20231106-rv-meerjarenbegroting-2024-2027-bijlage-1-programmabegroting(def)
Tekst van het document
Risico’s
Planning
De gemeente is in gesprek met de provincie over mogelijke subsidie voor de planfase. Ook wordt gezocht naar subsidies voor de uitvoeringsfase. De gemeente is afhankelijk van derden. Denk hierbij aan vastgoedeigenaren, ondernemers binnen de winkelgebieden en afdelingen binnen 1Stroom zoals Ruimtelijke Ontwikkeling, Vergunningen Toezicht en Handhaving en Realisatie en Beheer. Voor onderzoeken naar transformatie van het gemeentehuis en openbare ruimte en voor realisatie is de gemeente afhankelijk van subsidieverstrekkers. Medio 2023 zal het college de gemeenteraad informeren over de voortgang van het voorlopig ontwerp van de Wyborgh en naar verwachting de benodigde planologische procedures opstarten. Ook zal het college medio 2023 een intentieovereenkomst sluiten met de eigenaar van het winkelcentrum en de gemeenteraad een programmaplan voorleggen voor de onderzoeken naar de transformatie van het centrum. In de tweede helft van 2023 worden de onderzoeken verder uitgevoerd. Resultaten hiervan worden voorgelegd en teruggekoppeld aan de gemeenteraad.
Programmabegroting Westervoort 2024-2027 - 2.5.2 Wat gaan we er voor doen?
Financien
Participatie
Indicatoren
51
De ingezette voorbereiding is opgepakt uit het beschikbare budget. Het op te stellen programmaplan gaat verder in op de plankosten voor verdere onderzoeken. Voor de plankosten voor de transformatie van de Wyborgh worden los daarvan afspraken gemaakt met de eigenaar. Bij het op te stellen programmaplan wordt ook ingegaan op communicatie en participatie. Voor de transformatie van De Wyborgh heeft de gemeente periodiek overleg met de ontwikkelaar en winkeliers. Bewoners zullen worden betrokken bij de inrichting van de openbare ruimte. Bij de verdere uitwerking zal bekeken worden waar welke participatie kan plaatsvinden. Een door de gemeenteraad vastgestelde Centrumvisie Westervoort. Een op te stellen Programmaplan Centrum Westervoort. Een op te stellen Gebiedsvisie Centrum Westervoort.
2.5.2.B.2 Duurzaamheid Doel
Toelichting
Risico’s
Planning
Doelstellingen per programmalijn zijn: • Energietransitie: 95% CO2 reductie in 2050 ten opzichte van 1990 en een CO2 neutrale elektriciteitsvoorziening in 2050. • Klimaatadaptatie: Klimaatbestendig en waterrobuust in 2050. • Circulariteit: 100% circulair in 2050 Het programma circulaire economie bestaat uit drie samenhangende programmalijnen: Energietransitie, Klimaatadaptatie en Circulariteit (grondstoffentransitie). Dwars door deze programmalijnen heen ontwikkelen we een integrale aanpak voor bedrijven(terreinen). Ondanks gemeentelijke participatie is een risico dat samenwerking tussen inwoners, bedrijven, onderwijs en overheid onvoldoende van de grond komt en er onvoldoende stappen gezet worden richting de programmadoelstellingen. Voor het behoud en versterking van draagvlak voor maatregelen en acties is consistente communicatie van belang. Zo heeft de gemeente de afgelopen jaren gezien dat met name landelijke ontwikkelingen enorme impact hebben op draagvlak en de afkalving hiervan. Een aanvullend risico is dat er financiële druk ontstaat door het uitblijven van structurele middelen van het Rijk aan gemeenten en daardoor, onvoldoende continuïteit hebben op gemaakte afspraken, inzet op beleid, initiatieven en/of allianties, waardoor kansen of allianties verloren gaan. De planning is meerjarig. Het speerpunt blijft de komende jaren in toenemende mate, stevige aandacht vragen.
Wettelijke doelstellingen, ambitiedocumenten en onderliggende programmeringen moeten meer concrete activiteiten geven voor de komende 4 jaar en een programmering op hoofdlijnen richting 2050. Aandachtspunt hierbij is dat externe ontwikkelingen regelmatig leiden tot bijsturing van planningen. Dit vereist flexibiliteit in de programmering. Belangrijke actiepunten: • Herijken programmering ‘energietransitie’ • In uitvoering brengen van de uitvoeringsagenda’s ‘Circulariteit/grondstoffentransitie’ en ‘Klimaatadaptatie’ • Opstellen beleidskader- en uitvoeringsagenda ‘biodiversiteit’ • Ontwerpen monitoringsdashboard voor het programma • Opstellen integrale visie op duurzaamheid • Transitiewijk de Mosterdhof door ontwikkelen • Duurzaamheid incorporeren in de nieuwe BIZ van het Ambacht • Vervolg aanpak energie armoede
52
Financien
Programmabegroting Westervoort 2024-2027 - 2.5.2 Wat gaan we er voor doen?
Voor het de uitvoering van de programmalijn Energietransitie heeft uw raad in totaal en structureel ca € 82.000 procesgeld beschikbaar gesteld (excl. bedrijfsvoeringskosten). Voor de uitvoering van de programmalijn Circulariteit heeft uw raad ca € 16.000/jaar procesgeld beschikbaar gesteld tot en met 2025 (excl. bedrijfsvoeringskosten).
Participatie
Voor de uitvoering van de programmalijn Klimaatadaptatie is totaal € 823.720 ter beschikking gesteld. De gemeente kan de ambities voor alle de drie programmalijnen alleen realiseren met grote inzet en betrokkenheid van inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties. Om hen actief te betrekken is communicatie & participatie in het ‘hart’ van het programma geplaatst. Hiertoe is een Communicatiestrategie, het beeldmerk en platform ’Samen1Nergie’ en een Participatie strategie ontwikkeld. Daarnaast werkt de gemeente met ondernemersverenigingen samen om te komen tot een gedragen aanpak richting bedrijven(terreinen), bereidt de gemeente samen met de klankbordgroep en juniorklankbordgroep nieuw beleid voor en haalt nieuwe ideeën op en heeft een stap gezet richting verenigingen en maatschappelijke organisaties.
2.5.2.B.3 Liemerse Ambassade Doel Toelichting
Risico’s
Planning
Financiën
Participatie
Optimale regionale samenwerking tussen de Liemerse gemeenten met onderwijs en ondernemers De Liemerse Ambassade geeft onder meer uitvoering aan de Liemerse Economische Visie met als speerpunten vrijetijdseconomie, logistiek en maakindustrie. Deze visie is opgesteld door de gemeenten Duiven, Westervoort, Zevenaar, Montferland en Doesburg. Daarnaast is de Liemerse Ambassade betrokken bij het opstellen van een regionale landbouwvisie en indiener van de LEADER-aanvraag 2023-2027 voor de vijf Liemerse gemeenten. De meerwaarde van de Liemerse Ambassade moet door alle betrokkenen gezien blijven worden en door de Liemerse Ambassade worden aangetoond. De Liemerse Ambassade bestaat naast vertegenwoordigers van onderwijs en ondernemers formeel uit de gemeenten Duiven, Westervoort, Zevenaar, Doesburg en Montferland. De Liemerse Ambassade is opgericht in september 2020 en geeft sindsdien onder meer uitvoering aan de Liemerse Economische Visie, één van hun belangrijkste taken. In 2023 dient de bestaande visie te worden geëvalueerd en zal er gewerkt worden naar een nieuw uitvoeringsprogramma voor 2024-2026 In de programmabegroting staat voor de Liemerse Ambassade voor 2024 en verder een bedrag van jaarlijks € 15.000 opgenomen. Voor uitvoering van de Liemerse Economische Visie 2024-2026 staat een bedrag opgenomen van jaarlijks € 18.000.
Projecten die door de Liemerse Ambassade worden opgepakt, komen veelal vanuit de samenleving en er wordt in gezamenlijkheid uitvoering aan gegeven. Zoals het promoten van de logistiek en de vrijetijdseconomie, het Techniekpact en Perspectief in Zorg en Techniek.
Programmabegroting Westervoort 2024-2027 - 2.5.2 Wat gaan we er voor doen?
53
C. Het implementeren van nieuwe wetgeving, die op de gemeente afkomt 2.5.2.C.1 Implementatie nieuwe Omgevingswet Doel Toelichting
Risico’s
Planning
Financiën
Participatie
Doorontwikkeling van de verdere implementatie van de Omgevingswet. Op 1 januari 2024 treedt de Omgevingswet inwerking. Tegelijkertijd zal de Wet Kwaliteitsborging Bouwen inwerking treden. Na diverse besluiten tot uitstel met name in verband met knelpunten in het DSO (Digitale Stelsel Omgevingswet) acht de eerste kamer de voorbereiding van de wet voldoende robuust om tot invoering over te gaan. Het jaar 2023 zal vanuit het rijk benut worden voor een verdere verbetering van het DSO. Alle decentrale overheden draaien mee in de diverse integrale testrondes die georganiseerd worden. Binnen onze organisatie ligt de focus voor 2023 en de jaren daarna op: • de voorbereiding op het werken met een tijdelijk omgevingsplan • het oefenen met onderdelen die de basis vormen voor een definitief omgevingsplan (moet klaar zijn in 2029) • het oefenen met een Omgevingstafel • het ontwikkelen van het participatiebeleid specifiek voor de Omgevingswet en het voorbereiden en implementeren van de werkprocessen • het opleiden van de medewerkers • het opstellen en actualiseren van het nieuwe VTH beleidsplan (ter kennisname naar de raad) • het opstellen van de nieuwe legesverordening (gevolgen WKB hier in implementeren). Het risico van onvoldoende voorbereiding op met name het terrein van de DSO blijft groot. Na de invoering zal blijken hoe groot de knelpunten zijn die nog moeten worden opgelost.
