CConstaterende datWestland
Koppel je AI →
Document · PDF

12.) Voorstel en besluit tot vaststelling van het wijzigingsbesluit Gemeenschappelijke Regeling MRDH GETEKEND

Gemeenteraad 29 mei 2024, gemeente WestlandBij agendapunt: Voorstel tot vaststelling van het wijzigingsbesluit Gemeenschappelijke Regeling MRDH10.424 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

ONDERWERP Wijzigingsbesluit Gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Rotterdam Den Haag 2014 AANLEIDING Op 1 juli 2022 is de meest recente wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen in werking getreden.

Deze wetswijziging heeft tot doel de de positie van de gemeenteraden in gemeenschappelijke regelingen waar zij aan deelnemen, verder te versterken. Daartoe zijn diverse onderdelen van de wet gewijzigd. In

de wetswijziging is opgenomen dat alle gemeenschappelijke regelingen op 1 juli 2024 in overeenstemming moeten zijn met deze wetswijziging. De GR-MRDH is in lijn gebracht met de Wet gemeenschappelijke regelingen. Daarnaast heeft de MRDH deze gelegenheid aangegrepen om de regeling te actualiseren naar aanleiding van:

e veranderende wetgeving (anders dan de Wet gemeenschappelijke regeling); e zaken die feitelijk niet meer kloppen;

e zakendie niet meer overeenkomen metdepraktijk en werkwijzen van de MRDH. De wijzigingen zijn beleidsarm van aard. Voorafgaand aan dit voorstel is het besluitvormingsproces binnen de MRDH afgerond, inclusief de

mogelijkheid voor gemeenten om hunzienswijze in te dienen. Dit traject heeft niet tot noemenswaardige wijzigingen geleid. Metdit voorstel wordt het traject om de GR-MRDH beleidsarm te herzien afgerond. De meestin het oog springende wijzigingen die voortvloeien uit de Wet gemeenschappelijke regeling zijn in de argumentatie opgenomen onder argument 1.1. DOELSTELLING De GR-MRDBH in lijn brengen met de gewijzigde Wet gemeenschappelijke regelingen en actualisatie van de

feiten, werkwijze en wijzigingen die voortvloeien uit andere wetgeving. ARGUMENTATIE 1.1 De aanpassingen van de GR-MRDHzijn noodzakelijk om aan de gewijzigde Wet gemeenschappelijke regelingen te voldoen. Deze weteist dat alle gemeenschappelijke regelingen hiermee op 1 juli 2024 in

overeenstemming moeten zijn. De wijzigingen zijn voor de GR-MRDHrelatief beperkt. Voor veel onderdelen van de GR-MRDHis geen of een kleine wijziging nodig. De MRDHis namelijk door het Rijk gebruikt als 6én van de voorbeelden voor de

vernieuwing van de Wet gemeenschappelijke regeling. Ook de geactualiseerde wijzigingen zijn beleidsarm van aard. Het gaatin grote liinen om: e Artikel 2:2 Informatie- en verantwoordingsplicht aan gemeenteraden o In het eerste lid van artikel 2:2 van de GR-MRDHwasal een actieve informatieplicht opgenomen, maardit eerste lid is nu nader uitgewerkt met de wijze waarop dient te worden geinformeerd en welke documentenin ieder geval in aanmerking komen. De nu opgenomenwerkwijze was binnen de MRDHreedsvastgelegd in de reglementen van orde en passen dus bij de huidige werkwijze van de MRDH.

WESTLAND

o Hetvijfde lid betreft een nieuwe werkwijze waarin is geregeld dat over MRDH gestelde vragen aan de eigen gemeentelijke vertegenwoordiger in het bestuursorgaan van de MRDH en de

antwoorden hierop online gedeeld worden. e Artikel 2:2a Inspraak van belanghebbenden en ingezetenen

° Conform de Wgrdient een bepaling opgenomente worden of en op welke wijze burgers betrokken worden. De MRDHkent al de mogelijkheid van inspreken bij het AB en de bestuurscommissies en adviescommissies. Om deze bepalingen zo beleidsarm mogelijk in de GR op te nemenzijn de bepalingen uit de regelementen van orde overgenomen.

e Artikel 2:6 Dagelijks bestuur; 2.7 Bestuurscommissies; 2.8 Adviescommissies o De huidige werkwijze met m.b.t. het aanwezig zijn van de gedeputeerde Verkeer en Vervoeris

vasigelegd. De oude regeling hield nog rekening methetfeit dat de provincie mogelijk ooit zou gaan deelnemen aan de GR. Dat is nu niet aan de orde.

e Artikel 3:2 Strategische agenda ° In de praktijk is het met de tijd die het vormen van colleges in de deelnemende gemeenten kost

en met de procedure die voor zienswijzen wordt doorlopen praktisch gezien onmogelijk om in het eerste bestuursjaar de strategische agenda vast te stellen. Opgenomenis dat de strategische agenda heteerste jaar in ieder geval wordt vriigegeven voor zienswijze. e Artikel 4:1 Begroting o De zienswijzeprocedure ten aanzien van de begroting is in dit artikel opgenomen omdat deze zienswijze verplicht is op basis van de Wgr. Het artikel past bij de werkwijze zoals de MRDH al hanteert bij het vaststellen van de begroting of begrotingswijzigingen.

De begroting stond

voorheen opgenomenin de opsomming van zienswijzeplichtige besluiten in artikel 2:1, tweede

lid. e Artikel 6:2 Uittreding ° De Wor schrijft bepalingen voor omtrent wijziging, opheffing, toetreding en de voorwaarden waaronder kan worden uitgetreden en de gevolgen van uittreding.

De MRDH had al

uittreedregels. Deze zijn vastgesteld door het AB op 12 juli 2019. Deze regels worden nu voor een deel ongewijzigd overgenomen in de regeling. Voor zover de uittreedregels niet worden overgenomenin de GRblijven deze gelden op basis van het tweedelid van artikel 6:2 waarin is bepaald dat het algemeen bestuurregels stelt omtrent de procedure van uittreding. e Artikel 6:4 Opheffing o Met betrekking tot opheffing en de financiéle gevolgen is opgenomen dat deze naar rato van

inwoneraantal verdeeld worden voor het onderdeel Economisch Vestigingsklimaat. Omdat het grootste deel van de MRDH wordt gefinancierd metrijksgelden vanuit haar wettelijke taken als Vervoerautoriteit, kan worden aangenomendat bij opheffing van de MRDHdie taken teruggaan

naar waar ze anders zouden liggen (de provincie) en de gelden terug naar het Rijk zullen gaan. 1.2. Het algemeen bestuur MRDHheeft helder geantwoord op de door Westland ingediende zienswijze. Zoals afgesproken - en door Westland ook zelf is aangegeven - worden de beleidsrijke voorstellen betrokken bij de evaluatie van de GR die op dit moment wordt uitgevoerd. Westland had m.b.t. het bieden van ruimte

om steunraadsleden aante wijzen als lid van de adviescommissies verzocht hier niet op te wachten. MRDH heeft aangegeven dit punt wel te betrekken bij de nu in uitvoering zijnde evaluatie omdat dit geen beleidsarm

voorstel betreft. Voor 2024 is het voor Westland overigensbij uitzondering wel mogelijk om steunraadsleden te benoemen. De zienswijzen van andere gemeenten hebben niet tot noemenswaardige aanpassingen geleid. 2.1. De GR MRDHis een gemengderegeling die is getroffen door raden, colleges en burgemeesters. De GR MRDHbepaaltin artikel 6:3 eerste lid dat de regeling kan worden gewijzigd bij gelijkluidende besluiten van

WESTLAND

alle bestuursorganen die aan de regeling deelnemen.

Artikel 6:3 eerste lid van de GR-MRDH bepaalt dat de regeling alleen gewijzigd kan wordenals alle deelnemende bestuursorganen een gelijkluidend besluit nemen. Dit betekent dat naast de raden

ook de colleges van burgemeester en wethouders en de burgemeesters de wijziging van de regeling moeten vaststellen. Om te waarborgen datalle besluiten van alle bestuursorganen van de deelnemende

gemeenten gelijkluidend zijn, is voor dit besluit gebruik gemaakt van het door de MRDH toegezonden concept-wijzigingsbesluit. 2.2. Volgensartikel 1, vierde lid van de Wet gemeenschappelijke regeling, dient de raad toestemmingte geven voordat het college kan besluiten de gemeenschappelijke regeling te wijzigen.

