1.75) Schrijven raadslid d.d. 04-01-22 inzake onderzoeken kelders onder kassen (G22-000018)
Tekst van het document
03/Aqua-Terra Nova 351/AW Kelders Onder Kassen 29 december 2003
47
Vergelijking piekberging in ‘Kelders onder Kassen’ met open berging in bebouwde gebieden. Open berging (ongestapeld) Kelders onder Kassen Berging vanaf 16.000m3/ha mogelijk Kans op wateroverlast Overlast treedt op na berging van 2.000 4.000 m3 /ha in boezemberging (20 - 40 cm peilstijging) Bijdrage aan veiligheid Verhoging van het peil is proportioneel Geborgen water draagt niet bij aan peilverhoging. Verkleind de van boezemkaden aan hoeveelheid geborgen boezemwater kans op maalstops ten behoeve van kade. Effectiviteit systeem is niet afhankelijk van veranderende Aanpasbaarheid Wanneer het streefpeil stijgt, wordt de omstandigheden, zoals zeespiegelstijging of bodemdaling. Echter bergingscapaciteit kleiner Soms alleen wanneer het streefpeil daalt (ten gevolge van bodemdaling), kan dit inzetbaar periode sept - dec. consequenties hebben voor de inlaatconstructie Beheersbaarheid Het systeem kan direct gestuurd worden Grote mate van sturing mogelijk. Afhankelijk van uitvoeringsvorm met de (bestaande) gemalen; is besturing uitgebreider. Afvoer van het water kost (afhankelijk van ligging) meer tijd dan bij open berging. Echter: vol is vol. Er wordt in zijn algemeenheid geen verbetering of verslechtering Waterkwaliteit Afhankelijk van de uitvoering verbetert van de waterkwaliteit verwacht. De verblijftijd zal hiervoor tekort een open waterberging, incl.
oevers, over zijn bij piekberging. Bij opslag van regenwater tbv van het algemeen de waterkwaliteit. seizoensberging heeft de kelder een positief effect. Realisatietermijn Afhankelijk van het pakket van Realisatie kan meeliften op de nieuwbouw van bedrijven; 1 tot 2 maatregelen: 2 tot 5 jaar per locatie van jaar per locatie van 32.000 - 64.000 m3. Mogelijke locaties zijn 4000 - 10.000 m3 (wegens planologische sneller beschikbaar vanwege techniek en draagvlak. en bestuurlijke inspraakprocedures) Grondverwering Voor 4.000 m3 buffer dient 2.2 ha grond Aankoop van grond is niet nodig. aangekocht worden Ca. € 9,50 tot 15,- per m3. Is met name interessant bij gebieden met Kosten: jaarkosten Ca. € 16,- tot 28,- per m3 hoge grondprijzen en beperkte peilstijgingen. Kansen op win-win Kan vaak worden gecombineerd met de Kan worden gecombineerd met de functies; bebouwing of met situaties functies natuur en recreatie. parkeerplaatsen (bij bijvoorbeeld recreatieterreinen). Inspelen op meervoudig ruimtegebruik
03/Aqua-Terra Nova 351/AW Kelders Onder Kassen 29 december 2003
48
Het bedrijfsleven bij monde van LTO-Nederland kiest in haar beleid voor een zakelijke benadering. In het concept van kelders onder kassen wordt waterberging een inkomstenbron voor de grondgebruiker en past daarmee prima in dit beleid. Niet alleen voor LTO-Nederland maar ook voor de gemeenten geldt dat met name in duurzame glastuinbouw gebieden de waterkelder naadloos bij de aanpak van herstructurering en nieuwbouw kan worden ingepast. Bovendien wordt bij elke kelder die wordt gebouwd een veelvoud (6 - 10) aan glastuinbouwareaal in het gebied behouden en wordt versnippering van grond door de open waterbergingen voorkomen. Met name in polders waar veel wateroverlast (en de daarmee gepaard gaande kosten) in het verleden is opgetreden kunnen de plaatselijke ondernemers zelf actief deelnemen aan het oplossen van het probleem. Het Hoogheemraadschap dient hier specifiek (stimulerend) beleid voor uit te werken. Het geheel kan dan rekenen op draagvlak bij de ondernemers.
03/Aqua-Terra Nova 351/AW Kelders Onder Kassen 29 december 2003
49
8 OPTIONELE FUNCTIES KELDERS Naast de, in de voorgaande hoofdstukken, genoemde functies liggen er nog een aantal andere functiemogelijkheden voor de kelders. De belangrijkste worden in dit hoofdstuk uitgewerkt. Afhankelijk van de omstandigheden kan een van de onderstaande functie ook daadwerkelijk worden ingevuld. 8.1
Regenwateropslag en -voorziening voor de omliggende bedrijven
De meeste glastuinbouwbedrijven zijn gebaat bij de beschikking over zoveel mogelijk goed gietwater. Dit verbetert de kwaliteit van het product en vermindert de emissie van afvalwater. In situaties waar voldoende ruimte om het bedrijf is zal er gebruik worden gemaakt van regenwateropvang in silo's of bassins. Deze opslag neemt echter fors ruimte in beslag en is vervolgens permanent uit productie. Indien de ruimte schaars en de teelt intensief is zal het bedrijf overgaan tot andere opties, zoals onttrekking en ontzouting van grondwater met omgekeerde osmose om voldoende kwalitatief goed gietwater voor handen te hebben. Voor de meeste teelten is een regenwateropslag van 2.000 tot 3.500 m3 /ha voldoende om het hele jaar over goed gietwater te kunnen beschikken. Dit vergt een ruimtebeslag van 1.000 -1.300 m2/ha. Dan nog lopen bedrijven het risico om in een hete droge zomer zonder goed gietwater te zitten. Door nu de omliggende glastuinbouwbedrijven al hun regenwater van het kasdek op de bovenste kelder te laten lozen en daar ook uit te onttrekken kan de kelder dienen als centrale gietwatervoorziening. Het bedrijf gaat als het ware fungeren als waterbedrijf. Door de fluctuatie in gietwaterbehoefte tussen gewassen en in de seizoenen behoeft er als totaal waarschijnlijk minder opslagcapaciteit te worden gecreëerd dan de som van alle apart benodigde opslagcapaciteit.
