3.4) Schrijven Natuurlijk Delfland d.d. 02-02-22 inzake bezwaarschrift assimilatieverlichting (G22-000292)
Tekst van het document
In wezen betekent dit het vertrekpunt dat we deze toprozen voluit moeten blijven produceren met enorm veel energie-uitstoot (en dat is een veelvoud van die 74 ton gemeld door GTB-NL) en dat kan helaas alleen redelijk efficiënt met maatwerk! Vergelijk deze ondernemer-/producentenargumentatie met de al langere tijd heldere en indringende boodschap aan consumenten vanuit de politiek en de overheid: ‘ga toch minder vliegen (CO2 taks) want dat vermindert de CO2 uitstoot, neem vooral producten met de minste CO2 emissie geproduceerd, doe veel meer aan hergebruik i.p.v. wegwerp om natuur en milieu te besparen , koop vooral seizoen producten die veel milieuvriendelijker kunnen worden geproduceerd, doe de gordijnen dicht om energie te besparen, zet de thermostaat vooral een graadje lager, enz...’ Hier (bij deze toprozen) gaat het de facto om een wegwerpproduct dat veel energie, CO2 emissie vergt bij haar productie en bovendien in hoge mate bestemd is voor export naar een selecte groep afnemers die de hoge prijzen kunnen betalen. Ze worden geproduceerd door een beperkte groep Nederlandse kwekers die met assimilatiebelichting maatwerk de dichtbevolkte omgeving en de natuur stevig en 38 Echter inzicht in de absolute CO2-niveaus en waar die extra uitstoot vandaan komt wordt niet toegelicht.
Het is ons bekend (WUR) dat door het ramen openzetten ca 10% extra CO2-uitstoot veroorzaakt. En dat kan alleen met minder afscherming. Dus heir gaat minder afscherming gepaard met tegelijk extra CO2 uitstoot.
Bezwaarschrift maatwerkbeschikking assimilatiebelichting gemeente Westland, Natuurlijk Delfland, 2 februari 2022
39
langdurig belasting. Wie beantwoord ons de ethische vraag of een dergelijke assimilatiebelichting toepassing duurzaam en verantwoord is met een volmondig ja? Bovendien: kiest men (aanbieder en afnemer) voor andere rozensoorten die geen maatwerk vergen; dat spaart het milieu het meteen en aanzienlijk op energieverbruik en CO2 uitstoot! Mogelijk valt het voorgaande betoog buiten het strikte juridische kader van de maatwerk vraagstelling (als je uitsluitend dat als normstelling hanteert. Maar zelfs daarbij geldt al ‘mits het milieubelang het toelaat’ als de allerbelangrijkste restrictie). Al het voorgaande speelt uiteraard wel mee indien je in een breder kader nodig en belangrijk acht bij de eindafweging. Dan gaat het wat ons betreft om het afzetten van het economisch belang van een sector/rozenkweker versus de maatschappelijke lusten en lasten, haar verduurzaming noodzaak en ook: ons aller – zelfs wettelijke ambities om dat ook eerlijk, rechtvaardig en spoedig te realiseren met elkaar. Conclusie die wij trekken: ook een breder kader leidt nog veel eerder tot afwijzing van het onderhavige maatwerk! Alleen een selectief /eenzijdig/onvolledig/ onvoldoende onderbouwd kader leidt tot andere gevolgtrekkingen Bij andere bedrijfssectoren is bij een dergelijke brede afweging al heel snel gebleken dat het voortzetten van het verleden niet meer houdbaar was.
Diverse rechterlijke uitspraken tonen dat aan. Er is vooralsnog geen enkel houdbaar argument ingebracht waarom dat hier bij assimilatie-maatwerk echt anders zou kunnen of moeten zijn bij de milieuafweging. Eerder het omgekeerde: het duurt al vele jaren te lang en het uitzicht op adequaat oplossen door de bedrijfssector zelf ontbreekt volkomen.
