CConstaterende datWestland
Koppel je AI →
Document · PDF

1.36e) toelichting Regels OGP Poeldijk (21-0071160)

Gemeenteraad 16 maart 2021, gemeente WestlandBij agendapunt: Vaststelling van de afhandeling van de lijst ingekomen stukken (LIS)32.419 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen

In Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen komen verplicht een artikel Begripsbepalingen en een artikel Meeten rekenbepalingen voor. Voornoemde artikelen kunnen alle begrippen en meet- en rekenbepalingen bevatten. Wanneer de begrippen en/of de meet- en rekenbepalingen in een bijlage zijn opgenomen wordt in het betreffende artikel verwezen naar de bijlagen. Voor het omgevingsplan is gekozen om gebruik te maken van de begripsbepalingen en meet- en rekenvoorschriften op te nemen in een bijlage. In Artikel 1 Algemeen wordt verwezen naar de bijbehorende bijlagen.

48

In Artikel 2 Verboden gebruik en activiteiten: algemeen zijn de regels opgenomen die voor heel Poeldijk gelden. Dit zijn voornamelijk de regels uit de APV. Hierbij is gekozen voor de volgende opbouw: * In artikel 2.4 zijn de verboden gebruiken en activiteiten opgenomen. De volgende gebruiken en activiteiten zijn verboden: 1. Gebruik niet-bebouwde gronden; 2. Gebruik bouwwerken seksinrichting; 3. Kamerbewoning; 4. Te koop aanbieden voertuigen en parkeren van reclamevoertuigen; 5. Voertuigen van autobedrijf en dergelijke; 6. Defecte en stankverspreidende voertuigen; 7. Parkeren kampeermiddelen en andere voertuigen; 8. Parkeren grote voertuigen; 9. Ligplaats vaartuigen; 10. Honden uitlaten; 11. Bescherming gemeentelijke houtopstand; * In artikel 2.5 is bepaald dat bij omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in artikel 2.4. * In artikel 2.6 is bepaald dat er maatwerkvoorschriften gesteld kunnen worden door het bevoegd gezag. In Artikel 3 Omgevingsplanactiviteiten en meldingen is één algemene bepalingen opgenomen. De algemene bepalingen betreft een regel over het onderscheid van bestaand en nieuwe bebouwing. Daarnaast zijn in Artikel 3 Omgevingsplanactiviteiten en meldingen de activiteiten opgenomen die niet mogen worden verricht zonder een omgevingsvergunning of een melding.

Het betreft de volgende activiteiten: * Voorwaardelijke verplichting parkeren; * Bereikbaarheid en bluswatervoorzieningen; « Laadpalen openbare ruimte; * Behoud groen; * Watercompensatie voor verharding; * Woningsplitsing * Kappen, rooien en vellen houtopstanden; * Aanleggen, beschadigen en veranderen van een weg; * Maken, veranderen van een uitweg; * Standplaats; « Melding voorwerpen op of aan een weg; * Melding dempen sloot; Omgevings planactiviteiten

In een omgevingsplan kan bepaald worden dat voor een bepaalde activiteit een vergunning nodig is: de omgevingsplanactiviteit. Kort gezegd zijn omgevingsplanactiviteiten activiteiten die vergunningplichtig zijn op grond van het omgevingsplan. Met een omgevingsvergunning kan toestemming verkregen worden voor de omgevingsplanactiviteit. In dit omgevingsplan zijn beoordelingsregels opgenomen aan de hand waaraan een aanvraag om omgevingsvergunning voor een omgevingsactiviteit wordt getoetst. Indien de activiteit voldoet aan de beoordelingsregels moet een omgevingsvergunning verleend worden. Het gedeelte van de Algemeen Plaatselijke Verordening (APV) waarvan de regels opgenomen zijn in de regels van dit omgevingsplan zijn in de APV komen te vervallen. Maatwerkvoorschriften

Met de Omgevingswet kan het bevoegd gezag met een maatwerkvoorschrift voor concrete gevallen afwijken van algemene regels voor een activiteit. Onder de huidige wetgeving kan dit vergeleken worden met de nadere eisen. Omdat wordt gewerkt met de termen van de Omgevingswet zijn de nadere eisen in het omgevingsplan aangeduid als maatwerkvoorschriften. Voor een aantal activiteiten is bepaald dat er maatwerkvoorschriften kunnen worden gesteld.

49

6.4.3

Hoofdstuk 2 Doelen

In het omgevingsplan Poeldijk zijn de relevante doelen opgenomen uit de omgevingsvisie 2.0. Bij een aantal activiteiten wordt ook verwezen naar deze doelen. Hoofdstuk 2 Doelen bestaat uit de volgende artikelen: * * *

Algemene doelen; Gebiedsgerichte doelen; Algemene zorgplicht;

6.4.3.1 Toelichting op de algemene doelen In de Algemene doelen zijn de ambities voor de gemeente Westland en andere overheden beschreven. Deze ambities zijn soms rechtstreeks door vertaald in de regels van dit omgevingsplan. Het voornoemde geldt voor de navolgende algemene doelen. Hierbij is aangegeven in welke artikelen het specifieke doel of de ambities terug te vinden zijn.

6.4.3.2

Toelichting op de gebiedsgerichte doelen

In de Gebiedsgerichte doelen zijn de ambities en doelen voor de kern Poeldijk beschreven. De in de Omgevingsvisie 2.0 aan de orde komende gebiedsgerichte doelen ten aanzien van glastuinbouw en bedrijvigheid vallen buiten de scope van het omgevingsplan. Hierdoor worden voormelde onderwerpen hier niet verder behandeld. 6.4.3.3

Toelichting op de algemene zorgplicht

De in de Omgevingswet opgenomen Algemene zorgplicht heeft een belangrijke signaalfunctie. De verantwoordelijkheid voor een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit is ieders verantwoordelijkheid. Bepaald is dat iedereen, die weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat zijn activiteit nadelige gevolgen kan hebben voor de fysieke leefomgeving, verplicht maatregelen moet nemen om die gevolgen te voorkomen. Voor zover dat niet mogelijk is, is hij verplicht die gevolgen zo veel mogelijk te beperken of ongedaan te maken. Als ook dat onvoldoende mogelijk is, is hij verplicht de activiteiten achterwege te laten voor zover dat redelijkerwijs van hem kan worden gevergd.

6.4.4

Hoofdstuk 3 Functies en activiteiten

In paragraaf 6.3 is de vertaalslag van de ambities en doelen uit de omgevingsvisie toegelicht. Zoals in deze paragraaf ook toegelicht zijn de functies die zijn opgenomen voor Poeldijk tweeledig, namelijk functies die de bestaande situatie vastleggen en specifieke functies die zijn vastgelegd om bepaalde ambities en doelen te bereiken, dan wel bescherming van bepaalde bestaande waarden binnen het gebied. De functies die de bestaande situatie vastleggen zijn geregeld in Hoofdstuk 3. De volgende functies zijn vastgelegd: « Bedrijf; * Centrum; * Gemengd; * Groen; * Maatschappelijk; * Verkeer - Gebiedsontsluiting; * Verkeer - Wijkontsluiting; * Water; « Woongebied; * Woongebied - bijzondere woonvormen . Regels voor functies bestaande situatie

Per functie is bepaald welke activiteiten zijn toegestaan. Voor de functies die de bestaande situatie

50

vastleggen, gaat het om de volgende activiteiten: * * * » «

Gebruik; Verboden gebruik; Specifiek gebruik; Bouwactiviteiten; Aa nsluita ctivite it;

Per functie is bepaald welke activiteiten zonder omgevingsvergunning kunnen worden uitgevoerd en welke activiteiten met omgevingsvergunning moeten worden uitgevoerd. De activiteiten die zonder omgevingsvergunning (onder de gestelde voorwaarden) kunnen worden uitgevoerd zijn: * Aan- en uitbouwen en bijgebouwen; * Bouwwerken, geen gebouwen zijnde; » Duurzame energievoorzieningen. De activiteiten die niet zonder omgevingsvergunning mogen worden uitgevoerd worden omgevingsplanactiviteiten genoemd. Het gaat om de volgende omgevingsplanactiviteiten: * * * * » « *

Omgevingsplanactiviteit: afwijken gebruik; Omgevingsplanactiviteit: showroom; Omgevingsplanactiviteit bed & breakfast;; Omgevingsplanactiviteit horecabedrijf; Omgevingsplanactiviteit vestigen detailhandel; Omgevingsplanactiviteit bouwen; Omgevingsplanactiviteit innovaties duurzaamheid en klimaat;