Afhankelijk van de situatie dient een kostprijs vergelijking te worden gemaakt om de mogelijkheden van aan- en verkoop van regenwater door een waterbedrijf te verkennen. Dit is geen onderdeel van deze studie 8.2
Seizoensberging
Seizoensberging betreft het bergen van water in de bodem of in open water met als doel het opbouwen van een watervoorraad in natte perioden (zie bijlage 2). Deze voorraad kan in droge perioden worden benut. Aanhakend op de hierboven genoemde optie met het verzamelen van regenwater van de omliggende bedrijven zou het een mogelijkheid kunnen zijn om het teveel aan regenwater uit de bovenste kelder naar de onderste kelder te laten stromen. Het zoete regenwater kan dan in tijden van droogte worden gebruikt om het zoutgehalte van het oppervlaktewater te reduceren. Het gaat hier niet om hele grote hoeveelheden water maar dit water is wel van een veel lager zoutgehalte dan oppervlaktewater in een conventionele seizoensberging. Het inzetten van deze watervoorraad zal niet zozeer bijdragen bij peilcorrectie als gevolg van verdamping en watergebruik maar meer om het zoutgehalte in het oppervlaktewater te verminderen. Binnen Delfland lijkt de noodzaak tot (extra) seizoensberging echter niet een al te groot gezien de mogelijkheid tot inzet van extra water via de leiding vanaf de Brielse Maas. De primaire functie van piekberging dient te worden gewaarborgd waardoor opslag plaats kunnen vinden in de zomerperiode, tot half augustus. Bij deze opslag dient, gezien de langere verblijftijd, in de onderste kelders wel aandacht te worden besteed aan de waterkwaliteit.
Met name indien er in deze kelders nog wat slib is achter gebleven van de vorige vulling. De verwachting is echter dat dit, gezien de geringe sliblaag en de 03/Aqua-Terra Nova 351/AW Kelders Onder Kassen 29 december 2003
50
goede klimaatcondities (koel en donker) geen problemen zal opleveren. Ervaringen van langdurige ondergrondse regenwateropslag bij glastuinbouwbedrijven lijken dit te bewijzen. Het zuurstofgehalte zou mogelijk een knelpunt kunnen zijn maar kan technisch snel worden opgelost. Bij open waterbergingen is tijdens droge warme perioden de waterkwaliteit ook niet geheel optimaal. Vaak treedt algenvorming op. Op basis van de wensen van het waterschap kan hier nader op in worden gegaan maar vormen verder geen onderdeel van deze studie. 8.3
Compartiment als bergbezinkkelder
Zowel bedrijven als overheden dienen de komende jaren te investeren in de opvang, transport en zuivering van afvalwater. Ongezuiverde lozingen dienen volgens het landelijk beleid in 2005 gesaneerd te zijn. Bedrijven mogen geen afvalwater meer op oppervlaktewater lozen en de gemeente dient met zijn zorgplicht de inzameling voor zijn rekening te nemen. De gemeente heeft daarbij ook nog de verantwoordelijkheid voor de dimensionering van zijn systeem zodat riooloverstort naar oppervlaktewater zo veel mogelijk wordt voorkomen. Overstort van riolering treedt met name tijdens korte hevige buien op. Het rioleringsstelsel is niet op hoge piekafvoeren gedimensioneerd. Het gevolg is vaak dat slib en vervuilt afvalwater op oppervlaktewater overstorten. Dit kan worden voorkomen door het inzetten van bergbezinkkelders. Deze vangen de pieken op en kunnen worden geledigd zodra de riolering dit weer aan kan. Indien glastuinbouwbedrijven op de riolering gaan lozen in de komende periode zal de riolering nog zwaarder belast worden. Bedrijven hebben de mogelijkheid en de plicht om het spuiwater te hergebruiken. Zij dienen dan wel het drainwater op te slaan tot het tijdstip van hergebruik (bijmengen met meststoffen en regenwater) in de teelt.
