2.2e) Ontwerp wijzigingsbesluit Omgevingsprogramma [25-0186137]
Tekst van het document
41
Provinciaal blad 2025 nr. 17921
29 oktober 2025
tevens ook voor bijvoorbeeld zon op daken bij grotere bedrijven in de RES’enhet realiseren en optimaal inzetten van slimme oplossingen (zoals energiehubs).
Rol Presterend
Uitwerking (Proces)innovaties, vraag- en aanbodsturing, conversie en opslag kunnen lokaal en regionaal bijdragen aan een efficiëntere benutting energie-infrastructuur en het stimuleren van flexibiliteit, en bijdragen aan realisatie van bestaande doelen voor bijvoorbeeld zon op daken bij grotere bedrijven in de RES’en, en handelingsperspectief bieden voor economische activiteiten (industrie) en woningbouw in gebieden waar netcongestie heerst. De provincie Zuid-Holland zet in op de ontwikkeling en toepassing van vraag- en aanbodsturing, conversie- en opslagmethoden en procesinnovaties door de volgende activiteiten: De provincie Zuid-Holland verkent hoe bestaand instrumentarium verbreed kan worden ingezet ter beperking of voorkoming van schaarste in capaciteit op de energie-infrastructuur. De provincie stimuleert (proces)innovaties en samenwerking met betrekking tot vraag- en aanbodsturing en conversie- en opslagmethoden om systeemflexibiliteit te vergroten en/of infrastructuurimpact te beperken. • De provincie Zuid-Holland verkent hoe bestaand instrumentarium verbreed kan worden ingezet ter beperking of voorkoming van schaarste in capaciteit op de energie-infrastructuur.
• De provincie stimuleert (proces)innovaties en samenwerking met betrekking tot vraag- en aanbodsturing en conversie- en opslagmethoden om systeemflexibiliteit te vergroten en/of infrastructuurimpact te beperken. Dit doet de provincie door handelingsopties in kaart te brengen die impact op de energie-infrastructuur kunnen beperken bij initiatieven voor verduurzaming • De provincie stimuleert de toepassing van de handelingsoptiesactiviteiten die de flexibiliteit en efficiëntie van het energiesysteem vergroten door te verbinden met ruimtelijke ontwikkelingen, gebieden of bedrijventerreinen waarbij netcongestie een rol speelt of waar dit ingezet kan worden als mogelijk alternatief voor netuitbreidingen. • Dit doet de provincie door verdere doorontwikkeling van de energietoets (op zowel visie- als verordenings-niveau), waarbij de focus uitgaat naar de concretisering van het inhoudelijke toetsingskader voor zowel individuele projecten en globale planvorming. • Dit doet de provincie door zowel intern tussen verschillende beleidsvelden als extern met onze partners de samenwerking op te zoeken en initiatieven te stimuleren die een netcongestieverzachtend effect kunnen hebben. QQ Na sectie '3.1.5.2 Stimuleren van flexibiliteit en efficiëntie van het energiesysteem' worden drie secties ingevoegd, luidende:
3.1.5.3 Ondersteunen realisatie energiehubs Wat gaat de provincie doen? De provincie ondersteunt Energiehubs in hun ontwikkeling. Dit doet zij door jaarlijks bij te dragen aan de realisatie van een aantal energiehubs. Daarnaast ondersteunt zij zo veel mogelijk hubs bij hun eerste stappen. Het gaat hierbij om het opdoen en delen van kennis over het realiseren van energiehubs en het ruimte bieden aan innovatieve oplossingen in techniek en organisatie. Ook standaardiseert de provincie het proces ‘ontwikkeling energiehub’ ten behoeve van snelheid en kostenbesparing.
Rol Samenwerkend
42
Provinciaal blad 2025 nr. 17921
29 oktober 2025
Uitwerking De provincie ondersteunt georganiseerde energiehub-initiatieven die bereid zijn om kennis te delen. We ondersteunen deze lokale initiatieven, door de inzet van capaciteit om; (1) het plan voor een energiehub verder uit te werken en (2) onderlinge kennisontwikkeling en -deling te faciliteren in een Community of Practice (CoP). Daarbij zoeken we de samenwerking met de betrokken ondernemers, maar ook de gemeente, netbeheerder en andere relevante partijen op. Er wordt ingezet op de volgende activiteiten: • De provincie maakt een overzicht van (initiatieven voor) energiehubs in Zuid-Holland en monitort de voortgang van de ontwikkeling op deze locaties; • De provincie biedt de mogelijkheid voor ondersteuning in de eerste en tweede fase (Verkennen, Plan van Aanpak & Ontwerp) van het opzetten van een energiehub, waar regionaal al ondersteuning geboden wordt, sluiten we ons daar mogelijk bij aan; • De provincie faciliteert een Community of Practice (CoP) voor diverse partijen om onderlinge kennisontwikkeling en -uitwisseling te stimuleren; • Bijdragen aan de ontwikkeling van en het gebruikmaken van de landelijke Kennisplatform Energiehubs; • De provincie doet (samen met partners) onderzoek naar innovatieve oplossingen die in energiehubs toegepast kunnen worden.
3.1.5.4 Ruimtelijke verkenning voor toekomstige energie-infrastructuur Wat gaat de provincie doen? In samenwerking met netbeheerders, desbetreffende gemeentes en andere partners doorloopt de provincie proactief een verkenningstraject. Met behulp van onder andere kaartmateriaal, locatieeisen en lokale kennis wordt in een iteratief proces beoogd om tot zoekgebieden/-locaties te komen voor aanvullend benodigde energie-infrastructuurprojecten. Hierbij ligt de scope op 150kV stations van de regionale netbeheerders. Om de strategische ruimtevraag van deze energie-infrastructuurprojecten voor de toekomst te waarborgen, onderzoekt de provincie welk ruimtelijke instrumentarium gebruikt kan worden om de zoekgebieden/-locaties vrij te houden.
Rol Presterend
Uitwerking Om zowel de energievraag van nieuwe (ruimtelijke) ontwikkelingen als de verduurzaming van bestaande activiteiten te kunnen faciliteren en een robuust energiesysteem in 2050 in Zuid-Holland te kunnen garanderen, is aanvullende energie-infrastructuur nodig. Binnen het integraal programmeerproces dat de provincie in een tweejaarlijkse cyclus doorloopt en als eindproduct het pMIEKdocument kent, wordt een inschatting voor aanvullend benodigde elektriciteitsinfrastructuur (in 150kV-station equivalenten) gemaakt. Omdat fysieke ruimte schaars is in de provincie en er talloze ruimtevragers om dezelfde ruimte concurreren, is een weloverwogen integrale afweging noodzakelijk over waar welke ontwikkeling wordt toegestaan. De provincie faciliteert de ruimtevraag voor nieuwe energie-infrastructuur wanneer dit ruimtelijk inpasbaar is, en bij voorkeur te combineren valt met de economische activiteiten op deze locaties. De provincie draagt vanuit haar rol als gebiedsregisseur bij aan een integraal afgewogen en ruimtelijke goed ingepast energiesysteem, dat tijdig beschikbaar is. Hiervoor is inzicht in de benodigde ruimtevraag vanuit het integrale energiesysteem noodzakelijk.
We werken aan deze maatregelen, door de inzet van enerzijds capaciteit om de doorlooptijd van de realisatie van energie-infrastructuur projecten te versnellen door middel van kennisdeling en anderzijds door het ruimtelijk instrumentarium in te zetten voor de ontwikkeling van noodzakelijke energie-infra te kunnen waarborgen. • De provincie doet in de tweejaarlijkse iteratie van het pMIEK uitspraken over aanvullende energie-infrastructuur (in 150kV station-equivalenten) die nodig zijn om de energievraag in 2050 te kunnen accommoderen. • Per regio, waar aanvullende 150kV stations nodig zijn, wordt een ruimtelijk verkenningstraject doorlopen waarbij zowel (technische) aandachtspunten/criteria vanuit de netbeheerders als (beleidsmatige) belemmeringen van gemeentes en provincie gebruikt worden om tot potentiële zoekgebieden/-locaties te komen.