Het college van burgemeester en wethouders en de burgemeester kunnende regeling slechts wijzigen met toestemming van de raad. De raad kan deze toestemming slechts onthouden wegens strijd met het recht of

algemeenbelang. RISICO’S EN KANTTEKENINGEN Bij het niet tijdig vaststellen door de bestuursorganen van de MRDH-gemeenten (alle colleges,

gemeenteraden en burgemeesters) kan de Gemeenschappelijke regeling niet voor de wettelijke datum voldoen aan de Wet gemeenschappelijke regeling. FINANCIEN De wijziging van de gemeenschappelijke regeling heeft geen financiéle consequenties. EXTERN OVERLEG

N.v.t. VERVOLGTRAJECT

Voorde uitvoering van dit voorstel geldt als planning dat de gewijzigde GR-MRDH door de vestigingsgemeente Rotterdam uiterlijk in juni 2024 wordt bekendgemaakt in de Staatscourant zodat de wijziging op 1 juli 2024 in werking treedt. Dit kan nadat alle bestuursorganen van de MRDH-gemeenten (alle

colleges, gemeenteraden en burgemeesters) hiermee hebben ingestemd. Burgemeester en wethouders van Westland, de secretaris,

B.R. Arends

de Gemeentewet; de Gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Rotterdam Den Haag 2014;

e e

Haag 2014 hier op dient te worden aangepast; deze aanpassing uiterlijk 1 juli 2024 in werking dient te treden;

de Wet gemeenschappelijke regelingen op 1 juli 2022 is gewijzigd en de Gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Rotterdam Den

het wijzigingsvoorstel van het algemeen bestuur van de Metropoolregio Rotterdam Den Haag;

e

besluiten:

e

het advies van de adviescommissies Va en EV van de Metropoolregio Rotterdam Den Haag en de beantwoording daarvan doorhet algemeenbestuur van de Metropoolregio Rotterdam Den Haag; de nota van beantwoording van het algemeen bestuur van de Metropoolregio Rotterdam Den Haag op de zienswijzen van de deelnemende gemeenten;

e

gelezen:

e

e

overwegendedat:

de Wet gemeenschappelijke regelingen;

e

gelet op:

leder voor zoverhet zijn bevoegdheid betreft,

De gemeenteraad, het college van Burgemeester en Wethouders en de Burgemeester,

Wijzigingsbesluit gemeente Westland Gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Rotterdam Den Haag 2014

Hoofdstuk 1: Algemene bepalingen

adviescommissie: een commissie als bedoeld in artikel 24 van de Wet

c. bestuurscommissie: een commissie als bedoeld in artikel 25 van de Wet

artikel gewijzigd is bij de Wet afschaffing plusregio’s, genomen wordt;

d. colleges: de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten;

Cc. bestuurscommissie: een commissie als bedoeld in artikel 25 van de Wet gemeenschappelijke regelingen;

gemeenten: de gemeenten Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den Issel, Delft, Den Haag, Krimpen aan den Ussel, Lansingerland,

f.

e. gedeputeerde staten: gedeputeerde staten van de provincie Zuid-Holland;

colleges: de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten;

d.

gemeenschappelijke regelingen;

Besluit Vervoersregio: artikel 36b van het Besluit personenvervoer 2000;

van artikel 20, derde lid, van de Wet personenvervoer 2000, zoals dit

b.

b. Besluit Vervoersregio: de algemene maatregelvan bestuur die op grond

gemeenschappelijke regelingen;

adviescommissie: een commissie als bedoeld in artikel 24 van de Wet

gemeenschappelijke regelingen;

a.

a.

Artikel 1:1 Begripsbepalingen 1.In deze regeling wordt verstaan onder:

Hoofdstuk 1: Algemene bepalingen

Artikel 1:1 Begripsbepalingen 1.In deze regeling wordt verstaan onder:

Nieuwe tekst

Bestaande tekst

gemeenschappelijke regeling staat met dikgedrukte passages die de nieuwe ingevoegdetekst -of tekstgedeelten- markeren.

teksten staan met schuingedrukte passagesdie dete verwijderen of wijzigen teksten markeren en aan de rechterzijde de nieuwe

De gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Rotterdam Den Haag 2014 wordt als volgt gewijzigd, waarbij aan de linkerzijde de te wijzigen

Artikel|

k. vertegenwoordigend orgaan: de gemeenteraden van de gemeenten;

Den Haag 2014;

j. regeling: de Gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Rotterdam

i. portefeuillehouder verkeer en vervoer:hetlid van het college van burgemeester en wethoudersdat krachtens artikel 168 Gemeentewet door het betreffende college belast is met de taken op het gebied van verkeer en vervoer.

minister: de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;

h.

g. Metropoolregio: het openbaar lichaam, bedoeld in artikel 1:2, eerste lid;

en Zoetermeer;

Schiedam, Spijkenisse, Viaardingen, Wassenaar, Westland, Westvoorne

m.

I. vertegenwoordigend orgaan: de gemeenteraden van de gemeenten;

Haag 2014;

k. regeling: de Gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Rotterdam Den

j. portefeuillehouder verkeer en vervoer: hetlid van het college van burgemeester en wethouders dat belast is met de taken op het gebied van verkeer en vervoer.

minister: de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;

i.

middelen perjaareinde voor het uitvoeren van de taken van de Vervoersautoriteit gedurende 20 jaar. De meerjarenbegroting is een resultante van de structurele inkomsten van het Rijk, de structurele uitgaven voor de exploitatie van het openbaar vervoer en de infrastructurele projecten die ofwel in de uitwerking- of realisatiefase zijn ofwel waarvooreen bestuurlijke toezegging voor een bijdrage is gedaan;

meerjarenbegroting Vervoersautoriteit: Overzicht van beschikbare

h.

g. Metropoolregio: het openbaar lichaam, bedoeld in artikel 1:2, eerste lid;

gemeenten: de gemeenten Albrandswaard, Barendrecht, Bernisse, Brielle, Capelle aan den Wssel, Delft, Den Haag, Hellevoetsluis, Krimpen aan den Wssel, Lansingerland, Leidschendam-Voorburg, Maassluis, Midden-Delfland, Pijnacker-Nootdorp, Ridderkerk, Rotterdam, Rijswijk,

f.

Pijnacker-Nootdorp, Ridderkerk, Rotterdam, Rijswijk, Schiedam,

Viaardingen, Voorne aan Zee, Wassenaar, Westland en Zoetermeer;

Leidschendam-Voorburg, Maassluis, Midden-Delfland, Nissewaard,

Holland;

e. gedeputeerde staten: gedeputeerde staten van de provincie Zuid-

2.De Metropoolregio is gevestigd te Rotterdam.

2.De Metropoolregio is gevestigd te Rotterdam.

Artikel 1:2 Metropoolregio

Artikel 1:2 Metropoolregio 1.Er is een rechtspersoonlijkheid bezittend openbaar lichaam, genaamd Metropoolregio Rotterdam Den Haag.

C. de burgemeester: de voorzitter.

b. het college van burgemeester en wethouders: het dagelijks bestuur;

a. de gemeenteraad: het algemeen bestuur;

bestuursorganen de daarachter genoemde bestuursorganen:

de Metropoolregio en in plaats van de hieronder genoemde

1.Er is een rechtspersoonlijkheid bezittend openbaar lichaam, genaamd Metropoolregio Rotterdam Den Haag.

c. de burgemeester: de voorzitter.

b. het college van burgemeester en wethouders: het dagelijks bestuur;

a. de gemeenteraad: het algemeen bestuur;

136 van de Wet gemeenschappelijke regelingen, in de plaats van de gemeente, de Metropoolregio en in plaats van de hieronder genoemde bestuursorganen de daarachter genoemde bestuursorganen:

verklaard, komt in die artikelen, onverminderd het bepaalde in artikel

2.Waar in de regeling artikelen van de Gemeentewetof van enige andere wetof wettelijke regeling van overeenkomstige toepassing worden

van de Wet gemeenschappelijke regelingen, in de plaats van de gemeente,

verklaard, komt in die artikelen, onverminderd het bepaalde in artikel 136

Zienswijzenprocedure: de procedure, bedoeld in artikel 2:1, derde lid,

van de regeling.

wetof wettelijke regeling van overeenkomstige toepassing worden

2.Waar in de regeling artikelen van de Gemeentewet of van enige andere

n. Zienswijzenprocedure: de procedure, bedoeld in artikel 2:1, derde lid, van de regeling.

