CConstaterende datWestervoort
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Commissie Ruimte en Financien 11 juni 2024, gemeente Westervoort30.327 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Artikel 30 Begroting 1. De begroting van de Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen bestaat uit een algemeen geconsolideerd deel voor de taken, zoals bedoeld in artikel 5 van deze regeling, en uit modulaire deelbegrotingen per afzonderlijke opgave. De ontwerpbegroting bevat ook de contouren van de opgave in de regionale agenda. 2. Het dagelijks bestuur zendt vóór 15 april een ontwerpbegroting van de Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen alsmede de contouren van de opgave in de regionale agenda, voor het komende kalenderjaar, vergezeld van een behoorlijke toelichting, toe aan de raden van de deelnemende gemeenten.

3. De ontwerpbegroting wordt door de zorg van de besturen van de deelnemende gemeenten voor een ieder ter inzage gelegd en tegen betaling van de kosten algemeen verkrijgbaar gesteld. 4. De raden van de deelnemende gemeenten kunnen binnen de in artikel 35, eerste lid, van de wet genoemde termijn, bij het dagelijks bestuur hun zienswijze over de ontwerpbegroting en de regionale agenda naar voren brengen. 5. Het dagelijks bestuur voegt de commentaren waarin deze zienswijzen zijn vervat bij de ontwerpbegroting, zoals deze aan het algemeen bestuur wordt aangeboden. 6. Het algemeen bestuur stelt de begroting vast, daarbij kennis nemend van de zienswijzen en het commentaar hierop van het dagelijks bestuur. 7. Terstond na de vaststelling zendt het algemeen bestuur de begroting aan de raden van de deelnemende gemeenten, die ter zake bij Gedeputeerde Staten hun zienswijze naar voren kunnen brengen. 8. Het dagelijks bestuur zendt de begroting binnen twee weken na de vaststelling, doch in ieder geval vóór de in artikel 34 van de wet genoemde termijn aan Gedeputeerde Staten. 9. Het bepaalde in dit artikel is, met uitzondering van de genoemde data, van overeenkomstige toepassing op besluiten tot wijziging van de begroting, behoudens die wijzigingen die niet tot een verhoging van de gemeentelijke bijdragen leiden.

Artikel 31 Jaarrekening 1. De jaarrekening van de Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen bestaat uit een algemeen deel, de geconsolideerde jaarrekening en de deelexploitaties van de verschillende opgaven. 2. Het dagelijks bestuur biedt de voorlopige rekening over het afgelopen jaar en het jaarverslag, daarbij gevoegd de accountantsverklaring, bedoeld in artikel 213, derde lid van de Gemeentewet en het verslag van bevindingen, bedoeld in artikel 213, vierde lid van de Gemeentewet, jaarlijks vóór de termijn genoemd in artikel 34b van de wet, ter vaststelling aan het algemeen bestuur aan onder gelijktijdige toezending aan de raden van de deelnemende gemeenten. 3. De raden van de gemeenten kunnen bij het dagelijks bestuur hun zienswijze over de voorlopige jaarrekening naar voren brengen. Hiervoor geldt een termijn van acht weken. Het dagelijks bestuur voegt de commentaren waarin deze zienswijze is vervat bij de jaarrekening, zoals deze bij het algemeen bestuur wordt aangeboden. 4. Het algemeen bestuur stelt de rekening vast vóór 15 juli volgende op het jaar waarop deze betrekking heeft. 5. Zij wordt binnen twee weken, doch in ieder geval vóór 15 juli, met alle bijbehorende stukken en het jaarverslag aan Gedeputeerde Staten aangeboden. 6.

Vaststelling van de rekening strekt het dagelijks bestuur tot décharge, behoudens later in rechte gebleken valsheid in geschrifte of andere onregelmatigheden. 7. In de geconsolideerde jaarrekening wordt als bijlage de deelexploitaties van de opgaven opgenomen. Per deelexploitatie wordt het door elk van de deelnemende gemeenten over het desbetreffende jaar werkelijk verschuldigde bedrag opgenomen, berekend op de wijze zoals omschreven in artikel 29, lid 4, van deze regeling. 8. Bij vaststelling van de jaarrekening vloeit een positief saldo naar rato terug naar de deelnemende gemeente, tenzij de vastgestelde maximale algemene reserve van € 100.000 nog niet bereikt is. Een negatief saldo wordt naar rato bijgestort door de deelnemende gemeenten.

Hoofdstuk 12 Toetreding, uittreding, wijziging en opheffing

Artikel 32 Wijziging en opheffing 1. De regeling kan worden gewijzigd bij daartoe strekkend besluit van de colleges van tweederde van het aantal gemeenten, met in achtneming van artikel 1 van de wet. 2. Elke gemeente en het algemeen bestuur is bevoegd een wijziging in de regeling aan de besturen van de gemeenten in overweging te geven via een daartoe strekkend voorstel. Het dagelijks bestuur zendt het voorstel van het algemeen bestuur toe aan de besturen van de gemeenten. 3. Onder wijziging van de regeling wordt mede verstaan opheffing alsmede het toetreden tot en het uittreden van de regeling.

Artikel 33 Toetreding 1. De gemeente die wil toetreden tot deze regeling maakt dit schriftelijk kenbaar bij het algemeen bestuur. 2. Het algemeen bestuur stelt richtlijnen vast voor toetreding. Het algemeen bestuur kan voorwaarden verbinden aan de toetreding.

Artikel 33a Uittreding 1. Een gemeente kan uittreden krachtens daartoe strekkende besluiten van haar college en raad. De uittredende gemeente maakt schriftelijk bij het algemeen bestuur van de regio kenbaar te willen uittreden uit de regeling. Dit is de start van deze procedure tot uittreding. 2. De uittreding gaat in één jaar na het verstrijken van het jaar waarin het besluit tot uittreding is genomen 3. Bij een gemeentelijke herindeling van één of meerdere gemeenten zoals bedoeld in de wet algemene regels herindeling kan het algemeen bestuur besluiten om een termijn vast te stellen die afwijkt van de in het tweede lid genoemde termijn. Rechten en verplichtingen van de uittredende gemeente - voor herindeling - jegens de Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen, blijven gelden voor de toetredende gemeente na herindeling. 4. Het algemeen bestuur stelt richtlijnen vast voor de uittreding en kan voorwaarden verbinden aan de uittreding. Hierbij houdt het algemeen bestuur rekening met het bepaalde in lid 5 tot en met 12. 5. De financiële, juridische, personele en organisatorische consequenties worden door het dagelijks bestuur van de regio in kaart gebracht. Bij het in kaart brengen van deze consequenties is een onafhankelijke deskundige betrokken. 6. Het algemeen bestuur van de regio neemt een besluit over de financiële, juridische, personele en organisatorische consequenties.

Hierbij wordt de hoogte van de uittredingskosten vastgesteld. 7. Het algemeen bestuur neemt dit besluit binnen vijf maanden na ontvangst van het verzoek. Het dagelijks bestuur kan de beslistermijn verdagen met maximaal 3 maanden. 8. De kosten van de onderzoeken, inclusief de kosten van de inzet van de onafhankelijke deskundige, die met uittreding uit de gemeenschappelijke regeling gepaard gaan, komen ten laste van de uittredende gemeente. Deze kosten zijn de eenmalige kosten ten gevolge van uittreding en worden ten laste gebracht nadat het voornemen tot uittreden formeel bekend is gemaakt. Ook wanneer een quick scan wordt uitgevoerd, worden deze kosten ten laste van de gemeente gebracht die overweegt om uit te treden.

9. De uittredingskosten zijn de kosten die te maken hebben met (de afbouw van) de overcapaciteit die kan ontstaan in de personele en de materiële sfeer. Deze komen eveneens ten laste van de uittredende gemeente en worden alleen in rekening gebracht als de gemeente daadwerkelijk besluit uit te treden. Basis voor de uittredingskostenberekening zijn de gemiddelde realisatiecijfers (afbouw bedrijfsvoeringsorganisatie, aangegane verplichtingen algemeen, aangegane verplichtingen per opgave) van de drie jaar jaren voorafgaand aan het jaar waarin het voornemen tot uittreden kenbaar wordt gemaakt. 10.De kosten die niet direct aan de uittredende partij kunnen worden toegerekend, worden berekend door totalen per kostensoort naar rato te berekenen. Voor het bepalen van de kostenverdeelsleutel wordt aangesloten bij het bepaalde hierover in artikel 29 van de regeling. 11.Middelen die onderdeel uitmaken van een (algemene) reserve van de regio, worden naar rato in mindering gebracht op de te betalen uittredingskosten. Voor het bepalen van de kostenverdeelsleutel wordt aangesloten bij het bepaalde hierover in artikel 29 van de regeling. 12.De regio doet redelijkerwijs al het mogelijke om de kosten voor de uittredende gemeente zo laag mogelijk te houden.