43
Provinciaal blad 2025 nr. 17921
29 oktober 2025
•
De provincie neemt een voortrekkersrol in dit verkenningstraject en faciliteert waar nodig vervolggesprekken tussen gemeente en netbeheerders bij het concretiseren van de zoekgebieden.
3.1.5.5 Elektriciteitsopslagsystemen (EOS) Wat gaat de provincie doen? Elektriciteitsopslagsystemen [hierna: EOS] hebben een functie in een duurzaam toekomstig energiesysteem. Tegelijkertijd is de fysieke ruimte in Zuid-Holland schaars, dus wil de provincie weloverwogen mogelijkheid bieden voor de toevoeging van EOS. Het is daarbij van belang een beeld te vormen van hoeveel en op welke plaatsen in het elektriciteitsnetwerk EOS nodig en/of wenselijk zijn. Daarnaast wordt in samenwerking met gemeenten en netbeheerders uitgewerkt volgens welke uitgangspunten EOS toegestaan worden. Wanneer een EOS wordt vergund, wordt zorgvuldig omgegaan met de ruimtelijke inpassing hiervan.
Rol Samenwerkend
Uitwerking • •
• •
•
De provincie monitort het aantal MW grootschalige opslag en intensiveert daarvoor de samenwerking met de netbeheerders; De leidende principes van het Toekomstbeeld Energiesysteem 2050 zijn bepalend voor het provinciaal beleid voor EOS. Hiervoor wordt gewerkt aan een doorvertaling van deze principes die toegespitst zijn op opslag; De provincie maakt afspraken met gemeenten en veiligheidsregio's over uniforme toepassing van de PGS 37-1 bij opslagsystemen; De provincie zet in op een vroegtijdige betrokkenheid van de netbeheerder bij nieuwe vergunningaanvragen en maakt daarover werkafspraken en zet verder in op kennisdeling bij initiatiefnemers over de rol van nieuwe contractvormen die congestie tegen kan gaan. De provincie maakt onderscheid tussen opslagsystemen op basis van opslagcapaciteit (dit heeft een relatie met het fysieke ruimtebeslag dat een dergelijke EOS heeft) en type aansluiting op het elektriciteitsnetwerk:
1. • •
Industriële elektriciteitsopslagsystemen (> 70 MW); Stand-alone Op een gedeelde aansluiting
2. • • •
Commerciële elektriciteitsopslagsystemen (< 70 MW); Stand-alone op grootverbruik-aansluiting Buurtbatterij op grootverbruik-aansluiting Op een gedeelde grootverbruik-aansluiting (bijvoorbeeld op wind- en zonneparken of bij bedrijven)
3. • •
Residentiële energieopslagsystemen Stand-alone op kleinverbruik-aansluiting Achter de meter op kleinverbruik-aansluiting
*stand-alone EOS zijn direct aangesloten op het elektriciteitsnetwerk en zijn voor afname en teruglevering volledig afhankelijk van dit systeem. Systemen op een gedeelde aansluiting zijn bijvoorbeeld gekoppeld aan een zonneveld of windpark of aan een bedrijventerrein, waar zij resp. door gevoed worden of aan leveren. Algemene uitgangspunten: Voor alle EOS’en geldt dat deze minimaal congestieneutraal en liefst congestieverzachtend worden ingezet, waarmee wordt bedoeld dat ze geen negatieve – en liefst een positieve – bijdrage hebben op de piek- en dalbelasting van het elektriciteitsnet. Een EOS voldoet aan de veiligheidseisen zoals opgenomen in de PGS 37-1. Dit uitgangspunt is voor alle categorieën van toepassing.
44
Provinciaal blad 2025 nr. 17921
29 oktober 2025
Specifieke uitgangspunten: 1. Aan de categorie Industriële stand-alone EOS stellen wij een bovengrens van 200MW aan totaal opgesteld vermogen, behalve wanneer de netbeheerder aangeeft dat dit nodig is voor het balanceren van het energiesysteem. Deze stop is ingegeven vanwege grote ruimtebeslag en de vraag of een groter aantal MW noodzakelijk is voor het energiesysteem. Het maximale opgestelde vermogen voor grootschalige batterijen kan naar aanleiding van het Programma Energie Hoofdinfrastructuur 2 (PEH2) gewijzigd worden. 2. Aan opwek of verbruik gebonden: bij bestaande opwek aansluiting koppelen met bestaande aansluiting. Hierdoor is geen groter opslagvermogen toegestaan dan het aansluitvermogen. 3. Batterijen achter de meter en batterijen gekoppeld aan lokaal gebruik, zoals buurtbatterijen en batterijen voor energiehubs, voldoen aan de veiligheidsafstanden tot bebouwing. RR Het volgende opschrift wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Beleidsdoel 4-14.1 Toekomstbestendig economisch vestigingsklimaat SS De volgende sectie wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
4-14.1 Toekomstbestendig economisch vestigingsklimaat De provincie staat voor een toekomstbestendige economie met een gezond en aantrekkelijk vestigingsklimaat voor haar ondernemers en inwoners. De provincie geeft economisch beleid vorm, zodat het bijdraagt aan brede welvaart voor alle Zuid-Holland wilHollanders. Dat betekent versnelling van de transitie naar een economie die duurzaam, innovatief en inclusief is: • Een duurzame economie is een economie die uiteindelijk geen uitstoot heeft, en die gebaseerd is op een circulair energie- en grondstoffensysteem (onder andere voor stroom, warmte, CO2 en waterstof). • Een innovatieve economie heeft een sterke kennis- en concurrentiepositie, het vermogen om transities het hoofd te bieden en een vestigingsklimaat te creëren dat aantrekkelijk is. • Een inclusieve economie heeft gelijke kansen voor iedereen, waarin iedereen en elke regio meetelt, meedoet en op een prettige en gezonde manier kan leven. Innovatieve Economie De bijdrage aan brede welvaart en een duurzame, innovatieve en inclusieve economie bepaalt in steeds belangrijker mate de ‘license to operate’ van bedrijven. Deze ‘license to operate’ kan worden vertaald als een combinatie van maatschappelijk, politiek en juridisch draagvlak of legitimiteit. Dit draagvlak vormt het afwegingskader voor economische activiteiten waarvoor steun en ruimte wordt geboden.
De provincie ondersteunt bedrijven in de transitie naar 'toekomstbestendigheid'. Toekomstbestendige bedrijven kunnen aanspraak maken op de steun van de provincie en de (toekomstige) ruimte in Zuid-Holland. Innovatieve Economie In de provincie Zuid-Holland wordtworden het innovatiemogelijkheden onvoldoende benut. Dit terwijl er een extra uitdaging ligt in de verandering naar een duurzame, inclusieve, circulaire en digitale economie. De provincie wil hetde innovatiemogelijkheden daarom beter benutten. Zo kan ze (brede) welvaart behouden en liefst verhogen, én het mogelijk maken dat bedrijven een grotere bijdrage leveren aan het oplossen van maatschappelijke uitdagingen. Daarnaast zorgt innovatie ervoor dat er een klimaat ontstaat waarin bedrijven zich graag willen vestigen: innovatie is belangrijk voor het behoud van de economische positie van Zuid-Hollandse bedrijven. Door innovatie kunnen concurrentievoordelen worden behaald en kan meer toegevoegde waarde worden gegenereerd voor economie en maatschappij, hier en ergens anders. Innovatie aanmoedigen doet de provincie door het werkveld van vernieuwende bedrijven te ondersteunen en sterker te maken. Dat betekent dat de provincie kijkt naar de ‘omgeving’ waarin bedrijven
45
Provinciaal blad 2025 nr. 17921
29 oktober 2025
werken, om daarbij aan te sluiten met haar beleid. De provincie is de aangewezen laag om dit werkveld te laten groeien en de samenwerking tussen (grote en kleine) bedrijven, kennisinstellingen en overheden te bevorderen. Bovendien komen innovaties vaak niet of trager tot stand zonder ondersteunende overheidsmaatregelen (marktfalen). Voor innovaties die bijdragen aan de overgang naar een duurzame economie is daarnaast vaak sprake van ‘transitiefalen’ (bv. hoge kosten van nieuwe technologieën omdat er in de basis nog geen markt voor bestaat). Provincie Zuid-Holland heeft aandacht voor alle soorten bedrijven. Veranderingen zijn namelijk pas succesvol als niet alleen een kopgroep innovaties ontwikkelt, maar ook het ‘peloton’ van het brede mkb én de grote bedrijven meegaat in de overgang. Het innovatieve midden- en kleinbedrijf (mkb), - vooral binnen de topsectoren van Zuid-Holland - vervult een belangrijke rol als plek waar vernieuwende producten ontstaan. Grote bedrijven hebben meestal geen hulp nodig, maar zijn wel interessant als sterke partners in een overgang. Het brede mkb vormt de ruggengraat van de lokale en regionale economie, waarin ze ook geworteld zijn.
