1.7) Schrijven MRDH d.d. 14-04-21 inzake Aanbieding voorlopige Jaarstukken MRDH 2020 (G21-000845)
Tekst van het document
From: Griffie Sent: woensdag 14 april 2021 16:01:07 To: Info Cc: Subject: graag inboeken: Aanbieding voorlopige Jaarstukken MRDH 2020 aan de 23 MRDH gemeenten Attachments: Controleverklaring Jaarrekening 2020 MRDH.PDF; Jaarstukken MRDH 2020 versie 14-4-2021.PDF; Aanbiedingsbrief voorlopige jaarstukken MRDH 2020 23 gemeenten.pdf; Accountantsrapport 2020 MRDH GAD.PDF
! "#$ % & ' ((
)*+, ! )*+, -
./0 123/450 /6 723608839 :;;3 92 <= >3/??/236@ /: ;?6453/?0 ;;: 92 AB.C 4DE39/:;0D32: Geachte griffiers, Wilt u onderstaande mail en bijbehorende bijlagen doorzetten naar uw raadsleden? Bij voorbaat hartelijk dank. Met vriendelijke groet, Drs. J.C.M. (Jacqueline) Versteeg, Directiesecretaris MRDH Telnr: 06-10784547 Mail : j.versteeg@mrdh.nl _____________________________________
Geachte raadsleden van de 23 MRDH gemeenten, Conform artikel 34b van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) bieden wij u de voorlopige jaarstukken Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) 2020 aan. De accountantscontrole van de jaarrekening is afgerond; de strekking van de verklaring is goedkeurend voor zowel getrouwheid als rechtmatigheid. In de voorlopige jaarstukken zijn de opmerkingen van de accountant verwerkt. De bestuurlijke behandeling van de voorlopige jaarstukken MRDH 2020 start op 19 mei a.s., als de voorlopige jaarstukken in de bestuurscommissie Vervoersautoriteit respectievelijk de bestuurscommissie Economisch Vestigingsklimaat worden besproken. Op maandag 17 mei a.s. worden de voorlopige jaarstukken 2020 plenair digitaal behandeld in de rekeningcommissie MRDH. Deze commissie, waar vanuit elke gemeente een raadslid aan deelneemt, voert het jaarrekeningenonderzoek uit en brengt verslag inclusief een advies uit aan het algemeen bestuur van de MRDH. De Rekeningcommissie is daarmee h�t controlerend orgaan van de raadsleden. Dit laat onverlet dat het aan de gemeenten zelf is of en hoe ze de concept jaarstukken met de eigen MRDH-bestuurders bespreken voordat het algemeen bestuur een besluit neemt op 9 juli a.s.. Voor eventuele vragen over de voorlopige jaarstukken MRDH 2020 kunt u contact opnemen met Martijn Vollering via m.vollering@mrdh.nl.
Met vriendelijke groet, Drs. J.C.M. (Jacqueline) Versteeg, Directiesecretaris MRDH Telnr: 06-10784547 Mail : j.versteeg@mrdh.nl
Metropoolregio Rotterdam Den Haag Westersingel 12 | 3014 GN | Rotterdam Postbus 21012 | 3001 AA | Rotterdam Meer weten? Kijk op www.mrdh.nl en volg ons via Twitter op @Metropoolregio of praat mee met #MRDH.
Het kabinet heeft inmiddels bekend gemaakt dat het openbaar vervoer het volledige jaar 2021 financiële steun krijgt van de Rijksoverheid. Uitgangspunt vanuit de MRDH is het OV-systeem, in de sterk gewijzigde kortere termijn context, op een goed niveau voor de reizigers van nu te houden en om te zorgen dat het OV-systeem naar de toekomst (weer) een goede rol kan pakken in het mobiliteitsaanbod in relatie tot verstedelijking, verduurzaming en leefbaarheid. Bestuurlijke keuzes, te maken via het regionaal Transitieprogramma 2021-2030 met periodieke herijkingen, zullen noodzakelijk zijn om te blijven zorgen voor financieel gezonde en toekomstbestendige vervoersbedrijven. In 2020 hebben de wegbeheerders niet aangegeven dat COVID-19 effect heeft op de uitvoering van de projecten die zijn opgenomen in het investeringsprogramma verkeer en openbaar vervoer (IPVa). De gevolgen van de COVID-19 pandemie waren voor het programma Economisch Vestigingsklimaat beperkt. Wel was er sprake van enige onderbesteding op het budget onder meer doordat fysieke bijeenkomsten niet konden doorgaan en sommige activiteiten daardoor lastiger te organiseren waren. Vanuit het programma Economisch Vestigingsklimaat is er gewerkt aan een pakket van projecten, onder de noemer Sterker uit de crisis. Deze projecten dragen zowel bij aan het economisch herstel als aan de transitie naar de nieuwe economie.
Ze dragen bij aan de digitalisering van het midden- en kleinbedrijf, zorgtechnologie, productiesoevereiniteit in de maakindustrie en een leven lang ontwikkelen Bestuurlijke behandeling De bestuurlijke behandeling van de jaarstukken MRDH 2020 start op 19 mei a.s. als de voorlopige jaarstukken in de bestuurscommissie Vervoersautoriteit en de bestuurscommissie Economisch Vestigingsklimaat worden besproken. Op 17 mei a.s. worden de jaarstukken 2020 behandeld in de Rekeningcommissie MRDH. Deze commissie, waar vanuit elke gemeente een raadslid aan deelneemt, voert het jaarrekening onderzoek uit en brengt verslag inclusief een advies uit aan het algemeen bestuur van de MRDH. De Rekeningcommissie is daarmee hét controlerend orgaan van de raadsleden. Dit laat onverlet dat het aan de gemeenten zelf is of en hoe ze de concept jaarstukken met de eigen MRDH-bestuurders bespreken voordat het algemeen bestuur een besluit neemt op 9 juli a.s. De bestuurlijke behandeling van de jaarstukken MRDH 2020 is als volgt: Wie Bestuurscommissie Vervoersautoriteit Bestuurscommissie Economisch Vestigingsklimaat Rekeningcommissie MRDH Dagelijks bestuur Algemeen bestuur
Wanneer 19-05-2021 19-05-2021 17-05-2021 21-06-2021 09-07-2021
Voor eventuele vragen over de jaarstukken MRDH 2020 kunt u contact opnemen met Martijn Vollering via m.vollering@mrdh.nl.
2
Het dagelijks bestuur van de Metropoolregio Rotterdam Den Haag,
Ahmed Aboutaleb
Jan van Zanen
3
GAD/2021.46 14 april 2021
<Titel Rapport> Accountantsrapport bij de jaarrekening 2020 Metropoolregio Rotterdam-Den Haag (GAD/2021.46) Gemeentelijke Accountantsdienst
1
GAD/2021.46 14 april 2021
Inhoudsopgave
1
Opdracht
3
2
Samenvatting
4
3
Resultaat en financiële positie
5
4
Concessies Openbaar Vervoer
9
5
Interne Beheersing
10
6
Kwaliteit van de jaarrekening
11
7
Rechtmatigheid
12
8
Automatisering
13
9
SISA
14
10
Ondertekening
15
Rapportage Sisa
2
16
GAD/2021.46 14 april 2021
1 Opdracht Onlangs hebben wij de controle van de jaarrekening 2020 van de Gemeenschappelijke Regeling Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) afgerond. De jaarrekening is opgemaakt volgens de voorschriften van het Besluit begroting en verantwoording (BBV). Onze controle is uitgevoerd met inachtneming van het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (BADO), de Controleverordening MRDH 2014 en het Controleprotocol accountantscontrole MRDH jaarrekening 2020-2021. Onze controle resulteert in een oordeel over zowel de getrouwheid als de rechtmatigheid. Voor de oordeelsvorming hebben we conform het BADO een goedkeuringstolerantie van 1% voor onjuistheden en 3% voor onzekerheden toegepast. Bij een exploitatieomvang van € 736,8 miljoen is dit € 7,4 miljoen respectievelijk € 22,1 miljoen. De rapportagetolerantie is € 0,125 miljoen. Dit rapport bevat de uitkomsten van ons onderzoek.
