Concept-omgevingsvisie Westerveld
Tekst van het document
Woondorpen
Rustig, groen en landelijk wonen in fraaie authentieke dorpen met een belangrijke rol voor gemeenschapszin en zelfredzaamheid. Voorzieningen zijn zeer kleinschalig aanwezig, bijvoorbeeld een rijdende winkel of gastouder. De centrale
Dieverbrug (Foto: Marius Visser)
voorzieningen elders zijn bereikbaar door buurtbus en leerlingenvervoer.
37
Koers voor de overige dorpen
Omdat ieder dorp uniek is, vinden we maatwerk erg belangrijk. Dit betekent dat we samen met de dorpen kijken waar de behoeften liggen en hoe we daarin als gemeente ruimte kunnen bieden via regelgeving of kunnen faciliteren. Een aantal dorpen heeft (in eigen beheer) een Dorpsvisie opgesteld. Die Dorpsvisies kunnen dienen als leidraad.
Het 'dorpse en groene karakter' van onze dorpen is een belangrijke pijler van onze woonkwaliteit. Het behouden van de ruimtelijke kwaliteit van de woon- en leefomgeving is een belangrijk uitgangspunt.
Voor het goed functioneren van een dorp is het belangrijk dat er voldoende ruimte voor ontmoeting is. We willen ons ervoor inzetten om deze voorziening voor de dorpen te behouden.
We willen de aantrekkelijkheid van de dorpen vergroten door ruime(re) mogelijkheden te bieden voor werken aan huis.
In alle dorpen is ruimte voor (beperkte) woningbouw. Wat betreft woningbouw in de overige dorpen kiezen we hoofdzakelijk voor een vraag gestuurde aanpak. We juichen eigen initiatief toe, bijvoorbeeld om het eigen huis aan veranderende woonwensen of familiesamenstelling aan te passen. Ook experimenteel en exclusief wonen is mogelijk, zoals in de vorm van collectief particulier opdrachtgeverschap. Hierbij kijken we goed wat bij onze waarden voor het betreffende dorp past.
Naast deze visie formuleren we een visie op de voorzieningen in onze dorpen, die te beschouwen is als een nadere uitwerking van deze Omgevingsvisie wat betreft de ambitie ‘Een leefbaar en inclusief Westerveld’.
We stimuleren initiatieven vanuit de dorpen die als doel hebben de sociale betrokkenheid en de leefbaarheid te verbeteren. Ook initiatieven op het gebied van collectieve verduurzaming worden door ons gestimuleerd.
38
3.
Idee
39
In deze Omgevingsvisie leest u onze koers voor de komende 20 jaar. U treft hierin
En goed nieuws: als uw plan past binnen het bestemmingsplan - al dan niet met
aan wat we belangrijk vinden, wat onze ambities zijn en waar we aan gaan werken.
een in het bestemmingsplan aangewezen afwijking – is verdere toetsing aan de
Dat kunnen we als gemeente niet alleen. Initiatieven komen lang niet altijd bij de
Omgevingsvisie niet nodig! U kunt dan contact opnemen met de gemeente over
gemeente vandaan. Integendeel, veel vaker zijn het (onze) ondernemers, inwoners
uw plan en wat u precies moet indienen.
en partners die met goede plannen rondlopen. De conclusie kan ook zijn dat uw plan niet past binnen het bestemmingsplan. Ga Als je van plan bent om iets te doen dat gevolgen heeft voor onze leefomgeving – zoals een huis bouwen of verbouwen of een bedrijf uitbreiden - dan kun je te maken krijgen met de Omgevingsvisie. Uitgangspunt van de gemeente bij de afweging van initiatieven is het “ja, mits” principe. Een initiatief krijgt medewerking mits het in voldoende mate bijdraagt aan kwaliteiten en opgaven die in de omgevingsvisie zijn beschreven.
dan door naar stap 2. Stap 2: Waar wilt u uw plan realiseren?
Zoek allereerst het gebiedskompas dat hoort bij de locatie van uw plan. Kijk daarna naar de waarden die bij dat gebied horen (wij vinden het namelijk erg belangrijk dat onze waarden en kwaliteiten behouden blijven). In het vervolg van het gebiedskompas leest u over onze ambities en keuzes voor het gebied. Laat u
Hieronder vindt u een stappenplan. Dit stappenplan helpt bij het lezen van deze
inspireren door het gebiedskompas en gebruik de informatie om uw plan nog
omgevingsvisie, helpt u in het vormgeven van uw idee en het gesprek met ons. In
sterker te maken!
dat gesprek kijken we dan verder wat er kan en hoe uw plannen realiteit kunnen worden.
Stap 3: Uitwerken van uw plan
Kijk vervolgens in hoofdstuk 1 van deze Omgevingsvisie, waar onze
3.1
Stappenplan
overkoepelende ambities zijn beschreven. In hoeverre geeft uw plan invulling aan
U ziet hier welke stappen u kunt zetten voor het realiseren van uw plan. Ook laat
één (of wellicht meerdere) ambities?
het zien waarvoor en wanneer u de gemeente om hulp kunt vragen. De omgevingsvisie bouwt voort op bestaand beleid dat door de gemeenteraad is Stap 1: Past uw plan in het bestemmingsplan?
Kijk
altijd
eerst
in
het
bestemmingsplan.
vastgesteld. De hoofdlijnen van het gemeentelijke beleid voor de fysieke Ga
daarvoor
naar
leefomgeving zijn verwerkt in deze omgevingsvisie. Het onderliggende beleid kan
www.ruimtelijkeplannen.nl3 en zoek de locatie van uw plan. U leest daar heel
een nadere uitwerking of toelichting bevatten van de hoofdlijnen. Die kunnen
concreet wat u mag bouwen en hoe u gronden en/of gebouwen mag gebruiken.
helpen bij het indienen van initiatieven en het afwegen ervan (zie beleidsanalyse
Ook ziet u daar in welke gevallen u een vergunning nodig heeft.
in bijlage 4) .
3 Na invoering van de Omgevingswet (thans voorzien 1 juli 2022) komt deze website te vervallen en
vervangen door het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) en bestemmingsplannen worden dan Omgevingsplannen.
40
Stap 4: Draagvlak
Wij vinden het belangrijk dat u in een vroeg stadium in gesprek gaat met uw buren of andere omwonenden. De input van buren en omwonenden kunt u gebruiken om uw plan verder te detailleren. Natuurlijk kunt u ons vragen om daarin met u mee te denken. Stap 5: Toets aan wet- en regelgeving
Naast de Omgevingsvisie zijn er nog veel wetten en regels waar uw plan aan moet voldoen. Ook het beleid van (hogere) overheden speelt een rol bij ontwikkelingen. Al die wetten en regels hebben we niet opgenomen in deze Omgevingsvisie, maar zijn uiteindelijk wel van invloed op de haalbaarheid van uw plannen. We maken graag een afspraak om er samen naar te kijken. Tot slot
Heeft u een goed beeld van uw plan en hoe het aan kan sluiten bij onze Omgevingsvisie? Maak dan een afspraak met ons. We informeren u dan graag we welke stappen nog nodig zijn om een eventuele vergunning te krijgen.
3.2
Disclaimer
Bij dit stappenplan hoort wel een disclaimer. Deze Omgevingsvisie is onze visie richting 2040. Dit betekent dat onze ambities op onderdelen verder kunnen gaan dan beleid en regels van hogere overheden. We willen al onze ambities realiseren. Als daarvoor beleidsruimte nodig is bij hogere overheden, dan maken we ons daar sterk voor. Daarmee is de Omgevingsvisie een belangrijk vertrekpunt voor het toetsen van uw plan. We hopen dat u voldoende aanknopingspunten ziet voor uw plan. Echter, op enig moment zal uw plan moeten worden getoetst aan beleid- en wetgeving van hogere overheden. Denk bijvoorbeeld aan de Omgevingsverordening van de provincie, of wetgeving op het gebied van natuur, stikstof, milieu, etc. Uw plan zal ook in overeenstemming moeten zijn (of worden gebracht) met alle relevante wet- en regelgeving om daadwerkelijk te kunnen worden uitgevoerd.
41
4.
Uitvoering en monitoring
42
4.1
Werken in een beleidscyclus
Als de Omgevingswet is ingevoerd, gaan we op een andere manier plannen maken dan we daarvoor deden. Voorheen werkten we met aparte bestemmingsplannen en structuurvisies voor gebieden, met een einddatum. Waarna nieuwe ambities en plannen voor een los gebied werden geformuleerd. Nu denken en werken we vanuit één Omgevingsvisie voor het hele gebied, welke sturing en richting geeft voor alle specifieke omgevingsplannen. We gaan denken en werken in een beleidscyclus. Deze cyclus staat nooit stil. Daardoor kunnen we onze plannen steeds aanpassen aan actuele vragen. Hieronder hebben we een plaatje opgenomen van de beleidscyclus. De beleidscyclus start met de Omgevingsvisie. De cyclus start namelijk bij ambities en wensen. Die vertalen we in programma’s, in het Omgevingsplan en uiteindelijk in de vergunningverlening.
