maar goed, graag antwoord daarop. En een eigenlijk algemene vraag. Het viel me meer op dat in de Jaarrekening wordt wel steeds gezegd van we hebben hier minder aan uitgegeven en dat komt hierdoor en we hebben hier meer aan uitgegeven en dat komt hierdoor, maar we krijgen eigenlijk geen cijfers waarin nou echt te zien is van joh, we zouden bijvoorbeeld 200 schuldhulpverleningsvragen afhandelen en we hebben er 160 afgehandeld, maar toch is het duurder geworden, zodat we inzicht krijgen van wat wilden we nou en wat is er nou gebeurd. Dus ik vind de hele Jaarrekening toch vaag. En ik vraag me af wanneer dat nou gaat verbeteren. Gaan we dat nou meetbare resultaten in de begroting 2025 opnemen of zo? De voorzitter: Dank u wel. Ik ga door naar de heer Chafiâ, CDA. De heer Chafiâ: Ja, dank. Even één vraag toevoegen aan de drie vragen die we net hebben gesteld. En daarna ook even aan algemene opmerking. We hebben bij vraag 30 gesteld dat van de acceptabele onrechtmatigheden dat het een wel erg summiere beschrijving was, zouden we daar een uiteenzetting van kunnen krijgen. Daar hebben we als antwoord gekregen Flora Campus gaat om afgerond 5 miljoen. Dat is niet echt een uiteenzetting en dat zet ook wel een beetje de toon voor de vragen die we stellen en de antwoorden die we daarop krijgen.
En ik sluit me in dat opzicht wel aan bij de heer Van Koppen. Dus er worden een hele hoop vragen gesteld waar eigenlijk geen antwoord gegeven wordt op de vraag en dat maakt het best wel ingewikkeld om ons werk als raadslid te doen, want als wij maar dertig vragen mogen stellen, daar niet of nauwelijks antwoord op sommige vragen gegeven wordt en hier mogen we volgens drie vervolgvragen stellen, dan is dat niet de manier om samen te werken. Dus ik zou zeker het college meegeven en ik zou daar ook wel een reactie op willen van hoe zorgen we er nou volgend jaar voor dat als een vraag gesteld wordt, dat we daar een juist antwoord op krijgen? Want we hebben het gemerkt bij de ombudsman. Daar krijgen we dan nu wel een reactie op. Dat is goed. We hebben het gemerkt bij de wegen en we hebben het gemerkt, daar krijgen we dan nu wel een antwoord van, maar dan denk ik zet dat dan op papier, want dan hebben we gewoon dat antwoord. Ja en op sommige vragen hoor ik net gewoon ja, daar hebben we alsnog geen antwoord op, daar komen we schriftelijk op of daar komen we niet op terug. En ik denk dat dat geen manier van samenwerken is tussen raad en college. Dus die zou ik mee willen geven.
En in dat opzicht sluit ik me ook gewoon aan bij de heer De Gier, want des te meer informatie wij gewoon in de Jaarrekening plaatsen over wat waren we van plan, wat is wel en niet gelukt en wat doet dat dan financieel, des te minder van dit soort vragen we ook hoeven te stellen. Dus ik zou wel nog een reactie van het college willen over hoe we hier volgend jaar mee om kunnen gaan. Dank. De voorzitter: Als ik daar als voorzitter heel even kort op mag reageren. Over de kwaliteit van de antwoorden zal ik niet met u in discussie gaan, maar over de kwantiteit daar zijn al jarenlang dezelfde spelregels voor. Dertig vragen per fractie en over het algemeen drie per fractie in eerste en eventueel tweede termijn … De heer Chafiâ: Maar bij interruptie, ik heb niet … Ik heb geen enkel punt gemaakt over de hoeveelheid vragen die we wel of niet mogen stellen … De voorzitter: Zeker wel. De heer Chafiâ: Ik heb aangegeven we mogen er maar dertig en hier kunnen we maar drie vervolgvragen stellen. Ja, op het moment dat vragen niet beantwoord worden en ook hier weer niet beantwoord worden, ja dan wordt het lastig om ons werk te doen binnen die kaders van de dertig en drie vragen.
