B08-20230619-19-vka-stichting-halt-jaarverslag-2022.pdf
Tekst van het document
28
Samenstelling per 31 december 2022 Naam
Functie
Termijn
Nevenfuncties
De heer C.J. Heijsman
Voorzitter
3e
De heer D.J. Schrijer
Lid
3e
Mevrouw M.A. van Erp
Lid
2e
Mevrouw R. Mejres
Lid
2e
Eigenaar Sofimad:
De heer F.K.G. Westerbeke
Lid
1e
Politiechef eenheid Rotterdam - Politie Nederland.
• Lid adviescommissie afgesloten strafzaken (ACAS). • Lid College Nederlands Register Gerechtelijk Deskundigen. • Lid Auditteam Voetbal en Veiligheid. • Voorzitter Stichting Tuin van bezinning politie. • Lid Klankbordgroep Centrale Raad van Beroep. • Plaatsvervangend voorzitter Klachtencommissie Landelijke eenheid Politie. • Commissaris Woningcorporaties. • Voorzitter bestuur Koninklijke BLN – Schuttevaer. • Toezichthouder arrestantenzorg Rotterdam. • Voorzitter Raad van Commissarissen Waterweg wonen. • Lid Raad van Toezicht Da Vinci College Dordrecht. • Lid Raad van Toezicht Nico Adriaan Stichting. • Voorzitter Raad van Toezicht Skateland. • Voorzitter Commissie Toezicht Arrestantenzorg Rotterdam. • Lid Raad van Toezicht Kiddoozz. • Associate KplusV. • Eigenaar MarelvaManagement. • Lid Raad van Toezicht Leger des Heils (divisies dienstverlening, reshare en fondsenwerving). • Lid Raad van Toezicht Aloysius Stichting. • Lid Raad van Toezicht FNV. • Voorzitter bij Fonds Podiumkunsten. • Bestuurslid Stichting Literaire Activiteiten Amsterdam. • Projectmanager regionale inkoop Jeugdwet, WMO, Participatie – Hart van Brabant. • Projectleider Regionale samenwerking WMO begeleiding – Hart van Brabant.
In 2022 is de termijn van mevrouw R. Mejres verlengd.
Commissies Raad van Toezicht Binnen de Raad van Toezicht worden twee commissies onderscheiden:
• De Auditcommissie bestaande uit mevrouw M.A. van Erp en mevrouw R. Mejres. • De Remuneratiecommissie bestaande uit de heer C.J. Heijsman en de heer D.J. Schrijer. • De heer F.K.G. Westerbeke is 1e aanspreekpunt voor de Ondernemingsraad (OR). De commissies hebben een adviserende en voorbereidende rol. Besluitvorming vindt plaats in het collectief van de Raad van Toezicht.
29
Verslag Raad van Toezicht 2022 In 2022 hebben er vier reguliere vergaderingen van de Raad van Toezicht plaatsgevonden. In de reguliere vergaderingen is er aandacht voor P&C gerelateerde onderwerpen, alsmede strategie en innovatie. Naast de reguliere vergaderingen heeft er ook een aparte strategiesessie plaatsgevonden. Deze stond in 2022 in het doorleven van de verandertheorie van Halt (theory of change) en verkenning van de kansen inzake het meerjarenprogramma Preventie met Gezag. Preventie met Gezag is een langlopend programma met ruimte in diverse gemeenten om tot andere of meer intensieve aanpakken te komen ter voorkoming van (zwaardere vormen van) criminaliteit. Zie hiervoor ook paragraaf 6.2.
8.1.3 Principes van goed bestuur De Raad van Toezicht is overeenkomstig zijn wettelijke en statutaire taken verantwoordelijk voor de inrichting en het functioneren van de governance van Halt en hanteert hierbij de Governancecode Sociaal Werk. De Governancecode Sociaal Werk weerspiegelt hoe de branche aankijkt tegen goed bestuur en toezicht. De code is ingedeeld in zeven leidende principes voor goed bestuur en toezicht die uitgewerkt zijn in gedrags- en handelingsnormen voor bestuur en toezicht. De principes vullen elkaar aan en moeten in samenhang worden bezien.
Theory of change Conform de Governancecode streeft de organisatie een duidelijke visie en maatschappelijke doelstelling na en zijn toezichthouders zich volledig bewust van de maatschappelijke positie van de organisatie. Dit komt o.a. tot uitdrukking doordat helder is wat de publieke taken zijn, alsmede dat helder is hoe de kwaliteit van het handelen toetsbaar en zichtbaar gemaakt wordt. In 2022 is de Raad van Toezicht in gesprek gegaan over de theory of change van Halt. Met de theory of change is, aanvullend op de missie en visie, in beeld gebracht welke maatschappelijke waarde Halt toevoegt met haar activiteiten. De theory of change is zowel bij interne als externe stakeholders gevalideerd. En ook binnen de Raad van Toezicht is het gesprek gevoerd of de activiteiten en effecten herkend worden en is aanvullende input opgehaald. De input is gebruikt om de theory of change verder aan te scherpen. Medio 2022 is de theory of change vastgesteld.
30
Opvolging wijziging statuten Zoals reeds in paragraaf 7.4 benoemd zijn de statuten van Halt, in navolging van de inwerkingtreding van de WBTR, aangepast. De WBTR voorziet in maatregelen om de kwaliteit van bestuur en toezicht bij verenigingen en stichtingen te verbeteren en vereist een kritische houding van toezichthouders. In navolging van de aanpassing van de statuten zijn binnen de Raad van Toezicht afspraken gemaakt wat er verder verdiepend nodig is om conform de statuten en principes uit de Governancecode te handelen. Een verdiepend Raad van Toezichtreglement is in ontwikkeling.
Ontwikkelingen wettelijke justitiële taak In 2022 zijn de ontwikkelingen binnen de justitiële taak, en dan m.n. de sterk verlaagde instroom aan Halt-verwijzingen, periodiek onderwerp van gesprek geweest binnen de Raad van Toezicht. Lopende beleidsontwikkelingen zoals de voortgang op de herijking van de Aanwijzing Besluit Halt-feiten en de door het minJenV op te stellen analyse naar de instroom van jeugdige verdachten en Halt-zaken, zijn gedurende de tijd gemonitord. De Raad van Toezicht is verantwoordelijk voor het toezicht op de algemene gang van zaken en de continuïteit van de organisatie. Vanuit deze rol heeft de Raad van Toezicht in november schriftelijk zijn zorg geuit bij het ministerie over de continuïteit van de uitvoering van de wettelijke justitiële taak van Halt in de toekomst. Directe aanleiding hiervoor was het, voor het tweede achtereenvolgende jaar, verlagen van de subsidie vanuit minJenV, alsmede de vertraging van lopende beleidsinitiatieven die van invloed zijn op de justitiële taak van Halt in de toekomst. De Raad van Toezicht heeft in zijn reactie opgeroepen om met elkaar het gesprek over het toekomstperspectief van Halt te voeren, opdat niet langer kort-cyclisch naar Halt en de justitiële taak wordt gekeken.
Zelfevaluatie In 2022 heeft er geen algemene zelfevaluatie plaatsgevonden. Wel heeft de Raad van Toezicht aan de hand van een specifieke casus gereflecteerd op het eigen gewenste handelen inzake (mogelijke) ongewenste belangenverstrengeling vanuit de norm dat toezichthouders elke vorm van belangenverstrengeling vermijden. Het overeengekomen gewenste handelen is opgenomen in het voorstel voor een aanvullend Raad van Toezicht-reglement.
31
8.2 Ondernemingsraad De Ondernemingsraad (OR) van Halt is medio 2021 gestart als nieuwe OR en bestaat uit negen leden. De OR heeft door advisering en instemming, maar ook door het gebruik maken van initiatiefrecht invloed op de bedrijfsvoering van Halt.
Initiatiefrecht: In 2022 heeft de OR, o.g.v. een interne uitvraag naar ervaringen, een aantal aanbevelingen gedaan aan de directeur-bestuurder over de toepassing van de regeling bewust belonen. De regeling is bedoeld om zichtbaar inzet en extra inspanning van medewerkers voor Halt te waarderen en hiermee de motivatie voor het werk en betrokkenheid bij Halt als werkgever te stimuleren. De aanbevelingen hadden tot doel hieraan bij te dragen.