4.2
Monitoring van de Omgevingsvisie
De insteek van de Omgevingswet is dat beleidsstukken integraal worden opgesteld, steeds actueel zijn en worden bijgesteld. Ook de Omgevingsvisie moet altijd ‘bij de tijd’ zijn. Daarom monitoren we tussentijds de Omgevingsvisie en passen deze zo nodig aan. Dat doen we door iedere twee jaar een nieuwe leefomgevingsfoto (zie
De beleidscyclus van de Omgevingswet
onderdeel 5) te maken. Door de leefomgevingsfoto’s vervolgens over elkaar te leggen krijgen we een goed beeld van de veranderingen in de leefomgeving. Daardoor kunnen we zien waar we op koers liggen om onze ambities te realiseren. Ook zien we dan waar aanvullende acties nodig zijn. Door die tweejaarlijkse leefomgevingsfoto gaat de beleidscyclus draaien. Overigens, als we tussendoor met een belangrijke, soms onverwachte, ontwikkeling te maken krijgen, kan het zijn dat we genoodzaakt zijn om al eerder ons beleid bij te stellen. Dat is ook altijd mogelijk.
43
4.3
Samenhang tussen Omgevingsvisie, Programma’s en
4.4
Samenhang met milieubeginselen Milieu is een thema dat van oudsher centraal geregeld is en waarbij in de
Omgevingsplan
laatste decennia ook de Europese Unie een grotere rol is gaan spelen. In 4.3.1
Europees verband zijn de zogenoemde vier milieubeginselen vastgelegd. Dit
Programma’s
In deze Omgevingsvisie leest u over onze ambities. Om ambities om te zetten in
zijn afspraken over de manier waarop we zorgen voor ons milieu. Deze
tastbare resultaten gebruiken we na invoering van de Omgevingswet het
milieubeginselen luiden: 1.
instrument ‘Programma’. Het Programma is (net zoals de omgevingsvisie), een
Het voorzorgsbeginsel. Dit betekent dat we (vergunningplichtige)
instrument voor beleidsontwikkeling. De Omgevingsvisie is echter één integraal,
activiteiten voorkomen waarvan we verwachten dat ze negatief zijn voor
samenhangend strategisch plan over de fysieke leefomgeving. Het Programma kan
het milieu. 2.
worden gezien als een concrete uitwerking van de Omgevingsvisie. In een
Het beginsel van preventief handelen. We proberen milieuvervuiling
Programma geven we concreet aan hoe we een bepaald doel willen bereiken en
zoveel mogelijk te voorkomen. Dit betekent dat we vooraf maatregelen
waarmee dat wordt gemeten. Programma’s zijn dus niet integraal en kunnen
nemen om een negatief gevolg van een activiteit te voorkomen. Denk aan
speciaal voor een (deel)gebied of een bepaald milieuthema worden gemaakt.
de inzet van de beste technieken zodat er geen luchtvervuiling ontstaat. Dit
Het ligt voor de hand dat we als vervolg op deze Omgevingsvisie een of meerdere
doen we overigens nu ook al. 3.
Programma’s zullen opstellen. Op termijn willen we al ons sectorale beleid
Het beginsel van bestrijding aan de bron. Dit betekent dat we bij een
‘Omgevingswet-proof’ maken. Dat doen we:
negatief gevolg als eerste kijken of er iets bij of in de directe omgeving van
1.
door de strategische componenten uit het sectorale beleid te verwerken in
de activiteit zelf kan worden veranderd. Bijvoorbeeld door vuile lucht af te
de Omgevingsvisie;
vangen of door geluiddempende maatregelen bij het bedrijf zelf toe te
2.
passen.
en de uitvoeringsaspecten uit het sectorale beleid onder te brengen in 4.
Programma’s.
Het beginsel de vervuiler betaalt. Dit betekent dat degene die de activiteit uitvoert ook moet betalen voor het voorkomen of opruimen van de
4.3.2
negatieve gevolgen.
Omgevingsplan
Het Omgevingsplan is de opvolger van het bestemmingsplan. In het Omgevingsplan leggen we de bestaande situatie en de bestaande waarden vast. In het
In de Omgevingswet staat dat de Omgevingsvisie moet laten zien hoe we als
Omgevingsplan geven we ook kaders? voor bijvoorbeeld wat u mag bouwen. Ook
gemeente omgaan met de vier milieubeginselen. Naast het werken binnen de
vindt u in het Omgevingsplan regels over het gebruik van gronden en gebouwen.
nationale en Europese kaders op het gebied van milieu krijgen gemeenten ook
We zorgen dat het Omgevingsplan een uitwerking is van deze Omgevingsvisie.
meer eigen afwegingsruimte om te handelen. Als gemeente hebben we kennis van
Het Omgevingsplan is er nog niet. Als de Omgevingswet ingaat (in juli 2022),
de vier milieubeginselen en beschouwen we milieu als een integraal onderdeel van
worden de bestaande bestemmingsplannen samengevoegd en omgedoopt tot het
de fysieke leefomgeving. Vanuit dit oogpunt hanteert de gemeente Westerveld de
‘tijdelijke gemeentelijke Omgevingsplan’. De gemeente heeft daarna tot 2029 om
volgende uitgangspunten:
een Omgevingsplan te maken dat aan alle eisen voldoet 44
• De door de Rijksoverheid wettelijk vastgestelde kwaliteitseisen vormen het minimale niveau voor de gemeente Westerveld. Daar waar afwegingsruimte beschikbaar is vanuit milieu, willen we maatwerk leveren. • De milieukwaliteit wordt per saldo niet onevenredig aangetast. Waar nodig én mogelijk wordt de milieukwaliteit verbeterd; • Bij de bescherming en de verbetering van de milieukwaliteit zoeken naar synergie met ruimtelijke ontwikkelingen en andere beleidsvelden; • Gebiedsgericht milieubeleid: de milieukwaliteit in een gebied is passend voor de functie van dat gebied;
4.5
Effecten op het milieu
Om de gevolgen voor het milieu in beeld te brengen, worden zogenaamde milieueffectrapportages (MER) opgesteld. Voor deze Omgevingsvisie is geen milieueffectrapport (MER) gemaakt. Die keuze is gemaakt op basis van de antwoorden op deze vragen:
45
1.
Is de Omgevingsvisie kaderstellend voor toekomstige m.e.r.-(beoordelings)plichtige-activiteiten?
Activiteit
Drempelwaarde
Toelichting opgaven omgevingsvisie
Een landinrichtingsproject dan wel een
In gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op
wijziging of uitbreiding daarvan.
1°. een functiewijziging met een oppervlakte van
1°. Concrete doelen of acties of invulling van dit voornemen wordt in de
125 hectare of meer van water, natuur, recreatie of
Omgevingsvisie niet gegeven.
landbouw of 2°. vestiging van een glastuinbouwgebied of
2°. Concrete doelen of acties of invulling van dit voornemen wordt in de
bloembollenteeltgebied van 50 hectare of meer.
Omgevingsvisie niet gegeven.
De aanleg, wijziging of uitbreiding van
In gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op:
een stedelijk ontwikkelingsproject met
1°. een oppervlakte van 100 hectare of meer,
inbegrip van de bouw van winkelcentra
2°. een aaneengesloten gebied en 2000 of meer
1°. Er zijn in de Omgevingsvisie geen concrete plannen voor een stedelijk
of parkeerterreinen.
woningen omvat, of
ontwikkelingsproject van deze omvang opgenomen. De ambitie om Diever
3°. een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m2 of
en Dwingeloo functioneel aan elkaar te verbinden vraagt nadere
meer.
uitwerking. Daarnaast is deze ambitie een voortzetting van bestaand beleid, zoals opgenomen in de Structuurvisie. 2°. Ten aanzien van woningbouw wordt aangesloten bij de huidige Woonvisie. Concrete woningbouwprojecten worden in de Omgevingsvisie niet genoemd. Er is geen sprake van plannen voor een aaneengesloten gebied met 2000 nieuwbouwwoningen of meer. 3°. Er zijn in de Omgevingsvisie geen plannen voor een project van deze omvang opgenomen.
De aanleg, wijziging of uitbreiding van
In gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op
In de Omgevingsvisie wordt niet voorzien in de aanleg van een
een industrieterrein.
een oppervlakte van 75 hectare of meer.
industrieterrein van een dergelijke omvang
De oprichting, wijziging of uitbreiding
In gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op:
In de Omgevingsvisie wordt niet voorzien in de oprichting van een
van een windturbinepark.