De voorzitter: Ik hoor u luid en duidelijk iets zeggen over het aantal, over de kwantiteit, dus daar reageer ik op. Over de kwaliteit van de antwoorden zeg ik niets, dus die laat ik aan. Maar ik wil daar wel even in ieder geval iets over gezegd hebben. De heer Duijsens, Westland Verstandig. De heer Duijsens: Ja, zo’n avond als vanavond moet ook een beetje zinvol zijn. Als alles duidelijk zou zijn, dan hadden we nu voetbal kunnen kijken. Bijvoorbeeld. Nee, maar een beetje aansluitend bij de vorige sprekers. Voor mij, het kan aan mij liggen, maar ik geloof het niet, de bijlage bij de vraag 29 heb ik nergens gezien. Ik heb wel een bijlage van twee andere vragen gezien, maar niet die. Vraag is van stuur hem even na. Dan zijn we allemaal weer heppie-de-peppie. Even kijken. Vraag nummer 8. Daar vragen we om in hoeverre gaat het college nog even kort aangeven de beslisboom versoepelen. Dan weten degene die iets van handhaving afweten waar ik het over heb. De categorie 2 woningen. Gaat daar nog iets van komen en er wordt een beetje een afwijkend antwoord gegeven van het gaat toch goed en met de invoering van de plattelandswoningen en dat zou nog een ontbrekend instrument zijn en voor de rest gaat alles goed.
Maar volgens mij is een keer de afspraak en staan in ieder geval in het coalitieakkoord en ook zelfs in het collegewerkprogramma dat de gehele Handhavingsstrategie 2020, dat die nog een keer kritisch zou worden bekeken op de criteria zoals die worden aangegeven om in ieder geval te voorkomen dat daar waar absoluut never nooit in ieder geval de afgelopen tijd, maar ook in de toekomst niet gereconstrueerd zal worden waar geen enkel concreet plan in aantocht überhaupt dat daar ooit iemand over nadenkt in een gebied, dat we daar wellicht toch wat soepeler zouden kunnen zijn. Dus de vraag is concreet van komt er nog iets van of ja, zijn we klaar op dat punt om zo aan te geven? De derde vraag, mijnheer de voorzitter, is de WOS. Prima die twee ton die eenmalig gegeven is. Alleen de vraag is: hoe structureel is structureel? Ik ging er altijd vanuit van in afwachting van het eventueel worden van streekomroep zou die twee ton nodig zijn ooit, dat zal wel beslist zijn door het Rijk, maar kabinetten zijn op dat punt ook niet altijd goed betrouwbaar of zijn, het wordt ook niet, zijn niet betrouwbaar. Dus die hebben dat laten liggen en schuiven dat vooruit.
Betekent het zoals nu het antwoord gegeven wordt dat dat eigenlijk oneindig is? Het is nu twee ton, maar over twee jaar is het drie ton en vier ton en uiteraard, de WOS willen we graag in de lucht houden, maar ja niet als dat steeds verder in bedragen gaat, dus hoe moet ik dat antwoord lezen zoals het er nu staat? Dat heeft maar deels iets met de Jaarrekening te maken, maar iets meer voor de toekomst. Gaan we dat voor onbepaalde tijd doen, subsidie, dus daar kom je niet meer vanaf, bij wijze spreken of gaan we toch die voorwaarden verbinden van ja als het niet lukt om een van de tachtig en volgens mij zijn het minder, maar tachtig lokale publieke streekomroepen te worden, ja, dan wordt de positie opnieuw bekeken? En nogmaals, wij dragen de WOS een heel warm hart toe, maar het is wel geld wat je jaarlijks dan moet gaan vrijmaken hiervoor. Tot zover. De voorzitter: Oké. Dank u wel. Ik denk dat we hetzelfde rondje even gaan maken. Wethouder Van der Stee. Heeft u het kaartje? Oké. De heer Van der Stee: Ze zitten allemaal even laag hier. Voorzitter, dank u wel. Ten aanzien van de vraag van Gemeentebelang over het verloop van de vermogen en de hele rits reserves. In principe wordt er ieder jaar gekeken bij de reserve of het nog voldoet aan de doelstelling waarvoor de reserve is opgericht. Is er nog een plan, is er een onderbouwing, is er nog een reden om in stand te houden.