Instemmingsrecht: In augustus heeft de OR ingestemd met de regeling thuiswerken. In de regeling thuiswerken zijn uitgangspunten, arbeidsvoorwaarden en spelregels rond thuiswerken nader uitgewerkt. Naast bovenstaande formele rechten is de OR nauw betrokken bij ontwikkelingen binnen de organisatie. In 2022 had de OR nog steeds zitting in de klankbordgroep corona. Hiernaast zijn in 2022 de volgende onderwerpen aan de orde gekomen:
• Opvolging resultaten MTO; • Implementatie CAO Sociaal Werk 2021-2023; • Verlenging corona-vergoeding; • ICT-gebruikersovereenkomst; • Meerjarenbegroting en voortgangsrapportages; • Taakdifferentiatie. Taakdifferentiatie is een belangrijk thema voor medewerkers van Halt. De OR is hier zowel gedurende het ontwikkelingsproces, als later via het formele adviesrecht nauw bij betrokken. Begin 2022 heeft de OR ook een benen op tafel overleg geïnitieerd met de directeur-bestuurder over taakdifferentiatie.
Ook het artikel 24 – overleg stond dit jaar in het teken van
taakdifferentiatie. Naar aanleiding van de kadernotitie taakdifferentiatie heeft de OR schriftelijk vragen ingediend. De belangrijkste vragen en antwoorden zijn gepubliceerd op het intranet van Halt, opdat deze goed toegankelijk zijn voor alle medewerkers van Halt. In 2022 heeft de OR ook aan de eigen ontwikkeling gewerkt. De trainingen stonden in het teken van teambuilding, rolverdeling en deskundigheidsbevordering. Ook is, met het oog op de taak en rol van de OR, een aantal inhoudelijke dossiers besproken. Tot slot heeft de OR in 2022 gewerkt aan de aandachtspunten van het MTO, o.a. door te investeren in de zichtbaarheid en bereikbaarheid van de OR.
32
8.3 Externe klachtenregeling Er zijn in 2022 zeven klachten geregistreerd. Deze klachten zijn allemaal intern (telefonisch) afgehandeld. Er zijn in 2022 geen klachten ingediend bij de externe klachtencommissie.
8.4 Inzet vertrouwenspersoon en klachtencommissie Een sociaal veilige werksfeer is cruciaal voor een gezond bedrijf. Dat betekent onder meer dat medewerkers in een veilige arbeidsomgeving werkzaamheden kunnen uitvoeren en respectvol met elkaar omgaan. Om veilige arbeidsomstandigheden en een positieve werksfeer te borgen kent Halt een regeling en klachtenprocedure voor ongewenste omgangsvormen. Halt heeft, als onderdeel van de regeling twee externe vertrouwenspersonen aangewezen. Deze worden ingezet vanuit GIMD (specialist en marktleider op het gebied van bedrijfsmaatschappelijk werk) en zijn op afroep beschikbaar. Medewerkers kunnen hiermee een beroep doen op professionele, deskundige en onafhankelijke vertrouwenspersonen. De kosten van de vertrouwenspersoon worden anoniem gefactureerd aan Halt. Indien medewerkers een klacht willen indienen over ervaren ongewenste omgangsvormen kunnen zij rechtstreeks terecht bij de klachtencommissie van GIMD. Deze bestaat uit een voorzitter met juridische expertise en twee leden, ervaren bedrijfsmaatschappelijk werkers met de specialisatie Vertrouwenspersoon ongewenste omgangsvormen. Een ambtelijk secretaris ondersteunt de Klachtencommissie. Door de toegenomen media-aandacht inzake een veilige werkomgeving ziet het GIMD een tendens dat mensen in het algemeen makkelijker naar de vertrouwenspersoon stappen.
De media-aandacht werkt hierin drempelverlagend. Ook ziet het GIMD dat gelijkheid en uitsluiting steeds meer een punt van aandacht wordt op de werkvloer. Zie paragraaf 7.3 voor wat Halt doet rondom het thema inclusie en diversiteit. In 2022 is er vanuit Halt driemaal een beroep gedaan op de vertrouwenspersoon over klachten van grensoverschrijdend gedrag of meldingen over integriteitkwesties. Het betroffen drie korte trajecten. Voor betreffende medewerkers is passende ondersteuning geboden vanuit de vertrouwenspersonen. Er zijn geen klachten bij de klachtencommissie ingediend. Voor situaties van ongewenst gedrag in relatie tot jongeren/ouders of anderen geldt de procedure ‘Melding incidenten’. In 2022 zijn in totaal twee incidentmeldingen gedaan. Beide meldingen hadden betrekking op verbale agressie door de jongere.
33
8.5 HRM 8.5.1 Ziekteverzuim en verloop Het ziekteverzuim komt met 8,1% in 2022 fors hoger uit
De rapportages bieden ook aanknopingspunten om het
dan voorgaande jaren (+3%). Het verzuimpercentage
werken bij Halt nog verder te verbeteren. Zo wordt de
wordt voor het grootste gedeelte gevormd door langdurig
werkdruk bijvoorbeeld genoemd als reden om te
verzuim. De piek van het ziekteverzuim lag met 11% in
vertrekken. Zowel op landelijk als teamniveau is
maart en werd toen ook voor een groot deel veroorzaakt
besproken hoe binnen de mogelijkheden opvolging
door
gegeven kan worden aan het MTO.
corona-ziekmeldingen.
Ondertussen
lijkt
het
ziekteverzuim weer enigszins te normaliseren. Halt is een traject gestart met de arbodienstverlener om tot verbetering van de verzuimbegeleiding te komen, alsmede inzicht in de bovenliggende patronen van verzuim.
De taken van de Halt-medewerker zijn veelzijdig. Van oorsprong is er sprake van repressie (Halt-interventie), preventie
(met
name
voorlichtingen)
en,
meer
onderhouden
van
In 2022 was de uitstroom van medewerkers hoger dan de
randvoorwaardelijk,
instroom. Afgezet tegen 2021 was het verloop ook een
netwerkcontacten
stuk hoger (+24%). Dit is een logisch gevolg van de krapte
toegenomen ambities van de organisatie is in de loop der
op de arbeidsmarkt, echter heeft gevolgen voor de
tijd het aanbod en de daarmee samenhangende taken
productiviteit van medewerkers i.v.m. inwerktrajecten.
toegenomen in variëteit en complexiteit en is het
8.5.2 Medewerkerstevredenheidsonderzoek
34
8.5.3 Programma taakdifferentiatie
eisenpakket
dat
het met
wordt
externe
gesteld
partners.
aan
Vanuit
professionele
uitvoering groter en veelzijdiger geworden. Om deze uitdagingen het hoofd te kunnen blijven bieden
Eind 2021 is een medewerkerstevredenheidsonderzoek
is medio 2022 besloten dat wordt toegewerkt naar
(MTO) uitgezet onder alle medewerkers van Halt. De
taakdifferentiatie.
resultaten zijn in 2022 opgeleverd. 77% van de
ondersteund door de resultaten uit het MTO. Onder
medewerkers heeft aan het onderzoek meegedaan. Het
taakdifferentiatie wordt binnen Halt verstaan: het
rapport laat positieve ontwikkelingen zien ten opzichte
verdelen van een functie in verschillende takenpakketten,
van het vorige MTO in 2018. Het werkgeluk krijgt als
zonder dat er nieuwe functies ontstaan. Medewerkers die
rapportcijfer een mooie 7,2. Dit is hoger dan het vorige
op basis van hun arbeidscontract dezelfde functie hebben,
onderzoek en in het bijzonder verrassend omdat ook 57%
kunnen verschillende takenpakketten uitvoeren. Een
van de respondenten aangeeft dat corona een negatieve
medewerker kan veranderen van takenpakket zonder dat
invloed heeft op het werkgeluk.
de functie wijzigt.
Een andere uitblinker is het feit dat zo goed als alle
Eind september is het kader voor taakdifferentiatie
medewerkers achter de bedoeling van Halt staan, trots
vastgesteld en gedeeld binnen de organisatie. De
zijn om voor Halt te werken en ervan overtuigd zijn met
ontwikkeling richting taakdifferentiatie verloopt in nauwe
het werk bij te dragen aan iets goeds en belangrijks voor
afstemming met de OR en met betrokkenheid van
de samenleving.
medewerkers.
Deze
ontwikkeling
wordt
ook
8.6 Financieel beleid
8.6.1 Exploitatieresultaat
De inkomsten van Halt zijn afkomstig van verschillende bronnen. Het
Over 2022 is het resultaat 207k negatief. Dit
grootste gedeelte betreft de subsidie van het minJenV voor de
is 719k hoger dan begroot en wordt
uitvoering van de justitiële taak. De basis voor de verstrekte subsidie
voornamelijk veroorzaakt door de lagere
ligt in de overeengekomen kostprijs (2021) en het subsidiebesluit van
personele kosten en hogere inkomsten
het betreffende jaar, met daarin opgenomen een ijkpunt voor het
vanuit preventie.
aantal af te handelen zaken in 2022. In 2022 is nog sprake van een corona-effect, waardoor het aantal ontvangen zaken nog niet op het niveau van 2019 en eerder is. Voor 2022 zijn additionele afspraken gemaakt met het minJenV over de toerekening en afrekening van de subsidie.
