CConstaterende datWestervoort
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Commissie Ruimte en Financien 2 december 2025, gemeente Westervoort28.856 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

De online communicatie is nog eens herhaald tijdens de participatie periode om mensen die de eerste oproep gemist hadden nog eens te attenderen op de mogelijkheid om mee te doen. Reacties konden via de Samen1nergie website online (van 1 tot 21 september) en op de inloopavond (11 september) ingebracht worden. Voor nieuwe locaties, die op basis van inbreng van het participatietraject geselecteerd zijn, en dus eerder nog niet zichtbaar waren in de openbare ruimte, is in oktober nog een extra ronde georganiseerd. Op die manier waren omwonenden van die locaties ook op de hoogte en in staat om nog een reactie mee te geven.

Hoe is het proces verlopen en hoe kijken we hierop terug? Er zijn veel reacties binnengekomen, zowel via mail, het online platform en de inloopavond. Ook bij de tweede ronde voor nieuwe locaties zijn weer reacties binnengekomen. Dit was een bevestiging van het beeld dat (toekomstige) gebruikers en de omgeving graag meedenken over de locaties van openbare laadpalen. Het is een uitdaging bij dergelijke processen om zowel gebruikers, toekomstige gebruikers (die weten nog niet altijd dat ze elektrisch gaan rijden) en de omgeving te betrekken. Het was daarom positief dat er veel reacties zijn binnengekomen vanuit verschillende doelgroepen. De aanpak is achteraf geëvalueerd in de projectgroep. De ervaring leert dat er veel tijd nodig is om alle reacties zorgvuldig te bekijken en mee te nemen. Dat is deze keer goed gelukt; er zijn veel nieuwe locaties geselecteerd en we hebben goed in beeld wat de omgeving van de locaties vindt. Wat is tijdens het proces opgehaald? Er zijn in Westervoort veel reacties (135) en suggesties (40) voor nieuwe locaties binnengekomen, er waren 40 bezoekers op de inloopavond, en er zijn ook nog reacties per mail binnengekomen. Vanuit (toekomstige) gebruikers van openbare laadpalen kwamen reacties binnen gericht op geschikte locaties.

Op die manier hebben we een beeld gekregen van verschillende soorten gebruiker (woon-werk verkeer, bezoekers, taxi, etc.) en waar die graag zouden willen laden. Vanuit de omgeving kregen we veel reacties over de mogelijke locaties en suggesties voor alternatieve locaties. Hierbij kunnen we onderscheid maken tussen reacties met een onderbouwing waarom een locatie minder geschikt zou zijn (bijvoorbeeld: in het zicht, smalle stoep, weinig ruimte om te parkeren, etc.) en onderbouwing van andere locaties die meer geschikt zouden zij (bijvoorbeeld: dichterbijdichter bij de gebruikers, beter te bereiken, op een groter parkeerterrein). Daarnaast kwamen er ook vragen binnen over het proces en de criteria voor een locatie, en reacties om vooral te uitten dat men voor of tegen laadpalen op een specifieke locatie is. Waar veel reacties tegen een locatie zijn, of juist voor een nieuwe locatie, is het makkelijker hier rekening mee te houden. Lastiger is het als er zowel reacties voor en tegen dezelfde locatie binnenkomen. Het kan zijn dat een gebruiker behoefte heeft aan een laadpaal, terwijl de omgeving die liever niet ziet. Het is in de openbare ruimte niet altijd mogelijk om een locatie te vinden die aan alle wensen en criteria voldoet. Alle binnengekomen reacties en adviezen zijn beoordeeld en waar mogelijk meegenomen in de nieuwe plankaart met 121 nieuwe locaties.

Welke afspraken zijn over de inbreng met de participanten gemaakt? -

Alle reacties op mogelijke locaties, en suggesties voor nieuwe / alternatieve locaties zijn zorgvuldig bekeken en meegenomen in de selectie van de locaties op de nieuwe plankaart. Deelnemers konden aangeven of zij terugkoppeling wilden krijgen over de uitkomsten van het participatietraject en de verwerking van hun inbreng. In oktober is er algemene terugkoppeling geweest naar deelnemers van het

-

participatietraject over de uitkomsten van de participatieronde. Na de besluitvorming in college en raad (november en december) volgt specifieke terugkoppeling naar deelnemers over hoe de resultaten verwerkt zijn. De plankaart met locaties is na besluitvorming ook online te vinden.