Dit kan een grote impact hebben op het werken met de Omgevingswet voor inwoners/ initiatiefnemers/de organisatie. In 2024 zal de belangrijkste focus liggen op de doorontwikkeling van het DSO en het werken aan het definitieve omgevingsplan. Ook zal vanaf de datum van de inwerkingtreding van de wet het werken met een Omgevingstafel definitieve vorm krijgen. • Het budget in de meerjarenbegroting voor 2024 is: € 74.370. • De bedragen die de gemeente ontvangt vanuit het gemeentefonds worden opgenomen in de meerjarenbegroting. Het in 2023 vast te stellen participatiebeleid specifiek voor de Omgevingswet vormt de basis voor het participatief werken onder de vigeur van de Omgevingswet.
54
Programmabegroting Westervoort 2024-2027 - 2.5.3 Financiële middelen
2.5.3 Financiële middelen
3
Lasten Programma Omgeving Baten Saldo Bijstelling Saldo
Lasten Verkeer en vervoer Parkeren Openbaar vervoer Economische 3.1 ontwikkeling 3.2 Fysieke bedrijfsinfrastructuur Bedrijvenloket 3.3 en bedrijfsregelingen 3.4 Economische promotie 7.2 Riolering 7.3 Afval 7.4 Milieubeheer 7.5 Begraafplaatsen en crematoria 8.1 Ruimtelijke ordening Grondexploitatie 8.2 (niet bedrijventerrein) 8.3 Wonen en bouwen Totaal lasten Baten 2.1 Verkeer en vervoer 2.2 Parkeren 3.2 Fysieke bedrijfsinfrastructuur Bedrijvenloket 3.3 en bedrijfsregelingen 3.4 Economische promotie 7.2 Riolering 7.3 Afval 7.4 Milieubeheer 7.5 Begraafplaatsen en crematoria 8.1 Ruimtelijke ordening Grondexploitatie 8.2 (niet bedrijventerrein) 8.3 Wonen en bouwen Totaal baten Eindtotaal Mutaties reserves 0.10 Lasten (toevoegingen) 0.10 Baten (onttrekkingen) Eindtotaal Resultaat programma Omgeving 2.1 2.2 2.5
2022 -8.568 4.372 -4.197
2023 -7.515 3.841 -3.674
2024 -7.688 3.982 -3.705
2025 -7.709 4.084 -3.625
2026 -7.934 4.220 -3.714
2027 -8.062 4.359 -3.702
-4.197
-3.674
-3.705
-3.625
-3.714
-3.702
2022
2023
2024
2025
2026
2027
-3.340 -24 -42
-1.730 -14 -30
-1.843 -27 -47
-1.743 -27 -47
-1.803 -26 -47
-1.810 -26 -47
-47
-39
-76
-76
-76
-76
-66
-75
-111
-111
-111
-111
-12
-8
-13
-11
-11
-11
-158 -1.358 -1.328 -405 -61 -720
-196 -1.676 -1.429 -477 -89 -485
-178 -1.578 -1.452 -424 -82 -908
-177 -1.662 -1.495 -424 -80 -908
-177 -1.760 -1.548 -424 -80 -923
-177 -1.857 -1.572 -424 -79 -923
-89
-47
-92
-92
-92
-92
-740 -8.391
-720 -7.015
-857 -7.688
-856 -7.709
-856 -7.934
-856 -8.062
332 6 58
28 2 62
46 2 62
46 2 62
46 2 62
46 2 62
2
7
7
7
7
7
35 1.641 1.781 88 49 20
0 1.718 1.799 13 28 5
0 1.810 1.841 2 28 5
0 1.904 1.909 2 28 5
0 1.992 1.969 2 28 5
0 2.075 2.025 2 28 5
45
12
12
12
12
12
253 4.311 -4.080
95 3.768 -3.247
95 3.910 -3.778
95 4.072 -3.637
95 4.220 -3.714
95 4.359 -3.702
-177 60 -117 -4.197
-500 73 -427 -3.674
0 73 73 -3.705
0 12 12 -3.625
0 0 0 -3.714
0 0 0 -3.702
Programmabegroting Westervoort 2024-2027 - 2.5.3 Financiële middelen
Aanpassing budgetten na de voorjaarsnota 2023 Resultaat voorjaarsnota 2023 2.1 Verkeer en vervoer 2.2 Parkeren 2.5 Openbaar vervoer 3.1 Economische ontwikkeling 3.2 Fysieke bedrijfsinfrastructuur 3.3 Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen 3.4 Economische promotie 7.2 Riolering 7.3 Afval 7.4 Milieubeheer 7.5 Begraafplaatsen en crematoria 8.1 Ruimtelijke ordening 8.2 Grondexploitatie (niet bedrijventerrein) 8.3 Wonen en bouwen 0.10 Mutaties reserves Resultaat meerjarenbegroting 2023-2027
55
2023
2024
2025
2026
2027
-3.674 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 -3.674
-3.039 -120 -12 -17 -37 -37 -5 -29 197 -8 42 7 -448 -80 -119 0 -3.705
-2.929 -145 -12 -17 -37 -37 -5 -29 183 -8 42 7 -448 -80 -118 10 -3.625
-2.936 -206 -12 -17 -37 -37 -5 -29 183 -20 42 7 -448 -80 -118 0 -3.714
-2.944 -209 -12 -17 -37 -37 -5 -29 195 -10 42 7 -448 -80 -118 0 -3.702
56
Programmabegroting Westervoort 2024-2027 - 2.5.4 Betrokken verbonden partijen
2.5.4 Betrokken verbonden partijen Omgevingsdienst Regio Arnhem Doel De gemeenschappelijke behartiging van de belangen van de deelnemers terzake van vergunningverlening, toezicht en handhaving in het kader van het omgevingsrecht. Middels de ODRA worden de krachten gebundeld zodat sprake is van minder versnippering, een grotere mate van deskundigheid en een meer efficiënte inzet van middelen. Taak Het uitvoeren van meerdere taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving in het omgevingsrecht voor gemeenten in de regio Arnhem en Provincie Gelderland. Ook is Omgevingsdienst Regio Arnhem voor deze overheden het aanspreekpunt voor milieuvraagstukken. Beleidsrisico's De ODRA is een uitvoeringsorganisatie. De beleidsrisico’s zijn zeer beperkt. Uitvoerend beleid wordt afgestemd, maar het blijft een zelfstandige gemeentelijke bevoegdheid om het resultaat van de afstemming over te nemen. Onze inzet in Er komen meer bodemtaken vanuit de provincie naar de gemeente toe in verband met de 2024 in werking treding Omgevingswet. Het werkprogramma zal hiertoe groter van omvang zijn dan de afgelopen jaren. Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen Doel Verbeteren van het vestigingsklimaat voor inwoners en bedrijven in de regio Arnhem-Nijmegen, zowel nationaal als internationaal. Taak Overleg voeren gericht op afstemming van beleid voor wonen, mobiliteit, economie en duurzaamheid.
Daarnaast wordt het Bureau Brussel (EU-lobby) op strategisch-inhoudelijk niveau aangestuurd. Beleidsrisico’s Beperkt. Het orgaan is een afstemmingsplatform dat geen beslissingen kan nemen voor de afzonderlijke gemeenten. Het beleid wordt afgestemd, maar de gemeente blijft zelf bevoegd om het resultaat van de afstemming over te nemen. Onze inzet in 2024 Eind 2023 zal de evaluatie van de Groene Metropoolregio een feit zijn. Na een analyse hierop biedt het een denklijn voor het kunnen en willen intekenen op de meerjarige opgaveagenda GMR voor 2024-2027. Hieraan hangt ook de financiële bijdrage aan de verschillende opgaven. Belamgrijk hierbij is de overweging dat bij grote, complexe vraagstukken het belangrijk is om samen te werken om voldoende slagkracht te kunnen bereiken. Zowel ambtelijk als bestuurlijk is het belangrijk om aangesloten te zijn bij de diverse opgaveteams en speerpunten.