In 2022 heeft Halt opnieuw erg weinig strafzaken ontvangen: nog geen 10.000 jongeren
hebben
een
justitiële
Halt-
interventie gekregen. Dat is 35% minder dan in 2019. Zie voor een nadere toelichting
Met betrekking tot de preventieve activiteiten vindt financiering
paragraaf 7.1. Halt heeft daarmee minder
plaats
interventies
vanuit
afzonderlijke
gemeenten,
op
basis
van
een
kunnen
realiseren
dan
worden
verwacht. Met minJenV zijn additionele
preventieactiviteiten uitgevoerd op basis van offertes. In beide
afspraken gemaakt omtrent de besteding
gevallen wordt een vast uurtarief voor de preventieactiviteiten
van de subsidie die verband houden met de
gehanteerd. Per einde jaar vindt afrekening plaats van bekostigde,
onderproductie. De preventieve activiteiten
maar niet uitgevoerde activiteiten.
kennen in 2022 een groei passend bij de
subsidietoekenning
per
jaarvak.
Aanvullend
hierop
Ook voor de lokale sportactiviteiten die Halt uitvoert in opdracht van minVWS is een vaste kostprijs gedefinieerd. Het betreft hier een meerjarige subsidie. Tot slot bestaat de mogelijkheid om inkomsten te verwerven via toekenning van specifieke projectenfondsen. Het betreft hier toekenningen vanuit zowel de overheid als de particuliere sector. Deze inkomsten hebben betrekking op specifieke projectuitvoering, gedurende een vooraf vastgestelde looptijd.
ambitieplannen van Halt. De omzet is ten opzichte van 2021 gestegen met 0,9 mln. tot 4,9 mln. Door een bewuste keuze te maken ten aanzien van de invulling van vacatures en de
bezetting
als
mogelijk
in
overeenstemming te brengen met de werklast heeft de omzetgroei niet geleid tot een stijging van de personele kosten voor Stichting Halt.
35
zoveel
8.6.2 Resultaatbestemming
8.7 Financiële Doorkijk 2023
Het gerealiseerde resultaat over 2022
MinJenV maakt voor het opstellen van de justitiebegroting gebruik van
bedraagt 207k negatief. In totaal wordt 5%
het Prognosemodel Justitiële Ketens (PMJ). Eind 2022 is de PMJ raming
van de omzet preventie toegekend aan de
voor 2023 e.v. geactualiseerd.
bestemmingsreserve preventie (242k) en wordt
82k
onttrokken
bestemmingsreserve
aan
de
Innovatie
en
Ontwikkeling preventie. Van het overige
De subsidie voor 2022 is (voorlopig) vastgesteld op 11.824k. Uitgangspunt bij de subsidie is een ijkpunt van 12.360 zaken. Dit is 1,1 mln. lager dan 2022.
resultaat wordt conform voorgaande jaren
Vanaf 2023 nemen 19 gemeenten deel aan het programma ‘Preventie
75% gedoteerd aan de egalisatiereserve
met Gezag’ dat wordt gesubsidieerd door minJenV. In een deel van deze
preventie en 25% gedoteerd aan de
gemeenten worden nog oriënterende gesprekken gevoerd, maar naar
bestemmingsreserve preventie.
verwachting levert Halt in 17 van de 19 gemeenten een bijdrage aan dit programma. In de begroting 2023 is 1 mln. omzet begroot voor de uitvoer van projectactiviteiten. De lagere omzet repressie en hogere omzet preventie zorgen voor een uitdagend jaar waarin scherpe sturing op de uitvoering benodigd is.
8.8 Risicoparagraaf Doel van het risicomanagement bij Halt is: 1.
het tijdig onderkennen van risico’s en kansen;
2.
de impact hiervan in te schatten, zodat medewerkers tijdig kunnen reageren;
3.
en indien nodig passende maatregelen nemen.
Halt legt risico’s vast en bespreekt deze periodiek op verschillende niveaus in de organisatie. Risico’s worden ingedeeld op strategisch, tactisch en operationeel niveau en worden ook op strategisch (Raad van Toezicht en directie), tactisch (directie en management) en operationeel niveau (management en medewerkers) besproken, opdat de gewenste beheersmaatregelen kunnen worden genomen. Risico’s worden gewaardeerd met behulp van kans maal impact (hoog, midden, laag). In onderstaand overzicht zijn de belangrijkste strategische risico’s opgenomen die het behalen van de maatschappelijke doelstellingen van Halt kunnen beïnvloeden.
36
Risico's
Risicowaarde
Niet realiseren van de subsidieafspraken HH met minJenV vanwege geen / traag herstel van de instroom repressie door beperkte handhaving op de kleine norm, verdere vertraging van de herijking van het Besluit aanwijzing Halt-feiten, het kader voor de reprimande en een niet sluitend, alsmede ingewikkeld verwijsproces
Bijsturingsmaatregel
• Inzet op en betrokkenheid bij herijking Halt Besluit en het kader voor de reprimande.
• Inzet op vereenvoudiging van verwijsprocessen (o.a. aanpassing
MEOS, bredere inzet mutatie en/of andere vorm van vereenvoudiging van het verwijsproces).
• Inspringen op (nieuwe) maatschappelijk urgente veiligheidsproblemen waarbij de Halt-interventie een passende interventie is.
• Blijvend inzetten op een vroegtijdige aansluiting op het strafproces, o.a. ZSM.
• Goede contacten/informatie-uitwisseling met basisteams politie. • Lokale contacten met boa’s en leerplichtambtenaren intensiveren en duidelijke routingafspraken maken.
Niet realiseren van de begrotingsopgave preventie met gezag door vertraging in het proces van toekenning en concretisering van uitvoeringsplannen.
HM
HH Structureel te weinig inkomsten beschikbaar om ambities waar te maken en afspraken na te komen door toename van kosten (o.a. nieuwe CAO, buitenproportionele inflatie) en een niet dekkende kostprijs vanuit minJenV. Te weinig inkomsten beschikbaar om egalisatiereserve repressie op te bouwen.
• Aparte monitoring van realisatie Preventie met Gezag. • Aanstelling kwartiermaker Preventie met Gezag. • Sturing op bezetting. • Periodieke herijking van de kostprijzen (elke 3 jaar) en het tijdig vastleggen van de kaders waarbinnen de herijking plaatsvindt.
• Verhogen preventie-inkomsten door aantrekken nieuwe financieringsstromen en allianties en duurzame samenwerkingen.
• Spreiding van inzet van beschikbare capaciteit. • Opbouw EV (repressie) inzichtelijk maken en bespreken met minJenV. Mede gekoppeld aan herijking kostprijs.
• Periodieke herijking van de kostprijs (elke 3 jaar) en het tijdig
vastleggen van de kaders waarbinnen de herijking plaatsvindt.
Oplopende werkvoorraden en doorloop- MH tijden door:
• Ondercapaciteit door krapte op de
arbeidsmarkt en een niet dekkende kostprijs/loonkosten.
• Verhoogd ziekteverzuim • Een te lage productiviteit. Het hebben/verkrijgen van onvoldoende LM financiering voor de bekostiging van doorontwikkeling en innovatie.
37
• Opstellen en uitvoeren strategisch personeelsbeleid met (o.a.)
aandacht voor in- en uitstroom, werving en behoud van medewerkers.
• Periodieke herijking van de kostprijs (elke 3 jaar).
• Verstevigen/uitbouwen fondsenwerving/overige financieringsstromen.
• Duidelijke strategie en investeringsagenda.