En als dat er niet is, dan wordt hij dus voorgesteld om op te heffen en het zal dan vrijvallen naar de algemene middelen. En als het bedrag niet juist is, dan zouden we altijd nog kunnen kijken of het aangevuld moet worden of niet bij de volgende Voorjaarsnota. Ten aanzien van die nieuwe egalisatiereserve deelnemingen, daarnet noemde ik al het verhaal van OBWZ. Het verhaal zit hem erin zo dat bij de voorziening in OBWZ, daar zit een X-bedrag, dat zijn gekwantificeerd bedragen die we volgens de BBV-richtlijn daarin mogen opnemen. Daar zit niet de voorziening voor de stikstofrisico's. De stikstofrisico's zijn ook niet te kwantificeren. Dat is ook op dit moment moeilijk in te
schatten. We zijn vooral bij OBWZ bezig met de berekeningen voor Westmade-Noord, -Zuid en Monster Noord. En de vraag is ook hoe lang dingen gaan lopen. Wat hebben wij nu gedaan. We hebben puur de vrijval uit de voorziening, die 3.079.000, gebruikt om als eerste storting te doen in de reserve. Als u aan mij vraagt wat voor bedrag hebt u nodig? Ja, dan moet ik in een soort glazen bol kijken. Dat kan ik niet kwantificeren op dit moment. U vraagt zit het dan niet in het risicoregister? We hebben in het risicoregister de belangrijkste, grootste risico's, de top tien daarin gekwantificeerd en daar zitten ze bij. En dat bedrag wordt meegenomen in de beklemming voor de risico's die de gemeente heeft. Dus ja, we houden er rekening mee en de kleinere bedragen die worden dus niet mee berekend. Dus ja, die 3.079.000 is puur de vrijval vanuit de voorziening die we voorlopig even dus daarvoor bewaren en nog niet terug laten vloeien naar algemene middelen. En ja, hoe lang het gaat duren, we verwachten een vertraging van de grondafnames en de ontwikkeling in de komende twee à drie jaar. Want alles stapelt zich wat dat betreft wel op. Dus de verkoop en de tenders gaan ook later, de verkoop van huizen gaan later. Maar ja, ik durf ook niet de zaken vooruit te voorspellen. Daarbij zitten ook nog andere risico's, zoals de Raad van State.
De Raad van State, net zoals met Westmade-Noord, is moeilijk in te schatten. Ja, de ene keer is het anderhalf jaar, de volgende keer is het tweeënhalf jaar. We weten wel per plan en daar kunnen we u ook een keer vertrouwelijk over informeren per plan wat ongeveer een maand vertraging kost of een jaar vertraging kost. Als u zegt van dat geeft ons wat inzage wil ik u daar best wel een keer in meenemen. Maar ook dat is toch wel een stuk waarvan je zegt van ja het is een inschatting en meer niet dan dat. De heer Kester: Dank aan de wethouder voor de beantwoording op deze wijze. Maar dan zeg ik toch van ja, ruim 3 miljoen in voorzien. Het zou misschien ook wel een veelvoud hiervan kunnen zijn, als ik u goed beluister. De heer Van der Stee: Het grootste risico, mijnheer Kester, en ik hoop dat dat zich voor de gemeente niet voordoet, is dat door alle berekeningen wij niet uit de stikstofproblematiek komen en dat je daar uiteindelijk geen woningen mag bouwen. Ga dat risico maar eens berekenen. De heer Kester: Dank Vandaar de opmerking, moet hij niet in het risicoregister komen. De heer Van der Stee: Hij staat in het risicoregister. Maar ook daar is de kwantificatie heel erg moeilijk van. Dus ik neem u graag ook in de Auditcommissie eventueel mee met de berekeningen die erachter zitten en dan kunnen we kijken of we daar dingen in kunnen verbeteren.
