GEW Bijlage Programmabegroting 2025-2028 (Gewijzigd n.a.v. geamendeerd besluit)
Tekst van het document
RIOLERING EN WATER Algemeen Op grond van de Omgevingswet heeft de gemeente 3 wettelijke zorgplichten: 1. Inzameling en transport van afvalwater; 2. Inzameling en verwerking van overtollig hemelwater; 3. Inzameling en verwerking van overtollig grondwater. Hoe wij invulling geven aan deze zorgplichten staat beschreven in ons Beleidsplan Water en Riolering 2023-2027. In dit plan zijn ook onze doelen binnen de planperiode voor het oppervlaktewater en klimaatadaptatie opgenomen. Dit plan is in samenwerking met de gemeenten Beuningen, Druten, Heumen, Nijmegen en Wijchen opgesteld en de looptijd is 5 jaar (2023 t/m 2027). Kwaliteitsnormen De insteek voor het beleid en de bijhorende maatregelen is kwaliteitsniveau sober, maar doelmatig en rechtmatig. Financiën Binnen programma 3 - Fysieke leefomgeving nemen we jaarlijks budgetten op voor beheer en onderhoud van onze voorzieningen. Dit zijn de rioolstelsels, hemel- en grondwatervoorzieningen en watersysteem. De jaarlijkse kosten hiervoor staan weergegeven in de onderstaande tabel.
62
De voorziening riolering is ingesteld om fluctuaties in de exploitatie op te vangen. De dotaties en onttrekkingen zijn gebaseerd op het vastgestelde Beleidsplan Water en Riolering 2023-2027. De afrekening vindt plaats bij de jaarrekening.
Risico’s Er zijn geen bijzondere risico’s. GROEN Algemeen Openbaar groen is van groot belang voor de ruimtelijke kwaliteit van de leefomgeving. Groen zorgt voor verkoeling en maakt de dorpen klimaat bestendiger. Bomen zijn beeldbepalende elementen die belangrijk zijn voor de oriëntatie, leefbaarheid en karakteristiek in de dorpen. Bomen voorkomen hittestress in bebouwd gebied. In Bomenbeleidsplan zijn beleidsthema's uitgewerkt om het bomenbestand op een duurzame en veilige manier in stand te houden en te ontwikkelen. Kwaliteitsnormen Op het gebied van groen hanteren wij de volgende kwaliteitsnormen: Plantsoenen Het openbaar groen wordt op een gedifferentieerd kwaliteitsniveau onderhouden. De toegangswegen, pleinen en dorpscentra worden op het hoge kwaliteitsniveau A onderhouden. Het overige groen wordt op kwaliteitsniveau B onderhouden. Kwaliteitsniveau B komt overeen met de landelijke normen voor een basiskwaliteit en is gericht op een acceptabel beeld waarin beplanting met een natuurlijke uitstraling voorkomt. Bomen Het bomenbeheer wordt cyclisch uitgevoerd conform het bomenbeheerplan. Het uitgangspunt hierbij is het behouden van een veilig bomenbestand. Financiën Binnen het programma Fysieke leefomgeving nemen we jaarlijks budgetten op voor beheer en onderhoud van openbaar groen.
63
Risico’s Biodiversiteit De insectenpopulaties in ons land en daarbuiten zijn zorgelijk in aantal achteruitgegaan. Dit hangt nauw samen met de achteruitgang van de biodiversiteit. Insecten hebben een belangrijke rol in de natuurlijke voedselketens en de landbouw. In 2024 is het biodiversiteitsplan vastgesteld. Dit plan heeft als doel het behouden, herstellen en versterken van de biodiversiteit in gemeente West Maas en Waal zowel in de dorpen als in het buitengebied/landschap. Exoten In toenemende mate krijgen we te maken met soorten die hier van nature niet thuishoren, invasieve exoten (berenklauw en Japanse duizendknoop). Een aantal van deze soorten vestigt zich hier in het wild en zorgt voor problemen en zijn een gevaar voor onze biodiversiteit. Het gaat dan met name om soorten die zich snel vermenigvuldigen en verspreiden. GEBOUWEN Algemeen Wij hebben in onze gemeente accommodaties voor sport, kunst en cultuur, welzijn en de huisvesting van ons gemeentelijke apparaat. Iedere vier jaar beoordelen wij de staat van onderhoud van de gemeentelijke gebouwen en stellen wij op basis hiervan een meerjaren onderhoudsprogramma op. Het daadwerkelijke onderhoud voeren wij overigens pas uit na een actuele inspectie. Bij deze inspectie beoordelen wij of de geplande onderhoudswerkzaamheden echt noodzakelijk zijn of nog uitgesteld kunnen worden.
Kwaliteitsnormen Bij het onderhoud en beheer van onze gebouwen gaan wij uit van planmatig onderhoud gericht op het op een zo efficiënt mogelijke wijze in stand houden van de accommodaties. Uitgangspunt is de gebouwen in een dusdanige staat van onderhoud te houden dat er sprake is van veilige en visueel goed onderhouden gebouwen. Bij het onderhoud is er ook voor het milieu. Waar mogelijk worden de onderhoudsmomenten aangegrepen om het object 'verder' te verduurzamen. Financiën De jaarlijkse kosten met betrekking tot het onderhoud van gebouwen staan weergegeven in de onderstaande tabel.
64
De voorziening gebouwen is ingesteld om fluctuaties in de exploitatie op te vangen. De dotaties en onttrekkingen zijn gebaseerd op het meerjarig onderhoudsprogramma.
Risico’s Planmatig onderhoud wordt pas uitgevoerd na visuele inspectie. Dit houdt in dat onderhoudskosten jaarlijks kunnen wisselen.
65
PARAGRAAF FINANCIERING ALGEMEEN De paragraaf betreffende de financiering bevat in ieder geval de beleidsvoornemens ten aanzien van het risicobeheer van de financieringsportefeuille en geeft inzicht in de rentelasten, het renteresultaat, de wijze waarop rente aan investeringen, grondexploitaties en taakvelden wordt toegerekend. en de financieringsbehoefte (BBV, artikel 13). Inleiding Het doel van deze paragraaf is om u te informeren over het treasurybeleid en de beheersing van financiële risico’s. Treasury is het besturen en beheersen van, het verantwoorden over en het toezicht houden op de financiële geldstromen, de financiële posities en de hieraan verbonden risico’s. Dit dienen wij te doen binnen de kaders van de Wet financiering decentrale overheden (Wet fido). Het doel van deze wet is onder andere om op een verantwoorde en professionele wijze de inrichting en uitvoering van de treasuryfunctie (financieringsactiviteiten) van de gemeente te regelen. Gemeentelijke kaders Onze kaders zijn vastgelegd in de, op grond van artikel 212 Gemeentewet, vastgestelde 'Financiële verordening gemeente West Maas en Waal' (Rb. 29 februari 2024). Het gaat om kaders voor het uitvoeren van de financieringsfunctie zoals doelstellingen, richtlijnen en limieten die voor het college gelden.
In het door het college van burgemeester en wethouders op 10 januari 2012 vastgestelde Treasurystatuut is de beleidsmatige infrastructuur van de treasuryfunctie vastgelegd in de vorm van uitgangspunten, doelstellingen, richtlijnen en limieten. Het bevat met name protocollen voor de dagelijkse uitvoering. De onderwerpen die hierbij aan de orde komen zijn het kasbeheer, het risicobeheer, de financiering en de administratieve organisatie. Hoofddoelstelling beleid Inzicht hebben in de lange termijn ontwikkeling van de financiële positie van de gemeente. Het aangaan en verstrekken van geldleningen en het verstrekken van garanties is alleen toegestaan voor de uitvoering van de publieke taak. Hierbij mogen geen overmatige risico’s worden gelopen. Het gebruik van de kasgeldlimiet en de renterisiconorm is bedoeld als normstellend. Algemene ontwikkelingen/ rentevisie De treasuryactiviteiten staan bloot aan zowel interne als externe ontwikkelingen. De interne ontwikkelingen bestaan uit het oppakken van nieuwe activiteiten, investeringsplannen en reorganisatieprocessen. De belangrijkste externe ontwikkelingen zijn (internationale) economische indicatoren en de invloed hiervan op de geld- en kapitaalmarkt, maar ook wijzigingen in wet- en regelgeving. Het voorspellen van de renteontwikkeling is een lastige en bijna onmogelijke opgaaf, zeker op de lange termijn.