9. Jaarrekening
9.1 Balans Activa
31/12/2022
31/12/2021
381.560
158.481
381.560
158.481
Vorderingen en overlopende activa
1.595.592
1.327.520
Liquide middelen
5.636.601
5.744.521
subtotaal
7.232.193
7.072.041
Totaal
7.613.753
7.230.522
Eigen vermogen Algemene reserve
954.591
954.591
Egalisatiereserve repressie
75.671
351.481
Bestemmingsreserve Preventie
566.403
416.399
Bestemmingsreserve I&O preventie
991.720
1.073.303
2.588.386
2.795.774
484.632
521.377
484.632
521.377
912.872
109.747
Vaste activa Materiële vaste activa subtotaal Vlottende activa
Passiva
subtotaal Voorzieningen Voorziening Herstructurering subtotaal Kortlopende schulden Crediteuren
38
Belastingen en sociale lasten
1.286.824
939.015
Overige schulden en overlopende passiva
2.341.039
2.864.609
subtotaal
4.540.735
3.913.370
Totaal
7.613.753
7.230.522
9.2 Staat van baten en lasten Baten
Realisatie 2022
Begroting 2022
Realisatie 2021
Subsidiebaten justitiële opgave Halt
12.972.000
13.800.000
12.275.400
Subsidiebaten preventieactiviteiten
4.882.596
4.140.000
3.992.732
Overige preventieactiviteiten Crownies
137.412
136.000
130.542
17.992.008
18.076.000
16.398.673
Landelijke projecten (Sport)
228.173
235.000
91.483
Subsidie projecten
125.997
-
-
Subsidie fondsen
242.040
300.000
332.131
-
-
139.145
596.209
535.000
562.758
18.588.217
18.611.000
16.961.432
Personeelskosten
14.438.659
14.887.726
13.426.378
Overige personeelskosten
1.292.820
1.638.232
1.010.451
Afschrijvingen
55.350
142.533
12.882
Huisvestingskosten
793.971
815.000
649.310
Omzet
subtotaal Overige baten
Incidentele baten en lasten subtotaal Totaal
Lasten
Organisatiekosten Automatiseringskosten Rentelasten Totaal Resultaat Resultaatbestemming
924.610
699.107
1.105.000
1.006.652
30.962
25.000
31.635
18.795.605
19.538.101
16.836.414
-207.388
-927.101
125.017
2022
2021
-
-
Mutatie Egalisatiereserve repressie
-275.809
93.763
Mutatie Bestemmingsreserve preventie
150.004
31.254
Mutatie Bestemmingsreserve I&O
-81.583
-
-207.388
125.017
Mutatie Algemene reserve
Totaal
39
991.261 1.192.583
9.3 Kasstroomoverzicht Kasstroomoverzicht
31/12/2022
31/12/2021
-207.388
125.017
Afschrijvingen
55.350
12.882
Mutaties voorzieningen
-36.745
-188.577
Mutatie debiteuren en overige vorderingen
-268.072
-132.191
Mutatie crediteuren
803.125
9.094
Mutatie belasting en sociale lasten
347.809
17.671
Mutatie overige schulden
-523.570
1.062.861
Kasstroom uit operationele activiteiten
170.509
906.757
-
-
-278.429
-137.787
-
-
Kasstroom uit investeringsactiviteiten
-278.429
-137.787
Netto kasstroom
-107.920
768.970
Beginstand 01-01
5.744.521
4.975.551
Eindstand 31-12
5.636.601
5.744.521
Netto kasstroom
-107.920
768.970
Kasstroom uit operationele activiteiten Exploitatieresultaat Aanpassingen voor:
Veranderingen in het werkkapitaal:
Kasstroom uit investeringsactiviteiten Investeringen in immateriële vaste activa Investeringen in materiële vaste activa Desinvestering in vaste activa
Mutatie liquide middelen
40
9.4 Waarderingsgrondslagen 9.4.1 Algemene grondslagen voor de opstelling van de jaarrekening De jaarrekening is opgesteld volgens de bepalingen van Richtlijn 640 Organisaties zonder Winststreven uit de Richtlijnen voor de jaarverslaggeving (RJ 640). De waardering van activa en passiva en de bepaling van het resultaat vinden plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij de desbetreffende grondslag voor de specifieke balanspost anders wordt vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarde. Baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop ze betrekking hebben. Winsten worden slechts opgenomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verplichtingen en mogelijke verliezen die hun oorsprong vinden voor het einde van het verslagjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden.
9.4.2. Het Kasstroomoverzicht Het kasstroomoverzicht is opgesteld aan de hand van de indirecte methode. De geldmiddelen in het kasstroomoverzicht bestaan uit liquide middelen. Ontvangen interest wordt evenals betaalde interest opgenomen onder de kasstroom uit operationele activiteiten.
9.4.3. Grondslagen voor de balanswaardering Materiële vaste activa De materiële vaste activa wordt gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs, onder aftrek van lineaire afschrijvingen op basis van de geschatte economische levensduur, en indien van toepassing rekening houdend met bijzondere waardeverminderingen. De afschrijvingen worden gebaseerd op de geschatte economische levensduur en worden berekend op basis van een vast percentage van de verkrijgingsprijs. De volgende afschrijvingspercentages worden gehanteerd:
• Inventaris: 10-20% • Automatisering: 30% Vorderingen en overlopende activa De vorderingen worden bij eerste verwerking opgenomen tegen de reële waarde en vervolgens gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs. De reële waarde en geamortiseerde kostprijs zijn gelijk aan de nominale waarde. Een voorziening wegens oninbaarheid wordt in mindering gebracht op de boekwaarde van de vordering. Dit wordt op basis van individuele beoordeling van de vorderingen ingeschat.
41
Liquide middelen Liquide middelen bestaan uit kas, banktegoeden en spaartegoeden. De liquide middelen worden opgenomen tegen nominale waarde.
Eigen Vermogen Algemene Reserve Het exploitatieresultaat van het lopende boekjaar is gedoteerd aan de Algemene Reserve. Aansluitend heeft er een onttrekking plaats gevonden, welke is gedoteerd aan de Egalisatiereserve Repressie, de bestemmingsreserve Preventie en bestemmingsreserve Innovatie en Ontwikkeling. Egalisatiereserve repressie Voorgaande jaren is de reserve gevormd op grond van de kosten toerekening systematiek. De reserve is gevormd om toerekening en/of onttrekking op grond van de verhouding repressie-/ preventieactiviteiten mogelijk te maken. Het verschil tussen werkelijke kosten die toegerekend kunnen worden aan de repressieactiviteiten en de ontvangen subsidie voor repressieactiviteiten wordt gedoteerd aan de egalisatiereserve, rekening houdend met bepaalde maxima. In overeenstemming met de verdelingssystematiek in voorgaande jaren is het resultaat verdeeld in de verhouding 75% repressie en 25% preventie. Bestemmingsreserve preventie Het gedeelte van het eigen vermogen dat is afgezonderd omdat daaraan door het bestuur een beperktere bestedingsmogelijkheid is gegeven, wordt aangemerkt als bestemmingsreserve. De reserve is gevormd om toerekening en/of onttrekking op grond van de verhouding repressie-/ preventieactiviteiten mogelijk te maken.
Bestemmingsreserve Innovatie en Ontwikkeling Het gedeelte van het eigen vermogen dat is afgezonderd omdat daaraan door het bestuur een beperktere bestedingsmogelijkheid is gegeven, wordt aangemerkt als bestemmingsreserve. De bestemmingsreserve innovatie en ontwikkeling is tot stand gekomen met de eigen vermogens van de voormalige Halt-organisaties.
42
Voorzieningen Voorziening herstructurering (transitie) De voorziening is gevormd voor bestedingsverplichtingen vanuit de subsidie transitiefase 2013 – 2015 Halt en betreft meerjarige verplichtingen welke samenhangen met een specifieke groep medewerkers en de daarmee afgesloten sociale plannen van oude fusies in de Halt-sector. Met het minJenV is afgesproken
dat
het
toegekende
budget
gepresenteerd wordt in de jaarrekening als voorziening herstructurering.
Kortlopende schulden en overlopende passiva De schulden worden bij eerste verwerking opgenomen tegen de reële waarde en vervolgens
gewaardeerd
tegen
de
geamortiseerde kostprijs. De reële waarde en geamortiseerde kostprijs zijn gelijk aan de nominale waarde.
9.4.4. Grondslagen voor de bepaling van het resultaat Het resultaat wordt bepaald als het verschil tussen de opbrengstwaarde van de geleverde prestaties en de kosten en andere lasten over het jaar. De resultaten op transacties worden verantwoord in het jaar waarin zij zijn gerealiseerd.
Resultaatbestemming Dotaties en onttrekkingen aan bestemmingsfondsen en bestemmingsreserves worden onder de
staat
weergegeven
als
exploitatieresultaat.
43
van
baten
bestemming
en
lasten
van
het
Subsidies Subsidies worden verantwoord voor zover zij met betrekking tot het betreffende boekjaar zijn aangewend.
Projectsubsidies Halt en sport Per juli 2019 hebben Halt en het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport de samenwerking, zoals die eerder met de KNVB bestond, voortgezet. Deze samenwerking richt zich enerzijds op preventieve activiteiten (met de veiligheidsanalyse op de voetbalverenigingen) en is anderzijds een onderdeel van het tuchtrecht (met de training Sport & Gedrag).