De lozing van glastuinbouwbedrijven en de afstroming van regenwater op de riolering veroorzaken veelal hydraulische problemen bij de bestaande druk- of vacuümriolering in het buitengebied. Benutting van de kelders als buffer voor het spui- en drainagewater of als bergbezinkkelder voor rioolwater in het gebied kan piekbelasting van de riolering voorkomen. De inhoud kan daarna in droge perioden worden afgevoerd via de riolering. De verwachting is dat hier met name in combinatie met stedelijke gebieden mogelijkheden liggen. Combinatie met andere functies zoals sportvelden is ook mogelijk. 8.4
Extra bergingscapaciteit bij projectontwikkeling
Het Hoogheemraadschap stelt als eis dat gedempt water dient te worden teruggegraven (in hetzelfde peilgebied). Bij nieuwbouw/projectontwikkeling dient bovendien direct aan de nieuwe extra berging volgens de norm (325 m3 per ha) te worden voldaan. De extra waterberging neemt veel vierkante meters potentiële bouwgrond in beslag waardoor er hoge kosten moeten worden gemaakt om aan de norm te kunnen voldoen. Het gaat hierbij om prijzen van meer dan € 500,-- / m2. Meestal wordt dit opgelost door een fors deel van de woningen aan het water te bouwen. Dit is vaak weinig functioneel en doodlopend water. Voor gemeenten of andere projectontwikkelaars is het interessant om deze extra berging middels kelders in te vullen. Of dit mogelijk is zal in overleg met het waterschap nader moeten worden bezien. Ook hier zal een win-win situatie moeten worden gevonden welke voldoet aan ieders eisen.
03/Aqua-Terra Nova 351/AW Kelders Onder Kassen 29 december 2003
51
9 CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN 9.1
Conclusies
Algemeen In zijn algemeenheid kan worden geconcludeerd dat de realisatie van kelders onder kassen de mogelijkheid biedt om een aantal functies te combineren. De onderzochte dubbele (Watershell-) kelder is een vorm van meervoudig ruimtegebruik met een derde (stapelen) en een vierde dimensie (in de tijd flexibel / variërend in gebruik) en daarmee een geschikte methode om de schaarse grond optimaal te benutten. Op de locatie van het toekomstig potplantenbedrijf van 2 ha van P. Barendse in Monster zijn met een bovenkelder van 18.000 m3 en een onderkelder van 32.000 m3 een aantal specifieke functies mogelijk. Als resultaat van de haalbaarheidsstudie kan worden geconcludeerd dat er geen onoverkomelijke knelpunten zijn gesignaleerd. Technische haalbaarheid en in te zetten functies De onderste kelder van 32.000 m3 kan in zijn geheel worden ingezet voor piekberging van het boezemwater. Door de toepassing van een beweegbare stuw met een overstort breedte van 2,30 m kan met een debiet van 1,5 m3 /s de kelder in circa 6 uur volstromen. Een knelpunt hierbij is de verblijftijd in de slibvang. Hier dient een (technische) oplossing voor gevonden te worden. Gezien de korte verblijftijd en het klimaat in de kelders zal de waterkwaliteit bij het uitpompen geen problemen opleveren. Bij een pilot-project kan monitoring hiervan plaatsvinden.
De bovenste kelder van 18.000 m3 kan worden opgedeeld in secties van ca. 1.200 m3. Voor de situatie van P. Barendse wordt voor de verschillende functies een volgende compartimentverdeling het meest haalbaar geacht: regenwater opslag: 4.800 m3, gietwater & eb/vloeddrainwater en First-Flushwater: 2.400 m3 , warmte opslagvolume voor lage watertemperaturen: 1.200 m3 en de overige ruim 9.600 m3 als extra piekwaterberging voor boezemwater. In combinatie met zuivering en hergebruik van huishoudelijk afvalwater is de waterketen van het glastuinbouwbedrijf gesloten te maken. Bovendien kan de kelder worden gebruikt als kasfundatie en betoncultuurvloer.
03/Aqua-Terra Nova 351/AW Kelders Onder Kassen 29 december 2003
52
Foto: kweektafels potplanten Warmteopslag Warmteopslag in de bovenkelder is voor bepaalde toepassingen van warmteopslag haalbaar, het betreft dan met name opslag voor korte duur. Warmteopslag voor langere duur (meerdere weken) is door de relatief grote warmteverliezen minder interessant. Opslag van laagwaardige warmte (tot ca. 30 oC, o.a. warmteoverschot uit de kas) kan in de volgende jaren op diverse manieren toegepast worden en vraagt relatief weinig aanpassingen van de constructie van de kelders. Voor dit doel zal maximaal ca. 1.100 m3 keldercapaciteit nodig zijn. Opslag van warmte met hógere opslagtemperatuur (tot 65 oC, uit wkk of uit warmtepomp) is weliswaar uitvoerbaar, maar stelt bijzondere eisen aan ontwikkeling, constructie, bouw en isolatie van de kelders en compartimenten. Daadwerkelijk toepassing in een lage bovenkelder is derhalve zeer onzeker Verdere ontwikkeling en toepassing van warmteopslag in kelders onder kassen is zinvol. Deze vorm van warmteopslag kan goed gecombineerd worden in andere nieuwe ontwikkelingen in de glastuinbouw, zoals onder andere het “telen in gesloten kassen”. Het grote volume en de korte afstand tussen kas en opslag dragen bij aan een snelle en efficiënte dagelijkse opslag en benutting van (laag)waardige warmte en koude, eventueel gecombineerd met bijv. opslagtank en aquifer.