6.4.5 Hoofdstuk 4 Specifieke functies en activiteiten

In Hoofdstuk 4 zijn de specifieke functies vastgesteld om bepaalde ambities en doelen te bereiken zijn en/of bepaalde waarden te beschermen. De volgende specifieke functies zijn vastgelegd: * overige zone - ecologische verbindingszone; * overige zone - kernwinkelgebied; « overige zone - laanbeplanting; * overige zone - monumentaal dorpscentrum; * Leiding - Water; * Veiligheidszone - Invloedsgebied; * vrijwaringszone - beschermingszone waterkering; * Waarde - Archeologie; * Waterstaatswerk - Waterkering. Regels voor functies met specifieke waarden

Per specifieke functie is opgenomen met welk oogmerk de regels in een artikel zijn opgenomen. Voor activiteiten binnen deze functies geldt dat de activiteiten niet zonder een omgevingsvergunning mogen worden uitgevoerd. Dit is om te borgen dat de gemeente kan toetsen dat ambities en doelstellingen voor deze specifieke functies zijn vastgelegd ook behouden blijven dan wel behaald worden. Overige zones

In Hoofdstuk 4 zijn tevens een drietal overige zones opgenomen. Het zijn de volgende zones: « overige zone; * overige zone - vaarweg - categorie E; * overige zone - vaarweg - categorie F. Deze zones zijn opgenomen om de regels die gelden in een ander hoofdstuk of een artikel geometrisch te kunnen koppelen. De 'overige zone' is geometrisch gekoppeld aan Hoofdstuk 1. De overige zone vaarweg - categorie E en overige zone - vaarweg - categorie F zijn geometrisch gekoppeld aan Artikel 12 Water.

51

52

Hoofdstuk 7 7.1

Uitvoerbaarheid

Economische uitvoerbaarheid

Aangezien onderhavig planvoornemen geen betrekking heeft op een specifiek bouwproject zoals genoemd in artikel 6.2.1 Bro is het opstellen van een exploitatieplan niet noodzakelijk. Aan het onderhavige parapluplan zijn, behoudens de kosten voor het opstellen van het plan en het begeleiden van de procedure voor de gemeente, geen kosten verbonden. Het plan is financieel uitvoerbaar

7.2

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

7.2.1

Overleg

In de periode van 18 september 2020 t/m 29 oktober 2020 heeft over het voorontwerp van dit bestemmingsplan bestuurlijk overleg plaats gehad als geboden in artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening. Hierbij hebben de volgende instanties gereageerd: * Provincie Zuid-Holland * Hoogheemraadschap van Delfland * Gasunie * Veiligheidsregio De overlegreacties hebben geleid tot de volgende aanpassingen van het bestemmingsplan: * *

Paragraaf Water aangepast; Paragraaf Externe Veiligheid is aangepast.

De uitkomsten van het overleg, als bedoeld in artikel 3.1.6, eerste lid, onder c., van het Besluit ruimtelijke ordening, zijn opgenomen in Bijlage 1 van deze toelichting. 7.2.2

Inspraak

Het bestemmingsplan heeft betrekking op een herziening van de bestemmingsplannen 'Poeldijk Centrum', 'Kern Poeldijk' en een gedeelte van het bestemmingsplan 'De Kreken - fase 1' in de vorm van een (Chw) bestemmingsplan (omgevingsplan). Het omgevingsplan voorziet deels in een vertaling van hetgeen uit de inspraak-en particiaptieprocedure voor de Centrumvisie, vastgesteld door de raad op 26 mei 2020 naar voren is gekomen. In die zin legt het omgevingsplan wel nieuw beleid vast . Hierbij kan gedacht worden aan de bepaling van het kernwinkelgebied. Het is vanuit voornoemde overweging derhalve wenslijk om in het kader van de Inspraakverordening Westland 2004 het omgevingsplan ter inzage te leggen, ondanks het eerdergenoemde uitgebreide inspraak/participatieproces. De ontvangen inspraakreacties zijn beoordeeld. Voor een overzicht van de reacties wordt verwezen naar Bijlage 2 van deze toelichting. 7.2.3

Zienswijzen

Vanaf heeft het ontwerp van dit bestemmingsplan gedurende 6 weken ter visie gelegen voor het indienen van zienswijzen, als bedoeld in artikel 3.8, lid 1, van de Wet ruimtelijke ordening in verbintenis met Afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht. Gedurende de periode van tervisielegging is ...zienswijze ingediend. De ontvangen zienswijze is beoordeeld. Voor een overzicht van de zienswijze wordt verwezen naar de nota van beantwoording zienswijze.

53

Hoofdstuk 8

Handhaving

Op 11 oktober 2016 heeft de gemeenteraad de 'Verordening kwaliteit vergunningverlening, toezicht en handhaving omgevingsrecht' vastgesteld. Deze verordening regelt de kwaliteit van de door en in opdracht van het college van burgemeester en wethouders uitgevoerde vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) van het omgevingsrecht. De verordening gaat uit van een brede verantwoordelijkheid van gemeenten en provincies voor kwaliteit. Dat wil zeggen dat als vertrekpunt wordt genomen dat alle taken van het college van burgemeester en wethouders op grond van de Wabo en de betrokken wetten, onderwerp van de verordening vormen. Het gaat dan om thuistaken, die het college “in eigen huis” verricht, de basistaken die krachtens de wet in opdracht van het college door omgevingsdiensten worden verricht en de plustaken, die het college naast de basistaken heeft belegd bij de omgevingsdienst. Behalve milieutaken betreft het dus ook uitdrukkelijk de zogenaamde "BRIKS-taken" (inzake bouw-, reclame-, inrit-, kap- en sloopvergunningen).

De reikwijdte vloeit voort uit het gegeven dat waar de zorg voor een gezonde en veilige leefomgeving gestalte krijgt via vergunningverlening, het toezicht en de handhaving, de regeling van de kwaliteit van deze verrichtingen niet dient te berusten op een kunstmatig onderscheid naar de plaats waar een taak wordt verricht, of op een opsplitsing van de omgevingsvergunning, het toezicht of de handhaving. In de praktijk blijkt dat de kwaliteit van de uitvoering en handhaving afhankelijk is van de wijze waarop alle betrokken partijen bij de vergunningverlening, het toezicht en de handhaving zich daarvoor inzetten door samenwerking. De gemeente Westland wil een prettige woon-, werk- en leefomgeving voor haar burgers en ondernemers. Dat wil de gemeente bereiken door de duurzaamheid, veiligheid en leefbaarheid in het Westland te vergroten en te waarborgen. Handhaving is hierbij één van de middelen die hiervoor wordt ingezet. Handhaving is dus geen doel op zich, maar een onderdeel van de reguleringsketen (ontwikkeling wet - en regelgeving - normstelling - vergunningverlening - uitvoering - toezicht -handhaving). De handhaving van de regelgeving vervat in dit omgevingsplan is de bevoegdheid van burgemeester en wethouders. Het gaat daarmee vooral om de planregels inzake het bouwen en het gebruik van gronden en bouwwerken en het realiseren en beschermen van vastgelegde ambities.

Een aantal vormen van gebruik wordt specifiek aangeduid als strijdig met de bestemming, om handhavend optreden hiertegen goed mogelijk te maken. Uiteraard betreft het hier een niet-limitatieve opsomming. Handhaving van dit omgevingsplan is van belang om de ruimtelijke kwaliteit en de fysieke leefomgeving te beschermen en te benutten. Daarnaast heeft handhaving uiteraard ook een belangrijke functie in het kader van de rechtszekerheid en rechtsgelijkheid. De planregels in dit plan zijn voldoende duidelijk, concreet en toepasbaar om te kunnen handhaven. Handhaving van het plan zal in de praktijk primair plaatsvinden via de omgevingsplanplantoets in het kader van de omgevingsvergunning en door feitelijk toezicht op de aanwezigheid van bouwwerken en op gebruiksactiviteiten. In het omgevingsplan zijn ook de regels van het Hoogheemraadschap Delfland opgenomen. De omgevingsvergunningaanvraag voor de 'wateractiviteiten' verloopt via Delfland. Dit geldt ook voor de handhavingsaspecten.

54

Bijlagen toelichting Omgevingsplan

55

Bijlage 1 Rapport participatie

56

Aantekening bij bijlage 1 van de Toelichting op het “Omgevingsplan Dorpscentrum Poeldijk”, het eindverslag van het participatietraject weergegeven in de rapportage “Pilot Omgevingsplan Participatietraject Poeldijk Centrum” van bureau Graswortel d.d. Oktober 2019.