Subsidieprojecten Er is in 2022 een project uitgevoerd met subsidie van het minJenV. Het betreft het project Hack_Right. Lees meer over dit project op pagina 19. De nog te besteden projectgelden zijn opgenomen onder de overlopende passiva. Daarnaast zijn er enkele projecten uitgevoerd die door derde partijen zijn gefinancierd, zoals het project JIM, Kijken door een andere bril en Tolerantie en Respect.
9.4.5. Continuïteitsveronderstelling Deze jaarrekening is opgesteld uitgaande van de continuïteit van de bedrijfsactiviteiten.
44
9.5 Toelichting op de balans
Activa Vaste activa Materiële vaste activa Inventaris
Automatisering
Wagenpark
AuraH
Totaal
2021
Aanschaffingswaarde
255.534
861.717
23.760
1.049.349
2.190.360
2.052.573
Cumulatieve afschrijvingen
218.209
740.560
23.760
1.049.349
2.031.879
2.018.997
Boekwaarde per 01-01-2022
37.325
121.157
-
-
158.482
33.576
Cumulatieve aanschaffingswaarde per 01-01-2022
255.534
861.717
23.760
1.049.349
2.190.360
2.052.573
4.120
262.208
-
-
266.329
45.222
Activa - onderhanden
-
12.100
-
-
12.100
92.565
Desinvesteringen aanschaffingswaarde
-130.197
-729.735
-23.760
-1.049.349
-1.933.041
-
Cumulatieve aanschaffingswaarde per 31-12-2022
129.458
406.290
-
-
535.748
2.190.360
Cumulatieve afschrijvingen per 01-01-2022
218.209
740.560
23.760
1.049.349
2.031.879
2.018.997
Desinvesteringen cumulatieve afschrijvingen
-130.197
-729.735
-23.760
-1.049.349
-1.933.041
-
Afschrijvingen 2022
6.403
48.947
-
-
55.350
12.882
Cumulatieve afschrijvingen per 31-12-2022
94.415
59.772
-
-
154.188
2.031.879
Boekwaarde per 31-12-2022
35.042
346.518
-
-
381.560
158.481
Investeringen
Onder de desinvesteringen 2022 zijn afboekingen op inventaris, automatisering, wagenpark en AuraH verantwoord. De boekwaarde van de desinvesteringen is nihil. De desinvesteringen hebben geen resultaatseffect.
45
Vlottende activa Vlottende activa Vorderingen en overlopende activa Debiteuren
31/12/2022
31/12/2021
847.578
811.071
Vooruitbetaalde kosten
523.736
438.045
Te vorderen subsidie gemeenten
57.914
17.656
Overige vorderingen
125.751
20.348
Waarborgsommen
40.613
40.399
1.595.592
1.327.520
847.578
811.071
-
-
847.578
811.071
Nog te ontvangen rente
-
-
Nog te ontvangen verzekeringen
-
20.392
125.751
-44
125.751
20.348
Totaal Debiteuren Debiteuren Af: afwaardering dubieuze debiteuren subtotaal Overige vorderingen
Nog te ontvangen overige subtotaal
De vooruitbetaalde kosten betreffen hoofdzakelijk uitgaven op verzekeringen, huisvesting en ICT-gerelateerde kosten. De te vorderen subsidie gemeenten betreft nog te ontvangen subsidie voor in 2022 bij gemeenten uitgevoerde preventieactiviteiten. De overige vorderingen bestaat uit vorderingen voor subsidiabele kosten voor landelijke projecten en nog te ontvangen vergoeding vanuit de verzuimverzekering.
Liquide middelen
31/12/2022
31/12/2021
683
457
Banksaldi
2.608.243
2.702.582
Spaarsaldi
2.970.041
2.970.041
Kas
Bankgaranties
38.072
38.072
Schaderekening
19.562
33.368
5.636.601
5.744.521
Totaal
De liquide middelen staan ter vrije beschikking van Halt, met uitzondering van de bankgaranties en de schaderekening. De schaderekening is een tussenrekening die gebruikt wordt voor de uitbetaling van de schade aan slachtoffers (onderdeel van de Halt-straf).
46
Passiva - eigen vermogen Passiva
31/12/2022
31/12/2021
Beginstand per 01-01
954.591
954.591
Dotatie
-207.388
125.017
Onttrekking
207.388
-125.017
Stand per 31-12
954.591
954.591
31/12/2022
31/12/2021
351.480
257.717
Eigen Vermogen Algemene reserve
Egalisatiereserve repressie Beginstand per 01-01 Dotatie Onttrekking Vrijval Stand per 31-12
93.763 -275.809
-
-
-
75.671
351.480
Voor de nieuwe/andersoortige preventieopdrachten zijn de kosten op uitvoering en projectmatige aanpak in de kosten verantwoord. De (toekomstige) kosten voor de borging van de kwaliteit en de doorontwikkeling van dit productenportfolio is voor een bedrag ter hoogte van 5% van deze opdrachten gedoteerd aan de bestemmingsreserve preventie. Dit in conformiteit met het kostprijsmodel ten behoeve van preventie. Het resultaat van -207k wordt gesplitst in -367k resultaat vanuit de generieke activiteiten, 242k resultaat ter dotatie aan de bestemmingsreserve preventie en -82k ter financiering van de investeringsthema’s. Deze resultaten worden gedoteerd en onttrokken aan de egalisatiereserve repressie, de bestemmingsreserve preventie en bestemmingsreserve innovatie en ontwikkeling preventie. De reserves dienen om de toekomstige risico’s op deze deelactiviteiten op te vangen. Bij de toekenning van het resultaat aan de resultaatbestemming wordt rekening gehouden met de herkomst van de subsidie. Hierin is, conform afspraak met het minJenV, 75% van het resultaat uit de generieke activiteiten (-276k) als onttrekking verantwoord in 2022 bij de egalisatiereserve repressie.
47
31/12/2022
31/12/2021
Beginstand per 01-01
416.399
385.145
Dotatie
241.940
31.254
Onttrekking
-91.936
-
-
-
566.403
416.399
Bestemmingsreserve preventie
Vrijval Stand per 31-12
Bij de toekenning van het resultaat aan de resultaatbestemming wordt rekening gehouden met de herkomst van de subsidie. Hierin is, conform afspraak met het minJenV, 25% van het resultaat uit generieke activiteiten (-91k) als onttrekking verantwoord in 2022. De dotatie van 242k betreft 5% van de preventieve omzet.
31/12/2022
31/12/2021
1.073.303
1.073.303
-
-
-81.583
-
-
-
991.720
1.073.303
Bestemmingsreserve I&O preventie Beginstand per 01-01 Dotatie Onttrekking Vrijval Stand per 31-12
Deze reserve is bij de fusie opgebouwd uit reserves van de 17 Halt-organisaties en is bestemd voor innovatie en ontwikkeling activiteiten. Aanwending hiervan gebeurt na goedkeuring van de Raad van Toezicht. In 2022 is 82k besteed aan innovatie en ontwikkeling. Dit bedrag wordt onttrokken van de bestemmingsreserve I&O preventie.
Totaal eigen vermogen
48
31/12/2022
31/12/2021
2.588.386
2.795.774
Passiva Voorzieningen
31/12/2022
31/12/2021
521.377
558.954
-
-
-36.745
-37.577
-
-
484.632
521.377
Beginstand per 01-01
0
151.000
Dotatie
-
-
Onttrekking
-
-151.000
Vrijval
-
-
Stand per 31-12
0
0
484.632
521.377
Voorzieningen Voorziening Herstructurering Beginstand per 01-01 Dotatie Onttrekking Vrijval Stand per 31-12 Voorziening Reorganisatie (1Halt)
Totaal voorzieningen
49
Voorziening Herstructurering De uitbetaalde verplichtingen die voortvloeien uit afhandelingen van het sociaal plan van oude fusies in de Halt-sector zijn onttrokken aan de voorziening Herstructurering. Het restant van de voorziening wordt aangewend voor toekomstige verplichtingen voortvloeiende uit de afhandeling van de sociale plannen van de fusie naar 1Halt. Het grootste gedeelte van de voorziening heeft een looptijd van langer dan 5 jaar.
Voorziening Reorganisatie (1Halt) De voorziening is in 2013 ontstaan voor betalingsverplichtingen van wachtgelden en de inkoop van pensioenen in verband met een verschil in dekkingsgraden door de overgang van pensioenfondsen vanuit het sociaal plan. In 2019 zijn de betreffende medewerkers van de wachtgeldregeling allemaal uitgestroomd. De inkoop voor pensioenen kwam volgens opgave van het pensioenfonds per einde 2020 uit op een bedrag van 151k. Deze (voorwaardelijke) pensioenverplichting is in 2021 effectief ingekocht bij PFZW, waarmee de voorziening per einde 2021 is benut.