Economische haalbaarheid Ter vergelijking met de kelders is gerekend met een open waterberging met een peilhoogte 03/Aqua-Terra Nova 351/AW Kelders Onder Kassen 29 december 2003
53
stijging van 20 en 40 cm. Middels een publiek-private samenwerking (PPS) kan een projectfinanciering worden opgezet. Vanuit een optimalisatie van financieringsprincipes wordt een projectfinanciering met operationele lease als financieringstructuur voorgesteld. Dit geeft het onderstaande kosten overzicht ( incl. BTW). Berging 41.600 m3 Benodigde middelen Totale jaarkosten (fin) Kosten per m3 piekberging
Watershell Kelders onder Kassen 6.658.000 480.000 11,54
Open waterberging 20 cm 22.709.000 1.180.000 28,36
Open waterberging 40 cm 12.586.000 665.000 15,98
Naarmate de open waterberging een hogere peilstijging kan verwerken wordt deze ook economisch interessant. Het break-evenpoint lijkt hier te liggen bij ongeveer 80 cm. Bij stijgende grondprijzen zal de concurrerende peilstijging alleen maar hoger worden. De grootste economische voordelen voor Delfland zijn dat zij geen aankoopkosten van gronden hebben, de balans niet wordt belast met investeringswaarde en dat de fiscale voordelen optimaal worden benut. Voor de tuinder gelden als grote voordelen dat deze geen vermogensbelasting vanwege investeringen in de waterkelder heeft, de balans wordt niet belast en er blijft voldoende fiscale ruimte over voor de eigen groenfinanciering. Als grootste economische nadeel voor Delfland geldt dat zij langlopende financieringsverplichtingen aangaan met private middelen. Voor de tuinder geldt als nadeel dat deze de waterkelders tijdens de looptijd niet in eigendom heeft en de onzekerheid omtrent de toekomstige restwaarde /verkoopwaarde van de waterkelders. Publieke Private Samenwerking Een constructie waarbij een private partij een taak van een overheidslichaam uitvoert of faciliteert draagt alle kenmerken in zich van een publiek-private samenwerking (PPS). Middels een publiekprivate samenwerking (PPS) kunnen meerdere van dergelijke projecten in een projectfinancieringsconstructie worden opgezet.
Voor PPS-projecten is de Europese regelgeving ten aanzien van aanbesteding van belang omdat overheden bij projecten boven de 6 miljoen euro gebonden zijn aan de EU-richtlijnen en zij het project openbaar moeten aanbesteden. Dit betekent dat private partijen niet automatisch de uitvoeringsopdracht krijgen, hetgeen funest kan zijn voor de PPS-overeenkomst. De EUaanbestedingsregels vormen dus mogelijk een belemmering voor een PPS-project, omdat een grootschalig waterbergingsproject snel boven de grens van 6 miljoen euro uitkomt. Juridische en bestuurlijke haalbaarheid Juridisch lijken er weinig knelpunten. De bestemming van het perceel behoeft niet te worden gewijzigd hetgeen lange procedures voorkomt. Een ontgrondingsvergunning behoeft, omdat het maken van een kelder onder de uitzonderingsdefinities valt, niet te worden aangevraagd. Wel zal er extra aandacht geschonken moeten worden aan de eigendomsaspecten en de verantwoordelijkheden ten aanzien van beheer. De kelders dienen ten alle tijden voor het waterschap beschikbaar te zijn. Bestuurlijk past het geheel naadloos in het europees en landelijk beleid. De provincie ZuidHolland voert zelfs specifiek beleid om de opslag van regenwater ten behoeve van de
03/Aqua-Terra Nova 351/AW Kelders Onder Kassen 29 december 2003
54
glastuinbouw te bevorderen om de lozing vanuit deze sector te verminderen. De kelders onder kassen passen ook goed in het waterbergingsbeleid van het Hoogheemraadschap van Delfland. Een vergelijking op alle belangrijke ABC-Delfland thema's tussen open waterberging en kelder onder kassen blijkt dat, naast de economische voordelen, er met name wordt gescoord op: de kans op wateroverlast, bijdrage veiligheid boezemkade, realisatietermijn en kansen op win-winsituatie. De kelders kunnen snel een fors deel van de mogelijke wateroverlastrisico's wegnemen. Door deze te positioneren op strategische locaties langs de boezem en in de polders kan snel een aantal bergingstekorten worden opgelost. Voor de boezem maakt het in principe niet zoveel uit waar de kelder wordt gepositioneerd, elke ontlasting is er een voor de gehele boezem. Specifiek voor de locatie in Monster zijn er, behalve voor het boezemsysteem in zijn algemeenheid, geen specifieke knelpunten. De urgentie van de aanleg van kelders ligt met name in een aantal polders Voor de gemeente Westland en LTO-Nederland kan de aanpak van vernieuwing en herstructurering met kelders onder kassen in duurzame glastuinbouwgebieden naadloos samengaan met de vermindering van de wateroverlast in deze gebieden. Dit zal dan met name in de polders moeten worden opgepakt.