Programmabegroting Westervoort 2024-2027 - 2.5.5 Indicatoren
57
2.5.5 Indicatoren Programma 3 Omgeving Functiemenging Vestiging (van bedrijven) Omvang huishoudelijk afval Hernieuwbare elektriciteit Gemiddelde WOZ-waarde (in € 1.000) Nieuw gebouwde woningen Demografische druk Gemeentelijke woonlasten éénpersoonshuishouden Gemeentelijke woonlasten meerpersoonshuishouden
Westervoort 31,2% 128,0 111 19,6% 310 2,5 74,6% 936 977
Nederland 53,8% 174,1 169 34,0% 369 9,3 70,3% 860 942
Voor een toelichting op de verschillende indicatoren wordt verwezen naar de website www.waarstaatjegemeente. De gegevens zijn ingevuld naar de stand van 31 augustus 2023.
58
Programmabegroting Westervoort 2024-2027 - 2.6 Algemene dekkingsmiddelen
2.6 Algemene dekkingsmiddelen Inleiding In dit onderdeel zijn de middelen verantwoord die vooraf geen bepaald bestedingsdoel hebben of niet toe te rekenen zijn aan de inhoudelijke programma’s. Voorbeelden hiervan zijn: belastingen, uitkeringen uit het gemeentefonds, treasury, dividend en onverdeelde lasten (stelposten). Het programma Algemene dekkingsmiddelen is onderverdeeld in 2 deelprogramma’s: Belastingen en Overige algemene dekkingsmiddelen. De beleidsdoelen belastingen zijn opgenomen in de paragraaf lokale heffingen. WAT MAG HET KOSTEN? Programma algemene dekkingsmiddelen Lasten Baten A. Saldo exploitatie Toevoeging reserves Onttrekking reserves B. Mutaties reserves Geraamd resultaat (A+B) Bijstelling Geraamd resultaat
2022
2023
2024
2025
2026
2027
-2.008 36.833 34.825 0 0 0 34.825
-362 34.555 34.193 0 0 0 34.193
-1.097 37.035 35.938 0 0 0 35.938
-1.367 38.092 36.725 0 0 0 36.725
-1.134 36.581 35.447 0 0 0 35.447
-1.933 37.463 35.530 0 0 0 35.530
34.825
34.193
35.938
36.725
35.447
35.530
Toelichting Hierna volgt een toelichting op de 3W-vragen naar doel en hoofddoelen, speerpunten, verbonden partijen en financiële middelen per deelprogramma. Daar waar mogelijk worden indicatoren gebruikt.
Programmabegroting Westervoort 2024-2027 - 2.6.1 Financiële middelen
59
2.6.1 Financiële middelen
0.5 0.61 0.62 0.64 0.7 0.8
0.5 0.61 0.62 0.64 0.7 0.8
Lasten Treasury OZB woningen OZB niet-woningen Hondenbelasting Gemeentefonds Overige baten en lasten Totaal lasten Baten Treasury OZB woningen OZB niet-woningen Hondenbelasting Gemeentefonds Overige baten en lasten Totaal baten Resultaat algemene dekkingsmiddelen
2022
2023
2024
2025
2026
2027
-31 -85 -92 -256 0 -1.544 -2.008
-9 -165 -89 -31 0 -68 -362
-116 -101 -126 -276 -374 -103 -1.097
-147 -102 -126 -276 -361 -355 -1.367
-97 -102 -126 -276 -213 -320 -1.134
-101 -102 -126 -276 -1.028 -299 -1.933
142 2.876 536 126 31.508 1.645 36.833 34.825
177 2.863 555 136 30.824 0 34.555 34.193
206 3.203 600 129 32.898 0 37.035 35.938
116 3.222 626 135 33.993 0 38.092 36.725
116 3.338 649 140 32.338 0 36.581 35.447
116 3.445 670 144 33.088 0 37.463 35.530
2023
2024
2025
2026
2027
34.193 0 0 0 0 0 0 0 34.193
35.771 -7 82 -25 -255 304 69 0 35.938
36.842 -103 135 -14 -253 188 -70 0 36.725
35.289 -33 182 -4 -252 300 -35 0 35.447
35.246 -38 288 17 -247 278 -14 0 35.530
Aanpassing budgetten na de voorjaarsnota 2023 Resultaat voorjaarsnota 2023 0.5 Treasury 0.61 OZB woningen 0.62 OZB niet-woningen 0.64 Hondenbelasting 0.7 Gemeentefonds 0.8 Overige baten en lasten 0.10 Mutaties reserves Resultaat meerjarenbegroting 2023-2027
60
Programmabegroting Westervoort 2024-2027 - Hoofdstuk 3 Paragrafen
Hoofdstuk 3 Paragrafen 3.0 INLEIDING De paragrafen vormen een belangrijke informatiebron en beogen een “dwarsdoorsnede” van de programma’s te geven. In de paragrafen zijn beleidslijnen vastgelegd over de beheersmatige aspecten en de lokale heffingen. Het doel van de paragrafen is om informatie die voorheen op meerdere plekken in de begroting stond bijeen te brengen. Hierdoor is het mogelijk om sneller en beter inzicht en overzicht te krijgen in deze onderwerpen. De raad heeft hiermee een extra instrument in handen om de beleidskaders vast te stellen en om de uitvoering te kunnen controleren. Het besluit begroting en verantwoording (BBV) schrijft acht paragrafen verplicht voor. Paragraaf duurzaamheid is extra toegevoegd. §1 - Lokale heffingen §2 - Weerstandsvermogen en risicobeheersing §3 – Kapitaalgoederen §4 – Financiering §5 - Bedrijfsvoering §6 - Verbonden partijen §7 - Grondbeleid §8 - Openbaarheid §9 - Duurzaamheid
Programmabegroting Westervoort 2024-2027 - 3.1 Lokale heffingen
61
3.1 Lokale heffingen 3.1.0 Inleiding In het begrotingsjaar 2024 vormen de lokale heffingen ruim 16% van de totale baten van de gemeente. De lokale heffingen zijn daarmee een belangrijke bron van inkomsten voor de gemeente. In deze paragraaf gaan we in op het gemeentelijke beeld, door de hoogte van de woonlasten voor een gemiddeld huishouden en de hoogte van de opbrengsten uit de lokale heffingen. De opbrengsten uit lokale heffingen worden vervolgens per heffingssoort uitgesplitst en toegelicht. Als laatste zijn de gegevens vanuit de Atlas van de lokale lasten 2022 en 2023 opgenomen. De belastingtarieven zijn opgenomen in onderstaande belastingverordeningen. - "Verordening onroerendezaakbelastingen 2024". - "Verordening afvalstoffenheffing 2024". - "Verordening rioolheffing 2024". - "Verordening hondenbelasting 2024". - "Verordening lijkbezorgingsrechten 2024". - "Verordening marktgelden 2024". - "Legesverordening 2024". In de verordeningen zijn verder bepalingen opgenomen ter uitvoering van de heffing en de invordering van gemeentelijke belastingen. 3.1.1 Beleid Gemeenten in Nederland heffen belastingen, leges en heffingen. De gemeenteraad bepaalt welke gemeentelijke lokale lasten inwoners betalen en tevens de hoogte van de tarieven.
In deze paragraaf wordt het volgende onderscheid gemaakt: • Belastingen De opbrengsten uit belastingen zijn niet gelabeld en kunnen daarom voor alle gemeentelijke taken en voorzieningen worden ingezet. De onroerendzaakbelasting (OZB) en hondenbelasting behoren tot deze categorie. • Leges Leges worden geheven voor diensten die geleverd worden aan een individuele aanvrager. Leges worden ook wel retributies genoemd. Onder andere het aanvragen van een rijbewijs of omgevingsvergunning, lijkbezorgingsrechten en marktgelden behoren tot deze categorie. Bij het heffen van leges gelden beperkingen: er mag geen winst gemaakt worden op de diensten en voor een aantal diensten heeft het Rijk een maximumtarief bepaald. • Heffingen Heffingen worden geheven voor specifieke taken of voorzieningen met een duidelijk algemeen belang. De opbrengsten kunnen uitsluitend besteed worden aan die specifieke taak of voorziening waarvoor de heffing is opgelegd. De heffingen worden ook wel bestemmingsheffingen genoemd. Onder deze categorie vallen de afvalstoffenheffing en de rioolheffing. Voor deze heffingen geldt dat de gemeente niet meer in rekening mag brengen dan de kosten die zij voor de betreffende taak of voorziening maakt. Dit uitgangspunt geldt bij het bepalen van de tarieven in de verordening.
62
Programmabegroting Westervoort 2024-2027 - 3.1 Lokale heffingen
Beleidsdoel bij belastingen, leges en heffingen Inflatie Belastingen stijgen met het inflatiepercentage. 2024 4,22% 2025 4,18% 2026 3,58% 2027 3,22% Rioolheffing Inflatiepercentage + 1% Watertakenplan Dekking Maximaal 100% kostendekking van de leges (zoveel mogelijk kosten verhalen). Dekking Maximaal 100% kostendekking van de afval- en rioleringskosten.