Vooruitblik Na besluitvorming treedt de nieuwe laadvisie, de plaatsingsleidraad en de plankaart in werking. De locaties op de plankaart worden niet direct gerealiseerd. Er zijn verschillende redenen voor het plaatsen van een laadpaal: op aanvraag van iemand die elektrisch rijdt, als uitbreiding op een laadpaal die veel gebruikt wordt, of proactief – op strategische locaties. Op die manier komen er geleidelijk meer locaties bij. Per locatie is eerst een verkeersbesluit nodig voordat ze gerealiseerd worden. Het beleid en de plankaart worden tweejaarlijks geëvalueerd en waar nodig herzien. In dat laatste geval vindt opnieuw participatie plaats.

RAADSBESLUIT Zaak- & documentnr.

:

Datum besluitvorming :

Z/25/141812/201711948 15 december 2025

__________________________________________________________________________ Onderwerp

:

Raadsbesluit vaststellen integrale laadvisie 2025

Samenvatting Met de integrale laadvisie 2025 geeft de gemeente Westervoort richting aan de ontwikkeling van een toekomstbestendig, toegankelijk, betaalbaar en dekkend laadnetwerk dat zich met de vraag mee ontwikkelt en slim ingepast is in de bestaande openbare ruimte. Met de laadvisie worden kaders vastgesteld waarbinnen het college uitvoering kan geven aan het plaatsingsbeleid. De raad besluit 1. De Raad besluit om de integrale laadvisie 2025 vast te stellen; a. De doelgroep voor openbare laadvoorzieningen uit te breiden van inwoners naar bezoekers, taxi- en doelgroepenvervoer, bouwvoertuigen, logistiek- en vrachtvervoer. b. De aanpak voor laden voor bouwvoertuigen (SEB convenant) mogelijk te maken bij nieuwe bouwprojecten. c. Snelladers in de woonkernen onder voorwaarden (inpassing in de openbare ruimte en het elektriciteitsnet) mogelijk te maken. d. Bij nieuwbouwlocaties rekening te houden met de benodigde laadvoorzieningen. 2. De Raad besluit dat de integrale laadvisie tweejaarlijks geëvalueerd en waar nodig herzien dient te worden. de griffier,

de voorzitter,

Marte Smits-Jansen

drs. A.J. (Arend) van Hout

Integrale laadvisie - gemeente Westervoort Oude tekst Hoofdstuk 1. Inleiding In de inleiding van de laadvisie wordt de aanleiding, opgave, doel, scope van de laadvisie besproken.

Ook worden in 1.4 de uitgangspunten voor de uitrol van openbare laadpalen kort besproken.

Nieuwe tekst

Toelichting

De scope van de laadvisie wordt uitvoeriger besproken en opgedeeld in de onderdelen: 1.3 gebruikersgroepen, 1.4 laadlocaties, 1.5 soorten laadpunten. Ook wordt de huidige situatie besproken in 1.6

Er is meer aandacht voor gebruikersgroepen en waar deze laden, deze zijn uitgebreid ten opzichte van de vorige versie. Nu ook taxi- en doelgroepenvervoer, bestelbussen, logistieken vrachtvervoer, bouwvoertuigen.

In de nieuwe laadvisie is hier een hoofdstuk aan gewijd: 3. Uitgangspunten. In dit hoofdstuk wordt vanuit verschillende perspectieven beschreven hoe de gemeente de ontwikkeling van de openbare laadinfrastructuur aanpakt. Waaronder de rol van de gemeente, netbewust laden, regionale samenwerking, inpassing in de openbare ruimte en participatie. Op het gebied van participatie is in lijn met het beleidskader participatie bewust een rol voor inwoners gekozen voor locatiekeuze voor laadpalen: raadplegen en adviseren.

Hoofdstuk 2. Kenmerken laadinfrastructuur (oude laadvisie) In dit hoofdstuk worden de typen laadinfrastructuur, Deze onderdelen worden in de nieuwe laadvisie verschillende soorten laadpunten en de huidige situatie in uitvoeriger behandeld in paragraaf 1.4, 1.5 en 1.6 Westervoort besproken.

Aandacht voor de huidige situatie geeft een goed beeld van het vertrekpunt van de openbare laadinfrastructuur in 2025. De uitgangspunten zijn verder uitgewerkt en reflecteren de ervaring die de gemeente op dit gebied heeft opgedaan de afgelopen jaren. Deze maakt een verder uitgewerkte keuze van uitgangspunten passend. Participatie heeft een meer centrale rol gekregen in lijn met het beleidskader, en wordt daarom eerder beschreven dan in de oude laadvisie.