De provincie Zuid-Holland versterkt kennis en innovatie in het werkveld door de inzet van 5 beleidsmaatregelen: • Strategische samenwerking om een innovatieve economie te aan te moedigen, door ondersteuning van haar Regionale ontwikkelingsmaatschappij Innovation Quarter en de Economic Board Zuid-Holland. • Campussen en fieldlabs sneller ontwikkelen waardoor innovatie makkelijker kan plaatsvinden. • Versterken van netwerken gericht op kennis en innovatie. • Innovatie stimuleren binnen specifieke clusters, zoals Life Sciences & Health, Industriële biotechnologie of Aerospace. • Innovatie stimuleren in het MKB. Transitie van de tuinbouw Transitie van de tuinbouw De tuinbouw is één van de economische topsectoren in Nederland. Zuid-Holland is met een groot deel van de Nederlandse teelt, de meeste bedrijfsinvesteringen in onderzoek en ontwikkeling, en het grootste deel van de handelsbedrijven en logistiek, dé tuinbouwprovincie van Nederland. De tuinbouw levert de nationale en regionale economie veel op, maar heeft tegelijkertijd invloed op het ruimtegebruik, de transportbewegingen, de leefomgeving en de waterkwaliteit. Daarnaast gebruikt de tuinbouw nu nog veel (fossiele) energie. Dit wil de provincie versneld veranderen zodat de tuinbouw ook in de toekomst een duurzaam verdienmodel binnen onze provincie heeft. De provincie zet daarom in op: •
•
•
Bevorderen van duurzame tuinbouwgebieden: gebieden die aan de wettelijke kaders en randvoorwaarden voldoen. Dit met als belangrijkste doel om een klimaat neutrale sector te zijn in 2040, en de doelen van de Kaderrichtlijn Water te halen. Verbeteren duurzaam verdienmodel: binnen de wettelijke kaders en randvoorwaarden op het gebied van water, biodiversiteit, natuur, klimaat en circulariteit, met een goede balans tussen vraag en aanbod op de arbeidsmarkt en duurzame inzetbaarheid van flexibele arbeidskrachten. Bevorderen netwerksamenwerking: door samenwerking in de regionale Greenports, het landelijke netwerk Greenports Nederland en in andere (internationale) netwerken. Men kan zo voordeel hebben van clusterkracht, kennisdeling, gezamenlijke lobby en belangenbehartiging. Dit leidt tot samenwerkingsvoordelen en een versterkte concurrentiepositie.
De provincie past hiervoor de volgende hulpmiddelen toe: • Netwerkkracht. Actieve deelname aan de triple helix organisaties van de regionale Greenports en Greenports Nederland en het Europese netwerk ERIAFF. • Gebiedsgericht werken. Samen met de tuinbouwpartners het beleid, met behulp van geld en hulpmiddelen, vertalen in een per Greenport samenhangend uitvoeringsprogramma met (gebiedsgerichte) projecten en maatregelen. • Ondersteunen van projecten die de transitie van de tuinbouw versnellen. • Wetgeving via omgevingsverordening. • Monitoring, dataverzameling en kennisontwikkeling. Transitie van het Havenindustrieel Complex Transitie van het Havenindustrieel Complex
46
Provinciaal blad 2025 nr. 17921
29 oktober 2025
Het Havenindustrieel complex (HIC) bestaat uit een grootindustrieel complex, een logistieke hub en een maritiem cluster. De provincie Zuid-Holland wil eraan bijdragen dat het HIC in Rotterdam, de verspreide industrie en het maritieme cluster in Zuid-Holland klimaatneutraal, circulair en slim werken. Dit vraagt om een overgang naar een economie waarin minder tot helemaal geen broeikasgassen worden uitgestoten, de stikstofuitstoot wordt verminderd en minder natuurlijke grondstoffen worden gebruikt. Hierbij is het belangrijk om een goed vestigingsklimaat te behouden voor de bedrijven en (startende) ondernemers in de industrie en het maritieme cluster. Belangrijk is dat hierbij wordt gelet op de invloed op de omgeving, de nodige (milieu)ruimte en hoogwaardige toepassing en hergebruik van grondstoffen/materialen. De provincie gaat daarvoor innovaties ondersteunen en duurzame investeringen bevorderen. Daarnaast zal zij ervoor zorgen dat netwerken en samenwerkingsverbanden versterken, en bijdragen aan het op orde brengen van randvoorwaarden. Dit doet de provincie met de inzet van haar economisch- en innovatie instrumentarium, haar ruimtelijke instrumentarium, haar taken op het gebied van infrastructuur en milieu, en de lobby en samenwerking in de Europese Unie en bij het Rijk.
De provincie zet zich als onderdeel van dit beleid ook in voor het behoud, de versterking en de verduurzaming van de Zuid-Hollandse maritieme sector. De provinciale inzet komt grotendeels inhoudelijk voort uit de Regionale Maritieme Agenda en draagt bij aan de nationale Sectoragenda Maritieme Maakindustrie. Digitale economie Digitale economie Het gebruik van digitalisering in de economische sectoren in Zuid-Holland heeft grote gevolgen. Door het gebruik van digitalisering zijn processen efficiënter geworden en zijn er nieuwe businessmodellen gekomen in bijna alle sectoren. Het bedrijfsleven in Zuid-Holland kent in verhouding veel werkvelden waarin veel digitaal gebeurt. Denk hierbij aan vervoer en opslag, handel en tuinbouw. Daardoor heeft digitalisering ook een bovengemiddeld grote invloed op onze economie. De provincie weet dat sterke sectoren zoals het havenindustrieel complex, maakindustrie en de tuinbouwsector in de komende 10-15 jaar hun manier om geld te verdienen sterk zullen veranderen. Dit wordt ook mogelijk gemaakt door digitalisering en dat digitalisering hier een rol in speelt. De provincie wil zorgen voor een goede ondersteuning van de economie bij deze digitale verandering en dat alle sectoren de juiste digitale voorwaarden hebben.
De provincie Zuid-Holland zet daarom in op: • Het van nieuweInnovatieve manieren om geld te verdienen door gebruik te maken van nieuwe,innovatieve digitale technieken. • Verbeteren van het vestigingsklimaat voor de digitale economie. • Bijdragen aan de digitale verandering voor het hele mkb en de kruisbestuiving tussen sectoren. • Vastleggen en versterken van publieke waarden in de digitalisering van de Zuid-Hollandse economie. • Het in beweging brengen en houden van een mensgerichte digitale verandering. Met hierbij bijzondere aandacht voor digitale weerbaarheid, ethiek en inclusie. Verbeteren van de digitale weerbaarheid van de Zuid-Hollandse economie. Circulair Zuid-Holland Circulair Zuid-Holland In april 2024 stelde de provincie de nieuwe strategie “Samen bouwen aan een Circulair Zuid-Holland” vast. Hierin geeft de provincie aan hoe zij toewerkt naar 50% circulair in 2030 en een volledig circulaire samenleving in 2050. Met deze strategie komt de provinciale aanpak in een nieuwe fase. Hierbij ligt de nadruk op de invloed. De provincie richt zich daarbij naast de koplopers ook in het bijzonder op de brede groep daarachter. Zij zet aan de ene kant in op zaken waar de provincie een verschil kan maken. En aan de andere kant waarbij circulair bijdraagt aan de oplossing van meerdere maatschappelijke vraagstukken waar de provincie aan werkt.