Vervoersautoriteit: de in artikel 2:7, derde lid, bedoelde bestuurscommissie;

n.

plusregio’s (KamerstukkenII 2012/13, 33 659, nr. 2), en

m. Wet afschaffing plusregio’s: het wetsvoorstel tot afschaffing van de

Vervoersautoriteit: de in artikel 2:7, derde lid, bedoelde bestuurscommissie;

a. de strategische agenda, bedoeld in artikel 3:2, eerste lid;

a.

het programma van eisen voor de verlening van een vervoersconcessie;

fi

e. het regionaal verkeer- en vervoersplan, ingevolge de Planwet verkeer en vervoer;

d. de strategische bereikbaarheidsagenda;

dagelijks bestuur, bedoeld in artikel 3:3, derde lid;

C. het overdragen van bevoegdheden door het algemeen bestuur aan het

het werkplan, bedoeld in artikel 3:2, derdelid;

b.

de strategische agenda, bedoeld in artikel 3:2, eerste lid;

2.De vertegenwoordigende organen geven bij belangrijke besluiten steeds vooraf hun zienswijzen op de wijze omschreven in het derde lid. Tot deze besluiten worden in ieder geval gerekend:

2.De vertegenwoordigende organen geven bij belangrijke besluiten steeds vooraf hun zienswijzen op de wijze omschreven in het derdelid. Tot deze besluiten worden in ieder geval gerekend:

f. de uitgangspunten voor de dienstregeling voor het openbaar vervoer;

het programma van eisen voor de verlening van een vervoersconcessie;

e.

d. het regionaal verkeer- en vervoersplan, ingevolge de Planwet verkeer en vervoer;

CG. de strategische bereikbaarheidsagenda;

b. het overdragen van bevoegdheden door het algemeen bestuur aan het dagelijks bestuur, bedoeld in artikel 3:3, derde lid;

Artikel 2:1 Besluitvorming in de gemeenteraden 1.Voor het bestuur in de Metropoolregio Rotterdam Den Haagis het uitgangspuntdat besluitvorming als verlengd lokaal bestuur op transparante wijze democratisch gelegitimeerd plaatsvindt.

Hoofdstuk 2: De positie van de raden, alsmede de inrichting en samenstelling van het Metropoolbestuur

Hoofdstuk 2: De positie van de raden, alsmede de inrichting en samenstelling van het Metropoolbestuur

Artikel 2:1 Besluitvorming in de gemeenteraden 1.Voor het bestuur in de Metropoolregio Rotterdam Den Haagis het uitgangspuntdat besluitvorming als verlengd lokaal bestuur op transparante wijze democratisch gelegitimeerd plaatsvindt.

3.Het gebied van de Metropoolregio omvat het grondgebied van de gemeenten.

3.Het gebied van de Metropoolregio omvat het grondgebied van de gemeenten.

3.0m de vertegenwoordigende organen in staat testellen tijdig hun zienswijzen over belangrijke besluiten te geven worden de concepten daarvan aangeboden tenminste acht weken voordatover deze besluiten in het algemeen bestuur wordt beraadslaagd of besloten. De vertegenwoordigende organen kunnen bij het dagelijks bestuur hun gevoelens en bezwaren omtrenthet voorstel indienen. Het dagelijks bestuur zendt de zienswijzen aan het algemeen bestuur, waarbij het dagelijks bestuur een advies omtrent de zienswijzen kan toevoegen.

I het besluit bedoeld in artikel 2:8, tweede en derde lid.

k. het liquidatieplan bij uittreding en opheffing, en

j. het vaststellen en wijzigen van de begroting, overeenkomstig het bepaaldein artikel 35 van de Wet gemeenschappelijke regelingen;

het oprichten van of deelnemen in een vereniging, codperatie, onderlinge waarborgmaatschappij, naamloze of besloten vennootschap, stichting, vennootschap onder firma of maatschap;

fi

regeling;

h. het treffen, wijzigen of opheffen van een gemeenschappelijke regeling, alsmede het toetreden tot of uittreden uit een gemeenschappelijke

gde uitgangspunten voor de dienstregeling voor het openbaar vervoer;

zienswijzenprocedure.

5.Het algemeen bestuur kan bepalen dat naast de in deze regeling genoemde besluiten ook andere besluiten worden onderworpen aan de

4.Het algemeen bestuur beslist niet dan nadat de vertegenwoordigende organen tenminste acht weken de tijd hebben gehad te reageren op het voorgelegde besluit.

omtrentde zienswijzen toevoegt.

3.0m de vertegenwoordigende organen in staat te stellen tijdig hun zienswijzen over belangrijke besluiten te geven worden de concepten daarvan aangeboden tenminste acht weken voordat over deze besluiten in het algemeen bestuur wordt beraadslaagd of besloten. De vertegenwoordigende organen kunnen bij het dagelijks bestuur hun gevoelens en bezwaren omtrent het voorstel indienen. Het dagelijks bestuur zendt de zienswijzen aan het algemeen bestuur en de vertegenwoordigende organen, waarbij het dagelijks bestuur een advies

het besluit bedoeld in artikel 2:8, tweede en derde lid.

j.

i. het liquidatieplan bij uittreding en opheffing, en

h. het oprichten van of deelnemen in een vereniging, codperatie, onderlinge waarborgmaatschappij, naamloze of besloten vennootschap,stichting, vennootschap onder firma of maatschap;

g. het treffen, wijzigen of opheffen van een gemeenschappelijke regeling, alsmedehet toetreden tot of uittreden uit een gemeenschappelijke regeling;

bestuurscommissie.

4.Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing op een

3.Het reglement van orde voor het algemeen bestuurregelt de wijze waarop uitvoering wordt gegeven aan hetin de vorige leden bepaalde.

2.Het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter verstrekken aan de vertegenwoordigende organen alle inlichtingen die door een of meer leden van die organen worden verlangd.

Artikel 2:2 Informatie- en verantwoordingsplicht aan gemeenteraden 1.Het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter geven aan de vertegenwoordigende organen alle informatie die voor een juiste beoordeling van het door het betreffende bestuur gevoerde en te voeren beleid nodig is.

6.0p besluiten waarop de zienswijzenprocedure van toepassingis,is artikel 2:3, tweede lid, niet van toepassing.

5.Het algemeen bestuur kan bepalen dat naast de in deze regeling genoemde besluiten ook andere besluiten worden onderworpen aan de zienswijzenprocedure.

4.Het algemeen bestuur beslist niet dan nadat de vertegenwoordigende organen tenminste acht weken de tijd hebben gehad te reageren op het voorgelegde besluit.

aangeschreven vertegenwoordiger doet terstond melding aan de Metropoolregio, van de gestelde vragen en eveneensvan het daarop gegeven antwoord. Indien de vertegenwoordiger verzuimt binnen een

door de eigen vertegenwoordiger van de gemeentein het bestuursorgaan van de Metropoolregio, vanuit diens rol van bestuurder van de Metropoolregio, op de voor deze gemeente gebruikelijke wijze. De

3.De onder het tweedelid bedoelde verstrekking geschiedt schriftelijk

leden van die organen worden verlangd.

aan de vertegenwoordigende organen alle inlichtingen die door een of meer

2.Het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter verstrekken

Artikel 2:2 Informatie- en verantwoordingsplicht aan gemeenteraden 1.Het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter geven aan de vertegenwoordigende organen gevraagd en ongevraagdalle informatie die voor een juiste beoordeling van het door het betreffende bestuur gevoerde en te voeren beleid nodig is, door middel van toezending van die informatie aan de voorzitters van de vertegenwoordigende organenvia degriffie. De begrotingen, de bestuursrapportages, de strategische agenda’s , de jaarrekening en de evaluaties van de gemeenschappelijke regeling dienen in ieder geval beschouwd te wordenals informatie die voor een juiste beoordeling van het door het betreffende bestuur gevoerde en te voeren beleid nodigis.

6.Op besluiten waarop de zienswijzenprocedure van toepassingis, is artikel 2:3, tweede lid, niet van toepassing

2.

2:8, tweedeen derdelid ingestelde adviescommissies, inspreken over onderwerpen die geagendeerd staan op de agendavan de betreffende vergadering met uitzondering van verslagen van vergaderingen van organen van de Metropoolregio. Het betreffende reglement van orde stelt in ieder geval regels over aanmelding, toelating en spreektijd.

bestuurscommissies, het algemeen bestuur en de op grond van artikel

Belanghebbenden kunnen bij de op grond van artikel 2:7 ingestelde

beleid op grond van dezeregeling betrokken worden is afdeling 3:4 van de Algemene wetbestuursrecht niet van toepassing, tenzij dit wettelijk verplichtis.