Bezwaarschrift maatwerkbeschikking assimilatiebelichting gemeente Westland, Natuurlijk Delfland, 2 februari 2022
40
B6: De ODH-beoordeling nader bezien Hieronder volgt een ‘typical beoordeling’ door ODH van maatwerkaanvragen assimilatie belichting maatwerk. We hebben daarbij in groen gemarkeerd wat over ‘het milieu beschermen’ gaat en in geel als het in feit een pleidooi voor maatwerkvoortzetting gaat. Ook op het oog (verhouding groen versus geel inkleuring) al zichtbaar waar het accent van de beoordeling inspanning gericht is op het vrij klakkeloos ondersteunen van maatwerk omvang en -voortzetting zoals voorgestaan/ gepropageerd door GTB-NL. Uit een woordtelling blijkt dat 85-90% van de tekst aan dat laatste wordt besteed. In onderstaande zienswijze halen we nog wat andere aandachtpunten en aspecten naar voren. ODH BEOORDELING Inhoudelijke overwegingen Een algemene voorwaarde voor het mogen stellen van maatwerkvoorschriften is dat het belang van bescherming van het milieu zich daar niet tegen verzet. Op grond van artikel 8.42, tweede lid, van de Wm zijn bij het stellen van maatwerkvoorschriften de criteria genoemd in artikel 8.40, tweede en derde lid, van de Wm van toepassing.
In de Nota van Toelichting tot wijziging van het Besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer wordt overwogen dat bij de teelt van een beperkt aantal gewassen het niet altijd mogelijk blijkt om het noodzakelijke kasklimaat te realiseren als na de donkerte-periode gedurende de nanacht nog eens 74% moet worden afgeschermd. Om de praktijk de ruimte te bieden zich aan te passen aan de strenger wordende voorschriften wordt de mogelijkheid geboden tot maatwerk. Later zijn de wettelijke mogelijkheden voor maatwerk uitgebreid tot de gehele belichtingsperiode. Belangrijk voor onze afweging is of er geen verslechtering plaatsvindt ten opzichte van de eerder vergunde situatie. Beste beschikbare technieken Met het Activiteitenbesluit is een voor vrijwel alle teelten haalbare beste beschikbare techniek (hierna: BBT) voor Boven-afscherming van assimilatiebelichting bepaald. Samengevat moet bij een verlichtingssterkte tot 15.000 lux in de donkerteperiode de lichtuitstraling voor 98% zijn afgeschermd en gedurende de nanacht voor 74%. Bij een verlichtingssterkte vanaf 15.000 lux moet de lichtuitstraling tussen zonsondergang en zonsopgang met 98% zijn gereduceerd. Bij teelten waarvan is aangetoond dat hiervoor een afwijkende BBT ten aanzien van afscherming van assimilatiebelichting geldt, kan middels maatwerk van deze generieke normen worden afgeweken.
Uit de aanvraag blijkt dat het hanteren van het in artikel 3.57, eerste lid, van het Activiteitenbesluit voorgeschreven minimale afschermingspercentage van 98% onder bepaalde weersomstandigheden leidt tot een klimaat in de kas dat een negatief effect heeft op de gewasgroei en daarmee negatieve effecten op de kwaliteit van de roos. Ook leidt dit tot een toenemende milieubelasting door een toename van het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen en een grotere emissie van CO 2. De aanvraag bevat een tabel met daarin het aantal uren per klimaat-vak vermeld, waarbij voor de teelt in deze specifieke situatie ongunstige weerssituaties zijn te verwachten en het aangegeven lagere afschermingspercentage noodzakelijk is voor behoud van de teelt. Dit is BBT voor deze bedrijfstak. Buitentemperatuur en windsnelheid zijn bepalende weersomstandigheden die van invloed zijn op het klimaat in de kas. De in een gegeven jaar werkelijk geschermde uren zijn afhankelijk van het weer, en wijken dus enigszins af van de op basis van het klimaat gepresenteerde verwachting.