3
GAD/2021.46 14 april 2021
2 Samenvatting De Gemeenschappelijke Regeling MRDH is in december 2014 opgericht doordat de bestaande plusregio’s bij wet werden afgeschaft (Wet afschaffing plusregio’s). De 23 gemeenten binnen de regio’s Rotterdam en Haaglanden werken samen in de MRDH. De MRDH is per 1 januari 2015 aangewezen als vervoersautoriteit.
2.1
Strekking van de controleverklaring
Onze controle van de jaarrekening heeft geleid tot een goedkeurende controleverklaring voor zowel de getrouwheid als de rechtmatigheid. Voor onze oordeelsvorming zijn de goedkeuringstoleranties voor onjuistheden 1% (€ 7,3 miljoen), en voor onzekerheden 3% (€ 22,1 miljoen). Het totaal aan bevindingen is lager dan de goedkeuringstoleranties.
2.2
Kwaliteit toelichtingen concessessies en projecten verbeterd
De toelichtingen in de jaarrekening van de concessies en de projecten geven nu meer inzicht door de toevoeging van het meerjarig beeld en de voortgang van de realisatie in het verslagjaar. Hierdoor heeft de lezer een beter beeld over de financiele voortgang van concessies en projecten.
2.3
Sturing voortgang van projecten en begroting gaat beter
Sturing op basis van (verwachte) voortgang van de (project) subsidies is voor de MRDH lastig. Begrotingsverschillen zullen daardoor aan de orde blijven. Deels wordt dit veroorzaakt door het voor sommige projecten nog gehanteerde kasstelsel en deels omdat de MRDH afhankelijk is van informatie van de subsidie-ontvangers. Uit de toelichtingen bij de programma’s zal dat naar voren komen. In hoofdstuk 5 interne beheersing gaan we hier nader op in.
4
2.4
Effecten Covid-19 over 2020 vallen voor MRDH mee, actieve monitoring blijft nodig
De financiële effecten van Covid-19 vallen voor MRDH in 2020 mee: het grootste risico zit bij de concessies en financiering openbaar vervoersbedrijven: de OVbedrijven ontvangen via de MRDH van het rijk voor 2020 een specifieke uitkering (in totaal € 118 miljoen) om de derving van reizigersbaten mee op te vangen. Deze regeling loopt door tot en met 2021. De subsidieverplichting voor genormeerde reizigersopbrengsten heeft MRDH versoepeld. Voor de uitstaande leningen voor rollend materieel en infrastructuur wordt vooralsnog geen aanvullend risico gelopen. Waakzaamheid blijft geboden.
2.5
Financiële positie MRDH: fonds BDU positief
In 2019 werd in de begroting 2020 een negatief saldo voor 2020 en 2021 voor het fonds BDU verwacht. De MRDH heeft maatregelen getroffen om dit te voorkomen: enerzijds door strakkere sturing op de projecten en anderzijds door een heroverweging van (de fasering van) projecten. In de begroting 2021 wordt tot en met 2024 geen tekort verwacht.
2.6
Totaalbeeld positief, lijn vasthouden
Ons algehele beeld is dat de MRDH haar financiële processen beheerst met als blijvend belangrijk aandachtspunt een goede inbedding van baten/lasten voor subsidieprojecten. Uit ons onderzoek blijkt dat de MRDH de verbeterpunten oppakt en daarin voortgang laat zien.
GAD/2021.46 14 april 2021
3 Resultaat en financiële positie
De samenstelling van de baten en lasten is in hoofdlijnen als volgt: •
Een belangrijk deel van de bestedingen betreft de concessies openbaar vervoer (€ 316 miljoen exclusief apparaatskosten). De concessiebestedingen zijn met € 118 miljoen toegenomen ten opzichte van 2019 vanwege de specifieke uitvoering Beschikbaarheidsvergoeding Openbaar vervoer (BVOV).
•
Daarnaast is sprake van projecten voor beheer en onderhoud infra € 198 miljoen, projecten in het kader van verkeer (€ 122 miljoen) en projecten netwerk openbaar vervoer (€ 57 miljoen). De projecten zijn veelal jaaroverschrijdend waardoor de bestedingen over de jaren fluctueren en daarmee de verklaring zijn voor de daling van € 79 miljoen ten opzichte van 2019.
•
De activiteiten voor Verkeer en Openbaar Vervoer (exclusief financiering) worden bekostigd uit de Brede Doel Uitkering (BDU) (€ 534 miljoen), bijdrage van het Rijk voor de Rotterdamse Baan (€ 45 miljoen), de specifieke uitkering BVOV (€ 118 miljoen) en overige baten (€ 8 miljoen);
•
De bestedingen aan projecten voor het economisch vestigingsklimaat bedragen € 4,6 miljoen. Deze worden gefinancierd uit de inwonerbijdrage (€ 6,3 miljoen) waarvan € 1,3 miljoen bestemd is voor de overhead;
•
Met de financiering van de OV-bedrijven is € 13 miljoen aan rentelasten gemoeid (omvang financiering € 1,2 miljard). De vervoerders betalen daar bovenop € 7,4 miljoen renteopslag voor marktconformiteit die aan de risicoreserve financieringen wordt toegevoegd. Ultimo 2020 heeft de reserve een stand van € 25,7 miljoen (ondergrens € 27 miljoen);
•
De totale apparaatslasten bedragen circa € 10,5 miljoen (inclusief € 6,2 miljoen overhead conform definities BBV). De dekking van de apparaatslasten vindt plaats uit het fonds BDU (€ 8,4 miljoen), de inwonersbijdrage economisch vestigingsklimaat (€ 2,1 miljoen) en € 0,04 miljoen uit een specifieke bestemmingsreserve.
In deze paragraaf besteden we aandacht aan de financiële positie van de MRDH, bestaande uit een analyse van het resultaat en de solvabiliteit, de liquiditeit en de ontwikkeling van de verkeer- en vervoersfondsen op de lange termijn.
3.1
Inzicht in de samenstelling van de explitatie
In de onderstaande grafiek is in hoofdlijnen de besteding van de middelen over 2020, in totaal € 737 miljoen (voorgaand jaar € 686 miljoen) weergegeven. De toename ten opzichte van voorgaand jaar komt doordat enerzijds in verband met Covid-19 extra rijksgeld is gegaan naar vervoersbedrijven en anderzijds minder middelen zijn besteed aan verkeer- en vervoersprojecten. Bestedingen 2020 € 737 mln. 4 Exploitatie OV Beleid en programmering
11 7 9 57
Concessies Beheer en onderhoud infra
122
Financiering OV 316 Verkeer Projectkosten
13
Netwerk Openbaar Vervoer EV programmakosten
198
Apparaat incl. Overhead Dotaties reserves
5
GAD/2021.46 14 april 2021
3.2
Het saldo van baten en lasten ten opzichte van begroting nagenoeg nihil (€ 0,8 mln V)
Bij de MRDH is sprake van drie programma’s en het overzicht Overhead met een saldo van baten en lasten voor bestemming van € 0,8 miljoen voordelig. Het saldo ten opzichte van de begroting bedraag € 0,8 miljoen voordelig als gevolg van een hogere rentebaat (risico-opslag) voor de leningen aan de vervoerders (€ 0,2 miljoen) en als gevolg van onderbesteding op het programma Economisch vestigingsklimaat (€ 0,6 miljoen).
mogelijk maakt. Sommige kengetallen, zoals belastingcapaciteit en grondexploitaties zijn voor de MRDH niet relevant. Vanwege de bijzondere financiering (bestedingen worden verrekend met de BDU) en de bijzondere leningenportefeuille (voor financiering kapitaal van vervoersbedrijven) zeggen de andere kengetallen niet zoveel over de financiële positie. Het begrip van de balans, de risico’s en de ontwikkeling van de BDU in meerjarig perspectief in relatie tot het meerjarig investeringsplan (IPVa) zijn van belang om de financiële positie van de MRDH te begrijpen.