Het algemeen bestuur doet met de gemeente die wil uittreden onderzoek naar de mogelijkheid om uittredingskosten te verminderen (onder meer overname personeel, verlaging investeringen, opdrachtverlening elders). Artikel 33b De raden wordt om zienswijze gevraagd voordat het algemeen bestuur richtlijnen voor toetreding en/of uittreding vaststelt als bedoeld in artikel 33, tweede lid en artikel 33a, vierde lid..

Artikel 34 Liquidatie 1. Ingeval van opheffing van de regeling besluit het algemeen bestuur tot liquidatie en stelt daarvoor de nodige regels vast. Hierbij kan van de bepalingen van de regeling worden afgeweken. 2. Het liquidatieplan wordt door het algemeen bestuur, de raden van de gemeenten gehoord, vastgesteld. 3. Het liquidatieplan voorziet ook in de gevolgen die de beëindiging heeft voor het personeel als bedoeld in hoofdstuk 9 van deze regeling. 4. Het liquidatieplan geeft regels voor de wijze waarop de gemeenten, voor zover het saldo ontoereikend is, zorgdragen voor de nakoming van de verplichtingen van de Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen, uitgaande van de verdeling van financiële lasten en risico’s tussen de gemeenten zoals vastgelegd in de contractuele afspraken tussen deelnemende gemeenten aan een opgave. 5. Het dagelijks bestuur is belast met de uitvoering van de liquidatie. 6. Zo nodig blijven de organen van het openbaar lichaam ook na het tijdstip van opheffing in functie, totdat de liquidatie is voltooid.

Hoofdstuk 13 Slotbepalingen

Artikel 35 Geschillen en onvoorziene gevallen 1. De gemeenten zullen geschillen als bedoeld in artikel 28 van de wet in onderling overleg proberen op te lossen, alvorens deze voor te leggen aan Gedeputeerde Staten van de provincie Gelderland. 2. In alle gevallen waarin deze regeling of de wet niet voorziet, besluit het algemeen bestuur.

Artikel 36 Duur van de regeling 1. De regeling wordt aangegaan voor onbepaalde tijd. 2. Het algemeen bestuur draagt zorg voor de evaluatie van het algemeen functioneren en de werkwijze van de Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen aan het begin van het jaar voor het kalenderjaar waarin algemene raadsverkiezingen in de gemeenten plaatsvinden. Het algemeen bestuur stelt hiervoor een onderzoeksopdracht vast.

Artikel 37 Toezending en bekendmaking De gemeente Overbetuwe is belast met de bekendmaking van de regeling zoals bedoeld in artikel 26 van de wet.

Artikel 38 Inwerkingtreding en citeertitel 1. Dit besluit treedt in werking op ….. 2. De regeling wordt aangehaald als “Gemeenschappelijke regeling Regio Arnhem-Nijmegen”. Ondertekend op …..te…..

Toelichting bij de Gemeenschappelijke Regeling Regio ArnhemNijmegen Algemeen De 18 gemeenten in de regio Arnhem-Nijmegen willen de positie van de Regio Arnhem-Nijmegen versterken en een kwalitatieve groei van de regio – met behoud van de typische balans tussen levendige verstedelijking en ontspannen leefkwaliteit –bewerkstelligen. Het gaat hierbij om de samenwerking op het gebied van ruimtelijke ontwikkeling (waaronder wonen, landschap, verkeer en mobiliteit) en sociaaleconomische ontwikkeling (waaronder werkgelegenheid, bedrijvigheid, recreatie, toerisme, leefbaarheid en cultuur) op de schaal van de regio, waarbij integraliteit, innovatie, duurzaamheid en circulariteit belangrijke uitgangspunten zijn. De juridische basis van de samenwerking tussen de gemeenten in de regio Arnhem-Nijmegen is vastgelegd in deze ‘Gemeenschappelijke Regeling Regio Arnhem-Nijmegen’. Datgene wat in juridische zin geregeld moet worden rondom de samenwerking tussen de gemeenten in de regio Arnhem-Nijmegen, is ook vastgelegd in deze regeling. Tegelijk laat deze regeling ruimte waar dat mogelijk en wenselijk is, zodat de organisatie en daarmee de samenwerking flexibel blijft en aanvullende of specifieke afspraken in afzonderlijke verordeningen kunnen worden vastgelegd.

De Gemeenschappelijke Regeling Regio Arnhem-Nijmegen bevat alleen bepalingen over onderwerpen uit de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). Daarbij zijn niet alle regels uit de Wgr overgenomen. Daarmee blijft deze regeling behapbaar en hoeft niet bij elke wijzigingen van de Wgr de regeling veranderd te worden De werkwijze zoals vastgelegd in deze regeling, is nader uitgewerkt en gedetailleerd in het Bedrijfsplan regio Arnhem - Nijmegen(16 april 2020). Het Bedrijfsplan is een uitwerking van en toelichting op de praktische werkwijze. Het Bedrijfsplan dient als richtsnoer bij de oprichting van het nieuwe regiobestuur en regiobureau. Waar nodig wordt in deze artikelsgewijze toelichting verwezen naar het Bedrijfsplan. Artikelsgewijze toelichting Artikel 1 Begripsbepalingen Dit artikel bevat enkele algemene begripsbepalingen die gelden voor de gehele gemeenschappelijke regeling. Artikel 2 Openbaar lichaam Dit artikel bepaalt dat er een zogenoemd gemeenschappelijk openbaar lichaam wordt ingesteld krachtens artikel 1, eerste lid, gelezen in samenhang met artikel 8, eerste lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen. De regeling is een collegesamenwerking. Het gemeenschappelijk openbaar lichaam bezit rechtspersoonlijkheid en kan dus zelfstandig privaatrechtelijke rechtshandelingen verrichten.

Er is bewust gekozen voor een gemeenschappelijk openbaar lichaam: deze keuze maakt het mogelijk om transparanter en met meer slagkracht te kunnen werken. De regio kan zo zijn eigen financiële administratie en verantwoording organiseren. Tot slot bepaalt het artikel dat het gemeenschappelijk openbaar lichaam gevestigd is te Elst, gemeente Overbetuwe (volgens artikel 10 lid 3 Wgr is het aanwijzen van een plaats van vestiging vereist). Dit is het geografisch centrum van de regio.

Artikel 3 Bestuursorganen Het bestuur van het gemeenschappelijk openbaar lichaam bestaat uit een algemeen bestuur, een dagelijks bestuur en een voorzitter (art. 12, lid 1 Wgr). Daarnaast kunnen commissies van advies en bestuurscommissies worden ingesteld. In deze regeling is die mogelijkheid geopend in hoofdstuk 6. De directie of een directielid is geen bestuursorgaan.

Artikel 4 Belangen Deze regeling wordt getroffen ter behartiging van de in dit artikel genoemde belangen. Het belang bakent de bevoegdheden van (het bestuur van) het gemeenschappelijk openbaar lichaam af.

Artikel 5 Taken

In deze bepaling zijn de taken omschreven die het samenwerkingsverband moet uitvoeren voor zover gelegen binnen het belang van de vorige bepaling. De taken hebben met name betrekking op de voorbereiding en agendering van de verschillende opgaven. Daarnaast worden positioneren en profileren van de regio expliciet benoemd, net als inspelen op ontwikkelingen en het faciliteren van ontmoetingen.