- Omgevingsplan mede gebaseerd op participatietrajet Aan het omgevingsplan c.q. Bestemmingsplan met verbrede reikwijdte “Omgevingsplan Dorpscentrum Poeldijk” is als bijlage het volledige eindverslag van het participatieproject van het bureau Graswortel toegevoegd. Dit eindverslag is toegevoegd omdat mede op basis hiervan het “Omgevingsplan Dorpscentrum Poeldijk” is opgesteld. Op basis van het eindverslag is in eerste instantie het centrumplan voor Poeldijk opgesteld. Dit visiedocument gaf een aantal varianten weer op basis waarvan uiteindelijk bij raadsbesluit van 26 mei 2020 een centrumvisie voor Poeldijk werd vastgesteld. Deze centrumvisie is mede vertaald in het omgevingsplan. Kortheidshalve wordt in dit verband verwezen naar hoofdstuk 6 van de toelichting op het omgevingsplan. Daarnaast is, onder meer op basis van het eindverslag, een regeling ontwikkeld voor het (kern-) winkelgebied in het centrum op basis waarvan de centrumontwikkeling kan worden gestimuleerd.

- Proces, resultaten van participatie en besluitvorming Het eindverslag schetst een uitgebreid proces waarin allerlei varianten met betrekking tot het centrum van Poeldijk zijn besproken. Op grond van deze studie is de centrumvisie voor Poeldijk ontwikkeld en vastgesteld bij raadsbesluit van 26 mei 2020. Deze centrumvisie maakt een heldere keuze uit de in de participatie naar voren gekomen varianten. Deze vastgestelde variant vormt input voor het “Omgevingsplan Dorpscentrum Poeldijk”. Bedoeling van de toegevoegde bijlage is niet de op 26 mei 2020 vastgestelde varianten opnieuw ter discussie te stellen. De bijlage is bedoeld om inzicht te verschaffen in het proces en de besproken thema's.

Eindrapportage Pilot Omgevingsplan Participatietraject Poeldijk Centrum

rasuuortel Oktober 2019

Inleiding Met deze eindrapportage blikken wij terug op een uitgebreid participatietraject omtrent de totstandkoming van het Omgevingsplan voor het centrum van Poeldijk. Een traject dat zich heeft gekenmerkt door de grote betrokkenheid van enerzijds een groot aantal gemeentelijke be­ leidsmedewerkers die veel tijd en energie hebben gestoken in het betrekken van bewoners bij "hun dossiers". Anderzijds van een groot aantal enthousiaste Poeldijkers die met hun meningen, plannen, ideeën en initiatieven ten volste hebben meegewerkt aan een zo breed mogelijk gedragen toekomstvisie voor het centrum van Poeldijk.

De rapportage start met een korte terugblik op de aanleiding en uitvoering van het traject, verdeeld in twee fasen. Daarna worden de resultaten per fase en thema uitgelicht. De resultaten van beiden fasen zijn vervolgens in samenwerking met het team Omgevingswet van de Gemeente Westland geordend in een over­ zicht van de diverse te ontwikkelen visies en plannen. Tenslotte wordt in het laatste hoofdstuk aandacht besteed aan een aantal algemene conclusies en aanbevelingen ten opzichte van het proces, de inhoud en het vervolg van dit traject.

2 Eindrapportage Pilot Omgevingsplan Participatietraject Poeldijk Centrum

Aanleiding

dat meedenken over ruimtelijke thema's als wijkontwikkeling, bereikbaarheid, duurzaamheid en stedelijke planning voor de meeste bewoners nieuw en spannend is. Om die reden kozen we ervoor om in de eerste fase van dit traject ons vooral te richten op het inspireren van bewoners om zich een mening te vormen over het centrum van Poeldijk. Dit hebben we gedaan door een aantal praktische thema's zo concreet mogelijk te maken en bewoners op ludieke wijze te prikkelen na te denken over het toekomstige centrum. De deelnemers werden vervolgens uitgenodigd om letterlijk "een stapje verder te gaan" en deel te nemen aan fase 2.

Opdrachtomschrijving Ontwikkel een participatietraject voor de co-creatie van een Omgevingsplan voor het centrum van Poeldijk, waarmee aandacht wordt besteed aan de volgende eisen: ^ Zoveel mogelijk bewoners dienen betrokken te worden ^ Het traject moet leiden tot een gedragen omgevingsplan waarbij de input van de deelnemers aan het traject een belangrijke rol heeft gekregen ^ Zoveel mogelijk inwoners dienen geïnfor­ meerd te zijn over het proces en de mogelijk­ heid om deel te nemen ^ Maak zoveel mogelijk gebruik van bestaande middelen

In fase 2 is een concrete slag gemaakt naar het daadwerkelijke omgevingsplan. In een tweetal werkplaatsen konden bewoners in samenwerking met medewerkers van de Gemeente Westland praktisch aan de slag met het omgevingsplan. Op de werkplaatsen kregen ambtenaren en bewoners ook de kans om dieper in te gaan op de verschillende dilemma's die spelen bij het opstellen van het omgevingsplan: Gaat er groen ten koste van parkeergelegenheid? Hoe ver­ houdt bereikbaarheid van het centrum zich tot het dorpse karakter?

Aanpak Om zoveel mogelijk bewoners, maar ook een zo divers mogelijke groep bewoners te motiveren om deel te nemen aan dit participatietraject is gekozen voor een overkoepelende campagne met diverse methodieken. Wij weten uit ervaring

3 Eindrapportage Pilot Omgevingsplan Participatietraject Poeldijk Centrum

Uitvoering van het traject

sten werd tevens gezorgd dat alle betrokken beleidsmedewerkers van de Gemeente Westland in een vroeg stadium op de hoogte waren van het participatietraject en zich ermee verbonden voelden. Dit uitte zich in een hoge opkomst en actieve deelname aan de latere activiteiten, waarmee het Plan Poeldijk de gewenste uitstra­ ling van een samenwerkingsproject tussen bewoners en Gemeente Westland heeft gekre­ gen. De voorbereidende bijeenkomsten hebben tot de volgende uitvragen per thema geleid:

Voorbereiding In de oorspronkelijke opdracht is, mede in overleg met de betrokken beleidsafdelingen, gekozen voor een vijftal thema's: 1. 2. 3. 4. 5.

Cultuurhistorie Groen Dorps Karakter Prettig ouder worden in Poeldijk Kernwinkelgebied

1. Thema Groen: "Is er behoefte aan meer groen in het centrum van Poeldijk en zo ja, is het aanbrengen en onderhouden van dit groen een verantwoordelijkheid van de gemeente of ook van de burger?" 2. Thema Dorps Karakter: "Hoe wordt het dorps karakter van het centrum van Poeldijk beleefd en gewaardeerd en wat zijn de ideeën hierover voor de toekomst?" 3. Thema Cultuurhistorie: "Welke rol speelt cultuurhistorie, hoe wordt dit gewaardeerd door bewoners en welk draagvlak is er om dit te beschermen? " 4. Thema Prettig ouder worden in Poeldijk: "Wat heeft men nodig om prettig ouder te kunnen worden in Poeldijk? Wat ontbreekt er nu en wat wordt het sterkst gewaardeerd?" 5. Thema Kernwinkelgebied: "Welk gebied beleeft men als het centrum van Poeldijk? Wat ziet men als oplossing voor het verlevendigen van het centrum van Poeldijk? Waar winkelt men en waar liggen er nog behoeften?"

In de periode tussen 22 november en 15 decem­ ber 2018 is voor ieder thema een voorbereidings­ bijeenkomst georganiseerd met de betreffende beleidsafdeling, Bureau graswortel en de project­ leider Omgevingswet van de Gemeente West­ land. Centraal op deze voorbereidende bijeen­ komsten stond de vraag welke input van bewoners noodzakelijk was om te komen tot een goed gedragen Omgevingsplan. Daarnaast werd per bijeenkomst bekeken of er een mogelijkheid was specifieke trajecten, plannen en ontwikkelin­ gen te combineren binnen dit participatietraject. Met name met de ontwikkeling van het Centrumplan bleek veel overlap te bestaan in de diverse vragen die gesteld moesten worden aan bewo­ ners. Daarom is in vroeg stadium besloten de "uitvraag" aan bewoners voor beide plannen, Centrum- en Omgevingsplan, te combineren. Met de verschillende voorbereidingsbijeenkom­

W'-

4 Eindrapportage Pilot Omgevingsplan Participatietraject Poeldijk Centrum

Eerste Fase: Input verzamelen (januari - april 2019) ^icüWtvrt'

Input verzamelen van zoveel mogelijk bewoners

Methodieken

van Poeldijk om bewoners te prikkelen tot het doen van uitspraken over bijvoorbeeld groen en het kernwinkelgebied. Door het plakken van post-its door diverse bewoners ontstond een goed beeld van de verschillende stand­ punten ten aanzien van de uitstraling van het centrum van Poeldijk.

