nota beantwoording zienswijzen (21-0358325)
Tekst van het document
NOTA VAN BEANTWOORDING ZIENSWIJZEN BESTEMMINGSPLAN WAELPOLDER Instantie 1.
Provincie ZH
Reactie a.
De provincie wil geen nieuwe reguliere detailhandel buiten de kernen en wil
Beantwoording a.
Naar aanleiding van deze zienswijze heeft overleg met de provincie plaatsgevonden en is de functie ondergeschikte
uitsluiten dat deze binnen het plangebied kan ontstaan. De provincie
detailhandel uit de definitie Maatschappelijke voorzieningen verwijderd. Het begrip Maatschappelijke voorzieningen is nu als
wil daarom dat een metrage van maximaal 200 m2 in de begripsbepaling
volgt in het bestemmingsplan opgenomen : “Educatieve voorzieningen, gezondheidszorg,
opgenomen wordt.
onderwijsvoorzieningen, voorzieningen ten behoeve van kinderopvang, bejaardentehuizen, zorgwoningen en andere zorginstellingen en voorzieningen ten behoeve van de openbare dienstverlening, alsmede ondergeschikte horeca bij en ten dienste van deze voorzieningen. De onderg eschikte horeca staat uitsluitend open voor degenen die primair komen voor de hoofdfunctie en is zowel functioneel als naar oppervlakte en ruimtelijke uitstraling ondergeschikt aan de hoofdfunctie. Horeca mag zelfstandig plaatsvinden indien het primair een maatschappelijk en/of educatief doel dient al dan niet in combinatie met een zorgcomponent.”
2.
Reclamant 2
a.
Reclamant voert aan dat een bouwhoogte van 50 meter nog nergens
a.
De woontoren in het zuidwesten van het plangebied is gepositioneerd op een unieke en betekenisvolle plek: de “hoek”
in het Westland voorkomt en ook volgens reclamant – niet passend is in
van het plangebied, waar twee boezemvaarten bij elkaar komen en naast de ecologische zone. Boezemvaarten zijn de dragers
de omgeving.
van het Westland. Daar wordt een nieuwe drager aan toegevoegd namelijk de ecologische zone tot aan de kust. Ten slot markeert dit punt de historische loop van de Atlantic Wall. Ruimtelijk onderscheidt de landmark zich door hoogte, slankheid en positie. Het uitgangspunt is dat er woontoren van zestien lagen hoog wordt gerealiseerd. De toren is gepland aan de zuidwestpunt van Waelpolder. Dit is de beste plek binnen het plangebied, dat wil zeggen de plek die de minste hinder geeft. Het gebouw is nadrukkelijk bedoeld voor appartementen in het luxe segment. Juist het uitzicht over het Westland en de kust/zee, maken deze woningen tot een uniek product. Op een relatief beperkt e
oppervlakte wordt het mogelijk deze doelgroep te bedienen. Hierdoor blijft er meer ruimte over binnen Waelpolder om betaalbare woningen te realiseren. Overigens is in de Omgevingsvisie aangegeven dat binnen Waelpark een hoogte van meer dan 10 lagen mogelijk is, als voldaan word t aan een goed geborgde kwalitatieve openbare ruimte. b.
Reclamant geeft aan dat op dit moment al duidelijk moet zijn welke
b.
Voor de appartementengebouwen binnen de bestemming Woongebied 2 en Woongebied 3 is een windonderzoek verricht.
afschermende maatregelen er getroffen zouden moeten worden. Volgens
Er is dus ook voor de woontoren in het zuidwesten een windklimaatonderzoek verricht. Uit d it onderzoek komt naar voren
reclamant zou er vooraf een windhinder/gevaar onderzoek moeten
dat het gebied met bebouwing voor wat betreft het aspect wind erop vooruitgaat. In de bestaande (zonder bebouwing) situatie is
worden uitgevoerd en eventuele maatregelen moeten gedetailleerd
er sprake van een matig tot slecht windklimaat. In de situatie dat volgens de maximale bouwmogelijkh eden van het
worden vastgelegd in het bestemmingsplan.
bestemmingsplan en in de uitgewerkte geplande situatie wordt gebouwd, is er sprake van een matig tot goed windklimaat. In het windklimaatonderzoek wordt uitgegaan van een kale vlakte zonder bebouwing of beplanting. Het windklimaat wordt binnen de bestemming Natuur en Groen verbeterd door het planten van struiken en bomen. Rond de hoogbouw in het zuidwesten kan op dit moment geen goed beeld worden geschetst, aangezien nog niet precies duidelijk is hoe het plan eruit zal zien. Uit de resultaten van het windklimaatonderzoek komt naar voren dat een woontoren met afschermende maatregelen ter plaatse mogelijk is. Voorbeelden hiervan zijn het plaatsen van schermen of een in de gevel terugliggende situering van gebouwentrees. Hiermee is het bestemmingsplan uitvoerbaar. Welke afschermende maatregelen er precies moeten worden getroffen is afhankelijk van de daadwerkelijke vorm en hoogte van de woontoren. Deze zijn nu nog niet duidelijk. Binnen de bestemming Woongebied - 3 is in de planregels een bepaling opgenomen dat voor een gebouw met een bouwhoogte van 30m of hoger bij de omgevingsvergunningaanvraag voor het bouwen middels een
windklimaatonderzoek moet worden aangetoond dat er sprake is van een aanvaardbaar windklimaat. 3.
Reclamant 3
a.
Reclamant voert aan dat een bouwhoogte van 50 meter nog nergens
a.
Zie voor de beantwoording van deze zienswijze de beantwoo rding bij reclamant 2.a.
b.
Zie voor de beantwoording van deze zienswijze de beantwoording bij reclamant 2.b.
a.
In de commissie Ruimte is afgesproken dat er maximaal 10 woningen op de Nieuwe Vaart in Rijnvaart ontsluiten. Hierdoor
in het Westland voorkomt en ook volgens reclamant – niet passend is in de omgeving. b.
Reclamant geeft aan dat op dit moment al duidelijk moet zijn welke afschermende maatregelen er getroffen zouden moeten worden. Volgens reclamant zou er vooraf een windhinder/gevaar onderzoek moeten worden uitgevoerd en eventuele maatregelen moeten gedetailleerd worden vastgelegd in het bestemmingsplan.
4.
Reclamant 4
a.
Volgens reclamant is in paragraaf 5 van de nota van beantwoording van de inspraakreacties een verkeerde voorstelling gemaakt van de toezegging
wordt ook het verkeer dat over de Nieuwe Vaart rijdt beperkt. Ontsluiting van de rest van de wijk verl oopt via de Nerts.
die wethouder Snijders en wethouder Gardien hebben gedaan over de
Dit geldt hetzelfde voor de woningen die worden gebouwd in Waelpolder. De woningen die op veld 3 (Kassenova worden
ontsluiting van Waelpolder. Hierdoor worden er toch een aantal wonin gen
gebouwd, worden direct op de Nerts ontsloten. Er is echter nooit toegezegd dat er geen verkeer over de Nieuwe Vaart in
ontsloten op de Nieuwe Vaart.
Waelpolder zou worden ontsloten.
5.
Reclamant 5
a.
Reclamant stelt dat in het
a. Het perceel van reclamant is gelegen aan de Poelkade tegen
waterhuishoudkundigplan Waelpark in paragraaf 2.4 aangeeft dat de
de waterkering aan. Voor dit perceel zal een water afvoerende voorziening in de vorm van een watergang worden gerealiseerd.
grondwaterstand kan oplopen tot -1,10 NAP in het centrale gedeelte tot circa -
Zie verder de beantwoording van deze zienswijze onder c.
0,70 NAP langs de lintbebouwing aan de boezem. Reclamant geeft aan dat het maaiveld van zijn kasje is gelegen op -1,10 NAP waardoor zijn kas kan onderlopen met grondwater. b.
Voorts wijst reclamant op paragraaf 3.2 van het waterhuishoudkundigplan
b. De genoemde ontwateringseis geldt voor nieuwbouw, niet voor bestaande woningen en opstallen. Dat is een situatie die in het
Waelpark. Hierin is het uitgangspunt opgenomen dat ontwateringsdieptes
verleden zo gecreëerd is.
bereikt dienen te worden zonder het toepassen van drainage. Reclamant geeft aan dat hem wel deze oplossing wordt geboden door ONW, terwijl dit niet in het gemeentelijk beleid past.
c.