50
Passiva Kortlopende schulden
31/12/2022
31/12/2021
Crediteuren
912.872
109.747
Saldo per 31-12
912.872
109.747
Belastingdienst - loonheffing
936.277
939.015
PFZW - pensioenen
350.547
-
Saldo per 31-12
1.286.824
939.015
Kortlopende schulden
Belastingen en sociale lasten
Belastingen en sociale lasten De post belastingdienst – loonheffing betreft de af te dragen loonbelasting over de maand december 2022. De post PFZW – pensioen betreft de af te dragen pensioenpremie over de maanden november en december 2022.
51
Passiva
Overige schulden en overlopende passiva
31/12/2022
31/12/2021
-
617.600
Diverse projecten gefinancierd - minJenV
127.023
155.268
Projectsubsidie Halt en Sportveiligheid
232.745
347.887
Overloop preventie activiteiten
110.116
124.754
469.884
1.245.509
967
-
572.649
571.960
Overige schulden en overlopende passiva Nog te besteden subsidiegelden Terug te betalen subsidies lopend boekjaar
subtotaal Overige schulden Nog te betalen netto lonen Reservering verlofuren Reservering loopbaanbudget
326.749
293.964
900.365
865.924
356.402
299.120
356.402
299.120
109.683
87.195
109.683
87.195
Diverse nog te betalen posten
395.784
253.005
Nog door te berekenen kosten
-
-6.016
Schadefonds
19.562
33.338
Crownies beloningen
89.358
86.534
504.704
366.861
2.341.039
2.864.609
subtotaal Nog te betalen subsidie - preventiegelden subtotaal Vooruitontvangen subsidies - preventiegelden subtotaal
subtotaal Saldo per 31-12
52
Te besteden subsidiegelden
Overige schulden
Voor 2021 en 2022 zijn afspraken met het minJenV gemaakt
De reservering verlofuren betreft het saldo verlof dat de
omtrent de benutting van de middelen die vanwege onder-
medewerkers eind van het jaar nog niet hebben opgenomen.
productie niet besteed zijn aan Halt-zaken. De terugbetaalverplichting over 2021 is afgewikkeld in 2022. Voor 2022 is geen terugbetalingsverplichting van toepassing.
De reservering loopbaanbudget is vanaf 2015 verplicht op basis van de CAO. Medewerkers kunnen gedurende maximaal 5 jaar het voor hen bestemde bedrag aanwenden. In
De post nog te besteden subsidiegelden wordt gevormd door
2022 is een deel gedoteerd en een deel vrijgevallen. Per saldo
ontvangen (project)subsidies, waarvoor nog niet, of maar
is de reservering ten opzichte van 2021 met 33k verhoogd.
deels kosten zijn verantwoord. Het betreft hier zowel subsidiegelden vanuit het minJenV als projecten die vanuit andere subsidievertrekkers worden gefinancierd.
De nog te betalen subsidies zijn gebaseerd op de gegevens die op het moment van het opstellen van de jaarrekening bekend zijn. Het saldo nog te betalen subsidie –
De projectsubsidie Halt en Sportveiligheid betreft een meer-
preventiegelden van 356k bevat aan gemeenten terug te
jarige subsidie, welke ontvangen is vanuit het ministerie van
betalen bedragen in verband met de verleende subsidies
Volksgezondheid, Welzijn en Sport.
2022, waarvoor in 2022 minder activiteiten hebben plaats gevonden en ontvangen subsidiegelden waarvan nog geen subsidiebeschikking ontvangen is.
Passiva - Diverse nog te betalen kosten - specificatie Passiva
31/12/2022
31/12/2021
Huisvestingskosten
161.773
15.803
Kosten accountant
84.910
70.750
Automatiseringskosten
61.458
7.201
Personele kosten
54.806
54.924
Organisatiekosten subtotaal Totaal kortlopende schulden
53
32.837
104.327
395.784
253.005
4.540.735
3.913.371
9.6 Niet uit de balans blijkende verplichtingen
Soort verplichting
< 1 jr
> 1 jr < 5 jr
> 5 jr
Totaal
535.924
97.770
-
633.694
ICT en telefonie
1.021.550
2.619.167
-
3.640.716
Verzekeringen
136.054
5.700
-
141.754
Overige overeenkomsten
62.250
-
-
62.250
1.755.777
2.722.637
Huur- en servicecontracten panden
Totaal
54
-
4.478.414
9.7 Gebeurtenissen na balansdatum Er hebben zich na het opmaken van de jaarrekening geen gebeurtenissen van betekenis voorgedaan die nadere informatie geven over de feitelijke situatie op balansdatum.
55
9.8 Toelichting op de staat van baten en lasten Baten
Realisatie 2022
Begroting 2022
Realisatie 2021
Justitiële opgave
11.097.000
13.800.000
12.275.400
Aanvullende subsidieverlening
1.875.000
-
-
Totale subsidie justitiële opgave Halt
12.972.000
13.800.000
12.275.400
Totale subsidiebaten justitiële opgave Halt
12.972.000
13.800.000
12.275.400
4.882.596
4.140.000
3.992.732
137.412
136.000
130.542
Totale subsidiebaten preventie & Crownies
5.020.008
4.276.000
4.123.273
Subtotaal omzet
17.992.008
18.076.000
16.398.673
Omzet Subsidiebaten justitiële opgave Halt ministerie van Justitie en Veiligheid
Subsidiebaten preventieactiviteiten Gemeentelijke subsidies - preventieactiviteiten Preventieactiviteiten Crownies Den Haag
De subsidiebaten van de justitiële opgave van Halt straf neemt met 828k af ten opzichte van de begroting 2022. De subsidie vanuit het minJenV met betrekking tot de justitiële opgave van Halt is voor 2022 gebaseerd op 14.500 afgeronde Halt-zaken. Met betrekking tot de afrekenregels geldt dat over 2022 geen sprake is van terugbetaling bij onderproductie als de realisatie minder is dan 95% van het ijkpunt. De aanvullende subsidieverlening betreft de financiering voor activiteiten en ambities zoals benoemd in het addendum behorende bij de subsidiebeschikking 2022. De inkomsten van de subsidiebaten preventie zijn met 744k toegenomen ten opzichte van de begroting 2022. In de baten vanuit gemeentelijke subsidies is geen rekening gehouden met een verwachte coulance in verband met niet uitgevoerde werkzaamheden.
56
Baten
Realisatie 2022
Begroting 2022
Realisatie 2021
Halt en Sport - KNVB / VWS
228.173
235.000
91.483
Hack_Right
125.997
-
-
Totale baten landelijke projecten
354.169
235.000
91.483
242.040
300.000
332.131
-
-
139.145
Totale overige opbrengsten
242.040
300.000
471.275
Totaal overige baten
596.209
535.000
562.758
18.588.217
18.611.000
16.961.432
Overige baten Landelijke projecten
Overige opbrengsten Subsidie projecten Overige opbrengsten
Totale baten
Specificatie projecten ministerie van Justitie en Veiligheid De projecten gefinancierd door het minJenV staan hieronder verder gespecificeerd.
Specificatie projecten Ministerie van Justitie en Veiligheid
57
Realisatie 2022
Subsidieverlening actueel boekjaar
Omschrijving project
Totaal bestedingen actueel boekjaar
Toegekende subsidie
Benutte subsidie
Overloop naar volgend boekjaar
Niet uitgevoerde subsidie
Hack_Right
125.997
241.121
125.997
138.605
-
Totaal
125.997
241.121
125.997
138.605
-
Lasten
Realisatie 2022
Begroting 2022
Realisatie 2021
13.727.978
14.606.526
13.059.352
710.680
281.200
367.026
14.438.659
14.887.726
13.426.378
215,1 fte
212,4 fte
214,5 fte
Personeelskosten Salariskosten Kosten inleenpersoneel Totale personeelskosten Personeelsbezetting Personele bezetting in fte's
De totale personeelskosten zijn met 9,3% gestegen ten opzichte van 2021. Een belangrijkste oorzaak hiervoor is de toegenomen salariskosten als gevolg van de cao-afspraken (verhoging van 2% van het brutoloon per december 2021). Tevens zijn de inleenkosten toegenomen. De inhuur van personeel vindt plaats op basis van incidentele basis en heeft betrekking op verschillende bedrijfsonderdelen. De personele bezetting is afgenomen met 0,6 fte. De opbrengsten voor extern gedetacheerd personeel (141k) zijn in mindering gebracht op de personele lasten. De gepresenteerde personele bezetting in fte is een gemiddelde over het gehele jaar. Het aantal van de gerealiseerde fte wordt gepresenteerd inclusief ziekteverzuim. De begroting in fte wordt gepresenteerd exclusief ziekteverzuim.