De bovenstaande uitvragen zijn in de eerste fase op diverse manieren met gebruik van verschillen­ de methodieken aan zoveel mogelijk bewoners gesteld: ^

^

Het Routeboekje: In het centrum van Poeldijk (omgeving Voorstraat) werd met makelaars­ borden met de cijfers een tot en met tien een route uitgezet. De verschillende punten correspondeerden met vragen in het route­ boekje over de verschillende thema's (zie voor het Routeboekje de bijlage). Bewoners werden gestimuleerd om zo mogelijk de volledige route te lopen en met elkaar in gesprek te gaan over de verschillende vragen in het boekje. Op de verschillende participatiedagen werd de route ook onder begelei­ ding van een van de medewerkers van Bureau Graswortel gelopen, die de gesprekken en discussie ter plekke stimuleerde. In totaal zijn er 70 Routeboekjes volledig ingevuld. Posters: In het voormalig Dario Fo pand dat gedurende het participatietraject heeft gediend als uitvalsbasis voor Plan Poeldijk, hingen verschillende gephotoshopte beelden

^

Speurtocht: Speciaal voor kinderen is de route Plan Poeldijk zoals die in het Route­ boekje is uitgezet vertaald in een spannende speurtocht. Op de route werden diverse aanwijzingen verwerkt in het straatbeeld, waarbij de jonge deelnemers een prijs konden winnen als ze een geheime code hadden ontcijferd. Gedurende de route beantwoord­ den de kinderen diverse vragen over de uitstraling, kindvriendelijkheid en veiligheid van het centrum.

^

Fotocafe: In de Terwebloem is er door middel van een Fotocafe specifieke input van oudere bewoners opgehaald. Aan de hand van oude foto's van het dorp werd de actuele situatie in de dorpskern doorgenomen met de bewo­ ners, alsmede de vraag of het prettig ouder worden is in Poeldijk.

5 Eindrapportage Pilot Omgevingsplan Participatietraject Poeldijk Centrum

Aantal en kenmerken deelnemers eerste fase Doelgroepen

Datum

Activiteit

Methodiek

Aantal deelnemers

25 en 26 januari

Plan Poeldijkweekend

Routeboekje / Posters

105

Ouderen (50%) • Volwassenen (40%) Kinderen (10%)

15 en 16 maart

Plan Poeldijkweekend

Routeboekje / Posters / Speurtocht

40

•

• •

Gezinnen met kinderen uit de nieuwbouwwijk Ouderen Volwassenen

12 en 13 april

Pop Up terras

Brown papers met stellingen

30

• Ouderen • Volwassenen

2 april

Fotocafe

Foto's met vragen

20

•

8 april

Avondwandeling

Routeboekje

10

• Werkende volwassenen

2 mei

Kinderspeurtocht

Speurtocht

13

•

Ouderen

Kinderen van 7 - 12 jr oud

218

Totaal

'mm

v ^ i

Ęį mt

6 Eindrapportage Pilot Omgevingsplan Participatietraject Poeldijk Centrum

Resultaten eerste fase De resultaten van de eerste fase worden per thema besproken in deze paragraaf. Voor ieder thema zijn de belangrijkste uitkomsten uit de voorbereidingsbijeenkomsten met de gemeente kort weergegeven. Vervolgens is aan de hand van de ingevulde routeboekjes, reacties per mail,

gevoerde gesprekken en ingediende initiatieven een grafische weergave gemaakt van de ant­ woorden per thema. Tot slot zijn voor ieder thema stellingen geformuleerd waarmee is gewerkt in de tweede fase.

1. Thema: Cultuurhistorie Aanwezigen voorbereidingsbijeenkomst: Peter Bouwer, Beleidsmedewerker monumenten­ zorg, daarnaast ook subsidie, erfgoed en histori­ sche verkenning Saskia Wittenberg, stedenbouwkundige

Marion Burger, archeologisch adviseur (betrekken bij fase2) Liesbeth van Veldhuizen, opdrachtgever en beleidsmedewerker Shakira en Sofia, Bureau Graswortel

Bespreekpunten

Uitvraag

Kaders

Er lijkt sprake van een soort angst tegen monumentenstatus onder bewoners. Ze denken al snel aan de extra kosten die er bij komen zoals geen plastic kozijnen en ander onderhoud.

Welke rol speelt cultuurhistorie voor bewoners? Hoeveel draagvlak is er om cultuurhisto­ rie te beschermen?

Monumentale panden zijn beschermd, hoewel 90% al bekend is worden er nog meer panden aangewezen.

De Voorstraat in Poeldijk be­ schikt over veel monumentale en karakteristieke panden. De panden zijn bepalend voor het dorpskarakter en dragen bij aan de identiteit van de straat.

Hoe beleven bewoners de Voorstraat als cultuurhistorisch centrum?

Resultaten aan een ontmoetingsplek waar men een kopje koffie kan drinken wordt vaak genoemd. Veel bewoners ergeren zich aan het slechte onder­ houd van bestrating en leegstaande panden, zoals het voormalig Dario Fo gebouw.

Op de vraag hoe Poeldijkers het centrum op dit moment beleven komen grotendeels negatieve antwoorden. Men vindt het centrum vooral troosteloos en leeg. De meeste mensen noemen het gemis van winkels, maar vooral de behoefte

7 Eindrapportage Pilot Omgevingsplan Participatietraject Poeldijk Centrum

De huidige uitstraling van de dorpskern

Verwaarloosd I troosteloos

Rommelig

Oubollig

Op de vraag of meer panden een monumenten status moeten krijgen wordt verrassend (gezien de verwachting van de betroken beleidsmede­ werkers) genoeg door een overgrote meerder­ heid positief geantwoord. Ook noemt men zelf het behoud van deze gebouwen noodzakelijk voor het karakter van de dorpskern. Kosten

Gemoedelijk

worden slechts door drie bewoners als probleem beschouwd, maar dan niet zozeer de kosten van het onderhoud als de kosten van leegstand. Een meerderheid merkt op dat het zonde is dat oude gebouwen zoals het Dario Fo pand niet worden gebruikt en door een tiental mensen wordt geopperd hier appartementen in te plaatsen.

Moeten historische panden bewaard blijven (bijv dmv monumentenstatus)?

■Ja

" Belangrijk voor behoud karakter

" Nee

" Nee, want staat vernieuwing in de weg

" Ja, mits gebruikt

" Niet als het veel geld kost

Stellingen voor tweede fase 1. Bij het realiseren van nieuwe woningen moet eerst gekeken worden naar mogelijke trans­ formatie van oude, historische panden.

2. Oude gebouwen mogen best gesloopt worden als er nu eenmaal een betere bestem ming voor de locatie is gevonden.

8 Eindrapportage Pilot Omgevingsplan Participatietraject Poeldijk Centrum

2. Thema: Groen Aanwezigen: Annelies Peyrer Judith Zuiderwijk Saskia Wittenberg, stedenbouwkundige Luc Verschueren

Dennis Hijman Liesbeth, opdrachtgever en beleidsmedewerker Shakira en Sofia Bureau Graswortel Tiemen Maris (thmaris@gemeentewestland.nl) van operatie Steenbreek

Bespreekpunten

Uitvraag

Kaders

Het centrum beschikt over vrij weinig tuinen en veel tuinen zijn er versteend. De wens vanuit de gemeente is om meer fatsoenlijke bomen te hebben. Meer groen moet de hittestress in het centrum opvangen en meer vogels naar het dorp brengen. De gemeente heeft geen ruimte/grond om nog meer bomen of groen te kunnen plaatsen.

Is er behoefte aan meer groen in het centrum?

^

Zien bewoners het aanbrengen en onderhouden van meer groen als verantwoordelijkheid van de gemeente of gedeeld met die van bewoners?

^ Vanuit de gemeente zijn er meerdere projecten om groen te bevorderen zoals 'operatie Steenbreek' en groenbeheer geeft budget en middelen voor 'groene' burgerinitiatieven. • Onderhoud is kostbaar en groenbudget is afgelopen jaar overschreden

Parkeernorm maakt parkeerplek inruilen voor groen onmogelijk ^ Kabels en leidingen laten weinig ruimte voor bijvoorbeeld bomen in openbare ruimte

Resultaten reacties op de poster geven weer dat men het er soms al snel rommelig uit vindt zien. Overigens zien vrijwel alle respondenten de meerwaarde van groen met name in het verbeteren van de uitstraling van het centrum en legt niemand een verbinding met hittestress of andere duurzame aspecten. Door een tiental bewoners wordt het gemis van een parkje genoemd, vooral in ver­ band met de vele ouderen van Poeldijk die niet snel meer ergens in het groen kunnen zitten.