Maar het blijven inschattingen nog steeds op ontwikkelingen. Wetgeving verandert ook nog wel eens. En de Raad van State is ook niet te peilen hoe snel die is met zijn uitspraken. Dus daar moeten we met zijn allen dan maar eens nog een keer goed over nadenken. Maar het is absoluut geen 3 miljoen. Het kan minder zijn, het kan het meer zijn, we weten het niet. De heer Kester: Nee, oké. De heer Van der Stee: Voorzitter, er was aan mij ook een vraag gesteld over de Berkenflat en die is inmiddels bij mij binnengekomen. Ik heb de subsidieverlening van de Provincie, dus het is een subsidie van 2 ton van de Provincie geweest waarbij er afgesproken is dat wij 2 ton krijgen wat gerelateerd is aan een subsidie van 5000 per te realiseren gesubsidieerde woning voor senioren en daar zit een aantal activiteiten in, dus het is voor het project zelf. Voorzitter, dan ga ik nog even terug naar de andere vragen. De heer Duijsens: Dus toch nog even. Dus dat ligt nog ergens. Dat is niet iets wat in lucht opgaat door werk te verrichten, daar wordt ooit iets ter plekke van gefabriceerd?
De heer Van der Stee: Nog sterker, want … De heer Duijsens: In het kader van de uitvoering van dat plan. De heer Van der Stee: Nog sterker, volgens mij is het zelfs zo, maar dan moet ik heel snel de hele beschikking doorlezen, maar volgens mij is het zo dat als wij geen woningen realiseren, moeten wij het bedrag ook terugbetalen, dus … De heer Van der Stee: De voorbereiding heb je dan wel gehad en alle kosten, maar wij gaan ervan uit dat wij na de zomer met mooi nieuws gaan komen. En ik heb u al aangegeven, we zijn druk in overleg. We hopen weer wat stappen te zetten voor de zomer. En ja, wij hebben dan in ieder geval deze subsidie op de plank liggen voor een stukje realisatie. Alleen de vraag is of die twee ton genoeg is om deficit, want dat deficit is op dit moment groter en dat proberen we verder dicht te rekenen, maar het is in ieder geval twee ton subsidie van de Provincie. Voorzitter, dan even nog de vragen van de heer De Gier. Ja, u zou wat meer inhoud willen hebben. We zijn tenslotte ook bezig met de digitale begroting, waarbij ik hoop dat we veel makkelijker kunnen werken dadelijk ook bij de Jaarrekening en de begroting met de linken naar de onderdelen van de beleidsprogramma’s, maar ook daarbij de jaarverslagen en als ik dan even kijk bijvoorbeeld een Patijnenburg of een SKT, daar staan op een gegeven moment de jaarverslagen met een heleboel cijfers over de inhoud.
U heeft het hier specifiek over schuldhulpverlening. Die opmerking kunnen we meenemen. Natuurlijk zijn er indicatoren waar we naar streven. En ja, uw verzoek is om dat in ieder geval meer mee te nemen en dat verzoek is gehoord en we moeten even kijken hoe we dat dan verder vormgeven. Het meeste van al die resultaten zitten in ieder geval in de diverse jaarverslagen van de partners met wie we werken. Ik dacht even dat u een vraag ging stellen. U zat al helemaal klaar. Voorzitter, dan heb ik nog een vraag over de beslisboom versoepelen en we hebben hier een heel proces gehad over de LOS-percelen. We krijgen nog na LOS 1 in LOS 2, heb ik u toegezegd, het bestemmingsplan van de Hofzichtlaan met nog die drie andere woningen en u heeft mij en mijn collega in het verleden, de heer Varekamp, ook horen toezeggen dat we naar die regels gaan kijken. Die criteria zullen nog een keer bekeken worden. Dat is ook nieuw beleid, maar we hebben ook te maken met provinciaal beleid, dus dat traject moeten we ingaan en dat is niet iets wat we alleen kunnen doen. Daar hebben we te maken ook met onze partners en ook de Provincie. In hoeverre de beslisboom daarin versoepeld kan worden, hebben we afgesproken dat we daar nog met u na de zomer om tafel gaan zitten. Voorzitter, daarbij zijn volgens mij mijn vragen beantwoord.