Artikel 6 Bevoegdheden De deelnemende gemeenten dragen geen bevoegdheden over aan de regio Arnhem-Nijmegen. Bij afzonderlijk besluit mandateren de deelnemers de bevoegdheden. De enige uitzondering betreft de bevoegdheid van de colleges om een subsidie te verstrekken aan de stichting The Economic Board. De gemeenteraden van de deelnemende gemeenten merken de stichting aan als subsidieontvanger. De bevoegdheid om de subsidie te verstrekken wordt door de colleges overgedragen aan het algemeen bestuur. Dit heeft als voordeel dat er één subsidiebeschikking hoeft te worden opgesteld in plaats van 18 stuks. De subsidie wordt gebaseerd op een bedrag per aantal inwoners. In het derde lid worden de bevoegdheden van de bestuursorganen van het openbaar lichaam beperkt. Dit zijn bevoegdheden die het openbaar lichaam vanwege zijn rechtspersoonlijkheid op grond van de wet zelf heeft. Met deze bepaling worden de financiële risico’s voor de deelnemers beperkt, omdat de deelnemers hiermee vooraf moeten instemmen.

Artikel 7 Samenstelling algemeen bestuur Dit artikel gaat over de samenstelling van het bestuur en de plaatsvervanging van bestuurders. Deze zaken moeten in de gemeenschappelijke regeling geregeld worden (art. 10 lid 3 Wgr). Daarbij is rekening gehouden met de wettelijke bepaling dat de leden van het bestuur door en uit de deelnemende colleges van burgemeester en wethouders moeten worden aangewezen (art. 14a Wgr). Er is voor gekozen om ieder college één lid aan te laten wijzen. Als een lid van het bestuur verhinderd is, dan kan dat lid vervangen worden door de door het betreffende college aangewezen plaatsvervanger.

Artikel 8 Vergaderingen Besluiten neemt het algemeen bestuur bij meerderheid van stemmen. Gekozen is voor een stemverhouding naar rato van de grootte van de gemeente, zoals die bij meerdere gemeenschappelijke regelingen in de regio toegepast wordt. Specifiek voor de begroting en de jaarrekening is gekozen voor een gekwalificeerde meerderheid van stemmen. Een besluit is dan pas aangenomen als de meerderheid van stemmen ook de meerderheid van de inwoners van de regio vertegenwoordigt. De vergaderingen van het algemeen bestuur zijn openbaar. In het bedrijfsplan in paragraaf 4.2 is opgenomen dat het algemeen bestuur 8 keer per jaar bij elkaar komt. In artikel 8 van de gemeenschappelijke regeling is minimaal 6 keer per jaar opgenomen. Het laatste is verplichtend, het eerste is wenselijk.

Een opgavegerichte samenwerking kunnen overheden niet alleen. Partners uit het bedrijfsleven, het onderwijs en het maatschappelijk veld zijn nodig om de gewenste doelen en resultaten te kunnen halen. Het algemeen bestuur kan ervoor kiezen om vertegenwoordigers van deze partijen uit te nodigen voor zijn vergadering. Elke opgave kent een bestuurlijk opdrachtgever (zie paragraaf 3.3 van het bedrijfsplan). De leden van het dagelijks en algemeen bestuur zijn niet automatisch bestuurlijk opdrachtgever van de inhoudelijke opgaven. Dit kunnen ook bestuurders uit één van de 18 regiogemeenten zijn die geen deel uitmaken van het dagelijks of algemeen bestuur. Om de rollen en verantwoordelijkheden van het algemeen bestuur ten aanzien van de inhoudelijke opgaven te kunnen vervullen, zijn de bestuurlijk opdrachtgevers van de opgaven in ieder geval agendalid van het algemeen bestuur en zullen zij met regelmaat aansluiten bij vergaderingen van het algemeen bestuur. Artikel 9 Taken en bevoegdheden algemeen bestuur Het algemeen bestuur staat aan het hoofd van het gemeenschappelijk openbaar lichaam (art. 12, tweede lid, van de wet). Dit betekent onder meer dat het algemeen bestuur eindverantwoordelijk is voor het gemeenschappelijk openbaar lichaam. In het algemeen bestuur zijn alle deelnemers vertegenwoordigd. Dit artikel beschrijft de taken en bevoegdheden van het algemeen bestuur.

Het algemeen bestuur kan zijn bevoegdheden overdragen aan het dagelijks bestuur met uitzondering van de taken benoemd in artikel 33a, tweede lid, van de wet en artikel 9, vierde lid, van de regeling.

Artikel 10 Samenstelling dagelijks bestuur Gekozen is voor een klein en compact dagelijks bestuur, dat ervoor zorgt dat het algemeen bestuur zijn rol kan vervullen. De wet bevat geen bepalingen over het benoemen van plaatsvervangers voor de leden van het dagelijks bestuur. Bij vervanging met een tijdelijk of incidenteel karakter kan worden volstaan met een interne vervangingsregeling binnen het dagelijks bestuur,

Artikel 11 Vergaderingen De wet bevat geen bepalingen over de besluitvorming en vergaderorde van het dagelijks bestuur, zoals bij het algemeen bestuur. Net als bij het algemeen bestuur is in de regeling opgenomen dat het dagelijks bestuur minimaal 6 keer per jaar bij elkaar komt. Logischerwijs volgt het dagelijks bestuur minimaal de vergaderfrequentie van het algemeen bestuur. De vergaderingen van het dagelijks bestuur zijn niet openbaar.

Artikel 12 Taken en bevoegdheden dagelijks bestuur

Dit artikel regelt de taken en bevoegdheden van het dagelijks bestuur.

Artikel 13 Voorzitter Dit artikel regelt de aanwijzing van de (plaatsvervangend) voorzitter. Op grond van artikel 13, negende lid, van de Wgr moet de voorzitter door en uit het algemeen bestuur aangewezen worden. De voorzitter is een eenhoofdig bestuursorgaan (artikel 12, lid 1 Wgr) en is voorzitter van zowel het algemeen bestuur als het dagelijks bestuur (artikel 12, lid 3 Wgr). De plaatsvervangend voorzitter vervangt de voorzitter zowel in het algemeen bestuur als in het dagelijks bestuur.

Artikel 14 Taken en bevoegdheden van de voorzitter Dit artikel regelt de taken en bevoegdheden van het dagelijks bestuur. De voorzitter is ook aanspreekbaar als boegbeeld van de regio.

Artikel 15 Commissies van advies Dit artikel is gebaseerd op artikel 24 van de Wgr. Het algemeen bestuur regelt de bevoegdheden en samenstelling van deze commissies van advies. Het algemeen bestuur stelt in ieder geval een regioagendacommissie in. In paragraaf 4.3 van het bedrijfsplan wordt deze uit raadsleden bestaande regioagendacommissie verder toegelicht.

Artikel 16 Bestuurscommissies Dit artikel voorziet in de mogelijkheid van het algemeen bestuur om bestuurscommissies in te stellen (op grond van artikel 25, lid 1 Wgr). Het is aan het algemeen bestuur om bestuurscommissies in te stellen. Het algemeen bestuur regelt de samenstelling van de bestuurscommissie, haar taken en bevoegdheden, de verantwoordingsrelaties jegens het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur. Op grond van artikel 25, lid 2 Wgr gaat het algemeen bestuur pas over tot de instelling van de in het eerste lid bedoelde commissies als de raden van de deelnemende gemeenten een verklaring van geen bezwaar hebben afgegeven.

Artikel 17 tot en met artikel 20 Deze artikelen regelen de informatie- en verantwoordingsplicht die uit een oogpunt van democratische legitimatie aan het functioneren van het bestuur worden gesteld en die verplicht is op grond van de Wgr. Bij wijziging van de Wgr op 1 juli 2022 is een informatieverplichting in het leven geroepen voor het bestuur van een openbaar lichaam, om de raden van de deelnemende gemeenten alle inlichtingen te verschaffen die de raden nodig hebben voor de uitoefening van hun taken. De GMR kent reeds een

informatieprotocol. Enkele elementen hiervan zijn in artikel 18 overgenomen. Voor het overige is geregeld dat het algemeen bestuur voor het verstrekken van informatie een Informatieprotocol vaststelt. Omdat deze informatievoorziening van belang is voor de raden, wordt aan hen de gelegenheid geboden hun zienswijze hierover te geven.

Artikel 21 Reglement van orde algemeen bestuur Geen toelichting nodig.

Artikel 22 Reglement van orde dagelijks bestuur Geen toelichting nodig. Artikel 22a Participatie ingezetenen en belanghebbenden Ingezetenen en belanghebbenden kunnen in verband met de voorbereiding, uitvoering en monitoring van beleid bij openbare vergaderingen van het AB het woord voeren. Hierbij moet het wel gaan over een onderwerp dat reeds ter bespreking op de agenda is opgenomen. Per opgave wordt geregeld of en hoe ingezetenen en belanghebbenden kunnen inspreken. Verder hebben gemeenten voor ingezetenen en belanghebbenden natuurlijk mogelijkheden tot inspraak en participatie.