DatDe transitie naar een circulaire economie zorgt voor nieuwe bedrijvigheid en daarmee nieuwe ruimtevragers. Ook de ruimtevraag van bestaande bedrijvigheid zal veranderen.Dat betekent ook dat de rol van de provincie verandert. Eerst zorgde zij ervoor dat alles in beweging kwam, nu verbindt de provincie vraagstukken vaker met elkaar. Daarnaast stelt de provincie kaders en geeft zij opdrachten. Toekomstbestendige ruimte voor ondernemen
47
Provinciaal blad 2025 nr. 17921
29 oktober 2025
Bedrijventerreinen De ruimte voor bedrijventerreinen is beperkt. Maar bedrijventerreinen hebben vaak nog ongebruikte mogelijkheden in energie, ruimte en klimaat. Ondernemers spelen een belangrijke rol in hoe goed de provincie kan concurreren, daarom blijft de provincie hen ruimte bieden. Daarbij onderzoekt de provincie of zij, via het stellen van randvoorwaarden bij het faciliteren van die ruimte, voorrang kan geven aan bedrijven die bijdragen aan de overgang naar een klimaat neutrale en/of circulaire economie en verbetering van het welzijn van de inwoners van Zuid-Holland. Toekomstbestendige ruimte voor ondernemen Economie en ruimte zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Voor een toekomstbestendige economie is een aantrekkelijk vestigings- en ondernemingsklimaat met voldoende fysieke ruimte nodig. Daarnaast leidt de ontwikkeling naar een duurzame, innovatieve en inclusieve economie tot andere eisen en wensen die we stellen aan deze ruimte. De ruimte voor economie is schaars in Zuid-Holland. Dat betekent dat we niet meer vanzelfsprekend ruimte faciliteren op basis van ramingen en prognoses, maar gericht kijken naar de bijdrage van economische ontwikkelingen aan brede welvaart en het Zuid-Hollandse ecosysteem. Dit bepaalt in steeds belangrijker mate het draagvlak voor bedrijfsactiviteiten.
Duurzaamheid, innovatie en inclusiviteit zijn de pijlers van een toekomstbestendige economie en krijgen prioriteit bij de verdeling van de ruimte. Duurzaamheid, innovatie en inclusiviteit staan niet los van elkaar; ze kunnen elkaar versterken en leiden samen tot brede welvaart. Tegelijkertijd kunnen ze ook op gespannen voet met elkaar staan bij het maken van ruimtelijke keuzes. Bij de verdeling van de ruimte voor economie geven we daarom prioriteit aan de volgende activiteiten: 1. Basiseconomie en strategische belangen: De ‘basiseconomie’ heeft voldoende ruimte nodig. Dat gaat om maatschappelijke en nutsvoorzieningen en stadverzorgende bedrijvigheid die noodzakelijk is voor het functioneren van onze samenleving. Daarnaast gaat het om activiteiten die vanwege hun (nationale) strategische belang een bijdrage leveren aan onze strategische autonomie. 2.
Circulaire economie: We maken ruimte voor activiteiten die bijdragen aan de transitie naar een circulaire en klimaat neutrale economie, waarin het hergebruik van producten en grondstoffen en het behoud van natuurlijke hulpbronnen het uitgangspunt is.
3.
Kennis- en innovatie-ecosystemen, technologische maakindustrie en toegevoegde waarde: Voor ons toekomstig verdienvermogen zetten we in op onze sterke kennis- en innovatie-ecosystemen en de technologische maakindustrie. We geven daarbij prioriteit aan activiteiten met een hogere toevoegde waarde voor de samenleving en economie en een compact ruimtebeslag.
Bedrijventerreinen Bedrijventerreinen zijn een cruciale schakel in het economisch functioneren van Zuid-Holland. De ca. 26.000 bedrijven op bedrijventerreinen zijn samen goed voor bijna 1/3 van de totale werkgelegenheid en de toegevoegde waarde in de provincie. Bedrijventerreinen zijn daarnaast dé locaties waar hinder veroorzakende functies zich kunnen vestigen. Daarmee zijn het ook dé plekken waar de transities naar een duurzame en circulaire economie vorm moet krijgen. De uitbreidingsruimte voor nieuwe bedrijventerreinen is beperkt, omdat wonen en werken zich moeten ontwikkelen binnen de beschikbare ruimte, inclusief de i 3ha-locaties. Daarom moet de beschikbare ruimte zorgvuldig worden beschermd en beter worden benut. Tegelijkertijd hebben bestaande bedrijventerreinen vaak nog ongebruikte mogelijkheden met betrekking tot ruimtegebruik, energietransitie en klimaatadaptatie en zullen bedrijventerreinen ook zelf moeten transformeren tot duurzame en circulaire werklocaties. Via het stellen van randvoorwaarden bij het faciliteren van de ruimte, wil de provincie voorrang geven aan bedrijven die bijdragen aan de overgang naar een duurzame, digitale en inclusieve economie en verbetering van het welzijn van de inwoners van Zuid-Holland. De provincie Zuid-Holland zet daarom in op: • Beter benutten en duurzaam functioneren van bedrijventerreinen.
De provincie zet in op het beter benutten van bestaande bedrijventerreinen onder andere door middel van meervoudig ruimtegebruik en maximale benutting van de beschikbare milieuruimte op bedrijventerreinen. Waar mogelijk wordt functiemenging onder voorwaarden mogelijk gemaakt, zoals bedrijven met een lage milieucategorie met woningbouw. •
48
Het behoud van voldoende ruimte voor bedrijven op bedrijventerreinen. De provincie blijft ervoor waken dat (selectieve) vraag en aanbod van bedrijventerreinen in de regio’s in balans blijven en dat woningbouwplannen van gemeenten niet botsen met aanwezige bedrijven op bedrijventerreinen.
Provinciaal blad 2025 nr. 17921
29 oktober 2025
•
•
•
Beter gebruikmaken en duurzaam functioneren van bedrijventerreinen. De provincie moedigt meervoudig ruimtegebruik op bedrijventerreinen aan. Waar mogelijk mengt zij functies zoals bedrijven met een lage milieucategorie met woningbouw. Het behoud van voldoende ruimte voor bedrijven in hoge milieucategorieën, milieuzones en watergebonden bedrijven. De provincie blijft controleren of woningbouwplannen van gemeenten botsen met aanwezige bedrijven uit de hogere milieucategorieën. Het stimuleren van de verduurzaming vancirculaire en duurzame bedrijventerreinen door eigen duurzame opwekking en de realisatie van lokale warmtenetten. Ook kunnen deze terreinen bijdragen aan klimaatadaptatie, biodiversiteit en recreatie.
Van bedrijven die werken met arbeidsmigranten verwacht de provincie een menswaardig huisvestingsplan. Het in beeld brengen van de huisvestingsbehoefte als gevolg van nieuwe bedrijvigheid of uitbreiding daarvan, is onderdeel van de totale huisvestingsbehoefte van arbeidsmigranten in de gemeente. Het is van belang dat de gemeente de huisvestingsbehoefte van en – mogelijkheden voor arbeidsmigranten (tijdelijk) werkzaam in de gemeente, en/of van arbeidsmigranten die langdurig in de gemeente wonen of willen wonen, actueel houdt en opneemt in gemeentelijke Omgevingsvisie in het onderdeel economie (alsmede in het onderdeel over huisvesting). Kantoren Nieuwe kantorenontwikkelingen komen bij voorkeur op toplocaties (centrum Rotterdam en centrum Den Haag) en scienceparken. De provincie Zuid-Holland zet daarom in op: Vanuit het oogpunt van optimale benutting van de ruimte voor ondernemen op bedrijventerreinen beperken we menging van kwetsbare functies op bedrijventerreinen met een hogere milieucategorie tot een minimum. Bedrijventerreinen met een hogere milieucategorie zijn primair bedoeld voor bedrijven die vanwege hun zwaardere type bedrijfsvoering zijn aangewezen op de hogere milieugezoneerde gebieden en kunnen bijzonder lastig gemengd worden met kwetsbare functies.