Ik hoop ook, want ik had die derde vraag van de LPF niet helemaal goed of dat hij gelijk met de vraag van de heer De Gier daarmee ook beantwoord is en anders heb ik het misschien niet helemaal verstaan van u. Over de verbetering van het jaarverslag. De heer Van Koppen: Even kijken. Ik heb wel een andere vraag nog openstaan, maar ik zal even deze erbij pakken. De heer Van der Stee: Het was voor mij uw derde vraag deze ronde. De heer Van Koppen: Er staat in het jaarverslag er worden in 2024 geen maatregelen genomen ter verbetering, op vraag 13 was dat. Maar dan staat er in de opmerking in 2024 moet dit gebeuren. Maar als dat in 2024 als het er al instaat dat er geen maatregelen genomen gaan worden, dan kan dat ook. Dan is de kreet dat in ‘24 het moet gebeuren is leuk, maar als we dat niet gaan doen, dan weten we volgend jaar al dat het niet gelukt is, want we gaan er niks aan doen. Dus dat was meer een opmerking. De heer Van der Stee: Ik snap uw opmerking en ja, ik kan daar even nu niks verder over zeggen.
De heer Van Koppen: En als ik gelijk mag, voorzitter, want ik had net wel aangegeven in tweede termijn, wat ik ook in eerste termijn had aangegeven, dat we bij vraag 18 van ons, daar stellen wij de vraag en ik zal hem er nog even bij pakken. We hadden de mail netjes naar de griffie gestuurd. Dan krijgen we terug: vanuit de organisatie is een verhelderende vraag gekomen op een door jullie gestelde technische vragen in de Jaarrekening. Kan LPF aangeven welke verschillen ze opmerken, zodat ze verder toegelegd kunnen worden? De vraag hadden we eerst gesteld van waar komen gewoon de grote verschillen vandaan? Dan wordt er dus gevraagd naar de specificatie. Dan stellen wij een heel lijstje met vragen want dan denken we nou oké, dan zullen we ze allemaal specificeren en dan krijg ik alleen van de heer Valstar op één van de sub-vraagjes krijg ik antwoord, dus dan denk ik van ja, er wordt gevraagd naar ons van wat bedoelen jullie nou precies. Dan geven we overal een heel lijstje van en daar wordt dan eigenlijk overal geen antwoord op gegeven, want de vraag was waar komen die verschillen vandaan en dan zeiden we van we zien heel veel verschillen.
Dan stellen we allemaal sub-vragen van milieubeleid, komt het dan door minder personeel, die verschillen, is dat een bewuste keuze of is er gewoon minder personeel? Waterhuishouding, is het doorschuiven van de baggerwerkzaamheden dan een bewuste keuze of niet, want daar zien we een groot verschil? Extra kosten door indexering, waaruit bestaat dat? En al die sub-vragen worden niet beantwoord, terwijl er aan ons gevraagd wordt, kunnen jullie het specificeren? Dan denk ik van ja, wij stellen die vraag en dan krijg je nu alleen op het stukje van EBS krijg ik netjes een antwoord van ja, dat zit hem in het stukje in Monster. Nou ja, dank je wel. En bij die anderen niet en dat vind ik dan jammer. De heer Van der Stee: Voorzitter, ik snap het en ik zag het oogcontact al met mijn collega die staat te trappelen om daar dadelijk een aantal antwoorden op te gaan geven. De voorzitter: Dus we gaan door naar wethouder Ferwerda. De heer Ferwerda: Ja, dank u wel voorzitter. Het was niet heel duidelijk voor mij dat daar in die vraag aan mijn collega ook vragen voor mij stonden, dus excuus daarvoor. Ik begrijp ook uw reactie heel goed als ik het antwoord lees wat daarachter staat. Over het milieu, wij hebben milieubeleid en we hadden geen medewerker die het geld uit kon geven. Ja, dat is heel ongemakkelijk, maar dat was wel de waarom dat geld niet is uitgegeven. Het baggeren doorschuiven.
We hebben een achterstand opgelopen rondom de coronaperiode. Ja, dat loop je niet één, twee, drie in. Het is wel heel belangrijk. Dan ga ik gelijk door naar het klimaatadaptatieverhaal. Het komende jaar, 2025, proberen we ook echt een match te maken van joh hoe doen we onze waterhuishouding nou goed regelen. Dat omvat dus ook baggeren, dat omvat ook klimaatadaptatie en hoe zijn we dan toekomstgericht? En dat vraagt wel echt een hele hoop, omdat het niet meer gewoon een slootje baggeren is, maar gewoon kijken wat gebeurt er nou met het klimaat over de komende vijftig jaar, hoeveel buien hebben we te verstouwen en welke watergangen horen daarbij. En ja, dat omvat riolering, hebben we de goede riolering. Dus dat is echt een groot integraal onderzoek wat we daarvoor moeten doen om dat neer te zetten voor de komende 25 tot 50 jaar. Dus die baggeren, die konden we niet inlopen. Dat wordt wel onderdeel van dat onderzoek en de komende jaren komt daar een plan voor hoe we dat zo goed mogelijk doen dat we toekomstbestendig zijn. Dus ik hoop dat ik daarmee uw vragen die ik zo kon achterhalen, een beetje beantwoord heb. De heer Van Koppen: Voorzitter, alleen even als reactie daarop.