Lasten
Realisatie 2022
Begroting 2022
Realisatie 2021
Overige personeelskosten Verzuimverzekering en arbo
467.653
415.000
429.103
Deskundigheidsbevordering
179.052
278.482
198.605
Reis- en verblijfkosten
314.324
673.000
198.082
Werkkostenregeling
194.508
148.725
149.743
Kosten Raad van Toezicht
28.515
42.025
30.464
Kosten Ondernemingsraad
9.281
20.000
12.589
-
-
-95.943
99.487
61.000
87.807
1.292.820
1.638.232
1.010.451
Afw. slotinkoop verplichtingen reorganisatie Overige personeelskosten Totale overige personeelskosten
De reiskosten laten in 2022 ten opzichte van 2021 een stijging zien (+116k), maar zijn lager dan de begroting als gevolg van minder reisbewegingen.
Totale personeelskosten
58
15.731.479
16.525.958
14.436.828
Lasten
Realisatie 2022
Begroting 2022
Realisatie 2021
Huur huisvesting (incl. energiekosten)
742.847
758.000
601.026
Schoonmaakkosten
43.489
38.000
30.812
Aanschaf klein inventaris
-
-
649
Onderhoudskosten
-
-
1.987
Overige huisvestingskosten
7.635
19.000
14.837
Totale huisvestingskosten
793.971
815.000
649.310
Huisvestingskosten
De politie heeft aangekondigd dat de kosten voor de ZSM werkplekken vanaf 2022 worden doorbelast aan alle ZSM-partners. De kosten zijn opgenomen voor 140k. De doorbelasting van 2022 heeft per balansdatum niet plaatsgevonden. Op de balans staat dit bedrag als schuld verwerkt bij nog te besteden subsidiegelden. De kostenstijging wordt veroorzaakt door deze huisvestingskosten.
Lasten
Realisatie 2022
Begroting 2022
Realisatie 2021
Afschrijvingskosten inventaris
6.403
-
4.142
Afschrijvingskosten automatisering
48.947
142.533
8.740
Totale afschrijvingskosten
55.350
142.533
12.882
Afschrijvingskosten
59
Lasten
Realisatie 2022
Begroting 2022
Realisatie 2021
Kantoorbenodigdheden
47.601
38.400
23.739
Kosten accountant en juridisch
143.891
125.300
128.463
Abonnementen en verzekeringen
69.192
64.730
70.118
Portokosten
20.650
44.000
25.105
Communicatiekosten
82.159
39.300
38.359
Tolkkosten
17.285
17.500
7.985
Organisatiekosten
8.737
10.150
6.314
Landelijke Halt dag
Vergaderkosten
137.267
150.000
77
Projecten
432.789
350.000
387.596
Overige organisatiekosten
31.690
85.230
11.352
Totale organisatiekosten
991.261
924.610
699.107
De totale organisatiekosten zijn ten opzichte van 2021 gestegen met 293k. De stijging wordt met name bepaald door de post landelijke Halt dag (+137k) en projectkosten (+33k). De projectkosten worden gefinancierd met gelden vanuit fondsen (gesubsidieerde projecten).
Lasten
Realisatie 2022
Begroting 2022
Realisatie 2021
1.112.152
1.007.000
916.629
Telefoonkosten
79.258
93.000
88.867
Kopieerkosten
1.173
5.000
1.156
1.192.583
1.105.000
1.006.652
Automatiseringskosten Hosting, beheer en licenties
Totale automatiseringskosten
De automatiseringskosten zijn ten opzichte van 2021 toegenomen met 186k. De eenmalige implementatiekosten en verhoging van maandelijkse kosten zorgt voor een kostentoename.
60
9.9 Wet Normering Topinkomens 9.9.1. Bezoldiging topfunctionarissen 1A. Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13e maand van de functievervulling inclusief degenen die op grond van hun voormalige functie nog 4 jaar als topfunctionaris worden aangemerkt.
Gegevens 2022 Bedragen x € 1
J. ten Hoope
Functiegegevens
Directeur bestuurder
Aanvang en einde functievervulling in 2022
01-01 t/m 31-12
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)
1,0
Dienstbetrekking
ja
Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
€ 159.555
Beloningen betaalbaar op termijn
€ 13.770
Subtotaal
€ 173.326
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
€ 216.000
-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag Bezoldiging
N.v.t. € 173.326
Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan
N.v.t.
Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling
N.v.t.
Gegevens 2021 Bedragen x € 1
J. ten Hoope
Functiegegevens
Directeur bestuurder
Aanvang en einde functievervulling in 2021
01-01 t/m 31-12
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)
1,0
Dienstbetrekking
ja
Bezoldiging
61
Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
€ 155.831
Beloningen betaalbaar op termijn
€ 13.042
Subtotaal
€ 168.873
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
€ 209.000
Bezoldiging
€ 168.873
1c. Toezichthoudende topfunctionarissen
Gegevens 2022 Bedragen x € 1
C.J. Heijsman
D.J. Schrijer
M.A. van Erp
R. Mejres
F.K.G. Westerbeke
Functiegegevens
Voorzitter
Lid
Lid
Lid
Lid
01-01 t/m 31-12
01-01 t/m 31-12
01-01 t/m 31-12
01-01 t/m 31-12
01-01 t/m 31-12
Aanvang en einde functievervulling in 2022
Bozoldiging Bezoldiging
€ 8.000
€ 6.000
€ 7.000
€ 7.000
€ 6.000
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
€ 32.400
€ 21.600
€ 21.600
€ 21.600
€ 21.600
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
€ 8.000
€ 6.000
€ 7.000
€ 7.000
€ 6.000
Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
C.J. Heijsman
D.J. Schrijer
M.A. van Erp
R. Mejres
F.K.G. Westerbeke
Voorzitter
Lid
Lid
Lid
Lid
01-01 t/m 31-12
01-01 t/m 31-12
01-01 t/m 31-12
01-01 t/m 31-12
01-01 t/m 31-12
-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag
Bezoldiging
Gegevens 2021 Bedragen x € 1 Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2021
Bozoldiging Bezoldiging
€ 8.257
€ 6.000
€ 7.000
€ 7.227
€ 6.000
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
€ 31.350
€ 20.900
€ 20.900
€ 20.900
€ 20.900
Overige rapportageverplichtingen op grond van de WNT Naast de hierboven vermelde topfunctionarissen zijn er geen overige functionarissen met een dienstbetrekking die in 2022 een bezoldiging boven het individueel toepasselijke drempelbedrag hebben ontvangen. De jaarrekening van Stichting Halt is opgesteld door het bestuur op 27 maart 2023.
J. ten Hoope Directeur-bestuurder
62
T: +31 (0)30 284 98 00 E: utrecht@bdo.nl www.bdo.nl
BDO Audit & Assurance B.V. Postbus 4053, 3502 HB Utrecht Van Deventerlaan 101, 3528 AG Utrecht Nederland
Controleverklaring van de onafhankelijke accountant Aan: het bestuur en de raad van toezicht van Stichting Halt
A. Verklaring over de in het jaarverslag opgenomen jaarrekening 2022 Ons oordeel Wij hebben de jaarrekening 2022 van Stichting Halt te Utrecht gecontroleerd. Naar ons oordeel: geeft de in dit jaarverslag opgenomen jaarrekening een getrouw beeld van de grootte en
de samenstelling van het vermogen van Stichting Halt op 31 december 2022 en van het resultaat over 2022 in overeenstemming met de in Nederland geldende Richtlijn voor de Jaarverslaggeving 640 Organisaties zonder winststreven (RJ 640) en de bepalingen van en krachtens de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT). voldoet de in deze jaarrekening verantwoorde baten, lasten en balansmutaties over 2022 in alle van materieel belang zijnde opzichten aan de eisen van financiële rechtmatigheid. Dit houdt in dat de bedragen in overeenstemming zijn met de begroting en met de in de relevante wet- en regelgeving opgenomen bepalingen. De jaarrekening bestaat uit: 1. de balans per 31 december 2022; 2. de staat van baten en lasten over 2022; en 3. de toelichting met een overzicht van de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en andere toelichtingen. De basis voor ons oordeel Wij hebben onze controle uitgevoerd volgens het Nederlands recht, waaronder ook de Nederlandse controlestandaarden vallen, het Accountantsprotocol Stichting Halt d.d. 30 november 2022 en de Regeling Controleprotocol WNT 2022. Onze verantwoordelijkheden op grond hiervan zijn beschreven in de sectie ‘Onze verantwoordelijkheden voor de controle van de jaarrekening’.