Kantoren Nieuwe, grootschalige kantorenontwikkelingen worden op toplocaties (centrum Rotterdam en centrum Den Haag) en scienceparken geconcentreerd. De provincie Zuid-Holland zet daarom in op: • Het verminderen van het kantorenaanbod op minder kansrijke locaties. • Waar mogelijk het veranderen van leegstaande, incourante kantoren naar andere functies (wonen). Detailhandel Detailhandel Gezonde, krachtige en aantrekkelijke stads- en dorpscentra zijn belangrijk voor de levenskwaliteit van onze inwoners. De provincie zet daarom in op: • De detailhandelsstructuurHet versterken van de detailhandelsstructuur door deze kwalitatief te verbeteren. • De bereikbaarheid te garanderen. Human Capital • Het garanderen van de bereikbaarheid door winkels zoveel mogelijk te concentreren in bestaande centra. Human Capital De provincie ambieert een beroepsbevolking die past bij de economie van de toekomst. Dit kan de provincie bereiken door her-, bij- en omscholing van 55.000 werknemers en flexwerkers. En door begeleiding naar toekomstbestendig werk van 10.000 mensen en voldoende stage- en werkplekken voor alle studenten. Dit zorgt ervoor dat onze bedrijven belangrijk blijven voor het aanbod van banen. TT Het volgende opschrift wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Maatregelen van 4-14.1 Toekomstbestendig economisch vestigingsklimaat
49
Provinciaal blad 2025 nr. 17921
29 oktober 2025
UU De volgende sectie wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
4.1.1.1 Innovatie infrastructuur versterken door de ontwikkeling van campussen en fieldlabs te versnellen en campussen te versterken Wat gaat de provincie doen? Campussen dragen als brandpunt in het regionale Kennis & Innovatie ecosysteem sterk bij aan de benutting van het innovatiepotentieel. Bedrijven op de campus werken samen met andere bedrijven en kennisinstellingen op de campus aan innovatie door gebruik te maken van gezamenlijke onderzoeks- en innovatiefaciliteiten en een gezamenlijk netwerk. Zonder financiële steun voor deze gezamenlijke faciliteiten en netwerk zouden de campussen niet of later bijdragen aan innovatie. Bovendien draagt de provincie bij aan de verdere ontwikkeling van campussen door ureninzet. Fieldlabs zijn een wezenlijk onderdeel van de kennis en innovatie infrastructuur van de provincie. In fieldlabs testen, valideren en ontwikkelen bedrijven innovaties, zonder daarvoor zelf te hoeven investeren in vaak dure apparatuur. Deze ‘shared facilities’ zijn daarmee een belangrijke katalysator voor het tot stand komen van innovaties. Door subsidies voor de totstandkoming en benutting door bedrijven van fieldlabs stimuleert de provincie de versnelde introductie op de markt van innovatieve producten, processen en diensten.
Om de innovatie infrastructuur optimaal te faciliteren wil de provincie innovatieve bedrijvigheid, kennis- en onderwijsinstellingen primair clusteren rondom innovatieve hotspots, zoals campussen en fieldlabs. Dit vormt een uitgangspunt bij het aantrekken en begeleiden van nieuwe bedrijvigheid en het versterken van de campussen in Zuid-Holland.
Rol Presterend
Uitwerking Waar nodig en mogelijk zet de provincie in samenwerking met gemeenten in op ‘branchering’ van deze locaties, om de identiteit van de aanwezige ecosystemen te versterken. Dat betekent ook dat de provincie in sommige situaties branches of bedrijfsvestigingen willen uitsluiten, wanneer die geen meerwaarde hebben voor het ecosysteem. Belangrijk is dat daarbij de nodige flexibiliteit behouden blijft, zodat tijdig kan worden ingespeeld op de kansrijke ontwikkelingen op het gebied van onderwijs, onderzoek, innovatie en economische bedrijvigheid die het ecosysteem kunnen versterken. De provincie verkent in samenwerking met gemeenten waar branchering nodig en wenselijk is, en welk instrumentarium daarbij beschikbaar is. Diverse campussen in Zuid-Holland ontwikkelen zich tot innovatieve omgevingen, waar functies, zoals wonen, werken, leren, ontmoeten en ondernemen, elkaar versterken. Het gaat daarbij om fysieke locaties met hoogwaardige vestigingsmogelijkheden, die een manifeste kennisdrager hebben (universiteit of grootbedrijf), waar sprake is van open innovatie en die een (intern)nationaal belang hebben. De doorontwikkeling van deze campussen vraagt om samenhangend ruimtelijk beleid, zodat de ontwikkeling kan worden versneld.
Ter versterking van deze campuslocaties wil de provincie functiemenging onder voorwaarden toestaan, door ruimte te bieden aan vormen van bewoning en (kleinschalige) voorzieningen die ondersteunend zijn aan het profiel van de campus. Belangrijke voorwaarde is dat deze functies het innovatie-ecosysteem versterken en duidelijk bijdragen aan de verdere ontwikkeling van de campus. Daarnaast dienen deze functies de hoofdfunctie van de campus niet te verdringen en inpasbaar te zijn binnen de geldende regels op het gebied van ruimtelijke ordening, (externe) veiligheid en ruimtelijke kwaliteit. In overleg met gemeenten en de aanwezige (campus)organisaties wordt bepaald in hoeverre en waar functiemenging een bijdrage levert aan de ontwikkeling van de campus. Functiemenging geldt mogelijk niet voor het hele campusgebied, maar wordt in overleg mogelijk gemaakt op bepaalde locaties. In eerste instantie kunnen het Leiden Bio Science Park, de TU Delft Campus en Space Campus Noordwijk aanspraak maken op deze mogelijkheden. Bij de ontwikkeling van campussen heeft de provincie in het bijzonder aandacht voor een hoge (omgevings)kwaliteit, door het vergroenen en verduurzamen van de locatie en het bieden van mo-
50
Provinciaal blad 2025 nr. 17921
29 oktober 2025
gelijkheden voor ontspanning en beweging. Daarnaast heeft de provincie aandacht voor belangrijke randvoorwaarden, waaronder de beschikbaarheid van (duurzame) energie, zoet- en drinkwater, goede digitale infrastructuur en de bereikbaarheid van en op de campus. VV De volgende sectie wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
4.1.1.2 Innovatie stimuleren binnen specifieke clusters Wat gaat de provincie doen? De provincie onderscheidt een aantal specifieke innovatieclusters, die van groot belang zijn voor de Zuid-Hollandse economie. Afhankelijk van de aard en omvang van de opgave zet de provincie hier capaciteit en middelen voor in. Gezien de bijdrage aan werkgelegenheid en bedrijvigheid in de regio, en hun bijdrage aan de transitie naar een duurzame, digitale en inclusieve economie, geeft de provincie juist deze clusters extra aandacht. Mocht de situatie veranderen en de behoefte binnen nieuwe clusters voor ondersteuning ontstaan, dan kan de provincie dit logischerwijs oppakken.
Rol Presterend
Uitwerking Life Sciences & Health Life Sciences & Health (LSH) is één van de sterke economische sectoren in Zuid-Holland. Het is een innovatieve sector gericht op gezondheid, die tot de top van de wereld behoort op wetenschappelijk gebied en in ondernemerschap. De concurrentiepositie van de sector in Zuid-Holland is goed en de toegevoegde waarde ervan is groot. De sector telt in de provincie 220.000 banen en bijna 18.000 vestigingen. LSH is één van de topsectoren waar de Provincie Zuid-Holland zich op richt, vanwege het verdienvermogen en de werkgelegenheid, maar ook vanwege de bijdrage aan andere thema's van brede welvaart, zoals gezondheid en duurzaamheid . De provincie heeft een uitvoeringsprogramma ontwikkeld voor strategische versterking van het cluster en intervenieert door middel van subsidies, netwerkvorming en ureninzet in bijvoorbeeld het Leiden BioScience Park, de Erasmus MC campus Rotterdam Square en het netwerk Medical Delta.