3.1.2 Ontwikkeling lokale lastendruk De lokale lastendruk geeft aan wat een gemiddeld meerpersoonshuishouden met een eigen woning in Westervoort kwijt is. De stijging van de lastendruk in 2024 ten opzichte van voorgaand jaar bedraagt € 42,54. Dit is een stijging van 4,65%. In onderstaande tabellen is te zien hoe de lokale lastendruk opgebouwd is. Aannames Waarde woning Ledigingen 240-liter container restafval Rioolaansluiting woning
Ontwikkeling lokale lastendruk OZB-eigenaar Afvalstoffenheffing Rioolheffing Totaal Stijging in € Stijgingspercentage
€ 310.000 8 keer vast bedrag
2022 502,20 239,94 231,68 973,82
2023 436,79 236,95 240,95 914,69 -59,13 -6,07
2024 455,14 248,62 253,48 957,23 42,54 4,65
2025 2026 2027 474,25 491,32 507,05 259,06 268,39 303,98 266,66 278,93 290,64 999,97 1.038,64 1.101,66 42,74 38,67 63,03 4,46 3,67 6,07
3.1.3 Inkomstenoverzicht Het totaal van de geraamde baten uit lokale heffingen in 2024 is € 7.771.000. De verdeling naar soort inkomsten is in onderstaande tabel weergegeven. Inkomsten uit lokale heffingen Subtotaal belastingen Subtotaal leges en overige opbrengsten Subtotaal heffingen Totaal
2022 R 3.617 336 3.173 7.126
2023 B 3.604 349 3.244 7.197
2024 B 3.925 422 3.424 7.771
2025 B 3.976 423 3.586 7.985
2026 B 4.119 465 3.734 8.318
2027 B 4.252 479 3.874 8.605
Programmabegroting Westervoort 2024-2027 - 3.1 Lokale heffingen
63
3.1.4 Belastingen nader toegelicht Zoals eerder aangegeven zijn de inkomsten uit belastingen niet gelabeld. Deze kunnen voor alle gemeentelijke taken en voorzieningen worden ingezet. Financiën De totale opbrengst uit belastingen is begroot op € 3.925.000. Hiermee wordt de opbrengst uit belastingen in 2024 € 321.000 hoger begroot dan in 2023. De stijging van de OZB is onder andere het gevolg van indexeringen. Inkomsten uit belastingen OZB eigendom woningen OZB eigendom en gebruik niet-woningen Hondenbelasting Precariobelasting BIZ Totaal
2022 R 2.876 547 135 0 58 3.617
2023 B 2.858 553 136 0 57 3.604
2024 B 3.197 599 129 0 0 3.925
2025 B 3.217 625 134 0 0 3.976
2026 B 3.332 648 139 0 0 4.119
2027 B 3.439 669 144 0 0 4.252
Tarieven In onderstaande tabel is de tariefontwikkeling van de gemeentelijke belastingen die gemeente Westervoort heft weergegeven. Tariefontwikkeling belastingen OZB eigendom woningen OZB eigendom niet-woningen OZB gebruik niet-woningen Hondenbelasting 1e hond Hondenbelasting 2e hond Hondenbelasting 3e hond Hondenbelasting per kennel Wat betaal jij aan OZB? WOZ-waarde woningen 2023 2024 2025 2026 2027
2023 0,1409 0,3040 0,2359 96,93 133,02 257,47 229,96
€ 200.000 282 294 306 317 327
2024 0,1468 0,3168 0,2458 101,00 138,61 268,28 239,61
€ 310.000 437 455 474 491 507
2025 0,1530 0,3301 0,2561 105,24 144,43 279,55 249,67
€ 400.000 564 587 612 634 654
2026 0,1585 0,3420 0,2654 109,03 149,63 289,62 258,66
€ 600.000 845 881 918 951 981
2027 0,1636 0,3529 0,2738 112,52 154,42 298,88 266,94
€ 800.000 1.127 1.175 1.224 1.268 1.309
Onroerendezaakbelastingen Onroerendezaakbelastingen bestaan uit een eigenaren- en een gebruikersbelasting. De belastingen worden geheven van eigenaren en gebruikers van onroerende zaken. Voor woningen wordt alleen een eigenarenbelasting geheven. In 2023 worden alle onroerende zaken in de gemeente Westervoort voorzien van een nieuwe WOZ-waarde naar waarde peildatum 1 januari 2023. Deze nieuwe WOZ-waarden gelden voor het jaar 2024 en vormen de grondslag voor de berekening van de aanslagen OZB. De tarieven worden aangepast met de voor 2024 verwachte inflatie van 4,22%.
64
Programmabegroting Westervoort 2024-2027 - 3.1 Lokale heffingen
Er bestaat een relatie tussen de OZB en de Algemene Uitkering uit het Gemeentefonds. De financiële verhoudingswet regelt onder meer de verdeling van de Algemene Uitkering uit het Gemeentefonds over gemeenten. De Algemene Uitkering wordt over de gemeenten verdeeld met behulp van verdeelmaatstaven die verschillen in kosten weerspiegelen en ook verschillen in belastingcapaciteit. De belastingcapaciteit is een afgeleide van de waarde van onroerende zaken. Gemeenten met veel waardevol onroerend goed ontvangen een lagere uitkering dan soortgelijke gemeenten met minder waardevol onroerend goed. Van de waarde van woningen wordt 80% meegerekend en van de waarde van niet-woningen 70%. Hierop wordt het zogenaamde rekentarief toegepast. Dit rekentarief is globaal afgeleid van het gemiddelde landelijke OZB-tarief. Het resulterende bedrag wordt gekort op de Algemene Uitkering van de betreffende gemeente. Het OZB-tarief dat de gemeente hanteert, heeft geen enkel effect op deze aftrekpost. De rekentarieven zijn door het Rijk aangepast aan de landelijke waardeontwikkeling. De rekentarieven voor 2024 zijn 0,0890% voor OB woningen eigenaren, 0,2933% voor OZB niet-woningen eigenaren en 0,2231% voor OZB niet-woningen gebruikers. Hondenbelasting Hondenbelasting wordt geheven voor het houden van honden. Het aantal honden dat wordt gehouden is bepalend.
Er is een uitzondering gemaakt voor blindengeleidehonden, honden die aan een gehandicapte ten dienste zijn gesteld ter bevordering van de zelfstandige deelname aan het maatschappelijk verkeer en voor honden die voor deze taken worden opgeleid. Er zijn vrijstellingen voor politiehonden, asielhouders en honden jonger dan drie maanden die nog bij de moederhond verblijven en voor de honden van de Reddingshonden vereniging. Voor kennelhouders geregistreerd bij de Raad van beheer op kynologisch gebied geldt een vast tarief. De tarieven hebben een progressieve opbouw. Het uitgangspunt is dat de kosten van kwijtschelding in de tarieven worden verdisconteerd. De tarieven worden met de voor 2024 verwachte inflatie van 4,22% verhoogd. Kwijtscheldingen Inwoners met weinig vermogen en een laag inkomen kunnen in aanmerking komen voor gehele of gedeeltelijke kwijtschelding van de geheven belasting. Voor de hondenbelasting kan alleen kwijtschelding verleend worden voor de eerste hond. In de begroting is gerekend met een bedrag van € 5.000 (totaalbedrag kwijtschelding € 101.000). Motie onroerende zaakbelasting In de raadsvergadering van 3 juli 2023 is de motie Onroerende zaakbelasting aangenomen om de mogelijkheid te onderzoeken tot een structurele c.q. incidentele verlaging van de OZB.
Door de in de inleiding reeds genoemde risico's en onzekerheden over de gemeentefinanciën, de kostenontwikkeling van de jeugdzorg en WMO en de noodzakelijke investeringen is een verlaging van de OZB niet reëel.
Programmabegroting Westervoort 2024-2027 - 3.1 Lokale heffingen
65
3.1.5 Leges nader toegelicht Leges worden geheven voor diensten die geleverd worden aan een individuele aanvrager. Denk aan het aanvragen van een rijbewijs of een omgevingsvergunning. Deze leges worden ook wel retributies genoemd. Bij het heffen van leges heeft de gemeenteraad te maken met beperkingen. Er mag geen winst gemaakt worden op de diensten en voor een aantal diensten heeft het Rijk een maximumtarief bepaald. Deze uitgangspunten gelden bij het bepalen van de tarieven in de verordening. In deze paragraaf wordt de kostendekking van de leges weergegeven zowel bij vaststelling van de tarieven in de verordening als bij de realisatie. Financiën De totale opbrengst uit leges en overige opbrengsten is in 2024 begroot op € 422.000. Hiermee wordt de opbrengst in 2024 € 73.000 hoger begroot dan in 2023. De stijging in de komende jaren is het gevolg van verwachte hogere aanvragen reisdocumenten en rijbewijzen.