Bezwaarschrift maatwerkbeschikking assimilatiebelichting gemeente Westland, Natuurlijk Delfland, 2 februari 2022
41
In de nanacht is conform artikel 3.58, eerste lid, van het Activiteitenbesluit een afscherming van minimaal 74% verplicht. Door toepassing van de aangevraagde afscherm percentages zal de afscherming van de inrichting veelal minder dan 98 % bedragen. Sinds het aanscherpen van de regelgeving is van de mogelijkheid tot maatwerk gebruik gemaakt in de verwachting dat de teelt, dankzij onder meer de LED-techniek en door betere klimaatbeheersing, onder de generieke regels van het Activiteitenbesluit mogelijk zou zijn. Daarom was tot tweemaal toe in een einddatum voor het maatwerk voorzien. Op dit moment is het echter met het oog op de vereiste kwaliteit van de rozen en ondanks positieve onderzoeksresultaten nog steeds niet mogelijk om aan de generieke voorschriften uit het Activiteitenbesluit te voldoen. Zonder maatwerk is de teelt van hoogwaardige rozen thans nog niet mogelijk. Uit onderzoek blijkt dat het nog ongeveer vijf a tien jaar zal duren voordat de techniek van het nieuwe telen voldoende is uitontwikkeld en geïmplementeerd kan worden. Overwegingen milieu Het glastuinbouwbedrijf in kwestie is gelegen in een voornamelijk (glastuinbouw)gebied dat de afgelopen decennia bestemd was voor de ontwikkeling van hoogstaande glastuinbouwbedrijven waarin ook enkele woningen staan. Het gebied kenmerkt zich van oudsher derhalve onder meer door (enige) uitstraling van assimilatiebelichting.
Gebruik van assimilatiebelichting is een verschijnsel dat rond 1990 is begonnen en sedertdien sterk is toegenomen in areaal, gewas en lichtsterkte. Vanwege de impact op de omgeving zijn regels gesteld aan de afscherming van assimilatiebelichting. De huidige generieke regels van het Activiteitenbesluit staan in de nanacht een lichtemissie van 2% toe. Een zekere hinder is daarmee toelaatbaar, mits het belang van de bescherming van het milieu zich hier niet tegen verzet. Een lager afschermingspercentage kan nadelige effecten hebben op de fysieke leefomgeving, voor zowel personen als de natuur. Dat de aangescherpte regelgeving (meer afscherming) voor minder lichtuitstraling zorgt is evident, maar heeft voor sommige tuinders een keerzijde. Onderzoek toont aan dat deze specifieke teelt van rozen onder de generieke regels van het Activiteitenbesluit zonder maatwerk tot een grotere belasting leidt op het milieu dooreen hoger CO2 verbruik en een hoger gebruik van gewasbestrijdingsmiddelen. Om milieudruk vanuit assimilatiebelichting te verminderen heeft deze tuinder financieel bijgedragen aan de vele onderzoeken die tot dusver zijn uitgevoerd. Daarnaast zijn teelt-technische aanpassingen ten opzichte van het maatwerk van 2017 doorgevoerd.
De ondernemer heeft bijvoorbeeld geïnvesteerd in (a) een hogere kas door alle glasopstanden te verhogen en (b) een ammoniakkoelinstallatie met bijbehorende luchtbehandelingskasten en (c) meer efficiënte SON-T lampen ten opzichte van het maatwerk van 2017. Door hoge druk van meeldauw moet desondanks nog veel gelucht worden. Per saldo neemt de lichtemissie op deze locatie een klein beetje af. Milieueffecten op mensen De mate waarin omwonenden lichthinder kunnen ondervinden is afhankelijk van omgevingsfactoren. Bij onze afweging hebben wij de afstand tussen het glastuinbouwbedrijf en woningen en de situering ten opzichte van elkaar beschouwd. Indien rechtstreeks in assimilatielampen wordt gekeken en licht rechtstreeks op woningen schijnt, is sprake van onaanvaardbare hinder, waarbij wij het gevraagde maatwerk niet kunnen verlenen. Dat is hier niet het geval omdat de zijgevels van de kas van zonsondergang tot zonsopgang (moeten) zijn afgeschermd. Ook is er geen directe lichtinval op de woningen door uitstraling van assimilatiebelichting aan de bovenzijde van de kas. In deze situatie, waar een relatief hoge lichtintensiteit vaak niet of slechts ten dele is afgeschermd, zal sprake zijn van indirecte hinder. Het maatwerk biedt echter geen verruiming van wat in het volledig is toegestaan. Het betreft een continuering van de bestaande situatie voor een kleine groep telers.