De grootste verschillen ten opzichte van de begroting zijn: •
de specifieke uitkering beschikbaarheidsvergoeding openbaar vervoer € 23 miljoen hogere lasten en baten als gevolg van raming op basis van 80% in plaats van verwachte realisatie van 100%;
•
lagere bestedingen van projecten dan begroot € 51 miljoen (€ 68 minus vrijval € 16,7 mln) (en even grote lagere onttrekking uit BDU-fonds) als gevolg van vertraging in de besluitvorming van projecten, de latere start van de uitvoering en in de operationele voorgang van de projecten. Dit is veelal geen voordeel maar fasering van de bestedingen naar komend jaar en verder;
•
de afrekening van oudere projecten heeft geleid tot een voordeel van € 16,7 miljoen. Dit bedrag was niet begroot. Per saldo vloeit dit terug in het BDUfonds en is voor nieuwe projecten beschikbaar.
In de jaarrekening zijn de verschillen toereikend toegelicht. Een verbetering ten opzichte van voorgaand jaar is een betere toelichting van de projecten verkeer en openbaar vervoer en de openbaar vervoer concessies. Zowel bij de programmatoelichting als op de balans.
3.3
Voorgeschreven financiële kengetallen alleen geven niet het beeld over de financiële positie
In het BBV zijn vijf financiële kengetallen voorgeschreven die informatie geven over de financiële positie en daarmee de vergelijking met andere vervoersregio’s 6
3.4
Solvabiliteit beperkt, risico’s worden opgevangen door inzet beheersinstrumenten
De solvabiliteit geeft inzicht in de mate waarin de MRDH op termijn aan haar verplichtingen kan voldoen. Het weerstandsvermogen is daarvoor een belangrijke indicator. De MRDH heeft ultimo 2020 een weerstandscapaciteit van € 26 miljoen (3% van het totaal aan lasten van € 737 miljoen) dat vrijwel volledig gericht is op de financieringsrol van de MRDH richting de vervoerders. Voor de overige risico’s die samenhangen met de activiteiten verkeer en vervoer wordt geen weerstandscapaciteit opgebouwd omdat op deze activiteiten directe bijsturing (minder projecten) mogelijk is. In de Gemeenschappelijke Regeling zijn geen specifieke bepalingen opgenomen om eventuele tekorten op te vangen, behalve in geval van liquidatie van de gemeenschappelijke regeling. Het risicoprofiel van de MRDH wordt in hoge mate beïnvloed door de financiering van railvoertuigen en infrastructuur van de RET en HTM en het verstrekken van bussenleningen aan de vervoerders. Het behelst een bedrag van € 1,1 miljard. De (rail)voertuigen en infrastructuur vertegenwoordigen een boekwaarde van € 1,5 miljard en een (geschatte) economische waarde (65% van boekwaarde) van circa €960 miljoen. Deze voertuigen en infrastructuur dienen als zekerheidsstelling. Voor 2021 en 2022 staan aflossingsverplichtingen voor een bedrag van € 110 miljoen gepland.
De verwachte te ontvangen rente voor 2021 is € 22 miljoen (inclusief risico-opslag). De MRDH monitort met de vervoerders de financiële effecten van het Corona-virus. Van het rijk is zoals eerder genoemd voor 2020 een bijdrage van € 118 miljoen ontvangen om de derving van reizigersopbrengsten van OV-bedrijven op te vangen. Deze regeling is ook voor 2021 van toepassing.
GAD/2021.46 14 april 2021
Daarnaast heeft de MRDH de afgelopen jaren een risico-buffer van € 26 miljoen opgebouwd voor de leningenportefeuille aan concessiehouders. Tevens heeft de MRDH andere instrumenten uit hoofde van haar rollen als opdrachtgever concessie en aandeelhouder RET-HTM om terugbetalingsrisico’s te mitigeren.
Hieruit blijken twee ontwikkelingen:
Tijdige informatievoorziening over deze risico’s aan de gemeenten is van groot belang. De MRDH onderkent dit. In de jaarrekening is op pagina 56 toegelicht dat op dit moment geen sprake is van een duurzame waardevermindering of van aanpassing van de risicoberekening.
•
3.5
Ontwikkeling verkeer- en vervoersfondsen op korte termijn negatief saldo
Voor de BDU-taken is voor 2020 circa € 525 miljoen aan rijksmiddelen toegekend en de omvang van het fonds bedraagt momenteel € 131 miljoen. In de onderstaande grafiek is het verloop weergegeven. Verloop fonds BDU 2015-2024 ( € mln.)
•
Voorgaande jaren rapporteerden wij dat door hogere bestedingen het fonds negatief zou worden. Uit de begroting 2021-2024 blijkt dat de verwachte bestedingen zijn aangepast zodat het fonds positief blijft. Het planningsoptimisme blijkt uit het verschil van de stand van het fonds BDU eind 2020 (€ 131 miljoen) ten opzichte van de begroting 2020 (€ 22 miljoen).
Het beheersen van het planningsoptimisme (ofwel een realistische planning) blijft een belangrijk aandachtspunt voor de bedrijfsvoering van de MRDH. De MRDH heeft maatregelen geïmplementeerd om in meerjarig perspectief de bestuurlijke wensen, het planningsoptimisme, de budgettaire kaders (BDU), het bestedingsbegrip, de overbesteding, de meerjarenbegroting en de (meerjarige) liquiditeitsprognose op elkaar af te stemmen. Het is zaak om de ingezette verbeteringen vast te houden.
3.6
Liquiditeitsplanning projecten op orde
De liquiditeit van de MRDH is (nagenoeg volledig) benodigd voor de uitvoering van verkeers- en vervoersprojecten in het werkgebied van de MRDH. Deze middelen zijn niet vrij beschikbaar maar moeten binnen de kaders van de Wet BDU verkeer en vervoer worden ingezet. Een middellange termijn en lange termijn liquiditeitsplanning heeft de MRDH beschikbaar om de sturing op de steeds schaarser wordende liquide middelen vorm te geven.
600
500
400
300
200
3.7
100
0 2015
2016
2017
2018
2019
Werkelijke stand
7
2020
2021
Begroting
2022
2023
2024
Financiële instrumenten € 1,1 miljard (in 2019 € 1,2 miljard)
De MRDH heeft een aantal financiële instrumenten ter ondersteuning van haar activiteiten. De MRDH heeft geen derivaten in haar portefeuille. Alle in 2020 uitgevoerde treasury-transacties voldoen aan zowel de wettelijke als de eigen treasurybepalingen. De MRDH kent de volgende instrumenten: •
Voor de financiering van investeringen in rollend materieel en railinfrastructuur verstrekt de MRDH leningen aan de RET, HTM en EBS
GAD/2021.46 14 april 2021
(€ 1,1 miljard). Tegenover deze langlopende leningen aan de HTM en RET staan even grote opgenomen leningen van de BNG en de Waterschapsbank met dezelfde looptijden, aflossingsschema’s en rentepercentages. Daar bovenop moet de MRDH vanwege marktconformiteit een renteopslag hanteren van minimaal 0,6%. De renteopslag wordt aan een reserve toegevoegd om risico’s op te vangen (zie daarvoor ook de risicoparagraaf in de jaarrekening). •
Op basis van subsidieverplichtingen is in 2016 een voorschot van € 65 miljoen verstrekt aan de gemeente Rotterdam voor een deelproject van het project Verlenging A13-A16 voordat de gesubsidieerde activiteit daadwerkelijk is gestart. Tot en met 2020 is voor € 18 miljoen aan werkzaamheden uitgevoerd waardoor de voorfinanciering is afgenomen tot € 47 miljoen.