Op de vraag of het (weinige) groen in de Voor­ straat een verbetering is voor de uitstraling van de dorpskern antwoorden vrijwel alle participan­ ten met een volmondig ja. Er zijn echter voor de meeste respondenten wel een aantal voorwaar­ den aan verbonden. Zo maakt een aantal mensen zich zorgen over de toegankelijkheid als er overal plantenbakken worden neergezet. De stoep is al zo smal. Een andere voorwaarde die heel vaak wordt genoemd is het onderhoud. Ook de

9 Eindrapportage Pilot Omgevingsplan Participatietraject Poeldijk Centrum

Zou meer groen een verbetering of belemmering zijn in het centrum?

Ja, mits toegankelijk

Verbetering Ja, plantenbakken

* Nee, niet handig

Ja, mits goed onderhouden

Stellingen voor de tweede fase 1. Bewoners van het centrum moeten worden gestimuleerd om hun buitenruimte groen in te richten, bijvoorbeeld met een "boombon" Brown paper met stelling verantwoordelijk­ heid. Wijkpuzzel met plakbomen

2. Gezien de weinige ruimte in het centrum moeten waar het kan planten- en bloembak­ ken geplaatst worden, mits deze (mede-) onderhouden worden door de bewoners zelf. Plattegrond met bloembakken die men zelf kan plakken

10 Eindrapportage Pilot Omgevingsplan Participatietraject Poeldijk Centrum

3. Thema: Dorpskarakter Aanwezigen: Erik van Duren, Economische zaken vitaliseren winkelgebieden

Niels Rovers, Woon en milieubeleid Liesbeth, opdrachtgever en beleidsmedewerker Shakira en Sofia Bureau Graswortel

Bespreekpunten

Uitvraag

Kaders

Onder de inwoners is de vraag groot naar betaalbare woningen. Echter is alleen hoogbouw realistisch voor betaalbare woningen. Hierop zijn de meeste inwo­ ners tegen, plannen van 3laags bouw zijn al gesneuveld. Vanwege privacy gevoel in de achtertuin dat zal verdwijnen. Poeldijk heeft 2 flats waar begane grond geen woningen zijn.

Hoe wordt het dorps karakter van Poeldijk beleefd, gewaardeerd en wat zijn de ideeën voor de toekomst?

In de Woonvisie staat "Dorps Karakter" vermeld en dat er gebouwd moet worden in dorpsmilieu

Het fijnst aan Poeldijk

kleinschalig

" dorps

" ons kent ons

" gemoedelijk

" doods

Resultaten karakter van Poeldijk te typeren, prevaleert ook hier het sociale aspect boven het fysieke aspect.

Op de vraag wat men het fijnst aan Poeldijk vindt staat het Dorps karakter op een gedeelde tweede plek met het kleinschalige karakter van Poeldijk. Maar het hoogst scoort het saamhorigheidgevoel, ons kent ons, de Poeldijkse mentali­ teit. Ook tijdens de participatiedagen viel ons op dat vrijwel iedereen elkaar kent of er anders direct wordt gevraagd: "Waar ben jij er een van?". Als bewoners wordt gevraagd het dorps

Als voornaamste bedreiging van het dorps karakter wordt het zware vrachtverkeer vaak genoemd. Het gaat hierbij om het vrachtverkeer over de Rijsenburgstraat dat een soort sluiproute is geworden, maar ook de Jan Barendselaan wordt in dit kader vaker genoemd.

11 Eindrapportage Pilot Omgevingsplan Participatietraject Poeldijk Centrum

Wat is volgens u het dorps karakter van Poeldijk?

Armoedig Authentiek historisch Ouderwets Sociaal Verenigingsleven

Stellingen voor de tweede fase 1. Poeldijk heeft meer betaalbare woningen nodig voor ouderen en starters, dat moet dan wel in hoogbouw.

2. Hoogbouw is op zich niet erg, als de nieuwe bewoners maar beschikken over de Poeldijkse mentaliteit, dan houden we ons dorps karakter.

12 Eindrapportage Pilot Omgevingsplan Participatietraject Poeldijk Centrum

4. Thema: Prettig ouder worden in Poeldijk (in samenwerking met team Centrumplan) Hans van den Biggelaar, projectleider Centrumplan Mathilde Peen, stedenbouwkundige Centrumplan Peggy van de Bovenkamp, ondersteuning

Jan Propsma, beleidsmedewerker Wonen en ouderen Erik van Duren Liesbeth, opdrachtgever en beleidsmedewerker Shakira en Sofia, Bureau Graswortel

Bespreekpunten

Uitvraag

Kaders

Centrumvisie richt zich op mogelijke clustering van voorzieningen in het centrum van Poeldijk. De Raad heeft besloten om naast een cluste­ ring ook De Leuningjes op te knappen. De Leuningjes is een gebouw met zalen die worden verhuurd aan verenigingen of met evenementen. Waardoor stakeholders die eerst nog een plek zochten nu een locatie hebben.

Wat heeft men nodig om prettig ouder te kunnen worden in Poeldijk?

Er is een centrumvisie ontwikkeld met twee scenario's: Wittebrug locatie: nieuwbouw naast de kerk plaatsen Voorstraat: heeft leegstaande panden waar eventueel maatschappelijke functies in kunnen zoals de bibliotheek, vereniging, kinderopvang etc.

Resultaten Op de algemene vraag: "Heeft Poeldijk voldoen­ de voorzieningen om hier voor altijd te kunnen blijven wonen?", antwoordde meer dan een kwart van de ondervraagden dat er op dit moment niets ontbreekt. In de ingevulde Poeldijkboekjes komt het gebrek aan betaalbare seni­ orenwoningen (huur) heel significant naar voren. Een aantal mensen kent Poeldijkers die om die reden zijn uitgeweken naar Naaldwijk of s'Gravenzande en we hebben ook een aantal mensen gesproken die deze stap overwegen vanwege de beschikbaarheid van betaalbare gelijkvloerse woningen. Daarnaast kwam op de participatieda-

gen het gebrek aan goed openbaar vervoer veelvuldig ter sprake. Het verdwijnen van de buslijn uit het centrum van Poeldijk zagen de meeste bewoners als grote hindernis bij het ouder kunnen worden in Poeldijk. Meerdere mensen geven aan vaak op bezoek te gaan bij kinderen in nabijgelegen dorpskernen in het Westland en doen dat nu vaak nog op de fiets, maar zien problemen in de toekomst. Daarnaast gebruikt men vaak het openbaar vervoer om te winkelen in bijvoorbeeld Naaldwijk, maar is de loopafstand naar de bushalte te lang voor mensen die slecht ter been zijn.

13 Eindrapportage Pilot Omgevingsplan Participatietraject Poeldijk Centrum

Wat is er nodig om prettig oud te kunnen worden in Poeldijk Winkels en voorzieningen Onvoldoende algemeen Voldoende Toegankelijk centrum Huurwoningen į semorenwoningen Openbaar Vervoer

Stellingen voor de tweede fase 1. Om prettig oud te kunnen worden in Poeldijk is investeren in goede seniorenwoningen noodzakelijk.

2. Voor altijd kunnen blijven wonen in Poeldijk kan alleen als er een goede OV-verbinding komt in de dorpskern.

14 Eindrapportage Pilot Omgevingsplan Participatietraject Poeldijk Centrum

5. Thema: Kernwinkelgebied Aanwezigen; zie thema 4 Bespreekpunten

Uitvraag

Kaders

Vanuit de centrumvisie (Centrumplan) moet er duidelijk worden aangegeven/aangewe zen wat het kernwinkelgebied is in Poeldijk. Het aanwijzen van het kernwinkelgebied brengt maatregelen met zich mee als het gaat om parkeren, autostraten en vergunningen aanvragen voor winkels buiten het winkelgebied worden dan afgekeurd.

Wat beleeft men als het centrum van Poeldijk?

In januari vindt er een herin­ richting plaats van een pleintje in de Voorstraat. Dit is geësca­ leerd tussen ondernemers en bewoners vanwege verschillen­ de belangen, er is zelfs een mediator bij geweest. Nu ligt er een compromis plan, dat is goedgekeurd door de niet opgestapte buurtbewoners.

Het belangrijkst is om te zoeken naar functies i.p.v. bestemmingen. Functies die elkaar kunnen versterken om Poeldijk/Voorstraat weer levendig te maken.

Wat ziet men als oplossing voor het verlevendigen van het centrum van Poeldijk? Waar winkelt men en waar liggen de behoeften?