Reclamant stelt dat in paragraaf 4.3
c. In het waterhuishoudingsplan staat: “Voor een goede
van het waterhuishoudkundigplan Waelpark is opgenomen dat voor een
afwatering van deze percelen wordt langs de oostzijde van de polder een watergang aangelegd. De grondwaterstand van deze
goede afwatering van de percelen langs de oostzijde van de polder een
p e r c e l e n s t a a t v o o r n a me l i j k o n d e r i n v l o e d v a n d e h o g e r b o e z e m (NAP -0,43 m)”. Naar aanleiding van deze zienswijze zal aan de
watergang wordt aangelegd. Reclamant stelt dat dat hier in zijn situatie aan
wens van reclamant worden tegemoetgekomen in de zin dat achter zijn perceel een watergang zal worden gerealiseerd.
voorbij wordt gegaan.
Achter de woning van reclamant is een strook grond gereserveerd, waarin de watergang zal worden gerealiseerd. Deze watergang is met een aanduiding op de planverbeelding opgenomen, zodat deze in het bestemmingsplan is geborgd.
d.
Vervolgens verwijst reclamant naar
d. Het watersysteem bevat voldoende waterberging. Dit is te zien
paragraaf 4.4 van het waterhuishoudkundigplan Waelpark.
op de verhardings/waterbalanstekening in bijlage 47 bij de toelichting. Voor een goede ontwatering wordt achter het perceel
Hierin is opgenomen dat het uiteindelijke watersysteem voldoende
van reclamant een watergang toegepast.
berging moet bevatten en moet bijdragen aan een goede ontwatering van de percelen. Reclamant hee ft het gevoel dat hier in zijn situatie aan voorbij gegaan wordt. e.
Reclamant wijst op paragraaf 4.6 van het waterhuishoudkundigplan Waelpark
e. Aan de wens van reclamant dat een watergang achter zijn perceel word t gerealiseerd, wordt tegemoetgekomen. Zie verder
waarin is opgenomen dat de daadwerkelijke opbolling naar
de beantwoording van deze zienswijze onder c.
verwachting hoger is. Reclamant is van mening dat er daardoor des te meer reden is om achter zijn perceel een watergang aan te leggen. f.
Reclamant verwijst naar paragraaf 4.10
f. Het hemelwater van de weg wordt niet naar het perceel van
van het waterhuishoudkundigplan Waelpark, waarin is opgenomen dat
reclamant afgevoerd maar naar het oppervlaktewater, door middel van een hemelwaterriolering.
moet worden voorkomen dat hemelwater van openbaargebied richting de tuinen en de woningen kan stromen. Reclamant heeft de indruk dat hier in zijn situatie weinig rekening wordt gehouden, aangezien volgens hem de weg dicht achter zijn perceel wordt aangelegd. g.
Reclamant wijst op paragraaf 5.1 van het waterhuishoudkundigplan Waelpark
g. Voor de start van de ontwikkeling worden de meeste watergangen gegraven (zowel ecozone als polderwatergang aan
waarin wordt gesproken van het voorkomen van een hoger winterpeil
de oostzijde), waarmee het functioneren van de polder is gegarandeerd gedurende de ontwikkeling. Daarmee wordt ook een
door de inrichting van de polder. Reclamant is van mening dat het
hoger winterpeil voorkomen.
aanleggen van watergangen bij bestaande hiervan een onderdeel is. h.
Reclamant verwijst naar hoofdstuk 6
h. De regels waarnaar reclamant verwijst, gelden voor nieuwbouw
(aanbevelingen) van het waterhuishoudkundigplan Waelpark en
en niet voor bestaande woningen. Aan de wens van reclamant dat een watergang achter zijn perceel wordt gerealiseerd, wordt
wijst erop dat hij geen drainage wil en dat dit volgens de gemeentelijke regels
tegemoetgekomen. Zie verder de beantwoording van deze zienswijze onder c.
(paragraaf 3.2, bijlage 1 en bijlage 10 van het waterhuishoudkundigplan
De exacte opbolling van het grondwater wordt nog nader onderzocht met een geohydrologisch onderzoek. Het huidige
Waelpark) ook niet mag. Reclamant geeft aan dat zijn perceel mag worden
grondwaterpeil verandert niet door de mate van opbolling, aangezien het een bemalen polder blijft. Behoudens de eventuele
opgehoogd, maar dan met behoud van de gebouwen, dezelfde inrichting en
stijging door de fluctuatie van het oppervlaktewater als gevolg van het zomer en winterpeil.
zonder kosten voor reclamant. i.
Reclamant merkt naar aanleiding van bijlage 10 bij het
i. Het waterhuishoudkundigplan is mede gebaseerd op de eisen van het Hoogheemraadschap van Delfland. En is ook door hen
waterhuishoudkundigplan Waelpark op dat de droogleggingsrichtlijn van het
akkoord bevonden bij de bestemmingsplanprocedure.
hoogheemraadschap hoger ligt dan die van de gemeente. j.
Reclamant laat een aantal foto’s zien van percelen gelegen aan de Poelkade,
j. Aan de wens van reclamant dat een watergang achter zijn perceel wordt gerealiseerd, wordt tegemoetgekomen. Zie verder
waaruit volgens hem de conclusie moet worden getrokken dat wanneer er geen
de beantwoording van deze zienswijze onder c.
afwateringssloot is of wordt aangelegd er voor die percelen wateroverlast zal ontstaan. k.
Reclamant stelt dat er in de bezonningsstudie niets wordt gezegd
k. De woning van reclamant is op ruim 58 meter van het toekomstige appartementengebouw gelegen.
over de zonnepanelen op grond. Reclamant stelt de gemeente
Zoals ook valt op te maken uit de bezonningsstudie, die als bijlage bij het bestemmingsplan is gevoegd, wordt voldaan aan
aansprakelijk voor de gederfde elektriciteitsopbrengst.
de lichte TNO-norm. Daarmee ontstaat er geen onaanvaardbare schaduwhinder op de woning van reclamant. Reclamant wist dat het gebied achter zijn perceel zou worden ontwikkeld als woningbouwgebied. Door het aanleggen van de zonnepanelen op de kas aan de rand aan de achterzijde van zijn perceel heeft reclamant bewust het risico genomen dat er verminderde elektriciteitsopbrengsten zouden worden gegeneerd. Bovendien blijkt uit de bezonningsstudie dat er in april vanaf 18:00 uur en in er in juni vanaf 19:00 uur deels sprake is van schaduwwerking op de kas. De zonnepanelen zullen op dat tijdstip al niet meer zoveel elektriciteit opleveren, omdat de zon dan niet meer zo sterk is. Als reclamant meent schade van het bestemmingsplan te ondervinden, dan kan - na het onherroepelijk worden van het bestemmingsplan – een verzoek om planschade indienen. De vermeende planschade is echter geen ruimtelijke afweging.
l.
Reclamant stelt geen duidelij k antwoord te hebben gehad of het trafohuis naast
l. Dit betreft geen afweging die in het kader van dit bestemmingsplan een rol speelt. De gemeente gaat bovendien
zijn huis buiten gebruik wordt gesteld.
niet over het buitengebruik stellen van trafohuisjes. Westland Infra gaat trachten alle trafo’s langs de Poelkade op te nemen in
het nieuwe netwerk van de nieuwbouwwijk. De onderhavige trafo wordt alleen verwijderd als deze voorziening meegenomen kan worden in het netwerk ontwerp van de elek tra. Op dit moment zijn we nog niet zover dat Westland Infra dit kan berekenen. m. Reclamant stelt dat de verkeerstelling in juli/augustus 2020 niet representatief is.
m. De verkeerstelling is gedaan tijdens de coronaperiode en zomervakantie. Hierdoor kunnen de intensiteitscijfers wat zijn onderschat. De invloed van de coronaperiode wordt ec hter vrij laag geschat voor deze periode. Zo geeft het CBS (https://www.cbs.nl/nl-nl/visualisaties/welvaart-incoronatijd/mobiliteit) aan dat de landelijke intensiteit van het wegverkeer in weken 30 t/m 33 van 2020 tussen de 88 en 95% was ten opzichte van dezelfde periode in 2019. Verder zal er door de invloed van de zomervakantie ook minder verkeer op de weg zijn geweest ten opzichte van een periode daarbuiten. Omdat de intensiteiten tijdens de meting op de Poelkade (450 motorvoertuigen per werkdag) en het Boomgaardspad (800 motorvoertuigen per werkdag) echter dusdanig lager liggen ten opzichte van wat toelaatbaar is voor vergelijkbare erftoegangswegen met dit wegprofie l, namelijk 2000 motorvoertuigen per etmaal, wordt ervan uitgegaan dat de intensiteit in een periode buiten de zomervakantie en buiten corona-invloeden ook onder de toelaatbare intensiteit zal liggen. Verder staat in het verkeersrapport van Goudappel Coffe ng (‘Herziening verkeersrapportage Waelpolder 8 maart 2021 006134.20200323.R1.06’) dat de toekomstige verkeersintensiteiten op deze weg de toelaatbare waarde niet zal overschrijden.