Milieueffecten op de natuur
Bezwaarschrift maatwerkbeschikking assimilatiebelichting gemeente Westland, Natuurlijk Delfland, 2 februari 2022
42
Onderzoek toont aan dat lichtemissie effect heeft op het leef- en (foerageer)gedrag van nachtvogels, insecten en vleermuizen. Lichtuitstraling is al lange tijd in dit gebied aanwezig en een bestaande factor voor de aanwezige flora en fauna. Door het toepassen van het maatwerk vindt geen verslechtering plaats van de huidige toestand van het milieu. Lichthinder door de glastuinbouwsector als geheel, en daarmee de impact op de omgeving, is na aanscherping van de regelgeving aanzienlijk afgenomen door afscherming van assimilatiebelichting. De mogelijkheid voor maatwerk, dus een voortzetting van de lichtemissie zoals dat voor de gehele glastuinbouwsector gebruikelijk was vóór de aanscherping van de generieke regels, is uitsluitend nog noodzakelijk voor een klein aantal rozentelers in de topsector. Het aantal rozentelers en het areaal rozenteelt waarvoor maatwerk nog noodzakelijk is neemt af, dus ook vanuit dit perspectief neemt de impact op de omgeving af. Daarnaast zijn de effecten op het milieu door het verlenen van dit maatwerk niet onomkeerbaar en onevenredig ten opzichte van het belang dat door het maatwerk gediend wordt.
Door een einddatum te verbinden aan het maatwerken in de voorschriften op te nemen dat de beschikbare technieken iedere twee jaar moeten worden geëvalueerd, wordt er voldoende druk op de sector gehouden om uiteindelijk aan de afschermingspercentages in het Activiteitenbesluit te voldoen. Economische aspecten Het economische belang van maatwerk voor deze individuele tuinders en het economisch belang voor deze groep rozentelers voor de sector zijn in de aanvraag omschreven. Uit het rapport bijgevoegd bij de aanvraag blijkt dat het gevraagde maatwerk voor minder afscherming van assimilatiebelichting noodzakelijk is voor een roos van hoge kwaliteit. Zonder maatwerk zou de huidige bedrijfsuitvoering onmogelijk zijn. Omdat rozen op naamsbekendheid worden verkocht, is het belang van de ondernemer dat hij topproducten blijft aanbieden. Kwaliteitsvermindering heeft financiële schade tot gevolg die volgens de aanvraag kan oplopen tot tienduizenden euro’s per hectare per jaar en leidt mogelijk tot een faillissement. Maatwerk verlenen tot 1 mei 2026 en evaluatiemomenten Het onverkort hanteren van het reguliere afschermingsvoorschrift heeft blijkens de aanvraag sterke negatieve Bedrijfseconomische gevolgen waardoor de bedrijfsvoering onmogelijk wordt gemaakt en de effecten op het milieu zijn beperkt.
Immers, het verleende maatwerk biedt geen verruiming en daarmee meer lichthinder ten opzichte van wat is toegestaan, maar een continuering van een bestaande situatie op grond van mogelijkheden die de wetgeving voor een kleine groep telers biedt. Het belang van de bescherming van het milieu verzet zich hierdoor niet tegen het verlenen van het gevraagde maatwerk. De onderbouwing van het verzoek is gebaseerd op de huidige stand van de techniek. Ontwikkelingen in de sector zullen moeten bijdragen tot een vermindering van de lichtuitstoot. Daarom is dit maatwerk voor een beperkte periode, namelijk tot 1 mei 2026 gesteld. De verwachting was dat in 2021 de resultaten konden worden omgezet in praktijk-adviezen en toepasbare technieken. Uit de onderzoeken tot dusver, waaraan ook dit glastuinbouwbedrijf zijn bijdrage heeft geleverd, blijkt dat de noodzaak voor het toepassen van maatwerk ten aanzien van de afscherming van assimilatiebelichting niet is afgenomen. Hierdoor zou het niet verlenen van maatwerk dermate grote financiële gevolgen voor de inrichting hebben in verhouding tot de gevolgen voor het milieu, dat de noodzaak van het maatwerk voldoende is aangetoond. Onderzoek wordt zowel gezamenlijk door bedrijven via de bracheorganisatie als door individuele bedrijven uitgevoerd.