Aerospace Zuid-Holland heeft van oudsher een toonaangevende aerospace-sector: luchtvaart, ruimtevaart, en drones. Innovaties in de aerospace kunnen bijdragen aan diverse thema's van brede welvaart: de sector biedt werkgelegenheid en verdienvermogen, maar draagt ook bij aan duurzaamheid, door zelf te verduurzamen (zoals in de luchtvaart) maar vooral via toepassingen die bijdragen aan bijvoorbeeld veiligheid en klimaatkennis. De provincie bevordert de integratie van de drie sub-sectoren tot één ecosysteem, waarin naast bedrijven ook kennisinstellingen en overheden nauw samenwerken aan de innovaties van morgen. Hiervoor jaagt de provincie de clustering naar campussen en fieldlabs aan, waaronder de NL Space Campus in Noordwijk, Technology Park Ypenburg in Den Haag, voor ruimtevaart en Unmanned Valley in ValkenburgKatwijk voor drones en sensoren. Daarnaast ondersteunt de provincie deze clusters het opzetten van gemeenschappelijke innovatie-infrastructuur en fysieke voorzieningen, en het laagdrempeliger maken van de toegang tot financiering. Tot slot intensiveert de provincie de samenwerking tussen de clusters binnen het aerospace-ecosysteem onderling, en tussen aerospace en andere sectoren. Met de aanwezigheid van onder meer de TU Delft, SRON, en TNO is de regio daarnaast een hotspot voor aerospace-onderzoek.
Waterstofvliegtuigen, klimaatsatellieten, en inspectiedrones kunnen komende decennia en cruciale rol spelen in de complexe transities waar onze samenleving voor staat. Ook vinden innovaties in deze sector vaak hun weg naar andere Nederlandse sectoren, van landbouw tot de hulpdiensten.
Industriële Biotechnologie
51
Provinciaal blad 2025 nr. 17921
29 oktober 2025
Zuid-Holland huisvest de Biotech Campus in Delft, de grootste open innovatiecampus in Europa gericht op biotechnologie. De Biotech Campus faciliteert de hele innovatiecyclus, van onderzoek en pilot tot productie. Bedrijven als DSM en Centrient hebben een vliegwielfunctie voor soortgelijke bedrijvigheid in de regio. De provincie heeft een uitvoeringsprogramma ontwikkeld ten behoeve van de strategische versterking van het cluster. Er wordt onder andere ondersteuning geleverd aan de campusontwikkeling en het ontwikkelen van een volwaardig ‘Protein Port’ netwerk, om de bedrijven en de kennisinstellingen in de regio te ondersteunen bij de productie van alternatieve eiwitten. In het kader hiervan zijn eerste stappen gezet richting de eiwittransitie. De eiwittransitie kan de positie van de Zuid-Hollandse (en Nederlandse) voedingsindustrie als innovatieve en exportgerichte speler in de wereld verder versterken, en door zijn kwalitatief aanbod een naam krijgen als (wereldwijd) koploper op dit gebied. Regionale samenwerking met Defensie Door recente geopolitieke spanningen krijgen de provincie Zuid-Holland en haar regionale partners steeds vaker vragen gerelateerd aan het onderwerp defensie. Nieuwe defensie-gerelateerde investeringen, strategische autonomie, en economische veiligheid staan hoog op de agenda.
Uit een verkenning in 2024 bleek dat 25% van de Nederlandse defensie-industrie in Zuid-Holland gevestigd is. Daarnaast kent Zuid-Holland ook een omvangrijke en zeer innovatieve dual-use industrie, oftewel bedrijven die voor zowel militaire als civiele toepassingen producten of diensten leveren. Tot slot telt Zuid-Holland relatief veel onderwijs- en onderzoeksinstellingen die werken met dualuse en defensie-gerelateerde technologieën, waardoor veel kennis in deze provincie geconcentreerd is. Om door heel het land de aanwezige kennis, innovatie, en industrie te benutten voor de nationale defensieopgaven werken de ministeries van Defensie en van Economische Zaken sinds 2024 aan samenwerkingen met alle Nederlandse regio’s. Zuid-Holland is een van deze regio’s. De twee ministeries vragen de regio’s zich te richten op het aanjagen van dual-use industrie en innovatie, terwijl zij zelf werken aan de versterking van de traditionele defensie-industrie. De provincie Zuid-Holland pakt samen met regionale ontwikkelingsmaatschappij InnovationQuarter en de Economic Board Zuid-Holland de verantwoordelijkheid op om dual-use bedrijven en kennisinstellingen bij elkaar te brengen en te versterken. Om zo als Zuid-Holland gezamenlijk bij te dragen aan de Nederlandse en Europese vrede, veiligheid, en welvaart.
Dit zal onder meer gebeuren via een Zuid-Hollands coördinatiebureau voor dual-use industrie en innovatie, waar de drie Zuid-Hollandse partijen en de twee ministeries nauw in samenwerken. Deze samenwerking is erop gericht om de vraag vanuit Defensie en aanbod vanuit het bedrijfsleven en de kennisinstellingen aan elkaar te koppelen. De provincie neemt hierin ook het voortouw in het goed aanhaken van gemeenten, regionale samenwerkingsverbanden en onderwijsinstellingen. De extra investeringen vanuit de ministeries voor de Zuid-Hollandse bedrijven en kennisinstellingen zijn zeer welkom. De provincie Zuid-Holland vindt het belangrijk dat de regionale innovatie-ecosystemen, waaronder innovatieclusters zoals campussen en fieldlabs (proeftuinen), verder worden versterkt. Ook moet het lange-termijn perspectief voor de kennisintensieve industrie worden verbeterd, zodat Zuid-Hollandse kennis en innovaties ook hier behouden blijven en zo duurzaam kunnen bijdragen aan de Zuid-Hollandse economie en samenleving. Waar zetten we op in? De provincie Zuid-Holland zet in op vijf focusgebieden van dual-use technologieën waar de ZuidHollandse industrie en kennisinstellingen toonaangevend in zijn en belangrijke bijdragen in kunnen leveren aan de inzet van het ministerie van Defensie: 1. Maritiem 2. Ruimtetechnologie 3. Cyber & Quantum 4. Onbemenste systemen (w.o. drones) & AI 5.
Sensoren & Radar Ook de hiertoe horende ruimtelijk-economische aspecten zullen waar nodig worden versterkt, waaronder voor de innovatieclusters zoals campussen en fieldlabs, maar ook voor de bestaande bedrijventerreinen en zware industrie. Daarbij worden in relatie tot de campussen en fieldlabs ook de mogelijkheden voor voldoende dual-use test- en experimenteerruimte onderzocht, bijvoorbeeld voor het testen van nieuwe satellieten, digitale communicatie, en maritieme systemen die ook voor
52
Provinciaal blad 2025 nr. 17921
29 oktober 2025
defensietoepassingen kunnen worden gebruikt. Deze ruimtebehoefte gaat niet om Defensielocaties, maar om proeftuinen waar dual-use bedrijven en kennisinstellingen gebruik van kunnen maken. Het ministerie van Defensie is verantwoordelijk voor het Nationaal Programma Ruimte voor Defensie waarin Defensielocaties worden onderzocht. Het ministerie van Defensie voert daarover periodieke gesprekken met de provincie en lokale belanghebbenden. WW De volgende sectie wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
4.1.1.5 Strategische samenwerking om een innovatieve economie te stimuleren Wat gaat de provincie doen? De provincie wil de economische structuur duurzaam versterken en het innovatieve vermogen van de regio ontsluiten. Deze taak is voor een deel belegd bij de regionale ontwikkelingsmaatschappij InnovationQuarter (IQ). De provincie is een van de aandeelhouders en financiers van IQ, samen met het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat en andere regionale overheden, kennisinstellingen en medische centra. Door de verstrekking van kapitaal en subsidie aan InnovationQuarter (IQ) wordt deze in staat gesteld deelnames in en leningen aan innovatief MKB in kansrijke clusters te ondersteunen, nieuwe innovatieprojecten te helpen aanjagen en realiseren en buitenlandse investeringen te helpen aantrekken. Door kapitaal en subsidies aan InnovationQuarter (IQ) te verstrekken wordt deze in staat gesteld deelnemingen in en leningen aan innovatief MKB binnen kansrijke clusters te ondersteunen, nieuwe innovatieprojecten stimuleren en realiseren en buitenlandse investeringen te helpen aantrekken. Het uiteindelijke doel is om technologische oplossingen sneller te ontwikkelen en op de markt te brengen, met als resultaat een slimmer, duurzamer en gezonder Zuid-Holland. IQ heeft hiertoe drie kerntaken: 1.
investeren in startende en innovatieve snelgroeiende bedrijven in Zuid-Holland (Investeren); 2. het bevorderen van de samenwerking tussen ondernemers, kennisinstellingen en overheden om
3.
innovaties te versnellen en nieuwe bedrijvigheid te genereren (Innoveren); het aantrekken van buitenlandse ondernemers naar Zuid-Holland en het ondersteunen van ondernemers in Zuid-Holland die internationaal willen groeien (Internationaliseren). De focus ligt daarbij niet op volume, maar op bedrijven met toegevoegde waarde voor de ecosystemen in onze regio.