6.Het eerste en tweedelid zijn van overeenkomstige toepassing op de bestuurscommissies, bedoeld in artikel 2:7. Artikel 2:2a inspraak van belanghebbendenen ingezetenen 1. Op de wijze waarop ingezetenen van de deelnemende gemeenten en belanghebbendenbij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van

5.De onderhet derdelid schriftelijk gestelde vragen ende naar aanleiding daarvan gegeven schriftelijke antwoorden worden door de Metropoolregio gedeeld met de vertegenwoordigende organen via een online gedeelde lijst van vragen en antwoorden.

de Metropoolregio zitting hebben.

gemeentelijke regelgeving die de vertegenwoordigende organen hebben vanuit de controlerende functie naar hun eigen gemeentelijke bestuursleden die als lokale vertegenwoordiger in de bestuursorganen van

4.De onderhet derde lid beschreven procedure wijzigt of vervangt niet de mogelijkheden, noch de procedures vanuit de Gemeentewet en

Metropoolregio zelf.

termijn van 6 weken de gevraagdeinlichtingen te verstrekken, of in het geval van het dagelijks bestuur er geen bestuurder van de betreffende gemeentezitting heeft in dit bestuursorgaan, kunnen de leden zich schriftelijk richten tot het betreffende bestuursorgaan van de

2.Het dagelijks bestuur zendt de voorstellen waarover in de vergadering van het algemeen bestuur zal worden beraadslaagd en besloten tenminste twee weken voor vaststelling aan het algemeen bestuur, behoudens in spoedeisende gevallen. 3.Het algemeen bestuur beslist bij volstrekte meerderheid van stemmen, met dien verstande dat: a. de door de gemeenteraad van Rotterdam aangewezen leden van het algemeen bestuur ieder vijftien stemmen kunnen uitbrengen; b. de door de gemeenteraad van Den Haag aangewezen leden van het algemeen bestuur ieder dertien stemmen kunnen uitbrengen;

c.

2.Het dagelijks bestuur zendt de voorstellen waarover in de vergadering van het algemeen bestuur zal worden beraadslaagd en besloten tenminste acht weken voor vaststelling aan het algemeen bestuur, behoudensin spoedeisende gevallen.

3.Het algemeen bestuur beslist bij volstrekte meerderheid van stemmen, met dien verstande dat:

a. de door de gemeenteraad van Rotterdam aangewezen leden van het

b. de door de gemeenteraad van Den Haag aangewezen leden van het algemeen bestuur ieder dertien stemmen kunnen uitbrengen;

G. de door de gemeenteraden van Delft, Westland en Zoetermeer

het algemeen bestuur ieder zeven stemmen kunnen uitbrengen;

Voorburg, Schiedam, Vlaardingen en Voorne aan Zee aangewezen leden van

d. de door de gemeenteraden van Capelle aan den Wssel, Leidschendam-

d. de door de gemeenteraden van Capelle aan den Ussel, LeidschendamVoorburg, Schiedam, Spijkenisse, Viaardingen aangewezen leden van het algemeen bestuur ieder zeven stemmen kunnen uitbrengen;

kunnen uitbrengen;

aangewezen leden van het algemeen bestuur ieder negen stemmen kunnen uitbrengen;

aangewezen leden van het algemeen bestuur ieder negen stemmen

de door de gemeenteraden van Delft, Nissewaard, Westland en Zoetermeer

het algemeen bestuur.

algemeen bestuur ieder vijftien stemmen kunnen uitbrengen;

organen wijzen ieder één lid van het algemeen bestuur aan. De gemeenteraden van Den Haag en Rotterdam wijzen voorts hun burgemeester en hun portefeuillehouder verkeer en vervoer aan als lid van

1.Het algemeen bestuur bestaatuit-25 leden. De vertegenwoordigende

Artikel 2:3 Algemeen bestuur.

1.Het algemeen bestuur bestaat uit 28 leden. De vertegenwoordigende organen wijzen ieder één lid van het algemeen bestuur aan. De gemeenteraden van Den Haag en Rotterdam wijzen voorts hun burgemeester en hun portefeuillehouder verkeer en vervoer aan als lid van het algemeen bestuur.

Artikel 2:3 Algemeen bestuur

Artikel 2:4 Initiatief, amendement en motie

6.Het algemeen bestuur kan op verzoek van gedeputeerde staten een lid van gedeputeerde staten aanwijzen dat toegang heeft tot de vergadering van het algemeen bestuur en dat kan deelnemen aan de beraadslaging.

algemeen bestuur verliest, kan dit lid ontslagen worden.

heeft. Het betreffende vertegenwoordigend orgaan bepaalt op welke wijze verantwoording wordt afgelegd. Indien het betreffende vertegenwoordigend orgaan het vertrouwen in het eigen lid van het

vertegenwoordigend orgaan voor de uitoefening van zijn taak nodig

5.De leden van het algemeen bestuur leggen aan het vertegenwoordigend orgaan dat hen heeft aangewezen verantwoording af over het door hen in het algemeen bestuur gevoerde bestuur.Zij geven het vertegenwoordigend orgaan daartoe alle inlichtingen die een of meerdere leden van dit orgaan verlangen ofdie het

4.De vertegenwoordigende organen kunnen voor ieder lid van het algemeen bestuur een plaatsvervangend lid aanwijzen.

Westvoorne leden van het algemeen bestuurieder twee stemmen kunnen uitbrengen.

de door de gemeenteradenvan Bernisse, Brielle, Midden-Delfland,

g.

Maassluis en Wassenaar aangewezen leden van het algemeen bestuur ieder vier stemmen kunnen uitbrengen;

de door de gemeenteraden van Albrandswaard, Krimpen aan den Ussel,

f.

Lansingerland, Pijnacker-Nootdorp, Ridderkerk, Rijswijk aangewezen leden van het algemeen bestuur ieder vijf stemmen kunnen uitbrengen;

de door de gemeenteraden van Barendrecht, Hellevoetsluis,

e.

Artikel 2:4 Initiatief, amendement en motie

6.Het algemeen bestuur kan op verzoek van gedeputeerde staten een lid van gedeputeerde staten aanwijzen dat toegang heeft tot de vergadering van het algemeen bestuur en dat kan deelnemen aan de beraadslaging. Het lid van gedeputeerde staten heeft daarbij geen stem.

5.De leden van het algemeen bestuur leggen aan het vertegenwoordigend orgaan dat hen heeft aangewezen verantwoording af over het door hen in het algemeen bestuur gevoerde bestuur. Zij geven het vertegenwoordigend orgaan daartoe alle inlichtingen die een of meerdere leden van dit orgaan verlangen of die het vertegenwoordigend orgaan voor de uitoefening van zijn taak nodig heeft. Het betreffende vertegenwoordigend orgaan bepaalt op welke wijze verantwoording wordt afgelegd. Indien het betreffende vertegenwoordigend orgaan het vertrouwen in het eigen lid van het algemeen bestuur verliest, kan dit lid ontslagen worden.

bestuur een plaatsvervangend lid aanwijzen.

4.De vertegenwoordigende organen kunnen voor ieder lid van het algemeen

f. de door de gemeenteraden van Albrandswaard, Krimpen aan den Ussel, Maassluis, Midden-Delfland en Wassenaar aangewezen leden van het algemeen bestuur ieder vier stemmen kunnen uitbrengen;

e. de door de gemeenteraden van Barendrecht, Lansingerland, PijnackerNootdorp, Ridderkerk, Rijswijk aangewezen leden van het algemeen bestuur ieder vijf stemmen kunnen uitbrengen;

4.De voorzitter is aan het algemeen bestuur verantwoording verschuldigd over het door hem gevoerde bestuur. Hij geeft het algemeen bestuur mondeling of schriftelijk de door een of meer leden gevraagde inlichtingen waarvan het verstrekken nietin strijd is met het openbaar belang. Artikel 2:6 Dagelijks bestuur 1.Het dagelijks bestuur bestaatuit vijf door het algemeen bestuur uit zijn midden aangewezen leden die ieder één stem hebben, waarbij:

en vervangt de voorzitter bij diens verhindering of ontstentenis.