Inkomsten uit leges en overige opbrengsten Leges P1: Basisadministratie persoonsgegevens P1: Burgerlijke stand P1: Naturalisatie en geslachtsnaamwijziging P1: Reisdocumenten en rijbewijzen P1: APV en bijzondere wetten P2: Gehandicaptenparkeerkaarten P3: Wegen binnen de bebouwde kom P3: Bestemmingsplannen en vrijstellingen P3: Bouw-, aanleg en reclamevergunning P3: Leges omgevingsvergunningen Totaal leges Overige opbrengsten P2: Huuropbrengst sport P3: Lijkbezorgingsrechten P3: Marktgelden Totaal overige opbrengsten Totaal
2022 R
2023 B
2024 B
2025 B
2026 B
2027 B
17 13
18 13
15 13
15 13
15 13
15 13
20
20
12
12
12
12
108 4 0 8 5 7 88 270
126 4 2 8 5 7 88 289
230 4 2 19 5 7 88 395
209 4 2 19 5 7 88 374
244 4 2 19 5 7 88 409
256 4 2 19 5 7 88 420
25 28 13 65 336
25 28 7 60 349
25 28 7 59 422
25 28 7 59 423
25 28 7 59 465
25 28 7 59 479
Kostendekkende tarieven Zoals eerder aangegeven mogen de geheven leges niet winstgevend zijn, maar ten hoogste alle kosten voor de dienstverlening dekken. In onderstaand overzicht is de kostendekking voor de leges, lijkbezorging en marktgelden in beeld gebracht. Omschrijving
Leges
Salariskosten (inclusief overhead) Materiële kosten Totale lasten Totale baten Dekking (saldo) Dekkingspercentage
-263 -171 -434 395 -39 91
Lijkbezorgingsrechten -42 -39 -81 28 -53 35
Marktgelden -9 -4 -13 7 -6 54
66
Programmabegroting Westervoort 2024-2027 - 3.1 Lokale heffingen
3.1.6 Heffingen nader toegelicht Heffingen worden in rekening gebracht voor specifieke taken of voorzieningen met een duidelijk algemeen belang. De opbrengsten kunnen alleen besteed worden aan die specifieke taak of voorziening waarvoor de heffing is opgelegd. Deze heffingen worden ook wel bestemmingsheffingen genoemd. Het gaat hierbij om de afvalstoffen- en rioolheffing. Voor de heffingen geldt dat de gemeente niet meer mag heffen dan de kosten die zij voor de betreffende taak of voorziening maakt. Voor deze heffingen wordt de kostendekking daarom weergegeven. Financiën De totale opbrengst uit de bestemmingsheffingen bedraagt € 3.424000. De opsplitsing naar heffingssoort is in onderstaande tabel weergegeven. Inkomsten uit heffingen Afvalstoffenheffing Reinigingsrecht Rioolheffing Totaal
2022 R 1.564 7 1.602 3.173
2023 B 1.523 7 1.714 3.244
2024 B 1.610 8 1.807 3.424
2025 B 1.677 8 1.901 3.586
2026 B 1.738 8 1.988 3.734
2027 B 1.793 8 2.072 3.874
Tarieven In onderstaande tabel is de tariefontwikkeling van de gemeentelijke heffingen die gemeente Westervoort heft weergegeven. Tariefontwikkeling heffingen Afvalstoffenheffing/reinigingsrecht vastrecht Afvalstoffenheffing/reinigingsrecht variabel: - per lediging 140 liter container restafval - per lediging 240 liter container restafval - per storting ondergrondse container Verzamelcontainer: - meerpersoonshuishouden - eenpersoonshuishouden Rioolheffing, per aansluiting
2023 161,11
2024 172,78
2025 180,04
2026 186,52
2027 192,49
7,60 9,48 1,06
7,60 9,48 1,06
7,92 9,88 1,10
8,20 10,23 1,14
8,47 10,56 1,18
254,28 190,71 240,95
272,69 204,52 253,48
284,14 213,11 266,66
294,37 220,78 278,93
303,79 227,85 290,64
Afvalstoffenheffing Afvalstoffenheffing is een kostendekkende heffing. Loon- en prijsstijgingen alsmede (vervangings)investeringen hebben invloed op de tarieven. Er wordt onderscheid gemaakt in een vastrecht en een variabel tarief per lediging van de container voor restafval of per storting in een ondergrondse container. Er wordt uitgegaan van een gemiddelde van 6 ledigingen voor een 140-liter container, 8 ledigingen voor een 240-liter container of 32 stortingen per jaar. De kosten van kwijtschelding zijn in de tarieven afvalstoffenheffing verdisconteerd. De tarieven zijn bijna 100% kostendekkend. Rioolheffing Rioolheffing is een kostendekkende heffing. Het tarief wordt voor 2024 tot en met 2027 verhoogd met het inflatiepercentage en 1% stijging ontwikkeling Watertakenplan. In december worden de belastingtarieven aan uw raad voorgelegd.
Programmabegroting Westervoort 2024-2027 - 3.1 Lokale heffingen
67
Kostendekkende tarieven Kostendekking afvalstoffenheffing Lasten Afvalinzameling en verwerking Doorberekening Kwijtschelding BTW Salariskosten Overhead Totaal netto lasten (A) Lasten niet meegenomen in de heffing Baten Opbrengst afvalstoffenheffing Overige opbrengsten Totaal netto baten (B) Baten niet meegenomen in de heffing Dekkingspercentage (B:A)
2023
2024
2025
2026
2027
-911 -21 -96 -264 -86 -78 -1.456 -13
-1.269 -22 -96 -298 -83 -72 -1.840 -13
-1.317 -23 -96 -305 -89 -74 -1.904 -13
-1.361 -24 -96 -315 -92 -74 -1.962 -13
-1.374 -25 -96 -324 -95 -74 -1.988 -13
1.455 0 1.455 0 99,93%
1.617 222 1.839 0 99,95%
1.677 222 1.899 0 99,74%
1.731 222 1.953 0 99,54%
1.757 222 1.979 0 99,54%
2023
2024
2025
2026
2027
-882 -151 -2 -5 0 -22 -138 -123 -111 -281 -1.714 -85
-878 -164 0 0
-891 -153 0 -20
-916 -158 0 0
-947 -164 0 -3
-20 -160 -172 -149 -265 -1.807 0
-20 -159 -172 -149 -337 -1.901 0
-20 -155 -172 -149 -418 -1.988 0
-20 -156 -172 -149 -479 -2.090 0
1.714 1.714 3 100,00%
1.807 1.807 3 100,00%
1.901 1.901 3 100,00%
1.988 1.988 3 100,00%
2.072 2.072 3 99,14%
Kostendekking rioolheffing Lasten Riolering Rioolgemalen Rioolheffing Watertakenplan Klimaatadaptatie Doorberekening BTW Salariskosten Overhead Voorziening Totaal netto lasten (A) Lasten niet meegenomen in de heffing Baten Opbrengst heffingen Totaal netto baten (B) Baten niet meegenomen in de heffing Dekkingspercentage (B:A)
Kwijtschelding De gemeente is op grond van de Gemeentewet bevoegd om kwijtschelding van gemeentelijke heffingen te verlenen. In de gemeente Westervoort kan door belastingplichtigen (particulieren en zzp'ers) kwijtschelding worden aangevraagd voor de afvalstoffenheffing vastrecht en afvalstoffenheffing verzamelcontainer (100%) en maximaal 6 ledigingen van een 140-liter container, 8 ledigingen van een 240-liter container en 24 aanbiedingen bij de ondergrondse container.
68
Programmabegroting Westervoort 2024-2027 - 3.1 Lokale heffingen
Kwijtschelding wordt verleend op basis van 120% van de bijstandsnorm, waarbij tevens een vermogenstoets plaatsvindt. Ligt het netto besteedbare inkomen op of onder het bijstandsniveau, dan wordt volledige kwijtschelding verleend. Bij een gering hoger inkomen kan sprake zijn van een gedeeltelijke kwijtschelding. In al deze gevallen zal het beschikbare vermogen beneden de toegestane norm moeten liggen. Voor 2024 wordt rekening gehouden met een totaalbedrag van € 96.000 voor kwijtscheldingen (totaal geraamde kwijtscheldingen is € 101.000). 3.1.7 Indicatoren Lokale heffingen Gemiddelde WOZ waarde Nieuw gebouwde woningen Gemeentelijke woonlasten eepersoonshuishouden Gemeentelijke woonlasten meerpersoonshuishouden
Westervoort 310 2,5 936 977
Nederland 369 9,3 860 942
Voor een toelichting op de verschillende indicatoren wordt verwezen naar de website www.waarstaatjegemeente. De gegevens zijn ingevuld naar de stand van 31 augustus 2023.