De snelheidsgegevens voor de verkeersmetingen tijdens deze periode worden als representatief gezien en zijn niet beïnvloed door de zomervakantie of coronaperiode
n.
Reclamant beroept zich op schade als
n. De schade die reclamant stelt te hebben, maakt geen
gevolg van bouwwerkzaamheden door het hoogheemraadschap aan het
onderdeel uit van de ruimtelijke afwegingen voor dit bestemmingsplan. Dit is iets dat reclamant met het
gemaal.
hoogheemraadschap moet oplossen. De gemeente is hier geen partij in. Eventuele schade aan eigendommen van reclamant door het aanleggen van het plangebied maakt ook geen onderdeel uit van de ruimtelijke afwegingen in het kader van dit bestemmingsplan. Indien sprake is van schade als gevolg van grond - of bouwwerkzaamheden, is in beginsel degene die de schade daadwerkelijk heeft veroorzaakt, daarvoor aansprakelijk. Dat is de uitvoerder van de werkzaamheden of zijn/haar opdrachtgever. Om te kunnen constateren of er schade is als gevolg van grond of bouwwerkzaamheden is het noodzakelijk om de staat van bestaande bouwwerken vast te leggen zoals deze is vóór aanvang van de werkzaamheden. Dit onderzoek wordt door de uitvoerder verricht en vastgelegd in een zogenaamde nulmeting. Hierbij wordt rekening gehouden met alle reeds bestaande schade, zettingen, scheurvorming etc. Mocht er na de opname schade ontstaan, dan is de nulmeting een middel om aan te tonen dat er schade is ontstaan. Eventuele schade als gevolg van graaf en heiwerkzaamheden kunnen op basis daarvan worden verhaald bij de uitvoerder. Dit onderzoek vindt niet plaats in het kader van de ruimtelijke procedure.
o.
Reclamant verzoekt de gemeente de
o. Een verzoek om een tweede huis op het perceel te mogen
bestemming van zijn perceel te wijzigen, zodat hij een tweede woning
bouwen, maakt geen onderdeel uit van de r uimtelijke afweging in het kader van dit bestemmingsplan. Als inspreker in de toekomst
op zijn perceel mag bouwen.
een tweede woning op zijn perceel wil realiseren, dan moet hij hiervoor afzonderlijk een omgevingsvergunning of een bestemmingsplan aanvragen. Hij zal het plan daarvoor nader moeten uitwerken en de nodige onderzoeken moeten verrichten. Daaraan voorafgaand zal inspreker medewerking van de gemeente moeten verkrijgen. Daarvoor is, zoals ook al is aangegeven in de beantwoording van de inspraakreactie, de enkele opmerking, dat hij een tweede woning op zijn perceel wil realiseren, onvoldoende.
6.
Reclamant 6
a.
Reclamant geeft aan dat het bedrijf
a.
Het bedrijf – voor zover gelegen binnen de bestemming waar de
Cees advocaten namens Boal
Boal zich kwalificeert als een categorie 3.2 bedrijf. Volgens reclamant bedraagt
milieucategorie 4.1 is toegestaan - is gelegen op een afstand groter dan 150 meter. Het bedrijf kwalificeert zich als een
systemen B.V. en BOAL Poly Systems
de richtafstand die volgens de VNGpublicatie Bedrijven en Milieuzonering
categorie 3.2 bedrijf waardoor de richtafstand 100 meter bedraagt. De afstand tot aan de bestemmingsplangrens voldoet
B.V.
bij een bedrijf in milieucategorie 3.2 tot een rustige woonwijk of rustig
dan ook aan de richtafstand. Het deel van het bedrijf waarop een bedrijf uit de milieucategorie 3.1 is toegestaan is gelegen op een
buitengebied in acht moet worden genomen 100 meter. Reclamant voert
afstand van circa 75 meter. De bijbehorende VNG-richtafstand bedraagt voor een bedrijf uit deze milieucategorie 50 meter.
aan dat de kortste afstand van Boal tot de bestemmingsgrens 60 meter
Ervan uitgaande dat Boal niet i n strijd met het vigerende bestemmingsplan Teylingen s -Gravenzande handelt en ter plaatse
bedraagt, waardoor volgens reclamant niet wordt voldaan aan de richtafstand.
activiteiten uitoefent behorend bij een 3.1 milieucategorie wordt ook hier voldaan aan de VNG-richtafstand.
b.
Reclamant geeft aan zich niet te kunnen verenigen met de ontwikkeling
b.
Gelet op de beantwoording onder a. valt niet in te zien waarom er sprake zou zijn van een onaanvaardbaar woon - en leefklimaat.
van woningen op (te) korte afstand van haar bedrijf. Reclamant stelt dat de
Daarbij is het algemeen aanvaard dat woningen op een kortere afstand van bedrijven maatgevend zijn voor wat betreft de
woningen beperkingen op kunnen leveren voor de bedrijfsvoering van
bedrijfsvoering. Hierdoor is de milieucirkel van Boal verkleind en vallen de in het plan mogelijk gemaakte woningen niet binnen die
Boal. Reclamant geeft aan het niet eens te zijn met de beantwoording van
milieucirkel. De geluidemissie zal daarmee niet leiden tot een aantasting van een goed woon- en leefklimaat bij de woningen in
de inspraakreactie voor zover daarin is opgenomen dat de woningen aan de
het plangebied. Omgekeerd zal de realisatie van de nieuwe woningen geen extra belemmering vormen voor de bedrijfsvoering
Braillestraat maatgevend zijn, omdat deze (bestaande) woningen op een
van de scheepswerf aangezien de bestaande woningen maatgevend zijn voor het geluid (Zie hiervoor bijvoorbeeld
kortere afstand van Boal zijn gesitueerd dan de beoogde nieuwe
ECLI:NL:RVS:2021:875).
woningen binnen het plangebied. Volgens reclamant betekent de enkele omstandigheid dat aan de Braillestraat bestaande woningen aanwezig zijn niet dat de binnen het plangebied gesitueerde woningen niet meer
zouden moeten worden getoetst aan de eisen van een goede ruimtelijke ordening en met name van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. c.
Reclamant wijst erop dat de bestaande woningen aan de Braillestraat
c.
Een bestemmingsplanprocedure ziet niet op het wekken van verwachtingen over de kwaliteit van de leefomgeving. Een
bestaande woningen zijn. Volgens reclamant hebben de bewoners van
bestemmingsplan geeft aan welke functies er op de gronden binnen het bestemmingsplan mogen worden gerealiseerd en hoe
deze woningen er destijds bewust voor gekozen om naast een bedrijventerrein
de gronden mogen worden gebruikt. Het bedrijf van reclamant is op circa 420 meter van de beoogde woontoren gelegen. De
te gaan wonen en hebben hier geen problemen mee. Reclamant is van
nieuwe bewoners zullen zelf hun informatie over de omgeving moeten vergaren. Het bestemmingsplan Waelpolder ziet slechts
mening dat zij daarom minder snel geneigd zijn klachten in te dienen, die
op het gebied binnen de bestemmingsplangrenzen. In dit gebied zal veel groen worden gerealis eerd. De woontoren wordt
verband houden met de beleving van hun woon- en leefomgeving. Reclamant
gepositioneerd in de “hoek” van het plangebied, waar twee boezemvaarten bij elkaar komen en naast de ecologische zone.
verwacht dat de toekomstige bewoners van de woontoren bepaalde verwachtingen zullen hebben van de omgeving, die (bijvoorbeeld in verkoopdocumentatie) als rustig wordt gekwalificeerd. In de visie van reclamant blijkt uit het ontwerpbestemmingsplan in onvoldoende mate dat het ontwerpbestemmingsplan de verwachtingen over de kwaliteit van de omgeving rond deze woningen kan waarmaken. d.
Ten slotte stelt reclamant dat in het akoestisch onderzoek van Goudappel Coffeng van 2 juni 2020 wordt uitgegaan van een beoordelingshoogte
d.
Het onderzoek verkeerslawaai strekt tot bescherming van de toekomstige bewoners van de te bouwen woningen en niet tot bescherming van de belangen van reclamant.
van 4,5 meter. In de visie van reclamant dient echter per woning (en in een woontoren per appartement) te worden beoordeeld wat het geluid op de gevel bedraagt en of sprake is van een goed woon - en leefklimaat. 7.