Tevens is het een groot voordeel dat bij elke kelder die wordt gebouwd een veelvoud (6 - 10) aan glastuinbouwareaal in het gebied wordt behouden. Bovendien is er in de glastuinbouwgebieden minder versnippering van grond door de open waterbergingen. Door het draagvlak bij de ondernemers en kortere procedures kan gerekend worden op een snelle uitvoering. Open waterberging In gebieden waar voldoende ruimte beschikbaar is zal nog steeds gekozen worden voor een open waterberging. Ook in gebieden waar gestapelde open waterberging relatief eenvoudig mogelijk is zal hiervoor gekozen worden. Gezien de functie van open water als drager van de natuur en de landschappelijke waarde zal zelfs in gebieden met hoge grondprijzen de (dubbele) kelder de open waterberging niet geheel verdringen. Landelijke toepassing De algemene werkwijze en resultaten van deze studie worden goed toepasbaar geacht voor andere delen van Nederland. De technische, bestuurlijk/juridische en financiële componenten en uitgangspunten dienen nadrukkelijk per situatie te worden getoetst aan de locale of regionale factoren en omstandigheden. Er bestaan bijvoorbeeld grote landelijke verschillen in grondprijs, ruimte en vorm van wateroverlast. 9.2
Aanbevelingen
Op basis van de resultaten wordt het uitvoeren van een pilot-project zonder meer aanbevolen. Technisch en bestuurlijk/juridisch zijn geen onoverkomelijke knelpunten geconstateerd. Financieel ligt er ook een oplossing voor handen maar dit zal in alle gevallen maatwerk blijven. Voor de locatie aan het boezemwater te Monster kan als partijen het elkaar financieel snel vinden op zeer korte termijn (< 0,5 jaar) de schop de grond in voor de eerste dubbele kelder. Commercieel gezien is dit zonder meer haalbaar. Het is van groot belang dat de snelheid erin wordt gehouden. Het initiatief ligt met name bij het 03/Aqua-Terra Nova 351/AW Kelders Onder Kassen 29 december 2003
55
Hoogheemraadschap van Delfland welke bestuurlijk een beslissing dient te nemen voor verdere stappen. Aanbevolen wordt: • Op basis van dit onderzoek zo snel mogelijk het groene licht te geven voor het starten van verdere gesprekken met de initiatiefnemer van Kelders onder Kassen. Uitvoering van een pilot kan worden geschaard onder de 'geen spijt maatregel' van Delfland en is met name geschikt voor het beleidsuitgangspunt van 'de invulling van de gezamenlijke benutting van potenties'. • Na bestudering van de rapportage Kelders onder Kassen beleid hiervoor uit te werken voor inpassing in het ABC Delfland en het ABC Polders. In dit beleid dienen strategische locaties en/of zoekgebieden te worden ontwikkeld. Naast het boezemland zal dit met name snel in enkele polders in het Westland moeten worden gezocht. In combinatie met andere stimulerende maatregelen dient dit de glastuinbouw in staat te stellen om de handschoen op te pakken. • Uitwerking van financierings- en samenwerkingsmodellen; in de praktijk is er altijd sprake van een concrete situatie met alle specifieke mogelijkheden en beperkingen. Ook zal er bij partijen ruimte zijn voor verschillende financieringsmodellen. Alleen in concrete onderhandelingen kan er toegewerkt worden naar een optimale constructie.
Als het Hoogheemraadschap beleidsmatig openstaat voor het geboden alternatief wordt aanbevolen om zo snel mogelijk te starten met het concretiseren van het plan voor de specifieke locatie. In eerste instantie zullen er verkennende onderhandelingen nodig zijn ten aanzien van de capaciteitsbehoefte, het samenwerkingsmodel en de financiering. Al in een vroeg stadium kan aan de (Rabo)bank worden gevraagd een projectfinanciering middels een operationele lease constructie nader uit te werken. Deze informatie kan in een vroeg stadium richting geven aan de optimalisering van de financiering van het project en de daarmee samenhangende economische kosten. Bij dergelijke grote investeringen zijn de financieringslasten immers de grootste kostenpost. • Bij de uitwerking van het beleid kan Delfland in overleg met de LTO-Nederland/WLTO, de gemeente en de provincie het instrument van dubbele kelders inpassen bij nieuwbouw van bedrijven en bij de herstructurering van de glastuinbouwgebieden. Toepassing van (dubbele) kelders als multifunctioneel ruimtegebruik in andere verharde gebieden ligt hierbij voor de hand.
Verder wordt nader onderzoek aanbevolen naar: • Uitwerking functie warmte opslag; De aandacht dient vervolgens gericht te worden op twee toepassingen; - Een nader onderzoek van de optimalisatie van kortdurende opslag bij relatief lage temperaturen in de bovenkelder in combinatie met diverse systemen voor warmteverzameling en warmteoverdracht van warmte uit de kas en van laagwaardige deel van wkk-warmte. - Een nader onderzoek van uitvoering en haalbaarheid van een meer compacte en hoge opslagkelder voor opslag met hogere temperaturen Allereerst bedoeld voor opslag van wkk-warmte, maar wellicht ook van belang voor opslag van hoogwaardige warmte die door een warmtepomp geproduceerd kan worden uit laagwaardige warmte. Bij bovenstaande onderzoeken dient voor de langere termijn het (aanvullend) gebruik van ándere opslagmedia dan water (o.a. PCM-materialen met grotere opslagcapaciteit) niet
03/Aqua-Terra Nova 351/AW Kelders Onder Kassen 29 december 2003
56
uitgesloten te worden. •
•
•
•
•
Strategisch beheer en bediening: de mogelijkheden voor flexibele inzet van de piekbergingskelder, met regelbare stuw. Het gaat vooral om de inpassing van deze extra beheersmogelijkheid in de gangbare beslismodellen in situaties van kritische peilstijging en de anticipatie daarop. Slibvang: indien een regelbare stuw voor de onderste kelder wordt gebruikt dreigt er een probleem ten aanzien van voldoende slibvang van het instromende oppervlaktewater. Om een verblijftijd van minimaal 200 seconden te bewerkstelligen dient er een oplossing bij de inlaat te worden gevonden. Bij verdere uitwerking kan een technische oplossing voor de beweegbare stuw nader worden bestudeerd. Mogelijk dat de inlaat op de hoek aan de korte zijde kan worden geconstrueerd zodat het water recht in de lengte naar binnen stroomt Instromende fauna in de kelder: Naast het afvangen van slib is het voorkómen van het instromen in de kelders van kleinere fauna (vissen, salamanders, etc.) een specifiek aandachtspunt. Ten opzichte van open waterberging wordt de kelder in zijn geheel leeg gepompt. Bij het wegpompen wordt ook de aanwezige kleine fauna waarschijnlijk meegenomen. Dit knelpunt lijkt echter van dezelfde orde als datgene dat optreed bij de boezemgemalen op volle capaciteit.