•
De tijdelijk niet benodigde middelen zijn grotendeels gestort in de Rijks Schatkist (€ 183 miljoen) conform de regeling Schatkistbankieren.
8
GAD/2021.46 14 april 2021
4 Concessies Openbaar Vervoer
neemt het vaststellingsproces enige tijd in beslag en is toegelicht dat nog niet alles van 2018 en 2019 is vastgesteld.
4.1
Bij de RET was sprake van een inhoudelijk meningsverschil over een post van (jaarlijks) € 2,4 miljoen waardoor 2017, 2018 en 2019 nog niet zijn vastgesteld. De MRDH is in het gelijk gesteld. De subsidies zullen naar verwachting in 2021 worden vastgesteld als de RET aangepaste verantwoordingsstukken heeft ingediend. Voor het resultaat van de MRDH heeft dit geen effect.
De MRDH heeft drie verschillende rollen bij RET en HTM
De MRDH heeft met betrekking tot de RET en HTM drie rollen te vervullen: als opdrachtgever voor het verlenen van de meerjarige concessie (in 2020 circa € 380 miljoen, nog circa 10 jaar), als financier van het spoor en rollend materieel (€1,1 miljard), en als aandeelhouder (€ 1.001) met bijzondere rechten. De MRDH heeft adequate maatregelen getroffen om deze rollen beheers- en beleidsmatig te scheiden en in geval van een conflict te escaleren. Zoals eerder aangegeven heeft COVID-19 een belangrijke impact op de exploitatie van deze twee verbonden partijen. Hierbij trekt de MRDH samen op met de vervoerders en met het Rijk. Scherpte in de rollen blijft hierbij belangrijk alsmede communicatie met de deelnemende gemeenten over risico’s.
4.2
De regeling Beschikbaarheidsvergoeding Openbaar vervoer (BVOV) € 118 mln
Voor 2020 is aan de MRDH uit hoofde van de regeling Specifieke uitkering Beschikbaarheidsvergoeding Openbaar vervoer (BVOV) een bedrag van € 118 miljoen verleend. Dit bedrag is voor 80% ontvangen en doorbetaald aan de vervoerders. Bij de afrekening in 2021 wordt het restant verrekend. In de begroting 2020 is uitgegaan van 80% terwijl als besteding (lasten) 100% is verantwoord. De verantwoording vindt plaats via de Sisa-bijlage. Hierbij wordt veel detailinformatie gevraagd die de vervoerders nog niet beschikbaar hebben. Daardoor heeft het rijk bepaald dat bij de bestedingsindicatoren nihil wordt ingevuld. In de Sisa-bijlage over 2021 worden de gegevens over 2020 ingevuld.
4.3
Stand van zaken subsidievaststellingen
In de jaarrekening is een toelichting opgenomen over de stand van zaken over de subsidievaststellingen inzake de concessies. Dit is een goede toevoeging ten opzichte van voorgaand jaar. Vanwege de complexiteit van de concessieafspraken, de verantwoording daarover en de interne toets op de naleving van de afspraken 9
GAD/2021.46 14 april 2021
5 Interne Beheersing 5.1
Aandachtspunt is het tijdig vaststellen van de concessie-subsidies binnen de termijn zoals die in de verordening is gesteld. In de praktijk blijkt dit niet haalbaar vanwege de (financiële) complexiteit. We raden aan na te gaan wat verstandig is om dit te verbeteren (wellicht aanpassen verordening).
5.2
Fiscale beheersing op orde, wel dispuut met Belastingdienst
Voortgang van de overige verbeterpunten ligt op koers
De processen van de MRDH bestaan hoofdzakelijk uit het subsidieproces, en daarnaast het inkoopproces, treasury-proces en het salarisproces. Ons algehele beeld over de interne beheersing is dat de MRDH haar processen beheerst. De opmerkingen uit het accountantsrapport van voorgaand jaar en de managementletter van december 2020 zijn opgepakt. De stand van zaken is als volgt: •
Het op elkaar af stemmen van de bestuurlijke wensen, het planningsoptimisme, de budgettaire kaders (BDU), de overbesteding, de meerjarenbegroting en de (meerjarige) liquiditeitsprognose en de afhankelijkheid van derden die projecten plannen en uitvoeren, is een complex proces. Uit de verschillen tussen de begroting en de werkelijke stand blijkt dat dit proces steeds meer beheerst wordt. Het is belangrijk om de aandacht hiervoor vast te houden.
•
Voor verkeersprojecten met een subsidiebedrag groter dan € 1 miljoen wordt in de (project)administratie inzicht gegeven in de (jaarlijkse) voortgang van het project en kunnen dus de (jaar)kosten van het subsidieproject dus op een vrij eenvoudige wijze worden bepaald. Hiervoor wordt (tussentijds) afgestemd met de subsidieontvanger over de voortgang van het subsidieproject. Dit kan nog verder worden uitgewerkt door ook voor openbaar vervoer projecten (AROV, Netwerk Randstadrail, Hoekse Lijn, Lijn 19 etc.) tussentijds inzicht te bieden.
•
Daarnaast blijft aandacht nodig voor het tijdig vaststellen van subsidieverantwoordingen door subsidieontvangers aan te sporen tijdig verantwoordingen in te dienen. In de administratie staan nog subsidieverleningen van oudere jaren die nog niet zijn vastgesteld doordat subsidieafrekeningen van de betreffende gemeente nog niet zijn ontvangen. Hierdoor blijven mogelijk middelen nog beklemd voor oudere projecten. Over 2020 is circa € 16 miljoen aan oude verplichtingen vrijgevallen.
10
•
De twee belangrijke fiscale processen hebben betrekking op de beheersing van de btw-bcf en op de vennootschapsbelasting en zijn op orde. In 2020 heeft de MRDH van de Belastingdienst aanslagen vennootschapsbelasting ontvangen over 2016 – 2019 van circa € 6,5 miljoen voor de financieringsactiviteiten voor concessiehouders. De MRDH heeft bezwaar gemaakt tegen deze aanslagen. Om te voorkomen dat de Belastingdienst achteraf rente in rekening brengt heeft de MRDH deze aanslagen wel betaald (transitorische post in de balans).
GAD/2021.46 14 april 2021
6 Kwaliteit van de jaarrekening 6.1
De jaarstukken voldoen aan het BBV, toelichting en analyse van de verschillen is verbeterd
De jaarstukken van de MRDH zijn overeenkomstig het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) opgesteld. De MRDH heeft de jaarstukken voor de wettelijke datum van 15 april 2021 aangeboden aan de deelnemende gemeenten. De kwaliteit van de jaarstukken en de toelichtingen in de jaarrekening 2020 zijn verbeterd door het opnemen van een financiële toelichting over de majeure rail- en bus concessies en het meerjarig perspectief en een analyse van de voortgang van de grote projecten (o.a. Rotterdamse Baan, Hoekse lijn, Netwerk Randstadrail etc.). Nu is het voor de gebruiker gemakkelijker om een beeld te vormen over de omvang van en bijzonderheden over de activiteiten in 2020. Daarnaast is de benoeming van de balansposten in lijn gebracht met de omschrijvingen overeenkomstig de BBV.