Door dit maatwerk voor een beperkte periode te verlenen, en het voorschrijven van evaluatie-momenten wordt voldoende druk op de sector gelegd waardoor onderzoek naar alternatieven geborgd is. Conclusie Uit de overwegingen volgt dat het gevraagde maatwerk, minder afscherming van assimilatiebelichting dan de generieke voorschriften van het Activiteitenbesluit toestaan, onder voorschriften ter bescherming van het milieu, gesteld kan worden.
Bezwaarschrift maatwerkbeschikking assimilatiebelichting gemeente Westland, Natuurlijk Delfland, 2 februari 2022
43
Bezwaar: 1. De ODH-beoordeling tekst lijkt voornamelijk gericht op het vergoelijken en verklaren
dat het maatwerk heel essentieel is voor de rozenkweker. Volgt daarbij vrijwel klakkeloos GTB-NL. Milieuaspecten en de milieubescherming (mens en natuur) komen er erg bekaaid af. Want dat wordt niet of nauwelijks uitgewerkt, noch met feiten en onderzoeken onderbouwd. Kennelijk moet er naar het eindresultaat toe worden gewerkt en dat is vrijwel per definitie: weer ruim maatwerk verlenen. 2. Assimilatielichthinder treedt tot op zeer grote afstanden vanaf de bron en nergens
werkt ODH op afdoende wijze en in voldoende mate uit wat deze milieu-impact is/ kan zijn en ook: wat nodig is/wordt aan vereiste reductie om die hinder op te heffen. De kunstlicht-uitstralingsgloed rijkt regelmatig tot vele kilometer verwijderd van de kassen en veroorzaakt zo forse hinder 39. Dat ook andere bedrijven kunnen bijdragen aan deze waar te nemen gloed, betekent natuurlijk niet dat daardoor de maatwerkvoorschriften aanvaardbaar worden. Ook bij die bedrijven is en blijft hinderinperking geboden. De effecten van de lichtuitstraling vanuit de kassen in onze omgeving op de helderheid van de hemel zijn ook niet door ODH gemeten of berekend. Een eerder verzoek tot metingen is zelfs afgewezen (zoals door de gemeente PijnackerNootdorp). Voor een beeld van de feitelijke waarden van lichtuitstraling verwijzen we kortheidshalve naar de Satelliet-metingen 40 . We treffen voor het opgaande licht zelfs luminantie-waarden van boven de 30 lux aan en dat is werkelijk uiterst extreem. Volle maan is slechts 0,25 lux, dus een factor 120 maar zo sterk! 3. GTB-NL (met name het rapport van juni 2021) blijkt de voornaamste
referentie voor ODH. Doch dat rapport werkt uitsluitend en stelselmatig toe naar een vrij ongebreideld voortzetten van maatwerk. Ze hanteert de WURonderzoeksresultaten (zelfs uit het verre verleden) volgens een eigen interpretatie en geeft er een lading aan naar de toekomst: voortzetten van maatwerk voor de langere termijn en pas stoppen als het de sector uitkomt. Echter de WUR heeft op basis van haar meerjarig onderzoek (de kosten daarvan betaald door de overheid) echter kennelijk een bijna perfect eindresultaat met LEDs bereikt. In ieder geval kan met een SON-T en LEDmix samen reeds een zeer forse transitiestap qua afscherming worden gezet. De WUR heeft haar eigen rapport echter nog niet klaar; dat komt pas in 2022 uit. Maar GTB-NL zet in haar betoog nu alvast het gewenste baken uit naar onverkort nog langere tijd doorgaan met het huidige maatwerk. Dat is door de WUR nergens betoogd, noch beschreven. Desgevraagd meldde dhr. De Gelder ons: “Ondernemers zullen de kennis uit het onderzoek meenemen in de ontwikkeling van hun bedrijven. Welke onderdelen zij gaan toepassen is aan hen. Een belangrijke toepassing is de LED-belichting. Dit kan in hybride