Overige functies: de volgende functies verdienen nog nadere studie: - centrale regenwateropslag en -voorziening: functioneren van het onderkelderde bedrijf als commerciële waterontvanger en distributeur voor de omliggende glastuinbouwbedrijven. - seizoenswaterberging: middels opslag en lozing van regenwater. Dit in combinatie met de centrale opslag van regenwater van de omliggende glastuinbouwbedrijven. - bergbezinkkelder; de mogelijkheden voor de combinatie van opvang van piekbelastingen op het riool en andere functies van wateropslag. - Extra bergingscapaciteit t.b.v. aanvullende tekorten (2e fase maatregelen); er lijkt veel interesse in het gebruik van kelders ten behoeve van extra waterberging om aan de nieuwe ABC-werknorm van 325 m3/ha voor verhard oppervlak te kunnen voldoen. Inzet van kelders bespaart veel dure grond bij nieuwbouwlocaties. Op de rand van stedelijke gebieden zouden glastuinbouwbedrijven de extra waterberging in hun kelders kunnen creëren. EU-aanbestedingsregels: deze vormen mogelijk een belemmering voor een PPS-project, omdat een grootschalig waterbergingsproject snel boven de grens van 6 miljoen euro uitkomt. Nadere studie dient duidelijkheid te geven over de optimale schaalgrootte en de toerekening van de investering aan het PPS gedeelte voor de piekwaterberging. Voor ieder project zal dit specifiek bekeken moeten worden.
03/Aqua-Terra Nova 351/AW Kelders Onder Kassen 29 december 2003
57
LITERATUUR ABC Delfland, Eindrapport van de stuurgroep ABCDelfland, Water binnen veilige kaders, Delft, juli 2000. ABC-Polders, Beleid 2e fase maatregelen, Beleidsstuk uit de V.V. van Hoogheemraadschap van Delfland, Delft 14 januari 2003 Bommel, K, E. Westein, E. Ovaa, Publiek-private samenwerking bij waterberging. Uitgave LEI, Den Haag, 2003 Habiforum, Water voor ruimte; ruimte voor water. Brug tussen theorie en praktijk. Eindrapport fase twee van het project Meervoudig ruimte gebruik met waterberging in Noord-Holland. Gouda 2002 Hoekstra, R., L. Gorter en D. Noland, Boeren met water. Waterberging in combinatie met landbouw. Uitgave Habiforum, Gouda, 2002 LTO-Nederland, Nieuwe waarde van water, LTO-Nederland. Den Haag, Juli 2001. Penning, E en E. Schouwenberg, Water wildernis, Invloed van waterberging op de ontwikkeling van natuur. Uitgave Habiforum, Gouda, 2002. WB21, Commissie Waterbeheer 21e eeuw, Waterbeleid voor de 21e eeuw, advies van de Commissie Waterbeheer 21e eeuw. SDU Uitgevers, Den Haag, 31 augustus 2000. Waterbeheersplan 1999-2003, Hoogheemraadschap van Delfland. Delft, augustus 1999
03/Aqua-Terra Nova 351/AW Kelders Onder Kassen 29 december 2003
58
Kelders onder Kassen
Haalbaarheidsstudie Wateropslag Dubbele Bergingskelders te Monster
Datum Rapportnummer Status
: 29 december 2003 : 03/Aqua-Terra Nova351/AW : eindrapportage
Colofon Titel Kelders onder Kassen; haalbaarheidsstudie Wateropslag Dubbele Bergingskelders te Monster Projectnummer ATN-23045 Opdrachtgevers Dhr. P. Barendse, Kwekerij Meerrust te Naaldwijk Hoogheemraadschap van Delfland te Delft Rabobank Midden-Westland te Naaldwijk
Projectteam Projectmanager: Specialisten:
Auteurs:
Aad Wubben (Aqua-Terra Nova BV) Jac van Ham (Waterblock BV) Frits Hempelmann (Hempelmann) Martien Penning (Hillenraad) Bart van der Pol (prov. Zuid-Holland) Jan Raats en Arnold van der Kraan (Van der Waal & Partners) Eric Gloudemans en Kirsten Huizer (Hoogheemraadschap Delfland) Piet Goeijebier (VEK Adviesgroep BV) Aad Wubben en Rogier Sterk (Aqua-Terra Nova BV), Jan Raats (Van der Waal & Partners) Martien Penning (Hillenraad) Piet Goeijebier (VEK Adviesgroep BV)
03/Aqua-Terra Nova 351/AW Kelders onder Kassen 29 december 2003
2
SAMENVATTING Het huidige waterbeheersysteem was tot de wateroverlast in 1998 gericht op het zo snel mogelijk afvoeren van het wateroverschot. In glastuinbouw- en stedelijke gebieden is veel water al snel een last. De bebouwingsdichtheid is hoog, waardoor afstroming van regenwater versneld plaats vindt. Het waterhuishoudkundig systeem bleek niet toegerust op het afvoeren van extreme neerslag. Vooral directe berging ter plaatse moet tot oplossingen leiden. Multifunctioneel ruimtegebruik is een van de mogelijkheden om nadelen als ruimtegebrek, hoge kosten, forste gebiedsingrepen, lange procedures, etc. bij waterberging op te heffen. De heer P. Barendse kwam in dit kader op het innovatieve plan om met dubbele kelders onder zijn nieuwe glastuinbouwbedrijf van 2 hectare te Monster grootschalig zowel regenwater (18.000 m3) voor het bedrijf als oppervlaktewater (32.000m3) voor het waterschap te gaan bergen. Duurzaamheid staat bij de opzet van het nieuwe bedrijf centraal. Het doel van de studie is als volgt gedefinieerd: Inzichtelijk maken van de technische, economische, juridisch-bestuurlijke haalbaarheid van toepassing van dubbele ‘Watershell’ bergingskelders voor opslag van gietwater, piekberging van boezemwater, opslag van warmte en afvalwater op de nieuwe glastuinbouwbedrijfslocatie van P. Barendse te Monster.