Artikel 23 Regiobureau Uitgangspunt voor de rol van het regiobureau is dat de regionale samenwerking gebeurt in de opgaven, door de 18 gemeenten, en dat het regiobureau deze samenwerking faciliteert. In het regiobureau wordt een aantal strategische functies belegd zoals strategie, raads- en bestuursadvisering, lobby / profilering / positionering, strategische communicatie, procesmanagement en financieel advies. Ook is het huidige Bureau Brussel, dat de lobby naar andere (overheids)organisaties verzorgt, in het regiobureau ondergebracht.

Artikel 24 Directeur Aan het hoofd van het regiobureau staat een directeur. Hij/zij wordt aangesteld door het dagelijks bestuur.

Artikel 25 Klachten Er is voor gekozen om de gemeentelijke ombudsman voor het Rijk van Nijmegen aan te wijzen als bevoegd tot behandeling van klachten zoals bedoeld in artikel 9:18, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht.

Artikel 26 Archief Op grond van artikel 40 van de Archiefwet 1995 (Archiefwet) moet de gemeenschappelijke regeling bepalingen bevatten over het archief. Deze moeten zoveel mogelijk overeenkomstig de Archiefwet worden vormgegeven. Om die reden is aansluiting gezocht bij de bepalingen zoals die op grond van de Archiefwet voor de gemeenten gelden.

Artikel 27 Regionale opgaven Elke opgave kent een bestuurlijk opdrachtgever en een ambtelijk opdrachtgever. Voor elke opdracht wordt een opgavemanager aangesteld. De opgaven worden concreet omschreven en kennen een eigen begroting. Uitgangspunt is dat de gemeenten kunnen deelnemen aan een opgave. Als een gemeente niet deelneemt aan een opgave, dan vrijwaart het samenwerkingsverband deze gemeente voor kosten en risico’s die met deze opgave verband houden.

Artikel 28 Financiële organisatie Behoeft geen nadere toelichting. Aangesloten wordt bij de wettelijke voorschriften.

Artikel 29 Bijdragen van de gemeenten Artikel 29, tweede lid, omschrijft de kostenverdeelsleutel voor de reguliere taken (de opgave overstijgende kosten) die het openbaar lichaam uitvoert. In de regio is afgesproken dat de verrekening van deze kosten plaatsvindt naar rato van het aantal inwoners. Hiervoor is het laatst bekende inwonersaantal per gemeente de grondslag. Daarnaast wordt de kostenverdeelsleutel van elke individuele opgave vastgelegd. Jaarlijks stelt het algemeen bestuur de hoogte van de bijdragen van de deelnemende gemeenten vast. Uit het wettelijk systeem vloeit voort, dat de deelnemers aan een gemeenschappelijke regeling er te allen tijde voor moeten zorgen dat het gemeenschappelijk openbaar lichaam over voldoende middelen beschikt om aan zijn verplichtingen te voldoen.

Artikel 30 Begroting De jaarlijkse bijdrage voor de reguliere taken en de opgaven wordt opgenomen in de begroting. De begroting bestaat dus uit twee delen. Verwezen is naar de termijnen genoemd in de wet zodat bij een wetswijziging de regeling geen aanpassing behoeft.

Artikel 31 Jaarrekening Verwezen is naar de termijnen genoemd in de wet zodat bij een wetswijziging de regelingen geen aanpassing behoeft.

Artikel 32 Wijziging en opheffing Gewijzigde omstandigheden kunnen aanleiding geven om de regeling aan te passen. Daarvoor is met deze bepaling een voorziening getroffen. Het bestuur dan wel een van de colleges kan voorstellen voor wijziging van de gemeenschappelijke regeling doen. Alle deelnemende colleges besluiten over een voorstel tot wijziging van de regeling (art. 1 lid 3 jo. lid 1 Wgr), na toestemming van hun raden (art. 1 lid 3 jo. lid 2 Wgr). De regeling is gewijzigd wanneer tweederde van het aantal deelnemende gemeenten daartoe heeft besloten. De wijziging bevat het moment van inwerkingtreding. Dit kan op grond van art. 26 lid 3 van de Wgr niet eerder dan nadat de regeling bekend is gemaakt. De wijze van bekendmaking is voorgeschreven in art. 26 lid 2 van de Wgr.

Artikel 33 Toetreding Dit artikel regelt de procedure voor toetreding van nieuwe deelnemers aan het samenwerkingsverband. Het algemeen bestuur is bevoegd richtlijnen vast te stellen voor toetreding. Bij een toetreding wordt een regeling conform artikel 32 gewijzigd. In het toetredingsbesluit wordt bepaald wanneer de toetreding ingaat. Artikel 33a Uittreding Dit artikel regelt de procedure de uittreding van bestaande deelnemers aan het samenwerkingsverband. Bij de wijziging van de Wgr op 1 juli 2022 is geregeld dat in een gemeenschappelijke regeling afspraken moeten worden gemaakt rondom de eventuele uittreding van een deelnemers. Hierbij moeten op grond van de wet in ieder geval de gevolgen voor het vermogen van de rechtspersoon en de deelnemende gemeenten meegenomen worden. Bij de GMR bestond er al een regeling ‘Richtlijnen uittreding Gemeenschappelijke regeling Arnhem-Nijmegen’. Dit artikel beoogt te voldoen aan de wettelijke vereisten, maar biedt ruimte om praktische afspraken in een richtlijn verder uit te werken. Het algemeen bestuur blijft bevoegd richtlijnen vast te stellen voor uittreding, mits het zich houdt aan de essentialia die in artikel 33a staan.

Artikel 34 Liquidatie

Als de deelnemende gemeenten besluiten tot opheffing van de regeling, dan besluit het algemeen bestuur tot liquidatie. Dit stelt een liquidatieplan vast. De raden worden in de gelegenheid gesteld een zienswijze naar voren te brengen. Het liquidatieplan voorziet in de verplichting van de gemeenten tot deelneming in de financiële gevolgen van de opheffing. Het liquidatieplan voorziet ook in de gevolgen die de opheffing heeft voor het personeel. Als het openbaar lichaam op haar rustende verplichtingen is nagekomen en er blijft een batig saldo over, dan wordt dit batig saldo aan de hand van de gehanteerde verdeelsleutel, zoals vastgelegd in het liquidatieplan, aan gemeenten uitgekeerd. Resteert een negatief saldo, dan zijn gemeenten naar rato van de gehanteerde verdeelsleutel gehouden deze verplichtingen op zich te nemen. Het openbaar lichaam blijft bestaan, zolang dat voor liquidatie noodzakelijk is (art. 9 lid 3 Wgr).

Artikel 35 Geschillen en onvoorziene gevallen Geen toelichting nodig.

Artikel 36 Duur van de regeling Met dit artikel worden de evaluatiemomenten van de regeling bepaald. Door de evaluatie aan het begin van het jaar voor het kalenderjaar waarin de algemene gemeenteraadsverkiezingen in de gemeenten plaatsvinden, kan het zittende bestuur nog kennis nemen van de uitkomsten van de evaluatie, deze van commentaar en advies kan voorzien en mee kan geven in de overdracht naar het nieuwe bestuur.. Het algemeen bestuur stelt voor de evaluatie een opdracht vast. Deze zal (in ieder geval) de volgende criteria bevatten: -

de slagvaardigheid van de samenwerking, kan er adequaat worden gereageerd op voorkomende opgaven en uitdagingen (bv. doorlooptijd); de verhouding tussen de bereikte resultaten enerzijds en de bestuurlijke en ambtelijke inzet anderzijds; de vraag of de gemeenteraden zich voldoende herkennen in het proces van samenwerking; de kwaliteit van de gemeenschappelijk geformuleerde regionale agenda; de positie die het samenwerkingsverband inneemt richting zijn strategische partners (provincie, The Economic Board / triple helix, Rijk en EU); maximale administratieve eenvoud ('lean and mean').

Artikel 37 Toezending en bekendmaking De gemeente Overbetuwe is hiermee belast, omdat zij de statutaire vestigingsplaats is van het openbaar lichaam.