1°. een gezamenlijk vermogen van 15 megawatt
windturbinepark
(elektrisch) of meer, of 2°. 10 windturbines of meer. Het antwoord op de eerste vraag is dan ook ontkennend: de Omgevingsvisie is niet kaderstellend voor toekomstige m.e.r.-(beoordelings)plichtige-activiteiten.
46
2.
Leidt de Omgevingsvisie tot significant negatieve effecten op de
doorverkopen van de grond. Het vestigen van een voorkeursrecht kan daarbij helpen,
instandhoudingsdoelstellingen van nabijgelegen Natura 2000-gebieden?
omdat het doorverkopen van de grond zonder dat dit bijdraagt aan de beoogde
Wat betreft deze vraag geldt dat de omgevingsvisie onvoldoende concrete uitspraken
ontwikkeling daarmee wordt tegengegaan. Als gemeente kunnen we een zogenaamd
doet. Er worden geen locaties voor woningbouw of woningaantallen vastgelegd. Op
‘voorkeursrecht’ vestigen op gronden van anderen. Besluit een eigenaar tot verkoop,
deze punten is nadere studie en uitwerking nodig. Of er sprake is van negatieve
dan wordt die grond eerst aan de gemeente aangeboden. De gemeente mag de grond
effecten in omliggende Natura 2000-gebieden is derhalve afhankelijk van de precieze
daardoor als eerste aankopen. Hiermee kan de gemeente waarborgen dat bepaalde
locatie van een ontwikkeling en van de aard en omvang van de ontwikkeling.
gronden – bijvoorbeeld op basis van de beoogde koers van de Omgevingsvisie - een
Het antwoord op de tweede vraag is daarom eveneens ontkennend: de
andere toekomstige functie krijgen.
Omgevingsvisie
leidt
niet
tot
significant
negatieve
effecten
op
de
instandhoudingsdoelstellingen van nabijgelegen Natura 2000-gebieden
De Omgevingswet biedt meerdere grondslagen om een voorkeursrecht te kunnen vestigen. Een Omgevingsvisie kan een van de vestigingsgrondslagen zijn, maar ook
3.
Overige overwegingen
gedacht kan worden aan een programma of omgevingsplan of een zelfstandig besluit
Bedacht dient te worden dat deze Omgevingsvisie voor een belangrijk deel is
van de gemeenteraad op basis van ruimtelijke plannen of een voornemen hiertoe.
gebaseerd op bestaande beleidsdocumenten, waarover de raad reeds eerder een besluit heeft genomen. Te denken valt aan de Woonvisie, de Structuurvisie en de
4.7
Kadernota Buitengebied. Daarnaast is er de Leefomgevingsfoto (zie onderdeel 5). In
In deze Omgevingsvisie hebben we op papier de koers voor Westerveld uitgezet. Maar
de Leefomgevingsfoto zijn diverse milieuthema’s tegen het licht gehouden. Gebleken
natuurlijk willen we dat de visie straks ook in de praktijk wordt uitgevoerd. Alleen dan
is dat er in de huidige situatie geen milieuknelpunten zijn. De huidige staat van de
worden onze ambities immers werkelijkheid! Een uitvoeringsparagraaf is daarom een
Leefomgeving is goed.
verplicht
Uitvoeringsagenda
onderdeel van
de omgevingsvisie. De gemeente moet
in
de
uitvoeringsparagraaf aangeven op welke manier de visie wordt gerealiseerd. Conclusie
Hieronder hebben we een overzicht opgenomen van de projecten die in deze
Op basis van de vragen 1 en 2 luidt de conclusie dat de Omgevingsvisie niet plan m.e.r.-
Omgevingsvisie worden benoemd.
plichtig is. 4.7.1 Samenhang met lopende trajecten
4.6
Samenhang met de Wet voorkeursrecht4
Niet alle ambities en acties zijn nieuw. Veel van de genoemde acties en doelen worden
Wanneer meer ruimte wordt geboden aan organische gebiedsontwikkeling en
al opgepakt en uitgevoerd vanuit lopende trajecten. De Samenlevingsagenda kan
initiatieven van burgers en bedrijven is het belangrijk dat die ruimte niet leidt tot
daarbij niet ongenoemd blijven. Een aantal van de hieronder genoemde acties en
speculatief gedrag en een stijging van de grondprijzen door het meermaals 4 De Wvg vervalt zodra de Omgevingswet in werking treedt. De regels over het voorkeursrecht uit de Wet
voorkeursrecht gemeenten (Wvg) gaan – via de Aanvullingswet grondeigendom - over naar de Omgevingswet in de vorm van de regeling voorkeursrecht.
47
doelen sluit daar namelijk volledig bij aan. Zo worden in de Samenlevingsagenda
pakken. De gemeente zal – naar gelang de opgave – daarbij een stimulerende,
aspecten benoemd als:
ondersteunende of faciliterende rol pakken waar nodig (zie kolom ‘rol gemeente’).
het verbeteren van de mobiliteit en bereikbaarheid;
het vasthouden van jongeren;
Westerveld als de beweegtuin van het noorden;
Behoud van dorpshuizen;
Westerveld als gezonde omgeving.
Op deze manier wordt via meerdere sporen uitwerking gegeven aan onze ambities en doelen. 4.7.2 Toelichting rollen Onze doelen en ambities kunnen we niet alleen behalen. Soms gaan onze doelen verder dan onze gemeentelijke taak, ons gemeentelijk eigendom of onze gemeentelijke bevoegdheid. Daarnaast hebben we als gemeente moeten prioriteren om een realistische uitvoeringsagenda te verkrijgen. Hierbij is gelet op de (maatschappelijke)urgentie en de mate van algemeen belang voor de gemeente. In het verleggen van rollen zien we als gemeente ook een vorm van prioritering. We nodigen de marktpartijen en samenleving op bepaalde doelen en ambities uit om een voortrekkers rol te pakken. Op die manier beogen we om binnen eenzelfde termijn meer voor elkaar te krijgen. Dit vraagt om een nauwe samenwerking met de samenleving en stakeholders. Regie ligt bij de gemeente Als de regierol bij de gemeente ligt (zie kolom ‘regie bij’) dan houdt dat in dat de gemeente aan zet is om het doel binnen de gestelde termijn te behalen. Dit houdt echter niet altijd in dat de gemeente dit alleen uitvoert. Op onderdelen is de gemeente afhankelijk van stakeholders. Wat de gemeente doet om deze doelen en ambities – al dan niet in gezamenlijkheid - te behalen is aangegeven in de kolom ‘rol gemeente’.