Volgens het geschetste economische beeld van De Nederlandsche Bank (DNB) (voorjaarsraming juni 2024) wordt voor Nederland in 2024 een groei verwacht van 0,5% (in 2023 was de groei 0,2%). De aanhoudende oorlog in Oekraïne heeft gezorgd voor hogere prijzen voor energie en andere grondstoffen. Na stagnatie komt de Nederlandse economie met een zachte landing op een gematigd groeipad. In de komende jaren zal de groei iets hoger zijn met in 2025 en 2026 een verwachte groei van 1,3%. De belangrijkste oorzaken van de afkoeling van de economie zijn de terugval van de wereldhandel en het monetaire beleid van de Europese Centrale Bank. Dat beleid is nodig om de hoge inflatie te bestrijden. Risicomanagement Risicomanagement is het identificeren en kwantificeren van risico's en het vaststellen van beheersmaatregelen. Hiermee worden activiteiten bedoeld waarmee de kans van optreden of de gevolgen van risico's worden beïnvloed. De risico’s die binnen onze gemeente worden gelopen bij de uitvoering van de treasurytaak bestaan voornamelijk uit renterisico's. Om die risico's te beperken en te beheersen geldt er een kasgeldlimiet en is er een renterisiconorm ontwikkeld. Daarnaast verdient vooral het kredietrisico aandacht. Dit is het risico dat wij lopen wanneer geldleningen worden verstrekt aan rechtspersonen die in voorkomende gevallen in financiële
66
problemen zouden kunnen komen. In het treasurystatuut zijn algemene uitgangspunten opgenomen om dit risico te beperken. Met betrekking tot risicobeheer hanteren wij, volgens het treasurystatuut, de volgende algemene uitgangspunten: 1. De gemeente mag leningen of garanties uit hoofde van de ‘publieke taak’ uitsluitend verstrekken aan door de gemeenteraad goedgekeurde derde partijen. 2. De gemeente kan middelen uitzetten uit hoofde van de treasuryfunctie indien deze uitzettingen een prudent karakter hebben en niet zijn gericht op het genereren van inkomen door het lopen van overmatig risico. 3. Het gebruik van derivaten is niet toegestaan. Leningportefeuille en financieringsbehoefte De leningportefeuille De ontwikkeling van de huidige leningportefeuille ziet er als volgt uit: Omschrijving
Werkelijk 2023
Actueel 2024
Raming 2025
Raming 2026
Raming 2027
Raming 2028
Aanwezige leningen Schuldrestant per 1 januari Nieuw aangetrokken leningen Aflossingen Schuldrestant per 31 december
€ 26.820.887 € 3.000.000 € 3.216.179 € 26.604.708
€ 26.604.708 € 5.000.000 € 3.227.260 € 28.377.448
€ 28.377.448
€ 24.888.630
€ 21.637.755
€ 18.574.302
€ 3.488.818 € 24.888.630
€ 3.250.875 € 21.637.755
€ 3.063.453 € 18.574.302
€ 2.776.574 € 15.797.728
0,99% € 263.387
1,22% € 346.205
1,58% € 472.240
1,63% € 515.695
1,68% € 564.048
1,68% € 601.402
Nadere info Gewogen gemiddelde rentepercentage Bijhorende rentelasten
Financieringsbehoefte In het onderstaand overzicht wordt de verwachte financieringsbehoefte voor de komende 4 jaren weergegeven. Hierbij is uitgegaan van volledige realisatie van alle investeringen, inclusief die volgens het investeringsplan 2025 - 2028. Berekening financieringsbehoefte (per 31 dec.)
Werkelijk 2023
Actueel 2024
Raming 2025
Raming 2026
Raming 2027
Raming 2028
Financieringsbehoefte Boekwaarde staat activa Boekwaarde voorraad grond Financieringsbehoefte
€ 55.817.614 -€ 14.059 € 55.803.555
€ 63.381.950 -€ 792.385 € 62.589.564
€ 67.530.227 -€ 516.623 € 67.013.604
€ 63.150.495 -€ 377.831 € 62.772.664
€ 71.761.618 €0 € 71.761.618
€ 70.997.785 €0 € 70.997.785
Financieringsmiddelen Langlopende geldleningen o/g Reserves en voorzieningen Financieringsmiddelen
€ 26.604.708 € 30.941.428 € 57.546.136
€ 28.377.448 € 24.520.713 € 52.898.161
€ 24.888.630 € 23.531.128 € 48.419.758
€ 21.637.755 € 20.863.518 € 42.501.273
€ 18.574.303 € 18.894.300 € 37.468.603
€ 15.797.728 € 16.811.042 € 32.608.770
Resterende financieringsbehoefte
-€ 1.742.581
€ 9.691.403
€ 18.593.846
€ 20.271.391
€ 34.293.015
€ 38.389.014
Renteresultaat Toerekening van de rentelasten aan de taakvelden is verplicht. Voor de toerekening aan de grondexploitaties wordt een percentage berekend door het gemiddelde rentepercentage van de leningenportefeuille (1,00%) te vermenigvuldigen met de debt ratio (de verhouding vreemd vermogen/ totaal vermogen). De uitkomst van deze berekening is 0,86%. Om tot een verdeling van de resterende rente over de programma’s te komen, wordt het zogenaamde rente-omslagpercentage gebruikt. Voor de begroting 2025 is het berekende percentage 0,45%. Het saldo van rentelasten en –baten wordt daarvoor gedeeld door het totaal van de vaste activa exclusief de uitstaande geldleningen: • De uitkomst mag met een marge van 0,5% worden afgerond; én • Het verschil tussen de 'door te rekenen externe rente' en de 'werkelijke aan taakvelden toegerekende rente' bedraagt maximaal 25%.
67
Het renteschema ziet er als volgt uit: Renteschema
Werkelijk 2023
Actueel 2024
Raming 2025
Raming 2026
Raming 2027
Raming 2028
Door te belasten rentekosten Rentebetalingen aan externe partijen Renteontvangsten van externe partijen Door te belasten rentekosten
€ 434.655 -€ 335.540 € 99.115
€ 507.516 -€ 448.580 € 58.936
€ 507.428 -€ 312.194 € 195.234
€ 634.235 -€ 306.430 € 327.805
€ 770.105 -€ 306.430 € 463.675
€ 904.944 -€ 306.430 € 598.514
Rente die toegerekend moet worden aan de grondexploitatie Verder nog door te belasten rentekosten
-€ 2.516 € 101.631
-€ 6.815 € 65.751
-€ 4.081 € 199.315
-€ 3.060 € 330.865
€0 € 463.675
€0 € 598.514
Werkelijk aan taakvelden toegerekende rentekosten
€ 89.260
€ 60.400
€ 193.667
€ 330.865
€ 463.675
€ 598.514
Renteresultaat op taakveld Treasury
€ 12.371
€ 5.351
€ 5.648
€0
€0
€0
Renterisicobeheer Renterisicobeheer is het bewust beperken van de negatieve invloed van toekomstige rentewijzigingen op het resultaat van de organisatie en op de waarde van rentedragende activa en passiva. Ook het minimaliseren van de rentekosten en het optimaliseren van de rentebaten behoren tot dit onderwerp. Jaarlijkse nemen we in de paragraaf financiering onze rentevisie op. Om de renterisico’s te beperken geldt er een kasgeldlimiet en een renterisiconorm. Kasgeldlimiet Het kasgeldlimiet geeft de maximale toegestane omvang van de kortlopende schuld aan. Het kasgeldlimiet is ingevoerd om de gemeente te behoeden voor het risico dat de rentelasten opeens fors stijgen, omdat de rente voor kortlopende leningen sterk kan fluctueren. De wet Fido staat een kasgeldlimiet toe van 8,5% van het begrotingstotaal. Renterisiconorm Het begrip renterisiconorm is ingevoerd om zoveel mogelijk spreiding in de looptijden van leningen aan te brengen, en zodoende het renterisico bij herfinanciering van de vaste schuld te beheersen. Deze norm bedraagt 20% van het begrotingstotaal, met een minimum van € 2,5 miljoen. De berekening van de huidige renterisiconorm in meerjarenperspectief is opgenomen in het volgend overzicht. Renterisico op vaste schulden
Werkelijk 2023
Actueel 2024
Raming 2025
Raming 2026
Raming 2027
Raming 2028
Renterisico Renteherzieningen Aflossingen Totaal renterisico
€0 € 3.216.179 € 3.216.179
€0 € 3.227.260 € 3.227.260
€0 € 3.488.818 € 3.488.818
€0 € 3.250.875 € 3.250.875
€0 € 3.063.453 € 3.063.453
€0 € 2.776.574 € 2.776.574
Berekening renterisiconorm Begrotingstotaal vast percentage van begrotingstotaal Renterisiconorm
€ 58.468.935 20% € 11.693.787
€ 57.748.018 20% € 11.549.604
€ 57.877.815 20% € 11.575.563
€ 58.618.897 20% € 11.723.779
€ 59.478.590 20% € 11.895.718
€ 61.240.540 20% € 12.248.108
Ruimte binnen toegestane renterisiconorm
€ 8.477.608
€ 8.322.344
€ 8.086.745
€ 8.472.905
€ 8.832.265
€ 9.471.534
Kredietrisicobeheer Kredietrisico Dit is het risico dat wij lopen wanneer geldleningen worden verstrekt aan rechtspersonen die in voorkomende gevallen in financiële problemen zouden kunnen komen. In het treasurystatuut is vastgelegd dat de gemeente alleen overtollige middelen mag uitlenen aan betrouwbare bedrijven met minimaal een zogeheten AAA-rating (looptijd langer dan 3 maanden) c.q. AA-rating (looptijd tot 3 maanden), aan ondernemingen waarvoor een solvabiliteitsratio van 0% geldt of aan de centrale overheid. Bij het verstrekken van leningen uit hoofde van de publieke taak worden zekerheden of garanties geëist.