IQ voert ook het secretariaat van de Economic Board Zuid-Holland (EBZ). Leden van de EBZ zijn ondernemers en bestuurders van bedrijven, kennisinstellingen en overheden in Zuid-Holland. Leden agenderen strategische initiatieven die de economie van Zuid-Holland een boost geven. Dit maakt de economic board tot een driveraanjager van regionale, nationale en internationale samenwerking. De Commissaris van de Koning in Zuid-Holland is voorzitter van de EBZ.
Rol Presterend XX Na sectie '4.1.2.3 Bevorderen duurzame tuinbouwgebieden en -netwerken' wordt een sectie ingevoegd, luidende:
53
Provinciaal blad 2025 nr. 17921
29 oktober 2025
4.1.3.1 Samenwerken om de transitie veilig te laten plaatsvinden Wat gaat de provincie doen? De transitie van het Rotterdamse Haven Industrieel Complex veilig te realiseren in goede balans met de ruimtelijke ontwikkelingen in de directe omgeving. De provincie zet zich samen met partners in om de transitie veilig te laten plaatsvinden.
Rol Samenwerkend
Uitwerking De provincie wil dat de transitie van het haven industrieel complex (HIC) in balans is met de omgeving. Omgevingsveiligheid is een belangrijke factor in de balans, maar het is ook mogelijk om hogere risico’s te accepteren indien dit in balans is met andere maatschappelijke belangen. Er is bij omgevingsveiligheid altijd sprake van een ‘restrisico’. Bij de afweging of het risico acceptabel is worden ook andere belangen betrokken, waaronder de woningbouwopgave en de economische positie van de haven. Om de transitie in balans met de omgeving te realiseren is het van belang dat de hoge veiligheidsnormen die voor de fossiele industrie gelden ook voor de transitie ontwikkelingen blijven gelden. Dit gaat met name om de toepassing, verwerking, op- en overslag en transport van gevaarlijke stoffen op grote schaal die het risicoprofiel van het haven industrieel complex veranderen. Tegelijkertijd wil de provincie dat de haven zijn economische positie kan behouden en versterken. De provincie wil dat er binnen het HIC naar wordt gestreefd om nieuwe risicovolle activiteiten, die voor potentieel veel slachtoffers kunnen zorgen, zo ver mogelijk van woonkernen af worden gerealiseerd of er voldoende maatregelen worden getroffen. In beide gevallen is het van belang dat hoog stedelijk gebied zo veel als mogelijk wordt ontzien.
De provincie ziet het groepsrisico als een belangrijk instrument om te bepalen of de afstand van de risicovolle activiteit tot de woonkernen voldoende is. Daarnaast draagt de groepsrisicoverantwoording bij aan een zorgvuldige en transparante afweging van mitigerende maatregelen. De provincie wil daarbij dat bij de beoordeling of een nieuwe activiteit wenselijk is ook de mogelijke effecten van het transport naar het achterland op de omgeving worden meegewogen. Ook wil de provincie mogelijk ongewenste lock-in en/of ongewenste lock-out van investeringen voorkomen, dit houdt in dat de provincie wil voorkomen dat investeringen nu, investeringen in de toekomst die bijdragen aan de transitie verhinderen. Dit met oog op toekomstvastheid en helderheid voor het bedrijfsleven, en gewenste transitie van het HIC te kunnen stimuleren. De provincie oefent invloed uit door de wenselijkheid van nieuwe initiatieven die het risicoprofiel van het HIC veranderen goed te onderzoeken en te kiezen voor de meest optimale locatie binnen het HIC en daarbij ook rekening te houden met andere ruimtevragers. Hiervoor werkt de provincie intensief samen met NOVEX Rotterdam partners. Om de meest optimale locatie in kaart te brengen stuurt de provincie nu bij initiatiefnemers aan op het doorlopen van een project-mer.
Met betrekking tot het vervoer naar het achterland sluit de provincie zich aan bij de volgorde van kabinet. Voor grote stromen ammoniak is de voorkeursvolgorde 1) buis; 2) binnenvaart; 3) spoor en 4) weg. Voor ammoniak specifiek ziet de provincie, net zoals het kabinet, een beperkter rol voor het spoorvervoer naast vervoer per buis en per binnenvaart, maar dan wel met een voorkeur voor het gebruik van de Betuweroute van uit het HIC. YY De volgende sectie wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
4.1.4.1 Digitaal weerbaar Wat gaat de provincie doen? De provincie wil ervoor zorgen dat de digitale veiligheid en cyberweerbaarheid van bedrijven in de economische sectoren verbeterdverbetert. DeVoor het verbeteren van digitale- en cyberweerbaarheid wordt verbeterd door het stimuleren vanstimuleert de provincie digitale cyberinnovaties bij bedrijven.
54
Provinciaal blad 2025 nr. 17921
29 oktober 2025
Rol Samenwerkend
Uitwerking De provincie wil via een sectorale aanpak cyberweerbaarheid, als essentieel onderdeel van een gezonde bedrijfsvoering, zo goed mogelijk laten aansluiten bij bestaande clusterorganisaties (o.a. FERM, Cyberweerbaarheidcentrum Greenport) of initiatieven zoals DigitalZH. Daarnaast wil de provincie, in samenwerking met o.a. de gemeente Den Haag, het GovTech-ecosysteem in de regio versterken en zo een platform bieden voor alternatieve, lokale technologische oplossingen.
Rol Samenwerkend
Uitwerking Door de steeds sneller gaande technologische ontwikkelingen, toepassingen van het Internet of Things (IoT) en automatisering neemt de dreiging die uitgaat van cyberonveiligheid toe. Deze dreiging neemt zowel toe in aard als in omvang en dat levert onacceptabele risico’s op voor de Zuid-Hollandse economie. Uit onderzoek van de Rabobank blijkt de gemiddelde schade 300.000 euro te zijn en wordt 20% van de ondernemers jaarlijks geraakt door een aanval. Door op deze risico’s te anticiperen kunnen ze niet alleen tegen worden gegaan, maar zelfs ook worden omgebogen tot hoogwaardige economische kans door de cybersecurity sector te ondersteunen. De actuele geopolitieke ontwikkelingen onderstrepen het belang van een sterke en betrouwbare lokale digitale infrastructuur. Als provincie onderzoeken we daarom hoe we deze infrastructuur kunnen versterken en klaar kunnen maken voor de toekomst. Daarnaast zien we kansen in het versterken van het lokale tech ecosysteem om zo ook de afhankelijkheid van buitenlandse spelers te verminderen. De provincie versterkt in samenwerking met verschillende partijen de cyberweerbaarheid door stevige betrokkenheid bij de uitvoering van de Roadmap Cyberweerbaarheid Zuid-Holland. Met behulp van dit programma wordt de verbinding en kennisdeling in de regio vergroot.