Reclamant 7
a.
Reclamant stelt dat de rust en het uitzicht zullen worden verpest door de
a.
Hier wordt opgemerkt dat planologische kaders in de loop van de tijd kunnen wijzigen. Met de woningbouwimpuls ontstond de
appartementen en hij geeft aan nu aan weerszijden ingeklemd te worden
mogelijkheid een substantieel aantal betaalbare woningen te realiseren. Bij een percentage van 50% betaalbare woningen is
tussen twee hoge, uiterst, onaantrekkelijke gebouwen. Tevens
het noodzakelijk meer woningen te bouwen dan de beoogde 600. In het gehonoreerde plan zijn dat er maximaal 720 geworden. Bij
stelt reclamant als gevolg van deze ontwikkeling aan beide kanten
een dergelijke verandering, meer woningen in dezelfde ruimte, is gestapelde bouw onvermijdelijk. Het plan bevat diverse
geluidsoverlast te krijgen. Reclamant stelt planschade te lijden. Vervolgens
bouwvolumes van vier tot zes lagen, incidenteel zeven lagen . De afstand van de grens van het perceel van reclamant tot aan het
voert reclamant aan het appartementengebouw van een 6-laags
appartementengebouw bedraagt ongeveer 50 meter. De afstand van gevel tot gevel zal circa 80 meter bedragen. Dit is een
wooncomplex ter hoogte van zijn woning te heroverwegen en het eerdere
aanvaardbare afstand tussen de hoogbouw en de bestaande woningen. Daarbij komt dat er tussen de bestaande woningen en
plan (4-8 lagen aan de Rijnvaartweg, 2 3 lagen; incidenteel 4 -8 lagen omgeving
het appartementengebouw de Nieuwe Vaart, grondgebonden woningen, groen en parkeren zijn gelegen. Gelet op de afstand en
Dijckerwaal) te handhaven.
de invulling van het plangebied is er geen sprake van onevenredige aantasting van de privacy. Daarbij is het van belang dat de woningen naast een gebied, waar al ontwikkelingen waren beoogd en planologisch mogelijk waren op grond van het bestemmingsplan Het Nieuwe Water, waarbij een woonsituatie die vrij is van enige inkijk nu eenmaal niet k an worden gegarandeerd. Verder bestaat er volgens vaste jurisprudentie van de Afdeling geen blijvend recht op vrij uitzicht (zie bijvoorbeeld de uitspraak van 24 augustus 2011 (ECLI:NL:RVS:2011:BR5649). Ook blijkt uit het bezonningsonderzoek dat er wordt v oldaan aan de lichte TNO-norm en dat er geen sprake is van onaanvaardbare schaduwwerking. Reclamant meent schade van het bestemmingsplan te
ondervinden. Na het onherroepelijk worden van het bestemmingsplan kan reclamant een verzoek om planschade indienen. De vermeende planschade is echter geen ruimtelijke afweging. b. b.
Reclamant verlangt, dat er voorafgaande aan de heiwerkzaamheden een opname (met foto’s en beschrijving) wordt gemaakt van eventuele bestaande scheuren e.d. en een garantieverklaring voor schadevergoeding wordt afgegeven. Reclamant stelt dat er meerdere bouwondernemingen tegelijkertijd in het gebied actief zullen zijn, waardoor het voor moeilijk kan zijn om de verantwoordelijken te identificeren. Reclamant wil dat ONW/Gemeente de taak van overkoepelende schadebemiddelaar op zich neemt.
Indien sprake is van schade als gevolg van grond - of bouwwerkzaamheden, is in beginsel degene die de schade daadwerkelijk heeft veroorzaakt, daarvoor aansprakelijk. Dat is de uitvoerder van de werkzaamheden of zijn/haar opdrachtgever. Om te kunnen constateren of er schade is als gevolg van grond of bouwwerkzaamheden is het noodzakelijk om de staat van bestaande bouwwerken vast te leggen zoals deze is vóór aanvang van de werkzaamheden. Dit onderzoek wordt door de uitvoerder verricht en vastgelegd in een zogenaamde nulmeting. Hierbij wordt rekening gehouden met alle reeds bestaande schade, zettingen, scheurvorming etc. Mocht er na de opname schade ontstaan, dan is de nulmeting ee n middel om aan te tonen dat er schade is ontstaan. Eventuele schade als gevolg van graaf en heiwerkzaamheden kunnen op basis daarvan worden verhaald bij de uitvoerder. De gemeente noch ONW zijn hebben een rol in deze private afwikkeling. Dit onderzoek vin dt niet plaats in het kader van deze ruimtelijke procedure en is daar ook geen afweging in.
c.
Reclamant stelt dat het reeds bestaande groen is van essentieel belang voor een evenwichtig ecosysteem. Zo stelt hij dat de knotwilgen langs de Nieuwe Vaart belangrijk zij voor de instandhouding de vleermuizenpopulatie, de stabiliteit van de oevers en de leefgemeenschappen tussen de wortels en in de oever, de Vaart zelf en op het grensvlak water/bodem. Ook dragen ze bij aan de leefbaarheid van een wijk. Reclamant
c.
Opgemerkt wordt dat het onderhoud van de beplanting geen onderdeel vormt van de ruimtelijke afweging van het bestemmingsplan. Tussen ONW en de gemeente zijn afspra ken gemaakt over de aanleg en het onderhoud van het aan te leggen groen. Uit het vleermuizen onderzoek, dat als bijlage 12 bij het voorontwerp bestemmingsplan is opgenomen, blijkt het volgende. De watergang de Nieuwe Vaart wordt gebruikt als vliegroute d oor gewone dwergvleermuis. Gezien het lage aantal (3) waargenomen vleermuizen betreft het hier géén essentiële vaste
geeft aan dat de knotwilgen de afgelopen zes jaar zo schromelijk door de gemeente zijn verwaarloosd en dat het leek alsof er opzet in het spel was om t.z.t. een reden te hebben om ze te rooien. Reclamant wenst, dat de wilgenrij langs de Nieuwe Vaart van het beginpunt bij de Rijnvaart tot het einde bij het huidige perceel Nieuwe Vaart 11 in de oorspronkelijke staat wordt hersteld; dat wil volgens hem zeggen dat een knotwilg om de 10 m eter, zoals oorspronkelijk het geval was. Reclamant verzoekt om garantie, dat deze bestaande, en aan te planten, knotwilgen beter zullen worden onderhouden dan nu het geval is. Wij stellen voorts voor, dat langs alle waterlopen in de Waelpolder oeverbomen worden geplant, zodat er een optimaal ecosysteem kan ontstaan.
d.
e.
Reclamant stelt voor om de ecologische verbindingszone, ter hoogte van de 6gestapelde woningbouw (voor zover die daar gepland blijft), langer door te laten lopen waardoor de ecologische verbindingszone niet ten oosten maar ten westen van de eventuele appartementen komt te liggen. Dit creëert dat een groene buffer tussen de Nieuwe Vaart en de gestapelde woningbouw.
Reclamant wil meer duidelijkheid over hoe de verkeersstromen in het plangebied gaan lopen en welke rijrichtingen gehanteerd gaan worden.
vliegroute. De watergang de Nieuwe Vaart betreft géén essentiële vliegroute of essentieel foerageergebied voor vleermuizen. Wel is het mogelijk dat het aantal vleermuizen die wél gebruik maken van de watergang en opgaand groen langs de Nieuwe Vaart hinder ondervinden van de geplande werkzaamheden. De watergang de Nieuwe Vaart aan de westzijde en de Poelwatering aan de oostzijde worden minima al aangetast door de werkzaamheden. Tevens wordt er een groene ecologische zone gerealiseerd door het plangebied heen, met een groot waterrijk gedeelte aan de westzijde langs de Nieuwe Vaar t. Er wordt naar gestreefd om de bomen langs de watergang de Nieuwe Vaart als rij aan deze zijde te behouden. Op termijn biedt de ecologische zone nieuw foerageergebied en mogelijke vliegroutes voor vleermuizen. Wel dient rekening gehouden te worden met de inrichting van wegen en ontsl uiting, verlichting en (openbaar) groen langs de Nieuwe Vaart, Poelwatering en de nieuwe ecologische zone. d.