Programmabegroting Westervoort 2024-2027 - 3.2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing
69
3.2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing 3.2.0 Inleiding In de uitvoering van onze taken zijn risico’s niet te vermijden. Het is belangrijk om ze in beeld te hebben omdat ze impact kunnen hebben op de realisatie van onze doelen. Daarom gaan we zorgvuldig om met risico’s, willen we bewuste afwegingen maken bij het aangaan van risico’s en passende beheersmaatregelen nemen. Als risico’s zich toch voordoen dan willen wij ze kunnen opvangen. De ratio weerstandsvermogen geeft een indicatie in welke mate wij hiertoe in staat zijn. De ratio weerstandsvermogen geeft de verhouding aan tussen de omvang van de beschikbare en de benodigde weerstandscapaciteit. Een gezond weerstandsvermogen (> 1,0) stelt ons in staat om financiële tegenvallers op te vangen zonder dat dit ons tot ombuigingen dwingt ten koste van het uitvoeren van bestaande taken. De weerstandscapaciteit kan worden gezien als een noodzakelijke buffer om de continuïteit van de bedrijfsvoering te waarborgen. Die buffer ligt deels in de sfeer van de exploitatie (de baten en lasten) en deels in de vermogenssfeer (reserves*). De onderstaande tabel geeft weer hoe de structurele en incidentele weerstandscapaciteit is opgebouwd. 3.2.1 Weerstandscapaciteit
Weerstand Algemene reserve Resultaat Bestemmingsreserves Stille reserve Onbenutte belastingcapaciteit Onvoorzien Totale weerstandscapaciteit
2023
2024
2025
2026
2027
2.404 -540 0 0 0 25 1.889
2.364 1.019 0 0 0 25 3.408
3.883 2.218 0 0 0 25 6.126
6.601 397 0 0 0 25 7.023
7.498 308 0 0 0 25 7.831
Onvoorzien De post onvoorzien mag worden opgevat als een buffer voor onvoorziene tegenvallers. Het dekt lasten die onvoorzien, onvermijdelijk en niet uit te stellen zijn. Vanaf 2023 is conform het herstelplan € 200.000 structureel geraamd. Onbenutte belastingcapaciteit De resterende belastingcapaciteit geeft inzicht in de mogelijkheden voor nog te heffen lokale lasten. Door het afschaffen van de drempeltarieven is de hoogte van de onroerendezaakbelastingen niet meer gemaximeerd. Algemene reserve De reserves bestaan uit de algemene reserve en bestemmingsreserves. De algemene reserve is een reserve waarvoor geen specifieke bestemming is bepaald en daarom vrij kan worden ingezet voor het afdekken van risico’s.
70
Programmabegroting Westervoort 2024-2027 - 3.2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Niet beklemde bestemmingsreserves Van de aanwezige bestemmingsreserves is bij het vaststellen van de nota weerstandsvermogen geconcludeerd dat zij niet vrij aanwendbaar zijn, omdat bij beschikking over de reserve dekkingsproblemen ontstaan. Er is daarom geen ruimte. Stille reserves De gemeente heeft aandelen in het netwerkdeel van NUON en aandelen Vitens, BNG, Nazorg Bodem en Leisurelands (voormalige RAL). Voor een groot gedeelte dienen deze aandelen op basis van de wet in het bezit van de overheid te blijven. Daarnaast bezit de gemeente nog een aantal activa. Bij de activa gaat het om de mogelijk te realiseren winsten bij verkoop van panden. De bijdrage van bovenstaande stille reserves aan de weerstandscapaciteit ramen wij op nul. 3.2.2 Risico’s Nummer Risico Open einde regelingen 1.1 Jeugdzorg 1.2 Participatie (BUIG) 1.3 Wet maatschappelijke ondersteuning 1.4 Armoedebeleid 1.5 Woonplaatsbeginsel Overige risico's 2.1 Pandemieën Bedrijfsvoering 3.1 Personeel 1Stroom 3.2 Databeveiliging Financieel 4.1 Algemene uitkering 4.2 Plan de Schans 4.3 Aftreden bestuurder 4.4 Overige risico's Totaal
Kans 80% 50% 90%
Financieel gevolg Minimum Maximum 400.000 750.000 100.000 250.000 50.000 500.000
Risico Gemiddeld 460.000 87.500 247.500
70% 90%
50.000 50.000
250.000 850.000
105.000 405.000
5%
100.000
250.000
8.750
50% 90%
250.000 50.000
500.000 200.000
187.500 112.500
70% 70% 30% 25%
250.000 0 50.000 2.100.000 3.450.000
1.000.000 100.000 250.000 2.100.000 7.000.000
437.500 35.000 45.000 525.000 2.656.250
Op dit moment zijn de oplopende kosten van het sociaal domein (dashboard) en de RID niet kwantificeerbaar. Deze oplopende kosten kunnen een grote invloed hebben op de risico's, het weerstandsvermogen en het geprognosticeerde resultaat. 3.2.3 Weerstandsvermogen De ratio weerstandsvermogen is de verhouding tussen de beschikbare weerstands-capaciteit en de weerstandscapaciteit die nodig is om de restrisico’s op te vangen. Dit zijn risico’s waar géén maatregelen voor zijn getroffen om die af te dekken. Als een restrisico zich in de praktijk voordoet, zullen de liquide middelen worden aangesproken. Bij onvoldoende middelen kan het nodig zijn om een lening aan trekken, die extra rentelasten met zich meebrengt. Voor het begrotingsjaar 2024 is de berekening van de ratio weerstandsvermogen als volgt: Ratio weerstandsvermogen
=
Beschikbare weerstandscapaciteit Benodigde weerstandcapaciteit
=
€ 3.408 € 2.656
1,28
Programmabegroting Westervoort 2024-2027 - 3.2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing
71
De normtabel biedt een waardering van de berekende ratio. Weerstandsnorm Waarderingscijfer A B C D E F
Ratio >2.0 1.4-2.0 1.0-1.4 0.8-1.0 0.6-0.8 <0.6
Betekenis uitstekend ruim voldoende voldoende matig onvoldoende ruim onvoldoende
Het verloop van de ratio weerstandsvermogen voor de jaren 2022 tot en met 2027 is hieronder weergegeven: Verloop ratio weerstandsvermogen Weerstandscapaciteit (A) Risico's (B) Ratio weerstandsvermogen (A:B) J(aarrekening) 0f B(egroting)
2022 4.999 2.133 2,34 J
2023 1.889 2.656 0,71 B
2024 3.408 2.656 1,28 B
2025 6.126 2.767 2,21 B
2026 7.023 2.866 2,45 B
2027 7.831 2.958 2,65 B
Het weerstandsvermogen gaat vanaf 2025 naar uitstekend. De in het herstelplan genomen maatregelen hebben tot gevolg dat de algemene reserve groeit naar € 7,8 miljoen. Deze groei is het gevolg van de verwachte positieve begrotingsresultaten en het spaarprogramma. Vanaf het jaar 2022 zijn de risico's anders berekend wat leidt tot een beter en stabieler ratio. De ratio weerstandsvermogen is gebaseerd op verwachtingen. Economische ontwikkelingen kunnen grote invloed hebben op de begrotingsresultaten, waarbij de financieringssystematiek van het gemeentefonds een belangrijke negatieve invloed kan hebben. Wij moeten ervoor waken om niet in de valkuil te stappen van het blindstaren op de positieve begrotingsresultaten om de bestuurlijke ambities te realiseren.
72
Programmabegroting Westervoort 2024-2027 - 3.3 Onderhoud kapitaalgoederen
3.3 Onderhoud kapitaalgoederen 3.3 Onderhoud kapitaalgoederen Het onderhoud van de kapitaalgoederen legt een beslag op een deel van de financiële middelen. Kapitaalgoederen zijn verdeeld naar de categorieën wegen, water en gebouwen. In deze paragraaf wordt ingegaan op het beleidskader, de beheerplannen en de financiële consequenties. In de beleidsplannen legt de gemeenteraad de kaders vast voor de uitvoering van het onderhoud aan de kapitaalgoederen. Het niveau van het onderhoud en de kwaliteit van de kapitaalgoederen zijn bepalend voor het voorzieningenniveau en de jaarlijkse lasten. Met de vaststelling van de programmabegroting machtigt de raad het college van burgemeester en wethouders om de uitgaven ten laste van de betreffende onderhoudsvoorzieningen te doen. Deze voorzieningen worden gevuld door een jaarlijkse storting vanuit de diverse taakvelden. De kosten van het onderhoud worden rechtstreeks ten laste van de voorziening gebracht. Integraal beleidskader In 2024 wordt het Integrale Beleidsplan Openbare Ruimte 2023-2032 (IBOR) vastgesteld door de Raad en beschrijft het strategische kader voor de integrale aanpak van de openbare ruimte voor een periode van 10 jaar.
Het IBOR heeft als doel effectief en efficiënt te kunnen werken aan grote opgaven als een toekomstbestendige leefomgeving en een openbare ruimte die bijdraagt aan een inclusieve samenleving en uitnodigt tot een gezonde en sociale levensstijl. Dit in combinatie met de grootschalige vervangingsopgaven waar de gemeente voor staat. Het IBOR zorgt daarnaast voor het beheersbaar houden van de aanleg en onderhoudskosten, duurzaam financieel beleid en een grotere betrokkenheid van de samenleving door hier met elkaar aan te werken. Binnen het IBOR staan de volgende ambities centraal; basis op orde, betrokken samenleving, toekomstbestendig, aantrekkelijk en uitnodigend. Naar verwachting zal in 2024 het integrale beheerplan openbare ruimte worden vastgesteld door het college. In 2050 moet de grond -weg en waterbouw circulair zijn. Binnen programma duurzaamheid zijn lijnen uitgezet om dit te bereiken. Circulariteit en duurzaamheid wordt daarom nu al meegenomen in aanbestedingen. Wegen Beleidskader Vooruitlopend op het IBOR is het onderhoudsniveau van de openbare ruimte vastgesteld. Dit is kwaliteitsniveau C van het CROW met enkele accenten op B-niveau. Circulariteit en duurzaamheid wordt meegenomen in aanbestedingen voor het uitvoeren van alle onderhoud. Uitvoering wegonderhoud De weginspectie wordt elk het jaar uitgevoerd op alle verhardingen. De laatste weginspectie is in 2023 uitgevoerd.