6.2
Rapportage van bevindingen conform controleprotocol 2020
Voor onze oordeelsvorming zijn de goedkeuringstoleranties voor onjuistheden 1% (€ 7,4 miljoen), en voor onzekerheden 3% (€ 22,1 miljoen). Het totaal aan bevindingen is lager dan de goedkeuringstoleranties zodat een goedkeurende controleverklaring is verstrekt. Rapportagewaardige financiële onzekerheden en/of bedenkingen hoger dan € 125.000 (Controleprotocol MRDH 2020) zijn als volgt: •
11
de operationele voortgang van de projecten is gebaseerd op schattingen die van begunstigden zijn ontvangen. Aan schattingen zijn inherent onzekerheden verbonden. Opgemerkt wordt dat schattingsonzekerheden op subsidieprojecten in meerjarig perspectief per saldo geen financieel effect hebben omdat niet meer dan het maximale bedrag uit de subsidiebeschikking wordt uitbetaald. Alleen de jaarschijfbedragen kunnen verschillen ten opzichte van de begroting. De schattingsonzekerheden liggen binnen de tolerantiegrenzen van 3%.
GAD/2021.46 14 april 2021
7 Rechtmatigheid 7.1
Rechtmatigheid op orde, verbeterpunten zijn transparant toegelicht
Bij onze controle hebben we de financiële rechtmatigheid betrokken zoals vastgelegd in het controleprotocol MRDH 2020-2021. Voor de MRDH heeft dit betrekking op de begrotingsrechtmatigheid, de Financiële verordening, het Treasury-statuut, personele regelingen en de relevante rijksregelgeving (BDUVerkeer & Vervoer, en Regionale mobiliteitsfondsen). Uit ons onderzoek blijken de volgende bijzonderheden ten aanzien van financiële en niet-financiële rechtmatigheid: • • •
• • •
7.2
het Treasurystatuut is nageleefd; er is geen sprake van begrotingsoverschrijdingen die in het rechtmatigheidsoordeel moeten worden betrokken. de Financiële verordening is voor één (niet financiële bepaling) artikel niet geheel nageleefd (zie ook jaarrekening hoofdstuk 3.4.3 onderdeel Rechtmatigheid); de controle van de Sisa-bijlage heeft niet geleid tot bevindingen ten aanzien van rechtmatigheid; de MRDH voldoet aan de Europese aanbestedingsregels; de regels voor de Wet Normering Topinkomens (WNT) zijn door de MRDH nageleefd.
MRDH op koers voor Rechtmatigheidsverantwoording miv 2021
Met ingang van de jaarrekening 2021 geeft de accountant geen rechtmatigheidsoordeel maar alleen een getrouwheidsoordeel. Het dagelijks bestuur neemt in de jaarrekening zelf een verantwoording op met de rechtmatigheidsbevindingen. De accountant controleert de getrouwheid van deze verantwoording. Om deze verantwoording te kunnen opstellen heeft de MRDH een monitoring van de rechtmatigheid nodig.
12
In paragraaf 3.4.3 Rechtmatigheid doet de MRDH verslag van rechtmatigheidsbevindingen. Deze paragraaf wordt gevuld met de door de afdeling interne controle uitgevoerde rechtmatigheidsonderzoeken. Deze onderzoeken vormen een goede basis om een rechtmatigheidsverantwoording te kunnen opstellen. We bevelen de MRDH aan tijdig kennis te nemen van (actuele) uitingen van de commissies BADO en BBV over de inrichting van de rechtigmatigheidsverantwoording bij het verder optimaliseren van het proces opdat dit ook voldoet aan de eisen van de BBV. Bij ons interimonderzoek over 2021 zullen we aandacht besteden aan de inrichting van het proces voor opstellen van de rechtmatigheidsverantwoording.
GAD/2021.46 14 april 2021
8 Automatisering 8.1
Geen bijzonderheden over continuïteit, betrouwbaarheid van gegevensverwerking
Bij de verwerking van gegevens maakt de MRDH gebruik van een geautomatiseerd financieel systeem AFAS (een cloud-applicatie) en een netwerkomgeving waarin documenten worden geadministreerd. Daar waar wij bij de jaarrekeningcontrole gebruik maken van deze systemen (vooral AFAS) is ons niet gebleken dat sprake is van bijzonderheden ten aanzien van de betrouwbaarheid en de continuïteit van de geautomatiseerde gegevensverwerking.
8.2
Interne beheersing IT: verbeteringsproject 2019 op koers
Voor IT-security is het van belang dat de MRDH toereikende maatregelen heeft genomen om de risico’s ten aanzien van veiligheid (betrouwbaarheid en continuïteit) van informatie te mitigeren. Daarbij moeten deze maatregelen aansluiten met de uitkomsten van een risicoanalyse terzake en dient periodiek te worden gemonitord dat deze maatregelen ook werken en dus effectief zijn. De eisen die voor gemeenten hieraan worden gesteld zijn vastgelegd in het BIG (Besluit Informatieveiligheid Gemeente). Deze voorschriften bieden een goed referentiekader voor de invulling van IT-security. Het IT-beheer van de technische infrastructuur is uitbesteed aan de gemeente Den Haag waaronder de (beveiliging van) mobile devices als laptops, smartphones en tablets. Tevens zijn veiligheidsmaatregelen getroffen ten aanzien van de vertrouwelijkheid van de MRDH-data: deze zijn overigens niet toegankelijk voor de gemeente Den Haag. Met het uitbesteden van IT-beheer heeft de MRDH vooral de regierol om IT-security up to date te houden. De MRDH streeft continu naar verbeteringen op het gebied van gebruiksvriendelijkheid, veilig werken en documentenbeheer. Dit heeft geresulteerd in het vaststellen van de Roadmap ICT 2021.
13
8.3
Wet bescherming persoonsgegevens beperkt risico
De meldplicht datalekken is beperkt van toepassing op de MRDH: niet van toepassing op het primaire proces, maar wél voor de ondersteunende processen HRM en Salarisverwerking. De MRDH loopt geen grote risico’s terzake.
GAD/2021.46 14 april 2021
9 SISA 9.1
SISA: geen bevindingen
Voor de jaarrekening geldt het principe van Single Information en Single Audit (SISA) voor specifieke uitkeringen van het Rijk. Kenmerkend voor SISA is dat verantwoording aan het Rijk wordt afgelegd via een bijlage bij de jaarrekening. De accountantscontrole van de specifieke uitkeringen is onderdeel van de reguliere controle van de jaarrekeningen, waarbij het Rijk aanvullende eisen stelt. Wij hebben de verantwoorde SISA prestaties en bestedingen over 2020, zoals opgenomen op pagina 117-119 van de jaarrekening van de MRDH, gecontroleerd. Deze controle is uitgevoerd volgens de daarop betrekking hebbende wet- en regelgeving zoals gebundeld in de BZK-circulaire SISA en de definitieve verantwoordingsbijlage. Uit onze controle komen geen bevindingen naar voren.
14
GAD/2021.46 14 april 2021
10 Ondertekening GAD Den Haag, 14 april 2021
Origineel ondertekend door Drs. G.L. Vleugels RE RA
15
Gemeente Den Haag GAD/2021.46.1 14 april 2021
Wij zijn onafhankelijk van de MRDH zoals vereist in de Wet toezicht accountantsorganisaties (Wta), de Verordening inzake de onafhankelijkheid van accountants bij assurance-opdrachten (ViO) en andere voor de opdracht relevante onafhankelijkheidsregels in Nederland. Verder hebben wij voldaan aan de Verordening gedrags- en beroepsregels accountants (VGBA). Wij vinden dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel.