De ecologische zone buigt voor het deelgebied 3 af naar het midden van het plangebied, zodat deze ook onderdeel uitmaakt van de andere deelgebieden. De gemeente heeft niet alleen de wensen van de huidige bewoners af te wegen, maar ook die van de toekomstige bewoners van het gebied. Zoals al eerder aangegeven zijn er tussen de bestaande woningen en het appartementengebouw de Nieuwe Vaart, grondgebonden woningen, groen en parkeren gelegen. Gelet op de afstand en de invulling van het plangebied is er geen sprake van onevenredige aantasting van de privacy.
e.
De beoogde verkeersstromen in het plangebied zijn in principe in beide richtingen, met uitzondering en op de figuur hieronder aangegeven. Op het verlengde van de Nerts (in het plangebied) zijn beide rijrichtingen mogelijk, om het verkeer zo veel mogelijk
Van belang is de rijrichting van auto’s. Reclamant is van mening dat - als de rijrichting over de weg Nieuwe Vaart van Zuid naar Noord is (met de wijzers van de klok mee) – de koplampen van auto’s ’s-avonds loodrecht over het water in zijn tuin en woonkamer schijnen. Volgens reclamant zullen vleermuizen er bij hun jacht op insecten in de avond last van hebben omdat er telkens een lichtflits in hun vliegzone is.
f.
Vervolgens voert reclamant aan dat In het verleden de gemeente de toezegging gedaan dat het thans nog doodlopende weggetje Nieuwe Vaart alleen gebruikt zou gaan worden voor de 12 aangrenzende woningen. In het huidige plan lijkt de weg te worden verbonden met andere wegen, zoals de Nerts, en zal naar verwachting de verkeersintensiteit omhooggaan; mede
over deze weg te laten rijden en niet over de Nieuwe Vaart, die door de huidige rijbaanbreedte geschi kter is voor éénrichtingsverkeer. De rijrichting op de Nieuwe Vaart wordt van zuid naar noord. De route over de Nieuwe Vaart wordt gebruikt door voertuigen met de bestemming op de Nieuwe Vaart, aangezien de route via het verlengde van de Nerts directer zal zijn voor het overige woningen. Het verkeer dat op de Nieuwe Vaart rijdt zal beperkt zijn, omdat slechts enkele woningen op de Nieuwe Vaart ontsluiten. Hierdoor zal de licht impact op vleermuizen minimaal zijn.
f.
Zie voor de beantwoording van deze ziens wijze de beantwoording van zienswijze 7.e.
versterkt door sluipverkeer. g.
h.
i.
Voor de in stand houding van een goede structuur van de oostelijke oever van de Nieuwe Vaart is het volgens reclamant van belang, dat de naastliggende weg minimaal belast blijft en er alleen stapvoets gereden mag worden. Wij stellen voor, dat de Nieuwe Vaart ingericht wordt als een autoluwe weg voor primair voetgangers en fietsers.
Reclamant stelt dat door de ontsluiting h. van het water de Nieuwe Vaart het voor een aantal bewoners van Waelpolder aantrekkelijk zal zijn om een pleziervaartuig aan te schaffen en deze ter plaatse in de Nieuwe Vaart aan te meren. Reclamant geeft aan dat nu onder de houten brug tussen Nieuwe Vaart en Edisonstraat/Reiger diverse boten (en wrakken) in de openbare ruimte zijn aangemeerd. Dit heeft – volgens reclamant - tot vertrappen en beschadiging van de oever geleid. Reclamant verzoekt de Gemeente om richting het Hoogheemraadschap eropaan te dringen, dat het aanmeren langs de Nieuwe Vaart op deze wijze wordt verboden. Voorts constate ert reclamant, dat de oever ter linkerzijde van Nieuwe Vaart 11 ernstig is beschadigd; mede door de snelheid van vaartuigen op dit nauwste gedeelte van het water. Vervolgens beroept reclamant zich erop dat er een onvermijdelijke toename van
g.
Deze weg is alleen voor bestemmingsverkeer en bevat daarom al heel weinig verkeer.
Er zullen maar weinig woningen met hun achtertuin grenzen aan de Nieuwe Vaart. De Nieuwe Vaart – ter plaatse van de woning van reclamant - valt buiten de grenzen van dit bestemmingsplan . Of de doorvaarbaarheid in het geding komt is aan het Hoogheemraadschap van Delfland om hierover te oordelen. Het Hoogheemraadschap heeft richtlijnen voor de doorvaa rbaarheid. Dat er in de huidige situatie overlast is van aangelegde boten danwel wrakken is geen afweging die in het kader van deze ruimtelijke procedure wordt gemaakt.
i.
In het bestemmingsplan Waelpolder kunnen geen regels worden gesteld omtrent geluidsoverlast. Het verzoek van reclamant kan
de pleziervaart zal plaatsvinden
dan ook niet worden meegewogen in deze procedure.
waardoor er extra lawaaioverlast ontstaat. Reclamant verzoekt de gemeente om te komen met geluidsoverlastoverlast beperkende regelgeving voor de bebouwde kom, zodat er in ieder geval een stok achter de deur is voor excessen.
j.
Vervolgens stelt reclamant dat de
j.
Zie voor de beantwoording van deze zienswijze de beantwoording
Nieuwe Vaart achter zijn tuin het smalst is en er bovendien ook geen ruimte
onder h. van deze zienswijze. Voor zover reclamant voorstelt om een hekwerk of een wal te plaatsen langs de Nieuwe Vaart,
voor tweezijdig aanmeren langs beide oevers. Reclamant stelt voor om een
merken wij op dat deze stedenbouwkundig ongewenst is. Juist de beleving van de Nieuwe Vaart zorgt voor openheid in het gebied.
hekwerk of wal te plaatsen langs de waterzijde van de Nieuwe Vaart.
De tuinen van de nieuwbouwwoningen tegenover de woning van reclamant krijgen op het aan de Nieuwe Vaart gelegen deel van hun perceel de aanduiding Oeverzone, zodat op dit aan het water gelegen deel niet mag worden gebouwd.
k.
Reclamant geeft aan dat er bij hoogbouw vaak krachtige valwinden zin en dat deze kan worden voorkomen door losstaande hoogbouw te weren.
k.
Voor de appartementengebouwen binnen de bestemming Woongebied 2 en Woongebied 3 is een windklimaatonderzoek verricht. Hieruit komt naar voren dat het gebied met bebouwing voor wat betreft het aspect wind erop vooruitgaat. In de bestaande (zonder bebouwing) situatie is er sprake van een matig tot slecht windklimaat. In de situatie dat volgens de maximale bouwmogelijkheden v an het bestemmingsplan en in de uitgewerkte geplande situatie wordt gebouwd, is er sprake van een matig tot goed windklimaat. In het windklimaatonderzoek wordt uitgegaan van een kale vlakte zonder bebouwing of beplanting. Het windklimaat wordt binnen de be stemming Natuur en Groen verbeterd door het planten van struiken en bomen.
l.
De gekozen locatie voor het appartementsgebouw is ook ongelukkig, omdat het gebouw een forse parkeerplaatsenbehoefte met zich meebrengt en alle verkeersbewegingen tot diep in de wijk komen. Dit zal dagelijks tweemaal tijdens het woonwerkverkeer tot een fors verkeersinfarct leiden.
l.
Het plan moet voldoen aan de Westlandse parkeernormen. Binnen dit deelgebied moet dan ook het parkeren worden ingevuld. Om dit te borgen in artikel 23.4 van de planregels een voorwaardelijke verplichting opgenomen waarin het gebruik van de gronden slechts toegestaan als er sprake is van voldoende parkeergelegenheid als bedoeld in de beleidsregel ‘Parkeernormering gemeente Westland’. Hieraan zal dan ook worden getoetst bij het indie nen van de aanvraag om omgevingsvergunning voor het bouwen van het complex. Hiermee is geborgd dat er te zijner tijd voldoende parkeergelegenheid zal zijn. Voor deze fase in de planvorming is aangegeven dat parkeren - gelet op de huidige parkeerdruk - geen belemmering vormt voor de ontwikkeling. Verder zullen de woonstraten in het plangebied binnen de toelaatbare bovengrens blijven van 6.000mtv/etmaal, zoals is berekend in het verkeersrapport van Goudappel Coffeng ‘ Herziening verkeersrapportage Waelpolder’
m. Reclamant geeft aan dat de gekozen locatie hem dusdanig verontreinigd lijkt te zijn dat milieu hygiënisch gezien er een belemmering is voor de voorgenomen herinrichting. Reclamant stelt dat hij niet heeft kunnen constateren dat bodemsanering al heeft plaatsgevonden en dat de bodemrapporten zijn goedgekeurd door de omgevingsdienst Haaglanden. Reclamant vraagt of het appartementengebouw bewust op de voormalige vuilstort wordt geprojecteerd om zodoende de vloer van de parkeergarage te gebruiken als een afdeklaag zoals bedoeld in Besluit activiteiten leefomgeving, artikel 4.1241.