Het aantal laadpunten in Westervoort is toegenomen de afgelopen jaren, en ook is er de afgelopen periode beleid voor verlengde private aansluitingen (laden over de stoep) vastgesteld, dat is terug te zien in de nieuwe laadvisie.

Hoofdstuk 3. Ontwikkelingen (oude laadvisie) vs. Hoofdstuk 2 Markt- en beleidsontwikkelingen (nieuwe laadvisie) In dit hoofdstuk wordt de ontwikkeling van elektrische De markt en het beleid zijn de afgelopen jaren verder voertuigen (toen met name personenvervoer) en ontwikkeld en uitgebreid. Per gebruikersgroep worden laadpaalgebruik beschreven. Ook is er aandacht voor slim ontwikkelingen beschreven. Er is aandacht voor EU, laden, wet- en regelgeving, en de energietransitie, de nationaal en lokaal beleid. Netcongestie heeft een grotere eerste problemen op het elektriciteitsnet werden al rol gekregen. Ook is er aandacht voor de samenhang met voorzien. Gemeentelijke kaders en aanpalend beleid ruimtelijke en economische ontwikkelingen. worden kort beschreven. Hoofdstuk 4. Opgave (oude laadvisie) vs. Hoofdstuk 4. De laadopgave per gebruikersgroep (nieuwe laadvisie) De verwachte toename van het aantal elektrische De verwachte ontwikkelingen en prognose (ElaadNL) voertuigen en de bijbehorende behoefte aan laadpalen worden per gebruikersgroep uitgebreid omschreven. voor personenauto’s is hier beschreven op basis van een prognose (Over Morgen).

Hoofdstuk 5. Strategische keuzes (oude laadvisie) vs. Hoofdstuk 5. Strategische keuzes per laadlocatie (nieuwe laadvisie)

De wijzigingen in het hoofdstuk reflecteren de ontwikkelingen van de afgelopen jaren, de uitbreiding van beleid op dit gebied, en de netcongestie problematiek.

Er is inmiddels meer bekend over de ontwikkeling en verwachte groei van het aantal elektrische voertuigen van verschillende doelgroepen op basis van landelijke prognoses. Dit onderschrijft ook de keuze om meer doelgroepen op te nemen in de laadvisie.

Strategische keuzes op de volgende onderdelen worden in dit hoofdstuk uitgewerkt: 1. Type laadinfrastructuur: de verhouding private, semipublieke en/of publieke laadpunten; 2. Soorten laadpunten: reguliere laadpalen, laadpleinen en snelladen; 3. Uitvoeringsmodel: de wijze van samenwerking met Charge Point Operators (CPO) voor de uitrol van publieke laadpunten; 4. Plaatsingsstrategie: vraaggestuurd en/of meer proactief plaatsen; 5. Participatie: het verkrijgen van draagvlak voor laadvoorzieningen in of nabij woonwijken.

In dit hoofdstuk komen dezelfde strategische keuzes terug (alleen participatie niet, dat wordt in hoofdstuk 3 behandeld in de nieuwe laadvisie). De strategische keuzes worden voor verschillende type locaties besproken, er wordt onderscheid gemaakt tussen reguliere laadpalen en snelladers in de woonkernen.

Omdat er meer typen laadinfrastructuur, voor nieuwe doelgroepen, op meer verschillende soorten locaties zijn, moeten ook meer keuzes gemaakt worden. Daarom is dit hoofdstuk uitgebreider.

Het onder voorwaarden toestaan van snelladers is nieuw, de afwegingen en kaders om deze te beoordelen worden hier beschreven. Voor laden op de bouwplaats – voor bouwvoertuigen – wordt een nieuwe aanpak beschreven. Relevante ontwikkelingen op het gebied van publieke laadinfra onderweg (langs grote wegen, tankstations) wordt hier beschreven.

Hoofdstuk 6. Gebruikersgroepen (oude laadvisie) In dit hoofdstuk worden de verschillende doelgroepen die gebruik maken van elektrisch personenvervoer omschreven, ook elektrische fietsen worden beschreven, en de eerste ontwikkelingen in de logistieke sector worden hier beschreven.

In de nieuwe laadvisie komen gebruikersgroepen gelijk in hoofdstuk 1 aan bod en komen deze in verschillende hoofdstukken terug.