Materialiteit Op basis van artikel 2 lid 1 van het Bado hebben wij de materialiteit voor de jaarrekening als geheel bepaald op € 7,4 miljoen, waarbij de bij onze controle toegepaste goedkeuringstolerantie voor fouten 1% en voor onzekerheden 3% van de totale lasten bedraagt, inclusief toevoegingen aan reserves. Daarbij zijn voor de controle van de in de jaarrekening opgenomen WNT-informatie de materialiteitsvoorschriften gehanteerd zoals vastgelegd in de Regeling Controleprotocol WNT 2020. Wij houden ook rekening met afwijkingen en/of mogelijke afwijkingen die naar onze mening voor de gebruikers van de jaarrekening om kwalitatieve redenen materieel zijn, zoals ook bedoeld in artikel 3 Bado. Wij zijn met het Algemeen Bestuur overeengekomen dat wij tijdens onze controle geconstateerde afwijkingen boven de € 125.000 rapporteren, alsmede kleinere afwijkingen die naar onze mening om kwalitatieve, SiSa- of WNT-redenen relevant zijn.
B. Verklaring over het in de jaarstukken opgenomen jaarverslag en de andere informatie
De jaarstukken bestaan uit de jaarrekening en andere informatie waaronder het jaarverslag. Op grond van onderstaande werkzaamheden zijn wij van mening dat: •
• •
het jaarverslag, zijnde de programmaverantwoording (hoofdstuk 2 onder ‘Wat wilden we bereiken’ en ‘Wat is er voor gedaan’), de paragrafen (hoofdstuk 3), het Voorwoord, hoofdstuk 1 Samenhang en opbouw jaarrekening MRDH, verenigbaar is met de jaarrekening; het jaarverslag alle informatie bevat die op grond van het BBV is vereist; de andere informatie opgenomen in het jaarverslag en/of andere in de jaarstukken opgenomen onderdelen geen materiële afwijkingen bevat.
We hebben de andere informatie gelezen en hebben op basis van onze kennis en ons begrip, verkregen vanuit de jaarrekeningcontrole of anderszins, overwogen of de andere informatie materiële afwijkingen bevat. Met onze werkzaamheden hebben wij voldaan aan de vereisten in de Gemeentewet en de Nederlandse Standaard 720. Deze werkzaamheden hebben niet dezelfde diepgang als onze controlewerkzaamheden bij de jaarrekening. Het Dagelijks Bestuur van de MRDH is verantwoordelijk voor het opstellen van de andere informatie, waaronder het jaarverslag in overeenstemming met het BBV.
2/4
Gemeente Den Haag GAD/2021.46.1 14 april 2021
C. Beschrijving van verantwoordelijkheden met betrekking tot de jaarrekening Verantwoordelijkheden van het Dagelijkse Bestuur en het Algemeen Bestuur voor de jaarrekening Het Dagelijks Bestuur van de MRDH is verantwoordelijk voor het opmaken en getrouw weergeven van de jaarrekening in overeenstemming met het BBV. Het Dagelijks Bestuur van de MRDH is ook verantwoordelijk voor het rechtmatig tot stand komen van de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties, in overeenstemming met de begroting en met de relevante wet- en regelgeving, waaronder verordeningen van de MRDH. In dit kader is het Dagelijks Bestuur van de MRDH tevens verantwoordelijk voor een zodanige interne beheersing als het noodzakelijk acht om het opmaken van de jaarrekening en de rechtmatige totstandkoming van baten, lasten en balansmutaties mogelijk te maken zonder afwijkingen van materieel belang als gevolg van fraude of fouten. Het Algemeen Bestuur is als kaderstellend en controlerend orgaan op grond van de statuten verantwoordelijk voor het uitoefenen van toezicht op het proces van financiële verslaggeving van de MRDH.
Onze verantwoordelijkheden voor de controle van de jaarrekening Onze verantwoordelijkheid is het zodanig plannen en uitvoeren van een controleopdracht dat wij daarmee voldoende en geschikte controle-informatie verkrijgen voor het door ons af te geven oordeel. Onze controle is uitgevoerd met een hoge mate, maar geen absolute mate van zekerheid waardoor het mogelijk is dat wij tijdens onze controle niet alle materiële fouten en fraude ontdekken. Afwijkingen kunnen ontstaan als gevolg van fouten of fraude en zijn materieel indien redelijkerwijs kan worden verwacht dat deze, afzonderlijk of gezamenlijk, van invloed kunnen zijn op de economische beslissingen die gebruikers op basis van deze jaarrekening nemen. De materialiteit beïnvloedt de aard, timing en omvang van onze controlewerkzaamheden en de evaluatie van het effect van onderkende afwijkingen op ons oordeel. Wij communiceren met het Algemeen Bestuur onder andere over de geplande reikwijdte en timing van de controle en over de significante bevindingen die uit onze controle naar voren zijn gekomen, waaronder eventuele significante tekortkomingen in de interne beheersing. Een meer gedetailleerde beschrijving van onze verantwoordelijkheden is opgenomen in de bijlage bij onze controleverklaring.
GAD Den Haag, 14 april 2021
Origineel ondertekend door
drs. G.L. Vleugels RE RA accountant
3/4
Gemeente Den Haag GAD/2021.46.1 14 april 2021
Bijlage bij controleverklaring
Wij hebben deze accountantscontrole professioneel kritisch uitgevoerd en hebben waar relevant professionele oordeelsvorming toegepast in overeenstemming met de Nederlandse controlestandaarden, het Bado, het controleprotocol WNT, de Controleverordening MRDH 2014 (vastgesteld door Algemeen Bestuur op 19 december 2014) en het Controleprotocol MRDH Accountantscontrole 2020-2021 (vastgesteld door het Algemeen Bestuur op 11 december 2020), ethische voorschriften en de onafhankelijkheidseisen. Onze controle bestond onder andere uit: •
het identificeren en inschatten van de risico’s dat de jaarrekening afwijkingen van materieel belang bevat als gevolg van fouten of fraude dan wel het niet rechtmatig tot stand komen van baten en lasten alsmede de balansmutaties, het in reactie op deze risico’s bepalen en uitvoeren van controlewerkzaamheden en het verkrijgen van controle-informatie die voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel. Bij fraude is het risico dat een afwijking van materieel belang niet ontdekt wordt groter dan bij fouten. Bij fraude kan sprake zijn van samenspanning, valsheid in geschrifte, het opzettelijk nalaten transacties vast te leggen, het opzettelijk verkeerd voorstellen van zaken of het doorbreken van de interne beheersing;
•
het verkrijgen van inzicht in de interne beheersing die relevant is voor de controle met als doel controlewerkzaamheden te selecteren die passend zijn in de omstandigheden. Deze werkzaamheden hebben niet als doel om een oordeel uit te spreken over de effectiviteit van de interne beheersing van de gemeente;
•
het evalueren van de geschiktheid van de gebruikte grondslagen voor financiële verslaggeving, de gebruikte financiële rechtmatigheidscriteria en het evalueren van de redelijkheid van schattingen door het Dagelijks Bestuur en de toelichtingen die daarover in de jaarrekening staan;
•
het evalueren van de presentatie, structuur en inhoud van de jaarrekening en de daarin opgenomen toelichtingen; en
•
het evalueren of de jaarrekening een getrouw beeld geeft van de onderliggende transacties en gebeurtenissen en of de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties in alle van materieel belang zijnde aspecten rechtmatig tot stand zijn gekomen.