Artikel 38 Inwerkingtreding en citeertitel Geen toelichting nodig.

RAADSVOORSTEL Onderwerp

: Wijziging gemeenschappelijke regeling Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen in verband met uittreding Montferland __________________________________________________________________________ Zaak- & documentnr. : Z/24/122942 201659006

Opsteller : W. van der Veen

Portefeuillehouder

Afdeling

: A.J. van Hout

: IBP

Telefoonnr: 3058 __________________________________________________________________________ Samenvatting Het college van Montferland heeft laten weten dat zij de samenwerking binnen de Groene Metropoolregio (GMR) wenst te beëindigen. In haar vergadering van 10 april jl. heeft het algemeen bestuur de hoogte van de uittredingsvergoeding vastgesteld, conform de daarvoor door het algemeen bestuur vastgestelde Richtlijnen. Als gevolg van deze uittreding dient de gemeenschappelijke regeling Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen te worden gewijzigd. Beslispunten De raad besluit: 1. Akkoord te gaan met het ontwerp-wijzigingsbesluit van de Gemeenschappelijke regeling Regio Arnhem-Nijmegen; 2. Geen zienswijze in te dienen over het ontwerp-wijzigingsbesluit van de Gemeenschappelijke regeling Regio Arnhem-Nijmegen. Aanleiding Analoog aan de recente herziening van de gemeenschappelijke regeling, als gevolg van de wijziging van de Wet gemeenschappelijke regeling, vraagt de procedure om bij uittreding van een van de deelnemers in de gemeenschappelijke regeling aan aantal stappen. Wijziging van de regeling vraagt om twee rondes langs de raden.

De eerste ronde betreft de mogelijkheid om een zienswijze in te dienen over het ontwerp wijzigingsbesluit (bijlage 3) door de gemeenteraad op grond van artikel 1 lid 3 Wgr, de tweede ronde betreft het vragen om toestemming aan de gemeenteraad op grond van artikel 1 lid 4 Wgr om het definitieve wijzigingsbesluit vast te kunnen stellen. Planning De uittreding van Montferland vindt plaats per 31 december 2024. Dit betekent dat er voldoende tijd is voor de noodzakelijke stappen. Het dagelijks bestuur van de GMR heeft aangegeven eventuele zienswijzen graag voor het zomerreces te ontvangen.

Beoogd effect De gemeenteraad de mogelijkheid te bieden om een zienswijze te geven op het ontwerpwijzigingsbesluit van de regeling Regio Arnhem-Nijmegen vanwege de nieuwe Wet gemeenschappelijke regelingen. Argumenten 1.1 uittreding formaliseren – geen zienswijze Als een deelnemer uit een regeling treed dan dient de regeling dienovereenkomstig te worden gewijzigd. Het besluit tot wijziging heeft hierbij slecht betrekking op aspecten van de nieuwe regeling, maar blokkeert de uittreding van de gemeente Montferland niet. De regeling wordt inhoudelijk niet anders gewijzigd dan alleen artikel 1 als het gaat om het overzicht van deelnemende gemeenten. Tegen het wijzigen van de regeling als gevolg van de uittreding van de gemeente Montferland bestaat dan ook geen bezwaar. Kanttekeningen Niet van toepassing Financiële paragraaf Wijziging van de regeling kent geen financiële consequenties. Wel is er sprake van een uittredingsvergoeding. In de richtlijn is zowel de procedure als de richtlijn voor de berekening van de uittredingskosten vastgelegd. Bij besluit van het algemeen bestuur van 4 april 2024 is deze, door de gemeente Montferland te betalen uittredingsvergoeding, vastgesteld op € 9.611,00. Relatie met het herstelplan (alleen met Westervoort) Het wijzigen van de regeling heeft geen financiële gevolgen Participatie en communicatie Dit is een intern proces.

Derhalve is er geen participatie voorzien. Communicatie geschiedt op de normale wijze. Duurzaamheid (alleen voor Westervoort) De Groene Metropoolregio werkt door middel van het uitvoeren van een opgave-agenda aan een duurzame regio. Intergemeentelijke samenwerking De gemeenschappelijke regeling is een regionale samenwerking tussen 17 gemeenten (na vertrek van de gemeente Montferland). Bijlagen 201659017

raadsbesluit

201658951 201658953

aanbiedingsbrief gewijzigde regeling

Pagina 2

Westervoort, 14 mei 2024 Burgemeester en wethouders van gemeente Westervoort, Mr. M.H. Kranenburg secretaris (loco)

drs. A.J. van Hout burgemeester

Pagina 3

RAADSBESLUIT Zaak- & documentnr.

:

Datum besluitvorming :

Z/24/122942/201659017 17 juni 2024

__________________________________________________________________________ Onderwerp

:

Wijziging gemeenschappelijke regeling Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen in verband met uittreding Montferland

Samenvatting Het college van Montferland heeft laten weten dat zij de samenwerking binnen de Groene Metropoolregio (GMR) wenst te beëindigen. In haar vergadering van 10 april jl. heeft het algemeen bestuur de hoogte van de uittredingsvergoeding vastgesteld, conform de daarvoor door het algemeen bestuur vastgestelde Richtlijnen. Als gevolg van deze uittreding dient de gemeenschappelijke regeling Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen te worden gewijzigd. Beslispunten De raad besluit: 1. Akkoord te gaan met het ontwerp-wijzigingsbesluit van de Gemeenschappelijke regeling Regio Arnhem-Nijmegen; 2. Geen zienswijze in te dienen over het ontwerp-wijzigingsbesluit van de Gemeenschappelijke regeling Regio Arnhem-Nijmegen. de griffier,

de voorzitter,

mr. M. Smits - Jansen

drs. A.J. van Hout

Aan colleges van de deelnemende gemeenten in de Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen (m.u.v. het college van Montferland).

Datum

: 15 april 2024

Uw kenmerk

:

Ons kenmerk

: 2024-GMDB-20

Contactpersoon

: Henk van den Berg

Telefoonnummer

: 06-46736374

Onderwerp: wijziging gemeenschappelijke regeling uittreding Montferland. Geacht college, Inleiding Het is u bekend dat de het college van Montferland heeft laten weten dat zij de samenwerking binnen de Groene Metropoolregio wenst te beëindigen. In haar vergadering van 10 april jl. heeft het algemeen bestuur de hoogte van de uittredingsvergoeding vastgesteld, conform de daarvoor door het algemeen bestuur vastgestelde Richtlijnen. Aanpassing gemeenschappelijke regeling De volgende stap is dat het algemeen bestuur een aanpassing van de gemeenschappelijke regeling voorstelt aan de overige deelnemende gemeenten. Dit voorstel is ook op 10 april jl. geaccordeerd. Hierbij bieden wij u de aanpassing aan. De wijziging van de gemeenschappelijke regeling voorziet in het schrappen van de gemeente Montferland in de aanhef van de regeling. Voor het overige blijft de gemeenschappelijke regeling ongewijzigd. De te zetten stappen Analoog als de recente herziening van de gemeenschappelijke regeling als gevolg van de wijziging van de Wet gemeenschappelijke regeling vraagt de procedure om de volgende stappen: - stap 1: Eerst vraagt het college de gemeenteraad om een zienswijze - stap 2: Uw college vraagt de gemeenteraad om toestemming om de regeling te mogen wijzigen.

We merken hierbij op dat genoemde Richtlijn voorschrijft dat de besluitvorming slechts betrekking kan hebben op aspecten van de nieuwe regeling en de uittreding van Montferland niet kan blokkeren. Graag ontvangen wij van u de zienswijze van uw gemeenteraad. Na beoordeling van de 17 zienswijzen, voor zover dat noodzakelijk is, bieden wij u de wijziging aan om vervolgens uw gemeenteraad toestemming te vragen. De uittreding van Montferland vindt plaats per 31 december 2024. Dit betekent dat er voldoende tijd is voor de noodzakelijke stappen. Graag ontvangen wij de zienswijze van uw gemeenteraad voor het zomerreces. Afrondend Nadere informatie over dit voorstel kunt verkrijgen bij Henk van den Berg. Eventuele juridische vragen zal hij doorgeleiden naar de ambtelijke werkgroep.

Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen - Nijverheidsweg 2a, 6662 NG Elst

Datum: 15 april 2024 Ons kenmerk: 2024-GMDB-20

Met vriendelijke groet, Namens het dagelijks bestuur van de Groene Metropoolregio

Drs. H.M.F. Bruls Voorzitter

Drs. H. Tiemens Secretaris

Bijlage: derde wijziging gemeenschappelijke regeling

i.a.a.: regiocoördinatoren, 18 griffies, werkgroep, secretaris RAC, adviseur regionale samenwerking.

Besluit tot wijziging van de Gemeenschappelijke regeling Regio Arnhem-Nijmegen De colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten Arnhem, Berg en Dal, Beuningen, Doesburg, Druten, Duiven, Heumen, Lingewaard, Mook en Middelaar, Nijmegen, Overbetuwe, Renkum, Rheden, Rozendaal, Westervoort, Wijchen en Zevenaar; overwegende dat: •

zij op 1 januari 2021 een Gemeenschappelijk regeling Regio Arnhem-

Nijmegen hebben getroffen waarmee het openbaar lichaam de Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen is opgericht; •

het college van burgemeester en wethouders van de gemeente

Montferland wenst uit te treden uit deze regeling; gelet op: de Wet gemeenschappelijke regelingen; de Gemeenschappelijke regeling Regio Arnhem-Nijmegen; de toestemming van de respectievelijke gemeenteraden op grond van artikel 1, vierde lid van de Wet gemeenschappelijke regelingen;

Besluiten de Gemeenschappelijke regeling Regio Arnhem-Nijmegen als volgt te wijzigen:

Artikel 1 Uit de aanhef wordt Montferland geschrapt en komt te luiden: De colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten Arnhem, Berg en Dal, Beuningen, Doesburg, Druten, Duiven, Heumen, Lingewaard, Mook en Middelaar, Nijmegen, Overbetuwe, Renkum, Rheden, Rozendaal, Westervoort, Wijchen en Zevenaar;

Artikel 2 Inwerkingtreding Dit besluit treedt in werking na bekendmaking.

Artikel 3 Citeertitel Dit besluit wordt aangehaald als derde wijzigingsbesluit van de “Gemeenschappelijke regeling Regio Arnhem-Nijmegen”.

Arnhem Het college van burgemeester en wethouders van Arnhem Ondertekend op ………………… te …………

J.H. de Baas Secretaris

A. Marcouch Burgemeester

Berg en Dal Het college van burgemeester en wethouders van Berg en Dal Ondertekend op ………………… te …………

E. van der Velde Secretaris

M. Slinkman Burgemeester

Beuningen Het college van burgemeester en wethouders van Beuningen Ondertekend op ………………… te …………

D. Kocken Secretaris

D. Bergman Burgemeester

Doesburg Het college van burgemeester en wethouders van Doesburg Ondertekend op ………………… te …………

P. Werkman Secretaris

L. van der Meijs - van de Laar Burgemeester

Druten Het college van burgemeester en wethouders van Druten Ondertekend op ………………… te …………

B. Janssen Secretaris

S. Sengers Burgemeester

Duiven Het college van burgemeester en wethouders van Duiven Ondertekend op ………………… te …………

B. Brinkman Secretaris

H. Hieltjes Burgemeester

Heumen Het college van burgemeester en wethouders van Heumen Ondertekend op ………………… te …………

J. de Graaf Secretaris

J. Minses Burgemeester

Lingewaard Het college van burgemeester en wethouders van Lingewaard Ondertekend op ………………… te …………

drs. I.P. van der Valk Secretaris

dr. P.T.A.M. Kalfs Burgemeester

Mook en Middelaar Het college van burgemeester en wethouders van Mook en Middelaar Ondertekend op ………………… te …………

W. Mariman Secretaris

mr. drs. W. Gradisen Burgemeester

Nijmegen Het college van burgemeester en wethouders van Nijmegen Ondertekend op ………………… te …………

drs. A.P.W. van de Klift Secretaris

drs. H.M.F. Bruls Burgemeester

Overbetuwe Het college van burgemeester en wethouders van Overbetuwe Ondertekend op ………………… te …………

P.J.E. Breukers Secretaris

R.P. Hoytink - Roubous Burgemeester

Renkum Het college van burgemeester en wethouders van Renkum Ondertekend op ………………… te …………

M. Wagener Secretaris

A. Schaap Burgemeester

Rheden Het college van burgemeester en wethouders van Rheden Ondertekend op ………………… te …………

B. Drewes Secretaris

C. van Eert Burgemeester

Rozendaal Het college van burgemeester en wethouders van Rozendaal Ondertekend op ………………… te …………

B. Pelgrum Secretaris

drs. E. Weststeijn Burgemeester

Westervoort Het college van burgemeester en wethouders van Westervoort Ondertekend op ………………… te …………

M. Sluiter Secretaris

A. van Hout Burgemeester

Wijchen Het college van burgemeester en wethouders van Wijchen Ondertekend op ………………… te …………

J. Hendrix Secretaris

R. Helmer-Englebert Burgemeester

Zevenaar Het college van burgemeester en wethouders van Zevenaar Ondertekend op ………………… te …………

D. Jansen Secretaris

L. van Riswijk Burgemeester

Toelichting bij het tweede wijzigingsbesluit van de Gemeenschappelijke regeling Regio Arnhem-Nijmegen Artikelsgewijze toelichting Artikel 1 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Montferland heeft besloten om uit te willen treden. Dit betekent dat het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Montferland als deelnemer aan de regeling moet worden geschrapt. Hiervoor moet de regeling worden gewijzigd.

Griffie Gemeente Westervoort

Technische vragen Commissie Ruimte & Financiën 11 juni 2024 8. Wijziging gemeenschappelijke regeling Groene Metropool Regio Arnhem Nijmegen (GMR) uittreding Montferland Vraag D66-fractie: Wat is het bedrag wat Montferland moet betalen om er uit te stappen? Antwoord: Het algemeen bestuur van de GMR heef op 10 april 2024 besloten de hoogte van de uittredingsvergoeding vast te stellen op € 9.611,00.

1

RAADSVOORSTEL Onderwerp

: Jaarstukken 2023, ontwerp Regionale agenda en conceptbegroting 2025-2028 Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen __________________________________________________________________________ Zaak- & documentnr. : Z/24/122931 201658723

Opsteller : W. van der Veen

Portefeuillehouder

Afdeling

: A.J. van Hout

: IBP

Telefoonnr: 3058 __________________________________________________________________________ Samenvatting De gemeenteraad wordt in de gelegenheid gesteld om een zienswijze te geven op de door het algemeen bestuur vastgestelde concept begroting 2025-2028 van de Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen (hierna: GMR). Tevens heeft de GMR de jaarstukken 2023 bijgevoegd en is separaat het jaarverslag en jaarrekening 2023 van de stichting The Economic Board bijgevoegd. Beslispunten 1. Niet in te stemmen met de verhoging van de inwonerbijdrage per 2025 naar € 9,01 per inwoner (2024 - € 8,55); 2. de bijgevoegde zienswijzebrief op de concept begroting 2025-2028 van de Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen vast te stellen; 3. kennis te nemen van de jaarrekening 2023 Groene Metropoolregio ArnhemNijmegen; 4. kennis te nemen van het jaarverslag en jaarrekening 2023 van de stichting The Economic Board. Aanleiding De Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen is op 1 januari 2021 van start gegaan. Aan de hand van vijf bestuurlijke opgaven wordt regionaal samengewerkt tussen (nu nog) 18 gemeenten. De gemeente Montferland zal per 1 januari 2025 geen deel meer uitmaken van de Groene Metropoolregio. Resultaat GMR 2023 Het jaar 2022 sluit met een positief resultaat van € 364.316,-. Het algemeen bestuur is voorgesteld het resultaat in lijn van de bepaling in de Gemeenschappelijk Regeling (art.

31 lid 8) terug te laten vloeien naar de gemeenten. Het algemeen bestuur geeft hiermee uitvoering aan de afspraken hierover. Wel wordt voorgesteld om 75.000,- uit dit resultaat te onttrekken om de kosten van het projectmanagement Regiodeal te ondersteunen. Per saldo resteert € 289.316,- welke terugvloeit naar de 18 deelnemers. Regionale opgaveagenda 2025-2028 De GMR krijgt de komende jaren te maken met een enorme groei van het aantal inwoners. Tussen 2020 en 2040 zijn er naar verwachting 60.000 extra woningen nodig. Deze woningen moeten betaalbaar en duurzaam zijn en aansluiten bij de woonwensen van verschillende doelgroepen. Om dit voor elkaar te krijgen is regionale samenwerking belangrijk.