39 In de Richtlijn Lichthinder is niet alleen vermeld dat de gloed die boven kassen met assimilatiebelichting ontstaat op grote
afstand kan worden waargenomen, maar ook dat deze op grote afstand hinder kan veroorzaken. De indicatieve metingen waarnaar het college in verweer verwijst, wat daar van zij, betreffen de verlichtingssterkte in lux ter hoogte van de gevels van woningen. De effecten van de lichtuitstraling vanuit de kassen van Rozenkwekerij Porta Nova op de helderheid van de hemel zijn niet gemeten of berekend. Nu die effecten volgens de Richtlijn Lichthinder op grote afstand hinder kunnen veroorzaken, is naar het oordeel van de Afdeling niet uit te sluiten dat [appellant] door het vaststellen van de maatwerkvoorschriften, naar objectieve maatstaven gemeten, gevolgen van enige betekenis kan ondervinden. 40 Kaarten van de kunstmatige verlichting in Nederland http://www.sotto.nl/nlbijnacht-kaarten.html
Bezwaarschrift maatwerkbeschikking assimilatiebelichting gemeente Westland, Natuurlijk Delfland, 2 februari 2022
44
vorm met SON_T als stap in de transitie van een bedrijf” 41. Onze voorwaarde daarbij: maar dan wel altijd en volledig voldoen aan de standaard afscherm-voorwaarden: dus opzij en boven 98% afscherming conform het Activiteiten Besluit! De bijzondere (onnatuurlijke) kleuren van LED-assimilatie belichting zijn uitermate storend in de externe omgeving en reiken zeer ver, zo is de praktijkervaring. Maatwerk mag derhalve geen enkele ruimte beiden om hiermee gedurende enige periode in het jaar of tijdbestek per etmaal de hand mee te lichten! Naast verplichting achten wij strikte handhaving een absolute vereiste! 4. Ook het door GTB-NL eveneens geciteerde Delphy onderzoek in het volledig
was in feite een product uit de eigen GTB-koker. Al met al komt het betoog van GTB-NL op ons over als uitsluitend zelfbelang van de sector ondersteunend en al het verdere dat ten nadele kan uitwerken afwijzend. Voorbeeld: “Mogelijkheden voor licht- en maatwerkregels bij de teelt van Roos” uit 2016 42. Dit rapport is geschreven in opdracht van een coöperatie van rozenkwekers en het is al zeker geen wetenschappelijk onderzoek. Want Delphy heeft slechts de rozenkwekers geïnterviewd en hun ideeën en wensen vervolgens gebundeld in dit document. Delphy schrijft zelf daarover namelijk al op de eerste pagina: “[Alleen] De ideeën en voorstellen in dit document zijn, voor zover deze niet al vooraf door de opdrachtgever/ financier zijn geformuleerd, eigendom van Delphy”. Kennelijk is dit rapport daar mee dus [groten-]deels geschreven door de rozenkwekers zelf 43.Maar er wordt nergens welk deel of delen dat zijn. De wensen die door de rozenkwekers worden uitgesproken in dit rapport zijn ook niet nader met cijfers of een objectief onderzoek onderbouwd en ze vormen daarmee en in deze vorm een volstrekt onvoldoende basis en steekhoudend argument voor de maatwerkvoorschriften vanaf 2022 tot 2026.