Resultaten In het participatietraject is aan de deelnemers gevraagd welk gebied zij verstaan als het cen­ trum van Poeldijk. Hierover verschilden de meningen aanzienlijk. Vrijwel alle respondenten geven aan dat de verkeersveiligheid op de Jan Barendselaan te wensen overlaat. Met name voor fietsers en voetgangers is er sprake van een onoverzichtelijke en gevaarlijke verkeerssituatie en een aantal mensen geeft bijna een ongeluk te hebben zien gebeuren. Dit belemmert hen in bepaalde mate om goed gebruik te maken van de voorzieningen aldaar. Hetzelfde geldt voor de Rijsenburgerstraat waar wij al op het eerste participatieweekend veel spontane signalen ontvingen over de gevaarlijke verkeerssituatie die ontstaat door zwaar vrachtverkeer. In het bijzon­ der de leveranties aan de Jumbo met een zware vrachtwagen zorgen voor een onoverzichtelijke verkeerssituatie. In de ogen van vele participan­ ten extra onverantwoord door de begrenzing aan een drukke woonwijk met veel kinderen.

Over de Voorstraat als winkelgebied waren de meeste Poeldijkers het met elkaar eens: Het zou veel meer kunnen zijn en het is zonde dat er maar zo weinig winkels zijn. De bakker en slager worden goed bezocht en zijn voor meer dan de helft van de deelnemers de enige reden om zich in de Voorstraat te begeven. Een van de belang­ rijkste discussiepunten is het verkeer over de Voorstraat. Een groot aantal bezoekers heeft (onder andere op de posters en in de boekjes) aangegeven dat het doorgaande verkeer op de Voorstraat een kernwinkelgebied of een levendig centrum verhindert. Hierbij worden met name veiligheid voor ouderen en een beetje rond kunnen slenteren genoemd. Aan de andere kant is er ook een aantal deelnemers dat aangeeft parkeren en directe toegang (met de auto) tot de winkels in de Voorstraat heel belangrijk te vinden. Ook maakt men zich zorgen over het voortbe­ staan van de nog actieve ondernemers in de straat als het verkeer zou verdwijnen.

15 Eindrapportage Pilot Omgevingsplan Participatietraject Poeldijk Centrum

Welke straten vormen het centrum van Poeldijk? Voorstraat 81 Pocldijksevaart Voorstraat, JB. RS, Irencstraat cn Fontein Voorstraat, ļan Barcndselaan 81 Rijsenburgstraat Voorstraat ä Jan Barcndselaan Voorstraat

0

Een van de meest opvallende en dominante inbreng is het gemis aan een ontmoetingsplek in de Voorstraat. Een ontmoetingsplek, een plek om even koffie te kunnen drinken, te lunchen, bij te praten etc.. werd in vrijwel alle inbreng ge­ noemd. In de praktijk merkten wij dit ook door­ dat in het eerste weekend de voormalig Dario Fo-locatie die wij gebruikten al snel een soort informeel koffiehuis werd. Mede door ons

2

4

6

8

10

12

14

16

gebruik van deze locatie werd de locatie gezien als een mogelijkheid voor zo'n voorziening in de toekomst. Zo'n voorziening wordt door opmerke­ lijk veel Poeldijkers gezien als de manier om de Voorstraat nieuw leven in te blazen, vaak in samenhang met een verkeersluwe of -vrije Voorstraat en de mogelijkheid van een terras in de zomer.

Waarvoor komt u in het centrum van Poeldijk? 60 50 40 30 20 10 0

Niet

18 20

Bezoek familie I vrienden

Boodschappen

Cafe

16 Eindrapportage Pilot Omgevingsplan Participatietraject Poeldijk Centrum

Het centrum van Poeldijk wordt door vrijwel alle respondenten uitsluitend bezocht om bood­ schappen te doen, als eerste bij de Jumbo en daarnaast ook met het bezoek aan de bakker / slager.

het Centrumplan is dat er zelden wordt gespro­ ken over de kerk danwel de Leuningjes. Als de voorzieningen of de wens om voorzieningen te clusteren ter sprake komen, dan is dat uitsluitend door de betrokkenen bij het Centrumplan. Zoals al eerder genoemd werd wel een nadrukke­ lijke wens geuit voor het creeren van een ont­ moetingsruimte cq daghorecavoorziening door de overgrote meerderheid van de deelnemers. Het voormalig Dario Fo pand werd hierbij het vaakst als mogelijkheid geopperd. Dit heeft ons inziens twee redenen: 1. Het pand werd door ons actief gebruikt tijdens de participatiedagen vormde op die manier een informele ontmoetingsplek die bij veel mensen in de smaak viel. 2. Er bestaat onder veel deelnemers ergernis en verdriet over het leegstaan en de recente geschiedenis van het pand. Men heeft veel herinneringen aan onder andere de scouting, toneelvereniging en allerlei activiteiten die men als kind of recentelijk nog heeft ont­ plooid in het pand.

Stellingen voor de tweede fase 1. Het centrum van Poeldijk kan pas echt tot bloei komen als het verkeer uit de Voorstraat verdwijnt en er een plek komt om koffie te drinken en bij te kletsen.

Het Centrumplan Al reeds in een vroeg stadium hebben de initia­ tiefnemers van Hart van Poeldijk zeer actief deelgenomen aan het participatietraject. Door middel van diverse mails en het bezoeken van de participatiedagen. Wat opvalt in de ontvangen input van Poeldijkers die niet betrokken zijn bij

17 Eindrapportage Pilot Omgevingsplan Participatietraject Poeldijk Centrum

Tweede fase: De Werkplaatsen (16 en 22 mei) Methodieken

Verdiepingsslag input en dialoog met diverse beleidsmedewerkers

1. Brown Papers: Naar aanleiding van de resultaten van de eerste fase zijn in overleg met de betrokken beleidsmedewerkers diverse prikkelende stellingen per thema geformuleerd om de input van bewoners en ondernemers nog beter te kunnen richten. Met als voorbeeld: Uit de resultaten van de eerste fase bleek een groot gedeelte van de deelnemers het verkeer in de Voorstraat te zien als belemmering voor het verlevendigen van dit gebied. Om deze resulta­ ten nogmaals te toetsen is gewerkt met de stelling: "Het centrum van Poeldijk kan pas echt tot bloei komen als het verkeer uit de Voorstraat verdwijnt". In totaal zijn negen stellingen geformuleerd en gebruikt voor de Brown Papers

Voor de Werkplaatsbijeenkomsten werden bewoners en stakeholders uitgenodigd die in de eerste fase hebben aangegeven interesse te heb­ ben in een verdiepingsbijeenkomst. De Werk­ plaatsen vonden beiden plaats in de avond in Partycentrum de Vrienden aan de Voorstraat onder het genot van een hapje en een drankje. Naast de thema's waar in de eerste fase expliciet naar gevraagd is (cultuurhistorie, groen, dorps karakter, prettig ouder worden in Poeldijk en het kernwinkelgebied) zijn ook twee andere belang­ rijke thema's door bewoners zelf benoemd: ^ De onveilige verkeerssituatie in en rond het centrum van Poeldijk. ^ De behoefte aan een plek om even een kopje koffie te kunnen drinken in het centrum.

Brown Paper met stellingen

Tekentafel ontmoetingsplek 18

Eindrapportage Pilot Omgevingsplan Participatietraject Poeldijk Centrum

fff ľ Wi il á lPmsĚ' m ţ? /íSSSSŜ ^ i ŕf*d î ,i 2

U-r-——j

lOW

5

—

—

4

1

Straatpuzzel Voorstraat

2. Tekentafel ontmoetingsplek: In de eerste fase werd door een groot aantal deelnemers de behoefte aangegeven aan een ontmoetingsplek in het centrum van Poeldijk. Om deze behoefte verder uit te diepen is door Bureau Graswortel grote tekening gemaakt waarbij bewoners aan konden geven of, door wie en hoe deze plek gerealiseerd dient te worden. Hierbij is specifiek aandacht besteed aan het onderscheid tussen de verantwoordelijkheden van gemeente enerzijds en burgers / maatschappelijk middenveld anderszijds.

Aantallen en kenmerken deelnemers Werkplaatsen

3. Verkeerspuzzel: Op basis van de vele signa­ len over de verkeersonveiligheid in het centrum van Poeldijk is een grafische weergave gemaakt van het centrum en de omliggende wegen, de verkeerspuzzel. Op deze weergave konden de deelnemers door middel van kaartjes van ver­ keersborden en verschillende vervoersmiddelen aangeven waar zij de grootste knelpunten ervaarden, maar ook wat volgens hen de beste oplossing is voor het probleem.