68
Schuldrestant aan het begin van het jaar
Werkelijk 2023
Actueel 2024
Raming 2025
Raming 2026
Raming 2027
Raming 2028
Actuele leningen (u/g) Geldlening aan St. Kulturhus Boven-Leeuwen Geldlening aan st. MFA Dreumel (lening 1) Geldlening aan st. MFA Dreumel (lening 2) Geldlening aan st. Sport & Recreatie (lening 1) Geldlening aan st. Sport & Recreatie (lening 2) Geldlening aan MFA de Hucht Geldlening aan Yasemin Maaltijdservice Geldlening aan Jasmin Services Totaal actuele leningen
€ 2.764.701 € 3.598.619 € 314.400 € 1.834.717 € 1.371.697 € 1.277.451 € 333.500 € 500.000 € 11.995.085
€ 2.682.592 € 3.505.852 € 306.295 € 1.796.520 € 1.341.950 € 1.253.809 €0 € 500.000 € 11.387.018
€ 2.598.840 € 3.411.230 € 298.028 € 1.757.560 € 1.161.708 € 1.229.695
€ 2.513.413 € 3.314.716 € 289.596 € 1.717.821 € 1.134.296 € 1.205.098
€ 2.426.278 € 3.216.272 € 280.995 € 1.677.286 € 1.106.335 € 1.180.010
€ 2.337.400 € 3.115.858 € 272.223 € 1.635.941 € 1.077.816 € 1.154.419
€0 € 10.457.061
€ 10.174.940
€ 9.887.176
€ 9.593.657
2,06%
2,21%
2,00%
2,00%
2,00%
2,00%
Nadere info Gewogen gemiddeld rentepercentage
Aandelen De gemeente is in het bezit van 18.693 gewone aandelen Vitens. De nominale waarde hiervan is € 1 per aandeel. Als aandeelhouder komen alleen publiekrechtelijke (direct of indirect) rechtspersonen in aanmerking. Door de beperkte verhandelbaarheid is het moeilijk een marktwaarde te noemen. Overigens onderschrijven wij het belang dat de drinkwatervoorziening in publieke handen blijft. Op grond van het treasurystatuut vindt aankoop en verkoop van aandelen uitsluitend plaats voor de uitoefening van de publieke taak. Schatkistbankieren Wij zijn verplicht om onze overtollige middelen in de Rijksschatkist aan te houden. Om het dagelijkse kasbeheer te vereenvoudigen is er een drempelbedrag, afhankelijk van het begrotingstotaal, dat buiten de schatkist mag worden gehouden. Het drempelbedrag bedraagt 2,0% van het begrotingstotaal met een minimum van € 1 miljoen. Voor ons betekent dit een drempelbedrag van € 1 miljoen. Intern liquiditeitsbeheer Liquiditeitsrisico Liquiditeitsrisico is het risico dat wij op korte termijn niet genoeg geld in kas hebben om aan onze verplichtingen te voldoen. Om deze reden stellen wij liquiditeitsplanningen en een liquiditeitsbegroting op. Hierbij zien wij er op toe dat de liquiditeitspositie voldoende is om te garanderen dat wij de verplichtingen tijdig kunnen nakomen.
De gemeente beperkt haar interne liquiditeitsrisico’s door haar treasuryactiviteiten te baseren op een korte termijn liquiditeitenplanning (looptijd tot 1 jaar), alsmede een meerjarige liquiditeitenplanning met een looptijd van minimaal 4 jaar. Bij deze laatste dient enige terughoudendheid in acht te worden genomen. Een goede planning, zeker op de langere termijn, is gelet op de onzekere factoren die een rol spelen zoals vertragingen in de investeringsplanning en de informatievoorziening niet eenvoudig. Meerjarenramingen zijn veelal onbetrouwbaar, zowel qua volume als tijdpad. Wanneer op basis daarvan op voorhand leningen dienen te worden afgesloten, gaan wij onbedoeld renterisico’s lopen. Met name bij de op termijn voorziene grote(re) investeringen vormen het politieke, procedurele en de uiteindelijke omvang van de financieringsbehoefte dermate onzekere factoren dat dit een ongewenste risicovergroting zou vormen. Voor het liquiditeitenbeheer is, met ingang van 15 november 2018, met de N.V. Bank Nederlandse Gemeenten een Financieringsovereenkomst voor een (Rekening-courant) Krediet- en Depotarrangement (tijdelijk overtollige middelen beleggen) afgesloten. De Financieringsovereenkomst geldt voor onbepaalde tijd en kan schriftelijk geheel of gedeeltelijk worden opgezegd. De kredietlimiet bedraagt € 3.700.000.
Over het gebruikte deel van de rekening-courant moet de 1-maands Euribor + 0,15% worden betaald. In het afgelopen jaar is de 1-maands Euribor redelijk gestabiliseerd. De rente schommelt van +3,46% (juli 2023) naar +3,63% (juli 2024). Per augustus is een renteverlaging doorgevoerd waardoor de 1maands Euribor is gedaald naar +3,56%. Daarnaast moet over het ongebruikte deel van de rekeningcourant 0,04% bereidstellingsprovisie worden betaald.
69
PARAGRAAF BEDRIJFSVOERING ALGEMEEN Deze paragraaf geeft inzicht in de stand van zaken en de beleidsvoornemens ten aanzien van de bedrijfsvoering (BBV, artikel 14). Inleiding De bedrijfsvoering betreft de middelenfuncties (personeel en organisatie, planning & control, informatievoorziening en automatisering, communicatie en facilitaire zaken) ter ondersteuning van de uitvoering van de programma’s (het primaire proces). In deze paragraaf hebben wij tevens de griffie en de rekenkamercommissie opgenomen. De bedrijfsvoering is ondersteunend aan en mede bepalend voor de kwaliteit van het primaire proces en de realisatie van de beoogde maatschappelijke effecten. De interne organisatie staat volledig ten dienste aan het primaire proces. Dit betekent dat de kwaliteit en omvang van de gemeentelijke organisatie, maar ook faciliteiten als bijvoorbeeld de huisvesting en de automatisering indirect van grote invloed zijn op het behalen van de gewenste effecten. In deze paragraaf worden de verschillende onderdelen van de bedrijfsvoering verder uitgewerkt. Gemeentelijke kaders Beleidsstuk
Jaar
Communicatiebeleidsplan I&A-plan 2020 Informatiebeveiligingsbeleid Programmaplan organisatieontwikkeling 2023-2026 Inkoopbeleid HR Beleidskaders
2020 2020 2023 2024 2024 2024
Ontwikkelingen Op hoofdlijn: Focus op Implementatie ICT-verbeterplan: De selectie van de nieuwe ICT-dienstverlener heeft middels een Europese aanbestedingsprocedure plaatsgevonden. Er is gestart met de implementatie en de hierbij behorende inrichting van de ICTinfrastructuur. HRM: o In gebruik name van het nieuwe e-HRM systeem. o Implementatie HR-21 functiewaarderingssysteem o Onboarding (introductieprogramma) o Opstellen opleidings- en ontwikkelbeleid en personeel- en ontwikkelplan; Informatiebeheer: Start uitvoering plan van aanpak ‘Toekomstbestendig Informatiebeheer’. Ons informatiebeheer is voor verbetering vatbaar. Dit heeft geleid tot een nieuwe beschouwing van wat er nodig is om informatiebeheer op de rit te krijgen. Er is een 1 e concept van de aanpak om tot ‘Toekomstbestendig Informatiebeheer’ te komen. Onderdeel hiervan is de doorontwikkeling van het team DIV. Implementatie Digitaal Stelsel Omgevingswet. Het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) ondersteunt de uitvoering van de Omgevingswet. Het DSO biedt het digitale loket (Omgevingsloket) waar initiatiefnemers, overheden en belanghebbenden snel kunnen zien wat is toegestaan in de fysieke leefomgeving. Het digitaal stelsel vervangt bij de inwerkingtreding van de wet de bestaande toepassingen: Omgevingsloket online, Activiteitenbesluit Internet Module (AIM) en ruimtelijkeplannen.nl.