Regie ligt bij de markt Daar waar de regierol bij de marktpartijen wordt gelegd (zie kolom ‘regie bij) neemt de gemeente geen initiërende rol, maar wordt de markt uitgenodigd om deze rol te 48
Ambitie 1 - Een bereikbaar en veilig Westerveld Ambities / doelen
Rol gemeente
Termijn
Regie bij
Optimaliseren digitale bereikbaarheid
Organiseren
Kort
Gemeente
Lang
Gemeente
Marktpartijen faciliteren Goede oost-westverbinding door de gemeente
Stimuleren en actief uitdragen Faciliteren via regelgeving
Ambitie 2 – Een bedrijvig en gastvrij Westerveld Ambities / doelen
Rol gemeente
Termijn
Regie bij
Vestigingsmogelijkheden voor lokale bedrijven
Faciliteren via regelgeving
Kort
Gemeente
Kort
Markt
Stimuleren via promotie Over 5 jaar moet 25% van de economische activiteit circulair zijn
Stimuleren Indien nodig aanpassen regelgeving Goede voorbeeld geven
Verbeteren kwaliteit bestaande recreatieterreinen
Ondernemers faciliteren via regelgeving
Middellang
Markt
Aanpak permanente bewoning recreatiewoningen
Regisseren via Programma Vitale Parken
Middellang
Gemeente
10 pauze-woningen als antwoord op illegale bewoning
Regisseren vanuit Programma Vitale Parken
Kort
Gemeente i.s.m. markt
recreatiewoningen
Faciliteren door middel van regelgeving
Thematiseren 4 grote kernen op het gebied van toerisme en
Stimuleren via promotie
Kort
Gemeente i.s.m. markt
Faciliteren via regelgeving
Kort
Markt
Lang
Markt
marketing Realisatie passantenplek campers
Stimuleren door middel van promotie en interesseren van marktpartijen Transitie landbouw
Faciliteren via regelgeving
49
Ambitie 3 - Een leefbaar en inclusief Westerveld Ambities / doelen
Rol gemeente
Termijn
Regie bij
Elk dorp een plek voor ontmoeting
Regisseren
Middellang
markt
Middellang
markt
Faciliteren via regelgeving Clustering van voorzieningen en activiteiten binnen de dorpen
Regisseren Faciliteren via regelgeving
Minimaal twee multifunctionele locaties
Regisseren
Lang
Gemeente
Ondersteunende commerciële activiteiten bij maatschappelijke
Faciliteren via passende regelgeving in het Omgevingsplan
Kort
Gemeente
Hogere voorzieningen clusteren in het centrum van de gemeente
Regisseren
Lang
Gemeente i.s.m. markt
Passende woningbouw als drager van voorzieningen
Faciliteren van marktpartijen
Middellang
Markt
Middellang
Markt
Kort
Markt
Kort
Markt
Faciliteren via regelgeving
Kort
Markt
Faciliteren via regelgeving
Kort
Markt
voorzieningen
Sturen op doelgroep Faciliteren via regels Woonruimte voor starters
Faciliteren van marktpartijen Sturen op doelgroep Faciliteren via regels
Realisatie van 15 Tiny Houses binnen 2 jaar
Faciliteren met regelgeving Promoten Regisseren
Ruimte voor vernieuwende woonconcepten
Faciliteren via regelgeving Promoten
Voorzieningen binnen wijken voor mensen met psychische kwetsbaarheid Ruimte voor diverse nieuwe functies in vrijkomende agrarische gebouwen
50
Ambitie 4 – Een gezond en groen Westerveld Ambities / doelen
Rol gemeente
Termijn
Regie bij
Voorzieningen moeten goed toegankelijk zijn
Regisseren
Kort
Markt
Middellang
Markt
Uitvoeren School- en sportomgevingen moeten veilig en gezond zijn
Faciliteren Uitvoeren
Overal een goede milieukwaliteit
Regisseren
Markt
Faciliteren via regelgeving en indien wenselijk/nodig een Programma Bijdrage
aan
pilot
verminderd
gebruik
van
Meewerken
beschermingsmiddelen
Stimuleren
Invullen ontbrekende schakels fietspadennetwerk
Regisseren
Kort
Gemeente
Kort
Gemeente
Uitvoeren Ambitie 5 – Een herkenbaar en toekomstgericht Westerveld Ambities / doelen
Rol gemeente
Termijn
Regie bij
Erfgoed: behoud door ontwikkeling
Stimuleren en promoten
Middellang
Markt
Middellang
Gemeente i.s.m. markt
Kort
Markt
Kort
Markt
Middellang
Gemeente i.s.m. markt
Kort
Markt
Faciliteren via regelgeving Verdere beleefbaarheid oorlogserfgoed
Regisseren Uitvoeren
Lokale duurzaamheidsinitiatieven
Faciliteren Promoten
Voor 2026 minimaal 10 off-grid woningen
Faciliteren met regelgeving Promoten Regisseren
Voor 2030 minimaal drie potentiële gebieden energieneutraal
Faciliteren met regelgeving Promoten Regisseren
Verduurzamingen gebouwen en gronden Defensie
Faciliteren
51
Behouden duisternis en stilte
Regisseren
Kort
Markt
Middellang
Markt en gemeente
Middellang
Markt
Opstellen regels + handhaven 98% recyclebare afvalstromen voor 2030
Regisseren Stimuleren en promoten Goede voorbeeld geven
Versterken link tussen Dwingeloo en Astron/Lofar
Faciliteren
52
4.8
De gemeente Westerveld gaat, mede op basis van deze Omgevingsvisie door met het
Kostenverhaal
In artikel 13.22 van de Omgevingswet is aangegeven dat het college van burgemeester
doen van investeringen die bijdragen aan een algemene verbetering van de woon-,
en wethouders in een overeenkomst bepalingen kunnen opnemen over financiële
leef-, werk- en recreatieve kwaliteiten. Het betreft investeringen gericht op:
bijdragen voor ontwikkelingen van een gebied op basis van een Omgevingsvisie of
1.
de belevingskwaliteit van de woonomgeving (uitzicht, groen, water en de inrichting van de openbare ruimte);
programma. 2.
de functionele kwaliteiten van de woonomgeving (parkeren, sporten, spelen, wandelen, bereikbaarheid en basisvoorzieningen);
Bovenplanse verevening
3.
Het totaal aan projecten moet er voor zorgen dat de gemeente Westerveld een goede woon-, werk-, en recreatiegemeente is en blijft. De condities en programmamogelijkheden daarvoor zijn niet voor alle projecten gelijk. Deze verschillen kunnen tot gevolg hebben dat sommige projecten een negatief planresultaat hebben, terwijl andere locaties daardoor een extra positief resultaat kunnen hebben. Door bovenplanse verevening ontstaat de mogelijkheid om tekorten op de ene locatie te verrekenen met overschotten op een andere locatie. Het is daarbij wel verplicht een fonds in te stellen (of gebruik te maken van bestaande fondsen). Zonder een Omgevingsvisie is kostenverhaal van bovenplanse kosten niet mogelijk.
de sociale kwaliteiten van de woonomgeving (sociale veiligheid, buurtcontact en het verminderen van overlast);
4.
de bereikbaarheid van woningen, voorzieningen en bedrijvigheid voor inwoners, ondernemers en toeristen;
5.
het imago, de uitstraling en de aantrekkelijkheid van Westerveld als recreatiegemeente, waardoor toeristen verleid worden om langer te verblijven en bestedingen te verrichten.
Deze investeringen hebben een positieve uitwerking op de waarde van bestaand, maar ook op de marktwaarde van nieuw te realiseren, onroerend goed. De gemeente vindt het daarom gerechtvaardigd om bij het aangaan van een anterieure overeenkomst
De gemeente Westerveld wil, wanneer daarvoor aanleiding is, positieve en negatieve grondexploitatieresultaten tussen plannen met een duidelijk onderlinge relatie met elkaar verevenen. Verevening vindt plaats via een fonds dat gevoed wordt vanuit de plannen met een positief exploitatieresultaat.
inzake de grondexploitatie, ook een financiële bijdrage te vragen ten behoeve van deze gemeentelijke investeringen. Het is mogelijk om de bijdrage in te zetten om de landschappelijke uitstraling te versterken. Andere bestedingsdoelen dan fysieke, maatschappelijke voorzieningen zijn echter ook denkbaar.
Financiële bijdrage aan ruimtelijke ontwikkelingen
Wanneer een grondeigenaar de gemeente verzoekt om de bestemming van zijn grond te wijzigen, dan mag de gemeente haar medewerking afhankelijk stellen van de mate waarin deze eigenaar bereid is een bijdrage te leveren aan de kosten voor ruimtelijke ontwikkelingen in de gemeente (artikel 6.24, lid 1, sub a Wro). Ruimtelijke ontwikkelingen zijn bijvoorbeeld, waterberging, natuur en recreatie. Ook de eventuele transformatie van een recreatiepark (in het kader van de aanpak Vitale Parken) of de opwek van hernieuwbare energie zijn voorbeelden van ruimtelijke ontwikkelingen.
53
5.
Achtergrond
54
5.1
De twee vragen vormden vervolgens de basis voor de vele gesprekken die
Het proces
medewerkers van de gemeente en raadsleden op straat, in de verschillende dorpen
De Omgevingsvisie is een product van onze samenleving. We hebben samen met onze
en bij evenementen, hebben gevoerd met voorbijgangers.
inwoners, ondernemers, betrokkenen en experts gebouwd aan deze Omgevingsvisie. Dit hebben we gedaan in een aantal stappen.
Campagne deel 2 ‘Westerveld Natuurlijk’: gerichte gesprekken Met de uitkomsten van het eerste deel van de campagne is na de zomer 2019 het
Campagne deel 1 ‘Westerveld Natuurlijk’: breed verzamelen van informatie
verdiepende gesprek aangegaan. Tijdens vier dorpenavonden is samen met inwoners,
Het proces van de Omgevingsvisie is in mei 2019 gestart met een brede campagne
aan de hand van een aantal trends, gezocht naar opgaven en concrete ideeën voor de
onder de naam ‘Westerveld Natuurlijk’. Het doel van de campagne was om zoveel
leefomgeving en hoe de gemeente en inwoners samen hiermee aan de slag kunnen
mogelijk inwoners en bezoekers van de gemeente te consulteren en te betrekken aan
gaan. De opbrengst van deze avonden heeft mede de input gevormd voor de
de hand van twee vragen: •
Ik ben trots op mijn dorp/omgeving omdat ...
•
Mijn dorp/omgeving zou nog beter zijn als ...
Samenlevingsagenda. De Samenlevingsagenda is opgesteld voor de korte termijn (circa vijf jaar) en bestaat uit een selectie van concrete ideeën en ambities die naar voren zijn gekomen tijdens de campagne ‘Westerveld Natuurlijk’.