Aantal deel­ nemers

Bewo­ ners

Profes­ sionals

Donderdag 16 mei

29

22

7

Woensdag 22 mei

25

21

4

Totaal

54

43

11

Onder de bewoners waren tevens deelnemers met een semi-professionele positie in een vereniging, bewonersorganisatie of winkeliers­ vereniging, zoals verschillende leden van de Parochie, leden van de KBO en Hart van Poeldijk. De deelnemers bestonden uit ouderen en volwassenen.

Resultaten tweede fase 4. Straatpuzzel: Om een beter beeld te krijgen van de verschillende wensen en behoeften ten aanzien van het verlevendigen van het gebied rond de Voorstraat ter hoogte van het voormalig Dario Fo pand is de straatpuzzel ontwikkeld. Deze puzzel bestaat uit een grafische weergave van het gebied tussen de Voorstraat, Irenestraat en Fonteinstraat. Op de plattegrond kunnen bewoners door middel van diverse kaartjes aangeven hoe zij met ingrepen in de openbare ruimte een levendig centrum van Poeldijk zouden willen creëren.

In onderstaande paragraaf worden de resultaten per gebruikte methodiek omschreven. Gezien het beperkte aantal deelnemers per methodiek gaat het hierbij om kwalitatieve resultaten die niet kunnen worden aangemerkt als representa­ tief. De toegepaste methodieken hadden als functie om de reacties van de deelnemers (die immers allen al hebben geparticipeerd in de eerste fase) nader te kunnen duiden.

19 Eindrapportage Pilot Omgevingsplan Participatietraject Poeldijk Centrum

1. Brown papers met stellingen De Brown papers waren op de Werkplaatsen opgesteld aan de achterkant van de zaal, waardoor de opkomst en deelname hieraan iets lager lag dan aan de overige tafels. Deze Stelling

Dominante mening(en)

Verdeling

Toelichting

Hoogbouw is niet erg als nieuwe bewoners maar over Westlandse mentaliteit beschikken

Ja

500Zo

Nee

5007o

Voorstanders hebben zorgen over windval en betaalbaarheid Tegenstanders zorgen over behoud dorps karakter

Om prettig te kunnen blijven wonen in Poeldijk zijn goede seniorenwoningen noodzakelijk

Er moeten vooral woningen bijkomen voor jongeren, of juist gemengd

Angst voor verlies van voorzieningen als jongeren niet in Poeldijk kunnen blijven

Karakteristieke gebouwen mogen gesloopt als er een betere bestemming voor de locatie is gevonden

Liever behouden, alleen in het uiterste geval

Karakteristieke gebouwen zijn sfeerbepalend, belangrijk voor behoud dorps karakter

Bewoners en ondernemers in het centrum zijn medeverantwoordelijk voor groen

Ondernemers niet

2007o

Gemeente hoofdverantwoordelijk Ja

5007o

Bewoners van het centrum moeten worden gestimu­ leerd om hun buitenruimte groen in te richten met bijvoorbeeld een boombon

Onder voorbehoud

7007o

Niet verplichten, niet individueel

Ja

3007o

Vanwege water en hittestress

Het centrum kan pas echt tot bloei komen als het verkeer uit de Voorstraat verdwijnt

Het vrachtverkeer moet uit het centrum Ja, mits voldoende parkeergelegenheid aan de rand Nee, want dit is nadelig voor de ondernemers

3007o

Met name Jan Barendselaan

Voor altijd kunnen wonen in Poeldijk kan alleen als de dorpskern goed verbonden is met de OV voorziening

3007o

Er wordt belasting voor betaald. Schande dat Westland minst groene gemeente is. Meer groen sowieso

4007o

3007o

Gedeeltelijk autovrij is goede oplossing Winkels hebben auto's nodig Goed OV is van belang voor ouderen

Ja, de bus moet het dorp weer in M* 2a,,

P

w mm'

l34-*

verder >>>

2 Â 20

Eindrapportage Pilot Omgevingsplan Participatie traject Poeldijk Centrum

Stelling

Dominante mening(en)

Verdeling

Toelichting

Bij het realiseren van nieuwe ontwikkelingen moet eerst worden gekeken naar transformatie van historische panden

Ja, vanwege behoud panden

200Zo

Voorbeeld Dario Fo dat verloedert

Alleen als het betaalbaar is Geen mening / weet niet

2007o

Worden allemaal peperdure appartementen Te weinig verstand van

Poeldijk heeft meer betaal­ bare woningen nodig voor ouderen en starters

Nlii

Niet alleen betaalbaar, ook gemengd, huur, koop middenhuur Ja

6007o 3007o

4007o

Ja, maar alleen voor Poeldijkers

2007o

Overig

m

Witteburg / Verburghof / Dario FO worden ge­ noemd als mogelijke locatie Niet voor mensen van buiten Starterswoningen hoeven niet in centrum, eerst OV verbinding

2. Tekentafel Ontmoetingsplek Het gebrek aan een ontmoetingsplek in het centrum wordt tijdens de Plan Poeldijk dagen veel genoemd en tijdens de werkplaats door de meerderheid bevestigd. De tekening met de diverse direct gerelateerde onderwerpen, heeft geholpen in het concretiseren, verscherpen en heeft vooral meer inzichten gegeven op het onderliggende gevoel en de vraag. De volgende conclusies zijn te trekken uit de input die aan de tafel werd gegeven: ^ Er is vraag naar een laagdrempelige sociale ontmoetingsplek die bij voorkeur geen commerciële inslag heeft. Over een commer­ ciële exploitant zijn bewoners sceptisch op het gebied van haalbaarheid, rendabiliteit en de juiste insteek. Men noemt een aantal keren het Praathuys uit de Fabeltjeskrant als voor­ beeld en ook de term Huiskamer van Poeldijk valt meerdere keren. Een plek waar men makkelijk binnenstapt voor een kopje koffie en dorpsgenoten kan ontmoeten. ^ Er is veel bereidheid onder bewoners, maar ook de huidige ondernemers om mee te

werken aan een goed plan voor de realisatie van een ontmoetingsplek, mits dit plan helemaal vanuit de bewoners zelf kan komen en wordt uitgevoerd. Termen als bewonersinitiatief en zelfbeheer worden veelvuldig genoemd. De rol van de gemeente wordt vooral gezien als die van ambassadeur en facilitator, bijvoorbeeld door een kleine subsidie beschikbaar te stellen aan maat­ schappelijke partijen die zich willen verbinden aan het initiatief. Middin en Vitis Welzijn worden hierbij het vaakst genoemd. ^ Er is eveneens een behoefte om aan te sluiten bij wat al bestaat, zoals het koffieuur bij de Terwebloem of om dit handig te combineren. Een aantal bewoners is angstig voor concurrentie van dit initiatief, dat veel sympathie geniet onder de deelnemers. Ook het koffiedrinken bij de bakker dat in de zomer mogelijk wordt gemaakt wordt hoog gewaardeerd. Meerdere malen wordt geop­ perd de handen ineen te steken en deze krachten te bundelen. 21

Eindrapportage Pilot Omgevingsplan Participatietraject Poeldijk Centrum

3. Verkeerspuzzel Met behulp van de verkeerspuzzel konden deelnemers aangeven waar zij de grootste knelpunten in de verkeersveiligheid of -doorstro­ ming ervaarden. Daarnaast kon men de eigen oplossingen voor deze knelpunten grafisch in kaart brengen door rijrichtingen aan te passen, zebrapaden aan te leggen, bepaald vervoer te weren etc.... Over de knelpunten bestond grote eensgezindheid onder de deelnemers, deze worden in deze paragraaf nader omschreven. Tenslotte worden de drie meest genoemde oplossingen I ingrepen waar groot draagvlak onder de deelnemers onder bestond besproken.

^

Rijsenburgerweg: Over de huidige onveilige situatie op de Rijsenburgersweg was vrijwel iedereen het met elkaar eens. Er is sprake van kerende vrachtwagens, waaronder de leveran­ ciers van de JUMBO, maar eveneens vracht­ verkeer dat de Rijsenburgerweg als doorgaan­ de route gebruikt. Met de nieuwe woonwijk, direct grenzend aan de Rijsenburgerweg, ontstaan vaak terugkerende gevaarlijke situaties. ^ Voorstraat tussen de Irenestraat en de Verburghlaan: De deelnemers geven aan dat dit smalste stuk van de Voorstraat onveilig voelt voor voetgangers en fietsers vanwege de hoge snelheid waarmee auto's er door­ heen rijden. Daarnaast zijn de trottoirs erg smal, waardoor soms moet worden uitgewe­ ken naar de rijbaan. ^ De kruising van de Kerklaan met de Rijsen­ burgerweg: Op de Kerklaan rijdt ook zwaar vrachtverkeer terwijl men de straat en de brug over het water hiervoor niet geschikt vindt. Het punt waar de straten samenkomen wordt als onveilig ervaren.