Het DSO zorgt voor samenhangende, eenduidige en toegankelijke informatie van goede kwaliteit. Daarmee draagt het DSO sterk bij aan de verbetering van het stelsel van het omgevingsrecht.
70
ICT heeft hier een ondersteunende rol in Dienstverlening: Inzetten op continuïteit + ontwikkeling team • Paspoortpiek • Kwetsbaarheid team • Professionalisering Uitvoering plan van aanpak Verbetering Dienstverlening.o.a.; • Implementatie Anywhere 365 (call center telefonie applicatie). Dit zorgt voor een verbetering van de telefonische dienstverlening • Optimalisatie processen (Dit is een doorlopend traject) • Digitaliseren - e-diensten Projecten: • Actieplan Internationale Werknemers (procesinrichting en ondersteuning) PERSONEEL EN ORGANISATIE Ontwikkeling Dienstverlening: Inzetten op continuïteit + ontwikkeling team: Continuïteit binnen het KCC is essentieel. Bij gebrek aan continuïteit is er een reëel risico dat het primaire proces rondom de BRP (Basisregistratie personen) stil komt te liggen en de afhandeling van aanvragen voor reis- en identiteitsdocumenten en rijbewijzen stokt. Dit heeft grote consequenties voor de dienstverlening naar onze inwoner. De continuïteit van het team staat op dit moment erg onder druk. De komende periode gaat de teamsamenstelling veranderen. Dit doordat meerdere medewerkers de pensioengerechtigde leeftijd bereiken of eerder stoppen met werken. Door de continuïteit te waarborgen in het team is er een memo Continuïteit opgesteld. In dit memo vragen we capaciteit om de continuïteit én de benodigde ontwikkeling op processen door te kunnen maken.
Het beschikbaar hebben van voldoende verandercapaciteit binnen het KCC is een voorwaarde om de voorgestelde verbetering van de dienstverlening en de ontwikkeling te kunnen realiseren. Dit helpt om een stabiel en professioneel team neer te zetten en onze inwoner nog beter van dienst te zijn. Deze ontwikkeling is een geleidend proces en vind de komende jaren plaats. Projecten: Actieplan Internationale Werknemers Er is samen met de regio een convenant Internationale werknemers opgesteld. Daarin is opgenomen dat we conform afspraken dit project intern gaan vormgeven en oppakken samen met de betrokken afdelingen. Team KCC speelt ook een rol in de uitvoering van het proces. Wij zijn immers verantwoordelijk voor het juist invoeren van BRP-gegevens.
Doorontwikkeling en verbetering dienstverlening en klantprocessen: Uitvoering doorontwikkeling en verbetering dienstverlening en klantprocessen met behulp van het plan van aanpak ‘Verbetering dienstverlening’. Dit plan biedt een concrete aanpak voor stapsgewijze verbetering van de dienstverlening aan de inwoners van West Maas en Waal, met focus op het KCC. Het document bestaat uit een overzicht van de ambities, analyse van de huidige situatie, dienstverleningsuitgangspunten en hieruit voortvloeiend een plan van aanpak voor stapsgewijze verbetering van de dienstverlening. De aanpak voor stapsgewijze verbetering vertaalt zich onder andere in de volgende activiteiten: o Implementatie Anywhere365: Anyewhere365 is een callcenter telefonie applicatie. Deze applicatie gebruikt Microsoft 365 en Teams. Het gebruik van Anywhere365 draagt bij aan een verbeterde telefonische dienstverlening. Anywhere365 is een systeem wat ons veel informatie kan geven over de bereikbaarheid, welk soort vragen er gesteld worden over welke onderwerpen. Met deze informatie kunnen wij onze communicatiemiddelen zoals de webpagina optimaliseren en onze inwoner nog beter van dienst zijn. Samen met de nieuwe ICT partij gaan we in 2025 vormgeven aan de implementatie.
71
o
o
o
Procesverbetering e-Diensten Implementatie e-Diensten met behulp van VrijBRP (applicatie van huidige leverancier) De implementatie van e-Diensten, waarbij aanvragen en mutaties direct landen in VrijBRP (na identificatie via DigiD) betekent versnelling en efficiency. Dit komt tevens de kwaliteit ten goede en kunnen wij beter voldoen aan de gemaakte afspraken. De klantprocessen worden hierdoor toekomstbestendig ingericht. Inwoners kunnen meer online aanvragen en beheren. Processen Er is een start gemaakt met het in kaart brengen van de processen. Een aantal van deze processen is opgepakt en omschreven in een procesomschrijving en word ook al meegewerkt. De resultaten worden gemonitord, geëvalueerd en waar nodig bijgesteld om uiteindelijk op de efficiëntste manier te werken. Het optimaliseren van de processen zal gedurende het jaar 2025-2026 verder uitgevoerd worden. Implementatie systeem Begraafplaatsadministratie heeft plaats gevonden. Dit systeem stelt ons in staat om efficiënter en professioneler de gegevens te beheren van onze begraafplaatsadministratie.
Personeel: beleid en ontwikkelingen Uitgangspunt bij het onderdeel Personeel is dat we een personeelsbeleid hanteren dat is afgestemd op de ontwikkelingen en behoeften vanuit de organisatie en de maatschappij. Hier dragen de onderstaande ontwikkelingen aan bij. Actualisering HR-beleidskaders: De HR Beleidskaders vormen de kaders en geven richting en koers aan HR-activiteiten. In 2024 zijn de HR-beleidskaders op hoofdlijnen aangepast. Om de juiste koers te kunnen blijven behouden worden in 2025 de HR-beleidskaders opnieuw gedefinieerd voor de komende jaren. Hierbij zijn de ontwikkelingen en behoeften vanuit de organisatie en de samenleving leidend. Implementatie nieuw e-HRM systeem: Het nieuwe e-HRM systeem gaat de medewerkers en organisatie meer gebruikersgemak en informatie leveren. Gekoppeld aan de overgang naar een nieuw e-HRM systeem is ook de overgang naar een nieuwe personeels- en salarisadministratie noodzakelijk. Betrokken processen binnen de vernieuwde e-HRM: o In, door en uitstroomproces o Verzuimproces o Rapportages o Verlofproces Implementatie HR 21: HR21 is een nieuw functiewaarderingssysteem voor de organisatie. HR begeleidt het proces van de overgang van het huidige functiewaarderingssysteem naar HR21. Dit is inclusief implementatie en borging van het functiewaarderingssysteem. Implementatie is in samenwerking met een extern bureau.
De implementatie van een nieuw functiehuis (HR21) is gestart en vindt conform planning plaats eind 2024. De afronding van de implementatie loopt door tot en met Q1 2025. Werving en selectie Het Werving en selectiebeleid is opgesteld en ligt ter instemming voor aan de OR Er is een sterke toename van vacatures in verband met de uitbreiding van functies, interne doorstroom en uitstroom van medewerkers. Dit terwijl de arbeidsmarkt tegelijkertijd onder druk staat. Om geschikte kandidaten uit de krappe arbeidsmarkt markt aan te trekken wordt er actief geworven. De vacatures die we uitzetten hebben een nieuw format en nieuwe vacatureteksten. We maken gebruik van wervingsfilms, we zijn actief op LinkedIn en andere Social media. Het aanbrengen van een nieuwe collega wordt beloond, etc. Door deze acties sluiten we beter aan op de manier waarop kandidaten tegenwoordig naar banen zoeken.
Onboarding: Dit is het instroomproces waarbij nieuwe medewerkers kennismaken met de organisatie. Dit is een onderdeel van het binden en boeien van medewerkers.