m. Uit de bodemrapporten blijkt dat in enkele gevallen het nodig is om nader onderzoek uit te voeren en dat in sommige gevallen gesaneerd dient te worden. Alle bodemrapport worden ter goedkeuring voorgelegd aan de Omgevingsdienst Haaglanden. Al de bij het bestemmingsplan opgenomen onderzoeken zijn dan ook door de omgevingsdienst Haaglanden beoordeeld. In de vormvrije m.e.r.-beoordeling is geconcludeerd dat, i ndien uit de nadere onderzoeken blijkt dat maatregelen noodzakelijk zijn, zullen deze worden uitgevoerd. Daarnaast zal de bodem na sanering van die locaties geschikt zijn voor het beoogde gebruik. Daar waar sprake is van sanering met het oog op voorliggende ontwikkeling zal de bodemkwaliteit zelfs verbeteren ten opzichte van de huidige situatie. Dit betekent dat het asbest bodem geen belemmering vormt voor de planvorm. Sanering en nadere onderzoeken kunnen in een later stadium plaatsvinden. Voor de sanering Nieuwe Vaart 11 is een saneringsplan goedgekeurd
door ODH op 19 april 2021, kenmerk ODH -2021-00062552, waarmee door middel van een leeflaag wordt gesaneerd. D eze sanering is nog niet uitgevoerd. Het appartementengebouw wordt ter plaatse gerealiseerd omdat de gemeente en ONW van mening zijn dat een appartementengebouw op die locatie een goede stedenbouwkundige invulling is. Daar waar er gesaneerd moet worden zal dat worden gedaan. n.
o.
Reclamant geeft aan dat in de bodemrapporten de oppervlakte voormalige vuilstort wordt geschat op 8000 m2. Volgens hem valt een deel van dit oppervlak valt het appartementengebouw. Verder vraagt reclamant of er maatregelen zijn voorzien om te voorkomen, dat deze verontreinigingen in de leeflaag terecht komen.
Reclamant vraagt of het beoogde speeltuintje in verband met deze verontreiniging niet bij het appartementencomplex, maar dicht bij de oever van de Nieuwe Vaart geprojecteerd.
n.
Daar waar er gesaneerd moet worden of er nadere maatregelen nodig zijn, zal dat worden gedaan conform het goedgekeurde saneringsplan.
o.
Het bestemmingsplan geeft niet aan waar een speeltuin binnen dit deelgebied moet worden gerealiseerd. Het bestemmingsplan verplicht alleen dat er ergens binnen dit deelgebied een speeltuin van minimaal 80 m2 voor kinderen van 0 -6 jaar wordt gerealiseerd. De daadwerkelijke invulling word t niet voorgeschreven door dit bestemmingsplan. De locatie van de speeltuin wordt niet beïnvloed door de vervuiling, aangezien deze straks gesaneerd is met een afdeklaag grond van minimaal één meter.
p.
Reclamant beroept zich een aantal bepalingen in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (WABO).
q.
Reclamant geeft aan dat niet overwogen is om de totale zichtbare hoogte van het appartementengebouw te verlagen door
p. De door reclamant aangehaalde bepalingen zien op het ve rlenen van een omgevingsvergunning. Deze vormen geen afwegingen in de bestemmingsplanprocedure. q. In Waelpolder bestaat de bebouwing uit een combinatie van grondgebonden woningen en appartementen. De bouwhoogte van
de
bouw
van
een
(gedeeltelijk)
appartementen is hoger dan die van de gron dgebonden
ondergrondse parkeergarage ook al ligt de betreffende locatie reeds lager dan
woningen. Dat geeft ruimtelijk een afwisselend beeld. Hogere gebouwen vallen doorgaans meer op. Daarom is het van belang
het omringende maaiveld zoals bijv. t.o.v. de weg Nieuwe Vaart.
de positie van hogere gebouwen zorgvuldig te bepalen. Ook daarin is gezocht naar afwisseling. Soms staan hogere gebouwen bij elkaar, soms staan ze autonoom in een omgeving van grondgebonden woningen. Het ene gebouw manifesteert zich als een object, het andere gebouw begeleidt een ruimte, bijvoorbeeld de weg of, in dit geval de ecologische zone. Ten gunste van de bestaande woningen langs de Nieuwe Vaart is de maximale afstand genomen. Daarbij staan tussen de Nieuwe Vaart en het appartementengebouw nog een reeks grondgebonden woningen. Vanaf de Nieuwe Vaart is daarmee sprake van een oplopende hoogte. De afstand van het appartemente ngebouw tot de oeverlijn (tuin) van de bestaande woningen is ruim 50m; de afstand tot de woningen aan de overzijde van de nieuwe wijkverzamelweg in Waelpolder is ruim 40m. Het bestemmingsplan staat de bouw van ondergrondse parkeergarages toe. Dit maakt niet dat daardoor het gebouw lager moet worden. Zoals gezegd is de op de verbeelding aangegeven hoogte vanuit stedenbouwkundig oogpunt aanvaardbaar, maar ook gelet op afstand, bezonning en invulling van het gebied. Omdat het betreffende appartementencomplex niet overal even hoog is, zijn binnen de contouren van dit gebouw verschillende maximale hoogten aangegeven. Hierdoor wordt het gebouw luchtiger.
In het voorontwerp mocht er in een groot deel van het betreffende veld een appartementencomplex van 6 bouwlagen worden gebouwd. In het ontwerpbestemmingsplan wordt het appartementencomplex teruggebracht naar achteren (het midden van het plangebied) en zal het gebouw verschillende ma ximale hoogtematen krijgen. Het hoogste deel van het gebouw zal bestaan uit 6 woonlagen met een parkeergarage op de begane grond. De maximale bouwhoogte van dit punt bedraagt 24 meter. Voor de andere delen van het appartementencomplex zijn lagere hoogtemat en
opgenomen, te weten: 21 meter (5 woonlagen met een parkeergarage op de begane grond). r.
Reclamant ontraadt de verhoging van het grondniveau te verwachten is, omdat uit het rapport “Vormvrije m.e.r.
r.
In de saneringsplannen worden de bodemopbouw en geohydrologie in ogenschouw genomen. Uitgangspunt is Doel van
beoordeling” volgens reclamant naar voren komt dat er een zeer groot risico
de grondsanering is het opheffen van de risico's welke samenhangen met de verontreiniging. Ten aanzien van de
is van het opbarsten van de waterbodem bij de aanleg van nieuwe watergangen.
toekomstige functie ‘wonen’ kunnen de volgende doelstellingen worden genoemd:
Dit impliceert volgens reclamant, dat de structuur van het bodemmateriaal
- het opheffen van de humane risico’s, met name de blootstellingsroute;
dusdanig is, dat het doorlaatbaar is en er
gemakkelijk gemakkelijk
- het opheffen van de verspreidingsrisico’s. Voorts is het uitgangspunt bij de sanering dat de locatie wordt
kwelvorming kan optreden. In de diepere grondlagen onder de betonvloer van de
bebouwd met woningen en ingericht met infrastructuur en wate r en de saneringswerkzaamheden zijn goedgekeurd door de
parkeergarage zijn de verontreiniging naar boven toe ingesloten, waardoor
Omgevingsdienst Haaglanden. Met alle aspecten wordt dan ook rekening gehouden om verspreiding en blootstelling te
volgens reclamant zijwaartse stroming van bodemwater mogelijk blijft en
voorkomen.
uitspoeling van vanonder de vloer
verontreinigingen tot gevolg kan
hebben. s.
Reclamant geeft aan dat het ee n goedkoper alternatief is om het gebouw
s.
Voor zover reclamant stelt dat hij van mening is dat er sprake is
te herlokaliseren naar een meer zuidelijk stuk grond in de geplande ecozone. Op
van een beter alternatief als het appartementengebouw opschuift naar het zuiden van het plangebied en er een stuk extra
deze wijze is er – volgens reclamant een uitruil van locatie en komt er een
ecologische verbindingszone ter hoogte van Nieuwe Vaart 11 en 13 wordt gerealiseerd, merken wij op dat er geen wijzigingen aan
extra stuk ecozone bij, achter Nieuwe Vaart 11 en 13. Volgens hem ontstaat er
de hoofdstructuur worden aangebracht. Tevens is het niet mogelijk om ter hoogte van de ecozone, ten zuiden van
op deze manier een win-win situatie. De appartementen worden op schone grond
ontwikkelveld 3, woning en te realiseren vanwege de milieucontouren van het bedrijventerrein . Gelet op de
gebouwd. De verontreinigde bodemlaag is – volgens hem makkelijk
beantwoording bij 7 a. en q. zijn wij van mening dat het appartementengebouw een goede invulling is van het plangebied.
controleerbaar,
toegankelijk
en
eenvoudiger te saneren indien zulks noodzakelijk blijkt. De bewoners van het noordelijke deel van de Waelpolder (waar de bevolkingsdichtheid het grootst is) hebben een betere beleving van de ecozone dichter bij zijn huis. t.