Uitsnede factsheet resultaten campagne, deel 1
Ansichtkaart campagne, deel 1
55
Met de ketenpartners van de gemeente is op 23 september 2019 aan de hand van
Gemeente aan de slag: analyseren en Ambitiedocument
trends doorgesproken over de toekomst van de gemeente. Voor de scholieren van de
De gemeente is zelf aan de slag gegaan met de analyse van het bestaande beleid, het
middelbare school Stad & Esch in Diever is op 24 september 2019 een dag
inventariseren van allerlei informatie (zie volgende paragraaf). Ook heeft de raad een
georganiseerd om van hen te horen wat zij belangrijk vinden voor de gemeente, voor
aantal avonden nagedacht over de inhoud van de Omgevingsvisie.
nu en de toekomst. Hieruit hebben we een Ambitiedocument opgesteld, waarin we de hoofdlijnen van de Omgevingsvisie schetsen. Inwoners zijn in de gelegenheid gesteld op dit document te reageren, schriftelijk, per e-mail of via een digitale inloopbijeenkomst waar bezoekers in gesprek konden met ons. Vervolgens zijn de hoofdlijnen uit het Ambitiedocument verder uitgewerkt in de Omgevingsvisie zoals u die nu voor u heeft.
5.2
Gebruikte informatie
We hebben bij het maken van de Omgevingsvisie gebruik gemaakt van veel informatie die al in eerdere fasen van het proces is verzameld. Het gaat om de volgende onderdelen: Resultaten campagne Westerveld Natuurlijk Zie bijlage 1 Leefomgevingsfoto
Visueel verslag opbrengst Scholierendag Stad en Esch
Zie bijlage 2 Na afronding van de campagne WesterveldNatuurlijk is de Samenlevingsagenda opgesteld. De Samenlevingsagenda bevat een aantal op uitvoering gerichte
Trends en ontwikkelingen
onderwerpen, afkomstig uit de campagne.
Zie bijlage 3
In bijlage 1 vindt u een overzicht van de uitkomsten van de campagne.
56
5.3
Toekomstbestendig
Relatie met bestaand beleid
wonen
De ambities die in onze Omgevingsvisie zijn opgenomen, hebben een relatie met
herkenbaar en
Regionale economie als
paragraaf een overzicht hiervan.
Circulaire economie
Bedrijvig en gastvrij
Naar een vitaal
Toekomstbestendige duurzame
Gezond en groen, bedrijvig
platteland
landbouw, Leader project
en gastvrij
versneller
Relatie met de opgaven vanuit hogere overheden
Nederland staat de komende tijd voor een aantal grote opgaven. Omdat die opgaven
Zuidwest Drenthe en RegioDeal
zich niet beperken tot de grenzen van een gemeente of regio, hebben het Rijk,
Zwolle
gemeenten, provincies en waterschappen afgesproken om – middels het
Merkbaar beter in het
Interbestuurlijk Programma (IBP) – samen tien grote maatschappelijke opgaven aan te
sociaal domein
pakken. Van die tien maatschappelijke opgaven hebben zes een link naar de fysieke leefomgeving: 1.
Samen aan de slag voor het klimaat
2.
Toekomstbestendig wonen
3.
Regionale economie als versneller
4.
Naar een vitaal platteland
5.
Merkbaar beter in het sociaal domein (o.a. aanpak eenzaamheid)
6.
Goed openbaar bestuur in een veranderende samenleving (o.a. aanpak
Sportakkoord, Preventieakkoord
Leefbaar en inclusief
Goed openbaar bestuur
Implementatieprogramma
Bereikbaar en veilig. Zie
in een veranderende
Omgevingswet, invulling ‘ja,
ook paragraaf 1.1
samenleving
mits-benadering’
5.3.2
Relatie met het provinciaal beleid
Het ruimtelijke beleid van de provincie is vastgelegd in de Provinciale Omgevingsvisie en bijbehorende Omgevingsverordening. Hierbij gaat het om gemeente-overstijgende belangen. Net als de gemeente werkt de provincie vanuit waarden en kwaliteiten: voor beide zijn de unieke waarden leidend voor ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving.
ondermijningsgevoelige gebieden en het benutten van kansen door beter digitale
De Omgevingsvisie Drenthe heeft als missie: ‘het waarderen van de Drentse
bereikbaarheid)
kernkwaliteiten en het ontwikkelen van een bruisend Drenthe passend bij deze kernkwaliteiten’.
Hieronder is een overzicht opgenomen van deze zes maatschappelijke opgaven en de
In de periode van 2018 tot 2030 ziet de provincie twee grote integrale opgaven:
wijze waarop Westerveld hier uitvoering aan geeft. Daarbij is tevens een link gelegd
1.
met de 5 integrale ambities uit de Omgevingsvisie.
Opgave IBP
Leefbaar en inclusief, toekomstgericht
beleid van hogere overheden en ons eigen, bestaande, sectorale beleid. In deze
5.3.1
Woningbouwimpuls rijk
Maatschappelijke opgave
Koppeling met ambitie
uitgewerkt in:
Omgevingsvisie:
Samen aan de slag voor
Regionale Energiestrategie (RES),
Herkenbaar en
het klimaat
Warmtetransitievisie,
toekomstgericht
Adaptatie:
2.
57
aan de gevolgen van klimaatverandering,
aan de transitie naar een duurzame energievoorziening en
voor het behoud van biodiversiteit.
De economische structuur:
Klimaatadaptatie,
het versterken van een uitnodigend en aantrekkelijk vestigingsklimaat.
Deze strategische opgaven komen ook terug in de Westerveldse Omgevingsvisie. De
hebben opgesteld. Deze analyse hebben we gebruikt bij het afwegen en formuleren
conclusie luidt dan ook dat de Omgevingvisies van gemeente en provincie goed op
van onze ambities.
elkaar aansluiten. De provinciale Omgevingsverordening bevat vervolgens de regels ter uitwerking van
Ambitie
Sectoraal beleidsdocument/spoor
Bereikbaar en veilig
Gemeentelijk Verkeer en Vervoersplan, Beleidsplan openbare verlichting, Smart mobility (Regiodeal Regio Zwolle)
de provinciale Omgevingsvisie. Deze regels hebben een verplichte doorwerking naar Bedrijvig en gastvrij
gemeentelijke bestemmingsplannen en omgevingsplannen. De gemeentelijke
Vitale Parken, Duurzame landbouw, Dashboard Impact
Omgevingsvisie heeft deze verplichting niet. 5.3.3
Economisch uitvoeringsplan, Circulaire economie, Aanpak Toerisme (Regiodeal Regio Zwolle)
Leefbaar en inclusief
Relatie tussen Omgevingsvisie en overig gemeentelijk beleid
Woonvisie, Sociale Structuurvisie, Visie op de openbare ruimte (BrinQ), Handboek openbare ruimte, Cultuurvisie,
De Omgevingsvisie is het strategische document waarin we al onze ambities op
Beheerplan kunstobjecten in de openbare ruime, Sociaal plan
hoofdlijnen met elkaar afwegen, vanuit één overkoepelende langetermijnvisie. Er mag
eenzaamheid, Speelbeleid, Grondstoffenplan, Nota
geen strijdigheid ontstaan tussen de Omgevingsvisie en beleidsstukken die al bestaan
Grondbeleid
of in ontwikkeling zijn. De ambities moeten naast elkaar realistisch zijn en bijdragen
Gezond en groen
Lokaal sport- en preventieakkoord, Bomenbeleid, beleid
aan de langetermijnvisie. Op termijn integreren we de sectorale beleidsstukken in de
jeugdketen, Landschapsontwikkelingsplan, transitie Nationale
Omgevingsvisie. Dat doen we door:
Parken
-
door de strategische componenten uit het sectorale beleid te verwerken in de
Herkenbaar en
Erfgoedvisie, Kerkenvisie, Warmtetransitievisie,
Omgevingsvisie, en:
toekomstgericht
Watertakenplan, Regionale Energiestrategie (in ontwikkeling), Nota Samenwerken aan Duurzaamheid, Energievisie
de uitvoeringsaspecten uit het sectorale beleid onder te brengen in
Van ons bestaande beleid hebben we een analyse en samenvatting gemaakt. Die
Programma’s.
beleidsanalyse vindt u in bijlage 4.
Dit zal niet van vandaag op morgen gerealiseerd zijn. Tot die tijd vormen Omgevingsvisie en sectoraal beleid samen het regie- en afwegingskader waarmee de
5.4
gemeente zorg draagt voor een goede ruimtelijke ordening, gericht op het versterken
Link met Landschapsbiografie
van de ruimtelijke kwaliteit, de leefbaarheid en de vitaliteit van de gemeente. Bij
Achtergrond
tegenstrijdigheden gaan de ambities uit deze Omgevingsvisie voor.