72
Hieronder valt het opstellen en implementeren van het onboarding programma. Het betreft hier zowel de onboarding van een individuele nieuwe medewerker als mede het opstellen van een algemeen (breder) on-boarding programma voor een groep nieuwe medewerkers. In samenwerking met een extern bureau is een brainstormsessie gehouden met medewerkers over ideeën voor het onboardingprogramma. Dit wordt door HR verder uitgewerkt en verwerkt in het onboardingprogramma
Personeel ontwikkelplan: Opstellen en in gebruik nemen van het Personeels ontwikkelplan : o Wat hebben we als organisatie nodig aan kennis en kunde om toekomstige ontwikkelingen het hoofd te bieden? o Wat hebben we nu aan kennis en kunde aan boord? o Wat is er voor nodig om naar het gewenste/vereiste niveau te groeien? Medewerkertevredenheidsonderzoek (MTO): Begin 2023 is gestart met het werkbelevingsonderzoek. Als eerste is een nulmeting gehouden. Hieruit blijkt dat 70% van de deelnemers goed in zijn/haar vel zit, met plezier naar het werk gaat en zich thuis voelt in de organisatie. Als vervolg op de nulmeting zijn op een aantal thema’s verdiepende vragen gesteld. De teammanagers hebben in hun team overleggen aandacht besteed aan deze thema’s en aan hun teams gevraagd hoe wij deze thema’s kunnen verbeteren. De totale opbrengsten zijn in het MT besproken. De actiepunten worden meegenomen in de ontwikkeling van de organisatie. HR levert ondersteuning op de procesgang/applicatie. In het najaar van 2024 wordt een nieuwe meting uitgevoerd. Het MT levert hiervoor input.
Financiën De kosten van het personeel zijn verdeeld op basis van de loonsom. Met u zijn afspraken gemaakt dat wij niet sturen op de formatie, maar op de loonsom. Deze loonsom stijgt met niet te beïnvloeden externe factoren, zoals CAO-stijgingen of wijzigingen in sociale premies of als gevolg van overdracht van taken door het Rijk. De ambtelijke organsiatie zorgt ervoor dat de opgedragen taken binnen de loonsom worden verricht. Het overzicht met de personeelslasten is opgenomen als bijlage 1.
Ziekteverzuim Onze streefwaarde is een maximaal ziekteverzuimpercentage van 4,0%. We hebben beleid en ondernemen de nodige activiteiten om het ziekteverzuim laag te houden. We maken gebruik van de adviezen van de Arboarts voor een optimale re-integratie en de inzet van interventies. Het streefcijfer ziekteverzuim (4,0%) is niet gehaald. Het ziekteverzuimpercentage van de gemeente West Maas en Waal over het jaar 2023 bedroeg 4,92%. In 2024 is nog steeds langdurig verzuim aanwezig, veroorzaakt door niet werk gerelateerde redenen. Het percentage wordt hierdoor omhoog gestuwd. Het gemiddelde ziekteverzuimpercentage voor gemeenten bedroeg over 2023 6,5%. Voor gemeenten <20.000 inwoners bedroeg dit 6,3% (bron: A&O Fonds Gemeenten en VNG). In de hierna opgenomen tabel wordt inzicht gegeven in de bereikte- en komende jaren te bereiken resultaten. Het verzuimcijfer van 4% blijft het streefcijfer. Tabel: Ontwikkeling ziekteverzuim Ziekteverzuimpercentage
2022
2023
2024
2025
2026
2027
6,78
4,92
4,5
4,0
4,0
4,0
73
Ontwikkelingen We hebben de beschikking over de zogenaamde verzuimmodule. De Verzuimmodule geeft een verbeterde monitoring en betrekt de teammanager actief bij het verzuim/reintegratieproces. Ook is er een link tussen de Bedrijfspoli en de Verzuimmodule. Hierdoor hebben de teammanagers altijd de meest actuele informatie/status voorhanden.In het periodieke Sociaal Medisch Team overleg (SMT) vindt afstemming en overleg plaats tussen het MT, HR en de Bedrijfsarts en Coach Arbeid en Gezondheid van de Bedrijfspoli. Risico’s Eigen risicodragerschap WGA, WGA-flex Onze gemeente is sinds 2010 eigenrisicodrager voor de WGA (Wet Werkhervatting Gedeeltelijk Arbeidsongeschikten), de WGA-flex en de Ziektewet. Dat wil zeggen dat, in geval van instroom in de WGA, de uitkeringslasten en re-integratiekosten gedurende maximaal 10 jaar voor rekening van de gemeente komen. Een goed ziekteverzuimbeleid beperkt de risico´s. Sinds de invoering van de WIA (wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen) zijn er twee (ex-) medewerkers van onze gemeente ingestroomd in deze uitkering. Naar verwachting stroomt in 2024 nog een derde medewerker in in deze uitkering. INFORMATIEVOORZIENING EN AUTOMATISERING In 2025 ligt de focus op de implementatie en inrichting van de nieuwe-/ verbeterde ICT-omgeving als gevolg van de Europese Aanbesteding IV/ ICT.
Doel van de Europese Aanbesteding is het maken van een keuze voor een nieuwe ICT-dienstverlener die de gemeente ontlast en ontzorgt op ICT-gebied. De Europese Aanbesteding bestaat uit 4 fasen: 1. Voorbereidingsfase; 2. Opstellen Aanbestedingsdocumenten; 3. Uitvoeren aanbesteding; 4. Contracteren. Nadat het contract met de nieuwe ICT-dienstverlener ondertekend is, start de implementatiefase. Samen met de Informatiemanager, de nieuwe leverancier, ICT De Connectie, en (indien nodig) het adviesbureau uit de aanbesteding, wordt een implementatieplan opgesteld. Onderdelen van het implementatieplan zijn de ontvlechting van de huidige ICT-omgeving en de inrichting en opbouw van de nieuwe ICT-omgeving. In samenhang met de implementatie van de nieuwe ICT-omgeving vinden er een aantal andere acties plaats op Informatie en ICT-gebied: •
• • • • • • •
Risicobeperking/continuïteit: De huidige ICT-infrastructuur is verouderd en wordt daardoor gevoeliger voor storingen en uitval. De technische infrastructuur wordt hierop op continu basis gecheckt. Het risico op de continuïteit wordt opgelost met de implementatie van de verbeterde ICT-omgeving. Analyse applicaties/software: Onderzoek naar welke applicaties we in huis hebben, noodzaak, zit er overlap in, enzovoort. Inventariseren welke applicaties ondergebracht gaan worden binnen de Cloud ten behoeve van de nieuwe ICT-omgeving, en welke applicaties we gaan afnemen vanuit de Cloud van de leverancier van de applicatie. Inventarisatie ICT-contracten. Zorgen voor meer grip op het beheer van de contracten. M365/Teams project: Voortzetting project. Advies en coördinatie ten behoeve van verbetering Dienstverlening KCC: Advies en coördinatie bij implementatie KCC-applicaties en digitalisering. Opstellen informatiebeleidsplan Opzetten Informatiehuis
74
Informatieveiligheid: Het opgestelde Beleidsplan Informatieveiligheid bevat algemene kaders, uitgangspunten en managementafspraken waarmee de informatieveiligheid van de organisatie kan worden vormgegeven en geborgd. Informatiebeveiliging gaat over het beschermen van de beschikbaarheid, integriteit en vertrouwelijkheid van onze informatie (waaronder ook persoonsgegevens). Om dit te bewerkstelligen moeten we o.a. zorgen dat de proces- en daarmee informatie-eigenaren opgeven: - Welke data er in ieder proces worden verwerkt - Welk algoritme wordt gebruikt - Door welke applicaties dit proces wordt ondersteund - Welke functies toegangsrechten tot deze applicaties mogen krijgen - Checken of dit klopt met de uitgegeven toegangsrechten aan medewerkers - Aan welke wet- en regelgeving ze moeten voldoen - Risicoanalyses uitvoeren om potentiële bedreigingen en kwetsbaarheden te identificeren. Op basis van deze risicoanalyses en de dataclassificatie moeten we vervolgens maatregelen treffen om de data, inclusief persoonsgegevens, te beschermen, die we volgens de Plan-Do-Check-Actcyclus jaarlijks moeten evalueren. Zowel dit totaaloverzicht als een goede samenwerking tussen de Informatiebeheerder, ICT, Privacy Officer en CISO (Chief Information Security Officer) zijn randvoorwaardelijk voor een goede informatiebeveiliging (en informatiebeheer).