Wij zijn onafhankelijk van Stichting Halt zoals vereist in de Verordening inzake de onafhankelijkheid van accountants bij assurance-opdrachten (ViO) en andere voor de opdracht relevante onafhankelijkheidsregels in Nederland. Verder hebben wij voldaan aan de Verordening gedrags- en beroepsregels accountants (VGBA). Wij vinden dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel.
Statutair gevestigd te Eindhoven en ingeschreven in het handelsregister onder nummer 17171186. BDO Audit & Assurance B.V. is lid van BDO International Ltd, een rechtspersoon naar Engels recht met beperkte aansprakelijkheid, en maakt deel uit van het wereldwijde netwerk van juridisch zelfstandige organisaties die onder de naam “BDO” optreden. BDO is de merknaam die wordt gebruikt ter aanduiding van het BDO netwerk en van elk van de BDO Member Firms.
Naleving anticumulatiebepaling WNT niet gecontroleerd In overeenstemming met de Regeling Controleprotocol WNT 2022 hebben wij de anticumulatiebepaling, bedoeld in artikel 1.6a WNT en artikel 5, lid 1, sub n en o Uitvoeringsregeling WNT, niet gecontroleerd. Dit betekent dat wij niet hebben gecontroleerd of er wel of niet sprake is van een normoverschrijding door een leidinggevende topfunctionaris vanwege eventuele dienstbetrekkingen als leidinggevende topfunctionaris bij andere WNT-plichtige instellingen, alsmede of de in dit kader vereiste toelichting juist en volledig is. B. Verklaring over de in het jaarverslag opgenomen andere informatie Naast de jaarrekening en onze controleverklaring daarbij, omvat het jaarverslag andere informatie, die bestaat uit: het bestuursverslag; de overige gegevens; het voorwoord; bijlage 1 – Begroting 2022; bijlage 2 – Subsidieverstrekers/partners Op grond van onderstaande werkzaamheden zijn wij van mening dat de andere informatie met de jaarrekening verenigbaar is en geen materiële afwijkingen bevat. Wij hebben de andere informatie gelezen en hebben op basis van onze kennis en ons begrip, verkregen vanuit de jaarrekeningcontrole of anderszins, overwogen of de andere informatie materiële afwijkingen bevat. Met onze werkzaamheden hebben wij voldaan aan de vereisten in de Nederlandse Standaard 720.
Deze werkzaamheden hebben niet dezelfde diepgang als onze controlewerkzaamheden bij de jaarrekening. Het bestuur is verantwoordelijk voor het opstellen van de andere informatie, waaronder het bestuursverslag in overeenstemming met RJ 640. C. Beschrijving van verantwoordelijkheden met betrekking tot de jaarrekening Verantwoordelijkheden van het bestuur en de raad van toezicht voor de jaarrekening Het bestuur is verantwoordelijk voor het opmaken en getrouw weergeven van de jaarrekening in overeenstemming met RJ 640 en de bepalingen van en krachtens de WNT. In dit kader is het bestuur verantwoordelijk voor een zodanige interne beheersing die het bestuur noodzakelijk acht om het opmaken van de jaarrekening mogelijk te maken zonder afwijkingen van materieel belang als gevolg van fouten of fraude. Het bestuur is tevens verantwoordelijk voor de financiële rechtmatigheid van de in de jaarrekening verantwoorde baten, lasten en balansmutaties. Dit houdt in dat deze bedragen in overeenstemming dienen te zijn met de begroting en met de in de relevante wet- en regelgeving opgenomen bepalingen.
2 | nieuwe perspectieven
Bij het opmaken van de jaarrekening moet het bestuur afwegen of de stichting in staat is om haar werkzaamheden in continuïteit voort te zetten. Op grond van genoemd verslaggevingsstelsel moet het bestuur de jaarrekening opmaken op basis van de continuïteitsveronderstelling, tenzij het bestuur het voornemen heeft om de stichting te liquideren of de activiteiten te beëindigen of als beëindiging het enige realistische alternatief is. Het bestuur moet gebeurtenissen en omstandigheden waardoor gerede twijfel zou kunnen bestaan of de stichting haar activiteiten in continuïteit kan voortzetten, toelichten in de jaarrekening. De raad van toezicht is verantwoordelijk voor het uitoefenen van toezicht op het proces van financiële verslaggeving van de stichting. Onze verantwoordelijkheden voor de controle van de jaarrekening Onze verantwoordelijkheid is het zodanig plannen en uitvoeren van een controleopdracht dat wij daarmee voldoende en geschikte controle-informatie verkrijgen voor het door ons af te geven oordeel. Onze controle is uitgevoerd met een hoge mate maar geen absolute mate van zekerheid waardoor het mogelijk is dat wij tijdens onze controle niet alle materiële fouten en fraude ontdekken.
Afwijkingen kunnen ontstaan als gevolg van fraude of fouten en zijn materieel indien redelijkerwijs kan worden verwacht dat deze, afzonderlijk of gezamenlijk, van invloed kunnen zijn op de economische beslissingen die gebruikers op basis van deze jaarrekening nemen. De materialiteit beïnvloedt de aard, timing en omvang van onze controlewerkzaamheden en de evaluatie van het effect van onderkende afwijkingen op ons oordeel. Wij hebben deze accountantscontrole professioneel kritisch uitgevoerd en hebben waar relevant professionele oordeelsvorming toegepast in overeenstemming met de Nederlandse controlestandaarden, het Accountantsprotocol Stichting Halt d.d. 30 november 2022, de Regeling Controleprotocol WNT 2022, ethische voorschriften en de onafhankelijkheidseisen. Onze controle bestond onder andere uit: het identificeren en inschatten van de risico’s dat de jaarrekening afwijkingen van materieel belang bevat als gevolg van fouten of fraude, het in reactie op deze risico’s bepalen en uitvoeren van controlewerkzaamheden en het verkrijgen van controleinformatie die voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel. Bij fraude is het risico dat een afwijking van materieel belang niet ontdekt wordt groter dan bij fouten.
Bij fraude kan sprake zijn van samenspanning, valsheid in geschrifte, het opzettelijk nalaten transacties vast te leggen, het opzettelijk verkeerd voorstellen van zaken of het doorbreken van de interne beheersing; het verkrijgen van inzicht in de interne beheersing die relevant is voor de controle met als doel controlewerkzaamheden te selecteren die passend zijn in de omstandigheden. Deze werkzaamheden hebben niet als doel om een oordeel uit te spreken over de effectiviteit van de interne beheersing van de stichting; het evalueren van de geschiktheid van de gebruikte grondslagen voor financiële verslaggeving, en het evalueren van de redelijkheid van schattingen door het bestuur en de toelichtingen die daarover in de jaarrekening staan;
3 | nieuwe perspectieven
het vaststellen dat de door het bestuur gehanteerde continuïteitsveronderstelling
aanvaardbaar is. Tevens het op basis van de verkregen controle-informatie vaststellen of er gebeurtenissen en omstandigheden zijn waardoor gerede twijfel zou kunnen bestaan of de stichting haar activiteiten in continuïteit kan voortzetten. Als wij concluderen dat er een onzekerheid van materieel belang bestaat, zijn wij verplicht om aandacht in onze controleverklaring te vestigen op de relevante gerelateerde toelichtingen in de jaarrekening. Als de toelichtingen inadequaat zijn, moeten wij onze verklaring aanpassen. Onze conclusies zijn gebaseerd op de controle-informatie die verkregen is tot de datum van onze controleverklaring. Toekomstige gebeurtenissen of omstandigheden kunnen er echter toe leiden dat een stichting haar continuïteit niet langer kan handhaven; het evalueren van de presentatie, structuur en inhoud van de jaarrekening en de daarin opgenomen toelichtingen; en het evalueren of de jaarrekening een getrouw beeld geeft van de onderliggende transacties en gebeurtenissen. Wij communiceren met de met governance belaste personen onder andere over de geplande reikwijdte en timing van de controle en over de significante bevindingen die uit onze controle naar voren zijn gekomen, waaronder eventuele significante tekortkomingen in de interne beheersing. Utrecht, 30 maart 2023 BDO Audit & Assurance B.V. namens deze,
drs. J.S. Terlingen RA
4 | nieuwe perspectieven
Bijlage 1. Begroting 2022
Baten
2022
Repressie
13.800.000
Preventie
4.276.000
Landelijke projecten
235.000
Subsidie Fondsen
300.000 Totale omzet
Rentebaten
-25.000
Overige inkomsten
Totaal overige baten Totaal baten
Lasten
-25.000 18.586.000
2022
Personeelskosten
14.629.526
Inhuur eenmalige expertise
281.200
Raad van Toezicht
42.025