Dan sluit ik me heel erg aan bij de woorden van de heer Chafiâ van als er dan vragen gesteld worden die relatief makkelijk beantwoord kunnen worden, dan is het ook fijn dat dat inderdaad gelijk beantwoord is, want dan is het maar gelijk helder. Dank u wel. De heer Ferwerda: Ja, voorzitter, daar ben ik het helemaal mee eens. Ik heb nog twee vragen te beantwoorden. Eentje van ChristenUnie-SGP over de kosten van het oude systeem en de kosten van het
nieuwe systeem van afval. Dat is wel een ingewikkelde. Volgens mij heeft u die vraag ook gesteld schriftelijk en daar volgt ook nog een schriftelijk antwoord op. Maar het oude systeem heeft een tiental maanden gedraaid. Als u bedoelt bronscheiden of nascheiden. Leidde tot heel veel klachten, rumoer en onvrede. Toen hebben we dat omgedraaid. Daar is eenmalige kosten, ik zeg even uit mijn hoofd, rond de 430.000 euro geweest om dat om te slaan. En die een-op-een vergelijking is dus heel moeilijk te maken. Maar bij benadering zullen we dat doen en daar schriftelijk op terugkomen. De heer Van Harmelen: Voorzitter, nee inderdaad, die vraag hebben we ook schriftelijk gesteld, maar dat is al heel lang geleden, dus we zitten al heel lang te wachten op antwoord. Maar wat ons een beetje verbaasde, is de … We hebben dus als toelichting of antwoord ook die tabel erbij gekregen en dan staat er, er wordt 2022 vergelijken met 2023. 2022 was natuurlijk een beetje een lastig jaar, want tien maanden bronscheiding, twee maanden nascheiding en die omzettingskosten, dat zijn natuurlijk ook behoorlijke bedragen geweest.
Maar er staat bij de eerste regel verrekening afval en dan staat er in 2023 1,2 miljoen ruim en in 2022 staat er 125.000 euro en dat komt dat verschil, dat is een enorm verschil natuurlijk, dat is een miljoen verschil zowat, meer zelfs, door omdat er 6,4 ton btw-voordeel van 2021 nog geweest is en FMP-kapitaallasten van 3 ton. Dat is ook een voordeel, neem ik aan. Dus ja, dat maakt een ontzettend vertekenend beeld. Ik bedoel dat zegt natuurlijk niets over de werkelijke verrekening die we van dat afval hebben gehad. Ik weet niet of u de tabel … U zit nogal verbaasd te kijken, maar … De heer Ferwerda: U vraagt een vergelijk over 2022 tien maanden met een vergelijk van 2023 plus misschien een stukje van 2022. Dat kan ik u zo niet geven. Als u deze getallen noemt zonder dat ik het voor me heb, kan ik het ook heel moeilijk uitleggen, dus daarom zeg ik, ik zou daar schriftelijk op terug willen komen. De heer Van Harmelen: Dat is prima. De heer Ferwerda: Maar ik wil wel constateren dat wij bijna geen klachten krijgen over afval, dat mensen heel tevreden zijn en dat we binnen de begrotingsbudgetten blijven die we aankondigen en als daar een verschil in zou zitten, in 2023 hebben we een enorme stijging gehad van energielasten, personele lasten en dan toch doen we het nog zo goed. Dat is echt een resultaat dat je ook niet een-op-een met het jaar daarvoor kan vergelijken.