Hoofdstuk 7. Uitvoering en organisatie (oude laadvisie) vs. Hoofdstuk 6. Uitvoering en financiering (nieuwe laadvisie) De gemeentelijke organisatie, samenwerkingspartners, Indeling is hetzelfde gebleven. Bij gemeentelijke monitoring en financiële kaders worden beschreven. organisatie worden nu ook relevante ontwikkelingen beschreven.

De gebruikersgroepen zijn de afgelopen jaren verder gedifferentieerd en ontwikkeld. Dit vraagt om een meer specifieke aanpak voor verschillende doelgroepen, dit is terug te zien in de hele structuur van de laadvisie.

Indeling van dit hoofdstuk past nog steeds goed bij de nieuwe laadvisie.

Griffie Gemeente Westervoort

Technische vragen Commissie Ruimte & Financiën 2 december 2025 7. Vaststellen integrale laadvisie 2025

Vragen CDA-fractie: 1. kan er per laadpaal een overzicht gegeven worden van het gebruik bijvoorbeeld over de eerste 3 kwartalen van 2025. Zo (nog) niet, een andere recente periode? Het gebruik van laadpalen wordt jaarlijks, aan de hand van de hoeveelheid energie (kWh) die aan een laadpaal geladen wordt, bijgehouden. Daarbij wordt het gebruik van beide laadpunten van de laadpaal opgeteld. Binnen de huidige regionale concessie (tot 14 maart 2027) wordt een verbruik boven de 5.000 kWh per jaar als ‘intensief gebruik’ aangemerkt, en meegenomen als uitgangspunt voor uitbreiding van het laadnetwerk op basis van nieuwe aanvragen en gebruik van huidige laadpalen. Dit wordt per maand bijgehouden en aangeleverd bij de gemeente. Voor het jaar 2024 hebben we deze compleet. Voor 2025 vraagt dat even meer tijd om deze op te vragen bij de aanbieders en te analyseren. Om een beeld te geven van het gebruik in 2024: Van de 16 laadpalen die Vattenfall in Westervoort heeft geplaatst, is het gebruik gemiddeld ruim 10.000 kWh per jaar. Voor een paar ligt het gebruik onder de 5.000 kWh per jaar; voor 2 daarvan geldt dat deze net geplaatst waren en het verbruik pas dit jaar goed ingeschat kan worden (ze stonden er pas twee maanden) deze trekken nu het gemiddelde omlaag. Voor andere laadpalen ligt het gebruik een stuk hoger. 2.

Kan er al een inschatting gemaakt worden van de financiële consequenties van de uitbreidingsplannen over de komende jaren? Zoals beschreven in het raadsvoorstel en in de laadvisie verwachten we dat de huidige capaciteit en middelen vanuit de gemeentelijke organisatie voorlopig voldoende zijn om uitvoering te geven aan het nieuwe beleid: Laadvisie: Het uitgangspunt van de gemeentelijke rol is om de realisatie van laadinfrastructuur aan de markt te laten. Hierbij hoeft de gemeente niet te investeren in infrastructuur, maar alleen in de organisatie of begeleiding van markt- en realisatieprocessen. Op dit moment zijn de capaciteit en middelen voldoende om hier uitvoering aan te geven. Wanneer nieuwe ontwikkelingen, zoals bijvoorbeeld de nog te ontwikkelen aanpak logistieke laadinfrastructuur

op het bedrijventerrein, of verdere uitwerking van de aanpak voor andere doelgroepen, meer capaciteit en middelen vragen dan wordt dit meegenomen in de tweejaarlijkse evaluatie. Raadsvoorstel De realisatie van laadinfrastructuur wordt aan de markt over gelaten, via het concessiemodel. Het plaatsen van laadpalen in de openbare ruimte is daardoor in de meeste gevallen kosteloos voor de gemeente, tenzij aanvullende eisen worden gesteld of meer strategische laadpalen geplaatst worden. Met het vastleggen van de laadvisie worden ook de kaders en budgetten voor de komende periode vastgelegd. Beleidsvorming en uitvoering van de laadvisie en het plaatsingsbeleid vraagt ambtelijke capaciteit van de afdelingen RSO en R&B. Bijvoorbeeld voor het nemen van verkeersbesluiten, het ontwikkelen en uitvoeren van een aanpak voor de nieuwe doelgroepen, en de tweejaarlijkse evaluatie van het beleid. Versnelling in de ontwikkeling van elektrisch vervoer kan ertoe leiden dat er op termijn meer capaciteit en budget nodig is. Op dit moment is de ambtelijke bezetting en het begrootte jaarlijkse budget voor laadinfrastructuur voldoende. Met het vastleggen van de laadvisie wordt nu geen aanvullend structureel budget gevraagd. Bij structurele budgetwijzigingen wordt opnieuw een voorstel voor besluitvorming aan de raad voorgelegd.

Vragen VVD-fractie: In de stukken wordt gesproken over inpassing in de openbare ruimte en participatie

en gesteld wordt dat er geen kosten van de gemeente mee gemoeid zijn.

1. Is aan te geven, wie er verantwoordelijk is voor het aanpassen van de ruimte om en naar de laadpaal? Veelal is deze moeilijk bereikbaar door begroeiing en is het soms onmogelijk om de stekker van de laadkabel te kunnen plaatsen. De verantwoordelijkheden van de aanbieder van de laadpalen (in de huidige concessie Vattenfall) en de gemeente zijn gedetailleerder beschreven in de plaatsingsleidraad (bijlage bij het raadsvoorstel). Zo is de aanbieder verantwoordelijk voor het plaatsen van de laadpaal en eventuele bescherming om de laadpaal heen. Ook is deze verantwoordelijk voor plaatsing met voldoende ruimte op de stoep om nog langs de laadpaal te kunnen lopen. Bij het selecteren van nieuwe locaties is zorgvuldig gekeken naar de openbare ruimte, zodat deze goed ingepast kunnen worden. Als de laadpaal in of dichtbij het groen geplaatst wordt en dit vormt een belemmering dan is de gemeente zelf verantwoordelijk om dit bij te houden. 2. Is aan te geven in hoeverre er participatie heeft plaats gevonden en/of bezwaren zijn ingediend en wat hiermee gedaan is? In bijlage 3 – procesbeschrijving participatie – is het verslag van de participatie die heeft plaatsgevonden beschreven. Er zijn 135 reacties, en 40 suggesties voor alternatieve locaties binnengekomen.

Deze zijn allemaal zorgvuldig bekeken en waar mogelijk meegenomen in het selecteren van de nieuwe mogelijke locaties op de plankaart. In het participatieverslag is dit uitgebreider beschreven. Wanneer suggesties voor een alternatieve locatie geschikt waren zijn deze overgenomen. Wanneer er veel bezwaren waren over een voorgestelde locatie is ook gekeken of er een alternatief gekozen kon worden. Daarnaast wordt de informatie vanuit het participatieproces ook de komende periode nog

meegenomen, wanneer er keuze is om een laadpaal pro-actief te plaatsen kijken we bijvoorbeeld eerst naar locaties waar geen bezwaren binnengekomen zijn.

RAADSVOORSTEL Onderwerp : Najaarsnota 2025 Westervoort __________________________________________________________________________ Zaak- & documentnr. : Z/25/142924 201712384

Opsteller : Hilco de Visser

Portefeuillehouder

Afdeling : Financiën Belastingen

: Wethouder Pennekamp

__________________________________________________________________________ Samenvatting In de najaarsnota van 2025 wordt gerapporteerd over de financiële afwijkingen van het lopende boekjaar met een doorkijk naar de structurele gevolgen. In de voorjaarsnota van 2025 was er een positieve begrotingsoverschot van €1.098.000. In deze najaarsnota worden de ramingen €368.000 positief bijgesteld. Beslispunten 1. De najaarsnota 2025 vast te stellen. 2. De budgetten conform de toelichtingen van de 3 programma’s aan te passen voor een totaalbedrag van € 368.000. 3. a. Het krediet voor Brug Kemfkens te verhogen. b. Het krediet voor de verwerving van Dorpsstraat 94 toe te kennen. c. Het krediet voor de motie hekwerken voor banners toe te kennen. d. Het krediet voor de vervanging Noordelijke parallelweg Liemersallee st. Werenfriduslaan toe te kennen. Aanleiding Conform de vastgestelde planning en control cyclus wordt aan het einde van het jaar aan de raad een najaarsnota voorgelegd. In de najaarsnota wordt een prognose gegeven van het jaarresultaat 2025, voordat de feitelijke jaarrekening wordt opgesteld. Planning Raadsvergadering 15 december 2025 Beoogd effect Voldoen aan de begrotingsrechtmatigheid in het kader van de accountantscontrole en inzicht geven in het verloop van budgetten en verwacht jaarresultaat. Argumenten 1.1 Een verdere verbetering van het resultaat 2025