De resultaten dienen daarbij extrapoleerbaar te zijn naar de rest van het waterbeheersgebied van Delfland en andere waterschappen. Beleid Uit de Europese, landelijke, provinciale en regionale beleidsnota's blijkt dat er inmiddels veel aandacht wordt besteed aan het voorkomen van wateroverlast. Hierin staat de trits vasthouden-bergen-afvoeren centraal. Het Hoogheemraadschap van Delfland is na de wateroverlast van 1998 gestart met het 'ABC-Delfland' (Afvoer- en BergingsCapaciteit Delfland). Hierbij worden voor boezem en polders maatregelen voorgesteld en uitgevoerd voor de verbetering van de doorstroming, het realiseren van berging en het vergroten van de gemalen. De verwachting van de meeste beleidsmakers is dat waterberging alleen op grote schaal kan worden gerealiseerd als de benodigde ruimte hiervoor mede benut kan worden voor andere vormen van gebruik, zoals wonen, landbouw, recreatie of natuur. Het bedrijfsleven heeft zich, bij monde van LTO-Nederland, bereid verklaard om vanuit een zakelijke benadering waterdiensten aan te bieden. Het initiatief van P. Barendse met de dubbele kelders haakt hier goed op in. De nieuwbouwkavel is gesitueerd aan het boezemstelsel en kan van twee kanten boezemwater inlaten. Techniek en functies De techniek van Watershell kelders met een enkele laag ten behoeve van regenwateropslag heeft zich inmiddels in de praktijk een aantal malen bewezen.
Op basis van een preengineering is vervolgens naar de technische knelpunten en functies van de dubbel kelders gekeken. De onderste kelder van 32.000 m3 kan in zijn geheel worden ingezet voor piekberging van het boezemwater. Voor het inlaten van het boezemwater kan gebruik worden gemaakt van een vaste of een beweegbare stuw. Door de toepassing van een beweegbare stuw met een overstort breedte van 2,30 m kan met een debiet van 1,5 m3 /s de kelder in circa 6 uur volstromen. Een knelpunt hierbij is de verblijftijd in de slibvang. Gezien de korte verblijftijd en het klimaat in de kelders zal de waterkwaliteit bij het uitpompen geen problemen opleveren. De bovenste kelder van 18.000 m3 kan worden opgedeeld in secties van ca. 1.200 m3. De 03/Aqua-Terra Nova 351/AW Kelders onder Kassen 29 december 2003
3
volgende compartimentverdeling het meest haalbaar geacht: regenwateropslag: 4.800 m3, gietwater & eb-/vloeddrainwater en First-Flushwater: 2.400 m3, warmte opslagvolume voor lage watertemperaturen: 1.200 m3 en de overige ruim 9.600 m3 als extra piekwaterberging voor boezemwater. In combinatie met zuivering en hergebruik van huishoudelijk afvalwater is de waterketen van het glastuinbouwbedrijf gesloten te maken. Bovendien kan de kelder worden gebruikt als kasfundatie en betoncultuurvloer. Warmteopslag Warmteopslag in de bovenkelder is voor bepaalde toepassingen van warmteopslag haalbaar, het betreft dan met name opslag voor korte duur. Warmteopslag voor langere duur (meerdere weken) is door de relatief grote warmteverliezen minder interessant. Opslag van laagwaardige warmte (tot ca. 30 oC, o.a. warmteoverschot uit de kas) kan in de volgende jaren op diverse manieren toegepast worden en vraagt relatief weinig aanpassingen van de constructie van de kelders. Voor dit doel zal ca. 1.100 m3 keldercapaciteit nodig zijn. Opslag van warmte met hógere opslagtemperatuur (tot 65 oC, uit wkk of uit warmtepomp) is weliswaar uitvoerbaar, maar stelt bijzondere eisen aan ontwikkeling, constructie, bouw en isolatie van de kelders en compartimenten. Economische haalbaarheid Totaal kan er op het bedrijf 41.600 m3 aan oppervlaktewater worden geborgen.