Het daaruit gebleken noodzakelijke geprognotiseerde ‘groot’ onderhoud voor 2024 wordt getoetst op maatregel en worden ook uitgevoerd. Het bij de inspectie geconstateerde klein onderhoud is in het inspectiejaar opgelost. Het bij Fixi/KCC gemelde klein onderhoud wordt zo snel mogelijk opgelost. Naast het uitvoeren van groot onderhoud zal er steeds meer een verschuiving optreden naar vervangen. Dit komt vooral voort uit ouderdom en slechte kwaliteit, integraal afgestemd.
Programmabegroting Westervoort 2024-2027 - 3.3 Onderhoud kapitaalgoederen
73
De inspectie en schouw van de kunstwerken gaat volgens een inspectieplan. Een houten brug wordt afwisselend om het jaar geschouwd of geïnspecteerd. Voor beton, staal en overige is dit 1 keer per 3 jaar. De inspectie of schouw van 2023 bepaalt het noodzakelijke onderhoud voor 2023, en dat wordt ook uitgevoerd. Voor de latere jaren is het onderhoud berekend. Kwaliteitsniveau verhardingen Het kwaliteitsniveau van de verhardingen wordt getoetst aan de normen van CROW (Centrum voor Regelgeving en Onderzoek in de Grond-, Water- en Wegenbouw en de Verkeerstechniek). De kwaliteit van het asfalt is bij de laatste inspectie iets gedaald. Het is belangrijk asfalt op redelijk niveau te houden om kapitaalvernietiging te voorkomen. De kwaliteit van de elementen verharding is gedaald ten opzichte van de vorige inspectie. Met het extra budget voor achterstallig onderhoud wordt de komende 4 jaar een inhaalslag gemaakt om de kwaliteit te verbeteren. Een aandachtspunt is dat vooral bij asfaltwegen steeds meer schade door droogte optreedt en dat op de lange termijn erg hoge onderhoudsbedragen worden berekend. Na de laatste inspectie in 2023 zijn diverse onderhoudsmaatregelen uitgevoerd, op moment van schrijven in uitvoering of nog gepland. Hierbij wordt rekening gehouden met de aanleg van glasvezel. Van de civiele kunstwerken wordt bij de inspectie per hoofdonderdeel de schade in beeld gebracht.
Per schade wordt een herstel advies gegeven. Dit kan ook een renovatie of vervanging zijn als daar aanleiding toe is. Indien nodig volgt nader onderzoek. Het aangetroffen kwaliteitsniveau voldoet aan de verwachtingen en de leeftijd van het areaal. Voorziening onderhoud wegen Stand per 1 januari Toevoeging aan de voorziening Onttrekking aan de voorziening Stand per 31 december
2023 460 494 -20 934
2024 934 494 -613 816
2025 816 494 -455 854
2026 854 494 -460 888
2027 888 494 -604 778
Voorziening achterstallig onderhoud wegen Stand per 1 januari Toevoeging aan de voorziening Onttrekking aan de voorziening Stand per 31 december
2023 1.826
2024 1.326
2025 826
2026 326
2027 0
-500 1.326
-500 826
-500 326
-326 0
0
Riolering, gemalen en randvoorzieningen Beleidskader De Raad heeft in 2022 het Watertakenplan 2022-2026 vastgesteld. In het Watertakenplan 2022-2026 is zowel het beleid als de financiële onderbouwing opgenomen voor het in stand houden van het riool en watersysteem. Het Watertakenplan is input voor het IBOR waarmee het watertakenplan geborgd is binnen het beleidskader IBOR. Daarnaast zijn in 2022 het uitvoeringsprogramma DPRA, de rioolaansluit- en hemelwaterverordening door de Raad vast gesteld. De bekostiging van het uitvoeringsprogramma DPRA is opgenomen in het Watertakenplan. De beleidsstukken zijn opgesteld in samenwerking met de Liemerse gemeenten en Waterschap Rijn en IJssel.
74
Programmabegroting Westervoort 2024-2027 - 3.3 Onderhoud kapitaalgoederen
Uitvoering Met het vaststellen van het uitvoeringsprogramma DPRA gaat de gemeente inzetten in op het klimaatadaptief maken van de openbare ruimte. In 2024 wordt de eerste locatie opgepakt namelijk de Korte Griet. Om te voldoen aan de herziene Europese eisen omtrent de waterkwaliteit start de gemeente met onderzoek naar de kwaliteit van de zuiverende voorzieningen en de werking van de voorzieningen. Het onderzoek richt zich op de kwaliteit van de bodem van de retentievijvers en wadi’s. Onder de kruising Brugweg, Dorpstraat wordt een streng gerelined omdat bij hoge grondwaterstanden er zeer veel water het riool binnen stroomt . De streng ligt erg diep en heeft een grote diameter. Voorziening riolering Stand per 1 januari Toevoeging aan de voorziening Onttrekking aan de voorziening Stand per 31 december
2023 2.299 280 0 2.579
2024 2.579 265 0 2.844
2025 2.844 337 0 3.181
2026 3.181 418 0 3.600
2027 3.600 479 0 4.079
Water Beleidskader De Raad heeft in 2022 het Watertakenplan 2022-2026 vastgesteld. In het Watertakenplan 2022-2026 is zowel het beleid als de financiële onderbouwing opgenomen voor het in stand houden van het riool en watersysteem. Het Watertakenplan is input voor het IBOR waarmee het watertakenplan geborgd is binnen het beleidskader IBOR. Uitvoering Waterschap Rijn en IJssel heeft samen met de gemeente dit jaar onderzoek gedaan naar de kwaliteit van de beschoeiingen. In 2024 worden diverse locaties aangepakt. Water Budget Totaal
2023 -5 -5
2024 0 0
2025 -20 -20
2026 0 0
2027 -3 -3
Onderhoud groen Beleidskader Vooruitlopend op het IBOR is het kwaliteitsniveau van de openbare ruimte vastgesteld. Voor de beplanting is dit kwaliteitsniveau C, met uitzondering van de vaste planten. Deze beheergroep heeft kwaliteitsniveau B. Overige onderdelen als vegen en onkruidbestrijding en A-locaties hebben ook kwaliteitsniveau B gekregen. Het beheerniveau wordt pas bijgesteld bij het ingaan van de nieuwe onderhoudscontracten in 2026. De bomenverordening 2016 is het geldende beleidskader voor bomen. Deze boomverordening maakt onderdeel uit van het Integrale Beheerplan. Hierin staan regels over onder andere kap, behoud en bescherming. Onderdeel hiervan is de Groene Kaart. Dit betreft een topografische kaart met daarop alle monumentale en waardevolle groenelementen en monumentale bomen.
Programmabegroting Westervoort 2024-2027 - 3.3 Onderhoud kapitaalgoederen
75
De komende jaren wordt ingezet om doelstellingen zoals geformuleerd in Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie uit te voeren. Binnen de gemeentegrenzen zijn zowel de Japanse duizendknoop als de reuzenberenklauw aangetroffen. Naar aanleiding van EU verordening ‘Invasieve Uitheemse Soorten’ 1143/2014 is de gemeente wettelijk verplicht gesteld in te grijpen bij het aantreffen van invasieve exoten om verdere verspreiding te voorkomen. Binnen het groen werken we conform de wet Natuurbescherming (Wnb). Deze wet beschermt de dieren en planten in Nederland en hun leefgebied. Uitvoering Naast het creëren van een veilige aantrekkelijke en groene leefomgeving ligt het zwaartepunt bij het groenbeheer steeds meer op de maatschappelijke opgaven die we hebben in relatie tot vergroenen, klimaatadaptatie, ecosysteemdiensten en biodiversiteit. Dit maakt dat we anders gaan beheren. Conform het oude beleidskader zijn in 2019 nieuwe onderhoudscontracten (bestekken) opgesteld en aanbesteedt. Het bestek loopt van 2020 t/m 2023 met optie tot verlenging van 2 maal een jaar. Hoewel het onderhoudsniveau is gewijzigd blijft het uitgangspunt dit bestek. Eerder aanbesteden zorgt in de huidige markt voor een hogere onderhoudsprijs voor een lager onderhoudniveau. In 2024 wordt begonnen met het opstellen van nieuwe onderhoudsbestekken voor het reguliere groenonderhoud en het onkruid vrij maken en het vegen van de wegen.