Ten slotte plaats reclamant een aantal opmerkingen ten aanzien projectontwikkelaar.
8.
Reclamant 8 Cardia
a.
van
de
t.
Deze opmerkingen zijn geen afwegingen in dez e bestemmingsplanprocedure.
Reclamant wil weten wat de specifieke
a.
De mogelijke invulling van de functie maatschappelijke
invulling is van de bestemming Gemengd (4.2.1) en de bestemming
voorzieningen is opgenomen in artikel 1.51. Hierin is een opsomming gegeven over de functies die mogelijk zijn binnen de
Maatschappelijk (4.2.3). Voorts vraag reclamant of uit de toelichting
bestemming “Maatschappelijk” en binnen de bestemming “Gemengd”. Binnen de bestem ming “Gemengd” is een combinatie
geconcludeerd kan worden dat er ook ruimte is voor de realisatie van
mogelijk van wonen en maatschappelijke voorziening. Een verpleeghuis past binnen deze bestemming, maar dat wil niet
verpleeghuiszorg binnen het plan Waelpolder?
zeggen dat er ook daadwerkelijk een verpleeghuis zal komen. Binnen de bestemming “Maatschappelijk” is een s chool en een kinderdagverblijf voorzien.
9.
Reclamant 9
a.
Reclamant voert aan dat een
a.
bouwhoogte van 50 meter nog nergens in het Westland voorkomt en ook -
Zie voor de beantwoording van deze zienswijzen de beantwoording van de zienswijze van reclamant 2.a.
volgens reclamant – niet passend is in de omgeving. b.
Reclamant geeft aan dat op dit moment al duidelijk moet zijn welke afschermende maatregelen er getroffen zouden moeten worden. Volgens reclamant zou er vooraf een windhinder/gevaar onderzoek moeten
b.
Zie voor de beantwoording van deze zienswijzen de beantwoording van de zienswijze van reclamant 2.b.
worden uitgevoerd en eventuele maatregelen moeten gedetailleerd worden vastgelegd in het bestemmingsplan. 10.
Reclamant 10
a.
Reclamant stelt dat de rust en het uitzicht zullen worden verpest door de
a.
Zie voor de beantwoording van deze zienswijzen de beantwoording van de zienswijze van reclamant 7.a.
b.
Er zullen maar weinig woningen met hun ach tertuin grenzen aan de Nieuwe Vaart. De Nieuwe Vaart – ter plaatse van de woning
appartementen en hij geeft aan nu aan weerszijden ingeklemd te worden tussen twee hoge, uiterst, onaantrekkelijke gebouwen. Tevens stelt reclamant als gevolg van deze ontwikkeling aan beide kanten geluidsoverlast te krijgen. Reclamant stelt planschade te lijden. Vervolgens voert reclamant aan het appartementengebouw van een 6-laags wooncomplex ter hoogte van zijn woning te heroverwegen en het eerdere plan (4-8 lagen aan de Rijnvaartweg, 2-3 lagen; incidenteel 4-8 lagen omgeving Dijckerwaal) te handhaven. b.
Reclamant beroept zich erop dat de Nieuwe Vaart achter zijn perceel voor een groot deel zijn eigendom is. Gelet op de breedte van de Nieuwe Vaart is
van reclamant – en het kadastrale perceel van reclamant vallen buiten de grenzen van dit bestemmingsplan. Binnen de
er volgens reclamant geen ruimte v oor het aanmeren aan twee zijden van de
bestemming Woongebied 2 zijn aanlegsteigers toegestaan. Of de doorvaarbaarheid in het geding komt is aan het
Nieuwe Vaart. Het gebeurt volgens reclamant nu als dat er tegen
Hoogheemraadschap van Delfland om hierover te oordelen. Het Hoogheemraadschap van Delfland is op de hoogte van deze
aangemeerde boten wordt gebotst. Voorts geeft reclamant aan een forse
problematiek. Wij wijzen reclamant erop dat dat deel van zijn kadastrale perceel ingevolge bestemmingsplan Teylingen ’s -
planschade te verwachte.
Gravenzande de bestemming Water heeft en op grond van die bestemming het gebruik voor verkeer ter water is toegestaan. Indien reclamant meent schade van het bestemmingsplan te
ondervinden, dan kan - na het onherroepelijk worden van het bestemmingsplan – een verzoek om planschade indienen. De vermeende planschade is echter geen ruimtelijke afweging c.
d.
Reclamant verlangt, dat er voorafgaande aan de heiwerkzaamheden een opname (met foto’s en beschrijving) wordt gemaakt van eventuele bestaande scheuren e.d. en een garantieverklaring voor schadevergoeding wordt afgegeven. Reclamant stelt dat er meerdere bouwondernemingen tegelijkertijd in het gebied actief zullen zijn, waardoor het voor moeilijk kan zijn om de verantwoordelijken te identificeren. Reclamant wil dat ONW/Gemeente de taak van overkoepelende schadebemiddelaar op zich neemt.
c.
Reclamant stelt dat het reeds bestaande groen is van essentieel belang voor een evenwichtig ecosysteem. Zo stelt hij dat de knotwilgen langs de Nieuwe Vaart belangrijk zij voor de instandhouding de vleermuizenpopulatie, de stabiliteit van de oevers en de leefgemeenschappen tussen de wortels en in de oever, de Vaart zelf en o p het grensvlak water/bodem. Ook dragen ze bij aan de leefbaarheid van een wijk. Reclamant geeft aan dat de knotwilgen de afgelopen zes jaar zo schromelijk door de gemeente zijn verwaarloosd en dat het leek alsof er opzet in het spel was om t.z.t. een reden te hebben om ze te rooien. Reclamant wenst, dat de wilgenrij langs de Nieuwe Vaart van het beginpunt bij de Rijnvaart tot het
d.
Zie voor de beantwoording van deze zienswijzen de beantwoording van de zienswijze van reclamant 7. b.
Zie voor de beantwoording van deze zienswijzen de beantwoording van de zienswijze van reclamant 7. c.
einde bij het huidige perceel Nieuwe Vaart 11 in de oorspronkelijke staat wordt hersteld; dat wil volgens hem zeggen dat een knotwilg om de 10 meter, zoals oorspronkelijk het geval was. Reclamant verzoekt om garantie, dat deze bestaande, en aan te planten, knotwilgen beter zullen worden onderhouden dan nu het geval is. Wij stellen voorts voor, dat langs alle waterlopen in de Waelpo lder oeverbomen worden geplant, zodat er een optimaal ecosysteem kan ontstaan.
e.
f.
Reclamant stelt voor om de ecologische verbindingszone, ter hoogte van de 6-gestapelde woningbouw (voor zover die daar gepland blijft), langer door te laten lopen waardoor de ecologische verbindingszone niet ten oosten maar ten westen van de eventuele appartementen komt te liggen. Dit creëert dat een groene buffer tussen de Nieuwe Vaart en de gestapelde woningbouw.
Reclamant wil meer duidelijkheid over hoe de verkeersstromen in het plangebied gaan lopen en welke rijrichtingen gehanteerd gaan worden. Van belang is de rijrichting van auto’s. Reclamant is van mening dat - als de rijrichting over de weg Nieuwe Vaart van Zuid naar Noord is (met de wijzers van de klok mee) – de koplampen van auto’s ’s-avonds loodrecht over het water in zijn tuin en woonkamer
e.
Zie voor de beantwoording van deze zienswijzen de beantwoording van de zienswijze van reclamant 7. d.
f.
Zie voor de beantwoording van deze zienswijzen de beantwoording van de zienswijze van reclamant 7. e.
schijnen. Volgens reclamant zullen vleermuizen er bij hun jacht op insecten in de avond last van hebben omdat er telkens een lichtflits in hun vliegzone is. g.
h.
i.