3.De in het eerste lid genoemde burgemeester die niet als voorzitter is aangewezen, is de plaatsvervangend voorzitter van de Metropoolregio

2.De voorzitter is niet direct herbenoembaar.

4.Het reglement van orde van het algemeen bestuur bepaalt op welke wijze voorstellen als bedoeld in dit artikel kunnen worden gedaan. Artikel 2:5 Voorzitter en plaatsvervangend voorzitter 1.Het algemeen bestuur wijst uit zijn midden de voorzitter aan voor een periode van tweejaar, met dien verstande dat de burgemeester van Den Haag of de burgemeester van Rotterdam als voorzitter wordt aangewezen.

3.Een lid dat het woord in een vergadering van het algemeen bestuur voert kan daarbij moties over het in behandeling zijnde onderwerp of enig ander onderwerpindienen.

bestuur.

Artikel 2:6 Dagelijks bestuur 1.Het dagelijks bestuur bestaat uit vijf door het algemeen bestuur uit zijn midden aangewezen leden die ieder één stem hebben, waarbij:

waarvan het verstrekken niet in strijd is met het openbaar belang.

3.De voorzitter is aan het algemeen bestuur verantwoording verschuldigd over het door hem gevoerde bestuur. Hij geeft het algemeen bestuur mondeling of schriftelijk de door een of meer leden gevraagde inlichtingen

2. De in het eerste lid genoemde burgemeester die niet als voorzitter is aangewezen, is de plaatsvervangend voorzitter van de Metropoolregio en vervangt de voorzitter bij diens verhindering of ontstentenis.

Artikel 2:5 Voorzitter en plaatsvervangend voorzitter 1.Het algemeen bestuur wijst uit zijn midden de voorzitter aan voor een periode van tweejaar, met dien verstande dat de burgemeester van Den Haag of de burgemeester van Rotterdam als voorzitter wordt aangewezen.

4.Het reglement van orde van het algemeen bestuur bepaalt op welke wijze voorstellen als bedoeld in dit artikel kunnen worden gedaan.

onderwerp indienen.

3.Een lid dat het woord in een vergadering van het algemeen bestuur voert kan daarbij moties over het in behandeling zijnde onderwerp of enig ander

stellen op voorstellen die aanhangig zijn bij het algemeen bestuur.

2.leder lid van het algemeen bestuur heeft het recht amendementen voor te

2.leder lid van het algemeen bestuur heeft het recht amendementen

voor te stellen op voorstellen die aanhangig zijn bij het algemeen

1.leder lid van het algemeen bestuur heeft het recht voorstellen te doen aan het algemeen bestuur.

1.leder lid van het algemeen bestuur heeft het recht voorstellen te doen aan het algemeen bestuur.

2.Het algemeen bestuur regelt de afstemming tussen de verschillende bestuurscommissies, voor zover er meer dan één bestuurscommissie wordt

ingesteld. 3.Het algemeen bestuur stelt in elk geval een bestuurscommissie

2.Het algemeen bestuur regelt de afstemming tussen de verschillende

bestuurscommissies, voor zover er meer dan een bestuurscommissie

wordt ingesteld.

3.Het algemeen bestuur stelt in elk geval een bestuurscommissie Vervoersautoriteit Metropoolregio Rotterdam Den Haagin, welke bestaat uit de portefeuillehouders verkeer en vervoer van de gemeenten. Het algemeen bestuur kan op verzoek van gedeputeerde staten besluiten

Vervoersautoriteit Metropoolregio Rotterdam Den Haagin, welke bestaat uit de portefeuillehouders verkeer en vervoer van de gemeenten.

waaraan bevoegdheden van het algemeen bestuur onderscheidenlijk het dagelijks bestuur worden overgedragen.

Artikel 2:7 Bestuurscommissies 1.Het algemeen bestuur kan bij verordening bestuurscommissies instellen

heeft geen stem.

4.Het algemeen bestuur kan eenlid van het algemeen bestuur aanwijzen dat voor een specifiek, door het algemeen bestuur bepaald, onderwerp kan deelnemen aan de beraadslagingen van het dagelijks bestuur. Dit lid

3.Het dagelijks bestuur kiest in ieder geval een portefeuillehouder Middelen uit haar midden.

periode van tweejaar.

2.De leden bedoeld in het eerste lid onder b worden aangewezen voor een

1.Het algemeen bestuur kan bij verordening bestuurscommissies instellen waaraan bevoegdheden van het algemeen bestuur onderscheidenlijk het dagelijks bestuur worden overgedragen.

Artikel 2:7 Bestuurscommissies

3.In aanvulling op het eerste lid kan het algemeen bestuur op verzoek van gedeputeerde staten besluiten een additioneellid in het dagelijks bestuur aan te wijzen uit gedeputeerde staten. Dit lid van het dagelijks bestuur heeft toegang tot de vergadering van het algemeenbestuur en kan aan de beraadslaging deelnemen. Indien toepassing is gegeven aanditlid, is artikel 2:3, zesde lid, niet van toepassing.

2.De leden bedoeld in het eerste lid onder b worden aangewezen voor een periode van tweejaar.

derde lid, onder c tot en met g.

b. de overige leden worden benoemd uit de leden bedoeld in artikel 2:3, derde lid, onder c tot en metf.

b.

de burgemeesters van Den Haag en Rotterdam worden aangewezen als voorzitter en vice-voorzitter;

a.

de overige leden worden benoemd uit de leden bedoeld in artikel 2:3,

de burgemeesters van Den Haag en Rotterdam worden aangewezen als voorzitter en vice-voorzitter;

a.

2.Het algemeen bestuur stelt in elk geval een adviescommissiein die adviseert omtrent de aangelegenheden van de Vervoersautoriteit. Deze adviescommissie doet een afschrift van al zijn adviezen toekomen aan de

2.Het algemeen bestuur stelt in elk geval een adviescommissie in die adviseert omtrent de aangelegenheden van de Vervoersautoriteit. Deze adviescommissie doet een afschrift van al zijn adviezen toekomen aan de Vervoersautoriteit. De leden van deze adviescommissie worden door en

3.Het algemeen bestuur stelt in elk geval een adviescommissie in die adviseert omtrent het economisch vestigingsklimaat. De leden van deze adviescommissie worden door en uit de vertegenwoordigende organen aangewezen en voorzovereenlid van gedeputeerdestaten zitting heeft in het dagelijks bestuur door en uit provinciale staten van Zuid-Holland.

provinciale staten van Zuid-Holland.

van gedeputeerdestaten zitting heeft in de Vervoersautoriteit door en uit

uit de vertegenwoordigende organen aangewezen en voor zovereen lid

Vervoersautoriteit bij diens verhindering of ontstentenis. Artikel 2:8 Adviescommissies 1.Het algemeen bestuur kan bij verordening vaste adviescommissies aan het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur of de voorzitter instellen. Het algemeen bestuur regelt bij de instelling de verhouding tot de overige ingestelde adviescommissies en bestuurscommissies.

Artikel 2:8 Adviescommissies 1.Het algemeen bestuur kan bij verordening vaste adviescommissies aan het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur of de voorzitter instellen. Het algemeen bestuur regelt bij de instelling de verhouding tot de overige ingestelde adviescommissies en bestuurscommissies.

3.Het algemeen bestuur stelt in elk geval een adviescommissie in die adviseert omtrent het economisch vestigingsklimaat. De leden van deze adviescommissie worden door en uit de vertegenwoordigende organen aangewezen.

Vervoersautoriteit. De leden van deze adviescommissie worden door en uit de vertegenwoordigende organen aangewezen.

van de Vervoersautoriteit is aangewezen, is de plaatsvervangend voorzitter van de Vervoersautoriteit en vervangt de voorzitter van de

6. De in het vijfde lid genoemde portefeuillehouder die niet als voorzitter

5.De portefeuillehouder verkeer en vervoer van de gemeente Den Haag of de gemeente Rotterdam wordtals voorzitter van de Vervoersautoriteit aangewezen.

bestuurscommissie Vervoersautoriteit geen stem.