In opdracht van de Stuurgroep Regionaal Landschap Drents-Friese Grensstreek wordt gewerkt aan een Landschapsbiografie. In de landschapsbiografie wordt het verhaal sectorale
van het landschap op een samenhangende manier verteld. Kennis uit verschillende
beleidsdocumenten die vooralsnog naast de Omgevingsvisie blijven bestaan en
vakgebieden – zoals aardkunde, ecologie en historische geografie – wordt daarin bij
gefaseerd zullen worden geïntegreerd in de Omgevingsvisie. In bijlage 4 is een
elkaar gebracht, waarmee het verleden en heden van het landschap in beeld wordt
beleidsanalyse opgenomen die we aan het begin van ons proces tot de Omgevingsvisie
gebracht. De Landschapsbiografie is bedoeld als bouwsteen voor de landschapsvisie
Hieronder
is
een
overzicht
weergegeven
van
de
relevante
voor het gebied.
58
Link met de Omgevingsvisie De Landschapsbiografie geeft een beschrijving van het ontstaan, de ontwikkeling en de huidige staat van het landschap. Het document vormt de opmaat voor een op te stellen Landschapsvisie voor de Drents-Friese grensstreek en bevat geen beleidskeuzes. PM- Het concept van de Landschapsbiografie is op 25 juni 2021 vastgesteld door de Stuurgroep Regionaal Landschap en is daarmee vrijgegeven voor openbaring. Op het moment van schrijven moet de Landschapsbiografie nog worden beoordeeld door de gemeenteraad. Vanuit de stuurgroep wordt beoogd om in het najaar van 2021 in gesprek te gaan met de inwoners van Westerveld. Op dit moment is het te vroeg om in te schatten of het waardevol is om de Landschapsbiografie – op termijn - als achtergronddocument te benoemen in de Omgevingsvisie. Daarmee zou het kunnen dienen als handvat en inspiratiedocument bij ruimtelijke initiatieven.
59
Bijlagen Bijlage 1 – Opbrengst campagne Westerveld Natuurlijk Bijlage 2 – Leefomgevingsfoto
Bijlage 3 – Trends en ontwikkelingen Bijlage 4 – Beleidsanalyse
60
Bijlage 1 – Resultaten Campagne Westerveld Natuurlijk
Campagne, deel 2
Campagne, deel 1
Zie ook: https://youtu.be/zpbaX-grPG8
61
62
Bijlage 2 – Leefomgevingsfoto
63
64
65
66
67
68
69
70
71
72
73
74
75
76
77
78
79
80
81
82
83
84
Verder is sprake van verandering in type huishoudens. Er zal de komende jaren sprake zijn van huishoudensverdunning: steeds minder personen per huishouden. Er is sprake van een groei van eenpersoonshuishoudens en een afname van gezinnen met kinderen.
Bijlage 3 – Trends en ontwikkelingen Het inzichtelijk maken van trends is een noodzakelijke stap richting het formuleren van integrale ambities en opgaven. Zij beschrijven de context waaruit een gedegen onderbouwing van de ambities en opgaven geformuleerd kunnen worden. Daarmee geven zij belangrijke ontwikkelingen weer voor de gemeente Westerveld. 1.
Demografische en sociale trends
Demografie In een groot deel van Nederland neemt de groei van de bevolking af, in sommige delen van het land is er zelfs sprake van bevolkingskrimp. Een aantal Drentse gemeenten hebben hier al mee te maken. Opvallend voor de gemeente Westerveld is dat het aantal inwoners redelijk stabiel is, maar met een verschuiving in de leeftijdsopbouw. Sinds 1998 is de bevolking toegenomen met 4%: van 18.497 in 1998 naar 19.348 in 2019. Er wordt een daling verwacht naar circa 18.000 in 2040 (krimp van bijna 4,7%). In de laatste decennia is de leeftijdsopbouw veranderd en ook in de komende twee decennia worden veranderingen verwacht. Waar het aantal inwoners in de leeftijdscategorie 0-19 jaar afneemt (ontgroening), groeit het aantal inwoners in de leeftijdscategorieën 65+ en 80+ (vergrijzing).
Bevolkingsontwikkeling Westerveld tot 2040 (Trendbureau Drenthe)
Bevolkingsopbouw Westerveld 2018 en 2040 (Trendbureau Drenthe)
85
voorzieningen. Dit betekent dat inwoners relatief lang moeten reizen om bij een voorziening te komen.
Afstand tot voorzieningen Westerveld (Trendbureau Drenthe) Het percentage mantelzorgers in Westerveld is 17,8% en ligt ten opzichte van het Drentse gemiddelde hoger (14,6%). De verwachting is dat door vergrijzing er een toenemende vraag is naar zorg en ondersteuning, ook wat betreft mantelzorg (Trendbureau Drenthe). Huishoudensontwikkeling Westerveld tot 2040 (Trendbureau Drenthe) Eenzaamheid is één van de factoren die bepaalt hoe inwoners de leefbaarheid van een gebied ervaren. Door GGD Drenthe (2016) is onderzoek gedaan naar eenzaamheid in Drenthe. Uit het onderzoek blijkt dat het aandeel mensen dat zich in meer of mindere mate eenzaam voelt, in Drenthe rond de 40% ligt. Voor 19- tot 65-jarigen is dit 39% en voor de 65-plussers 45%. De afgelopen 10 jaar is dit percentage voor beide leeftijdsgroepen gestegen. In de gemeente Westerveld is de mate van eenzaamheid ten opzichte van andere Drentse gemeenten het laagst. Wel zijn er in de gemeente een aantal dorpen waar het eenzaamheidpercentage hoger is dan gemiddeld. Uit onderzoek van het CBS blijkt dat er in de grote tot middelgrote dorpen een hoge kans op eenzaamheid wordt verwacht en een groot aantal eenzame personen. Dit zijn: Havelte, Dwingeloo, Diever, Vledder, Uffelte, Wilhelminaoord en Darp. Ook Frederiksoord valt in dit onderzoek op omdat zij de grootste kans op eenzaamheid laat zien.
Sociaal Gezondheid en vitaliteit is een thema dat meer aandacht krijgt in de samenleving en wordt gelinkt aan de fysieke leefomgeving. Ook in de gemeente Westerveld is er aandacht voor gezondheid in de fysieke leefomgeving (zie ook het hoofdstuk ‘Waar werken we al aan?’ voor het huidige beleid). Door GGD Drenthe is een gezondheidsmonitor voor de gemeente Westerveld uitgevoerd, waarin gezondheidsfactoren zijn opgenomen. Uit de monitor blijkt dat de gemeente op veel thema’s neutraal scoort, zoals alcoholgebruik, bewegen en sport, overgewicht, ervaren veiligheid en geur- en geluidhinder. Verder ‘scoort’ de gemeente positief op het gebied van vrijwilligerswerk en op de fysieke leefomgeving omdat deze gezond gedrag stimuleert, bijvoorbeeld door de aanwezigheid van veilige loop- en fietsroutes en plekken om te sporten en te spelen. Een negatieve afwijking van het gemiddelde is de nabijheid van 86
2
Economische trends
In Westerveld is er aandacht voor verduurzaming en het zoeken naar nieuwe vormen van energiewinning (zon, wind) en mobiliteit om het verbruik van fossiele brandstoffen te verminderen. Dat is te zien in de veranderende energievoorziening in de gemeente. Het gebruik van hernieuwbare energiebronnen neemt toe en het gebruik van fossiele energiebronnen neemt af.
De sector met de meeste arbeidsplaatsen in de gemeente Westerveld is de overheid. Dit heeft onder andere te maken met de werkgelegenheid die de kazerne in Havelte en de gemeente biedt. Een andere grote sector is de zorg. De verwachting is dat de werkgelegenheid in deze sectoren redelijk stabiel blijft. De sector landbouw is op lange termijn minder stabiel, het aantal arbeidsplaatsen in deze sector neemt af door automatisering, verbeterde techniek, schaalvergroting en bedrijfsbeëindiging.
Wat betreft duurzaam energieverbruik geldt dat de gemeente Westerveld op bepaalde aspecten voor loopt op het Nederlands gemiddelde (zonne-energie en energielabel woningen), maar op andere aspecten weer achterloopt (gebruik auto’s op aardgas en gebruik elektriciteit). Verder geldt dat in de gemeente, net als in de rest van Nederland, het elektriciteitsgebruik en gasverbruik van woningen de laatste jaren behoorlijk afneemt.
Cijfers economie (DNA gemeente Westerveld) Wat betreft werkloosheid en armoede staat de gemeente Westerveld er relatief goed voor: de werkloosheid is 2,6% (landelijk 3,4%). Dit beeld verschilt echter per sector en kern.