Vervolgens voert reclamant aan dat In het verleden heeft de gemeente ´s Gravenzande de toezegging gedaan dat het thans nog doodlopende weggetje Nieuwe Vaart alleen gebruikt zou gaan worden voor de 12 aangrenzende woningen. In het huidige plan lijkt de weg te worden verbonden met andere wegen, zoals de Nerts, en zal naar verwachting de verkeersintensiteit omhooggaan; mede versterkt door sluipverkeer. Voor de in stand houding van een goede structuur van de oostelijke oever van de Nieuwe Vaart is het volgens reclamant van belang, dat de naastliggende weg minimaal belast blijft en er alleen stapvoets gereden mag worden. Wij stellen voor, dat de Nieuwe Vaart ingericht wordt als een autoluwe weg voor primair voetgangers en fietsers.
Reclamant stelt dat door de ontsluiting van het water de Nieuwe Vaart het voor een aantal bewoners van Waelpolder aantrekkelijk zal zijn om een pleziervaartuig aan te schaffen en deze ter plaatse in de Nieuwe Vaart aan te meren. Reclamant geeft aan dat nu onder de houten brug tussen Nieuwe Vaart en Edisonstraat/Reiger diverse
g.
Zie voor de beantwoording van deze zienswijzen de beantwoording van de zienswijze van reclamant 7. f.
h.
Zie voor de beantwoording van deze zienswijzen de beantwoording van de zienswijze van reclamant 7. g.
i.
Zie voor de beantwoording van deze zienswijzen de beantwoording van de zienswijze van reclamant 7. h.
boten (en wrakken) in de openbare ruimte zijn aangemeerd. Dit heeft – volgens reclamant - tot vertrappen en beschadiging van de oever geleid. Reclamant verzoekt de Gemeente om richting het Hoogheemraadschap eropaan te dringen, dat het aanmeren langs de Nieuwe Vaart op deze wijze wordt verboden. Voorts consta teert reclamant, dat de oever ter linkerzijde van Nieuwe Vaart 11 ernstig is beschadigd; mede door de snelheid van vaartuigen op dit nauwste gedeelte van het water. j.
Vervolgens beroept reclamant zich
j.
Zie voor de beantwoording van deze zienswijzen de beantwoording van de zienswijze van reclamant 7.i.
k.
Zie voor de beantwoording van deze zienswijzen de beantwoording van de zienswijze van reclamant 7. j.
l.
Zie voor de beantwoording van deze zienswijzen de beantwoording van de zienswijze van reclamant 7. k.
erop dat er een onvermijdelijke toename van de pleziervaart zal plaatsvinden waardoor er extra lawaaioverlast ontstaat. Reclamant verzoekt de gemeente om te komen met geluidsoverlastoverlast beperkende regelgeving voor de bebouwde kom, zodat er in ieder geval een stok achter de deur is voor excessen. k.
Vervolgens stelt reclamant dat de Nieuwe Vaart achter zijn tuin het smalst is en er bovendien ook geen ruimte voor tweezijdig aanmeren langs beide oevers. Reclamant stelt voor om een hekwerk of wal te plaatsen langs de waterzijde van de Nieuwe Vaart.
l.
Reclamant geeft aan dat er bij hoogbouw vaak krachtige valwinden zin
en dat deze kan worden voorkomen door losstaande hoogbouw te weren. m. De gekozen locatie voor het appartementsgebouw is ook ongelukkig, omdat het gebouw een forse parkeerplaatsenbehoefte met zich meebrengt en alle verkeersbewegingen tot diep in de wijk komen. Dit zal dagelijks tweemaal tijdens het woonwerkverkeer tot een fors verkeersinfarct leiden. n.
o.
Reclamant geeft aan dat de gekozen locatie hem dusdanig verontreinigd lijkt te zijn dat milieuhygiënisch gezien er een belemmering is voor de voorgenomen herinrichting. Reclamant stelt dat hij niet heeft kunnen constateren dat bodemsanering al heeft plaatsgevonden en dat de bodemrapporten zijn goedgekeurd door de omgevingsdienst Haaglanden. Reclamant vraagt of het appartementengebouw bewust op de voormalige vuilstort wordt geprojecteerd om zodoende de vloer van de parkeergarage te gebruiken als een afdeklaag zoals bedoeld in Besluit activiteiten leefomgeving, artikel 4.1241.
Reclamant geeft aan dat in de bodemrapporten de oppervlakte voormalige vuilstort wordt geschat op 8000 m2. Volgens hem valt een deel van dit oppervlak valt het appartementengebouw. Verder vraagt reclamant of er maatregelen zijn
m. Zie voor de beantwoording van deze zienswijzen de beantwoording van de zienswijze van reclamant 7. l.
n.
Zie voor de beantwoording van deze zienswijzen de beantwoording van de zienswijze van reclamant 7. m.
o.
Zie voor de beantwoording van deze zienswijzen de beantwoording van de zienswijze van reclamant 7. n.
voorzien om te voorkomen, dat deze verontreinigingen in de leeflaag terecht komen. p.
Reclamant vraagt of het beoogde speeltuintje in verband met deze verontreiniging niet bij het appartementencomplex, maar dicht bij de oever van de Nieuwe Vaart geprojecteerd.
q.
Reclamant beroept zich een aantal
p.
Zie voor de beantwoording van deze zienswijzen de beantwoording van de zienswijze van reclamant 7. o.
q.
Zie voor de beantwoording van deze zienswijzen de beantwoording van de zienswijze van reclamant 7. p.
r.
Zie voor de beantwoording van deze zienswijzen de beantwoording van de zienswijze van reclamant 7. q.
s.
Zie voor de beantwoording van deze zienswijzen de
bepalingen in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (WABO). r.
Reclamant geeft aan dat niet overwogen is om de totale zichtbare hoogte van het appartementengebouw te verlagen door de bouw van een (gedeeltelijk) ondergrondse parkeergarage ook al ligt de betreffende locatie reeds lager dan het omringende maaiveld zoals bijv. t.o.v.
s.
de
weg
Nieuwe
Vaart.
Reclamant ontraadt de verhoging van het grondniveau te verwachten is, omdat uit het rapport “Vormvrije m.e.r. beoordeling” volgens reclamant naar voren komt dat er een zeer groot risico is van het opbarsten van de waterbodem bij de aanleg van nieuwe watergangen. Dit impliceert volgens reclamant, dat de structuur dusdanig
van het bodemmateriaal is, dat het gemakkelijk
doorlaatbaar kwelvorming
is en er gemakkelijk kan optreden. In de
beantwoording van de zienswijze van reclamant 7. r.
diepere grondlagen onder de betonvloer van de parkeergarage zijn verontreiniging naar boven
de toe
ingesloten, waardoor volgens reclamant zijwaartse stroming van bodemwater mogelijk blijft en uitspoeling van verontreinigingen vanonder de vloer tot gevolg t.
kan
hebben.
t.
Zie voor de beantwoording van deze zienswijzen de beantwoording van de zienswijze van reclamant 7. s.
u.
Zie voor de beantwoording van deze zienswijzen de
Reclamant geeft aan dat het een goedkoper alternatief is om het gebouw te herlokaliseren naar een meer zuidelijk stuk grond in de geplande ecozone. Op deze wijze is er – volgens reclamant - een uitruil van locatie en komt er een extra stuk ecozone bij, achter Nieuwe Vaart 11 en 13. Volgens hem ontstaat er op deze manier een win-win situatie. De appartementen worden op schone grond gebouwd. De verontreinigde bodemlaag is – volgens hem makkelijk controleerbaar, toegankelijk en eenvoudiger te saneren indien zulks noodzakelijk blijkt. De bewoners van het noordelijke deel van de Waelpolder bevolkingsdichtheid
het
(waar grootst
de is)
hebben een betere beleving van de ecozone dichter bij huis.
beantwoording van de zienswijze van reclamant 7.t. u.
Ten slotte plaats reclamant een aantal opmerkingen ten aanzien projectontwikkelaar.
van
de
11.
Reclamant 11
a.
Achmea namens een bewoner
Reclamant geeft aan dat, doordat de
a.
Zie voor de beantwoording van deze z ienswijzen de
Nieuwe Vaart 11 en 13 in de ontwikkeling worden betrokken, het
beantwoording van de zienswijze van reclamant 7.a. De bestemming Woongebied bevat ook groen. Er is bewust gekozen
zicht op het appartementengebouw veel groter is. Voorts stelt reclamant
van een globaal eindplan, waarin alleen de belangrijkste uitgangspunten zijn vastgelegd. Dit betekent dat zichtbaar is
dat het niet duidelijk is wat er precies in het gebied zal worden gerealiseerd