Dus het vergelijk is lastig, maar ik zal bij benadering op uw vraag dan terugkomen als u dat goed vindt. En dan heb ik nog één vraag van de PvdA. Waarom heet het wooninvesteringsfonds wooninvesteringsfonds. Ja, zo heeft het de naam gekregen ooit en wij doen dat zo en we zijn daar nog niet klaar mee, dus daar zijn maatregelen getroffen om juridisch dingen mogelijk te maken, om met partners samen te werken en een koopstartregeling kunnen we gebruik van maken en we zijn nog aan het verkennen hoe we nog het meer vorm kunnen geven dat we zelf ook een actieve rol daarin hebben. Ja, dat vraagt ook om een licentie waar we mee bezig zijn. Ja en dat geheel heet wooninvesteringsfonds. Ja en de naam mag ook anders wat mij betreft, maar dat is het. De voorzitter: Oké, dank u wel. De heer Van Koppen: Voorzitter. De voorzitter: De heer Van Koppen. De heer Van Koppen: Ik gok dat ik nog een vraag heb voor de heer Ferwerda. Dat is over namelijk vergroening, maar ik weet niet of dat bij gebiedsontwikkeling Centrumplan of dat dat wel de portefeuille is, maar daarbij was 52.000 euro minder uitgegeven aan vergroening. En dan was de vraag: is dit een gevolg van minder
uitgaven of zijn de plannen niet uitgevoerd? En dan was het antwoord per saldo pakt het vergroeningsdeel binnen het Centrumplan voordeliger uit. Hiernaast zijn niet alle plannen volledig uitgevoerd. En mijn vraag net was: worden die niet uitgevoerde plannen dan alsnog uitgevoerd? Komt die dan later terug of worden er dan dingen die niet uitgevoerd worden ook gewoon geschrapt? En wordt dit dan eventueel gecommuniceerd wat er niet doorgaat? De heer Ferwerda: Ja, dan moet ik even kijken waar er staat waar het precies over gaat, want wij vergroenen met het Actieplan Groen. Daar we hebben in de centra heel erg ons best gedaan om te vergroenen. In de gebiedsontwikkeling maken we afspraken over te vergroenen. Bijvoorbeeld in ONW-gebied hebben we wel vergroend, afspraken gemaakt met de ONW en dat hebben zij voor ons uitgevoerd. Dus daar kan ook verschil in zijn. Dan moet ik even precies weten waar het in zit. De heer Van Koppen: Het is in ieder geval vraag 4 van ons, van LPF. En volgens mij ging het om Centrumplan bij ’s-Gravenzande, maar dat weet ik niet zeker. Maar in ieder geval, er was een verschil van 52.000 en er wordt aangeven er zijn plannen niet volledig uitgevoerd en dan is de vraag: wordt dat dan nog wel later gedaan of wordt het gewoon geschrapt? De heer Ferwerda: Als u het goed vindt, komt ik daar later even op terug. Dan zoek ik dat even snel uit. De voorzitter: Oké.
Dan gaan we naar … Nee, mevrouw Van Staalduinen deze keer niet. Wethouder Valstar ook niet. Wethouder Goudswaard. De heer Goudswaard: Voorzitter, dank u wel. Aan mij nog één vraag gesteld door Westland Verstandig aangaande de Westlandse Omroepstichting, de WOS. Dat antwoord, ik hou van een kort antwoord, maar dan kan ik niet volledig zijn, dus ik probeer dat toch met iets meer woorden even uit te leggen wat wij hier in de Kadernota hebben opgenomen. Zoals bekend hebben wij nog niet heel lang geleden de discussie gevoerd over de WOS en de toekomst van de WOS in relatie tot toetreding landelijk bestel, dat reeds in ‘23 en uiteindelijk in ‘24 zou moeten plaatsvinden. Om die reden was er ook geen budget opgenomen in de toenmalige begroting, omdat er voorzien was dat die toetreding geëffectueerd zou worden. De afloop daarvan kennen wij, dus we hebben toen met een enorme hobbel en een met name voor de WOS onduidelijkheid over de toekomst het besluit moeten nemen om toch dat budget ter beschikking te stellen, ook om bestuurlijk en voorspelbaar te zijn richting deze partij. Voor de duidelijkheid, het bedrag wat wij aan de WOS geven, is in drie zaken altijd opgebouwd. Eén is dat de subsidie waar deze vraag volgens mij over gaat.