Van ODH wordt door ons verwacht dat ze haar taak professioneel vervult zonder enige vooringenomenheid 44 en dat ze daarbij de nodige (objectieve) kennis omtrent relevante feiten en de af te wegen belangen weet te vergaren45 en deze zorgvuldig betrekt bij haar eindafweging. 5. In de ODH-beoordeling komt ook nog de volgende tekst voor:
Het onverkort hanteren van het reguliere afschermingsvoorschrift heeft blijkens de aanvraag sterke negatieve bedrijfseconomische gevolgen waardoor de bedrijfsvoering onmogelijk wordt gemaakt en de effecten op het milieu zijn beperkt. 41 Antwoord d.d. 20-1-2022 door dhr. A. de Gelder aan HJA Hendriks o.b.v. een email met vraagpunten over het WUR-
onderzoek. 42 Mogelijkheden lichtafscherming bij de teelt van Roos. Ter beperking van lichthinder. Delphy, december 2016, Edwin van der Knaap MSc B.A. (..) blz 24 “Met deze enquête willen we onderzoeken hoe en in welke mate de exploitatie van uw bedrijf wordt gehinderd door de voorschriften van het Activiteitenbesluit over assimilatiebelichting. De uitkomsten van dit onderzoek geven ons inzicht in de wijze waarop rozentelers omgaan met de uitvoering van het convenant en de ervaringen, maar ook hoe deze ervaringen samenhangen met de configuratie van bedrijven” (..) 43 Uit de Wob-onderzoeken (zie de bijlagen) blijkt ons eenzelfde beeld. In het voortraject van maatwerkvoorschriften van 2021/2022: GTB NL is volop en voluit betrokken bij de beraadslagingen, brengen hun beleidsstukken en opvattingen in, en beïnvloeden in de volle breedte bestuurders en expert-partijen. Het kan zo niet zijn dat onwelgevallige maatwerk uit de bus komt. Want uitsluitende de GTB is als stakeholder betrokken en de omgeving (omwonenden en natuurorganisaties worden niet gehoord ze hebben klaarblijkelijk ook 0,0 invloed in de afweging en keuzes van de verantwoordelijke bestuurders) 44 Artikel 2.4 lid 1 Algemene wet bestuursrecht 45 Artikel 3:2 en 3:4 Algemene wet bestuursrecht
Bezwaarschrift maatwerkbeschikking assimilatiebelichting gemeente Westland, Natuurlijk Delfland, 2 februari 2022
45
Immers, het maatwerk biedt geen verruiming en daarmee meer lichthinder ten opzichte van wat is toegestaan, maar een continuering van een bestaande situatie op grond van mogelijkheden die de wetgeving voor een kleine groep telers biedt. Het belang van de bescherming van het milieu verzet zich hierdoor niet tegen het verlenen van het gevraagde maatwerk. Er wordt hierin geconcludeerd dat het sterke bedrijfseconomische (1) gevolgen heeft blijkens de aanvraag (2) En dat daardoor de gehele bedrijfsvoering 'onmogelijk wordt gemaakt (3) want het is geen verruiming ten opzichte van (4) de huidige situatie (5) Dus verzet het belang van het milieu zich hier niet tegen. Wij reageren onderstaand op 5 aanknopingspunten daarin: (1) 'blijkens de aanvraag': waar is dat aangetoond? Hoe zo, 'sterke'? Omvang nergens aangegeven/onderbouwd. Omvang ook niet in relatie tot gehele bedrijfseconomische omvang van het bedrijf aangetoond/onderbouwd. (2) gehele bedrijfsvoering onmogelijk: waar is dat op gebaseerd? Gehele is wel heel erg veel en al zeker een nogal ongenuanceerde uitspraak die moeilijk aan te tonen valt als juist en houdbaar. (3) geen verruiming: terwijl wetgever wel steeds aanscherpt tot zelfs 98% afscherming + een provinciaal beleid dat voluit gaat voor herstel plus extra kwaliteitimpuls voor de natuur (dat is ook broodnodig)! (4) verruiming of niet: dat is toch totaal niet relevant.