Mede door de verwachte groei van het aantal inwoners neemt de druk op bereikbaarheid van werk en voorzieningen nog verder toe. Ook hiervoor zijn forse investeringen nodig die om een gezamenlijke aanpak vragen. Meer inwoners leidt tot een grotere behoefte aan banen. We werken regionaal samen aan een stabiele economische infrastructuur waarbij er in de toekomst voldoende geschikte banen zijn. Naast werk, zijn voor onze inwoners recreatieve en culturele voorzieningen en natuur rondom de steden en dorpskernen belangrijk. De druk op het landschap en de voorzieningen neemt toe en ook hier is een regionale aanpak vereist om slim en efficiënt in deze behoefte te voorzien. We moeten hierbij scherpe keuzes maken; niet alle ambities passen in de ruimte die in onze regio beschikbaar is. Daarnaast moeten we onze CO₂-footprint fors verkleinen, hebben we steeds vaker te maken met tekorten aan grondstoffen en materialen en kan ons energiesysteem de toenemende vraag naar elektriciteit niet aan. Deze thema’s vragen om een regionale aanpak, aanvullend op die van gemeenten, provincie en Rijk. We staan voor de uitdaging om de groei van wonen, werken en mobiliteit zo te realiseren dat we een balans vinden tussen levendige stedelijkheid en ontspannen leefkwaliteit, we noemen dat groene groei.

Om dit te bereiken, werken we met de gemeenten aan vijf opgaven: • Groene groeiregio (verbinden van ruimtelijke opgaven en woningbouw) • Productieve regio (economie en arbeidsmarkt) • Ontspannen regio (leefbaarheid, natuur en landschap, cultuur en erfgoed) • Verbonden regio (mobiliteit en bereikbaarheid) • Circulaire regio (circulariteit, duurzaamheid, klimaat en energie) Op deze opgaven is regionale samenwerking om verschillende redenen van belang, te weten: • Slim omgaan met de ruimte • Opgaven overstijgen de gemeentegrenzen • Verplichting provincie en Rijk om opgaven regionaal op te pakken • Efficiency en kostenvoordelen • Focus op uitvoering Planning Een gemeenschappelijke regeling dient de concept begroting uiterlijk vóór 15 april toe te zenden aan de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten. De termijn voor het indienen van zienswijze is acht weken. De zienswijze van de raad moet vóór 26 juli 2024 worden ingediend bij de Groene Metropoolregio. Beoogd effect Met de mogelijkheid van het geven van een zienswijze heeft de gemeenteraad de gelegenheid om invloed te blijven houden op de financiën, de taken en te behalen doelstellingen van de gemeenschappelijke regeling Groene Metropoolregio ArnhemNijmegen.

Pagina 2

Argumenten 1.1 ontwerp opgaveagenda 2025-2028 In tegenstelling tot de opgaveagenda 2023-2024 (met de duur van twee jaar), wordt de opgaveagenda 2025-2028 voor vier jaar vastgesteld. Grote uitdagingen leiden tot het opstellen van een opgaveagenda die regionale vraagstukken kan oppakken. Niet alleen is er een grote druk op de woningmarkt, ook zien we een toename op de arbeidsmarkt, mobiliteit, ontspanning en economie. De opgaveagenda is herkenbaar door de opbouw in de vijf opgaven die nu ook gehanteerd worden. Belangrijke toevoeging is de Integratietafel voor samenhang tussen de opgaven. Afgelopen jaren bleek er steeds vaker de behoefte te zijn om (ruimtelijke) vraagstukken integraal aan te vliegen, denk aan het Groen-Blauw raamwerk, maar ook bijvoorbeeld onderwerpen als logistiek en circulair bouwen. In aanloop naar deze agenda wordt geoefend met een werkwijze hiervoor. Een zogenaamde integratietafel om zo de transparantie van processen en besluitvorming te vergroten en faciliterend te zijn aan de verschillende opgaven. 1.2 De stijging van de kosten per inwoner In de concept begroting van 2025-2028 zien we een verhoging van de inwonersbijdrage met € 0,46 per inwoner. Deze verhoging is het gevolg van onder andere de inflatie en de stijging van de cao-lonen. Ook de onzekerheid rondom de cofinanciering beïnvloedt de hoogte van de inwonersbijdrage.

Langtijdig zien we dat de inwonersbijdrage zich (met de wetenschap van nu) stabiliseert. 3.1. jaarstukken 2023 De GMR heeft in 2023 (en vanaf de start) veel binnen de regio bereikt. Deze activiteiten zijn genoemd in de jaarstukken over 2023. Zo is er niet alleen sprake geweest van het binnenhalen van de Regiodeal (15 miljoen) met een investering van in totaal 30 miljoen door de cofinanciering hierop, ook is er binnen de opgaveprogramma’s veel bereikt. Resultaten zijn niet altijd in geld uit te drukken. Het besef dat een groot aantal doelstellingen alleen behaald kunnen worden door regionale samenwerking en niet door een individuele gemeente is hierbij belangrijk. De aankomende tijd zal deze regionale samenwerking op grote(re) thema’s een belangrijke rol spelen. In het kader van de rechtmatigheid kan nog worden opgemerkt dat er sprake is van een schone rechtmatigheidsverantwoording. Anders gezegd; de geconstateerde afwijkingen blijven onder de verantwoordingsgrens. Kanttekeningen 1.1 Niet verhogen van de inwonerbijdragen kan gevolgen hebben voor de opgaven In de begroting van de GMR Arnhem-Nijmegen zijn de ambities in de opgaven verbonden aan de inspanningen en kosten die dit met zich meebrengt. De GMR Arnhem-Nijmegen heeft de verhoging uitgesplitst weergegeven en betoogt dat de middelen nodig zijn.

Ditzelfde geldt voor de verhoging van de bijdrage voor de uitvoering van de RES. Financiële paragraaf De begroting van de GMR Arnhem-Nijmegen en de begrotingswijziging 2025 moet verwerkt worden in de gemeentelijke begroting. De begroting van de GMR is door het Algemeen Bestuur van GMR vastgesteld. De gemeenteraad kan een zienswijze op de begroting indienen, maar heeft hier geen zelfstandige financiële beslissingsbevoegdheid.

Pagina 3

Inwonersbijdrage De inwonersbijdrage is voor 2025 vastgesteld op € 9,01. Dit is exclusief de bijdrage door de GMR aan The Economic Board van € 1,04 (verhoging van € 0,04/inwoner). De gemeente Westervoort heeft besloten om per 1 januari 2021 de bijdrage aan The Economic Board te beëindigen. Het bedrag is opgebouwd uit de bijdrage aan het regiobureau (€ 2,77) en de bijdrage aan de vijf inhoudelijke opgaven (€ 6,24). Gekeken naar de huidige opgenomen bijdrage in de begroting van de gemeente Westervoort (€ 129.002,-) betekent dit een bijraming van € 7.500,- (5,81%) Verder zien we na deze bijraming 2025 en tekort in 2026 maar een stabilisatie van de kosten in 2027 en 2028. Een volledig overzicht is opgenomen in bijlage 201658625; Overzicht inwonersbijdrage GMR 2025-2028.

2024 2025 2026 2027

Begroting Bij/aframen GMR 2025 bij 2026 bij 2027 2028

Westervoort

T.o.v. begroting

€ 7.500,€ 5.000,€ 0,€ 0,-

5,81% 3,97%

Relatie met het herstelplan (alleen voor Westervoort) De bijdragen van de gemeente Westervoort aan de verschillende programma’s van de GMR in 2025 zijn verwerkt in de Begroting 2025. De ramingen op de verschillende programma’s stellen wij zo nodig bij. Participatie en communicatie Deze geschiedt via de reguliere weg. De stukken zijn openbaar en tijdens de raadsvergadering is een mogelijkheid tot inspreken. Duurzaamheid Binnen de diverse opgaven van de Regionale Opgaveagenda wordt er gewerkt aan duurzaamheid. Intergemeentelijke samenwerking De gemeente Westervoort werkt vanaf 1 januari 2025 – via de gemeenschappelijke regeling Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen – samen met 16 andere gemeenten om de positie van de Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen te versterken en een kwalitatieve groei van de regio te bewerkstelligen op het gebied van ruimtelijke ontwikkeling en sociaaleconomische ontwikkeling op de schaal van de regio, en waarbij integraliteit, innovatie, duurzaamheid en circulariteit belangrijke uitgangspunten zijn.