4.Het algemeen bestuur kan op verzoek van gedeputeerde staten de gedeputeerdedie belast is met de portefeuille verkeer en vervoer uitnodigen om deel te nemenaan de openbare beraadslagingen van de bestuurscommissie Vervoersautoriteit. Deze gedeputeerde heeft in de

voorzitter van de Vervoersautoriteit en vervangt de voorzitter van de Vervoersautoriteit bij diens verhindering of ontstentenis

5.De in het vierde lid genoemde portefeuillehouder die niet als voorzitter van de Vervoersautoriteit is aangewezen,is de plaatsvervangend

4.De portefeuillehouder verkeer en vervoer van de gemeente Den Haag of de gemeente Rotterdam wordtals voorzitter van de Vervoersautoriteit aangewezen. De voorzitter van de Vervoersautoriteit is niet direct herbenoembaar.

tevens de portefeuillehouder verkeer en vervoer uit gedeputeerde staten aante wijzen als lid van de Vervoersautoriteit.

b. het uitvoeren van de, met betrekking tot de met het in a genoemde beleid gemoeide belangen en onderwerpen,rechtstreeks bij of krachtens wetgeving ofbij of krachtens deze regeling aan de metropoolregio opgedragen taken en bevoegdheden, C: de bij wet of algemene maatregel van bestuur aan de Metropoolregio opgedragen taken en bevoegdheden.

b. het uitvoeren van de, met betrekking tot de met het in a genoemde beleid gemoeide belangen en onderwerpen,rechtstreeks bij of krachtens wetgeving ofbij of krachtens deze regeling aan de metropoolregio opgedragen taken en bevoegdheden,

de bij wet of algemene maatregel van bestuur aan de Metropoolregio

Artikel 3:2 Strategische agenda

Artikel 3:2 Strategische agenda

1.Het algemeen bestuur ste/t in het eerste jaar van iedere bestuursperiode van de gemeenteraden een Strategische Agenda vast.

1.Het algemeen bestuur geeft in het eerste jaar van iedere bestuursperiode van de gemeenteraden een Strategische Agenda vrij voor zienswijze. Deze

2.De in het vorige lid onder a genoemde gebieden ‘verkeer en vervoer’ en ‘het economisch vestigingsklimaat’ kunnen niet worden aangevuld met andere beleidsterreinen dan na toepassing van artikel 6:3.

en ‘het economischvestigingsklimaat’ kunnen niet worden aangevuld met anderebeleidsterreinen dan na toepassing van artikel 6:3.

2.De in het vorige lid onder a genoemde gebieden ‘verkeer en vervoer’

opgedragen taken en bevoegdheden.

c.

regionaal beleid op deze terreinen, en

het, voor zover daar in het navolgende niet van wordt afgeweken, met

het, voor zover daar in het navolgende niet van wordt afgeweken, met

een gezamenlijk regionaal beleid op deze terreinen, en

a.

a.

inachtneming van de autonomie van de gemeenten vaststellen van de doelstellingen op het gebied van verkeer en vervoer en de verbetering van het economische vestigingsklimaat. Het zorg dragen voor het realiseren van de doelstellingen en het voorbereiden en ontwikkelen van een gezamenlijk

Artikel 3:1 Belangen en taken 1.De Metropoolregio heeft tot taak, met inachtneming van hetgeen bij wet en in deze regeling is bepaald, het bevorderen van de samenwerking tussen de gemeenten methet oog op een voorspoedige ontwikkeling in het gebied en het beheer van de aan de regio toevertrouwde voorzieningen. Zij houdt zich daartoe bezig met:

Artikel 3:1 Belangen en taken 1.De Metropoolregio heeft tot taak, met inachtneming van hetgeen bij wet en in deze regeling is bepaald, het bevorderen van de samenwerking tussen de gemeenten met het oog op een voorspoedige ontwikkeling in het gebied en het beheer van de aan de regio toevertrouwde voorzieningen. Zij houdt zich daartoe bezig met:

inachtneming van de autonomie van de gemeenten vaststellen van de doelstellingen op het gebied van verkeer en vervoer en de verbetering van het economische vestigingsklimaat. Het zorg dragen voor het realiseren van de doelstellingen en het voorbereiden en ontwikkelen van

Hoofdstuk 3: Belang, taken en bevoegdheden

Hoofdstuk 3: Belang, taken en bevoegdheden

2.Het algemeen bestuur stelt jaarlijks voor het komende kalenderjaar een begroting vast op basis van de Strategische Agenda. De informatie in de

2.Het algemeen bestuur stelt jaarlijks voor het komende kalenderjaar een werkplan vast op basis van de Strategische Agenda.

2.Het dagelijks bestuur is bevoegd tot het voeren van het dagelijks bestuur,

3.Het algemeen bestuur stelt de bevoegdheid van het dagelijks bestuur vast tot het procederen in kort geding, het voegen in strafzaken, het spoedheidshalve instellen van bezwaar en beroep, het instellen van incidenteel beroep daaronder begrepen, het verzoeken van een voorlopige voorziening en het verrichten van (rechts-)handelingen ter voorkoming van verjaring of verlies van recht of bezit, en kan aan het dagelijks bestuur bevoegdheden van het algemeen bestuur overdragen, tenzij de aard van de bevoegdheid zich daartegen verzet. Artikel 156 van de Gemeentewetis van overeenkomstige toepassing. 4.De voorzitter vertegenwoordigt de Metropoolregio in en buiten rechte. Artikel 3:4 Bevoegdheden Verkeer en Vervoer

3.Het algemeen bestuur stelt de bevoegdheid van het dagelijks bestuur vast tot het procederen in kort geding, het voegen in strafzaken, het spoedheidshalveinstellen van bezwaar en beroep,het instellen van incidenteel beroep daaronder begrepen, het verzoeken van een voorlopige voorziening en het verrichten van (rechts-)handelingen ter voorkoming van verjaring of verlies van recht of bezit, en kan aan het dagelijks bestuur bevoegdheden van het algemeen bestuur overdragen, tenzij de aard van de bevoegdheid zich daartegen verzet. Artikel 156 van

4.De voorzitter vertegenwoordigt de Metropoolregio in en buiten rechte.

Artikel 3:4 Bevoegdheden Verkeer en Vervoer

1.Het dagelijks bestuur voert de in het Besluit Vervoersregio genoemde bevoegdheden uit voor hetbij dat besluit bepaalde territoir. 2.Aan het algemeen bestuur is overgedragen de bevoegdheid een subsidieverordening op te stellen in het kader van verkeer en vervoer. Artikel 3:5 Faciliterende en dienstverlenende taken

1.Het dagelijks bestuur voert de in het Besluit Vervoersregio genoemde bevoegdheden uit voor hetbij dat besluit bepaalde territoir.

2.Aan het algemeen bestuur is overgedragen de bevoegdheid een subsidieverordening op te stellen in het kader van verkeer en vervoer.

Artikel 3:5 Faciliterende en dienstverlenende taken

de Gemeentewetis van overeenkomstige toepassing.

tenzij bij of krachtens de wet anders bepaald.

kunnen sturen op de ambities en activiteiten uit de Strategische Agenda. Artikel 3:3 Bevoegdheidsverdeling 1.Aan het algemeen bestuur komen alle bevoegdheden toe, voor zover deze niet bij de wet of bij deze regeling aan het dagelijks bestuur of de voorzitter zijn toegekend.

2.Het dagelijks bestuur is bevoegd tot het voeren van het dagelijks bestuur, tenzij bij of krachtens de wet anders bepaald.

Artikel 3:3 Bevoegdheidsverdeling 1.Aan het algemeen bestuur komen alle bevoegdheden toe, voor zover deze niet bij of krachtens de wetofbij of krachtens deze regeling aan het dagelijks bestuur of de voorzitter zijn toegekend.

agenda omvat in ieder geval strategieén om de doelstellingen als bedoeld in

Deze agenda omvat in ieder geval strategieén om de doelstellingen als

MRDH-begroting stelt de gemeenteraden in staat om zo nodig bij te

artikel 3:1 te verwezenlijken.

bedoeld in artikel 3:1 te verwezenlijken.

3.De Metropoolregio is bevoegd tot het verrichten van diensten ten behoevevan een instelling of orgaan waarin zij namens de gemeenten zitting heeft, indien de desbetreffende instelling hierom verzoekt.

4.Een besluit tot facilitering of dienstverlening wordt genomen door het algemeen bestuur en vermeldt de wijze van kostenverrekening en overige voorwaarden waaronder tot de gevraagde facilitering of dienstverlening wordt overgegaan. Artikel 3:6 Treffen gemeenschappelijke regeling 1.Het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter kunnen, ieder voor zover zij voor de Metropoolregio bevoegd zijn, een gemeenschappelijke regeling treffen als bedoeld in artikel 93 onderscheidenlijk artikel 96 van de Wet gemeenschappelijke regelingen.