De gemeente moet voldoen aan alle huidige en toekomstige wet- en regelgeving, waarbij we binnen deze kaders zo open en transparant mogelijk proberen te opereren. De gemeente gaat uit van het principe van dataminimalisatie, waardoor er dus alleen gegevens worden verzameld, verwerkt en bewaard die strikt noodzakelijk zijn voor een specifiek doel, waarbij we uiteraard de eisen uit de Archiefwet in acht (moeten) nemen. Dit proces zal niet alleen de beveiliging van onze gegevens versterken, maar ook het vertrouwen van onze inwoners in onze dienstverlening vergroten. Door deze aanpak kunnen we zowel de operationele efficiëntie verbeteren als de compliance met wettelijke vereisten waarborgen. Ontwikkeling Informatiebeheer: De Wet Open Overheid (WOO) is in werking getreden. Dit vraagt om een wijziging in ons informatiebeheer. Bepaalde gegevens moeten actief openbaar beschikbaar zijn. Dit in tegenstelling tot de WOB. De WOO wordt opgepakt binnen het organisatie ontwikkelplan. Inmiddels is een gerichte opdracht gegeven voor het opstellen van een plan van aanpak voor de verdere uitrol van de WOO binnen de organisatie Start uitvoering plan van aanpak ‘Toekomstbestendig Informatiebeheer’: Om aan de (wettelijke) eisen te kunnen voldoen moet ons informatiebeheer verbeterd worden. Dit heeft geleid tot een nieuwe beschouwing van wat er nodig is om informatiebeheer op de rit te krijgen.
Er is een 1e concept van de aanpak om tot ‘Toekomstbestendig Informatiebeheer’ te komen. Onderdeel hiervan is de doorontwikkeling van het team DIV. Waarom werken aan een toekomstbestendig informatiebeheer noodzakelijk is? o We voldoen op een aantal onderdelen nog niet aan het gewenste niveau. Verbetering is nodig o Voldoen aan -en mee kunnen met landelijke ontwikkelingen: o Wet- en regelgeving o.a.: ▪ Omgevingswet ▪ Wet open overheid (WOO) ▪ Wet digitale overheid ▪ Archiefwet o Bestuurlijk o.a.: ▪ Gezamenlijke gemeentelijke uitvoering (onderdeel Digitale Agenda 2020) o Technologie o De kwaliteit van het informatiebeheer is van invloed op informatiebeveiliging en viceversa.
75
De grip op informatie dient verstevigd te worden. Dat kan alleen in onderlinge samenhang tussen strategie en beleid, mensen, middelen en governance (hoe gaan we om met onze informatie en waar/hoe slaan we het op). Om te kunnen voldoen aan de voorwaarden van een toekomstbestendig informatiebeheer is (door)ontwikkeling van het team DIV noodzakelijk. Hiervoor is ook investering nodig om de juiste mensen met de juiste kwaliteit/potentie in te kunnen zetten op Informatiebeheer.
Financiën De kosten van onze informatievoorziening en automatisering, exclusief de personeelslasten en doorberekeningen, ontwikkelen zich de komende jaren als volgt:
Kosten I&A-budget
Werkelijk 2023
Actueel 2024
Raming 2025
Raming 2026
Raming 2027
Raming 2028
Kosten I&A-budget Kapitaallasten Onderhoud, hard- en software Ondersteuning en consultancy Huur data- en spraaklijnen Veiligheidsbeleid Beheer en bewaring archief Digitale dienstverlening Huur en lease
Opstarten ICT-verbeterplan Overige kosten Ontvangsten Saldo I&A-budget
€ 65.918 € 58.387 € 50.237 € 50.352 € 42.905 €0 € 823.642 € 1.405.102 € 1.339.519 € 1.354.346 € 1.386.770 € 1.416.236 € 100.599 € 121.765 € 124.773 € 127.626 € 130.494 € 133.248 € 114.116 € 60.807 € 62.309 € 63.734 € 65.167 € 66.542 € 29.200 € 31.965 € 32.755 € 33.505 € 34.258 € 34.981 € 72.972 € 88.419 € 90.603 € 92.675 € 94.759 € 96.759 € 4.475 € 14.796 € 45.993 € 120.184 € 50.862 € 55.547 € 87.401 € 89.968 € 92.190 € 94.298 € 96.417 € 98.452 € 335.604 € 231.272 € 11.215 € 44.100 € 45.179 € 46.187 € 47.226 € 48.223 -€ 8 -€ 4.744 -€ 4.861 -€ 4.973 -€ 5.084 -€ 5.192 € 1.645.135 € 2.141.837 € 1.878.697 € 1.977.934 € 1.943.774 € 1.944.796
Risico’s Tot aan het moment van de implementatie van de nieuwe ICT- infrastructuur blijft er risico bestaan op uitval van de bestaande huidige verouderde ICT-infrastructuur. De huidige situatie wordt op continu basis gecheckt. Waar nodig worden er tijdelijke maatregelen genomen. Ook zijn we met leveranciers in gesprek over manieren om dit risico beheersbaar te houden. PLANNING & CONTROL Algemeen De planning en control cyclus is één van de belangrijkste processen in onze gemeente omdat alle beleidsthema's in de P & C cyclus zijn opgenomen. Naast beleidsthema's wordt inzicht gegeven in de financiële huishouding van onze gemeente. In 2024 hebben wij de basis gelegd voor het sturen op "maatschappelijke effecten. In 2025 willen wij tezamen met uw raad onderzoeken hoe hier verder invulling aan te geven. Er is nu sprake van een sluitende begroting 2025. Voor de jaren 2026 t/m 2028 liggen er echter nog grote financiële uitdagingen in het verschiet. Om deze tekorten het hoofd te kunnen bieden willen wij met uw raad in de komende maanden de mogelijkheden daartoe nader onderzoeken. Bij de Voorjaarsnota 2025 zal dit duidelijk moeten zijn. Op juridisch vlak is de komst van de contractmanager een kwaliteitsimpuls met betrekking tot onze rechten en plichten naar derden. Een sluitend contractbeheersysteem maakt hier onderdeel van uit.
COMMUNICATIE Door de organisatie worden voor steeds meer doeleinden de ondersteuning van en advies aan de collega’s van communicatie gevraagd. Dit is een positieve ontwikkeling, want zo ontstaat er een
76
steeds eenduidigere manier van communiceren met inwoners en organisaties. En is de communicatie beter afgestemd op het doel en de te bereiken doelgroep. Dit geldt ook voor communicatie binnen de eigen organisatie Eén van de speerpunten voor communicatie is het gebruik van toegankelijke communicatie, eenvoudig taalgebruik en verbetering van de gemeentelijk website (zie collegeprogramma). Op deze ontwikkelingen wordt al enige tijd ingezet door het team van communicatie. Er zijn al een tal van verbeteringen en aanpassingen doorgevoerd. Hierdoor wordt de communicatie door de gemeente steeds beter, laagdrempeliger en begrijpelijker. Deze ontwikkeling zet zich de komende jaren door. Initiatieven om de bovenstaande koers te ondersteunen: o Training Heldere Taal (basis): voor nieuwe medewerkers en de opfriscursus voor de overige medewerkers. Planning: wordt herhaaldelijk ingepland o Training Heldere Taal voor raad en collegevoorstellen: bestemd voor iedere nieuwe collega die raad -en collegevoorstellen opstelt en een opfriscursus voor de overige collega’s. o Zorgen voor heldere standaardbrieven en handige sjablonen o Actualisatie communicatiemiddelen: welke middelen zetten we nu in, welke mogelijkheden/ontwikkelingen zijn toepasbaar? o Verbetering website: ▪ Inventariseren van verbeterpunten vanuit de gebruikers (extern en intern).
▪ Controle op de juistheid van de inhoud van de pagina’s (i.s.m. de vakafdelingen) ▪ Verbeterde zoekfunctie en een overzichtelijke indeling van de Webpagina’s Om bovenstaande verbeteringen van de website door te kunnen voeren én de toegankelijkheid te kunnen waarborgen worden ondersteunende applicaties geïmplementeerd Ontwikkelingen en risico’s: De technische ontwikkelingen om ons heen gaan hard. De introductie van AI (kunstmatige intelligentie) o.a. via programma’s als ChatGPT heeft impact op de manier waarop we met elkaar communiceren, informatie ophalen en documentatie samenstellen, etc. Deze ontwikkelingen moeten we blijven volgen en onszelf hierin blijven verdiepen. We zoeken antwoorden op de vragen: ‘Wat is er mogelijk’, ‘op welke manier kunnen we er in de communicatie ons voordeel mee doen’, maar ook ‘waar zitten de risico’s van het gebruik van o.a. ChatGPT. Activiteit: Opstellen van randvoorwaarden hoe, waar, wanneer ChatGPT door de organisatie in te zetten. Impact Inwonersparticipatie op communicatie: Participatiebeleid wordt opgesteld. Welk effect heeft dit op de manier van werken en de omvang van het werk van het team van communicatie? Bijvoorbeeld: ontwikkelen/aanpassen middelen, meer bewonersavonden/contactmomenten met bewoners, toename van projecten waarbij communicatie en participatie een rol speelt.