Een gedegen programma met heldere verbindingen vergroot de kans op Rijks- of EU gelden waarmee kennisdeling verder gestimuleerd kan worden. Daarnaast zet de provincie in samenwerking met de Security Delta (HSD) nieuwe cyberweerbaarheidscentra op. Deze zorgen voor op maat gemaakte kennisontwikkeling en hulp bij dreigingen in de sector. Door het opzetten van deze centra kunnen bestaande initiatieven succesvol worden bestendigd en regionaal worden uitgevoerd. De Provincie ondersteunt het innovatieve bedrijfsleven op het gebied van cybersecurity. Er wordt ondersteuning geboden door middel van o.a. de Security Delta (HSD) en door het internationaliseringsprogramma cyber. ZZ De volgende sectie wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
4.1.4.2 Digitale innovatie Wat gaat de provincie doen? De provincie wil innovatie versnellen door het gebruik van sleutel technologieën te vergroten. De provincie stimuleert en ondersteund maatschappelijk verantwoorde digitale innovatie met belangrijke sleutel technologieën (zoals Kunstmatige intelligentie (AI), Quantum, 5G/6G, en Immersive Tech en drones) en helpt de economische sectoren deze innovaties toe te passen. De provincie vervult een stimulerende en faciliterende rol bij het vergroten van het gebruik van sleuteltechnologieën. We richten ons niet op de ontwikkeling van deze technologieën zelf, maar nemen een sleutelrol in het versterken van het ecosysteem waarin deze innovaties tot bloei kunnen
55
Provinciaal blad 2025 nr. 17921
29 oktober 2025
komen. Daarbij creëren we de juiste randvoorwaarden voor verantwoorde digitale innovatie. Dit doen we door: • het verstrekken van financiële middelen (bijvoorbeeld via subsidies of regelingen), • het ontwikkelen van ondersteunend beleid, • het initiëren en samenbrengen van netwerken van bedrijven, kennisinstellingen en overheden, • en het aanjagen van toepassingen binnen economische en maatschappelijke sectoren. Zo draagt de provincie bij aan een toekomstbestendige en innovatieve economie, waarin sleuteltechnologieën op verantwoorde wijze bijdragen aan maatschappelijke opgaven. De provincie werkt per sleutel technologie samen met partners, medeoverheden, kennisinstellingen en organisaties zoals bijvoorbeeld EBZ, IQ, Security Delta (HSD), Quantumdelta NL en Future Network Services. Bij deze samenwerkingen is speciaal aandacht voor digitalisering in relatie tot brede welvaart, economische clusters, energietransitie, mobiliteit en duurzaamheid.
Rol Samenwerkend
Uitwerking Door innovatieve ecosystemen te ondersteunen wordt het organisatievermogen versterkt om zo de kans op toepassing van innovaties in de regio te vergroten. De provincie ondersteundondersteunt onderzoeken en ecosystemen rondrondom bijvoorbeeld Quantum, 5/6G, AI en Immersive tech. De provincie verstrekt subsidie en helpt bij het tot stand komen van experimenteeromgevingen zoals fieldlabs, living labs en learning communities. Met deze pilots wordt de toepassing van nieuwe technologie gestimuleerd en verspreid. Voorbeelden hiervan zijn field lab unmanned valley rond drones, Living Lab Scheveningen rond het internet of things (IoT) en Learning community AI voor MKB onder het Responsible Applied Artifical InTelligence (RAAIT)
Rol Samenwerkend
Uitwerking De provincie werkt per sleutel technologie samen met partners, mede overheden, kennisinstellingen en organisaties zoals EBZ, IQ, Security Delta (HSD), Quantumdelta NL, Future Network Services, GovTechNL en FutureCity Foundation. Bij deze samenwerkingen is speciaal aandacht voor digitalisering in relatie tot energietransitie, klimaat neutrale (slimme) stad, circulaire economie, glastuinbouw, goederenvervoer corridors, maritiem en haven, tekort aan arbeidskrachten, de maakindustrie en LifeSciences & Health Om de digitale economie goed te laten functioneren is digitale connectiviteit van groot belang. Naast de ontwikkelingen in innovatieve connectiviteit zoals 5G en 6G zorgen we er ook voor dat de basis van digitale connectiviteit op orde is. Zo zijn we op de hoogte van de ontwikkelingen van nieuwe zeekabels richting Zuid-Holland en werken we aan een beleid voor datacenters. In dit beleid voeren we als provincie actief regie op datacenters met bijbehorende randvoorwaarden op bijvoorbeeld energieverbruik. InzetActiviteiten per sleuteltechnologie: • •
AI en data AI en data
Voor bedrijven bieden AI en Data zowel kansen als bedreigingen. De provincie ondersteunt bedrijven bij toegepaste innovatie, het ontwikkelen van ethisch verantwoorde producten en het beschermen van hun eigen data. Met projecten bij o.a. Datawerf, Digital ZH, MondAI en Responsible Applied AI. • •
Quantum Quantum
Zuid-Holland is en blijft de Quantum hotspot van Europa. Via het actieplan Quantum Zuid-Holland en de fieldlabs ligt de focus op de toepassing binnen de verschillende economische sectoren. De
56
Provinciaal blad 2025 nr. 17921
29 oktober 2025
provincie sluit aan bij de groeiagenda en ondersteunt aanvragen voor Europese fondsen om het ecosysteem te versterken. •
5G / 6G / IoT
Is een belangrijke randvoorwaarde voor innovatie. Via Future Network Services draagt de provincie bij aan het 5/6G ecosysteem. De provincie ondersteunt het fieldlab DoIoT voor Internet of Things. •
Autonoom vervoer en dronetechnologie
Nederland zit in de kopgroep van landen die zich voorbereiden op zelfrijdend vervoer. De provincie ondersteunt initiatieven zoals future Mobility Park in Rotterdam, The Greenvillage en Unmanned valley om hiermee te experimenteren, te onderzoeken wat de impact is op ruimtelijke inrichting en welke kansen het biedt voor de economische sectoren. •
Immersive Tech (o.a. Augmented Reality/Virtual Reality)
De provincie ondersteunt deze sterk opkomende nieuwe markt en onderzoekt met partners de potentie en helpt financieel de vorming van het ecosysteem in de regio. • 5G / 6G / IoT Connectiviteit is een belangrijke randvoorwaarde voor innovatie. De provincie volgt de ontwikkelingen rondom connectiviteit en helpt bij het bouwen en onderhouden van ecosystemen die de connectiviteit versterken. • Immersive Tech De provincie ondersteund samen met regionale partners het ecosysteem rondom Immersive Tech (Shine) en helpt organisaties met het experimenteren met en toepassen van deze sleuteltechnologie. AAA Na sectie '4.1.4.2 Digitale innovatie' wordt een sectie ingevoegd, luidende:
4.1.4.3 Verantwoorde digitalisering Wat gaat de provincie doen? Digitalisering wordt ingezet om bij te dragen aan de maatschappij en brede welvaart en speelt daarnaast een belangrijke rol in de transities en andere economische opgaven. De provincie zet daarom in op verantwoorde digitalisering, waarbij digitalisering wordt vormgegeven op basis van gedeelde waarden." Dit sluit aan op de werkagenda verantwoorde digitalisering van het rijk.
Rol Samenwerkend
Uitwerking De acties en initiatieven die de provincie uitvoert worden getoetst aan het afwegingskader gerichte groei wat momenteel in ontwikkeling is, omdat de indicatoren een groot deel van de provinciale waarden afspiegelen. Daarnaast vervult het team digitale economie van de provincie een adviesrol op het gebied van digitalisering richting andere provinciale opgaveteams op het gebied van transities en economie. Ook hebben we een activerende rol op het gebied van verantwoorde digitalisering voor externe partijen in de regio. Dit doen we onder andere door het onderwerp te agenderen op diverse gelegenheden. De provincie werkt op het gebied van verantwoorde digitalisering samen met andere overheidspartijen, zoals de rijksoverheid en gemeenten. Ook wordt er samengewerkt met kennisinstellingen voor het ontwikkelen en toetsen van waarden en zijn er publiek-private samenwerkingen waarin kennis wordt verworven en verspreid. Digitalisering is van belang bij andere economische sectoren en transitieopgaven zoals bijvoorbeeld de energietransitie, circulaire transitie en logistiek. Door slimme inzet van digitalisering kunnen
57
Provinciaal blad 2025 nr. 17921
29 oktober 2025
voordelen worden gerealiseerd. We houden oog voor het maatschappelijk perspectief en hebben positieve impact op de brede welvaart in Zuid-Holland. Dit betekent dat technologie wordt ingezet om bij te dragen aan bredere maatschappelijke doelen en een positieve impact op de samenleving. BBB De volgende sectie wordt op de aangegeven wijze gewijzigd: