20260622-rv-zienswijze-1stroom-bijlage-3-jaarstukken
Tekst van het document
1.3.2. Paragraaf Financiering De paragraaf financiering gaat over de manier waarop 1Stroom wordt gefinancierd en de risico’s die daarbij aanwezig zijn.
Financiering De reguliere exploitatiekosten van 1Stroom zijn in 2025 gefinancierd door de deelnemende gemeenten, respectievelijk gemeente Duiven en gemeente Westervoort. De hoogte van het maandelijks voorschot is afgestemd op de begroting van 1Stroom. De financieringsbehoefte is zeer overzichtelijk, aangezien de uitgaven voor het grootste deel volgens een vast patroon plaatsvinden. Ongeveer 75% van de kosten bestaan namelijk uit loonkosten die op een maandelijks vast moment worden uitgekeerd. Aangezien 1Stroom geen leningen heeft, zijn er geen rentelasten toegerekend aan taakvelden. De afschrijvingslasten worden wel toegerekend aan de desbetreffende taakvelden.
27
2025 A. De externe rentelasten over de korte en lange financiering B. Externe rente baten ontvangen rente Saldo van rentebaten en rente baten C1. Rente bate divers Totaal aan inkomsten Saldo D1. Rente over het eigen vermogen D2. Rente over de voorzieningen Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente E. Aan taakvelden toe gerekende rente F. Rente resultaat positief
-3.204,00 37.297,00
34.093,00 34.093,00 34.093,00 34.093,00
Rekeningcourant overeenkomst Bank Nederlandse Gemeenten Met de Bank Nederlandse Gemeenten is eind 2017 een rekeningcourant overeenkomst gesloten. In deze overeenkomst is geen kredietlimiet benoemd. Het banksaldo van 1Stroom was het hele jaar 2025 positief.
28
Schatkistbankieren Bij (tijdelijk) overschot aan liquide middelen wordt dit in rekening courant aangehouden ten behoeve van het dagelijks betalingsverkeer. Boven een drempelbedrag zijn we verplicht overtollige middelen bij het Rijk (Ministerie van Financiën) in de schatkist te stallen, dit wordt schatkistbankieren genoemd. Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar (1)
Drempelbedrag
1.000
Kwartaal 1
(3a) = (1) > (2)
Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Ruimte onder het drempelbedrag
(3b) = (2) > (1)
Overschrijding van het drempelbedrag
(2)
1.000
Kwartaal 2
1.000
Kwartaal 3
1.000
Kwartaal 4
186
197
203
209
814
803
797
791
-
-
-
-
34.052
34.052
34.052
34.052
34.052
34.052
34.052
34.052
-
-
-
-
1.000
1.000
1.000
1.000
(1) Berekening drempelbedrag Verslagjaar (4a) (4b) (4c)
Begrotingstotaal verslagjaar Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat
(1) = (4b)*0,02 + (4c)*0,002 met een minimum van €1.000.000 als het begrotingstotaal kleiner of gelijk is aan 500 mln. En als begrotingstotaal groter dan € Drempelbedrag kwartaal 500 miljoen is is het drempelbedrag gelijk aan € 10 miljoen, vermeerderd met 0,2% van het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat.
(2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Kwartaal 1 (5a) (5b) (2) - (5a) / (5b)
Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) Dagen in het kwartaal Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
Kwartaal 2
16.742
Kwartaal 3
17.915
Kwartaal 4
18.651
19.183
90
91
92
92
186
197
203
209
Kasgeldlimiet In de Wet Financiering Decentrale Overheden (FIDO) is een kasgeldlimiet vastgelegd om het renterisico bij decentrale overheden te beheersen door een grens te stellen aan de financiering op de korte termijn. Dit betekent dat de korte schuld maximaal 8,2% van het begrotingstotaal van € 34.052.000 mag bedragen. Voor 1Stroom betekent dit dat de kasgeldlimiet € 2.792.000 betreft. Wordt de kasgeldlimiet meer dan 2 opeenvolgende kwartalen overschreden dan wordt men geacht een plan op te stellen dat aangeeft hoe het probleem wordt opgelost. 1Stroom heeft in 2025 een aantal malen kasgeld aangetrokken om tijdelijke tekorten op te vangen. Ondanks die korte kasgeldleningen is ruimschots voldaan aan de kasgeldlimiet in 2025.
29
(x € 1.000,-) Begroot Werkelijk Verschil Toegestane kasgeldlimiet 2025 Totale lasten Percentage regeling Rente risiconorm in bedrag
€ 34.052 € 35.110 € -1.058 8,2% 8,2% € 2.792 € 2.879 € -
Berekening netto vlottende schuld Vlottende schuld -/- Vlottende middelen Rente risico
€ € €
€ 284 € -284 €
-284 284
Toets kasgeldlimiet Toegestane kasgedlimiet -/- netto vlottende schuld Ruimte (+) c.q. overschrijding (-)
€ 2.792 € 2.879 € € € -284 € € 2.792 € 3.163 €
-87 284 -371
-
€ € €
Renterisiconorm In de Wet FIDO is tevens een renterisiconorm voor decentrale overheden vastgesteld. Het uitgangspunt van de renterisiconorm is het beheersen van de renterisico’s op langlopende schulden. Dit betreffen leningen met een looptijd langer dan één jaar. Het beheersen gebeurt door het aanbrengen van spreiding in de looptijden van de leningen. Hiermee wordt voorkomen dat een groot deel van de leningen tegelijk opnieuw moet worden afgesloten, met het risico van snel oplopende rentelasten. De renterisiconorm betreft 20% van het begrotingstotaal. Dit betekent dat de jaarlijkse verplichte aflossingen en de renteherzieningen niet meer mogen bedragen dan 20% van het begrotingstotaal van € 34.052.000. 1Stroom heeft in 2025 het gehele jaar geen lang geld aangetrokken. Hiermee wordt voldaan aan de rente risiconorm.
(x € 1.000,-) Begroot Werkelijk Verschil Berekening rente risiconorm 2025 Totale lasten Percentage regeling Rente risiconorm in bedrag
€ 34.052 € 35.110 € -1.058 20,0% 20,0% € 6.810 € 7.022 € -212
Berekening rente risico Rente herziening +/+ aflossingen Rente risico
€ € €
Toetsing renterisiconorm Rente risiconorm Rente risiconorm Ruimte (+) c.q. overschrijding (-)
€ 6.810 € 7.022 € € € € € 6.810 € 7.022 €
30
-
€ € €
-
€ € €
-
-212 -212
1.3.3 Paragraaf Bedrijfsvoering Organisatieontwikkeling Gedurende 2025 is hard gewerkt aan de implementatie van een organisatieontwikkeling. Deze ontwikkeling, die 1 januari 2026 ook in de structuur van 1Stroom terugkomt, is een – in de ogen van de directie - logische vervolgstap op eerdere ontwikkelingen binnen de organisatie. Voor ons staat de professional hierin centraal. We willen toe naar een organisatie waarin er meer aandacht uit kan gaan naar onze medewerkers, en ook een klimaat waarin eigenaarschap, resultaatsturing en duidelijkheid belangrijke uitgangspunten zijn. In onze ogen draagt het invulling geven aan deze begrippen bij aan een slagvaardige organisatie waarin het bovendien fijn werken is. Hiermee hebben we ook definitief afscheid genomen van het principe van zelfsturing waarmee 1Stroom ooit begon. Wij denken dat iedereen behoefte én baat heeft bij een eenduidige aansturing en begeleiding: zowel in het belang van het werk als van de individuele medewerker zelf. Om deze uitgangspunten ook echt vorm te geven is de management- en teamstructuur gewijzigd, zodat het management beter in staat is het personeel de benodigde aandacht en sturing te geven. De Ondernemingsraad heeft een overwegend positief advies uitgebracht op de voorstellen die voorlagen. Gedurende het jaar zijn medewerkers betrokken bij de plannen en hebben zij hun input kunnen leveren.
Vanaf 1 januari 2026 zijn alle medewerkers geplaatst in de nieuwe teams. Vlak voor de zomer is de werving gestart voor de drie domeinmanagers, direct gevolgd door de werving voor de 13 teammanagers. Via interne procedures zijn een groot aantal domein- en teammanagers geworven. Een prachtige stap in onze organisatieontwikkeling, waarbij we bouwen aan leiderschap van binnenuit. Tegelijkertijd zijn wij ons ervan bewust dat er ook teleurstelling is bij medewerkers die het niet zijn geworden. Ook daar is aandacht en ruimte voor. Door de interne doorgroeikansen ontstonden er ook vacatures. Een groot deel van deze vacatures is opnieuw opengesteld en ingevuld. Vanaf 1 maart 2026 is het management compleet. In december 2025 is een eerste samenkomst geweest van het nieuwe management, als start van een Management Development Programma. Dit programma krijgt in 2026 een vervolg waarin het uitstralen van dezelfde normen en waarden en een eenduidige sturing centraal komen te staan. Daarnaast is er hard gewerkt om diverse processen en systemen in te richten op de nieuwe organisatiestructuur. Dit was een omvangrijk proces waar veel collega’s op de achtergrond hard aan gewerkt hebben. De overgang is soepel verlopen en de nazorgpunten, zoals de aanpassing van sjablonen, zijn geborgd in de organisatie. Ook zijn de ankerplekken voor de teams aangepast.
Tot slot zijn de organisatorische veranderingen vertaald naar de mandaat- en budgethoudersregeling waarin de mandaten gecentraliseerd worden en de bevoegdheden per functieniveau worden toegekend. In de budgethoudersregeling wordt per functieniveau een opdrachtwaarde opgenomen. Beide regelingen liggen ter advisering voor bij de Ondernemingsraad. Naar verwachting kunnen de regelingen in Q1/Q2 2026 vastgesteld worden. We verwachten dat de ingezette organisatieontwikkeling, zeker op termijn, de slagkracht en efficiency van 1Stroom ten goede komt. Kwartiermaker - Verbeteren financiële functie In de nieuwe organisatiestructuur is voorzien in de aanstelling van een kwartiermaker Doorontwikkeling Bedrijfsvoering & Processen. Het is een tijdelijke functie, die met het verbeteren 31
van een aantal processen ervoor zorgt dat de nieuwe organisatie straks beter en soepeler functioneert. De kwartiermaker is per 1 juli 2025 gestart en heeft zich in het eerste halfjaar vooral gefocust op het verbeteren van de financiële functie. Hierbij zijn onder andere de volgende zaken bereikt: - Inzicht in taakverdeling op de afdeling - Verbeteringen in de financiële applicatie - Efficiënter maken van werkprocessen door procesbeschrijvingen en dashboards - Verhoging van het percentage E-facturen - Aanschaf van een nieuwe applicatie voor P&C documenten Deze verbeteringen zijn doorgevoerd, ondanks de hoge werkdruk door de extra werkzaamheden als gevolg van de organisatiewijziging. Werkplekbeleid In de eerste helft van 2025 hebben we de laatste onderdelen van het werkplekbeleid afgerond. Op een aantal werkplekken zijn aanvullende maatregelen getroffen om de akoestiek te verbeteren. Ook zijn werkplekken, vergaderzalen en collegevleugels uitgerust met nieuwe planten. Als een van de deelprojecten van de organisatieontwikkeling heeft een aanpassing plaatsgevonden in de ankerpunten (een uitbreiding in verband met de overgang van 10 afdelingen naar 13 teams) en naar de plaatsing en functionaliteit van werkplekken.
Strategische personeelsplanning Ontwikkelingen in de maatschappij gaan steeds sneller. Dit vraagt om een wendbare organisatie met passende medewerkers. Strategische personeelsplanning geeft 1Stroom inzicht in de beschikbare en benodigde capaciteiten en competenties van medewerkers. De formatie van 1Stroom wordt tegen het licht gehouden om de benodigde capaciteit in relatie tot de opgaaf van onze organisatie te bepalen. Hierbij houden we rekening met de interne en externe ontwikkelingen van onze organisatie alsook met de talentschouw en de benchmark formatie. De PEP gesprekken (plezier, energie en prestatie) zetten we in om de ontwikkeling van medewerkers gestructureerd te begeleiden en hebben we dit jaar nieuw leven ingeblazen. De komende jaren zal de krappe arbeidsmarkt voor 1Stroom een uitdaging blijven geven voor het vinden van voldoende en vakbekwame collega’s. Op basis van het formatieplan wordt een verdiepingsslag gemaakt om tijdig in te kunnen spelen op (komende) behoeftes op het gebied van personeel. Goed werkgeverschap, naamsbekendheid en innovatieve en originele wervingsmethodes zullen moeten gaan bijdragen aan het op peil houden en versterken van de organisatie.
Aanpassing gemeenschappelijke regeling 1Stroom De wijzigingen voortkomend uit de Wet gemeenschappelijke regelingen zijn geïmplementeerd in de regeling van 1Stroom. In het 2e kwartaal van 2025 is een wijziging voorgelegd aan het bestuur en de colleges en burgemeesters van Duiven en Westervoort in verband met de gewijzigde directiestructuur en de nieuwe systematiek voor de berekening van de verdeelsleutel.
Rechtmatigheid Het dagelijks bestuur legt over het boekjaar 2025 een rechtmatigheidsverantwoording af. De verklaring is te vinden in paragraaf 2.9 Rechtmatigheidsverantwoording. In de paragraaf bedrijfsvoering moet een nadere toelichting worden opgenomen van de 32
geconstateerde onrechtmatigheden en de maatregelen die getroffen worden in reactie op de constateringen. Over het boekjaar 2025 zijn de volgende onrechtmatigheden geconstateerd:
Begrotingscriterium Overschrijding van kredieten De overschrijding ad € 15.830 betreft kredieten voor uitgevoerde werkzaamheden aan het gemeentehuis, waarbij het beschikbaar gestelde krediet niet toereikend was. Maatregelen
Een verbetering van de financiële functie die in 2026 wordt opgepakt is, dat er in de maandelijkse gesprekken tussen Financiën en de budgethouders een vast format zal worden gehanteerd voor de onderwerpen die besproken worden. Hierin zullen de overschrijdingen ten opzichte van de begroting en de investeringskredieten expliciet worden opgenomen. Doel: deze zoveel mogelijk voorkomen.
Voorwaardencriterium Europese aanbestedingen Geconstateerde onrechtmatigheden Omschrijving contract
Contractwaarde
Fout in 2025
Inhuur Inhuur
€ 204.000 € 350.000
€ 139.460 € 7.220 € 146.690
Verwachte fout in 2026 € 55.000 €0 € 55.000
Maatregelen
De onrechtmatigheden in 2025 hebben hun oorsprong in 2024. Inhuurcontracten worden vanaf het voorjaar 2025 via Flextender afgesloten. Hierdoor is de kans op onrechtmatigheden verder teruggebracht. Eind 2025 is samen met de RID en de gemeente Zevenaar een aanbestedingstraject gestart voor de aanschaf van een nieuw contractmanagementsysteem, dat de registratie van contracten beter kan ondersteunen. Ook zal in 2026 de functie van inkoop- en contractmanager worden ingevuld, waardoor het contractmanagement verbeterd zal worden. Inkoopbeleid De kadernota rechtmatigheid schrijft voor dat over het veelvuldig niet naleven van de gids proportionaliteit gerapporteerd dient te worden in de paragraaf Bedrijfsvoering. In de interne controle op Europese aanbestedingen is niet geconstateerd dat het inkoopbeleid veelvuldig niet wordt nageleefd. Ook kent het inkoopbeleid van 1Stroom een hardheidsclausule waardoor eventuele afwijkingen van het inkoopbeleid niet onrechtmatig hoeven te zijn. M&O beleid 1Stroom kent geen nota Misbruik & Oneigenlijk gebruik. Bij de interne controle wordt hier wel op getoetst. 33
Fraude Er is sprake geweest van een integriteitsschending. De directie heeft hier direct nader onderzoek naar laten doen. Hieruit is gebleken dat er niet volgens de normen en waarden waar 1Stroom voor staat is gehandeld. Het dienstverband van de betreffende medewerker is beëindigd. Naar aanleiding van deze casus is een aantal stappen gezet om het risico verder te minimaliseren. Enkele voorbeelden zijn het aanscherpen van de budget- en mandaatregeling, het aanstellen van een specialist/adviseur integriteit & sociale veiligheid en het aandacht hebben voor nevenfuncties in het onboardingsprogramma.
1.3.4 Informatiebeveiliging en Privacybescherming De gemeente verwerkt dagelijks grote hoeveelheden digitale informatie, waaronder persoonsgegevens en vertrouwelijke bestuurlijke en financiële gegevens. Informatieveiligheid en privacybescherming zijn essentieel om deze informatie beschikbaar, betrouwbaar en beschermd te houden en vormen een belangrijke randvoorwaarde voor betrouwbare dienstverlening en het vertrouwen van inwoners. De digitale afhankelijkheid van de gemeente is de afgelopen jaar toegenomen. Cyberincidenten bij andere gemeenten laten zien dat de risico’s reëel zijn. Dit vraagt om blijvende bestuurlijke aandacht voor informatiebeveiliging en privacy. De gemeente werkt conform landelijke normen en richtlijnen en past risicomanagement toe. In 2025 zijn verdere stappen gezet in de structurele verbetering van informatiebeveiliging en privacy. Zo is voortgang geboekt met de doorontwikkeling van Microsoft 365, waarbij het veilig inrichten van de digitale omgeving centraal stond. De focus verschuift daarnaast steeds meer van het reageren op incidenten naar het vroegtijdig herkennen en voorkomen ervan. De geplande invoering van de VNGvoorziening voor monitoring en response (SIEM/SOC) zal hieraan bijdragen. Ransomware blijft daarbij de grootste digitale dreiging.
Daarnaast lag in 2025 de nadruk op het verder verankeren van informatiebeveiliging en privacy in de dagelijkse werkprocessen. Er is gewerkt aan naleving van bestaande wet- en regelgeving (BIO en AVG) en aan de voorbereiding op de aankomende Cyberveiligheidswet (NIS2). Ook is ingezet op het versterken van de digitale weerbaarheid en het vergroten van het bewustzijn bij medewerkers. Via trainingen, e-learnings en interne communicatie is gewerkt aan het verminderen van risico’s die voortkomen uit menselijk handelen. De Functionaris Gegevensbescherming is in 2025 veelvuldig geraadpleegd over de toepassing van de AVG. Daarnaast is het verwerkingsregister verder geactualiseerd en ondergebracht in de i-Navigator, waarmee de informatiehuishouding centraal in beeld wordt gebracht. In totaal zijn 19 datalekken gemeld, voornamelijk als gevolg van menselijke fouten bij het verzenden van e-mails. De continue aandacht voor bewustwording bij de medewerkers en verdere doorontwikkeling van Microsoft 365 draagt bij om dergelijke fouten te voorkomen.
1.3.5 Paragraaf Openbaarheid van informatie Het versneld afhandelen van Woo-verzoeken voor de gemeente Duiven en gemeente Westervoort stond het afgelopen halfjaar blijvend op de agenda.
34
De deadline voor het publiceren van de tweede informatiecategorie-tranche is door het Rijk tot nader orde uitgesteld. De deadline zou afgelopen najaar zijn. De nieuwe deadline is mogelijk in maart 2026. We bereiden dit nu voor, maar met minder prioriteit. -
evaluatie iBabs als publicatieplatform voor de gemeenten; het voorbereiden van een publicatieplatform op iBabs voor 1Stroom ten behoeve van tranche 2 e.v. (net als dat nu voor Duiven en Westervoort al beschikbaar is); voorbereiding voorlichting over de WOO aan nieuwe medewerkers; het aannemen van een functionaris die de achterstallige achiefwerkzaamheden kan gaan uitvoeren in 2026; voorbereiden inrichten van een handboek Kwaliteitszorg, visie op zaakgericht werken, emailbeleid.
Een rondgang langs afdelingen voor specifieke werkinstructies rondom archiveren is vanwege de reorganisatie verschoven naar 2026.
35
2. Financiële jaarrekening en toelichting
36
2.1 Balans Activa
31-12-2025
31-12-2024
Vaste activa
31-12-2025
31-12-2024
Vaste passiva
Materiele vaste activa Investeringen met economisch nut
985.916 985.916
Totaal vaste activa
985.916
1.001.236 Eigen vermogen 1.001.236 Bestemmingsreserves Gerealiseerd jaarresultaat Voorzieningen Voorzieningen 1.001.236 Totaal vaste passiva
Vlottende activa
Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar Vorderingen op openbare lichamen Rekening-courant verhoudingen met het rijk Rekening courant verhouding met niet financiele instellingen Overige vorderingen
Passiva
904.824 108.669 796.155 365.616 365.616 1.270.440
-168.820 117.103 -285.923 202.461 202.461 33.642
468.358 468.358
455.077 455.077
4.477.469
3.626.511
247.555 207.008
316.009 92.347
4.022.906 4.945.827
3.218.154 4.081.588
6.216.267
4.115.229
Vlottende passiva
4.879.302 348.181
Netto vlottende schulden met een 2.733.102 rente typische looptijd korter dan 1 jaar 262.212 Overige schulden
4.214.329
2.117.685
315.556 1.236
353.205 -
Liquide middelen Banksaldi
100.573 100.573
100.622 100.622
Overlopende activa
250.476
Overige nog te ontvangen bedragen en de vooruitbetaalde bedragen Totaal vlottende activa
250.476 5.230.351
280.269 Overlopende passiva De van Europeese en Nederlands Overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specefiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren Europese Overheidslicjamen Van het Rijk Overige Nederlands Overheidslichamen Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotings jaar tot betaling komen met een uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde 280.269 verplichtingen van vergelijkbaar 3.113.993 Totaal vlottende passiva
Totaal activa
6.216.267
4.115.229 Totaal passiva
37
2.2 Overzicht van baten en lasten De staat van baten en lasten ziet er als volgt uit:
Personeelskosten Huisvesting Automatisering Buro en organisatiekosten
Begroting 2025 Jaarrekening Verschil Jaarrekening 2024 Begroting 2025 na wijziging 2025 t.o.v. gewijzigde begroting 31.372 30.653 32.061 32.073 -11 1.420 1.461 1.431 1.335 97 907 1.047 1.074 898 177 731 891 848 805 43
N V N V V V
Totale lasten
34.430
34.052
35.415
35.110
305
V
Bijdrage Duiven Bijdrage Westervoort Overige baten
-20.360 -11.151 -2.346
-21.674 -11.557 -821
-21.540 -12.470 -1.833
-21.540 -12.470 -2.174
0 0 341
V
Totale baten
-33.856
-34.052
-35.843
-36.184
341
V
Resultaat voor bestemming
-574
428
1.074
646
Toevoeging aan reserve Onttrekking aan reserve
0 289
-545 117
-286 8
259 -109
Resultaat na bestemming
-285
0
796
796
begroot 2025 272.551 709.076 1.814.692 11.025.365 427.975 1.431.318 15.680.977
Overhead 2025 Kostenplaats tractie Automatisering Overige personeelskosten Personele kosten TV0.4 Bureau- en organisatiekosten Huisvesting
werkelijk 2025 296.222 468.920 1.867.750 11.109.924 420.609 1.334.556 15.497.980
2.3 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten daarvoor geeft. In de gepresenteerde tabellen kunnen afrondingsverschillen voorkomen. Dit komt doordat per regel getallen worden afgerond en het totaalbedrag wordt afzonderlijk afgerond. De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van verkrijgings – of vervaardigingsprijs. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop ze betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeid gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt. Daarbij moet 38
worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden en overlopende verlofaanspraken. Normenkader Het normenkader is door het algemeen bestuur vastgesteld in de vergadering van 19 november 2025.
39
Balans Vaste activa Materiële vaste activa De materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings – of vervaardigingsprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht; in die gevallen wordt op het saldo afgeschreven. Investeringen worden vanaf het jaar na ingebruikname lineair afgeschreven over de verwachte gebruiksduur, waarbij rekening wordt gehouden met eventuele restwaarde. De afschrijvingstermijnen bedragen: Vervoermiddelen Trekker Klepelmaaier Overige vervoermiddelen
7 jaar 6 jaar 8 jaar
Overige materiële vaste activa Bureaustoelen Telefoons Hardware Toegangsbeveiliging Software Overig meubilair/inventaris
10 jaar 3 jaar 4 jaar 10 jaar 7 jaar 15 jaar
De activeringsgrens van een krediet bedraagt € 10.000.
Vlottende activa Uitzettingen en overlopende activa De uitzettingen en overlopende activa worden gewaardeerd tegen nominale waarden. Voor verwachte oninbaarheid wordt een voorziening in mindering gebracht. De voorziening wordt statistisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen. Liquide middelen en overlopende posten Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen.
Passiva Vaste passiva Reserves Reserves kunnen worden gevormd of onttrokken op basis van besluitvorming van het algemeen bestuur. Voorzieningen Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies. Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. 40
2.4 Toelichting op de balans Activa Vaste activa
Vaste activa Materiele vaste activa
31-12-2025
31-12-2024
Investeringen met economisch nut Bedrijfsgebouwen Vervoermiddelen Overige materiele vaste activa
38.094 230.993 716.829
2.125 311.866 687.245
Totaal vaste activa
985.916
1.001.236
Materiele vaste activa 31-12-2024 Investering Afschrijving 31-12-2025 Investeringen met economisch nut Bedrijfsgebouwen 2.125 35.969 38.094 Vervoermiddelen 311.866 15.000 95.873 230.993 Overige mat. vaste activa 687.245 180.559 150.975 716.829 Totaal vaste activa
1.001.236
231.528
246.848
985.916
In 2025 hebben er geen desinvesteringen, bijdragen van derden en afwaarderingen plaatsgevonden.
41
Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar Vorderingen op openbare lichamen Rekening-courant verhoudingen met het rijk Rekening courant niet financiele instellingen Overige vorderingen Totaal
31-12-2025
31-12-2024
348.181 4.214.329 315.556 1.236 4.879.302
262.212 2.117.685 353.205 2.733.102
Vlottende activa 31-12-2023 Toelichting vorderingen op openbare lichamen Publiekrechtelijke debiteuren 348.181
31-12-2023
Toelichting rekening-courant verhoudingen met het rijk Schatkistbankieren
262.212
4.214.329
2.117.685
Toelichting rekening courant verhoudingen met niet financiele instellingen Gemeente Duiven 191.980 Gemeente Westervoort 123.576 315.556
192.606 160.599 353.205
Toelichting overige vorderingen Privaatrechtelijke debiteuren Voorziening oninbaarheid mbt privaatrechtelijke debiteuren Overige vorderingen/kruispost Totaal
2.460
3.460
-2.460 1.236 1.236
-3.960 500 -
Liquide middelen Banksaldi
100.573
100.622
Overlopende activa Toelichting overige nog te ontvangen bedragen en de vooruit betaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen Overige vooruitbetaalde bedragen
250.476
280.269
Totaal vlottende activa
5.230.351
3.113.993
Totaal activa
6.216.267
4.115.229
42
Berekening onder- of overschrijding schatkistbankieren 2025 (1)
Drempelbedrag
1.000
1.000
1.000
1.000
Kwartaal Kwartaal Kwartaal Kwartaal 1 2 3 4 (2)
Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
(3a) = (1) > (2) Ruimte onder het drempelbedrag (3b) = (2) > (1) Overschrijding van het drempelbedrag
43
186
197
203
209
814
803
797
791
-
-
-
-
Passiva Vaste passiva
Vaste passiva Eigen vermogen Stand 1 januari Resultaatbestemming voorgaand boekjaar Onttrekking bestemmingsreserves Gerealiseerd resultaat boekjaar Stand 31 december
31-12-2025
31-12-2024
-168.820 285.923 -8.434 796.155 904.824
405.896 -280.557 -8.236 -285.923 -168.820
365.616
202.461
1.270.440
33.641
Voorzieningen Voorziening spaarverlof en RVU Totaal vaste passiva
Bestemmingreserves Thuiswerkplek Pilot traineeship programma
31-12-24 Dotatie 69.687 47.416
Totaal bestemmingsreserves
117.103
-
Onttrekking 8.434 -
31-12-2025 61.253 47.416
-
8.434
108.669
Reserve Thuiswerkplek Thuiswerkplek: om de medewerkers te faciliteren in het thuis inrichten van een arbo-conforme werkplek is deze reserve gevormd om alle medewerkers een éénmalige bijdrage te geven van € 300. Reserve Pilot traineeship programma Pilot traineeship programma: het vormen van deze reserve heeft als doel om jonge, ambitieuze, goed opgeleide, jonge medewerkers in een traineeship van anderhalf jaar klaar te stomen, in te zetten voor onze organisatie en aan 1Stroom te binden. Voorzieningen Spaarverlof RVU
31-12-24 Dotatie Onttrekking 88.888 120.860 15.372 113.573 227.233 169.566
Totaal voorzieningen
202.461
348.093
184.938
31-12-2025 194.376 171.240 365.616
Spaarverlof Per 1 januari 2022 is er binnen de CAO de mogelijkheid opgenomen om uren in te zetten voor verlofsparen. In 2025 is deze voorziening toegenomen tot een bedrag van € 194.376.
44
Regeling voor vervroegde uittreding RVU Onder bepaalde voorwaarden mogen medewerkers maximaal 3 jaar voorafgaand aan de AOW leeftijd stoppen met werken. In 2024 en 2025 is hiervoor een voorziening gevormd voor ambtenaren die in 2025, 2026 en 2027 nog van deze regeling gebruik kunnen maken.
Vlottende passiva Netto vlottende schulden met een rente typische looptijd korter dan 1 jaar Overige schulden
31-12-2025
31-12-2024
468.358
455.077
1.938.770 1.675.920 10.286 397.930
1.372.516 1.572.569 14.012 259.056
247.555 207.008 4.477.469
316.009 92.348 3.626.511
Totaal vlottende passiva
4.945.827
4.081.588
Totaal passiva
6.216.267
4.115.229
Overlopende passiva BTW Loonheffing Arbeidsongeschiktheidsverzekering Overige verplichtingen De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel Overige Nederlandse overheidslichamen Totaal
Specificatie van bijdrage van het Rijk Ontvangen 31-12-2024 bedragen 2025
Vooruit ontvangen bijdragen van het Rijk Maatschappelijke dienstijd
Specificatie van bijdrage van overige overheden
45
Vrijgevallen bedragen 2025
31-12-2025
316.009
42.600
111.054
247.555
316.009
42.600
111.054
247.555
Ontvangen 31-12-2024 bedragen 2025
Vooruit ontvangen bijdragen van overige overheden Werkbudget Samen Weerbaar Districtelijk programma coordinator ondermijning Toezichthouders WMO en Jeugdwet
Vrijgevallen bedragen 2025
31-12-2025
76.257 16.092 -
235.000 100.000 100.000
185.575 105.750 29.015
125.682 10.342 70.985
92.349
435.000
320.340
207.009
2.5 Toelichting op het overzicht van baten en lasten In deze paragraaf worden de posten met een onder-of overschrijding vanaf € 10.000 toegelicht. Hierbij wordt de realisatie vergeleken met de begroting na wijzigingen. Deze begroting na wijzigingen is in lijn met de tussentijdse rapportage van 1Stroom die is vastgesteld door het Algemeen Bestuur. De toelichting volgt de indeling die ook in de begroting wordt gehanteerd: Personeelskosten; Automatisering; Huisvesting; Bureau- en organisatiekosten. Personeelskosten - € 11.000 nadeel (x € 1.000)
Omschrijving Begroting 2025 Lasten Personeelskosten 28.669 Inhuur 384 Overige personeelskosten 1.600 Totale personeelskosten
Begroting 2025 na wijziging
30.653
Jaarrekening 2025
24.810 4.837 2.415
25.012 4.622 2.438
-202 215 -23
32.062
32.073
-11
Nadere toelichting overige personeelskosten
Omschrijving Kosten voormalig personeel Arbo (WKR) Werving personeel Organisatieontwikkeling Bedrijfskleding Reiskostenvergoeding personeel Reiskosten woon-werk Regeling vervroegd uittreden en spaarverlof Thuiswerk vergoeding Traineeship Specifieke uitkeringen Overige < 10.000
Resultaat 2025 34.294 -51.191 16.449 15.114 -11.179 20.111 -41.516 -348.093 61.253 168.757 149.972 -36.970
Totaal
-23.000
46
Verschil t.o.v. gewijzigde begroting
Het totaal van de personeelskosten geeft een nadelig resultaat van € 11.000. De personeelskosten bestaan uit 2 onderdelen: Het eerste onderdeel zijn de salariskosten en het inhuurbudget, en het tweede onderdeel zijn de overige personeelskosten. De posten salarissen en inhuur geeft een voordeel van € 13.000 en de post overige personeelskosten een nadeel van € 23.000. Salariskosten/inhuur: € 13.000 voordeel Op het totaal van salariskosten en inhuur is een voordeel gerealiseerd van € 13.000. Dit, terwijl binnen de bestaande begroting ook werkzaamheden zijn uitgevoerd die bij het opstellen van de begroting nog niet voorzien waren. Naast dit voordeel worden er inkomsten gegenereerd door het verrichten van extra werkzaamheden die gerelateerd zijn aan personeelskosten. Kosten voormalig personeel: € 34.294 voordeel 1Stroom is eigen risicodrager voor de WW. In 2025 zijn er minder ontslagsituaties geweest die tot een WW-uitkering hebben geleid. Arbokosten: € 51.191 nadeel De kosten voor verzuimbegeleiding, met name voor langdurige situaties waar arbeidsdeskundige adviezen zijn ingezet en hoge kosten voor bedrijfszorg ( veelal psychologische hulp en bedrijfsmaatschappelijke werk) coaching en 2e spoor trajecten voor langdurig arbeidsongeschikten waarvoor geen re-integratiemogelijkheden zijn binnen de eigen organisatie zijn hoger uitgevallen dan geraamd.
Daarnaast zijn ook de kosten voor het opleiden van BHV-ers hoger dan geraamd. Dit door de groep BHV-ers die moet worden bijgeschoold en de nieuwe training voor ploegleiders. Werving personeel: € 16.449 voordeel Dat er minder is uitgegeven op wervingskosten heeft vooral te maken met het feit dat er in 2025 geen externe recruiters of specifieke wervingscampagnes zijn ingeschakeld. Er is en wordt veel ingezet op de verbetering van het wervingsproces, dit heeft echter afgelopen jaar niet tot extra kosten geleid. Organisatieontwikkeling : € 15.114 voordeel Voor teamuitjes is een bedrag per medewerker beschikbaar. De onderschrijding is ontstaan doordat afdelingen de kosten voor hun teamuitje uit hun eigen budgetten hebben betaald. Bedrijfskleding € 11.179 nadeel De hogere uitgaven in 2025 zijn het gevolg van de leveranciersoverstap, de inhaalslag in bestellingen en de vervroegde aanschaf van veiligheidskleding die voldoet aan de normen per 2026. Vergoeding dienstreizen/Reiskosten woon-werk: € 21.405 nadeel Voor de financiële verantwoording worden deze kosten samen belicht. De geraamde kosten voor woon-werkverkeer (nieuwe regeling sinds 2024) waren in werkelijkheid circa € 41.500 hoger dan geraamd. Deze arbeidsvoorwaarde maakt dat we als werkgever aantrekkelijk zijn en blijven. De geraamde kosten voor dienstreizen vielen echter lager uit.
Per saldo derhalve een overschrijding van € 21.405 ondanks het optrekken van de raming voor woon-werkverkeer. Dotatie voorziening regeling vervroegd uittreden (RVU) en spaarverlof: € 348.093 nadeel Om toekomstige verplichtingen te kunnen nakomen in het kader van de RVU dient er een 47
voorziening worden gevormd. In 2025 bedraagt de storting € 348.093. Vergoeding thuiswerkplek € 61.253 voordeel De werkelijke uitgaven voor 2025 bedragen € 8.434, dit bedrag wordt onttrokken uit de reserve. De reserve bedroeg per 1 januari 2025 € 69.687, het saldo van € 61.253 blijft in de reserve staan. Traineeship € 168.757 voordeel Er zijn in 2025 meerdere trainees gestart. De kosten vielen echter lager uit dan ingeschat. Van het voordeel was € 47.415 uit de reserve onttrokken. Dit bedrag bleek niet nodig en zal weer worden teruggestort in de reserve. Specifieke regelingen € 149.972 voordeel 1Stroom voert voor de deelnemende gemeenten een aantal specifieke regelingen uit, zoals Maatschappelijke dienstverlening en Integrale veiligheid. Deze zijn voor 1Stroom budgetneutraal. Het voordeel op de kosten wordt gecompenseerd door een lagere verrekening met de gemeenten (zie ook de toelichting bij de baten). Huisvesting - € 97.000 voordeel (x € 1.000)
Omschrijving Huisvesting
Verschil t.o.v. Begroting 2025 Jaarrekening gewijzigde na wijziging 2025 Begroting 2025 begroting 1.461 1.432 1.335 97
Nadere toelichting huisvestingskosten
Omschrijving Onderhoud gebouwen Gas,water, licht Exploitatiekosten Kantine Aankoopmeubilair Automatiseringsbenodigheden Telefoonkosten Huur Overige < € 10.000
Resultaat 2025 -56.646 87.477 -40.760 23.395 20.925 18.205 11.155 10.409 22.602
Totaal
96.762
Onderhoud gebouwen: € 56.646 nadeel Op onderhoud is aanzienlijk meer uitgegeven omdat er zich in 2025 enkele calamiteiten hebben voorgedaan. De tourniquet loopt op zijn laatste benen en het kostte veel geld om deze gaande te houden, geld voor vervanging is aangevraagd. De bediening van de gangverlichting was kapot gegaan, wat veel geld heeft gekost. Gas/water/licht: € 87.477 voordeel De kosten voor gas, water en licht vallen aanzienlijk lager uit. Dit komt hoofdzakelijk door de duurzaamheidsmaatregelen die zijn uitgevoerd. 48
Exploitatiekosten € 40.760 nadeel Het nadeel op deze post wordt veroorzaakt door de aanschaf van plantenbakken in de gemeentehuizen en het afvalaanbiedstation. Deze aanschaf was mogelijk vanwege de al voorziene budgettaire ruimte in 2025 binnen de totale post huisvesting. Kantine € 23.395 voordeel Op basis van de uitgaven van 2024 is het budget opgehoogd met € 30.000. Voor 2025 blijkt dat aan de hoge kant geweest te zijn, daarnaast heeft er centralisatie en uniformiteit van de inkoop van de kantine benodigdheden plaatsgevonden. Aankoop meubilair € 20.925 voordeel Er is minder meubilair aangeschaft in het kader van de arbowet, dit geldt voor zowel structureel als incidenteel. Automatiseringsbenodigdheden € 18.205 voordeel Het budget is vraagafhankelijk, het budget dient voor vervanging van klein materiaal en reparaties. In 2025 zijn er minder reparaties geweest en er is minder materialen vervangen. Telefoonkosten € 11.155 voordeel De abonnementskosten vallen lager uit en dit geeft een incidenteel voordeel. Huur € 10.409 voordeel Er kan voor overleg en of bijeenkomsten gebruik gemaakt worden van de STEC, in 2025 is er minder gebruik van gemaakt dan vooraf was ingeschat. Automatisering: € 176.000 voordeel (x € 1.000)
Omschrijving Automatisering
Begroting 2025 Jaarrekening na wijziging 2025 Begroting 2025 1.047 1.074 898
Verschil t.o.v. gewijzigde begroting 176
Nadere toelichting automatiseringskosten
Omschrijving Onderhoud software belastingen Onderhoud software sociaal domein Onderhoud software overig Bijdrage RID Afschrijvingen Overige < 10.000
Resultaat 2025 51.968 44.113 19.186 -24.219 76.210 8.742
Totaal
176.000
Onderhoud software belasting: € 51.968 voordeel. In voorgaande jaren was er een substantiële post van € 66.000 voor afhandeling van “No Curo No Pay” (NCNP) bezwaren door een externe partij. Door de maatregelen die zijn genomen om een vermindering van de NCNP te realiseren, in combinatie met de verlaging van de kostenvergoeding 49
die direct naar de eigenaren gaat zijn de kosten in 2025 lager uitgevallen. Hierdoor ontstaat er in 2025 een voordeel van € 52.000. Onderhoud software sociaal domein voordeel € 44.113 In 2024 is het pakket voor sociaal domein geïmplementeerd. In de implementatiefase zaten ook eenmalige kosten, inmiddels is het pakket in productie en is er sprake van alleen vaste kosten. Het budget was hierop nog niet aangepast. Onderhoud software overig voordeel € 19.186 Een voorlopig incidenteel voordeel is gerealiseerd op het onderhoud van software van de wet op de lijkbezorging. Bijdrage RID nadeel € 24.219 Op basis van de voorlopige afrekening blijken de kosten voor het maatwerk hoger te zijn, veelal door indexaties van de verschillende leveranciers. Afschrijvingen voordeel € 76.000 Doordat in 2024 niet alle investeringen conform investeringskrediet zijn uitgevoerd, zijn er in 2025 minder afschrijvingslasten dan begroot. Bureau- en organisatiekosten: € 43.000 voordeel (x € 1.000)
Omschrijving Bureau- en organisatiekosten
Verschil t.o.v. Begroting 2025 Jaarrekening gewijzigde Begroting 2025 na wijziging 2025 begroting 891 848 805 43
Nadere toelichting Bureau- en organisatiekosten
Omschrijving Rechtkundige adviezen Porto kosten Financieel advies Analoge archivering Organisatiekosten Overige < 10.000
Resultaat 2025 37.936 -39.489 -22.139 17.410 11.145 38.137 60.000 43.000
Totaal
Bureau- en organisatiekosten zijn in feite de overige kosten voor de bedrijfsvoering. Dit zijn bijvoorbeeld kosten omtrent literatuur, portobenodigdheden, schrijf- en bureaubehoeften, contributies en rechtskundige adviezen. Rechtskundige adviezen: € 37.936 voordeel Op het budget ‘Rechtskundige adviezen’ is er een overschot van bijna € 38.000. Dat is veroorzaakt doordat er minder externe juridische adviezen nodig waren. Daarnaast waren er weinig complexe (rechts)zaken waarbij het inschakelen van de huisadvocaat nodig was. Portokosten : € 39.489 nadeel 50
De tarieven van de poststukken zijn structureel verhoogd. Verder hebben er in 2025 door de val van het kabinet extra verkiezingen plaatsgevonden. Hiervoor zijn extra brieven met stempassen verstuurd. Financieel advies: € 22.139 nadeel Deze post betreft de uitbesteding van de afhandeling van bezwaren door derden op belastingaanslagen. Er is sprake van een overschrijding van € 22.139. Deze overschrijving wordt veroorzaakt door het faillissement van een externe partij die voor de 1Stroom de bezwaarafhandeling uitvoerde. Door dit faillissement is de afwikkeling van de bezwaarafhandeling bij een andere externe partij ondergebracht, hetgeen extra kosten met zich mee bracht. Analoge archivering: € 17.410 voordeel In 2025 zijn er vanwege het ontbreken van beschikbaar capaciteit/kennis op de arbeidsmarkt geen selectie en overbrengingswerkzaamheden van analoge archieven geweest. Organisatiekosten € 11.145 voordeel In 2025 hebben er minder activiteiten plaatsgevonden. Overige baten - € 341.000 voordeel (x € 1.000)
Omschrijving Overige baten
Verschil t.o.v. Begroting 2025 Jaarrekening gewijzigde Begroting 2025 na wijziging 2025 begroting -821 -1.833 -2.174 341
Deze inkomsten vloeien voort uit werkzaamheden verricht door 1Stroom aan derden en zijn onlosmakelijk verbonden aan de salariskosten en de kosten van inhuur. Specificatie overige baten
Omschrijving Ondermijning Maatschappelijke diensttijd Bijdrage MGR Bijdrage SDL Ontvangsten UWV Werkzaamheden gemeente Duiven Werkzaamheden gemeente Westervoort Werkzaamheden gemeente Zevenaar Bijdrage derden gemeentehuis Westervoort Overige inkomsten
2025 -320.340 -171.440 -257.268 -199.819 -318.380 -231.917 -126.666 -112.761 -55.780 -379.685
Totaal
-2.174.056
Ondermijning (Integrale veiligheid) en Maatschappelijke diensttijd De financiële verwerking van zowel ondermijning en maatschappelijke diensttijd wordt verricht door 1Stroom. Dat houdt in dat de budgetten neutraal verlopen, inkomsten en uitgaven zijn gelijk aan elkaar. 51
Bijdrage SDL en MGR De bijdrage van de SDL is € 10.000 lager uitgevallen en van de MGR is de bijdrage € 21.000 hoger uitgevallen ten opzichte van het geraamde budget. Ontvangsten UWV De ontvangen bedragen zijn moeilijk vooraf in te schatten, voor 2025 is er aan UWV gelden een bedrag van € 318.000 ontvangen, in 2024 was dat € 416.000. Ontvangsten van de gemeenten Duiven, Westervoort en Zevenaar. Dit betreft voor de gemeente Duiven en gemeente Westervoort ontvangsten in verband met werkzaamheden voor de Oekraïners en voor de gemeente Zevenaar werkzaamheden in het kader van communicatie. Bijdrage derden gemeentehuis derden € 55.780 voordeel Dit betreft de bijdragen in de servicekosten en energiekosten van de huurders (Oekraïners en de MGR) in het gemeentehuis van Westervoort. Bijdrage gemeente Duiven De verdeelsleutel 61% van de kosten 1Stroom voor de gemeente Duiven wordt toegepast nadat de kosten over grondexploitaties apart in rekening zijn gebracht. (x € 1.000)
Omschrijving Bijdragen gemeente Duiven
Begroting 2025 -21.674
begroting 2025 Jaarrekening na wijziging 2025 -21.540 -21.540
Verschil 0
Bijdrage gemeente Westervoort De verdeelsleutel 39% van de kosten 1Stroom voor de gemeente Westervoort wordt toegepast nadat de kosten over grondexploitaties apart in rekening zijn gebracht. (x € 1.000)
Omschrijving Bijdragen gemeente Westervoort
begroting 2025 Jaarrekening na wijziging 2025 Begroting 2025 -11.557 -12.470 -12.470
52
Verschil 0
2.6 Niet in de balans opgenomen rechten en verplichtingen Waarborgen en garanties Er zijn geen waarborgen en garanties afgegeven.
Niet in de balans opgenomen verplichtingen
# Onderwerp 1 Huur gemeentehuis Duiven 2 Huur gemeentewerf Duiven 3 Huur gemeentehuis Westervoort 4 Schoonmaak 5 Applicatie Sociaal Domein 6 Subsidie coördinator 7 Levering warme dranken
Aard aanbeste Looptijd in jaren Ingeschatte ding Aanvang Eind (incl. evt. verlenging) last per jaar Dienst 1-7-2022 Onbepaalde tijd 278.170 Dienst 1-7-2022 Onbepaalde tijd 10.370 Dienst 1-7-2022 Onbepaalde tijd 132.574 Dienst 1-1-2023 31-12-2024 2 (2) 159.500 Dienst 12-1-2023 31-12-2027 5 (6) 61.000 Dienst 1-10-2023 1-10-2025 2 (2) 62.000 Dienst 1-4-2024 1-4-2028 4 (2) 77.000
De jaarlijkse kosten voor ICT diensten met betrekking tot applicaties en licenties bedraagt € 453.000.
2.7 Begrotingsrechtmatigheid Bij de rechtmatigheidscontrole vormt het begrotingscriterium een belangrijk toetsingscriterium. Begrotingsoverschrijdingen zijn in principe onrechtmatig. Er zijn echter situaties denkbaar waarbij de overschrijdingen binnen het door het bestuur uiteengezette beleid zijn gebleven, zoals compensatie van hogere kosten door direct gerelateerde hogere opbrengsten en kostenoverschrijdingen met openeinde regelingen. In onderstaand overzicht is de afwijkingen van het programma opgenomen (overschrijding van de lasten) met daarbij de verklaring in hoeverre de afwijking past binnen het door het bestuur geformuleerde beleid. Voor een nadere uiteenzetting van de verschillen wordt verwezen naar de toelichting op het overzicht van baten en lasten. Het bestuur autoriseert deze kostenoverschrijdingen met het vaststellen van de jaarrekening. Deze overschrijding past binnen het bestaande beleid. (x € 1.000)
Begrotingsafwijking lasten Begroot Realisatie Verschil 32.061 32.073 -11 1.432 1.335 97 1.074 898 177 848 805 43
Onderdeel 01 - Personeelslasten 02 - Huisvesting 03 - Automatisering 04 - Bureau - en organisatiekosten Totaal Programma Dienstverlening
35.415
53
35.110
505
2.8 Waarderingsgrondslagen inzake rechtmatigheidsverantwoording De in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld op basis van de kaders zoals besloten in de financiële verordening en op basis van de kadernota rechtmatigheid. Dat betekent dat: • • •
•
•
•
De rechtmatigheidsverantwoording toeziet op de financiële rechtmatigheid van baten, lasten, balansmutaties alsmede de baten en lasten inzake de specifieke uitkeringen op grond van art. 17 Financiële-verhoudingswet; De financiële rechtmatigheid, het voorwaardencriterium, het begrotingscriterium en het misbruik & oneigenlijk gebruik criterium omvat voor het voorwaardencriterium bestaat de norm uit het normenkader zoals op 19 november 2025 door het algemeen bestuur is vastgesteld; Voor het begrotingscriterium geldt dat alle overschrijdingen van lasten en investeringskredieten onrechtmatig, waarbij voor een aantal scenario’s in de financiële verordening is beschreven wanneer deze overschrijdingen acceptabel zijn. Voor over-en onderschrijdingen van baten, onderschrijdingen van lasten en onderschrijdingen van investeringskredieten geldt dat deze als onrechtmatig zijn aangemerkt indien ze niet tijdig aan het algemeen bestuur zijn gemeld. Ten aanzien van het M&O criterium is de nota M&O beleid van onze organisatie leidend bij het voorkomen en opsporen van misbruik en oneigenlijk gebruik. Omdat alleen bij misbruik sprake is van een onrechtmatigheid zijn eventuele gevallen van misbruik (mits cumulatief met andere fouten of onduidelijkheden boven de verantwoordingsgrens) opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording.
De rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld binnen de kaders van de kadernota rechtmatigheid 2025 van de Commissie BBV alsmede onze eigen financiële verordening. Dit betekent dat een verantwoordingsgrens van 2% (zijnde € 702.200) is gehanteerd waarboven cumulatieve fouten en onduidelijkheden in de rechtmatigheidsverantwoording worden opgenomen; Een rapporteringstolerantie van € 10.000 is gehanteerd waarboven fouten en onduidelijkheden in de paragraaf bedrijfsvoering worden opgenomen.
54
2.9 Rechtmatigheidsverantwoording Verantwoordelijkheid dagelijks bestuur De baten en lasten alsmede de balansmutaties moeten getrouw in de jaarrekening worden opgenomen. Uit het getrouw opnemen van de baten en lasten alsmede de balansmutaties, blijken een drietal rechtmatigheidscriteria niet expliciet. Dit betreffen het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium. In deze rechtmatigheidsverantwoording licht het dagelijks bestuur toe in hoeverre bij de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium zijn nageleefd. Dit houdt in dat de verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties in overeenstemming zijn met door het algemeen bestuur vastgestelde kaders zoals de begroting en verordeningen van de gemeenschappelijke regeling en met bepalingen in de relevante wet- en regelgeving. Bij de waarderingsgrondslagen in de jaarrekening is het door het algemeen bestuur op 19 november 2025 vastgestelde normenkader van de relevante wet- en regelgeving verder toegelicht. Deze verantwoording hanteert een grensbedrag omdat alleen de van belang zijnde aspecten in de verantwoording hoeven te worden betrokken.
Deze grens is door het algemeen bestuur bepaald en bedraagt 2% van de totale lasten exclusief toevoegingen aan de reserves en is daarmee vastgesteld op € 702.200. De grondslag voor deze verantwoording is de Kadernota Rechtmatigheid 2025 van de Commissie BBV van september 2025. Bevinding Het dagelijks bestuur stelt vast dat de omvang van de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties die niet rechtmatig tot stand zijn gekomen € 162.520 bedraagt. Dit is lager dan de daarvoor gestelde grens van € 702.200. Van de niet rechtmatig tot stand gekomen verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties is volgens het dagelijks bestuur overigens een bedrag van € 0 acceptabel op basis van door het algemeen bestuur vastgestelde afspraken.
55
De geconstateerde afwijkingen betreffen: GECONSTATEERDE AFWIJKINGEN
BEDRAG
BEGROTINGSCRITERIUM - Overschrijding investeringskredieten
€
15.830
Totaal begrotingsonrechtmatigheden
€
15.830
- Europese aanbestedingen
€
146.690
Totaal voorwaardencriterium
€
146.690
-
€
-
Totaal M&O Criterium
€
-
TOTAAL ONRECHTMATIGHEDEN
€
162.520
-
€
-
Totaal acceptabele begrotingsonrechtmatigheden
€
-
NIET-ACCEPTABEL
€
15.830
- Overschrijding investeringskrediet
€
15.830
- Europese aanbestedingen
€
146.690
Totaal niet acceptabele begrotingsonrechtmatigheden
€
162.520
VOORWAARDENCRITERIUM
MISBRUK EN ONEIGENLIJK CRITERIUM
SPLITSING BEGROTINGSCRITERIUM ACCEPTABEL EN NIET-ACCEPTABEL ACCEPTABEL
In de paragraaf bedrijfsvoering is op basis van de Kadernota rechtmatigheid van de commissie BBV en op basis van de afspraken met het algemeen bestuur aanvullende informatie opgenomen over de financiële rechtmatigheid. In deze paragraaf heeft het dagelijks bestuur ook beschreven welke actie zij onderneemt om vermelde afwijkingen in de toekomst te voorkomen.
56
2.10 Incidentele baten en lasten Op grond van artikel 28, lid c van het BBV dient in de toelichting een overzicht van de incidentele baten en lasten opgenomen te worden. Baten en lasten voortkomende uit éénmalige activiteiten en projecten, afwikkelingsverschillen, onvoorziene inkomsten en uitgaven evenals (eenmalige) onttrekkingen aan de algemene reserve worden als incidentele baten en lasten beschouwd. Als definitie van het begrip 'incidenteel' is uitgegaan van lasten en baten die zich gedurende maximaal drie jaar voordoen. Conform de financiële verordening worden incidentele baten en lasten groter dan € 10.000 afzonderlijk gespecificeerd.
Omschrijving Saldo van baten en lasten
(* € 1.000) Jaarrekening 2025 1.074
Gerealiseerd resultaat voor bestemming
1.074
Waarvan incidentele baten en lasten
-278
Resultaat na bestemming
796
Betreft het resultaat 2024 dat uitbetaald en verrekend is in 2025 € 286.000 en een onttrekking uit de reserve van € 8.000.
2.11 Gebeurtenissen na balansdatum Er is geen sprake van gebeurtenissen na balansdatum.
2.12 Structurele toevoegingen en onttrekkingen aan reserves Er zijn geen structurele toevoegingen en onttrekkingen aan reserves.
57
2.13 Baten en lasten per taakveld Taakveld
0.1 - Bestuur
Rekening Rekening 2025 2025 Lasten Baten 481.368 481.368
0.10 - Mutaties reserves
277.488
0.2 - Burgerzaken
595.061
595.061
0.3 - Beheer overige gebouwen en gronden
51.089
51.089
0.4 - Overhead
15.523.177 16.596.820
0.5 - Treasury
4.644
4.644
0.61 - OZB woningen
143.702
143.702
0.62 - OZB niet-woningen
323.440
323.440
0.64 - Belastingen overig
844.459
844.459
1.1 - Crisisbeheersing en brandweer
17.242
17.242
1.2 - Openbare orde en veiligheid
731.859
731.859
1.063.480
1.063.480
2.1 - Verkeer en vervoer 2.2 - Parkeren
89.336
89.336
2.5 - Openbaar vervoer
183.774
183.774
3.1 - Economische ontwikkeling
256.936
256.936
3.2 - Fysieke bedrijfsinfrastructuur
132.513
132.513
3.3 - Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen
25.354
25.354
3.4 - Economische promotie
924.588
924.588
4.1 - Openbaar basisonderwijs
62.339
62.339
4.3 - Onderwijsbeleid en leerlingenzaken
62.339
62.339
5.1 - Sportbeleid en activering
404.624
404.624
5.2 - Sportaccommodaties
395.145
395.145
5.4 - Musea
202.312
202.312
5.7 - Openbaar groen en (openlucht) recreatie
839.990
839.990
6.1 - Samenkracht en burgerparticipatie
843.171
843.171
6.21- Toegang en eerstelijnsvoorzieningen WMO
1.437.293
1.437.293
6.22 - Toegang en eerstelijnsvoorzieningen jeugd
2.037.206
2.037.206
88.125
88.125
6.3 - Inkomensregelingen 6.4 - WSW en beschut werk
99.169
99.169
6.5 - Arbeidsparticipatie
168.804
168.804
6.821 - Jeugdbescherming
38.679
38.679
6.822 - Jeugdreclassering
38.679
38.679
6.91 - Coordinatie beleid WMO
378.238
378.238
6.92 - Coordinatie beleid jeugd
544.294
544.294
7.1 - Volksgezondheid
99.169
99.169
7.2 - Riolering
667.209
667.209
7.3 - Afval
542.164
542.164
7.4 - Milieubeheer
321.943
321.943
7.5 - Begraafplaatsen en crematoria
115.992
115.992
2.197.336
2.197.336
268.406
268.406
8.3 - Wonen en bouwen
1.865.310
1.865.310
TOTAAL
35.109.958 36.461.089
8.1 - Ruimte en leefomgeving 8.2 - Grondexploitatie (niet bedrijventerreinen)
58
2.14 Wet normering Topinkomens (WNT) Per 1 januari 2013 is de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) ingegaan. Deze verantwoording is opgesteld op basis van de volgende op 1Stroom van toepassing zijnde regeling: Het algemene WNT-maximum. De maximale bezoldiging mag voor een topfunctionaris in dienstverband niet meer bedragen dan € 246.000 per jaar (algemene maximum 2025). De WNT definieert het begrip topfunctionaris voor instellingen in de (semi)publieke sector als: • • •
De leden van de hoogste uitvoerende en toezichthoudende organen; De hoogste ondergeschikte of de leden van de groep hoogste ondergeschikten aan dat orgaan; Degene of degenen belast met de dagelijkse leiding.
De leden van het dagelijks bestuur en algemeen bestuur van de GR 1Stroom ontvangen geen bezoldiging en geen onkostenvergoeding van GR 1Stroom.
59
Gegevens 2025
1-1 t/m 31-12 1 Ja
De heer Anton van de Gaag Gemeentesecretaris gemeente Duiven/ Directeur 1Stroom 1-1 t/m 31-12 1 Ja
128.340 21.927 150.267
115.448 18.012 133.460
116.289 18.012 134.301
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
246.000
246.000
246.000
-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag Bezoldiging
150.267
133.460
134.301
N.v.t
N.v.t
N.v.t
N.v.t
N.v.t
N.v.t
bedragen x € 1
De heer David de Vries
Functiegegevens
Algemeen directeur 1Stroom
Aanvang en einde functievervulling in 2025 Omvang van het dienstverband (als deeltijdfactor in fte) Dienstbetrekking Bezoldiging Beloning plus belastbare kostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal
Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling
Mevrouw Maureen Sluiter Gemeentesecretaris gemeente Westervoort/ Directeur 1Stroom 1-1 t/m 31-12 1 Ja
Gegevens 2024
1-10 t/m 31-12
De heer Anton van de Gaag Gemeentesecretaris gemeente Duiven/ Directeur 1Stroom 1-6 t/m 31-12
Omvang van het dienstverband (als deeltijdfactor in fte)
1
1
1
Dienstbetrekking Bezoldiging
Ja
Ja
Ja
Beloning plus belastbare kostenvergoedingen
33.364
69.517
107.956
Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal
5.200 38.564
9.626 79.143
17.346 125.302
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
58.250
135.917
233.000
-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag Bezoldiging
38.564
79.143
125.302
N.v.t
N.v.t
N.v.t
N.v.t
N.v.t
N.v.t
bedragen x € 1
De heer David de Vries
Functiegegevens
Directeur
Aanvang en einde functievervulling in 2024
Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling
Mevrouw Maureen Sluiter Gemeentesecretaris gemeente Westervoort/ Adj.dir. 1Stroom 1-1 t/m 31-12
Overige rapportageverplichtingen op grond van de WNT De hierboven vermelde topfunctionarissen hebben in 2025 geen bezoldiging boven het individueel toepasselijke drempelbedrag ontvangen. Dit geldt ook voor de overige functionarissen met een dienstbetrekking in 2025. Topfunctionarissen met een bezoldiging van € 1.700 of minder Naam topfunctionaris
functie
Periode
Arend van Hout
Voorzitter DB en AB
1/1 t/m 31/12
Huub Hieltjes
Lid DB en AB
1/1 t/m 31/12
Peter Pennekamp
Lid DB
1/1 t/m 19/11
Peter Pennekamp
Lid AB
1/1 t/m 31/12
Geert Jan Schrijner
Lid DB en AB
1/1 t/m 31/12
60
Hans Sluiter
Lid AB
1/1 t/m 29/02
Jan Derksen
Lid AB
1/1 t/m 31/12
Jan Derksen
Lid DB
19/11 t/m 31/12
Laura Kaper
Lid AB
1/1 t/m 31/12
Joyce Zwaga -Komen
Lid AB
1/1 t/m 31/12
Marieke Overduin
Lid AB
1/1 t/m 31/12
61
2.15 Kredieten Restant Beschikbaar Restant Geraamde krediet na Nieuw krediet in Uitgaven krediet na uitgaven na Afsluiten / GRBK Omschrijving 2024 krediet 2025 2025 2025 2025 overboeken 726211 Vervanging Hyundai 2020 78.000 78.000 78.000 78.000 Overboeken 731303 Sneeuwbezem 15.000 15.000 15.000 - Afsluiten 731305 VW Transporter 65.000 65.000 65.000 65.000 Overboeken 740701 Vervanging bureaustoelen 63.683 63.683 63.683 63.683 Overboeken 740702 Vervanging meubilair/inventaris 15.520 15.520 15.230 290 - Afsluiten 740704 Toegangsbeveiliging gemeentehuizen 7.727 7.727 7.727 - Afsluiten 740803 Werkplekapparatuur 2022 303.135 303.135 66.935 236.200 236.200 Overboeken 751801 Verbouwing servicebalie Westervoort 34.523 34.523 35.969 -1.446 - Afsluiten 752002 Telefoontoestellen 2024 129.493 129.493 45.320 84.173 84.173 Overboeken 753001 Werkplekbeleid 2025 28.000 28.000 42.384 -14.384 - Afsluiten 763340 Aanleg extra ruimte fietsenrekken 2025 12.835 12.835 10.690 2.145 - Afsluiten 712.081 40.835 752.916 231.528 521.388 527.056
62
CONTROLEVERKLARING VAN DE ONAFHANKELIJKE ACCOUNTANT Aan: het Algemeen Bestuur van de gemeenschappelijke regeling 1Stroom Verklaring over de in de jaarstukken opgenomen jaarrekening 2025 Ons oordeel Wij hebben de jaarrekening 2025 van de gemeenschappelijke regeling 1Stroom gecontroleerd. Naar ons oordeel geeft de in de jaarstukken opgenomen jaarrekening een getrouw beeld van de grootte en de samenstelling van de baten en lasten over 2025 en van het vermogen van de gemeenschappelijke regeling 1Stroom op 31 december 2025 in overeenstemming met het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV, de begroting en de relevante wet- en regelgeving, waaronder de verordeningen van de gemeenschappelijke regeling, opgenomen bepalingen zoals opgenomen in het normenkader dat bij besluit van 19 november 2025 door het Algemeen Bestuur is vastgesteld. De jaarrekening bestaat uit: 1. het overzicht van baten en lasten over 2025; 2. de balans per 31 december 2025; 3. de toelichting met een overzicht van de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en andere toelichtingen; 4. de rechtmatigheidsverantwoording van het Dagelijks Bestuur over de financiële rechtmatigheid van baten, lasten en balansmutaties over 2025; 5. het overzicht van de gerealiseerde baten en lasten per taakveld.
De basis voor ons oordeel Wij hebben onze controle uitgevoerd volgens Nederlands recht, waaronder ook vallen: de Nederlandse controlestandaarden; het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (Bado); de controleverordening, vastgesteld door het Algemeen Bestuur op 19 november 2025 ; het controleprotocol Wet normering topinkomens (WNT) 2025. Onze verantwoordelijkheden op grond hiervan zijn beschreven in de sectie ‘Onze verantwoordelijkheden voor de controle van de jaarrekening’. Wij zijn onafhankelijk van de gemeenschappelijke regeling 1Stroom zoals vereist in - de Verordening inzake de onafhankelijkheid van accountants bij assurance-opdrachten (ViO); - andere voor de opdracht relevante onafhankelijkheidsregels in Nederland. Verder hebben wij voldaan aan de Verordening gedrags- en beroepsregels accountants (VGBA). Wij vinden dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel. Informatie ter ondersteuning van ons oordeel Wij hebben onze controlewerkzaamheden bepaald in het kader van de controle van de jaarrekening als geheel en bij het vormen van ons oordeel hierover. Onderstaande informatie ter ondersteuning van ons oordeel en onze bevindingen moeten in dat kader worden bezien en niet als afzonderlijke oordelen of conclusies.