4/4
Metropoolregio Rotterdam Den Haag
JAARSTUKKEN 2020
Metropoolregio Rotterdam Den Haag Postbus 21012 3001 AA Rotterdam telefoon: 088-5445100 e-mail:informatie@mrdh.nl website: www.mrdh.nl Document eDocs 75119 14-04-2021 1
Inhoudsopgave
Voorwoord ...................................................................................................................................................................................................................................... 4 Leeswijzer ....................................................................................................................................................................................................................................... 5 Deel 1 Jaarverslag ......................................................................................................................................................................................................................... 6 Hoofdstuk 1 Samenhang en opbouw jaarstukken MRDH ........................................................................................................................................................ 6 1.1 Strategie en resultaten....................................................................................................................................................................................................... 6 1.2 Metropoolregio van, voor en door 23 gemeenten .........................................................................................................................................................
7 1.3 Samenwerking met partners ............................................................................................................................................................................................. 8 1.4 Het resultaat en de voorgestelde bestemming .............................................................................................................................................................. 9 Hoofdstuk 2 Programmaverantwoording ................................................................................................................................................................................. 10 2.1 Programma Exploitatie verkeer en openbaar vervoer ................................................................................................................................................. 10 2.2 Programma Infrastructuur verkeer en openbaar vervoer........................................................................................................................................... 25 2.3 Programma Economisch Vestigingsklimaat...................................................................................................................................................................
36 2.4 Overzicht overhead ........................................................................................................................................................................................................... 51 Hoofdstuk 3 Paragrafen .............................................................................................................................................................................................................. 54 3.1 Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing .................................................................................................................................................. 54 3.2 Paragraaf onderhoud kapitaalgoederen ........................................................................................................................................................................ 60 3.3 Paragraaf financiering en treasury ................................................................................................................................................................................. 63 3.4 Bedrijfsvoering ..................................................................................................................................................................................................................
69 3.4.1 MRDH-organisatie...................................................................................................................................................................................................... 69 3.4.2 Bedrijfsvoering ........................................................................................................................................................................................................... 71 3.4.3 Rechtmatigheid .......................................................................................................................................................................................................... 78 3.5 Verbonden partijen ........................................................................................................................................................................................................... 81 2
3.6 COVID-19 ........................................................................................................................................................................................................................... 84 Deel 2 Jaarrekening..................................................................................................................................................................................................................... 86 Hoofdstuk 4 Overzicht van baten en lasten............................................................................................................................................................................. 87 4.1 Overzicht van baten en lasten per programma ............................................................................................................................................................ 87 4.2 Toelichting op het overzicht van baten en lasten ........................................................................................................................................................ 88 4.2.1 Analyse afwijkingen...................................................................................................................................................................................................
88 4.2.2 Overzicht van de incidentele baten en lasten ....................................................................................................................................................... 88 4.2.3 Overzicht van structurele toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves .................................................................................................... 90 4.2.4 WNT gegevens ........................................................................................................................................................................................................... 91 Hoofdstuk 5 Balans 2020............................................................................................................................................................................................................ 93 5.1 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling .................................................................................................................................................... 94 5.2 Toelichting op de balans ..................................................................................................................................................................................................
98 5.3 Niet uit de balans blijkende verplichtingen ................................................................................................................................................................. 113 5.4 Gebeurtenissen na balansdatum .................................................................................................................................................................................. 114 Deel 3 Overige gegevens ......................................................................................................................................................................................................... 116 Hoofdstuk 6 Besluit ................................................................................................................................................................................................................... 116 Bijlage 1 Verantwoording 2020 conform SiSa ................................................................................................................................................................... 117 Bijlage 2 Overzicht van baten en lasten 2020 per taakveld ............................................................................................................................................
120 Bijlage 3 Controleverklaring ................................................................................................................................................................................................. 121 Bijlage 4: samenstelling bestuursorganen MRDH 2020 (per 31-12-2020) ................................................................................................................... 122 Bijlage 5 Toelichting op gebruikte afkortingen ................................................................................................................................................................. 125
3
Voorwoord 23 gemeenten werken samen in de Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) aan een sterke economie en een goede bereikbaarheid. De jaarstukken 2020 geven een overzicht van de financiële situatie van de MRDH-samenwerking. Cijfers en getallen die verbonden zijn met de ambities van de 23 samenwerkende gemeenten voor het MRDH-gebied. In 2020 sloeg de Corona-crisis toe. Door gericht en samenhangend te investeren in de bereikbaarheid en de economische kracht van het gebied kan de regio straks weer een goede stap vooruit doen. Zo dragen we bij aan economisch herstel, een aantrekkelijke regio en een goede toekomst voor de inwoners van de MRDH. Met de Mainport, de Greenport, high tech en The Hague Security Delta heeft het MRDH-gebied clusters die zich nationaal en internationaal onderscheiden. Investeren in de versterking van de economische structuur kan volgens de OESO leiden tot een structurele economische groei van 2% tot 4% op jaarbasis. Dit vertaalt zich in meer werkgelegenheid voor alle lagen van de beroepsbevolking in de regio. In deze jaarstukken laten de samenwerkende gemeenten zien welke middelen werden ingezet om economische groei te bewerkstellingen en de bereikbaarheid te verbeteren. De 23 gemeenten blijven zich hier sterk voor maken, samen met andere overheden, bedrijven en kennisinstellingen. Samen komen we verder. Jan van Zanen, Ahmed Aboutaleb, Voorzitters
4
Leeswijzer Voor u liggen de jaarstukken 2020 van de gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH). Conform de voorschriften in het Besluit Begroting en Verantwoording1 (BBV) bestaan de jaarstukken uit een jaarverslag (deel 1) een jaarrekening (deel 2) en overige gegevens (deel 3). Deel 1: het jaarverslag bestaat uit de hoofdstukken 1 tot en met 3. Hoofdstuk 1 gaat in op de integrale ambitie en activiteiten van de MRDH met daaraan gekoppeld een overzicht van de integrale jaarrekening. Hoofdstuk 2 betreft de programmaverantwoording van de programma’s Exploitatie verkeer en openbaar vervoer, Infrastructuur verkeer en openbaar vervoer en Economisch Vestigingsklimaat en de verantwoording van de overhead. Hoofdstuk 3 gaat o.a. in op de verplichte paragrafen. Deel 2: de jaarrekening bestaat uit hoofdstuk 4 (overzicht van baten en lasten) en hoofdstuk 5 (balans). Deel 3: overige gegevens bevat het besluit tot vaststelling en de bijlages.
1 De Gemeentewet en de Provinciewet schrijven voor dat elke gemeente en elke provincie jaarlijks begrotings- en verantwoordingsstukken opstellen. Het
Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) bevat de regelgeving daarvoor. Op basis van de wet geldt het BBV ook voor gemeenschappelijke regelingen zoals de MRDH. 5
Deel 1 Jaarverslag Hoofdstuk 1 Samenhang en opbouw jaarstukken MRDH De Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) is een vrijwillige gemeenschappelijke regeling van, voor en door 23 gemeenten en heeft als verlengd lokaal bestuur de status van vervoerregio vanuit de Rijksoverheid gekregen. Daarmee heeft de MRDH wettelijke taken op het gebied van verkeer en vervoer. Zo formuleert de MRDH ten behoeve van de versterking van het economisch vestigingsklimaat regionaal verkeer en vervoersbeleid en is de MRDH opdrachtgever van het regionale en stedelijke openbaar vervoer in de regio Rotterdam Den Haag, waarvoor zij concessies verleent aan vervoerbedrijven. Daarnaast verstrekt de MRDH subsidies voor diverse verkeer- en vervoerprojecten en voor beheer, onderhoud en vervanging van OV-infrastructuur en bevordert zij innovatieve mobiliteitsoplossingen. De MRDH ontvangt hiervoor rechtstreeks middelen van het Rijk. Daarnaast heeft de MRDH taken voor het versterken van het economisch vestigingsklimaat in de regio Rotterdam Den Haag, op het gebied van onder andere werklocaties (bedrijventerreinen, kantorenlocaties en winkelgebieden), Fieldlabs en regionale campussen, digitale connectiviteit en stimuleren van het groengebruik en recreatie. De MRDH ontvangt hiervoor een bijdrage van de 23 gemeenten.