Met het toenemen van wet- en regelgeving ook op het gebied van communicatie, ontstaan ook risico's, waar die voorheen nog niet (of veel minder) bestonden. Die wet- en regelgeving is namelijk niet geheel vrijblijvend. Bijvoorbeeld de bestuurlijke verantwoordelijkheid om de website toegankelijk te maken voor alle inwoners. FACILITAIRE ONDERSTEUNING Algemeen Facilitaire zaken beslaat de huisvesting, advisering en inkoop van huishoudelijke zaken. Ontwikkelingen Ontwikkelingen met facilitaire gevolgen zijn: - Huisvesting, mede in relatie tot ARBO en de ontwikkeling van een regiegemeente; - Strenger wordende eisen aan interne veiligheid en aan de informatieveiligheid; - Eisen met betrekking tot duurzaamheid en milieubewustzijn. - Aanpassingen i.v.m. preventie en het welzijn van de medewerkers (ARBO).
77
Risico’s Op het gebied van facilitaire zaken zijn de volgende risico's te verwachten: - Toenemende eisen aan de interne veiligheid; - Toenemende eisen aan de informatie veiligheid; - Hoge kosten digitale abonnementen. Financiën De kosten van facilitaire ondersteuning, ontwikkelen zich de komende jaren als volgt:
GRIFFIE Algemeen De griffier verricht haar werkzaamheden onder verantwoordelijkheid van uw gemeenteraad. Daarmee is de griffier op dit moment de enige medewerker die niet onder de bevoegdheid van ons college valt. De griffier legt alleen verantwoording af aan uw raad. Vanuit de ambtelijke organisatie wordt de griffier ondersteund voor inhoudelijke, secretariële, administratieve en logistieke zaken. De griffie heeft drie kerntaken: - Adviserende taak gericht op de ondersteuning van uw raad en individuele raadsleden bij de uitoefening van de taken en bevoegdheden en de positionering van uw raad; - Logistieke en secretariële ondersteuning bij vergaderingen en overige werkzaamheden van uw raad; - Afstemmende en coördinerende taken. Naast reguliere werkzaamheden kent de griffie ad hoc werkzaamheden. Deze vallen onder de procesmatige ondersteuning en advisering van uw raad. Het gaat dan bijvoorbeeld over werkprocedures, positionering, ontwikkeling, participatie, enz. Wij doen deze werkzaamheden op uw verzoek of op eigen initiatief. Deze werkzaamheden worden, voor zover voorzien, beschreven in een Werkplan Griffie. Financiën Als raad beschikt u voor 2025 over een budget van € 9.000. Dit is een bedrag voor trainingen, inhuur advies derden, de raadsexcursie, ontwikkeling instrumenten en raadsactiviteiten.
Daarnaast is er een bedrag van € 10.000 (structureel) beschikbaar voor het organiseren van een kindergemeenteraad. Ontwikkelingen en risico’s In 2023 is een nieuwe invulling gegeven aan de organisatie van de kindergemeenteraad. De eerste editie in deze opzet is goed verlopen. In 2025 moet gekeken worden naar de verdere ontwikkeling van de kindergemeenteraad. In februari 2025 start het programma Politiek Actief in samenwerking met ProDemos. Dit programma is bedoeld om iedereen die erover nadenkt politiek actief te worden, maar nog niet precies weet wat de mogelijkheden zijn. Ook voor mensen die willen weten of en hoe zij meer invloed kunnen uitoefenen op de lokale besluitvorming is dit programma zeer geschikt.
78
In 2023 is op het verzoek van het presidium een vergaderscan uitgevoerd. Naar aanleiding van deze scan is door het presidium besloten een doorwerkprogramma voor de raad op te stellen. Voor een deel zal dit in 2025 plaatsvinden. Vanaf eind 2020 moet raadsinformatie voldoen aan de toegankelijkheidsrichtlijnen voor overheidsinstanties (waaronder ondertiteling van raadsvergaderingen en RTG's). Hiervoor moeten we ook in 2025 nog de nodige werkzaamheden uitvoeren; zo dienen bijvoorbeeld de (live) uitzendingen ondertiteld te worden. In 2025 starten we met de module digitale archivering in Notubiz. Na afronding van het besluitvormingsproces is het belangrijk de bijbehorende informatie (inclusief het digitaal verslag) op de juiste wijze en volgens archiveringsnormen te bewaren. Deze module zorgt voor een vereenvoudiging van het huidige archiveringsproces. Wij houden de doorontwikkeling van raadsinformatiesysteem nauwlettend in de gaten. Hieronder valt ook de koppeling met ons zaak- en archiefsysteem. REKENKAMER Algemeen Per 1 januari 2023 is de wet versterking decentrale rekenkamers in werking getreden. Gemeenten zijn verplicht een rekenkamer in te stellen. Op 25 januari 2024 sprak de raad uit in principe aan te willen sluiten bij het samenwerkingsverband rekenkamer Regio Rivierenland. De mogelijkheden zijn hier voor onderzocht door leden van de Auditcommissie.
In de raadsvergadering van december 2024 neemt de raad hierover een definitief besluit. De rekenkamer is één van de instrumenten van uw raad om uw controlerende taak uit te voeren. De rekenkamer onderzoekt of het gemeentelijk beleid goed is uitgevoerd en het gewenste effect heeft gehad. Zijn de beoogde doelen bereikt? Ook kijkt zij of het gemeentelijke geld hiervoor goed is besteed. Daarom is het belangrijk dat er een goede afstemming is tussen uw raad en de rekenkamer over gewenste onderzoeken. De griffie ondersteunt de rekenkamer in haar werkzaamheden. Financiën Voor de rekenkamer is een jaarlijks budget beschikbaar gesteld van € 26.000.
79
PARAGRAAF VERBONDEN PARTIJEN ALGEMEEN De paragraaf betreffende de verbonden partijen bevat ten minste (BBV, artikel 15): a De visie op, en de beleidsvoornemens omtrent verbonden partijen; b De lijst van verbonden partijen, die wordt onderverdeeld in: 1. gemeenschappelijke regelingen; 2. vennootschappen en coöperaties; 3. stichtingen en verenigingen; 4. overige verbonden partijen. c De lijst van verbonden partijen. In de lijst van verbonden partijen wordt ten minste de volgende informatie opgenomen: a De wijze waarop de gemeente een belang heeft in de verbonden partij en het openbaar belang dat ermee gediend wordt; b Het belang dat de gemeente in de verbonden partij heeft aan het begin en de verwachte omvang aan het einde van het begrotingsjaar; c De verwachte omvang van het eigen vermogen en het vreemd vermogen van de verbonden partij aan het begin en aan het einde van het begrotingsjaar; d De verwachte omvang van het financiële resultaat van de verbonden partij in het begrotingsjaar; e De eventuele risico’s van een verbonden partij waar geen maatregelen voor getroffen zijn door de gemeenten en die van materiële betekenis kunnen zijn op de financiële positie van de gemeente. Inleiding Verbonden partijen zijn organisaties waaraan de gemeente zich bestuurlijk en financieel verbindt.
Het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV, artikel 1) geeft als definitie: “een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisatie waarin de provincie onderscheidenlijk gemeente een bestuurlijk en een financieel belang heeft”. Onder bestuurlijk belang wordt verstaan een zetel in het bestuur van een participatie of het hebben van stemrecht. Van financieel belang is sprake wanneer wij middelen ter beschikking stellen en die verloren gaan in geval van faillissement van de verbonden partij en/of als financiële problemen bij de verbonden partij op ons verhaald kunnen worden. In deze paragraaf gaan wij in op de belangen die met de diverse verbonden partijen zijn gediend en de relatie met onze gemeentelijke doelstellingen. Via deze paragraaf informeren we u op hoofdlijnen over de relatie tussen 'verbonden partijen' en het 'publieke belang' dat wordt gediend. Visie op de beleidsvoornemens omtrent verbonden partijen Het inzichtelijk maken van de verbonden partijen is om twee redenen van belang. De eerste reden is dat verbonden partijen vaak beleid uitvoeren dat de gemeente in principe ook zelf kan blijven doen. De gemeente geeft een mandaat aan de verbonden partij. De tweede reden betreft de kosten, het budgettaire beslag en de financiële risico’s, die de gemeente met de verbonden partijen kan lopen en de daaruit voortvloeiende budgettaire gevolgen.
Het aangaan van banden met verbonden partijen komt altijd voort uit het publieke belang. In het algemeen geldt dat voor een gemeenschappelijke regeling wordt gekozen indien de gemeente dit beleid niet alleen of niet doeltreffend kan uitvoeren. De gemeenschappelijke regelingen voeren beleid en beheer op verschillende terreinen uit voor de gemeente. Onderverdeling verbonden partijen Gemeente West Maas en Waal heeft een verbintenis met onderstaande partijen. Van de gemeenschappelijke regelingen wordt nader uitgewerkt welk doel we nastreven met de verbintenis, hoe de financiële situatie is en welke risico’s benoemd kunnen worden.