Knelpunten ^

(Vracht)verkeer op de Jan Barendselaan: Het zware en drukke verkeer op de Jan Barendselaan zorgt voor een onveilige situatie voor fietsers en voetgangers, met name bij de bestaande oversteekplaatsen. Het bestaande zebrapad voelt onveilig vanwege de hoge snelheid van het verkeer en een slechte zichtbaarheid.

Oplossingen ^

Poeldijkse lus Z Rondje Poeldijk: Een oplos­ sing die veel draagvlak genoot onder de deelnemers is het voorstel om eenrichtings­ verkeer in te voeren op de Jan Barendselaan en de Rijsenburgerweg, waardoor er een "rondje Poeldijk" ontstaat. De deelnemers zagen hier de voordelen in van het beperken van verkeer, het beter kunnen anticiperen door fietsers en voetgangers en de betere zichtbaarheid. Over het vrachtverkeervrij maken van deze lus was men echter verdeeld. Er waren zorgen over de toelevering aan de ondernemingen in het centrum, alsook de huidige ervaring dat het beperken van vrachtverkeer tot bestemmingsverkeer vaak te laat wordt opgemerkt door vrachtwagen­ chauffeurs. Hierdoor ontstaan er vaak gevaar­ lijke situaties waarin de vrachtwagen moet keren.

22 Eindrapportage Pilot Omgevingsplan Participatietraject Poeldijk Centrum

^ Versmallen kruispunt Kerklaan Z Rijsenbur­ gerweg: Een groot aantal deelnemers stelt het weren van vrachtverkeer op de Kerklaan of het autovrij maken van het eerste gedeelte van de Rijsenburgerweg voor. Door het kruispunt te versmallen wordt de situatie gericht op voetgangers en fietsers en beperkt men direct het vrachtverkeer op de Rijsenburgerweg.

^ Verkeersbeperkende maatregelen: Het plaatsen van zebrapaden en verkeersdrem­ pels op de Rijsenburgerweg ter hoogte van de JUMBO en ter hoogte van de Terwebloem. ^ Twee scenario's voor de Voorstraat: - Flexibele afsluiting: Afsluiten van het boven­ genoemde smalste deel van de Voorstraat voor auto's en dit gebied herinrichten als verblijfsruimte om het centrum te verlevendi­ gen. Eventueel is verplaatsing van de markt naar dit gebied dan ook een optie om meer levendigheid te creëren. De huidige parkeer­ plekken kunnen worden verplaatst naar het terrein bij de kerk of de JUMBO. - Verkeersbeperkende maatregelen: Een herinrichting van het smalste stuk waarbij de auto een bijrol krijgt, zoals het creeren van een fietsstraat met de 'auto te gast'. Dit scenario wordt aangehangen door een aantal deelnemers die de bereikbaarheid per auto voor klanten van de ondernemers op dit gedeelte in stand willen houden.

23 Eindrapportage Pilot Omgevingsplan Participatietraject Poeldijk Centrum

4. Straatpuzzel Voorstraat e.o. Met de straatpuzzel konden deelnemers hun mening geven over de mogelijkheid van fysieke ingrepen om het centrum te verlevendigen. De grootste eensgezindheid bestond over een voorstel dat heironder wordt omschreven, met een aantal discussiepunten:

Voorkeuren voor flexibele oplossingen: Opval­ lend aan een groot aantal reacties van de deelne­ mers is dat er vaak wordt gezocht naar een compromis in de vorm van een flexibele oplos­ sing. Voor veel deelnemers is een definitieve herinrichting een stap te ver, alhoewel men met de huidige situatie niet tevreden is. Er werd daarom door meerdere deelnemers voorgesteld om diverse aspecten dusdanig te creëren dat men de locatie geschikt maakt voor meerdere invullingen. De meeste gedragen voorbeelden hiervan zijn: » Verplaatsbare bloembakken in plaats van permanente groenstroken of bomen: Hiermee wordt toch een groenere uitstraling behaald, maar blijft voldoende ruimte over voor een terras in de zomertijd of een wekelijkse markt » Pollers of gedeeltelijke afsluiting voor het autoverkeer van het gedeelte Voorstraat zoals hierboven besproken. Op deze manier blijven ondernemers verzekerd van (gedeeltelijke) bereikbaarheid, maar zijn incidentele evene­ menten, een wekelijkse markt of een zomer­ terras ook mogelijk.

Creëren van een verblijfsplein I terras voor het voormalig Dario Fo pand: Een groot aantal deelnemers wil de ruimte voor het pand Voor­ straat 88 (voormalig Dario Fo pand) geschikt maken als plein cq terras. Het feit dat er smiddags veel zonlicht is maakt dat men dit als een zeer geschikte locatie ziet om elkaar te ontmoe­ ten of even op een bankje te kunnen zitten. De meeste deelnemers kleedden het plein vervol­ gens aan met bomen, bloembakken, terrastafels en bankjes. Discussie werd gevoerd over de volgende punten: » Het autoluw maken van dit gedeelte van de Voorstraat (zie uitkomsten Verkeerspuzzel) * Het behouden of verwijderen van de huidige parkeerplekken » Het verplaatsen van de markt van de Irenestraat richting de Voorstraat

a n a n HID n n n

nteir,

24 Eindrapportage Pilot Omgevingsplan Participatietraject Poeldijk Centrum

Conclusies en Aanbevelingen Procesmatig

ding van de routeboekjes en persberichten heeft hier absoluut aan bijgedragen. Een ervaren knelpunt was het gebruik van de locatie Voor­ straat 88. In het eerste weekend werd deze ruimte gebruikt als uitvalsbasis, waardoor het team goed zichtbaar was en er direct een pretti­ ge en informele sfeer ontstond. Vanwege veilig­ heidsoverwegingen was het in een later stadium niet meer mogelijk dit pand te gebruiken, maar werd uitgeweken naar een zijpand in de Fon­ teinstraat. Hiermee werd de zichtbaarheid van de actie fors verminderd, wat zich vertaalde in een lagere opkomst en aanloop. Dezelfde veilig­ heidsoverwegingen maakten de organisatie van de Werkplaatsen op dezelfde locatie onmogelijk, waardoor werd uitgeweken naar Partycentrum de Vrienden. Door het wisselen van locaties tijdens de campagne is wellicht de kans misgelopen om een herkenbare plek te creëren die men associ­ eerde met het participatietraject, waardoor waarschijnlijk een iets hogere opkomst mogelijk was geweest.

Voorbereiding Terugkijkend op het proces in de uitvoering van dit participatietraject zijn diverse zaken opgeval­ len. De voorbereiding in samenwerking met de beleidsmedewerkers van de betreffende afdelin­ gen was tijdig en grondig en garandeerde een grote en enthousiaste betrokkenheid van deze medewerkers in het verdere traject. Dit maakte onder andere de dynamiek op de Werkplaatsen tussen de ambtenaren en de deelnemers tot een prettige en constructieve samenwerking. Meer­ dere bewoners hebben aangegeven het zeer prettig te vinden direct van gedachten te kunnen wisselen met de betrokken ambtenaar. Een knelpunt dat werd ervaren betrof de herin­ richting van een gedeelte van de Voorstraat, waarvan de planning niet geheel duidelijk was voor de start van het traject. Uiteindelijk werd de herinrichting gerealiseerd tegen het einde van Fase 1, waardoor er vragen herrezen over het participatieproces en de samenhang tussen verschillende gemeentelijke projecten. Deze vragen kwamen vaker gedurende de voorberei­ dingsfase naar boven, met name vanwege de overlap tussen onder andere het Centrumplan, herinrichting van de Voorstraat en het op te stellen Omgevingsplan. Het besluit om dit participatietraject te combineren met de partici­ patie voor het Centrumplan heeft verdere verwar­ ring beperkt.

Werkplaatsen Door uitval van de gemeentelijke projectleider is een kleine vertraging opgetreden in de voorbe­ reiding van de Werkplaatsen, maar deze werd snel gecorrigeerd door de overige leden van het team Omgevingswet. De samenwerking met Partycentrum de Vrienden was zeer prettig, met name door hun snelle reactie en beschikbaarheid op het plan om de evenementen te verplaatsen naar hen. In de uitnodigingsfase is een vertraging opgetreden rond de gemeentelijke communica­ tie, waardoor een bredere werving onder belang­ stellenden niet is gelukt. Dit heeft er waarschijn­ lijk voor gezorgd dat de aanmeldingen in eerste instantie achterbleven. Later bleek de opkomst op beide avonden zich te herstellen en was de omvang van het aantal deelnemers geschikt voor de verschillende methodieken.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Westland&id=8a500a49-f222-4891-96ce-598f4b9e44c1