Er is evident reeds schade en overlast in absolute zin; nu wordt slechts een relatief argument gebruikt. Het wordt niet meer dus het mag is kennelijk de redenering! Voorts geldt ook nog het cumulatieve effect van meerdere bronnen vrij dicht bijeen waar ODH eveneens geen aandacht aan besteedt. (5) 'Dus' het belang van het milieu wordt hier geheel niet gedefinieerd en zelfs meteen terzijde geschoven. Samenvattend merken wij op: • De zware focus in het ODH-betoog op de bedrijfseconomische voor- en nadeelaspecten levert niet automatisch een daarmee evenredige verbetering van het geheel (= maatschappelijk lasten-/batensaldo, waaronder het milieu) op. Bij elke verbetering van een deel behoort ook effect op het geheel op afdoende wijze in kaart te worden gebracht en in ogenschouw genomen opdat een zo hoog mogelijk milieurendement en maatschappelijk rendement wordt verkregen. • Met voortschrijdende normstelling (zie de steeds verscherpende ontwikkeling in de normstelling door de Overheid) wordt brongericht beleid (via een resultaat-/ prestatieplicht) causaal gekoppeld met het effectbeleid. Met dat laatste bedoelen we het succesvol terugdringen van kunstlichtemissies en -belasting, resulterend in meer welbevinden en substantieel betere kansen voor de natuur.
Het maatwerkbeleid bij rozenassimilatiebelichting dient voortdurend hieraan te worden getoetst op effectiviteit en afdoende bijdrage.
Bezwaarschrift maatwerkbeschikking assimilatiebelichting gemeente Westland, Natuurlijk Delfland, 2 februari 2022
46
B7: GTB-sector ontwikkeling en CO2-emissie 46. In 2015 lag de CO2-emissie (5,8 Mton) van de glastuinbouw zo’n 15% onder het niveau van 1990. De prognose voor 2030 (ca 3 Mton) resulteert in een CO2-emissie door de glastuinbouw die 53 tot 61% ligt onder het niveau van 1990. Om de prognose te realiseren is naast inzet door de glastuinbouwbedrijven ook beleidsmatige inzet nodig bij zowel overheid als bedrijfsleven en wel op de terreinen energiebesparing en energievoorziening zonder CO2-emissie. Voor dit laatste is samenwerking met partijen buiten de glastuinbouw noodzakelijk. De energievraag per m2 zal wijzigen door intensivering, extensiveringen en energiebesparing. Intensivering en extensivering vinden plaats vanuit het structuureffect en op de bedrijven. Het energiegebruik verschilt per gewas(groep). Door mutaties in areaal per bedrijfstype wijzigt de gemiddelde energievraag per m2 kas en de totale energievraag op sectorniveau. Het elektriciteitsgebruik in de glastuinbouw komt voort uit belichting (circa 90%) en overige apparatuur (circa 10%). Voor elektriciteit kan de praktische toepassing van intensivering, extensivering en besparing kwantitatief niet worden gesplitst. Dit komt door de veronderstelling dat de intensivering en besparing bij belichting elkaar grotendeels compenseren. Bij de elektriciteitsvraag zien we een sterke toename per m2.
In het pessimistische scenario is de gemiddelde elektriciteitsconsumptie 5 kWh, in het gemiddelde scenario 13 kWh en in het optimistische scenario 25 kWh per m2 hoger dan in 2015. Dit komt vooral door de groei het areaal belichting (structuureffect) en beperkt door de groei van de elektriciteitsvraag bij extensievere belichting (bedrijfseffect).
46 Wageningen Economic Research Rapport 2018-056. Het voorgaande is een excerpt van het vermelde in het rapport.
https://www.kasalsenergiebron.nl/content/docs/Over_ons/Prognose_CO2_emissie_glastuinbouw_2030.pdf
Bezwaarschrift maatwerkbeschikking assimilatiebelichting gemeente Westland, Natuurlijk Delfland, 2 februari 2022
47
Bezwaarschrift maatwerkbeschikking assimilatiebelichting gemeente Westland, Natuurlijk Delfland, 2 februari 2022
48