80
Onderverdeling Gemeenschappelijke regeling
Naam verbonden partij Afvalverwijdering Rivierenland (AVRI) Belastingsamenwerking Rivierenland (BSR) Gezondheidsdienst Gelderland Zuid (GGD) Omgevingsdienst Rivierenland (ODR) Regio Rivierenland Uitvoeringsorganisatie Breedbandnetwerk Rivierenland (UBR) Veiligheidsregio Gelderland-Zuid (VRGZ) Werkzaak Rivierenland
Vennootschappen en coöperaties Vitens Stichtingen en verenigingen
Geen verbintenissen
Overige verbonden partijen
Geen verbintenissen
Gemeentelijke kaders Beleidsstuk
Jaar
GR Afvalverwijdering Rivierenland GR Belastingsamenwerking Rivierenland GR Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Gelderland-Zuid GR Omgevingsdienst Rivierenland GR Regio Rivierenland GR Uitvoeringsorganisatie Breedbandnetwerk Rivierenland GR Hulpverlening en Veiligheid Gelderland Zuid GR Werkzaak Rivierenland
2019 2019 2020 2019 2019 2019 2020 2019
Met betrekking tot gemeenschappelijke regelingen in de regio Nijmegen hebben wij afspraken gemaakt over de uitgangspunten voor het opstellen van de begroting en de jaarrekening. In deze begrotingsrichtlijnen Regio Nijmegen (BRN) wordt een aantal essentiële uitgangspunten gegeven. Deze uitgangspunten zijn: - Uitgangspunten voor opstelling van de begroting; - Indexering van de gemeentelijke bijdrage; - Overige uitgangspunten. - Uitgangspunten voor opstelling jaarrekening; - Resultaatbestemming; - Door gemeenten terug te vorderen BTW op grond van het BTW Compensatie Fonds (BCF). - Planning besluitvorming voor de regio. De opgenomen kaders in het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) voor de begroting en jaarrekening zijn vanzelfsprekend van toepassing voor de GR. Ontwikkelingen Er zijn geen bijzondere externe ontwikkelingen.
OVERZICHT VERBONDEN PARTIJEN Afvalverwijdering Rivierenland (AVRI) Juridische vorm Gemeenschappelijk Regeling Vestigingsplaats
Geldermalsen
Omschrijving
Avri verzorgt de inzameling en verwerking van huishoudelijk afval en grondstoffen, ontwikkelt het gemeentelijke afvalstoffenbeleid, handhaaft de afvalstoffenverordening en verzorgt de voorlichting over afval.
Doel
Samen werken aan een schoon Rivierenland
Participanten
Buren, Culemborg, Maasdriel, Neder-Betuwe, Tiel, West Maas en Waal, West-Betuwe en Zaltbommel.
81
Bestuurlijk belang
Het algemeen bestuur telt acht leden (en plaatsvervangende leden) en is samengesteld uit vertegenwoordigers van de colleges van burgemeester en wethouders van de deelnemende gemeenten. De bevoegdheden van het algemeen bestuur zijn gelijk aan die van de gemeenteraad met als uitzondering dat de verhoudingen bij de gemeenschappelijke regelingen niet volledig zijn gedualiseerd.
Bijdrage 2025
€ 0 AVRI opereert kostendekkend
Bijdrage 2026
€ 0 AVRI opereert kostendekkend
Bijdrage 2027
€ 0 AVRI opereert kostendekkend
Bijdrage 2028
€ 0 AVRI opereert kostendekkend
Eigen vermogen per 1-1 € 1.807.000
Eigen vermogen per 31-12
€ 2.346.000
Vreemd vermogen per 1-1 € 45.277.000
Vreemd vermogen per 31-12 € 52.375.000
Resultaat begroting
€ 0 (na toevoeging aan reserves)
Relatie met programma
Fysieke leefomgeving
Beleidsvoornemens
Het Algemeen Bestuur van Avri stemde op 15 februari in met het Strategisch Koersplan 2024-2030. Avri beschrijft in dit plan de ambitie en opgaven, waarvoor het namens de gemeenten in Rivierenland aan de lat staat. Onder de noemer ‘Hart voor Rivierenland’ stelt Avri een schone, duurzame en veilige leefomgeving centraal, waarin generaties van nu én de toekomst prettig kunnen leven en meedoen. Het Strategisch Koersplan loopt tot 2030, in lijn met de landelijke klimaatdoelen.
Risico's en getroffen maatregelen
We zien ten opzichte van de jaarrekening 2023 een lichte toename van de risico’s en een stijging van het weerstandsvermogen. De toename van het weerstandsvermogen is het gevolg van de begrote dotatie vanuit de risicoopslag in de afvalstoffenheffing van € 1 miljoen en het positieve rekeningresultaat van voorgaande jaren.
Belasting Samenwerking Rivierenland (BSR) Juridische vorm Gemeenschappelijke regeling Vestigingsplaats
Tiel
Omschrijving
Samenwerkingsverband op het gebied van belastingen.
Doel
Uitvoering gemeentelijke belastingtaken, met uitzondering van het beleid.
Participanten
De gemeenten Culemborg, IJsselstein, Maasdriel, Montfoort, Tiel, West Maas en Waal, West Betuwe en Wijk bij Duurstede, het Waterschap Rivierenland en de AVRI.
Bestuurlijk belang
Het algemeen bestuur bestaat uit zoveel leden als er deelnemers zijn, waarbij het Waterschap twee leden benoemd. Uit het AB wordt een dagelijks bestuur van drie leden gekozen. Dit bestaat uit een voorzitter en twee leden. In het DB zit minimaal één lid namens het Waterschap.
Bijdrage 2025
€ 408.000
Bijdrage 2026
€ 421.000
Bijdrage 2027
€ 571.000
Bijdrage 2028
€ 435.000
Eigen vermogen per 1-1 € 325.000
Eigen vermogen per 31-12
€ 397.000
Vreemd vermogen per 1-1 € 9.905.000
Vreemd vermogen per 31-12 € 9.124.000
Resultaat begroting
€ - 72.000 (voor bestemming)
Relatie met programma
Algemene dekkingsmiddelen.
82
Beleidsvoornemens
BSR heeft de ambitie in 2026 een score van 4 sterren (goed) te krijgen van De Waarderingskamer. De huidige score is 3 (voldoende). Het streven is om de kwaliteit van de uitvoering van de Wet waardering onroerende zaken te verbeteren door te voldoen aan het toetsingskader en de richtlijnen van de Waarderingskamer. Door WOZ-taxaties van goede kwaliteit te leveren en op alle onderdelen te voldoen aan de kwaliteitseisen zal de toezichthouder BSR beoordelen met een waardering ‘goed’.
Risico's en getroffen maatregelen
Voor kwantificeerbare risico’s heeft BSR een voorziening gevormd. De incidentele weerstandscapaciteit van BSR is gelijk aan de in de begroting opgenomen post onvoorzien. Reeds in 2009 is besloten dat er geen algemene reserve bij BSR zal worden gevormd. BSR heeft daardoor geen structurele weerstandscapaciteit. Voor eventuele risico’s die niet in de begroting zijn opgenomen en niet gedragen kunnen worden uit de post onvoorzien, is door de gemeente een voorziening getroffen.
GGD Gelderland-Zuid Juridische vorm
Gemeenschappelijke regeling
Vestigingsplaats
Nijmegen
Omschrijving
De GGD Gelderland-Zuid is - na de fusie van GGD Regio Nijmegen en GGD Rivierenland - vanaf 1 juli 2013 de uitvoeringsorganisatie van de gemeentelijke taken die voor een belangrijk deel zijn vastgelegd in de Wet Publieke Gezondheid (WPG). De taken die de GGD uitvoert dragen bij tot de bescherming en de bevordering van de gezondheid van onze inwoners.
Doel
Doelstelling van de GGD is de uitvoering geven aan de wettelijke taken op het terrein van de (preventievoorlichting over de) openbare volksgezondheid. De belangrijkste taken die worden uitgevoerd zijn vroeg signalering van lichamelijke en geestelijke stoornissen en psychosociale problemen, voornamelijk door uitvoering van jeugdgezondheidszorg, en het opsporen en bestrijden van bronnen van infectieziekten. Het gaat ook om een goede toegankelijkheid en spreiding van gezondheidszorgvoorzieningen.