Pagina 4

Bijlagen 201658737 Raadsbesluit zienswijze concept begroting GMR 201658739 Concept zienswijzebrief concept begroting GMR 201658589 201658590 201658591 201658592 201658599 201658602 201658325

GMR jaarrekening 2023 GMR aanbiedingsbrief jaarrekening 2023 GMR concept begroting 2025-2028 GMR aanbiedingsbrief concept begroting 2025-2028 jaarverslag 2023 stichting The Economic Board aanbiedingsbrief 2023 stichting The Economic Board overzicht inwonersbijdrage 2025-2028 Groene Metropoolregio ArnhemNijmegen

Westervoort, 17 juni 2024 Burgemeester en wethouders van gemeente Westervoort, mr. M.H. Kranenburg secretaris (loco)

drs. A.J. van Hout burgemeester

Pagina 5

RAADSBESLUIT Zaak- & documentnr.

:

Datum besluitvorming :

Z/24/122931/201658737 17 juni 2024

__________________________________________________________________________ Onderwerp

:

Jaarstukken 2023, ontwerp Regionale agenda en conceptbegroting 20252028 Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen

Samenvatting De gemeenteraad wordt in de gelegenheid gesteld om een zienswijze te geven op de door het algemeen bestuur vastgestelde concept begroting 2025-2028 van de Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen (hierna: GMR). Tevens heeft de GMR de jaarstukken 2023 bijgevoegd en is separaat het jaarverslag en jaarrekening 2023 van de stichting The Economic Board bijgevoegd. De raad besluit 1. Niet in te stemmen met de verhoging van de inwonerbijdrage per 2025 naar € 9,01 per inwoner (2024 - € 8,55); 2. de bijgevoegde zienswijzebrief op de concept begroting 2025-2028 van de Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen vast te stellen; 3. kennis te nemen van de jaarrekening 2023 Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen; 4. kennis te nemen van het jaarverslag en jaarrekening 2023 van de stichting The Economic Board. de griffier,

de voorzitter,

mr. M. Smits - Jansen

drs. A.J. van Hout

Gemeente Westervoort

Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen Nijverheidsweg 2a 6662 NG ELST

datum zaaknummer onderwerp

: : :

contactpersoon :

Dorpsplein 1 Postbus 40 6930 AA Westervoort (026) 317 99 11 gemeente@westervoort.nl www.westervoort.nl

17 juni 2024 Z/24/122931 /201658739 Zienswijze op ontwerp regionale agenda en conceptbegroting 2025-2028 Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen W. van der Veen

Geachte directie, De gemeenteraad heeft kennisgenomen van de voorstellen van het Dagelijks Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen (GMR) betreffende de jaarrekening 2023, het ontwerp regionale agenda en de conceptbegroting 2025-2028. De gemeente Westervoort is positief over de meerwaarde van de Groene Metropoolregio. Niet altijd is het resultaat in financiële middelen uit te drukken. Bij de gemeente is ook het besef dat een groot aantal doelstellingen alleen behaald kunnen worden door regionale samenwerking en niet door een individuele gemeente is hierbij belangrijk. De aankomende tijd zal deze regionale samenwerking op grote(re) thema’s een belangrijke rol spelen. U sluit 2023 af met een positief resultaat van € 289.316,- na aftrek van € 75.000,- aan projectmanagementkosten. Dit vloeit terug naar de deelnemende gemeenten. Dit is geheel in lijn met de bepalingen in de Gemeenschappelijke regeling. De Groene Metropoolregio laat hiermee ook zien een transparante organisatie te zijn. In 2023 bent u, door de wethouders financiën van de deelnemende gemeenten, per brief op de hoogte gesteld van financiële omstandigheden van gemeente in de aankomende jaren. Onze verwachting is dat u hierover het gesprek in het Algemeen Bestuur voert en in contact blijft met deelnemende gemeenten om een gezond financieel huishoudboekje te voeren.

Gelet op de inhoud van de opdracht in de brief zien wij onvoldoende de gevraagde medewerking – en bezuinigingen – als het gaat om samen met gemeenten naar oplossingen te zoeken om een nieuwe balans in de gemeentelijke begrotingen te creëren. Hoewel de raad begrip heeft voor de financiële situatie waarin u verkeert (gezien de inflatie- en CAO-stijgingen), stemmen wij niet in met de door u voorgestelde verhoging van de inwonersbijdrage met € 0,46/inwoner ten opzichte van de begroting 2024.

In de komende periode blijft onze raad nauw betrokken bij de Groene Metropoolregio ArnhemNijmegen en zullen wij de ontwikkelingen met belangstelling tegemoetzien. Met vriendelijke groeten,

mr. M. Smits - Jansen griffier

drs. A.J. van Hout voorzitter

Pagina 2

Inhoudsopgave

Voorwoord

3

1. Jaarverslag

4

1.1. Inleiding

4

1.2. Programmaverantwoording regiobureau

4

1.3. Programmaverantwoording opgaven- - regionale agenda

9

1.4. Resultaat 2023 uitgelegd en samengevat

16

1.5. Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien

17

1.6. Vennootschapsbelasting

17

2. Paragrafen

18

2.1. Risicobeheersing en weerstandsvermogen

18

2.2. Financiering

20

2.3. Bedrijfsvoering

20

3. Jaarrekening

23

3.1. Staat van baten en lasten

24

3.2. Toelichting op de staat van baten en lasten

25

3.3. Rechtmatigheidsverantwoording

28

3.4. Incidentele en structurele baten en lasten

30

3.5. Analyse begrotingsrechtmatigheid

30

3.6. Balans per 31 december 2023

32

3.7. Grondslagen voor waardering- en resultaatbepaling

33

3.8. Toelichting op de posten van de jaarrekening

36

3.9. Niet in de balans opgenomen verplichtingen

42

3.10. Publicatie Wet normering topinkomens

42

3.11. IV3 Taakvelden onderverdeling

48

BIJLAGEN

49

Bijlage 1: Algemene informatie regiobureau en inwoneraantallen

49

Bijlage 2: Bestuurlijk opgaveteams op 31-12-2023

50

Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen ● Jaarstukken 2023 ● versie AB 10 april 2024

2/51

Voorwoord Hierbij bieden wij u de jaarstukken 2023 aan van de Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen. De jaarstukken bestaan uit het jaarverslag en de jaarrekening. De indeling van de jaarstukken volgt de opgavegerichte samenwerking: vijf integrale opgaven naast de verantwoording van het regiobureau. Resultaat 2023 Uit de staat van baten en lasten (paragraaf 3.1.) blijkt een resultaat van € 197.682 voor 2023. Dit bedrag is het rekeningresultaat van het regiobureau. Daarnaast is een klein deel van de geplande projecten uit de regionale agenda 2023 niet (volledig) uitgevoerd of zijn er extra financiële middelen verkregen. Dit heeft tot gevolg dat een deel van de ontvangen inwonerbijdrage niet is besteed. Bij de opgaven resteert een bedrag aan inwonerbijdrage van € 166.634. Zie hiervoor de specificatie in paragraaf 3.6. Balans per 31 december 2023: Overige vlottende schulden. Bestemming resultaat 2023 Het overschot van de ontvangen inwonerbijdrage, dat deel dat niet is uitgegeven of verplicht, bedraagt per 31 december 2023 € 364.316. Volgens artikel 31 lid 8 van de gemeenschappelijke regeling vloeit een positief saldo naar rato terug naar de deelnemende gemeenten. Voorgesteld wordt een bedrag van € 75.000 te benutten voor de dekking van de projectmanagementkosten 2024 voor de Regio Deal Arnhem-Nijmegen.

Ter dekking van het deel van de kosten voor rekening van de GMR waarvoor in de begroting 2024 geen dekking aanwezig is.

Elst, 27 maart 2024 Dagelijks bestuur Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen

Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen ● Jaarstukken 2023 ● versie AB 10 april 2024

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Westervoort&id=dfb4d782-f0e7-4585-8b76-a4abc9fbbd73