3
Trends rond klimaat en verduurzaming
De verandering van ons klimaat heeft geleid tot een groot besef dat we duurzamer moeten omgaan met onze aarde en de (fossiele) grondstoffen. De klimaatverandering is merkbaar in de zeespiegelstijging en door de temperatuurstijging die hetere zomers met zich meebrengt en langere periodes van droogte. In Nederland is de gemiddelde temperatuur sinds 1900 met 1,9 ⁰C gestegen. Ook periodes met extreme neerslag nemen toe. De opwarming van de aarde is het gevolg van de toename aan broeikasgassen. Dat maakt dat nu veel aandacht is voor het terugdringen van de uitstoot van broeikasgassen en in het bijzonder CO2, zoals dat in het landelijke Klimaatakkoord is vastgelegd. 87
Cijfers energietransitie Westerveld (Waarstaatjegemeente.nl)
88
Verduurzaming is breder dan alleen de energietransitie, waar bovenstaande cijfers met name inzicht in geven. Voor de gemeente Westerveld, als landelijke gemeente, is verduurzaming in natuurbeheer en de landbouw ook een belangrijke ontwikkeling. Die verduurzaming uit zich in een trend waarbij strengere eisen worden gesteld aan het terugdringen van emissies, de voedselveiligheid, dierenwelzijn, biodiversiteit en omgevingskwaliteit.
89
4
Trends rond digitalisering
andere vanwege de langere reisafstanden en lagere beschikbaarheid van modaliteiten.
Een algemene trend is dat internetgebruik toeneemt en dat technologie en digitalisering een prominentere positie in het dagelijks leven krijgt. Via mobiele technologie wordt internet meer gebruikt. Daarbij is communiceren en informatie opzoeken de hoofdreden om internet te gebruiken, maar ook bijvoorbeeld TV kijken, internetbankieren en online winkelen behoren hiertoe. Voor de fysieke leefomgeving betekent dit dat de fysieke bereikbaarheid van bepaalde voorzieningen minder belangrijk wordt. Aan de andere kant wordt digitale bereikbaarheid, en de daarbij benodigde infrastructuur, steeds belangrijker.
In Drenthe wordt veel gebruik gemaakt van de auto als vervoersmiddel. Er is sprake van een relatief hoog percentage autobezit in vergelijking met het landelijk gemiddelde. In 2019 waren er 512 auto’s per 1.000 inwoners in de provincie Drenthe (landelijk gemiddelde van 436) (CBS Statline). Drenthe is daarmee koploper. Wat andere vormen van mobiliteit betreft (carpoolen, openbaar vervoer of belbus of minder traditionele vormen zoals deelauto’s en speedpedelecs) is in Westerveld geen duidelijke trend te herkennen. Er zijn nagenoeg geen deelauto’s in de gemeente. Het aanbod van openbaar vervoer is in de laatste jaren niet veranderd.
Een andere trend in digitalisering is binnen de zorg en welzijn. Er wordt meer gebruik gemaakt van de digitale mogelijkheden en apps die gericht zijn op een gezonde leefstijl. Zorg op afstand, zoals online afspraken bij een huisarts of ziekenhuis, dit is laagdrempeliger en je niet hoeft te reizen. Digitale hulpmiddelen die er voor zorgen dat mensen langer thuis kunnen wonen. Apps en hulpmiddelen die het welzijn van inwoners bevorderen, zoals een vr-bril waarmee je kunt wandelen op de hei in Westerveld, of dat je ineens in de binnenstad van Groningen bent (i.h.k.v. eenzaamheid). Voor de gemeente Westerveld zijn geen specifieke cijfers bekend over digitalisering en internetgebruik, maar de verwachting is dat dit grotendeels aansluit bij het landelijke beeld hierover, grote regionale verschillen komen bij dit thema namelijk nauwelijks voor.
5 Mobiliteitstrends Algemene trends rond mobiliteit in de Nederlandse samenleving zijn bijvoorbeeld: flexibelere mobiliteitskeuzes, de zoektocht naar alternatieve brandstoffen intensiveert, toenemende vraag naar kleine auto’s, senioren blijven langer mobiel, het Nieuwe Werken beïnvloedt verstedelijking en mobiliteits-gedrag en betalen naar gebruik wordt standaard (deelconcepten). Goed vervoer is een belangrijke voorwaarde om mee te kunnen doen in de samenleving. De gemeente Westerveld is een niet-stedelijke gemeente. In nietstedelijke gemeenten komen bovengenoemde trends in mindere mate voor, onder
90
fietsverkeer. De gemeente stimuleert het fietsgebruik door het faciliteren van aantrekkelijke, goed onderhouden en toegankelijke fietsinfrastructuur, vult ontbrekende schakels in het fietsnetwerk in en profileert zich als de fietsgemeente van Drenthe. Andere speerpunten uit het nieuwe GVVP zijn dat belangrijke schoolroutes prioriteit hebben, dat alle gemeentelijke wegen zijn gecategoriseerd als erftoegangsweg en worden ingericht als 30 of 60 km/h weg. Ook is het belangrijk dat de gemeente samenwerkt met de provincie als wegbeheerder van onder andere de N855. De gemeente zet in op minimaal behoud van het huidige kwaliteitsniveau als het gaat om het OV, maar streeft naar verbetering van de kwaliteit. Zelf faciliteert de gemeente het openbaar vervoer door bij ontwikkelingen in een vroegtijdig stadium rekening te houden met aanwezigheid van openbaar vervoer. De gemeente is faciliterend door het aanbieden van bus vriendelijke infrastructuur, toegankelijke haltes en voorzieningen. In het GVVP wordt ook aandacht besteed aan de toegankelijkheid van de openbare ruimte. In de Startnotitie Duurzaamheid staat dat er aandacht moet komen voor de reductie van CO2-emissie, waarbij in het kader van bereikbaarheid te denken valt aan (stimulering van) deelauto’s, thuiswerken – oftewel goede digitale bereikbaarheid –, verbeteren van het laadpalennet-werk en OV-hubs.
Bijlage 4 – Beleidsanalyse De gemeente Westerveld heeft veel beleid opgesteld voor verschillende thema’s. Het meeste van dit beleid is nog actueel en past binnen de vijf integrale, Westerveldse ambities. In deze bijlage bekijken we welke beleidsplannen en projecten er in Westerveld zijn en wat de rode lijn is van dat actuele beleid. Hiermee wordt duidelijk waar de gemeente al aan werkt, welk beleid eventueel aanvulling of aanscherping verdient en voor welke thema’s er misschien nog beleid ontbreekt. Vanuit deze beleidsanalyse is een aantal onderwerpen besproken tijdens de beide kaderstellende raadssessies. 1
Bereikbaar en veilig Westerveld
Inleiding De gemeente Westerveld wil bereikbaar en veilig zijn voor haar inwoners, bezoekers en werkenden. Het gaat hierbij om fysieke bereikbaarheid (per OV, auto, fiets en lopend) en de digitale bereikbaarheid. Het hebben van een bereikbare, leefbare en veilige fysieke en digitale infrastructuur is centraal uitgangspunt van de gemeente voor het goed kunnen wonen, werken en recreëren (Structuurvisie, 2013).
In de gemeente kan gratis en onbeperkt geparkeerd worden, maar alleen in de centra van Dwingeloo en Diever is parkeerregulering (blauwe zone) van toepassing. Om te bepalen of er in woongebieden sprake is van een parkeerprobleem wordt het stappenplan doorlopen. Bij nieuwe ontwikkelingen worden de parkeercijfers uit CROW publicatie 381 als parkeernorm gehanteerd. Voor Westerveld is hierbij de stedelijkheidsgraad ‘Niet stedelijk’ van toepassing. Uitgangspunt bij nieuwe ontwikkelingen is dat het parkeren zoveel mogelijk op eigen terrein plaats vindt. (Tussentijdse samenvatting GVVP Westerveld 2020-2030).
In de gemeente Westerveld is niet alleen onderlinge bereikbaarheid van de dorpen en voorzieningen van belang, maar de bereikbaarheid naar omliggende gemeenten en steden is net zo belangrijk. Ongeveer twee op de drie inwoners in Westerveld werkt niet in de gemeente, maar elders in Nederland. Voor het aantrekken en behouden van bedrijven in Westerveld zijn snelle en gemakkelijke verbindingen met uitvalswegen belangrijk voor medewerkers. Werkgelegenheid bevindt zich vooral ten zuiden van Westerveld. Dankzij de A28 en A32 zijn Meppel, Hoogeveen maar ook Zwolle goed bereikbaar (Woonvisie 2017-2025).
De gemeente richt wegen in volgens de landelijke richtlijnen van Duurzaam Veilig zodat de weggebruiker weet wat van hem of haar verwacht wordt. Ook worden de meest onveilige locaties waar mogelijk aangepakt. Kwetsbare verkeersdeelnemers krijgen prioriteit en onveilige bermen in het buitengebied worden aangepast. Ook zet de gemeente in op gedragsbeïnvloeding door permanente verkeerseducatie, communicatie campagnes en handhaving (Tussentijdse samenvatting GVVP Westerveld 2020-2030).