De Jaarstukken 2020 van de gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Rotterdam Den Haag vormen een integrale verantwoording van de MRDH samenwerking met daarin zowel de programma’s voor verkeer en vervoer als een programma voor de versterking van het economisch vestigingsklimaat. Op 12 juli 2019 heeft het algemeen bestuur de Begroting 2020 inclusief het meerjarenbeeld 2021-2023 vastgesteld. Deze begroting is in het verslagjaar tweemaal bijgesteld. Het algemeen bestuur heeft op 10 juli 2020 kennis genomen van de 1e Bestuursrapportage MRDH 2020 en heeft de daarin opgenomen 1e begrotingswijziging 2020 vastgesteld. De 2e begrotingswijziging 2020, opgenomen in de 2e Bestuursrapportage 2020, is vastgesteld door het algemeen bestuur op 11 december 2020. 1.1 Strategie en resultaten Waar doen we het voor? De economische kracht van landen is steeds sterker afhankelijk van het succes van stedelijke regio’s. Innovatie, nieuwe werkgelegenheid en duurzaamheid; de uitdagingen en oplossingen voor maatschappelijke opgaven liggen in toenemende mate in stedelijke gebieden. Dit is een wereldwijde trend. Stedelijke regio’s zijn het centrum van deze ontwikkeling. Dit is een wereldwijde trend. Samenwerking binnen stedelijke regio’s is hierbij essentieel. Concurrentie vindt steeds minder plaats tussen steden binnen landen, maar op internationale schaal tussen metropoolregio’s.
Dit geldt zeker voor de metropoolregio Rotterdam Den Haag: op wereldniveau bescheiden in omvang, maar wél een van de meest complete regio’s ter wereld. Als je de gemeenten in de metropoolregio sterker verbindt, dan ontsluit je dat potentieel. Dit doen de 23 gemeenten in de metropoolregio door intensief samen te werken aan het vernieuwen van de economie en het verbeteren van de bereikbaarheid. Zo vergroten we de economische kansen van mensen en versterken we de agglomeratiekracht van de regio. 6
Vernieuwen van de economie en verbeteren van de bereikbaarheid Het economisch vestigingsklimaat verandert door invloeden van binnenuit en van buitenaf. Het is zaak om de regie te pakken op het versterken van de economie. Hoe kom je van nieuwe kennis tot nieuwe producten? Hoe stimuleer je werkgelegenheid zodat ervaren werknemers en jong talent mee kunnen komen? Hoe bezorgen we ondernemers een goede uitgangspositie? Innovatie in het MKB vraagt bijvoorbeeld aandacht. Hoe geven we duurzaamheid een plek in de economie van de toekomst? Wat betreft het verbeteren van bereikbaarheid heeft de MRDH een unieke positie als vervoersautoriteit. De MRDH gaat over het toekennen van de regionale OV-concessies en het doen van investeringen in de infrastructuur. De investeringen in bereikbaarheid van de regio bepalen de 23 gemeenten gezamenlijk. In de stedelijke gebieden wordt met name ingezet op hoogwaardige OV- en betere fietsverbindingen. Zo wordt de schaarse stedelijke ruimte zo efficiënt mogelijk benut en blijven buurten en binnensteden aantrekkelijk. In de minder dichtbevolkte delen van de regio is een groot OV-aanbod niet altijd de beste oplossing. De fiets en een goede bereikbaarheid voor autoverkeer vragen daar extra aandacht. Maar ook maatwerkvervoer kan uitkomst bieden.
1.2 Metropoolregio van, voor en door 23 gemeenten Vanuit de eigen taken en bevoegdheden werkt de MRDH met al haar partners aan de gezamenlijke uitdagingen. Op het gebied van het verbeteren van de bereikbaarheid is de MRDH veelal in de lead via de vaststelling van beleidskaders, daarop aansluitende subsidieregels en concessieverlening in het openbaar vervoer. De MRDH heeft hier wettelijk toegekende taken en een eigenstandige positie. Het vernieuwen van de regionale economie gebeurt in samenwerking tussen de 23 gemeenten, kennisinstellingen en bedrijven. Daarbij zijn de Economic Board Zuid-Holland en InnovationQuarter belangrijke partners. Ook biedt de MRDH een platform voor afstemming op het gebied van werklocaties en andere ruimtelijk-economische vraagstukken. Op het gebied van energie en stad en omgeving zijn meestal andere partijen als eerste aan zet. Die kunnen gebruik maken van het netwerk en expertise van de MRDH. De MRDH is verlengd lokaal bestuur. Er is een algemeen bestuur en een dagelijks bestuur, waarin voornamelijk burgemeesters van de 23 gemeenten zitting hebben. Daarnaast zijn er bestuurscommissies, voor Verkeer en Vervoer en Economisch Vestigingsklimaat, waarin vakwethouders van de 23 gemeenten zitting hebben. Raadsleden zijn vertegenwoordigd in de adviescommissies voor Verkeer en Vervoer en Economisch vestigingsklimaat en de Rekeningcommissie.
In bijlage 4 is een overzicht opgenomen met de leden van de bestuursorganen in 2019. De samenwerkende MRDH-gemeenten worden ondersteund door de MRDH-organisatie, gevestigd aan de Westersingel te Rotterdam. De WNT (Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector) stelt een maximum aan de bezoldiging van topfunctionarissen in de publieke en semipublieke sector. De algemene bezoldigingsnorm van de WNT bedraagt na indexering voor 2020: € 201.000 (2019: € 194.000). In overeenstemming met de WNT, die is ingevoerd op 1 januari 2013, zijn de gegevens van de secretarisalgemeen directeur en de leden van het algemeen en dagelijks bestuur en de bestuurscommissies Vervoersautoriteit (Va) en Economisch Vestigingsklimaat (EV) van de MRDH vermeld in hoofdstuk 4.2.4 WNT-gegevens.
7
Betrokkenheid gemeenteraden De gemeenteraden hebben een belangrijke positie binnen de MRDH-samenwerking. Gemeenteraadsleden zijn vertegenwoordigd in de twee adviescommissies en in de Rekeningcommissie. De gemeenteraden zijn tevens betrokken via de zienswijzeprocedures die gevolgd worden voor de onderwerpen die in de gemeenschappelijke regeling MRDH benoemd staan. Hiermee is de basis gelegd voor de inhoudelijke betrokkenheid van de gemeenteraden. In 2020 is de zienswijzeprocedure doorlopen voor de Begroting 2021 en voor het Treasurystatuut. 1.3 Samenwerking met partners Naast het bundelen van de kracht van de 23 gemeenten, is samenwerking met onder meer bedrijfsleven, kennisinstellingen, omliggende regio’s zoals Drechtsteden en Leiden, de provincie Zuid-Holland en het Rijk noodzakelijk om de ambities te realiseren. De metropoolregio werkt vanaf de start nauw samen met bedrijfsleven, kennisinstellingen en andere overheden, bijvoorbeeld in de Economic Board Zuid-Holland (EBZ). Samenwerking met omliggende regio’s en de andere partners vindt plaats zowel bij de strategische trajecten als bij de uitvoering van concrete activiteiten. De goede samenwerking met de provincie Zuid-Holland is in november 2018 onderstreept door de ondertekening van een bestuursovereenkomst tussen de MRDH en de provincie Zuid-Holland.