2.Indien het dagelijks bestuur of de voorzitter een gemeenschappelijke regeling treft, behoeft zij toestemming van het algemeen bestuur. Het algemeen bestuur kan de toestemming slechts onthouden wegens strijd met het rechtofstrijd met het algemeen belang. 3.In dit artikel wordt onder het treffen van een gemeenschappelijke regeling tevens verstaan het toetreden tot, uittreden uit of wijzigen van een gemeenschappelijke regeling.

3.De Metropoolregio is bevoegd tot het verrichten van diensten ten behoevevan een instelling of orgaan waarin zij namens de gemeenten zitting heeft, indien de desbetreffende instelling hierom verzoekt.

4.Een besluit tot facilitering of dienstverlening wordt genomen door het algemeen bestuur en vermeldt de wijze van kostenverrekening en overige voorwaarden waaronder tot de gevraagde facilitering of dienstverlening wordt overgegaan. Artikel 3:6 Treffen gemeenschappelijke regeling 1.Het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter kunnen, ieder voor zover zij voor de Metropoolregio bevoegd zijn, een gemeenschappelijke regeling treffen als bedoeld in artikel 93 onderscheidenlijk artikel 96 van de Wet gemeenschappelijke regelingen.

2.Indien het dagelijks bestuur of de voorzitter een gemeenschappelijke

algemeen bestuur kan de toestemming slechts onthouden wegensstrijd methet rechtof strijd met het algemeen belang.

3.In dit artikel wordt onder het treffen van een gemeenschappelijke regeling tevens verstaan het toetreden tot, uittreden uit of wijzigen van een gemeenschappelijke regeling.

regeling treft, behoeft zij toestemming van het algemeen bestuur. Het

algemeen bestuur dat verzoek inwilligt.

rechtspersonen ingesteld krachtens publiekrecht - anders dan de

gemeenten-, indien deze daarom verzoeken, deze verzoeken passen binnen de publieke taken van de Metropoolregio en het algemeen bestuur dat verzoek inwilligt.

behoeve van een of meer andere rechtspersonen ingesteld krachtens

behoeve van een of meer deelnemende gemeenten, of een of meer andere

2.De Metropoolregio is bevoegd tot het verrichten van diensten ten

1.De Metropoolregio faciliteert op verzoek van ten minste twee deelnemers een platform voor coG6rdinatie en afstemming tussen deelnemende gemeenten, voor zover de gespreksonderwerpen van dit platform een directe relatie hebben metde strategische agenda als bedoeld in artikel 3:2.

publiekrecht dan de gemeenten, indien deze daarom verzoeken en het

2.De Metropoolregio is bevoegd tot het verrichten van diensten ten

1.De Metropoolregio faciliteert op verzoek van ten minste twee deelnemers een platform voor codrdinatie en afstemming tussen deelnemende gemeenten, voor zover de gespreksonderwerpen van dit platform een directe relatie hebben met de strategische agenda als bedoeld in artikel 3:2.

a. het reageren op rijks- en provinciale nota’s en plannen die voor hetterritoir van belangzijn; b. het vertegenwoordigen van de Metropoolregio in overlegsituaties, en

a. het reageren op rijks- en provinciale nota’s en plannen die voor het territoir van belang zijn;

2.De zienswijzenprocedureis van overeenkomstige toepassing op wijzigingen van de begroting, tenzij de bijdragen van de gemeenten niet veranderen en er niet wordt geschoven tussen begrotingsposten.

artikelen 189 tot en met 195 van de Gemeentewetzijn van overeenkomstige toepassing voor zover daarvan niet bij de Wet gemeenschappelijke regelingen is afgeweken.

waarvoor deze gelden de begroting en investeringsplannen vast. De

de raden van de deelnemende gemeenten als de inwonerbijdragen van de gemeenten veranderen of er geschoven wordt tussen begrotingsprogramma’s. Alsdan zal de zienswijzetermijn 8 weken

2._Bij wijziging van de begroting wordt slechts een zienswijze gevraagd aan

regelingen is afgeweken.

toepassing voor zover daarvan niet bij de Wet gemeenschappelijke

gemeenschappelijke regelingen zijn hierop van toepassing. Deartikelen 189 tot en met 195 van de Gemeentewetzijn van overeenkomstige

van de deelnemende gemeenten. De artikelen 34 en 35 van de Wet

vast. Het dagelijks bestuur zendt de ontwerpbegroting twaalf weken voordatzij aan het algemeen bestuur wordt aangeboden,toe aan de raden

Artikel 4:1 Begroting 1.Het algemeen bestuur stelt jaarlijks voorafgaande aan het jaar waarvoor deze gelden de begroting en de meerjarenbegroting Vervoersautoriteit

Artikel 4:1 Begroting

1.Het algemeen bestuur stelt jaarlijks voorafgaande aan hetjaar

Hoofdstuk 4: Financién

C: het organiseren van overleg en het uitbrengen van advies.

Hoofdstuk 4: Financién

het organiseren van overleg en het uitbrengen van advies.

CG.

b. het vertegenwoordigen van de Metropoolregio in overlegsituaties, en

2.Voor alle van de in artikel 3:1 genoemde belangen, taken en

2.Voor alle van dein artikel 3:1 genoemde belangen, taken en bevoegdheden is de Metropoolregio bevoegdtot:

bevoegdheden is de Metropoolregio bevoegd tot:

Artikel 3:7 Overige bevoegdheden 1.De Metropoolregio komen alle bevoegdheden toe die het openbaar lichaam van rechtswegebezit om als rechtspersoon aan het maatschappelijk verkeer deel te nemen.

Artikel 3:7 Overige bevoegdheden 1.De Metropoolregio komen alle bevoegdheden toe die het openbaar lichaam van rechtswege bezit om als rechtspersoon aan het maatschappelijk verkeer deel te nemen.

2.Het algemeen bestuur stelt bij verordening regels vast voor de controle op

het financiéle beheer en op de inrichting van de financiéle organisatie. Deze verordening waarborgt dat de rechtmatigheid van het financiéle beheer en van de inrichting van de financiéle organisatie wordt getoetst. Artikel 213,

tweede tot en met negende lid, van de Gemeentewetis van overeenkomstige toepassing.

3.Het dagelijks bestuur zendt de verordeningen bedoeld in dit artikel binnen twee weken na vaststelling door het algemeen bestuur aan gedeputeerde staten.

Hoofdstuk 5: De secretaris-directeur, overige ondersteuning, archief, ombudsman Artikel 5:1 Secretaris-directeur 1.Het algemeen bestuur beslist op voordracht van het dagelijks bestuur omtrent benoeming, schorsing en ontslag van de secretaris-directeur van de Metropoolregio.

2.De secretaris-directeur van de Metropoolregio geeft leiding aan de ondersteuning van het bestuur van de Metropoolregio.

2.Het algemeen bestuur stelt bij verordening regels vast voor de controle op het financiéle beheer en op de inrichting van de financiéle organisatie. Deze verordening waarborgt dat de rechtmatigheid van het financiéle beheer en van deinrichting van de financiéle organisatie wordt getoetst.

Artikel 213, tweede tot en met negende lid, van de Gemeentewetis van overeenkomstige toepassing.

3.Het dagelijks bestuur zendt de verordeningen bedoeld in dit artikel binnen twee weken na vaststelling door het algemeen bestuur aan gedeputeerde staten.

Hoofdstuk 5: De secretaris-directeur, overige

ondersteuning, archief, ombudsman

Artikel 5:1 Secretaris-directeur 1.Het algemeen bestuur beslist op voordracht van het dagelijks bestuur omtrent benoeming, schorsing en ontslag van de secretaris-directeur van de Metropoolregio.

2.De secretaris-directeur van de Metropoolregio geeft leiding aan de ondersteuning van het bestuur van de Metropoolregio.

eisen van rechtmatigheid, verantwoording en controle wordt voldaan. Artikel 212, tweede lid, van de Gemeentewetis van toepassing.

van de financiéle organisatie vast. De verordening waarborgt dat aan de

1.Het algemeen bestuur stelt bij verordening de uitgangspunten voor het financiéle beleid, alsmede voor het financiéle beheer en voor de inrichting

Artikel 4:2 Administratie

inrichting van de financiéle organisatie vast. De verordening waarborgt dat aan de eisen van rechtmatigheid, verantwoording en controle wordt voldaan. Artikel 212, tweede lid, van de Gemeentewetis van toepassing.