Ter vergelijking met de kelders is gerekend met een open waterberging met een peilhoogte stijging van 20 en 40 cm. Middels een publiek-private samenwerking (PPS) kan een projectfinanciering worden opgezet. Vanuit een optimalisatie van financieringsprincipes wordt een projectfinanciering met operationele lease als financieringstructuur voorgesteld. Dit geeft het onderstaande kosten overzicht ( incl. BTW). Berging 41.600 m3 Benodigde middelen Totale jaarkosten (fin) Kosten per m3 piekberging
Watershell Kelders onder Kassen 6.658.000 480.000 11,54
Open waterberging 20 cm 22.709.000 1.180.000 28,36
Open waterberging 40 cm 12.586.000 665.000 15,98
Naarmate de open waterberging een hogere peilstijging kan verwerken wordt deze ook economisch interessant. Het break-evenpoint lijkt hier te liggen bij ongeveer 80 cm. Bij stijgende grondprijzen zal de concurrerende peilstijging alleen maar hoger worden. De grootste economische voordelen voor Delfland zijn dat zij geen aankoopkosten van gronden hebben, de balans niet wordt belast met investeringswaarde en dat de fiscale voordelen optimaal worden benut. Voor de tuinder gelden als grote voordelen dat deze geen vermogensbelasting vanwege investeringen in de waterkelder heeft, de balans wordt niet belast en er blijft voldoende fiscale ruimte over voor de eigen groenfinanciering. Als grootste economische nadeel voor Delfland geldt dat zij langlopende financieringsverplichtingen aangaan met private middelen. Voor de tuinder geldt als nadeel dat deze de waterkelders tijdens de looptijd niet in eigendom heeft en de onzekerheid omtrent de toekomstige restwaarde /verkoopwaarde van de waterkelders. Toepassing Delfland en mogelijke locatie Juridisch lijken er weinig knelpunten. De kelders onder kassen passen uitstekend in het waterbergingsbeleid van het Hoogheemraadschap van Delfland. Uit een vergelijking tussen open waterberging en kelder onder kassen op alle belangrijke ABC-Delfland thema's blijkt 03/Aqua-Terra Nova 351/AW Kelders onder Kassen 29 december 2003
4
dat, naast de economische voordelen, er met name wordt gescoord op: de kans op wateroverlast, bijdrage veiligheid boezemkade, realisatietermijn en kansen op winwinsituatie. De kelders kunnen snel een fors deel van de mogelijke wateroverlastrisico's wegnemen. Door deze te positioneren op strategische locaties langs de boezem en in de polders kan snel een aantal bergingstekorten worden opgelost. Voor de boezem maakt het in principe niet zoveel uit waar de kelder wordt gepositioneerd, elke ontlasting is er een voor de gehele boezem. Specifiek voor de locatie in Monster zijn er, behalve voor het boezemsysteem in zijn algemeenheid, geen specifieke knelpunten. De urgentie van de aanleg van kelders ligt met name in een aantal polders Voor de gemeente Westland en LTO-Nederland kan de aanpak van vernieuwing en herstructurering met kelders onder kassen in duurzame glastuinbouwgebieden naadloos samengaan met de vermindering van de wateroverlast in deze gebieden. Dit zal dan met name in de polders moeten worden opgepakt. Tevens is het een groot voordeel dat bij elke kelder die wordt gebouwd een veelvoud (6 - 10) aan glastuinbouwareaal in het gebied wordt behouden. Bovendien is er in de glastuinbouwgebieden minder versnippering van grond door de open waterbergingen. Door het draagvlak bij de ondernemers en kortere procedures kan gerekend worden op een snelle uitvoering.
Open waterberging In gebieden waar voldoende ruimte beschikbaar is zal nog steeds gekozen worden voor een open waterberging. Ook in gebieden waar gestapelde open waterberging relatief eenvoudig mogelijk is zal hiervoor gekozen worden. Gezien de functie van open water als drager van de natuur en de landschappelijke waarde zal zelfs in gebieden met hoge grondprijzen de (dubbele) kelder de open waterberging niet geheel verdringen. Landelijke toepassing De algemene werkwijze en resultaten van deze studie worden goed toepasbaar geacht voor andere delen van Nederland. De technische, bestuurlijk/juridische en financiële componenten en uitgangspunten dienen nadrukkelijk per situatie te worden getoetst aan de locale of regionale factoren en omstandigheden. Er bestaan bijvoorbeeld grote landelijke verschillen in grondprijs, ruimte en vorm van wateroverlast. Aanbevelingen Van belang is om de snelheid erin te houden. Het initiatief ligt met name bij het Hoogheemraadschap van Delfland welke bestuurlijk een aantal stappen en beslissingen dient te nemen. Dit betreft dan verdere gesprekken te voeren met de partijen rondom de Kelders onder Kassen en specifiek beleid en stimulerende maatregelen hiervoor uit te werken. Hierbij dienen strategische locaties in enkele urgente polders te worden gezocht. Dit dient de glastuinbouw in staat te stellen de handschoen op te pakken.
Verder dienen er financieringsen samenwerkingsmodellen te worden uitgewerkt voor snelle toepassing in de praktijk. Ook de provincie, gemeenten en LTO-Nederland dienen bij de aanpak te worden betrokken welke het mogelijk moet maken om het geheel in te passen bij nieuwbouw van bedrijven en bij de herstructurering van de glastuinbouwgebieden. Verder wordt nader onderzoek aanbevolen naar de uitwerking functie warmte opslag gericht op toepassingen van opslag bij relatief lage en hoge temperaturen in kelders. Ook het strategisch beheer en bediening en een aantal overige kelderfuncties zoals centrale regenwateropslag, seizoenswaterberging, bergbezinkkelder en de mogelijkheid voor inzet van de kelders als extra bergingscapaciteit t.b.v. aanvullende tekorten (2e fase maatregelen) verdienen nadere uitwerking. 03/Aqua-Terra Nova 351/AW Kelders onder Kassen 29 december 2003
5