In de najaarsnota 2025 wordt gerapporteerd over de financiële afwijkingen van het lopende boekjaar met een doorkijk naar de structurele gevolgen voor de jaren 20262029. Deze nota bevat geen beleidsmatige aanpassingen. In de voorjaarsnota 2025 was een voordeel voorzien van € 1.098.000. Uit deze najaarsnota blijkt dit positiever te zijn geworden met € 368.000. In de najaarsnota zijn aan voordelen te vinden Automatisering (€ 150.000) de septembercirculaire met hierin de gelden van commissie van Ark (€ 652.000), kapitaallasten rentebate (€ 96.000), opvang Oekraïners (€ 190.000) en binnen het sociaal domein voorliggend GGZ ( € 100.000) BUIG BBZ (€ 250.000) en de omgevingsvisie (€ 150.000). Nadelen zijn onder andere voorzieningen pensioenen wethouders (€ 358.000), Algemene accommodaties (€ 124.000), Re-integratie (€ 100.000), Maatwerkvoorzieningen WMO (€ 280.000) en Leges omgevingsvergunningen (€ 140.000). Het verwachte saldo komt hiermee uit op €1.466.000 positief. Vanuit de doorrekening van de najaarsnota 2025 zal het saldo vanaf 2026 tot 2029 verslechteren, maar deze blijven allen wel positief. 2.1 Met de aanpassingen is de financiële administratie weer geactualiseerd. Door de in de najaarsnota genoemde wijzigingen ook in de financiële administratie te verwerken ontstaat een actueel beeld van de werkelijke stand van zaken.

En dat zorgt er weer voor dat er in het jaarwerk minder werk moet worden verricht. De verschillen tussen raming en werkelijkheid zijn dan immers voor een groot deel opgelost. Bovendien zijn een aantal besluiten al genomen zodat daar in het jaarwerk ook niet meer op terug hoeft te worden gekomen. 3.1 Het actualiseren van kredieten helpt om beter inzicht in de stand van zaken te krijgen. Door een krediet te corrigeren en ook een aantal af te sluiten wordt voorkomen dat er overschrijdingen ontstaan op de kredieten. Die zouden namelijk als onrechtmatig kunnen worden bestempeld. Het tijdig afsluiten van kredieten zorgt er n iet alleen voor dat de kapitaallasten in de exploitatie worden verwerkt, maar ontneemt ook de mogelijkheid om nog te boeken op die kredieten. Zo blijft ook de kredietadministratie zuiver en kunnen incorrecte boekingen sneller worden geconstateerd. Kanttekeningen 1.1 Het jaar is nog niet voorbij Ondanks de positieve bijstelling van het saldo naar € 1.466.000, zal het saldo van de jaren 2026 tot 2029 verslechteren, maar deze blijven allen wel positief. De najaarsnota is opgesteld met de informatie die tot de peildatum van 15 oktober beschikbaar was. De genoemde posten die het geprognosticeerde jaarresultaat beïnvloeden ten opzichte van de voorjaarsnota zijn zo goed en volledig mogelijk ingeschat.

Er kunnen natuurlijk nog afwijkingen ontstaan die in de jaarrekening definitief worden verwerkt. Grote zaken die nog kunnen komen zijn de gevolgen van de decembercirculaire, herziening van de grondexploitaties en de afrekeningen in het sociaal domein. 3.1 Kredieten mogen niet overschreden worden. Bij de aanvraag van een krediet wordt getracht een zo nauwkeurig mogelijk inschatting te maken van de te verwachten kosten. Als een krediet is toegekend mag het beschikbare bedrag niet overschreden worden. Deze overschrijdingen worden als onrechtmatig beschouwd en kunnen voor een afkeurende accountantsverklaring leiden. Het is dus

Pagina 2

zaak om het krediet regelmatig te beoordelen en tijdig aan te laten passen indien dat nodig blijkt te zijn. Die bijstelling moet altijd door de raad worden goedgekeurd. Financiële paragraaf Per programma is een samenvatting opgenomen van de mutaties met budgettaire gevolgen. Onderstaand een totaaloverzicht van de verschillen per programma en de totalen voor de begroting.

Participatie en communicatie Niet van toepassing. Duurzaamheid Niet van toepassing. Intergemeentelijke samenwerking Niet van toepassing. Bijlagen 201712392 201712384 201712388

Najaarsnota 2025 Westervoort Raadsvoorstel Raadsbesluit

Westervoort, 4 november 2025 Burgemeester en wethouders van gemeente Westervoort, M. Sluiter (MA) secretaris

drs. A.J. (Arend) van Hout burgemeester

Pagina 3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Westervoort&id=51837bcd-8106-4d8d-8ca8-838920d800ec