Artikel 4:2 Administratie 1.Het algemeen bestuur stelt bij verordening de uitgangspunten voor het financiéle beleid, alsmede voor het financiéle beheer en voor de

bedragen vanaf het moment van aanbieden doorhet dagelijks bestuur aan de vertegenwoordigende organen van de gemeenten.

Artikel 5:3 Archief 1.Het algemeen bestuur stelt een archiefverordening vast.

Artikel 5:3 Archief 1.Het dagelijks bestuur draagt zorg voor de archiefbescheiden van de organenbij deze regeling ingesteld, overeenkomstig een door het algemeen bestuur met inachtneming van de Archiefwet 1995 vast te stellen regeling, die aan gedeputeerde staten wordt meegedeeld.

5.Voor de bewaring van de op grondvanartikel 12, eerste lid en artikel 13, eerste lid van de Archiefwet 1995 over te brengen archiefbescheiden van de in deze regeling genoemde organen is aangewezen de

4.De archivaris van de gemeente waar de Metropoolregio is gevestigd oefent toezicht uit op het in het derde lid genoemdebeheer.

3.De secretaris-directeur is belast met het beheer van de archiefbescheiden voor zover deze archiefbescheiden nietzijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats van de gemeente waar de Metropoolregio is gevestigd.

2.Gedeputeerde staten oefenen toezicht uit op de krachtenshet eerste lid aan het dagelijks bestuur opgedragen zorg voor de archiefbescheiden overeenkomstig het Archiefbesluit, voor zover deze van toepassing is op de organen van gemeenten.

5.De archivaris van de gemeente Rotterdam is belast met het toezicht op het beheer van dein het tweedelid genoemdearchiefbescheiden.

4.Voor de bewaring van de over te brengen archiefbescheiden wordt aangewezen de archiefbewaarplaats van de gemeente Rotterdam.

3. De secretaris-directeur is belast met het beheer van de archiefbescheiden van de Metropoolregio voor zover deze archiefbescheiden nietzijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats.

2.Het dagelijks bestuur draagt zorg voor de archiefbescheiden van de Metropoolregio.

2.Het dagelijks bestuur regelt de bezoldiging en de rechtspositie van de ambtenaren van de Metropoolregio.

2.Het algemeen bestuur regelt de bezoldiging en de rechtspositie van de ambtenaren van de Metropoolregio. Artikel 4 van de Gemeentewetis van

overeenkomstige toepassing.

organisatie.

Artikel 5:2 Ambtelijke ondersteuning

Artikel 5:2 Ambtelijke ondersteuning

1.Het dagelijks bestuur stelt regels vast met betrekking tot de ambtelijke

3.Het algemeen bestuur regelt de vervanging van de secretaris-directeur bij

bij diens verhindering of ontstentenis.

1.Het algemeen bestuur stelt een verordening vast met betrekking tot de ambtelijke organisatie.

diens verhindering of ontstentenis.

3.Het algemeen bestuur regelt de vervanging van de secretaris-directeur

van verzoekschriften als bedoeld in artikel 9:18, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht.

Hoofdstuk 6: Toetreding, uittreding, wijziging en opheffing Artikel 6:1 Toetreding 1.Toetreding van gemeentebesturen kan plaatsvinden bij daartoe

strekkende gelijkluidende besluiten van de gemeenteraad, het college en de burgemeester van de betreffende gemeente en de instemmingvan alle bestuursorganen die aan dezeregeling deelnemen. 2.Het algemeen bestuur regelt de gevolgen van de toetreding en kan aan de toetreding gevolgen verbinden. 3.De toetreding gaat in op een door het algemeen bestuur in het toetredingsbesluit genoemde datum.

van verzoekschriften als bedoeld in artikel 9:18, eerste lid, van de

Algemene wet bestuursrecht.

Hoofdstuk 6: Toetreding, uittreding, wijziging en opheffing

Artikel 6:1 Toetreding 1.Toetreding van gemeentebesturen kan plaatsvinden bij daartoe

strekkende gelijkluidende besluiten van de gemeenteraad,het college en de burgemeester van de betreffende gemeente en de instemming van alle bestuursorganen die aan deze regeling deelnemen.

2.Het algemeen bestuur regelt de gevolgen van de toetreding en kan aan de toetreding gevolgen verbinden.

3.De toetreding gaat in op een door het algemeen bestuur in het toetredingsbesluit genoemde datum.

2.Het algemeen bestuur stelt regels omtrent de procedurevan uittreding.

3.Het algemeen bestuur doet aan de bestuursorganen van de gemeenten een voorstel voor regeling van de gevolgen van de uittreding in een ontwerp-uittredingsplan waarbij de belangen van de gemeenten

2.Het algemeen bestuur kan algemeneregels stellen omtrent de procedure van uittreding.

1.De gemeenteraad, het college en de burgemeester van een van de gemeenten kunnen uitsluitend gezamenlijk uittreden.en maken gezamenlijk schriftelijk kenbaar bij het algemeen bestuur van de Metropoolregio dat zij het voornemen hebben om uit te treden uit de Gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Rotterdam Den Haag 2014 en de uittredingsdatum die zij voor ogen hebben.

Artikel 6:2 Uittreding 1.De gemeenteraad, het college en de burgemeester van een van de gemeenten kunnen uittreden.

Artikel 6:2 Uittreding

De ombudsman van de gemeente Rotterdam is bevoegd tot behandeling

Artikel 5:4 Ombudsfunctie

6.Dein het vijfde lid bedoelde archiefbescheiden worden beheerd doorde archivaris van de gemeente waar de Metropoolregio is gevestigd. Artikel 5:4 Ombudsfunctie De ombudsman van de gemeente Rotterdam is bevoegd tot behandeling

archiefbewaarplaats van de gemeente waar de Metropoolregiois gevestigd.

5.De uittreding vindt slechts plaats op 1 januari na de datum, waarop opnamein hetregister als bedoeld in artikel 27 van de Wet gemeenschappelijke regelingen heeft plaatsgevonden,tenzij door het algemeen bestuur een later tijdstip is bepaald.

d.

c.

vervoersconcessies voor het grondgebied van de uittredende

deelnemer;

een beschrijving van de consequenties voor de lopende openbaar

gekoppeld aan de inwonerbijdrage Economisch Vestigingsklimaat;

een beschrijving van de consequenties voor de activiteiten die zijn

b.

die zijn gekoppeld aan de uittredende deelnemer (BDU);

een beschrijving van de consequenties voor de wettelijke en overige taken van de uittredende deelnemer; een beschrijving van de consequenties voorde financiéle middelen

a.

6.Het uittredingsplan bevat in ieder geval de volgende elementen:

uittreding heeft uitgesproken.

deskundige zijn voor rekening van de deelnemer die het voornemen tot

5.De kosten voorhet inschakelen van de onafhankelijke externe

het voornemen tot uittreding heeft kenbaar gemaakt, wordt een nieuwe portefeuillehouder benoemd.

het geval de portefeuillehouder middelen behoort tot de deelnemer die

bestuurscommissies maken in ieder geval deel uit van de projectgroep.In

financieel deskundige. De portefeuillehouders middelen van de

4.De voorbereidingen voorhet opstellen van het ontwerp-uittredingsplan wordengedaan doorhet dagelijks bestuur. Het dagelijks bestuur benoemt daartoe een projectgroep onder leiding van een onafhankelijke extern

kaart worden gebracht. Daarbij worden de belangen van de gemeenten waarvan de bestuursorganen uittreden en van de achterblijvende gemeenten op evenwichtige wijze afgewogen.

4.De bestuursorganen die aan deze regeling deelnemen stellen met ten minste twee derde meerderheid het uittredingsplan vast.

ontwerp-uittredingsplan waarin de gevolgen van de mogelijke uittreding in

3.Het algemeen bestuur doet aan de bestuursorganen van de gemeenten een voorstel voor regeling van de gevolgen van de uittreding in een

waarvan de bestuursorganen uittreden en van de achterblijvende gemeenten op evenwichtige wijze worden afgewogen.

een beschrijving van consequenties voor lopende subsidies, opdrachten,leningen en overige verplichtingen; een beschrijving van consequenties voor de structurele organisatielasten, waaronder personeels- en huisvestingslasten; de uittreedsom, of de wijze waarop de uittreedsom wordt berekend.

f.

g.

h.

en omstandigheden die bekendzijn tot aan het moment van werkelijke uittreding.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Westland&id=413e07ce-270f-4c69-bf48-0892ff94166a