Ook hierin worden de ambities binnen het IBOR meegenomen. Voor het boombeheer wordt Handboek Bomen van Norminstituut Bomen gebruikt. Hierin staan kwaliteitseisen, richtlijnen en normen die van toepassing zijn op de uitvoering van werkzaamheden met bomen. Extra aandacht krijgen de bomen met essentaksterfte en de kastanjebloedingsziekte. We controleren deze bomen vaker en monitoren de voortgang van de ziekte. Waar nodig snoeien we vaker of vervangen we bomen als dat nodig is. Het behoud van met name grote bomen is belangrijk. Hun bijdrage op gebied van bijvoorbeeld verkoeling en ecosysteemdiensten is groter dan bij kleine bomen. Het behoud van grote bomen met kleine groeiplaatsen zorgt regelmatig voor extra kosten. Een voorbeeld hiervan is het ondergronds toevoegen van extra voedingsmiddelen om wortelopdruk te beperken. Dit doen we in overleg met vakgroep wegen. Ook onderzoek naar stabiliteit en aanvullende snoei vindt vaker plaats. Het maaibestek (bermen) is begin 2023 aanbesteed. Op 8-03-2021 heeft de raad de notitie ‘Bloeiend maaibeheer’ vastgesteld en gekozen voor optie 6 als uitgangspunt voor het aanpassen van het maaibeheer met als doel de biodiversiteit te vergroten. Hiervoor is structureel € 7.500 extra ter beschikking gesteld. Waar mogelijk wordt er gemaaid en afgevoerd en is de frequentie teruggebracht.
In de maand mei maaien we alleen daar waar nodig in verband met de verkeersveiligheid. In deze maand is een bloeiende berm extra belangrijk voor de insecten. De invasieve soorten in onze gemeente worden beheerst conform het opgestelde plan van aanpak. De bestrijdingsmethode wordt afgestemd op de omvang van de locatie. Er worden geen chemische bestrijdingsmiddelen toegepast. Jaarlijks wordt de voortgang gemonitord. De plantvakken liggen niet overal op het vastgestelde kwaliteitsniveau. Voor de uitvoering van grootschalige renovaties wordt gezocht naar maximale integraliteit met overige vakgebieden in de openbare ruimte. Naar verwachting zal eind 2024 het integrale beheerplan worden vastgesteld door het college. Tevens is een relatie met het beschikbaar komen van gelden uit het DPRA-plan. Hier wordt zo veel mogelijk werk-met-werk gemaakt.
76
Onderhoud groen Budget Totaal
Programmabegroting Westervoort 2024-2027 - 3.3 Onderhoud kapitaalgoederen
2023 -809 -809
2024 -800 -800
2025 -800 -800
2026 -800 -800
2027 -800 -800
Onderhoud gebouwen Beleidskader Op basis van de MJOP’s (Meer-jaren-Onderhoudsplannen) en de gebouwopnames wordt jaarlijks het 4-jaarlijks uitvoeringsprogramma GOG geactualiseerd en opgesteld. Aanvankelijk beschikte de Gemeente Westervoort niet over MJOP’s voor het Groot-Onderhoud van het gemeentelijk vastgoed. Voor wat betreft de 4-jaarlijkse planning (2024-2027) heeft een uitvoeringsjaar 2024 een definitief karakter en de jaren 2025-2027 een meer voorlopig karakter. Dat wordt mede bepaald op basis van de opzet van de MJOP’s in O-prognose. Beheerplan Voor het planmatig groot onderhoud wordt onderscheid gemaakt in de volgende twee categorieën: • Groot onderhoud met een cyclus van 2-25 jaar: vindt een reservering plaats. • Groot onderhoud met een cyclus van > 25 jaar: kapitaliseren (rente en afschrijving). Voor het regulier onderhoud is budget opgenomen in de meerjarenbegroting. Daarnaast is er een bestemmingsreserve onderhoud gebouwen.
Jaarlijks dienen de MJOP’s geactualiseerd te worden op basis van: • Uitgevoerd onderhoud en geplande onttrekkingen, • Wijzigingen in de onderhoudscomponenten (materiaalkeuzes) • Verwerking van opname-/schouwresultaten, • Verkoop, Privatisering en/of sloop van een accommodatie, • Wijziging in onderhoudsverantwoordelijkheid (eigenaar-verhuurder/huurder-gebruiker) Voor het Groot-Onderhoud van de gemeentelijke accommodaties is momenteel nog geen Beleidsplan vastgesteld door de Gemeenteraad. Voorgesteld wordt voor de gehanteerde systematiek voor het opstellen van de MJOP’s in Oprognose het volgende beleidskader te gaan hanteren: Voor het planmatig groot-onderhoud wordt onderscheid gemaakt in de 2 volgende categorieën: • Groot-onderhoud met een cyclus van 2-25 jaar te dekken uit de bestemmingsreserve • Groot-Onderhoud met een cyclus van > 25 jaar • Investering < € 10.000 eenmalig opnemen in de voorcalculaties jaarlijks onderhoud, • Investering > € 10.000 te kapitaliseren (rente en afschrijving)
Programmabegroting Westervoort 2024-2027 - 3.3 Onderhoud kapitaalgoederen
77
Uitvoering In het kader van de herontwikkeling van het Kulturhus de Nieuwhof (in ontwikkeling bij de afdeling RSO) zijn in 2024 een aantal huurdersmutaties te verwachten die mede consequenties zullen hebben voor de huursituatie in het Ondernemerscentrum De Uitterweert. Voor de noodzakelijke aanpassingen van de Uitterweert is in de VJN 2023 een krediet beschikbaar gesteld van € 100.000 In nauw overleg met de huurders zullen de verbouwingsplannen worden uitgewerkt voor uitvoering in 2024. Onderhoud gebouwen Budget Totaal
2023 -59 -59
2024 -90 -90
2025 -87 -87
2026 -87 -87
2027 -87 -87
78
Programmabegroting Westervoort 2024-2027 - 3.4 Financiering
3.4 Financiering Inleiding Het streven is naar de optimale financiering van de inkomsten en uitgaven van de gemeente Westervoort op korte en lange termijn. Om deze treasury-functie goed uit te voeren, kijken we naar de meerjarige liquiditeitsontwikkeling van de gemeente en de renteontwikkelingen op de geld- en kapitaalmarkt in Nederland. De treasury-functie wordt uitgevoerd binnen de normen van de Wet FIDO (Wet Financiering Decentrale Overheden), de Wet HOF (Wet Houdbare Overheidsfinanciën) en het treasurystatuut van de gemeente Westervoort vastgesteld in 2021. Doelstellingen Bij de begroting wordt afgewogen welke investeringen er op korte en lange termijn moeten plaatsvinden. Het is vervolgens onze taak om deze investeringen conform de kaders te financieren. We beperken ons tot de publieke taak en hanteren hierbij de volgende doelstellingen: • Er is voldoende financiering op de korte en lange termijn; zodoende is er altijd geld om aan onze betaalverplichting te voldoen. • De risico’s die aan financiële transacties verbonden zijn worden beheerst en beperkt; het betreft het renterisico, het koersrisico en het debiteuren-/crediteurenrisico. • De rentekosten van de leningen worden zoveel mogelijk beperkt. • De interne verwerkingskosten en externe kosten bij het beheren van de geldstromen en financiële posities worden zoveel mogelijk beperkt.
Rentevisie De inflatie blijft zowel dit jaar als in 2024 duidelijk boven de doelstelling van de ECB. De centrale bank zal het monetaire beleid nog iets verkrappen. Over een jaar wordt uitgegaan van een depositotarief van ca. 4 procent. De rentetarieven zullen met name in de kortere looptijden nog wat oplopen.
Programmabegroting Westervoort 2024-2027 - 3.4 Financiering
79
Renterisico’s De specifieke risico’s die samenhangen met de uitvoering van de treasuryfunctie bestaan voornamelijk uit renterisico’s, die worden getoetst aan twee normen. Dit zijn: • De kasgeldlimiet. Deze geeft het maximale bedrag aan dat een gemeente aan vlottende financieringsmiddelen (looptijd korter dan een jaar) mag opnemen. • De renterisiconorm. Hiermee wordt het renterisico op de vaste schuld in beeld gebracht (looptijd vanaf een jaar). Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet stelt een bovengrens aan de toegestane omvang van de kortlopende schuld (looptijd korter dan een jaar). Reden hiervoor is dat een korte schuldpositie een potentieel renterisico in zich bergt, omdat rentestijgingen direct doorwerken in de rentelasten. Het is dan ook van belang dat de grote fluctuaties van de rentelasten op de korte financiering gedurende het begrotingsjaar beheerst worden. Hiervoor is een goede liquiditeitsprognose voor de korte en lange termijn noodzakelijk. Voor structurele liquiditeitstekorten is financiering met geldleningen met een looptijd langer dan een jaar de aangewezen oplossing. De kasgeldlimiet wordt berekend als een percentage van de jaarbegroting (8,5%) en geldt voor het gehele begrotingsjaar. Berekening kasgeldlimiet Kasgeldlimiet Totale uitgaven Toegestane kasgeldlimiet in % Toegestane kasgeldlimiet in €