Fysieke Bereikbaarheid In het laatste kwartaal van 2020 wordt een nieuw Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan (GVVP) vastgesteld. In dit nieuwe GVVP is het uitgangspunt dat het verkeer- en vervoerssysteem in de basis op orde is. De ambitie voor de komende periode is de bestaande kwaliteit vergroten en waar mogelijk worden maatregelen gekoppeld aan het beheer en/of onderhoud van infrastructuur. Duurzaamheid en circulair beheer zijn daarbij van belang. Investeringen zijn vooral gericht op het 91
Naast een goede infrastructuur is veiligheid van belang om inwoners en bezoekers op een prettige manier te kunnen laten verblijven en verplaatsen. Dit geldt voor zowel verkeersveiligheid als voor sociale veiligheid in de openbare ruimte, bijvoorbeeld voor toegankelijkheid van minder mobiele en/of eenzame inwoners. Uit het project BrinQ (2018), een uitgebreid participatietraject over de openbare ruimte in de gemeente, bleek ook dat sociale veiligheid en verkeersveiligheid als twee van de belangrijkste onderwerpen werden gezien door inwoners (Visie op de Openbare Ruimte, 2018).
Westerveld heeft gemiddeld een lage bevolkingsdichtheid en kenmerkt zich door natuur en agrarische activiteiten, waardoor het externe veiligheidsrisico in de gemeente relatief laag is. Toch is er een aantal bronnen in de gemeente, waaronder LPG-tankstations, de Johannes Postkazerne in Havelte/Darp en een aantal transportroutes voor gevaarlijke stoffen (N371, A28 en A32) en buisleidingen waarmee bij ontwikkelingen rekening gehouden moet worden. Ook is er een aantal veiligheidszones waar rekening mee moet worden gehouden, bijvoorbeeld rondom (toekomstige) windturbines en hoogspanningsleidingen (Brandweeradvies externe veiligheid bestemmingsplan Buitengebied Westerveld). De gemeente Westerveld toetst nieuwe ontwikkelingen aan de landelijke normen voor externe veiligheid.
Sociale Veiligheid Sociale veiligheid is één van de voorwaarden van een gezonde leefomgeving. Voor de sociale veiligheid wordt onder andere gewerkt aan een Handboek Openbare Ruimte, waarin handvaten worden opgenomen om samen met de inwoners te komen tot de inrichting van de openbare ruimte bij herinrichtingsplannen. Daarnaast zet welzijnswerk zich in om samen met jongeren veilige locaties voor hen in de openbare ruimte te creëren.
In de toekomst kunnen trends leiden tot aanpassing van het veiligheidsbeleid. Denk daarbij aan meer gebruik van nieuwe energiebronnen, waterstof, biomassa en technologie voor mobiel- en internet-netwerk. 2
Wat betreft veiligheid spelen in de gemeente uiteraard ook de recente ontwikkelingen rondom Covid-19 en de daarbij behorende maatregelen en handhaving hierop. Het gemeentelijk beleid gaat hier verder niet op in maar in de gemeente worden de landelijke maatregelen gevolgd.
Bedrijvig en gastvrij Westerveld
Inleiding Zoals eerder al werd benoemd heeft gemeente Westerveld een goed vestigingsklimaat voor ondernemers. De factoren voor een bedrijvig en gastvrije gemeente zijn met goede bereikbaarheid en gunstige ligging aanwezig. Naast deze factoren speelt de landelijke omgeving en het sterke sociale netwerk ook een rol. De recreatie- en toerismesector maakt hier graag volop gebruik van, maar is niet de enige. Onder andere defensie, zorgondernemers, de (land)bouwsector en overige innovatieve (wetenschappelijke) organisaties zoeken hun vestiging in Westerveld. De gemeente Westerveld is graag een bedrijvige en gastvrije gemeente.
Digitale Bereikbaarheid Naast fysieke bereikbaarheid is ook digitale bereikbaarheid cruciaal. Digitale bereikbaarheid maakt onderdeel uit van de nieuwe samenleving. Digitale bereikbaarheid is bijvoorbeeld van invloed op mobiliteit, openbare orde en veiligheid, werkgelegenheid, landbouw, gezondheid en klimaat. Landelijk is er een nieuw economisch beleidsveld wat vraagt om nieuwe kennis: deelplatformen. Met de economische ontwikkelingen binnen Westerveld (onder andere de aanwezigheid van Astron en Planetron) zijn nieuwe projectinitiatieven gericht op digitalisering van de economie op korte termijn te verwachten. Maar de deeleconomie is een nieuwe factor op huidige economische opgaven waardoor nog niet is te overzien welke gevolgen dit heeft voor de (lokale) bedrijvigheid.
Om een gastvrije gemeente te zijn voor iedereen, moet ook rekening gehouden worden met de toegankelijkheid. Iedereen, met en zonder beperking, moet kunnen genieten van het bijzondere landschap, de unieke natuur, musea en attracties. Ondernemers, horeca, hotels, zorgaanbieders, ervaringsdeskundigen en de gemeente Westerveld samenwerken om het bezoek van mensen met een beperking makkelijker te maken.
Externe veiligheid en veiligheidszones Naast de ‘zichtbare’ en ‘subjectieve’ veiligheid zijn ook externe veiligheid en veiligheidszones relevant voor de veiligheid in de leefomgeving. De gemeente 92
Het meest onderscheidende van Westerveld in regionaal perspectief is haar unieke toeristisch-recreatieve product, ook aanhakend bij de Nationale Parken en de acht beschermde dorpsgezichten en bijna 265 monumenten. Het bijzondere landschap, de unieke natuur en musea, evenementen en de Maatschappij van Weldadigheid vormen een omgeving die aantrekkelijk is voor toeristen. Samen met de recreatiesector is daarom een regiopromotieplan opgesteld (2012) waarin een vijf thematische speerpunten zijn opgenomen als ‘Unique Selling Points’ van de regio: 1. cultureel erfgoed en monumenten; 2. nominatie Unesco-erfgoed/De koloniën van Weldadigheid; 3. duisternis en sterren; 4. archeologie; 5. natuur.
te verbeteren, zodat het aanbod onderscheidend is en aansluit bij de wensen van de toeristen en recreanten. Naast het stimuleren van recreatie en toerisme, worden in de Structuurvisie (2013) en het Economisch Uitvoeringsplan (2015) meer kansen gezien om de lokale economie te versterken. Voorbeeld hiervan is het vergroten van het kwalitatief aanbod van voorzieningen en een gerichte acquisitie van bepaalde activiteiten en/of ondernemers en het faciliteren van nieuwe initiatieven of samenwerkingsverbanden. Een ander voorbeeld is het verbinden van dorpen, landschap, natuur en regio, waaronder het in samenwerking uitbreiden van routes en het versterken van de regionale samenwerking. Cultuur en Evenementen In de Structuurvisie (2013) is verder beschreven dat ook evenementen als kans worden gezien om de economie te versterken. Dit wordt onderschreven in de Cultuurvisie (2018) waarin staat dat Culturele initiatieven en evenementen bij moeten dragen aan het versterken van de lokale economie, recreatie en toerisme. De uitvoering hiervan ligt vast in de uitvoeringsregel Evenementen en Initiatieven waaraan aanvragen worden getoetst. Hierin staat dat de gemeente wil waarmaken en uitstralen dat iedereen ertoe doet, gehoord wordt en bijdraagt aan onze samenleving.
In deze uitvoeringsregel wordt ook getoetst aan toegankelijkheid en bruikbaarheid in de breedste zin van het woord, aan samenwerking en participatie van inwoners en organisaties en aan het bijdragen van een veilige en gezonde leefomgeving.
Recreatie en toerisme speelt een belangrijke rol: 1 op de 5 werknemers is werkzaam in de toeristisch/recreatieve sector en de sector is goed voor bijna € 1,2 miljoen aan bestedingen. De vele bezoekers aan de gemeente dragen bijvoorbeeld voor een groot deel bij aan het in stand houden van voorzieningen zoals winkels en horeca. Recreatie en toerisme vormt dan ook een belangrijke kans om de economie te versterken. Recreatie en Vitale Vakantieparken Voor de toekomst van de vakantieparken in de gemeente werkt de gemeente samen met andere Drentse gemeenten, Recreatieschap Drenthe, RECRON en provincie Drenthe aan het project Vitale Vakantieparken. De aanpak van het project Vitale Vakantieparken bestaat uit drie sporen: excelleren (uitblinken), vitaliseren (toekomstbestendig) en transformeren (ombuigen). Er is ondersteuning voor vakantieparken en campings die er goed voorstaan, om ze de mogelijkheid te bieden verder door te ontwikkelen (excelleren). Meebewegen in de markt, zorgen dat je als park een sterke recreatieve positie behoudt of ontwikkelt, ook voor in de toekomst (vitaliseren). Daarnaast worden parkeigenaren en/of verenigingen van eigenaren van terreinen zonder recreatieve mogelijkheden en kansen voor de toekomst, begeleid naar een passende andere bestemming (transformeren).